Rapportage invullijst (1)



Vergelijkbare documenten
B-toets Vragenlijst Bejegening Versie voor jongeren

BergOp 4.1 Handleiding voor gebruikers

evaluatie, monitoring, tevr effectonderzoek en datave

Kenteq-leerbedrijven in kaart 2011

Mbo-studenten in Kenteq-kwalificaties (ontwikkeling per kwalificatiedossier en kwalificatie)

evaluatie, monitoring, tevr effectonderzoek en datave

Verlangd basisonderwijs in de wijk Overvecht, gemeente Utrecht. Rapportage. Menno Wester

Aanvulling op. Resultaten STOP4-7 Tabellenboek trainingen

Handleiding MIS (Management Informatie Systeem)

Handleiding Eetmeter. Aan de slag. in beroep en bedrijf. Handleiding Eetmeter. februari 2007

Ambitie.info. BPV Werken in de detailhandel, goederen komen binnen

Aan de slag. Handleiding Voorraadbeheer

Colofon. Titel: Xact groen Wiskunde deel 1 ISBN: NUR: 124 Trefwoord: Wiskunde groen

Keuzedelen Kwalificatiestructuur Domein MEI

Auteur boek: Vera Lukassen Titel boek: Excel Beginners , Serasta Uitgegeven in eigen beheer Eerste druk: mei 2013

WIJZIGINGSBLAD A2. Regeling Brandmeldinstallaties 2002 BMI 2002 / A2 VEILIGHEID DOOR SAMENWERKING. Versie : 1.0. Publicatiedatum : 1 april 2012

STARTFLEX. Onderzoek naar ondernemerschap onder studenten in Amsterdam

administratie afdeling debiteurenadministratie Kaderberoepsgerichte leerweg

Tevredenheidsonderzoek Jobcoach organisatie Trace Daelzicht

Het aandeel vrouwen in Kenteq-kwalificaties ( )

BergOp 4.1 Handleiding voor ROM

Zelfstandige Externe Stage

handel en administratie automatisering in de economie

Tevredenheidsonderzoek Wajong Talenten B.V.

Praktische toelichting op de UAV 2012 (2 e druk)

Auteur boek: Vera Lukassen Titel boek: Word Gevorderd , Serasta Uitgegeven in eigen beheer Eerste druk: augustus 2012

Handleiding Sonus Communicator voor Rion NL-22 - NL-32

Inlezen bankafschriften

WIJZIGINGSBLAD A2. BORG 2005 versie 2 / A2 VEILIGHEID DOOR SAMENWERKING. Versie : 2.2. Publicatiedatum : 31 maart Ingangsdatum : 1 april 2010

administratie afdeling personeelszaken Kaderberoepsgerichte leerweg

FLEXIBEL IN DE TECHNIEK

Installatiehandleiding. Installatiehandleiding voor de ODBC-driver

Getallen en bewerkingen

Loopbaanoriëntatie -begeleiding

Tevredenheidsonderzoek Fox AOB

HORECA EN BAKKERIJ REKENEN IN DE KEUKEN EN DE BAKKERIJ TENDENS WERKBOEK REKENEN IN DE KEUKEN EN DE BAKKERIJ

INSPECTIE BOUWKUNDIGE BRAND- VEILIGHEID Specifieke normen en verwijzingen

Handleiding Homeplanner

handel en administratie thema inkomende goederen

module keukencalculaties mbo koksopleiding Barend Bakkenes

Medische terminologie

Tevredenheidsonderzoek Dienst inburgeren Universiteit van Amsterdam, INTT

Praktische toelichting op de UAV 2012

Werken in een bouwmarkt

REKENEN Getallen en bewerkingen. voor 1F Deel 2 van 2

PRODUCTSPECIFICATIE PHALAENOPSIS IN POT

ZELFROOSTEREN IN DE ZORG VERGROTEN VAN DE WERKNEMERSBETROKKENHEID BIJ DE ROOSTERPLANNING RAYMOND FOKKENS MBA

INSPECTIE BOUWKUNDIGE BRAND- VEILIGHEID Specifieke normen en verwijzingen

Een eigen bedrijf beginnen

Tevredenheidsonderzoek 2014 / Regionaal Autisme Centrum onderdeel Autismewerk.nl

25LJ ROC Ter AA. MBO Factsheet. Convenantjaar Nieuwe voortijdige schoolverlaters Voorlopige cijfers Uitgave: maart 2015

