AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "AV Lichamelijke opvoeding AV Sport"

Transcriptie

1 LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 3/3 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar: Sport Sport ASO tweede graad eerste en tweede leerjaar Leerplannummer: 2008/019 (vervangt 2006/026) Nummer inspectie: 2006 / 17 // 1 / T / BS / 2H / II / / D/ (vervangt 2006 / 17 // 1 / T / BS / 1 / II / / V/08) Pedagogische begeleidingsdienst GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap Emile Jacqmainlaan Brussel

2 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 1 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) INHOUD Visie... 2 Beginsituatie... 3 Algemene doelstellingen... 4 Leerplandoelstellingen/leerinhouden... 6 Subvak 1: Atletiek... 6 Subvak 2: Zwemmen...13 Subvak 3: Gymnastiek...17 Subvak 4: Ritmische en dansante vormen...26 Subvak 5: Basketbal...32 Subvak 6: Handbal...38 Subvak 7: Voetbal...44 Subvak 8: Volleybal...51 Subvak 9: Badminton...56 Subvak 10: Tafeltennis...62 Subvak 11: Tennis...69 Subvak 12: Verdedigingssporten (Budo)...75 Subvak 13: Natuurgebonden bewegingsactiviteiten...81 Pedagogisch-didactische wenken en timing...84 Minimale materiële vereisten...95 Evaluatie...97 Bibliografie Concordantietabel...108

3 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 2 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) VISIE De pool Sport realiseert de vormingsdoelen van het ASO. De pool sport richt zich in het bijzonder naar een harmonische persoonlijkheidsvorming waarbij de sportcomponent een extra vormingsmiddel is. Ze spreekt vooral jongeren aan die zowel studiegericht als sportminded zijn, waarbij een intense lichaamsbeleving een motivatie betekent voor hun studieloopbaan. De pool sport bouwt verder op de eindtermen lichamelijke opvoeding uit de basisvorming. De bewegingsgebieden van lichamelijke opvoeding worden enerzijds uitgebreid en anderzijds voor een beperkt aantal uitgediept. De verdieping richt zich op de verfijning van bewegingsvaardigheden, op het inzichtelijk toepassen van strategieën en op het verbeteren van het individuele niveau. Ze slaat ook op achterliggende theoretische inzichten over bewegen, op meer systematische reflectie door analyse van bewegingsuitvoeringen, op sturingsmechanismen om bewegingsuitvoeringen te verbeteren en op theoretische aspecten van gezondheid en welzijn in relatie tot sportbeoefening. De rol van het zelfconcept en het sociaal functioneren bij sportprestaties en sportbeleving, wordt uitgediept. Via de specifieke eindtermen van de pool sport wordt gestreefd naar een zinvolle en aangepaste integratie van theorie en praktijk. Naast verdieping is er ook verbreding van de activiteiten. Nieuwe bewegingsgebieden die niet in de basisvorming worden aangeboden, kunnen worden geëxploreerd. De component samenleving is een bijkomende invalshoek van waaruit sport en beweging worden benaderd. In de component samenleving gaat het over de maatschappelijke betekenis van sport en bewegen, over maatschappelijke effecten van sport en over de manier waarop de bewegings- en sportcultuur zich manifesteert. De pool sport moet de leerlingen toelaten zich voor te bereiden op een doorstroming naar Hoger Onderwijs (pedagogisch, sociaal, wetenschappelijk, medisch, paramedisch, economisch ). De kwaliteit van een opleiding Sport berust op volgende pijlers: - gemotiveerde leerlingen die weten waaraan ze beginnen en die bereid zijn inspanningen te leveren en door te zetten; - bekwame leerkrachten LO die de meest actuele, wetenschappelijk onderbouwde, inzichten in sportbegeleiding in hun lessen integreren en die hun leerlingen aanmoedigen tot zelfstandig leren; - degelijke en veilige infrastructuur. Vakgebonden en vakoverschrijdend overleg. Bij de uitwerking van de leerplannen zijn zowel verticale als horizontale samenhang belangrijk. De verticale samenhang ligt in het verlengde van de leerplandoelstellingen van de eerste en de tweede graad. De horizontale samenhang legt het verband met andere vakken (o.a.: chemie, biologie, fysica) en vakoverschrijdende gebieden zoals gezondheid, milieu, sociale vaardigheden, burgerzin, leren leren, muzisch-creatieve en technisch-technologische vorming.

4 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 3 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) BEGINSITUATIE De leerplandoelstellingen en de leerinhouden steunen op de verworven kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes uit de eerste graad. Ze richten zich naar die leerling die enerzijds aanleg heeft voor wetenschappen en anderzijds sportbegaafd is. De leerlingen beschikken over voldoende motorische vaardigheden en hebben een positieve bewegingsingesteldheid. Een zekere graad van fysieke motorische geschiktheid is een conditio sine qua non om deze studierichting aan te vatten. Doorzettingsvermogen, beheersing, zelfstandigheid en zin voor samenwerking worden sterk aangesproken.

5 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 4 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) ALGEMENE DOELSTELLINGEN 1. Ontwikkelen van motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Het ontwikkelen van een goede en brede basisvorming in de lichamelijke opvoeding en de sport. Het ontwikkelen van basistechnieken en tactieken in die sporten die aangeboden worden in het leerplan. Bewegingen en acties met inzicht en vaardigheid leren uitvoeren, zowel individueel als in groep. Motorische vaardigheden en fysieke bekwaamheden leren inzetten om te komen tot sportefficiënte bewegingsuitvoeringen. Inzicht verkrijgen in technische en tactische vaardigheden. Het leren aanpakken en oplossen van eenvoudige leertaken in welbepaalde bewegingssituaties en dit zowel individueel als groep. Taakgericht leren werken en het belang ervan leren ervaren voor een esthetisch- expressieve en/of sportefficiënte beweging in verschillende omstandigheden. Het leren kennen van de sportspecifieke spel- en gedragsregels en bereid zijn deze toe te passen, alleen en in groep. Bij bewegingsuitvoeringen aandacht leren hebben voor de samenhang van kwalitatieve aspecten. 2. Ontwikkelen van motorische competentie: leren en sturen De bewegingsuitvoering leren bijsturen en optimaliseren bij zichzelf en anderen. Prioriteiten leren stellen en het leren bepalen van tactische, technische, mentale, conditionele en cognitieve doelen voor zichzelf en voor de groep. 3. Gezondheid en veiligheid De invloed van bewegen op de fysieke, mentale en sociale gezondheid leren duiden en dit leren vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. Het ontwikkelen van een optimale fitheid gebaseerd op uithouding, coördinatie, kracht, lenigheid en snelheid. Het leren kennen en toepassen van de belangrijke principes van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en lichaamsverzorging bij de eigen sportbeoefening. Het leren correct interpreteren van meetresultaten. Het evenwicht tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid leren nastreven. Het leren inschatten en vermijden van de risico s voor gezondheid en veiligheid verbonden aan de verschillende sporten. Het leren opnemen van verantwoordelijkheid omtrent veiligheidsafspraken. Oefenen in een geest van veiligheid en wederzijds respect. Beseffen dat onsportief, onethisch, ongezond en onbezonnen gedrag oorzaak kan zijn van letsels en trauma s. Inzicht verkrijgen in medebepalende gezondheidsfactoren zoals hygiëne, voeding, gebruik van genoten geneesmiddelen, nachtrust, schoolritme, trainingsfrequentie. Het ervaren van de positieve invloed van sporten in de natuur.

6 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 5 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 4. Zelfconcept en sociaal functioneren Ervaren dat motivatie, bewegingsvreugde, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeoefening, sportbeleving en sportief presteren. Mentale vaardigheden en mentale routines leren gebruiken om progressies te maken in het omgaan met spanning, stress, het behouden van controle met het oog op een esthetisch-expressieve en/of sportefficiënte beweging. Samenwerking en teamvorming leren realiseren. Het tonen sociaal aanvaardbaar gedrag op vlak van fair play, loyaliteit, regelgeving, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen, opmerkingen en gevoelens. Het leren ervaren dat sportbeoefening bijdraagt tot sociale interacties. 5. Samenleving Leren ervaren dat sport verweven is met, en effecten heeft op andere maatschappelijke domeinen. Zich leren informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende groepen. 6. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren. Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen. Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken. Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren. Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren. Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. 7. Vakoverschrijdende doelstellingen Probleemoplossend werken, individueel of in groep. Oorzaken van slagen of falen onderkennen en hiermee leren omgaan. Ontwikkelen van een positief zelfbeeld. Eigen sportieve interesses, capaciteiten en waarden leren verwoorden. Leren leiding geven, verantwoordelijkheid nemen en meewerken. Respect en waardering uitdrukken voor anderen. Zich dienstvaardig leren opstellen. Leren zich weerbaar opstellen en een persoonlijke autonomie behouden. Herkennen van vooroordelen en discriminerend gedrag bij zichzelf, bij anderen en in de media. Zich aangesproken voelen om binnen en buiten de school verantwoordelijkheid op te nemen en deel te nemen aan allerlei initiatieven. Zich inzetten om een natuurgebied naar waarde te schatten en te respecteren. Wij wensen de leerplangebruiker erop te wijzen dat deze lijst met vakoverschrijdende doelstellingen zeker niet limitatief is en slechts enkele LO-gerelateerde voorbeelden bevat uit de verschillende vakoverschrijdende thema s. De uitbreiding van deze lijst is sterk afhankelijk van de aanpak van de individuele leerkracht alsook van projecten opgezet door de vakgroep en/of door de school.

7 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 6 LEERPLANDOELSTELLINGEN/LEERINHOUDEN SUBVAK 1: ATLETIEK Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leren op een beheerste manier, aangepaste vormen van springen, werpen en lopen uitvoeren Verwerven inzicht in het bewegingsverloop van de verschillende technieken Leren aanvoelen dat het ritme in bepaalde bewegingsvormen belangrijk is Leren inzien dat prestatieverbetering alleen kan door het verbeteren van de techniek en het oefenen van de basisfysieke eigenschappen. Motorische competentie: leren en sturen Kunnen op basis van vooropgestelde criteria bij zichzelf nagaan of ze vorderingen maken Kunnen aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt en kunnen hun leerproces bijsturen. Gezondheid en veiligheid 26* Beleven voldoening aan een fysieke inspanning Zien het belang in van veiligheidsvoorschriften *-23* Leren de noodzaak inzien van een actieve opwarming, rust en recuperatie * Doen bewegingservaringen op in de natuur. 21* 11. Passen spontaan hygiënische basisregels toe * Leren de invloed van eet-, drink- en leefgewoontes inzien. Spurt Start LEERINHOUDEN Aanleren looptechniek. Versnellingen. Korte sprints. Aanleren starttechniek. Bepalen van afstootvoet. Reactie oefeningen op auditief en visueel signaal. Aerobe uithouding Lopen aan eigen tempo in open lucht. Coopertest.

8 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 7 ET LO DSET De leerlingen Zelfconcept en sociaal functioneren LEERPLANDOELSTELLINGEN Leren oefenen met inzet en volharding om hun grenzen te verleggen Leren samenwerking realiseren tijdens sportbeoefening. 29* Brengen waardering op voor elkaars mogelijkheden en kunnen rekening houden met individuele verschillen. 30* Hebben respect voor en kunnen aangepast omgaan met omgeving en materieel. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Hoogspringen Kogelstoten LEERINHOUDEN Bepalen van afstootvoet. Aanleren techniek. Veilig landen. Aanleren stoottechniek. Standworpen.

9 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 8 Subvak 1: ATLETIEK Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Verwerven inzicht in het bewegingsverloop van de verschillende technieken. De leerstof van het basispakket toepassen en vervolmaken. Afhankelijk van de accommodatie, het beschikbare materieel en het weer maakt de leerkracht een keuze Leren inzien dat prestatieverbetering alleen kan door het verbeteren van de techniek en de bewegingseigenschappen. Loopnummers: start en sprint en/of hordenloop en/of aflossing, aerobe uithouding Leren bij bewegingsuitvoeringen aandacht hebben voor de samenhang van ruimtegebruik, timing, houding en ritmisch verloop Spurt Aanleren looptechniek. Motorische competentie: leren en sturen lopen met ritmeveranderingen, versnellingen en korte 4. Leren zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht bij te sturen en tot een goed einde te brengen. sprints. Start Leren technische raad uitwisselen en elkaar stimuleren om de afgesproken streefdoelen te bepalen. Bepalen van afstootvoet. Aanleren starttechniek. Gezondheid en veiligheid Reactieoefeningen op auditief en visueel bevel. 23* 9 6. Streven naar en veelzijdige ontwikkeling van de basiseigenschappen en leren de invloed van bewegen op andere gezondheidsgerelateerde factoren duiden Leren belasting en intensiteit stelselmatig verhogen en hun meetresultaten correct interpreteren. 26* Kunnen voldoening beleven aan een fysieke inspanning en leren een evenwicht nastreven tussen sportprestaties en gezondheid *- 23* Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * 10. Kunnen respect opbrengen voor milieu en veiligheidsregels. Aflossing Stok doorgeven lopend aan verschillende tempo s. Wedstrijdsituaties. Hordenloop Aanleren hordentechniek. Specifieke oefeningen. Ritmeoefeningen over lage hindernissen.

10 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 9 LEERPLANDOELSTELLINGEN ET LO DSET LEERINHOUDEN De leerlingen Zelfconcept en sociaal functioneren Aerobe uithouding Leren oefenen met inzet en volharding om grenzen te verleggen. Extensieve duurinterval. Coopertest Leren zowel zelfstandig als in groep oefenen. Werpnummers: kogel en/of discus en/of speer * 13. Kunnen hun mogelijkheden en beperkingen inschatten. Kogel Aanleren techniek Kunnen mekaar observeren, hun prestaties waarderen, vergelijken en de belangrijkste fouten aanduiden. Standworpen. Discus Leren omgaan met winnen en verliezen op een gezonde basis. Aanleren techniek Worpen met vervangmaterieel (fietsbanden) 30* 16. Ontwikkelen verantwoordelijkheid voor infrastructuur en materieel. Speer Aanleren techniek. 17. Ervaren dat de atletiek bijdraagt tot persoonlijkheidsvorming. Worpen met vervangmaterieel (tennisballen, nockenballen). 26*-27* 18. Beleven voldoening aan de fysieke inspanning. Springnummers: hoogspringen en/of verspringen en/of Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. hinkstapspringen Hoogspringen Bepalen afstootvoet. Aanleren techniek. Veilig landen. Verspringen Bepalen van de afstootvoet. Aanleren techniek. Veilig landen. Hinkstapspringen Meersprongen in verschillende combinaties Wedstrijdvormen

11 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 10 LEERPLANDOELSTELLINGEN ET LO DSET LEERINHOUDEN De leerlingen Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode.

12 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 11 Subvak 1: atletiek Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Leren plannen en naar een prestatie werken. 2. Oefenstof voor de verbetering van coördinatie, beweeglijkheid en ritme aanbieden, zodat de link naar andere atletiek- en sportdisciplines wordt gelegd. 3. In functie van de onderwezen atletiekdisciplines worden de bijkomende basiseigenschappen getraind. 4. De leerlingen moeten de minimacriteria, die werden afgesproken binnen de vakgroep, realiseren. In bijlage worden criteriatabellen afgedrukt welke richtlijnen zijn om op schoolniveau te gebruiken. We gaan er van uit dat de accommodaties van iedere school verschillend zijn. Het is dus aan de vakgroep (vakleerkracht) om te bepalen welke minimacriteria er binnen de school zullen worden gehanteerd. SPORTWETENSCHAPPEN JONGENS KOGEL HOCKEY VER HOOG 60m COOPERTEST 3kg 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 10,0 11,50 12,80 52,00 54,00 5,20 5,55 1,50 1,55 8,0 7, ,0 10,70 11,80 48,00 50,00 5,00 5,30 1,43 1,48 8,2 8, ,0 9,90 10,80 44,00 46,00 4,80 5,05 1,36 1,41 8,4 8, ,0 9,10 9,80 40,00 42,00 4,60 4,80 1,29 1,34 8,6 8, ,0 8,30 8,80 36,00 38,00 4,40 4,55 1,22 1,27 8,8 8, ,0 7,50 8,00 32,00 34,00 4,20 4,30 1,15 1,20 9,0 8, ,0 7,00 7,50 28,00 30,00 4,00 4,10 1,08 1,13 9,2 9, ,0 6,50 7,00 24,00 26,00 3,80 3,90 1,01 1,06 9,4 9, ,0 6,00 6,50 20,00 22,00 3,60 3,70 0,94 0,99 9,6 9, ,0 5,50 6,00 16,00 18,00 3,40 3,50 0,87 0,92 9,8 9,

13 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 12 SPORTWETENSCHAPPEN MEISJES KOGEL HOCKEY VER HOOG 60m COOPERTEST 3kg 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 3de 4de 10,0 8,00 8,25 28,00 30,00 4,40 4,50 1,35 1,40 8,9 8, ,0 7,50 7,75 26,00 28,00 4,20 4,30 1,29 1,34 9,1 9, ,0 7,00 7,25 24,00 26,00 4,00 4,10 1,23 1,28 9,3 9, ,0 6,50 6,75 22,00 24,00 3,80 3,90 1,17 1,22 9,5 9, ,0 6,00 6,25 20,00 22,00 3,60 3,70 1,11 1,16 9,7 9, ,0 5,50 5,75 18,00 20,00 3,40 3,50 1,05 1,10 9,9 9, ,0 5,00 5,25 16,00 18,00 3,20 3,30 0,99 1,04 10,1 10, ,0 4,50 4,75 14,00 16,00 3,00 3,10 0,93 0,98 10,3 10, ,0 4,00 4,25 12,00 14,00 2,80 2,90 0,87 0,92 10,5 10, ,0 3,50 3,75 10,00 12,00 2,60 2,70 0,81 0,86 10,7 10,

14 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 13 SUBVAK 2: ZWEMMEN Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Techniek Leren crawl, schoolslag en rugcrawl op een reglementaire manier zwemmen Kunnen de elementaire vormen van starten en keren uitvoeren voor deze drie zwemslagen. Drills voor crawl, schoolslag en rugcrawl. Elementaire startvorm voor crawl, schoolslag en rugcrawl. Elementaire keerpunten met aantikken van de muur voor crawl, schoolslag en rugcrawl *-27* 3 3. Bouwen uithouding op. Aanvoelen van vlotvermogen, stuwings- en Maken kennis met de basistechnieken uit de zelfredding en het reddingszwemmen. remmingsvlakken (met voorbeelden uit de hydrodynamica, het kunstzwemmen ). Motorische competentie: leren en sturen Reddingszwemmen: Verwerven inzicht in enkele basisprincipes van de hydrodynamica. Zelfreddingstechnieken: leren drijven met minimale afkoeling. Gezondheid en veiligheid Een droge redding met eigen materieel (stokken, 1 6. Leven gezondheidsaspecten en hygiënische voorschriften na en houden zich aan duidelijke afspraken in verband met de veiligheid. koorden, ballen ) en speciaal ontworpen voorwerpen (reddingsboei, -bal, -klos ). 10 Leren meetresultaten correct interpreteren. Onder water zwemmen. Zelfconcept en sociaal functioneren Een voorwerp ophalen uit het diep gedeelte en vervoeren Tonen respect voor medeleerlingen. Gezondheidsaspecten, hygiëne en afspraken: Werken in groep en geven vertrouwen aan hun medeleerlingen bij partneroefeningen. Stortbad voor en na het zwemmen. Aangepaste zwemkledij. Samenleving Elkaar niet onder duwen en geen water in elkaars ogen Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld. De afgesproken zwemrichting spatten. volgen Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Niet lopen op de kade.

