Exameninfo 2017 vwo wiskunde B
|
|
|
- Juliaan Elias van Dongen
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Exameninfo 2017 vwo wiskunde B Het staatsexamen vwo wiskunde B bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. college-examen (mondeling) Centraal examen datum: maandag 15 mei 2017 tijdstip: 13:30 tot 17:00 (inclusief extra tijd) locatie: nog onbekend meenemen kaartje met naam, niveau, examennummer, ED-nummer identiteitsbewijs pennen, potlood (rood en blauw), gum geodriehoek en passer Grafische Rekenmachine De volgende types zijn toegestaan: Texas Instruments: TI-84 Plus; TI-84 Plus silver edition; TI-84 Plus C silver edition TI-84 Plus T en TI-84 Plus CE-T TI-Nspire CX Casio: Fx-9750Gll met reset Fx-9860Gll (SD) met examenstand: OS 2.07 en hoger Fx-CG20 met examenstand: OS 2.01 en hoger Hewlett Packard: HP Prime Oudere types dan de hier genoemde, ook die eerder wel waren toegestaan, zijn in 2017 NIET meer toegestaan op de havo. In 2017 zijn oudere types die eerder waren toegestaan, nog wel toegestaan op vwo, maar de kans bestaat dat sommige examenopgaven daarmee niet of minder goed te maken zijn. Tijdens de examens dient het geheugen van de grafische rekenmachine te zijn geblokkeerd door een examenstand, dan wel te zijn gewist door een reset van de gehele machine. eventueel een woordenboek Nederlands leerstof alle hoofdstukken uit Getal & Ruimte, vwo wiskunde B deel 1 t/m 4, behalve hfdst K Voortgezette integraalrekening College-examen datum duur tijdstip locatie meenemen juli 2017 (exacte datum volgt nog) 20 minuten zelf voorbereiden van het bronnenmateriaal (de casus ) 40 minuten mondeling examen nog onbekend nog onbekend dezelfde dingen als bij Centraal Examen, bovendien: poster of presentatie materiaal m.b.t het keuzeonderwerp (neem eventueel een spiekbriefje mee met aandachtspunten voor de presentatie). leerstof alle hoofdstukken uit Getal & Ruimte, vwo wiskunde B deel 1 t/m 4, behalve hoofdstuk K Voortgezette integraalrekening, plus het keuzeonderwep
2 Keuzeonderwerpen college-examen 2017: Complexe getallen uit de schoolboeken voor wiskunde D van bijvoorbeeld: Getal en Ruimte of Moderne Wiskunde; Voortgezette integraalrekening uit de schoolboeken voor wiskunde B bijvoorbeeld van Getal en Ruimte Sites: Vakinformatie staatsexamens wiskunde B vwo 2017: oude examens: jaartal kiezen) oude examen opgaven op onderwerp gesorteerd: Complete examens met correctievoorschriften vanaf 1999: Voor verdere informatie over het mondeling examen, zie onder Algemene tips! Het eindcijfer Het eindcijfer voor je wiskunde-examen wordt als volgt berekend: (het cijfer voor het centraal examen + het cijfer voor het college-examen) : 2, afgerond op een geheel getal.
3 Algemene tips voor wiskunde-examens 1. centraal schriftelijk Het centraal examen bestaat meestal uit vijf opgaven die dan allemaal weer onderverdeeld zijn in vier of vijf kleinere deelvragen. Bij elke deelvraag staat aangegeven hoeveel punten je er mee kunt behalen. Je kunt niet zelf je cijfer berekenen, want de precieze norm wordt pas achteraf vastgesteld. De laatste jaren staat op het examenblad meestal de volgende toelichting: Als bij een vraag een verklaring, uitleg of berekening vereist is, worden aan het antwoord meestal geen punten toegekend als deze verklaring, uitleg of berekening ontbreekt. Geef niet meer antwoorden (redenen, voorbeelden e.d.) dan er worden gevraagd. Als er bijvoorbeeld twee redenen worden gevraagd en je geeft meer dan twee redenen, dan worden alleen de eerste twee in de beoordeling meegeteld. Hoewel het er niet zo duidelijk staat, moet je er rekening mee houden dat ze bij elke opgave een berekening, uitleg of verklaring willen zien. Gebruik daarbij liefst ook gewone Nederlandse zinnen en woorden. Met de volgende opmerkingen kun je een berekening voor iemand anders vaak al veel duidelijker maken: de formule voor. luidt :.blablabla de waarden van en en zijn gegeven, maar. moet ik apart berekenen. Ik reken. even apart uit met de Stelling van Pythagoras in driehoek.. Invullen in de formule levert. Hieruit volgt dat.. Dus mijn antwoord is: Ook woordjes als dus, want, omdat, daardoor, hieruit, conclusie enz. helpen vaak heel goed. Voordat je naar een nieuwe deelvraag gaat moet je even goed controleren of je eigenlijk wel precies antwoord op de vraag hebt gegeven. Als ze vragen Is de oppervlakte wel of niet groter dan 50 m 2, dan mis je punten wanneer je stopt bij Opp= 48,16 m 2 (ook al is dat correct). Ze verwachten wel die