Hou het eenvoudig Effectief communiceren in organisaties

Colofon. Titel: Xact groen Wiskunde deel 2 ISBN: NUR: 124 Trefwoord: Wiskunde groen

Werken op de verkoopadministratie

Juridische handreiking relatie BIM-protocol en de DNR 2011 (voor adviseurs en opdrachtgevers) prof. mr. dr. M.A.B. Chao-Duivis

administratie afdeling facturering Kaderberoepsgerichte leerweg en Gemengde leerweg

Copyright SBR, Rotterdam

evaluatie, monitoring, tevr effectonderzoek en datave

De koppeling tussen TRIODOS Internetbankieren en Unit4 Multivers Online

AMBITIE.INFO. BPV Verkopen

Tevredenheidsonderzoek Jobcoach Company

INSPECTIE BOUWKUNDIGE BRANDVEILIGHEID Vakbekwaamheid en ervaring

handel en administratie thema inkomende goederen

INSPECTIE BRANDBEVEILIGING Vakbekwaamheid en ervaring

MBO Factsheet. 09MR Hoornbeeck College

Handleiding cliënt Online Samenwerken 2.0

handel en verkoop thema kassa

handel en administratie thema inkomende goederen

Handleiding Menukeuze

Tevredenheidsonderzoek Dienst inburgeren Studiecentrum Talen Eindhoven bv

handel en verkoop thema visuele presentatie

PRODUCTSPECIFICATIE PHALAENOPSIS IN POT

Allround parketteur. niveau 3. Werkboek 1

Handleiding Programmeren en bewerken CAM (graveermachine) Aan de slag. in beroep en bedrijf. Handleiding Programmeren en bewerken CAM (graveermachine)

Fase A. Jij de Baas. Gids voor de Starter Stichting Entreprenasium. Versie 1.2: november 2012

administratie afdeling calculatie

Transcriptie:

Rapportage invullijst (1) Eerste inventarisatie bestand leerling flexkrachten d.d. 16 januari 2013 Gert de Jong Hedwig Vermeulen

Projectnummer: 34001230 Opdrachtgever: A+O Metalektro 2013 ITS, Radboud Universiteit Nijmegen Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, en evenmin in een retrieval systeem worden opgeslagen, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van het ITS van de Radboud Universiteit Nijmegen. No part of this book/publication may be reproduced in any form, by print, photoprint, microfilm or any other means without written permission from the publisher. ii

Inhoud 1 Inleiding 1 2 Leerling flexkrachten 3 2.1 Deelnemende flexorganisaties 3 2.2 Achtergrondkenmerken 3 2.3 Startdata van project 4 2.4 Startsituatie 5 2.5 Huidige opleiding 7 3 Metaalbedrijven 10 Bijlage 11 iii