15 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 14 Subvak 2: Zwemmen Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2 de graad inoefenen en vervolmaken Zwemmen crawl, schoolslag en rugcrawl op een reglementaire en efficiënte manier en kunnen de elementaire vormen van starten van deze 3 zwemslagen uitvoeren Kunnen basistechnieken van zelfredding en reddingszwemmen verder ontwikkelen. Techniek Techniekdrills voor crawl, schoolslag en rugcrawl. Een keerpunt met aantikken van de muur voor crawl en schoolslag. Motorische competentie: leren en sturen Grijpstart of start met armzwaai Verwerven inzicht in hydrodynamica en fysieke eigenschappen. Start voor rugslag. Gezondheid en veiligheid Een elementair keerpunt voor rugcrawl Kunnen gevaren die verbonden zijn aan het zwemmen duiden. Aanvoelen van vlotvermogen, stuwings- en remmingsvlakken. 21* Leven gezondheidsaspecten en hygiënische voorschriften na en houden zich aan duidelijke afspraken. Zelfredding en reddingszwemmen Leren meetresultaten correct interpreteren. Krampen bestrijden * -27*-29* Zelfconcept en sociaal functioneren Onderkoeling vermijden Verleggen grenzen wat snelheid en uithouding betreft. Apneu-oefeningen. Een voorwerp aanreiken aan een drenkeling. Samenleving Onder water zwemmen Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Een voorwerp ophalen uit het diep gedeelte. Een partner vervoeren. Opbouw afstandzwemmen in schoolslag, rug- of borstcrawl Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

16 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 15 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. LEERINHOUDEN

17 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 16 Subvak 2: Zwemmen Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing Basispakket m crawl, 50 m schoolslag en 50 m rugcrawl stijlbeoordeling 1e+2e jaar m R-S-C: jongens 1 35, meisjes e jaar m continu zwemmen, wisselen van slag toegelaten (jongens 5 ; meisjes 6 ) 1e jaar m R-S-C: jongens 1 30, meisjes e jaar m continu zwemmen, wisselen van slag toegelaten (jongens 8, meisjes 9 ) 2e jaar 6. Oefeningen wrikken en aquatisch ademhalen. 2e jaar 7. Onder water zwemmen (breedte van het bad = 12,5m). 2e jaar Uitbreidingspakket 8. 50mC, 50mR en 50mS: stijlbeoordeling 1e jaar 9. 75m R-S-C: jongens 1'30", meisjes 1'40" 1e jaar m slag naar keuze, wisselen toegelaten: jongens 11', meisjes 12' 1e jaar 11. Oefeningen wrikken en aquatisch ademhalen 1e jaar m onder water zwemmen 1e jaar mC, 100mR en 100mS: stijlbeoordeling 2e jaar m R-S-C: jongens 1'25", meisjes 1'30" 2e jaar m onder water zwemmen 2e jaar m slag naar keuze, wisselen toegelaten: jongens 16'30", meisjes 18' 2e jaar 17. Combinatieslagen, afslag en watergevoel. 2e jaar

18 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 17 SUBVAK 3: GYMNASTIEK Basispakket jongens: 25 lestijden per graad ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie GROND Maken kennis met het toestelturnen door het aanleren van de basisbewegingen uit de verschillende disciplines. Koprol: voorwaarts en rugwaarts, benen gebogen en gesloten; : korte zweefrol; : rol opsprong rol Verwerven een betere algemene kracht en lenigheid. Handenstand: afstoot 1 voet en doorrollen Verwerven ruimte-, tijd- en lichaamsperceptie door de wisselende omstandigheden in de diverse disciplines van het toestelturnen Leren de technieken van helpen en bijstaan in overeenstemming met de beweging en met het turntoestel. Motorische competentie: leren en sturen Rad: uit stand; : na opsprong. Evenwicht: boogstand. BRUG Reeks: aaneenschakeling gekende oefeningen Leren tactische, technische, mentale, conditionele en cognitieve doelen bepalen voor zichzelf. Zwaaien: in streksteun; : in bovenarmsteun. Gezondheid en veiligheid Uitwenden * Kunnen toestellen plaatsen en bergen met zin voor verantwoordelijkheid voor het materieel en voor de veiligheid * 9 7. Zien het belang in van een adequate opwarming in functie van een bewegingsactiviteit Zijn zich bewust van het risico verbonden aan sommige oefeningen. Uitkeren. Schouderrol voorwaarts uit spreidzit. Schouderstand: opduwen vanuit spreidzit. (::)

19 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 18 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Zelfconcept en sociaal functioneren 9. Ontwikkelen een oefenmentaliteit zodat zelfstandig werken in kleine groepen mogelijk wordt. REK Laag rek LEERINHOUDEN 5-23* Ontwikkelen de wil om bewegingen correct uit te voeren. Rugwaarts om breedte as draaien tot steun, afstoot 1 voet Buikdraai rugwaarts (::) Bouwen durf en zelfvertrouwen op. Molendraai voorwaarts (::). 6-26*-27* Kunnen positief omgaan met lukken en mislukken. Hoog rek Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Ondersprong: uit stand., afstoot 2 voeten. Voorwaarts en rugwaarts zwaaien en uitspringen. SPRONGEN Plint breedte: tussen steun. Plint lengte: voorbereiding duiksprong. Springplank en valmat: duikrol.

20 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 19 Subvak 3: Gymnastiek Uitbreidingspakket jongens: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2 graad toepassen en vervolmaken Maken kennis met het toestelturnen door het aanleren van de basisbewegingen uit de verschillende disciplines. 21*-22*-23* 6 2. Verwerven een betere algemene kracht en lenigheid. Grond Verwerven ruimte-, tijd- en lichaamsperceptie door de wisselende omstandigheden in de diverse disciplines van het toestelturnen Leren de technieken van helpen en bijstaan in overeenstemming met de beweging en met het turntoestel Passen de technieken van helpen en bijstaan toe voor de oefeningen die behoren tot de opgelegde leerstof. Motorische competentie: leren en sturen Koprol: benen gespreid, voorwaarts en rugwaarts. Handenstand: afstoot 2 voeten en doorrollen. Rad: in reeks; : rad bijtrekpas rad. Rondat. Overslag: afstoot met handen op verhoogd vlak en landen op een valmat Kunnen bij zichzelf de bewegingsuitvoering bijsturen. Reeks: aaneenschakeling van gekende oefeningen *- 28*-29* 7 7. Kunnen een vrije reeks samenstellen, rekening houdend met eigen mogelijkheden en beperkingen Tonen inzet om meer complexe bewegingen onder de knie te krijgen. Brug Achteropzet. Gezondheid en veiligheid Streven naar schouderstand uit zwaai in streksteun *-23* Werken taakgericht en hebben aandacht voor het belang van een opwarming in functie van een bewegingsactiviteit Helpen medeleerlingen wanneer een bewegingssituatie dit vereist * Zien de noodzaak in van een uitgebreide opwarming en van aangepaste kracht- en lenigheidsoefeningen. Kipbeweging. Reeks: aaneenschakeling van gekende oefeningen.

21 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 20 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Zelfconcept en sociaal functioneren Werken in groep en leren zichzelf en hun medeleerlingen te stimuleren om ernstig te trainen * Nemen hun verantwoordelijkheid op door gezamenlijk genomen veiligheidsregels toe te passen. 27*-28* Kunnen aan de hand van opgegeven criteria, een reeks samenstellen rekening houdend met de fysieke mogelijkheden en beperkingen van zichzelf en of de groep. 29* Tonen voor zichzelf en anderen respect en herkennen signalen van onverdraagzaamheid en reageren daar passend en tijdig op. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. REK: Laag rek Molendraai voorwaarts. Buikdraai rugwaarts LEERINHOUDEN Vanuit streksteun: ondersprong. Kipbeweging (::). Hoog rek Hang: voorwaarts en rugwaarts zwaaien + ½ draai met greepwissel. Vanuit opsprong tot hang/ rugwaarts om de breedte-as draaien tot streksteun Reeks met gekende oefeningen. SPRONGEN: Plint lengte: duiksprong. Minitramp: hoogtesprongen; : voorbereiding salto voorwaarts. Minitramp + plint (breedte, 7 delen): handenstand afwenden.

22 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 21 Subvak 3: Gymnastiek Basispakket meisjes: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie GROND: Maken kennis met het toestelturnen door het aanleren van de basisbewegingen uit de verschillende disciplines Verwerven een betere algemene kracht en lenigheid. Rad uit stand Verwerven ruimte-, tijd- en lichaamsperceptie door de wisselende omstandigheden in de diverse disciplines van het toestelturnen Leren de technieken van helpen en bijstaan in overeenstemming met de beweging en met het turntoestel. Motorische competentie: leren en sturen Leren tactische, technische, mentale, conditionele en cognitieve doelen bepalen voor zichzelf. Koprol: voorwaarts en rugwaarts, benen gebogen en gesloten. Handenstand: afstoot 1 voet en doorrollen. Rad na opsprong. Eenvoudige sprongen en draaien. Reeks: aaneenschakeling van gekende oefeningen. BRUG en/of REK: Rugw. Om de breedte as draaien tot steun, afstoot 1 voet (::) Buikdraai rugwaarts (::). Gezondheid en veiligheid Zwaaien en uitspringen aan de hoge legger. Reeks: aaneenschakeling van gekende oefeningen * Kunnen toestellen plaatsen en bergen met zin voor verantwoordelijkheid voor het materieel en voor de veiligheid * 9 7. Zien het belang in van een adequate opwarming in functie van een bewegingsactiviteit Zijn zich bewust van het risico verbonden aan sommige oefeningen Balk: Zijlingse loopopsprong (:). Zelfconcept en sociaal functioneren Draaien: ½ draai op 2 voeten. 9. Ontwikkelen een oefenmentaliteit zodat zelfstandig werken in Eenvoudige basissprongen. kleine groepen mogelijk wordt. Waagstand. 5-23* Ontwikkelen de wil om bewegingen correct uit te voeren. Sprongen: Verschillende verplaatsingsvormen voorwaarts, rugwaarts, zijwaarts Bouwen durf en zelfvertrouwen op. Plint breedte: tussensteunsprong. 6-26*-27* Kunnen positief omgaan met lukken en mislukken. Minitramp: hoogtesprongen.

23 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 22 ET LO DSET De leerlingen Samenleving LEERPLANDOELSTELLINGEN Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. LEERINHOUDEN

24 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 23 Subvak 3: Gymnastiek Uitbreidingspakket meisjes: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2 graad inoefenen en vervolmaken Maken kennis met het toestelturnen door het aanleren van de basisbewegingen uit de verschillende disciplines. 21*-22*-23* 6 2. Verwerven een betere algemene kracht en lenigheid. Grond Verwerven ruimte-, tijd- en lichaamsperceptie door de wisselende omstandigheden in de diverse disciplines van het toestelturnen Leren de technieken van helpen en bijstaan in overeenstemming met de beweging en met het turntoestel Passen de technieken van helpen en bijstaan toe voor de oefeningen die behoren tot de opgelegde leerstof. Koprol: voorwaarts en rugwaarts, benen gespreid. Korte zweefrol. Handenstand, afstoot 2 voeten (::). Rad: in reeks. Aanloop opsprong rad. Rondat. Overslag: afstoot met handen op verhoogd vlak (::). Motorische competentie: leren en sturen Reeks: aaneenschakeling van gekende oefeningen Kunnen bij zichzelf de bewegingsuitvoering bijsturen *- 28*-29* 7 7. Kunnen een vrije reeks samenstellen, rekening houdend met eigen mogelijkheden en beperkingen Tonen inzet om meer complexe bewegingen onder de knie te krijgen. Brug en/of rek Gezondheid en veiligheid Opsprong: aanloop opsprong buikdraai rugwaarts (::) *-23* Werken taakgericht en hebben aandacht voor het belang van een opwarming in functie van een bewegingsactiviteit Helpen medeleerlingen wanneer een bewegingssituatie dit vereist * Zien de noodzaak in van een uitgebreide opwarming en van aangepaste kracht- en lenigheidsoefeningen. Molendraai voorwaarts (::). Kipbeweging (::). Zwaai aan hoge legger met greepwissel. Reeks met gekende oefeningen.

25 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 24 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Zelfconcept en sociaal functioneren Werken in groep en leren zichzelf en hun medeleerlingen te stimuleren om ernstig te trainen * Nemen hun verantwoordelijkheid op door gezamenlijk genomen veiligheidsregels toe te passen. 27*-28* Kunnen aan de hand van opgegeven criteria, een reeks samenstellen rekening houdend met de fysieke mogelijkheden en beperkingen van zichzelf en of de groep. 29* Tonen voor zichzelf en anderen respect en herkennen signalen van onverdraagzaamheid en reageren daar passend en tijdig op. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. BALK: LEERINHOUDEN Opsprong: tot stand, afstoot 1 of 2 voeten. Draaien: halve draai op 1 of 2 voeten. Sprongen: opeenvolging van 2 sprongen in serie Verplaatsingen voor- en rugwaarts met armbeweging. Waagstand. Afsprong: rondat (:). Reeks met gekende oefeningen. SPRONGEN: Plint of paard breedte: tussensteunsprong, plankafstand vergroten Minitramp: hoogtesprongen; : zweefrol.

26 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 25 Subvak 3: Gymnastiek Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing Basispakket 1. De lessen worden voor de jongens en meisjes bij voorkeur in een afzonderlijke groep aangeboden. 2. Een constante vooruitgang zowel op het inhoudelijk vlak(= moeilijkheid), als op het vormelijke vlak (= zin voor afwerking en esthetiek), blijft het doel. 3. Zorg op elk niveau voor een progressieve klimming in de oefenstof. 4. Individueel remediëren blijft noodzakelijk. 5. Gevarieerde oefenvormen en organisatievormen zijn wenselijk. 6. Tijdens de opwarming dient rekening te worden gehouden met de specificiteit van het toestel. 7. Het verbeteren van de algemene lenigheid en kracht is van het grootste belang. Leerlingen kunnen ook de opdracht krijgen hiervoor naschools te oefenen. 8. Er dient bijzondere aandacht te worden besteed aan de technieken van helpen en bijstaan en aan de veiligheid. Uitbreidingspakket 9. Extra leerinhouden kunnen aangeboden worden, te kiezen uit de oefenstof van de wedstrijdgymnastiek. 10. De basiskennis en de individuele aanleg van elke leerling zullen mede deze extra leerinhouden bepalen. 11. Voor een wedstrijdturner/ turnster kan de leerstof uitgebreid worden in functie van te leveren prestaties. Samenspraak met de clubtrainer is in dit geval wenselijk. 12. De uitrusting van de oefenzaal en de veiligheidshulpmiddelen (landingsmatten, valput, saltogordels) kunnen ook een invloed hebben bij de keuze van bepaalde leerstofonderdelen.

27 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 26 SUBVAK 4: RITMISCHE EN DANSANTE VORMEN Basispakket: 12 lestijden per graad ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen kunnen LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Ontwikkelen fysieke en motorische basiseigenschappen via dansante bewegingsvormen Kunnen een ritmegevoel ontwikkelen. bewegingsvorm. Uit de zeer brede waaier van mogelijkheden zal men bij voorkeur opteren voor een sterk conditionele ritmische Ontwikkelen een lichaams- en bewegingsbewustzijn. Afhankelijk van de interesses van de leerlingen en de specialiteit(en) Ontwikkelen tijdsbesef: ervaren van tempo, ritme en duur. van de lesgever kunnen diverse ritmische bewegingsvormen worden aangeboden Kunnen zowel kracht (vnl. Versterken van romp, gordel en benen) als snelheid, lenigheid en evenwicht in sterke mate ontwikkelen * Passen een correcte houding toe in eenvoudige en meer complexe combinaties. Motorische competentie: leren en sturen 7 7. Breiden hun specifieke kennis van terminologie uit de muziek- en de danswereld uit. De NIEUWE TRENDS : AEROBIC, STEPAEROBIC, TAE BO, Cardio-funk, streetdance, hiphop, rope skipping zullen zeker aanspreken Kunnen zich concentreren, al dan niet met (eigen) publiek. Inzicht bijbrengen in de opbouw van een les Gezondheid en veiligheid Warming-up *-23* 9 9. Zien het belang in van opwarming, stretching, buik- en rugspieroefeningen, relaxatie. Opbouw danscombinatie. Techniekgedeelte. 22* De basisregels van houding- en rugscholing spontaan toepassen. Cool-down. Zelfconcept en sociaal functioneren 16-26*-27* Zien in dat dans- en ritmische bewegingsopdrachten hun een voortreffelijke basistechniek meegeeft en bijdraagt tot een harmonische ontplooiing *-29* Brengen waardering op voor elkaars mogelijkheden. Terminologie van de basispassen aanleren. Eenvoudige bewegingszinnen uitvoeren van de basispassen.

28 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 27 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen kunnen LEERINHOUDEN Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport en cultuur (in casu dans) binnen de eigen regio.

29 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 28 Subvak 4: Ritmische en dansante vormen Uitbreidingspakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Ontwikkelen ritmegevoel. LEERINHOUDEN Verbreden en verdiepen van de ritmische bewegingsvormen die reeds in het basispakket werden aangeboden Ontwikkelen lichaams- en bewegingsbewustzijn. VOLKSDANSEN: Ontwikkelen tijdsbesef: ervaren van tempo, ritme, duur en accent. eenvoudige dansen van eenvoudige tot moeilijker passen 23* 1 4. Ontwikkelen een aeroob en anaeroob uithoudingsvermogen. van simpele tot meer complexe figuren * Ontwikkelen zowel kracht (vnl. Versterken van romp, gordel en benen) als snelheid, lenigheid en evenwicht in sterke mate Ontwikkelen fysieke en motorische basiseigenschappen via dansante bewegingsvormen. demonstraties * Leren creatief en expressief bewegen. nadruk op bewegingsvreugde en techniek Motorische competentie: leren en sturen Basistechnieken: round down, pliés, hip-walk side Kunnen zinvol oefenen, combineren en eerder geleerde vaardigheden herhalen en toepassen. isolatiebewegingen, tendu, ritmevormen, sprongen, draai * Ontwikkelen presence en zelfzekerheid. maximum 2 techniekelementen per les aan bod laten komen 30* creativiteit bij het moeilijker worden van de JAZZ: Kunnen het belang van een correcte houding aangeven. coördinatieoefeningen Breiden hun specifieke kennis van de terminologie uit de muziek- en danswereld uit Kunnen zich concentreren ook in het bijzijn van (ongekend) publiek. 13. Verwerven inzicht in de choreografische eigenschappen van de zelf geleerde dansen en leren, aan de hand van een kijkwijzer, een dansvoorstelling bespreken. analyseren van globaal aangeboden opdrachten zelfstandig toepassen van organisatievormen

30 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 29 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid Leren het belang inzien van opwarming, stretching, buik- en rugspieroefeningen, relaxatie. 22* Leren de basisregels van houding- en rugscholing spontaan toepassen * Leren een correcte houding toepassen in eenvoudige en meer complexe combinaties. 17. Leren oorzaak en preventie kennen van de meest voorkomende blessures specifiek voor dansers. DANSCOMBINATIE: is een geheel van bewegingen dat wordt samengesteld door de lesgever, en bij voorkeur met inbreng van de leerlingen, op het niveau van de geziene leerstof. Voorbeelden van stijlen voor danscombinaties: Zelfconcept en sociaal functioneren hedendaagse dans; 16-26*-27* Zien in dat dans- en ritmische bewegingsopdrachten hun een nuttige basistechniek meegeeft en bijdraagt tot een harmonische ontplooiing. 28*-29* Brengen waardering op voor elkaars mogelijkheden en houden rekening met individuele verschillen Ervaren dat ritmische en dansante vormen bijdragen tot sociale interacties. Samenleving musical fragmenten; streetdance (hiphop, funk ); Afro-dance; Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld. 22. Maken kennis met enkele culturele achtergrondgegevens van de aangeboden dansstijlen Begrijpen de maatschappelijke impact van sport (in casu dans) binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

31 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 30 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode.

