Beheerplan Kunstwerken

Vergelijkbare documenten
Beheerplan Civiele Constructies

Raadsvoorstel. Agendanummer: Datum raadsvergadering: Onderwerp: beleids- en beheerplan kleine civiele kunstwerken. Gevraagde Beslissing:

Meerjarenplan onderhoud Civieltechnische kunstwerken

opzet quick scan civiele kunstwerken Lansingerland

Titel : Visuele inspectie en onderhoudsplanning civiele kunstwerken INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING... 3

Meerjarenprogramma Kunstwerken. Noordhollandsch Kanaal

Gemeente Delft. : Beheerplannen Wegen en Civiele constructies

Beheerplan Waterwegen

Beheerplan Civiele Kunstwerken

Versie: 24 mei Beheerplan Wegen Waterland

Beheerplan Civieltechnische Kunstwerken november 2014

Meerjarenprogramma Kunstwerken (MJPK-2) Beheer in balans

*ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014

Voorstel raad. Onderhoud en vervanging van bruggen 25 april 2013

Gemeente Papendrecht Constructief advies Gemeente Papendrecht Urgentierapport verkeersbrug Jan Steenlaan (KW-nr. 1056)

Raadsvergadering, 27 oktober Voorstel aan de Raad. Onderwerp: Reconstructie Brug Singel.

1. Openbare ruimte en de kapitaalsgoederen in de openbare ruimte.

Raadsvoorstel Onderwerp: Wegenbeleidsplan Datum voorstel: 8 augustus 2017 Vergaderdatum: 19 september 2017 Registratienr.

Raadsvoorstel Registratienr: Agendapunt: Onderwerp: Portefeuillehouder: Samenvatting: Aanleiding:

Bijlage 3. Spoorboekje Planmatig Beheer en Onderhoud Verhardingen

Registratienummer collegebesluit:

Herziening van de huidige definitie van de Maatregeltoets

Beheerplan kunstwerken

Beheerplan Bruggen

Onderwerp: Meerjaren Investerings- en Onderhoudsplanning (MIOP) sport

g. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Gebouwen 2014-O.docx

Nieuwegein. Datum 23 oktober 2014 Portefeuillehouder P.W.M. Snoeren

Gemeentelijk Riolerings Plan. Toelichting op GRP Kaag en Braassem periode 2014 t/m 2018

Beheerplan Civiele Constructies

Integraal werken. Door: Herman Wiss

Afstudeeropdracht. Win - Win

Meerjarenonderhoudsplan

Meerjaren uitvoeringsprogramma bruggen

Wegenbeheerplan en Voorziening Wegen

Raadsvoorstel 2013 Rockanje, 1 oktober 2013 Nr /74225

Aan de raad van de gemeente Lingewaard

In de programmabegroting 2015 is het beheerplan voor het wegonderhoud aangekondigd.

Raadsstuk. Onderwerp: Herziening kwaliteitsambitie Openbare Ruimte BBV nr: 2014/340726

Verstedelijkingsopgave Delft: We geven de stad een kwaliteitsimpuls :36

Beleidsplan 2014 t/m Bruggen

Ambtelijke bijstand: Ing. R.H. Gaveel 1

B&W Vergadering. 1. Het college heeft ingestemd met het inrichtingsontwerp van de openbare ruimte Sterrenberg fase 1

Notitie: Evaluatie bruggenbeheersplan fase 1 en varianten brug Ommerweg

GEMEENTEBESTUUR UITGEEST NR. Nota I advies van: S. Rutte Behandelende afdeling: Civiel Datum: TITEL: Beheerplan wegen 2015 t/m 2019

Raadsvoorstel. 1. Aanleiding

Raadsstuk. Onderwerp: Verhuur en exploitatie multifunctionele sporthal Duinwijck BBV nummer: 2013/520442

Beheerplan Civieltechnische kunstwerken

Stadsronde 1 november 2016 Groenbeheer en onkruidbestrijding. Team Wonen en Leefkwaliteit

Afdeling Openbare Werken. 14 beweegbare bruggen. Inspectierapportages. najaar 2012 Revisie 1

Hellendoorn. Aan de raad. Noord. Punt 5 : Financiën Stationsomgeving LjCMlCClIlC

Uitvoeringsnotitie Meerjaren Onderhoudsprogramma Verhardingen (MJOP )

Bureau Openbare Verlichting. Lek - Merwede

B&W Vergadering. 2. Het college heeft besloten de begroting te wijzigen conform de toelichting op de middelen na goedkeuring gemeenteraad;

Rekenkameronderzoek Bruggen en viaducten

Evaluatie Beleidsuitgangspunten. Openbare Verlichting. Gemeente Geertruidenberg

Grip op beheer en MEER

Beslisdocument college van Peel en Maas

Inspectie indicatoren Waarderingskader

nieuwkoop raadsvoorstel G G.A.H. Eikhuizen Beheer Openbare Ruimte ( Frans Lamfers/Cees Tas)

INFORMATIE Resultaatgericht Vastgoedonderhoud (RGVO)

BELEIDSNOTA CIVIELE KUNSTWERKEN

f. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Groen 2014-O.docx Grip op groen.veilig en heel

Proces locatiekeuze Asielzoekerscentrum gemeente Meppel

De raden van alle gemeenten in de provincie Limburg

Korte inhoud van het voorstel Beschikbaar stellen van een krediet voor het vervangen van de openbare verlichting in de wijk Stein.

Groot onderhoud Gemeente Eindhoven. Roel den Dikken en Antoinet Grips PG & RBT Maart 2015

Transcriptie:

Beheerplan Kunstwerken 2011 2014

Colofon Gemeente Delft Cluster Wijk- en Stadszaken Postbus 78, 2600 ME Delft Versie: 1.6 Datum: 04-05-2011 Opdrachtgever: Opdrachtnemer: Opsteller: Stadsbeheer, vakteam Beheer (SB/VV) Ingenieursbureau Gemeente Delft, Vakteam Technisch Advies en Onderzoek (IB/TAO) Joris Detrie (IB/TAO) 2

Bestuurlijke Samenvatting Inleiding In de Gemeente Delft liggen 625 civieltechnische kunstwerken. Onder civieltechnische kunstwerken wordt verstaan: bruggen, tunnels, viaducten, sluizen, duikers, duikerbruggen en vlonders. Hiervan zijn er 415 in beheer van de Gemeente Delft. Het grootste gedeelte zijn vaste bruggen. De Gemeente Delft beheert 8 beweegbare bruggen, 9 tunnels en 1 viaduct. 42 kunstwerken, allen binnenstadsbruggen, zijn gekenmerkt als Rijksmonument. Deze kunstwerken zijn belangrijke elementen in de openbare ruimte. Het betreft belangrijke verbindingen in de verkeersstructuren van de stad, verbindingen in grote waterstructuren en recreatieve elementen in de wijken. Tevens behoren de kunstwerken tot de kapitaal goederen van de Gemeente Delft. Als deze kunstwerken niet goed beheerd worden kunnen ernstige problemen ontstaan op het gebied van bereikbaarheid, veiligheid en wateroverlast. De totale vervangingswaarde van het door de Gemeente Delft beheerde areaal is 138.000.000,-. Kader Het doel van een meerjarenbeheerplan is duidelijk: het doet uitspraken over de kwaliteit van de openbare ruimte, de benodigde maatregelen en de benodigde financiële middelen. Deze uitspraken zijn gebaseerd op de areaalgegevens, de actuele technische onderhoudstoestand en de noodzakelijke maatregelen voor het bereiken van de afgesproken kwaliteit. Een meerjarenbeheerplan beschrijft zowel het dagelijks (klein) onderhoud als de geplande (groot) onderhoudsprojecten. De geplande onderhoudsprojecten worden daarbij afgestemd op de (onderhouds-) projecten in de openbare ruimte van andere disciplines. Ontwikkelingen In de Visie Openbare Ruimte Delft is het streefbeeld voor het kwaliteitsniveau van de openbare ruimte vastgelegd. Het vormt het kader waaraan de inrichting en het onderhoud moet voldoen. De bezuinigingstaakstelling in deze beheerplanperiode maakt het niet mogelijk naar dit streefbeeld toe te werken. Tijdens de looptijd van dit beheerplan worden de financiële consequenties van het op streefniveau brengen van de openbare ruimte in kaart gebracht, zodat deze verwerkt kunnen worden in het beheerplan Kunstwerken periode 2015-2018. Kwaliteit Areaal Het areaal wordt aan de hand van visuele inspecties beoordeelde op drie kwaliteitsaspecten: veiligheid, duurzaamheid en welstand. De kwaliteitsaspecten krijgen een beoordeling die valt binnen de 4 niveaus: goed, redelijk, matig en slecht. In 2010 is van 80% van de kunstwerken de kwalitatieve inspectiegegevens bekend. In november 2010 is besloten de komende jaren op het onderhoud van bruggen te bezuinigen. Door de bezuinigingen zijn de kwaliteitseisen aangepast: werden voorheen kunstwerken in de binnenstad onderhouden indien zij matig scoren op welstand, nu zal dit pas gebeuren bij een score slecht. Beheerkosten Voor de gehele planperiode (2011-2014) is ca. 6.075.000,- benodigd voor het beheer, dagelijks onderhoud, groot onderhoud en kapitaalslasten. Dit is het benodigd budget voor verantwoord beheer. Een lager bedrag kan leiden tot achteruitgang van de kwaliteit. Naast het budget voor klein en groot onderhoud zijn kosten opgenomen voor administratie (waaronder kapitaallasten) en beleid en beheer. De kosten voor groot onderhoud zijn per jaar sterk afhankelijk van de kwalitatieve staat van het areaal aan kunstwerken. 3

De bezuinigingen op civieltechnische kunstwerken lopen op tot 140.000,- in 2014. Dit heeft gevolgen voor het tijdstip van uitvoeren van onderhoud, met name van kunstwerken in de binnenstad en het uitvoeren van klein onderhoud, zoals schilderen van leuningen. Conform de, na doorvoering van de bezuinigingen vastgestelde kwaliteitseisen behoeven 68 kunstwerken groot onderhoud in de komende planperiode. 10 kunstwerken moeten volledig worden vervangen. Uitvoering van deze werkzaamheden zal plaatsvinden met inachtneming van de in het aanbestedingsbeleid opgenomen verplichtingen m.b.t. social return. 4

Inhoudsopgave 1. Inleiding... 6 1.1 Doel beheerplan... 6 1.2 De beheercyclus... 7 1.3 Definitie beheer en onderhoud... 7 2. Terugblik Beheerperiode 2007-2010... 9 3. Ontwikkelingen... 11 3.1 Beheerplan Kunstwerken 2007-2010... 11 3.2 Overeenkomsten met externe partijen... 11 3.3 Bevolkingsontwikkeling... 12 3.4 Areaaluitbreiding... 12 4. Areaalgegevens... 14 4.1 Algemeen... 14 4.2 Kwantitatief areaal... 14 4.3 Areaalmutaties... 15 5. Kwaliteitsgegevens... 17 5.1 Algemeen... 17 5.2 Kwaliteitsinspecties... 17 5.3 Huidige kwaliteitsniveau... 18 5.4 Gewenst kwaliteitsniveau... 19 5.5 Conclusie huidige kwaliteitsbeeld... 20 6 Beheerkosten... 21 6.1 Beleid en Beheer... 21 6.2 Klein onderhoud kunstwerken... 21 6.3 Groot onderhoud kunstwerken... 22 6.4 Gemeentelijke bijdrage aan beheer Provincie Zuid-Holland... 24 6.5 Integrale aanpak van onderhoud... 25 6.6 Tramlijn 19 en de St. Sebastiaansbrug en Kapelsbrug... 26 6.7 Kunstwerken in beheer bij Groenservice Zuid-Holland... 26 6.8 Overige risico s... 27 7 Middelen... 28 7.1 Begroting 2010... 28 7.2 Aanpassing begrotingsindeling... 28 7.3 Bezuinigingsmaatregelen... 29 7.4 Dekkingsvoorstel beheer 2011-2014... 30 8 Conclusies... 31 Bijlage I Uitgebreid begrotingsvoorstel 2011-2014... 32 Bijlage II Overzichtskaart kunstwerken Delft... 33 Bijlage III Groot onderhoud in planperiode 2011-2014... 35 Bijlage IV Wet- en Regelgeving mbt Kunstwerken... 37 Bijlage V Criteria voor duurzaam inkopen van kunstwerken... 41 Bijlage VI Gemeentebeleid... 44 Bijlage VII Beoordelingsmatrix... 51 Bijlage VIII Nomenclatuur... 52 5

1. Inleiding Dit beheerplan geeft inzicht in het te beheren areaal aan civiele kunstwerken, het gewenste kwaliteitsniveau, het huidige kwaliteitsbeeld en de benodigde middelen om het gewenste kwaliteitsniveau te bereiken. Sinds het Beheerplan Kunstwerken 2007-2010 in juli 2007 door de raad werd vastgesteld zijn veel inspanningen verricht om alle beheergegevens te actualiseren en beheersystemen operationeel te krijgen. In de Gemeente Delft liggen in totaal 625 civiele kunstwerken, zoals bruggen, tunnels, viaducten, duikerbruggen en vlonders. Van deze kunstwerken zijn er 415 in beheer van de Gemeente Delft. Deze kunstwerken behoren tot de kapitaalgoederen van de gemeente. De totale vervangingswaarde van het totale areaal kunstwerken bedraagt 138.000.000,-. Kunstwerken zijn verbindingen in de verkeersstructuren van de stad, verbindingen in grote waterstructuren of recreatieve elementen in de wijken. Als deze kunstwerken niet goed beheerd worden kunnen ernstige problemen ontstaan, zoals het onbruikbaar worden van bruggen wat een risico is voor de bereikbaarheid, en belemmering van de waterafvoer, oftewel een risico mbt wateroverlast. 1.1 Doel beheerplan Het doel van een meerjarenbeheerplan is duidelijk: het doet uitspraken over de kwaliteit van de openbare ruimte, de benodigde maatregelen en de benodigde financiële middelen. Deze uitspraken zijn gebaseerd op de areaalgegevens, de actuele technische onderhoudstoestand en de noodzakelijke maatregelen voor het bereiken van de afgesproken kwaliteit. Een meerjarenbeheerplan beschrijft zowel het dagelijks (klein) onderhoud als de geplande (groot) onderhoudsprojecten. De geplande onderhoudsprojecten worden daarbij afgestemd op de (onderhouds-) projecten in de openbare ruimte van andere disciplines. Afgezien van de minimale wettelijke en technische eisen waaraan kunstwerken moeten voldoen, worden in het beheerplan keuzes gemaakt. Hoe schoon, heel en veilig moeten de objecten in de openbare ruimte zijn? Hoeveel geld stellen wij daarvoor beschikbaar? Beleidskeuzes die per voorziening of gebied verschillend kunnen zijn. Het beheerplan biedt bestuurders en beheerders de benodigde informatie en inzicht waarmee een verantwoorde beheersstrategie wordt bepaald. Na vaststelling is het beheerplan het taakstellende document voor de uitvoering van de beheeren onderhoudswerkzaamheden. De realisatie van vastgelegde beheerdoelstellingen vindt plaats op basis van jaarlijkse (wijk)onderhoudsplannen. Het beheerplan speelt daarnaast een belangrijke rol in de beleidsverantwoording van het college van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad. De invoering van de Wet dualisering gemeentebestuur heeft gezorgd voor een scheiding van taken en verantwoordelijkheden van het college aan de raad. Het college houdt zich bezig met het dagelijks bestuur, de raad vertegenwoordigt de burgers, stelt de kaders en controleert het bestuur. Om de raad doeltreffender in haar kaderstellende en controlerende taak te ondersteunen zijn gemeenten, op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), verplicht inzicht te geven in de beleidsmatige, financiële en politieke aspecten van het onderhoud van kapitaalgoederen. Deze verantwoording verloopt via de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen van de programmabegroting, op basis van vastgestelde beheerplannen. 6

