Monitoring en evaluatie vsv-beleid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Monitoring en evaluatie vsv-beleid 2012-2015"

Transcriptie

1 Monitoring en evaluatie vsv-beleid Bijlagen bij jaarrapport 2013

2 C04095/BA4046 Zoetermeer, 14 april 2014

3 Inhoudsopgave Bijlage 1 Beleidsreconstructie 5 Bijlage 2 Literatuur en analytisch kader 11 Bijlage 3 Rapportage enquête MBO 29 Bijlage 4 Rapportage enquête RMC en contactscholen 47 Bijlage 5 Verslag kwantitatieve analyse 61 3

4

5 Bijlage 1 Beleidsreconstructie In deze reconstructie van het vsv-beleid geven we inzicht in de probleemstellingen, de doelen en de ingezette middelen binnen het vsv-beleid. Daarbij kijken we naar de overwegingen en beweegredenen die ten grondslag liggen aan de vormgeving van dat beleid. Uitgangspunt voor het huidige onderzoek naar voortijdig schoolverlaten is het beleid en de afgesloten convenanten met de verschillende regio s/onderwijsinstellingen. De fundamentele keuze voor een regionale aanpak is echter ruim voor deze periode gemaakt. Waarom is voortijdig schoolverlaten een probleem? Voortijdig schoolverlaten is problematisch omdat het van invloed is op de mogelijkheden van individuen en de samenleving als geheel. Voortijdig schoolverlaten creëert hogere risico s op werkloosheid, het hebben van een onzekere en laagbetaalde banen, en de afhankelijkheid van bijstand, waardoor ook voor de samenleving economische en sociale kosten groter worden 1. Aan de andere kant wordt verwacht dat vermindering van het aantal nieuwe voortijdige schoolverlaters welvaartseffecten oplevert zoals een grotere werkzekerheid (verbeterde arbeidsperspectieven op langere termijn), een hogere arbeidsproductiviteit, een betere gezondheid, een vermindering van de criminaliteit, meer sociale participatie en integratie onder jongeren met een startkwalificatie. Daarnaast zal een vermindering van het aantal voortijdige schoolverlaters en een hogere arbeidsproductiviteit meer belastinginkomsten genereren terwijl het aantal uitkeringen juist afneemt. 2 Doelstellingen en beoogde effecten Binnen Europa staat het probleem van voortijdig schoolverlaten hoog op de agenda. Dit zou onder andere komen doordat sinds 1980 het percentage werklozen jongeren in de Europese Unie in vergelijking met het percentage werklozen onder de totale beroepsbevolking, twee keer zo hoog is. 3 Om voortijdig schoolverlaten aan te pakken zijn dan ook internationale doelstellingen opgesteld. Volgens de Lissabondoelstelling van 2002, moest het aantal jongeren van 18 tot 25 jaar zonder startkwalificatie in 2010 zijn gehalveerd. Ook binnen de Europa 2020 strategie wordt ingezet op het beter ondersteunen van jonge mensen om hen in staat te stellen hun talenten ten volle te ontwikkelen, zowel in het voordeel van henzelf als van economie, arbeidsmarkt en samenleving binnen de Europese Unie. Zo stelt de Europese commissie voortijdig schoolverlaten gelijk aan gemiste kansen voor jongeren en het verlies van sociaal en economisch potentieel 4. De Nederlandse regering wil voldoen aan internationale en nationale doelstellingen. Door de jaren heen zijn er, gebaseerd op internationale doelstellingen, verschillende nationale doelstellingen geformuleerd. In 2003 werd een nationale doelstelling geformuleerd afgeleid van de Europese doelstelling van het jaar daarvoor - om het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters te halveren tot in 2012, ten opzichte 1 Nesse (2010). Early school leaving. Lessons from research for policy makers. 2 Ecorys (2009). Maatschappelijke kosten baten analyse voortijdig schoolverlaten. 3 Walther & Pohl (2005). Thematic study on policy measures concerning disadventaged youth, Study commissioned by the European Commission, DG employment and social affairs in het framework of the community action programme to combat social exclusion , Tübingen: Institute for Regional Innovation and Social Research (IRIS). 4 Europese commissie (31 januari 2011). Communication from the commission tot the european parliament, the council, the european economic and social comittee and the committee of the regions. Tackling early school leaving: A key contribution to the Europe 2020 Agenda. 5

6 van het (geschatte) aantal van vsv ers in In 2010 is deze doelstelling verder aangescherpt tot maximaal nieuwe voortijdige schoolverlaters in Ingezette middelen in vsv In de loop der jaren zijn veel middelen ingezet om de beoogde doelstellingen te kunnen bereiken. De belangrijkste zijn het inrichten en uitbreiden van de RMC-functie, het uitbreiden van de leerplicht met een kwalificatieplicht tot 18 jaar, regionale convenanten en doelsubsidies voor onderwijsinstellingen. RMC - een regionale meld- en coördinatiefunctie Een eerste voorwaarde was het opzetten van een regionaal meld- en coördinatiefunctie waardoor zicht kwam op het aantal voortijdige schoolverlaters: de RMC-functie. Enkele redenen voor het in het leven roepen van deze functie en de keuze om dit regionaal te organiseren staan hieronder weergegeven: a) Uit onder andere advies van IOO (1998) 7 blijkt dat het ontbreken van een verplichte meldplicht vanuit scholen door de contactgemeenten als een gemis werd ervaren. b) Onderzoek van het SCO (1997) 8 constateert dat er een groot draagvlak is voor verdere uitbouw van de bestaande RMC-functie. c) Door de RMC-functie wordt een gescheiden structuur voor melding en registratie van wel en niet leerplichtige vsv-ers vermeden. d) De aanpak van de vsv-problematiek overstijgt de grenzen van individuele gemeenten. Niet alleen onderwijsinstellingen in het voortgezet, speciaal en middelbaar onderwijs hebben een regionale functie, maar dit geldt ook voor veel hulpverleningsorganisaties. Leerlingen gaan lang niet altijd in de eigen gemeente naar school. 9 e) Hoewel een school of onderwijsinstelling verantwoordelijk is voor het begeleiden van leerlingen naar een startkwalificatie kan de school het bestrijden van vsv niet alleen aan. Een voordeel van het werken in regio s is dat er een gezamenlijke inzet is van meer partijen en er zodoende maatwerk kan worden geboden in de bestrijding van vsv. f) Intergemeentelijke samenwerking is tevens van belang omdat structuren van betrokken organisaties onderling afwijken. Door dit te coördineren (vanuit één contactgemeente) ontstaat er afstemming tussen de inspanningen van de diverse betrokken instanties. g) Omdat niet iedere gemeente de mogelijkheid heeft om zelf adequaat de problemen van voortijdig schoolverlaten aan te pakken 10 biedt de RMC-functie het voordeel van één contactgemeente per regio. Om de bestaande regionale samenwerking te waarborgen werd de RMC-functie verankerd in de regelgeving. De wettelijke verankering schepte voorwaarden voor decentrale sturing en voor de verzekerde deelname van alle gemeenten in Nederland. Dit omdat onder andere regionale samenwerking en een adequaat regionaal systeem van bestrijding vsv noodzakelijk wordt geacht, evenals de deelname van alle gemeenten. Ook de financiële versterking werd vastgelegd in de wet. Het is hier de contactgemeente die de financiële middelen ter bestrijding van het vsv ontvangt, maar het geld dient ten goede te komen aan alle deelnemende gemeenten om te veel versnippering en verdamping van middelen te voorkomen. 5 Zie bv de kamerbrief van 28 april 2006 van de minister van OCW over Aanval op Uitval 6 Kamerbrief (12 februari 2013). Aanpak voortijdig schoolverlaten. 7 D.C. van Ingen & Z. Berdowski, (1998). Aanvullend advies RMC-functie. IOO. 8 Voncken e.a. (1997). De evaluatie van de regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten. 9 Tweede kamer. Memorie van toelichting. Vergaderjaar , nr Tweede kamer. Memorie van toelichting. Vergaderjaar , nr. 3 6

7 Convenanten Om concrete afspraken over het vsv-beleid tussen de regering en de afzonderlijke regio s te kunnen maken werden overeenkomsten gesloten: convenanten. Genoemde overwegingen voor het afsluiten van convenanten zijn onder andere: a) Omdat in de regio s veel partijen een rol spelen in de bestrijding van vsv voorkomt een convenant dat met elke instantie afzonderlijk afspraken moeten worden gemaakt. 11 b) Met ondertekening van een convenant verbinden de partijen zich aan prestatiegerichte afspraken en het verder tegengaan van schooluitval. 12 c) De convenanten leveren financiële prikkels aan de regio s die voldoen aan de prestatiegerichte afspraken. 13 d) De afspraken in de convenanten sluiten aan bij de nieuwe visie op governance van onderwijsinstellingen. 14 Hierbij gaat het om autonomievergroting, deregulering en het afleggen van verantwoording. In de convenanten wordt daarom ook vooral ingegaan op wat er moet gebeuren en niet op de manier waarop dit wordt bereikt. Het laatste is een zaak van de onderwijsinstelling zelf. e) Dat prestatieafspraken kunnen worden gemaakt op basis van no cure, no pay en in convenanten direct kan worden ingegaan op een menu met maatregelen die kunnen worden ingezet ten behoeve van de prestatieafspraken. Denk hierbij onder andere aan verdere ontwikkeling van de zorgstructuur, verbetering van de overgang vmbo-mbo, en het versterken van LOB. 15 Eerste convenantsronde In de zomer van 2006 is in de aanval op uitval gestart met het afsluiten van convenanten met gemeenten en scholen in 14 RMC-regio s met de hoogste uitval; de scholen en gemeenten moesten het aantal uitvallers in 2006 terugbrengen met 10%. 16 In deze eerste convenantsronde werd een financiële stimulans gegeven aan de vermindering van schooluitval. Voor iedere nieuwe voortijdig schoolverlater minder, ten opzichte van het referentiejaar , kreeg de regio 2000 Euro. Effecten eerste convenantsronde Uit onderzoek naar de eerste convantsronde onder stelt het CPB dat in tegenstelling tot het geluid dat klonk vanuit het ministerie van OCW, het convenvantenbeleid juist niet effectief heeft bijgedragen aan de bestrijding van het voortijdig schoolverlaten. 17 Hoewel de kans op voortijdig schoolverlaten in het schooljaar na het convenant was verminderd, werd eenzelfde vermindering waargenomen in regio s waar geen convenanten waren afgesloten i.e. geen financiële prikkels waren uitgereikt. Tweede convenantsronde Op basis van succesvolle convenanten in het schooljaar zijn in 2007 vervolgens met alle 39 regio s meerjarige resultaatafspraken gemaakt tussen voscholen, mbo-instellingen, gemeenten en het Rijk. Ook in deze convenanten stimuleert, volgens het CPB het convenant niet optimaal de vermindering van voortijdig schoolverlaten. Dit komt omdat: 1) het gekozen referentiejaar niet het jaar is dat voorafgaat aan het convenantsjaar, en 2) de financiële prikkel hangt af van het 11 Verslag algemeen overleg (oktober 2001) nr Kamerbrief (12 februari 2013). Aanpak voortijdig schoolverlaten. 13 CPB (december 2008). Did the 2006 convenant program reduce school dropout in the Neterlands? (M. van der Steeg, R. van Elk, & E. Webbink) 14 Ministerie OCW (28 april 2006). Aanval op uitval. Perspectief en actie. 15 Brief aanval op de schooluitval: een kwestie van uitvoeren en doorzetten (november 2007) nr Tweede kamer (30 november 2007) nr CPB (december 2008, p.4). Did the 2006 convenant program reduce school dropout in the Netherlands? (M. van der Steeg, R. van Elk, & E. Webbink) 7

