Rughernia en kanaalstenose

Vergelijkbare documenten
Lumbale hernia en kanaalstenose

Nekhernia en kanaalstenose

Hydrocefalus bij volwassenen

Nekhernia Radboud universitair medisch centrum

Spondylodese Radboud universitair medisch centrum

Chronisch subduraal hematoom

Biopsie bij een ruimte-innemend proces in de hersenen

Operatie aan de aangezichtszenuw

Operatief verwijderen van osteosynthese materiaal (plaat, pen of schroeven uit been, enkel of arm)

Biopsie Orthopedie Radboud universitair medisch centrum

Borstverkleining Radboud universitair medisch centrum

Pyelumplastiek Radboud universitair medisch centrum

Hersenoperatie (trepanatie)

Scrotumcorrectie bij hydrocèle of spermatocèle

Prostaatkanker: verwijdering van de lymfeklieren in het bekken

Buikwandbreuk (liesbreuk, navelbreuk, bovenbuikwandbreuk)

Schouderoperatie (cuff-repair)

Verwijderen zaadbal (Orchidectomie)

Nierverwijdering door kijkoperatie (laparoscopische nefrectomie)

Prostaatkanker: verwijdering van de teelballen (subcapsulaire orchidectomie)

Operatieve Behandeling spatader in scrotum (varicocele)

Schouderoperatie (neerplastiek)

Buikwandcorrectie Radboud universitair medisch centrum

Voorste kruisbandreconstructie

Gynaecomastie Radboud universitair medisch centrum

Operatief verwijderen plaat, pen of schroef (Osteosynthese materiaal) Poli Orthopedie

Cryochirurgie Radboud universitair medisch centrum

Opheffen vernauwing plasbuis (Procedure Sachse of Otis)

Stenose- en/of herniaoperatie Oefeningen voor herstel

Vernauwing van het wervelkanaal (wervelkanaalstenose)

Operatie bij een vernauwing van het wervelkanaal

Patiënteninformatie. Fysiotherapie na uw rugoperatie

Nekhernia. Ziekenhuis Gelderse Vallei

Neurologie. Hernia-operatie van de rug

Standscorrectie knie (tibiakoposteotomie)

NEUROCHIRURGIE. Hernia

Correctie van de stand van de rug. Lumbale columnotomie

Nierkanker: verwijderen van de nier (nefrectomie)

Brughoektumor Radboud universitair medisch centrum

Operatieve behandeling knieschijfinstabiliteit

Vernauwing van het wervelkanaal

Neurochirurgie Een operatie aan de rug

Behandeling van heuposteonecrose

Operatie van een lage rughernia of rugstenose

Standscorrectie en/ of verstijving grote teen (hallux valgus en hallux rigidus)

Chirurgische dagbehandeling met lokale anesthesie

Sterilisatie van de vrouw

Vernauwing van het wervelkanaal in de nek Neurochirurgische behandeling

Operatie aan een vernauwing van het lendenwervelkanaal

Gynaecomastie. Plastische chirurgie

Ontslag in zicht. Wat u moet weten wanneer u met ontslag gaat op verpleegafdeling C2N

Rughernia. Ziekenhuis Gelderse Vallei

Nekhernia. Informatie voor patiënten. Medisch Centrum Haaglanden

Hydrocefalus bij volwassenen

Operatie bij een vernauwing van het lendenwervelkanaal

Standsafwijkingen van de kleine tenen (2e t/m 5e teen)

Oefeningen en adviezen na een rugoperatie

Fysiotherapie na een operatie aan een hernia of stenose in de lage rug. Afdeling Fysiotherapie IJsselland Ziekenhuis

Operatie aan een hernia in de onderrug

1 De wervelkolom Een hernia Het stellen van de diagnose Wanneer opereren? Een herniaoperatie... 5

Operatie aan het wervelkanaal

Revalidatie na een hernia-operatie of een operatie aan een vernauwing van het lendenwervelkanaal