berekening, maar ook een eindantwoord als De oppervlakte is dus niet groter dan. (In Bijlage 1 zie je een overzicht van de betekenis van verschillende soorten opdrachtwoorden.) Hoe kun jij je voorbereiden op het Centraal Examen? Bestudeer uit de genoemde boeken de samenvattingen aan het einde van elk hoofdstuk. In plaats van deze boeken kun je ook het boekje Samengevat gebruiken (lenen van docent) Controleer of je een hoofdstuk goed begrepen hebt door uit de Herhalingsopgaven of D- toetsen achter in het boek nog eens een aantal opgaven te maken. Vind je een onderwerp erg moeilijk maak je driekwart van de vragen. Vind je een onderwerp simpel maak je een kwart van de vragen. En anders iets daar tussenin. Vind je het supersimpel maak je niks. Belangrijker nog dan het oefenen van Herhalingsopgaven of D-toetsen is het maken van complete oefenexamens. Je vindt die op Linksboven klik je op een jaartal. Dan ga je naar vwo > exacte vakken > [kies jouw wiskunde] en download je de examendocumenten. Je kunt er zowel de opgaven als de werkbladen als de uitwerkingen (=correctievoorschrift) downloaden. We adviseren je om minstens drie complete oude examens helemaal te maken. En dan helemaal zonder in het boek of in het Correctievoorschrift te kijken, want dat moet je straks ook. Je kunt je werk na afloop zelf nakijken met het officiële Correctievoorschrift. Dat is heel nuttig want dan zie je meteen waar ze op letten. Je kunt ook met je docent overleggen of hij/zij je oefenwerk nakijkt en er een cijfer voor geeft. Dan heb je al aardig een idee of je klaar bent voor je examen.
4 2. college-examen (mondeling) Het mondelinge college-examen duurt 60 minuten en bestaat uit 20 minuten voorbereiding en 40 minuten examen bestaat uit drie delen: Voorbereiding Mondeling examen Vraagstukken naar aanleiding van bronnenmateriaal Bespreking vraagstukken naar aanleiding van bronnenmateriaal Beantwoorden van vragen en oplossen van vraagstukken over de domeinen van het college-examen Presentatie van en vragen over keuzeonderwerp gewicht 1 gewicht 3 gewicht 1 20 minuten 30 minuten 10 minuten Hoe zal het examen verlopen? 20 minuten vóór het examen krijg je een casus (meestal een vel papier met een artikel, enkele grafieken, een tekening, of iets dergelijks). Die ga je zelfstandig doorlezen en bestuderen. Je probeert te bedenken met welke onderwerpen uit jouw wiskundeboeken die te maken hebben. Je probeert hier en daar al een berekening toe te passen of zoekt uit op welke manier je je Grafische Rekenmachine voor het onderwerp kunt gebruiken. Die voorbereiding gebeurt in een aparte ruimte. Na 20 minuten komt iemand je halen of moet je zelf naar de plek waar het mondeling plaats vindt (dat hoor je t.z.t. nog wel). Daar zitten twee voor jou onbekende wiskundeleraren van andere scholen. Eentje die je de vragen gaat stellen en eentje die een verslag schrijft. Een blok gaat over je keuzeonderwerp: je houdt ongeveer 5 minuten een presentatie van je keuzeonderwerp. Daarbij gebruik je je poster. Je hoeft geen apart blaadje met aantekeningen mee te nemen, want de poster is je geheugensteun. Over het onderwerp van je keuzeonderwerp gaat de examinator vragen stellen. Dit duurt ongeveer tien minuten. Het andere blok van dertig minuten gaat de examinator vragen stellen over de casus die je hebt voorbereid en over andere onderwerpen uit de gehele leerstof. Met de deelcijfers van de verschillende onderdelen van je mondeling berekenen de examinatoren (nadat jij bent vertrokken) je cijfer. [Je krijgt overigens je cijfer niet te horen. De einduitslag (van mondeling en schriftelijk) wordt pas later bekendgemaakt] Hoe kun jij je voorbereiden op je mondeling? Je kunt hetzelfde leerwerk en maakwerk oefenen als voor het Centraal Examen (zie boven) Als je tijd over hebt en je weet niet goed meer wat je moet doen is het maken en nakijken van een of twee oefenexamens nuttig om op niveau met de leerstof bezig te blijven. Je kunt de presentatie twee of drie keer oefenen (voor de leraar, voor klasgenoten, voor een familielid of vriend(in) ). Gebruik een klok of horloge om na te gaan of presentatie ongeveer 5 minuten duurt. Vraag je luisteraars bij (minstens) één van je proefpresentaties of ze je af en toe willen onderbreken met een vraag. Dan kun je dat alvast oefenen, want dat gebeurt bij het echte mondeling ook wel eens. Bestudeer de tips van Bijlage 2 en ga na of je bij elk punt snapt wat er bedoeld wordt. Als je het niet snapt stel dan een vraag aan je leraar of medeleerling.
