Vraag van en aanbod naar arbeid Arbeid = arbeiders = mensen De vraag naar mensen = werkenden Het aanbod van mensen = beroepsbevolking Participatiegraad Beroepsbevolking / beroepsgeschikte bevolking * 100% Werkloosheidspercentage Werklozen / beroepsbevolking * 100% Iedereen 15 67 jaar 15 67 jaar, per week 12 uur of meer 15 67 jaar, per week 12 uur of meer In loondienst of voor eigen rekening Voltijd = arbeidsjaar = fulltime In personen (deeltijd meer dan voltijd)
Vraag van en aanbod naar arbeid Arbeid = arbeiders = mensen Loon is 12 Neem aan wettelijk minimumloon (door overheid bepaald) Vraag naar arbeid door werkgevers ( de bazen ) 2 miljoen Aanbod van mensen door werknemers 5 miljoen Te veel aanbod en te weinig vraag Werkloosheid Wettelijk minimumloon te hoog voor de werkgevers Werkloosheidspercentage 3 miljoen mensen / 5 miljoen mensen * 100% = 60%
Waarom voldoet arbeidsmarkt niet aan de eisen van volkomen concurrentie? vrije prijsvorming: loonvorming op de arbeidsmarkt wordt vaak gereguleerd door de overheid (bijvoorbeeld minimumloon) of door werkgevers- en werknemersorganisaties (loonafspraken) homogeen product : arbeid is niet homogeen, want er zijn verschillen in scholing, ervaring en vaardigheid vrije toetreding: arbeidskrachten kunnen niet vrij toe- en uittreden, omdat ze gebonden zijn aan de woonplaats of kwalificaties dan wel werkvergunningen nodig hebben om toe te treden transparantie: vragers en aanbieders beschikken niet over volledige informatie over wie, wat, waar, wanneer vraagt en aanbiedt op de arbeidsmarkt fransetman.nl
Structuur ( ook wel aanbodkant genoemd) Dit heeft met kosten te maken en de productiecapaciteit van de bedrijven (= de productie van goederen je de bedrijven maximaal kunnen maken) Loonkosten per product Loonkosten per mens arbeidsproductiviteit * 100% Conjunctuur ( vraagzijde van de goederenmarkt) Door Consumptie gezinnen Investeringen bedrijven Overheidsbestedingen (overheid koopt bv wegen) Export door het buitenland - Import van het binnenland (in het buitenland) Wanneer stijgt dit, daalt dit, blijft gelijk?? Loonkosten procentueel sterker stijgt dan arbeidsproductiviteit: stijgt Loonkosten procentueel minder stijgt dan arbeidsproductiviteit: daalt Loonkosten procentueel even sterk stijgt dan arbeidsproductiviteit: blijft gelijk
Structuur werkloosheid Te hoog loon in vergelijking wat werkgevers willen betalen Loonkosten per product = loonkosten per mens / arbeidsproductiviteit Wanneer stijgt dit, daalt dit, blijft gelijk?? Scholing sluit niet aan wat de werkgevers gevraag wordt Werk niet in de buurt (arbeidsmobiliteit) Loonkostensubsidie door overheid aan bedrijfsleven Scholingsprogramma Verhuiskosten/ subsidie Frictiewerkloosheid Door wisseling baan kan er werkloosheid ontstaan Ook: schoolverlater en baan zoeken (3 maanden, dan structuurwerkloosheid) Werklozen en tegelijk banen: scholing!!! Seizoenwerkloosheid Door de weersomstandigheden Winters: schilders kunnen niet buiten schilderen Zomers: strandtenten veel personeel nodig
Conjunctuurwerklozen Werkloosheid door te weinig vraag op de goederenmarkt Krappe of ruime arbeidsmarkt? Ruim Bij krapte stijgt het loon Kan maken: productiecapaciteit Dus structuur Productie per mens per tijdeenheid Arbeidsproductiviteit 100 producten per mens 400 producten maximaal mogelijk De productiecapaciteit is 400 producten Hoeveel wordt er gevraagd? 200 producten Bezettingsgraad = productie/ productiecapaciteit * 100% 50% 2 conjunctuur werklozen (geen ontslagbescherming) Overheid voert beleid 300 producten worden gevraagd Kan nog steeds 500 producten gevraagd Kan niet alles produceren Stel de prijzen 1 voor 400 geproduceerd Nu prijsstijging 1,25 nog steeds 400 producten (Bestedings)inflatie
Economische conjunctuur hoogconjunctuur Reëel binnenlands product groeit procentueel sterker dan gemiddeld. Ontstaat door veel vraag naar producten Trend (Gemiddelde groei over groot aantal jaren) laagconjunctuur Reëel binnenlands product groeit procentueel minder dan gemiddeld. Ontstaat door weinig vraag naar producten Recessie: 2 kwartalen aaneen afname van reëel BBP Depressie: 3 kwartalen krimp fransetman.nl
conjuncturele ontwikkeling fransetman.nl
Beleid overheid hoogconjunctuur Overheidsbestedingen laten dalen Vraag op de goederenmarkt daalt Productie bedrijven daalt Er is minder economische groei Beleid op gericht hoogconjunctuur tegen te gaan: Anticyclisch beleid Beleid overheid om werkloosheid te bestrijden Laagconjunctuur Overheidsbestedingen laten stijgen Vraag op de goederenmarkt stijgt Productie bedrijven stijgt Er is meer economische groei Vraag naar arbeid stijgt Werkloosheid daalt Beleid op gericht laagconjunctuur tegen te gaan: Anticyclisch beleid Beleid overheid Hoogconjunctuur Inkomstenbelasting laten stijgen Besteedbaar (=netto) inkomen daalt Consumptie van de gezinnen stijgt Vraag op de goederenmarkt daalt Productie bedrijven daalt Er is minder economische groei Beleid op gericht hoogconjunctuur tegen te gaan: Anticyclisch beleid Beleid overheid om werkloosheid te bestrijden Laagconjunctuur Inkomstenbelasting laten dalen Besteedbaar (=netto) inkomen stijgt Consumptie van de gezinnen stijgt Vraag op de goederenmarkt stijgt Productie bedrijven stijgt Er is meer economische groei Vraag naar arbeid stijgt Werkloosheid daalt Beleid op gericht laagconjunctuur tegen te gaan: Anticyclisch beleid