8 aantal voortijdige schoolverlaters in plaats van de kans op uitval. Hierdoor kan het zijn dat ondanks dat scholen niet beter zijn geworden in het tegengaan van uitval, zij wel beloond worden, bijvoorbeeld doordat de populatie op/in de school/regio anders is geworden. Verschillen en opzichte van de eerste ronde: a) De financiële prikkel komt ten goede aan de onderwijsinstelling in plaats van aan de regio b) De focus is gelegen in de preventieve aanpak van voortijdig schoolverlaten c) Een meer betrouwbare dataset om resultaten mee te bepalen d) Vmbo scholen participeren ook in de nieuwe convenanten e) De convenanten gelden vier jaar in plaats van één. Effecten tweede convenantsronde De effecten van de tweede convenantsronde zijn niet anders in kaart gebracht dan via de algemene rapportages over de ontwikkeling van het aantal nieuwe vsv-ers. (financiële) Prikkels Voor een regionale aanpak van voortijdige schooluitval wordt subsidie verstrekt aan de RMC-regio s. Deze subsidie bestaat uit twee delen: a) enerzijds subsidie voor het aantal ingeschreven leerlingen/deelnemers aan een vo- of mbo-instelling die tevens woonachtig zijn in armoedeprobleemcumulatiegebieden in de RMC-regio s en b) subsidie voor het aantal ingeschreven leerlingen aan een vo- of mbo-instelling die woonachtig zijn in de RMC-regio s. Er zijn dan ook middelen voor de brede vsv-aanpak op RMC-regio niveau én er zijn middelen beschikbaar voor plusvoorzieningen voor overbelaste jongeren (die wel de cognitieve kwaliteiten hebben, maar door psychische of gedragsproblemen, problemen in de thuissituatie, schulden, etc. een groot risico lopen op uitval). 18 Zowel voor het v(mb)o als het mbo zijn er echter aanvullende vergoedingen op de bekostiging in het leven geroepen met als doel de individuele scholen te prikkelen in het verder verminderen van het aantal voortijdig schoolverlaters of het in stand houden van een laag percentage voortijdig schoolverlaters. Dit is met name belangrijk omdat er een verscherpte doelstelling is binnen het vsv-beleid: in 2016 mag het aantal nieuwe vsv-ers maximaal zijn. Prestatiesubsidie VO In het vo is er de prestatiesubsidie. Deze is bedoeld voor het versterken van schoolinterne processen gericht op vermindering van voortijdig schoolverlaten, zoals verzuimbeleid, loopbaanbegeleiding, ouderbetrokkenheid, etc. 19 De prestatiesubsidie bestaat uit a) een vaste component: een vast bedrag afhankelijk van het aantal ingeschreven bekostigde leerlingen tot 22 jaar, en b) een prestatieafhankelijke component: een variabel bedrag dat wordt uitgekeerd als is voldaan aan één of meer van de procentuele normen. Zowel het vaste als het variabele bedrag wordt per schooljaar berekend en is afhankelijk van het aantal leerlingen op vaststaande peilmomenten. Het variabele bedrag wordt voor de onderbouw en bovenbouw apart berekend. Het doel van de prestatiesubsidie (subsidie en ook de aanvullende middelen) heeft als doel het realiseren van de geplande landelijke vermindering van het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters tot maximaal in het kalenderjaar Een voorwaarde voor de verstrekking van aanvullende middelen aan het bevoegd gezag is dat er tenminste één convenant is getekend voor die school. 18 Staatscourant nr 5841, 27 maart 2012 (Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten en prestatiesubsidie voor het voortgezet onderwijs) 19 Staatscourant nr 5841, 27 maart 2012 (Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten en prestatiesubsidie voor het voortgezet onderwijs) 8

9 Prestatiebox mbo Voor het mbo is de regeling prestatiebox mbo in het leven geroepen. Een nieuw bekostigingsinstrument om mbo-instellingen een financiële stimulans te bieden voor het realiseren van bijzondere beleidsdoelstellingen. 20 Daarbij zou de prestatiebox: a) Naar verwachting een efficiënte besteding van middelen bevorderen, aangezien mboinstellingen al naar gelang de door hen geleverde prestaties een bijdrage kunnen ontvangen. b) Bestaande subsidieregelingen bundelen, waardoor sprake is van een meer transparante, eenvoudige, en minder belastende bekostiging. Ook de aanvullende vergoeding in deze regeling betreft een vaste en een variabele component, waarbij deze laatste afhangt van de mate waarin de prestaties voldoen aan door het ministerie vastgelegde normen per beleidsdoelstelling. Dat de vaste component in vergelijking met de variabele component relatief laag is, zou een maximale prikkel zijn voor mbo-instellingen om het aantal vsv-ers op hun instelling te verminderen. Om in aanmerking te komen voor de aanvullende vergoeding dient, net als in het vo, het bevoegd gezag wel minimaal één convenant te hebben ondertekend. En, een verkregen prestatiesubsidie dient te worden verantwoord in de jaarverslaggeving van de onderwijsinstelling. Voorlopige effecten van het vsv-beleid Uit de cijfermatige bijlage van de jaarlijkse vsv-brief 21 blijkt concreet dat: a. Een startkwalificatie een sterkere positie op de arbeidsmarkt betekent; b. Het aantal werkloze jongeren zonder startkwalificatie bijna twee keer zo hoog is als het aantal werkloze jongeren met startkwalificatie; c. Voortijdig schoolverlaters relatief meer zijn verdacht van een misdrijf dan niet vsv-ers; Het SCP stelt ook dat de beleidsinzet van diverse maatregelen (i.e. verlenging leerplicht tot 18 jaar voor jongeren zonder startkwalificatie, versterking van de zorg voor leerlingen met problemen, verbetering van de studiekeuze en loopbaanbegeleiding, betere registratie van schoolverzuim en experimenten met opleidingen waarin het vmbo en mbo tot en met niveau 2 in één opleiding worden aangeboden 22 ) effect lijkt te hebben omdat er de afgelopen jaren een aanzienlijke vermindering van het aantal voortijdige schoolverlaters is geconstateerd. In een recente brief 23 aan de kamer heeft de staatssecretaris nieuwe maatregelen aangekondigd: 1. Sluitende systemen voor registratie van zowel verzuim, relatief verzuim, als thuiszitters, te realiseren in Een bestuurlijke boete geven aan scholen die niet (tijdig) ongeoorloofd verzuim melden. 3. Beter sturen op de aanpak van het verzuim door gemeenten en scholen benchmarks te laten ontwikkelen. 4. Extra inzet om thuiszitten tegen te gaan. 20 Staatscourant nr 5808, 26 maart 2012 (Regeling prestatiebox mbo) 21 Bijlage VSV-brief SCP (januari 2012, p. 76). Waar voor ons belastinggeld? 23 Kamerbrief (21 maart 2013). Voortgang aanpak schoolverzuim. 9

10

11 Bijlage 2 Literatuur en analytisch kader Deze literatuurstudie dient om aanvullend aan het empirische onderzoek beschikbare informatie te vinden over effectieve interventies in het tegengaan van voortijdig schoolverlaten. In de literatuurstudie zijn de volgende vragen leidend: wat zijn, zowel nationaal als internationaal, voorbeelden van succesvolle maatregelen om voortijdig schoolverlaten terug te dringen? hoe heeft in deze succesvolle voorbeelden de toegepaste interventie gewerkt wat is de verklaring voor de gevonden effecten voor welke doelgroep werkt de interventie en waarom welke contextuele factoren ondersteunen of verhinderen potentiële uitkomsten, en wat zijn de randvoorwaarden voor de interventie om succesvol te zijn Het doel van deze verkenning is om door beantwoording van de bovenstaande vragen bij te dragen aan het analysekader waarmee het bestaande vsv-beleid in Nederlandse regio s kan worden geanalyseerd. Literatuur In het presenteren van de resultaten van de literatuurstudie zijn wij uitgegaan van de zogenaamde CMO-configuratie (i.e. context, mechanisme en outcome) van Pawson en Tilley 24. In Figuur B2.1 hebben wij dit model uitgewerkt en verder uitgebreid. Figuur B2.1. Leidraad voor de aanvullende literatuurstudie op basis van het CMO -model. Wat is het doel van de interventie Doel Interventie Welke interventie wordt toegepast en waarom? Type interventie Maatregelen Hoe komen uitkomsten tot stand? Werkzame mechanismen Effectief in bepaalde contexten Mechanisme Uitkomsten Effecten: Gevonden effecten Verwachte effecten Onbedoelde effecten Context Omgevingsfactoren, institutionele factoren, en kenmerken betrokken actoren. Internationale good practices: interventies, mechanismen en uitkomsten Het model in Figuur 1 gebruiken wij om enkele good practices van vsv-beleid weer te geven en te analyseren 25. Deze good practices komen in meer en soms in veel mindere mate overeen met de initiatieven die in Nederland worden ingezet binnen het 24 Zie onder andere Pawson, R., & Tilley, N. (1997). Realistic evaluation. London: Sage. Of Pawson, R., & Tilley, N. (1994). What works in evaluation research? British Journal of Criminology, 34 (4), pp De criteria voor good practices verschillen per studie, en zijn niet altijd op basis van outcome-evaluaties vastgesteld. 11

