Autonoom als vak De zelf

Vergelijkbare documenten
pagina 2 van 5 Laten we maar weer eens een willekeurige groep voorwerpen nemen. Er bestaan bijvoorbeeld -- om maar iets te noemen -- allerlei verschil

Bewijzen voor een atheïst dat Allah (God) bestaat

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 1

ONVERGETELIJK Kunst bespreken met mensen met dementie en hun dierbaren

Michel Taal FAALKRACHT. In 3 stappen van laf naar lef. i n 3 s ta p p e n va n. Uitgeverij Business Contact Amsterdam/Antwerpen

2 keer beoordeeld 22 maart Sociale filosofie gaat over de maatschappij, het gaat over hoe je een goede samenleving kan hebben.

BECCI: Behaviour Change Counselling Inventory

Hoofdstuk 2. Kennis en geloof

Eindexamen filosofie vwo 2002-I

Wat is de mens? - Context. De opkomst van de filosofische antropologie

Check-in. De zin van het leven is de zin die je er zelf aan geeft. 6 De Z-factor

Tekst lezen en verbanden leggen

Willen sterven. Wie anders dan ik zelf zou het recht hebben om te beslissen over mijn leven? Moment voor religieuze bezinning en waardevol leven

INHOUDSOPGAVE 5 DEEL I KENNIS... 6 DEEL II WETENSCHAP... 76

tip! in leerjaar 1, is nog weinig verschil; mavo mag deze samenvatting ook gebruiken

Over Plantinga s argument voor de existentie van een noodzakelijk bestaand individueel ding. G.J.E. Rutten

WELKE VAKKEN DOE JIJ GRAAG?

6.a.1. GESTANDAARDISEERDE MMSE

WIJ DENKEN OVER KENNIS EN WETENSCHAP. Verwerkingsboek. Philippe Boekstal DAMON. WD kennis wetenschap 2601.indd :16

naar: Jed McKenna, Jed McKenna s theorie van alles, Samsara, 2014

Aanvullende informatie ter voorbereiding op de TGN A1. Inleiding. Hoe maakt u de TGN?

om Kort en Krachtig te schrijven Ingrid Verbakel

8. Logogrammen. Soemer. Uitbreiding

DE ULTIEME SOLLICITATIEGIDS

Tussendoelen sociaal - emotionele ontwikkeling - Relatie met andere kinderen

VERMINDER DE CHAOS IN JE HOOFD DOOR DEZE GOUDEN TIPS. Yvonne Burgmeijer Overmaat 24, 6831 AH, Arnhem

De Vraag Aangaande Feestdagen en Verjaardagen

Wat is? filosofie? Wat is. en kwaad. Hoofdstu

Waar Bepaal ten slotte zo nauwkeurig mogelijk waar het onderwerp zich afspeelt. Gaat het om één plek of spelen meer plaatsen/gebieden een rol?

Bronnenbank Onderwijstheorie Tessa van Helden. Inhoudsopgave Pagina. Bron 1 Design Marcel Wanders. 2. Bron 2 ADHD in de klas. 2

Boekverslag Nederlands Ik mail je door Yvonne Kroonenberg

Drie maal taal. Taal beschouwen in realistische situaties

Doel. Spel. Duur: - Groep - Individueel. Laat je inspireren door de voorbeeld vragen in deze spiekbrief.

filosofie vwo 2016-I Opgave 1 Twijfel in de rechtbank

Praktijkwerkboek AKA. Kennismaken met het archief... 4 Je gaat kennismaken met een archief met papieren archiefstukken op het werk.

Waar gaan we het over hebben?

OPBOUW ZELFSTANDIGE BASISHOUDING BIJ KINDEREN

De zorg moet steeds beter.

