Rapportage SHAERE 2012



Vergelijkbare documenten
Rapportage energiebesparingsmonitor SHAERE 2013

Benchmarkrapportage 2013

ENERGETISCHE VERBETERINGSMAATREGELEN IN DE SOCIALE HUURSECTOR ENKELE UITKOMSTEN VAN DE SHAERE-MONITOR

Aanpak energiebesparing woningvoorraad Portaal Nijmegen. 13 mei 2014 Stephan Huisman afdeling Strategie & Vastgoed Senior projectleider

3 Energiegebruik huidige situatie

Effect installatieopties op energielabel voorbeeldwoningen

Energiebesparende maatregelen in corporatiewoningen

Kernboodschappen Woningcorporaties Nederland dicht bij huis

B (zie toelichting in bijlage)

Winst en comfort uit duurzaamheid. Bouw op onze kennis

Slimme keuzes voor woningconcepten met warmtepompen

Definitief rapport. Energie-efficiëntie van renovatiemaatregelen in Amsterdamse corporatiewoningen

A (zie toelichting in bijlage)

1 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2013

Edwin Waelput Tempas Bouwmanagement bv Breda DuurSaam cooperatie ua

EEN DUURZAME ENERGIEVOORZIENING VOOR IEDEREEN

A (zie toelichting in bijlage)

Financieringslastpercentages voor verschillende soorten woningen. Verschillen naar woningtype en energielabel

Energielabel woning. Uw woning. Standaard energiegebruik voor uw woning MJ (megajoules)

B (zie toelichting in bijlage)

Energietransitie. Bouw op onze kennis

energielabel Afgegeven conform de Regeling energieprestatie gebouwen.

PDFlib PLOP: PDF Linearization, Optimization, Protection. Page inserted by evaluation version

Cursus Verwarm je woning. 1. Inleiding 2. Verwarmingssysteem 3. Ventilatie 4. Subsidies en leningen 5. Uitnodiging voor bezoeken producten

Rijksoverheid. Veel besparingsmogelijkheden t/m t/m 100. Dubbel glas. Dubbel glas. Niet extra geïsoleerd. Niet van toepassing. Nee.

Betere energieprestaties met Nuon Stadswarmte. Kansen voor woningcorporaties, vastgoedeigenaren en projectontwikkelaars

energiebesparing bestaande bouw Harderwijk 26 mei 2015

Bijlage I Investeringen en energielasten Energiesprong woningbouw Maria van Bourgondiëlaan te Eindhoven. 1 Inleiding

Kennissessie: CO 2 neutraal het echte verhaal

energiebesparing bestaande bouw Noord-West Veluwe

Effecten van energiebesparende maatregelen


Energielabel onderzoek Wijksteunpunten Wonen, mei 2011

Verduurzaming Woningvoorraad. Agenda. Technisch Project Adviseur. Hans Wiessner, Lucht/water warmtepomp, ideaal voor renovatie en nieuwbouw

verwijzingen zijn afgestemd op ISSO 82.1 versie oktober 2009

Wat is een nul-op-de-meter woning? Versie 1.2

Binnenklimaat: energie efficiënte oplossingen besparing door comfort

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch

De cijfers worden in GJ (GigaJoule) uitgedrukt. Dit is de eenheid van Warmte. Ter vergelijk, 1 GJ komt overeen met 278 kwh of +/- 32 m3 gas.

Beknopte beschrijving wijzigingen label methodiek woningen

WONEN IN EEN ENERGIEZUINIGE WONING: PRAKTISCHE INFORMATIE EN TIPS

Trias energetica. Verdiepende opdracht

Energielabel rapportage

Meer wooncomfort. en minder energieverbruik door een warmtepomp. voltalimburg.nl/warmtepomp

Rapportage Energiebus

Samen geeft energie Fatima

Voorbeeldwoningen 2011

Energieverspilling is zinloos

Rapportage Energiebus. BC Kleine Jan, Huizen

Energiezuinig en comfortabel wonen in Rijswijk; een initiatief van Stadsgewest Haaglanden