iv

1 Inleiding In het onderzoek Monitor project leerling flexkrachten in de techniek worden gegevens van leerling flexkrachten en andere betrokkenen gedurende een aantal momenten verzameld. Op deze manier kunnen de vorderingen en knelpunten van het project worden gemonitord. Er zijn twee wijzen van gegevensverzameling, beide wijzen vinden een aantal maal plaats tijdens het project: via de invullijst wordt de feitelijke stand van zaken ten aanzien van leerling flexkrachten bijgehouden; via de vragenlijst worden ervaringen van betrokken partijen gepeild. Deze rapportage doet verslag over de gegevens die via de invullijst zijn verzameld. De invullijst is een door het ITS ontwikkelde webapplicatie op www.flextechniek.nl. Via de webapplicatie worden gegevens ingevoerd over de leerling flexkrachten door mentoren van de deelnemende flexorganisaties. Die mentoren zijn daartoe aangewezen door de coördinatoren van de flexorganisaties. Zij hebben de mentoren gemachtigd tot het beheren van de leerlinggegevens. Diverse gegevens van de leerling flexkrachten worden verzameld, zoals via welke flexorganisatie zij geplaatst zijn, een aantal achtergrondkenmerken en opleidingsgegevens en gegevens over de metaalbedrijven waar zij hun leerwerkplek hebben. Het eventuele doorplaatsen van leerling flexkrachten kan ook met de webapplicatie worden gevolgd. Bij deze eerste meting is hiervan echter nog geen sprake. De rapportage geeft de stand van zaken zoals die op 16 januari 2013 zijn af te leiden uit de database achter de webapplicatie (in het vervolg spreken we telkens over invullijst). Het geeft in zekere zin de startsituatie van het project weer 1. In alle volgende rapportages zullen worden vergeleken met de hier gepresenteerde gegevens. Allereerst volgt een hoofdstuk over de leerling flexkrachten. In de eerste paragraaf van dat hoofdstuk wordt gerapporteerd hoeveel leerling flexkrachten via de verschillende deelnemende flexorganisaties zijn geplaatst. Dan volgt een paragraaf met achtergrondkenmerken van de leerling flexkrachten, zoals hun geslacht en leeftijd. Aansluitend volgt de paragraaf met diverse startdata uit dit project. Daarna volgen in paragraaf 2.4 gegevens over de startsituatie van de leerling flexkrachten: welke oplei- 1 Er is niet echt sprake van een startsituatie omdat de mentoren vanaf oktober gegevens konden invullen. Inmiddels zijn drie leerling flexkrachten al gestopt met het project. 1

ding hebben ze gevolgd voor aanvang van dit project, werkten ze of niet, zijn ze arbeidsongeschikt. De daarop volgende paragraaf geeft aan welk niveau opleiding de leerling flexkrachten in dit project volgen en tot welke functie het leerwerktraject opleidt. Het laatste hoofdstuk geeft informatie over de deelnemende metaalbedrijven. 2

2 Leerling flexkrachten 2.1 Deelnemende flexorganisaties Per 16 januari 2013 zijn van 103 leerling flexkrachten gegevens ingevoerd. Werk en Vakmanschap heeft de meeste leerling flexkrachten in dit project, namelijk veertig. Daarmee nemen ze ruim een derde van alle leerling flexkrachten voor hun rekening. Daarna volgt Randstad met 28 leerling flexkrachten wat overeenkomt met 27 procent van de leerling flexkrachten die in dit project meedoen. Connect B.V. en Olympia hebben ieder één leerling flexkracht kunnen plaatsen. Daarnaast doen DIT, PDZ en SWA ook meer in dit project; op het moment van de inventarisatie hadden zij echter nog geen leerling flexkrachten geplaatst. Zij blijven dan ook verder buiten deze rapportage. In totaal doen dus twaalf flexorganisaties mee en hebben we in deze ronde gegevens van negen van hen. Het volledige overzicht van het aantal leerling flexkrachten per flexorganisaties staat in tabel 2.1. Tabel 2.1 Leerling flexkrachten ingedeeld naar deelnemende flexorganisatie aantal percentage Werk en Vakmanschap Personeels B.V. 40 39 Randstad 28 27 Maintec 13 13 Tempo-Team 10 10 Otter 5 5 Start 3 3 DMjob BV 2 2 Connect B.V. 1 1 Olympia 1 1 Totaal 103 100 2.2 Achtergrondkenmerken De gemiddelde leeftijd van de leerling flexkrachten bedraagt 21,5 jaar; de jongste is 16, de oudste 55 jaar. Veruit de meeste zijn mannen/jongens, namelijk 86 procent (van 10 procent is het geslacht niet opgegeven). 3