Licht verstandelijke beperking. Praktische tips voor herkennen. voor professionals

Tussendoelen domein SOCIAAL EMOTIONELE ontwikkeling. Zelfbeeld. *bron: SLO ;6 4 4;6 5 5;6 6 6,6 7

Christa Mesnaric. Aristoteles. voor. managers

Pleroe de Wet. Wij raden je aan om een uitgebreide Strongs Concordantie te raadplegen om de Griekse woorden die

BEGRIJPEND LEZEN 1 NEDERLANDS TEKSTSOORTEN EN TEKSTDOELEN

Allereerst wil ik je feliciteren met het ondernemen van actie en het downloaden van dit

Geschiedenis en Techniek Groep 7

Hoe zou je dit vertellen aan iemand die er vandaag niet bij is? Leerlingen helpen om wiskunde te begrijpen: Vragen die: Ben je het er mee eens?

Arrangement 1 De Luisterthermometer

Praktijkwerkboek AKA. Dataverwerking. Mutaties doorvoeren... 8 In deze opdracht voer je mutaties door in een databestand.

Definities. Welke landschappen men kan onderscheiden. Hoe architectuur is gedefinieerd. Het verschil tussen een registrerende en creatieve benadering.

Preek de Wet van Mozes

Gastouderbureau MijnGastouderopvang

Zijn respondenten interviewerresistent?

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN

Praktische tips voor het voeren van een gesprek

Werkstuk Levensbeschouwing Relaties

1) Opmaak van een sterk CV

DE L CKER DOELEN STELLEN

Rene Descartes. René Descartes, een interview door Roshano Dewnarain

Grenzen verleggen. Amsterdam, februari Beste Julian Baggini,

Taxanomie van Bloom en de kunst van het vragen stellen. Anouk Mulder verschil in talent

Thema Op het werk. Lesbrief 16. Herhaling thema.

Programma vandaag: Invullen vragenlijst Hoe werken we met wiskunde? Rooster en planning Introductievraag aan de slag

ling van die eigenschap binnen het model geldt. In het bijzonder bij het wiskundig modelleren van een programma kan een eigenschap met wiskundige zeke

Overzicht van leerlingkenmerken van verschillende typen rekenaars

Die bus heeft hij van zijn vader gekregen, waar hij heel goed mee kan opschieten.

TITEL ACTIVITEIT + beschrijving: filosofisch gesprek over geloven.

Whitepaper Verbindend communiceren In 4 stappen effectief feedback geven

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Oriëntatie op het bedrijf

Laag Vaardigheden Leerdoelen Formulering van vragen /opdrachten

Take Home Examen. Het stijlbegrip volgens Nelson Goodman. i Postvak 54 6 juni 2008 Blok BA CW 1 E Vraag II

U kunt zich voorstellen dat plotseling wakker worden in Frankrijk iets minder grote problemen veroorzaakt voor het

Lezen - Moeilijke woorden in de krant vmbo-kgt34

Eindexamen filosofie vwo I

Werkstuk wizard Hulpvragen

INFORMATIEARCHITECTUUR DESIGN EN MARKTPLAATS

Programma van Inhoud en Toetsing (PIT)

Waar gaan we het over hebben?

RESEARCH & DESIGN. keuzeonderzoeken. Verwondering: het begin van wetenschap. klas 1 havo/atheneum , periodeboek 1A:

Tussendoelen sociaal - emotionele ontwikkeling: Omgaan met zichzelf

Inhoud van de les. Doelgroepen * jaar regulier basisonderwijs * jaar speciaal onderwijs * jaar regulier voortgezet onderwijs

Deel het leven Johannes 9: februari 2015 Thema 6: De last van het verleden

Week 4: voelend schrijven met je hogere zelf en je gidsen. WEEK 4 Voelend schrijven met je hogere zelf en je gidsen

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden.

