klimaatverandering Planet

Vergelijkbare documenten
Klimaatverandering Wat kunnen we verwachten?

Klimaatverandering en klimaatscenario s in Nederland

Bedreigingen. Broeikaseffect

Klimaatverandering in internationaal perspectief

NNV-bestuursstandpunt over de samenhang tussen klimaatverandering en energiegebruik

Klimaateffectschetsboek West-en Oost-Vlaanderen NATHALIE ERBOUT ZWEVEGEM, 5 DECEMBER 2014

klimaatverandering en zeespiegelstijging Klimaatverandering en klimaatscenario s Achtergronden Prof Dr Bart van den Hurk

Klimaatverandering. Opzet presentatie

KNMI 06 klimaatscenario s

economische mogelijkheden sociale omgeving ecologisch kapitaal verborgen kansen

Evolutie van het klimaat in België

Klimaatverandering. Opzet presentatie

Klimaatveranderingstand. wetenschap. Prof Wilco Hazeleger

Factsheet klimaatverandering

KNMI 06 klimaatscenario s

Klimaat in de 21 e eeuw

Gevolgen van klimaatverandering voor Nederland

Klimaatverandering. Opzet presentatie

Klimaat verandert toerisme

Klimaatverandering. Opzet presentatie

water Stroomgebieden

KLIMAATVERANDERING. 20e eeuw

The Day After tomorrow... Waarom wachten

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2008-II

Extra verhaal bij de uitzending 'Klimaatchaos': gevolgen van klimaatprobleem gaan ook Nederland raken

Nieuwe KNMIklimaatscenario s. Janette Bessembinder e.v.a.

Les bij klimaatverandering:

Klimaatverandering. Klimaatverandering. Klimaatverandering. Klimaatverandering. Klimaatverandering Klimaatverandering

et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces

Werkstuk Aardrijkskunde Broeikaseffect

KNVWS Delft. Overzicht

MAATSCHAPPIJ ONDERSCHAT ERNST EN TAAIHEID KLIMAATPROBLEEM

Overzicht en karakteristieken klimaatrisico s Nederland. Willem Ligtvoet

Factsheet klimaatverandering

DE KLIMAATBESTENDIGE STAD: INRICHTING IN DE PRAKTIJK. Hittestress in de stad: Over urgentie, metingen en maatregelen

De KNMI 14 klimaatscenario s Neerslag en neerslagextremen

Deelvraag 1: Wat zijn de oorzaken van klimaatverandering en wat houdt klimaatverandering in?

d rm Neder wa e landopg

Introductie Presentatie aan Bewonersorganisatie. Milieu en Kortenbos Wat kunnen we zelf doen

Werkstuk Aardrijkskunde Opwarming van de aarde

BANANEN LANGS DE NOORDZEE antwoordblad

6,1. Werkstuk door een scholier 1953 woorden 1 april keer beoordeeld. Hoofdvraag: Wat zijn de gevolgen van het versterkte broeikaseffect?

Opwarming van de aarde

Albert Klein Tank, Geert Lenderink, Bernadet Overbeek, Janette Bessembinder, KNMI

Les Koolstofkringloop en broeikaseffect

Ruimtelijke klimaatscenario s voor Vlaanderen. & Impact op overstromingen en droogte

Scenario s voor zeespiegelstijging. Caroline Katsman TU Delft / Vloeistofmechanica

-Klimaatverandering, klimaatscenario s en gevolgen voor beleid en beheer-

foto: Vera Siemons Resultaten onderzoek naar klimaatbeleving Uitgevoerd door Gfk i.o.v. Achmea - oktober 2016

Wordt de klimaatsverandering veroorzaakt door de mens, of is het een natuurlijk proces?

Opwarming van de aarde hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

3/13/2014. Klimaatverandering vraagt om innovatie. Crises op meerdere fronten

VERANDEREN VAN KLIMAAT?

