Compendium van het burgerlijk procesrecht

Vergelijkbare documenten
Compendium van het burgerlijk procesrecht

HOOFDSTUK 2 Artikel 6 EVRM en algemene voorschriften voor procedures /19

Compendium van het. burgerlijk procesrecht. Mr. P.A. Stein. door NEGENDE DRUK. Hoogleraar in het burgerlijk recht, handehrecht en

Voorwoord bij de vierentwintigste druk Lijst van afkortingen HOOFDSTUK I INLEIDING 1

PARLEMENTAIRE GESCHIEDENIS

Nederlands burgerlijk procesrecht. prof. mr. HJ. Snijders mr. M. Ynzonides mr. GJ. Meijer

Examenprogramma Burgerlijk Procesrecht 1

HOOFDLIJNEN VAN NEDERLANDS BURGERLIJK PROCESRECHT

Prof. mr. A.W. Jongbloed. Executierecht. Kluwer a Wotters Kluwer business. Kluwer - Deventer 20t I

Derde cursusdag. I. Beslag Kort geding

Bundel procesrecht. Verzameld door Mr. F.C.P. Teeuw Bewerkt door Mr. M.G. Hofman H U U R G E S C H I L. N L

VERKORTE INHOUDSOPGAVE

Vrijwaring & Interventie

INHOUD. Voorwoord... v Verkorte inhoudsopgave... vii Lijst van verkort geciteerde werken... xv DE CORRECTIONELE TERECHTZITTING

VERKORTE INHOUDSOPGAVE

Burgerlijk procesrecht en faillissementsrecht 4 BURGERLIJK PROCESRECHT EN FAILLISSEMENTSRECHT 4 (CJU17.4/CREBO:56179)

BINDEND ADVIES PROEFSCHRIFT

HC 7A, , Kort geding

Uitgebreide inhoudsopgave

HET DESKUNDIGENADVIES IN DE CIVIELE PROCEDURE. mr. drs. G. de Groot

Magna Charta Burgerlijk Procesrecht Programma van de leergang

Burgerlijk procesrecht praktisch belicht

Voorlopige en bewarende maatregelen in Nederland

Gerechtelijk Privaatrecht

Hoofdstuk 1 Beginselen van en ontwikkelingen in het Nederlands burgerlijk procesrecht A.W. Jongbloed

Webinar burgerlijk procesrecht Dagvaarding en tips. 18 december 2015 Dirk Vergunst

Rechtsbescherming en bestuurlijke voorprocedure

Wat is civiel recht? 3. De deelnemers aan een civiele procedure 3. De rol van getuigen in een civiele procedure 7. Bewijsstukken 8.

Magna Charta Burgerlijk Procesrecht Programma van de leergang

Explootboekje. Zuyd Gerechtsdeurwaarders

Het hoger beroep en het cassatieberoep in burgerlijke zaken in de Nederlandse Antillen en Aruba

VAAN Onder professoren

Grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging. mr. dr. M. Freudenthal

Model A.1. Verzoekschrift bij toepassing van artikel 213 BW (onderhoudsgeld tussen echtgenoten) de artikelen 1034bis e.v. en 1320 e.v. Ger.W.

Rechtsbescherming en bestuurlijke voorprocedure

A) Gerechtelijke stukken. Doel van betekening en van kennisgeving

PROFESSIONEEL INCASSOBEHEER De gerechtelijke fase

wettelijke schuldsanering, zie gerechtelijke schuldsanering; zaken, ( in juridische zin ) voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke objecten;

Wat is civiel recht? 3. De deelnemers aan een civiele procedure 3. De rol van getuigen in een civiele procedure 7. Bewijsstukken 8.

INHOUDSOPGAVE. Enige afkortingen Lijst van verkort aangehaalde werken

Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht

Procederen voor de Kantonrechter

Nederlands burgerlijk procesrecht

HUWELIJK EN (ECHT)SCHEIDING: EEN MODELLENBOEK

A26a Overheidsprivaatrecht

ASSER-SERIE PROCESRECHT CASSATIE IN BURGERLIJKE ZAKEN MR. D.J. VEEGENS MR. E. KORTHALS ALTES MR. H.A. GROEN KLUWER DEVENTER 2005

Een aanzegging is een gerechtelijke mededeling. Voorbeelden zijn een aanzegging tot ontruiming en aanzegging openbare verkoop van roerende zaken.