1.2 De beheercyclus De actuele inrichting van de openbare ruimte is een momentopname van het cyclische proces van stedelijke ontwikkeling. Nadat is besloten een object te realiseren wordt het ontworpen, technisch uitgewerkt en gerealiseerd. Hierna wordt het object tot aan het eind van zijn levensduur onderhouden. Meestal betreft dit de technische levensduur, maar het komt regelmatig voor dat maatschappelijke ontwikkelingen aanleiding geven een object eerder te vervangen. Het eind van de technische levensduur wordt bereikt als de reguliere onderhoudswerkzaamheden niet meer toereikend zijn om het object (tegen acceptabele kosten) aan de door de gemeente Delft gestelde of wettelijk verplicht gestelde functionele en technische eisen te laten voldoen. Het eind van de maatschappelijke levensduur wordt bereikt als het object niet meer aan de maatschappelijke eisen voldoet. (Wensen van bewoners en bedrijven, nieuwe regelgeving, veranderd beleid, etc.) Aan het eind van de levensduur wordt op basis van de actuele wensen (beleid) opnieuw besloten wat er met het object moet gebeuren. Moet het worden verwijderd, gereconstrueerd of totaal vernieuwd? 1.3 Definitie beheer en onderhoud Tegen de achtergrond van de hiervoor weergegeven beheercyclus kan het begrip beheer als volgt worden gedefinieerd: Beheer is het bewaken en waarborgen van de gewenste kwaliteit van de openbare ruimte met als doel het realiseren van de gewenste functie door systematisch plannen, budgetteren, voorbereiden en uitvoeren van beheermaatregelen alsook regulering en toezicht. Beheer staat in deze definitie zowel voor onderhoud als inrichten. Onderhoud vindt plaats met als doel de huidige kwaliteit en functie van de openbare ruimte in stand te houden. Onderhoud is de uitvoering van preventieve dan wel correctieve maatregelen voor het behoud of herstel van de oorspronkelijke kwaliteit van de openbare ruimte. Toezicht is in deze definitie ook deel van het onderhoud. Inrichten is het ordenen en samenstellen (ontwerp tot en met realisatie) van objecten en onderdelen in de openbare ruimte, zodanig dat deze geschikt is voor de bestemde functie. Dit beheerplan gaat uitsluitend over het onderhoud aan de kunstwerken. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in twee soorten onderhoud: Dagelijks onderhoud Dagelijks onderhoud (of klein onderhoud) richt zich op het in goede staat houden van kunstwerken. 7

De maatregelen zijn in het algemeen klein van omvang en worden in het lopende budgetjaar uitgevoerd. De maatregelen die in dat kader worden uitgevoerd zijn: herstellen van kleine schades schoonmaken van leuningen schilderen van leuningen reinigen van slijtlagen aanbrengen en vervangen van slijtlagen vernieuwen van enkele planken in brugdekken verwijderen van bepaalde graffiti Groot onderhoud Groot onderhoud richt zich op het weer in goede staat brengen van kunstwerken. Daaronder wordt verstaan het renoveren of vervangen van kunstwerken zodat deze voor een lange tijd weer voldoen aan hun functionele en/of technische eisen. Het betreft grootschalige maatregelen die planmatig worden uitgevoerd. 8

2. Terugblik Beheerperiode 2007-2010 In deze paragraaf wordt het beheerplan van de vorige beheerperiode, 2007-2010, tegen het licht gehouden. Er wordt onderzocht of de in het vorige beheerplan gestelde maatregelen wel of niet zijn uitgevoerd. In het vorige beheerplan is aan de hand van de voor handen zijnde kwalitatieve inspectiegegevens voorgesteld om de volgende maatregelen uit te voeren (tussen haakjes staat wanneer welk bedrag voor het betreffende project gereserveerd is): Houten bruggen ( 50.000,- per jaar): De afgelopen 4 jaar zijn er veel brugdekken vervangen van houten fiets- en voetgangersbruggetjes die voornamelijk in de Tanthof liggen. Binnenstadsbruggen (totaal 200.000,- in 4 jaar): Bij een aantal binnenstadsbruggen is groot onderhoud uitgevoerd in de vorm van herstelwerkzaamheden aan de vleugelmuren en losliggende brugdekken. Mahlerstraat ( 25.000,- in 2007): betonherstel Duyvelsgatbrug, Kantoorgracht/Nieuwe Gracht ( 420.000,- in 2007): renovatie Catharijnebrug, Oosteinde/Zuiderstraat ( 600.000,- in 2007/08): renovatie uitgevoerd in 2008/09 Visbrug, Voorstraat/Visstraat ( 250.000,- in 2008): renovatie Vlamingstraat, voetbrug ( 80.000,-): geheel vernieuwen Gasthuislaan, voetbrug bij Doorniksteeg ( 80.000,- in 2008): geheel vernieuwen Lepelbrug, Nieuwe Plantage/Wateringseweg ( 657.000.- in 2007): renovatie Voetbrug tov Stanislas, Provincialeweg ( 250.000,- in 2007): geheel vernieuwen Molentjesbrug, St Jorispad/Aan t verlaat ( 100.000,- in 2008): vervangen brugdek. Wordt uitgevoerd in 2010/11. Div. bruggen Tanthof ( 30.000,- verspreid over 2007 tot 2009): leuningen vervangen Victoriatunnel, onder Kruithuisweg thv Amazoneweg ( 50.000.- in 2007): verhelpen wateroverlast Poortbrug, Oostpoortweg ( 50.000,- in 2008): betonherstel en vernieuwen deklaag. Uitgevoerd in 2010. De volgende projecten zijn niet uitgevoerd in de betreffende planperiode, ondanks dat hier wel budget voor gereserveerd was: Tweemolentjesbrug, Tweemolentjeskade/Oostsingel ( 150.000,- in 2008): De voorgestelde renovatie in 2008 heeft niet plaatsgevonden. Deze brug is in 2009 onderzocht door het Ingenieursbureau van de Gemeente Delft. Renovatie zal plaatsvinden in 2011. Het beschikbare budget is inmiddels toegenomen tot 150.000,- en zal worden doorgeschoven naar de nieuwe planperiode. Viaduct Martinus Nijhofflaan ( 200.000,- in 2009): herstel van het beton en deklaag heeft niet plaatsgevonden. In dit beheerplan is het viaduct meegenomen als risico, vanwege de onzekerheid van de toekomst van het viaduct. Verder zijn er in het vorige beheerplan een drietal risico s benoemd: Brug met bussluis Tanthof, Veulenkamp ( 150.000,- in 2009): In de vorige beheerperiode was er sprake van het eventueel terug in dienst treden van de busverbinding over de betreffende brug. Constructief kon de brug busverkeer niet aan, dus zou de brug vervangen moeten worden. Uiteindelijk loopt de busverbinding over een andere route. De brug is nu aangepast tot fiets- en voetgangersbrug.. 9

Pesthuisbrug ( 350.000,- in 2009): Tijdens het schrijven van het vorige beheerplan bestond de opvatting dat de Pesthuisbrug groot onderhoud of zelfs renovatie benodigd had. Na extra onderzoek tijdens de vorige beheerperiode is gebleken dat de staat van de Pesthuisbrug in betere staat is dan gedacht. Renovatie ter waarde van 60.000,- is verschoven naar 2011 en meegenomen in dit beheerplan. Vrouwe van Rijnsburgerbrug ( 350.000,- in 2009): de kwaliteit van de Vrouwe van Rijnsburgerbrug was in de vorige beheerperiode, evenals nu, slecht. Omdat er tijdens het schrijven van het vorige beheerplan geen duidelijk beeld was van de noodzaak tot vervangen van de brug is er toentertijd een bedrag meegenomen als risico. 10

3. Ontwikkelingen In dit hoofdstuk worden de ontwikkelingen beschreven die van toepassing zijn op dit beheerplan en het beheer van de civieltechnische kunstwerken in het algemeen. Globale ontwikkelingen die gelden voor de gehele Gemeente Delft staan in bijlage VI. 3.1 Beheerplan Kunstwerken 2007-2010 Op 21 augustus 2007 is door de Gemeenteraad van Delft het Beheerplan Kunstwerken 2007-2010 vastgesteld. Naar aanleiding van dat plan zijn o.a. de volgende acties ondernomen: het beheerssysteem is gekoppeld aan het GIS systeem het areaal kunstwerken is vrijwel volledig in kaart gebracht er worden reguliere inspecties uitgevoerd en verwerkt in het beheerssysteem 3.2 Overeenkomsten met externe partijen De gemeente Delft heeft met diverse instanties contracten over het beheer en onderhoud van kunstwerken. Groenservice Zuid-Holland (GZH) De wegen, paden en bijbehorende kunstwerken in de recreatiegebieden Midden-Delfland zijn in eigendom van de gemeente Delft. Het dagelijks onderhoud op deze ca. 30 kunstwerken wordt uitgevoerd door GZH. Het groot onderhoud voor deze kunstwerken komt ten laste van de gemeente Delft (zie voor kosten paragraaf 5.7). Technische Universiteit Delft Het gebied Technopolis is voor het grootste gedeelte in bezit van de Technische Universiteit Delft. Dit bedrijventerrein is op het moment van schrijven nog grotendeels in ontwikkeling. In de betreffende beheerperiode zullen kunstwerken worden aangelegd in Technopolis. Het beheer en onderhoud van deze kunstwerken wordt in eerste instantie niet gedaan door de gemeente Delft. Er wordt in deze beheerperiode geen budget beschikbaar gesteld voor de kunstwerken in Technopolis. Provincie Zuid-Holland Een twaalftal kunstwerken in Delft zijn in beheer van de provincie Zuid-Holland. Drie bruggen over de Schie die in bezit zijn van de Gemeente Delft worden beheerd en onderhouden door de Provincie Zuid-Holland, maar de kosten worden betaald door de Gemeente Delft. Deze bruggen zijn de Abtswoudsebrug, de Hambrug en de Plantagebrug. De verantwoording voor deze kosten staat beschreven in paragraaf 5.4. Overig Onderstaande partijen zijn eigenaar van één of meerdere kunstwerken in Delft. Deze kunstwerken vallen niet onder het beheer van de Gemeente Delft en hier hoeft ook geen budget voor worden vrijgemaakt gedurende de gehele beheerperiode. Deze partijen zijn: Rijkswaterstaat NS Poort/ProRail Hoogheemraadschap van Delfland Buurgemeenten Particulieren 11

Consequenties Het beheer van enkele kunstwerken ligt niet bij de gemeente Delft. Deze kunstwerken zijn niet meegenomen in het te beheren areaal. 3.3 Bevolkingsontwikkeling De bevolking in Nederland is langzaam aan het vergrijzen, zo ook in Delft. Daarnaast blijven ouderen steeds langer zelfstandig. Om mensen zoveel mogelijk zelfstandig in hun eigen woonomgeving te laten wonen, realiseert Delft woonservicezones. In deze woonservicezones kent de woonomgeving een verhoogd niveau van toegankelijkheid. Bij de inrichting van de woonomgeving zal in haar algemeenheid in toenemende mate rekening worden gehouden met de specifieke eisen en wensen van de oudere inwoners. Binnen de gemeente komen er vaker verzoeken om veel door ouderen gebruikte verblijfsgebieden of routes naar bijvoorbeeld winkels of gezondheidscentra, aan te passen aan hun fysieke beperkingen. Men kan denken aan het minder steil maken van een (voetgangers-) brug. Aanpassingen aan kunstwerken in dergelijke routes zijn niet opgenomen in de onderhoudsbegroting omdat dit (her)inrichting betreft. Eventuele financieringen moeten uit andere bronnen komen. Consequenties Eventuele gevolgen voor de beheerkosten als gevolg van de bevolkingsontwikkeling binnen Delft worden niet meegenomen in dit beheerplan. 3.4 Areaaluitbreiding In deze paragraaf worden de bij de gemeente bekende areaaluitbreidingen voor de komende beheerperiode vermeld. Voor deze uitbreidingen zijn, tenzij anders vermeld, geen beheer- en onderhoudskosten meegenomen in dit beheerplan. Spoorzonegebied De ontwikkeling van het Spoorzonegebied heeft op termijn invloed op het areaal aan kunstwerken. Eén kunstwerk, namelijk de fietsersbrug naast de Prinses Irenetunnel, is al afgesloten en zal worden verwijderd. Uiteindelijk zal ook de Prinses Irenetunnel zelf, net als de Abtswoudsefietstunnel, de Stationstunnel en de Stationsbrug, plaats moeten maken voor de nieuwe spoorzone. Op de plek van het huidige spoorviaduct wordt een nieuwe gracht aangelegd. Over deze gracht zullen verscheidene (voetgangers-)bruggen worden aangelegd. Rondom het nieuwe stadskantoor zullen ook verschillende nieuwe bruggen worden gebouwd. Harnaschpolder De 27 bruggen en 12 duikerbruggen (wijzigingen voorbehouden) die medio 2012 in de Harnaschpolder opgeleverd zullen worden, zijn al wel geregistreerd in het bruggenbeheersysteem van de Gemeente Delft, maar er is nog niet bekend wat voor budget er gereserveerd moet worden voor deze bruggen. Deze kunstwerken moeten nog worden overgedragen naar beheer. Tevens zijn het nieuwe kunstwerken en behoeven logischerwijs geen groot onderhoud. Dit betekent dat ze al wel onderdeel uitmaken van het areaal, maar niet van de 12

begroting. In het volgende beheerplan zijn deze bruggen waarschijnlijk geïnspecteerd en kunnen ze worden meegenomen in de begroting. Technopolis Het gebied Technopolis is voor het grootste gedeelte in bezit van de Technische Universiteit Delft. Dit bedrijventerrein is op het moment van schrijven nog grotendeels in ontwikkeling. In de betreffende beheerperiode zullen kunstwerken worden aangelegd in Technopolis. Het beheer en onderhoud van deze kunstwerken wordt niet gedaan door de gemeente Delft. Er wordt in deze beheerperiode dus geen budget gereserveerd voor de kunstwerken in Technopolis. Watertuinen Op de oude TNO locatie tussen de A13 en de Schoenmakerstraat wordt de komende jaren de nieuwbouwwijk de Watertuinen ontwikkeld. Het definitieve ontwerp voor deze nieuwbouwwijk is nog niet bekend, maar er zullen naar alle waarschijnlijkheid verscheidene bruggen in het plan zitten. Deze bruggen zullen in de toekomst in het beheer van de Gemeente Delft komen. In deze beheerperiode is geen budget gereserveerd voor beheer en onderhoud van de kunstwerken in de Watertuinen. In de volgende beheerperiode (2015-2018) zal dit wel moeten gebeuren. Gelatinebrug Vanuit het LVVP en FAPII komt in de komende beheerperiode zeer waarschijnlijk het project De Gelatinebrug. Deze brug vormt een fietsverbinding over de Schie ter hoogte van het evenemententerrein langs de Rotterdamseweg. Deze fietsverbinding ligt in het verlengde van de IJsmeestertunnel en is onderdeel van een nieuwe west-oost fietsverbinding. Afspraken voor het beheer en eigendom van deze brug moeten nog gemaakt worden. In deze beheerperiode wordt geen budget gereserveerd voor de Gelatinebrug. Station Delft Zuid De openbare ruimte rondom Station Delft Zuid krijgt een metamorfose. De huidige inrichting wordt grotendeel verwijderd en de ruimte krijgt een creatieve, duurzame en innovatieve uitstraling. Zo wil de Gemeente Delft de veiligheid en bereikbaarheid van het station verbeteren. Langs de westzijde van het station zal een busbaan worden aangelegd, zodat bussen weer voor het station kunnen stoppen. In deze busbaan zal een brug worden aangelegd over de huidige watergang naar het Voorhofgemaal toe. Deze brug zal medio 2011 opgeleverd worden. Aangezien het hier een nieuwe brug betreft die nog geen groot onderhoud benodigd heeft is de brug nog niet opgenomen in het beheersysteem van de Gemeente Delft. Er is dan ook geen budget gereserveerd in deze beheerperiode. 13