32 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 31 Subvak 4: Ritmische en dansante vormen Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. De leerstof binnen het kader van éénzelfde discipline moet oordeelkundig worden gegroepeerd ten einde de rentabiliteit en de continuïteit van een les zo hoog mogelijk te houden. 2. Bij het maken van keuzes rekening houden met een logische opbouw zodat er een vlotte overgang is van eenvoudige tot meer ingewikkelde expressievormen. 3. Binnen elke oefening worden verschillende basisbewegingspatronen gecombineerd tot een muzikaal geheel waarbij rekening wordt gehouden met de dynamische eigenheid en het kader van elk onderdeel. 4. Zowel het uitvoeren van opgelegde bewegingspatronen als het creatief toepassen van bewegingsmaterieel zijn onontbeerlijk voor een zo breed mogelijk dansspectrum. 5. Overleg binnen de vakgroep schept de mogelijkheid om intern afspraken te maken en binnen een zelfde schooljaar een groepswissel door te voeren. 6. Er kunnen meerdere ritmische bewegingsvormen vormen aan bod komen of één vorm kan volledig worden uitgediept. 7. De oefenstofkeuze moet zinvol, prettig en intensief zijn, ook voor de minder getalenteerde / gemotiveerde leerlingen. Motiverende muziek en haalbare opdrachten zijn daarom zeer belangrijk. 8. De creativiteit en het plezier van het bewegen kunnen onder meer geprikkeld worden door (half) open opdrachten. Men kan best regelmatig wisselen van werkvorm naargelang de dansstijl en het onderwerp waaraan wordt gewerkt. 9. De lesgever beschikt over een goede cueing, m.a.w. geeft verbaal en non-verbaal een goede ondersteuning van de demonstraties om duidelijk te maken wat er komt, wat er verwacht en wordt op welk moment.

33 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 32 SUBVAK 5: BASKETBAL Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Passen en vangen: borstpass-botspass-éénhandse duwpass Kunnen scoren en de juiste beslissing nemen in een meerderheidssituatie van 2 1 tot Kunnen kansen creëren in een meerderheidssituatie van 2 1 tot 3 2. Kunnen kansen creëren in een gelijkheidssituatie van 2 2 tot Controleren de bal controleren en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen. 4. Kunnen een aanval opbouwen. In een meerderheidssituatie van 2 1 tot 3 2 op een half en volledig terrein. In een gelijkheidssituatie van 2 2 tot 3 3. Setshot. Lay-up na dribble. Lay-up na pass. Jumpshot of gesprongen setshot. Dribbel: verandering van richting, verandering van snelheid. Stoppen: 1 tijd. Pivoteren in functie van het richten en beschermen van de bal. Vrijlopen: veranderen van richting en snelheid. Pass en doorsnijden. Motorische competentie: leren en sturen Give and go Nemen verantwoordelijkheid op naar zichzelf en naar anderen door te spelen volgens opgelegde spel- en speelregels Kunnen zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. Controle. Pass-selectie. Vrijlopen in functie van een ploegmaat. Aanvalsopbouw op een half terrein. In and out. Opbouw tegenaanval van 2 1 tot aanvalsopbouw in voorbereiding van de 5 5 situatie.

34 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 33 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid Zie leerinhoud motorische competentie * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie leerinhoud motorische competentie * Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 14. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 15. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter, 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 17. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Op verschillende spots spelen.

35 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 34 Subvak 5: Basketbal Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN In een gelijkheidssituatie 3 3 tot 5-5 op een half en volledig terrein Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie 1. Kunnen scoren en de juiste beslissing nemen in: een meerderheidsituatie van 2 1 tot 3 2; een gelijkheidssituatie 3 3 tot Kunnen kansen creëren in: een meerderheidssituatie van 2 1 tot 3 2; een gelijkheidssituatie 3 3 tot Controleren de bal en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen. 4. Kunnen een aanval opbouwen. In een meerderheidssituatie van 2 1 tot 3 2 op een half en volledig terrein. 5. Verhinderen het scoren door de individuele verdediging toe te passen in een 3 3 tot 5 5 spelsituatie. Motorische competentie: leren en sturen Kunnen verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Bepalen zelfstandig hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. Leerstof basispakket 2e graad inoefenen en vervolmaken Setshot verdiepen en verfijnen. Shotselectie. Lay-up na dribbel links en rechts. Lay-up na pass. Varianten op de lay-up links en rechts. Jumpshot verdiepen en verfijnen. Passen en vangen: borstpass-botspass-éénhandse duwpassverre borstpass. Dribbel: verandering van richting, lage beschermende en hoge dribbel. Stoppen: 1 tijd; 2 tijden. Pivoteren in functie van het richten en beschermen van de bal. Vrijlopen veranderen van richting en snelheid. Van pass en doorsnijden naar give and go. Dribbel: veranderen van richting achter de rug. Vrijlopen: veranderen van richting en snelheid tot backdoor. Controle. Pass-selectie. Vrijlopen in functie van een ploegmaat. Aanvalsopbouw op een half terrein. In and out. Opbouw tegenaanval van 2 1 tot aanvalsopbouw in functie van de geziene technische en tactische elementen. 4 4 in functie van de 5 5 situatie. Begrip tussen man en doel integreren in verdedigend opzicht.

36 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 35 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN * Gezondheid en veiligheid Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren. Zie leerinhoud motorische competentie * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 12. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie leerinhoud motorische competentie * Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 15. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 16. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 18. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Op verschillende spots spelen. Transitie verdediger-aanvaller.

37 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 36 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode.

38 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 37 Subvak 5: Basketbal Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Stel duidelijk een aantal aandachtspunten voorop als er gespeeld wordt. 2. Vermijd het gebruik van handen en armen in verdediging. 3. Laat de leerlingen in kleine groepen spelen. 4. Gebruik evaluatiefiches. 5. Zorg ervoor dat de belangrijkste aandachtspunten beheerst zijn. 6. Vertrek van de meerderheidssituaties om leerlingen te doen inzien wanneer en waar zij moeten scoren. 7. Eerst op een half terrein daarna op een volledig terrein. 8. Zorg ervoor dat het spel vertraagd wordt door te stoppen en pivoteren. 9. Maak gebruik van spots. 10. Laat de verdedigers binnen de driepuntszone verdedigen. 11. Differentieer.

39 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 38 SUBVAK 6: HANDBAL Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie scoren in een gelijkheidssituatie van 3 3 tot een 5 5 situatie Kunnen: 2. Kunnen: scoren en de juiste beslissing nemen in een meerderheidssituatie van 2 1 tot 4 3. kansen creëren in een meerderheidssituatie van 2 1 tot 4 3. kansen creëren in een gelijkheidssituatie van 3 3 tot Kunnen een aanval opbouwen: in een meerderheidssituatie van 2 1 tot 4 3 op een half en volledig terrein. in een gelijkheidssituatie van 3 3 tot 5 5. Motorische competentie: leren en sturen Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. 1. Individuele techniek met de bal. Dribbelen in tegenaanval. Passen en vangen in beweging in een vrije situatie of ten opzichte van een verdediger. Doelworp. Doelworp vanuit sprong. Richtingsveranderingen in balbezit de schijnbeweging. 2. Individuele techniek zonder bal. Het veranderen van richting zonder bal. Zich aanspeelbaar maken. Het verdedigen van eigen doel. Het instarten van een beweging. 3. Groepstechnieken en pre-tactieken Spelvormen in meerderheidssituaties in aanval (2 1, 3 2, 4 3 ). Van de individuele verdediging naar een primaire vorm van samenwerking in verdediging in minderheidssituaties. Proberen gebruik te maken van en samenspelen met de cirkelspeler.

40 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 39 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 10. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren 24-29* Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 13. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 14. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 16. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio.

41 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 40 Subvak 6: Handbal Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2e graad inoefenen en vervolmaken Kunnen scoren en de juiste beslissing nemen in: een meerderheidssituatie van 2 1 tot Individuele technieken met de bal We streven naar een verbeteren en een verdiepen van: een gelijkheidssituatie 3 3 tot 7 7. passen en vangen; Kunnen kansen creëren in: een meerderheidssituatie van 2 1 tot 4 3 een gelijkheidssituatie 3 3 tot 7 7. het dribbelen; de tegenaanval ten opzichte van de tegenstrever; de schijnbeweging gecombineerd met een doelworp Controleren de bal en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen. 2. Individuele techniek zonder bal Het defensief verdedigen van een doelworp (afblokken) Kunnen een aanval opbouwen: in een volledige meerderheidssituatie van 2 1 tot 4 3 op een half en volledig terrein. in een gelijkheidssituatie 3 3 tot 7 7 op een half en volledig terrein. De tegenstander onder contact en volgens de regels der kunst verhinderen te scoren. Verbeteren van de loopwegen, het instartmoment en het timen van de actie. Het verwerven van de juiste verplaatsingstechnieken zonder bal en dit aan een zo hoog mogelijke snelheid uitgevoerd. Motorische competentie: leren en sturen Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. 3. Groepstechniek en pre-tactiek Spelvormen zoals 2 1, 3 2, 4 3 waarbij de passnelheid, de pasrichting en de schijnbeweging het uitgangspunt vormen. Een duidelijke en snelle overgang van aanval naar verdediging en omgekeerd (tegenaanval in golven en met een minimale structuur). Vanuit de individuele verdediging overschakelen naar een systeemverdediging met duidelijke afspraken. Het uitdiepen van de samenwerking met de cirkelspeler.

42 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 41 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren 24-29* Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 14. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 15. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 17. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

43 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 42 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode.

44 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 43 Subvak 6: Handbal Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing Basisprincipe We spelen zo collectief als mogelijk en zo individueel als noodzakelijk. Het samenspel staat centraal zowel in aanval als in verdediging. De groep reageert op de situatie als een collectief en niet als een samenbundeling van individualisten. De individuele acties geven het spel een meerwaarde. Het samenspel en de individuele acties worden zoveel mogelijk in open situaties geoefend (spel of wedstrijdsituaties). Er wordt gestreefd naar een functionele verhouding tussen de groepswerking (hier kan de keuze gemaakt worden tussen heterogene en homogene groepsverdeling) en de individuele opdrachten. Spelbekwaamheid De hoofdbetrachting is een ontwikkeling van de beginners-spelbekwaamheid. Deze omvat motorische, cognitieve, tactische en sociale attitudes, die in elke les dienen benadrukt te worden en in hun totaliteit moeten geoefend worden. De volgende attitudes (zie ook de leerinhouden) vormen de basis. Voortdurend observeren en analyseren. Permanent en vooral snel anticiperen. Samenspelend vrijlopen of steun geven. Een correcte techniek nastrevend. Aandacht schenken aan het speltempo en de timing van de actie(s). Een accurate en snelle overschakeling van de aanval naar de verdediging en omgekeerd. Spelbekwaamheid vereist vooral zelf- en groepsdiscipline.

45 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 44 SUBVAK 7: VOETBAL Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Kunnen scoren en de juiste beslissingen nemen in een meerderheidssituatie van 2><1, 4><2, 3><2 en 4><3. Scoren scorekansen creëren aanval opbouwen Lage, vlakke pas met binnenkant keuzevoet. Wreefschot op doel met keuzevoet. Doelschot selectie Kunnen kansen creëren in een meerderheidssituatie van 2><1, 4><2, 3><2 en 4><3. Kunnen kansen creëren in een gelijkheidssituatie tot k+4><4+k. Lage bal aan- en meenemen met binnenkant voet. Spelselectie: richting, timing / balbehoud, pas, doelschot. Nuttige aanspeelbaarheid: vrijlopen of in steun komen Controleren de bal en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen. Zinvol opstellen en bewegen in functie van het creëren van openingen voor de medespelers Kunnen een aanval opbouwen: in een meerderheidssituatie van 2><1, 4><2, 3><2 en 4><3; Eenvoudige veldbezetting bij balbezit: bijv. driehoek of ruit. In een gelijkheidssituatie tot k+4><4+k. Motorische competentie: leren en sturen Scoren verhinderen - scorekansen verhinderen - opbouw storen Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen. Eenvoudige veldbezetting bij balverlies: bijv. V-vorm of ruit. Verdedigen van de rechtstreekse tegenstrever met bal. Zonedekking door centrale laatste man; ruimte- en rugdekking. In beide gevallen snel omschakelen bij balverlies balbezit Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt.

46 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 45 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid Zie hoger * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger 24-29* Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 14. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 15. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 17. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio.

47 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 46 Subvak 7: Voetbal Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2 de graad inoefenen en vervolmaken Nemen op een behoorlijke manier, actief en enthousiast deel aan het voetbalspel in spelvormen tot K+4><4+K. (zie ook pedagogisch didactische wenken onder nummers 3 en 4) Zie basispakket: motorische competentie 2 tot Brengen geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand en/of ontwikkelen in meerderheidssituaties 2><1, 4><2, 3><2 en 4><3 en gelijkheidssituaties tot K+4><4+K. Alle oefen-, spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een 1><1 situatie of 1><K situatie weerspiegelen (vb. ook 2><2), met aandacht voor: Brengen geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand en/of ontwikkelen in een 1><1 situatie, waar zowel de aanvaller als de verdediger er alleen voor staan (als we de doelman buiten beschouwing laten). de individuele basistechnieken: stoppen en meenemen van de bal met binnenkant rechter- en linkervoet, voetzoolwerk, snel voetenwerk ; de individuele aanvallende technieken en tactische principes in functie van scoren of passeren van een rechtstreekse verdediger zoals: het doelschot, passeerbewegingen, drijven en dribbelen met de bal, afschermen van de bal, handelen met perifeer zicht, snelheid van uitvoering, plots veranderen van richting en/of snelheid ; de individuele verdedigende technieken zoals: het afblokken van een doelschot, duelleren; de tactische principes in functie van scoren verhinderen of onschadelijk maken van de rechtstreekse aanvaller in balbezit zoals: niet op de tegenstrever vliegen, evenwicht bewaren (knieën licht gebogen, gewicht op de voorvoeten), ogen op de bal gericht, ofwel druk zetten op de balbezitter ofwel het tempo uit de actie halen (door remmend wijken, hoek afsluiten, in ongunstige positie drijven), balrecuperatie als de balbezitter een fout maakt, eventueel een schijnbeweging uitvoeren + interceptie ; het doelschot volle wreef;

48 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 47 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Brengen geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand en/of ontwikkelen in meerderheidssituatie 2><1, 4><2, 3><2 en 4><3. balbezit: veldbezetting, tactisch aspect van de pas, nuttige aanspeelbaarheid, vrijlopen per 3 en per 4, in steun komen, spelselectie, doelschot selectie, standaardcombinaties per 2 (plaatswissel, dubbelpas, 1-2 ); balverlies: veldbezetting, principes van zoneverdediging, ruimtedekking in functie van doel, medespeler en tegenstrever (opendraaien); rugdekking geven, diepe bal verhinderen; bijkomende technieken: pas- en receptietechnieken lage bal Brengen geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand en/of ontwikkelen in een situatie 3><3, waarbij de spelers positie spelen met twee niveaus (zones). (zie ook hoger) 3 spelers (1-2) of (2-1) opstelling met één (twee) spits(en) en twee (één) middenvelder(s); één (twee) middenvelder(s) en twee (één) verdediger(s) Brengen geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand en/of ontwikkelen in een situatie 4><4, waarbij de spelers positie spelen met twee tot drie niveaus (zones). (zie ook hoger) 4 spelers in 1-3, 3-1, 1-2-1, 2-1-1, 2-2 opstelling met niveau(zone)opdracht: aanvaller, middenvelder of verdediger spelen. Principes van zone- en mandekking. Bijkomende technieken: pas- en receptietechnieken hoge bal, inworp, koppen. Motorische competentie: leren en sturen Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt.

49 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 48 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Gezondheid en veiligheid Zie hoger * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 13. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger * Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 16. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 17. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 19. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

50 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 49 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen LEERINHOUDEN Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode.

51 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 50 Subvak 7: Voetbal Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. BASISPRINCIPE Hét basisprincipe van het voetbalspel luidt: "We spelen zo collectief mogelijk en zo individueel als noodwendig". - Samenspelen staat centraal, zowel bij balbezit als bij balverlies; de groep functioneert als een collectief en niet als een verzameling van individuen. - De individuele acties geven het samenspel een meerwaarde. - Het samenspel en de individuele acties worden, in een spel- of wedstrijdsituatie, zoveel mogelijk tezelfdertijd geoefend (open situaties). - Naargelang de doelstelling wordt er gestreefd naar een functionele verhouding tussen samenspel (groepsopdracht) en individuele actie (individuele opdracht). 2. SPELBEKWAAMHEID Vanaf het begin dient er nadruk gelegd te worden op het ontwikkelen van een 'basisspelbekwaamheid'. Deze omvat (psycho-)motorische, cognitief-tactische en sociale attitudes. Als een 'rode draad' in het lesgebeuren worden ze continu benadrukt en in hun onderlinge samenhang geschoold. Aan de basis liggen o.a. volgende attitudes (zie ook leerinhouden): - een 'voortdurend waarnemen' van de inhoud van de zich veranderende spelsituatie en een 'voortdurend en snel anticiperen' hierop; - nastreven van een samenspel gebaseerd op 'vrijlopen' en 'in steun komen'; - nastreven van 'correcte techniek'; - nastreven van een 'goed geselecteerde en getimede actie' aan een 'optimaal speltempo'; - nastreven van een 'snel overschakelen van balbezit naar balverlies en omgekeerd. Basisspelbekwaamheid veronderstelt dus (zelf)discipline! 3. De situaties kunnen geoefend worden met of zonder doelman, met bijkomende opdrachten of beperkingen (individueel of groep spelers) naargelang de leerinhoud(en), waarbij zoveel mogelijk het aanvallend en verdedigend denken en handelen gekoppeld blijven. Alle 1><1 tot 4><4 situaties en de daaraan gerelateerde meerderheidssituaties kunnen geoefend worden op zich of, als onderdeel van een groter geheel, gebonden aan een bepaalde plaats op het terrein. Wanneer de spelers positie leren spelen in niveaus (vanaf 3><3) kunnen we hen, als tussenstap, verplichten in afgebakende zones te spelen zodat de plaats en de daaraan verbonden taken duidelijker zijn. Situaties kunnen hier gecreëerd worden over gans het afgebakend terrein of in een deelzone. 4. VERDERE WENKEN De methodiek is spelgericht en bevat zowel (psycho-)motorische, cognitief-tactische als sociale elementen. Zorg op elk leerniveau voor een progressieve klimming van eenvoudig naar complex. Varieer oefen- en spelvorm, aantal spelers en doelen, spelruimte, spelregels, opdrachten, arbeidsvorm... Zodat de doelstelling bereikt wordt. Individuele remediëring blijft noodzakelijk. Kies de opdrachten zo dat de creativiteit van de spelers gestimuleerd wordt en dat de fysieke componenten ook aan bod komen. Schakel progressief 'geleide' spelfasen, partijspelen en wedstrijden in. Vergeet ook niet de verbale, visuele... Leermiddelen en leergesprekken. Bij het uitbreiden van het techniekaanbod moeten we opmerken dat voorrang dient gegeven te worden aan het bijschaven van de nauwkeurigheid van enkele technieken, liever dan het aantal onvoldoende beheerste technieken sterk uit te breiden.