5 Bijlage 1 woord toelichting 1 Aantonen Een redenering en/of berekening waaruit de juistheid van het gestelde blijkt. Het gestelde controleren door middel van een of meer voorbeelden is niet juist. 2 Afleiden (van een formule Een redenering en/of berekening waaruit de juistheid van een formule blijkt. De formule controleren door middel van een of meer voorbeelden is niet juist. 3 Aflezen Het antwoord is voldoende. 4 Algebraïsch Stap voor stap zonder gebruik te maken van specifieke opties en de grafische mogelijkheden van de grafische rekenmachine. Het eindantwoord mag benaderd worden. 5 Bepalen De wijze waarop het antwoord gevonden wordt is vrij; een toelichting is vereist. Bij gebruik van de grafische rekenmachine moet(en) de gebruikte opties(s) vermeld worden. 6 Berekenen De wijze van berekenen is vrij; een toelichting is vereist. Bij gebruik van de grafische rekenmachine moet(en) de gebruikte opties(s) vermeld worden. De toevoeging algebraïsch of exact legt beperkingen voor de wijze van berekenen op. 7 Bewijzen Een redenering en/of berekening waaruit de juistheid van het gestelde blijkt. Het gestelde controleren door middel van een of meer voorbeelden is niet juist 8 Exact Algebraïsch, het eindantwoord mag niet benaderd worden 9 Model Beschrijving van een vereenvoudiging van de werkelijkheid 10 Onderzoeken De aanpak is vrij, een toelichting is vereist. Bij gebruik van de grafische rekenmachine moet(en) de gebruikte optie(s) vermeld worden. De toevoeging algebraïsch of exact legt beperkingen voor de wijze van onderzoeken op. 11 Ongelijkheid oplossen Ongelijkheid van het type f(x) g(x) oplossen: de wijze van oplossen van f(x) = g(x) is afhankelijk van de eventuele toevoeging algebraïsch of exact, daarna bijvoorbeeld grafisch. 12 Oplossen De wijze van oplossen is vrij maar moet wel toegelicht worden bij gebruik van de grafische rekenmachine moet(en) de gebruikte optie(s) vermeld worden. De toevoeging algebraïsch of exact legt beperkingen voor de wijze van onderzoeken op 13 Schatten Een uitleg hoe geschat is, is alleen vereist als er naar gevraagd wordt 14 Schetsen van een grafiek 15 Tekenen van een grafiek Een schets ven een grafiek moet kenmerkende eigenschappen van de grafiek bevatten zoals: naam assen, asymptoten, beginpunt, periodiciteit, toppen, et cetera Een tekening van een grafiek moet kenmerkende eigenschappen van de grafiek bevatten zoals: schaalverdeling, asymptoten, beginpunt, periodiciteit, toppen, et cetera. De tekening van de grafiek moet nauwkeurig zijn. Indien een toelichting bij de tekening gewenst is moet daar expliciet om gevraagd worden
6 Bijlage 2 Tips voor het maken van schriftelijke examens wiskunde (gemengde tips voor A en B) Algemeen: punten verliezen is soms het gevolg van foutjes die vrij gemakkelijk vermeden kunnen worden. Lees de tips goed door en probeer ze tijdens je examen te gebruiken. Als je in je boeken of bij oude examens formules tegenkomt waarvan je niet meer weet hoe die gebruikt worden, lees in Samengevat dan nog eens de bladzijdes die daarover gaan. Op de linkerpagina s staat de theorie, op de rechterpagina staan voorbeeldopgaven en toelichtingen. Zorg dat je de formules kent, want je mag de formulekaart niet meenemen naar het examen. Zet je Grafische Rekenmachine aan en bestudeer nog eens (bv. 15 minuten) alle knoppen en menu s die erop zitten. Probeer hardop te formuleren wat je met zo n optie kunt uitrekenen (en wat niet). Rekenfouten. Als je op je examen een rekenfoutje maakt, kost je dat 1 punt (wettelijk voorgeschreven). Dat is vooral jammer als je een opgaven wel goed snapt. Wordt er gevraagd naar een maximum, een minimum, een optimale., minstens.. of hoogstens. Dan heb je vrijwel altijd differentiëren nodig. Als je dan de afgeleide functie bepaalt en je schrijft er bij: maximum? f (x) = 0 of zoiets als d W / dq = 0, dan heb je je eerste punt al binnen. Dat geldt algemeen: ALS er bij een opgave een formule nodig is, schrijf die formule dan helemaal op en vul alle gegevens in die je in de opgaven kon lezen. ALS je vastloopt bij een opgave: lees de vraag nog eens door en kijk heel goed of je alle gegevens (meestal iets met getallen) wel gebruikt hebt. ALS je in een opgave bepaalde getallen nog niet gebruikt, vraag je dan af of je formules of rekenmethodes kent waar je die grootheid (lengte, oppervlakte, inhoud, afgeleide, sinus, enz.) bij nodig hebt. Een vergelijking of formule kun je oplossen (uitrekenen) als je alle variabelen op één na weet. Jan + Klaas + Ingrid zijn samen 100 jaar. Jan = 17 jaar, hoe oud is Klaas? Dat kun je niet oplossen. Bij drie variabelen