INTERPERSOONLIJKE DYNAMIEK Naam: Frans Tuerlings Studentnummer: 15130924 Opleiding: Projectleider Techniek Datum: 30 januari 16
1.0 Inleiding Hoe komt het toch dat je met de ene persoon stroef en moeizaam communiceert en je irritatie voelt en dat je met een ander, soms zelfs iemand die je pas voor het eerst ontmoet, heel soepel communiceert. Iedere relatie en elke vorm van communicatie kenmerkt zich door een bepaalde dynamiek. Het gedrag van de een roept gedrag bij de ander op. Deze dynamiek lijkt vaak ongrijpbaar en moeilijk te beïnvloeden. Toch is er een model waarmee we enige grip trachten te krijgen op interpersoonlijke dynamiek. Het blijkt dat deze dynamiek vooral wordt bepaald door de verschillende niveaus waarop we tegelijkertijd communiceren. Naast communicatie op inhouds- en betrekkingsniveau kunnen we ook nog spreken van het bestaansniveau van communiceren. Alle drie niveaus zijn gelijktijdig aanwezig. 1.1 Niveaus van communicatie We weten al dat communicatie het overbrengen van een bepaalde inhoud van een zender naar een ontvanger is. Communicatie speelt zich af op een aantal niveaus. De twee belangrijkste zijn: 1 Inhoudsniveau; Hierbij gaat het om de expliciete inhoudelijk boodschap. Of wel WAT er gezegd wordt. 2 Betrekkingsniveau; Hierbij gaat het om de impliciete boodschap, dat wat tussen de regels gezegd wordt. Relatieaspecten, Zoals toon en congruentie tussen verbale en non-verbale communicatie, leiden vaak tot een interpretatie over de kwaliteit van de relatie in termen van samenwerking of tegenwerking en macht of afhankelijkheid. Met andere woorden het gaat om HOE de inhoud opgevat moet worden, de manier waarop. De zender geeft dus naast de inhoudelijke boodschap die hij uitzendt ook indirect aan hoe hij zichzelf ziet in relatie tot de ander. 1.2 Twee dimensies Uit veel onderzoeken in de sociale wetenschappen naar menselijke relaties, komen telkens twee dimensies naar voren; - Een dimensie rond controle, invloed en dominantie; waarbij het gaat om de vraag wie is de baas? (wie zit er boven en wie zit er onder). Je kunt deze uitzetten op een verticale lijn, de dominantie-as. - Een dimensie rond affectie en intimiteit. Doen we het samen of in strijd met elkaar? (samen of tegen?). Dat kun je uitzetten op een horizontale lijn, de relatie as. Wanneer mensen met elkaar omgaan, speelt er altijd iets van macht en invloed (of het ontbreken ervan) een rol en anderzijds iets van persoonlijke afstand of nabijheid. 1.3 De roos van Leary De Roos van Leary werd in 1957 gepubliceerd door de amerikaanse psycholoog Timothy Leary. Via onderzoek en observatie kwam Leary erachter dat gedrachspatronen voorspelbaar zijn. Dat fenomeen heeft hij uitgewerkt in wat nu de Roos van Leary heet. De Roos van Leary gaat ervan uit dat gedrag, gedrag oproept. Met andere woorden; De Roos gaat uit van actie en reactie, oorzaak en gevolg, zenden en ontvangen. De grote verdienste van de Roos van Leary ligt in het feit dat de Roos laat zien welk gedrag door welk gedrag wordt opgeroepen en gedrag dus te beïnvloeden is. 2
Leary heeft zijn model gebasseerd op bovengenoemde twee dimensies. Als je beide dimensies in een assenkruis tegen elkaar afzet, krijg je een boven-onder(dominantie) as, en een tegen-samen(relatie) as. Door een cirkel er omheen te trekken ontstaan vier sectoren. Elke relatiewens kun je ergens binnen dit assenkruis plaatsen. Leary heeft het assenkruis verder verfijnd en verdeeld in 8 partjes. Elk partje staat voor een bepaalde relatiewens. 1.3.1 De acht sectoren. Boven-samen(BS) Samen-Boven(SB) Samen-Onder(SO) Leidend ik ben sterker, beter dan jij Jij bent zwak en hulpbehoevend Jij moet naar mij luisteren Initiatieven nemen, opdracht geven, verantwoordelijkheid nemen, deskundigheid tonen, adviseren, lollig zijn, indruk maken, leiding geven. Helpend Ik ben in evenwicht, betrouwbaar en sympathiek Jij bent ook in evenwicht en sympathiek Wij mogen elkaar Steun geven, aanmoedigen, voor andere zorgen, sfeer scheppen, opdringen Meewerkend Ik ben vriendelijk, aardig en meegaand Jij bent ook vriendelijk en aardig Zeg maar wat je wilt, ik ben tot alles bereid Vragen stellen, luisteren, ondersteunen, erkenning geven, dwepen, instemmen. 3