IMPASSEZAKEN EN VERANTWOORDELIJKHEDEN BINNEN HET ENQUÊTERECHT. Mr. F. Veenstra

De Toekomst van het Nederlands burgerlijk procesrecht

Dagvaarding en dagvaarden: wat is het en hoe gaat in zijn werk?

HC 6A, Beslag en executie 1

KEI GOED.. Wat verandert er door KEI?

ECLI:NL:GHSHE:2017:3619

ECLI:NL:RBGEL:2017:1643

Procedures en procesvoering voor het Hof van Justitie en het Gerecht van eerste aanleg van de EG

INHOUD. Ten geleide De UNCITRAL Modelwet nu ook in België Maud Piers... v. De arbitrageovereenkomst en de arbitreerbaarheid Luc Demeyere...

Hoofdstuk 1 Inleiding

DE GEWONE RECHTER EN DE BESTUURSRECHTSPRAAK. mr. J.A.M. van Angeren. Tweede druk

ARBITRAGEREGLEMENT (geldig vanaf 1 juli 2008)

RAAD VAN DISCIPLINE. Beslissing van de voorzitter van de Raad van Discipline in het ressort s-hertogenbosch van 25 april 2018

II. DE TOTSTANDKOMING VAN OBLIGATOIRE OVEREENKOMSTEN / 11

Stand van zaken wetgeving. Uitgangspunten KEI wetgeving. Wat is nodig? 4 wetten en 1 AMvB: Modernisering van de rechtspraak

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Landelijk procesreglement voor rolzaken kanton

DEEL I DE RECHTSMACHT 1

Programma van de leergang

ECLI:NL:RBLIM:2017:4418

De grenzen van de rechtsstrijd in het bestuursrechtelijk beroep en hoger beroep in rechtsvergelijkend perspectief

Handboek Caribisch bestuursprocesrecht

WETBOEK VAN BURGERLIJKE RECHTSVORDERING WET GRIFFIERECHTEN BURGERLIJKE ZAKEN. gewijzigde artikelen. in het. ten gevolge van de invoering van de

ECLI:NL:RBOVE:2014:2411

Transcriptie:

Stein/Rueb Compendium van het burgerlijk procesrecht Achttiende druk verzorgd door mr. AS. Rueb advocaat bij Hoeker Advocaten te Amsterdam Deventer - 2011 Kluwer a Wolters Kluwer business

Lijst van afkortingen / XIX 1 Inleiding / 1 1.1 Doelstellingen van het burgerlijk procesrecht / 1 1.2 Eigenrichting / 2 1.3 Eigenlijke en oneigenlijke rechtspraak / 3 1.4 De dagvaardings- en de verzoekschriftprocedure / 4 1.5 De rechtsvordering / 6 1.6 Wisselwerking tussen formeel en materieel recht / 6 1.7 Doorwerking van redelijkheid en billijkheid / 7 1.8 Misbruik van procesrecht / 7 1.9 Instroom, productie en doorstroomsnelheid / 8 1.10 Nederlandse regelingen van burgerlijk procesrecht / 9 1.10.1 Rechtsvordering en rechterlijke organisatie / 9 1.10.2 Andere nationale regelingen dan Rv en RO /10 1.10.3 Rechtersregelingen / 11 1.11 Herziening rechtsvordering en rechterlijke organisatie / 12 1.11.1 Uitgangspunten herziening eerste aanleg /12 1.11.2 Herziening rechterlijke organisatie / 13 1.12 Fundamentele herbezinning /13 1.13 Procesrecht van Europese herkomst /15 1.14 Boeken en tijdschriften / 19 2 Artikel 6 EVRM en algemene voorschriften voor procedures / 21 2.1 Inleiding / 21 2.1.1 Art. 6 EVRM / 22 2.1.2 Algemene voorschriften voor procedures (art. 19-35 Rv) / 23 2.1.3 Plan van behandeling / 24 2.2 De toegang tot de rechter / 25 2.2.1 De kosten van de civiele procedure / 26 2.2.2 Gefinancierde rechtshulp / 27 2.3 De eerlijke behandeling / 27 2.3.1 Hoor en wederhoor / 28 2.3.2 Equality of arms / 30 2.3.3 De motiveringsplicht / 31 VII