4. Areaalgegevens 4.1 Algemeen De kwantitatieve en kwalitatieve areaalgegevens zijn samen met op te stellen maatregelpakketten de basis voor het maken van planningen van beheermaatregelen. Areaalgegevens zijn daarom geen doel op zich maar een middel voor doelmatig en effectief beheer. Daarbij moet worden aangetekend dat areaalgegevens nooit 100% actueel, juist en volledig zijn vanwege de cyclische inspecties en het verwerken van revisiegegevens. Voor een effectieve en efficiënte besteding van de middelen is het gebruikelijk te streven naar een bekendheid van circa 90% van het areaal 4.2 Kwantitatief areaal Het huidige areaal omvat 625 bruggen, tunnels, viaducten, duikerbruggen en vlonders, zie tabel 4.1. Het betreft hier alle kunstwerken binnen de Gemeente Delft. Tabel 4.1 Areaal kunstwerken Voetganger Fiets/ voetganger Verkeer Niet gevuld Totaal Brug vast 95 249 131 7 482 Brug beweegbaar 7 6 13 Duikerbrug 1 5 31 37 Tunnel 10 5 15 Viaduct 6 6 Vlonder 36 36 Sluis 1 1 Nader te bepalen 35 35 Totaal 132 271 179 43 625 De gemeente beheert maar een deel van alle kunstwerken. Van de kunstwerken zijn er 415 in beheer bij en/of in eigendom van de Gemeente Delft, zie tabel 4.2. Overige beheerders zijn het Hoogheemraadschap Delfland, Provincie Zuid-Holland, ProRail, Groenservice Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, TU Delft en diverse particulieren. Tabel 4.2 Areaal kunstwerken in beheer en/of eigendom bij Gemeente Delft Voetganger Fietsvoetganger Verkeer Niet gevuld Totaal Brug vast 74 181 96 4 355 Brug beweegbaar 5 3 8 Duikerbrug 1 2 21 24 Tunnel 8 1 9 Viaduct 1 1 Vlonder 18 18 Totaal 93 196 122 4 415 Veel van de 415 kunstwerken in beheer van de Gemeente Delft zijn vaste bruggen. Hieronder vallen de bruggen in de binnenstad, maar ook de vele verkeers- fiets- en voetgangersbruggen in de omliggende wijken. De Gemeente Delft beheert 1 viaduct, het viaduct in de Martinus Nijhofflaan dat de Provincialeweg kruist. 14

De 42 oude bruggen in de binnenstad zijn allen gekenmerkt als rijksmonument en zijn allen in beheer van de Gemeente Delft. De Gemeente Delft beheert 8 beweegbare bruggen welke zijn weergegeven in tabel 3.3. Tabel 4.3 Beweegbare bruggen in beheer van de Gemeente Delft Nr. Naam Verkeerssoort 1103 Kolenhavenbrug Verkeer 1106 Lepelbrug Verkeer 1167 Kleine Oostpoortbrug Fiets- Voetganger 1174 Sint Sebastiaansbrug Verkeer 1186 Hambrug Fiets- Voetganger 1193 Plantagebrug Fiets- Voetganger 1461 Ophaalbrug Hoornsekade/Buitenwatersloot Fiets- Voetganger 2715 Abtswoudsebrug Fiets- Voetganger De Gemeente Delft beheert 9 tunnels. Deze tunnels zijn weergegeven in tabel 3.4. Tabel 4.4 Tunnels in beheer van de Gemeente Delft Nr. Naam Verkeerssoort 1406 Tunnel Colijnlaan Fiets- Voetganger 2229 Brug Derde Werelddreef / Rio de Janeiropad Fiets- Voetganger 2242 Kenenburgtunnel Fiets- Voetganger 2243 Victoriatunnel Fiets- Voetganger 2244 Tunnel Verzetspad Fiets- Voetganger 2504 Hoventunnel Fiets- Voetganger 2531 Kruithuistunnel Fiets- Voetganger 11051 Brug 1105, noordertunnel Verkeer 11052 Brug 1105, zuidertunnel Fiets- Voetganger Alle kunstwerken zijn vastgelegd in een digitaal tekeningbestand, te zien in bijlage II. 4.3 Areaalmutaties Een grote verandering binnen het areaal kunstwerken is het ontbreken van de geluidsschermen in het beheerplan kunstwerken. Vanuit beheertechnisch oogpunt is het efficiënter om de geluidsschermen te zien als een lijnobject en zodoende onder te brengen bij het beheerplan Oevers. Fysieke areaalmutaties hebben onder andere plaats gevonden op de volgende locaties in Delft: Molenwijk Na oplevering van de nieuwe woonwijk de Molenwijk is het areaal uitgebreid met 4 duikerbruggen (verkeer) en 4 vaste bruggen (fietsers/voetgangers). Deze bruggen zijn in beheer van de Gemeente Delft. Harnaschpolder In de nieuwbouwwijk Harnaschpolder worden in 2010 27 vaste bruggen en 12 duikerbruggen opgeleverd. Deze bruggen komen in beheer van de Gemeente Delft. 15

IJmeestertunnel In het voorjaar van 2010 is de IJsmeestertunnel in gebruik genomen. Deze fietstunnel onder de A13 verbindt de oude TNO locatie (toekomstige watertuinen) met Delfgauw. Deze tunnel is in beheer van de Gemeente Delft. Het uitbreiden van het areaal heeft absoluut hogere onderhoudskosten tot gevolg. Gezien de bovenstaande areaaluitbreidingen zeer recent zijn gedaan is de invloed van deze kunstwerken op de totale onderhoudsbegroting zeer gering. Onderhoud op pas aangelegde kunstwerken bestaat op korte termijn uit dagelijks onderhoud en op de lange termijn uit groot onderhoud of zelfs vervangen. Reineveldbrug De Reineveldbrug is een beweegbare brug over het Rijn-Schiekanaal. Over de brug loopt de Vrijenbanselaan en tramlijn 1 & 19. Langs het Rijn-Schiekanaal lopen aan weerszijden ventwegen. Aan de zuidkant is dit slechts een fietspad, maar aan de noordzijde is dit een erfontsluitingsweg. Beide wegen lopen door de landhoofden van de brug. Omdat beide wegen in beheer zijn van de Gemeente Delft is de Gemeente Delft ook verantwoordelijk voor het onderhoud van de wegen onder de brug, terwijl de Provincie Zuid- Holland verantwoordelijk is voor het beheer van de brug zelf. Vandaar dat deze onderdoorgangen los zijn getrokken van de brug en in het areaal zijn vermeld als zijnde 2 tunnels. 16

5. Kwaliteitsgegevens 5.1 Algemeen Het uitgangspunt voor het opstellen van de beheersmaatregelen en bijbehorende beheerskosten in dit beheerplan is, naast het kwantitatieve areaal, de kwalitatieve toestand van het areaal. In het vorige hoofdstuk is aangegeven hoe groot het areaal kunstwerken is. In dit hoofdstuk wordt gekeken naar de huidige kwaliteit van het areaal en zijn de minimum kwaliteitseisen bepaald waaraan het areaal moet voldoen. 5.2 Kwaliteitsinspecties Om de (technische) staat van de kunstwerken vast te stellen, zijn (gedetailleerde) kwaliteitsinspecties noodzakelijk. De gemeente Delft laat elk jaar een vijfde van de stad (ongeveer 3 wijken) inspecteren. Dit betekent dat ieder kunstwerk om de 5 jaar gedetailleerd (brugdek, leuningen, onderbouw en fundatie) visueel wordt geïnspecteerd. De gedetailleerde inspecties worden uitgevoerd door een extern bedrijf. Deze inspecties worden vervolgens door de gemeente beoordeeld bij de medewerkers die hiervoor de technische kennis in huis hebben. Indien noodzakelijk vindt op basis van de inspectieresultaten een nadere inspectie plaats. Vanaf 2006 is een grote inhaalslag gemaakt met het inspecteren van de kunstwerken. Tegenwoordig maken alle kunstwerken deel uit van de hierboven genoemde cyclische inspecties en zijn van ca. 80% van de kunstwerken kwalitatieve inspectiegegevens aanwezig. Naast de 5-jarige inspectiecyclus worden ook jaarlijks, in combinatie met de schouw van de wegen, de bovenzijde van de brugdekken en de leuningen visueel geïnspecteerd. Tevens maken de kunstwerken onderdeel uit van de Delftse Schouwgids (zie bijlage VI). Hierdoor kan snel worden opgetreden bij plotseling ontstane schades. De kwalitatieve informatie wordt in de nieuwe beheersystematiek op twee niveaus verzameld, te weten het objectniveau en het onderdelenniveau: Algemene kwaliteit op objectniveau Op objectniveau wordt door de inspecteur de globale kwaliteit en restlevensduur van de gehele constructie aangegeven. De kwaliteit van de gehele constructie wordt aangegeven op basis van de volgende beleidsaspecten: Veiligheid Duurzaamheid Welstand / Beeldkwaliteit Het beleidsaspect veiligheid kent drie kwaliteitsniveaus, te weten: goed, matig en slecht. De beleidsaspecten duurzaamheid en welstand kennen vier kwaliteitsniveaus, te weten: goed, redelijk, matig en slecht. Voor het groot onderhoud zijn voornamelijk de beleidsaspecten veiligheid en duurzaamheid van belang, het aspect welstand zegt meer iets over het dagelijks onderhoud. In de beoordelingmatrix in bijlage VII zijn de beoordelingscriteria nader uitgewerkt. 17

Grootschalige maatregelen op objectniveau Aanvullend aan deze kwaliteitsbeoordeling maakt de inspecteur een inschatting van de te verwachte eerstvolgende grootschalige maatregel en de bijbehorende kosten. Onder een grootschalige maatregel wordt een maatregel verstaan waarvan de kosten hoger zijn dan 20 % van de vervangingswaarde van het object. Maatregelen op onderdelenniveau Indien voor een object binnen een periode van vijf jaar geen grootschalige maatregelen (>20 % van de vervangingswaarde) zijn voorzien, adviseert de inspecteur kleinschalige maatregelen op onderdelenniveau. Indien kleinschalige maatregelen worden geadviseerd, dienen deze maatregelen te worden gekoppeld aan objectonderdelen. 5.3 Huidige kwaliteitsniveau Voor de technische kwaliteit zijn veiligheid en duurzaamheid van belang. Veiligheid kent drie kwaliteitsniveaus, te weten goed, matig en slecht. Duurzaamheid kent vier kwaliteitsniveaus, namelijk goed, redelijk, matig en slecht. Van de 415 kunstwerken in beheer van de Gemeente Delft zijn van 323 kunstwerken de kwalitatieve inspectiegegevens bekend. De resultaten van de inspecties staan in onderstaande tabel. Tabel 5.2 Inspectieresultaten veiligheid en duurzaamheid Duurzaamheid Veiligheid goed redelijk matig slecht totaal goed 70 63 40 1 174 matig 6 34 48 31 119 slecht 1-6 23 30 totaal 77 97 94 55 323 Van 92 kunstwerken in het beheer in de Gemeente Delft ontbreken de kwaliteitsgegevens. Dit zijn nieuwe kunstwerken, kunstwerken die in de afgelopen beheerperiode in bezit zijn gekomen van de Gemeente Delft, kunstwerken die de afgelopen beheerperiode zijn gerenoveerd of groot onderhoud hebben gehad, of simpelweg niet zijn geïnspecteerd. Van de 323 geïnspecteerde kunstwerken scoren 30 kunstwerken slecht op veiligheid en 55 kunstwerken slecht op duurzaamheid. 23 kunstwerken scoren op beide aspecten slecht. In totaal scoren 62 kunstwerken slecht op één of beide aspecten. Veel van deze 62 kunstwerken zijn (deels) houten voetgangers- of fietsbruggen die met relatief simpele of goedkope ingrepen gerepareerd kunnen worden. In onderstaand tabel staat het kwaliteitsaspect welstand weergegeven voor de geïnspecteerde kunstwerken. Tabel 5.3 Inspectieresultaten welstand Welstand goed redelijk matig slecht totaal 71 116 109 27 323 18

Van de 27 als slecht gekwalificeerde kunstwerken mbt de welstand kwaliteitseisen, zijn er 21 kunstwerken die ook op veiligheid en/of duurzaamheid slecht scoren. Er zijn dus 6 kunstwerken (waarvan 1 in de binnenstad) die alleen slecht scoren op het welstandsaspect. 5.4 Gewenst kwaliteitsniveau Uitgangspunt voor het gewenste kwaliteitsniveau is het niveau van onderhoud dat een functioneel gebruik van de betreffende kunstwerken mogelijk maakt tegen de laagst maatschappelijke kosten. Dit kwaliteitsniveau is in feite de minimale norm waaraan kunstwerken moeten voldoen Kwaliteitseis: Voor een duurzame en veilige leefomgeving dienen de kunstwerken op het gebied van duurzaamheid en veiligheid niet slecht te scoren. Om dit kwaliteitsniveau te bereiken dient preventief of correctief onderhoud te worden uitgevoerd. Alle kunstwerken die op het beleidsaspect duurzaamheid en/of veiligheid slecht scoren zijn toe aan (groot) onderhoud. Uitstel van het onderhoud betekent dat het gebruik van het kunstwerk moet worden beperkt (bijvoorbeeld tot een lagere verkeersklasse) of in het ergste geval dat een kunstwerk volledig moet worden afgesloten. Tevens kan het uitstellen van onderhoud tot gevolg hebben dat later uitgevoerd onderhoud relatief duurder is. Dit leidt tot kapitaalvernietiging. Uit tabel 5.2 is op te maken dat 62 kunstwerken slecht scoren op duurzaamheid en/of veiligheid. Deze kunstwerken behoeven binnen de komende planperiode van 2011-2014 (groot) onderhoud. Kwaliteitseis: Aan kunstwerken die slecht scoren op de eis welstand wordt onderhoud gepleegd. Hierbij wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen de historische binnenstad en de rest van de stad. Tabel 5.4 Inspectieresultaten welstand binnenstad Welstand kunstwerken binnenstad goed redelijk matig slecht totaal 7 29 40 1 77 Van de 77 op welstand geïnspecteerde kunstwerken in de binnenstad worden 40 kunstwerken op welstand gekwalificeerd als matig en 1 als slecht. Als gevolg van de bezuinigingen is de kwaliteitseis ten aanzien van welstand aangepast. Werd voorheen in de binnenstad onderhoud gepleegd aan kunstwerken met een score matig, nu wordt pas onderhoud gepleegd bij een score slecht. Behalve de technische onderhoudskwaliteit kunnen ook andere kwaliteitsuitspraken en beleidsuitgangspunten voor de openbare ruimte van belang zijn voor het meerjarenbeheerplan. Een integrale strategische visie op de openbare ruimte van Delft die tot op uitvoeringsniveau is doorgevoerd ontbreekt. Op onderdelen zijn aannames gedaan. 19