12 vsv-beleid. Deze laatste categorie biedt mogelijk interessante alternatieven voor het Nederlandse vsv-beleid. In tabel B2.1 zijn de diverse voorbeelden van good practices weergegeven. Tabel B2.1. Good practices Naam programma Doel Methode/ Mechanismen Uitkomsten/ en locatie Interventie Effecten ALAS: Achievement Voortijdig Een 3-jarig Specifieke Geen interventie, dan 2x for Latinos through schoolverlaten interventieprogramm vaardigheden zo vaak gezakt voor Academic Success verminderen onder a naast het reguliere leerlingen vakken, 4x meer kans (Amerika) 26 risicoleerlingen op schoolprogramma ontwikkelen. op buitensporig veel een arme, dat inzet op het verzuim, en 2x zoveel overwegend Latino versterken van Schoolse kans om achter te lopen school. relaties en betrokkenheid in credits op het behalen samenwerking ouders en leerlingen. van hun diploma. 27 tussen school, familie en de Informatieoverdracht samenleving. vanuit de school. Ontwikkelen van probleem oplossende vaardigheden in sociale interactie; Erkenning van prestaties; Monitoren aanwezigheid; Feedback van docenten aan ouders en leerlingen; Ondersteuning en begeleiding voor ouders; Integratie van behoeften (school en gezin) met instanties in de gemeenschap. 26 Lamb, S., Walstab, A., Teese, R., Vickers, M., & Rumberger, R. (2004). Staying on at school: Improving student retention in Australia. Centre for Post-compulsory Education and Lifelong Learning, The University of Melbourne. 27 Gándara, P., Larson, K., Mehan, H., & Rumberger, R. (1998). Capturing Latino students in het academic pipeline. A publication of the Chicano/Latino Policy Project. Berkeley, California. 12

13 Naam programma Doel Methode/ Mechanismen Uitkomsten/ en locatie Interventie Effecten IHAD: I have a Het voorkomen Een intensieve, Vertrouwensband I.v.m. niet-deelnemers dream van voortijdig langdurige tussen leerling en slaagden 2x zoveel (Chicago; schoolverlaten interventie waarbij een deelnemers aan het Amerika) 28 een rijke sponsor getrainde/toegewijde programma voor hun een hele klas of een volwassene. diploma. heel leerjaar Intensieve Deelnemers leren het financiële, begeleiding en een geboden netwerk academische en hulpbron waar de gebruiken en krijgen sociale leerlingen gebruik soms via deze weg een ondersteuning biedt. van kunnen maken. baan. Het opbouwen van een vertrouwensband met de leerlingen. Project RAISE Voorkomen van Intensieve (1-op-1) Het aanbieden van De deelnemers zijn (Baltimore voortijdig begeleiding op hulpbronnen; contact vaker op school Maryland; schoolverlaten school door een met voorzieningen aanwezig en halen Amerika) 29 onder mentor van buiten en als voorvechter betere rapportcijfers. risicojongeren. de school. opkomen voor de Instrumentele, wensen en behoeften materiële en van de leerling. emotionele Het opbouwen van ondersteuning, een financieel mogelijk vertrouwensband. gemaakt door een Leerlingen hebben sponsor voor een een rolmodel die grotere groep gedrag positief zou leerlingen. moeten bekrachtigen. Total counseling Terugleiden van Individuele Een omgeving In 6 maanden zijn ruim programma voortijdig ondersteuning in de creëren waarin de 920 deelnemers bereikt. (Slovenië) 30 schoolverlaters vorm van deelnemer wordt Er zijn ruim 143 tussen de 16 en 25 counselling, en bekrachtigd organisaties aangesloten jaar naar school of professionele en ( empowerment ), bij het netwerk. werk. onderwijsgerichte doordat hij inzicht begeleiding. krijgt in Database mogelijkheden, de ontwikkelen over eigen wensen en voortijdig behoeften en de schoolverlaters. juiste beslissingen Opzetten van een neemt. regionaal netwerk van instellingen en Een netwerk van welzijnsorganisaties. hulpbronnen creëren. 28 Kahne, J., & Bailey, K. (1999). The role of social capital in youth development: The case of I have a dream programs. Educational Evaluation and Policy Analysis, 21, pp McPartland, J.M., & Nettles, S.M. (1991). Using community adults as advocates or mentors for att-risk middle school students: a two year evaluation of project RAISE. American Journal of Education, 99, pp Alleen online in te lezen via J-Stor. 30 Walther & Pohl (2005). Thematic study on policy measures concerning disadvantaged youth, Study commissioned by the European Commission, DG employment and social affairs in het framework of the 13

14 Naam programma Doel Methode/ Mechanismen Uitkomsten/ en locatie Interventie Effecten Youth Participation Het voorkomen Het bieden van Ouderbetrokkenheid - Project van schoolverlaten ondersteuning, het bij school en (Finland) 31 onder jongeren in monitoren van de verantwoordelijkheid de laatste fase van voortgang, voor o.a. het verplichte taaltraining voor aanwezigheid op onderwijs en het immigranten school stimuleren. terugleiden van jongeren, de voortijdig samenwerking Jongeren meer schoolverlaters die tussen school en invloed geven over moeilijk toegang familie, en school en hun leef vinden naar organisaties omstandigheden. onderwijs en verbeteren. arbeid. Meer jongerenparticipatie op gang brengen. Een netwerk van hulpbronnen en instanties tot stand brengen. Coachings Verminderen van (Experimentele) Hulpbron bieden en Eén jaar coaching programma schooluitval onder intensieve coaching vertrouwensband reduceert voortijdig (Nederland) jarigen. door 2 coaches per creëren. schoolverlaten met 40 klas: procent. Ze blijven Toegespitst op de Zelfvertrouwen en vaker bij hun eerste specifieke zelfredzaamheid studie en blijven vaker behoeften/ stimuleren onder de binnen het onderwijs na problematiek van de deelnemers. uitval uit hun studie. deelnemer; Na twee jaar coaching Huisbezoeken; Ouderbetrokkenheid was het effect slechts Monitoring tijdens stimuleren. iets groter. lessen, stages; Effecten zijn het grootst Ondersteuning bij onder leerlingen die een organisatie en hoog risico lopen op plannen leren. schooluitval: jongens, leerlingen die niet bij beide ouders wonen, leerlingen die ouder zijn dan de wettelijke schoolleeftijd en leerlingen die laat hun studierichting kiezen. community action programme to combat social exclusion , Tübingen: Institute for Regional Innovation and Social Research (IRIS). 31 Walther & Pohl (2005). Thematic study on policy measures concerning disadvantaged youth, Study commissioned by the European Commission, DG employment and social affairs in het framework of the community action programme to combat social exlusion , Tübingen: Institute for Regional Innovation and Social Research (IRIS). 32 Van der Steeg, M. et al. (2012). Does intensive coaching reduce school dropout? Evidence from a randomized experiment. CPB. 14

15 Naam programma Doel Methode/ Mechanismen Uitkomsten/ en locatie Interventie Effecten Educational Het verminderen Het bieden van Leerlingen worden Er zijn geen effecten maintenance van uitval uit het financiële financiële zorgen bekend op Allowance scheme 33 post-verplichte ondersteuning na het ontnomen waardoor prestatieniveau van (Engeland) onderwijs onder tekenen van een zij zich kunnen jongeren. Wel heeft het jongeren (16-19 Learning Agreement richten op hun studie programma een positief jaar) uit families Wekelijkse en ook nog worden effect op de met lage betalingen en bonus beloond voor hun punctualiteit en inkomsten. betalingen inzet. aanwezigheid van afhankelijk van jongeren in de les. aanwezigheid en Ouders worden zo Jongeren blijven minder prestaties op school; mogelijk ook door vaak zitten, werken Een betaling aan het deze incentive geconcentreerder en einde van de les gestimuleerd tot leveren hun werk op tijd afhankelijk van ondersteuning van in. prestatie. hun kind. Youth Allowance 34 Verminderen van Het bieden van Stimulans van Jongeren die over het (Australië) voortijdig inkomen inkomen algemeen minder vaak schoolverlaten ondersteuning ondersteuning deelnemen aan onder motiveert de jongere opleidingen hebben een jarigen die een om binnen het beter toegang tot het voltijds opleiding onderwijs te blijven verplichte onderwijs. of training volgen, of na uitval terug te Jongeren onder de 18 komend uit keren naar het jaar keren na gezinnen met een onderwijs. schooluitval terug lage sociaal- binnen het onderwijs. economische Jongeren met een lage status, en bij wie sociaal economische de vaardigheden achtergrond ronden ontbreken om een vaker hun scholing af. fulltime baan te vinden. Chicago Child- voortijdig voor- en Ouderbetrokkenheid Vaker afmaken Parent Center schoolverlaten vroegschoolse bij de school en het schoolopleiding, lagere Initiative 35 verminderen interventie (max 6 leren van de aantallen (Amerika) jaar) kinderen stimuleren jeugdcriminaliteit, en Inzetten op: wat zorgt voor het risico op vsv is Schoolgereedheid transmissie van gedaald van 29% naar kinderen; lange termijn 22%. Training, opleiding effecten. en ondersteuning ouders in de school; Leerlingen worden Huisbezoeken. ingeschreven voor scholing. Aandacht voor de ontwikkeling van taal tijdens activiteiten. 33 Knight, T., & White, C. (2003). The reflections of early leavers and second year participants on the education maintenance allowance scheme. A qualitative study. National Centre for Social Research. 34 Lamb, S., Walstab, A., Teese, R., Vickers, M., & Rumberger, R. (2004). Staying on at school: Improving student retention in Australia. Centre for Post-compulsory Education and Lifelong Learning, The University of Melbourne. 15