2.4 De openbaarheid van de behandeling / 32 2.5 Redelijke termijn / 34 2.6 De onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter / 36 2.7 Volledigheids- en waarheidsplicht / 38 2.8 De zeggenschap in de civiele procedure / 39 2.8.1 Partijautonomie en lijdelijkheid / 40 2.8.2 De ambtshalve aanvulling van rechtsgronden / 42 2.8.3 Verboden aanvulling van feiten/feitelijke grondslag / 46 2.8.4 Andere gevallen van eigen zeggenschap rechter / 48 2.9 De verplichte procesvertegenwoordiging / 50 2.9.1 De rechtvaardiging van de verplichte procesvertegenwoordiging / 51 2.9.2 De uitwerking van het beginsel van verplichte procesvertegenwoordiging / 52 2.9.3 Procesmonopolie balie / 52 2.10 Goede procesorde / 53 3 De rechterlijke macht en haar bevoegdheid / 55 3.1 De rechterlijke macht / 55 3.1.1 De inrichting van de rechterlijke macht / 55 3.1.2 De organisatie van de gerechten / 56 3.1.3 De Raad voor de rechtspraak / 56 3.1.4 Klachtrecht / 57 3.2 De bevoegdheid van de rechterlijke macht / 58 3.2.1 De internationale bevoegdheid (rechtsmacht) / 59 3.2.2 De EU-Verordening betreffende rechterlijke bevoegdheid, erkenning en tenuitvoerlegging / 59 3.2.3 De rechtsmacht ingevolge het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering / 63 3.2.4 Forumkeuze en vreemdelingenbeslag / 67 3.3 De bevoegdheid van de Nederlandse rechter ten opzichte van vreemde mogendheden / 68 3.4 De rechterlijke bevoegdheid ten opzichte van andere overheidsorganen / 69 3.4.1 De rechter en de wetgever / 69 3.4.2 De rechter en het bestuur / 71 3.5 De absolute competentie / 73 3.5.1 De bevoegdheid van de rechtbank; sectorcompetentie / 74 3.5.2 De kantonzaken / 74 3.5.3 De bevoegdheid van de gerechtshoven / 77 3.5.4 De bevoegdheid van de Hoge Raad / 78 3.6 De relatieve competentie / 78 3.7 Er is niet voor de juiste rechter gedagvaard / 81 3.8 Er is voor het verkeerde procesinleidende stuk gekozen / 83 3.9 Het openbaar ministerie / 84 VIII

4 Partijen, advocaten en deurwaarders / 86 4.1 De procederende partijen / 86 4.1.1 Natuurlijke personen / 86 4.1.2 De woonplaats van een natuurlijk persoon / 87 4.1.3 Rechtspersonen en vennootschapsvormen / 87 4.1.4 Het domicilie va n de rechtspersoon / 88 4.1.5 Domiciliekeuze / 89 4.1.6 De rechtsvordering ter behartiging van een gemeenschappelijk belang / 89 4.1.7 Lastgeving en volmacht / 91 4.2 Advocaten / 92 4.2.1 De toelating als advocaat / 93 4.2.2 De rechtsverhouding met de cliënt / 94 4.2.3 De orde van advocaten / 94 4.2.4 De gedragsregels voor advocaten / 95 4.2.5 Tuchtrechtspraak / 96 4.2.6 Klachten- en geschillenregeling Advocatuur / 97 4.3 Gerechtsdeurwaarders / 97 4.3.1 Het uitbrengen van exploten / 98 4.3.2 Andere verrichtingen van deurwaarders / 98 5 De dagvaarding /100 5.1 De dagvaarding; aard en omschrijving /100 5.2 Rechtsingang zonder dagvaarding / 100 5.3 De inhoud van de dagvaarding /101 5.3.1 De gegevens betreffende de partijen /102 5.3.2 De voor de eiser optredende gemachtigde of advocaat / 104 5.3.3 De woonplaatskeuze van de eiser / 104 5.4 De voorschriften omtrent het uitbrengen van exploten en dagvaardingen / 104 5.4.1 De algemene regeling /105 5.4.2 Bijzondere regelingen / 106 5.5 De aanwijzing van de rechter en van de roldatum waartegen de gedaagde wordt opgeroepen /109 5.6 De termijn van dagvaarden /109 5.7 De gronden van de eis / 110 5.8 De eis /112 5.9 Nevenvorderingen /114 5.10 Nietigheid en herstel / 115 6 Het verloop van derechtbankprocedure (sector civiel) / 118 6.1 Inschrijving op de rol / 118 6.1.1 De rol / 119 6.1.2 Electronisch berichtenverkeer /119 6.1.3 Griffierecht eiser / 120 Inhoud IX

