Welkom Van kwetsbaar naar weerbaar: Seksuele vorming in (V)SO Presentatie door Esther van Efferen Wiersma & Tim Micklinghoff
Inhoud Het project Van kwetsbaar naar weerbaar Bijzondere doelgroepen Leerlijn Seksuele Vorming Materialen
Wie hebben we in de zaal?
Van kwetsbaar naar weerbaar Samenwerking CED Groep en Rutgers WPF Aanleiding: Onderzoek Beperkt Weerbaar : kinderen met beperking extra kwetsbaar Kerndoelen onderwijs: seksualiteit en seksuele diversiteit ook voor speciaal onderwijs Looptijd: mei 2013 t/m oktober 2015
Doelstelling Leerlijn seksuele vorming ontwikkelen en inbedden in speciaal onderwijs Ontsluiten van practice based tools en wetenschappelijke kennis
Wat is er al gedaan? Grote Kick off in oktober 2013 Literatuuronderzoek Leerlijn Seksuele Vorming ZML SO en VSO 6 bijeenkomsten kennisgroep docenten Materialen gekoppeld aan leerlijnen
Wat is er al gedaan? Ouderbrochure Bijeenkomsten Klankbordgroep 1 film Verstandelijke beperking 1 film TOS en autisme Eerste bijeenkomst beleidsmakers Bijeenkomst ouders
Wat komt nog? 3 films doelgroepen Tweede bijeenkomst Beleidsmakers Implementatiemateriaal Eventueel: aanvullend materiaal Website Slotbijeenkomst in 2015
Waarom seksuele vorming? Kerndoelen: Scholen dienen hun onderwijs te richten op (de wettelijk vastgestelde) kerndoelen Nieuwe kerndoelen voor het VSO: Seksuele vorming wordt hierin ook benoemd
VSO M.b.t. Seksuele vorming kerndoelen uit: Mens, natuur en techniek Leren functioneren in sociale il situaties ti Ontwikkelen van een persoonlijk toekomst perspectief Mens en maatschappij
Voorbeeld kerndoel De leerling leert hoofdzaken te begrijpen van bouw en functie van het menselijk lichaam en van de lichamelijke, seksuele en geestelijke ontwikkeling van mensen en leert te zorgen voor de eigen lichamelijke, seksuele en psychische gezondheid. Uit: Mens, natuur en techniek, uitstroom Arbeid
Verstandelijke beperking Discrepantie tussen fysieke en sociaalemotionele ontwikkeling Minder toegang tot informatie en kunnen minder snel iets begrijpen Minder mogelijkheden om te experimenteren Grotere kans op misbruik Vertonen vaker ongepast gedrag
Visuele beperking Beperkt in het vergaren van kennis Beperkt in het communiceren en contact maken Onzekerheid over uiterlijk en anders zijn Minder mobiel Kleiner sociaal netwerk Minder en later ervaring met verkering en seks Grotere kans op misbruik
Auditieve beperking Communicatieproblemen Minder toegang tot informatie Minder autonomie Kleiner sociaal netwerk Minder en later ervaring met verkering e gen sekss Grotere kans op misbruik
Lichamelijke beperking Soms een eerder of later begin van de puberteit Onzekerheid over het lichaam en anders zijn Kleiner sociaal netwerk Minder mobiel Neurologische en fysieke belemmeringen bij seks Minder en later ervaring met verkering en seks Grotere kans op misbruik Veel vragen over reproductieve gezondheid
Autisme Net als jongeren zonder autisme seksuele gevoelens, verlangens en activiteit Missen de empathie, missen snel in te schatten wat anderen wel en niet willen Hebben zeer expliciete informatie nodig Grotere kans op ongepast en grensoverschrijdend gedrag
ADHD Minder sociaal vaardig Meer externaliserend probleemgedrag Meer ruzie thuis Meer foute vrienden Impulsiviteit Eerder seks en meer wisselende partners Vaker onbeschermde seks Meer soa en ongeplande zwangerschappen
Samenvattend Op veel punten niet anders dan jongeren zonder beperking Wel aantal specifieke belemmeringen, zoals: Minder toegang tot informatie Minder autonomie en privacy Minder mobiel en kleiner sociaal netwerk Onzekerheid over anders zijn Communicatieproblemen
