PROEVE VAN BEKWAAMHEID CE 3: Ondersteunen bij Verpleegtechnische handelingen Handleiding voor deelnemer en beoordelaar Afdeling Gezondheidszorg Opleiding Verzorgende niveau 3, BOL/BBL; Cohort 2009-2012/ 2010-2013/2011-2014 Versie Juli 2011 Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 1
Inhoudsopgave Voorwoord.Blz. 3 Algemene gegevens.. Blz. 4 Instructie voor de deelnemer..blz. 5 Blz. 6 Instructie voor de beoordelaar Blz. 7 Beoordelingsformulier Blz. 8 Blz. 9 Blz. 10 Bijlage1. De START-methode...Blz. 11 Bijlage 2. Werkprocessen en competenties.blz. 12 Bijlage 3: Verpleegtechnische vaardigheden..blz. 13 Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 2
Voorwoord Eind tweede jaar of begin derde jaar van de opleiding verzorgende sluit de student af met een Proeve van Bekwaamheid ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen, ook wel proeve genoemd. De proeve is een examenonderdeel en telt mee voor het diploma. In deze proeve toont de student aan dat zij de werkzaamheden kan verrichten die horen bij een verzorgende-ig als het gaat om: ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen. De proeve wordt uitgevoerd op de stage-of werkplaats. Ter voorbereiding aan de proeve werkt de student aan opdrachten waarin ze laat zien, aan de hand van reflectieverslagen, dat ze op de hoogte is van de voorbereiding, nazorg en complicaties van minstens 75% van de verpleegtechnische handelingen. Tijdens de uitvoering van de proeve laat ze zien dat ze de kerntaken, werkprocessen en de bijbehorende competenties beheerst op het niveau van een beginnende beroepsbeoefenaar. Zij is zelf verantwoordelijk voor het verzamelen en bewaren van de gemaakte producten, de ingevulde beoordelingsformulieren en de reflectieverslagen van de behaalde vaardigheden. We wensen de student veel succes met de proeve! Docententeam gezondheidszorg niveau 3 en 4. Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 3
Algemene gegevens Toetsvorm Proeve van bekwaamheid Titel Ondersteunen bij Verpleegtechnische handelingen Link met kwalificatiedossier Certificeerbare Eenheid 3 Kerntaak 1 WP 1.1; 1.5; 1.6; 1.7 Kerntaak 2 WP 2.1 Kerntaak 3 WP 3.3;3.4 comp. C D E I J K L M N R T comp. C D comp. C D E J M Q U V Tijdsduur Voorbereiding: 15 min Uitvoering: 6 uur in totaal, verdeeld in drie blokken van 2 uur, over maximaal 3 dagen Evaluatie: 45 min Afnameperiode eind tweede of begin derde leerjaar Deelnemers uit groepen BOL en BBL niveau 3 Beoordelaar De beoordelaar is een werkbegeleider/praktijkopleider of een persoon die de deelnemer niet heeft begeleid tijdens de stage/opleiding. Resultaat Onvoldoende, voldoende Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 4
Instructie voor de deelnemer Lees eerst heel de instructie door, voordat je gaat beginnen aan de proeve Inleiding Om een zorgvrager goed te verzorgen, heb je kennis, vaardigheden en een goede beroepshouding nodig. Deze opdracht geeft inzicht in jouw kennis en vaardigheden die je tijdens je stage ontwikkeld hebt. Ter voorbereiding op de proeve zoek je 4 zorgvragers uit op de afdeling waar jij stage loopt of werkt. In de proeve laat je zien hoe je verpleegtechnische vaardigheden hebt voorbereid en uitgevoerd. De afronding van de proeve gebeurd aan de hand van een eindgesprek, met de starrt-methode, zodat de leerling haar/zijn werkzaamheden kan toelichten. 1. Voorbereiding Opdracht: 1. Zoek in overleg met je werk/praktijkbegeleider 4 zorgvragers uit, die jij verzorgt, en waarbij je 4 verschillende verpleegtechnische vaardigheden kunt uitvoeren. 2. Beschrijf aan welke kerntaken, werkprocessen en competenties je gaat werken. 3. Beschrijf kort de situatie van de zorgvragers en de vaardigheden die jij gaat uit voeren. 