Italiaans voor Dummies

Vergelijkbare documenten
Inhoud. Inleiding... 9

Inhoud in vogelvlucht

Inhoud in vogelvlucht

Inhoud. Over de auteurs... xi. Inleiding... 1

Italiaans voor Dummies op reis. Francesca Romana Onofri en Karen Antje Möller

De kleine Duits voor Dummies. Paulina Christensen en Anne Fox

De inhoud in vogelvlucht

Inhoud in vogelvlucht

Engels. Gail Brenner

Inhoud. Inleiding... 11

Frans voor Dummies 2e editie

Inhoud. Over de auteur... x. Inleiding... 1

De inhoud in vogelvlucht

Inhoud. Over de auteur... xi. Inleiding... 1

1 Spelling en uitspraak

Inhoud. 1 Spelling en uitspraak. 2 Grammatica

2e editie Paulina Christensen Anne Fox Wendy Foster

Over de auteur. Inleiding 1

De kleine Frans voor Dummies. Dodi-Katrin Schmidt Michelle M. Williams Dominique Wenzel

Inhoud. Inleiding... 9

Leerwerkboek. Chinees. Go 100

Nieuwe woorden correct kunnen schrijven, kunnen vertalen van N-F en van F-N en kunnen gebruiken in mondelinge en schriftelijke zinnen.

Aanvullende informatie ter voorbereiding op de TGN A1. Inleiding. Hoe maakt u de TGN?

Themaboek IBL1 - Internationaal marktanalist

SPAANS LES 1 Español

Spreken. Les 3: Wat zeg je? De supermarkt. SPREKEN NIVEAU A1

Het koken en eten mag je zelf doen, maar ik begeleid je daarbij. Stap voor stap.

EL ABANICO CURSUSSEN SPAANS ROTTERDAM STUDIEGIDS

Waarom dit boekje? Begeleiding. Informatie. Stagedocent. Toekomst. Stageplek

VSO leerlijn Engels (uitstroom arbeid)

Nederlands voor Arabisch taligen A0 A1/A2

Inhoud. 1 Spelling 10

het begin van dit boek

1 Lezen. 1.1 Lezen wat er staat. Lees eerst de tekst goed door en probeer dan de vragen hieronder te beantwoorden.

De kleine Nederlands voor Dummies. Margreet Kwakernaak

Gesprekjes voeren Waar sta ik nu?

Vrienden kun je leren

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas

Inhoud in vogelvlucht

Taalbeschouwelijke termen bao so 2010

Latijn en Grieks in de 21ste eeuw

Gezond thema: DE HUISARTS

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets.

Tussendoelen Taal: Spraak- Taalontwikkeling

Inhoud in vogelvlucht

Z I N S O N T L E D I N G

NEDERLANDS Taalverzorging 1F Woord/zin Deel 1 van 3

Praten leer je niet vanzelf

Spreekopdrachten thema 3 Vervoer

enkele genoeg informatie korting ongeveer overstappen rechtstreekse reis spoor vertrekt

Spreken. Les 3: Wat zeg je? De supermarkt OPDRACHTKAART.

Meer dan grammatica!

Beknopte grammatica. voor. de cursus. Grieks van het Nieuwe Testament

Direct aan de slag met Baby- en kindergebaren

werkbladen thema 1 naar een nieuwe school

Lesdoelen De kinderen herkennen het werkwoord in een zin. Materiaal Oefenblad instaples 1 taal Antwoordblad instaples 1 taal. Lesduur 25 minuten

Antwoorden Nederlands Ontleding

Checklist Duidelijk Nederlands spreken

Inleiding 8 DEEL Les 1 - ik ben, jij bent 14 A1 - Ik kan het werkwoord zijn goed gebruiken. Ik kan vertellen wie ik ben en waar ik ben.

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat.

Zinsontleden en woordbenoemen groep 7/8

Mensen met afasie hebben moeite met taal, maar zij zijn niet gek!