KANSEN VOOR DUURZAME ENERGIE BIJ HERSTRUCTURERING VAN NAOORLOGSE WIJKEN

KLIMAATGARANT. Bewonershandleiding. Woningen met EnergiePrestatieVergoeding

Inventaris hernieuwbare energie in Vlaanderen 2014

BuildDesk kennisdocument

Kentallen warmtevraag woningen

Startadvies Energiebesparing

Vragen en antwoorden methodiek definitief energielabel voor woningen update 6 juli 2015

Door: Vincent Damen Ninja Hogenbirk Roel Theeuwen

F (zie toelichting in bijlage)

Menukaart Klimaatneutrale Zelfbouw

Verbetering energieprestatie: een zaak van kleine stapjes?

Nieuw Kortenoord Tuinwijk Nul op de Meter Woning

Energierapportage MFC Atria Leusden. Asschatterweg JJ Leusden

4 Energiebesparingsadvies

Het voordeel voor de klant berekenen bij Energiebesparende voorzieningen

Concepten EPC 0.4. Bouwkundige uitgangspunten

Maatregelenlijst. Maatregelenlijst verduurzaming. Leeswijzer. A. Energiebesparende maatregelen. B. Toelichting en richtlijnen per maatregel

Concepten voor nieuwbouw woningen EPC 0,4. 20 september 2013 Han Verheul

Energieverspilling is zinloos

kwaliteit dient te worden verklaard middels een ondertekende Verklaring Aannemer/Installateur.

Route kaart naar aardgasvrij

Energie-Index advies tbv huursector

C (zie toelichting in bijlage)

De waarde van het energielabel voor Woonbron

Energietransitie bij Renovatie

Energielabel gebouw Dit gebouw Straat (zie bijlage) Gebruiksoppervlak Adviesbedrijf Nummer/toevoeging Opnamedatum Inschrijfnummer Postcode

Slim besparen, doe je samen!

Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE DUURZAAMHEID

ISSO publicatie 82.2 aangepast Hoofdstuk 5 ISSO publicatie 82.2

Voorbeeldstraat 1 in Hilversum

Rapport Monitoring convenant particuliere huur

Transcriptie:

Voor u ligt de benchmarkrapportage SHAERE 2012. Deze rapportage beschrijft de voortgang van de verbetering van de Energie Index (EI) van corporatiewoningen in 2012. Wat is SHAERE? SHAERE (Sociale Huursector Audit en Evaluatie van Resultaten Energiebesparing) is de database waarin alle energielabeldata zijn opgenomen. Aedes kan aan de hand van SHAERE uitspraken doen over onder andere het totale energieverbruik, CO2-uitstoot, de gemiddelde EI en het gemiddelde energielabel van de deelnemende corporaties. Dit is het derde jaar dat Aedes de cijfers uit SHAERE naar buiten brengt. In het in juni 2012 gesloten Convenant Energiebesparing Huursector is afgesproken dat de gemiddelde Energie Index van alle corporatiewoningen in 2020 uitkomt op 1,25. Dat staat gelijk aan gemiddeld energielabel B. Het convenant merkt SHAERE aan als officieel monitoringsinstrument voor de vorderingen op het gebied van energiebesparing. De database SHAERE bevat alle kenmerken per woning die nodig zijn om het energielabel te berekenen. SHAERE is in eerste instantie het instrument waarmee Aedes jaarlijks de verbetering in gemiddelde EI kan rapporteren. Daarnaast geeft de database informatie over waar de verbeteringen vandaan komen, welke maatregelen getroffen zijn en om hoeveel woningen het gaat. Het energielabel (energieprestatiecertificaat) Het energielabel komt tot stand door te berekenen hoeveel energie een woning elk jaar per vierkante meter gebruikt voor verwarming, warm tapwater, hulpenergie (ventilatie, cv-pomp) en verlichting. Warmteterugwinning uit rioolwater (douche) en ventilatie en de energieproductie uit zonne-energie (PV-panelen en zonneboilers) worden hiervan afgetrokken. De berekening gaat uit van een gemiddeld aantal bewoners, gemiddeld klimaatjaar en gemiddeld stookgedrag (alle vertrekken in de woning dezelfde temperatuur). De energielabels zijn gekoppeld aan getallen uit de EI (zie tabel hiernaast). A++ Minder dan 0,51 A+ Minder dan 0,71 A Minder dan 1,051 B Minder dan 1,31 C Minder dan 1,61 D Minder dan 2,01 E Minder dan 2,41 F Minder dan 2,91 Deelnemers 188 corporaties leverden van 1.396.014 woningen de gegevens aan over G Meer dan 2,91 2012. Alleen de data van de corporaties die zowel begin 2012 als begin 2013 data aanleverden, zijn meegenomen in de berekening van de voortgang van de energiebesparing. Dat is gedaan om de berekening zuiver te houden. De monitor 2012 is dus gebaseerd op de gegevens van ongeveer 973.000 woningen van 111 corporaties. Reden voor non-respons kan zijn dat corporaties SHAERE niet kennen, niet werken met software voor het beheer van energielabels of de energielabels niet op orde hebben. Omdat de sector bestaat uit ongeveer 2,4 miljoen sociale huurwoningen, hebben de resultaten een betrouwbaarheidsmarge van 1 procent. www.aedes.nl