4. Beschrijf per vaardigheid: a. waarom deze bij de zorgvrager uitgevoerd moet worden, b. de voorbereiding en c. de nazorg die geleverd moet worden. 5. Beschrijf per vaardigheid wat de complicaties kunnen zijn en hoe je daar dan professioneel mee om zal gaan. 6. Beschrijf op welke manier je tijdens het uitvoeren van de vaardigheid gebruik zal maken van het zorgdossier, protocollen en voorschriften. Voeg, indien mogelijk, de gebruikte protocollen/ voorschriften toe. 7. Beschrijf aan welke elementen van de beroepshouding je aandacht gaat besteden. 8. Beschrijf de visie op zorg van de instelling en op welke manier je deze visie gaat gebruiken tijdens het uitvoeren van de vaardigheden. 9. Vraag feedback aan je begeleider en verwerk deze feedback bij het uitvoeren van de handelingen. 10. Lever het geheel in op school en laat het beoordelen. 11. Als het met een voldoende wordt beoordeeld dan kun je het in de praktijk gaan uitvoeren. Wat regel je verder vooraf? Bespreek met de werkbegeleider/praktijkopleider de proeve zoals je hem wilt uitvoeren. Laat de opdracht lezen die jij gemaakt hebt over de zorgvragers waarbij je de vaardigheden wilt uitvoeren. Maak vervolgens een afspraak met de verantwoordelijke van zorg over: Het vastleggen van een datum voor de afname van de proeve Wie de proeve zal beoordelen Bespreek met de werkbegeleider/praktijkopleider mogelijke aanpassingen in de werkplanning Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 5
2. Uitvoering. ( tijd: maximaal 3 dagen) Nu je de voorbereiding hebt gedaan, weet ook de beoordelaar wat je wilt doen. In drie dagen tijd kun je de verpleegtechnische vaardigheden laten zien. Dit laat je al werkend zien, dus je verzorgt de 4 zorgvragers die jij hebt uitgekozen zodat je voorbereiding, uitvoering en nazorg van de vaardigheden laat zien. Als alle vaardigheden gedaan zijn volgt een eindgesprek met de beoordelaar en een docent van school. 3. Afronding Na de uitvoering kan de proeve afgerond gaan worden. Het laatste onderdeel van je proeve is een eindgesprek. In dit gesprek zal de beoordelaar jou vragen stellen over wat jij hebt laten zien tijdens de proeve. De beoordelaar gebruikt daarvoor de START-methode. Organisatie afronding Bij voorkeur zal de afronding gelijk na de uitvoering van de werkzaamheden plaatsvinden. Indien mogelijk zijn hier bij aanwezig: de beoordelaar van de instelling en de docent van de school. Zo niet dan zal binnen veertien dagen na afname van de proeve het eindgesprek zijn met jou, de beoordelaar en de docent of contactpersoon van de instelling. Bij de afronding is het observatieformulier uitgangspunt van het gesprek. Beoordeling (tijd: 10 minuten beoordelen + 10 minuten toelichten aan deelnemer) Na de voorbereiding, uitvoering en de afronding (het eindgesprek) zit je proeve erop! Je beoordelaar vult samen met jou het beoordelingsformulier in, dit doen jullie direct na het eindgesprek. De beoordelaar beoordeelt je tijdens de uitvoering van de proeve en zal ook je producten bekijken. Zij gebruikt hierbij het beoordelingsformulier zoals het opgenomen is in deze proeve. Alle beoordelingscriteria moeten met een voldoende beoordeeld te worden. Als een beoordelingscriterium onvoldoende is, geeft de beoordelaar een toelichting in de kolom opmerkingen. Uiteindelijk krijg je voor de hele proeve een voldoende of een onvoldoende beoordeling. Na het eindgesprek wordt het formulier door jou, de beoordelaar en de docent ondertekend. De beoordelaar maakt een kopie, het originele exemplaar ontvang jij. Je levert het origineel in bij je loopbaanbegeleider op school en bewaart een kopie voor je eigen portfolio. Herkansing Als je een onvoldoende eindbeoordeling hebt, kan de proeve tweemaal herkanst worden. Het herkansingsmoment vindt binnen 3 maanden plaats. Het herkansingsmoment wordt gepland in overleg met werkbegeleider/praktijkopleider Calamiteiten Indien zich onvoorziene situaties voordoen, bepaalt de beoordelaar de voortgang van de proeve. Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 6
