RAPPORT VAN EEN SPECIFIEK ONDERZOEK Foundation Seventh-day Adventist School Lynch Plantation te St. Eustatius (21352) NAAR DE RECHTMATIGHEID VAN DE BESTEDINGEN ZOALS GERAPPORTEERD DOOR DE ACCOUNTANT IN DE RAPPORTEN VAN BEVINDINGEN NAAR AANLEIDING VAN DE CONTROLE VAN DE JAARREKENINGEN OVER HET BOEKJAAR 2014 EN 2015 Utrecht, december 2016 Onderzoeknummer: 291098
Voorwoord Dit rapport bevat de resultaten van een specifiek onderzoek naar de rechtmatigheid van de bestedingen zoals gerapporteerd door de accountant in de rapporten van bevindingen naar aanleiding van de controle van de jaarrekeningen over het boekjaar 2014 en 2015 bij het bestuur van de Foundation Seventh-day Adventist School Lynch Plantation (hierna: de Foundation) te St. Eustatius (21352). De Inspectie van het Onderwijs (inspectie) heeft het onderzoek uitgevoerd in de maand november 2016. Het conceptrapport met nummer 4965472 is op 17 november 2016 aan het bestuur toegezonden voor hoor en wederhoor. Het bestuur heeft een reactie ingezonden op 22 november 2016, die voor zover nodig is verwerkt in het definitieve rapport. Het definitieve rapport met nummer 4981741 is op 21 december 2016 te Utrecht vastgesteld door dr. Marc Spierings, afdelingshoofd PO/VO, directie Rekenschap en Juridische Zaken. Het onderzoeksrapport wordt in de vijfde week na vaststelling openbaar gemaakt via www.onderwijsinspectie.nl. SPECIFIEK ONDERZOEK Naast regulier onderzoek op grond van artikel 11 van de Wet op het onderwijstoezicht (Wot), kan de inspectie uit eigen beweging dan wel op aanwijzing van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap specifiek onderzoek verrichten op grond van artikel 15 van de Wot. Hieronder worden alle niet-reguliere vormen van onderzoek verstaan. De inspectie kan op grond van artikel 3 van de Wot een onderzoek instellen naar, onder meer, de financiële rechtmatigheid en de naleving van, bij of krachtens onderwijswetten gegeven voorschriften. Voor een specifiek onderzoek wordt steeds per onderzoek een onderzoeksvraag of meerdere onderzoeksvragen geformuleerd afhankelijk van de aard en onderwerp van het onderzoek. Ook de onderzoeksopzet en uitvoering volgen geen vast stramien, maar worden per geval bepaald. De bevindingen naar aanleiding van een specifiek onderzoek worden vastgelegd in een openbaar rapport, tenzij de aard van het onderzoek of de omvang daarvan zich daartegen verzet.
INHOUD Voorwoord 3 Samenvatting 7 1 Opdracht en werkwijze 9 1.1 Aanleiding 9 1.2 Onderzoeksvraag en werkwijze 9 1.3 Wet- en regelgeving 9 2 Bevindingen en conclusies 11 2.1 Bevindingen 11 2.1.1 Onderzoeksvraag: Voldoen de bestedingen zoals vermeld in de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 aan de wet- en regelgeving? 11 2.2 Conclusies 13
Samenvatting Uit de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 blijkt dat er in totaal over 2014 en 2015 voor USD 41.807 aan huurkosten en voedings- en vervoerskosten van leerlingen ten laste van de rijksbijdragen zijn gekomen. Gezien het voorgaande hebben wij een specifiek onderzoek ingesteld met als vraag: Voldoen de bestedingen zoals vermeld in de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 aan de wet- en regelgeving? Naleving van wet- en regelgeving Volgens artikel 5 van de Wpo BES dienen de kosten van voeding, kleding of vervoer voor leerlingen voor rekening van de eilandsraad te komen. Volgens artikel 78 van de Wpo BES dienen de voorzieningen in de huisvesting eveneens voor rekening van de eilandsraad te komen. De bestedingen van USD 41.807 ten laste van de rijksbijdragen zijn daarmee in strijd met artikel 119 van de Wpo BES waarin is vermeld dat de bekostiging uitsluitend mag worden aangewend voor kosten voor materiële instandhouding en personeelskosten van de school. Het is aan de hoofdinspecteur Primair onderwijs en speciaal onderwijs om aan de bevindingen en conclusies in dit rapport (financiële) gevolgen te verbinden.