moet je er twee kennen om de derde uit te kunnen rekenen. Als je er nog eentje mist, dan moet je uitzoeken of je die ene niet via een andere methode kunt berekenen. Rekenfouten ontstaan soms door tussentijds afronden. Moet je een inhoud uitrekenen en heb je via Pythagoras uitgerekend dat hoogte gelijk is aan wortel(3), dan moet je niet verderrekenen met 1,73, maar dan moet je de volledige tussenuitkomst verder gebruiken. Soms moet je bij een uitkomst een eenheid plaatsen. Cm, graden, m², enz. Niet vergeten! Bij vragen over kansberekening: probeer een plaatje erbij te tekenen. Een rooster met getallen, een boomdiagram, een kansdiagram, een overzicht van alle uitkomsten, enz. Als je in een kansdiagram kansen bij de takken schrijft: vraag je af of de kansen gelijk blijven (bv. Dobbelsteen of trekken met terugleggen) of dat ze veranderen (trekken zonder terugleggen). Als er een kans gevraagd wordt: dat is altijd een getal tussen 0 en 1, dus nooit een percentage. Moet je een grafiek tekenen: netjes, niet te klein, schaalverdeling toevoegen en bij de assen schrijven waar ze over gaan. Gebruik je je GR schrijf dan NIET: GR gebruikt, x=4,13, maar leg uit welke toetsen of menu s je gebruikt hebt. Bijvoorbeeld: GR, ingevuld y1=3x²-5x+4 met Window [-3,3] x [0,20] en toen via CALC > Intersect het snijpunt gezocht met de lijn y2 = 7 (onzinvoorbeeld, maar het gaat om het principe). Ga -voordat je aan een nieuwe opgave begint- na of je de vraag wel EXACT hebt beantwoord. Als ze vragen: welk lijnstuk is langer AB of PQ? dan moet de laatste zin van je uitwerking zoiets zijn als: dus lijnstuk PQ is het langste. Het komt nog elk jaar voor dat leerlingen, misschien na veel rekenwerk, gevonden hebben AB=13,5 en PG=14,2. Als ze het dan daarbij laten, dan missen ze een punt. Zonde!! Als ze vragen: is het waar dat dan moet je eindigen met een conclusie dus de uitspraak is waar! of zoiets. Anders mis je 1 punt.
7 Kijk bij elke deelvraag goed of je het antwoord wel in de juiste afronding hebt gegeven. Staat er afronden op 2 decimalen dan verlies je een half of heel punt wanneer je een antwoord geeft in 1 of 3 decimalen. Zonde!! Staat er geef je antwoord in mm nauwkeurig, dan moet je mm afronden op nul decimalen, bijv. 73 mm. Je kunt ook en antwoord in cm afronden op 1 decimaal, bijv. 7,3 cm. Als je de complementregel gebruikt, schrijf dat dan ook duidelijk op. Bij differentiëren: denk aan somregel, productregel en kettingregel. Die heb je vrijwel altijd nodig. Ze geven op een examen vrijwel nooit simpele functies die je zonder deze regels kunt differentiëren. Denk eraan dat je bij werken met sin, cos en tan de GR in de juiste modus hebt staan (graden of radialen). Als ze praten over periodes met pi, dan is het eigenlijk altijd radialen. Als ze in het verhaal praten over hoeken in graden, dan dus graden. Bij berekeningen in ruimtefiguren. Maak een duidelijk tekening en probeer er ALTIJD een plat vlak of doorsnede apart naast te tekenen. Bijvoorbeeld een diagonaalvlak. Daarin kun je dan aan de slag met Pythagoras, SOSCASTOA, cosinusregel, verhoudingen (snavelfiguur, zandloperfiguur), 180-gradenregel, enz. Moet je negatieve getallen kwadrateren of tot hogere macht nemen? Zet er haakjes om!! Geeft je rekenapparaat een Error? Misschien te klein Window? Misschien de verkeerde mintoets gebruikt? Niet verwisselen: groeifactor en groeipercentage. Bekijk nog eens hoe je met machten of hogeremachts wortels een groeifactor per week kunt omzetten in een groeifactor per jaar of per dag. Domein: welke x-en kun je allemaal invullen? (of welke niet) Bereik: welke uitkomsten kunnen er uit de functie komen (alle y-waarden) Intervallen: bij [3,7] tellen de grenzen wel mee, bij <3,7> tellen ze niet mee en bij [3,7> telt 3 wel mee, maar 7 niet. Bij functies met een x in de noemer (onder de deelstreep van een breuk) is er bijna altijd een speciale situatie bij die x waar de noemer nul zou zijn. Functie 3x / (x-7) heeft een verticale asymptoot bij x = 7, want daar zou je door nul delen. Dat leidt vaak ook tot bijzondere situaties bij Domein. Moet je een variabele uitrekenen die ingewikkeld in een formule zit: benut kruislings vermenigvuldigen of probeer de formule (met een breuk erin) te vergelijken met 5 = 10 : 2. Wat moet je met 10 en 5 doen om 2 te krijgen? Dan moet je datzelfde (dus delen) ook in de andere formule gebruiken. Begin een berekening met WAT je ermee uitrekent. Dus niet (7 x 1,5) : 3 =, maar Inhoud piramide = (7 x 1,5) : 3 = en zo kunnen we nog wel even doorgaan. Heel veel succes! Als je vragen hebt neem dan contact op met je vakdocent!
