Beleidsplan Wetenschap

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Beleidsplan Wetenschap 2011-2013"

Transcriptie

1 Beleidsplan Wetenschap

2 Namens de Commissie Wetenschappelijk Onderzoek OLVG : Dr P.S. van Dam, internist, voorzitter Namens het bureau Wetenschap van Teaching Hospital: Drs L.M.C. Overtoom, hoofd Drs L.M. Dijksman, wetenschapscoördinator. 2 Beleidsplan Wetenschap

3 Inhoudsopgave Voorwoord 5 1. Inleiding 6 2. Leidende principes Onderzoek doen is een kwaliteitskenmerk van het ziekenhuis Publiceren in peer-reviewed tijdschriften hoort bij een topklinische functie Evidence Based Medicine is de basis voor patiëntenzorg in het OLVG Paramedisch en verpleegkundig onderzoek zijn voor de paramedische en verpleegkundige zorg net zo belangrijk als medisch wetenschappelijk onderzoek voor de medische zorg Al het onderzoek in het OLVG is aangemeld en dus bekend Ondersteuning van onderzoek is voor iedereen in de organisatie altijd beschikbaar Alle OLVG-onderzoekers voldoen aan de eisen die worden gesteld aan onderzoekers (GCP, WMO, etc.) Elke unit neemt een paragraaf op in haar beleidsplan en haar jaarverslag over wetenschappelijk onderzoek Iedere unit dient ten minste één aanspreekpunt te hebben op het gebied van wetenschappelijk onderzoek Opleiding en wetenschappelijk onderzoek zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden Huidige situatie Netwerk Wetenschap OLVG Sterkte-zwakte analyse Onderzoek en de werkvloer Researchbureaus Faciliteiten Medische bibliotheek Bureau Wetenschap Cursussen Afdeling Automatisering Commissies Commissie Wetenschap (CWOO) Medisch-ethische Commissie Financiële aspecten Externe contacten Communicatie Financiën Financiering wetenschappelijk onderzoek Stichting Teaching Hospital 16 Slotwoord 18 Lijst met afkortingen 19 3

4 4 Beleidsplan Wetenschap

5 Voorwoord In 2010 werd na een intensieve voorbereidingstijd - het Strategisch Beleidsplan geschreven. Hierbij waren 200 medewerkers betrokken. De schrijvers van het plan hadden de moed het plan te voorzien van een reeks in het vooruitzicht gestelde resultaten. Een fragment uit het Strategisch Beleidsplan : Eind 2010 is er een onderzoeksbeleidsplan met een duidelijke visie op wetenschappelijk onderzoek binnen het OLVG. In dit beleidsplan zijn tevens afspraken gemaakt over de ondersteuning van onderzoekslijnen en de minimale kwantiteit en kwaliteit van de wetenschappelijke publicaties van de units. Naar aanleiding van dit resultaat heeft de Commissie Wetenschappelijk Onderzoek OLVG (CWOO), op verzoek van de Raad van Bestuur, een Beleidsplan Wetenschap voor het OLVG opgesteld. De kern van het Beleidsplan Wetenschap wordt gevormd door tien leidende principes. Deze principes zijn geformuleerd naar aanleiding van een sterkte-zwakte-analyse van de wetenschap in het OLVG. Deze analyse werd gemaakt door Eric Barends. Daarvoor voerde hij een groot aantal gesprekken met OLVG-ers die actief betrokken zijn bij wetenschappelijk onderzoek. Vervolgens hebben wij dezelfde opzet en uitwerking gevolgd als eerder bij het Strategisch Beleidsplan van het OLVG. De tien leidende principes beschouwen wij als beleidsadviezen. De partijen die met de uitvoering van deze adviezen zijn belast, zijn vanzelfsprekend van tevoren geconsulteerd over de haalbaarheid ervan. Wij hopen dat dit plan de wetenschap in het OLVG vooruitbrengt. Sytze van Dam, internist, voorzitter CWOO Lea Dijksman, Wetenschapscoördinator Ineke Overtoom, hoofd Bureau Wetenschap Teaching Hospital 5

6 1. Inleiding Met de ontwikkeling van het evidence based denken in de geneeskunde is er een duidelijke verandering opgetreden in het bedrijven van wetenschap binnen dat vak. Om bewijzen in handen te hebben moet je er immers naar op zoek gaan. Het liefst zo wetenschappelijk verantwoord als mogelijk. Zowel kwantitatief als kwalitatief heeft onderzoek binnen de geneeskunde de laatste twee decennia dan ook een hoge vlucht genomen. Om te beginnen is het aantal farmacologische trials toegenomen. Ook wordt er vaker dan vroeger naar bewijs gezocht voor de juistheid van een medisch standpunt. Een andere belangrijke ontwikkeling is dat onderzoek zelf aan strengere spelregels onderworpen is dan voorheen. Er is zelfs een trend naar het wegen en opnieuw beoordelen van al verricht onderzoek en het poolen van onderzoeksresultaten om betrouwbaarder resultaten te krijgen. De epidemiologie krijgt daarbij een steeds centralere rol. Volgens de huidige opvattingen binnen de medische beroepsgroep, dient medisch handelen zoveel mogelijk gebaseerd te zijn op de principes van Evidence Based Practice. Dit is nu ook vastgelegd in het Kaderbesluit 2010 van het Centraal College van Medische Specialisten (CCMS) voor de medisch-specialistische vervolgopleidingen. Dat betekent dat evidence based medicine (EBM) een onderdeel moet zijn van de dagelijkse medische praktijkvoering. Parallel daaraan wordt binnen de verpleegkunde steeds meer gewerkt op basis van evidence based nursing (EBN), en ook opleiding en onderwijs worden zoveel mogelijk ingericht op grond van de beste wetenschappelijke argumenten. Evidence Based Practice moet echter niet alleen toegepast worden, het kan in diezelfde omgeving ook ontwikkeld worden. Het OLVG is daar een geschikte plaats voor. Voor wetenschappelijk onderzoek is het daarbij van het grootste belang om rekening te houden met wettelijke regelgeving en patiëntenbelangen. De tijd dat een individuele onderzoeker op eigen houtje een onderzoek kon doen ligt ver achter ons. Wettelijke kaders en richtlijnen zoals Good Clinical Practice (GCP) bepalen op welke wijze een onderzoeker een onderzoeksplan moet opstellen, uitvoeren en rapporteren. De administratieve en logistieke problemen die hieruit voortvloeien maken dat er professionele ondersteuning beschikbaar moet zijn om onderzoekers te helpen bij het formuleren en uitvoeren van een goede onderzoeksvraag. Dit zal leiden tot kwalitatief beter onderzoek, en naar alle waarschijnlijkheid ook tot meer erkenning door publicaties en presentaties. Om het wetenschapsklimaat in het OLVG te bevorderen en te faciliteren moeten er afspraken gemaakt worden tussen alle betrokkenen zoals de Raad van Bestuur, Teaching Hospital, medische staf en alle primaire en ondersteunende units. Aanbevelingen voor deze afspraken zijn in dit beleidsplan vastgelegd als leidende principes (Hoofdstuk 2). Hopelijk leiden deze aanbevelingen in de nabije toekomst tot harde resultaten. In hoofdstuk 3 volgt een beschrijving van de huidige situatie, en een sterkte-zwakte-analyse van, kort gezegd, het huidige wetenschapsklimaat van het OLVG. Tenslotte is er een financieel hoofdstuk waarin wordt ingegaan op een aantal aspecten van de financieringsstructuur en -mogelijkheden van wetenschappelijk onderzoek (Hoofdstuk 4). Een goed wetenschapsklimaat ontstaat als de medewerkers ondersteuning krijgen om zich te blijven ontwikkelen in het competentiegebied kennis en wetenschap. Dit bevordert een kritische benadering van het eigen vakmatige handelen, en leidt tot nieuwsgierigheid bij professionals. Hopelijk stimuleert dit het enthousiasme om zelf onderzoek te doen. 6 Beleidsplan Wetenschap

7 2. Leidende principes De volgende leidende principes kunnen worden geformuleerd op basis van een evaluatie van de huidige situatie en een sterkte-zwakte-analyse (Hoofdstuk 3). Aan de hand hiervan kunnen de Raad van Bestuur, Teaching Hospital, de medische staf en de units een concreet wetenschapsbeleid ontwikkelen. 2.1 Onderzoek doen is een kwaliteitskenmerk van het ziekenhuis Toelichting: Het OLVG heeft toonaangevend in het strategisch beleidsplan opgenomen als één van haar kernwaarden. Wie de toon wil aangeven, moet niet zozeer trends volgen, maar weten waar de trend naar toe gaat, of zelfs trendsetter willen zijn. Dit weten vindt zijn basis in het stellen van vragen en het zoeken van antwoorden daarop. Onderzoek doen is dus een noodzakelijke basis van toonaangevend zijn. Tijdens de sterkte-zwakte-analyse werd genoemd dat hoewel het OLVG geen academisch centrum is en er altijd in mindere of meerdere mate sprake zal zijn van een frictie tussen productie en wetenschap, er onder de medewerkers wel de wil is in onderzoek te participeren. Bovendien biedt een stadsziekenhuis als het OLVG door de diversiteit aan patiënten veel mogelijkheden voor het doen van zelfgeïnitieerd onderzoek. Verder is het voor de status van de profileringsgebieden van het OLVG van groot belang dat binnen die gebieden een of meer onderzoekslijnen worden opgezet. (Zie ook leidend principe 2.8, derde resultaat). Resultaat: met ingang van 2013 worden er jaarlijks minimaal 75 studies aangemeld en gestart. Voor dit resultaat tellen alle onderzoeksprotocollen mee, zoals OLVG-geïnitieerde onderzoeken, multicenter studies, farmaceutische trials en niet-wmo-plichtig 1 onderzoek. Met de ingang van dit beleidsplan wordt de wetenschappelijke output 2 van de unit beschouwd als een kwaliteitscriterium, dat meegenomen wordt in het beloningssysteem (materieel en immaterieel) van het OLVG. 1 WMO-plichtig: als aan de volgende twee voorwaarden is voldaan: Er is sprake van medisch-wetenschappelijk onderzoek én personen worden aan handelingen onderworpen of hen worden gedragsregels opgelegd. Zie voor meer informatie. 2 Wetenschappelijke output = publicaties, presentaties, posters, meedoen met multicenter trials. 2.2 Publiceren in peer-reviewed tijdschriften hoort bij een topklinische functie Publicaties vormen het meest meetbare resultaat van wetenschappelijk onderzoek. Bovendien vormen die een beeld naar buiten van de wetenschappelijke inspanningen binnen een organisatie. Bij het aanvragen van subsidies is het essentieel dat de aanvrager publicaties op het desbetreffende onderzoeksterrein kan laten zien. Binnen het publiceren zijn twee meetbare kwaliteitsfactoren van belang: publiceren in een peer-reviewed tijdschrift, het liefst in een blad met een goede impact factor. Voor de STZ-accreditatie is (voldoende) publiceren in peer-reviewed tijdschriften dan ook een van de eisen. Bij het samenstellen van de jaarlijkse publicatielijst zullen binnenkort op basis van nieuwe STZ-afspraken bovendien de impact-factors van de bladen vermeld worden, dit om bench-marking te vergemakkelijken. Omdat Engels de voertaal van wetenschappelijke artikelen is, kunnen de auteurs van artikelen geholpen zijn met het volgen van een cursus wetenschappelijk schrijven in het Engels. Daarom organiseerde Teaching Hospital in 2010 een cursus Scientific writing in English, die zeer succesvol bleek. Resultaat: Met de inwerkingtreding van dit beleidsplan zal de stijgende lijn die sinds 2009 al zichtbaar is in het jaarlijks aantal publicaties een extra stimulans krijgen. Met ingang van het OLVG-jaaroverzicht 2012 worden alleen nog publicaties opgenomen die geplaatst zijn in peer-reviewed tijdschriften, met vermelding van de impact factor. 2.3 Evidence Based Medicine is de basis voor patiëntenzorg in het OLVG Toelichting: Evidence based werken betekent dat er wordt gehandeld naar de best beschikbare argumenten uit de wetenschappelijke literatuur. Tegenwoordig wordt dit zowel in de medische als in de verpleegkundige opleiding onderwezen. Hierdoor hebben recent opgeleide artsen en verpleegkundigen vaak al kennis van het werken volgens de beste evidence en weten zij vaak al hoe een klinische vraag moet worden opgesteld als PICO, en uitgewerkt in een CAT (Critically Appraised Topic). Door klinische vragen uit de praktijk bij te houden en deze in een PICO te stellen, kan Leidende principes 7