6.2 Verschijning van de gedaagde / 120 6.3 De conclusiewisseling / 121 6.4 Een incident / 122 6.5 De conclusie van antwoord / 123 6.5.1 Erkenning en referte / 123 6.5.2 Regels betreffende het verweer van de gedaagde /124 6.6 De comparitie na antwoord / 127 6.7 De conclusies van repliek en dupliek, pleidooi / 129 6.8 De termijnen; het Landelijk procesreglement rechtbanken / 130 6.9 Wijziging van de eis /132 6.10 Afbreking van de instantie / 133 6.11 Schorsing van het geding /135 6.12 Rechtsovergang tijdens het geding /137 6.13 Eindvonnis of tussenvonnis? / 138 7 De bewijslevering / 139 7.1 Inleiding / 139 7.1.1 De wettelijke regeling van het bewijsrecht / 139 7.1.2 Gevallen waarin het bewijsrecht niet of beperkt geldt / 140 7.1.3 Het vaststaan van feiten zonder bewijslevering /140 7.1.4 Bewijslevering zonder bewijsopdracht / 142 7.1.5 De hoofdregels van het bewijsrecht / 142 7.2 De bewijslastverdeling / 143 7.2.1 De hoofdregel / 143 7.2.2 Wettelijke uitzonderingen op de hoofdregel /147 7.2.3 Na de verdeling van de bewijslast / 149 7.2.4 De omkeringsregel / 152 7.2.5 Tegenbewijs /154 7.3 Bewijs, bewijswaardering en bewijskracht / 155 7.3.1 De bewijsmiddelen / 155 7.3.2 Inzagerecht/exhibitieplicht /156 7.3.3 Onrechtmatig bewijs /157 7.3.4 Bewijswaardering /159 7.3.5 Bewijskracht /159 7.3.6 Bewijsovereenkomst /160 7.4 Bewijs door geschriften /161 7.4.1 Bewijslevering door middel van geschrift /161 7.4.2 Geschriften en akten / 161 7.4.3 Dwingende bewijskracht onderhandse akte / 162 7.4.4 Schuldbekentenis; kwitantie / 162 7.4.5 Vermoeden van echtheid onderhandse akte / 163 7.4.6 Bewijskracht onderhandse akte tegenover derden / 163 7.4.7 Registratie onderhandse akte / 164 7.4.8 Akte als ontstaansvereiste/uitsluitend bewijsmiddel / 164 7.4.9 Authentieke akte / 165