2b nr. 1 Zinnen met verschillende volgorde

Thema 3 Vervoer. Inhoudsopgave

Naar de brugklas. Naar de brugklas. Tips om huiswerk te maken/leren. Plannen. Woordjes leren. Proef werkweek. Goed van start op de brugklas!

Wat kan ik na het 1 ste jaar? SPREKEN SCHRIJVEN LUISTEREN

Dit is het eerste cursusoverzicht van Gors Educatie voor mensen met een lichamelijke beperking.

Inhoud. 1 Welkom In de kantine 20

π (spreek uit uiltje ): hulpwerkwoorden of modale hulpwerkwoorden 46

Thema Op het werk. Demet TV. Lesbrief 8. De eerste werkdag

Actielessen. Lesbrief 1. Nederlands leren. Wat leert u in deze les? Veel succes!

Grammaticaboekje NL. Om een beeld te krijgen van de inhoud: De inhoudsopgave, een paar onderwerpen en de eerste bladzijde van de trefwoorden.

Pluslessen. Les 42. Contact met elkaar. Wat leert u in deze les? Succes! 0 Een praatje beginnen met onbekenden.

Inhoud. 1 Wil je wel leren? 2 Kun je wel leren? 3 Gebruik je hersenen! 4 Maak een plan! 5 Gebruik trucjes! 6 Maak fouten en stel vragen!

Thema 6 Werk zoeken. Inhoudsopgave

Jan Heerze. Kortom. Nederlandse grammatica. Walvaboek

Afasie. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee!

Studiehandleiding. Italiaans voor beginners

Het houden van een spreekbeurt

Wie kan terecht in een centrum voor basiseducatie? Wat kan je er leren?

13. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven van informatie uit gesproken en geschreven Engelstalige teksten.

Hotel Hallo - Thema 2 Hallo TELEVISIE KIJKEN

Ontleden. Er zijn twee manieren van ontleden: taalkundig ontleden en redekundig ontleden.

Studiehandleiding. Russisch voor beginners

11. De leerling leert verder vertrouwd te raken met de klank van het Frans door veel te luisteren naar gesproken en gezongen teksten.

Totaaloverzicht kant-en-klare sjablonen Nederlands Cito spelling 3.0 Cito spelling 2.0 Begrijpend lezen Grammatica Studievaardigheid

2 Правописание Spelling 11 Hoofdletters en kleine letters 11 Klinkers na de sisklanken ж, ч, ш, щ / г, к, х / ц 12 Interpunctie 12

Basisvaardigheden Nederlands Deel 1 van 2

PTA Frans TL Bohemen, Houtrust cohort

Spreekoefeningen. Oefenen voor het eerste deel van het examen spreken: Vragen beantwoorden. 1 enkele vragen. (voor het inburgeringsexamen - spreken)

Hoe leer ik uit... Naam: Klas:

PTA Frans TL, Bohemen Houtrust, cohort

Gewoon zo! WONEN: HOE ONTMOET JE BUURTBEWONERS?

Begeleide externe stage

Sneller, Leuker en Makkelijker : Plannen. Pauline Jonker Maak Mij Wat Wijs!

Transcriptie:

Italiaans voor Dummies 2e editie Francesca Romana Onofri Karen Antje Möller Redactie 2e editie Erik Schoonhoven Amersfoort, 2016

Inhoud Over de auteurs... xiii Over Berlitz... xiii Dankwoord... xv Inleiding... 1 Deel I: Aan de slag... 7 Hoofdstuk 1: Je spreekt al een beetje Italiaans... 9 Het Italiaans dat je al kent... 10 Naaste verwanten... 11 Populaire uitdrukkingen... 11 De Italiaanse uitspraakregels... 12 De klinkers... 13 De medeklinkers... 14 Klemtoon... 18 Gebaren gebruiken... 20 Hoofdstuk 2: De kern van de zaak: Italiaanse basisgrammatica... 23 Eenvoudige zinsconstructies... 23 Mannelijk of vrouwelijk? Lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden... 25 Vrouwelijke bepaalde lidwoorden... 25 Mannelijke bepaalde lidwoorden... 25 Het vrouwelijke onbepaalde lidwoord... 26 De mannelijke onbepaalde lidwoorden... 26 Bijvoeglijke naamwoorden... 26 Voornaamwoorden... 28 Persoonlijke voornaamwoorden... 28 Persoonlijke voornaamwoorden: lijdend voorwerp... 29 Persoonlijke voornaamwoorden: meewerkend voorwerp... 30 Je leren kennen: de jij/u-kwestie... 31 Vragende voornaamwoorden... 31 Regelmatige en onregelmatige werkwoorden (inleiding)... 32 Regelmatige werkwoorden... 32 Onregelmatige werkwoorden... 34 Werkwoorden vervoegen in enkelvoudige tijden: verleden, heden en toekomst.. 36 Tegenwoordige tijd... 37 Toekomende tijd... 37 Tellen... 38