52 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 51 SUBVAK 8: VOLLEYBAL Basispakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Passen de elementaire technieken van bovenhands en onderhands spelen toe in oefenvormen en spelvormen 1><1 4>< Proberen steeds een 3-contactspel toe te passen om te scoren in spelvormen 1><1 4>< Verplaatsen zich en nemen de posities in, eigen aan de rotatieplaats, om het scoren te beletten in spelvormen 2><2 4>< Kunnen samenspelen om opdrachten in 2><2 4><4 vlot te laten verlopen. Techniek Toetsen over en niet over Onderhands het net Onderhandse opslag. Bovenhandse opslag. Beweeglijkheid Motorische competentie: leren en sturen Verplaatsingen in functie van het baltraject Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt * Gezondheid en veiligheid Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe. Tactiek Over een hoek spelen. Indraaien bij set-up en onderhands spelen. Spelvormen 1><1, 2><2, 3><3. Spelen met en tegen elkaar. Noties van voor-, tijdens- en na- positie. Elementaire spelreglementen kennen Rotatieprincipe. Puntentelling.

53 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 52 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Zelfconcept en sociaal functioneren 24-29* Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. 27* 14. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. 28* 15. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 17. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. Zie hoger: tactiek.

54 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 53 Subvak 8: Volleybal Uitbreidingspakket: 50 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Passen de elementaire basistechnieken toe in oefenvormen en spelvormen 1><1 4>< Proberen steeds een 3-contactspel toe te passen om te scoren in spelvormen 1><1 4>< Verplaatsen zich en nemen de posities in (blok-verdediging / eigen aanvalsdekking), eigen aan de rotatieplaats, om het scoren te beletten in spelvormen 2><2 4><4. 4. Kunnen samenspelen, en zien hier het belang van in, om opdrachten in 2><2 4><4 vlot te laten verlopen. LEERINHOUDEN Leerstofbasispakket 2 de graad inoefenen en vervolmaken Techniek Bovenhands en onderhands in verschillende situaties. Tennisopslag. Aanvalsaanloop en gesprongen overspelen. Aanleren van de slagtechniek. Specifieke verplaatsingen inoefenen. Oefenen op receptie naar pos.3. Oefenen op inschatten van de balcurve. Oefenen op verdedigingshouding. Motorische competentie: leren en sturen Steeds 3-contactspel nastreven Leren verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde spel- en speelregels Leren zelfstandig bepalen hoe ze eenvoudige leeropdrachten, individueel of in groep, aanpakken en oplossen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. Preventiekrachtoefeningen in opwarming voor schouderblessures * 2 2, 3 3, 4 4 situatie naar eventueel 6 6. Oefenen van 1-mansblok. Aanvalsaanloop + smash. Letsels voorkomen door Gevaren bij acties in de netzone leren erkennen. Gezondheid en veiligheid Oefenen om netfouten en overschrijden middenlijn te vermijden Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe.

55 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 54 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Zelfconcept en sociaal functioneren 2 2, 3 3, 4 4 en eventueel * Oefenen met iedereen, maken afspraken, spelen samen en realiseren teamvorming. Tactiek 26* Beleven bewegingsvreugde aan het spel. Receptieposities. 27* 14. Aanvaarden hun eigen mogelijkheden en beperkingen. Verdedigingsposities. 28* 15. Passen de spel- en gedragsregels toe ten overstaan van tegenstrever, scheidsrechter 28* Tonen betrokkenheid, inzet en fair play * 17. Kunnen verschillende rollen vervullen tijdens het spelen. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. Iedereen leert alle posities spelen. Noties van voor-, tijdens- en na- positie.

56 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 55 Subvak 8: Volleybal Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. 1 volleybal-bal per 2 leerlingen is een minimum. 2. Kies volleyballen van een degelijke kwaliteit. Kwalitatief mindere ballen veroorzaken bij veel leerlingen pijn en bijgevolg een negatief gevoel tegenover volleybal. 3. Probeer zoveel mogelijk minivolleybalvelden te creëren: gebruik hiervoor elastiek, lint of badmintonnetten. 4. Verhoog het net bij toets en onderhands spelen zodat de leerlingen leren hoog te spelen. 5. Besteed veel aandacht aan de beweeglijkheid. 6. Opdrachten voor het inschatten van de balcurve en tijds-/ruimteperceptie. 7. Zorg voor een spelgerichte methodiek. 8. In 1e instantie een 3-contactspel (samenspel) nastreven, gekoppeld aan beweeglijkheid. 9. Probleemoplossende opdrachten geven waarin het samenspel belangrijk is.

57 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 56 SUBVAK 9: BADMINTON Basispakket: 12 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Kunnen de onderhandse slagbeweging versnellend uitvoeren gebruik makend van de basiselementen waar de latere slagtechniek op steunt. Slaggewenning: onderhandse slag: accent slaan "via voorarmdraai" De leerlingen leren de shuttle hard te slaan via een soepele en versnellende beweging. Hiervoor leren zij het begrip "ruitenwisser = voorarmdraai toepassen. Leren het gebruik van de universele- of hamergreep. Leren gebruik maken van beide zijden van het racket met universele greep Voeren de bovenhandse slagbeweging uit met de correcte greep zonder "tikactie" en met extra aandacht voor de werpbeweging. Kunnen zich verplaatsen voor en na de slagbewegingen. Slaggewenning: bovenhandse slag: accent slaan "via werpbeweging De leerlingen leren de shuttle hard te slaan via een soepele en versnellende "werpbeweging". De leerlingen leren in te stappen in de slag gewichtsoverdracht door afdrukken op racketvoet. Leren gebruik maken van de universele greep bij de bovenhandse voorhandslagen. (geen mattenkloppersgreep) Voeren de grove vorm van de basisslagen uit gebruik makend van de elementen uit de slaggewenning. 1. Basisslagen: basistechniek (grove vorm). Leren de voornaamste aandachtspunten voor een globale uitvoering / leren het tactisch nut van de basisslagen. Hoge opslag: cf. basisslag gewenning. Universele greep. Clear: cf. Basisslag gewenning. Universele/ hamergreep.

58 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 57 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: leren en sturen Kunnen, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt Kunnen het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens wedstrijden (eventueel op aangepaste terreinen). Gezonde en veilige levensstijl 19-23* Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen * Zien het belang in van actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 9. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel. 2. Basistactiek enkelspel: leren gepast gebruik maken van de open ruimte. Leren enkelspelwedstrijden spelen met verschillende manieren van puntentelling; rallyepoint / tafeltennis /badminton. Zie hoger. Zie hoger. 28*- 29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio.

59 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 58 Subvak 9: Badminton Uitbreidingspakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie 1. Kunnen de onderhandse slagbeweging versnellend uitvoeren gebruik makend van de basiselementen waar de latere slagtechniek op steunt. Leerstof basispakket 2e graad inoefenen en vervolmaken. 1. Slaggewenning: onderhandse slag: accent slaan "via voorarmdraai". De leerlingen leren de shuttle hard te slaan via een soepele en versnellende beweging. Hiervoor leren zij het begrip "ruitenwisser= voorarmdraai toepassen. Leren het gebruik van de universele- of hamergreep. Leren gebruik maken van beide zijden van het racket met universele greep. Leren onderhands samen spelen over een hoog net (2m): sparren. Leren onderhands tegen elkaar spelen over een hoog net/ wedstrijden (terrein +/- 3m op 6,7) Kunnen de bovenhandse slagbeweging uitvoeren met de correcte greep zonder "tikactie" en met extra aandacht voor de werpbeweging. Kunnen zich verplaatsen voor en na de slagbewegingen. Slaggewenning: bovenhandse slag: accent slaan "via werpbeweging De leerlingen leren de shuttle hard te slaan via een soepele en versnellende "werpbeweging". De leerlingen leren in te stappen in de slag gewichtsoverdracht door afdrukken op racketvoet. Leren gebruik maken van de universele greep bij de bovenhandse voorhandslagen. (geen mattenkloppersgreep). Leren bovenhands samen spelen over een hoog net (2m) Sparren. Leren bovenhands tegen elkaar spelen over een hoog net/ Wedstrijden.

60 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 59 LEERPLANDOELSTELLINGEN ET LO DSET LEERINHOUDEN De leerlingen Kunnen de grove vorm van de basisslagen uitvoeren gebruik makend van de elementen uit de slaggewenning. 2. BASISSLAGEN: basistechniek (grove vorm). Leren de voornaamste aandachtspunten voor een globale uitvoering / Leren het tactisch nut van de basisslagen. Hoge opslag: cf. Basisslag gewenning. Universele greep. Clear: cf basis slaggewenning. Universele/ hamergreep. Drop. Universele greep. Voorhand lob resp. Universele- en duimgreep Kunnen zich op een elementaire badmintonspecifieke manier verplaatsen over het terrein voorwaarts, rugwaarts en zijwaarts. 3. Basisfootwork: leren de elementaire slag houdingen aannemen net voor de slag. Motorische competentie: leren en sturen Dwarse stand t.o.v. Het net voor de bovenhandse slagen. Bijtrekpassen. Uitvalspassen op racketvoet. Springen: wisselsprong Kunnen "sparren" en tegen elkaar spelen (wedstrijden) binnen de aangepaste vorm van badmintonspel. Passen de basisslagen toe tijdens sparren en wedstrijden op (eventueel) aangepaste terreinen. Oefenen uithouding op een badmintonspecifieke wijze Kunnen het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden * Gezondheid en veiligheid Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen. 4. Basistactiek enkelspel: leren gepast gebruik maken van de open ruimte. Leren enkelspelwedstrijden spelen met verschillende manieren van puntentelling; rallyepoint / tafeltennis /badminton. Zie hoger Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren.

61 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 60 LEERPLANDOELSTELLINGEN ET LO DSET LEERINHOUDEN De leerlingen 21* 10. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger. 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel. 28*-29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen

62 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 61 LEERPLANDOELSTELLINGEN ET LO DSET LEERINHOUDEN De leerlingen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. Subvak 9: Badminton Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Indien praktisch realiseerbaar gaat de voorkeur uit naar het realiseren van het ganse basispakket in één aansluitende periode binnen één leerjaar. 2. De slaggewenningslessen gebeuren hoofdzakelijk over een hoog net (2m). 3. Ter intensifiëring van de lessen dient er een ruime hoeveelheid shuttles per twee leerlingen aanwezig te zijn (6 per leerling). Het gebruik van de "multishuttle" methode laat toe de fysieke belasting hoog te houden en/of de slagtechniek efficiënt te oefenen. 4. In terugslagspelen is de tegenstander van groot belang. Verwissel veelvuldig van partner. Dit komt de progressie van de groep ten goede. 5. Probeer zoveel mogelijk minivelden te creëren: gebruik hiervoor elastiek of lint.

63 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 62 SUBVAK 10: TAFELTENNIS Basispakket: 12 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Kunnen de verschillende paletgrepen demonstreren en de shakehandgreep toepassen in de basishouding. Aanleren paletgrepen LEERINHOUDEN De shakehandgreep toepassen in de basishouding Kunnen de bal plaatsen met palet. Richting geven aan de bal met palet De bal vanuit de hand plaatsen in aangeduide vakken. Een aangegooide bal terugspelen Kunnen een reglementaire opslag geven met VH en RH. Opslag 5-6 Correct opgooien van de bal Passen de tafeltennisreglementen toe in enkelwedstrijden. Reglementering Opslag ontvangst / wisselen van opslag Motorische competentie: leren en sturen 5. Passen de techniek van contra voorhand (CVH) toe tijdens een balwisseling. 6. Passen de techniek van contra rughand (CRH) toe tijdens een balwisseling. 7. Passen opslag, CVH en CRH toe in wedstrijd. Wanneer scoort men een punt. Puntentelling. Opbouw contra voorhand Bal zelf laten botsen en CVH toepassen. CVH toepassen op aangegooide bal. CVH toepassen op aangespeelde bal. CVH toepassen tijdens een balwisseling. Opbouw contra rughand Bal zelf laten botsen en CRH toepassen. CRH toepassen op aangegooide bal. CRH toepassen op aangespeelde bal. CRH toepassen tijdens een balwisseling.

64 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 63 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN * Gezonde en veilige levensstijl Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen Kunnen onveilige bewegingssituaties herkennen en inschatten en hierop gepast reageren. 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe. Zelfconcept en sociaal functioneren 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel. Zie hoger. Zie hoger. 28*- 29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Veilig zetten en wegbergen van de tafels. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio.

65 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 64 Subvak 10: Tafeltennis Uitbreidingspakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Kunnen de verschillende paletgrepen demonstreren en de shakehandgreep toepassen in de basishouding Kunnen de bal behandelen met behulp van een palet en dit met zowel voorhand (VH) als rughand (RH). LEERINHOUDEN Leerstof basispakket 2e graad inoefenen en vervolmaken Aanleren paletgrepen Penhoudergreep / shakehandgreep. De shakehandgreep toepassen in de basishouding. Jongleren met palet en tafeltennisbal In alternatieve vormen en of ruimte. Tegen muur, mat of rechtopstaande tafel Kunnen de bal plaatsen met palet. Richting geven aan de bal met palet De bal vanuit de hand plaatsen in aangeduide vakken. De bal zelf opgooien en naar een voorwerp mikken. Een aangegooide bal terugspelen in een bepaald vak Kunnen de bal plaatsen met palet en tafel. Richting geven aan de bal met palet en tafel De bal op tafel laten botsen en met voorhand slagen naar een voorwerp op de tafel. De bal op tafel laten botsen en met voorhand slagen naar aangeduide zones. De bal op tafel laten botsen en met rughand slagen naar een voorwerp op de tafel. De bal op tafel laten botsen en met rughand slagen naar aangeduide zones Kunnen een reglementaire opslag geven met VH en RH. Opslag Correct opgooien van de bal. Ritme van de opslag. Plaatsing van de opslag Passen de tafeltennisreglementen toe in enkelwedstrijden. Reglementering Opslag ontvangst / wisselen van opslag. Wanneer scoort men een punt. Puntentelling.

66 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 65 ET LO DSET * De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: leren en sturen 7. Kunnen de techniek van contra voorhand (CVH) toepassen tijdens een balwisseling. 8. Kunnen de techniek van contra voorhand toepassen in verschillende spelsituaties. 9. Kunnen de techniek van contra rughand (CRH) toepassen tijdens een balwisseling. Opbouw contra voorhand LEERINHOUDEN Bal zelf laten botsen en CVH toepassen. CVH toepassen op aangegooide bal. CVH toepassen op aangespeelde bal. CVH toepassen tijdens een balwisseling. Spelsituaties CVH Wedstrijd alleen met VH op VH vlak. Wedstrijd alleen met VH op de volledige tafel. Molentje met twee groepen. Opbouw contra rughand 10. Kunnen de techniek van contra rughand toepassen in spelsituaties. Spelsituaties CRH 11. Kunnen VH en RH combineren in vastgelegde spelpatronen met aangepast voetenwerk. 12. Passen opslag, CVH en CRH toe in wedstrijd. Gezondheid en veiligheid Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen. 21* 15. Passen de hygiënische basisregels toe. Bal zelf laten botsen en CRH toepassen. CRH toepassen op aangegooide bal. CRH toepassen op aangespeelde bal. CRH toepassen tijdens een balwisseling. Wedstrijd alleen met RH op RH vlak. Voetenwerk Zijwaartse bijtrekpas. Omlopen. Voetenwerk voor achter. Zie hoger.

67 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 66 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger. 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel. 28*- 29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Veilig zetten en wegbergen van de tafels Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren.

68 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 67 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. LEERINHOUDEN

69 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 68 Subvak 10: Tafeltennis Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken 1. Belangrijk bij het aanleren is de juiste palet. Een palet met vlakke rubbers die over wrijvingskracht beschikt. Dus geen topjes op de rubbers, geen gladde paletten. 2. Voor een intensieve les is het noodzakelijk dat er minstens 5 tafeltennisballetjes per tafel zijn. 3. Ideaal is 1 tafel per 2 leerlingen. Tot 4 leerlingen per tafel kan men deze lessenreeks geven. 4. De veiligheid is vooral belangrijk bij het plaatsen en wegbergen van de tafels. Ook onjuist geplaatste tafels kunnen dichtvallen tijdens de les. 5. In terugslagspelen is de tegenstander van groot belang. Verwissel veelvuldig van partner. Dit komt de progressie van de groep ten goede. 6. De technische correcties dienen centraal te staan in de lessen tafeltennis. Timing

70 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 69 SUBVAK 11: TENNIS Basispakket: 12 lestijden per graad Methodologische invulling naar lestijdenpakket 1 e fase: minitennis met softbal ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Kunnen een balwisseling opbouwen in de 5 deelvelden van minitennis Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Op aangeworpen bal terugspelen in Fh en Bh. Mini tennissen in Fh en Bh Kunnen spelen waar de tegenstrever niet staat. Aangeworpen ballen richten Kunnen een korte bal benutten. Ritme en timing van opkomen in Fh en Bh. Fh en Bh blokvolley Kunnen tijd kopen op een moeilijke bal. Tijd kopen via hogere bal Kunnen een basisopslag spelen. Onderhandse opslag. Motorische competentie: leren en sturen Leren, aan de hand van aandachtspunten en speelregels, bij zichzelf nagaan of ze vorderingen maken Kunnen het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens wedstrijden (eventueel op aangepaste terreinen) * Gezondheid en veiligheid Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren * Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen. 21* 10. Passen de hygiënische basisregels toe.

71 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 70 ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Zelfconcept en sociaal functioneren 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel *-29* Samenspelen en eenvoudige technische tactische opdrachten volbrengen. Samen balwisselingen spelen. 28*-29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. Tegen mekaar punten uitspelen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio.