7.4.10 Rechtsopvolgers en vertegenwoordigers / 166 7.4.11 De bewijskracht van vonnissen / 167 7.5 Getuigenbewijs en het tussenvonnis tot bewijslevering /168 7.5.1 Bewijsaanbod en bewijsopdracht / 169 7.5.2 Het tussenvonnis tot getuigenverhoor / 170 7.5.3 De inhoud van het tussenvonnis tot getuigenverhoor / 170 7.5.4 Andere beslissingen in het tussenvonnis / 171 7.5.5 Bindende eindbeslissing? /172 7.5.6 Het oproepen van de getuigen / 173 7.5.7 De verplichting om als getuige te verschijnen en verklaringen af te leggen / 174 7.5.8 Het verschoningsrecht / 175 7.5.9 Partijen als getuigen /176 7.5.10 Het horen van de getuigen / 178 7.5.11 Eigen waarneming / 179 7.5.12 Na afloop van het getuigenverhoor / 179 7.5.13 Rogatore commissie / 180 7.6 Voorlopig getuigenverhoor /180 7.6.1 De functie van het voorlopig getuigenverhoor /180 7.6.2 Procedure /181 7.6.3 Beperking van voorlopig getuigenverhoor /182 7.6.4 Kosten van voorlopig getuigenverhoor / 183 7.7 Deskundigenbericht / 183 7.7.1 De functie van het deskundigenbericht / 183 7.7.2 Het door de deskundige te verrichten onderzoek / 184 7.7.3 Het horen van partijen / 185 7.7.4 Het rapport van deskundigen /185 7.7.5 Het honorarium van deskundigen / 186 7.8 De overige bewijsmiddelen / 186 7.8.1 Voorlopige plaatsopneming en bezichtiging; voorlopig deskundigenbericht / 187 8 Samenvoeging van rechtsvorderingen /188 8.1 Objectieve cumulatie / 189 8.2 De tegenvordering van de gedaagde (reconventie) / 189 8.2.1 Belang van gedaagde bij reconventie /190 8.2.2 Voorwaardelijke reconventie / 191 8.2.3 Beperkingen voor de eis in reconventie /191 8.2.4 De procedure in reconventie / 192 8.3 Subjectieve cumulatie / 193 8.4 Processuele ondeelbaarheid en overige gedwongen deelname van andere betrokkenen aan het geding / 194 8.5 Vrijwaring / 196 8.5.1 Vereisten voor oproeping in vrijwaring / 198 8.5.2 De vordering tot oproeping in vrijwaring / 200 XI

8.5.3 Twee procedures / 201 8.5.4 Het belang van de gewaarborgde bij de vrijwaring / 202 8.6 Voeging en tussenkomst (interventie) / 203 8.6.1 Voeging en tussenkomst moeten door de rechter worden toegestaan / 204 8.6.2 Beperkte toelating van voeging en tussenkomst / 204 9 Het vonnis / 206 9.1 Gezag van gewijsde / 206 9.1.1 De binding aan het vonnis / 206 9.1.2 Verklaringen voor de binding aan het vonnis / 207 9.1.3 Gezag van gewijsde en het gesloten stelsel van rechtsmiddelen / 208 9.1.4 Gezag van gewijsde en kracht van gewijsde / 210 9.1.5 Nietigheid van het vonnis / 210 9.2 De onderscheiden vonnissen / 210 9.2.1 Condemnatore, constitutieve en declaratore vonnissen / 210 9.2.2 Eindvonnissen en tussenvonnissen / 213 9.2.3 Deelvonnissen / 215 9.2.4 Het bemiddelend vonnis / 215 9.2.5 Rolbeschikkingen / 216 9.3 Elementen van het vonnis / 216 9.3.1 De inhoud van het vonnis / 216 9.3.2 Toe- of afwijzing van de vordering; ontvankelijkheid / 218 9.3.3 De uitvoerbaarverklaring bij voorraad / 218 9.4 De kostenveroordeling / 220 9.4.1 Welke kosten? / 220 9.4.2 Compensatie van proceskosten/nodeloze kosten / 222 9.4.3 De rechtsgrond van de veroordeling in de proceskosten / 223 9.4.4 Kostenveroordeling derde / 224 9.5 De uitspraak en de vastlegging van het vonnis / 224 9.5.1 Afschriften voor partijen / 225 9.5.2 Afschriften voor derden / 225 9.6 Verbetering van het vonnis / 225 9.7 Aanvullend vonnis / 226 9.8 Aansprakelijkheid voor het gebruik van een aantastbare titel / 227 9.9 Aansprakelijkheid van de Staat voor een onzorgvuldig vonnis / 228 10 De rechtsmiddelen / 229 10.1 Algemeen / 229 10.1.1 Gesloten stelsel van rechtsmiddelen / 229 10.1.2 Verbeteringen of aanvullingen / 230 10.1.3 Partij perikelen / 231 10.1.4 Rechtsmiddelenregister / 234 10.2 Verzet / 234 10.2.1 Verstek / 235 XII