viii Italiaans voor Dummies, 2e editie Deel II: Italiaans in het dagelijks leven... 41 Hoofdstuk 3: Kennismaken... 43 Groeten en afscheid nemen... 43 Formeel of informeel worden... 44 Vragen hoe het met iemand is... 45 Lichaamstaal... 46 Tot...... 46 Jezelf en anderen voorstellen... 46 Jezelf voorstellen... 47 Anderen voorstellen... 50 Kennismaken... 53 Erachter komen of iemand Engels spreekt... 54 Vertellen waar je vandaan komt... 55 De werkwoorden essere en stare gebruiken om dingen te beschrijven... 61 Uitnodigen en uitgenodigd worden... 63 Hoofdstuk 4: Nader kennismaken en praten over koetjes en kalfjes... 67 Simpele vragen stellen... 67 Pardon?... 69 Praten over de familie... 72 Een praatje over het weer... 76 Koetjes en kalfjes over werk... 80 Adressen en telefoonnummers uitwisselen... 82 Hoofdstuk 5: Uit eten gaan en boodschappen doen... 89 Eten en drinken op z n Italiaans... 89 Drinken op z n Italiaans... 89 Je liefde betuigen aan de espresso... 90 Iets sterkere dranken... 91 Uit eten gaan: van begin tot eind... 94 Reserveren... 95 Afrekenen... 96 Het ontbijt... 98 De lunch... 100 Genieten van de maaltijd... 104 Het dessert... 106 Boodschappen doen... 108 Hoofdstuk 6: Winkelen... 117 Kleding kopen... 117 Winkelen... 117 De juiste maat vinden... 123 Bepaalde lidwoorden... 124 Geef je woorden kleur... 125 Kledingmaterialen... 127 Accessoires... 128 Stappen in stijl... 129

Inhoud ix Hoofdstuk 7: Uitgaan... 133 De tijd en de dagen van de week... 134 Op zoek naar cultuur... 136 Naar de film... 139 Naar het theater... 142 Een museum bezoeken... 147 Naar een concert... 149 Uitnodigingen... 152 Hoofdstuk 8: Sport en ontspanning... 159 Een uitstapje maken... 159 Wederkerig gesproken... 163 Sport beoefenen... 165 Praten over je hobby s en interesses... 168 Hoofdstuk 9: Telefoneren... 171 Een telefoontje plegen... 171 Je eigen Italiaanse nummer... 172 Vanuit een telefooncel bellen... 173 Bellen voor je werk of voor je plezier... 175 Afspraken maken via de telefoon... 178 Een bericht achterlaten... 179 Leven in het verleden: de verleden tijd... 182 Hoofdstuk 10: Thuis en op kantoor... 189 Praten over je werk... 189 Het menselijke element... 190 Kantooruitrusting... 191 Vacatures... 193 Wonen... 196 Op zoek naar een woning... 196 Je woning inrichten... 199 De gebiedende wijs... 201 Deel III: Italiaans voor onderweg... 205 Hoofdstuk 11: Geld, geld en nog eens geld... 207 Bij de bank... 207 Geld wisselen... 210 Creditcards gebruiken... 213 Verschillende valuta s... 216 Hoofdstuk 12: Naar de weg vragen... 219 De weg vinden: vragen waar iets is... 219 Met alle winden meewaaien... 220 Rangtelwoorden... 223 Quant è lontano?: Hoe ver is het?... 224 Bewegende werkwoorden... 226 Op zoek naar een bepaalde plek... 227