72 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 71 Subvak 11: Tennis Uitbreidingspakket: 25 lestijden per graad Methodologische invulling naar lestijdenpakket: 1 e fase en 2 e fase: uitbreiding van mini- naar miditennis met soft en midbal Afkortingen: Fh: forehand; Fv: forehandvolley (*): bal 1 = opslag Bh: backhand; Bv: backhandvolley bal 2 = terugslag bal 3 = de volgende bal van de serveerder ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Leerstof basispakket 2 de graad inoefenen en vervolmaken Kunnen een balwisseling opbouwen in een steeds groter wordend deelveld. Regelmaat met fh (forehand) en bh (backhand) uitbouwen via basistechnieken als: Greep, tikbeweging vanuit contactpunt, uitzwaai en totaalbeweging vanuit aandachtshouding. 2. Kunnen de tegenstander laten lopen. Bal richten met fh en bh met correct benenwerk van verplaatsen en herplaatsen. 3. Kunnen een korte bal benutten en afmaken. Ritme en timing van opkomen in fh en bh. Versnellen. Oefenen van blokvolley. 4. Kunnen verdedigen en tegen aanvallen. Oefenen van de lobtechniek. Motorische competentie: leren en sturen 5. Leren vanuit opslag en terugslag een punt uitspelen op een tactisch verantwoorde wijze. tijd kopen via hogere bal. Oefenen op bovenhandse opslag. Terugslag vanuit split en instap. Balcontrole tot bal 3 (*) Kunnen bij zichzelf nagaan of ze vorderingen maken. Technische en tactische profielen. 7. Kunnen het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens wedstrijden (eventueel op aangepaste terreinen.

73 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 72 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Gezondheid en veiligheid LEERINHOUDEN Kunnen een opwarming geven met en zonder bal Minitennis met technisch tactische variaties. correct inspelen (ritueel) * Zien het belang in van een actieve opwarming en cooling-down en kunnen deze onder begeleiding uitvoeren 19-23* Zetten zich in met het oog op fysieke fitheid en kunnen voor zichzelf wijzigingen in fitheid herkennen 21* 11. Passen de hygiënische basisregels toe Zelfconcept en sociaal functioneren 26* Ervaren bewegingsvreugde aan het spel *-29* Samenspelen en eenvoudige technische tactische opdrachten volbrengen. Samen balwisselingen spelen. 28*-29* Aanvaarden en respecteren elke medespeler en tegenspeler Kunnen een wedstrijd elementair leiden Spelen eerlijk, ook zonder scheidsrechter * Kunnen beheerst winnen en verliezen. Tegen mekaar punten uitspelen. 30* Gaan verantwoord om met materieel. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

74 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 73 ET LO DSET LEERPLANDOELSTELLINGEN De leerlingen Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. LEERINHOUDEN

75 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 74 Subvak 11: Tennis Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. 3 tennisballen per leerling is een minimum leerlingen per veld is het maximum voor structuuroefeningen. 3. Hanteren van principe van geleidelijkheid. 4. Hanteren van principe van de uitersten. 5. Uitgaan van principe zet tegenzet. 6. Zelfstandig werken via leervormen en oefenvormen. 7. In terugslagspelen is de tegenstander van groot belang. Verwissel veelvuldig van partner. Dit komt de progressie van de groep ten goede. 8. Samen opdrachten volbrengen in spelvormen. 9. Zelfevaluatie (luk ik, doe ik ).

76 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 75 SUBVAK 12: VERDEDIGINGSSPORTEN (BUDO) Basispakket: 12 lestijden per graad Het begrip verdedigingssporten (vroeger: gevechtsport of BUDO) omvat verscheidene disciplines. Kenmerkend voor deze interactieve verdedigingsvormen is het lijf-aan-lijf-contact waarbij de leerlingen meestal per twee specifieke vaardigheden (duwen, trekken, rollen, vallen, werpen, afweren, blokkeren ) in wisselende situaties met elkaar inoefenen, spelen en kampen. (JU: judo; KA: karate; SD: self defence) ET LO DSE T De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie JU: kunnen veilig vallen: rugwaarts (ushiro ukemi), zijwaarts (yoko ukemi), voorwaarts (zempo kaiten). Valvaardigheden: vanuit lage positie (lig, zit, hurkhouding, knieensteun) naar rechtopstaand: stilstaand, in verplaatsing en over hindernissen JU: kunnen evenwicht verstoren, bewaren en herstellen. Partneroefeningen en kampspelen: per twee JU: kunnen elkaar vastnemen in houdgrepen. Controletechnieken: partner veilig immobiliseren, kantelen naar houdgreep, bevrijden uit * 1 4. JU: kunnen judoworpen uitvoeren (statisch, verplaatsing). Werpvaardigheden: basisworpen * 3 5. JU: kampen op een veilige manier (rechtstaand, op grond). Uitvoeren van yaku soku geiko (1 aanvaller, 1 verdedigt) en randori (vrije oefenkamp, zonder resultaat) KA: voeren stoot-, trap- en slagtechnieken beheerst uit en kunnen de respectieve afweersystemen toepassen. Oefenen zonder partner (Kihon). 27*-28*- 29* Motorische competentie: leren en sturen 7. SD: reageren gepast op en kunnen zich bevrijden uit handgrepen, middenaanval, nekgreep, slaan, schoppen. Gezondheid en veiligheid JU KA- SD: ontwikkelen en onderhouden de specifieke fysieke eigenschappen. Individueel en met partner inoefenen van de verschillende situaties Kunnen fysieke conflictsituaties herkennen en oplossen. Zie hoger.

77 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 76 ET LO DSE T De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN JU: herkennen situaties waarin veilig vallen belangrijk is Passen de veiligheidsvoorschriften toe. 28*-29* Oefenen in een geest van veiligheid en respect Leren de verkeerde houdingen, handelingen en bewegingen, die mogelijke lichamelijke klachten veroorzaken, goed inschatten *- 22*-23* 14. Kunnen de specifieke lichaamsverzorging van de verdedigingsporten toepassen. 27*-28*- 29* 27*-28*- 29* Zelfconcept en sociaal functioneren Leren de eigen mogelijkheden en beperkingen ontdekken en aanvaarden (ook van de anderen) Leren de verworven motorische vaardigheden koppelen aan een mentale discipline en emotionele controle (beheersing in conflicten). Zie hoger Leren de diverse taken vervullen: partner zijn, tegenspeler. 26* Leren winst en verlies relativeren. 28*-29* Voelen zich verantwoordelijk voor de tegenspeler. Samenleving Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. 30* Kunnen het belang inzien van de groet als bijzonder communicatiemiddel.

78 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 77 Subvak 12: Verdedigingssporten (Budo) Uitbreidingspakket: 25 lestijden per graad ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie JU: kunnen veilig vallen: rugwaarts (ushiro ukemi), zijwaarts (yoko ukemi), voorwaarts (zempo kaiten). LEERINHOUDEN Leerstof basispakket 2de graad inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. Valvaardigheden: vanuit lage positie (lig, zit, hurkhouding, knieensteun) naar rechtopstaand: stilstaand, in verplaatsing en over hindernissen JU: kunnen evenwicht verstoren, bewaren en herstellen. Partneroefeningen en kampspelen: per twee, in groep JU: kunnen elkaar vastnemen in houdgrepen. Controletechnieken: partner veilig immobiliseren, kantelen naar houdgreep, bevrijden uit * JU: kunnen judoworpen uitvoeren (statisch, verplaatsing). Werpvaardigheden: heupworpen, beenworpen, schouderworpen, voetworpen (individueel, per twee, statisch, in verplaatsing). Motorische competentie: leren en sturen * JU: kampen op een veilige manier (rechtstaand, op grond). Uitvoeren van yaku soku geiko (1 aanvaller, 1 verdediger) en randori (vrije oefenkamp, zonder resultaat) KA: voeren stoot-, trap- en slagtechnieken beheerst uit en kunnen de respectieve afweersystemen toepassen. Oefenen zonder partner (Kihon). 28* KA: kunnen de samengestelde werkvormen (Kata) uitvoeren. Individueel oefenen stijloefening. 27*-28*- 29* 27*-28*- 29* KA: kampen op een veilige manier (rechtstaand). Kumite met partner SD: reageren gepast op en kunnen zich bevrijden uit handgrepen, middenaanval, nekgreep, slaan, schoppen. 28* SD: kunnen iemand opleiden. Individueel en met partner inoefenen van de verschillende situaties.

79 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 78 ET LO DSET De leerlingen Gezondheid en veiligheid LEERPLANDOELSTELLINGEN JU: herkennen situaties waarin veilig vallen belangrijk is Kunnen fysieke conflictsituaties herkennen en oplossen Passen de veiligheidsvoorschriften toe * Zien in dat een goede fysieke conditie de weerbaarheid bij contacten verdedigingsvormen verhoogt. 28*-29* Oefenen in een geest van veiligheid en respect Kunnen de verkeerde houdingen, handelingen en bewegingen, die mogelijke lichamelijke klachten veroorzaken, goed inschatten JU KA- SD: ontwikkelen en onderhouden de specifieke fysieke basiseigenschappen *- 22*-23* 27*-28*- 29* 27*-28*- 29* 18. Passen de specifieke lichaamsverzorging van de verdedigingsporten toe. Zelfconcept en sociaal functioneren Kunnen de eigen mogelijkheden en beperkingen ontdekken en aanvaarden (ook van de anderen) Kunnen de verworven motorische vaardigheden koppelen aan een mentale discipline en emotionele controle (beheersing in conflicten) Kunnen de diverse taken vervullen: partner zijn, tegenspeler, referee. 26* Kunnen winst en verlies relativeren. 28*-29* Voelen zich verantwoordelijk voor de tegenspeler. Zie hoger. Zie hoger LEERINHOUDEN

80 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 79 ET LO DSET De leerlingen Samenleving LEERPLANDOELSTELLINGEN Ervaren sportbeoefening en sportbeleving binnen hun eigen leefwereld Begrijpen de maatschappelijke impact van sport binnen de eigen regio. 30* Zien het belang in van de groet als bijzonder communicatiemiddel Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen. Onderzoekscompetentie Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. LEERINHOUDEN

81 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 80 Subvak 12: Verdedigingssporten (Budo) Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Beginsituatie op school is anders dan in de club: veiligheid primeert op school. 2. Duidelijke afspraken maken i.v.m. Dojo-etiquette: groeten bij begin en einde van de les; bij begin van een oefening met een nieuwe partner. 3. De leerlingen maken zich enkele typische Japanse woorden en afspraken eigen: Matté = stop ; Hajimé= start, Tori = voert de beweging uit ; Uke= ondergaat de handeling van Tori. 4. Accommodatie en materieel: aanvankelijk kunnen gymmatten dienst doen als tatami =valmat. Het gewone trainingspak voldoet ruimschoots voor de eerste lessen judo. Naar veiligheid toe zijn een tatami en judogi aanbevolen voor het judo- en ju jutsu-deel. 5. Typische leeractiviteiten zijn: oefenen (vormgeven): sotai renshyo: met partner technieken eigen maken (recht en op grond); Uchi komi: automatiseren van bewegingen; nage komi: werpen van de partner (judo). Spelen (speels oefenen): winnen of verliezen is ondergeschikt: yaku soku geiko: per 2 speels oefenen Van aanvals- en verdedigingstechnieken in verplaatsing, waarbij de partner kan geworpen worden; Randori: kampelement is sterk aanwezig, maar winst of verlies telt niet. Kampen (wedijveren): shiai is een judowedstrijd waarbij het resultaat primeert. 6. Organisatie: om veilig en ongedwongen te kunnen oefenen zijn volgende aanbevelingen nodig: voorzie veiligheidszones, leerlingen vallen (bvb) allen in dezelfde richting en om beurten. Zorg ervoor dat op een beperkte ruimte nooit te veel leerlingen gelijktijdig aan het werk zijn (blessurepreventie). 7. Leerlinggerichte oefenstof: valtechnieken, voorbereidende kampspelen (vanuit de natuur van het kind) laten de leerlingen vlug wennen aan de hardheid van de mat. Voor wat de rechtstaande technieken en houdgrepen betreft beperkt de leerkracht zich aanvankelijk tot het aanleren van enkele representatieve vaardigheden die eveneens sterk verwant zijn met de natuurlijke basisvaardigheden en het ontwikkelingsniveau van de leerling. Met het aanleren van klem- en verwurgingen wordt pas gestart wanneer de leerlingen voldoende basistechnieken bezitten.

82 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 81 SUBVAK 13: NATUURGEBONDEN BEWEGINGSACTIVITEITEN ET LO DSET De leerlingen LEERPLANDOELSTELLINGEN LEERINHOUDEN Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Kunnen conditionele, perceptuele, mentale, technische en tactische basisvaardigheden ontwikkelen Kunnen individueel en in groep bewegingen en acties uitvoeren met inzicht en vaardigheid Werken taakgericht. Motorische competentie: leren en sturen Kunnen prioriteiten stellen en voor zichzelf tactische, technische, mentale, conditionele en cognitieve doelen bepalen. Gezondheid en veiligheid Ervaren de positieve invloed van bewegen in de natuur *-23* 26*-27*-28*- 29*-30* Kunnen bij de eigen sportbeoefening, belangrijke principes van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik duiden. Zelfconcept en sociaal functioneren Ervaren dat motivatie, bewegingsvreugde, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij het sporten. Afhankelijk van de eigen sportinfrastructuur van de school kunnen, in de mate van het mogelijke, leerinhouden van verschillende sportdisciplines buiten worden aangeboden. De organisatie van natuursportdagen en/of natuurgebonden geïntegreerde werkperiodes zoals: langlauf; avonturentocht; hindernispiste; klimmen; touwenparcours; mountainbike; zeilen; vlotten; kanovaren; Kunnen samenwerking en teamvorming nastreven. kajak; 29*-30* Vertonen sociaal aanvaardbaar gedrag. oriëntatieloop; Ervaren dat sportbeoefening bijdraagt tot sociale interacties. jogging (bosjogging); Samenleving Ervaren dat natuurgebonden sporten verweven zijn met, en effecten hebben op andere maatschappelijke domeinen Kunnen zich informeren over organisaties en netwerken gerelateerd aan natuurgebonden sporten Leren onder begeleiding, zich informeren over organisaties en netwerken, die bijdragen tot het aanbod van sport- en bewegingssituaties voor verschillende doelgroepen.

83 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 82 ET LO DSET De leerlingen Onderzoekscompetentie LEERPLANDOELSTELLINGEN Onder begeleiding voor een gegeven onderzoeksprobleem onderzoeksvragen formuleren Op basis van geselecteerde bronnen voor een gegeven onderzoeksvraag, op een systematische wijze informatie verzamelen en ordenen Onder begeleiding een gegeven probleem met een aangereikte methode onderzoeken Onder begeleiding onderzoeksresultaten verwerken, interpreteren en conclusies formuleren Volgens een gegeven stramien over de resultaten van de eigen onderzoeksactiviteit rapporteren Onder begeleiding reflecteren over de bekomen onderzoeksresultaten en over de aangewende methode. LEERINHOUDEN

84 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 83 Subvak 13: Natuurgebonden bewegingsactiviteiten Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Natuurgebonden bewegingsactiviteiten worden binnen een redelijk budget georganiseerd dat realistisch en haalbaar is voor de volledige klasgroep. 2. Projecten, sportdagen, GWP s worden bij aanvang van het schooljaar gecommuniceerd aan de ouders, inclusief de kostprijs ervan. 3. Alle leerlingen van de klas moeten kunnen deelnemen aan de aangeboden activiteiten. 4. Natuurgebonden bewegingsactiviteiten zijn een uitgelezen gelegenheid om leerlingen respect voor het milieu bij te brengen en om te werken aan vakoverschrijdende doelstellingen binnen het domein milieueducatie. 5. De leerinhouden aangeboden in deze activiteiten zijn een meerwaarde voor de realisatie van de leerplandoelstellingen.

85 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN EN TIMING 1. Organisatorische uitgangspunten: verdeling van de lesuren over de verschillende disciplines. Dit leerplan is een graadsleerplan, namelijk voor eerste en tweede leerjaar van de tweede graad ASO. Rekening houdend met een gedeeltelijke schooleigen invulling wordt dit leerplan uitgewerkt op basis van 25 reële lesweken per jaar. Concreet betekent dit voor de tweede graad ASO pool-sport I. ATLETIEK EN ZWEMMEN (samen 50u/graad) ATLETIEK ZWEMMEN het basispakket omvat 25u./graad het basispakket omvat 25u./graad II. GYMNASTIEK RITMISCHE EN DANSANTE VORMEN (samen 50u/graad) GYMNASTIEK RITMISCHE- EN DANSANTE VORMEN het basispakket omvat 25u./graad het basispakket omvat 12u./graad III. BALSPORTEN TERUGSLAGSPORTEN TERUGSLAGSPORTEN: badminton, tafeltennis, tennis BALPORTEN: BB, HB, VtB, VB het basispakket omvat 12u./graad per terugslagsport het basispakket omvat 25u./graad per balsport IV. KEUZESPORT De school kan verschillende keuzesporten aanbieden: hiermee wordt bedoeld een aantal disciplines die door een groep leerlingen kan worden gekozen uit het schoolaanbod.

86 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Om praktische redenen gebeurt de indeling van dit leerplan volgens de verschillende disciplines. Hierbij worden telkens leerplandoelstellingen, leerinhouden en specifieke pedagogisch-didactische wenken geformuleerd. Voor elke discipline werd er telkens een basispakket en een uitbreidingspakket uitgewerkt. BELANGRIJK! Atletiek, zwemmen, gymnastiek en balsporten worden zowel in het 1 de als in het 2 de leerjaar van de derde graad aangeboden. Er worden minstens 2 balsporten en 1 terugslagsport gegeven, gespreid over de graad. Van iedere sport die wordt aangeboden, wordt minstens het aantal uren uit het basispakket gegeven. De resterende lesuren worden ingevuld door de school volgens een gestructureerde planning, rekening houdend met het eigen profiel van de school, de individuele specialisatie(s) van de leerkrachten L.O. en de beschikbare accommodatie. Een Basispakket wordt gegeven aan de gehele klassengroep. Via de Uitbreidingspakketten krijgt de school de mogelijkheid om met een eigen schoolprofiel naar buiten te komen. Deze uren uit een uitbreidingspakket kunnen zijn: 1. een verdieping van de bestaande aangeboden disciplines; 2. een nieuwe discipline zoals verdedigingssporten of natuurgebonden sporten; 3. indien mogelijk, dan kan de school verschillende keuzesporten aanbieden: hiermee wordt bedoeld een aantal disciplines die door een groep leerlingen kan worden gekozen uit het schoolaanbod. Nog andere sporten waarmee de doelstellingen van dit leerplan kunnen gerealiseerd worden zijn mogelijk. Op dat ogenblik moet dan een aanvulling van het leerplan uitgewerkt worden (door de leerplancommissie) en ter goedkeuring voorgelegd worden aan de Gemeenschapsinspectie. Schoolaanbod Autonomie van de school en een grotere keuzevrijheid in de leerplannen betekenen een grotere verantwoordelijkheid. Een goede planning van het leerproces zowel op het niveau van de leerkrachten als op dat van de school in haar geheel worden onontbeerlijk. De gezamenlijke aanpak van het team staat borg voor het realiseren van zowel de vakgebonden eindtermen L.O. als de decretale specifieke eindtermen van de pool sport. Met de DSET wordt reeds gestart in de tweede graad, uiteindelijk worden deze eindtermen pas gerealiseerd op het eind van de derde graad. Het is wenselijk deze planning en afspraken op te nemen als apart onderdeel in het deel SWP L.O. Iedere leerling moet slechts 1 onderzoeksopdracht uitvoeren binnen de pool sport. Om praktische redenen werden deze 3 DSET opgenomen in alle uitbreidingspakketten. Zij zijn dus slechts van toepassing voor die leerling(en) die binnen deze specifieke bewegingsactiviteit een onderzoeksopdracht zullen uitvoeren.