Exameninfo 2016 vwo Wiskunde D
Exameninfo 2016 vwo Wiskunde D Het examen wiskunde D bestaat alleen uit een mondeling college-examen, er is geen centraal examen (schriftelijk). College-examen (mondeling) datum duur tijdstip locatie meenemen
Examenvoorbereiding 2017 Wiskunde A (VWO)
Examenvoorbereiding 2017 Wiskunde A (VWO) Het examen wiskunde A VWO bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk, 180 min + max. 30 min verlenging) 2. commissie-examen
Examenvoorbereiding 2017 Wiskunde A (HAVO) nieuw programma
Examenvoorbereiding 2017 Wiskunde A (HAVO) nieuw programma Het examen wiskunde A havo bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. college-examen (mondeling) centraal
Exameninfo 2015 vwo wiskunde B
Exameninfo 2015 vwo wiskunde B Het staatsexamen vwo wiskunde B bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. college-examen (mondeling) centraal examen datum: woensdag
Examenvoorbereiding 2016 Wiskunde A (HAVO)
Examenvoorbereiding 2016 Wiskunde A (HAVO) Het examen wiskunde A havo bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. college-examen (mondeling) centraal examen (schriftelijk)
Exameninfo 2017 vwo Wiskunde D
Exameninfo 2017 vwo Wiskunde D Het examen wiskunde D bestaat alleen uit een mondeling college-examen, er is geen centraal examen (schriftelijk). College-examen (mondeling) datum duur tijdstip locatie meenemen
Exameninfo 2015 havo wiskunde B
Exameninfo 2015 havo wiskunde B Het staatsexamen havo wiskunde B bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. college-examen (mondeling) centraal examen datum woensdag
Examenvoorbereiding 2014-2015 Wiskunde D VWO
Examenvoorbereiding 2014-2015 Wiskunde D VWO Het examen wiskunde D VWO bestaat uit één onderdeel, namelijk: Het commissie-examen (een mondeling examen van 40 min; vóór het mondeling 20 minuten voorbereiden
Algemene tips voor wiskunde-examens havo en vwo
Exameninfo 2014-2015 havo Wiskunde D Het examen wiskunde D bestaat alleen uit een mondeling college-examen, er is geen centraal examen (schriftelijk). College-examen (mondeling) datum : drie dagen in de
Examenvoorbereiding 2016 Wiskunde A (VWO)
Examenvoorbereiding 2016 Wiskunde A (VWO) Het examen wiskunde A VWO bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk, 180 min + max. 30 min verlenging) 2. commissie-examen
Het examen scheikunde bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk:
Examenvoorbereiding scheikunde VWO Het examen scheikunde bestaat uit twee onderdelen (elk 50%), namelijk: 1. centraal examen (schriftelijk) 2. commissie-examen (mondeling) centraal examen (schriftelijk)
LANDSEXAMEN HAVO
Eamenprogramma WISKUNDE A H.A.V.O. LANDSEXAMEN HAVO 2017-2018 1 Het eindeamen Het eindeamen bestaat uit het centraal eamen en het commissie-eamen. Het centraal eamen wordt afgenomen in één zitting van
LANDSEXAMEN HAVO
Eamenprogramma WISKUNDE A H.A.V.O. LANDSEXAMEN HAVO 2018-2019 1 Het eindeamen Het eindeamen bestaat uit het centraal eamen en het commissie-eamen. Het centraal eamen wordt afgenomen in één zitting van
WISKUNDE B VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE B VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE B VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE B VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE B HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE B HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet weten en kunnen. HAVO 4 wiskunde B...
Een checklist is een opsomming van de dingen die je moet weten en kunnen. HAVO 4 wiskunde B 0. voorkennis In klas 3 heb je hoofdstuk 10 over algebraische vaardigheden gedaan. Hieronder zie je daarvan een
Paragraaf 11.0 : Voorkennis
Hoofdstuk 11 Verbanden en functies (H5 Wis B) Pagina 1 van 15 Paragraaf 11.0 : Voorkennis Les 1 : Stelsels, formules en afgeleide Los op. 3x + 5y = 7 a. { 2x + y = 0 2x + 5y = 38 b. { x = y + 5 a. 3x +
Deze stelling zegt dat je iedere rechthoekige driehoek kunt maken door drie vierkanten met de hoeken tegen elkaar aan te leggen.
Meetkunde Inleiding We beginnen met het doorlezen van alle theorie uit hoofdstuk 3 van het boek. Daar staan een aantal algemene regels goed uitgelegd. Waar je nog wat extra uitleg over nodig hebt, is de
LANDSEXAMEN VWO Het examenprogramma Het examenprogramma voor het commissie-examen Wiskunde D bestaat uit de volgende (sub)domeinen:
LANDSEXAMEN VWO 2017-2018 Examenprogramma WISKUNDE D (V.W.O. ) (nieuw programma) 1 Het eindexamen Wiskunde D kent slechts het commissie-examen. Er is voor wiskunde D dus geen centraal schriftelijk examen.