x Italiaans voor Dummies, 2e editie Hoofdstuk 13: In een hotel verblijven... 231 Een kamer reserveren... 231 Inchecken... 235 Meervoud en voornaamwoorden gebruiken... 237 Meervoud op zijn Italiaans... 237 Persoonlijke voornaamwoorden... 239 Hoofdstuk 14: Vervoer... 245 De luchthaven verlaten... 245 Inchecken... 245 Te veel bagage: wat nu?... 247 Wachten tot je aan boord kunt gaan... 247 Na het landen... 249 Door de douane gaan... 251 Een auto huren... 252 Je weg vinden in het openbaar vervoer... 254 Een taxi bellen... 254 Reizen per trein... 255 Reizen per bus, tram of metro... 258 Kaarten en dienstregelingen lezen... 260 Te vroeg of te laat... 260 Hoofdstuk 15: Een reis voorbereiden... 263 Waar ga je naartoe en wanneer ga je?... 263 Een reis boeken... 265 Aankomen en vertrekken: de werkwoorden arrivare en partire... 268 Naar het buitenland reizen... 271 De toekomende tijd gebruiken... 272 Hoofdstuk 16: Noodsituaties... 275 Autopech... 276 Met een dokter praten... 277 Beschrijven wat er aan de hand is... 279 Medische taal begrijpen... 281 Ik ben bestolen! Wat moet je zeggen als de politie arriveert?... 283 Als je een advocaat nodig hebt: juridische bijstand... 286 Deel IV: Het deel van de tientallen... 289 Hoofdstuk 17: Tien manieren om snel Italiaans te leren... 291 Italiaanse etiketten lezen... 291 In het Italiaans bestellen... 291 Naar Italiaanse muziek luisteren... 292 Italiaanse kranten lezen... 292 Naar Italiaanse films kijken... 292 Naar de Italiaanse radio luisteren en naar de Italiaanse televisie kijken... 292 Naar Italiaanse dialogen op cd luisteren... 293 Je interesses delen... 293 Op internet surfen... 294 Het niet te serieus nemen... 294

Inhoud xi Hoofdstuk 18: Tien dingen die je nooit moet zeggen... 295 Ciao... 295 Vat het niet te letterlijk op... 296 Valse vrienden... 296 Hoeveel jaar heb je?... 296 Het probleem met spelen... 296 Hoofdstuk 19: Tien favoriete Italiaanse zegswijzen... 299 Mamma mia!... 299 Che bello!... 299 Uffa!... 300 Che ne so!... 300 Magari!... 300 Ti sta bene!... 300 Non te la prendere!... 300 Che macello!... 300 Non mi va!... 301 Mi raccomando!... 301 Hoofdstuk 20: Tien feestdagen om te onthouden... 303 L Epifania (La Befana)... 303 Martedì Grasso... 304 La Festa della Donna... 304 Pasquetta... 304 La Festa del Lavoro... 304 Ferragosto... 304 Ognissanti... 305 L immacolata... 305 La Festa del Patrono... 305 La sagra del paese... 305 La Festa della Repubblica... 306 Hoofdstuk 21: Tien zinnen waarmee je echt Italiaans klinkt... 307 In bocca al lupo!... 307 Acqua in bocca!... 308 Salute!... 308 Macché!... 308 Neanche per sogno!... 308 Peggio per te!... 308 Piantala!... 308 Vacci piano!... 309 Gatta ci cova!... 309 Sono nel pallone... 309 Deel V: Bijlagen... 311 Bijlage A: Italiaanse werkwoorden op een rijtje... 313 Bijlage B: Miniwoordenboek...325 Bijlage B: De cd bij dit boek... 337 Bijlage C: Antwoorden... 341 Index... 343