8 de bijbehorende literatuur gestructureerd worden geïnventariseerd. Hiermee kan gezocht worden naar het best beschikbare bewijs om een klinische vraag te beantwoorden. Door maandelijkse literatuurbesprekingen kan de kennis op dit gebied up-to-date worden gehouden hetgeen het evidence based handelen zal bevorderen. Ook paramedici worden vanuit hun vakverenigingen in toenemende mate vertrouwd gemaakt met deze denkwijze. Bovendien wordt Evidence Based Nursing in het programma Excellente zorg van de Santeon-ziekenhuizen genoemd als een van de uitgangspunten dat de aankomende jaren meer gestalte moet krijgen binnen de ziekenhuisorganisatie. Daarom wordt ook van HBO-verpleegkundigen verwacht dat zij de principes van Evidence Based Practice beheersen, dat zij bij een vraag die uit de praktijk van de patiëntenzorg naar voren komt adequaat literatuur kunnen opzoeken, en die op wetenschappelijke waarde wegen. Bij- en nascholing daarover wordt door TH verzorgd. 3 Resultaat: Stafleden, AIOS, Physician Assistants en Verpleegkundig Specialisten krijgen jaarlijks de gelegenheid om (bij)geschoold te worden in Evidence Based Medicine. TH organiseert jaarlijks een CAT-walk waar zowel artsen als verpleegkundigen als andere medewerkers de gelegenheid krijgen een Critically Appraised Topic (CAT) te presenteren. TH organiseert jaarlijks een wetenschapsdag, met deels geneeskundig en deels verpleegkundig wetenschappelijk onderzoek. Elke verpleegkundige in het OLVG heeft in 2012 kennis van het begrip Evidence Based Practice. Eind 2011 is er een projectplan Evidence Based Practice dat in zal worden geïmplementeerd binnen het verpleegkundig beroepsveld. 2.4 Paramedisch en verpleegkundig onderzoek zijn voor de paramedische en verpleegkundige zorg net zo belangrijk als medisch wetenschappelijk onderzoek voor de medische zorg Toelichting: Zoals uit de toelichting bij het voorgaande principe (2.3) blijkt, verdient de constatering dat evidence based medicine de basis moet vormen voor de patiëntenzorg, een uitbreiding naar de verpleegkundige en paramedische zorg. Als Evidence Based Practice belangrijk is voor verpleegkundigen en paramedici, dan is er ook wetenschappelijk onderzoek binnen dit gebied nodig. Aangezien verpleegkundig en paramedisch wetenschappelijk onderzoek in ons ziekenhuis nog in de kinderschoenen staat, zal eerst het juiste klimaat moeten worden geschapen. Door gerichte stimulatie van Evidence Based Practicedenken en -handelen, door opleiding en ondersteuning bij het opzetten en uitvoeren van onderzoek. Resultaat: Teaching Hospital heeft naast een coördinator voor medisch wetenschappelijk onderzoek ook een epidemiologisch geschoolde verpleegkundige in dienst die opleidt in Evidence Based Practice en ondersteunt bij het opzetten en uitvoeren van verpleegkundig wetenschappelijk onderzoek. Verpleegkundig onderzoek en Evidence Based Practice zijn een vast onderdeel van het beleidsplan van units (zie resultaat bij 2.7) en worden meegenomen in de begroting van de unit. In zijn verpleegkundige protocollen in het OLVG zoveel mogelijk gebaseerd op een Evidence Based -richtlijn. 2.5 Al het onderzoek in het OLVG is aangemeld en dus bekend Toelichting: De Raad van Bestuur is formeel de opdrachtgever en dus verantwoordelijk voor het wetenschappelijk onderzoek in het OLVG. De opdrachtgever moet toezien op de kwaliteit van de uitvoerende onderzoekers en de uitvoering van het onderzoek. Daarnaast staat onder punt 6 van het algemene Strategische Beleidsplan van het OLVG dat het OLVG transparant moet zijn. Om transparant te zijn en dus te kunnen laten zien wat er aan wetenschappelijk onderzoek in het OLVG gedaan wordt, moet al het wetenschappelijk onderzoek bekend zijn op een centrale plaats. Hierbij moet onderscheid gemaakt worden tussen verschillende types onderzoek: WMO-plichtig onderzoek waarbij de hoofdonderzoeker vanuit het OLVG het onderzoek ter beoordeling aanbiedt aan de VCMO. WMO-plichtig onderzoek dat reeds door een erkende METC is goedgekeurd, en waarbij de MEC van het OLVG uitsluitend toetst op locale uitvoerbaarheid ten behoeve van de Raad van Bestuur. Niet-WMO-plichtig onderzoek dat een toetsing door de MEC behoeft omdat patiënten en/of proefpersonen actief benaderd worden door de onderzoekers (bv. met vragenlijsten). Niet-WMO-plichtig retrospectief onderzoek dat bij de MEC ter (beperkte) toetsing wordt aangemeld. 3 zie het opleidingsbeleidsplan 8 Beleidsplan Wetenschap

9 Onderzoeken die WMO-plichtig 4 zijn, worden aangeboden aan de METC voor toetsing en zijn aldaar en bij de MEC bekend. Niet-WMO-plichtig onderzoek wordt ter beoordeling aangemeld bij de lokale toetsingscommissie MEC. Over het al dan niet indienen van niet-wmo-plichtig onderzoek bestaat veel onduidelijkheid. Het is blijkbaar niet bij alle onderzoekers bekend dat al het onderzoek (en dus ook observationeel onderzoek) getoetst moet worden door de MEC. Tegelijkertijd was toetsing door de MEC tot voor kort een uitgebreide, langdurige procedure en men probeerde deze procedure dan ook te omzeilen om geen vertraging op te lopen. De MEC-beoordeling voor locale toetsing van een door een erkende METC goedgekeurd onderzoek mag dan ook niet langer duren dan de geadviseerde termijn van 30 dagen. 5 Hierdoor wordt onnodige vertraging van onderzoek vermeden en wordt voorkomen dat het OLVG minder aantrekkelijk is voor farmaceutisch gesponsord onderzoek. Resultaat: In 2011 wordt al het onderzoek, ook het observationele onderzoek, aangemeld bij de MEC. Eind 2011 zijn de doelstellingen en werkwijzen van de MEC geherformuleerd zodat die voor iedereen duidelijk en toetsbaar zijn. Eind 2011 moet alle informatie over wetenschappelijk onderzoek op een heldere manier op de website (OLVG-intranet en -internet) te vinden zijn en overzichtelijk zijn voor alle onderzoekers. Eind 2011 kunnen alle procedures voor lokale toetsing binnen 30 dagen worden afgerond. 2.6 Ondersteuning van onderzoek is voor iedereen in de organisatie altijd beschikbaar Toelichting: Onderzoek doen vergt veel tijd en inspanning van de onderzoekers en dit begint bij het schrijven van het protocol en de aanmelding bij de VCMO of de MEC tot het analyseren van de data en het schrijven van het artikel. Ondersteuning hierbij is dan ook gewenst. Het zou echter niet alleen om ad-hochulp moeten gaan, maar ook om scholing (methodologie en statistiek, gebruik van SPSS en zoeken in PubMed). Tot dusver bestaat de ondersteuning in het OLVG voornamelijk uit ondersteuning bij het zoeken naar literatuur en uit epidemiologische en statistische hulp door respectievelijk de bibliotheek en het bureau 4 WMO = wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen. Wetenschappelijk onderzoek met mensen is volgens de WMO: Onderzoek waarvan deel uitmaakt het onderwerpen van personen aan handelingen of het opleggen aan personen van een bepaalde gedragswijze. 5 CCMO-Richtlijn Externe toetsing Wetenschap. Aanvullende hulp bij praktische zaken is echter dringend gewenst. Bij bestaande researchafdelingen zoals die van de Interne Geneeskunde en de Cardiologie bestaat deze hulp al en die blijkt van grote waarde voor de bespoediging van het proces. Op twee fronten kan de ondersteuning beter: 1) De inzet van research-verpleegkundigen, die op meer dan één afdeling inzetbaar kunnen zijn en zich zo nodig laten bijscholen, en researchmedewerkers die kunnen ondersteunen bij de administratieve zaken omtrent het wetenschappelijk onderzoek. 2) Hulp vanuit de automatiseringsafdeling AIT: bij het opzetten van een onderzoek is doorgaans behoefte aan een goede onderzoeksdatabase. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van een bestaand systeem (bv Epidata) of een format, vanuit een ander (STZ-) ziekenhuis. Ondersteuning hiervan door de AIT is een vereiste. Resultaat: In 2011 wordt actief de samenwerking gezocht met bestaande researchbureaus binnen het OLVG. In 2011 wordt er vanuit de AIT een contactpersoon aangewezen voor ondersteuning van automatisering bij wetenschap. Begin 2012 is er voor de organisatie rond al het wetenschappelijk onderzoek administratieve ondersteuning beschikbaar. In 2012 heeft het Bureau Wetenschap voldoende capaciteit om centrale ondersteuning te bieden bij het indienen van protocollen. Eind 2012 is een format-onderzoeksdatabase beschikbaar waar alle onderzoekers in het OLVG gebruik van kunnen maken. De AIT zal dit ondersteunen, de coördinatie met de AIT valt onder de verantwoordelijkheid van Teaching Hospital. 2.7 Alle OLVG-onderzoekers voldoen aan de eisen die worden gesteld aan onderzoekers (GCP, WMO, etc.). Toelichting: Alle klinische studies moeten worden uitgevoerd volgens de International Conference on Harmonisation (ICH) / WHO Good Clinical Practice standards. Dit houdt o.a. in: Al het onderzoek moet worden beschreven in een duidelijk en gedetailleerd protocol. Daarin wordt alle informatie wordt vastgelegd zodat deze beschikbaar is voor nauwgezette rapportage, interpretatie en verificatie. Onderzoeksproducten moeten worden gefabriceerd, gehanteerd en opgeslagen in overeenstemming met de relevante Good Manufacturing Practice (GMP). Leidende principes 9