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 5

Samenvatting Nederlands Hoofdstuk 2: lezen, woordenschat en spelling

Lesdoelen De kinderen herkennen het werkwoord in een zin. Materiaal Oefenblad instaples 1 taal Antwoordblad instaples 1 taal. Lesduur 25 minuten

Transcriptie:

Aangezien ik de indruk heb gekregen dat er een opkomst is van een nieuw vakgebied dat nog niet zodanig als vak bestempelt wordt, wil ik proberen dit vak te expliceren, om het vervolgens te kunnen betitelen als autonoom als vak. Om het concept autonoom als vak in eerste instantie te verduidelijken, moeten we eerst begrijpen wat autonoom inhoud. Het woord stamt af van het Griekse woord autonomos, autos als in zelf en nomos als in wet ; dit betekent: eigen wetten. Een manier om het woord autonoom te interpreteren is de definitie gegeven: een op zichzelf staande entiteit. Deze definitie is erg abstract, omdat in filosofische termen: niets kan bestaan zonder het ander. In andere woorden een entiteit kan niet bestaan zonder andere entiteiten; een olifant bestaat alleen, omdat er andere olifanten zijn, en een breder feit: een olifant kan alleen leven vanwege entiteiten zoals: zon, aarde, water, planten, enzovoort. Dit betekent dat we ervan uit kunnen gaan dat een entiteit nooit volledig zelfstandig kan zijn en dus altijd andere entiteiten nodig heeft. Wat betekent dit voor de autonoom? Dit betekent dat een volledige autonome entiteit niet kan bestaan. Autonoom zijn, in de zin van op zichzelf staand, is dus niet mogelijk. Maar dit feit sluit niet uit dat we het woord niet verder kunnen bevragen, want hoe zit het met de zelf van autos ; wie of wat is de zelf die deze wetten heeft? De zelf Om de zelf te verduidelijken moeten we kijken naar het woord automobiel ; het tweede woord mobiel stamt af van het Latijnse woord mobile, wat bewegend betekend. De automobiel heeft deze naam verkregen, omdat het zichzelf voortbeweegt. Dit is absurd. Aangezien de automobiel, gelijk aan de olifant, meerdere factoren nodig heeft om voor te bewegen: een weg, benzine en een bestuurder. Een van deze factoren, de bestuurder, is een komische woordspeling, aangezien in de zin: ik bestuur mijn auto, bestuurd aantoont dat de zelf bestuurd word. Het besturen is de tegenstrijdigheid van het woord automobiel ; dit betekent namelijk dat het geen wat zelf hoort te bewegen niet zelf kan bewegen. Voor de zelf betekent dit dat het niet altijd zelf kan bepalen; de zelf is hier de machine die voortbewogen moet worden. Deze twee voorbeelden geven aan dat het woord autonoom, in de huidige context, problemen heeft met hoe het zich uitdrukt. Een van de meest

voorkomende definitie van het woord autonoom is de betekenis onafhankelijk ; voor dit woord gelden dezelfde filosofische problemen als die hierboven zijn aangegeven. Maar laten we deze filosofische betekenissen achterwege laten en ons afvragen: van wie of wat wil de entiteit onafhankelijk zijn? Wanneer we het bijvoorbeeld hebben over een autonoom gebied, dan spreken we over de omgeving van dat gebied. Stel je voor dat Rotterdam besluit een autonoom gebied te worden, dan spreekt Rotterdam de Nederlandse overheid aan; de Nederlandse overheid is hier de wie of wat. Dit betekent dat wanneer iemand spreekt over een autonoom gebied het daardoor direct in relatie staat met het gebied waarvan het onafhankelijk wilt zijn. Dit is nogmaals een tegenstrijdigheid, omdat als het werkelijk onafhankelijk was dan had het niet een autonoom gebied genoemd moeten worden, maar simpelweg gebied of Rotterdam. Dit laatste voorbeeld laat zien dat het woord autonoom word gebruikt als een voorstel om autonoom te worden. In deze context word het woord gebruikt als een bijvoeglijk naamwoord; dit is bijna altijd een contradictie. Zo zal ik nog een voorbeeld geven waar deze contradictie duidelijk zichtbaar wordt: autonome kunst is kunst die onafhankelijk wilt zijn van kunst, het wilt zijn eigen regels bepalen. Autonome kunst is kunst, maar waar wil het onafhankelijk van zijn? Van zichzelf? Dit is nogmaals absurd. Zodoende kunnen we aannemen dat het naar iets anders reflecteert: misschien naar de geschiedenis van de kunst? Of waarschijnlijker naar de hedendaagse kunst; wat zou betekenen dat het reflecteert naar de regels van de hedendaagse kunst, die niet worden gevolgd. Maar welke regels worden dan niet gevolgd? Hier zit het probleem. Aangezien sommige van deze regels altijd gevolgd moeten worden om in de eerste plaats kunst te kunnen zijn. Ik kan stellen dat in beide gevallen het bijzonder is dat het woord autonoom als een bijvoeglijk naamwoord wordt gebruikt. Aangezien het woord niet langer zijn originele betekenis behoudt. Het krijgt de betekenis anders ; autonome kunst is kunst die anders is dan wat kunst hoort te zijn, en een autonoom gebied is een gebied dat anders wilt zijn dan het gebied waar het bij behoorde. Ergens is deze definitie logisch, aangezien een gebied dat andere regels hanteert, ook anders is dan het gebied die niet die regels hanteert. Maar anders is niet de juiste definitie van het woord autonoom. 2