Inleiding Onze samenleving internationaliseert steeds meer. Daarom is het handig om op zijn minst een paar woorden in een andere taal te kunnen zeggen. Door de lage vliegtarieven zijn reizen naar het buitenland voor (bijna) iedereen betaalbaar geworden. Misschien heb je vrienden of buren die een andere taal spreken. Misschien wil je meer van je afkomst te weten komen door jezelf iets van de taal, die je voorouders spraken, eigen te maken. Wat de reden ook is om Italiaans te willen leren spreken, Italiaans voor Dummies kan je bij dit leerproces helpen. Twee experts op het gebied van kennisoverdracht te weten Berlitz, expert in vreemdetaalonderwijs, en Pearson Education, uitgever van de bestsellerreeks Voor Dummies hebben de handen ineen geslagen om een boek te maken dat je de basisvaardigheden bijbrengt die je nodig hebt om een eenvoudig gesprek in het Italiaans te kunnen voeren. We beloven niet dat je vloeiend Italiaans zult leren spreken, maar als je iemand wilt begroeten, een kaartje wilt kopen of iets te eten wilt bestellen in het Italiaans, dan hoef je niet verder te kijken dan Italiaans voor Dummies. Over dit boek Dit boek is geen cursus waar je jezelf een tijdlang twee keer per week naartoe moet slepen. Je kunt Italiaans voor Dummies gebruiken hoe je maar wilt, of je nu wat woordjes en zinnetjes wilt leren waar je mee uit de voeten kunt als je Italië bezoekt, of alleen maar Hallo, hoe gaat het? wilt kunnen zeggen tegen je Italiaanssprekende buurman. Ga in je eigen tempo door dit boek, lees er zo veel of zo weinig in als je zelf wilt. Je hoeft het ook niet hoofdstuk na hoofdstuk door te sjokken, lees gewoon de paragrafen die je interesseren. Let op: Als je nog nooit eerder Italiaans hebt geleerd, lees dan wel eerst de hoofdstukken in het eerste deel voordat je de rest onder handen neemt. Deel I voorziet je van de basiskennis over de taal, zoals de uitspraak van de verschillende klanken.

2 Italiaans voor Dummies, 2e editie Conventies in dit boek Omwille van de duidelijkheid hanteren we in dit boek de volgende conventies: Italiaanse termen staan allemaal vet gedrukt, zodat ze opvallen. Achter de Italiaanse termen wordt steeds de uitspraak weergegeven; deze is cursief gedrukt en staat tussen haakjes. Zo dus: (uitspraak). Werkwoordsvervoegingen worden in tabellen in de volgende volgorde weergegeven: de ik-vorm, de jij-vorm, de hij/zij/het-vorm, de wij-vorm, de jullie-vorm en de zij-vorm. In de tweede kolom staat de uitspraak. Hieronder volgt een voorbeeld met het werkwoord divertirsi (die-ver-tier-sie) (zich vermaken): Vervoeging mi diverto ti diverti si diverte ci divertiamo vi divertite si divertono Uitspraak mie die-ver-to tie die-ver-tie sie die-ver-te tsjie die-ver-tja-mo vie die-ver-tie-te sie die-ver-to-no Aangezien het leren van een taal iets heel anders is dan het leren van bijvoorbeeld een computerprogramma, bevat dit boek een aantal vaste onderdelen die je in de meeste andere...voor Dummies-boeken niet tegenkomt. Die regelmatig terugkerende onderdelen zijn de volgende: Dialogen. De beste manier om een taal te leren, is er als het ware in ondergedompeld te worden; het liefst in een land waar die taal van nature wordt gesproken natuurlijk, maar als dat niet kan, dan toch in elk geval met behulp van authentiek geluidsmateriaal. Daarom hebben we dit boek doorspekt met dialogen (tussen Italianen, wel te verstaan) die uit het leven gegrepen zijn. Je vindt ze onder het kopje Je zegje doen. Bij alle Italiaanse zinnen en uitdrukkingen wordt steeds aangegeven hoe je ze moet uitspreken en wat ze betekenen. Woordjes leren. Sleutelwoorden en -zinnen onthouden is ook belangrijk in een taal; daarom hebben we de belangrijke woorden in een paragraaf steeds op een schoolbord bij elkaar gezet, onder het kopje Woordjes leren. Italiaanse zelfstandige naamwoorden zijn mannelijk of vrouwelijk, en dat bepaalt bijvoorbeeld welk lidwoord een zelfstandig naamwoord krijgt en hoe de meervoudsvorm eruitziet. Op de schoolborden geven we het geslacht van het woord aan