Lage rughernia Neurochirurgische behandeling

Spondylodese van de rug

Nekhernia Neurochirurgische behandeling

Informatie en adviezen na een neurochirurgische operatie van de rug

Operatie bij cervicale kanaalstenose of hernia

Fysiotherapie na een rugoperatie

Micro-invasieve operatie van een hernia in de onderrug in dagbehandeling

Correctie van de stand van de rug

Externe liquordrainage

Bijnier verwijdering door kijkoperatie (retroperitoneoscopische. adrenalectomie)

Behandeling van een aneurysma in het hoofd

Spondylodese van de nek

Hernia in de borstwervelkolom

Oefenenprogramma na een HNP (hernia)operatie of een kanaalstenoseoperatie

Externe lumbale drain Het inbrengen van een drain in het onderste gedeelte van de rug

Rugoperatie. Decompressie / Herniotomie / Laminectomie

Kijkoperatie van de knie (arthroscopie)

Spondylodese van de rug

Rugoperatie. Meer informatie of vragen. Uitgave van de afdeling Communicatie, i.s.m. het orthopediecentrum. Colofon. Maart 2012

Opheffen vernauwing plasbuis: Urethraplastiek

WERVELKANAALSTENOSE LAMINECTOMIE

Herniaoperatie en/of Laminectomie

Neurostimulator bij overactieve blaas of urine-retentie

UMC St Radboud. Percutane geïsoleerde ledemaat perfusie

Herniaoperatie aan de lage rug

Maatschap Neurologie/Afdeling Fysiotherapie. Rugklachten

Lumbale hernia-operatie

Kanaalstenose-operatie bij vernauwing van het lendenwervelkanaal

Vernauwing van het wervelkanaal

Fysiotherapie na laminectomie

Operatie aan een hernia in de onderrug

Lage rughernia (neurologische behandeling)

Hernia in de onderrug

Lage rughernia. Neurologische behandeling. Informatie voor patiënten. Medisch Centrum Haaglanden

Hernia. Ziekenhuis Gelderse Vallei

Operatie sleutelbeen (Laterale clavicula resectie)

Curettage Radboud universitair medisch centrum

Operatie bij rughernia of kanaalstenose

Transcriptie:

Rughernia en kanaalstenose

In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten tot opname op de afdeling Neurochirurgie van het Radboudumc voor behandeling van een rughernia of een lumbale kanaalstenose. Als uw klachten inmiddels veranderd of verdwenen zijn, verzoeken wij u tijdig (liefst enige dagen voor de geplande operatie) contact op te nemen met het secretariaat. In deze folder vindt u informatie over de anatomie van de wervelkolom, de aandoeningen, de behandelingen en de richtlijnen na ontslag. Heeft u na het lezen nog vragen? Stel deze dan gerust aan uw behandelaars. 7 halswervels ruggenmerg 12 borstwervels 5 lendenwervels heiligbeen Figuur 1 stuit Anatomie van de wervelkolom De wervelkolom vormt de spil van het bewegingsapparaat. Binnenin bevinden zich het ruggenmerg en de zenuwwortels. Aan de buitenkant bevinden zich de aanhechting van het bekken en alle belangrijke spieren uit de romp. De wervelkolom bestaat uit hals-, borst- en lendenwervels, het heiligbeen en het stuitbeen (zie figuur 1). 1

Binnenin het wervelkanaal loopt van boven naar beneden het ruggenmerg (tot aan de tweede lendenwervel). Onder dit niveau gaat het ruggenmerg over in een bundeling van zenuwwortels (cauda). Het ruggenmerg en de cauda liggen beide binnenin een koker van hersenvliezen (durale zak), waarin ze in hersenvocht (liquor) schokvrij zijn opgehangen. De zenuwwortels ontspringen uit het ruggenmerg en verlaten één voor één (telkens links en rechts) tussen twee wervels het wervelkanaal. Tussen de wervels zit een tussenwervelschijf, ook wel discus genoemd (zie figuur 2). Een discus is een stevig omhulsel met daarin een elastische, vervormbare kern, die voor grote veerkracht zorgt. Rughernia Als een discus een zwakke plek heeft, kan de kern uitpuilen. Bij een scheuring van de discus kunnen zelfs stukjes van de kern buiten de discus komen te liggen. Deze uitpuiling, met of zonder scheuring, wordt een hernia genoemd (zie figuur 3). Een rughernia wordt veroorzaakt doordat de discus van nature zwak is aangelegd, door langdurige overbelasting of (in een enkel geval) door een ongeval. Een hernia komt vaker voor op oudere leeftijd, omdat de discus in de loop der jaren verslapt. Meestal komt een hernia in het onderste deel van de rug voor. Herniaklachten kunnen in de loop der tijd langzaam verergeren, of ineens ontstaan na een zware belasting (geforceerd tillen) of lichte inspanning (niezen, kopje koffie inschenken, uit bed stappen). Een hernia kan op één of meer zenuwen drukken. Dit veroorzaakt een uitstralende pijn in één of beide benen. Bij ernstige beklemming van de zenuw kunnen gevoelsstoornissen, verlammingsverschijnselen en problemen bij het plassen ontstaan. Rugklachten worden vaak niet direct door de hernia veroorzaakt. Meestal ontstaan ze door verkrampte spieren of een pijnontwijkende houding. Daardoor blijven ze na een herniaoperatie vaak nog bestaan. 2