Instructie voor de beoordelaar Deze pagina bevat alleen instructie voor de beoordelaar. Informatie over de opdrachten en verloop van de proeve kun je vinden bij de instructie van de deelnemer binnen deze handleiding. Algemeen U maakt gebruik van de beoordelingsformulieren opgenomen in deze handleiding. U beoordeelt de deelnemer aan de hand van de beoordelingscriteria. U bent als beoordelaar bekend met: o protocollen van de zorginstelling o het door de deelnemer aan te tonen niveau zoals dat terug te vinden is in het kwalificatiedossier Als er bijzondere omstandigheden zijn waardoor de beoordelingscriteria niet gescoord kunnen worden (door afwijkende situatie), vermeld dat dan onder opmerkingen/bijzondere omstandigheden. Er kan dan geen eindoordeel plaatsvinden. Om de deelnemer de proeve met goed gevolg te laten afleggen, moeten alle beoordelingscriteria met een voldoende beoordeeld te worden. Als een beoordelingscriterium onvoldoende scoort, dient U in de kolom opmerkingen toe te lichten op basis waarvan U de onvoldoende hebt gegeven, dit is feedback voor de deelnemer en onderbouwt de beoordeling. Wees zo concreet mogelijk. Instructie voor het afrondend gesprek (20 minuten): Ter inleiding: vraag de deelnemer wat zij er van vond, wat waren positieve/negatieve ervaringen tijdens de voorbereiding en uitvoering? Hoe denkt zij het zelf gedaan te hebben? Vertel de deelnemer welke beoordeling zij heeft gekregen en licht dit toe aan de hand van het beoordelingsformulier. Indien er geen eindoordeel kan plaatsvinden vanwege bijzondere omstandigheden wordt dit toetsmoment ongeldig verklaard. U dient dit de deelnemer te melden. De deelnemer heeft dan nog 2 toetsmomenten. Indien een deelnemer een onvoldoende heeft, kunt U haar vertellen dat zij de proeve tweemaal kan herkansen. Het herkansingsmoment wordt in overleg met betrokkenen afgesproken. De deelnemer, beoordelaar en de docent ondertekenen het beoordelingsformulier U maakt een kopie van het beoordelingsformulier en geeft dit aan de deelnemer en de werk- of praktijkbegeleider van de deelnemer. Deze bewaart de beoordeling tot de BPV-periode van de deelnemer is afgelopen. De deelnemer levert een kopie in bij de loopbaanbegeleider van de school en bewaart het originele beoordelingsformulier voor haar eigen portfolio. Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 7
Beoordelingsformulier Proeve van bekwaamheid CE 3: ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen. Naam deelnemer BPV-instelling Naam en functie beoordelaar van de instelling Naam begeleider school (indien mogelijk aanwezig bij het afrondend gesprek) Datum/data uitvoering proeve van bekwaamheid Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 8
Beoordelingsformulier Proeve van bekwaamheid jaar ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen. In de bijlage staat een beschrijving van de werkprocessen en de bijbehorende competenties. Dit kun je gebruiken om een beeld te vormen van wat er van de deelnemer verwacht wordt. De criteria zijn op deze werkprocessen en competenties gebaseerd, zoals je kunt zien in de kolom link met kd (kd= kwalificatiedossier) Beoordelingscriteria Link met kd 0/ V opmerkingen Voorbereiding wp comp Heeft de opdracht gemaakt zoals beschreven in de proeve, en tijdig aan de beoordelaar gegeven. 