87 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 2. Vakdidactische wenken Coïnstructie Omwille van de grote verschillen in fysieke en motorische vaardigheden van jongens en meisjes zijn de risico s op ongevallen bij het werken met gemengde groepen groter. In deze lessen moet er extra aandacht besteed worden aan de veiligheid. Indien er om organisatorische redenen niet voldoende kan gedifferentieerd worden is het lesgeven aan gemengde groepen niet verantwoord. Voor sommige leerplandoelstellingen en leerinhoudonderdelen worden voor jongens en meisjes afzonderlijke leerinhouden voorzien. De streefdoelen en de criteria zijn aangepast aan jongens en meisjes. Lessenrooster Een evenwichtige spreiding van de lessen L.O. en sport over de gehele schoolweek en een verantwoorde inpassing in het lessenrooster zijn aan te bevelen. Recuperatie na fysieke inspanningen moet voorzien worden. Om veiligheidsredenen (risicobeheersing, blessures ) worden er nooit 3 lesuren sport na elkaar georganiseerd. Medische attesten Sinds een paar jaar bestaat er een alternatief doktersattest voor de les L.O. Hoewel het veralgemeend gebruik van dit attest niet verplichtend is zijn er toch al heel wat huisartsen die dit toepassen. Maak je leerlingen hierop attent. Stimuleer hen om bij de behandelende arts hiernaar te vragen. Een samenwerking met het CLB is belangrijk. Selectieve vrijstellingen zijn hier een must. Individueel moet de ernst van de kwetsuur nagekeken worden en kan er een individueel oefenprogramma worden opgesteld (bijv. in samenspraak met een kinesist). Bij een medisch attest probeert men de leerling zoveel mogelijk te betrekken bij de les door het geven van: - logistieke taken: materieelverantwoordelijke - ondersteunende taken (helpen) en bijstaan, observatieopdrachten, evaluatieopdrachten - het vervullen van verschillende rollen: coach-, scheidsrechteropdrachten... Indien een fysieke activiteit niet mogelijk is krijgen de leerlingen een zinvolle theoretische opdracht die een meerwaarde moet zijn voor de eigen bewegingspraktijk (cf. het domein onderzoekscompetentie ). Deze theoretische verwerking kan gericht zijn op trainingstechnieken, gezondheid, actuele problematiek in verband met sport e.d. De neerslag van deze theoretische benadering van de sportlessen moet ook terug te vinden zijn in de schoolagenda (vervangingstaken bij de vrijstelling van de les LO). Indien de medische attesten echter voor een volledig schooljaar zouden gelden stellen zich problemen om een A-attest of een diploma in de studierichting uit te reiken. Het is aan te bevelen dat de school hiervoor specifieke richtlijnen opstelt en duidelijke afspraken maakt met alle betrokken partijen. Een heroriëntering van de leerling kan immers nodig zijn. Geïntegreerde Werkperiodes (GWP) Aan een GWP zijn bijzondere didactische en sociale waarden verbonden. Het is een interessante werkvorm om zelfstandigheid, zelfredzaamheid, de interne communicatie en de samenwerking te verbeteren. Fysieke uitdagingen, enge fysieke confrontaties, exploratie van natuurlijke milieus stimuleren groepsdynamische processen: vertrouwen, positieve druk van de groep, samen een oplossing zoeken, samen tot actie overgaan, dank zij de groep iets lukken, grenzen verleggen. Het versterkt de groepscohesie in grote mate. In het kader van de opleiding is de organisatie van een GWP ten zeerste aan te bevelen. We verwijzen naar het subvak: natuurgebonden sporten voor de mogelijks te realiseren leerplandoelstellingen en hieraan gekoppelde eindtermen.

88 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 3. De leerkracht lichamelijke opvoeding 3.1 Administratieve richtlijnen en documenten Agenda en lesvoorbereiding van de leerkracht Een behoorlijk ingevuld agenda bevat de nodige informatie zoals lesuur, klas, lesonderwerp en lesdoelstelling. De lesvoorbereiding is een werkdocument en geen administratieve plichtpleging. Doelgericht handelen vereist dat men niet improviseert. Het is noodzakelijk om over de les nagedacht te hebben. Een geschreven document is zeker aangewezen. Vooral het noteren van de organisatie en het didactisch handelen is belangrijk. Jaarvorderingsplan - Deelschoolwerkplan LO Een goed plan is simpel en zinvol. Het is tijd- en energiebesparend. Het moet een gepaste vrijheid toelaten. Het jaarvorderingsplan is een werkdocument van de leerkracht met als doel het leerplan concreet te verwerken met de concrete klassengroep. Het is een basiselement in de planning per klas. Het moet dus uiteraard in overeenstemming zijn met het leerplan. Alle doelstellingen moeten gerealiseerd worden. Doelstellingen voor het ontwikkelen van motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie, een gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren moeten op een evenwichtige manier aan bod komen. Ook attitude gebonden doelstellingen kunnen op een planmatige manier nagestreefd worden. Men kan bijvoorbeeld onderwerpen groeperen zodat een gedraging planmatig nagestreefd wordt. Bijv.: Gedurende een bepaalde periode is de keuze van de discipline en de oefenstof gericht op het elkaar helpen en zich dienstvaardig opstellen. Jaarvorderingsplan: - realistisch en haalbaar: rekening houden met de schoolkalender; - gestructureerd per maand en per discipline; - leerinhouden concreet vermelden; - na te streven attitudes per afgebakend geheel aangeven; - de vorderingen (behandelde leerstof) op hetzelfde formulier aanbrengen; - planning van de productevaluatie (zie evaluatievormen); - vermeld het leerplannummer. Iedere leerkracht heeft de vrijheid het jaarplan persoonlijk te concretiseren rekening houdend met voorgaande principes. Afspraken met de collega's zijn noodzakelijk. Het deelschoolwerkplan lichamelijke opvoeding is een neerslag van de totale visie die de leerkrachten L.O. hebben op hun vak en hoe ze die in hun school denken te verwezenlijken. Het is de vakgroep die het deelschoolwerkplan maakt aangepast aan de mogelijkheden van de school en rekening houdend met de pedagogisch-didactische wenken van het leerplan.

89 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Veiligheidscontrolelijsten Sportmaterieel moet regelmatig onderhouden en gecontroleerd worden. Het gebruik van veiligheidscontrolelijsten voor de vaststelling van de tekorten aan de materiële uitrusting zijn aan te bevelen. (zie bibliografie: Inspiratiehandboek VLOR). Evaluatieschrift Het evaluatieschrift is een essentieel document. Het moet volgende elementen bevatten: - resultaten van de deelproeven per discipline; - observaties i.v.m. de permanente evaluatie; - aantekeningen i.v.m. attitudes; - eventuele remediëring; - rapportcijfer en de commentaar op het rapport; - aanwezigheidslijst van de leerlingen; - aanwezigheidslijst van de oudercontacten. Wij verwijzen naar de rubriek Evaluatie. 3.2 Taak van de leerkracht lichamelijke opvoeding Vakgroepwerking In de vakgroep overleggen de leerkrachten met elkaar, maken plannen en afspraken. Vakgroepwerking is onmisbaar voor een effectieve, efficiënte en motiverende werking. De constructie van het leerplan met keuzemogelijkheden en de schooleigen invulling vragen overleg en planning. Planning veronderstelt gerichtheid op resultaat. De vakgroep bespreekt de leerinhouden, hoeveel tijd er aan de verschillende disciplines besteed wordt, gespreid over de twee leerjaren, aan jongens en meisjes en in welke volgorde. Horizontale en verticale samenhang vraagt coördinatie. Individuele jaarplannen kunnen tot schoolgebonden jaarplannen uitgroeien. Evaluatie, remediëring en rapportering kunnen best volgens een gezamenlijk stramien gebeuren. Leerlingenbegeleiding, attitudevorming, vakoverschrijdende doelstellingen... zijn aandachtspunten die door de leerkracht L.O. kunnen nagestreefd worden en die het best in overleg met de collega s kunnen worden uitgewerkt. Het vastleggen van de afspraken in een deelschoolwerkplan L.O. is een efficiënte werkwijze. Als geen ander is de vakgroep het forum bij uitstek om het beschikbare urenpakket L.O. te verdelen rekening houdend met de specialiteit(en) en vereiste bekwaamheidsdiploma s van de individuele leden van de groep, de accommodatie, eventuele lesopdrachten in andere scholen, de verticale of horizontale samenzettingen Constructieve voorstellen zullen een dankbare hulp blijken voor de directie en de maker(s) van het lesrooster. Op die manier is ons werk in de vakgroep een middel om het onderwijs voor onze leerlingen beter te maken, onze school een betere uitstraling te geven en daar worden we uiteindelijk als leraar ook allemaal beter van. Een vakvergadering moet degelijk voorbereid worden en vertrekken van een agenda. De functie van de vakverantwoordelijke moet goed worden afgebakend zodat hij zowel door de groep als door de directie erkend en gemandateerd wordt.

90 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Nascholing Het beroep van leraar is de laatste jaren veel complexer en veeleisender geworden. Vakkennis is lang geen statisch gegeven meer, didactiek al evenmin. In de eindtermen worden nieuwe disciplines opgenomen. Bovendien wordt van de leraar verwacht dat hij of zij actief deelneemt aan het schoolgebeuren, jongeren opvangt en begeleidt, communiceert met ouders, inspeelt op wat leeft in de samenleving. Elke leerkracht heeft de verantwoordelijkheid om de nieuwe didactische ontwikkelingen te volgen en zich bij te scholen, ook buiten de lestijden.

91 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 4. Vakoverschrijdende eindtermen (VOET) 4.1 Wat? Vakoverschrijdende eindtermen (VOET) zijn minimumdoelstellingen, die -in tegenstelling tot de vakgebonden eindtermen - niet gekoppeld zijn aan een specifiek vak, maar door meerdere vakken of onderwijsprojecten worden nagestreefd. De VOET worden volgens een aantal vakoverschrijdende thema's geordend: leren leren, sociale vaardigheden, opvoeden tot burgerzin, gezondheidseducatie, milieueducatie, muzisch-creatieve vorming en technisch-technologische vorming (alleen voor ASO). De school heeft de maatschappelijke opdracht om de VOET volgens een eigen visie en stappenplan bij de leerlingen na te streven (inspanningsverplichting). 4.2 Waarom? Het nastreven van VOET vertrekt vanuit een bredere opvatting van leren op school en beoogt een accentverschuiving van een eerder vakgerichte ordening naar meer totaliteitsonderwijs. Door het aanbieden van realistische, levensnabije en concreet toepasbare aanknopingspunten, worden leerlingen sterker gemotiveerd en wordt een betere basis voor permanent leren gelegd. VOET vervullen een belangrijke rol bij het bereiken van een voldoende brede en harmonische vorming en behandelen waardevolle leerinhouden, die niet of onvoldoende in de vakken aan bod komen. Een belangrijk aspect is het realiseren van meer samenhang en evenwicht in het onderwijsaanbod. In dit opzicht stimuleren VOET scholen om als een organisatie samen te werken. De VOET verstevigen de band tussen onderwijs en samenleving, omdat ze tegemoetkomen aan belangrijk geachte maatschappelijke verwachtingen en een antwoord proberen te formuleren op actuele maatschappelijke vragen. 4.3 Hoe te realiseren? Het nastreven van VOET is een opdracht voor de hele school, maar individuele leraren kunnen op verschillende wijzen een bijdrage leveren om de VOET te realiseren. Enerzijds door binnen hun eigen vakken verbanden te leggen tussen de vakgebonden doelstellingen en de VOET, anderzijds door thematisch onderwijs (teamgericht benaderen van vakoverschrijdende thema's), door projectmatig werken (klas- of schoolprojecten, intra- en extra-muros), door bijdragen van externen (voordrachten, uitstappen). Het is een opdracht van de school om via een planmatige en gediversifieerde aanpak de VOET na te streven. Ondersteuning kan gevonden worden in pedagogische studiedagen en nascholingsinititiatieven, in de vakgroepwerking, via voorbeelden van goede school- en klaspraktijk en binnen het aanbod van organisaties en educatieve instellingen.

92 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 5. Begeleid zelfgestuurd leren 5.1 Wat? Met begeleid zelfgestuurd leren bedoelen we het geleidelijk opbouwen van een competentie naar het einde van het secundair onderwijs, waarbij leerlingen meer en meer het leerproces zelf in handen gaan nemen. Zij zullen meer en meer zelfstandig beslissingen leren nemen in verband met leerdoelen, leeractiviteiten en zelfbeoordeling. Dit houdt onder meer in dat: de opdrachten meer open worden; er meerdere antwoorden of oplossingen mogelijk zijn; de leerlingen zelf keuzes leren maken en verantwoorden; de leerlingen zelf leren plannen; er feedback wordt voorzien op proces en product; er gereflecteerd wordt op leerproces en leerproduct. De leraar is ook coach, begeleider. De impact van de leerlingen op de inhoud, de volgorde, de tijd en de aanpak wordt groter. 5.2 Waarom? Begeleid zelfgestuurd leren sluit aan bij enkele pijlers van ons PPGO, o.m. leerlingen zelfstandig leren denken over hun handelen en hierbij verantwoorde keuzes leren maken; leerlingen voorbereiden op levenslang leren; het aanleren van onderzoeksmethodes en van technieken om de verworven kennis adequaat te kunnen toepassen. Vanaf het kleuteronderwijs worden werkvormen gebruikt die de zelfstandigheid van kinderen stimuleren, zoals het gedifferentieerd werken in groepen en het contractwerk. Ook in het voortgezet onderwijs wordt meer en meer de nadruk gelegd op de zelfsturing van het leerproces in welke vorm dan ook. Binnen de vakoverschrijdende eindtermen, meer bepaald Leren leren, vinden we aanknopingspunten als: keuzebekwaamheid; regulering van het leerproces; attitudes, leerhoudingen, opvattingen over leren. In onze huidige (informatie)maatschappij wint vaardigheid in het opzoeken en beheren van kennis voortdurend aan belang. 5.3 Hoe te realiseren? Het is belangrijk dat bij het werken aan de competentie de verschillende actoren hun rol opnemen: de leerling wordt aangesproken op zijn motivatie en leer kracht; de leraar krijgt de rol van coach, begeleider; de school dient te ageren als stimulator van uitdagende en creatieve onderwijsleersituaties. De eerste stappen in begeleid zelfgestuurd leren zullen afhangen van de doelgroep en van het moment in de leerlijn Leren leren, maar eerder dan begeleid zelfgestuurd leren op schoolniveau op te starten is klein beginnen aan te raden. Vanaf het ogenblik dat de leraar zijn leerlingen op min of meer zelfstandige manier laat doelen voorop stellen; strategieën kiezen en ontwikkelen; oplossingen voorstellen en uitwerken; stappenplannen of tijdsplannen uitzetten; resultaten bespreken en beoordelen; reflecteren over contexten, over proces en product, over houdingen en handelingen; verantwoorde conclusies trekken; keuzes maken en verantwoorden is hij al met een of ander aspect van begeleid zelfgestuurd leren bezig.

93 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 6 ICT-integratie 6.1 Wat? Onder ICT-integratie verstaan we het gebruik van informatie- en communicatietechnologie ter ondersteuning van het realiseren van leerplandoelstellingen. 6.2 Waarom? Maatschappelijke ontwikkelingen wijzen op het belang van het verwerven van ICT-competenties. Jongeren moeten niet alleen in staat zijn om nieuwe media te gebruiken, zij moeten net zo goed kunnen inschatten wanneer deze efficiënt en effectief kunnen worden ingezet. Het gebruik van nieuwe media sluit zeer goed aan bij de leefwereld van de jongeren en speelt in op hun vertrouwdheid met de beeldcultuur. Er wordt meer en meer belang gehecht aan probleemoplossend denken, kritisch selecteren, het zelfstandig of in groep werken, het kunnen verwerven en verwerken van enorme hoeveelheden informatie. Deze ontwikkelingen zijn ook merkbaar in het onderwijs. In de meeste vakken of bij het nastreven van vakoverschrijdende eindtermen vervult ICT een ondersteunende rol. Door de integratie van ICT kunnen leerlingen: het leerproces zelf in eigen handen nemen; zelfstandig en actief leren omgaan met les- en informatiemateriaal; op eigen tempo werken en een eigen parcours kiezen (differentiatie en individualisatie). 6.3 Hoe ICT integreren ter ondersteuning van het realiseren van de leerplandoelstellingen? Zelfstandig oefenen in een leeromgeving Nadat leerlingen nieuwe leerinhouden verworven hebben, is het van belang dat ze voldoende mogelijkheden krijgen om te oefenen bijv. d.m.v. specifieke pakketten. De meerwaarde van deze vorm van ICTintegratie kan bestaan uit: variatie in oefenvormen, differentiatie op het vlak van tempo en niveau, geïndividualiseerde feedback, mogelijkheden tot zelfevaluatie. Zelfstandig leren in een leeromgeving Een mogelijke toepassing is nieuwe leerinhouden verwerven en verwerken, waarbij de leerkracht optreedt als coach van het leerproces (bijv. in een open leercentrum). Een elektronische leeromgeving (ELO) biedt hiertoe een krachtige ondersteuning. Creatief vormgeven Leerlingen worden uitgedaagd om creatief om te gaan met beelden, woorden en geluid. De leerlingen kunnen gebruik maken van de mogelijkheden die o.a. allerlei tekst-, beeld- en tekenprogramma s bieden. Opzoeken, verwerken en bewaren van informatie Voor het opzoeken van informatie kunnen leerlingen gebruik maken van o.a. cd-roms, een ELO en het internet. Verwerken van informatie houdt in dat de leerlingen kritisch uitmaken wat interessant is in het kader van hun opdracht en deze informatie gebruiken om hun opdracht uit te voeren. De leerlingen kunnen de relevante informatie ordenen, weergeven en bewaren in een aangepaste vorm. Voorstellen van informatie aan anderen Leerlingen kunnen informatie aan anderen meedelen of tonen met behulp van ICT-ondersteuning onder de vorm van tekst, beeld en/of geluid d.m.v. bijv. een presentatie, een website, een folder... Veilig, verantwoord en doelmatig communiceren Communiceren van informatie betekent dat leerlingen informatie kunnen opvragen of verstrekken aan derden. Dit kan o.a. via , internetfora, een ELO, chatten, blogging. Adequaat kiezen, reflecteren en bijsturen De leerlingen ontwikkelen competenties om bij elk probleem keuzes te maken uit een scala van programma s, applicaties of instrumenten, al dan niet elektronisch. Daarom is het belangrijk dat zij ontdekken dat er meerdere valabele middelen zijn om hun opdracht uit te voeren. Door te reflecteren op de gebruikte middelen en de bekomen resultaten te vergelijken, maken de leerlingen kennis met de verschil-