16 Type interventies Een belangrijk kenmerk van een groot aantal van de bovenstaande interventies blijkt de intensieve begeleiding van de deelnemers te zijn, omdat op deze manier snel positieve effecten onder jongeren werden bereikt 36. Condities waar deze intensieve begeleiding vervolgens aan moet voldoen zijn: a) Een langere looptijd van de interventie, zodat de begeleiding niet na enkele jaren stopt en effecten snel wegebben 37 ; (NB: Dit verschilt bv met een bevinding van het CPB, dat coaching van meer dan een jaar niet kosteneffectief is). b) De creatie van een sterke band tussen coördinator/begeleider/coach en de deelnemer, waarbij rekening wordt gehouden met het: a) zelf bekrachtigen van leerlingen zodat zij de geboden hulpbronnen gaan gebruiken en niet té afhankelijk worden van de coördinator en zijn/haar sociale netwerk, en b) voorkomen van wisselingen in begeleiders 38 ; c) Inzetten op condities om een goede 1-op-1 relatie tussen coördinator en deelnemer tot stand te brengen en in het programma te implementeren 39. Andere belangrijke randvoorwaarden voor of kenmerken van de good practices zijn: a) Het stimuleren van meerdere mechanismen en factoren binnen een interventie, waardoor niet alleen veranderingen op gebied van de leerling tot stand komen, maar er ook veranderingen plaats vinden binnen scholen, in de samenleving of binnen families 40 ; b) Het stimuleren van ouderbetrokkenheid bij zowel de school als bij het leren van hun kind of gedragsproblemen d.m.v. huisbezoeken, regelmatig contact, inlichtingen en feedback geven aan ouders, het opbouwen van een band tussen ouder en school, etc.; 41 c) Het opbouwen van netwerken/regionale samenwerkingsverbanden met allerlei instellingen en organisaties; 42 d) Monitoren van de deelnemers op aanwezigheid, voortgang, behoeften e.d.; 43 e) De interventie laten aansluiten bij de specifieke behoeften van de doelgroep 44. Lessen voor de Nederlandse aanpak? In Nederland wordt bij de aanpak van het voortijdig schoolverlaten geen gebruik gemaakt van financiële incentives aan leerlingen uit arme gezinnen om hen te stimuleren (terug naar school te gaan en) hun opleiding af te maken. Dat dit wel positieve effecten kan hebben op het aantal schoolverlaters wordt aangetoond door de EMA en het Youth Allowance programma. Hier zijn echter ook enkele kanttekeningen bij te plaatsen. Zo bleek dat het EMA-programma, naast de positieve invloed die het programma heeft op bepaalde gedragingen van jongeren, geen effecten te laten zien op o.a. het curriculum van de school (i.e. het aanbieden van motiverende praktijklessen), de kwaliteit en doceerstijl van leerkrachten, de relevantie van een vak/cursus voor de loopbaanaspiraties van de jongere, goede informatie over een vak/cursus voor aanvang waardoor verwachtingen en inhoud niet botsen, ontevredenheid over de behandeling door docenten, en gevoelens van isolement bij de 35 Nesse (2010). Early school leaving. Lessons from research for policy makers. 36 Zie project RAISE. 37 Zie o.a. het ALAS en het I have a dream programma. 38 Zie het I have a dream, het Youth Participation en het Coachings programma. 39 Zie project RAISE. 40 Zie o.a. het I have a dream programma, het EMA en het Youth Allowance programma. 41 Zie o.a. het Youth Participation Project, het Coachings programma, ALAS, en het Chicago Child-Parent Center Initiative. 42 Zie o.a. het Total Counselling en het Youth Participation programma. 43 Zie o.a. ALAS, het Youth Participation en het Coachings programma. 44 Zie het Coachings programma. 16

17 student. In een complexe context als een onderwijsinstelling spelen deze factoren echter wel een rol bij het voortijdig schoolverlaten van een leerling. Het EMA - programma heeft door de heel gerichte inzet van middelen een beperkte reikwijdte. Een soortgelijke opmerking wordt geplaatst bij het Youth Allowance programma. Hier wordt gesteld dat inkomensondersteuning an sich niet voldoende is om, onder de leerlingen die het meest onwillig zijn hun studie af te maken, deelname aan een opleiding of training te vergroten. Hier spelen factoren als de kwaliteit, relevantie en beschikbaarheid van cursussen en programma mee, evenals kenmerken van de jongere zelf (o.a. motivatie, eerdere leerprestaties, ervaringen en perceptie van onderwijs). Ook voor- en vroegschoolse initiatieven om voortijdig schoolverlaten preventief te bestrijden worden in het Nederlandse vsv-beleid niet toegepast. Nederland zet wel in op voor- en vroegschoolse educatie (vve) en de effecten van deze maatregelen beogen indirect ten goede te komen aan vermindering van het aantal vsv-ers 45, maar de gelden die worden ingezet voor vsv worden voor zover bekend niet toegepast voor de bekostiging van vve-initiatieven. Het vsv-beleid in Nederland richt zich met name op het vmbo, het mbo en de overgang van vmbo naar mbo. Daarnaast is afgelopen jaar ook specifiek aandacht gevraagd voor de uitval in de bovenbouw van havo en vwo. Het Chicago Child-Parent Center Initiative laat zien dat een tijdige inzet van middelen ter verbetering van de ouderbetrokkenheid bij de school en het leren van hun kind zeker verschil kan maken, evenals een lange doorlooptijd van de interventie. Naast het Coachings programma zijn er in Nederland weinig voorbeelden van echte effectevaluaties van vsv-beleid. Dit, omdat aanpakken van vsv vaak op kleine schaal en locatie specifiek worden toegepast. Daarnaast brengen effectevaluaties in experimentele vorm vaak zware eisen en hoge kosten met zich mee. Het CPB heeft recent wel de Wijkschool in een quasi-experimentele setting geëvalueerd. De wijkschool is strikt genomen er niet op gericht om vsv tegen te gaan. De wijksc holen bieden een intensief programma voor jongeren met problemen op meerdere leefgebieden, met als doel hen te begeleiden naar het reguliere onderwijs of naar werk. Nationale interventies: werkzame bestanddelen Ter aanvulling en bestendiging van de hierboven gevonden randvoorwaarden volgt hieronder een inventarisatie toegespitst op werkende bestanddelen in enkele aanpakken van het vsv-beleid in Nederland waarvoor een vorm van evaluatieonderzoek beschikbaar is. Tevens kijken wij nog naar enkele randvoorwaarden die worden genoemd in literatuur/onderzoek. 45 Voor- en vroegschoolse educatie in Nederland wordt o.a. ingezet voor het wegwerken van taalachterstanden onder leerlingen met een allochtone achtergrond. Aangezien een taalachterstand een van de redenen is voor mindere prestaties op school en hierdoor vsv in de hand kan werken, zal voor- en vroegschoolse educatie indirect effect kunnen hebben op het aantal vsv-ers in Nederland. 17

18 Aanpak Werkzame bestanddelen Plusvoorzieningen Structuur en duidelijkheid in Nederland 46 Extra aandacht voor jongeren Beschikbaarheid gespecialiseerde expertise Begeleiding op maat Focus op onderwijs Plusvoorzieningen Individuele aandacht in Rijnmond 47 Rust en continuïteit in het onderwijsleerproces Goede samenwerking met externen Laagdrempeligheid (bij de interne voorzieningen) De Werkschool 48 Vroegtijdige signalering Begeleiding op maat Regionale samenwerking Werkgeversnetwerk De Nieuwe Kans 49 Intensieve geïntegreerde 12-uurs aanpak Bieden van concrete, nuttige arbeid, gerelateerde werkzaamheden Integrale aanpak samenwerking partijen Begeleiding op maat Betrekken van sociale omgeving Kleinschaligheid Werkzame bestanddelen uit de literatuur/onderzoek NJI Werkzame bestanddelen van effectieve interventies zijn: Aandacht voor zowel cognitieve vaardigheden als gedrag Ouderbetrokkenheid Preventieve interventies Niet alleen inzetten op veranderingen in de organisatie van de school, maar ook het klassenmanagement Inzetten op het aanleren van zelfcontrole en sociale competenties (i.e. cognitieve gedragstherapie) Positief belonen Goed gestructureerde en continue begeleiding Reboundvoorzieningen (i.e. gedragsverandering, wegwerken leerachterstanden, grote gezinscomponent) 51 Rumberger Common features among effective alternative school programs: A non-threatening environment for learning A caring and committed staff who accepted a personal reasonability for student success A school culture that encouraged staff risk-taking, self-governance, and professional collegiality A school structure that provided for a low student-teacher ratio and a small size to promote student engagement 46 ResearchNed o.a. Muskens, M. (mei 2012). Evaluatie Plusvoorzieningen. Eindrapport. 47 Research voor Beleid (april 2011). Overbelaste jongeren en voorzieningen in Rotterdam Rijnmond, een onderzoek in opdracht van de stadsregionale commissie Jeugdzorg en het Rotterdams Offensief. Zoetermeer, april Research voor Beleid (lopend) evaluatie Werkschool en BORIS 49 Bieleman, B., & Boendermaker, M. (januari 2011). Onderzoek pilotprojecten campussen. Totaalrapport benchmarkts. Intraval, Groningen-Rotterdam. 50 Nederlands Jeugd Instituut, Holter, N., & Bruinsma, W. (augustus 2010). Wat werkt bij het voorkomen van voortijdig schoolverlaten? 51 Het resultaat van Reboundvoorzieningen is dat 62% van de deelnemers weer instroomt binnen het reguliere onderwijs. 52 Rumberger, R.W. (2001). Why students drop out of school and what can be done. Paper prepared for the conference: Dropouts in America: How severe is the problem? What do we know about intervention and prevention, January 13, 2001, Harvard University. 18