Inleiding 3 met [f] als het woord vrouwelijk is, en met [m] wanneer het woord mannelijk is. Daarnaast staat [mv] voor meervoud. Een extra kleurtje. Om het leren van woordjes wat makkelijker te maken, vind je in dit boek een rood transparant velletje. Leg, als je er klaar voor bent, het velletje over de woordenrijtjes die in het rood zijn gedrukt. Op die manier zie je alleen nog de Nederlandse termen en kan je kijken of de Italiaanse woorden goed in je hoofd zitten. Niet spieken, hè? Spelen met taal. Dit kopje vind je aan het eind van (bijna) elk hoofdstuk. Handig voor het geval je geen Italiaanse sprekers in levende lijve voorhanden hebt om je nieuwe taalvaardigheden mee te oefenen. Aan de hand van puzzeltjes en woordspelletjes die je hier aantreft, kun je het geleerde nog eens herhalen en oefenen. Zo krijg je op een leuke manier een idee van de vooruitgang die je boekt. De antwoorden van de oefeningen vind je terug in bijlage D. Elke taal heeft zo zijn eigen manieren om dingen uit te drukken. Zo ook het Italiaans. Vandaar dat de Nederlandse betekenis die we bij een Italiaanse zegswijze geven lang niet altijd de letterlijke vertaling van dat Italiaanse equivalent is. Bijvoorbeeld: de zin mi dica (mie die-ka) kan letterlijk vertaald worden met vertel me. Maar het Italiaanse mi dica komt qua betekeniswaarde overeen met iets als kan ik u helpen? in het Nederlands. In dit boek zul je dan ook als vertaling kan ik je helpen? of zegt u het maar! aantreffen. Veronderstellingen over jou Voordat we dit boek konden gaan schrijven, moesten we eerst beslissen voor wie we dit boek eigenlijk wilden gaan schrijven. Ja, voor jou natuurlijk. Maar om voor jou een boek te kunnen schrijven, moesten we ons eerst een beeld vormen van wat voor iemand jij bent en van wat jij van een boek dat Italiaans voor Dummies heet, verwacht. Uiteindelijk kwamen we tot de volgende veronderstellingen over jou: Of je kunt geen Italiaans, óf je hebt Italiaans gehad op school, maar je kunt je er geen woord meer van herinneren. Je wilt niet per se vloeiend Italiaans leren spreken; je wilt gewoon een paar woorden, zinnen, uitdrukkingen en werkwoorden leren, zodat je je een beetje kunt redden in het Italiaans. Je wilt geen lange rijen vocabulaire uit je hoofd leren, of een stelletje saaie grammaticaregels. Je wilt gewoon een beetje lol hebben en tegelijkertijd ook nog wat over het Italiaans leren. Als deze veronderstellingen op jou van toepassing zijn, heb je het juiste boek gevonden!