1.1 1.6 M, N Uitvoering van de zorg Je houdt je bij het uitvoeren van de vaardigheden aan veiligheidsregels, procedures en voorschriften. Je kiest de juiste materialen en middelen om de vaardigheden efficiënt uit te voeren. Je werkt volgens een werkplan gebruik makend van de afspraken binnen de afdeling. 1.5 T 1.5 1.7 L 3.3 Q Je bereidt de zorgvragers voor op de vaardigheden, zodat de zorgvragers weten wat er gaat gebeuren en overtuigd zijn van het belang van de uit te voeren vaardigheden. 1.1 1.7 H, C, I Je overlegt met een collega over het tijdstip dat jij de vaardigheden gaat uitvoeren. 3.3 E Je vraagt aan de zorgvragers of er nog wensen zijn tav de uit te voeren vaardigheden. 1.1 R Je voert de vaardigheden op een professionele wijze en 1.1 volgens protocol uit. 1.5 Je werkt hygiënisch als je de vaardigheden uitvoert. 1.1 1.5 Tijdens het uitvoeren van de vaardigheid laat je zien oog te 1.5 houden voor de zorgvrager die de vaardigheid ondergaat 1.6 zodat je tijdig kunt ingrijpen bij calamiteiten. 3.3 Na het uitvoeren van de vaardigheden evalueer je met de zorgvrager Na het uitvoeren van de vaardigheden rapporteer je op professionele wijze de gedane vaardigheid in het zorgdossier. 1.1 1.7 2.1 3.4 1.6 3.3 3.4 K, T K C, K, U D, R E, J Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 9
Afronding van de proeve Beantwoordt de (kennis) vragen die na afloop van de proeve gesteld worden. Algemene opmerkingen/bijzondere omstandigheden: Eindoordeel*: O onvoldoende O voldoende Naam en handtekening: Beoordelaar: Deelnemer: Docent of contactpersoon school: * aankruisen Plaats en datum: Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 10
Bijlage 1: De STARR(T)-methode Bij veel onderwerpen die in het afrondend gesprek aan bod komen, zullen de beoordelaars de zogenaamde STARR(T)-methode volgen. Dat betekent dat ze beginnen met een concrete situatie die voorgevallen is tijdens het praktijkdeel van de proeve van bekwaamheid. Die situatie nemen ze als vertrekpunt voor vervolgvragen. Het schema geeft toelichting op de STARR(T)-methode. STARR(T) Mogelijke vragen 1. Situatie Benoem een concrete situatie uit het praktijkdeel van de proeve. De beoordelaars kunnen tijdens de uitvoering van het praktijkdeel zelf zo n concrete situatie gezien hebben. Ze kunnen jou ook vragen zo n situatie te benoemen, bijvoorbeeld door je te vragen: Wanneer vond je het spannend worden? Wanneer liep het anders dan je had verwacht? Maar ook: Wanneer liep het juist beter dan je had verwacht? 2. Taak Wat was jouw taak in deze situatie? Andere vragen die de beoordelaars hierbij kunnen stellen: Waarom was het belangrijk om deze taak uit te voeren? Was er (g)een reden om je taak te wijzigen? Wat was de taak van andere betrokkenen (collega s)? 3. Actie Welke actie heb je in deze situatie ondernomen om je taak uit te voeren? Andere vragen die de beoordelaars hierbij kunnen stellen: 4. Resultaat en Reflectie Waarom heb je die acties uitgevoerd? En waarom in die volgorde? Hoe heb je onverwachte zaken aangepakt en waarom op die manier? Hoe reageerden anderen op jouw actie? En hoe ben je hiermee omgegaan? Wat was het resultaat van jouw acties in deze situatie? Andere vragen die de beoordelaars hierbij kunnen stellen: Waarom was dit het resultaat? Op welke wijze had het resultaat verbeterd kunnen worden? Hoe kijk je terug op wat er in deze situatie is voorgevallen? Op welke andere manier had je de situatie kunnen aanpakken? Wat vond je van de rol van je collega s in deze situatie? 5. Transfer Transfervragen zijn er om te achterhalen of je met nieuwe, onverwachte situaties kunt omgaan. Bij die vragen wordt vaak de volgorde van STAR gevolgd (nieuwe situatie, jouw taak, welke acties, wat is dan het resultaat) Stel je voor (de alternatieve situatie) Wat zou je dan doen? En waarom? Waarin verschilt (alternatieve situatie) van de situatie zoals die in je proeve voorkwam? Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 11