Als we de gemiddelde leeftijd van de leerling flexkrachten uitsplitsen naar flexorganisatie, zien we dat die bij Start het hoogste is, met 38 jaar. Maintec daarentegen heeft naar verhouding jonge leerling flexkrachten; hun gemiddelde leeftijd ligt op 18 jaar. De meeste leerling flexkrachten blijken twintigers te zijn. Tabel 2.2 laat een en ander in detail zien. Onderaan de tabel zien we weer de gemiddelde leeftijd van alle leerling flexkrachten, namelijk 21,5. Overigens past wel enige relativering. Een aantal flexorganisaties heeft weinig leerling flexkrachten; dan is het berekenen van het gemiddelde betrekkelijk. Tabel 2.2 Gemiddelde leeftijd van de leerling flexwerkers uitgesplitst naar flexorganisatie (gemiddelde leeftijd en aantal leerlingen, n= 103) naam van Flexorganisatie gemiddelde leeftijd Start 38 3 Connect B.V. 24 1 DMjob BV 23 2 Randstad 23 28 Olympia 22 1 Tempo-Team 22 10 Otter 21 5 Werk en Vakmanschap Personeels B.V. 21 40 Maintec 18 13 Totaal 21,5 103 aantal 2.3 Startdata van project Er zijn drie relevante startdata in dit project, de datum van aanvang dienstverband, de datum van aanvang opleiding en de datum van aanvang plaatsing 2. Voor iedere leerling gelden deze drie data: de datum waarop ze in dienst zijn gekomen is niet per definitie de datum van de aanvang van de opleiding, noch de datum van de plaatsing. We melden hier alle drie de data en kijken daarbij in welke periode hoeveel leerlingen zijn gestart met hun dienstverband, opleiding en plaatsing. De meeste leerling flexkrachten zijn na augustus 2012 aan het project begonnen. Als we vanaf augustus kijken, blijkt dat in de maand september de grootste instroom is: 26 leerling flexkrachten kregen hun dienstverband, 42 begonnen met de opleiding en 32 werden geplaatst. Het gaat hier, voor de goede orde, niet om telkens andere leerlingen. 2 Later in het project zullen we ook rapporteren over data van herplaatsing en data van beëindiging. 4

In oktober begonnen nog 13 leerling flexkrachten aan de opleiding, daarna werden de aantallen lager. Overigens hebben we niet van alle 103 leerling flexkrachten de verschillende startdata, maar van bijna 100. Een nadere specificatie staat in tabel 2.3. Tabel 2.3 Overzicht van startdata van dienstverband, opleiding en plaatsing (n=98, 97) maand / periode aantal aanvang dienstverband aantal aanvang opleiding aantal aanvang plaatsing t/m 2011 24 11 17 jan t/m juli 2012 10 7 13 augustus 24 20 23 september 26 42 32 oktober 5 13 6 november 2 1 2 december 3 0 1 januari 4 0 4 februari 0 3 0 Totaal 98 97 98 2.4 Startsituatie Kijken we naar het hoogst behaalde diploma van de leerling flexkrachten, voor aanvang van het project, dan blijkt dat de niveaus mbo-2 en vmbo het vaakst voorkomen, tezamen bijna zeven van de tien. Negen procent van de leerling flexkrachten heeft geen diploma en/of heeft alleen basisonderwijs gevolgd (zie figuur 2.1). Figuur 2.1 Hoogst behaalde diploma van leerling flexkrachten (in %, n= 100) 34% 9% 5% 5% 9% 3% 35% geen diploma/alleen basisonderwijs mbo-1 mbo-2 mbo-3 mbo-4 overig vmbo 5