10 De onderzoeksproducten moeten worden gebruikt in overeenstemming met het goedgekeurde protocol. 6 Resultaat: Eind 2011 breidt het OLVG in samenwerking met de STZ- en Santeon-ziekenhuizen het aanbod van de cursussen uit met benodigde cursussen over opzet en regelgeving binnen wetenschappelijk onderzoek (o.a. GCP, BROK cursus, opzet databases). Eind 2013 zijn alle onderzoekers 7 GCP-geschoold. Eind 2012 is alle wet- en regelgeving eenvoudig te vinden op de webpagina s van wetenschap in het OLVG. 2.8 Elke unit neemt een paragraaf op in haar beleidsplan en haar jaarverslag over wetenschappelijk onderzoek Toelichting: Het OLVG is een topklinisch ziekenhuis en wil zich onder meer profileren met kwalitatief hoogstaand wetenschappelijk onderzoek. In het strategisch beleidsplan van het OLVG staat onder resultaat 12 dat er afspraken moeten worden gemaakt over de minimale kwaliteit en kwantiteit van de wetenschappelijke publicaties van alle units. 8 Het doen van wetenschappelijk onderzoek is daarom niet vrijblijvend voor de units. De kwaliteitseisen zullen voor alle units hetzelfde zijn. De kwantiteit is afhankelijk van enkele factoren, waaronder de aanwezigheid van opleidingen en verschillen in aantallen AIOS. Resultaat: Begin 2012 heeft elke unit een wetenschapsparagraaf in haar beleidsplan en in haar jaarverslag, met daarin aandacht voor zowel kwaliteit als kwantiteit van wetenschappelijk onderzoek en output. Deze wetenschapsparagraaf maakt deel uit van de jaargesprekken tussen Raad van Bestuur en de unit, en wordt beoordeeld bij de interne visitaties. De profileringsgebieden die het OLVG in haar strategisch beleidsplan heeft aangewezen, worden bij overleg tussen Raad van Bestuur en units actief benoemd als onderwerp voor het opzetten van onderzoekslijnen in het OLVG. 2.9 Iedere unit dient minstens één aanspreekpunt te hebben op het gebied van wetenschappelijk onderzoek 6 Richtsnoer voor Good Clinical Practice (CPMP/ICH/95) 7 een onderzoeker is eenieder die zich bezighoudt met wetenschappelijk onderzoek. Hieronder verstaan wij de uitvoerders van onderzoek, zoals arts-onderzoekers en researchverpleegkundigen, maar ook de artsen die onderzoek begeleiden, en andere actief betrokkenen. Coassistenten worden hier niet onder verstaan. 8 zie strategisch beleidsplan OLVG, Toelichting: Om de regie rond wetenschappelijk onderzoek in het OLVG te vergemakkelijken, moet per unit duidelijk zijn wie het aanspreekpunt is voor wetenschappelijk onderzoek. Deze persoon zou tevens garant moeten staan voor de kwaliteit van het onderzoek en heeft een overzicht van al het onderzoek (en alle beschikbare stageplaatsen) op de afdeling. Eén persoon verantwoordelijk stellen is logistiek handiger (kortere lijnen, makkelijk aanbieden van stagiaires en stages etc) en stimuleert het onderzoeksklimaat. Resultaat: Eind 2011 heeft elke unit een medisch staflid aangewezen als aanspreekpunt voor wetenschappelijk onderzoek. De wetenschapscoördinator zorgt samen met de stagecoördinator voor een format waarbij eind 2012 alle procedures voor wetenschappelijke stages op de website van het OLVG staan Opleiding en wetenschappelijk onderzoek zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden Toelichting: Wetenschappelijk onderzoek bevordert kwaliteit van oordeelsvorming en van protocollair handelen. Voor de medische vervolgopleiding zijn er zowel in het kaderbesluit als voor de STZ-accreditatie de volgende opleidingseisen: verrichten van wetenschappelijk onderzoek publiceren congresbezoek bijhouden van de vakliteratuur In een evidence-based klimaat komt men altijd vragen tegen: op medisch, verpleegkundig, paramedisch en op onderwijskundig terrein. Literatuuronderzoek is dan noodzakelijk om tot weloverwogen beslissingen te komen. Artsen en toenemend ook verpleegkundigen en paramedici moeten in staat zijn om de literatuur kritisch en deskundig te beoordelen. Teaching Hospital (TH) organiseert daarin trainingen, onder andere in het kader van de EBM-cursus en de PubMed-training. TH levert deskundigen voor zowel het begeleiden van onderzoek als voor onderwijs over onderzoek. Daarvoor wordt ook een aantal epidemiologisch geschoolde medisch specialisten en verpleegkundigen ingezet. Resultaat: In 2012 hebben alle units die een medische, verpleegkundige en/of andere opleiding verzorgen, in hun opleidingsplan een paragraaf over wetenschappelijk onderzoek en EBM binnen de opleiding. 10 Beleidsplan Wetenschap

11 3. Huidige situatie en sterkte-zwakte analyse 3.1 Netwerk Wetenschap OLVG Alle elementen die een rol spelen bij het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek zijn visueel op de volgende manier in kaart te brengen: Werkvloer + Medische Staf + Opleidingen Ondersteuning Bibliotheek Audio Visuele Zaken Bureau Wetenschap MEC CWOO VCMO Externe contacten (bv. STZ, Santeon) Huidige situatie en sterkte-zwakte analyse 11

12 3.2 Sterkte-zwakte-analyse Om te zien of dit netwerk naar tevredenheid functioneert binnen de organisatie, heeft projectmedewerker Eric Barends begin 2010 een sterkte-zwakte-analyse uitgevoerd met enkele focusgroepen die betrokken zijn bij wetenschappelijk onderzoek in het OLVG. De laatste groep bestond uit respondenten die op de sterkte-zwakteanalyse reageerden en ook adviezen konden geven. Medewerkers van Teaching Hospital waren uitgesloten van de deelname aan de groepsgesprekken, om een zo open mogelijk gespreksklimaat te garanderen. Hieronder een uitwerking van de in de analyse aan bod gekomen issues. De tussen aanhalingstekens geplaatste uitspraken zijn letterlijk genoteerde quotes uit de gesprekken met vanzelfsprekend niet met name genoemde leden van de focusgroepen Onderzoek en de werkvloer Uit de jaarverslagen blijkt dat er al veel onderzoek plaatsvindt op afdelingen als Orthopedie, Cardiologie, Interne Geneeskunde en Gynaecologie. Andere afdelingen doen hoofdzakelijk (retrospectief) statusonderzoek, wat makkelijk te realiseren is op een klinische afdeling. Uit de gesprekken blijkt dat dit eigenlijk nog wat meer zou moeten worden. Verpleegkundigen doen nu nog erg weinig onderzoek. Op de Intensive Care Unit begint langzaam een traditie te ontstaan in het betrekken van verpleegkundigen bij het initiëren van wetenschappelijk onderzoek. Volgens de gesprekdeelnemers hebben sommige units goede onderzoeksfaciliteiten, en zijn de arts-onderzoekers gemotiveerd en enthousiast. Helaas verschilt de ondersteuning per vakgroep. Hierdoor is er versnippering, ontbreekt de centrale coördinatie en is de ondersteuning van onderzoekers kwetsbaar. Met name bij observationeel onderzoek is echter goede ondersteuning belangrijk in verband met de vaak ingewikkelde statistiek. De ondersteuning vanuit het Bureau Wetenschap is goed, maar eigenlijk nog te weinig. Ook zijn er nog te veel drempels (bijvoorbeeld vakgroepen die geld vragen voor het lezen van een protocol, stroperige procedures, financiële rompslomp). Men is redelijk tevreden over het aantal wetenschappelijke publicaties van de afgelopen jaren. Toch wordt er te weinig eigen onderzoek gedaan en laten we teveel kansen liggen wat betreft observationeel onderzoek. Wel wordt hierbij opgemerkt dat je hiervoor een goede database en een datamanager nodig hebt om kwalitatief goed observationeel onderzoek te kunnen opzetten. Wat men als prettig ervaart zijn de korte lijnen en onderling goede sfeer, de interessante patiëntenpopulatie en behulpzame verpleging. Wat algemeen herkend wordt, is dat er een spanningsveld is tussen onderzoek en productie. Productie gaat voor (en soms ten koste van) onderzoek. Hierdoor drijft onderzoek grotendeels op de goodwill van de vakgroep, wat tot wrijving kan leiden. In de vakgroepen waar onderzoek goed loopt wordt wetenschappelijk onderzoek kennelijk belangrijk gevonden, het is een cultuuraspect. Veel vakgroepen beschikken echter niet over een ter zake deskundige trekker die wetenschappelijk onderzoek stimuleert en initieert. Men ziet het als de taak van de Raad van Bestuur om hier meer op te sturen en het belang van onderzoek (nog meer) te benadrukken. Wat niet vergeten moet worden is dat de relatief hoge productie ook veel input levert voor onderzoek. Dit onderscheidt het OLVG van de academische centra: wij zijn daardoor sterk in patiëntgebonden onderzoek, en zouden daar nog beter gebruik van moeten maken. Men vindt dat wetenschappelijk onderzoek geen duidelijke plek heeft in de profilering van het OLVG. Mede hierdoor is er ziekenhuisbreed geen echt onderzoeksklimaat ontstaan of wordt een onderzoeksklimaat onvoldoende gestimuleerd. De in het Medisch Beleidsplan 2010 naar voren geschoven profileringsgebieden bieden goede aanknopingspunten voor het doen van wetenschappelijk onderzoek, bijvoorbeeld op het gebied van de acute geneeskunde. Maar door het ontbreken van de ware onderzoeksspirit worden er op dit moment geen initiatieven in die richting ontplooid. PR zou daarbij een belangrijk instrument kunnen zijn. Er wordt te weinig ondernomen om onderzoeksresultaten onder de (publieke) aandacht te brengen. Een goede profilering is volgens de ondervraagden ook een belangrijke voorwaarde voor fondsenwerving, bovendien helpt het bij het includeren van patiënten. Onderzoek is ook een kwaliteitskenmerk: in een ziekenhuis waar veel onderzoek wordt gedaan is de kwaliteit van de patiëntenzorg beter. Dit zou in het kader de toonaangevendheid van het OLVG beter benadrukt moeten worden. Een enkeling vindt dat het wetenschappelijk imago van het OLVG daalt, maar het merendeel herkent dit niet. Er wordt relatief veel gepubliceerd, door een aantal academische centra wordt het OLVG als gelijkwaardige partner (of zelfs geduchte concurrent) beschouwd. Het OLVG is over het algemeen slagvaardiger in het opstarten van onderzoek en het rekruteren van patiënten dan de academische centra. 12 Beleidsplan Wetenschap