5.5 Conclusie huidige kwaliteitsbeeld Na de inhaalslag van de afgelopen planperiode zijn op het moment van schrijven van dit beheerplan van 323 kunstwerken (78% van het door de Gemeente Delft beheerde areaal) de kwalitatieve inspectiegegevens bekend. De resultaten van deze inspectie zijn samengevat in tabel 4.5. Hierin staan de hoeveelheden unieke kunstwerken waaraan groot onderhoud moet worden gepleegd vanwege het aspect veiligheid/duurzaamheid (slecht) of welstand (slecht of matig in de binnenstad). Uniek wil zeggen dat er geen overlappende cijfers zijn meegerekend. De prioriteit is gelegd op een slechte score op veiligheid/duurzaamheid, dan een slechte score op het welstandsaspect, en tenslotte een matige score op het welstandsaspect voor de binnenstad. Tabel 4.5 resultaten inspecties mbt kwalieteitseisen Hoeveelheid kunstwerken die groot onderhoud behoeven vanwege: Unieke aantallen score slecht op aspect veiligheid en/of duurzaamheid 62 score slecht op aspect welstand 6 Subtottaal 68 Hoeveelheid kunstwerken die geen extra aandacht behoeven vanwege: score minimaal matig op aspect veiligheid en duurzaamheid én score minimaal matig op aspect welstand 255 Totaal 323 Van de 323 geïnspecteerde kunstwerken behoeven de komende planperiode 62 kunstwerken direct (groot) onderhoud, omdat de betreffende kunstwerken slecht scoren op veiligheid, duurzaamheid of beide aspecten. Slechts vanuit het oogpunt welstand behoeven 6 slechte kunstwerken (groot) onderhoud in de komende planperiode. In totaal betekent dit dat in de komende planperiode (2011-2014) aan 68 kunstwerken die in beheer zijn van de gemeente Delft en zijn geïnspecteerd (groot) onderhoud moet worden gepleegd. Onderhoud kan variëren van een houten plank tot het renoveren of compleet vervangen van een kunstwerk. Een lijst van deze kunstwerken inclusief maatregelen is te vinden in bijlage III. 20

6 Beheerkosten 6.1 Beleid en Beheer Beleidsadvisering inspecties en onderzoek Ieder jaar wordt circa een vijfde deel van alle kunstwerken in beheer bij de Gemeente Delft door een extern bureau geïnspecteerd. De inspectiegegevens worden vastgelegd in het kunstwerken beheerprogramma. De inspecties worden vervolgens door de gemeente beoordeeld. De technische inspectie kan aanleiding geven tot het uitvoeren van extra nader onderzoek naar de ernst van de geconstateerde gebreken of de oorzaak van het technisch falen van de constructie. De kosten voor de inspecties door een externe partij worden begroot op 30.000,- per jaar. Door het Ingenieursbureau van de Gemeente Delft worden desgevraagd adviezen geschreven of onderzoek uitgevoerd voor de afdeling Beheer. Tevens wordt het beheerplan Kunstwerken opgesteld en geschreven door het Ingenieursbureau. De kosten voor deze werkzaamheden worden begroot op 40.000,- per jaar. Rationeel beheer Voor het rationeel beheer van het areaal kunstwerken wordt gebruik gemaakt van een softwaresysteem, genaamd Bruggenbeheersysteem Versie 5.0.0. Gebruik van het systeem kost 6.000,- per jaar. De gegevens in het beheersysteem worden dagelijks verwerkt en bijgehouden. Tevens is in de vorige planperiode een koppeling gemaakt tussen de beheergegevens en een GIS systeem. Voor de instandhouding van de gegevens is binnen afdeling Beheer structureel 0,2 fte nodig. De kosten hiervoor bedragen 20.000,-. De totale kosten voor beleid en beheer bedragen jaarlijks 116.000,-. 6.2 Klein onderhoud kunstwerken Onder klein onderhoud worden alle werkzaamheden verstaan die, vanwege de kleine omvang, uitgevoerd zouden kunnen worden door de eigen dienst, en richt zich op het in goede staat houden van kunstwerken, zoals: herstellen van kleine schades schoonmaken van leuningen schilderen van leuningen reinigen van slijtlagen aanbrengen en vervangen van slijtlagen vernieuwen van enkele planken in brugdekken verwijderen van bepaalde graffiti In feite worden dit soort werkzaamheden geschaard onder het dagelijks onderhoud dat wordt uitgevoerd door de Gemeente Delft. De inspecteur constateert deze kleine onderhoudswerkzaamheden en verwerkt ze in het bruggenbeheersysteem. Hierdoor komen ze los als maatregel in het beheersysteem. Omdat er voor dit soort werkzaamheden een apart budget wordt gereserveerd, worden deze onderhoudskosten die voort komen uit het beheerssysteem geschaard onder het klein onderhoud. Klein onderhoud richt zich op het in goede staat houden van kunstwerken. De maatregelen die in dat kader worden uitgevoerd zijn: 21

Op basis van de inspecties, klachten en op basis van de technische rapporten wordt jaarlijks een programma opgesteld voor dagelijks onderhoud (vervangen van een plank, reparatie slijtlagen enzovoort). De maatregelen zijn in het algemeen klein van omvang en worden in het lopende budgetjaar, vaak door eigen personeel, uitgevoerd. Direct onderhoud dat om veiligheidsredenen onmiddellijk moet worden uitgevoerd behoort eveneens tot het dagelijks onderhoud. Graffiti wordt niet verwijderd met uitzondering van racistisch getinte leuzen. Schilderwerk wordt preventief ingepland. Alle brugleuningen worden gemiddeld eens in de zeven jaar geschilderd. In de binnenstad wordt een iets hoger standaard aangehouden voor de beeldkwaliteit. De brugleuningen worden om de vijf jaar geschilderd en jaarlijks schoongemaakt. De jaarlijkse behoefte aan dagelijks onderhoud wordt geheel gedekt uit het beschikbare budget voor dagelijks onderhoud, en is gebaseerd op ervaringsgegevens. Voor dagelijks onderhoud is jaarlijks 66.750,- begroot. De kosten voor klein onderhoud bedragen 66.750,- per jaar. 6.3 Groot onderhoud kunstwerken In deze paragraaf worden alle maatregelen besproken, inclusief de bijbehorende kosten. De maatregelen komen voort uit de door de externe partij uitgevoerde inspecties. De inspecteur naar aanleiding van een visuele inspectie wordt besloten of en welke maatregel(en) er uitgevoerd moeten worden. De voorgestelde maatregelen die voortkomen uit de inspecties zijn, naast klein onderhoud, onder te verdelen in de volgende 3 groepen: - vervangingen (of reconstructie) - renovatie - extra onderzoek Voor al de uit te voeren werkzaamheden geldt dat deze zullen plaatsvinden met inachtneming van de in het aanbestedingsbeleid opgenomen verplichtingen met betrekking tot social return. 6.3.1 Vervangingen Elk kunstwerk heeft een technische levensduur. Voor de kunstwerken in Delft zijn de gemiddelde levensduren weergegeven in tabel 6.1. Tabel 6.1 levensduur kunstwerken Soort Brug vast Brug beweegbaar Duikerbrug Tunnel Viaduct Vlonder Levensduur 25-50 jr 25-80 jr 80 jr 80 jr 25-50 jr 25 jr 22

Zoals te zien is in tabel 6.1 zijn vooral voor bruggen een definitieve levensduur moeilijk te bepalen. Tijdens een inspectie kan worden bepaald hoe groot de levensduur van een kunstwerk nog is en of er nog maatregelen kunnen worden toegepast die de levensduur van een brug eventueel kunnen verlengen. Bij het bereiken van het eind van de technische levensduur moet het kunstwerk in feite vervangen worden door een nieuw kunstwerk. Een vervanging kan voortkomen uit het feit dat het kunstwerk simpelweg niet meer te repareren is dmv het uitvoeren van groot onderhoud, of dat het uitvoeren van het benodigd groot onderhoud duurder is dan het vervangen van een kunstwerk. Voor de bruggen in de binnenstad die zijn bestempeld als Rijksmonument geldt dat deze nooit worden vervangen, maar gereconstrueerd. Reconstructie houdt in dat het huidige kunstwerk opnieuw wordt opgebouwd, in tegenstelling tot het ontwerpen en realiseren van een nieuw kunstwerk. Vanuit de inspecties zijn voor de komende planperiode de volgende vervangingen bepaald: Tabel 6.2 vervangingen in de periode 2011-2014 Jaar Brugnr. Brug naam Verv. kosten 2011 1645 Voetbrug naar surfschool (1) 7.150 2011 2534 Kerkpolderweg wandelpad brug 3 3.900 2011 2724 Brug nabij Vockesstaertbrug 33.800 2011 2331 Brug in Veldmuispad 108.000 2011 2333 Brug in Salamanderpad (1) 193.104 2012 2346 Brug nabij sporthal 27.300 2012 2532 Kerkpolderweg wandelpad brug 1 29.250 2012 2723 Vockestaertbrug 20.800 2013 2521 Voetbrug De Nobelpad 30.550 2013 1140 Vrouwe van Rijnsburgerbrug (reconstructie) 300.000 2014 - - - Totaal 753.854 6.3.2 Renovatie Naast vervanging is renovatie ook een van de inspecties afgeleide maatregel. Tot renovatie kan worden overgegaan als na inspectie blijkt dat het kunstwerk niet meer voldoet aan de in paragraaf 4.4 gestelde kwaliteitseisen. Renovatie is het weer in goede staat brengen van het kunstwerk zodat deze op alle 3 de kwaliteitsniveaus goed scoort. Renovatie kan bestaan uit het repareren van beton, herstellen van metselwerk, het vervangen van een leuning, het conserveren van staalwerk, etc. Tijdens de inspecties wordt een inschatting gemaakt welke werkzaamheden uitgevoerd moeten worden om het kunstwerk weer in goede staat te brengen. Na het vaststellen van de werkzaamheden kan dmv het toepassen van kengetallen een inschatting worden gemaakt van de totale kosten voor het groot onderhoud. De totale kosten voor renovatie per planjaar die voort zijn gekomen uit de inspecties staan vermeld in tabel 6.3. Naast de uit de inspecties voortgekomen renovatiekosten zijn er een aantal bruggen waarvan in de vorige beheerperiode bepaald is dat deze gerenoveerd moeten worden. Geld dat is gereserveerd wordt overgeheveld naar de komende beheerperiode. Dit geldt voor de Tweemolentjesburg: 150.000,- (2011) 23

6.3.3 Extra onderzoek Indien van bruggen na de visuele inspectie nog geen eenduidige conclusie kan worden gevormd over de kwaliteit van de betreffende brug, wordt als maatregel extra onderzoek geadviseerd. Dit extra onderzoek valt niet onder het onderzoek dat wordt gedaan door het Ingenieursbureau. Het extra onderzoek omvat over het algemeen gedetailleerd onderzoek naar de constructieve stabiliteit van het kunstwerk. Dit soort onderzoek wordt uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven. Als gevolg hiervan vallen de kosten niet onder beleid en beheer. 6.3.4 Totaal overzicht maatregelen 2011-2014 Het kostenoverzicht van alle toe te passen maatregelen voor de planperiode 2011-2014 staat uitgewerkt in tabel 6.3. Tabel 6.3 Kostenoverzicht maatregelen 2011-2014 vervangingen/reconstructie renovatie extra onderzoek Abtswoudsebrug Tweemolentjesbrug Groot onderhoud bruggen en tunnels 2011 2012 2013 2014 44.850,00 378.454,00 330.550,00 0,00 279.364,50 135.226,10 13.400,00 0,00 45.050,00 677,50 15.000,00 1.100.000,00 150.000,00 1.619.264,50 513.680,10 344.627,50 15.000,00 6.4 Gemeentelijke bijdrage aan beheer Provincie Zuid-Holland 6.4.1 Bediening bruggen De Provincie Zuid-Holland verzorgt de dagelijkse bediening van drie beweegbare bruggen (Plantagebrug, Hambrug, Abtswoudsebrug) over het Rijn-Schiekanaal die in bezit zijn van de gemeente Delft, maar worden bediend door de provincie. De Gemeente Delft betaalt de kosten aan de provincie. Deze kosten bedragen op jaarbasis 287.400,-. 6.4.2 Variabele onderhoudskosten Drie bruggen over de Schie, de Hambrug, de Plantagebrug en de Abtswoudsebrug zijn in eigendom van de Gemeente Delft maar in beheer bij de Provincie Zuid-Holland. Begin 2010 heeft de Provincie een meerjarenbegroting opgesteld voor de periode 2010-2025. In deze meerjarenbegroting staan de kosten voor regelmatig terugkerende onderhoudskosten. In tabel 6.4 staan de jaarlijkse kosten vanuit de meerjarenbegroting variabele onderhoudskosten vermeld. Tabel 6.4 variabele onderhoudskosten voor de periode 2011-2014 (kosten zijn niet geïndexeerd) 2011 2012 2013 2014 Abtswoudsebrug 6.150,- 6.150,- 6.650,- 11.150,- Hambrug 6.150,- 6.150,- 6.550,- 6.150,- Plantagebrug 6.150,- 14.150,- 6.650,- 6.150,- Totaal 18.450,- 26.450,- 19.850,- 23.450,- 24

In bovenstaande onderhoudskosten zit het dagelijks onderhoud, zoals storingswerkzaamheden en preventief onderhoud, verweven. In het begrotingsvoorstel worden de variabele onderhoudskosten beschouwd als dagelijks onderhoud en ook onder deze post gerekend. 6.4.3 Kosten groot onderhoud Plantagebrug In 2008 is groot onderhoud gepleegd aan de Plantagebrug. Voor de komende planperiode hoeft er geen budget gereserveerd te worden voor groot onderhoud aan de Plantagebrug. De kosten voor variabel onderhoud die vermeld staan in tabel 5.4 zijn voldoende voor de komende planperiode. Hambrug In april 2010 is er groot onderhoud gepleegd aan de Hambrug. De kosten voor dit groot onderhoud zijn vastgesteld op 585.520,-. Deze kosten zijn inclusief het engineeringgedeelte voor de Gemeente Delft. Omdat dit onderhoud is gepleegd in 2010 worden deze kosten niet meegenomen in het begrotingsvoorstel voor de beheerperiode 2011-2014. Abtswoudsebrug Groot onderhoud aan de Abtswoudsebrug staat gepland voor 2011. Onder andere de aandrijving voor het beweegbare gedeelte van de brug dient vervangen te worden. De kosten voor het uit te voeren groot onderhoud aan de Abtswoudsebrug bedragen 1.100.000,-. Deze kosten drukken op de begroting voor 2011 en zijn dan ook aangegeven in tabel 6.3. 6.4.4 Afstandbediening bruggen De Hambrug, Plantagebrug en Abtswoudsebrug worden dagelijks handmatig bediend. De kosten voor het bedienen wordt betaald door de Gemeente Delft. Vanuit de Provincie bestaat de wens om de drie bruggen geschikt te maken voor het bedienen op afstand. De kosten voor het geschikt maken voor afstandbediening, evenals de kosten voor het daadwerkelijk bedienen op afstand, zijn voor rekening van de Gemeente Delft. De Plantagebrug is al geschikt gemaakt voor bediening op afstand in 2008. De kosten hiervan worden dus niet meegenomen in het meerjarenbegrotingvoorstel. De kosten voor het geschikt maken voor bediening op afstand van de Hambrug en Abtswoudsebrug worden in de meerjarenbegroting meegenomen als risico. De kosten hiervoor bedragen in 2011 ca. 300.000,-. 6.5 Integrale aanpak van onderhoud Het groot onderhoud in de openbare ruimte wordt zo veel mogelijk afgestemd met onderhoudsen beleidsafdelingen binnen de Gemeente Delft, woningbouwverenigingen, nutsbedrijven en winkeliers in de binnenstad. Dit wordt gedaan om overlast voor de bewoners en winkeliers zo veel mogelijk te beperken, maar zeker ook om zo doelmatig mogelijk om te gaan met de beschikbare middelen. Daartoe wordt jaarlijks alle groot onderhoud aan projecten voor het komende jaar in de openbare ruimte in kaart gebracht waarmee tegelijkertijd een doorkijk wordt gegeven naar de jaren daarna. Na integrale afstemming met genoemde betrokkenen wordt het groot onderhoud samen met projecten in de openbare ruimte vastgelegd in een uitvoeringsplanning. Dit kan ertoe leiden dat met werkzaamheden wordt geschoven binnen de planperiode. 25