Aanvullend aan het opleidingsniveau is ook gevraagd in welke opleidingssector de opleidingen zijn afgerond. De meeste diploma s blijken dan gehaald in de sector techniek, namelijk 77 procent. Alle mbo-1 leerling flexkrachten hebben hun diploma in de sector techniek behaald. De leerling flexkrachten die geen diploma hebben behaald en die uit de categorie overige opleidingen hebben geen sector genoemd, over hen kunnen we dus geen aanvullende informatie rapporteren. In tabel 2.4 staat een en ander uitgebreid weergegeven. De laatste kolom geeft daarbij de totaalscore. Hier zien we onder andere de genoemde 77 procent techniekdiploma s. Tabel 2.4 Opleidingssectoren waarin het hoogst behaalde diploma is verworven (in %, n= 81) mbo-1 mbo-2 mbo-3 mbo-4 vmbo totaal hoogste opleiding economie 3 20 20 3 5 grafisch 20 1 landbouw/groen 20 6 4 overig 11 20 12 11 techniek 100 86 60 79 77 zorg en welzijn 40 2 totaal opleidingsector 100 100 100 100 100 100 Veel leerling flexkrachten hadden al een baan voor ze aan het project begonnen; in totaal 57 procent. Dit percentage is als volgt opgebouwd. Allereerst was een derde van de leerling flexkrachten (32%) in dienst bij een ander bedrijf dan het bedrijf waar ze als leerling flexkracht zijn geplaatst. Dat betekent dus dat een derde een overstap van werkgever heeft gemaakt met het oog op de opleiding. Een vijfde (20%) werkte al via een flexorganisatie in het bedrijf van plaatsing; zij zijn van flexkracht, leerling flexkracht geworden. Vermoedelijk zijn dit flexkrachten die de kans hebben genomen om een opleiding te volgen binnen het bedrijf dat hen inleent. Tot slot is er vijf procent die voor een flexorganisatie werkte, maar binnen een ander bedrijf. In totaal dus 32 + 20 + 5= 57 procent. We kunnen de gegevens ook op een andere manier clusteren. Twintig procent van de leerling flexkrachten werkte via een flexorganisatie binnen het bedrijf van plaatsing en vijf procent werkte via een flexorganisatie binnen een ander bedrijf. In totaal was dus een kwart van de leerling flexkrachten al werkzaam via een uitzendbureau. 6

Tot slot kunnen we op grond van de gegevens zeggen dat 20 procent schoolgaand was en zeven procent een uitkering had. Die uitkering betrof in zes van de zeven gevallen WW. Geen van de leerling flexkrachten is of was arbeidsongeschikt. We vatten het geheel weer samen in een tabel: tabel 2.5. Tabel 2.5 Startpositie van leerling flexkrachten (in %, n=98) startpositie perc was in dienst bij ander bedrijf dan bedrijf van plaatsing 32 op school 20 werkte voor flexorganisatie binnen dit bedrijf van plaatsing 20 had een uitkering 7 werkte voor flexorganisatie binnen een ander bedrijf 5 geen van de genoemde opties 15 Tot nu toe zijn drie leerling flexkrachten gestopt met het project; deze leerling flexkrachten hebben geen diploma gehaald. Op de datum van de peiling (16 januari 2013) hadden zij geen werk. 2.5 Huidige opleiding De leerling flexkrachten die aan dit project deelnemen worden opgeleid voor diverse functies. Die laten zich allereerst samenvatten naar opleidingsniveau: twee derde van de leerling flexkrachten op niveau mbo-2; slechts een fractie volgt een opleiding op mbo-4 niveau. Het cirkeldiagram figuur 2.2 laat die samenvatting zien. 7