Onder-Samen(OS) Onder-Tegen(OT) Tegen-Onder(TO) Tegen-Boven(TB) Boven-Tegen(BT) Afhankelijk Ik ben zwak en gewillig, heb je hulp nodig Jij bent steviger dan ik Jij moet mij helpen en leiding geven Instemmen, verantwoordelijkheid bij ander neerleggen, bewondering uiten, om mening vragen, ontzag hebben, onderdanig zijn Teruggetrokken Ik doe alles verkeerd, het is mijn eigen schuld Jij bent bedreigend Bemoei je maar niet met mij Gehoorzaam zijn, bescheiden doen, stil zijn, roddelen, doen alsof er niets aan de hand is, passief Opstandig Ik ben anders dan anderen, heb niemand nodig Jij bent onbetrouwbaar, jij mag mij niet Verwerp me, haat me maar Verdedigen, tegenspreken, klagen, zeuren, weerstand bieden, impliciet, kritiek geven, cynisme Offensief Ik ben kwaad, bedreigend Jij bent vijandig en machteloos Wees bang voor mij Streng toespreken, corrigeren, kritiek geven, beschuldigen Competitief Ik ben beter dan wie ook, ik vertrouw alleen mezelf Jij bent vijandig en zwak Kijk naar mij en voel je minderwaardig Orders geven, eigen belang uitspreken, forceren, regels stellen, gehoorzaamheid eisen, oordelen 1.3.2 Eigen ervaring Roos van Leary Omdat ik al diverse malen aan management opleidingen en cursussen heb deelgenomen ben ik bekend met de Roos van Leary. En met name het gebruik maken ervan, door bij de start van bv een nieuw project te investeren in de relatie en je te verdiepen in de persoon(en) waarmee je gedurende het project mee te maken krijgt(opdrachtgevers, teamleden). Als je weet hoe je de mensen het beste kunt benaderen en behandelen zal je zien dat je hier gaande weg het project de vruchten van plukt. 4
1.3.3 Mijn eigen Roos van Leary Resultaten Interpretatie dominantie (DOM) en affiliatie (AFF) scores. De twee scores vatten de belangrijkste informatie samen van hoe u uzelf op de vragenlijst beschreven hebt. Ze vormen twee wezenlijke aspecten van uw interpersoonlijke gedrag: de mate waarin u uzelf als dominant, dan wel als submissief omschrijft; de mate waarin u uzelf als affiliatief, dan wel als vijandig omschrijft. Anders gezegd: uw basishoudingen tegenover macht en tegenover intimiteit. schaal score zelf omschrijving DOM 4 AFF -1 hoog + hoog - hoog + hoog - Ik neem het initiatief, geef leiding, overtuig, beheers en domineer anderen voor mijn eigen doeleinden. Ik volg, geef toe, maak mezelf klein, pas me aan, gehoorzaam en onderwerp me aan anderen op een afhankelijke manier. Ik sympathiseer, vergeef, ben het met anderen eens, wil graag hun affectie winnen. Ik wantrouw, rebelleer, klaag, verwijt, voel me kwaad tegenover anderen op een zelfgerichte manier. Aantal aangegeven kenmerken (AAK-score) AAK-score: 23 Omdat het invullen van de vragenlijst beschouwd kan worden als een vorm van communicatie, zou het aantal kenmerken dat u aangegeven hebt een index kunnen zijn van van uw communicatiebereidheid: uw bereidheid om uzelf "bloot te geven" en te onthullen aan anderen, die uw scores kunnen zien. Op deze manier geredeneerd kan een lage score wijzen op een aarzeling om zichzelf aan anderen te laten kennen, terwijl een hoge score wijst op een bereidheid tot openheid. NB1: De aanduiding "hoog" (40-30), "gemiddeld" (20-30) en "laag" (10-20) zijn gebaseerd op scores uit een onderzoek bij psychologiestudenten. NB2: Het aangegeven hebben van méér kenmerken betekent over het algemeen ook het aangevinkt hebben van meer zelfkritische kenmerken (zie ook bij GIN-score). Gemiddelde intensiteit (GIN-score) GIN-score: 2,17 Interpretatie. Omdat de kenmerken op elk van de acht vragenlijstschalen gerangschikt zijn naar hun intensiteit, geeft deze score een gemiddelde intensiteitsniveau van de aangegeven kenmerken. 5
Zo is bijvoorbeeld kenmerk 1 ("kan opdracht geven") minder intens dan kenmerk 22 ("dictatoriaal"). Een hoge score wijst op een sterke mate van zelfkritiek, omdat deze het resultaat is van negatievere zelfomschrijving. Interpretatie "Roos van Leary". De segmenten in de rechterhelft van de cirkel geven aan in hoeverre u uzelf beschreven hebt als affiliatief (de "Samen"-pool van Leary) de segmenten in de linkerhelft als vijandig (de "Tegen"-pool van Leary). De segmenten in de bovenste helft van de cirkel geven aan in hoeverre u uzelf omschreven hebt als dominant (de "Boven"-pool van Leary); de segmenten in de onderste helft als submissief (de "Onder"-pool van Leary). Hogere scores (meer naar de buitenkant) wijzen op negatievere zelfomschrijvingen dan lage scores. De typering van uw zelfbeeld is als volgt: kan streng zijn wanneer dat nodig is; assertief en vertrouwend op zichzelf, onafhankelijk, zakelijk; baast over anderen, dominerend, geeft altijd advies; behulpzaam; samenwerkingsgezind; bewondert en imiteert anderen, erg bezorgd om bevestiging te krijgen, vol respect voor gezag; kan gehoorzamen; gepikeerd wanneer een ander de baas over hem/haar speelt, sceptisch (twijfelzuchtig), licht geraakt. 6
7