Klimaatverandering vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Klimaatverandering, kansen voor agrarische ondernemers

Bodem & Klimaat. Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer

Opwarming van de aarde

Werkstuk Aardrijkskunde Klimaatverandering

SonEnergie, 25 maart 2019 Jacques Hagoort

Geologische tijdschaal. AK 4vwo vrijdag 31 oktober. 11 Het klimaat door de tijd. inhoud

Klimaatscenario s voor Vlaanderen, en impact op de waterhuishouding

Klimaatverandering. Urgentie in Slow Motion. Bart Verheggen ECN

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2006-I

Toets_Hfdst2_WeerEnKlimaat

Energiebalans aarde: systeemgrens

Waddengebied in tijden van klimaatverandering

Werkstuk Biologie Het (versterkte) broeikaseffect

De KNMI 14 klimaatscenario s Ontwikkelingen De scenario s Voorbeelden

Zeespiegelmonitor 2018

Klimaatadaptatie. Charles Aangenendt

Inleiding. Waarom Ruimtelijke adaptatie? Doel en afbakening van het klimaatatelier. Proces

o Heuvelachtig o Platteland o Boven zeeniveau o Plat o Stad o Onder zeeniveau

Invloed van klimaatverandering op hydrologische extremen (hoog- en laagwater langs rivieren in het Vlaamse binnenland)

De relatie tussen klimaatverandering en weersextremen

ZELFVOORZIENEND: TRENDS, MOGELIJKHEDEN EN GRENZEN

De estafette: Klimaatverandering

De klimaatverandering

ENERGIE IN VASTGOEDSTURING

Transcriptie:

klimaatverandering Planet 66 67

klimaatver andering De verandering van het klimaat wordt tegenwoordig gezien als de grootste milieudreiging in de wereld. Klimaatmodellen voorspellen op de lange termijn hogere temperaturen, extremere weersomstandigheden en een stijging van de zeespiegel. In Nederland kan dit grote gevolgen hebben voor de waterhuishouding; hogere dijken en ruimte voor water moeten soelaas bieden. Welke klimaatveranderingen worden er op Europees niveau verwacht? Het klimaat verandert als gevolg van het broeikaseffect; over deze constatering bestaat, op enkele uitzonderingen na (bijvoorbeeld McIntyre & McKitrick 2005), wetenschappelijke consensus. Sinds het begin van de Industriële Revolutie is de uitstoot van broeikasgassen (voornamelijk co ₂ ) toegenomen, en daarmee de concentratie van deze gassen in de atmosfeer. Hierdoor wordt meer warmte vastgehouden, met wereldwijd hogere temperaturen als resultaat. Naast dit door de mens veroorzaakte effect, zijn er ook natuurlijke processen die het klimaat beïnvloeden, zoals de cyclus van ijstijden en de verandering van zeestromen. Deze processen voltrekken zich in principe langzaam (in perioden van duizenden tot tienduizenden jaren), maar het broeikaseffect kan deze natuurlijke cycli versnellen. Globale verwachtingen Met hulp van modellen proberen wetenschappers klimaatveranderingen tot honderd jaar vooruit te voorspellen. Deze modellen zijn gebaseerd op verschillende scenario s voor de uitstoot van broeikasgassen, afhankelijk van de economische groei en het succes van maatregelen ter beperking van de uitstoot. De berekeningen zijn echter met grote onzekerheid omgeven, zó groot dat de temperatuurstijging voor het scenario met de meeste uitstoot van broeikasgassen (emissie) zelfs lager kan uitpakken dan die voor een scenario met drastische emissiebeperkingen. (Zie figuur 38, 39) De te verwachten temperatuurstijging varieert van regio tot regio. De stijging zal het grootst zijn in Zuid-Europa en rond de Alpen; vooral mediterraan Europa zal met zeer hete zomers te maken krijgen. Behalve de temperatuur zal het neerslagregime veranderen. In Zuid-Europa zal de regenval afnemen, terwijl in Noord-Europa een kleine toename te verwachten is. Dit patroon wordt door uiteenlopende modellen voorspeld, en lijkt redelijk robuust. In geen van de modellen wordt echter rekening gehouden met een omkering van de Atlantische Golfstroom. Planet/Klimaatverandering 68 69