wervelkanaal met ruggemerg zenuwbundel 5e lendewervel tussenwervelschijf (discus) discus met hernia heiligbeen stuit Tekening 2 Tekening 3 Figuur 2 Figuur 3 Lumbale kanaalstenose Een lumbale kanaalstenose wordt veroorzaakt door een vernauwing van het wervelkanaal ter hoogte van de lendenwervels (zie figuur 4 voor een MRI foto). Door jarenlange belasting heeft bij ouderen de wervelkolom last van slijtage. Slijtage (artrose) is een normaal verouderingsverschijnsel. De mate waarin dit optreedt verschilt van mens tot mens. Als reactie op de artrose gaat het wervelbot woekeren (het wordt dikker) waardoor het wervelkanaal nauwer wordt. Hierdoor treedt beknelling van de zenuwwortels op en ontstaan de klachten. Veelvoorkomende klachten bij een lumbale kanaalstenose zijn pijn laag in de rug en uitstraling van de pijn in de beide benen. Vaak is dit in het ene been erger dan in het andere been. Typisch voor deze klachten is dat ze optreden na een eind lopen en na enige tijd staan. De pijn in de rug en benen wordt dan erger en de benen gaan doof aanvoelen en worden stuurloos. Iemand die gewend was om rechtop te lopen, gaat wat voorovergebogen lopen, omdat in deze houding de klachten beter te dragen zijn. 3

Figuur 4 Voorbereiding op de operatie Scheren Het is erg belangrijk dat u vijf dagen voor de geplande ingreep het gedeelte van het lichaam waar u wordt geopereerd niet scheert met een scheermes. Dit vermindert het risico op een infectie. Als de chirurg het nodig vindt om te scheren, gebeurt dit op de operatiekamer. Vette crème Op de dag van de operatie mag u geen (gezicht-)crèmes gebruiken. Sieraden, piercings etc. U mag geen nagellak, make-up, contactlenzen, bril, gebitsprotheses en sieraden (piercings) dragen tijdens de operatie. Verwijder ook acryl- of gelnagels van alle vingers voor de operatie. Veiligheid Rondom uw operatie zijn diverse veiligheidsmomenten ingebouwd. Vlak voor de start van de operatie neemt het gehele operatieteam bijvoorbeeld een zogenaam- 4