13 Er is geen consensus of er duidelijke onderzoekslijnen geformuleerd moeten worden. Het opzetten van OLVG-brede onderzoekslijnen is lastig; de kans is groot dat sommige units daarmee te kort wordt gedaan. Bovendien heeft wetenschappelijk onderzoek de meeste kans van slagen wanneer dit voortkomt uit de interesse en passie van de dokter/onderzoeker zelf. Ook vanuit opleidingsperspectief is de focus op een beperkt aantal onderzoekslijnen niet handig. Onze kracht zit hem volgens sommigen vooral in de grote patiëntenaantallen en het praktische patiëntgebonden onderzoek met korte tijdslijnen en een hoge klinische relevantie. Hou daarom de onderzoeksparaplu groot en richt je qua design vooral op klinisch, praktisch, toegepast onderzoek, met als leidend principe: niet dirigeren maar faciliteren. De ondervraagde onderzoekers geven aan dat dit ook in Santeon-verband verder opgepakt zou kunnen worden (hetgeen inmiddels ook gebeurt) Researchbureaus Wat door de ondervraagden als een probleem wordt gezien is dat de ondersteuning op de werkvloer verschilt per vakgroep, hierdoor is er veel versnippering. De researchbureaus zouden meer met elkaar moeten samenwerken en op structurele basis hun kennis delen. Een betere samenwerking komt niet alleen de kwaliteit maar ook het werkplezier van de ondersteuners ten goede. Men geeft als advies om deze samenwerking te faciliteren door de bureaus periodiek bij elkaar te zetten. Een centrale locatie waar de verschillende researchbureaus gezamenlijk zijn gehuisvest zou voor de toekomst een optie kunnen zijn, hierdoor zijn ook andere randvoorwaarden zoals secretariële en statistische ondersteuning doelmatiger te organiseren. Een goede, centrale facilitering van onderzoek laat bovendien zien dat het OLVG onderzoek belangrijk vindt. Onderzoekers en ondersteuners zouden echter qua behuizing niet te zeer geïsoleerd moeten zijn, maar goed zijn ingebed in het primaire proces en deel uitmaken van het team. De onderzoekers van Cardiologie zijn bijvoorbeeld altijd bij het ochtendoverleg en de overdracht aanwezig en worden actief bij het primaire proces betrokken Faciliteiten Medische bibliotheek Sinds 1980 beschikt het OLVG over een Ziekenhuisbibliotheek waar wetenschappelijke literatuur geraadpleegd kan worden ten behoeve van onderzoek, onderwijs en patiëntenbehandeling. Deze bibliotheek is primair gericht op medisch specialisten, co- en arts-assistenten, paramedici en verpleegkundigen. Onderzoekers vinden dat de bibliotheek goede faciliteiten heeft, met prettige medewerkers, die goede hulp geven bij het doen van literatuur-searches in het kader van wetenschappelijk onderzoek. De toegang tot de digitale bibliotheek van AMC/UVA wordt als een extreem belangrijke faciliteit voor het onderzoeksklimaat in het OLVG gezien Bureau Wetenschap Het OLVG heeft sinds 1 februari 2007 een eigen Bureau Wetenschap binnen Teaching Hospital. Doel van het bureau is het stimuleren en faciliteren van wetenschappelijk onderzoek in het OLVG. In de praktijk zorgt het Bureau voor ondersteuning bij het opzetten van een onderzoek (epidemiologisch), en bij het indienen van protocollen, voor statistische ondersteuning bij data-analyse en bij schrijven van wetenschappelijke artikelen. Het blijkt dat de ondersteuning door het bureau als goed wordt ervaren, maar dat het feit dat er maar een onderzoekscoördinator is het wetenschapsbureau erg kwetsbaar maakt. Er is niet alleen méér ondersteuning vanuit het Bureau Wetenschap nodig, maar ook een statisticus, een datamanager, praktische ondersteuning bij de inclusie van patiënten, etc. Naar voren wordt gebracht dat het soms om heel praktische zaken gaat (bijv. hoe zaken aangeleverd moeten worden bij de VCMO). Het is van belang om vanuit je profilering dokters die een passie voor onderzoek hebben de ruimte te geven en centraal te ondersteunen. Dus is het niet alleen een zaak van de vakgroep maar van het hele OLVG. Meer onderlinge samenwerking tussen de researchbureaus onderling en met het Bureau Wetenschap zou in dit kader stimulerend kunnen werken Cursussen De groep onderzoekers is tevreden over het cursusaanbod: Evidence Based Medicine, Evidence Based Practice voor verpleegkundigen, statistiek, observationeel onderzoek, Reference Manager, Pubmed. Toch is er behoefte aan extra scholing op het gebied van wetenschappelijk onderzoek, met name voor de AIOS. Te denken valt aan cursussen epidemiologie, Good Clinical Practice, en wetenschappelijk schrijven, en aan praktische voorlichtingsbijeenkomsten over hoe het werkt (procedures, juridische aspecten, VCMO, hoe includeer je patiënten, ICH/GCP-boekje, etc.) Afdeling Automatisering De automatisering in het OLVG (AIT) wordt door de gespreksdeelnemers over het algemeen gezien als een zeer zwak punt. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat niet goed gedefinieerd is op welke punten de AIT een bijdrage Huidige situatie en sterkte-zwakte analyse 13

14 aan het wetenschappelijk onderzoek zou kunnen leveren. Hierover moet meer duidelijkheid komen. Te denken valt aan een aanspreekpunt bij de AIT op het gebied van wetenschap (adviseren over maken databases, opzetten enquêtes, beheer SPSS) Commissies Commissie Wetenschap (CWOO) Voor sommige medewerkers is het onduidelijk wat de rol van de CWOO is. Tijdens de focusgroepgesprekken wordt naar voren gebracht dat de CWOO met betrekking tot haar rol nog zoekende lijkt. De CWOO zou een belangrijke rol kunnen spelen bij het ondersteunen van onderzoekers. Er wordt nog te veel onderzoek opgezet waarbij de onderzoeksvraag te weinig focus heeft en het design rammelt. De CWOO zou in dit kader een positieve, stimulerende doch kritische rol kunnen hebben bij het begeleiden van onderzoekers: waar wil je naar toe, wat is je onderzoeksvraag, hoe kun je die helder krijgen, is dit onderzoek al eerder gedaan, waarom is de inclusie zoveel lager dan verwacht, wat zijn de knelpunten, etc. Hiervoor is geen groots opgetuigde commissie nodig, maar slechts een klein clubje dat ondersteuning biedt, dwarsverbanden organiseert, clubjes bij elkaar brengt, etc Medisch Ethische Commissie De ondervraagden vinden dat de MEC-procedure te lang duurt en dat men te weinig meedenkt. Dit zorgt er onder andere voor dat observationeel onderzoek vaak niet wordt aangemeld. Op dit vlak valt nog een wereld te winnen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat in 2011 een duidelijke verbetering is opgetreden, met snellere procedures (o.a. digitaal indienen) en betere communicatie met het Bureau Wetenschap en de CWOO Financiële aspecten Over de financiële aspecten lopen de meningen uiteen. Aan de ene kant wordt gesteld dat een eerste geldstroom ontbreekt en er geen OLVG-budget is voor wetenschappelijk onderzoek, waardoor er veel extra creativiteit en energie nodig zijn om onderzoek te kunnen uitvoeren. Sommige vakgroepen daarentegen verdienen juist veel geld met onderzoek, maar die hebben hier in de afgelopen jaren dan ook veel in geïnvesteerd. Bovendien worden hun inkomsten gebruikt om eigen onderzoek te financieren en om de eigen researchafdeling financieel gezond te houden. Om te kunnen participeren in onderzoek dat financieel interessant is moet bovendien aan een aantal randvoorwaarden voldaan zijn, die komen niet zomaar uit de lucht vallen. Een enkeling vindt zelfs dat de kosten van onderzoek bij voorkeur in evenwicht moeten zijn met de financiële baten. Het lijkt er dan op dat het financiële perspectief leidend is. Anderzijds wordt gesteld dat een zak met geld niet de beste oplossing is, er moet vooral geïnvesteerd worden in de ondersteuning van de vakgroepen. Een van de adviezen is om een centrale subsidiepot met geld te organiseren ( moet kunnen met zoveel legaten, leveranciers, etc. ). Ook zou de Raad van Bestuur (of Santeon) meer energie moeten steken in het centraal werven van fondsen. Dit geld zou vervolgens aangewend kunnen worden voor centrale, vakgroepoverstijgende ondersteuning, bijvoorbeeld met extra epidemiologische ondersteuning, onderzoeksverpleegkundigen, een statisticus, etc. In dit kader komt ook de Stichting Teaching Hospital ter sprake. Men vraagt zich allerwegen af, waar de stichting voor staat en hoeveel geld zij bezit, hoe de kas kan worden bijgevuld, en wie er van het geld gebruik kunnen maken (zie hiervoor hoofdstuk 4.1). Ten slotte komt de participatie aan farmaceutische trials ( contractresearch ) aan bod. Het meedoen aan trials levert niet alleen financiële middelen op waarmee eigen onderzoek gefinancierd kan worden, maar zorgt ook voor het opzetten van gedegen randvoorwaarden voor het doen van onderzoek en extra expertise in de organisatie van wetenschappelijk onderzoek. Toch moeten we er voor waken om een afhankelijke positie te krijgen van het participeren in dit soort trials. Het is onwenselijk dat het doen van zelf geïnitieerd wetenschappelijk onderzoek valt of staat met sponsoring uit gefinancierde studie. Op sommige afdelingen wordt aangegeven dat de kwaliteit van contractresearch beter kan ( we doen het er een beetje bij ), en het is onduidelijk wat er op sommige andere afdelingen met de baten gebeurt Externe contacten Uit de trendanalyse komt naar voren dat samenwerking belangrijk wordt geacht bij het doen van wetenschappelijk onderzoek. Niet alleen binnen het ziekenhuis, maar vooral tussen ziekenhuizen. Sommige vakgebieden, zoals de kindergeneeskunde, hebben (te) kleine populaties voor het doen van onderzoek, dus samenwerking is dan een must. Ook om enigszins tegenwicht te bieden tegen de farmaceutische trials is het goed om de krachten te bundelen en onderzoek op te zetten in groter verband. Dit geeft ook een voordeel bij het aanvragen van subsidies. Een enkeling noemt dat er te weinig wordt samengewerkt met academische centra, maar de meesten herkennen dit niet, en vinden dit niet zo van belang: de academische 14 Beleidsplan Wetenschap