1 Opdracht en werkwijze 1.1 Aanleiding In de rapporten van bevindingen van de accountants naar aanleiding van de controle van de jaarrekeningen over het boekjaar 2014 en 2015 is opgenomen dat de accountant specifieke bevindingen heeft inzake de rechtmatigheid. In 2014 is per saldo voor USD 14.363 opgenomen aan kantinekosten, huur en vervoerskosten evenals loonkosten buschauffeur die niet uit de rijksbijdragen mogen worden betaald. In 2015 is dit het geval voor een bedrag van USD 27.444 aan kantinekosten, huur- en vervoerskosten evenals loonkosten buschauffeur en busleider. Met de afhandelbrief van de jaarrekening 2014 (kenmerk 4729446/21352 van 26 november 2015) heeft de inspectie naar aanleiding van de opmerking van de accountant in het rapport van bevindingen 2014 het bestuur verzocht passende herstelmaatregelen te treffen in de jaarrekening 2015. De accountant diende deze herstelmaatregelen te beoordelen bij de controle van de jaarrekening 2015. In de afhandelbrief werd tevens het volgende meegedeeld: De inspectie kan in volgende jaren opnieuw signalen bekijken als die van de accountant en vervolgens beoordelen of sprake is van naleving van wettelijke voorschriften. In geval van niet naleving kan de inspectie overgaan tot het inzetten van handhavende maatregelen als het terugvorderen van rijksbekostiging. De inspectie kan daarbij ook de feiten betrekken uit voorgaande jaren, zoals die waarover de accountant nu heeft gerapporteerd. Uit het rapport van bevindingen 2015 blijkt niet dat het bestuur herstelmaatregelen heeft uitgevoerd. Tevens blijkt dat in de jaarrekening 2015 wederom kosten zijn opgenomen die niet uit de rijksbijdragen mogen worden betaald. Gezien het voorgaande hebben wij een specifiek onderzoek ingesteld. 1.2 Onderzoeksvraag en werkwijze Onderzoeksvraag Voldoen de bestedingen zoals vermeld in de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 aan de wet- en regelgeving? Werkwijze Het onderzoek is uitgevoerd op basis van de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 van het bestuur die door de accountant is opgesteld. 1.3 Wet- en regelgeving Om vast te stellen of er sprake is van onrechtmatige bestedingen is de aangetroffen situatie getoetst aan de Wpo BES, met name de artikelen 119, 5 en 78 van de Wpo BES. In artikel 119 inzake de besteding van de bekostiging is onder andere het volgende opgenomen: Het bevoegd gezag wendt met inachtneming van het eilandelijk zorgplan het totaal van de in de artikelen 105, 107 en 110 bedoelde bedragen voor de kosten voor de materiële instandhouding en de personeelskosten uitsluitend aan voor kosten voor materiële instandhouding, personeelskosten van de school of personeelskosten in verband met benoeming of tewerkstelling zonder benoeming van personeel, bedoeld in artikel 31, vijfde lid, dan wel mede voor die kosten van een van de andere scholen van dat bevoegd gezag. Pagina 9 van 13
In artikel 5 wordt inzake de kosten van voeding, kleding of vervoer voor leerlingen aangegeven dat door middel van een eilandsverordening regels worden gegeven ten behoeve van het verstrekken van voedsel, kleding en mogelijk maken van vervoer. Deze kosten komen voor rekening van de eilandsraad. In artikel 78 wordt aangegeven dat de eilandsraad of het bestuurscollege zorg draagt voor de voorzieningen in de huisvesting op het grondgebied van het openbaar lichaam. De bekostiging door OCW mag hier dus niet aan worden besteed. Pagina 10 van 13
2 Bevindingen en conclusies 2.1 Bevindingen 2.1.1 Onderzoeksvraag: Voldoen de bestedingen zoals vermeld in de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 aan de wet- en regelgeving? In het rapport van bevindingen 2014 van de Foundation is het volgende opgenomen: Specifieke bevindingen inzake rechtmatigheid: In de staat van baten en lasten over 2014 (grootboek rekening 43100 huur gebouwen) is voor USD 9.218 (2013: USD 9.218) opgenomen aan huur van een garage in gebruik voor het primair onderwijs. Deze kosten mogen conform het Onderwijs controleprotocol BES niet uit de rijksbijdragen worden betaald. In de staat van baten en