6.6 Tramlijn 19 en de St. Sebastiaansbrug en Kapelsbrug De Kapelsbrug wordt in de komende planperiode vervangen. De werkzaamheden zijn augustus 2010 gestart. De brug wordt vervangen omdat de oude brug de extra belasting van Tramlijn 19, in combinatie met de kwaliteitseisen voor (zeer) zwaar verkeer (verkeersklasse 600) theoretisch niet zou kunnen dragen. De kosten voor de vervanging van de Kapelsbrug worden in dit beheerplan niet genoemd, omdat de uitvoering is gestart voor de planperiode van dit beheerplan. De St. Sebastiaansbrug moet ook aangepast worden vanwege de komst van Tramlijn 19. De kosten voor aanpassing van de St. Sebastiaansbrug komen uit het project Tramlijn 19. De kosten voor aanpassing van deze brug zullen in dit beheerplan dan ook niet worden meegenomen. De kapitaallasten die voortkomen uit de gemaakte investeringen in de Kapelsbrug en St. Sebastiaansbrug worden in dit beheerplan wel meegenomen in de meerjarenbegroting. Deze doorberekende rentelasten zullen vanaf 2013 op de begroting gaan drukken. In 2013 gaat dit om een totaalbedrag van 731.743,24 waarna dit bedrag met bijna 3.000,- per jaar afneemt. De kosten voor de vervanging van de Kapelsbrug en St. Sebastiaansbrug worden in dit beheerplan niet meegenomen. De kapitaallasten voor vervanging van beide bruggen drukken met ingang van 2013 op de begroting en zijn in dit beheerplan wel meegenomen. 6.7 Kunstwerken in beheer bij Groenservice Zuid-Holland Het recreatiegebied Midden-Delfland, inclusief Kerkpolder, valt onder de Gemeenschappelijke Regeling Midden-Delfland. Toewijzing van het eigendom en beheer van de wegen en paden en de daarin liggende kunstwerken is vastgelegd in het Plan van Wegen en Waterlopen dat door GS is vastgesteld. De toewijzing is vastgelegd conform de reconstructiewet, artikel 75, en op basis van de in het deelplan Abtswoude beschreven uitgangspunten. Het eigendom van wegen en paden en de daarin liggende kunstwerken gelegen in het recreatiegebied zijn toegewezen aan het Rijk (Staatsbosbeheer). Het dagelijks beheer ligt bij het Recreatieschap Midden-Delfland en wordt in hun opdracht uitgevoerd door Groenservice Zuid-Holland. De wegenwet bepaalt echter dat het beheer van de voet- en fietspaden wordt toegewezen aan de gemeente. Tussen de Gemeente Delft en het recreatieschap zijn als gevolg hiervan afspraken gemaakt over de verdeling van het onderhoud. Het dagelijkse onderhoud wordt uitgevoerd en betaald door het Recreatieschap Midden-Delfland. Het groot onderhoud wordt uitgevoerd en betaald door de Gemeente Delft. Kosten voor groot onderhoud aan deze kunstwerken zijn verwerkt in de maatregelen die uitgewerkt zijn in paragraaf 6.3. Dagelijks onderhoud van de kunstwerken in beheer bij Groenservice Zuid-Holland wordt betaald door het Recreatieschap Midden-Delfland. Groot onderhoud wordt betaald door de Gemeente Delft. Deze zitten verwerkt in de maatregel groot onderhoud. 26

6.8 Overige risico s Onvolledigheid geïnspecteerd areaal De Gemeente Delft heeft 415 kunstwerken in haar bezit. Van deze 415 kunstwerken zijn er van 93 geen kwaliteitsgegevens bekend. Van een aantal kunstwerken zijn geen kwaliteitsgegevens bekend omdat buiten de inspecties om al is vastgesteld dat deze vervangen of onderhouden moeten worden, zoals de Abtswoudsebrug, St, Sebastiaansbrug, ea. Van andere kunstwerken zijn geen kwaliteitsgegevens bekend vanwege het niet verwerken van de inspecties of zijn simpelweg nog niet geïnspecteerd omdat ze over zijn genomen van een vorige eigenaar. Er bestaat een risico dat op enkele van de 93 niet geïnspecteerde kunstwerken toch maatregelen moeten worden toegepast. Deze maatregelen kunnen in de komende planperiode aan het licht komen als gevolg van nieuwe inspecties, meldingen vanuit de schouwgids beeldkwaliteit of klachten van burgers. Om deze extra maatregelen financieel op te kunnen vangen wordt er een risico van 100.000,- per jaar opgenomen. Van 22% van het areaal zijn geen kwaliteitsgegevens bekend. Om eventuele niet begrote maatregelen op te kunnen vangen wordt 100.000,- jaarlijks als extra risico begroot. Martinus Nijhofflaan Viaduct Het viaduct in de Martinus Nijhofflaan is in zeer slechte staat. In de nabije toekomst zal de HTM gebruik gaan maken van zwaarder materieel en tevens bestaat het plan binnen de Gemeente Delft om de Martinus Nijhofflaan aan te sluiten op de Provincialeweg. Beide plannen maken groot onderhoud of een eventuele vervanging of verwijdering van het viaduct in de nabije toekomst noodzakelijk. Voor het viaduct zijn vanuit de inspecties maatregelen voor groot onderhoud in het jaar 2013 opgesteld. Omdat op het moment van schrijven niet zeker is wat de nieuwe eisen mbt verkeersbelasting en daarbij horende draagkracht zijn zullen zijn, zijn de kosten voor het groot onderhoud uit de post onderhoud gehaald en als risico op de begroting opgenomen. De onderhoudskosten van het viaduct in de Martinus Nijhofflaan worden niet meegenomen onder de post groot onderhoud, maar zijn apart als risico benoemd. 27

7 Middelen 7.1 Begroting 2010 De kosten voor het beheer aan de kunstwerken zijn opgenomen in het product 5052 Civiele Kunstwerken Programma Deelproduct : Beheer van de stad : 5052 Civiele Kunstwerken De tabel 7.1 geeft een samenvatting van de huidige begroting Civiele Kunstwerken 2010 weer. Tabel 7.1 Begroting 2010 product 5052 Civiele Kunstwerken (alle bedragen excl. BTW en incl. apparaatkosten) Begroting 2010 Gegevens zijn bijgewerkt per maandag 24 augustus 2010 PD05052 CIVIELE KUNSTWERKEN 2010 DP05052001 KLEIN ONDERHOUD BRUGGEN EN TUNNELS 306.208,99 DP05052002 GROOT ONDERHOUD BRUGGEN EN TUNNELS 293.684,69 DP05052008 ADMINISTRATIEVE POSTEN 62.381,23 DP05052009 BELEID EN BEHEER 165.845,73 DP05052950 MUTATIES RESERVE INVESTERINGSPLAN 1.163.125,00 DP05052981 MUTATIE RESERVES PRODUCT 5052-945.574,00 EINDTOTAAL CIVIELE KUNSTWERKEN 1.045.671,64 7.2 Aanpassing begrotingsindeling In het vorige beheerplan kunstwerken 2007-2010 is voorgesteld om een nieuwe begrotingsindeling aan te houden. Met deze nieuwe indeling kan door de uniformiteit die ontstaat de begroting vergeleken worden met andere producten. De voorgestelde indeling is overgenomen en wordt ook toegepast. Wel is er sprake van enige vervuiling in de begrotingsindeling die over de jaren heen is ontstaan. Om de begrotingsindeling in grote lijnen weer recht te trekken worden de volgende voorstellen gedaan met betrekking tot de begrotingsindeling: De post geluidsschermen verhuist vanaf 2011 naar hoofdniveau 5054 Waterwegen. De geluidsschermen worden vanuit een praktisch beheersperspectief ondergebracht bij kademuren. Geluidsschermen worden niet meegenomen in het begrotingsvoorstel meerjarenbegroting kunstwerken 2011-2014. 28

7.3 Bezuinigingsmaatregelen In november 2010 zijn taakstellende bezuinigingen vastgesteld. Deze bezuinigingen treffen alle afdelingen binnen de gemeente, zo ook het beheer van de civiele kunstwerken. Er zijn 2 bezuinigingsvoorstellen gedaan met betrekking tot de civiele kunstwerken. De te bezuinigen bedragen staan vermeld in tabel 7.2. Tabel 7.2 Bezuinigingsmaatregelen Bezuinigingsmaatregelen 2011 2012 2013 2014 Onderhoud civiele kunstwerken 25.000 50.000 75.000 100.000 Areaal inbreiding 10.000 20.000 30.000 40.000 Totale bezuiniging 35.000 70.000 105.000 140.000 7.3.1 Onderhoud civiele kunstwerken Eén van de voorgestelde bezuinigingsmaatregelen is een structureel oplopende bezuiniging op het onderhoud van de civieltechnische kunstwerken. Het bedrag dat per jaar wordt voorgesteld staat vermeld in tabel 7.2. Het bedrag wordt ingehouden op het budget voor klein én groot onderhoud. Concreet houdt dit in dat er jaarlijks minder geld is voor het schilderen van de bruggen, herstellen van brugdekken en overige kleine reparaties. Tevens wordt de in paragraaf 5.4 vermelde welstandseis voor matige kunstwerken in de binnenstad losgelaten. Onderhoud wordt pas toegepast als het kwaliteitsaspect welstand slecht scoort. Aan 36 kunstwerken in de binnenstad die matig scoren op het welstandsaspect wordt de komende beheerperiode geen groot onderhoud uitgevoerd. 7.3.2 Areaal inbreiding Een andere voorgestelde bezuinigingsmaatregel is het inbreiden van het areaal aan kunstwerken binnen de Gemeente Delft. Inbreiden van het areaal houdt in: - het verwijderen van kunstwerken en eventueel vervangen door goedkopere oplossingen, zoals een duiker. - het bij renovatie van een kunstwerk niet terugbrengen in de oude situatie. Kosten voor renovatie kunnen in sommige gevallen worden verminderd door het betreffende kunstwerk te verwijderen. Zo kan een brug die in slechte staat is, maar vrijwel niet gebruikt wordt, mogelijk vervangen worden door een duiker. Of er kan gekeken worden of de verkeerskundige functie voor het betreffende kunstwerk nog steeds noodzakelijk is, en of het kunstwerk niet ook compleet verwijderd kan worden. Ook kan voor sommige kunstwerken gekeken worden naar een creatievere invulling van de renovatieplannen. Zo is voor de Tweemolentjesbrug op de hoek van de Oostsingel en de Tweemolentjeskade 150.000,- begroot voor het jaar 2011. Dit budget is gereserveerd voor groot onderhoud aan de brug. Op dit moment wordt onderzocht of het te renoveren gedeelte, namelijk een betonnen uitbouw aan de oorspronkelijke brug, niet verwijderd kan worden, waardoor de kosten voor renovatie lager zullen uitvallen. Uiteindelijk zal areaal inbreiding minder renovatie kosten tot gevolg hebben, en op de lange termijn lagere onderhoudskosten. 29

7.4 Dekkingsvoorstel beheer 2011-2014 In hoofdstuk 6 is een inschatting gemaakt van de te maken onderhouds- en beheerkosten voor kunstwerken. Deze kosten vormen samen het begrotingsvoorstel voor de komende planperiode. Als de kosten uit hoofdstuk 6 worden verwerkt onder de posten die gegeven zijn in tabel 7.1 komt men tot het volgende begrotingsvoorstel voor de planperiode 2011-2014. Tabel 7.3 Dekkingsvoorstel beheer Civiele Kunstwerken 2011 t/m 2014. (alle bedragen excl. BTW) Benodigd beheer kunstwerken 2011 2012 2013 2014 Klein onderhoud bruggen en tunnels 372.600,00 380.600,00 374.000,00 377.600,00 Groot onderhoud bruggen en tunnels 820.368,50 1.312.680,10 344.627,50 15.000,00 Administratieve posten 60.165,95 58.079,98 788.690,32 786.739,42 Beleid en beheer 96.000,00 96.000,00 96.000,00 96.000,00 Beheerkosten kunstwerken excl risico's 1.349.134,45 1.847.256,08 1.611.567,82 1.278.589,42 Dekking beheer kunstwerken Begroting kunstwerken 1.010.380,97 1.043.597,25 1.775.461,25 1.773.610,73 Bezuiniging -35.000,00-70.000,00-105.000,00-140.000,00 Reservering Abtswoudsebrug 700.000,00 Mutaties reserves 150.000,00 Geluidsschermen -7.000,00-7.000,00-7.000,00-7.000,00 Afronding -2,43 Dekkingsoverschot / -tekort excl risico's -230.753,52-180.658,83 58.893,43 355.018,88 Risico's Risico's totaal 400.000,00 100.000,00 714.403,00 100.000,00 Een uitgebreid dekkingsvoorstel is te zien in bijlage I. Voor de hele planperiode van 2011 tot en met 2014 is 6.075.000,- benodigd voor beheer, dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingen. Dit bedrag is vrijwel aan het totaalbedrag voor dekking incl. reserveringen voor de gehele beheerperiode. De risico s in de gehele planperiode beslaan 1.314.000,-. De risico s beslaan projecten waarvan onzeker is of deze bekostigd worden uit het product Kunstwerken, of waarvan de uitvoering onzeker is. 30

8 Conclusies Areaal Het kwantitatieve areaal civiele kunstwerken is sinds de vorige beheerperiode gewijzigd. De grootste wijziging is het verplaatsen van de geluidsschermen van kunstwerken naar kademuren en oevers. Het totale areaal bestaat uit 625 civiele kunstwerken, waarvan 415 in het bezit van de Gemeente Delft. De vervangingswaarde van het door de Gemeente Delft beheerde areaal wordt geschat op 138.000.000,-. In de komende planperiode zal het areaal toenemen als gevolg van onder andere de Harnaschpolder, Watertuinen, Spoorzone Delft, etc. Onderhoud en vervangingen Van de 415 kunstwerken zijn van 323 kunstwerken (78%) kwalitatieve inspectiegegevens bekend op het gebied van veiligheid, duurzaamheid en welstand. Volgens de door de Gemeente Delft gestelde kwaliteitseisen behoeven na doorvoering van de bezuinigingsvoorstellen 68 kunstwerken groot onderhoud in de komende planperiode. 10 kunstwerken moeten in de komende planperiode worden vervangen (dit is exclusief de al geplande vervangingen van de Kapelsbrug en St. Sebastiaansbrug). Voor de gehele planperiode (2011-2014) is ca. 6.075.000,- benodigd voor het beheer, klein onderhoud, groot onderhoud en administratieve lasten. Bijkomende onzekere kosten (risico s) bedragen over de gehele planperiode ca. 1.314.000,- 31

Bijlage I Uitgebreid begrotingsvoorstel 2011-2014 Benodigd beheer kunstwerken 2011 2012 2013 2014 klein onderhoud (incl schilderen) 66.750,00 66.750,00 66.750,00 66.750,00 variabele kosten provincie 18.450,00 26.450,00 19.850,00 23.450,00 Brugbediening provincie 287.400,00 287.400,00 287.400,00 287.400,00 Klein onderhoud bruggen en tunnels 372.600,00 380.600,00 374.000,00 377.600,00 Vervangingen/reconstructie 345.954,00 77.350,00 330.550,00 0,00 renovatie 279.364,50 135.226,10 13.400,00 0,00 extra onderzoek 45.050,00 677,50 15.000,00 Abtswoudsebrug 1.100.000,00 Tweemolentjesbrug 150.000,00 Groot onderhoud bruggen en tunnels 820.368,50 1.312.576,10 344.627,50 15.000,00 rentedragende lasten 17.864,31 15.913,42 731.743,24 729.053,02 overig 42.301,64 42.166,56 56.947,08 57.686,40 Administratieve posten 60.165,95 58.079,98 788.690,32 786.739,42 inspectie 30.000,00 30.000,00 30.000,00 30.000,00 advies IB 40.000,00 40.000,00 40.000,00 40.000,00 beheer 20.000,00 20.000,00 20.000,00 20.000,00 kosten beheersysteem 6.000,00 6.000,00 6.000,00 6.000,00 Beleid en beheer 96.000,00 96.000,00 96.000,00 96.000,00 Beheerkosten kunstwerken excl risico's 1.349.134,45 1.847.256,08 1.603.317,82 1.275.339,42 Dekking beheer kunstwerken 2011 2012 2013 2014 Begroting kunstwerken 1.010.380,97 1.043.597,25 1.775.461,25 1.773.610,73 Bezuinigingen -35.000,00-70.000,00-105.000,00-140.000,00 Reservering Abtswoudsebrug 700.000,00 Mutaties reserves 150.000,00 Geluidsschermen -7.000,00-7.000,00-7.000,00-7.000,00 Afronding -2,43 Dekkingsoverschot / -tekort excl risico's -230.753,48-180.658,83 60.143,43 351.268,88 Risico's 2011 2012 2013 2014 Centralisering brugbediening Provincie 300.000,00 Risico onvolledig geïnspecteerd areaal 100.000,00 100.000,00 100.000,00 100.000,00 Martinus Nijhofflaan viaduct 614.403,00 Risico's totaal 400.000,00 100.000,00 714.403,00 100.000,00 32