15 centra zitten op onderzoekslijnen die voor het OLVG minder relevant zijn (en omgekeerd). Tussen de STZ en Santeon ziekenhuizen is overleg tussen de onderzoekscoördinatoren. Op het moment van de gesprekken waren er veel plannen, maar nog niets concreet. Enkele van de plannen zijn het organiseren van een gezamenlijke wetenschapsdag, het ontwikkelen van een best practice voor wetenschappelijk onderzoek en eventueel interne audits in Santeon verband, en gezamenlijk organiseren van ondersteuning en cursussen in zowel STZ als Santeon verband. Inmiddels is medio 2011 een eerste gezamenlijk onderzoeksproject opgestart en wordt er een gezamenlijke wetenschapsdag georganiseerd. Intussen is er ook overleg met de wetenschapscoördinator van het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis over nauwere samenwerking Communicatie De ondervraagden vinden het goed dat het OLVG een eigen wetenschappelijke magazine heeft: Onze Lieve Wetenschap. Dit blad kan het wetenschappelijk klimaat in het ziekenhuis stimuleren. Sommigen vragen zich wel af of het blad voldoende wordt gelezen. Dit wordt begin 2012 geëvalueerd. Huidige situatie en sterkte-zwakte analyse 15

16 4. Financiën 4.1 Financiering wetenschappelijk onderzoek Zowel in het OLVG als In andere STZ-ziekenhuizen bleek dat er bij veel onderzoeken te weinig aandacht wordt besteed aan de begroting. Hierdoor bleken verrichtingen in het kader van wetenschappelijk onderzoek door het ziekenhuis te worden betaald, of bleek de financiële vergoeding ontoereikend te zijn om de kosten te kunnen dekken van patiënten die werden geïncludeerd voor contractresearch. In het OLVG is er vaak geen goed overzicht van de begrotingen (wie betaalt wat, wie controleert de begrotingen) van het wetenschappelijk onderzoek. Daarnaast ontstaan er regelmatig discussies over de vergoeding van werkzaamheden die verricht worden door ondersteunende units (Apotheek, Hematologisch en Klinisch Chemisch Laboratorium (HKCL), Radiologie etc.) in het kader van een onderzoeksprotocol. Om al deze redenen is het belangrijk dat er duidelijke richtlijnen zijn omtrent kosten (en soms ook opbrengsten) van wetenschappelijk onderzoek. Hierbij is de leidraad dat financiering van onderzoek transparant moet zijn, dat het duidelijk is wie welke kosten draagt, en dat er onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende vormen van financiering, afhankelijk van de opdrachtgever van het onderzoek. De financiële paragraaf van een onderzoeksprotocol dient transparant te zijn op de volgende punten: 1. De opdrachtgever van het onderzoek (bv. farmaceutisch bedrijf, non-profitorganisatie, onderzoeker in het OLVG, onderzoeker in een ander centrum zoals een academisch ziekenhuis). 2. Begroting, waarin duidelijk wordt aangegeven welke inkomsten worden gegenereerd door het onderzoek, en welke kosten binnen en buiten de eigen unit worden gemaakt. 3. Afspraken met andere units over kosten van werkzaamheden. Als leidraad voor afspraken met andere units geldt, dat alle betrokkenen (inclusief de MEC) bij winstgevend onderzoek zoals deelname aan farmaceutische trials van commerciële bedrijven alle kosten mogen doorberekenen op basis van commerciële tarieven. Indien er sprake is van onderzoek dat niet winstgevend is voor de onderzoeker of de unit, dienen ook de andere betrokken units hun bijdrage aan het onderzoek te beschouwen als een bijdrage aan het in stand houden van een onderzoeksklimaat in het OLVG met het oog op patiëntenzorg en opleiding. Er is dringend een duidelijke afspraak nodig omtrent een redelijke interne verrekening van kosten voor binnen het OLVG uitgevoerde diensten (apotheek, laboratorium, radiologie), met name voor niet-gesponsord wetenschappelijk onderzoek, uitgevaardigd door de Raad van Bestuur. Onze aanbeveling is dat deze nog voor eind 2011 beschikbaar is. Voorbeelden: 1. Unit participeert in door farmaceutisch bedrijf geïnitieerd geneesmiddelenonderzoek. Unit maakt duidelijke afspraken over kosten van alle werkzaamheden die bij het onderzoek horen, inclusief van werkzaamheden door de afdelingen Apotheek, HKCL, Radiologie, Cardiologie (ECG, echo), Longfunctie, etc. Voor alle onderdelen zijn de tarieven ten minste kostendekkend, en er wordt rekening gehouden met overhead (tijdsinvestering, leeskosten, MEC/VCMO etc.) 2. Unit participeert in landelijke studie, geïnitieerd door OLVG of ander (bv. academisch) centrum, of bijvoorbeeld in EORTC/HOVON trials (Oncologie) etc. Het betreft hier vaak hoog gekwalificeerd relevant en toonaangevend onderzoek dat direct in het verlengde ligt van de patiëntenzorg, en waarbij (een deel van) de patiënt-gerelateerde activiteiten ook onder patiëntenzorg vallen. Alle betrokken units beschouwen het als hun plicht om aan dit soort studies mee te doen en berekenen slechts in uitzonderlijke gevallen kosten. In de begroting moet duidelijk zijn of er specifieke activiteiten zijn die niet uit de patiëntenzorg kunnen worden gefinancierd. 3. Unit doet zelfstandig, vaak kleinschalig onderzoek en financiert dit uit eigen middelen. Ook dit type onderzoek past bij het streven van het OLVG om toonaangevend te zijn. Over kosten die andere units maken (bv. laboratorium bepalingen, inzet van de apotheek) worden duidelijke afspraken gemaakt. Uitgangspunt is dat alleen evidente onkosten worden gedeclareerd. Bij conflicten tussen units over de vraag welke tarieven andere ondersteunende units mogen rekenen kan aan de Raad van Bestuur worden gevraagd om te bemiddelen en om voor alle partijen bindende uitspraken te doen. 4.2 Stichting Teaching Hospital In 2004 ging Teaching Hospital van start. Tegelijkertijd werd een traject in gang gezet om de Stichting Medisch Wetenschappelijk Onderzoek OLVG onder te brengen bij Teaching Hospital; zowel wat betreft naam alsook wat 16 Beleidsplan Wetenschap

17 betreft inhoudelijke aansturing. Op 4 mei 2004 werd de naam van de stichting gewijzigd in Stichting Teaching Hospital Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, verder te noemen: stichting. Daarnaast is besloten om het bestuur van de Stichting en van Teaching Hospital gescheiden te houden. Teaching Hospital dient het beleid vorm te geven, maar de besluitvorming blijft bij het bestuur van de Stichting. primaire doelstellingen, kunnen afhankelijk van het bedrag en de toestemming van het bestuur van de Stichting eenmalig worden toegewezen of worden gefinancierd vanuit de stichting OLVG. Verrekening met de stichting Teaching Hospital kan via een periodieke betalingsregeling. In de statuten is als doel van de stichting vermeld: het stimuleren en faciliteren van onderwijs, opleidingen en (medisch) wetenschappelijk onderzoek in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, en het verrichten van al hetgeen met het vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van woord. Het bestuur van de stichting bestaat uit de voorzitter en een lid van de Raad van Bestuur, directeur Teaching Hospital (zonder stemrecht) en een vertegenwoordiger van de Medische Staf. De inkomsten van de stichting betreffen incidentele sponsorgelden van farmaceuten, legaten en rentebaten. Om het vermogen in stand te houden zal de Raad van Bestuur van het OLVG zich inspannen om jaarlijks een dotatie te doen uit het resultaat van bijvoorkeur de AMS of eventueel het resultaat van het OLVG. In aanmerking voor bijdragen uit het fonds van de Stichting Teaching Hospital komen: 1. Lege artis uitgevoerd kleinschalig, in het OLVG geïnitieerd onderzoek waarvoor het niet mogelijk is op andere wijze (b.v. farmaceutische industrie) geld te verwerven. De uitkering gebeurt achteraf door betaling van rekeningen voor werkelijk gemaakte kosten en bedraagt maximaal euro 2. Drukkosten van proefschriften waarvan de auteur in het OLVG werkt en het beschreven onderzoek goeddeels in het OLVG is uitgevoerd, met een maximum van euro. 3. Onkosten die gemaakt worden door stafleden (en eventueel andere medewerkers aangesteld in het OLVG) die op voorspraak van de vakgroep/unit, een langere periode (> 3 maanden) naar elders gaan om zich een nieuwe techniek of nieuwe kennis eigen te maken die vervolgens in het OLVG geïntroduceerd wordt en die daarmee bijdraagt aan een kwaliteitsverbetering. Maximale bijdrage is euro. 4. Kosten die samenhangen met de uitrijking van prijzen voor opvallende wetenschappelijke of onderwijsprestaties, verricht in en met behulp van het OLVG met een maximum van euro per jaar 5. Uitgaven ten behoeve van Teaching Hospital die in ruime mate bijdragen aan het verwezenlijken van haar Financiën 17

18 Slotwoord De ontwikkeling van de kennis op het gebied van medisch specialistische zorg is sterk afhankelijk van uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek. Dankzij dit onderzoek is onze kennis op dit gebied in de afgelopen 50 jaar spectaculair toegenomen. Het resultaat van deze ontwikkeling zien wij terug in onze dagelijkse werkzaamheden in het OLVG. Maar de kennis die wij vandaag hebben, kan binnenkort al weer verouderd zijn. Uitkomsten van nieuwe studies kunnen leiden tot nieuwe inzichten in diagnostiek of behandeling van aandoeningen met belangrijke voordelen voor de patiënt. Het is dan ook belangrijk dat de in het OLVG geleverde zorg in lijn is met de nieuwste inzichten en ontwikkelingen. Dat noemen we Evidence Based Medicine en Evidence Based Practice, en moet een belangrijk onderdeel zijn van het dagelijks denken en handelen van alle ziekenhuismedewerkers. Maar een ziekenhuis dat toonaangevend wil zijn, moet niet alleen maar aan de zijlijn staan te wachten op de uitkomsten van studies om ze daarna te implementeren. Een belangrijk deel van het onderzoek waar wij onze dagelijkse praktijk op baseren bestaat uit klinische studies. Het OLVG is een uitstekende plek om deze klinische studies uit te voeren. En het gaat daarbij niet alleen om grote gesponsorde multicenter trials, maar ook om originele studies die het gevolg zijn van originele ideeën. Dit beleidsplan en de daarin opgenomen leidende principes moeten de basis vormen voor de manier waarop in het OLVG tegen wetenschap en onderzoek wordt aangekeken, en hoe het kan worden gestimuleerd. We zijn er van overtuigd dat we over een paar jaar kunnen zien dat er wat is bereikt! Onderzoek doen is echter niet alleen een kwestie van een goed idee hebben. Het algemene uitgangspunt is dat het gaat om 1% inspiratie en 99% transpiratie. Maar anno 2010 is wetenschappelijk onderzoek gebonden aan regelgeving en kwaliteitsnormen zoals good clinical practice (GCP). Dat betekent dat, meer dan vroeger, wetenschappelijk onderzoek (zeker als er patiënten bij betrokken zijn) ingebed moet zijn in de ziekenhuisorganisatie. Daarom moet er professionele ondersteuning beschikbaar zijn bij het opzetten, uitvoeren en analyseren van onderzoek. Hierbij spelen de onderzoekscoördinator, de trial-units, de MEC en VCMO en andere professionals een belangrijke rol, waardoor uitvoering van een goed onderzoeksidee niet alleen efficiënt maar ook conform regelgeving kan plaatsvinden. Met andere woorden: een onderzoeker met een goed idee moet het gevoel krijgen dat iedereen die hij of zij nodig heeft om het idee uit te voeren enthousiast en positief kritisch meedenkt en meewerkt binnen een gestroomlijnde organisatie. Dit geldt ook voor ondersteuning van andere units. Het mag in het OLVG niet zo zijn dat een goed idee in een la verdwijnt omdat er te veel logistieke, juridische en financiële hobbels moeten worden genomen waardoor de motivatie bij de onderzoeker al snel verdwijnt. 18 Beleidsplan Wetenschap