2/14 Leeswijzer De tabellen en grafieken laten de voortgang zien van de steekproef (973.000 woningen van 111 corporaties) in de SHAERE-database over 2012. De grafieken geven dus alleen de energieprestaties weer van deelverzameling van 973.000 woningen. De absolute waarden in de tabellen zijn gemeten over de woningen in de steekproef. Percentages in tabellen en figuren zijn representatief voor de hele voorraad sociale huurwoningen van circa 2,4 miljoen woningen met een foutmarge van 1 procent. Disclaimer Aan deze rapportage kunnen geen rechten worden ontleend. Ondanks het feit dat deze met uiterste zorg is samengesteld, is Aedes niet aansprakelijk voor eventuele fouten in gegevens en uitkomsten. De berekeningen en vergelijkingen in de rapportage hebben uitsluitend betrekking op de gegevens die Aedes ontving en in de SHAERE-database kon inlezen. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot afwijkingen in aantallen woningen.

3/14 Tabel 1.1 Algemene kenmerken SHAERE-database Aantal unieke Aantal deelnemers Aantal deelnemers Aantal deelnemers Representatieve steekproef 2012 deelnemers in 2012 in 2011 in 2010 Aantal corporaties 243 188 149 139 111 Aantal woningen 1.862.542 1.396.014 1.200.018 1.167.783 973.801 Toelichting tabel 1.1 De energielabelgegevens van bijna 1,9 miljoen woningen staan in de SHAERE-database. Dit zijn de woningen van 243 woningcorporaties, meer dan de helft van alle Nederlandse corporaties. In 2013 leverden 188 corporaties data aan van ongeveer 1,4 miljoen woningen. Van deze 188 corporaties leverden er 111 ook in 2012 data aan. Hierdoor kunnen we de voortgang tussen 1 januari 2012 en 31 december 2012 meten van bijna 1 miljoen woningen. Tabel 1.2 Representativiteit naar grootte corporatie Grootte corporatie SHAERE 2012 Klasse I: tot 600 woningen 3 Klasse II: van 600 woningen tot 1.800 woningen 16 Klasse III: van 1.800 woningen tot 4.000 woningen 25 Klasse IV: van 4.000 woningen tot 10.000 woningen 40 Klasse V: 10.000 of meer woningen 27 Toelichting tabel 1.2 Van de 111 corporaties is een indeling naar grootte gemaakt. De corporaties zijn ingedeeld in de grootteklassen aan de hand van het aantal aangeleverde energielabels en niet aan de hand van het aantal woningen dat zij bezitten. Daardoor kunnen afwijkingen ontstaan met klassenindelingen van andere onderzoeken of benchmarks.