Bijlage II Overzichtskaart kunstwerken Delft 33

34

Bijlage III Groot onderhoud in planperiode 2011-2014 Wijk nr Naam Brugsoort Jaar Bewerking Kosten Wijk 11 1102 Wateringsebrug Brug vast 2011 Leuning staal vervangen [m1] 9.800,00 Wijk 11 1117 Musquetierbrug Brug vast 2011 Herstraten verlijmen binnenstad [m2] 16.000,00 Wijk 11 1117 Musquetierbrug Brug vast 2011 Metselwerk vervangen verticaal >10m2 [m2] 3.915,00 Wijk 11 1117 Musquetierbrug Brug vast 2011 Beton injecteren 3-10m1 [m1] 318,00 Wijk 11 1130 Rietveldsetorenbrug Brug vast 2011 Leuning binnenstad staal conserveren [m1] 3.352,40 Wijk 11 1139 Boterbrug Brug vast 2011 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 11 1140 Vrouwe van Rijnsburgerbrug Brug vast 2011 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 30.000,00 Wijk 11 1153 Leeuwebrug Brug vast 2011 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 11 1160 Weesbrug Brug vast 2011 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 11 1181 Pieterbrug Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 469,00 Wijk 11 1181 Pieterbrug Brug vast 2011 Staal oppervlak conserveren >2 [m2] 4.900,00 Wijk 11 1185 Rozemarijnbrug Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 1.424,50 Wijk 11 1185 Rozemarijnbrug Brug vast 2011 Leuning binnenstad staal conserveren [m1] 2.482,40 Wijk 11 1185 Rozemarijnbrug Brug vast 2011 Staal oppervlak conserveren >2 [m2] 11.900,00 Wijk 11 1185 Rozemarijnbrug Brug vast 2011 Ligger staal conserveren [m1] 2.889,00 Wijk 12 1225 Pesthuisbrug Brug vast 2011 Kostenpost Ç 100,- [st] 60.000,00 Wijk 12 1225 Pesthuisbrug Brug vast 2011 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 2.320,00 Wijk 12 1247 Brug Delfgauwsevaart (2) Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 1.750,00 Wijk 12 1248 Brug Delfgauwsevaart (3) Brug vast 2011 Ligger staal conserveren [m1] 10.710,00 Wijk 13 1307 Wilhelminaparkbrug Noord Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 595,00 Wijk 13 1307 Wilhelminaparkbrug Noord Brug vast 2011 Ligger staal conserveren [m1] 3.240,00 Wijk 13 1309 Wilhelminaparkbrug Zuid Brug vast 2011 Metselwerkvoegen verticaal herstellen 5-20m2 [m2] 2.184,00 Wijk 14 1463 Brug Hofeiland deel 1 Vlonder 2011 Dek hout vervangen [m2] 81.000,00 Wijk 16 1635 Delftse Houtse gemaal brug Brug vast 2011 Damwand hout vervangen [m1] 8.000,00 Wijk 16 1643 Brug Tweemolentjesvaart (2) Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 2.404,50 Wijk 16 1645 Voetbrug naar surfschool (1) Brug vast 2011 Brug vervangen 7.150,00 Wijk 16 1654 Papaver wandelpad brug 4 Brug vast 2011 Dek hout vervangen [m2] 19.200,00 Wijk 23 2331 Brug in Veldmuispad Brug vast 2011 Brug vervangen 108.000,00 Wijk 23 2333 Brug in Salamanderpad (1) Brug vast 2011 Brug vervangen 193.104,00 Wijk 24 2404 Brug Staringpad Brug vast 2011 Beton herstellen 2-10m2 [m2] 3.572,10 Wijk 24 2404 Brug Staringpad Brug vast 2011 Beton herstellen 2-10m2 [m2] 2.646,00 Wijk 24 2405 Brug Leopoldpad Brug vast 2011 Leuning staal vervangen [m1] 5.250,00 Wijk 24 2405 Brug Leopoldpad Brug vast 2011 Beton herstellen 2-10m2 [m2] 3.572,10 Wijk 24 2405 Brug Leopoldpad Brug vast 2011 Beton herstellen 2-10m2 [m2] 2.646,00 Wijk 24 2412 Voetbrug M.Wiboutpad Brug vast 2011 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 2.334,50 Wijk 25 2502 Park Buitenhof voetbrug (3) Brug vast 2011 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 3.480,00 Wijk 25 2507 Voetbrug Pijperring ZZ Brug vast 2011 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 3.480,00 Wijk 25 2520 Voetbrug Handellaan (2) Brug vast 2011 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 3.480,00 Wijk 25 2534 Kerkpolderweg wandelpad brug 3Brug vast 2011 Brug vervangen 3.900,00 Wijk 27 2724 Brug nabij Vockesstaertbrug Brug vast 2011 Brug vervangen 33.800,00 Wijk 11 1107 Klein Vrijenban Brug vast 2012 Staal oppervlak conserveren >2 [m2] 2.100,00 Wijk 12 1246 Brug Delfgauwsevaart (1) Brug vast 2012 Voegafdichting kit vervangen [m1] 269,00 Wijk 12 1246 Brug Delfgauwsevaart (1) Brug vast 2012 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 3.480,00 Wijk 12 1246 Brug Delfgauwsevaart (1) Brug vast 2012 Beton herstellen 2-10m2 [m2] 4.410,00 Wijk 12 1246 Brug Delfgauwsevaart (1) Brug vast 2012 Beton herstellen >10m2 [m2] 1.166,10 Wijk 14 1406 Tunnel Colijnlaan Tunnel 2012 Asfalt vervangen [m2] 3.500,00 Wijk 22 2225 Brug in Colombiahof Brug vast 2012 Kostenpost Ç 100,- [st] 1.500,00 35

Wijk nr Naam Brugsoort Jaar Bewerking Kosten Wijk 22 2225 Brug in Colombiahof Brug vast 2012 Dek hout vervangen [m2] 6.600,00 Wijk 23 2324 Brug in Kreekpad Brug vast 2012 Leuning buitengebied staal conserveren [m1] 3.248,00 Wijk 23 2324 Brug in Kreekpad Brug vast 2012 Ligger staal conserveren [m1] 2.520,00 Wijk 23 2336 Brug met bussluis Brug vast 2012 Leuning staal vervangen [m1] 5.250,00 Wijk 23 2336 Brug met bussluis Brug vast 2012 Dek hout vervangen [m2] 8.100,00 Wijk 23 2340 Brug in Waterhoenstr. Brug vast 2012 Leuning staal vervangen [m1] 10.500,00 Wijk 23 2340 Brug in Waterhoenstr. Brug vast 2012 Dek hout vervangen [m2] 21.900,00 Wijk 23 2346 Brug nabij sporthal Brug vast 2012 Brug vervangen 27.300,00 Wijk 23 2349 Brug in Fluiterpad Brug vast 2012 Leuning staal vervangen [m1] 8.750,00 Wijk 23 2349 Brug in Fluiterpad Brug vast 2012 Ligger staal conserveren [m1] 2.250,00 Wijk 23 2351 Brug in Sijsjespad Brug vast 2012 Leuning staal vervangen [m1] 8.750,00 Wijk 23 2351 Brug in Sijsjespad Brug vast 2012 Dek hout vervangen [m2] 6.300,00 Wijk 23 2351 Brug in Sijsjespad Brug vast 2012 Ligger staal conserveren [m1] 2.250,00 Wijk 23 2352 Brug in Krekelpad (2) Brug vast 2012 Leuning staal vervangen [m1] 9.100,00 Wijk 23 2352 Brug in Krekelpad (2) Brug vast 2012 Ligger staal conserveren [m1] 2.340,00 Wijk 23 2361 Brug in Haviksingel Brug vast 2012 Kostenpost Ç 100,- [st] 1.500,00 Wijk 23 2361 Brug in Haviksingel Brug vast 2012 Dek hout vervangen [m2] 12.300,00 Wijk 25 2532 Kerkpolderweg wandelpad brug 1Brug vast 2012 Brug vervangen 29.250,00 Metselwerk vervangen verticaal 2-10m2 Wijk 27 2702 Kruittorenbrug Brug vast 2012 [m2] 3.750,00 Wijk 27 2702 Kruittorenbrug Brug vast 2012 Metselwerk vervangen verticaal 2-10m2 [m2] 1.125,00 Wijk 27 2702 Kruittorenbrug Brug vast 2012 Metselwerkvoegen verticaal herstellen <5m2 [m2] 996,00 Wijk 27 2702 Kruittorenbrug Brug vast 2012 Beton injecteren 3-10m1 [m1] 1.272,00 Wijk 27 2723 Vockestaertbrug Duikerbrug 2012 Brug vervangen 20.800,00 Wijk 11 1140 Vrouwe van Rijnsburgerbrug Brug vast 2013 Brug reconstrueren 300.000,00 Wijk 12 1263 Armco-duiker Duikerbrug 2013 Monitoring [Ç] 627,50 Wijk 23 2323 Brug naar Busbaan Brug vast 2013 Dek hout vervangen [m2] 5.700,00 Wijk 23 2323 Brug naar Busbaan Brug vast 2013 Leuning staal vervangen [m1] 7.700,00 Wijk 25 2521 Voetbrug De Nobelpad Brug vast 2013 Brug vervangen 30.550,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Herstraten > 5m2 [m2] 9.942,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Slijtlaag bitumen vervangen [m2] 9.751,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Hwa verlengen 2.100,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Voegovergang rubber vervangen [m1] 117.000,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Taludbekleding herstellen [m2] 313.385,00 Wijk 25 2540 Viaduct Martinus Nijhofflaan * Viaduct 2013 Asfalt vervangen [m2] 157.225,00 Wijk 11 1119 Bagijnhofbrug Brug vast 2014 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 11 1130 Rietveldsetorenbrug Brug vast 2014 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 Wijk 11 1131 Warmoesbrug Brug vast 2014 Nader onderzoek / detail inspectie [st] 5.000,00 * Het Martinus Nijhofflaan Viaduct is in het begrotingsvoorstel als risico meegenomen. 36

Bijlage IV Wet- en Regelgeving mbt Kunstwerken Het gemeentebestuur draagt als eigenaar en beheerder van haar voorzieningen, waaronder de kunstwerken, de bestuurlijke en civielrechtelijke verantwoordelijkheid voor de staat waarin de openbare voorzieningen zich bevinden. Voldoet het gemeentebestuur niet aan de daaruit voortvloeiende zorg voor de instandhouding van de voorzieningen, dan kan het op grond van het Burgerlijk Wetboek voor de daaruit voortvloeiende schade verantwoordelijk worden gesteld. Het is van wezenlijk belang dat degene die binnen de gemeente voor het operationele beheer van de openbare voorzieningen verantwoordelijk is, zich bij het nemen van beslissingen omtrent de in dat kader uit te voeren werkzaamheden van de mogelijke civielrechtelijke consequenties van zijn beslissingen bewust is. Bij de besluitvorming over de beheersinspanningen vormt de kwaliteit van de voorzieningen de belangrijkste invloedsfactor. Wegenwet De wegenwet regelt de openbaarheid van een weg, het eigendom en de bestemming van een weg en de onderhoudsplicht t.a.v. een weg en de daarin aanwezige kunstwerken en daarmee ook de aansprakelijkheid voor schade als gevolg van slecht onderhoud. Wegenverkeerswet De krachtens deze wet vastgestelde regels kunnen strekken tot: a. het verzekeren van de veiligheid op de weg; b. het beschermen van weggebruikers en passagiers; c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; d. het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer; e. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer; f. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden; g. het bevorderen van een doelmatig of zuinig energiegebruik. Het betreft hierbij voornamelijk technisch beheer. De Wegenverkeerswet verwacht dat de wegbeheerder streeft naar maatregelen die de veiligheid van de weggebruiker en de functionaliteit van de wegen waarborgen. De wet doet een beroep op de publiekrechtelijke zorg van de wegbeheerder voor de veiligheid van de weggebruiker, maar schrijft geen maatregelen voor. Het gaat hierbij dus met name om functioneel beheer. Met de inwerkingtreding van het Nieuw Burgerlijk Wetboek is ten opzichte van het oude Burgerlijk Wetboek de bewijslast omgedraaid. De beheerder kan nu aansprakelijk gesteld worden voor de schade die iemand lijdt als gevolg van gebreken aan de weg. Dit betekent dat een preventief onderhoudsbeleid, een goede klachtenregistratie, regelmatige inspecties volgens de landelijk geaccepteerde methode en een goed werkend beheersysteem onontbeerlijk zijn. 37