19 Aanpak Elffers Werkzame bestanddelen Factoren die studiesucces vergroten en daarmee samenhangend de kans op vsv verkleinen: Ouderbetrokkenheid bij de school (en hun kind) stimuleren en aldus de toegang tot hulpbronnen vergemakkelijken Betekenisvol onderwijs (studie gerelateerd aan de beroepspraktijk) stimuleert emotionele betrokkenheid onder leerlingen (i.e. je thuis voelen op school, waarde hechten aan je opleiding, onderwijs belangrijk vinden). Monitoren emotionele betrokkenheid d.m.v. persoonlijke gesprekken. In de onderwijscontext goed inspelen op de behoeften van leerlingen (i.e. als leerlingen ervaren dat zij te vaak zelfstandig moeten werken vermindert hun betrokkenheid bij school) Uit bovenstaande komt naar voren dat ook hier drie belangrijke randvoorwaarden zijn: a) individuele aandacht en begeleiding op maat, b) een goede en integrale (regionale) samenwerking, en c) het betrekken van de sociale omgeving. Daarnaast worden enkele nieuwe randvoorwaarden genoemd: d) Het in beeld brengen van risicojongeren, vroegtijdige signalering; e) Samenwerking binnen de school en tussen scholen (o.a. in het geval van Plusvoorzieningen); f) Snelle toeleiding bij uitval en laagdrempeligheid van voorzieningen; g) Het creëren van rust en continuïteit in het onderwijsleerproces; h) Het bieden van concrete en nuttige werkzaamheden (i.e. betekenisvol onderwijs). In literatuur naar voortijdig schoolverlaten en werkzame mechanismen binnen effectieve interventies worden de hierboven genoemde randvoorwaarden ook onderschreven. Daarnaast wordt in de literatuur ingegaan op (contextuele) kenmerken welke binnen de leeromgeving en thuisomgeving van belang zijn. Contextfactoren Voortijdig schoolverlaten heeft zowel individuele als institutionele oorzaken. Zo zou voortijdig schoolverlaten volgens onderzoeksnetwerk NESSE 54 voortkomen uit de interactie tussen gezin en sociale achtergrond, en processen en ervaringen op school. Wat betreft de gezinssituatie stelt dit onderzoek dat jongeren uit gezinnen met bepaalde eigenschappen of problematiek (i.e. werkloosheid, tienermoeders, fysieke of mentale beperking, speciale onderwijsbehoeften, en een migranten of minderheidsachtergrond) vaker voortijdig de school verlaten. In gebieden waarin een hoge concentratie is van gezinnen met bepaalde kenmerken als werkloosheid, migranten of minderheidsgroepen en lage onderwijsniveaus kan dit resulteren in een verhoogd risico op voortijdig schoolverlaten. 55 In Nederland is dit onder andere terug te zien in de vier grote steden, waar in sommige wijken een hoge concentratie van niet-westerse allochtonen aanwezig is. Volgens het ministerie OCW ligt in armoedeprobleem-cumulatiegebieden (apc s), waar mensen met lage inkomens, nietwesterse allochtonen en uitkeringsontvangers een aanzienlijk deel van de bevolking vormen, het percentage vsv- ers ruim twee keer zo hoog als in andere gebieden. 53 Elffers, L. (2011). The transition to post-secondary vocational education. Students entrance, experiences and attainment. UVA. Academisch proefschrift. 54 Nesse (2010). Early school leaving. Lessons from research for policy makers. 55 European Group of Research on Equity of the Educational Systems (EGREES) (2005). Equity of the European educational systems. A set of indicators. Liège: Department of theoretical and experimental education, University of Liège. 19

20 Belangrijk: de genoemde kenmerken veroorzaken vsv niet per definitie, maar vergroten wel het risico op vsv. De student en zijn familiekenmerken verklaren de meeste variatie in studentresultaten. Uit onderzoeken in de Verenigde Staten komt gemiddeld dat 20% van de variatie wordt verklaard door de kenmerken van de school en 5% door variaties in regionaal beleid dat doorwerkt op de scholen en in de context waarbinnen het onderwijssysteem functioneert (Rumberger and Lim). Er is ook Nederlands onderzoek van het CBS dat op basis van individuele leerlingkenmerken (en het gevolgde opleidingsniveau) bijna 100% van de variantie van het percentage vsv tussen verschillende scholen (ROC s) lijkt te verklaren (CBS/ Pijpers, 2010). Daarnaast heeft de WRR erop gewezen dat schooluitval niet zozeer te zien is als een gebeurtenis, maar als een proces, waarbij veel verschillende verklarende factoren op elkaar inwerken en bij elkaar optellen. De context waarin interventies plaatsvinden is dus van belang. Een beschrijving of analyse van de context geeft inzicht in kenmerken van condities (waarin programma s zijn geïntroduceerd) die relevant zijn voor de werking van mechanismen die het risico op vsv kunnen doen verkleinen. 56 Hieronder wordt kort ingegaan op de verschillende contextuele kenmerken. Leeromgeving Interventies zouden niet alleen betrekking moeten hebben op de school organisatie, maar tegelijkertijd ook op inhoud en opzet van het curriculum en het klassenmanagement (i.e., regels, verwachtingen en normen voor gewenst gedrag, een aansluitend systeem van positief belonen, het trainen van docenten in effectieve instructiemethoden en bijvoorbeeld het samenwerkend leren in kleine groepjes) 57. In het kader hiervan benadrukt Elffers (2011) het belang van betekenisvol onderwijs, waarbij de leerlingen kennis en vaardigheden aanleren die relevant zijn voor en gerelateerd zijn aan de (toekomstige) beroepspraktijk. Hierdoor wordt schoolse betrokkenheid gestimuleerd en blijkt betekenisvol onderwijs voorwaarde voor studiesucces en het verminderen van vsv. Daarnaast deed zij in haar onderzoek de interessante waarneming met betrekking tot zelfstandig werken binnen het mbo: mboleerlingen die vinden dat zij te vaak zelfstandig moeten werken, geven aan minder betrokken te zijn bij school. De invulling van het curriculum speelt daarom ook een rol binnen de mechanismen die voortijdig schoolverlaten meer of minder in de hand werken; o.a. schoolse betrokkenheid. Een randvoorwaarde hierbij is dan ook om binnen het curriculum rekening te houden met de behoeften en wensen van de leerlingen. Daarnaast benadrukt Rumberger (2001) het belang van een veilige leeromgeving met een onderwijsteam dat zich persoonlijk verantwoordelijk voelt voor het succes van de leerlingen, en een schoolstructuur die de betrokkenheid van studenten stimuleert door relatief veel docenten te hebben op het aantal leerlingen. Het NJI (2010), wijst ook op het belang van ondersteuning en ontwikkeling van academische vaardigheden. Door de complexiteit van de onderwijscontext is het van belang dat interventies inspelen op meerdere contextuele factoren en verschillende werkzame mechanismen. 56 Zie onder andere Pawson, R., & Tilley, N. (1997). Realistic evaluation. London: Sage 57 Zie ook: literatuurstudie door Junger-Tas. Junger-Tas, J. (2002). Preventie van antisociaal gedrag in het onderwijs. Den Haag: Ministerie van Justitie. 20

8 Samenvatting en conclusies

8 Samenvatting en conclusies 8 Samenvatting en conclusies In dit hoofdstuk vatten we aan de hand van de onderzoeksvragen de eerste bevindingen van het onderzoek samen, zoals die in dit jaarrapport 2012 zijn gepresenteerd. De conclusies

Nadere informatie

An Economic Perspective on School Dropout Prevention using Microeconometric Techniques

An Economic Perspective on School Dropout Prevention using Microeconometric Techniques An Economic Perspective on School Dropout Prevention using Microeconometric Techniques Sofie J. Cabus Top Institute for Evidence Based Education Research TIER-Maastricht University Definitie voortijdig

Nadere informatie

Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten

Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten Handreiking voor het maken van een regionale analyse 2012-2015 betreffende het voorkomen van voortijdig schoolverlaten Definitieve versie met voorlopige cijfers over schooljaar 2010-2011 Zonder een scherp

Nadere informatie

Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;

Handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van ( ), nr. ( ) houdende voorschriften inzake het terugdringen van het aantal voortijdig schoolverlaters in de studiejaren 2012-2013 tot en

Nadere informatie

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio)

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de RMCcontactgemeente van de RMC-regio ( ) en onderstaande onderwijsinstellingen inzake het terugdringen

Nadere informatie

RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN

RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN RMC EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN Iedere jongere tussen de 12 en 23 jaar die het onderwijs verlaat zonder een startkwalificatie wordt aangemerkt als een Voortijdige Schoolverlater.