4/14 Tabel 1.3 Samenvatting voortgang 2012 2011 Verschil (%) Aantal woningen 973.801 968.066 100,6 % Gemiddeld gebruiksoppervlak per woning [m2] 79 79 100,2 % Gemiddelde Energie Index 1.73 1.78 97,0 % Isolatiegraad 59,5 % 55,7 % 106,8 % Gasverbruik per woning [m3/jaar] 1.214 1.262 96,2 % Elektriciteitsverbruik per woning [kwh/jaar] 994 985 100,8 % Warmteverbruik per woning [GJ/jaar] 31 32 97,3 % CO2-uitstoot per woning [kg/jaar] 2.716 2.795 97,2 % % woningen B t/m A++ labels 18,0 % 14,0 % 128,3 % % woningen E t/m G labels 24,5 % 27,9 % 88,0 % % efficiënte opwekkers 68,9 % 63,5 % 108,5 % % niet-efficiënte opwekkers 25,5 % 31,5 % 81,2 % Toelichting tabel 1.3 De uitkomsten zijn berekend over alle woningen van de corporaties in de steekproef (112). Het verschil in aantal woningen tussen 2011 en 2012 is te verklaren door nieuwbouw, sloop en verkoop van woningen. De weergave van de EI is het gemiddelde van 968.000 woningen in 2011 respectievelijk 973.000 woningen in 2012 van dezelfde corporaties. Uit de tabel blijkt dat het aantal woningen met label B of hoger afgelopen jaar met 4 procent steeg. Tabel 1.4 Energie Index 2012 2011 2010* Aantal woningen 973.801 968.066 n.b. Gem. gebruiksoppervlak per woning [m2] 79 79 79 Gem. Energie Index 1.73 1.78 1,82 Energielabel D D D Toelichting tabel 1.4 Op basis van deze tabel kan worden geconcludeerd dat er in de periode 2011-2012 een grotere stap is gemaakt in verlaging van de EI dan in de periode 2010-2012. * Voortgangscijfers van SHAERE over de periode 2010-2009 zijn er niet omdat de database pas sinds eind 2010 bestaat. Wel is er toen een nulmeting gedaan (120 corporaties, 1,1 miljoen woningen). De gemiddelde EI was toen 1,82.

5/14 Tabel 2.1 Kerncijfers SHAERE 2011-2012 2012 2011 % Verschil Aantal woningen 973.801 968.066 100,6 % Totale gebruiksoppervlak [m2] 76.807.976 76.197.016 100,8 % Gem. gebr.oppervlak per woning [m2] 79 79 100,2 % Afgemelde labels 85,3 % 72,1 % 118,2 % CO2-uitstoot [kg/jaar] 2.481.844.480 2.552.841.216 97,2 % Gasverbruik [m3/jaar] 1.109.586.432 1.152.807.040 96,3 % Elektriciteitsverbruik [kwh/jaar] 967.538.112 953.812.800 101,4 % Warmteverbruik [GJ/jaar] 1.751.511 1.642.242 106,7 % Aantal woningen met zonneboilers 18.491 14.858 124,5 % Aantal woningen met PV-panelen 4.675 2.384 196,1 % Gemiddelde Energie Index 1,73 1,78 97,0 % Gemiddeld energielabel D D Toelichting tabel 2.1 In bovenstaande tabel staan de kerncijfers van een steekproef uit de database. Het aantal woningen met zonnepanelen (PV) is verdubbeld al gaat het in totaal om 0,5 procent van de woningen. Het totale gasverbruik is licht gedaald door verbetering van de woningen. Het warmteverbruik is licht gestegen door het labelen van nieuwbouw met stadswarmte (zie ook figuur 5). Het elektraverbruik is ook iets gestegen. De verklaring hiervoor ligt in het toepassen van nieuwe installaties en mechanische ventilatie (zie ook figuur 2 en 3).