10.2.2 Verzet; termijn / 237 10.2.3 Het instellen van het verzet / 238 10.2.4 Het verloop van de verzetprocedure / 239 10.2.5 Verzet na niet tijdig betalen griffierecht / 239 10.3 Hoger beroep / 239 10.3.1 De behandeling in twee instanties / 240 10.3.2 Eindvonnissen niet vatbaar voor hoger beroep / 242 10.3.3 Bijzondere rechtsmiddelverboden / 242 10.3.4 Hoger beroep van tussenvonnissen / 244 10.3.5 Hoger beroep van deelvonnissen / 246 10.3.6 De appeltermijn / 247 10.3.7 Omvang hoger beroep / 248 10.3.8 Rechtspleging in hoger beroep / 252 10.3.9 Na vernietiging in hoger beroep / 257 10.4 Cassatie / 258 10.4.1 Beroep in cassatie; functie / 258 10.4.2 Wanneer in cassatie / 260 10.4.3 Rechtspleging in cassatie / 263 10.4.4 Na cassatie / 266 10.5 Verzet door derden / 267 10.5.1 Beperkte toelating van derdenverzet / 267 10.5.2 Gevolg van toewijzing van derdenverzet / 268 10.6 Herroeping / 268 10.6.1 Functie van herroeping / 268 10.6.2 Gronden en verdere gang van zaken / 269 11 De procedure bij de kantonrechter / 271 11.1 Algemeen / 271 11.2 Afwijkingen ten opzichte van de gewone rechtbankprocedure / 271 11.3 Bijzondere procedures bij de kantonrechter / 274 11.3.1 Kort geding / 274 11.3.2 Pachtgedingen / 274 12 Het kort geding / 275 12.1 De functie van het kort geding / 275 12.2 De toegenomen betekenis van het kort geding / 277 12.3 De vereisten voor het kort geding / 278 12.3.1 De zaak moet geschikt zijn om in kort geding te worden beslist / 278 12.3.2 Spoedeisend belang / 278 12.3.3 Voorziening bij voorraad / 279 12.3.4 Onherstelbare gevolgen / 279 12.4 De beoordeling door de kortgedingrechter / 280 12.4.1 De belangenafweging / 280 12.4.2 Geldvordering / 281 12.5 De bevoegdheid van de kortgedingrechter / 281 XIII

12.6 Het kort geding door en tegen de overheid / 282 12.7 Afwijkingen van de gewone procesvormen / 283 12.8 Rechtsmiddelen tegen het vonnis in kort geding / 285 12.9 De bodemprocedure / 286 12.10 Een andersluidende beslissing in het bodemgeschil / 287 13 De verzoekschriftprocedure / 289 13.1 Oneigenlijke rechtspraak / 289 13.2 Vermogensrechtelijke geschilbeslechting in de verzoekschriftprocedure / 290 13.3 De algemene regeling van de verzoekschriftprocedure / 291 13.3.1 Gesloten systeem / 291 13.3.2 Rechtsmacht / 292 13.3.3 Absolute competentie en sectorcompetentie / 294 13.3.4 Relatieve competentie / 295 13.3.5 Het verzoekschrift / 295 13.3.6 De wisselbepaling / 296 13.3.7 De verdere gang van zaken / 296 13.3.8 De beschikking / 299 13.3.9 De rechtsmiddelen / 300 13.3.10 Hoger beroep / 301 13.3.11 Het beroep in cassatie / 302 13.3.12 Herroeping / 302 13.4 Ontbinding van arbeidsovereenkomsten wegens gewichtige redenen / 303 13.5 Echtscheiding en andere scheidingsgedingen / 304 13.5.1 De echtscheidingsprocedure / 305 13.5.2 Echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek / 311 13.5.3 Inschrijving van de echtscheidingsbeschikking / 311 13.6 Enkele andere verzoekschriftprocedures op het terrein van het personen- en familierecht / 312 13.7 Deelgeschil inzake letsel- en overlijdensschade / 313 14 Arbitrage, bindend advies en mediation / 315 14.1 Arbitrage / 315 14.1.1 Wettelijke regeling / 315 14.1.2 Voordelen en bezwaren van arbitrage / 316 14.1.3 Institutionele arbitrage en ad-hocarbitrage / 317 14.1.4 De toelaatbaarheid van arbitrage / 318 14.1.5 De overeenkomst tot onderwerping van het geschil aan arbiters / 319 14.1.6 Het karakter van de overeenkomst tot arbitrage / 320 14.1.7 Het bewijs van de overeenkomst tot arbitrage / 320 14.1.8 De benoeming van arbiters door de rechter / 321 14.1.9 Overwegende invloed / 321 14.1.10 Wraking van arbiters / 322 XIV