19 Afkortingenlijst AMS CAT CCMO CPMP CWOO EBP EORTC GCP GMP HOVON ICH MEC METC MTA SPSS STZ VCMO WHO WMO Amsterdam Medical Services Critically Appraised Topic Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek Committee for Proprietary Medicinal Products Commissie Wetenschappelijk Onderzoek OLVG Evidence Based Practice European Organisation for Research and Treatment of Cancer Good Clinical Practice Good Manufacturing Practice stichting Hemato-Oncologie voor Volwassenen Nederland (HOVON). International Conference on Harmonisation of Technical Requirements for the Registration of Pharmaceuticals for Human Use Medisch Ethische Commissie (locale toetsing binnen OLVG) Medische Ethische Toetsingscommissie Medical Technology Assessment Statistical Package for the Social Sciences Samenwerkende Topklinische Opleidingsziekenhuizen Verenigde Commissies Mensgebonden Onderzoek (regionale toetsingscommissie) World Health Organisation Wet op Mensgebonden Onderzoek Huidige Afkortingenlijst situatie en sterkte-zwakte analyse 19

20 20 Beleidsplan Wetenschap

SEMINAR 4 NOVEMBER 2014

SEMINAR 4 NOVEMBER 2014 SEMINAR 4 NOVEMBER 2014 Professioneel opzetten en uitvoeren van klinisch onderzoek www.deresearchmanager.nl Striksteeg 7 7411 KR Deventer 0570 594 789 [email protected] Ontwikkeling Afdeling Innovatie

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: VC9 Proefpersonen- en aansprakelijkheidsverzekering (centraal) Distributielijst : STZ Datum : 10-03-2014 Revisiedatum : 10-03-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: O3 Ontwikkelen, implementeren en beheren van SOP s Distributielijst : STZ Datum : 15-10-2012 Revisiedatum : 15-10-2013 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: VL2 Aanpassen proefpersoneninformatie / toestemmingsformulier aan lokale situatie Distributielijst : STZ Datum : 20-03-2014 Revisiedatum : 20-03-2015 Veranderingen

Nadere informatie

Aanmelden WMO-plichtig onderzoek

Aanmelden WMO-plichtig onderzoek Aanmelden WMO-plichtig onderzoek 1. Doel Het beschrijven van de procedure die gevolgd wordt bij het aanmelden van onderzoek dat onder de WMO valt en waarbij ZGV optreedt als deelnemend centrum. Voordat

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: A4 Publicatie Distributielijst : STZ Datum : 20-03-2014 Revisiedatum : 20-03-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen Versiedatum

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: VL5 Protocolamendement (lokaal) Distributielijst : STZ Datum : 03-06-2014 Revisiedatum : 03-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: VC8 Beoordeling amendement toetsende commissie (centraal) Distributielijst : STZ Datum : 10-03-2014 Revisiedatum : 10-03-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere

Nadere informatie

Wetenschappelijke stages in het Kennemer Gasthuis, Spaarne Ziekenhuis en het Streeklaboratorium voor de Volksgezondheid Kennemerland

Wetenschappelijke stages in het Kennemer Gasthuis, Spaarne Ziekenhuis en het Streeklaboratorium voor de Volksgezondheid Kennemerland Wetenschappelijke stages in het Kennemer Gasthuis, Spaarne Ziekenhuis en het Streeklaboratorium voor de Volksgezondheid Kennemerland Beste student, Je bent op zoek naar een plek voor een wetenschappelijke

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U10 Audit Distributielijst : STZ Datum : 19-06-2014 Revisiedatum : 19-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen Versiedatum Opmerkingen

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U1 Identificatie, werving en pre-screening proefpersonen Distributielijst : STZ Datum : 19-06-2014 Revisiedatum : 19-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere

Nadere informatie

(Industrie geïnitieerd) Onderzoek in de STZ Omgeving' Joep Dille ([email protected]) Manager wetenschapsbureau Isala klinieken, Zwolle

(Industrie geïnitieerd) Onderzoek in de STZ Omgeving' Joep Dille (j.dille@isala.nl) Manager wetenschapsbureau Isala klinieken, Zwolle (Industrie geïnitieerd) Onderzoek in de STZ Omgeving' Joep Dille ([email protected]) Manager wetenschapsbureau Isala klinieken, Zwolle Take home message Ga op zoek naar wat mensen drijft en sluit daarbij

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure SOP: V9 Initiatievisite Auteur Naam: Functie instelling/afdeling Judie van den Elshout Staffunctionaris Wetenschapsbureau Wetenschapsbureau / Cluster Leerhuis Handtekening:...

Nadere informatie

Concept procedure Lokale Haalbaarheid

Concept procedure Lokale Haalbaarheid -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Opzet pilot Stap 2 Lokale Haalbaarheid ter voorbereiding op

Nadere informatie

INTRAPROFESSIONEEL LEREN MET ARTS-ASSISTENTEN BINNEN DE KINDZORG ONTWIKKELING VAN EEN TOOLBOX

INTRAPROFESSIONEEL LEREN MET ARTS-ASSISTENTEN BINNEN DE KINDZORG ONTWIKKELING VAN EEN TOOLBOX INTRAPROFESSIONEEL LEREN MET ARTS-ASSISTENTEN BINNEN DE KINDZORG ONTWIKKELING VAN EEN TOOLBOX O. PROJECTOPZET Algemene gegevens Instelling: Radboudumc Amalia Kinderziekenhuis Titel initiatief: Intraprofessioneel

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U9 Monitoren Distributielijst : STZ Datum : 15-10-2012 Revisiedatum : 15-10-2013 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Hoofdstuk Versiedatum Hoofdstuk

Nadere informatie

INFORMATIEBLAD. Maart 2011

INFORMATIEBLAD. Maart 2011 INFORMATIEBLAD AANMELDING TRIALBUREAU/DATACENTRUM Maart 2011 Kanker zo snel mogelijk terugdringen en onder controle brengen. We zijn er voor mensen die leven met kanker en de mensen die met hen samenleven.

Nadere informatie

Wetenschappelijk onderzoek met Karakter

Wetenschappelijk onderzoek met Karakter Wetenschappelijk onderzoek met Karakter 1 Inleiding Karakter is als academisch centrum partner in een groot aantal multicenter studies. Voor het uitvoeren van uw onderzoek in samenwerking met Karakter

Nadere informatie

- Geplaatst in VISUS EBM IN DE OPTOMETRIE: HOE PAS JE HET TOE?

- Geplaatst in VISUS EBM IN DE OPTOMETRIE: HOE PAS JE HET TOE? - Geplaatst in VISUS 4-2017 - EBM IN DE OPTOMETRIE: HOE PAS JE HET TOE? Om de verschillen tussen de kennis uit het laatste wetenschappelijk bewijs en de klinische praktijk kleiner te maken is de afgelopen

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U4 Registratie /randomisatie procedure Distributielijst : STZ Datum : 19-06-2014 Revisiedatum : 19-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum

Nadere informatie

Kwaliteit borgen wij samen! Monitoren van studies in het ziekenhuis door onderzoekers zelf

Kwaliteit borgen wij samen! Monitoren van studies in het ziekenhuis door onderzoekers zelf Kwaliteit borgen wij samen! Monitoren van studies in het ziekenhuis door onderzoekers zelf Noortje Koppelman, Adviseur Opleiding & Ontwikkeling Olivier Wegelin, AIOS PhD-student DCTF-congres 5 oktober

Nadere informatie

Functieomschrijving Circulation Practitioner

Functieomschrijving Circulation Practitioner Functieomschrijving Circulation Practitioner Landelijke Vakgroep van Circulation Practitioners Definitie functie specialistisch verpleegkundige IC 1 /CC 2 specialisatie binnen het aandachtsgebied van de

Nadere informatie

AMC Uitvoeringsrichtlijnen: Goedkeuring medisch-wetenschappelijk onderzoek door de Raad van Bestuur

AMC Uitvoeringsrichtlijnen: Goedkeuring medisch-wetenschappelijk onderzoek door de Raad van Bestuur AMC Uitvoeringsrichtlijnen: Goedkeuring medisch-wetenschappelijk onderzoek door de Raad van Bestuur en Deelname van personeelsleden en studenten aan medisch-wetenschappelijk onderzoek Versie 1.1 Dit document

Nadere informatie

Kwaliteit van opleiding

Kwaliteit van opleiding Bedoeling Card 1 Kwaliteit van opleiding De kwaliteit van de opleiding is ons primaire doel en een noodzakelijk onderdeel van onze professie. Aios hebben voldoende mogelijkheden nodig voor werkplekleren

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U7 Ondersteunende diensten Distributielijst : STZ Datum : 19-06-2014 Revisiedatum : 19-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen

Nadere informatie

Zoeken naar evidence

Zoeken naar evidence Zoeken naar evidence Faridi van Etten-Jamaludin Clinical librarian Medische Bibliotheek AMC 2 december 2008 Evidence Based Practice? Bij EBP worden klinische beslissingen genomen op basis van het best

Nadere informatie

Reglement Wetenschapscommissie Medisch Centrum Haaglanden

Reglement Wetenschapscommissie Medisch Centrum Haaglanden Reglement Wetenschapscommissie Medisch Centrum Haaglanden 1 Inhoudsopgave 1. Begripsbepalingen 2. Taakopdracht 3. Samenstelling commissie, benoeming en zittingduur 4. Werkwijze en besluitvorming 5. Taken

Nadere informatie

Introductie OLVG. Van richtlijn naar protocol met EBP Ontwikkelen van protocollen op basis van richtlijnen en Evidence Based Practice