Stellingen
Stelling 1 Seksuele vorming is voornamelijk de verantwoordelijkheid id van de ouders
Stelling 2 Op ons schoolplein wordt er niet gezoend met elkaar
Stelling 3 De lessen seksuele vorming kunnen het beste aan jongens door een man worden gegeven en aan meisjes door een vrouw
Stelling 4 Seksualiteit zou altijd een onderwerp moeten zijn tijdens de OPPgesprekken
Waarmee aan de slag? Cluster 1, 2 en 4 + cluster 3 uitstroom diplomagericht: Richtlijn seksuele en relationele vorming, Rutgers WPF + eindtermen ZML uitstroom dagbesteding en arbeid: Leerlijn Seksuele Vorming (SO en VSO)
Welke onderwerpen? SO ZML: Lichamelijke ontwikkeling en lichaamsbeeld Voortplanting Seksueel gedrag en seksuele weerbaarheid Relatievorming en seksuele diversiteit
9 niveaus voor SO ZML 1. Lichamelijke ontwikkeling en 1 2 3 4 lichaamsbeeld Herkent zichzelf in de spiegel en van een foto Wijst de verschillende lichaams-delen aan, inclusief de geslachtsdelen (hoofd, benen, armen, oren, ogen, neus en mond, piemel, plasser) Wijst bij anderen de belangrijkste lichaamsdelen (armen, benen, mond) aan Herkent verschillende lichaamsvormen (andere kleur haar, groter/ kleiner) Wijst op een foto de belangrijkste lichaamsdelen aan (van voren gezien) Wijst op een foto de belangrijkste lichaamsdelen aan (van achteren gezien) Benoemt bij zichzelf de verschillende lichaamsdelen, inclusief de geslachtsdelen Benoemt meer specifieke lichaamsdelen (elleboog, scheenbeen, schouder) Herkent en benoemt functies van verschillende lichaamsdelen Benoemt of hij een aanraking van zijn eigen lichaam als prettig of onprettig ervaart Wast ieder lichaamsdeel afzonderlijk als onderdeel van de dagelijkse hygiëne 5 Herkent van afbeeldingen de verschillende stadia van lichamelijke ontwikkeling (van baby tot bejaarde) en geeft aan waar hij zelf zit Benoemt dat er verschillen tussen mensen zijn in de lichamelijke ontwikkeling (groot/ klein, dik/ dun) 6 7 8 Benoemt lichaamsvormen op verschillende leeftijden/ontwikkelingsstadia (jongen/ man en meisje/ vrouw) Reageert respectvol op verschillen tussen mensen in de lichamelijke ontwikkeling (niet lachen om dikke of dunne mensen) Herkent en benoemt de lichaamsdelen die te maken hebben met de seksuele ontwikkeling (borsten, penis, vagina) Weet dat het aanraken van (secundaire) geslachtskenmerken en andere gevoelige lichaamsdelen en/of het zien van seksueel getint materiaal (erotische plaatjes) gevoelens van (seksuele) opwinding kunnen oproepen Weet dat deze gevoelens van (seksuele) opwinding positief of negatief kunnen zijn Begrijpt dat dit natuurlijke reacties van het lichaam zijn Vertelt wat de puberteit is en weet dat lichamen tijdens de puberteit veranderen 9 Weet dat hij trots mag zijn op (een deel van) zijn eigen lichaam Kent globaal de functie van de (zowel primaire als secundaire) geslachtskenmerken
Welke onderwerpen? VSO Dagbesteding en Arbeid: Lichamelijke ontwikkeling en lichaamsbeeld Voortplanting Seksueel gedrag en seksuele weerbaarheid Relatievorming en seksuele diversiteit Veilige seks
16 niveaus voor VSO ZML 1. Lichamelijke ontwikkeling en lichaamsbeeld 1 2 3 4 Herkent zichzelf in de spiegel en van een foto Wijst de verschillende lichaams-delen aan, inclusief de geslachtsdelen (hoofd, benen, armen, oren, ogen, neus en mond, piemel, plasser) Wijst bij anderen de belangrijkste lichaamsdelen (armen, benen, mond) aan Herkent verschillende lichaamsvormen (andere kleur haar, groter/ kleiner) Wijst op een foto de belangrijkste lichaamsdelen aan (van voren gezien) Wijst op een foto de belangrijkste lichaamsdelen aan (van achteren gezien) Benoemt de