Bijlage 2: werkprocessen en competenties De kerntaken van CE 3, niveau 3 maken deel uit van kwalificatiedossier ( 2009-2010): Kerntaak 1: Bieden van zorg en ondersteuning op basis van het zorgplan. Werkproces 1.1: Stelt het zorgplan op. Competenties: d, h, j, k, m, r Werkproces 1.5: Voert verpleegtechnische handelingen uit. Competenties: k, l, t Werkproces 1.6: Monitort de gezondheidstoestand op somatisch en psychosociaal gebied. Competenties: j, n Werkproces 1.7: Geeft voorlichting, advies en instructie. Competenties: i, l Kerntaak 2: Begeleiden van de zorgvragers op basis van het zorgplan. Werkproces 2.1: Begeleidt een zorgvrager bij de zelfredzaamheid. Competenties: c, d Kerntaak 3: Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken. Werkproces 3.3: Stemt de zorgverlening af. Competenties: b, e, q, u. Werkproces 3.4: Evalueert de zorgverlening. Competenties: d, j, m, Competenties B. aansturen C. begeleiden D. aandacht en begrip tonen E. Samenwerken en overleggen H. Overtuigen en beïnvloeden I. Presenteren J. Formuleren en rapporteren K. Vakdeskundigheid toepassen L. Materialen en middelen inzetten M. Analyseren N. Onderzoeken Q. Plannen en organiseren R. Op de behoeften en verwachtingen van de klant richten T. Instructies en procedures opvolgen. U. Omgaan met verandering en aanpassen V. Met druk en tegenslag omgaan. Zie voor verdere uitwerking van de kerntaken, de werkprocessen en de competenties: www.calibris.nl kwalificatiedossier 2009-2010 Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 12
Bijlage 3: lijst met verpleegtechnische vaardigheden Hieronder een overzicht van de verpleegtechnische handelingen. De onder A en B genoemde handelingen moeten door elke verzorgende-ig kunnen worden uitgevoerd. De verzorgende-ig dient, in aanvulling op de handelingen in A en B, daarnaast ook vier van de in C beschreven handelingen met K ( keuze) aan te leren, afgestemd op de branchespecifieke setting. A. Voorbehouden handelingen die een verzorgende-ig moet kunnen uitvoeren zijn: - Subcutaan injecteren - Intramusculair injecteren. B. Overige verpleegtechnische handelingen die een verzorgende-ig moet kunnen uitvoeren zijn: - medicijnen checken, registreren en distribueren; - medicijnen toedienen: oraal, rectaal, vaginaal, via de huid, via de luchtwegen en via de slijmvliezen; - verzorgen van rode en gele wonden; - zwachteltechnieken toepassen; - verzamelen van monsters ten behoeve van diagnostiek (steriel en nietsteriel materiaal); - eerste hulp verlenen bij: verwondingen, vergiftigingen, verstikking, verslikken, en bij ademstilstand en circulatiestilstand; - een suprapubische katheter verzorgen; - blaaskatheter en maagsonde observeren en controleren; - blaasspoeling uitvoeren; - lichaamstemperatuur regelen door middel van koudeofwarmtebehandeling. C. Verpleegtechnische handelingen met K (keuze), waarvan de eerste drie voorbehouden handelingen zijn, zijn: - Een maagsonde inbrengen K; - Katheteriseren van de blaas bij vrouwen K; - Katheteriseren van de blaas bij mannen K; - Verzorgen van zwarte wonden K; - Zuurstof toedienen K; - Toedienen van sondevoeding en voedingspomp bedienen K; - Verzorgen van een stoma K; - Tracheacanule en tracheastoma verzorgen K; - Maag en darmspoeling uitvoeren K; - Vagina en stoma irrigeren K; - Mond- en keelholte uitzuigen K; - Partusassistentie verlenen K ( deze handeling is in de kraamzorg verplicht). Proeve van bekwaamheid, ROCvA, afd Gezondheidszorg Gooi- en Vechtstreek, opl Verzorgende, juli 2011 13