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V16.6.1
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V16.6.1 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
WISKUNDE A HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE A HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
WISKUNDE C VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE C VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V17.05.1 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname
WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
Notatieafspraken Grafische Rekenmachine, wiskunde A
Notatieafspraken Grafische Rekenmachine, wiskunde A Bij deze verstrek ik jullie de afspraken voor de correcte notatie bij het gebruik van de grafische rekenmachine. Verder krijg je een woordenlijst met
wiskunde D havo nieuw vakinformatie staatsexamen 2017 WISKUNDE D HAVO NIEUW EXAMENPROGRAMMA VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V16.8.
WISKUNDE D HAVO NIEUW EAMENPROGRAMMA VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2017 V16.8.1 pagina 1 van 12 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is
WISKUNDE D HAVO OUD EXAMENPROGRAMMA VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V16.6.1
WISKUNDE D HAVO OUD EAMENPROGRAMMA VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2017 V16.6.1 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor
Examencursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO kan niet korter
Voorbereidende opgaven VWO Examencursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk hem dan
Samenvatting wiskunde B
Samenvatting wiskunde B Dit is een samenvatting van het tweede deel van Getal en Ruimte VWO wiskunde B. In deze samenvatting worden hoofdstuk 5, 6 en 7 behandeld. Ik hoop dat deze samenvatting je zal helpen!
Checklist Wiskunde A HAVO 4 2014-2015 HML
Checklist Wiskunde A HAVO 4 2014-2015 HML 1 Hoofdstuk 1 Ik weet hoe je met procenten moet rekenen: procenten en breuken, percentage berekenen, toename en afname in procenten, rekenen met groeifactoren.
WISKUNDE C VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE C VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
3.0 Voorkennis. y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x.
3.0 Voorkennis y = -4x + 8 is de vergelijking van een lijn. Hier wordt y uitgedrukt in x. y = -4x + 8 kan herschreven worden als y + 4x = 8 Dit is een lineaire vergelijking met twee variabelen. Als je
2010-I. A heeft de coördinaten (4 a, 4a a 2 ). Vraag 1. Toon dit aan. Gelijkstellen: y= 4x x 2 A. y= ax
00-I De parabool met vergelijking y = 4x x en de x-as sluiten een vlakdeel V in. De lijn y = ax (met 0 a < 4) snijdt de parabool in de oorsprong en in punt. Zie de figuur. y= 4x x y= ax heeft de coördinaten
10.0 Voorkennis. Herhaling van rekenregels voor machten: a als a a 1 0[5] [6] Voorbeeld 1: Schrijf als macht van a:
10.0 Voorkennis Herhaling van rekenregels voor machten: p p q pq a pq a a a [1] a [2] q a q p pq p p p a a [3] ( ab) a b [4] Voorbeeld 1: Schrijf als macht van a: 1 8 : a a : a a a a 3 8 3 83 5 Voorbeeld
Kerstvakantiecursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO kan niet korter
Voorbereidende opgaven VWO Kerstvakantiecursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk
Examen havo wiskunde B 2016-I (oefenexamen)
Examen havo wiskunde B 06-I (oefenexamen) De rechte van Euler Gegeven is cirkel c met middelpunt (, ) p Stel een vergelijking op van c. De punten B(, 0) en ( 4, 0) M die door het punt A( 0, 4) C liggen
META-kaart vwo3 - domein Getallen en variabelen
META-kaart vwo3 - domein Getallen en variabelen In welke volgorde moet ik uitwerken? */@ Welke (reken)regels moet ik hier gebruiken? */@ Welke algemene vorm hoort erbij? ** Hoe ziet de bijbehorende grafiek
d. Met de dy/dx knop vind je dat op tijdstip t =2π 6,28 het water daalt met snelheid van 0,55 m/uur. Dat is hetzelfde als 0,917 cm per minuut.
Hoofdstuk A: Goniometrische functies. I-. a. De grafiek staat hiernaast. De periode is ongeveer,6 uur. b. De grafiek snijden met y = levert bijvoorbeeld x,00 en x,8. Het verschil is ongeveer,7 uur en dat
Havo wiskunde A. Examentraining
Havo wiskunde A Examentraining Programma 1.Algemeen hoe examens maken in zijn werk gaat 2.Wiskunde examen lezen 3.Onderwerpen a. Algemene vaardigheden b. Lineair verband c. Formules d. Exponentiële groei
WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname
Checklist Wiskunde B HAVO HML
Checklist Wiskunde B HAVO 4 2014-2015 HML 1 Hoofdstuk 1 Lineaire vergelijkingen en lineaire ongelijkheden oplossen. Wanneer klapt het teken om? Haakjes en breuken wegwerken. Ontbinden in factoren: x buiten
Uitwerkingen Mei 2012. Eindexamen VWO Wiskunde B. Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek
Uitwerkingen Mei 01 Eindexamen VWO Wiskunde B A B C Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek Onafhankelijkheid van a Opgave 1. We moeten aantonen dat F a een primitieve is van de
(g 0 en n een heel getal) Voor het rekenen met machten geldt ook - (p q) a = p a q a
Samenvatting wiskunde h4 hoofdstuk 3 en 6, h5 hoofdstuk 4 en 6 Hoofdstuk 3 Voorkennis Bij het rekenen met machten gelden de volgende rekenregels: - Bij een vermenigvuldiging van twee machten met hetzelfde
Stoomcursus. wiskunde A. Rekenregels voor vereenvoudigen. Voorbereidende opgaven VWO ( ) = = ( ) ( ) ( ) = ( ) ( ) = ( ) = = ( )
Voorbereidende opgaven VWO Stoomcursus wiskunde A Tips: Maak de voorbereidende opgaven voorin in een van de A4-schriften die je gaat gebruiken tijdens de cursus. Als een opdracht niet lukt, werk hem dan