14.1.11 De plaats van arbitrage / 322 14.1.12 Het geding ten overstaan van arbiters / 323 14.1.13 Door arbiters bij hun beslissing in acht te nemen regels / 326 14.1.14 De inhoud van het vonnis van arbiters / 328 14.1.15 Verbetering en aanvulling arbitraal vonnis / 329 14.1.16 Het depot van het vonnis ter griffie / 330 14.1.17 Het exequatur van de voorzieningenrechter / 330 14.1.18 Rechtsmiddelen tegen het arbitrale vonnis / 331 14.1.19 De vernietiging van arbitrale vonnissen / 332 14.1.20 De vordering tot vernietiging / 335 14.1.21 Gevolgen van het instellen van de eis tot vernietiging / 335 14.1.22 Herroeping / 336 14.1.23 Arbitraal kort geding / 336 14.1.24 Arbitrage buiten Nederland / 337 14.2 Bindend advies / 339 14.2.1 De geoorloofdheid van de clausule van bindend advies en van bindende partijbeslissing / 339 14.2.2 De overeenkomst tot onderwerping van een geschil aan bindend advies / 341 14.2.3 Rechterlijke toetsing / 341 14.2.4 Onderscheid tussen bindend advies en arbitrage / 342 14.2.5 Wat verdient de voorkeur, arbitrage of bindend advies? / 343 14.3 Mediation / 344 15 Nederlandse procedures van Europese herkomst / 347 15.1 De Europese executoriale titel (EET) / 348 15.2 Het Europese betalingsbevel (EBB) / 352 15.3 De Europese procedure voor geringe geldvorderingen (EGV) / 358 16 Hoofdzaken van de executie, het beslag en de zijdelingse dwangmiddelen / 364 16.1 Inleiding / 364 16.1.1 Geven / 364 16.1.2 Doen / 365 16.1.3 Nalaten / 365 16.1.4 Dwangsom / 366 16.1.5 De deurwaarder / 366 16.2 De executie / 367 16.2.1 Herleiding en reële executie / 367 16.2.2 De executie van de verplichting tot geven, doen en nalaten / 369 16.2.3 Bijzondere gevallen van reële executie / 372 16.2.4 Schorsing executie door rechtsmiddel / 373 16.2.5 Executiegeschillen / 373 16.2.6 Executie en faillissement schuldenaar / 374 16.3 Beslag / 374 XV