lasten over 2014 (grootboek rekening 44108 verzend en transport) is voor USD 16.945 (2013: USD 13.468) opgenomen aan diverse kosten voor een truck en bus. Tevens blijkt uit de verzamelloonstaat dat een buschauffeur deel uitmaakt van het personeel. Het loon is USD 18.452 (2013: USD 17.302). Deze kosten mogen conform het Onderwijs controleprotocol BES niet uit de rijksbijdragen worden betaald. In 2014 is USD 31.320 (2013 USD 37.036) aan overige donaties ontvangen waarvan het bestuur van SDA heeft aangegeven dat deze dienen ter dekking van de hierboven omschreven kosten totaal USD 44.615 (2013 USD 45.887). Hierdoor kan geconcludeerd worden dat de overbesteding ten bedrage van USD 13.295 is gefinancierd uit de rijksbijdragen In het rapport van bevindingen 2015 van de Foundation is het volgende vermeld: Specifieke bevindingen inzake rechtmatigheid: In de staat van baten en lasten over 2015 (grootboek rekening 43100 huur gebouwen) is voor USD 10.056 (2014: USD 9.218) opgenomen aan huur van een garage in gebruik voor het primair onderwijs. Deze kosten mogen conform het Onderwijs controleprotocol BES niet uit de rijksbijdragen worden betaald. In de staat van baten en lasten over 2015 (grootboek rekening 44108 verzend en transport) is voor USD 13.289 (2014: USD 16.945) opgenomen aan diverse kosten voor een truck en bus. De school heeft de bus in hun materiële vaste activa geactiveerd en de jaarlijkse afschrijvingskosten bedraagt USD 9.740. Tevens blijkt dat een buschauffeur en bus leider deel uitmaken van het personeel. Het loon is USD 28.830 (2014: USD 18.452). Deze kosten mogen conform het Onderwijs controleprotocol BES niet uit de rijksbijdragen worden betaald. In de staat van baten en lasten over 2015 (grootboek rekening 44314 kantine kosten) is voor USD 936 (2014: USD 1.068) opgenomen aan kantinekosten. Deze kosten mogen conform het Onderwijs controleprotocol BES niet uit de rijksbijdragen worden betaald. In 2015 is USD 35.407 (2014: USD 31.320) aan overige inkomsten ontvangen waarvan het bestuur van SDA heeft aangegeven dat deze dienen ter dekking van de hierboven omschreven kosten totaal USD 62.851 (2014: USD 45.683). Hierdoor kan geconcludeerd worden dat de overbesteding ten bedrage van USD 27.444 is gefinancierd uit de rijksbijdragen. Pagina 11 van 13
Zoals uit voorgaande rapporten van bevindingen 2014 en 2015 blijkt, is er in totaal over 2014 en 2015 voor USD 41.807 ten onrechte ten laste van de rijksbijdragen gekomen. Volgens artikel 5 van de Wpo BES dienen de kosten van voeding, kleding of vervoer voor leerlingen voor rekening van de eilandsraad te komen. Volgens artikel 78 van de Wpo BES dienen de voorzieningen in de huisvesting eveneens voor rekening van de eilandsraad te komen. De bestedingen voor USD 41.807 ten laste van de rijksbijdragen zijn daarmee in strijd met artikel 119 van de Wpo BES, waarin is vermeld dat de bekostiging uitsluitend aangewend mag worden voor kosten voor materiële instandhouding en personeelskosten van de school. Pagina 12 van 13
2.2 Conclusies Onderzoeksvraag: Voldoen de bestedingen zoals vermeld in de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 aan de wet- en regelgeving? Uit de rapporten van bevindingen 2014 en 2015 blijkt dat er in totaal over 2014 en 2015 voor USD 41.807 aan huurkosten en voedings- en vervoerkosten van leerlingen ten laste van de rijksbijdragen zijn gekomen. Volgens artikel 5 van de Wpo BES dienen de kosten van voeding, kleding of vervoer voor leerlingen voor rekening van de eilandsraad te komen. Volgens artikel 78 van de Wpo BES dienen de voorzieningen in de huisvesting eveneens voor rekening van de eilandsraad te komen. De bestedingen voor USD 41.807 ten laste van de rijksbijdragen zijn daarmee in strijd met artikel 119 van de Wpo BES waarin is vermeld dat de bekostiging uitsluitend aangewend mag worden voor kosten voor materiële instandhouding en personeelskosten van de school. Het is aan de hoofdinspecteur Primair onderwijs en speciaal onderwijs om aan de bevindingen en conclusies in dit rapport (financiële) gevolgen te verbinden. Pagina 13 van 13