de Time out. Tijdens dit moment controleert het team uw naam, geboortedatum, het lichaamsdeel dat zij gaan opereren en de operatiebenodigdheden. Medicijnen De anesthesioloog bepreekt met u welke medicijnen u mag blijven gebruiken en welke u moet stoppen. Uw behandelend arts overlegt met u of u bloedverdunners kunt blijven gebruiken of niet. Heeft u hierover vragen? Stel ze dan gerust aan uw behandelend arts. Anesthesie Omdat de ingreep onder anesthesie (verdoving/narcose) gebeurt, brengt u vooraf een bezoek aan het preoperatieve spreekuur van de anesthesioloog. Tijdens dit gesprek beoordeelt de anesthesioloog uw algehele gezondheidstoestand. Als het nodig is, bespreekt hij aanvullende onderzoeken. Ook krijgt u uitleg over de mogelijke vormen van anesthesie en de gang van zaken rondom de operatie. Informatie over de anesthesie, het nuchter zijn, de verkoeverafdeling en de pijnbehandeling vindt u ook in de folder Behandeling of onderzoek onder anesthesie. Dag van opname Voorafgaand aan de opname heeft u contact met de behandelend arts, anesthesioloog, zaalarts en verpleegkundige van de verpleegafdeling neurochirurgie. Op de opnamedag vangt een verpleegkundige u op. Hij of zij wijst u de weg op de afdeling en neemt een korte vragenlijst met u door. U bespreekt met de anesthesioloog vanaf welk tijdstip u niet meer mag eten en drinken (nuchter zijn). Nadat u een bed is toegewezen, wordt u voorbereid op de operatie. De operatie In geval van een rughernia verwijdert de chirurg operatief de hernia en eventuele losse delen van de discus. In het geval van een lumbale kanaalstenose verruimt de chirurg het wervelkanaal. Het verruimen van het wervelkanaal wordt soms ook bij een rughernia gedaan om meer ruimte te maken voor de beknelde zenuw. De wond wordt na de operatie gesloten met oplosbare of niet-oplosbare hechtingen en een wondpleister. De chirurg kan een wonddrain achterlaten. De drain 5

zorgt ervoor dat overtollig bloed en/of wondvocht wordt afgevoerd. De drain wordt, afhankelijk van de productie van wondvocht, meestal een dag na de operatie verwijderd. Het resultaat van een operatie is vooraf niet met zekerheid aan te geven. Ook zijn aan elke operatie en narcose risico s verbonden. Het te verwachten resultaat en de meest voorkomende complicaties bespreekt de behandelend arts met u op de dag van opname. Na de operatie Als het mogelijk is mag u direct na de operatie starten met mobiliseren. Een lang verblijf in het ziekenhuis is niet noodzakelijk. U mag, afhankelijk van uw herstel, de dag na de operatie met ontslag. Het is belangrijk dat u het begin niet te lang zit. U moet lopen afwisselen met zitten en plat liggen. Plat liggen in bed houdt in dat u de hoofdsteun van het bed niet hoger dan 30 mag doen. Afhankelijk van de klachten kunt uw activiteiten uitbreiden. Overleg met de verpleegkundige of u de eerste dag na de operatie mag douchen. Pijn In het begin zult u regelmatig spierpijn en wondpijn hebben. Dit hoort bij het normale herstel na een rugoperatie. Ook tintelingen en/of prikkelingen in het been kunnen nog voorkomen. U kunt altijd om pijnstillende middelen vragen. Informatie over de pijnbehandeling vindt u in de folders Snel herstellen van uw operatie? Zorg dat u de pijn de baas bent! en Behandeling of onderzoek onder anesthesie. De belastbaarheid van uw lichaam is meestal minder dan normaal door de operatiewond en doordat u voor de operatie enige tijd minder lichamelijk actief bent geweest. Het is belangrijk om direct na de operatie de belastbaarheid van uw lichaam weer op te bouwen. Wanneer u een keer te veel doet, kunt u klachten krijgen. Daar hoeft u niet van te schrikken. Verminder de belasting iets en ga wat vaker liggen. Zorg dat u overdag wel in beweging blijft en niet langer dan een uur blijft liggen. 6