Burgerlijk Wetboek Risicoaansprakelijkheid Artikel 6:174 BW regelt de risicoaansprakelijkheid van de wegbeheerder indien de schade het gevolg is van een gebrek aan de openbare weg. Dit houdt in dat de wegbeheerder aansprakelijk is voor schade als gevolg van een gebrek, ook al was hij niet op de hoogte van het gebrek. Wel is van toepassing de zogenoemde tenzij clausule. De tenzij clausule houdt onder meer in dat de wegbeheerder niet aansprakelijk is, als een zeer korte periode ligt tussen het ontstaan van het gebrek en het ontstaan van de schade. Een beroep op deze clausule dient goed te worden onderbouwd. Schuldaansprakelijkheid Indien de schade niet het gevolg is van een gebrek aan de weg zelf, maar van de aanwezigheid van losse voorwerpen of substanties op de weg ( die geen deel uitmaken van de weg) kan als praktische vuistregel gesteld worden dat artikel 6:174 BW niet van toepassing is. In dergelijke gevallen dient de aansprakelijkheid te worden beoordeeld op grond van artikel 6:162 BW te weten: 1. Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden. 2. Als onrechtmatige daad worden aangemerkt een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, een en ander behoudens de aanwezigheid van een rechtvaardigingsgrond. 3. Een onrechtmatige daad kan aan de dader worden toegerekend, indien zij te wijten is aan zijn schuld of aan een oorzaak welke krachtens de wet of de in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt. Het toerekenbaar tekortschieten van de wegbeheerder in zijn zorgplicht om de onder zijn beheer vallende wegen naar behoren te onderhouden is een noodzakelijke voorwaarde voor aansprakelijkheid. Dit moet door de gedupeerde worden aangetoond. De beheerder kan de kans op claims verkleinen door middel van een goed functionerend onderhouds-, meldingen- en inspectieproces en de nadelige gevolgen van claims verminderen door middel van een goed functionerend claimbehandelingsproces. Consequenties De Wegenwet en wegenverkeerswet resulteren in de verplichting de wegen, en daarmee samenhangede kunstwerken in een goede staat van onderhoud te brengen en te houden. De wegen en kunstwerken moeten voldoen aan minimale (veiligheid) eisen, bijv. de draagkracht van een brug of de verlichting in een tunnel. Het structureel vastleggen van de regelmatig uit te voeren inspecties met het daarmee borgen van de kwaliteit van de kunstwerken in een gedegen beheersysteem verminderd risico en schuldaansprakelijkheid. Hieraan voldoen heeft consequenties voor het budget dagelijks onderhoud. Monumentenwet 1988 De wettelijke bescherming van monumenten en stads- en dorpsgezichten is geregeld in de Monumentenwet 1988. In 1961 legde de Monumentenwet de regels vast voor eigenaren van een rijksmonument; in 1988 werd de eerste monumentenwet vervangen door de Monumentenwet 1988. Gemeenten kregen toen meer verantwoordelijkheid voor monumentenzorg. Ook kregen zij de taak om eigenaren en beheerders van monumenten te informeren en te begeleiden bij de bescherming van hun 38

monument(en). De Monumentenwet 1988 heeft niet alleen betrekking op gebouwen en objecten, maar ook op stads- en dorpsgezichten en archeologische monumenten. Consequenties Groot onderhoud aan monumentale kunstwerken vergt meer tijd en kosten. Waterstaatswetgeving Waterstaatswetgeving bestaat na 22 december 2009 nog uit twee wetten. De waterschapswet en de waterwet. De waterschapswet regelt de taken en verantwoordelijkheden van het waterschap. In deze wetgeving is o.a. geregeld dat waterschappen een keur en leggers moeten vaststellen met daarin onderhoudscriteria en onderhoudsplichtigen. In de waterwet zijn alle andere wetten rond het opgenomen water opgenomen. De eisen rond waterkeringen zijn op genomen in de waterwet. Waterwet De veiligheid tegen overstromingen is geregeld in de Waterwet. Het Hoogheemraadschap is het bevoegd gezag voor de boezemkaden en polderkaden. In de herpolderingsovereenkomst met het Hoogheemraadschap is geregeld dat het waterschap verantwoordelijk is voor de hoogte en stabiliteit van de met grasbegroeide kaden. In de vergunning, die ambtshalve is verleend voor wegen en paden op de kaden, is geregeld dat de wegbeheerder verantwoordelijk is voor het op hoogte houden van de wegen en paden. Het Hoogheemraadschap studeert op dit moment op nieuw beleid t.a.v. wegen en paden op waterkeringen. In de planperiode zal het nieuw ontwikkeld beleid van kracht worden. Binnen de gemeente Delft is een groot aantal kunstwerken gelegen naast of onderdeel van waterkeringen. De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud maar heeft voor de werkzaamheden formeel toestemming nodig van het Hoogheemraadschap van Delfland. Uitvoering van de werkzaamheden moet afgestemd worden met werken van Delfland en kan betekenen dat de voorgenomen werkzaamheden aan kunstwerken versneld of vertraagd moet worden. Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft in oktober 2009 het Ontwerp Waterbeheerplan 2010-2015 vastgesteld. Dit document, Algemeen Waterkeringenbeleid, geeft in hoofdlijnen aan hoe het waterschap met de waterkeringen omgaat. Vanuit de wettelijke taak om veiligheid tegen overstromingen te waarborgen heeft Delfland een enorme klus te klaren in een dichtbevolkt gebied waar vele belangen spelen. Medegebruik en hoe Delfland hiermee omgaat is een essentieel onderdeel van het Algemeen Waterkeringen beleid. Keur van het Waterschap De keur dient door het Waterschap te worden opgesteld en te worden vastgesteld. In de Keur van het Hoogheemraadschap is het onderhoudsregime voor waterkerende objecten vastgesteld. De gemeente dient zich aan de regels te houden, of hiervoor ontheffingen via een vergunning aan te vragen. Consequenties Aanleg of reconstructie van kunstwerken die een raakvlak hebben met (oppervlakte)water en kades moeten worden getoetst door het Hoogheemraadschap Delfland. Dit kost tijd. 39

Duurzaam Inkopen De Rijksoverheid heeft zichzelf de ambitie gesteld om in 2010 bij 100% van haar inkopen duurzaamheid mee te nemen. Provincies en waterschappen willen in 2010 50% van haar diensten en leveranties duurzaam inkopen en voor gemeenten geldt een ambitie van 75%. Alle partijen streven na om in 2015 al hun inkopen duurzaam te laten geschieden. Het Agentschap NL (vroegere Senter Novem) heeft voor 45 productgroepen minimum criteria opgesteld voor inkopen door overheidsinstanties. Deze criteria kunnen worden beschouwd als een programma van eisen waaraan inkopen moeten voldoen zodat ze al duurzaam kunnen worden beschouwd. Ca. 15 van deze productgroepen hebben betrekking op de grond- weg- en waterbouwsector (GWW sector). Eén van deze productgroepen is Civieltechnische Kunstwerken. De eisen die zijn gesteld voor duurzaam inkopen mbt Civieltechnische Kunstwerken staan in bijlage V. In de toekomst zullen deze eisen meer en meer verwerkt en gehanteerd worden binnen de Gemeente Delft. In samenwerking met het CROW heeft het Agentschap NL de eisen verwerkt in (moeder)besteksposten die opdrachtgevers kunnen verwerken in hun bestekken. Deze besteksposten liggen op het moment van schrijven ter inzage, en zullen eind 2010 verwerkt en toepasbaar worden voor de Gemeente Delft. De duurzaamheidseisen worden op dit moment door de Gemeente Delft voor een zeer groot gedeelte al opgevolgd. Toepassen van de eisen zal naar alle waarschijnlijkheid geen extra gevolgen hebben voor kosten of uitvoeringsduur. Wel moet de Gemeente Delft er bedacht op zijn deze eisen toe te passen en voor 2015 voor 100% te voldoen aan het duurzaam inkopen. Consequenties De Gemeente Delft moet voor 2015 100% van haar inkopen duurzaam doen. De eisen die gesteld zijn door Agentschap NL moeten worden doorgevoerd in de bedrijfsvoering van de gemeente. Het voldoen aan de eisen zal naar alle waarschijnlijkheid geen nadelige gevolgen hebben. Convenant voor het gebruik van FSC- gecertificeerd hout Op 30 november 2005 is door Delft het Convenant voor het bevorderen van het gebruik van FSCgecertificeerd hout in de bouw binnen Haaglanden in 2006 mede ondertekend. Hiermee heeft Delft zichzelf verplicht om bij alle gemeentelijke bouw- en GWW-werken (nieuwbouw en renovatie) alleen nog gebruik te maken van FSC-hout en houtproducten. Dit geldt voor zowel (tropisch)hardhout als naaldhout. In bijzonder worden de GWW-werken genoemd: beschoeiingen, bruggen en bekistinghout. Consequenties Binnen de gemeente Delft wordt bij GWW werken allen nog maar FSC gecertificeerd hout toegepast. Dit brengt over het algemeen een kostenverhoging voor onderhoud en aanleg met zich mee. 40

Bijlage V Criteria voor duurzaam inkopen van kunstwerken Versie: 1.5 Datum: 15 februari 2010 Status: vastgesteld Minimumeis nr. 1 (Bij het ontwerp en detailontwerp van constructies met hout die worden blootgesteld aan weer en wind) Duurzaam ontwerp houten constructie Het ontwerp en de ontwerpdetaillering voldoen aan onderstaande duurzaamheidsprincipes. Voor constructies die worden blootgesteld aan weer en wind: Er wordt geen gebruik gemaakt van filmvormende verfsystemen op houten oppervlakken. Kopse vlakken van hout zijn afgeschermd van vocht. De constructie is zo ontworpen dat er geen (hemel)water kan blijven staan. Bij de toepassing van een houten vlak tegen een ander vlak wordt een afstand tussen deze vlakken aangehouden van minimaal 8 mm. Voor constructies die worden blootgesteld aan grond en/of water: Er wordt geen hout in de constructie toegepast waar contact is met de grond. Hout tot XX cm boven de waterspiegel wordt niet ingeklemd. Bewijsmiddelen: 1. De bij deze inschrijving te voegen verklaring van inschrijver dat aan deze minimumeis wordt voldaan. 2. Een beschrijving van de manier waarop aan de ontwerpprincipes wordt voldaan. Minimumeis nr. 2 (Bij het ontwerp en detailontwerp van de staalconstructie) Duurzaam ontwerp staalconstructie Het ontwerp en de ontwerpdetaillering voldoen aan de volgende duurzaamheidsprincipes: De staalconstructie is zo ontworpen dat er geen(hemel)water in kan blijven staan en vuil zich kan ophopen. In de staalconstructie zijn scherpe randen afgerond. Bewijsmiddel: 1. De bij deze inschrijving te voegen verklaring van inschrijver dat aan deze minimumeis wordt voldaan. 41

Minimumeis nr. 3 (Bij ontwerp, realisatie, ontwerp & realisatie, beheer & onderhoud) Duurzaam hout Te leveren hout of hout verwerkt in te leveren (hout)producten, voor zover die dienen ten behoeve van de realisatie van het werk en deze in het werk achterblijven, dient aantoonbaar duurzaam geproduceerd te zijn. Onder aantoonbaar duurzaam geproduceerd hout wordt verstaan: hout dat voldoet aan de Dutch Procurement Criteria for Timber ten aanzien van duurzaam bosbeheer en de handelsketen, volgens de bijbehorende beoordelingsmethode, zoals op 24 juli 2008 vastgesteld door de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. De criteria zijn te vinden op www.tpac.smk.nl, onder Documents. Bewijsmiddelen: 1. De bij deze inschrijving te voegen verklaring van inschrijver dat aan deze minimumeis wordt voldaan, met bijgevoegd: een verklaring waarin wordt aangegeven onder welk certificatiesysteem het hout wordt geleverd en waaruit blijkt dat aan deze minimumeis wordt voldaan. Indien het hout geleverd wordt onder een certificatiesysteem dat is goedgekeurd door TPAC wordt in ieder geval aan deze minimumeis voldaan. Een overzicht van goedgekeurde systemen vindt u op www.tpac.smk.nl of www.inkoopduurzaamhout.nl. Als hulpmiddel bij het leveren van bewijs voor certificatiesystemen die nog niet getoetst zijn door TPAC kan de inschrijver gebruik maken van de volgende onderling samenhangende documenten: -Dutch Framework for Evaluating Evidence of compliance; -Annex 1: Category A Evidence; -Application form for system managers; -Assessment matrix for system managers. Deze documenten zijn te vinden op www.inkoopduurzaamhout.nl en op www.tpac.smk.nl of ander bewijs, voorzien van uitgebreide gedocumenteerde en op authenticiteit verifieerbare informatie, waaruit blijkt dat het te gebruiken hout aantoonbaar duurzaam is geproduceerd in hiervoor bedoelde zin. Als hulpmiddel bij het leveren van het bewijs kan de inschrijver gebruik maken van de volgende onderling samenhangende documenten: -Dutch Framework for Evaluating Evidence of compliance; -Annex 2: Category B Evidence; -Appendix 1: Checklist Supply Chain; -Appendix 2: Checklist Legality; -Appendix 3: Checklist SFM with Guidance; -Guidance appendix 1: Checklist Supply Chain; Deze documenten zijn te vinden op www.inkoopduurzaamhout.nl en www.tpac.smk.nl 42

Minimumeis nr. 4 (Bij realisatie, ontwerp & realisatie, beheer & onderhoud en verwijdering) Verwerken/afvoeren van vrijkomende stoffen 1. Indien steenachtige afvalstoffen worden gebroken dan moet het breken conform BRL 2506 plaatsvinden. 2. Teerhoudend asfalt(granulaat) moet worden afgevoerd naar een op basis van de Wet Milieubeheer vergunde be- en verwerkingsinrichting in Nederland voor de thermische reiniging van het teerhoudend materiaal. 3. (In het geval van een tijdelijke inrichting, die niet onder de Wet milieubeheer en het Activiteitenbesluit valt) Op de locatie van uitvoering moeten voorzieningen zijn getroffen om verschillende soorten afvalstoffen ten gevolge van de werkzaamheden gescheiden op te slaan dan wel gescheiden af te voeren. Ook voor het gescheiden opslaan van vrijkomende secundaire grondstoffen moeten op de locatie van uitvoering voorzieningen worden getroffen. Bewijsmiddelen: 1. Verklaring van de inschrijver dat hij aan deze minimumeis voldoet. Nader bewijsmiddel ten aanzien van aspect onder punt 1 genoemd: 2. Een beschrijving van de wijze waarop de inschrijver aan deze eis voldoet. Indien de inschrijver of onderaannemer beschikt over een KOMOproductcertificaat BRL 2506 beton en/of menggranulaat op naam van de inschrijver of onderaannemer, wordt voldaan aan deze eis. 43

Bijlage VI Gemeentebeleid Consequenties De resultaten van de acties uit het vorige beheerplan zijn verwerkt in dit beheerplan. LVVP (Lokaal Verkeers- en Vervoersplan) Het Delftse verkeers- en vervoersbeleid voor de periode 2005-2020 is op 30 juni 2005 vastgelegd in het Lokaal Verkeers- en Vervoersplan. Dit beleid moet leiden tot een gezonde leefomgeving in een bereikbare, economisch florerende en verkeersveilige stad, die behoort tot de beste fietssteden van Nederland. Om deze doelstelling te bereiken zal het gebruik van de fiets (zie fietsactieplan II in paragraaf 2.4.3) en het openbaar vervoer gestimuleerd moeten worden. Tevens wordt vrachtverkeer beperkt op wegvakken waar lucht- en geluidsnormen worden overschreden (miliuezone). De volgende wegcategorieën volgens de Delftse wegcategorisering uit het LVVP (figuur 2.1) kunnen worden onderscheiden: (regionale) stroomweg gebiedsontsluitingsweg wijkontsluitingsweg erftoegangswegen Volgens het LVVP vallen alle (regionale) stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en wijkontsluitingswegen onder de classificatie hoofdwegen. Alle hoofdwegen worden volgens de RDW (Rijksdienst voor Wegverkeer) geacht geschikt te zijn voor zeer zwaar verkeer (verkeersklasse 600). Dit geldt ook voor alle kunstwerken die in de hoofdroutes aanwezig zijn. Dit betekent dat huidige en nieuw aan te leggen kunstwerken in deze routes moeten voldoen aan de voor zwaar verkeer geldende NEN normen mbt de draagkracht van kunstwerken. Consequenties Alle kunstwerken in de hoofdroutes moeten voldoen aan verkeersklasse 600. Alle kunstwerken die hier niet aan voldoen moeten in feite gereconstrueerd of vervangen worden. 44

Figuur 2.1 Wegcategorisering LVVP Delft Fietsactieplan II In aanvulling op het LVVP is in 2005 ook het Fietsactieplan II vastgesteld. Het Fietsactieplan II is een voortzetting van het Fietsactieplan uit 1999. Het doel van Fietsactieplan II is het stimuleren van het fietsgebruik om zo de fiets een serieus alternatief voor de auto te maken, en de stad goed bereikbaar te houden, dmv de volgende acties: Het verbeteren van het fietsnetwerk; Bieden van goede fietsparkeervoorzieningen; Flankerende maatregelen; Monitoring en evaluatie van effectiviteit fietsbeleid. Aanleg van fietsstraten c.q. omvorming van straten naar fietsstraten. Voor het verbeteren van fietspaden wordt rekening gehouden met de materiaalkeuze. Asfalt is comfortabeler dan elementenverharding. De meeste fietsstroken zijn uitgevoerd met rood asfalt. De duurzaamheid van rood asfalt is hoger dan een rode coating waardoor bij onderhoudswerkzaamheden een eventueel bestaande coating vervangen wordt door rood asfalt. Daarnaast moet op hoofdfietsroutes het rode asfalt van fietsstroken doorgezet worden op kunstwerken. Dit wordt zoveel mogelijk meegenomen in het onderhoudsprogramma. Op het moment van schrijven wordt het FietsActiePlan III geschreven. Acties uit het FAP III zullen in het volgende beheerplan worden meegenomen. Consequenties Bij reconstructies van kunstwerken moet rekening gehouden worden met de uit het FAPII voortvloeiende verhardingskeus. Een eventuele keuze voor rood asfalt kan grotere (beheer)kosten met zich mee brengen. Nieuwe kunstwerken volgen uit acties vanuit het FAP III zullen zorgen voor een areaaluitbreiding. Deze eventuele uitbreiding wordt meegenomen in de volgende beheerperiode. 45