6.0 Differentiëren Met het differentiequotiënt bereken je de gemiddelde verandering per tijdseenheid.
6.0 Differentiëren Met het differentiequotiënt bereken je de gemiddelde verandering per tijdseenheid. f(x) = x x Differentiequotiënt van f(x) op [0, 3] = y f (3) f (0) 60 x 30 30 y x 1 Algemeen: Het differentiequotiënt
WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2019
Toevoeging: blz. 10 Hulpmiddelen, toegestane grafische rekenmachines Toevoeging: blz. 9 Posterpresentatie in het vso WISKUNDE A VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2019 V18.12.1 De vakinformatie in dit document
Vragen over algebraïsche vaardigheden aan het eind van klas 3 havo/vwo
Bijlage 7 Vragen over algebraïsche vaardigheden aan het eind van klas 3 havo/vwo Deze vragen kunnen gebruikt worden om aan het eind van klas 3 havo/vwo na te gaan in hoeverre leerlingen in staat zijn te
15.0 Voorkennis. Herhaling rekenregels voor differentiëren: (somregel) (productregel) (quotiëntregel) n( x) ( n( x))
5.0 Voorkennis Herhaling rekenregels voor differentiëren: f ( x) a f '( x) 0 n f ( x) ax f '( x) nax n f ( x) c g( x) f '( x) c g'( x) f ( x) g( x) h( x) f '( x) g'( x) h'( x) p( x) f ( x) g( x) p'( x)
Bijlage bij Eindverslag van de Nomenclatuurcommissie Wiskunde september 2007
Bijlage bij Eindverslag van de Nomenclatuurcommissie Wiskunde september 2007 zie havo vwo aantonen 1 aanzicht absolute waarde afgeleide (functie) notatie met accent: bijvoorbeeld f'(x), f' notatie met
WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2019
Toevoeging: blz. 10 Hulpmiddelen, toegestane grafische rekenmachines Toevoeging: blz. 9 Posterpresentatie in het vso WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2019 V18.12.1 De vakinformatie in dit document
LANDSEXAMEN VWO Het examenprogramma Het examenprogramma voor het commissie-examen Wiskunde D bestaat uit de volgende (sub)domeinen:
LANDSEXAMEN VWO 2017-2018 Examenprogramma WISKUNDE D (V.W.O. ) ( oud examenprogramma) 1 Het eindexamen Wiskunde D kent slechts het commissie-examen. Er is voor wiskunde D dus geen centraal schriftelijk
WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2018 V
WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2018 V17.03.2 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de
Correctievoorschrift HAVO. wiskunde B1,2
wiskunde B, Correctievoorschrift HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs 0 04 Tijdvak inzenden scores Verwerk de scores van de alfabetisch eerste vijf kandidaten per school in het programma Wolf of vul
WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0
WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van
6.0 Voorkennis AD BC. Kruislings vermenigvuldigen: Voorbeeld: 50 10x. 50 10( x 1) Willem-Jan van der Zanden
6.0 Voorkennis Kruislings vermenigvuldigen: A C AD BC B D Voorbeeld: 50 0 x 50 0( x ) 50 0x 0 0x 60 x 6 6.0 Voorkennis Herhaling van rekenregels voor machten: p p q pq a pq a a a [] a [2] q a q p pq p
13.0 Voorkennis. Links is de grafiek van de functie f(x) = 5x 4 + 2x 3 6x 2 5 getekend op het interval [-2, 2]; Deze grafiek heeft drie toppen.