94 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) lende eigenschappen en voor- en nadelen van de aangewende middelen (programma s, applicaties ) en kunnen ze hun keuzes bijsturen. 7 Onderzoekscompetentie 7.1 Wat? In de specifieke eindtermen voor de verschillende polen in het ASO komt er telkens een onderdeel onderzoekscompetentie voor. Het onderdeel onderzoekscompetentie wordt geconcretiseerd in 3 specifieke eindtermen (SET): zich oriënteren op een onderzoeksprobleem door gericht informatie te verzamelen, te ordenen en te bewerken; een onderzoeksopdracht voorbereiden, uitvoeren en evalueren; de onderzoeksresultaten en conclusies rapporteren en confronteren met andere standpunten. Deze drie SET kunnen vertaald worden naar een aantal onderzoeksvaardigheden die samen een onderzoekscyclus uitmaken. 7.2 Waarom? Het ontwikkelen van onderzoeksvaardigheden sluit aan bij het PPGO, waarbij we streven naar de totale ontwikkeling van de persoon: kennisverwerving, vaardigheidsontwikkeling, attitudevorming met bijzondere aandacht voor een kritische en creatieve ingesteldheid ten aanzien van mens, natuur en samenleving. Het nastreven van onderzoeksvaardigheden sluit aan bij de noodzaak om lerenden efficiënt en effectief te leren omgaan met de veelheid aan informatie. Meer en meer is men genoodzaakt om die informatie te kunnen omzetten van beschikbare naar bruikbare kennis. Het werken aan onderzoeksvaardigheden ontwikkelt het probleemoplossend vermogen van leerlingen. Het werken aan onderzoeksvaardigheden is een aanzet tot een wetenschappelijke attitude, nodig voor het vervolgonderwijs. Naast een kennismaking met elementaire onderzoeksvaardigheden van een bepaald wetenschapsdomein dient maximale transfer van deze vaardigheden naar andere contexten nagestreefd te worden. In het kader van de vakoverschrijdende eindtermen kan het een aangewezen sluitstuk zijn van de leerlijn leren leren over de drie graden heen en tevens een belangrijke bijdrage leveren aan sociale vaardigheden. Het werken aan onderzoeksvaardigheden geeft de school mogelijkheden om aan begeleid zelfgestuurd leren te doen. 7.3 Hoe te realiseren? Samenwerking tussen leraren Om de studielast van de leerlingen en de planlast van de leraren beheersbaar te houden, zijn afspraken en samenwerking met betrekking tot een aantal aspecten onontbeerlijk. Studielast van leerlingen, bijv.: afspraken rond het aantal en de spreiding van de onderzoeksopdrachten; transfer van vaardigheden (zie onderzoekend leren in de eindtermen van de basisvorming, bepaalde deelvaardigheden zoals verslaggeving, informatieverwerving en -verwerking, bibliografische verwerking ); voortbouwen op verworven kennis en vaardigheden; coöperatief leren;

95 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Planlast van de leraren, bijv.: afspraken over wie welke deelvaardigheden realiseert; gelijkgerichte didactische visie; ontwikkelen van bepaalde begeleidings- en evaluatiemodellen, bijv. portfolio, logboek, zelfevaluatie ; efficiënt gebruik van bepaalde lokalen, materialen en werkingsmiddelen; afspraken over wie wat wanneer begeleidt; 7.4 Een gestructureerde aanpak: het OVUR-schema Om de SET te realiseren in de verschillende polen van het ASO kan het OVUR-schema (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren en Reflecteren) een goede leidraad zijn. In dit schema kan de onderzoekscyclus in een aantal stappen worden uitgewerkt. Stappen 1 Oriënteren Oriënteren op het onderzoeksprobleem. Formuleren van onderzoeksvragen. 2 Voorbereiden Maken van een onderzoeksplan. 3 Uitvoeren Verwerven van informatie. Verwerken van informatie. Beantwoorden van vragen en formuleren van conclusies. Rapporteren. 4 Reflecteren Eigen evaluatie van het onderzoeksproces en het onderzoeksproduct. De onderzoeksopdracht als proces Het werken met onderzoeksopdrachten biedt mogelijkheden om procesmatig aan de ontwikkeling van onderzoekscompetentie te werken. Een onderzoeksopdracht is een (begeleid) zelfstandig onderzoek binnen een onderzoeksthema dat aansluit bij één of meerdere vakken van de pool. Hoewel de onderzoeksvaardigheden in elk vakleerplan zijn opgenomen, dienen ze niet in elk vak gerealiseerd te worden, maar afhankelijk van de onderzoeksopdracht gebeurt dit in samenspraak binnen het geheel van de pool. De concretisering gebeurt op het niveau van de vakgroep. Met betrekking tot de tweepolige studierichtingen zijn geïntegreerde projecten mogelijk. Daarin komen de onderzoeksvaardigheden uit beide polen aan bod. Evaluatie Bij de evaluatie van onderzoekscompetentie gaat het om de mate waarin de leerling de hierboven vermelde eindtermen heeft gerealiseerd. Hierbij kan de leraar het stappenplan als leidraad gebruiken. Bij elke stap zal een aantal beoordelingscriteria moeten opgesteld worden.

96 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) MINIMALE MATERIËLE VEREISTEN 1 1 Specifieke richtlijnen Scholen zijn verplicht ervoor te zorgen dat de leerkrachten gebruik kunnen maken van accommodaties die voldoen om de leerplandoelstellingen en de leerplaninhouden voor het vak lichamelijke opvoeding en sport te realiseren en deze ook effectief te gebruiken. De basisuitrusting voor lichamelijke opvoeding bestaat uit een overdekte vrije ruimte met een aangepaste bevloering en voorzien van de nodige didactische uitrusting. Het geheel wordt aangevuld met buitenterreinen. De mogelijkheid tot het gebruik van ICT apparatuur is aanwezig. 1.1 Infrastructuur Sporthal - zwembad - buitenterreinen 1.2 Didactische uitrusting Vast materieel: - sportramen en /of wandrek; - rekstokken; - balken; - damesbrug, herenbrug; - baskelbaldoelen, handbaldoelen, voetbaldoelen (binnen en /of buiten); - minivoetbaldoelen, volleybalinstallatie. 1 Inzake veiligheid is de volgende wetgeving van toepassing: - Codex; - ARAB; - AREI; - Vlarem. Deze wetgeving bevat de technische voorschriften die in acht moeten genomen worden m.b.t.: - de uitrusting en inrichting van de lokalen; - de aankoop en het gebruik van toestellen, materieel en materieel. Zij schrijven voor dat: - duidelijke Nederlandstalige handleidingen en een technisch dossier aanwezig moeten zijn; - alle gebruikers de werkinstructies en onderhoudsvoorschriften dienen te kennen en correct kunnen toepassen; - de collectieve veiligheidsvoorschriften nooit mogen gemanipuleerd worden; - de persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig moeten zijn en gedragen worden, daar waar de wetgeving het vereist.

97 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Los materieel: - plinten, bok, wedstrijdspringplanken; - verstelbare olympische balk; - minitrampoline; - valmatten (veilige landingsmatten); - lange matten; - kleine antislipmatten; - Zweedse banken; - hoogspringstaanders; - opbergmaterieel (ballenwagen, ); - meetlint; - degelijke muziekinstallatie (CD cassette desk); - chrono. Klein materieel: - verschillende soorten ballen /pluimen voor de verschillende balsporten /terugslagsporten (1b./2lln.); - foamballen; - medecinballen; - kogels, speren, discussen, horden; - rackets, paletten (terugslagsporten); - toversnoeren (elastische springlijn); - springtouwen, hoepels, ballen; - verkeerskegels; - partijvestjes; - zwemplankjes, pull-buoy, handpaddels, zwemvliezen. Om leerplandoelstellingen in optimale omstandigheden te kunnen realiseren is een uitbreiding van deze minimale vereisten, zowel qua ruimte als didactische uitrusting, wenselijk. In het kader van de evolutie op het vlak van ICT zal ook de leerkracht L.O. in de toekomst hiervan meer en meer gebruik maken. De leerkrachten L.O. moeten dan ook de gelegenheid krijgen om desgewenst gebruik te kunnen maken van een computer (bij voorkeur een laptop) en/of informaticalokaal.

98 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) EVALUATIE Het evaluatiesysteem is geëvolueerd van een zuiver selectiesysteem naar een evaluatieproces. Behalve beoordelen (meten) moet evaluatie ook informatie bieden voor begeleiding en oriëntering van de leerling. observeren -- interpreteren--registreren--beoordelen--rapporteren--remediëren De evaluatie moet relevant, betrouwbaar, transparant en efficiënt zijn. Relevant : de proef meet wat men beoogt te meten Betrouwbaar : objectieve beoordeling Transparant : duidelijkheid van wat en hoe geëvalueerd wordt Efficiënt : moet in relatief korte tijd de maximale informatie verschaffen De studierichting Sport heeft een heel eigen karakter. De groepen zijn vaak zeer heterogeen qua specifieke vaardigheid per discipline. Een intensieve permanente begeleiding en remediëring is noodzakelijk. 1. Evaluatievormen a. Productevaluatie: examen Bedoeling is na te gaan of de leerling voldaan heeft aan de leerplandoelstellingen. De productevaluatie is een eindproces en moet een representatief beeld geven over alle leerdomeinen. Het is de synthese van de evaluaties van elk afgewerkt Leerstofpakket binnen een discipline en in een bepaalde periode. Men meet de fysieke en de psychomotorische eigenschappen. De permanente evaluaties van de gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren worden verrekend in het totaalcijfer. Een goede evaluatie is een geheel waarin de beoordelingen van de drie doelstellingsdomeinen aan bod komen. De leerlingen weten vooraf waarover de proef gaat en weten hoe de prestaties beoordeeld worden. Vervangtaken (bij niet-actieve deelname aan de les LO wegens doktersattest): Het cijfer wordt toegekend volgens vooraf bepaalde criteria. Ook hier is het best om samen met de collega's te overleggen. In het rapport en in het procesverbaal van de klassenraad wordt gemeld indien de evaluatie betrekking heeft op een vervangtaak. b. Procesevaluatie: dagelijks werk Een permanente beoordeling wijst erop dat leerlingen tijdens het leerproces geïnformeerd worden over hun vorderingen en de kans krijgen hun tekorten te verhelpen. Het vaststellen van de beginsituatie van elke leerling is een essentieel onderdeel in deze procesevaluatie. De manier waarop de leerlingen werken aan hun tekorten om hun resultaat te verbeteren, is belangrijk. Remediëring is een essentieel onderdeel van goed lesgeven en moet de kans bieden om te verhelpen aan de tekorten. Dit gebeurt door een degelijke binnenklas-differentiatie tijdens de les. Naast fysieke en motorische prestaties houdt men ook rekening met de kennis en de ingesteldheid van de leerlingen m.b.t. gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren. Vervangtaken: hiervoor gelden dezelfde principes afhankelijk van de aard van de taak.

99 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 2. Evaluatiemiddelen De middelen zijn afhankelijk van wat men wil meten, de aard van het vak en /of de discipline, de criteria die men voorop stelt: - praktische proeven; - observatieprotocols; - tests: fysieke tests kunnen zinvol zijn, maar moeten zorgvuldig gehanteerd worden; - omloopvormen. Tijdverlies en overvloedig meten moet echter vermeden worden. 3. Evaluatiecriteria Ouders en leerlingen verwachten duidelijke informatie over het tot stand komen van het cijfer. Men legt vooraf de criteria vast waaraan een uitvoering of een gedrag moet voldoen. Leerlingen willen ingelicht worden over de manier waarop geëvalueerd wordt: wanneer is een prestatie goed? Daar de reële beginsituatie bij jongens en meisjes verschillend is alsook het leerproces zal men hiermede rekening moeten houden bij de evaluatie. Naargelang de discipline kunnen andere accenten gelegd worden. Fysieke competenties Scores of cijfers krijgen maar betekenis als ze vergeleken worden met een referentiepunt of norm. Hiervoor bestaan drie mogelijkheden: - de groep; - een vooraf bepaald criterium (tabel); - de leerling zelf (eigen beginsituatie). Coördinatie binnen de vakgroep is ook hier belangrijk. Motorische competentie: motoriek, fysiek, perceptie Men selecteert een aantal aandachtspunten die noodzakelijk zijn om een opdracht adequaat te kunnen uitvoeren. Voor individuele motorische activiteiten kan de methode, gebruikt tijdens turnwedstrijden, in overweging genomen worden. Voor ploegsporten is het beheersen van een minimum aan motorische vaardigheden nodig om tot spel te kunnen komen. Verder wordt het adequaat handelen binnen de spelsituatie (voorzien in het leerplan) geobserveerd en geëvalueerd.

100 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) Cognitieve competenties Voor de examens worden met de leerlingen duidelijke afspraken gemaakt over het verloop van het examen. Om achteraf discussie te vermijden zorgt men ervoor dat de leerlingen inzicht hebben in: - een duidelijk beeld van wat van hen verwacht wordt; - de opdrachten die reeds zijn voorgekomen gedurende het didactisch proces; - een overzicht van de voor het examen te kennen leerstof. Bij het beoordelen van 'attitudes' houdt men rekening met aandachtspunten voor een gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren. Gedragingen (attitudes) zijn niet exact meetbaar. Door permanente observatie probeert men een idee te krijgen over het gedrag. Relevant gedrag wordt geregistreerd. Men formuleert ook hier een beperkt aantal aandachtspunten. Men observeert of een bepaald gedrag dikwijls, soms of nooit voorkomt, bijvoorbeeld: - kledij in orde; - veilig helpen van medeleerlingen; - volharden en eigen grenzen verleggen; - zich houden aan veiligheidsvoorschriften, afspraken en regels; - aandacht voor eigen veiligheid en die van anderen; - spontaan helpen; - geeft geen negatieve commentaar op de medeleerlingen. Het gebruik van een driepuntenschaal (+; +/-; -) als codering is een goed middel, een beoordeling (kwaliteitsniveau) op grond van de codes, bijvoorbeeld. - goed (+++) - ruim voldoende (++) - voldoende (+) - voldoende met leemten (+/-) - onvoldoende (-) Nadien kan men een cijfer verbinden aan het kwaliteitsniveau (bijvoorbeeld voldoende = 6). 4. Remediëren Om te remediëren moet men: - tekorten vaststellen en rapporteren via de agenda; - de oorzaken van de tekorten opsporen; - nakijken hoe deze tekorten kunnen weggewerkt worden. Remediëren betekent dat men zoekt naar een oplossing voor het probleem. Leeraanwijzingen geven bij fouten, differentiëren volgens niveau en eenvoudiger situaties aanbieden zijn noodzakelijk.

101 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 5. Rapporteren Op geregelde tijdstippen zicht hebben over hoever men staat, is zowel voor de leerling als voor de leraar noodzakelijk. Met geheime beoordelingen kan men de leerling niet verbeteren. Leerlingen verwachten een doorzichtige en gemotiveerde beoordeling: de prestaties worden met de leerlingen besproken. Een combinatie van een cijfer met een omschrijving is een goede oplossing. Bij een uitgestelde proef moeten de inhoud en de modaliteiten gekend zijn door de leerling.

102 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) BIBLIOGRAFIE 1 BOEKEN 1.1 Algemeen ANDERSON, B., De stretchingmethode, Utrecht, Luiting ARMSTRONG, N., Active Living from school to community, University of Exeter 1996, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding, 165, 1996, p. 3-5 BACKX, F.J.G., BOL, E., VAN MECHELEN, W. (red), Epidemiologie van sport en gezondheid, Polygon, Antwerpen, 1997, (ISBN ) BEHETS, D., GANTOIS, J., Leermiddelen en werkvormen in de lichamelijke opvoeding, Acco 2003, ISBN BLIECK, A., CSINCSAK, M., VAN OOST, P., DAMEN, V., Vakoverschrijdende thema's in het secundair onderwijs, Instrumentarium voor leerkrachten en schoolteams, Leuven(België)-Apeldoorn (Nederland), Garant, 1994 BOLSSENS, L., Elementaire trainingsleer, PVLO 2002, ISBN BORMS, J., PION, J., VAN ASSCHE, E., Eurofit Remediëring, BLOSO, Commissariaat generaal voor de bevordering van de lichaamsontwikkeling, de sport en de openluchtrecreatie, DE JONG, F., Sportschoenen als blessurepreventie, ISBN DE KNOP, P., Op weg naar een verantwoord jeugdsportbeleid, BLOSO Jeugdsportcampagne, Koning Boudewijnstichting, 1992 DE KNOP, P., VAN PUYMBROECK, L., DE MARTELAER, K., THEEBOOM, M., Organisatie van sportieve evenementen, ISBN DE KONING, J., SAVELSBERGH, G., Stilstaan bij bewegen,vu Amsterdam ISBN DUFOUR, W., 4000 Conditieoefeningen voor thuis, school en club, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, EDWARDS, S., Trainen met een hartslagmeter, Almere, support, 1995 KLOOSTERBOER, T., Elementaire trainingsleer en trainingsmethoden, Uitgeverij De Vrieseborgh, DA Haarlem, ISBN LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Van samenwerkend leren tot zelfstandig leren, Acco 1998 LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Betrokkenheid in de les lichamelijke opvoeding, Acco 1999 LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Anders evalueren in de les lichamelijke opvoeding, 2000 Acco SIEGFRIED, Het menselijk lichaam voor dummies, Addison Wesley, ISBN VRIJENS, J., BOURGOIS, J., LENOIR, M., Basis voor Verantwoord Trainen, 5 e en volledig herwerkte uitgave, Monografie voor LO nr. 42, Sint-Amandsberg/Gent, PVLO 2001; ISBN

103 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 1.2 Atletiek ZINTL, F., Basisprincipes, methodes en trainingsbegeleiding, Uitgeverij De Vrieseborch, DA Haarlen Edition Leichtatletik BAND - Ramentrainingsplan für das Grundlagentraining - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Sprint - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Lauf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Sprung - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Wurf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Mehrkampf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Grundprinzipien Uitgave Duitse Atletiekbond, Uitgever Meyer en Meyer, Aachen 1.3 Gymnastiek en dans GERLING, I., Helfen und sichern, Meyer&Meyer Verlag 2001, ISBN GERLING, I., Gerätturnen basisbuch, Meyer&Meyer Verlag 2002, ISBN GERLING, I., Gerätturnen für fortgeschrittene, Meyer&Meyer Verlag 2002, ISBN GANTOIS, J., SCHROVEN, W., VANESSER, M., Van kopstand tot kasamatsu, Handboek voor toestelturnen, Leuven, Acco, 1984 LEPER, R., VAN MAELE, I., Circus op school, Acco 2001, ISBN DE MARTELAER, K., VANDAELE, B., ROOYACKERS, P., Dansant. Dansante bewegingsactiviteiten: praktijk en theorie, PVLO 2005; ISBN Zwemmen DE MARTELAER, K., POSTEMA, T., Levenslang zwemmen: School-Club-Vrije Tijd, PVLO 1999, ISBN LOUWAGIE, M., Zwemmen. Van initiatie tot trainen, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, ISBN MAGLISCHO, EW., Swimming ever faster, Mayfield Publishing, 1993 VERVAECKE, H., Reddings- en reanimatietechnieken bij verdrinking, Acco Alle meest recente cursussen van BLOSO over zwemmen en reddingszwemmen 1.5 Volleybal CUYPERS, J., Volleybal, BLOSO-VTS, 1997 LUYTEN, R., Modeltrainingen, Gentse Volleybalschool MURPHY, P., KERSTEN, T., Jeugdvolleybal ontwikkelingsmodel, NEVOBO PITTERA, C., RIVA VIOLETTA, D., Volleybal is Beweging. Een handleiding voor de tactische vorming van jeugdspelers, Vertaling: SPAENJERS, M., Antwerpen, CODA, 1994 (Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding) VLEMINCKX, J, Symposium Jeugdwerking Brabantse Volleybal, Brabantse volleybalbond, 1992