verschillende lichaamsdelen bij zichzelf, inclusief de geslachtsdelen Benoemt meer specifieke lichaamsdelen (elleboog, scheenbeen, schouder) Herkent en benoemt functies van verschillende lichaamsdelen Benoemt of hij een aanraking van zijn eigen lichaam als prettig of onprettig ervaart Wast ieder lichaamsdeel afzonderlijk als onderdeel van de dagelijkse hygiëne 5 6 7 8 Herkent van afbeeldingen de Reageert respectvol op verschillen tussen Herkent en benoemt de lichaamsdelen die te Weet dat de puberteit ook voor verschillende stadia van lichamelijke ontwikkeling (van baby tot bejaarde) en geeft aan waar hij zelf zit Benoemt dat er verschillen tussen mensen zijn in de lichamelijke ontwikkeling (groot/ klein, dik/ dun) mensen in de lichamelijke ontwikkeling (niet lachen om dikke of dunne mensen) Weet wat er lichamelijk verandert in de puberteit (schaamhaar, baardgroei, borstgroei, menstruatie, stemverandering) maken hebben met de seksuele ontwikkeling (borsten, penis, vagina) veranderingen in je gevoel zorgt (onrustig gevoel, meer interesse in de andere sekse, sneller boos/ verdrietig) Weet dat het aanraken van (secundaire) geslachtsdelen en andere gevoelige lichaamsdelen en/of het zien van seksueel getint materiaal (erotische plaatjes) gevoelens van (seksuele) opwinding kunnen oproepen Weet dat deze gevoelens van (seksuele) opwinding positief of negatief kunnen zijn Begrijpt dat dit natuurlijke reacties es van het lichaam zijn Herkent de functies van de uitwendige geslachtsorganen van mannen en vrouwen Weet dat hij trots mag zijn op (een deel van) zijn eigen lichaam 9 10 11 12 Benoemt de functies van de uitwendige geslachtsorganen van mannen en vrouwen Herkent de variëteit in lichamen en benoemt dit op een positieve manier (verschil in vorm en grootte van de penis, borsten en schaamlippen) Herkent de functies van de inwendige geslachtsorganen van mannen en vrouwen Weet dat mensen in de media mooier gemaakt worden dan dat ze in het echt zijn (onrealistisch beeld) Weet dat meningen van anderen invloed kunnen hebben op je eigen lichaamsbeeld (negatief zelfbeeld, eetstoornissen) Benoemt de functies van de inwendige geslachtsorganen van mannen en vrouwen Weet waar hij hulp kan zoeken als hij problemen heeft met zijn eigen lichaam Weet hoe hij er zelf goed uit kan zien en heeft hier een reëel beeld van (gebruik kleding en make-up; niet iedereen lijkt op een fotomodel) 13 14 15 16 Weet dat alle lichamen uniek en speciaal zijn, met of zonder (zichtbare) beperking Geeft aan dat hij trots is op (een deel van) zijn eigen lichaam Kent de risico s van extreem lijngedrag (anorexia, boulimie, extreem sporten) Heeft een mening over lichaamsversieringen zoals tatoeages en piercings Weet wat besnijdenis is (verschil tussen cosmetische, religieuze en hygiënische reden; verschil tussen jongens en meisjes) Heeft een mening over de cosmetische industrie m.b.t. niet medisch noodzakelijke lichamelijke ingrepen (borstvergroting, facelift)
http://www.leerlijnen.cedgroep.nl
Welke materialen Veel gebruikt in s(b)o: HALLO IK; doelgroep verstandelijke beperking Relaties en seksualiteit; doelgroep basisonderwijs STIP; doelgroep ZML
Welke materialen Veel gebruikt invso: Praten over seks; doelgroep Verstandelijke beperking vanaf 12 jaar Relaties en seksualiteit; doelgroep Basisonderwijs ij Seks@relaties.kom!; doelgroep Verstandelijke beperking PrOmotie; doelgroep Praktijkonderwijs Lang leve de liefde; doelgroep praktijkonderwijs en vmbobb STIP; doelgroep ZML Toolkit Totale communicatie ; niet meer verkrijgbaar
www.seksuelevorming.nl
Vragen e.vanefferen@cedgroep.nl t.micklinghoff@cedgroep.nl