Figuur 2.2 Niveau van huidige opleiding van leerling flexkrachten (in %, n= 97) 30 4 66 mbo-2 mbo-3 mbo-4 Wanneer we het hoogst behaalde opleidingsniveau (zoals dat in figuur 2.1 is gerapporteerd) combineren met het niveau van de opleiding die men nu volgt (figuur 2.2) ziet dat er in tabelvorm als volgt uit. Tabel 2.6 Combinatie hoogst behaalde opleiding (kolommen) en niveau van huidige opleiding (rijen) (in %, n= 97) geen dipl./bo mbo-1 mbo-2 mbo-3 mbo-4 overig vmbo tot. opleiding mbo-2 100 67 33 80 60 44 94 66 mbo-3 0 33 61 0 20 56 6 30 mbo-4 0 0 6 20 20 0 0 4 totaal niveau opleiding 100 100 100 100 100 100 100 100 In de tabel zijn de percentages van die leerlingen die in dit leerwerktraject hun opleidingsniveau ophogen, cursief weergegeven. Zo volgen alle leerling flexkrachten die geen diploma of alleen basisonderwijs (bo) hadden, nu een opleiding op mbo-2 niveau; dit percentage staat dan ook cursief. Ook valt te zien dat twee derde van de leerling flexkrachten op mbo-2 niveau een niveauverhoging willen realiseren, net als 20 procent van de leerling flexkrachten met mbo-3 niveau. Tegelijk zien we ook dat van de leerling flexkrachten met mbo-4 niveau nu 20 procent een opleiding op mbo-3 niveau volgt en 60 procent op mbo-2. Zij volgen dus een opleiding op een lager niveau dan ze al hadden. Wanneer we het aantal leerling flexkrachten dat een hogere opleiding volgt dan ze aanvankelijk hadden, bij elkaar optellen (zeg maar de leerlingen die aangeduid worden met de cursieve percentages uit tabel 2.6) en we bekijken dat op het geheel, dan 8

blijkt uit een aanvullende analyse dat 70 procent van de leerling flexkrachten via dit project hun opleidingsniveau probeert te verhogen. In de bijlage is de complete lijst met alle 53 genoemde functies opgenomen. Een globale clustering van die lijst leert het volgende: negenentwintig leerling flexwerkers volgen een opleiding die met mechatronica van doen heeft; bij negentien leerling flexwerkers wordt naar hun functie verwezen met de term metaalbewerking; zeventien leerling flexkrachten volgen een opleiding tot een of andere vorm van monteur; elf leerling flexwerkers volgen een allround opleiding (dat kan zijn allround lasser, allround constructiewerker, of allround operator); tien leerling flexwerkers volgen een opleiding tot constructiewerker. In deze opsomming zit overlap van functies (b.v. wanneer men tot monteur mechatronica wordt opgeleid). 9

3 Metaalbedrijven In totaal zijn er bij 56 metaalbedrijven leerling flexkrachten geplaatst. Een kwart daarvan heeft 51 tot 100 medewerkers, een kwart 100 tot 250. Dat blijkt uit figuur 3.1. Figuur 3.1 Omvang deelnemende metaalbedrijven (in %, n= 56) 25 9 25 5 13 23 1 tot 5 medewerkers 6 tot 20 medewerkers 21 tot 50 medewerkers 51 tot 100 medewerkers 100 tot 250 medewerkers meer dan 250 medewerkers Van deze bedrijven geven er 24 aan aangesloten te zijn bij A+O en 10 bij OOM; 22 bedrijven hebben geen opgave gegeven van het opleidingsfonds waarbij ze zijn aangesloten. 10

Bijlage Tabel 1 Overzicht van functies waarvoor leerling flexkrachten worden opgeleid (in absolute aantallen) functie aantal? 4 94340 fijnmechanische techniek 1 allround constructiewerker 2 allround lasser niveau 3 1 allround operator 5 allround plaatwerker 1 alround constructiewerker 2 bbl mechatronica 1 constructiewerker 7 elektrotechnische inst 1 fijnmechanische techniek 3 fijnmechanische techniek verspaning 1 installeren 1 leeling monteur mechatronica 1 leerling constructiewerker 1 leerling mechanisch operator 1 leerling metaalwerker 3 leerling monteur e 1 leerling monteur mechatronica 1 leerling monteur mwt 1 machinebouw mechatronica 8 machinebouwer 2 mechatronica 8 metaalbewerken 5 metaalbewerker 8 metaalbewerker basislasser 2 metaalwerker 1 middenkader engineering 1 moderne productietechnologie 1 monteur elektrotechnische industrie 1 monteur gww 1 monteur industrieel onderhoud 1 monteur mechatronica 5 monteur mechatronica machinebouwer 1 monteur mechtronica 1 monteur tester mechatronica 3 onderhoudsmonteur industrie 1 operator 5 operator c 1 operator productietechniek 4 scheepsbouwer 1 verspaner 2 werkvoorbereiding fabricage 1 11

Totaal 103 12