Mobiliseren U kunt het beste stevige instappers, veterschoenen of sportschoenen met verende zolen dragen. Ook is het raadzaam gemakkelijk zittende kleding te dragen, zodat u vrij kunt bewegen. De verpleegkundige en fysiotherapeut geven u instructie hoe u moet draaien in bed en hoe u moet gaan zitten. Deze bewegingen kunt u nalezen in de bijlage achterin deze folder. Naar huis Afhankelijk van hoe snel het herstel verloopt, mag u naar huis. Uw behandelend arts bespreekt met u het afbouwen van de pijnstilling en instructies voor het hervatten van activiteiten zoals sporten en autorijden. Zodra u naar huis gaat mag de eventueel aangebrachte pleister op de wond worden verwijderd. Voor het comfort mag de pleister ook nog enkele dagen blijven zitten. Als u hechtingen heeft die niet oplosbaar zijn, kunt u deze na acht dagen bij uw huisarts laten verwijderen. U ontvangt hierover informatie van de verpleegkundige. Eenmaal thuis wordt u twee keer gebeld (na één en na vier weken) door een verpleegkundige van de verpleegafdeling. Hierbij informeert hij/zij hoe het met u gaat. En bespreekt met u of controle op de polikliniek nodig is. Zodra u aanvoelt dat u het werk weer kunt oppakken, is het raadzaam dit, in overleg met de bedrijfsarts, geleidelijk te hervatten. Als u naar huis gaat, wordt er in principe geen fysiotherapie voorgeschreven. Mocht tijdens de afspraak op de polikliniek blijken dat u fysiotherapie nodig heeft, dan zal de neurochirurg dit voorschrijven. Richtlijnen voor na ontslag Algemeen Luister goed naar uw lichaam (met name uw rug) bij het opbouwen van activiteiten. Als u merkt dat een bepaalde activiteit veel klachten geeft, probeer deze dan de volgende keer minder lang uit te voeren of op een andere manier. In het algemeen geldt dat u activiteiten beter eerst in frequentie en dan in tijd kunt opbouwen. Liggen Af en toe rusten is ontspannend voor uw rug en spieren. In het begin is liggen een goede houding om mee af te wisselen. Zorg dan wel voor een stevige on- 7

dergrond. Wissel rust en activiteiten steeds af, waarbij u geleidelijk aan steeds actiever wordt. Zitten Zitten is belastend voor uw rug, omdat dit een relatief statische houding is. Het is verstandig de tijd dat u zit rustig en op basis van de pijnklachten op te bouwen. Natuurlijk is het ook belangrijk om rekening te houden met hoe u zit. Onderuit gezakt zitten met een bolle rug is belastend voor uw rug. Maar overstrekken van de rug is ook niet goed. Een goede stoel heeft een hoge rugleuning, helt licht achterover en geeft steun in de lendenen. De voeten moeten daarbij goed op de grond kunnen staan. Wanneer u twijfelt of uw zithouding goed is, kunt u de fysiotherapeut vragen om dit te controleren. De ervaring leert dat de meeste patiënten wel weten wat een goede houding is, maar dat ze dit snel vergeten toe te passen. Lopen Lopen is een goede dynamische en veilige manier om vooral in het begin (na de operatie) uw conditie weer te verbeteren. U mag lopen afhankelijk van uw klachten. Zorg dat u goede stevige schoenen draagt en dat u in een redelijk tempo doorloopt. Vermijd slenteren. Tillen Het belangrijkste bij tillen is dat u dit doet met een goede houding vanuit de rug. Ga dichtbij en recht voor het voorwerp staan, til vanuit de heupen en de knieën, voorkom rotaties van de romp en houd de rug recht. Beperk in het begin van de herstelfase vaak en zwaar tillen. Fietsen Zodra u klachtenvrij bent, mag u het fietsen weer gaan uitproberen. Fietsen is een dynamische beweging voor de benen, maar statisch voor de rug. Zorg dus dat u niet langer gaat fietsen dan dat u op een gewone stoel kunt zitten. Begin rustig op een redelijk vlak terrein en begeef u niet direct in het drukke verkeer in verband met plotseling remmen en afstappen. Let bij fietsen op de reactie van uw rug. 8

