Neonicotinoïden en bijen

Vergelijkbare documenten
Neonicotinoïden en Fipronil en sterfte van bijen en bijenvolken

Effect op honingbijenvolken van andere stressoren samen met de exotische invasieve varroamijt. Klimaat en weer. Coby van Dooremalen,

Imidacloprid en bijensterfte?

Resultaten multifactorieel onderzoek: effect multi-stressoren op bijenvolken. Coby van Dooremalen. 23 februari 2019 Bijscholingsdag leraren bijenteelt

(Voor de EER relevante tekst)

Bijen en zo. Villa Augustus 6 mei Adriaan Guldemond, CLM Eva Cossee

Bijensterfte: oorzaken en gevolgen + stand van zaken voorjaar Insectbestuiving & Bijenhouderij Succes story / Ramp scenario?

Neonicotinoïden. Insecticiden met selectieve werking. Binden aan nicotinoïde acetylcholine-receptoren in CZS van insecten

Bestuivingscrisis: feit of fictie? Oorzaken en gevolgen van de terugloop van bestuivende insecten

Opbouw verhaal 26/04/2013. Honingbijen, oorsprong en verspreiding. Het V-woord en de weerstand daartegen

Den Haag Bij voorbeeld. Initiatiefvoorstel voor bijvriendelijk handelen

De Bij hoort erbij. 10 juni 2015 Probus 1 Maastricht Guus Gerards

Geïntegreerde gewasbescherming (IPM)

WORKSHOP GEZONDE BIJEN IS DE IMKER ZELF DE GROOTSTE VERSPREIDER? IMKER ALS STERKSTE SCHAKEL!

Neonicotinoïden: opnieuw een dode lente op het boerenland? Frank Berendse Wageningen University

Afweer van bijenvolken

Twee nieuwe invasieve exotische soorten

Natuurlijke selectie varroa resistentie (?)

Gezondheid en bescherming van bijen Uitdagingen en opiossingen

ALLES rondom residuen: wat moeten we weten?

NVWA en bijen Toon Driessen Divisie Landbouw en Natuur Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (NVWA)

Bijenhouden ten behoeve van zaadteelt en groente productie. Willem J. Boot & Johan N.M. Calis Inbuzz, Imkersbedrijf Boot en Calis, VOF

Invloed van imidaclopridresiduen in oppervlaktewater op bijensterfte in Nederland

Toxicologie enkele begrippen

29/03/2017. Darwin in de imkerij: natuurlijke selectie zorgt voor resistentie tegen Varroa destructor. Fries: Gotland.

Diane Heemsbergen (0317) december Briefnummer Behandeld door Telefoonnummer Datum. Geachte mevrouw Mansveld,

Zwarte lijst schadelijke bestrijdingsmiddelen

Angeldragers Honingbij Solitairebij Hommel Wesp

Hoe werkt de toelating van gewasbeschermingsmiddelen?

Binnen de kast heeft elke bij haar eigen taken en verantwoordelijkheden: de koningin legt de eitjes, de darren vrijen met de koningin en de werksters

Thermoregulatie bij honingbijen

Samen imkeren naar Varroa resistente bijen: Introductie proef en voorstellen deelnemers

BIJENSTERFTE EN STUIFMEEL

Risicobeoordeling van lange-termijn inname van fipronil via de consumptie van ei en ei-producten

Bijen en Exoten. Tjeerd Blacquière,

Dr. Jeroen P. van der Sluijs

SBV /ms/vs3.1 SBV. sacbrood virus zakbroed. behorende bij de Syllabus Bijengezondheid van de Nederlandse Bijenhouders Vereniging

Interactie consument en producent Op weg naar gezonde groei, duurzame oogst. Ronald Hiel 11 juni 2015

Semi-natuurlijke selectie van varroaresistentie in Nederlandse bijen

Herbeoordeling neonicotinoïden houdende bestrijdingsmiddelen

STADSLANDBOUW: VEILIG VOEDSEL?