4 Italiaans voor Dummies, 2e editie Hoe dit boek in elkaar zit Dit boek is opgebouwd uit een aantal delen, die elk een bepaald onderwerp behandelen en die op hun beurt weer in hoofdstukken verdeeld zijn. In de volgende paragrafen lees je wat voor informatie je zoal kunt vinden in elk deel. Deel I: Aan de slag In dit deel ga je pootjebaden door wat Italiaanse basisregels te leren: hoe je woorden uitspreekt, wat de accenten betekenen enzovoort. We peppen je zelfvertrouwen op door wat Italiaanse woorden de revue te laten passeren die je waarschijnlijk al kent. Als laatste schetsen we de basisregels van de Italiaanse grammatica die je nodig hebt als je de latere hoofdstukken in dit boek doorwerkt. Deel II: Italiaans in het dagelijks leven In dit deel begin je pas echt Italiaans te leren en te gebruiken. In plaats van de nadruk te leggen op grammaticale kwesties (wat in zoveel taalboeken gebeurt), gaan we in dit deel in op alledaagse situaties, zoals winkelen, uit eten gaan, en praten over koetjes en kalfjes. Deel III: Italiaans voor onderweg Dit deel biedt alles wat je nodig hebt om met Italiaans op weg te gaan, of het nu naar een plaatselijk Italiaans restaurant is, of naar een museum in Italië. Deel IV: Het deel van de tientallen Als je makkelijk te verteren informatie over het Italiaans zoekt, dan is dit een deel voor jou. Hierin vind je tien manieren om snel Italiaans te leren, tien dingen die je nooit moet zeggen in het Italiaans, tien veelvoorkomende Italiaanse uitdrukkingen, en veel meer. Deel V: Bijlagen Dit deel van het boek bevat belangrijke informatie die je als naslagwerk kunt gebruiken. Er staat een miniwoordenboekje in, zowel Italiaans- Nederlands als Nederlands-Italiaans. Als je een Italiaans woord tegenkomt dat je niet begrijpt, of als je iets in het Italiaans wilt zeggen en je kunt het niet terugvinden in het boek, dan kun je het mooi in dat miniwoordenboekje opzoeken. Ook vind je er overzichten van werkwoorden. Daarin zie je hoe je een regelmatig werkwoord vervoegt, maar ook hoe je onregelmatige werkwoorden vervoegt. Daarnaast is er een overzicht

Inleiding 5 opgenomen van de dialogen die te horen zijn op de cd die bij dit boek hoort. Aan de hand van dit overzicht kun je opzoeken waar in het boek de dialogen precies staan, zodat je kunt meelezen terwijl je ze beluistert. Tot slot vind je in de laatste bijlage de antwoorden op de oefeningen die aan het einde van een aantal hoofdstukken staan. De pictogrammen in dit boek Je bent misschien op zoek naar specifieke informatie als je dit boek aan het lezen bent. Om de verschillende soorten informatie makkelijker te kunnen vinden, hebben we in de linkermarge de volgende pictogrammen opgenomen: Dit pictogram brengt tips onder de aandacht waardoor je het Italiaans makkelijker leert. BELANGRIJK Dit pictogram wijst je op nuttige of interessante informatie die je niet moet vergeten. GRAMMATICA EN ZO CULTURELE BAGAGE Talen zitten vol onregelmatigheden waarover je kunt struikelen als je er niet op verdacht bent. De tekst bij dit pictogram gaat over grammaticale regels en andere taalkundige wetenswaardigheden. Als je op zoek bent naar informatie over cultuur en reizen, kijk dan naar deze pictogrammen. Ze vestigen je aandacht op interessante weetjes over de landen waar Italiaans wordt gesproken. De cd die bij dit boek zit, geeft je de gelegenheid naar native speakers van de Italiaanse taal te luisteren, zodat je een beter gehoor krijgt voor hoe het Italiaans klinkt. Dit pictogram staat bij de dialogen (onder het kopje Je zegje doen ) die je op de cd kunt vinden. Het tracknummer vind je ook terug bij de dialogen. Van hier naar daar Een taal leren is vooral erin duiken en het gewoon proberen (hoe slecht je uitspraak ook is in het begin). Dus waag de sprong! Begin bij het begin, pik er een hoofdstuk uit dat je interesseert, of schuif de cd in je stereoinstallatie of je computer en luister naar een paar dialogen. Het zal niet lang duren voor je Sì! kunt antwoorden op de vraag: Parla italiano?