Autorijden Voor autorijden geldt, net als voor andere activiteiten, dat dit afhankelijk van uw klachten hervat mag worden. Uw zithouding in de auto is belangrijk. Gebruik zo nodig een lendesteun. Begin met kleine stukjes in een rustige omgeving en stap bij langere afstanden regelmatig even uit om de rug te strekken en een stukje te wandelen. Hardlopen Wanneer de dagelijkse dingen en wandelen probleemloos gaan, kunt u, als u dat gewend was, weer rustig beginnen met joggen. Start op een vlakke, zachte ondergrond en draag goede, schokabsorberende sportschoenen. Voer de afstand en het tempo geleidelijk op, waarbij u goed let op de reacties van uw lichaam. Zwemmen Als u gewend was om te zwemmen, kunt u dit gemiddeld na twee tot vier weken rustig weer proberen. De wond moet genezen zijn. Begin met ontspannen bewegen en lopen in het water en bouw dit uit naar gewoon zwemmen. Probeer verschillende zwemslagen uit en voer de afstand geleidelijk op. Let goed op de reacties van uw rug; pas de inspanning daarop aan. Huishoudelijke activiteiten Wanneer u zich weer goed kunt redden met alle dagelijkse dingen, mag u starten met de lichte huishoudelijke activiteiten, zoals stoffen, afwassen en strijken. Breid dit geleidelijk uit, waarbij u steeds goed let op uw houding en op de reactie van uw rug. Met name werkzaamheden waarbij u vaak moet bukken en draaien (bijvoorbeeld stofzuigen, schrobben, dweilen) zijn belastend voor uw rug. Het is verstandig om dit soort activiteiten in de eerste fase achterwege te laten. Sporten Uiteindelijk moeten alle sporten weer mogelijk zijn. Belangrijk is om dit geleidelijk op te bouwen afhankelijk van pijn en klachten. U kunt contactsporten de eerste tijd beter vermijden. 9

Nazorg Als u een van de onderstaande symptomen heeft, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw behandelend arts via het algemene telefoonnummer Neurochirurgie: zwelling, roodheid, pijn van de wond; openspringen of pus uit de wond; hoge koorts; lekkage van helder vocht uit de wond; ernstige hoofdpijn; toenemende sufheid. Vragen Er is een algemeen telefoonnummer voor de afdeling Neurochirurgie: (024-361 66 04) waar u met al uw vragen terecht kunt over: operatieplanning; wachttijden; verpleegkundig spreekuur; (poli) afspraken; medische klachten; contact verpleegafdeling. Extra informatie Raadpleeg voor meer informatie de volgende websites: www.nvvn.org/patienteninfo.php www.nccn.nl/nccn/patienteninfo www.nvvr.nl 10

Bijlage: Bewegingen na een rugoperatie Het is belangrijk dat u uw rug bescherming geeft bij de bewegingen in en uit bed na een rugoperatie. In principe heeft u met de fysiotherapeut al enkele bewegingen doorgenomen. U kunt deze informatie in deze bijlage nalezen. Beginpositie U ligt op uw rug in bed. Zijwaarts verplaatsen in bed Voor het zijwaarts verplaatsen in bed trekt u beide knieën op en zet u de voeten op het matras. Daarna spant u de buik en bilspieren licht aan en tilt u uw bekken een stukje op zodat het net los komt van het matras. U kunt dan uw bekken een stukje naar links of rechts verplaatsen. 11

Naar zijligging draaien Voor het draaien naar zijligging trekt u beide knieën op en zet u de voeten op het matras. Daarna steekt de arm waarvan u vandaan draait uit in de richting waar u naartoe draait. Vervolgens zet u zich af met uw benen en rolt u op de zij. Het is belangrijk dat de schouders en de heupen zo veel mogelijk tegelijk draaien. Tot zit komen Vanuit zijligging op de rand van het bed trekt u de knieën goed op. De arm waar u niet op ligt, zet u neer op het matras om u af te zetten. Vervolgens plaatst u uw onderbenen buiten het bed en duwt u zichzelf als een kantelpoppetje overeind. 12

10-2016-0492 Adres Polikliniek Neurochirurgie C0 Hoofdingang Geert Grooteplein-Zuid 10, route 725, Poliplein C0, Balie A 6525 GA Nijmegen Postadres Radboudumc 727 Neurochirurgie / Plastische Chirurgie Postbus 9101 6500 HB Nijmegen Adres Verpleegafdeling Neurochirurgie / Plastische Chirurgie C2 Hoofdingang Geert Grooteplein-Zuid 10, route 736, Zone C2 6525 GA Nijmegen Postadres Radboudumc 736 Neurochirurgie / Plastische Chirurgie (uw naam) Postbus 9101 6500 HB Nijmegen Algemeen telefoonnummer Neurochirurgie 024-361 66 04 www.radboudumc.nl/neurochirurgie Radboud universitair medisch centrum