Honing onderzoek bij RIKILT Wageningen UR

Wat is ARIE? Hoe werkt de webapplicatie ARIE aanwijzing? Ga naar u krijgt dan het volgende scherm:

Samen werken aan diergezondheid, in het belang van dier, dierhouder en samenleving

Oxaalzuur sublimeren bij 180º werkt nu subliem

Spuitresidu Veiligheid voor de toepasser/werker/consument en de houding van de retail

Het magazine voor bijengezondheid. Een perfecte fruitschaal Kennishiaten over bestuiving aanvullen

1. werken aan. biodiversiteit ACTIES

Hoe Michi va G elen, de ees , Herman van Bekkem Supportersdagen 2015

destructor, neonicotinoïden en andere

Neonicotinoïde insecticiden als bedreiging van de gezondheid van mens en milieu

Indelen van stoffen en mengsels volgens CLP

Bijen zijn geen bijzaak. Tips en weetjes voor een bijenvriendelijke omgeving

Small Hive Beetle (Aethina tumida) Kleine bijenkastkever. Jeroen Donders

Analyse van residugegevens en spuitschema s in kleinfruit (rode bes)

Tytsjerksteradiel foar én mei de bij

In de Pers.. Gewasbeschermingsmiddelen

Toegelaten middelen bestrijding van de varroamijt met behulp van Etherische olien, gewonnen uit planten

Aalsteren tegen varroa

GEÏNTEGREERDE GEWASBESCHERMING IN DE WITLOOFTEELT INLEIDING EN WETGEVEND KADER

Transcriptie:

Neonicotinoïden en bijen Tjeerd Blacquière, Guy Smagghe, Kees van Gestel & Veerle Mommaerts 17 maart 2012, Wageningen

Neonicotinoiden en bijen Introductie: bijen sterfte Neonicotinoiden + bijen: sinds 1992 > 100 Peer Reviewed artikelen stoffen & manieren van toepassen blootstellingsroutes voor bijen residuen in planten residuen in bijenkasten en bijenproducten toxiciteit (giftigheid) voor bijen (lab- & veld-testen) acute toxiciteit (contact & oraal) chronische toxiciteit sub-letale toxiciteit

Neonicotinoïden en bijen (vv) Neonicotinoïden berekende orale blootstelling vergelijken met de toxiciteits gegevens lab- & veld testen & monitor studies vergelijking Risico beoordelingsschema (Toelatings protocollen) Vooruitzichten

Bijenvolksterfte en achteruitgang van bijen: oorzaken en publieke bezorgdheid Vele oorzaken: alle bestuivers: verlies van habitat (nestgelegenheid, foerage) globalisering & invasieve ( exotische ) soorten (incl. ziekten) klimaatverandering milieuverontreiniging en pesticiden honingbijen: parasitaire mijt (Varroa destructor); invasief, van gastheer gewisseld ziekten (veel, incl. invasieve), sommige overgebracht door Varroa bijenhouders praktijk (& gebrek aan vernieuwing en uitdaging) tekort aan foerage (diversiteit) synergismen (versterken van elkaar): (pesticiden/ziekten/voeding/...)

Neonicotinoïden werken systemisch Systemische karakter bepaalt de toepassing spuiten aangieten bodem + meedruppelen (kassen) zaadbehandeling dompelen van bloembollen voor het planten / voor de bewaring Toepassing bepaalt de mogelijke blootstelling acuut contact spuiten, stof, oppervlak van de plant oraal: water plassen, oppervlakte water, guttatie (druppels aan blad) oraal: voedsel: nectar + honingdauw stuifmeel (propolis, harsen)

Residuen moederstof: imidacloprid clothianidin thiametoxam dinotefuran nitenpyram acetamiprid thiacloprid flonicamid Giftigheid: LD 50 (contact ; oral) 4-80; 3,7 ng/bee 44; 3.8 ng/bee 24; 5 ng/bee 75; 23 ng/bee 138; / ng/bee 8090; 14.500 ng/bee 14.600; 17.300 ng/bee 51.1; 53.3 mg/bee + metaboliten Nitro Cyano

Residuen aangetroffen in het milieu Guttatie vloeistof hoge concentraties (mg/l range) Nectar 0-10 µg/l range Stuifmeel 0-10 µg/l range? harsen (propolis) Oppervlakte water geen PR gegevens (Visser) Veel te weinig soorten stuifmeel & nectar extrapolatie mogelijk? application! nabij detectie limiet wel veel gegevens in de toelatingsdossiers? open beschikbaar maken!