Introductie OLVG. Van richtlijn naar protocol met EBP Ontwikkelen van protocollen op basis van richtlijnen en Evidence Based Practice Van richtlijn naar protocol met EBP Ontwikkelen van protocollen op basis van richtlijnen en Evidence Based Practice Introductie OLVG Twee hoofdlocaties: Oost & West Polibezoeken: 589.145 Bedden: 506 SEH-bezoeken

Nadere informatie

Wetenschappelijke vorming in de huisartsopleiding

Wetenschappelijke vorming in de huisartsopleiding Versiedatum: 0-0-06 Pagina van 5 De wetenschappelijke onderbouwing van het huisartsgeneeskundig handelen vormt een belangrijke leidraad voor de huisarts. Deze moet een wetenschappelijke onderbouwing kunnen

Nadere informatie

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Concept Procedure Lokale Haalbaarheid klinisch geneesmiddelenonderzoek

Nadere informatie

Gecertificeerde opleiding voor alle klinisch onderzoekers

Gecertificeerde opleiding voor alle klinisch onderzoekers Gecertificeerde opleiding voor alle klinisch onderzoekers Joep Rijnierse, Medical Director Amgen namens Werkgroep Verbetering R&D klimaat DCTF workshop Oktober 2012 Uitdaging Uitdaging Oplossing - Patiëntgebonden

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: U11 Voortgangsrapportage Distributielijst : STZ Datum : 19-06-2014 Revisiedatum : 19-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen

Nadere informatie

MODULE Evidence Based Midwifery

MODULE Evidence Based Midwifery VZW Vlaamse Organisatie van Vroedvrouwen vzw MODULE Evidence Based Midwifery Van Schoonbekestraat 143 Sint-Jacobsmarkt 84 2018 Antwerpen 2000 Antwerpen Programma Overzicht Dag 1: maandag 8 november 2010

Nadere informatie

ONDERZOEKSONDERSTEUNING VANUIT UNO-VUMC

ONDERZOEKSONDERSTEUNING VANUIT UNO-VUMC ONDERZOEKSONDERSTEUNING VANUIT UNO-VUMC Het Universitair Netwerk Ouderenzorg UNO-VUmc is een samenwerkingsverband tussen 22 1 instellingen in de ouderenzorg (UNO-instellingen) en de afdeling huisartsgeneeskunde

Nadere informatie

Op naar het snel opstarten van klinisch onderzoek in Nederland!

Op naar het snel opstarten van klinisch onderzoek in Nederland! Op naar het snel opstarten van klinisch onderzoek in Nederland! Marika Trieling Voorzitter DCRF werkgroep Lokale uitvoerbaarheid 12 februari 2019 Wat is er in Nederland nodig? Verkorten tijdslijnen van

Nadere informatie

Besluit Herregistratie specialisten 15 Meest gestelde vragen door medisch specialisten

Besluit Herregistratie specialisten 15 Meest gestelde vragen door medisch specialisten Besluit Herregistratie specialisten 15 Meest gestelde vragen door medisch specialisten 1. Wat was de aanleiding voor de vernieuwing van de herregistratiebepalingen? Eens per vijf jaar wordt beoordeeld

Nadere informatie

Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten.

Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten. Overdracht en samenwerking 1 e en 2 e lijns diëtisten bij de dieetbehandeling van ondervoede patiënten. Inleiding Ziekte gerelateerde ondervoeding is nog steeds een groot probleem binnen de Nederlandse

Nadere informatie

Samenvatting. Adviesaanvraag

Samenvatting. Adviesaanvraag Samenvatting Adviesaanvraag De afgelopen decennia is de omvang en het maatschappelijk belang van toezicht op de gezondheidszorg gegroeid. De introductie van marktwerking, de privatisering en de toenemende

Nadere informatie

Critical Appraisal of a Topic De 7 stappen van de CAT Bachelor geneeskunde 3de jaar AWV

Critical Appraisal of a Topic De 7 stappen van de CAT Bachelor geneeskunde 3de jaar AWV Critical Appraisal of a Topic De 7 stappen van de CAT Bachelor geneeskunde 3de jaar AWV Arno Roest en Saskia Le Cessie [email protected] Evidence based medicine (EBM) (Patho)fysiologie: Klachten, ziekte,

Nadere informatie

Opdrachtomschrijving Werkervaringsplek

Opdrachtomschrijving Werkervaringsplek Opdrachtomschrijving Werkervaringsplek Gegevens organisatie Branche Gezondheidszorg Overige gegevens WEP Korte titel functie/wep Onderzoeker/projectleider Overdracht Vestigingsplaats WEP Groningen Ervaring

Nadere informatie

De rol van de Contract Research Organisatie (CRO) Klinisch onderzoek

De rol van de Contract Research Organisatie (CRO) Klinisch onderzoek De rol van de Contract Research Organisatie (CRO) in klinisch geneesmiddelenonderzoek Klinisch onderzoek Inhoud Aanleiding CRO project Methode en resultaten» Werkwijze en resultaten foto van het veld vragenlijst»

Nadere informatie

Overwegingen voor deelname aan netwerk / samenwerking

Overwegingen voor deelname aan netwerk / samenwerking Overwegingen voor deelname aan netwerk / samenwerking Mede als gevolg van hervormingen en kostenbesparingen in de zorg ontstaan in toenemende mate mono- en multidisciplinaire netwerken en samenwerkingsverbanden.

Nadere informatie

Zorgondersteuningsfonds Oproep kortdurende praktijkgerelateerde onderzoeken Programma Onderzoeken in de Praktijk Vastgesteld, 19 september 2016

Zorgondersteuningsfonds Oproep kortdurende praktijkgerelateerde onderzoeken Programma Onderzoeken in de Praktijk Vastgesteld, 19 september 2016 Oproep tot het indienen van aanvragen kortdurende, praktijkgerelateerde onderzoeken voor het Programma Onderzoeken in de Praktijk Programma van het Zorgondersteuningsfonds Doel van het programma De veranderingen

Nadere informatie

Evidence Based Practice in de alledaagse praktijk. Definitie EBP 16-4-2015

Evidence Based Practice in de alledaagse praktijk. Definitie EBP 16-4-2015 Evidence Based Practice in de alledaagse praktijk Lies Braam, verpleegkundig specialist neurologie 26 maart 2015 V &VN neurocongres Definitie EBP Bij EBP gaat het om klinische beslissingen op basis van

Nadere informatie

Symposium Water & Health

Symposium Water & Health Symposium Water & Health Jelle Prins, Decaan MCL Academie Medisch Centrum Leeuwarden Onderzoek en Innovatie Presentatie Jelle Prins 1 MCL Topklinisch opleidingsziekenhuis In Leeuwarden en Harlingen met

Nadere informatie

Stichting VHAN. Reglement Wetenschapscommissie

Stichting VHAN. Reglement Wetenschapscommissie Stichting VHAN Reglement Wetenschapscommissie Aangepaste versie januari 2015 Inhoudsopgave 1. Begripsbepalingen 2. Taakopdracht 3. Samenstelling commissie, benoeming en zittingsduur 4. Werkwijze en besluitvorming

Nadere informatie

Wetenschappelijk onderzoek in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis. Procedure niet-wmo-plichtig klinisch wetenschappelijk onderzoek

Wetenschappelijk onderzoek in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis. Procedure niet-wmo-plichtig klinisch wetenschappelijk onderzoek Wetenschappelijk onderzoek in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis Procedure niet-wmo-plichtig klinisch wetenschappelijk onderzoek Deze procedure geldt voor niet-wmo-plichtig onderzoek dat of: a) enkel

Nadere informatie

Toelichting bij de Gedragscode Geneesmiddelenreclame

Toelichting bij de Gedragscode Geneesmiddelenreclame Toelichting bij de Gedragscode Geneesmiddelenreclame In deze toelichting zijn opgenomen de toelichtingen, die door het Bestuur zijn opgesteld in het kader van wijzigingen, die in de Gedragscode Geneesmiddelenreclame

Nadere informatie

Besluit Herregistratie specialisten 16 Meest gestelde vragen door medisch specialisten

Besluit Herregistratie specialisten 16 Meest gestelde vragen door medisch specialisten Besluit Herregistratie specialisten 16 Meest gestelde vragen door medisch specialisten 1. Wat was de aanleiding voor de vernieuwing van de herregistratiebepalingen? Eens per vijf jaar wordt beoordeeld

Nadere informatie

Informatie voor donoren over UMC Utrecht Biobank TiN

Informatie voor donoren over UMC Utrecht Biobank TiN Informatie voor donoren over UMC Utrecht Biobank TiN Geachte mevrouw/mijnheer, In het kader van de Trombocytopathie in Nederland studie wordt een gedeelte van het extra afgenomen bloed opgeslagen in een

Nadere informatie

Vermindering bijvoeding bij neonaten SAMENVATTING

Vermindering bijvoeding bij neonaten SAMENVATTING Vermindering bijvoeding bij neonaten SAMENVATTING 1) Dit project zorgt ervoor dat minder neonaten onterecht post partum bijvoeding krijgen. Hiermee gaan meer neonaten met volledig borstvoeding naar huis

Nadere informatie

Aanvraagformulier REGISTRATIE oncologie datamanager

Aanvraagformulier REGISTRATIE oncologie datamanager Aanvraagformulier REGISTRATIE oncologie datamanager 1. Gegevens aanvrager Naam + Voorletters:... Adres:... Postcode + Woonplaats:.... Geboortedatum:.... Geboorteplaats:.... Werkzaam bij: Organisatie +

Nadere informatie

PILOT. TOETSINGSKADER NIET-WMO-PLICHTIG (nwmo) ONDERZOEK

PILOT. TOETSINGSKADER NIET-WMO-PLICHTIG (nwmo) ONDERZOEK PILOT TOETSINGSKADER NIET-WMO-PLICHTIG (nwmo) ONDERZOEK Stuurgroep nwmo Prof. Dr. Herman Pieterse (Voorzitter) Profess Medical Consultancy B.V. Dhr. Drs. Pieter Kievit Dhr. Dr. Eric Hoedemaker Mevr. Tanja

Nadere informatie

BROK staat voor Basiscursus Regelgeving en Organisatie voor Klinisch onderzoekers.

BROK staat voor Basiscursus Regelgeving en Organisatie voor Klinisch onderzoekers. VEELGESTELDE VRAGEN OVER DE BROK CURSUS Wat is de BROK cursus? BROK staat voor Basiscursus Regelgeving en Organisatie voor Klinisch onderzoekers. Aan de uitvoering van mensgebonden onderzoek worden door

Nadere informatie

Reglement Tumor- of themawerkgroep

Reglement Tumor- of themawerkgroep V&VN Oncologie staat voor en stimuleert tot excellente zorg voor patiënten met kanker door het verbinden van verpleegkundigen en andere zorgprofessionals werkzaam in de oncologische zorg. De toenemende

Nadere informatie

Monitoring van Investigator Initiated onderzoek

Monitoring van Investigator Initiated onderzoek Monitoring van Investigator Initiated onderzoek V1.0 Angela Vlug Clinical Research Bureau VUmc Wat is een IIS (volgens de NFU) Onderzoek waarvoor de raad van bestuur van een (universitair) medisch centrum

Nadere informatie

Competentieprofiel kaderhuisarts

Competentieprofiel kaderhuisarts profiel kaderhuisarts Versie 2017 Inleiding De kaderhuisarts is het antwoord op de vraag van het werkveld naar huisartsen met specifieke bekwaamheden. Voor huisartsen, specialisten, voorzieningen, instellingen,

Nadere informatie

I Welke kosten kunnen worden betaald met geld van de Stichting Culemborg 700?