Hoewel de kans klein is dat dit in de komende eeuw gebeurt, zou zo n omkering tot gevolg hebben dat het in West-Europa plotseling vijf graden kouder wordt en daar minder regen zal vallen (IPCC 2001). (Zie figuur 40, 41) Wetenschappers zijn nog niet in staat te voorspellen of zich meer of andere extreme weersituaties zullen voordoen. Aan de hand van modellen worden wel gemiddelde waarden voor temperatuur en neerslag berekend, maar niet de frequentie van stormen, hittegolven of hevige regenval; juist dit soort extreme situaties behoren tot de mogelijk ernstigste gevolgen van de klimaatverandering. Gevolgen van klimaatverandering Zuid-Europa lijkt de regio die het meest te verduren zal krijgen van de nieuwe meteorologische omstandigheden. Deze regio zal in toenemende mate worden geconfronteerd met langdurige droogte, waarvan een tekort aan water voor irrigatie en rantsoenering van drinkwater de gevolgen kunnen zijn [>Water]. Watertekorten en hitte zullen daarnaast het zomertoerisme in het Middellandse Zeegebied beïnvloeden [>Toerisme], en extra druk op de energievoorzieningen leggen: zowel de koeling van thermische en nucleaire elektriciteitscentrales als de capaciteit van waterkrachtcentrales zal sterke beperkingen ondervinden [>Energie]. Boven-dien zal het risico van bosbranden toenemen en zullen de omstandigheden voor landbouw of landschapsbeheer verslechteren (EEA 2005). (Zie figuur 42) Door toenemende regenval zullen in Midden-Europa vaker overstromingen plaatsvinden. Daarnaast wordt deze regio geconfronteerd met zachtere winters, met ook hier consequenties voor het (winter)- toerisme (EEA 2005) [>Toerisme]. (Zie figuur 43) In Noord-Europa nemen de regenval en temperaturen licht toe. Dit lijkt gunstig voor de landbouw. Het is echter maar de vraag of de regen ook gelijkmatig zal blijven vallen; de kans is groot dat langere periodes van droogte gaan afwisselen met heftigere periodes van regenval. De gevolgen voor de landbouw in Noord-Europa laten zich daarom moeilijk voorspellen (EEA 2005). Voor heel Europa geldt dat de klimatologische veranderingen gevolgen zullen hebben voor de natuur. Veel plant- en diersoorten zullen niet kunnen meeverhuizen met de naar het noorden opschuivende klimaatszones, deels vanwege het ontbreken van natuurlijke corridors. De voor de biodiversiteit meest kwetsbare gebieden liggen in het Poolgebied, de hooggebergtes en de mediterrane natuurgebieden (EEA 2005) [>Natuur en landschap]. Op lange termijn kan de door klimaatverandering veroorzaakte zeespiegelstijging een gevaar vormen voor de laaggelegen kustgebieden. Vooral de deltagebieden lopen gevaar, zeker als een stormvloed gelijktijdig zou plaatsvinden met rivieroverstromingen. Naast Nederland zijn dat de delta s van de Gironne, de Elbe en een aantal delta s in het Oostzeegebied. Zeespiegelstijging speelt echter pas op de lange termijn; de modellen laten zien dat die stijging pas over honderd jaar serieus merkbaar zal zijn. De stijging kan dan oplopen tot 1 à 2 meter per eeuw (IPPC 2001). Mondiale afspraken Wereldwijd worden pogingen gedaan om de uitstoot van broeikasgassen te beperken (mitigatie). Het Kyoto-protocol is hiervan het belangrijkste voorbeeld. Energiebesparing door betere technieken en andere consumptiepatronen, duurzame energievoorziening met wind, zon, water en biobrandstoffen, en opslag van CO₂ in aangeplante bossen zijn de belangrijkste thema s waarop wordt ingezet [>Energie]. Deze veranderingen zullen echter zeer drastisch moeten zijn om de uitstoot werkelijk terug te kunnen dringen. En zelfs áls die drastische beperkingen werkelijkheid worden, duurt het nog enkele honderden jaren voordat de gevolgen van het broeikaseffect zijn uitgewerkt. Wordt de uitstoot bijvoorbeeld beperkt binnen 50 jaar, dan zal het CO ₂ -niveau in de atmosfeer pas over 100 tot 200 jaar stabiliseren, de temperatuur in 200 tot 400 jaar, en de zeespiegel nog veel later (IPCC 2001) [>Milieu- en natuurbeleid]. (Zie figuur 39) Maatregelen om tot een beperking van de broeikasgassen te komen, kunnen grote ruimtelijke gevolgen hebben. Zo zal de introductie van biobrandstof en windenergie het Europese landschap enorm kunnen veranderen. Landschap en natuur kunnen hierdoor worden aangetast. Maar ook worden versterkt: economisch zwakke plattelandsgebieden kunnen een impuls krijgen wanneer daar wordt geïnvesteerd in de opwekking van energie. Het ontwikkelen van nieuwe, duurzame technologieën kan ook een impuls geven aan de industrie in Europa [>Energie]. Tegelijkertijd zouden transportbeperkende maatregelen kunnen worden ingezet (het tegengaan van urban sprawl, het invoeren van rekeningrijden) om de automobiliteit te beperken. Ondanks alle mogelijke maatregelen zal Europa hoe dan ook ooit te maken krijgen met klimaatveranderingen. Toeristenbestemmingen zullen verschuiven. De aantrekkelijkheid van locaties zal veranderen, en daarmee de vestigingskeuze van bedrijven beïnvloeden [>De oude economie]. Verzekeringsmaatschappijen zullen bepaalde, veelvoorkomende risico s minder gemakkelijk verzekeren. Burgers zullen bescherming tegen overstromingen opeisen, en de concurrentie om drinkwater zal leiden tot hogere prijzen en druk op de geïrrigeerde landbouw. atlas europa