6/14 Tabel 2.2 Voortgang energiebesparing 2011-2012 Aantal labelstappen + 134.634 Aantal labelstappen - 45.520 Aantal woningen met labelstap + 97629 (10,8 %) Aantal woningen met labelstap - 29507 (3,3 %) CO2-uitstoot reductie gemeten per m2 gebruiksoppervlak 3,1 % Gasbesparing gemeten per m2 gebruiksoppervlak 4,1 % Besparing op elektriciteit gemeten per m2 gebruiksoppervlak -0,6 % Besparing op warmte gemeten per m2 gebruiksoppervlak 0,2 % Toelichting tabel 2.2 In 2012 zijn er op een totaal van 968.000 woningen 134.634 labelstappen omhoog en 45.520 labelstappen omlaag gemaakt. Ongeveer 10 procent van de woningen in de steekproef is met een of meer labelklassen verbeterd. Bij 3,3 procent van de woningen zijn de labels juist verslechterd, gemiddeld met 1,5 labelsprong. Dit komt door de wijziging in de labelsystematiek en het opnieuw bepalen van labels van woningen. Labels die in 2009 zijn opgesteld en nu opnieuw worden gelabeld, kunnen afwijken zonder dat de woning is veranderd. Dit komt door wijziging in de waardering van isolatie en installatie in de berekening van het label. Uit de tabel blijkt dat 10 procent van de woningen is verbeterd. Dit leverde een gemiddelde besparing in het gasverbruik op van 4 procent. Hierin is de verlaging van het energielabel bij 3 procent van de woningen al meegenomen.

0,1% 3,5% 2,3% 3,1% 3,8% 7,7% 8,9% 11,7% 14,4% 13,7% 15,3% 25,1% 26,2% 32,4% 31,5% 7/14 Figuur 1 Verdeling energielabels 35,0% 3 25,0% 2 15,0% 1 5,0% A++ A+ A B C D E F G Toelichting figuur 1 Hoewel de gemiddelde corporatiewoning een D-label heeft, beschikken de meeste woningen over een C-label. In 2012 zijn waren er meer groene labels (C t/m A++) en minder D t/m G labels dan in 2011. Met name de stijging van het aantal B-labels is opvallend.

30,9 31,7 993,5 985,2 1.214,1 1.262,2 2.715,8 2.795,0 8/14 Figuur 2 Energieverbruik en CO2-uitstoot per woning 3000 2500 2000 1500 1000 500 0 Gemiddelde CO2 uitstoot [kg/woning/jaar] Gemiddeld gasverbruik [m3/woning/jaar] Gemiddelde elektriciteitsverbruik [kwh/woning/jaar] Gemiddelde warmteverbruik [GJ/woning/jaar] Toelichting figuur 2 Dit figuur geeft het gemiddelde van het woninggebonden (theoretische) energieverbruik en de CO2- uitstoot.

0,38 0,38 12,60 12,52 15,42 16,08 34,49 35,61 9/14 Figuur 3 Gemiddelde CO2-uitstoot en gemiddeld energieverbruik per m2 gebruiksoppervlak 40 35 30 25 20 15 10 5 0 Gemiddelde CO2 uitstoot [kg/m2/jaar] Gemiddeld gasverbruik [m3/m2/jaar] Gemiddelde elektriciteitsverbruik [kwh/m2/jaar] Gemiddelde warmteverbruik [GJ/m2/jaar] Toelichting figuur 3 Dit figuur geeft het (theoretische) energie- en CO2-verbruik weer per vierkante meter gebruiksoppervlak zoals bepaald in de berekening van het energielabel (conform ISSO 82.1).

37,4% 33,3% 65,2% 61,8% 61,9% 57,4% 58,0% 59,5% 55,7% 66,0% 64,3% 65,2% 85,4% 83,6% 10/14 Figuur 4 Isolatie van bouwdelen en gemiddelde totale isolatie van de woning 9 8 7 6 5 4 3 2 1 Glasisolatie Gevelisolatie Dakisolatie Paneelisolatie Vloerisolatie Kierdichting TOTAAL Toelichting figuur 4 Dit figuur laat zien in welke mate onderdelen van de woningen zijn geïsoleerd. Een woning voldoet aan glasisolatie als minder dan 30 procent van het totale glasoppervlak van de woning bestaat uit enkel glas. Voor de overige constructies geldt dat deze minimaal een Rc-waarde (isolatiewaarde) van 1,3 hebben. Deze waarde komt overeen met 4 tot 5 centimeter steenwolisolatie. Kierdichting gaat vooral over tochtstrippen bij ramen en deuren en heeft relatief grote invloed op de energieprestaties van een woning.