Hoofdstuk 1 Je spreekt al een beetje Italiaans In dit hoofdstuk: Het Italiaans dat je al kent Populaire uitdrukkingen De Italiaanse uitspraakregels Italiaanse gebaren Je weet waarschijnlijk wel dat Italiaans een Romaanse taal is, wat betekent dat Italiaans, net zoals Spaans, Frans, Portugees en nog een paar andere talen, is afgeleid van het Latijn. Er is een tijd geweest waarin Latijn in een groot deel van Europa de officiële taal was, omdat de Romeinen het gebied grotendeels in handen hadden. Voordat de Romeinen kwamen, spraken mensen natuurlijk hun eigen taal, en de mix van deze oorspronkelijke talen en het Latijn leidde tot veel van de talen en dialecten die tegenwoordig nog steeds gesproken worden. Als je al een Romaanse taal kent Frans, Italiaans, Portugees, Spaans of Roemeens kun je een andere Romaanse taal vaak al een beetje verstaan. Maar met deze talen is het net zoals met familieleden: ze kunnen veel op elkaar lijken, maar toch een totaal ander karakter hebben. Ook binnen Italië tref je, net als in veel andere landen, de nodige verschillen aan. Mensen uit verschillende gebieden spreken nu eenmaal verschillend, wat een historische of sociale oorzaak heeft. Ondanks het feit dat Italiaans de officiële taal is, kent Italië een groot aantal verschillende dialecten. Sommige dialecten lijken zo weinig op het Italiaans, dat mensen uit verschillende streken elkaar niet eens kunnen verstaan! Als je door Italië reist, hoor je diverse accenten en dialecten om je heen. Ondanks het groot aantal dialecten zul je tot je verbazing ontdekken dat iedereen jouw Italiaans verstaat en dat jij hun Italiaans begrijpt (Italianen spreken meestal geen dialect met buitenlanders). We gaan hier niet uitvoerig in op deze regionale verschillen. Taal is een middel om te communiceren van mens tot mens. Om met mensen uit andere landen te kunnen spreken, moet je een manier zien te vinden om hen te begrijpen en om te kunnen zeggen wat je wilt. Omdat het na een poosje zeer vermoeiend kan zijn wanneer je met gebaren moet laten

10 DEEL I: Aan de slag zien wat je bedoelt, bieden we je een paar handige uitdrukkingen om het leven makkelijker te maken. We geven je ook wat culturele informatie, zodat je een beeld kunt krijgen van hoe Italianen leven. Met deze nieuwe kennis beweeg je je extra gemakkelijk in Italië. Het Italiaans dat je al kent Misschien wist je al dat Italianen graag praten. Ze zijn niet alleen dol op communiceren, maar ook op hun taal. Italiaans is een heel melodieuze taal. Het is dan ook niet voor niets dat Italiaanse opera zo beroemd is. Hoewel Italianen heel trots zijn op hun taal, hebben toch enkele buitenlandse, vooral Engelse woorden kans gezien het Italiaans binnen te sluipen. Italianen hebben het bijvoorbeeld over gadgets, jogging en shock. Ze gebruiken vaak het woord okay en sinds de computer zijn intrede heeft gedaan in hun leven, hebben Italianen het over cliccare sul mouse (klie-ka-re soel mouse) (klikken met de muis). Ten slotte is daar lo zapping (lo dzap-pieng): ook in Italië is het een geliefde bezigheid om urenlang voor de televisie te hangen en van het ene kanaal naar het andere te springen. Dit is maar een greep uit de Engelse woorden die hun intrede hebben gedaan in het Italiaans. Omgekeerd zijn sommige Italiaanse woorden al ingeburgerd in het Engels én in het Nederlands. Kun je er een paar bedenken? Wat dacht je van... pizza (piet-tsa) pasta (pas-ta) spaghetti (spa-get-ti) tortellini (tor-tel-lie-ni) mozzarella (mot-tsa-rel-la) espresso (es-pres-so) cappuccino (kap-poet-tsjie-no) tiramisù (tie-ra-mie-soe) Wist je trouwens dat tiramisù trek me op betekent? Dat verwijst naar het feit dat dit zoete dessert gemaakt wordt van sterke Italiaanse espresso. Misschien ken je ook Italiaanse woorden van buiten de keuken, zoals: amore (a-mo-re): dit woord betekent liefde en komt zodoende in veel Italiaanse liedjes voor.