16.3.1 Vatbaar voor beslag / 375 16.3.2 De omvang van het beslag / 377 16.3.3 Het blokkeringeffect / 379 16.3.4 Beslag geen zakelijk recht/geen voorrang / 381 16.3.5 Wat is belangrijker: uitwinning of blokkering? / 382 16.3.6 Misbruik van beslag / 382 16.4 Uitwinning door faillissement / 383 16.4.1 Overwegingen ten gunste van faillissementsaanvraag / 384 16.4.2 Overwegingen ten gunste van beslaglegging / 385 16.5 Parate executie / 386 16.6 Indirecte dwangmiddelen dwangsom en lijfsdwang / 387 16.6.1 Dwangsom / 388 16.6.2 Het vorderen van de dwangsom / 388 16.6.3 Dwangsom en algemeen verbod / 389 16.6.4 Veroordelingen waaraan geen dwangsom kan worden verbonden / 389 16.6.5 De incasso van de dwangsom en het verweer daartegen / 390 16.6.6 Dwangsom niet of niet langer verbeurd / 392 16.6.7 Dwangsom en schadevergoeding / 393 16.6.8 Lijfsdwang / 393 17 Executoriaal beslag / 394 17.1 Wettelijke regeling / 394 17.2 Executoriale titel / 394 17.3 Executoriaal beslag op roerende zaken die geen registergoederen zijn / 397 17.3.1 De functie van het beslag op roerende zaken / 397 17.3.2 De gang van zaken / 398 17.3.3 De toegang tot de in beslag te nemen zaken / 399 17.3.4 Van beslag vrijgestelde zaken / 399 17.3.5 Geen verhaal op zaken van derden / 400 17.3.6 Beslag op in pand gegeven zaak / 401 17.3.7 Fiscaal bodembeslag / 402 17.3.8 Zaken van derden als verhaalsobject / 403 17.3.9 Beperkt blokkeringseffect; bewaring / 403 17.3.10 Tenietgaan of beschadiging van de beslagen zaak / 404 17.3.11 Medebeslag en de verdeling van de executieopbrengst / 405 17.3.12 Beslag tot afgifte van roerende zaken / 405 17.3.13 Samenloop van verhaalsbeslag en afgiftebeslag; pluraliteit van afgiftebeslagen / 406 17.4 Beslag op aandelen op naam in naamloze en besloten vennootschappen / 407 17.5 Executoriaal derdenbeslag / 408 17.5.1 Functie van het derdenbeslag / 408 XVI

17.5.2 De gang van zaken / 409 17.5.3 Inhoud beslagexploot / 410 17.5.4 Beslag voor en op toekomstige vorderingen / 411 17.5.5 Niet vatbaar voor derdenbeslag / 413 17.5.6 Blokkeringseffect bij derdenbeslag / 413 17.5.7 Medebeslag / 416 17.5.8 De verklaring van de derde-beslagene / 416 17.5.9 De verklaringsprocedure / 417 17.5.10 De positie van de bij het beslag betrokken partijen / 418 17.5.11 Beslag op levensverzekering / 422 17.5.12 Vereenvoudigde vormen van verhaal onder derden / 423 17.5.13 Derdenbeslag op zaken / 425 17.5.14 Beslag op effecten gedeponeerd bij een bank / 427 17.5.15 Internationale verwikkelingen bij derdenbeslag / 428 17.5.16 Derdenbeslag en faillissement / 429 17.6 Executoriaal beslag onder de schuldeiser (eigenbeslag) / 429 17.7 Executoriaal beslag op onroerende zaken / 431 17.7.1 Functie van beslag op onroerende zaken / 431 17.7.2 De gang van zaken / 432 17.7.3 Medebesiag / 433 17.7.4 Het blokkeringseffect van beslag op onroerende zaken / 433 17.7.5 Opvordering door derden / 436 17.7.6 Uitwinning door de hypotheekhouder / 437 17.7.7 De ontruiming van de zaak waarop beslag werd gelegd / 438 17.8 Executoriaal beslag op schepen / 439 18 Conservatoor beslag / 440 18.1 Wettelijke regeling / 440 18.2 Het verlof van de voorzieningenrechter / 441 18.3 De afzonderlijke beslagen / 444 18.3.1 Conservatoor verhaalsbeslag op roerende zaken/bewaring / 444 18.3.2 Conservatoor beslag onder derden / 445 18.3.3 Conservatoor beslag onder de schuldeiser zelf / 445 18.3.4 Conservatoor beslag op onroerende zaken / 446 18.3.5 Vreemdelingenbeslag (saisie foraine) / 446 18.3.6 Conservatoor beslag tot afgifte of levering / 447 18.3.7 De vooraantekening van koop / 450 18.3.8 Bewijsbeslag / 452 18.4 De opheffing in kort geding / 453 18.5 De eis in de hoofdzaak / 454 18.6 Schadevergoedingsplicht beslaglegger / 455 18.7 Maritaal beslag en verdelingsbeslag / 457 18.7.1 Karakter en functie van maritaal beslag / 457 XVII

18.7.2 De gang van zaken / 457 18.7.3 Maritaal beslag en rechten van crediteuren / 458 18.7.4 Het verdelingsbeslag / 458 Lijst van verkort aangehaalde literatuur / 459 Wetsartikelenregister / 465 Jurisprudentieregister / 483 Trefwoordenregister / 505 XVIII