Vanwege al deze verkeerde interpretaties van het woord autonoom, zie ik de mogelijkheid de woordsoort van het woord te veranderen. Ondanks dat ik niet weet of dat mogelijk is, wil ik proberen te expliceren waarom het logischer is autonoom te gebruiken als een zelfstandig naamwoord in plaats van het te gebruiken als een bijvoeglijk naamwoord. Voor meer inzicht moeten we terug naar de olifant: hoe eerst de vrij bewegende olifant een autonome olifant zou worden genoemd; waardoor het niet vrij is van de connotatie naar het ras olifant en het erop lijkt dat de olifant onafhankelijk wilt zijn van olifanten. Wil ik graag de vrij bewegende olifant een autonoom noemen, of in een zin: de olifant is autonoom ; de olifant volgt zijn eigen regels. Dit betekent dat de olifant accepteert dat het een olifant is en dat het daarnaast ook een autonoom is. Hier zie je dat de zelf niet meer in relatie staat met olifant ; maar dat de zelf reflecteert naar de ik. De regels Nu dat ik de zelf van autos heb veranderd, moet ik vervolgens bepalen waar de nomos, de wetten, naar verhouden. Deze wetten, of als hoe ik het hierboven benoemde deze regels, reflecteerden eerst naar de regels van het ras olifant. Ik denk dat we deze regels breder moeten zien. En om dit te verduidelijken gaan we terug naar de olifant: de regels van het ras olifant, staan waarschijnlijk in relatie tot de regels van de voormalige kudde van de olifant, dit betekent dat wanneer we spraken over een autonome olifant de olifant onafhankelijk was van de regels van de kudde. Nu wanneer ik zeg: de olifant is autonoom ; dan duid ik aan dat de olifant zijn eigen regels bepaalt en het enige waarvan het afhankelijk is zijn de regels van het leven. In andere woorden: wanneer de kudde besluit naar het noorden te trekken, en de autonome olifant besluit naar het zuiden te trekken, dan gaat de olifant de andere kant op; dit betekent dat de kudde alsnog onderdeel van hem/haar is. Wanneer de olifant autonoom is en besluit naar het zuiden te trekken, dan gaat het naar het zuiden. Maar wanneer de olifant naar het zuiden trekt en er ligt een rivier tussen hem/haar en het zuiden, dan zal hij/zij erom heen moeten lopen. En wanneer de olifant door wilt blijven lopen, dan heeft het energie nodig, waardoor het zal moeten eten en drinken. Dit zijn regels waarnaar de autonoom zoekt en probeert te begrijpen; de primaire regels van het leven. Een mens heeft aanzienlijk meer regels dan de olifant. Dat is vanwege een belangrijk verschil, namelijk dat wij over die regels kunnen rationaliseren, waarbij ik aanneem dat de olifant ze volgt vanuit het willen 3