Nadere informatie

Maatwerk in het MBO. De kosten en baten van zorg in het MBO. Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory

Maatwerk in het MBO. De kosten en baten van zorg in het MBO. Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory Maatwerk in het MBO 17.11 2010 De kosten en baten van zorg in het MBO Yasmine Hamdan, RebelGroup Advisory Ask yourself : If I had only sixty seconds on the stage, what would I absolutely have to say to

Nadere informatie

Beleid rond vroegtijdig schoolverlaten is de investering waard

Beleid rond vroegtijdig schoolverlaten is de investering waard Beleid rond vroegtijdig schoolverlaten is de investering waard Leuven Economics of Education Research, KU Leuven feb.kuleuven.be/leer Top Institute for Evidence Based Education Research, Maastricht University

Nadere informatie

Aanval op de uitval. perspectief en actie

Aanval op de uitval. perspectief en actie Aanval op de uitval perspectief en actie Fatma wil fysiotherapeut worden. En dat kan ze ook. Maar ze heeft nog een wel een lange leerloopbaan te gaan. Er kan in die leerloopbaan van alles misgaan waardoor

Nadere informatie

BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS

BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS BIJLAGE A BEHORENDE BIJ ARTIKEL 10 VAN DE REGELING REGIONALE AANPAK VSV EN PRESTATIESUBSIDIE VOOR HET VOORTGEZET ONDERWIJS Aanvraagformulier Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten en prestatiesubsidie

Nadere informatie

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap De Kinderombudsman Visie op het verlengen van de kwalificatieplicht tot 21 jaar 7 september 2015 Ter attentie van de leden van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Aanleiding De

Nadere informatie

Maatschappelijke Ontwikkeling Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Beleidsontwikkeling. Datum uw brief

Maatschappelijke Ontwikkeling Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Beleidsontwikkeling. Datum uw brief Ingekomen stuk D17 (PA 4 september 2013) Aan de Gemeenteraad van Nijmegen Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen Telefoon 14024 Telefax (024) 323 59 92 E-mail gemeente@nijmegen.nl Postadres Postbus 9105

Nadere informatie

Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie

Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie Openbaar Onderwerp Vaststellen verzuimprotocol Beroeps en Volwassenen Educatie Programma / Programmanummer Onderwijs / 1073 BW-nummer Portefeuillehouder R. Helmer-Englebert Samenvatting Om schooluitval

Nadere informatie

tt 4 C"O Y tc.7 'tfçtj..--airl 7337V2 APELDOORN t.a.v. het college van bestuur INGEKo 4EN tl JA t. 20t5

tt 4 CO Y tc.7 'tfçtj..--airl 7337V2 APELDOORN t.a.v. het college van bestuur INGEKo 4EN tl JA t. 20t5 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Stichting Regionaal Opleidingen Centrum AVENTUS 27DV Ln van de Mensenrechten 500 7337V2 APELDOORN t.a.v. het

Nadere informatie

Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs

Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs Hoofdvraag Is artikel 10, eerste lid, Leerplichtwet 1969 (Lpw 1969), onverenigbaar met artikel 4 en 5 van het Bekostigingsbesluit

Nadere informatie

RMC Noord-Kennemerland. Presentatie PORA 6 januari 2016

RMC Noord-Kennemerland. Presentatie PORA 6 januari 2016 Presentatie PORA 6 januari 2016 Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Voorstellen Doel -functie Wanneer is er sprake van (dreigend) voortijdig schoolverlaten? -een jongere die nog geen 23 is én -niet in

Nadere informatie

Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018. RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland

Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018. RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland Agenda voor de Toekomst Aanval op de schooluitval 2015-2018 RMC regio Zuid-en Midden- Kennemerland Gemeenschappelijke Regeling Schoolverzuim en VSV per 1 januari 2014 Organisatie Bestuurlijk: Leerplicht,

Nadere informatie

Achtergrondinformatie formatiemeter 2014

Achtergrondinformatie formatiemeter 2014 Achtergrondinformatie formatiemeter 2014 Aanleiding De formatierichtlijn leerplichtfunctie dateert uit 2007. Een aantal ontwikkelingen is aanleiding om de formatierichtlijn in 2013 tegen het licht te houden.

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

Effectieve interventies om vsv te verminderen

Effectieve interventies om vsv te verminderen Effectieve interventies om vsv te verminderen Leuven Economics of Education Research, KU Leuven Top Institute for Evidence Based Education Research, Maastricht University VFO-dag 18 september 2014 1 Onderzoekslijn

Nadere informatie

Experiment tegen schooluitval

Experiment tegen schooluitval Experiment tegen schooluitval De effecten van intensieve coaching Marc van der Steeg (CPB) Roel van Elk (CPB) Dinand Webbink (Erasmus Universiteit Rotterdam) Opzet presentatie 1. Aanleiding 2. De interventie

Nadere informatie

Voortijdig van school

Voortijdig van school Foto: Martine Sprangers Onduidelijkheid over aantallen schoolverlaters Voortijdig van school Door Gert van den Berg 16 Jongeren die de school niet afmaken, lopen grote kans om werkloos te worden. En als

Nadere informatie

Notitie voortijdig schoolverlaters. Een verkenning naar de redenen voor het voortijdig schoolverlaten

Notitie voortijdig schoolverlaters. Een verkenning naar de redenen voor het voortijdig schoolverlaten Notitie voortijdig schoolverlaters Een verkenning naar de redenen voor het voortijdig schoolverlaten Spirit4you, december 2013 1. Voortijdig schoolverlaters 1.1. Doel van dit document In het convenant

Nadere informatie

PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID

PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID PROTOCOL MELDING EN REGISTRATIE VOORTIJDIG SCHOOLVERLATERS REGIO ZUID-HOLLAND ZUID Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Voorwoord 2 Hoofdstuk 1 Inleiding. 3 Hoofdstuk 2 Melding en registratie. 5 Bijlage 1 Stroomschema

Nadere informatie

voorkomt schooluitval en afstand tot de arbeidsmarkt voorkomt jeugdwerkloosheid en uitkeringsafhankelijkheid

voorkomt schooluitval en afstand tot de arbeidsmarkt voorkomt jeugdwerkloosheid en uitkeringsafhankelijkheid voorkomt schooluitval en afstand tot de arbeidsmarkt voorkomt jeugdwerkloosheid en uitkeringsafhankelijkheid biedt jongeren Entreeopleiding- / Startkwalificatie biedt leerwerk-trajecten, stages en baangaranties;

Nadere informatie

Factsheets VSV. November 2005

Factsheets VSV. November 2005 Factsheets VSV November 2005 Reikwijdte en beperkingen van de cijfers In deze factsheets zijn de RMC-registraties en de Enquête beroepsbevolking twee belangrijke bronnen. Beide bieden zicht op de vsv-populatie.

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. CONVENANT VSV 2012 2015 KOP VAN NOORD-HOLLAND

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. CONVENANT VSV 2012 2015 KOP VAN NOORD-HOLLAND STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 16334 9 augustus 2012 CONVENANT VSV 2012 2015 KOP VAN NOORD-HOLLAND Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur

Nadere informatie

Preventieproject De Overstap 2015 April 2015

Preventieproject De Overstap 2015 April 2015 Preventieproject De Overstap 2015 April 2015 Gemeente Den Haag Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling Leerlingzaken Postbus 12 652 2500 DP Den Haag Bezoekadres: Spui 70, Den Haag Projectcoördinatoren

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 5841 27 maart 2012 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 10 maart 2012, nr. BVE/387639, houdende

Nadere informatie

Protocol. Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten

Protocol. Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten Protocol Schoolverzuim 18+ ter voorkoming van voortijdig schoolverlaten mei 2014 1. Inleiding Verzuim is vaak een voorbode van voortijdig schooluitval. Door een goede verzuimregistratie, een preventief

Nadere informatie

Raadsinformatiebrief Nr. :

Raadsinformatiebrief Nr. : Raadsinformatiebrief Nr. : Reg.nr. : 12.0118 B&W verg. : 7-02-2012 Onderwerp:Jaarverslag leerplicht 2010-2011 1) Status In het licht van de actieve informatieplicht informeren wij U over de stand van zaken

Nadere informatie

De nieuwe opzet van de AKA/Entreeopleiding in hoofdpunten (meer op http://mbo15.nl/node/327)

De nieuwe opzet van de AKA/Entreeopleiding in hoofdpunten (meer op http://mbo15.nl/node/327) Memo Ongediplomeerde uitstroom vo / instroom mbo (2014) in Rijnmond Met ingang van 1 augustus 2014 worden nieuwe regels voor het mbo van kracht (voortvloeiend uit Focus op Vakmanschap). Voor de vo-scholen

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 16344 9 augustus 2012 CONVENANT VSV 2012 2015 WALCHEREN Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Nadere informatie

Ouders, het verborgen kapitaal van de school. Hans Christiaanse

Ouders, het verborgen kapitaal van de school. Hans Christiaanse Ouders, het verborgen kapitaal van de school Hans Christiaanse Initiatief OCW vanaf januari 2012 www.facebook.com/oudersenschoolsamen Samenwerken Noem wat erin je opkomt, als je denkt aan een goede samenwerking

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013 Fact sheet nummer 5 maart 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam Er zijn ruim 133.000 jongeren van 15 tot en met 26 jaar in Amsterdam (januari 2012). Met de meeste jongeren gaat het goed in het onderwijs

Nadere informatie

Er gaat niets boven een goede theorie!

Er gaat niets boven een goede theorie! Er gaat niets boven een goede theorie! Over onderzoek naar effecten van toezicht Prof dr Frans J.G. Janssens Universiteit Twente Lezing ten behoeve van het Symposium Handhaving en Toezicht: een kwestie

Nadere informatie

Datum 09 september 2014 Betreft Aanbieding OESO-rapport Education at a Glance 2014 Onze referentie 659029

Datum 09 september 2014 Betreft Aanbieding OESO-rapport Education at a Glance 2014 Onze referentie 659029 >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag.. Kennis IPC 5200 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Nadere informatie

concept indicatorenset Monitor Passend Onderwijs en Jeugdhulp

concept indicatorenset Monitor Passend Onderwijs en Jeugdhulp concept indicatorenset Monitor Passend Onderwijs en Jeugdhulp dinsdag 2 december 2014 toelichting Om de hulp en ondersteuning voor kinderen en gezinnen zowel op school als thuis in samenhang te realiseren

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 21 maart 2013 Betreft Voortgang aanpak schoolverzuim

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 21 maart 2013 Betreft Voortgang aanpak schoolverzuim a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Wat is het effect van mentoring?