I Welke kosten kunnen worden betaald met geld van de Stichting Culemborg 700? Culemborg 700 Op naar een mooi feestjaar, met een beheerst financieel verloop! Versie van 14 juli 2017 Met dit document zet de Stichting Culemborg 700 (C700) de belangrijkste financieel-organisatorische

Nadere informatie

Ervaringen Adviescommissie nwmo

Ervaringen Adviescommissie nwmo Martini Ziekenhuis Groningen Ervaringen Adviescommissie nwmo Ellen Rusch, ambtelijk secretaris Wat gaan we doen? Adviescommissie nwmo Martini Ziekenhuis Wat hebben we de afgelopen periode gedaan? Documenten:

Nadere informatie

European Clinical Trial Regulation: Kans voor Nederland. Annelies van Woudenberg, ClinOps-dag NVFG, 20 april 2017

European Clinical Trial Regulation: Kans voor Nederland. Annelies van Woudenberg, ClinOps-dag NVFG, 20 april 2017 European Clinical Trial Regulation: Kans voor Nederland Annelies van Woudenberg, ClinOps-dag NVFG, 20 april 2017 2 Dutch Clinical Research Foundation (DCRF) Doel ECTR project In oktober 2018 is Nederland

Nadere informatie

Handleiding Goedkeuringsprocedure Raad van Bestuur Zuyderland wetenschappelijk onderzoek

Handleiding Goedkeuringsprocedure Raad van Bestuur Zuyderland wetenschappelijk onderzoek Handleiding Goedkeuringsprocedure Raad van Bestuur Zuyderland wetenschappelijk onderzoek INLEIDING oor al het onderzoek dat binnen Zuyderland wordt uitgevoerd moet goedkeuring worden verkregen van de Raad

Nadere informatie

BELEIDSPLAN. Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland. www.stichtingopen.nl [email protected] Rabobank: NL44RABO0143176986

BELEIDSPLAN. Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland. www.stichtingopen.nl info@stichtingopen.nl Rabobank: NL44RABO0143176986 BELEIDSPLAN Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland www.stichtingopen.nl [email protected] Rabobank: NL44RABO0143176986 BELEIDSPLAN STICHTING OPEN 1 1. INLEIDING Voor u ligt het beleidsplan

Nadere informatie

Methodologie & onderzoek

Methodologie & onderzoek JAAR 2 Methodologie & onderzoek Klinische les en Critical Appraised Topic deeltaak 11.3a en KET 11 in de leerlijn wetenschap. Wat is Een klinische les Een CAT Wat is een klinische les In een klinische

Nadere informatie

Kwaliteitssysteem datamanagement. Meetbaar Beter

Kwaliteitssysteem datamanagement. Meetbaar Beter Kwaliteitssysteem datamanagement Meetbaar Beter Datum: 20 juli 2017 Versie : 0.10 Kwaliteitssysteem Meetbaar Beter versie 0.10.docx Pagina 1 van 8 Voorwoord Het aantal centra dat is aangesloten bij Meetbaar

Nadere informatie

Toezicht op onderzoeker geïnitieerd klinisch onderzoek (IIT) Team Klinisch Onderzoek

Toezicht op onderzoeker geïnitieerd klinisch onderzoek (IIT) Team Klinisch Onderzoek Toezicht op onderzoeker geïnitieerd klinisch onderzoek (IIT) 2014-2016 Team Klinisch Onderzoek Toezicht op IIT 2014-2016 Aanleiding en werkwijze Bevindingen vanuit de praktijk Conclusies en aandachtspunten

Nadere informatie

MOSAIC studie Informatiebrief voor cases

MOSAIC studie Informatiebrief voor cases 1 MOSAIC studie Informatiebrief voor cases Informatiebrief betreffende het onderzoek (MOSAIC studie): de gevolgen van acute hepatitis C virus infectie bij HIV positieve en HIV negatieve mannen die seks

Nadere informatie

Wetenschappelijk Instituut Martini Ziekenhuis

Wetenschappelijk Instituut Martini Ziekenhuis Focus op Functies Wetenschappelijk Instituut Martini Ziekenhuis Ontstaan van het Wetenschappelijk Instituut Het Wetenschappelijk Instituut van het Martini Ziekenhuis in Groningen bestaat officieel sinds

Nadere informatie

Toezicht op klinisch onderzoek bij STZ-ziekenhuizen. Farmaceutische Bedrijven Deelteam Klinisch Onderzoek

Toezicht op klinisch onderzoek bij STZ-ziekenhuizen. Farmaceutische Bedrijven Deelteam Klinisch Onderzoek Toezicht op klinisch onderzoek bij STZ-ziekenhuizen Farmaceutische Bedrijven Deelteam Klinisch Onderzoek Toezicht op klinisch onderzoek bij STZ-ziekenhuizen Bevindingen vanuit de praktijk Conclusies en

Nadere informatie

PATIËNTINFORMATIE STUDIE NAAR HET EFFECT VAN INTRA ARTERIËLE

PATIËNTINFORMATIE STUDIE NAAR HET EFFECT VAN INTRA ARTERIËLE PATIËNTINFORMATIE STUDIE NAAR HET EFFECT VAN INTRA ARTERIËLE BEHANDELING OP DE GEZONDHEIDSTOESTAND BIJ EEN HERSENINFARCT Geachte heer / mevrouw, Wij vragen u vriendelijk om mee te doen aan een medisch

Nadere informatie

Klinisch onderzoek bij kinderen en jongeren met kanker. wat is het en hoe werkt het?

Klinisch onderzoek bij kinderen en jongeren met kanker. wat is het en hoe werkt het? Klinisch onderzoek bij kinderen en jongeren met kanker wat is het en hoe werkt het? De behandeling van kinderen en jongeren met kanker vindt meestal plaats in combinatie met een klinisch onderzoek. We

Nadere informatie

website www.nvmetc.nl

website www.nvmetc.nl Verslag NVMETC secretarissenoverleg 19 juni 2014 1. Opening en vaststelling agenda Dhr. Davids geeft aan, dat een belangrijke reden van dit secretarissenoverleg is, dat we van elkaar horen wat er speelt

Nadere informatie

METIS Kwaliteitssysteem

METIS Kwaliteitssysteem METIS Kwaliteitssysteem voor de opleidingen tot Specialist Ouderengeneeskunde REFLECTIE Domein 2 Academisch niveau [plaats hier het instituutslogo] Metis Reflectiedocument domein 2 juni 2018 1 Domein 2

Nadere informatie

Advies onderzoeksfase Lef L up! Samenvatting

Advies onderzoeksfase Lef L up! Samenvatting Advies onderzoeksfase Lef L up! Samenvatting Achtergrond Aansluitend op de strategische doelstelling van Noorderlink 'Mobiliteit tussen Noorderlink organisaties bevorderen' gaan we de kracht van het netwerk

Nadere informatie

Samenvatting Beleidsplan Kwaliteit 2015-2017

Samenvatting Beleidsplan Kwaliteit 2015-2017 Samenvatting Beleidsplan Kwaliteit 2015-2017 Inleiding De Nederlandse Vereniging voor Urologie (NVU) heeft als doel kwaliteitsverbetering te bewerkstelligen bij iedere uroloog ten gunste van iedere patiënt.

Nadere informatie

SOP aanleveren en afhandelen WMO onderzoek METC Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, versie 1, juli

SOP aanleveren en afhandelen WMO onderzoek METC Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, versie 1, juli Aanmelden en afhandelen medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO-onderzoek) Medisch-ethische toetsingscommissie (METC) Onze Lieve Vrouwe Gasthuis Hieronder treft u aan de procedure van aanmelding

Nadere informatie

Standard Operating Procedure

Standard Operating Procedure Standard Operating Procedure STZ SOP: A2 Archiveren studie Distributielijst : STZ Datum : 03-06-2014 Revisiedatum : 03-06-2015 Veranderingen ten opzichte van eerdere versies Versiedatum Opmerkingen Versiedatum

Nadere informatie

Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9. Samenvatting

Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9. Samenvatting Chapter 9 Samenvatting CHAPTER 9 Samenvatting 155 Chapter 9 Samenvatting SAMENVATTING Richtlijnen en protocollen worden ontwikkeld om de variatie van professioneel handelen te reduceren, om kwaliteit van

Nadere informatie

Onderzoek naar de nazorg bij dikke darmkanker door de huisarts of de chirurg en het gebruik van een persoonlijke interactieve website (I CARE studie).

Onderzoek naar de nazorg bij dikke darmkanker door de huisarts of de chirurg en het gebruik van een persoonlijke interactieve website (I CARE studie). Onderzoek naar de nazorg bij dikke darmkanker door de huisarts of de chirurg en het gebruik van een persoonlijke interactieve website (I CARE studie). Verbetert de zorg na de behandeling van dikke darmkanker

Nadere informatie

Bijlage 2 bij het Convenant PSI Samenstelling en werkwijze toetsingscommissie

Bijlage 2 bij het Convenant PSI Samenstelling en werkwijze toetsingscommissie Bijlage 2 bij het Convenant PSI Samenstelling en werkwijze toetsingscommissie 1. Samenstelling toetsingscommissie De kerncommissie betstaat uit leden met ten minste de volgende specialismes 1 : Arts of

Nadere informatie

Chapter 11. Nederlandse samenvatting

Chapter 11. Nederlandse samenvatting Chapter 11 Nederlandse samenvatting Chapter 11 Reumatoïde artritis (RA) is een chronische aandoening die wordt gekenmerkt door ontstekingen van de gewrichten. Symptomen die optreden zijn onder andere pijn,

Nadere informatie

Workshop: Lokaal opleidingsplan

Workshop: Lokaal opleidingsplan Workshop: Lokaal opleidingsplan 9 oktober 2009 Dr. Paetrick M. Netten, internist opleider Prof. Dr. Rijk. O.B. Gans, internist opleider en voorzitter van de werkgroep modernisering CCMS Workshop: Lokaal

Nadere informatie

De rol van de AIOS in patiëntveiligheid en kwaliteit: verwonder & verbeter

De rol van de AIOS in patiëntveiligheid en kwaliteit: verwonder & verbeter Workshop LOIG 22-01-2015 De rol van de AIOS in patiëntveiligheid en kwaliteit: verwonder & verbeter O.l.v: Dr. C. Konings, opleider Catharina ziekenhuis Eindhoven J. Voogt, PhD-student Universitair Medisch

Nadere informatie