Beeldkwaliteit Naast de technische kwaliteit wordt steekproefsgewijs de beeldkwaliteit van de openbare ruimten geschouwd. Iedere twee weken schouwen de werkmeesters van de wijkposten 20 meetpunten in hun wijk. Daarnaast schouwt een extern bureau één keer per jaar de beeldkwaliteit van de openbare ruimte. Het doel hiervan is een goede referentie met de eigen waarnemingen. Delftse schouwgids Bij de schouwrondes wordt gebruik gemaakt van de Delftse schouwgids. De Delftse schouwgids bestaat uit 25 beeldmeetlatten op het gebied van schoon, heel en groen. De Delftse schouwgids is gebaseerd op de CROW-methodiek voor beeldkwaliteit. De keuzemogelijkheden voor de gewenste kwaliteit van de openbare ruimte zijn: A+: perfect onderhouden, als nieuw, niets op aan te merken, zeer schoon en netjes; A: goed onderhouden, slechts incidenteel wat minder, vrijwel geheel schoon en netjes; B: voldoende onderhouden, standaard en degelijk, wel wat op aan te merken, redelijk netjes; C: enige achterstanden bij het onderhoud, sober, matig, niet netjes en vuil; D: schade en grote achterstanden bij het onderhoud, zeer matig tot onaanvaardbaar en zeer vuil. De Delftse schouwgids bevat één beeldmeetlat over het onderdeel kunstwerken, die eigenlijk toegespitst is op viaducten en tunnels. Naast bovenstaande beeldmeetlat zijn er nog een aantal andere meetlatten die een raakvlak hebben met kunstwerken, zoals verharding, leuningen, etc. Schouwen van de beeldkwaliteit De schouwen worden uitgevoerd binnen een meetnet van 625 meetpunten, die verspreid over de stad liggen. De gebieden buiten de bouwde kom waaronder de Delftse Hout zijn niet in het meetnet opgenomen. Een meetpunt heeft een beoordelingsradius van 50 meter, hetgeen betekent dat alle relevante objecten in een straal van 50 meter rond het meetpunt worden beoordeeld. In een smalle woonstraat beslaat het meetpunt alle beschikbare openbare ruimte binnen die straal. 46

Iedere twee weken schouwen de werkmeesters van de wijkposten 20 meetpunten in hun wijk. Daarnaast schouwt een externe bureau twee keer per jaar de beeldkwaliteit van de openbare ruimte. Consequenties Naar aanleiding van de introductie van de schouwgids worden kleine mankementen aan kunstwerken eerder herkend. Dit zal de frequentie van het klein onderhoud vergroten. Visie Openbare Ruimte Delft De Visie Openbare Ruimte is in september 2009 door het college van B&W vastgesteld en wordt ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad van Delft. De visie vertaalt de ambities en opgaven naar uitgangspunten van beleid en leidende principes voor ontwerp, inrichting en beheer, uitgewerkt naar de ruimtelijke structuur, de verschillende gebieden en de bijzondere parken en pleinen van Delft. De visie is aangevuld met een uitvoeringsprogramma opgedeeld in Beleid, Programma s en Sleutelprojecten. De visie vormt een kader voor o.a. de beheerplannen openbare ruimte. In de visie zijn drie dragers onderscheiden die samen de ruimtelijke hoofdstructuur van de Stad Delft vormen. Dit zijn de cultuurhistorische drager, de moderne drager en doorlopende drager. De cultuurhistorische drager bestaat uit: het grachtenstelsel van de binnenstad, de Schie, de boezemwaterlopen en historische routes. De moderne drager bestaat uit de hoofdwegen (auto en spoor) en de boulevards (met en zonder openbaar vervoerbanen). De doorlopende drager is het continue aanwezige netwerk van groen, blauw en langzaam verkeer kris kras door Delft. De gebieden tussen en rondom de dragers zijn de binnenstad, de woonbuurten en de bedrijfsterreinen. De parken en pleinen hebben vooral betrekking op de ontmoetingsplekken in de stad: de parken en pleinen in en bij de woonbuurten en bedrijfsterreinen. In de visie wordt aangegeven welk kwaliteitsniveau van de inrichting en beheer wordt gewenst, gezien de ambities, de rol, het gebruik en de betekenis van het betreffende gebied. Een concreet voorbeeld is dat alle tunnels die de barrières Provinciale weg en Kruithuisweg kruisen minimaal moeten voldoen aan beeldkwaliteitsniveau B. Het toepassen van de Visie Openbare Ruimte heeft tot gevolg dat voor exclusief ingerichte ruimtes een hoger beeldkwaliteitsniveau wordt geëist. Tevens kunnen als gevolg van het toepassen van duurdere of exclusievere materialen in deze gebieden de onderhoudskosten stijgen. Tot op heden is de concrete invloed van de Visie Openbare Ruimte op de beheerkosten nog niet bekend. In de volgende beheerperiode zullen deze meerkosten voor het extra onderhoud wel bekend zijn. Consequenties De maatregelen en veranderingen die uit de Visie Openbare Ruimte voortvloeien hebben gevolgen voor het beheer van de kunstwerken. De wens van een hoger onderhoudsniveau voor de hoogwaardig ingerichte ruimtes zal leiden tot intensiever onderhoud en dus tot structureel hogere onderhoudskosten. De kwaliteit die volgens de nieuwe visie gerealiseerd wordt, moet in de toekomst ook zo beheerd worden. 47

Muurplanten Het Beschermingsplan Muurplanten dateert van 14 februari 2005 en is een nadere uitwerking van de Ecologienota. Het plan heeft een grote invloed op de wijze van onderhoud en vervanging van gemetselde muren. Hieronder volgt een samenvatting en de actiepunten uit het plan: Muurplanten worden beschermd door de Natuurbeschermingswet, de Flora- en faunawet en de Habitatrichtlijnen. Sinds 1989 is een lichte toename van de muurplanten te zien op de kades en bruggen in de binnenstad van Delft. Om bij herstelwerkzaamheden aan de bruggen de soorten te beschermen en te behouden is strikte bescherming nodig. Dat is de reden geweest om een beschermingsplan op te stellen voor de grachten van Delft, in navolging van een al in 1987 opgesteld landelijk beschermingsplan muurplanten. De actiepunten die uit het beschermingsplan muurplanten Delft volgen zijn: 1) Bij renovatie van de muren worden de aanwezige muurplanten niet beschadigd. Dit houdt in dat die stukken muur met flora die de breedte hebben van het in de inventarisatie aangegeven pand niet worden gerenoveerd of gereinigd. 2) Indien renovatie vanwege omstandigheden noodzakelijk is, zullen maatregelen genomen moeten worden om de planten van tevoren te verwijderen en deze tijdelijk elders op te slaan. Hiervoor is het noodzakelijk de omstandigheden zo goed mogelijk na te bootsen tijdens de opslag. 3) Bij renovatie wordt nagegaan wat de mogelijkheden en risico s zijn van specifieke maatregelen, zoals het plaatselijk terugzetten van voegen en stenen in de muren voor de vestigingskansen voor muurplanten. Deze maatregelen worden vastgelegd in het onderhoudsplan. 4) De maatregelen voor muurplanten zullen, indien noodzakelijk, worden opgenomen in een ontheffingsaanvraag voor het verstoren van flora en fauna in het kader van de Flora- en faunawet. Consequenties Er zijn maatregelen voor het behoud van muurplanten vastgelegd. De maatregelen dienen bij het onderhoud aan metselwerk van kunstwerken in acht te worden genomen. Deze maatregelen werken kostenverhogend. Het welstandsbeleid De Welstandsnota heeft als belangrijkste doel duidelijkheid te scheppen over de inhoud van de welstandstoets. De toets is gebaseerd op verschillende soorten criteria. Deze maatstaven hebben betrekking op alle bouwinitiatieven, van kleine bouwwerken tot grote bouwwerken en ook op veranderingen van grotere gebieden in de stad. Het Welstandstoezicht bestaat uit adviezen die de Commissie voor Welstand en Monumenten uitbrengt aan het College van Burgemeester en Wethouders over bouwvergunningaanvragen. De Commissie voor Welstand en Monumenten buigt zich over de plannen en toetst deze aan de Welstandsnota. Voor monumenten vindt naast de algemene toetsing als bouwwerk ook een specifieke toetsing als monument plaats. Het Welstandstoezicht gaat uitsluitend over esthetische aspecten van het exterieur van bouwwerken. Hierbij wordt gelet op de schoonheid van het object zelf en op de relatie van het object met zijn omgeving. Bij monumentenzorg gaat het vooral om de historische kwaliteit van de 48

bestaande bouwwerken, aan de buitenkant en binnenshuis (eventueel ook in een vroegere situatie). Consequenties Welstandbeleid kan leiden tot functioneel ongewenste inrichting/vormgeving en daaruit voortvloeiende hogere onderhoudskosten. Monumentenbeleid In 2007 is de nieuwe monumentennota Gezicht op gebouwd erfgoed Delft 2007-2012 vastgesteld. Vanuit deze nota is het monumentenbeleid vastgelegd voor de komende jaren. Aangezien een aanzienlijke hoeveelheid van de bruggen in Delft (rijks)monumenten zijn, heeft deze nota ook invloed op het beheerplan kunstwerken. Om ervoor te zorgen dat de gerestaureerde monumenten in ieder geval in goede staat blijven, wil men tegenwoordig de aandacht verleggen naar het instandhouden van monumenten. De gedachte daarbij is dat, indien goed onderhoud wordt gestimuleerd, kostbare restauraties kunnen worden voorkomen met als bijkomend voordeel dat de stad er continu mooi en goed onderhouden bij staat. Daarnaast is er de landelijke trend om meer met leningen uit revolving funds te gaan werken dan met subsidies. De in 2006 ingestelde subsidie regeling BRIM (Besluit Rijkssubsidiering Instandhouding Monumenten) is een combinatieregeling voor onderhoud en kleine restauraties om de rijksmonumenten zonder restauratieachterstand in goede staat te houden. Voor niet-woonhuizen is subsidie beschikbaar voor een zes-jarig onderhoudsplan, het zogenaamde Periodieke Instandhoudingsplan (PIP). Op 1 oktober 2010 start de aanmeldingsperiode voor deze subsidies. De verstrekking verloopt volgens het principe Wie het eerst komt, die het eerst maalt, en per provincie worden er maar 4 subsidies verstrekt. Tijdens het schrijven van dit beheerplan wordt onderzocht of de Gemeente Delft in aanmerking komt voor subsidie voor het restaureren van de bruggen in de stad die een Rijksmonument zijn (zoals de Vrouwe van Rijnsburgerbrug). Pas na vaststelling van dit beheerplan wordt besloten of de Gemeente Delft de subsidie gegund krijgt. De positieve inoed van de rijkssubsidie kan dus niet worden meegenomen in de begroting van deze beheerperiode. Consequenties Het aanvragen van Rijkssubsidies voor restauratiewerkzaamheden aan Rijksmonumenten die geen woonhuizen zijn, zorgt voor een positieve invloed op de begroting voor het beheer en onderhoud van kunstwerken binnen Delft. Deze subsidies zullen aangevraagd moeten worden. Beschermd stadsgezicht In Delft zijn 4 gebieden aangemerkt als beschermd stadsgezicht. Deze gebieden zijn: de historische Delftse binnenstad het Agnetapark de Nieuwe Plantage de vooroorlogse TU-wijk 49

Beschermde stadsgezichten worden aangewezen vanwege de gaafheid en sterke samenhang van deze stadsbeelden. Om deze samenhang te waarborgen zijn in een beschermd stadsgezicht alle ingrepen aan de buitenzijde van een bouwwerk op zijn minst licht vergunningplichtig. Er zijn geen mogelijkheden tot vergunningvrij bouwen. Het gaat dus om alle bouwwerken; beschermd monument of niet. In een beschermd stadsgezicht is er in feite sprake van een strenger welstandsregime. Consequenties Voor alle renovatiewwerkzaamheden aan kunstwerken binnen het beschermd stadsgezicht is een bouwvergunning benodigd. Dit vraagt een langere voorbereidingstijd. 50

Bijlage VII Beoordelingsmatrix Kwaliteitsniveau Veiligheid Duurzaamheid Welstand / beeldkwaliteit Goed Constructie in perfecte staat. Geen schade. Geen veiligheidsrisico. Conservering in goede staat. Geen schade. Redelijk Niet van toepassing Conservering ontbreekt op enkele plaatsen. Enige schade, geen maatregel nodig, geen gevolgschade. Plaatselijk bijwerken is een adequate maatregel. Matig Twijfel over veiligheid, nader onderzoek gewenst. Aandacht noodzakelijk. Waarschuwingsfase. Slecht Losliggende onderdelen. Losstaande leuningen. Gevaar voor bezwijken. Ernstig veiligheidsrisico. Alarmfase. Enige uitspoeling. Geen gevaar voor bezwijken. Conservering is ernstig aangetast, maar er is (nog) geen gevolgschade. Maatregel noodzakelijk ter voorkoming van gevolgschade. Beginnende betonrot (Scheuren, roestvlekken). Enkele mm openstaande scheuren. Beginnende houtrot. Nader onderzoek gewenst. Ernstige uitspoeling. Gevaar voor bezwijken. Conservering is ernstig aangetast (gevolgschade is reeds opgetreden). Gevorderde betonrot (wapening is zichtbaar en aangetast). Vergevorderde houtrot. Nader onderzoek noodzakelijk. Schoon, geen verontreiniging, geen graffiti Verfwerk in perfecte staat. Geen vervormingen. Minimale verontreiniging. Verfwerk in nette staat, plaatselijk ontbreken van coating. Minimale vervormingen. Verontreinigd. Enige mosaangroei. Enige vegetatiegroei. Schade aan verfwerk /coating. Duidelijke vervormingen. Ontwatering belemmerd. Ernstig verontreinigd. Dikke laag mosaangroei. Doorgroei vegetatie. Ernstige aantasting van verfwerk. Ernstige vervormingen. 51

Bijlage VIII Nomenclatuur Kunstwerk Civiel-bouwkundige constructie die onderdeel is van een weg bij kruising met een andere weg, spoorweg, waterweg of een terreinverdieping. Brug Kunstwerk over een waterweg, watergang of waterloop, bestaande uit een brugdek gesteund door pijlers en/of landhoofden. Bij beweegbare bruggen onderscheidt men onder meer: Basculebrug Beweegbare brug waarbij val en staartstuk in elkaars verlengde liggen en het geheel draait om een vaste horizontale as. Draaibrug Om een verticale as draaibare brug. Ophaalbrug Beweegbare brug waarbij het val over de volle breedte draaiend om horizontale assen opengaat met behulp van de balans met contragewicht, die is opgelegd op de hameistijlen of hameipoort en met het val is verbonden door hangstaven. Viaduct Kunstwerk over een weg, spoorweg of terreinverdieping, bestaande uit een dek gesteund door pijlers en/of landhoofden. Tunnel Kokervormig kunstwerk onder een of meer wegen, spoorwegen, waterwegen en/of andere hindernissen, als ondergrondse doorgang voor verkeer, leidingen of dieren. Duiker Kunstwerk voor de waterhuishouding, bestaande uit een kokervormige constructie aangebracht onder een weg of spoorweg of in een dam. Duikerbrug Een duikerverbinding met aan weerszijde een grondkerende constructie. Vleugelmuur Muur die de overgang vormt tussen een landhoofd en het daarop aansluitende grondlichaam. Vlonder Een in het water aangebrachte losse houten vloer of aanlegsteiger. 52