Wat is het effect van mentoring? Wat is het effect van mentoring? Februari 2016 HET IS AANNEMELIJK DAT MENTORING DE WERKLOOSHEID ONDER MIGRANTENJONGEREN KAN VERMINDEREN De werkloosheid onder jongeren van niet-westerse herkomst is veel

Nadere informatie

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands Proefschrift Marieke Heers (gepromoveerd 3 oktober in Maastricht; promotoren prof.dr. W.N.J. Groot en prof.dr. H. Maassen van den Brink)

Nadere informatie

RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland

RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland RMC beleidsplan Zuid-Holland Noord 2011-2014 Concept Inleiding en wettelijk kader Sinds de oprichting van het Regionaal Bureau Leerplicht (RBL) in De doelgroep van de RMC-functie, zoals benoemd in de wet,

Nadere informatie

Den Haag Ons kenmerk Bijlagen

Den Haag Ons kenmerk Bijlagen De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk Bijlagen VSV/102150 5 Onderwerp Cijfers 2007-2008 Voortijdig Schoolverlaten Inleiding In 2005 hebben

Nadere informatie

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015

PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 PLAN VAN AANPAK SUBSIDIE REGIONAAL PROGRAMMA 2012-2015 Betreft maatregel:coachvoorziening Activiteit: Uitvoerder/regie: ROC Mondriaan Reeds aanwezige documentatie: ingevulde format in aanvraag Contactgegevens

Nadere informatie

Leerplichtbeleid gemeente Tynaarlo Administratie van scholen en gemeente Leerplicht; verzuimmelding, vrijstelling

Leerplichtbeleid gemeente Tynaarlo Administratie van scholen en gemeente Leerplicht; verzuimmelding, vrijstelling Inleiding Hierbij bieden wij u het jaarverslag Leerplicht 2012-2013 aan, waarin verslag wordt uitgebracht over het uitgevoerde leerplichtbeleid over genoemd schooljaar. Leerplicht is een belangrijk middel

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, STAATSCOURANT Nr. Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. 107 15 juni 2009 Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 29 mei 2009, nr. BVE/I&I/118094,

Nadere informatie

Oplegvel Collegebesluit

Oplegvel Collegebesluit Oplegvel Collegebesluit Onderwerp Beleid en verdeling rijksmiddelen Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC)Voortijdig Schoolverlaten, kwalificatieplicht en aanvullend VSV beleid 2013 Portefeuille J.

Nadere informatie

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks ANNEX Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 21 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks 1. Deelname voor- en vroegschoolse educatie (VVE) De Nederlandse waarde voor

Nadere informatie

Raadsnota. Aan de gemeenteraad,

Raadsnota. Aan de gemeenteraad, Raadsnota Raadsvergadering d.d.: 29 juni 2009 Agenda nr: 6 Onderwerp: Jaarverslag Leerplicht / Regionaal Meld en Coördinatiepunt (RMC) Maastricht en Mergelland 2007-2008 Aan de gemeenteraad, 1. Doel, Samenvatting

Nadere informatie

Landelijke doelstelling

Landelijke doelstelling 1 Landelijke doelstelling Op 9 augustus 2012 is per RMC-regio een convenant ondertekend. Voor RMC Oost Groningen (RMC regio1) is het convenant ondertekend door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en

Nadere informatie

Denk alvast over de volgende vraag na:

Denk alvast over de volgende vraag na: Denk alvast over de volgende vraag na: Wat is uw beste schoolervaring als leerling/student? (dus toen u zelf nog in de schoolbank zat; welk vak, school, opleiding, docent etc) Jos Gipmans Manager Cursisten

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel

Schoolondersteuningsprofiel Schoolondersteuningsprofiel samenwerkingsverband primair onderwijs Inhoudsopgave Inleiding 3 1. 4 2. Missie en Visie 4 3. ondersteuning 5 4. Wat kan de 6 4.1 Regionale afspraken minimaal te bieden ondersteuning

Nadere informatie

Studiebegeleiding & tutoraat

Studiebegeleiding & tutoraat Studiebegeleiding & tutoraat Patricia Post-Nievelstein, Head Tutor, University College Utrecht Richard van den Doel, Senior Tutor, University College Roosevelt Oscar van den Wijngaard, Coordinator Academic

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Convenant VSV 2012 2015 Zuid-Oost Drenthe

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Convenant VSV 2012 2015 Zuid-Oost Drenthe STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 16612 9 augustus 2012 Convenant VSV 2012 2015 Zuid-Oost Drenthe Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur en

Nadere informatie

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014 Nummer 6 juni 2014 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014 Factsheet Ondanks eerste tekenen dat de economie weer aantrekt blijft de werkloosheid. Negen procent van de Amsterdamse beroepsbevolking is werkloos

Nadere informatie

Verzuim leerplichtige en kwalificatieplichtige studenten

Verzuim leerplichtige en kwalificatieplichtige studenten Verzuim leerplichtige en kwalificatieplichtige studenten De Uitvoering Betreft Standaardisatie verzuimprotocol Fase 1: Regelregime toepassen Fase 2: Verzuim 18+ (VSV) Opdrachtgever Scalda, College van

Nadere informatie

Hoofdlijnenakkoord voor het inrichten van een Regionaal Arrangement Beroepsonderwijs Amsterdam

Hoofdlijnenakkoord voor het inrichten van een Regionaal Arrangement Beroepsonderwijs Amsterdam Afdeling Onderwijs, Jeugd en Educatie Team Onderwijs VO Hoofdlijnenakkoord voor het inrichten van een Regionaal Arrangement Beroepsonderwijs Amsterdam Betrokken partijen: De instellingen voor Beroepsonderwijs

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Fact sheet nummer 9 juli 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Er zijn in Amsterdam bijna 135.000 jongeren in de leeftijd van 15 tot 27 jaar (januari 2013). Veel jongeren volgen een opleiding of

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 000 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2012 Nr. 229 BRIEF

Nadere informatie

Re-integratie van allochtone vroegtijdige Schoolverlaters. Dr. Kaj van Zenderen, Prof dr. R. Maier, Dr. W. de Graaf

Re-integratie van allochtone vroegtijdige Schoolverlaters. Dr. Kaj van Zenderen, Prof dr. R. Maier, Dr. W. de Graaf Re-integratie van allochtone vroegtijdige Schoolverlaters Dr. Kaj van Zenderen, Prof dr. R. Maier, Dr. W. de Graaf Inleiding: re-integratie van allochtone vroegtijdige schoolverlaters Achtergrond project:

Nadere informatie

Begroting 2014 Meta-data Monitor streefdoelen onderwijs

Begroting 2014 Meta-data Monitor streefdoelen onderwijs Begroting 2014 Meta-data Monitor streefdoelen onderwijs Overzicht per indicator: 1. De prestaties van leerlingen en studenten gaan omhoog Gemiddelde score Cito-eindtoets omhoog Gemiddeld eindcijfer (Centraal

Nadere informatie

ambitieakkoord stichting jongeren op gezond gewicht

ambitieakkoord stichting jongeren op gezond gewicht akkoord stichting jongeren op gezond gewicht De stichting Jongeren Op Gezond Gewicht en haar partners verbinden zich met dit akkoord gezamenlijk, elk vanuit de eigen verantwoordelijkheid, in de periode

Nadere informatie

Verslag MBO conferentie Betere zorg, minder uitval

Verslag MBO conferentie Betere zorg, minder uitval Verslag MBO conferentie Betere zorg, minder uitval Lunteren, 22 april 09 Presentatieronde 1: Flex College het Nijmeegse model in de strijd tegen voortijdig schoolverlaten. Presentator Jeroen Rood, directeur

Nadere informatie

Effectief onderwijs. Onderzoek in vogelvlucht. ROC Mondriaan, Strategisch Beleidscentrum, Marja van Knippenberg

Effectief onderwijs. Onderzoek in vogelvlucht. ROC Mondriaan, Strategisch Beleidscentrum, Marja van Knippenberg Effectief onderwijs Onderzoek in vogelvlucht ROC Mondriaan, Strategisch Beleidscentrum, Marja van Knippenberg Effectief onderwijs Veel onderzoek met verschillende onderzoeksopzetten in verschillende settings:

Nadere informatie

CPB Achtergronddocument. Follow-up evaluatie wijkscholen Rotterdam. Roel van Elk, Marc van der Steeg, Dinand Webbink

CPB Achtergronddocument. Follow-up evaluatie wijkscholen Rotterdam. Roel van Elk, Marc van der Steeg, Dinand Webbink CPB Achtergronddocument Follow-up evaluatie wijkscholen Rotterdam Roel van Elk, Marc van der Steeg, Dinand Webbink 1. Introductie Dit document dient ter achtergrond bij het CPB Discussion Paper The effect

Nadere informatie

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Subsidie School's cool en Coachproject ROC.