Residuen 2 In het bijenvolk? stuifmeel stuifmeelval: pollenkorfjes opgeslagen stuifmeel bijenbrood nectar honing was op / in bijen Residuen gevonden in weinig monsters 0-10 µg/kg (een paar monsters hoger: mg/kg) veel andere stoffen insecticiden fungiciden (veel) acariciden (imker) antibiotica (imker) conc s op bijen laag conc s in was laag

Testen van toxiciteit (giftigheid) Mortaliteit: acuut contact LD 50 acuut oraal LD 50 chronisch (oraal) sub-letale doses contact oraal acuut & chronisch sub-letale effecten: Gedrag: PER test mobiliteit/locomotor activiteit terugkeer op voedertafel Reproductie Ziekte resistentie Overwintering individueel volk laboratorium veld

Bepalen orale blootstelling (nectar & pollen) Blootstelling hangt af van: concentratie residuen hoeveel van het voedsel wordt gegeten variabel met leeftijd en taak nectar: meeste door nectar haalsters stuifmeel: hoofdzakelijk voedsters TER: tox/exp ratio LD 50 / verwachte dosis TER < 10: risico: veld testen nodig imidacloprid, nectar zonnenbloem: TER > 6 clothianidin, nectar koolzaad: TER > 5.6 alle andere gevallen (stoffen, bronnen): TER > 10 Rortais et al 2005

Laboratorium- & veldtesten Laboratorium testen: sub-letaal effecten vanaf 1,25 ng/bij vermijding repellency overschatting / onderschatting artefacten? terugkoppelingsmechanismen Veld testen: geen effect bij 5 µg/kg veld realistische conc s realistische tijdsduur vertraagde effecten trage chronische effecten

Monitor studies Frankrijk, USA+Ca; Duitsland; Spanje Residuen Bijengezondheid Voedsel Volkssterfte Correlaties geen correlaties gevonden: sterfte / neonicotinoïden veel andere residuen vaak concentraties < LOD correlaties andere factoren? ja

Risk Assessment schema OEPP/EPPO TER < 10: veld testen gebrek aan residu gegevens weinig plantensoorten nabij detectiegrens extrapolatie? dosering + toepassing dompelen bloembollen meer gegevens nodig: genereren (onderzoek) beschikbaar maken (publiceren van de toelatingsstudies) Veld testen schaal waarop niet te klein power (Creswell 2010) veld realistische concentraties standardisatie: mini volkjes hommels(mommaerts) mini volkjes honingbijen

Conclusies neonicotinoïden: bruikbaar gewasbeschermingsmiddel risico s kunnen adequaat worden vastgesteld geen (sterke) aanwijzingen voor rol bij volkssterfte van honingbijen Maar: nog te weinig gegevens goede veldstudies zijn nodig

Perspectief en doelen voor vervolgonderzoek veiliger neonicotinoïden minder persistent selectief verschillende nachreceptoren sub-letale effecten: betere manieren om vast te stellen gedrag, foerageren mini volkjes individuele bijen volgen in volk taakopvolging van bijen onderwerpen: mengseltoxiciteit fungiciden synergismen (bijv. ziekten, honger) lab / veld lab + veld

Honingbij: leven

Realistische proeven Laboratorium: concentraties leefomstandigheden bijen sociale cohesie Veldstudies: grootte detail controle individu? Nosema in lab: >10 5 sporen/bij ook 100% besmetting bij 10 3 sporen gezond volk heeft 10 6 sporen/bij Vergelijkbare conc. Nosema in proeven: Alaux et al., 2010 Pettis et al., 2012 idem concentraties middel

Bedankt voor het luisteren