13.0 Voorkennis Links is de grafiek van de functie f(x) = 5x 4 + 2x 3 6x 2 5 getekend op het interval [-2, 2]; Deze grafiek heeft drie toppen. Op het interval [-2; -0,94) is de grafiek dalend; Bij x =
Samenvatting Wiskunde Samenvatting en stappenplan van hfst. 7 en 8
Samenvatting Wiskunde Samenvatting en stappenplan van hfst. 7 en 8 Samenvatting door N. 1410 woorden 6 januari 2013 5,4 13 keer beoordeeld Vak Methode Wiskunde Getal en Ruimte 7.1 toenamediagrammen Interval
Paragraaf 13.1 : Berekeningen met de afgeleide
Hoofdstuk 13 Toepassingen vd differentiaalrekening (V5 Wis A) Pagina 1 van 7 Paragraaf 13.1 : Berekeningen met de afgeleide Differentiëren van e-machten en logaritmen f() = e f () = e f() = ln() f () =
Verbanden en functies
Verbanden en functies 0. voorkennis Stelsels vergelijkingen Je kunt een stelsel van twee lineaire vergelijkingen met twee variabelen oplossen. De oplossing van het stelsel is het snijpunt van twee lijnen.
vwo A deel 4 13 Mathematische statistiek 14 Algebraïsche vaardigheden 15 Toetsen van hypothesen 16 Toepassingen van de differentiaalrekening
vwo A deel 4 13 Mathematische statistiek 13.1 Kansberekeningen 13.2 Kansmodellen 13.3 De normale verdeling 13.4 De n -wet 13.5 Discrete en continue verdelingen 13.6 Diagnostische toets 14 Algebraïsche
Samenvatting Wiskunde Aantal onderwerpen
Samenvatting Wiskunde Aantal onderwerpen Samenvatting door een scholier 2378 woorden 4 juni 2005 5,1 222 keer beoordeeld Vak Wiskunde Gelijkvormigheid Bij vergroten of verkleinen van een figuur worden
Antwoordenboekje. Willem van Ravenstein
Antwoordenboekje Willem van Ravenstein 2006-2007 versie 2 herzien in 2010 1 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 Vermenigvuldigen, delen, optellen en aftrekken... 3 Breuken en haakjes... 4 Machten en wortels...
Domein A: Inzicht en handelen
Tussendoelen wiskunde onderbouw vo vmbo Preambule Domein A is een overkoepeld domein dat altijd in combinatie met de andere domeinen wordt toegepast (of getoetst). In domein A wordt benoemd: Vaktaal: het
klas 3 havo Checklist HAVO klas 3.pdf
Checklist 3 HAVO wiskunde klas 3 havo Checklist HAVO klas 3.pdf 1. Hoofdstuk 1 - lineaire problemen Ik weet dat de formule y = a x + b hoort bij de grafiek hiernaast. Ik kan bij een lineaire formule de
1.0 Voorkennis. Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x.
1.0 Voorkennis Voorbeeld 1: Los op: 6x + 28 = 30 10x. 6x + 28 = 30 10x +10x +10x 16x + 28 = 30-28 -28 16x = 2 :16 :16 x = 2 1 16 8 Stappenplan: 1) Zorg dat alles met x links van het = teken komt te staan;
EXAMENBOEKJE 2014 2015 BB4. Met o.a.: Tips en trucs Stofomschrijving Handige sites
EXAMENBOEKJE 2014 2015 BB4 Met o.a.: Tips en trucs Stofomschrijving Handige sites EINDEXAMEN NEDERLANDS BB4 Te leren stof: Bij de voorbereiding van dit examen is oefenen erg belangrijk om de stof te leren.
Examen HAVO. Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl)
Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 19 juni 13.30 16.30 uur 20 02 Voor dit examen zijn maximaal 85 punten te behalen; het examen bestaat uit
2.1 Lineaire functies [1]
2.1 Lineaire functies [1] De lijn heeft een helling (richtingscoëfficiënt) van 1; De lijn gaat in het punt (0,2) door de y-as; In het plaatje is de lijn y = x + 2 getekend. Omdat de grafiek een rechte
Uitwerkingen Mei 2012. Eindexamen VWO Wiskunde C. Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek
Uitwerkingen Mei 2012 Eindexamen VWO Wiskunde C Nederlands Mathematisch Instituut Voor Onderwijs en Onderzoek I Tjing Opgave 1. Het aantal hoofdstukken in de I Tjing correspondeert met het totale aantal
LOPUC. Een manier om problemen aan te pakken
LOPUC Een manier om problemen aan te pakken LOPUC Lees de opgave goed, zodat je precies weet wat er gevraagd wordt. Zoek naar grootheden en eenheden. Schrijf de gegevens die je nodig denkt te hebben overzichtelijk
ENGELSE TAAL VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V
ENGELSE TAAL VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2017 V17.01.1 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname
Paragraaf 4.1 : Kwadratische formules
Hoofdstuk 4 Werken met formules H4 Wis B) Pagina 1 van 10 Paragraaf 41 : Kwadratische formules Les 1 : Verschillende vormen Er zijn verschillende vormen van kwadratische vergelijkingen die vaak terugkomen
META-kaart domein - Exponentieel verband havo4 wiskunde A H=bxg^t
META-kaart domein - Exponentieel verband havo4 wiskunde A H=bxg^t Welk verband zie ik tussen de gegeven informatie en wat er gevraagd wordt? Wat heb ik nodig? Heb ik de gegevens uit de tekst gehaald? Welke
Correctievoorschrift HAVO
Correctievoorschrift HAVO 007 tijdvak wiskunde B Het correctievoorschrift bestaat uit: Regels voor de beoordeling Algemene regels 3 Vakspecifieke regels 4 Beoordelingsmodel 5 Inzenden scores Regels voor