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Subsidie School's cool en Coachproject ROC. Openbaar Onderwerp Subsidie School's cool en Coachproject ROC Programma / Programmanummer Onderwijs / 1073 BW-nummer Portefeuillehouder H. Beerten Samenvatting De afgelopen jaren is door de stichting School

Nadere informatie

Gezondheid en arbeidsparticipatie: determinanten, gevolgen en bouwstenen voor reïntegratie

Gezondheid en arbeidsparticipatie: determinanten, gevolgen en bouwstenen voor reïntegratie Gezondheid en arbeidsparticipatie: determinanten, gevolgen en bouwstenen voor reïntegratie Prof Dr Lex Burdorf Afdeling Maatschappelijke Gezondheidszorg Erasmus MC, Rotterdam Gezondheid van uitkeringsgerechtigden

Nadere informatie

Ongediplomeerde uitstroom vo / instroom mbo (2014) in Rijnmond

Ongediplomeerde uitstroom vo / instroom mbo (2014) in Rijnmond Memo Ongediplomeerde uitstroom vo / instroom mbo (2014) in Rijnmond Met ingang van 1 augustus 2014 worden nieuwe regels voor het mbo van kracht (voortvloeiend uit Focus op Vakmanschap). Voor de vo-scholen

Nadere informatie

PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN

PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN n g Amsterdam over middelbaar beroepsonderwijs PROCEDURE VOROC 2013 RMC 28 REGIO HAAGLANDEN Inleiding De schoolbesturen van de vo en de mbo-scholen in de regio Haaglanden hechten er belang aan dat jongeren

Nadere informatie

UNIT 2 Begeleiding. Coaching proces, Instrumenten and vaardigheden voor Coacing en mobiliteit for Coaching and Mobility

UNIT 2 Begeleiding. Coaching proces, Instrumenten and vaardigheden voor Coacing en mobiliteit for Coaching and Mobility UNIT 2 Begeleiding Coaching proces, Instrumenten and vaardigheden voor Coacing en mobiliteit for Coaching and Mobility 1 2 Wat is coaching? Coaching is een methode voor het ontwikkelen van potentieel

Nadere informatie

Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009

Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009 Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid (better schools through health) 17 juni 2009 Vilnius resolutie: betere scholen door gezondheid 17 juni 2009 Inleiding Onderwijs en gezondheid hebben een

Nadere informatie

Voortijdig Schoolverlaten Methode en cijfers

Voortijdig Schoolverlaten Methode en cijfers Voortijdig Schoolverlaten Methode en cijfers Informatiebijeenkomst VSV Frans Verboon & Erik Fleur Regiobijeenkomsten 2009 workshop: de vsv-cijfers nader verklaard Zwolle 15 april 2009 Rotterdam 16 april

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 8.3.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 8.3.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 17806 1 juli 2013 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 20 juni 2013, nr. BVE/508659, houdende

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag.. Voortgezet Onderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den

Nadere informatie

5. Onderwijs en schoolkleur

5. Onderwijs en schoolkleur 5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone

Nadere informatie

Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs

Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs Proloog Assessment binnen de context van inclusief onderwijs is een aanpak van assessment binnen het reguliere onderwijs waarbij

Nadere informatie

Datascience. Data scientist: most sexy job of 21th century

Datascience. Data scientist: most sexy job of 21th century Datascience Data scientist: most sexy job of 21th century Van data naar waarde: Data gedreven sturing Analyse van ongestructureerde data Kindermishandeling opsporen voor de GGD Amsterdam Opgave GGD Amsterdam

Nadere informatie

Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012

Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012 Jaarverslag leerplicht Schooljaar 2011-2012 Voorwoord 2 Behandelzaken 3 Tabellen & Grafieken 4 Toelichting cijfers jaarverslag 7 Trajectbureau Opleiding & Werk 8 Voorwoord De gemeente Soest wil dat alle

Nadere informatie

ONDERZOEK PILOTPROJECTEN CAMPUSSEN

ONDERZOEK PILOTPROJECTEN CAMPUSSEN ONDERZOEK PILOTPROJECTEN CAMPUSSEN BENCHMARKRAPPORT DE NIEUWE KANS B. Bieleman M. Boendermaker ONDERZOEK PILOTPROJECTEN CAMPUSSEN BENCHMARKRAPPORT DE NIEUWE KANS December 2010 INTRAVAL Groningen-Rotterdam

Nadere informatie

Impressie bijeenkomst 9 maart 2015 met vertegenwoordigers uit de regionale samenwerkingsverbanden

Impressie bijeenkomst 9 maart 2015 met vertegenwoordigers uit de regionale samenwerkingsverbanden Impressie bijeenkomst 9 maart 2015 met vertegenwoordigers uit de regionale samenwerkingsverbanden Thema van de bijeenkomst We leven in een spannende periode: de economie kantelt, de participatiesamenleving

Nadere informatie

Voortijdig schoolverlaters en Citotoets-gegevens,

Voortijdig schoolverlaters en Citotoets-gegevens, , Toelichting bij geleverde maatwerktabellen 2006/2007 en 2007/2008* Levering: 17 februari 2010 De maatwerktabel over voortijdig schoolverlaters 2006/2007 bevat gegevens over het voortgezet onderwijs (vo)

Nadere informatie

en leerlingenvervoer

en leerlingenvervoer Wat willen we bereiken? Omschrijving/Definitie: Hier wordt onder verstaan: 1. zorgdragen voor vervoer van leerlingen met een beperking; 2. bevorderen onderwijs voor leerlingen met beperkingen; 3. bevorderen

Nadere informatie

Aanpak Marokkaanse risicogroepen 2010-2012. Inleiding

Aanpak Marokkaanse risicogroepen 2010-2012. Inleiding Aanpak Marokkaanse risicogroepen 2010-2012 Inleiding In deze notitie worden de hoofdlijnen van beleid voor in eerste instantie 2010 aangegeven. De aanpak richt zich, zoals IMAR 2006-2009, op Marokkaanse

Nadere informatie

Opgave op grond van artikel 25, tweede en derde lid van de Leerplichtwet 1969 over schooljaar 2006-2007

Opgave op grond van artikel 25, tweede en derde lid van de Leerplichtwet 1969 over schooljaar 2006-2007 Voorlichtingspublicatie Betreft de onderwijssector(en) Informatie CFI/ICO Primair Onderwijs po 079-3232.333 Voorgezet onderwijs vo 079-3232.444 Beroepsonderwijs en Volwasseneneducatie bvh 079-3232.666

Nadere informatie

SAMENVATTING. Aanleiding

SAMENVATTING. Aanleiding SAMENVATTING Aanleiding Op verzoek van de staatssecretaris voor primair onderwijs en kinderopvang heeft de Inspectie van het Onderwijs in 2008 de kwaliteit van het basisonderwijs in de drie noordelijke

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. CONVENANT VSV 2012 2015 GEWEST LIMBURG-NOORD

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. CONVENANT VSV 2012 2015 GEWEST LIMBURG-NOORD STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 16350 9 augustus 2012 CONVENANT VSV 2012 2015 GEWEST LIMBURG-NOORD Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur

Nadere informatie

Investeren in zorg en de strijd tegen schooluitval

Investeren in zorg en de strijd tegen schooluitval Investeren in zorg en de strijd tegen schooluitval Het kabinet wil het aantal nieuwe schooluitvallers in 2012 halveren. Van 70.000 schooluitvallers in 2002 naar 35.000 schooluitvallers in 2012. Zij heeft

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 31 524 Beroepsonderwijs en Volwassenen Educatie Nr. 214 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs

Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs CONVENANT Zorg- en adviesteam School/Scholen/SWV xxx Deelnemende organisaties: Deelnemer 1 Deelnemer 2 Deelnemer 3 Deelnemer 4 Deelnemer 5 Deelnemer

Nadere informatie

Verzuim- en. meldprotocol. 12-23 jaar in VO en MBO Noorden Midden-Limburg (regio 38)

Verzuim- en. meldprotocol. 12-23 jaar in VO en MBO Noorden Midden-Limburg (regio 38) Verzuim- en meldprotocol 12-23 jaar in VO en MBO Noorden Midden-Limburg (regio 38) Leerlingen/studenten tot 18 jaar zonder startkwalificatie vallen onder de leer- en kwalificatieplicht. Leerlingen/studenten

Nadere informatie

FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 2013-2014 RMC-REGIO 026 ZUID-HOLLAND NOORD

FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 2013-2014 RMC-REGIO 026 ZUID-HOLLAND NOORD FACTSHEET VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN 0-04 ONTWIKKELING AANTAL VSV ERS Van de.9 onderwijsdeelnemers in de RMC-regio Zuid-Holland-Noord op oktober 0, stonden er 59 jongeren op oktober 04 niet ingeschreven

Nadere informatie

TALENT KAMPIOENEN. www.epathways.eu. e-pathways CPD Handboek. Handboek nr. in serie

TALENT KAMPIOENEN. www.epathways.eu. e-pathways CPD Handboek. Handboek nr. in serie TALENT KAMPIOENEN e-pathways CPD Handboek Handboek nr. 15 in serie www.epathways.eu Wat zijn talentkampioenen? De pool met getalenteerd personeel is waarschijnlijk de grootste hulpbron die elke organisatie

Nadere informatie

Jaarplan Leerplicht. Schooljaar 2013-2014. Gemeente Velsen

Jaarplan Leerplicht. Schooljaar 2013-2014. Gemeente Velsen Jaarplan Leerplicht Schooljaar 2013-2014 Gemeente Velsen 1 2 Inleiding Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs. Zo kunnen zij zich voorbereiden op de maatschappij en de arbeidsmarkt. In Nederland

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel Bossche Vakschool

Schoolondersteuningsprofiel Bossche Vakschool Schoolondersteuningsprofiel Bossche Vakschool In dit schoolondersteuningsprofiel wordt omschreven welke ondersteuning op de Bossche Vakschool aan leerlingen geboden kan worden. Dit schoolondersteuningsprofiel

Nadere informatie

Van VO naar VO Van VO naar VSO (cluster 3 en cluster 4) Van VO naar MBO Van PO naar VSO Van SO naar VO Van SO naar VSO

Van VO naar VO Van VO naar VSO (cluster 3 en cluster 4) Van VO naar MBO Van PO naar VSO Van SO naar VO Van SO naar VSO Centraal Meldpunt: het monitoren van leerlingstromen Aanleiding In de regio Midden Limburg was sprake van een groot aantal thuiszitters. Uit overleggen bleek dat er geen duidelijkheid was over het aantal

Nadere informatie

Van geen zin hebben in school tot schooluitval

Van geen zin hebben in school tot schooluitval Handreiking voor het inzetten van een preventie- en zorgarrangement Van geen zin hebben in school tot schooluitval In het nieuwe jeugdstelsel richten gemeenten hun eigen preventie- en zorgaanbod voor kinderen,

Nadere informatie