5,6% 5,1% 25,5% 31,5% 63,5% 68,9% 11/14 Figuur 5 Warmte-opwekkers 8 7 6 5 4 3 2 1 Efficiente opwekker Niet-efficiente opwekker Externe warmtelevering Toelichting figuur 5 Efficiënte warmte opwekkers zijn bijvoorbeeld HR100, HR104, HR107, warmtepompen en gebouwgebonden warmtekrachtkoppeling (WKK). Externe warmte betreft meestal stadswarmte maar kan ook industriële restwarmte zijn. Het is niet mogelijk aan te geven of de opwekking van de warmte efficiënt gebeurt. Niet-efficiënte opwekkers zijn: VR-gasketels en ouder, lokale gaskachels en lokale elektrische kachels. De toename van efficiënte warmte-opwekkers is toe te schrijven aan ketelvervanging en renovatie van de woningen. Bij ketelvervanging vervangen corporaties meestal de VR-ketel door een HR-ketel. Bij renovaties pakken corporaties ook vaak het systeem aan. Lokale gaskachels worden bijvoorbeeld vervagen door centrale verwarming met HR-gasketel.

4,3% 3,7% 33,8% 40,3% 56,0% 61,9% 12/14 Figuur 6 Warm tapwaterbereiding in woningen 7 6 5 4 3 2 1 Efficiente opwekker Niet-efficiente opwekker Externe warmtelevering Toelichting figuur 6 De toename van efficiënte opwekkers is toe te schrijven aan het vervangen van oude ketels (met name VR), gaskachels en keukengeisers door HR-combitapketels. De lichte toename in externe warmte is het gevolg voornamelijk nieuwbouw die gebruik maakt van stadswarmte.

0,9% 0,5% 2,7% 2,3% 0,1% 0,1% 0,1% 44,0% 47,2% 52,3% 49,9% 13/14 Figuur 7 Ventilatiesystemen 6 5 4 3 2 1 Natuurlijk Mechanische afvoer Vraaggestuurd Mechanische balans Decentrale mechanische ventilatie Vraaggest. dec. mech. vent. icm mechanische afvoer Toelichting figuur 7 De afname in natuurlijke ventilatiesystemen hangt samen met isolatiemaatregelen. Na de isolatie van woningen is natuurlijke ventilatie vaak niet meer afdoende en is mechanische ventilatie nodig. Daarnaast is te zien dat op kleine schaal ook slimme ventilatiesystemen worden toegepast. Mechanische afvoer betekent in de meeste gevallen een centrale afzuigunit die de bewoner kan bedienen met een driestandenregelaar. Doordat deze vorm van ventilatie meer stroom verbruikt en continu in bedrijf is, is het toepassen ervan ongunstig voor het energielabel. Slimme oplossingen als vraaggestuurde ventilatie zijn positiever voor het energielabel maar zijn wel duurder en niet altijd toepasbaar. Met mechanische balansventilatie bedoelen we de ventilatie met warmte terugwinning. De toepassing van dit systeem stijgt ook iets, vermoedelijk door het labelen van nieuwbouw.

25,3% 21,4% 28,5% 23,5% 43,1% 49,3% 77,7% 74,6% 88,5% 85,6% 94,5% 92,3% 14/14 Figuur 8 Verhouding groene labels per bouwperiode 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 <1965 1965-1975 1975-1983 1983-1988 1988-1992 >=1992 Toelichting figuur 8 Groen staat voor label C of beter. Opvallend is dat betrekkelijk nieuwe woningen (van na 1992) niet voor 100 procent energielabel C of beter hebben. De meeste vooruitgang zit bij woningen vanaf 1965 en 1975. Deze woningen zijn van oorsprong niet geïsoleerd maar hebben wel mogelijkheden daarvoor (een luchtspouw in de muren bijvoorbeeld). Deze woningen werden afgelopen jaren gerenoveerd, energiebesparing is daar onderdeel van.