van. Eén ding blijft daarentegen hetzelfde en dat is dat we beiden gebonden zijn aan onze primaire levensbehoeften en hierdoor is de definitie onafhankelijk nogmaals foutief. Maar wat is de juiste definitie voor autonoom in de context van een zelfstandig naamwoord? Ik zeg dat we terug moeten gaan naar de oorspronkelijke betekenis van het woord, namelijk eigen wetten of een meer toegankelijkere definitie: eigen regels ; de autonoom volgt zijn eigen regels. Maar wat zijn dan de primaire regels, waaraan de autonoom zich moet houden? Ik denk dat de autonoom de primaire regels eigen moet maken; in andere woorden wanneer de autonoom een primaire regel begrijpt moet die regel niet afgestote worden, maar geaccepteerd worden. Kort samengevat zou je kunnen zeggen dat de autonoom de wereld als een spel ziet, waarbij elk spel zo zijn eigen regels heeft; zonder die regels zou het spel namelijk niet bestaan. Bijvoorbeeld wanneer een kind de lucht in springt, dan is het kind gebonden aan de regel van de zwaartekracht ; hoe hard het kind ook zal springen het zal altijd weer op de grond landen. Deze regel is universeel, maar om de regel te begrijpen had het kind moeten springen. Dit doet de autonoom ook exact; springen om de regels te begrijpen. Naast het bevragen van de primaire regels, de onveranderbare, zijn er ook regels die wel veranderbaar zijn; waardoor autonoom zijn werkelijk wetenswaardig wordt. Om dit te bewijzen gaan we terug naar het kind: deze keer vraagt de gymleraar aan het kind om honderd keer op en neer te springen, twee keer per week. Wanneer het kind autonoom is, zal het vragen: waarom zou ik honderd keer op en neer springen, twee keer per week? Wanneer de gymleraar antwoord dat het goed voor de gezondheid is om honderd keer op en neer te springen, twee keer per week. Dan zou de reactie van het kind zijn: waarom is het gezond om honderd keer op en neer te springen, twee keer per week? Na een voor de leraar uitzichtloze vragen ronde te hebben beantwoord en eventuele tests te hebben moeten demonstreren, komt het kind erachter dat het inderdaad goed voor je gezondheid is. Dan zou de autonoom het accepteren als waarheid en zal hij/zij misschien honderd keer op en neer springen, twee keer per week. Waarom misschien? Het zou kunnen dat de autonoom niet gezond wilt zijn, maar dit is onwaarschijnlijk. Een waarschijnlijker antwoord is dat vanwege de vele vragen en experimenten de autonoom tot een kennis is gekomen dat er velen andere manier zijn om gezond te worden, bijvoorbeeld: om een half uur te lopen, twee keer per week. 4

Dit voorbeeld van het kind dat springt, toont aan hoe de autonoom werkt; alles is een spelletje en de autonoom wilt weten wat de regels ervan zijn. De autonoom zou dus ook een onderzoeker genoemd kunnen worden; onderzoekend naar wat de regels van het leven zijn en ze vervolgens toepassen op het leven. Als ik zou worden gevraagd om in het woordenboek een definitie te geven voor het woord autonoom, dan zou ik daarop antwoorden: 1) de autonoom zelfst.naamw.: een entiteit die eigen regels heeft en maakt en ze toepast op het leven. Als vak Na een lange uitleg van het woord autonoom, en laten we vanaf nu aannemen dat het een zelfstandig naamwoord is met de hierboven genoemde definitie, dan zal ik nu proberen te verhelderen wat ik bedoel met autonoom als vak. Om deze uitleg enigszins te simplificeren kunnen we er vanaf nu van uitgaan dat het gaat over de mens als autonoom. Autonoom als vak kan ik het beste vergelijken met het beroep van een schrijver. Want wanneer wordt iemand die schrijft een schrijver; iemand met het beroep schrijven? Dit gebeurt ten eerste wanneer de schrijver schrijft, maar in tegenstelling tot alle mensen die kunnen schrijven en die schrijven toont de schrijver zijn geschriften. Dit betekent dat wanneer de autonoom de regels heeft gevonden en het beroep van hem/haar autonoom is, dan zal de autonoom de regels tonen aan anderen. Wanneer het kind heeft uitgevonden dat een half uur lopen, elke week twee keer, leuker is dan honderd keer op en neer te springen, twee keer per week en zijn/haar vak autonoom is, dan zal het kind dit tonen aan zijn/haar: schoolgenoten, vrienden, familie en zelfs aan onbekenden. Het verschil tussen de autonoom en de gymleraar, waarbij het de gymleraar niet te verwijten is, is dat de gymleraar regels oplegt en de autonoom de regels slechts toont. De autonoom zal proberen zijn medemens de regels te laten bevragen in plaats van ze de regels op te leggen waarbij het opleggen slechts een kwestie van accepteren is en hier is de keuze gelimiteerd tot wel of niet accepteren dit is iets wat plaats vindt bij de primaire regels en zoveel mogelijk door de autonoom vermeden wordt. De autonoom zoekt naar de juiste manier om de regels te tonen of anders gezegd te delen. Als je kijkt naar het woord delen geeft het aan dat de autonoom zijn regels geeft. Het geven is een belangrijk onderdeel voor de autonoom, want ondanks dat de autonoom moest zoeken naar de regel, is het gegeven. Plato zei dat het voornaamste doel van de mens kennis vergaren is. Daar wil ik aan toevoegen dat het tweede doel van de mens 5