Figuur 38. Verschillende modelberekeningen van de temperatuurstijging als gevolg van klimaatverandering. Bron: IPCC (2001) Figuur 39. Na-ijleffect van uitstoot van broeikasgassen. Bron: IPCC (2001) 6 C 4 2 A FL A A B B A T IS A B Omvang van de reactie Piek CO₂-uitstoot 0 tot 100 jaar Benodigde tijd om een evenwicht te bereiken Zeespiegelstijging als gevolg van het smelten van de ijskappen: enkele millennia Zeespiegelstijging als gevolg van thermale expansie (uitzetten zeewater door temperatuurverhoging): eeuwen tot millennia Temperatuurstabilisatie: enkele eeuwen CO₂-stabilisatie: 100 tot 300 jaar heden 100 jaar 1000 jaar CO₂-uitstoot 2000 2050 2100 Planet/Klimaatverandering 70 71

Figuur 40. Temperatuurstijging tot 2030 volgens EEA baseline scenario. Bron: Flörke & Alcamo (2004) Figuur 41. Verandering in neerslag tot 2030 volgens EEA-baseline scenario. Bron: Flörke & Alcamo (2004) Graden Celcius 0,53 (minimaal) 0,75 1 1,43 (maximaal) Meer dan 10 % 5 tot 10 % 1 tot 5 % -1 tot 1 % -1 tot -5 % -5 tot -10 % Meer dan -10 % atlas europa

Figuur 42. Invloed van langere droogteperiodes op de kans van bosbranden. Bron: Espon 1.3.1 (2005) Geen invloed Invloed Grote invloed Erg grote invloed Planet/Klimaatverandering 72 73

Figuur 43. Verandering van de kans op overstromingen als gevolg van verandering in de hoeveelheid neerslag. Bron: Espon (2005) Geen verandering Kleinere kans Grotere kans atlas europa