het delen van deze vergaarde kennis is. Het komt erop neer dat er dus een tweede definitie aan het woord autonoom gegeven moet worden, dit zou ik als volgt omschrijven: 1) de autonoom zelfst.naamw.: een entiteit die eigen regels heeft en maakt en ze toepast op het leven. 2) de autonoom zelfst.naamw.: iemand met het vak autonoom, een autonoom die zijn eigen regels deelt. Om het concept autonoom als vak af te ronden zal ik in het kort vertellen wat de juiste manier is om die regels te delen en waarom het belangrijk is dat ik dit concept heb opgelicht. Om de regels juist te delen zal ik mijzelf als voorbeeld gebruiken, dit toont ook direct aan hoe ik de autonoom in eerste instantie zag. Vanwege mijn fascinatie voor filosofie en kunst, dacht ik dat de autonoom de combinatie van beide moest zijn. Ik dacht door deze zin van Nietzsche: de nieuwe filosofen zullen zowel kenners en makers zijn. dat de kenner de filosoof representeerde en de maker de kunstenaar. Eigenlijk omdat Nietzsche beiden was, zou mijn interpretatie kunnen kloppen. Maar dit betekent niet dat de autonoom een filosoof moet zijn om iets te weten of een kunstenaar moet zijn om iets te maken. De autonoom is een autonoom en vind zijn/haar eigen manieren om de regels te vinden en te delen. Ik geloof er overigens wel in dat de autonoom een kenner is, en wanneer het zijn/haar vak is ook een maker is. De kenner representeert hij/zij die de regels gevonden heeft en toepast en de maker representeert hij/zij die een manier vind om de regels te delen. Voor mij is het vrij logisch dat ik filosofie en kunst gebruik om mijn regels te vinden en te delen. Maar hier komt het belangrijke gedeelte van het concept autonoom als vak : als een wetenschapper, architect, wiskundige en designer autonomen zijn dan zullen zij waarschijnlijk wetenschap, architectuur, wiskunde en design gebruiken om de regels te vinden en te tonen. Je zou kunnen zeggen dat de autonoom enigszins de nieuwe filosoof van Nietzsche s omschrijving is, maar aangezien er op elk vakgebied autonomen zijn is het belangrijk ze een andere benaming te geven dan de nieuwe filosofen. Wat ik in dit manifest aangeef is dat er mensen zijn die autonoom zijn. Ik geef deze groep van individuen de benaming autonomen zodat deze groep zichtbaar wordt en hierdoor één kan worden. Hun vak is autonoom en hun hulpmiddel om de regels te vinden en te delen, hun medium, is het andere vakgebied. Om dit laatste onderdeel te verduidelijken zal ik mijzelf nogmaals als laatste voorbeeld gebruiken: mijn naam is Kevin Kristiaan Jansen en ik gebruik filosofie en kunst om mijn regels te vinden en te delen; ik ben een autonoom en zo is mijn vak. 6