104 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 1.6 Basketbal MERTENS, B., De voorwaardelijke vereenvoudiging van de basketballeergang, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding - Theorie,Praktijk, 115, 1988, p. 15, MERTENS, B., Initiator/jeugdsportbegeleider basketbal, BLOSO, Handbal SMEETS, J., SCHOUTERDEN, J., Syllabus trainer A - trainer B, BLOSO WOJCIECH, J., Oefenstof handbal, De Vrieseboch Haarlem, 1990, ISBN Voetbal BRUYNINCKX, M., SoccerPal op muziek. Professional voor coaches, ISBN X, 2004 BRUYNINCKX, M., Leerstrategie voor synchrone ritmische coördinatietaken, in ontwikkeling DE KNOP, P., VRIJENS, J., Voetbal in school en club, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, GOETHALS, R., VANSTEENBRUGGE P., VAN RENTERGHEM, B., Leren Voetballen. Een spelgerichte en coöperatieve methode, Sint-Amandsberg/Gent, PVLO 2004; ISBN NOE, A., Basisvaardigheden voetbal voor vrouwelijke leerkrachten, uitgave SVS, KBVB, VERMEULEN, H., De zone van de waarheid. Zonevoetbal anders bekeken, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 2000 Voetbaltraining. 180 praktische oefeningen, Leeuwarden, Eisma Deel 1: Dribbelen, passen, schieten, koppen, spelhervattingen,keepers, conditie. Deel 2: Combinatievormen, spelvormen, positiespelen en partijspelen. Deel 3: Passen, schieten, conditie, combinatievormen en spelvormen. 1.9 Tafeltennis NTTB, Toernooivormen en spelideeën voor de tafeltennisvereniging, Em. De Jong BV, Baarle Nassau Deutscher tischtennis bund, Tischtennis lehrplan 2000, Koordination, DTTB Molodzoff, P., Le tennis de table en tête, Edition France tennis de table 1995 Opleidingscursussen tafeltennis, Vlaamse trainersschool VTTL 1.10 Badminton DELAERE, L., VAN DER AERSCHOT, H., Initiator/jeugdsportbegeleider Badminton, Brussel, BLOSO,1995. VAN BOGAERT, G., VAN DE VIJVER, G., Badminton - meer dan een pluimpje slaan, Brussel, GSF, 1996 (Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding). VAN DAMME, J., Cursus Trainer B Vlaamse Trainersschool, Brussel, BLOSO-VBL, Tennis VAN AKEN, I., Mini-Tennis, Brussel, BLOSO, VAN AKEN, I., MARTENS, S., GELENS, A., Tennis natuurlijk (Mini, Midi en Maxi), Gent, PVLO, 1994.

105 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 1.12 Judo VANDERGHOTE, Bijzondere didactiek en methodiek van het judo, Leuven, Acco, VAKTIJDSCHRIFTEN, BROCHURES, INTERNE NOTA' S CRUM, B., Conceptuele verschillen in Europese opleidingsprogramma s, Tijdschrift Lichamelijke Opvoeding KVLO Nederland, Jaargang 86 nr.3 februari 1998, p en nr.5 maart 1998 p DE KNOP, P., DAEMS, J., De burgerlijke aansprakelijkheid van de ondeskundige sporttrainer en van de sportclub die hem/haar aanstelt, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding Jaargang 1997 nr.6, p. 6-8 Handboek "Eurofit Testbatterij" voor leerkrachten Lichamelijke Opvoeding, BLOSO, 1993 Handboek voor helpers, Belgische Rode Kruis, Brussel Gezondheid! Activiteiten voor het secundair onderwijs, te bestellen bij het Belgische Rode Kruis: G.V.O. 812: Leerlingenbrochure G.V.O. 820: Alcohol G.V.O. 840: Pakket voeding G.V.O. 860: Pakket tabak G.V.O. Pakket verslaving Het ABC van de lichaamshygiëne, Belgische Rode Kruis, Brussel, 1983 Houdingen tegenover roken, alcohol, geneesmiddelen en illegale drugs, Centrum voor Nascholing Gemeenschapsonderwijs, Jette. Informatiemap "Medisch Verantwoord Sporten", Brussel, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Administratie Gezondheidszorg, Inspiratiehandboek voor een " Veilige, gezonde, toegankelijke en aantrekkelijke school", Brussel, VLOR (Vlaamse onderwijsraad), Keiveilig sporten? Da's ook opwarmen en afkoelen. Doe het., Handboek voor jeugdtrainer, Rode Kruis - Vlaanderen, Dienst Gezondheidspromotie, Brussel, 1995 Keiveilig sporten, doe het. De 12 geboden om veilig te sporten, MUSCH, E., MERTENS, B., GOETHALS, R., VAN DEN BOSSCHE, W., COEN, W., DOBBELAERE, D., Het sportspelconcept van de RUG, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding - Theorie, Praktijk, 110, 1988 p. 2-8 SPILTHOORN, D., Jazzdans als onderzoek van de Bewegingsopvoeding, uitbouw van de didactische werkvormen, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding nr 1 en 2, 1989, p en 20-23

106 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 3 BEELDMATERIAAL VIDEO CD-ROMS Body Talk stretching gids, Kalmthout, Uitgeverij Biblo EHBO video's van het Rode Kruis Instructiefilm Rugscholing, De Witte, Erembodegem, 1994 Backfun basic 1, Rug- en nekklachten klein krijgen met Ingrid Berghmans, PVLO 2002 Stoer aan het stuur, Project verkeerseducatie voor jonge autobestuurders, Leuven, KUL, Turnen, Govaerts, P., Eindwerk Videoband Regentaat LO-Bewegingsrecreatie, Hoger Instituut Wemmel, Voetbal, video BVLO BRUYNINCKX, M., SoccerPal op muziek. Professional voor coaches, ISBN X, 2004 Bodyworks, Multimediagids van het menselijk lichaam, Nederlandstalige versie, TLC Domus De Mens in 3D, Encyclopedie over het menselijk lichaam, cd-rom verkooppunten EHBO-diskette Eerstehulpflop, Rode Kruis, Brussel Het lichaam van de mens, Nova Zembla,Stichting Edupro (NL), tel , (Interactieve encyclopedie over het functioneren van het lichaam) Medische encyclopedie, Philips Interactive Media Benelux BV 1996 cat.nr Voedingsplanner, voedingsmiddelentabel, NUBEL, Brussel, 1999 Volle longen zonder rook, Belgische Vereniging voor Kankerbestrijding, wetenschappelijk departement, Leuvensesteenweg 479, 1030 Brussel MERTENS,B., MUSCH, E., VONDERLINCK, V., REMY, C., DE CLERCQ D., Het Doelspelcompetentie Model toegepast op basketbal (cd-rom), ESEP 2005; MERTENS,B., MUSCH, E., VONDERLINCK, V., REMY, C., DE CLERCQ D., Het Doelspelcompetentie Model toegepast op handbal (cd-rom), ESEP 2005;

107 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 4 NUTTIGE ADRESSEN INTERNETSITES Bond voor Lichamelijke Opvoeding, Waterkluiskaai 16, 9040 Gent/Sint-Amandsberg BLOSO, Koloniënstraat 31, 1000 Brussel Ministerie van de Vlaamse gemeenschap, Administratie Gezondheidszorg, Markiesstraat 1, 1000 Brussel Proges (Vereniging voor Promotie van Gezondheid op School), Schildknechtstraat 9, 1020 Brussel Provinciaal Veiligheidsinstituut Antwerpen, Jezusstraat 28-30, 2000 Antwerpen. Rode Kruis - Vlaanderen, Dienst Gezondheidspromotie, Vleurgatsesteenweg 98, 1050 Brussel SVS (Stichting Vlaamse schoolsport), steenweg op Jette, 1080 Brussel VLOR (Vlaamse Onderwijsraad), Leuvense plein, 4, 1000 Brussel Bodytalk-VUB nieuwsbrief, Biblo, Braschaatsesteenweg, 308, 2920 Kalmthout Tips en Advies Gezondheid, Indicator N.V., Tiensesteenweg 269, 3000 Leuven Federatie van de Voedingsindustrie, Kortenberglaan 172, 1000 Brussel Nutrition Information Center, Treurenberg 16, 1000 Brussel Nutriënten België, Esplanadegebouw, lokaal 11.04, 1040 Brussel Pedagogische Begeleidingsdienst van het Gemeenschapsonderwijs, J. de Lalaingstraat 28, 1040 Brussel Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen (VAD), E. Tollenaerestraat 15, 1020 Brussel/Laken Vlaams Aidscoördinaat, Marnixplaats 16/17, 2000 Antwerpen Vlaamse Diabetes Vereniging, Ottergemsesteenweg 456, 9000 Gent Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie, G.Schildknechtstraat 9, 1020 Brussel

108 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) 5 Interessante sportsites (engelstalig)

109 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 108 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) CONCORDANTIETABEL Concordantietabel pool Sportwetenschappen nummer leerplandoelstelling nummer eindtermen Pool DSET Sport Pool DSET Sportwetenschappen * *-23* * 9-21* * * *

110 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 109 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * *-23* * * * *-27*

111 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 110 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) *-27* * * -27*-29*

112 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 111 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * *-27* *-22*-23* *-28*-29* *-23*

113 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 112 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * *-28* * * * *

114 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 113 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) *-27* *-22*-23* *-28*-29* *-23* * * *-28* *

115 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 114 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * *-23* * *-27* *-29* * * * *-30* 7-8 6

116 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 115 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * *-27* *-29*

117 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 116 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * * * * *

118 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 117 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * *

119 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 118 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * * * * * * * * - -

120 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 119 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * * 12 -

121 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 120 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * * * * * * * - 31

122 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 121 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * 12-27* * *

123 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 122 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * * * * * * *

124 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 123 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * *-29* * *

125 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 124 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * *-29* * *

126 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 125 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * *-29* * *

127 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 126 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * *-29* * *

128 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 127 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * * * *-29* *-29* * * * * * - 27

129 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 128 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * *-29* *-29* * * * * *-28*-29*

130 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 129 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) *-29* *-22*-23* *-28*-29* *-28*-29* * *-29* * * * * *-28*-29* *-28*-29* 1-2 4

131 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 130 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) * * *-29* *-22*-23* *-28*-29* *-28*-29* * *-29* *

132 ASO 2e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Sport 131 AV Lichamelijke opvoeding (1e en 2e leerjaar: 2 lestijden/week), AV Sport (1e en 2e leerjaar: 3 lestijden/week) *-23* *-27*-28*-29*-30* *-30* Concordantietabel AV Lichamelijke opvoeding, AV Sport 2008/019

Lichamelijke opvoeding: leerlijnen leerplandoelen en leerinhouden 1 ste 2 de 3 de graad

Lichamelijke opvoeding: leerlijnen leerplandoelen en leerinhouden 1 ste 2 de 3 de graad 1 2 3 4 5 6 ALGEMENE DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) 1 e graad 2 e graad 3 e graad kunnen onder begeleiding veiligheidsvoorschriften,

Nadere informatie

DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting)

DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) Reflecteren over bewegen Zelfstandig leren Verantwoord en veilig bewegen DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) De leraar kiest uit het doelenkader

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar. Sport. Wetenschappen-sport. 2/2 lt/w 4/4 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar. Sport. Wetenschappen-sport. 2/2 lt/w 4/4 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding AV Sport SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: ASO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: Sport Studierichting: Wetenschappen-sport Vak(ken): AV Lichamelijke opvoeding AV Sport 2/2 lt/w 4/4

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar ASO. Sport. 2/2 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding. 4/4 lt/w. AV Sport.

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar ASO. Sport. 2/2 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding. 4/4 lt/w. AV Sport. SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: ASO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: ASO Pool: Sport Vak(ken): AV Lichamelijke opvoeding 2/2 lt/w AV Sport 4/4 lt/w Vakkencode: EX-s Leerplannummer:

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans 2012/595/1//D

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans 2012/595/1//D LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 10/10 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar:

Nadere informatie

Jaarplan Jaarplan LO 5SV Patteet Gina

Jaarplan Jaarplan LO 5SV Patteet Gina Schooljaar 2011-2012 Leerkracht(en): Gina Patteet Vak: Jaarplan LO 5SV Patteet Gina Klassen: 5SV Schooljaar: 2011-2012 Algemene gegevens Leerjaar en studierichting: 5 SV Vak: Lichamelijke Opvoeding Leerplannummer:

Nadere informatie

OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING

OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING 1ste leerjaar BALVAARDIGHEDEN - Een bal op verschillende manieren gebruiken. - Een bal soepel werpen, botsen en vangen tegenover zichzelf. - Een bal gericht werpen

Nadere informatie

!!2015&06&22!! Betreft:!!intake!!3,!4!en!5!sportwetenschappen! Geachte!ouders!

!!2015&06&22!! Betreft:!!intake!!3,!4!en!5!sportwetenschappen! Geachte!ouders! 2015&06&22 Betreft:intake3,4en5sportwetenschappen Geachteouders Uwdochter/zoonheeftgeopteerdomvolgendschooljaarderichtingSportwetenschappenaante vatten.zij/hijheeftdezestudierichtingvorigjaarnietgevolgd.

Nadere informatie

ASO 2de graad 1 Complementair gedeelte: AV Sport (1ste leerjaar: 3 lestijden/week, 2de leerjaar: 3 lestijden/week)

ASO 2de graad 1 Complementair gedeelte: AV Sport (1ste leerjaar: 3 lestijden/week, 2de leerjaar: 3 lestijden/week) ASO 2de graad 1 INHOUD Visie...2 Beginsituatie...5 Algemene doelstellingen...6 Leerplandoelstellingen / leerinhouden...8 Subvak 1: atletiek... 9 Subvak 2: zwemmen... 13 Subvak 3: gymnastiek...15 Subvak

Nadere informatie

Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten

Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten Beste leerkracht, De missie van de Hoge Rielen is om ruimte te scheppen voor het opdoen van nieuwe ervaringen, te ontdekken, te activeren

Nadere informatie

Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD)

Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD) Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD) Werken aan de vakoverschrijdende

Nadere informatie

Pedagogische begeleiding wiskunde oktober 2016 Pagina 1

Pedagogische begeleiding wiskunde oktober 2016 Pagina 1 Pedagogische begeleiding SO Vakbegeleiding wiskunde ONDERZOEKSCOMPETENTIES WISKUNDE DERDE GRAAD AS0 Specifieke eindtermen i.v.m. onderzoekscompetenties (SETOC) Wat? Leerplan a derde graad aso VVKSO De

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 14/13-12 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar:

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 14/13-12 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar: Lichamelijke

Nadere informatie

19/12/2010. Vakconcept LO. Soorten ET/OD. Vakgebonden ET/OD LO. Vakconcept LO. Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen. Regiovergaderingen LO

19/12/2010. Vakconcept LO. Soorten ET/OD. Vakgebonden ET/OD LO. Vakconcept LO. Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen. Regiovergaderingen LO Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen In 1993 door overheid ingevoerd Algemene, kwalitatieve doelen die aangeven wat leerlingen van een bepaalde leeftijd en onderwijsvorm moeten bereiken (ET) of nastreven (OD)

Nadere informatie

GSO 1 e graad TOPSPORT AV LO BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week)

GSO 1 e graad TOPSPORT AV LO BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week) GSO 1 e graad TOPSPORT AV BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week) VISIE Sport in het algemeen heeft in onze samenleving een vaste stek gevonden.

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS. eerste en tweede leerjaar. Lichamelijke opvoeding en sport. AV Sport AV Lichamelijke opvoeding. (vervangt 2002/343)

SECUNDAIR ONDERWIJS. eerste en tweede leerjaar. Lichamelijke opvoeding en sport. AV Sport AV Lichamelijke opvoeding. (vervangt 2002/343) SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: TSO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: Sport Optie(s) Lichamelijke opvoeding en sport Vak(ken): AV Sport AV Lichamelijke opvoeding 14/12-13

Nadere informatie

Latijn-wiskunde Latijn-moderne talen wetenschappen economie-wiskunde economie-moderne talen humane wetenschappen

Latijn-wiskunde Latijn-moderne talen wetenschappen economie-wiskunde economie-moderne talen humane wetenschappen Tweede graad aso In de tweede graad aso kies je voor een bepaalde richting. Ongeacht je keuze, blijft er een groot gemeenschappelijk basispakket van 26 lesuren algemene vakken. Het niveau van deze vakken,

Nadere informatie

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)?

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)? Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET EN STUDIEGEBIED ASO STUDIERICHTING : ECONOMIE Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept

Nadere informatie

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING Modulaire opleiding Humane Wetenschappen ASO2 AO AV 003 Versie 1.0 BVR Pagina 1 van 24 Inhoud Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 23 november 2006 1 Deel 1 Opleiding...

Nadere informatie

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen

Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen Eindtermen educatief project Korstmossen, snuffelpalen van ons milieu 2 de en 3 de graad SO Secundair onderwijs - Tweede graad ASO/KSO/TSO - Natuurwetenschappen - Vakgebonden eindtermen I. Gemeenschappelijke

Nadere informatie

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING Modulaire opleiding Economie - Moderne Talen AO AV 006 Versie 1.0 BVR Pagina 1 van 28 Inhoud Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 23 november 2006 1 Deel 1 Opleiding... 5

Nadere informatie

Ontwikkelingsdoelen. 1. Motorische competenties. Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing. Lichaams- en bewegingsorganisatie

Ontwikkelingsdoelen. 1. Motorische competenties. Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing. Lichaams- en bewegingsorganisatie Ontwikkelingsdoelen 1. Motorische competenties Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing 1. De leerling beweegt zich doorheen diverse ruimtelijke hindernissen. 2. De leerling behoudt

Nadere informatie

Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen

Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen 1. Kids Adventure: - Kids-moeras, blote voetenpad, estafettes, kano s, lage tarzans, speleobox Eindtermen wereldoriëntatie (WO) WO mens en

Nadere informatie

Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5. Materiaal Materiaal 1.24

Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5. Materiaal Materiaal 1.24 Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderw Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5 kunnen onder begeleiding Bevorderend/Beperkend Materiaal 1.6 kunnen met een eenvoud 1.18 kunnen

Nadere informatie

DANS ZWEMMEN BASEBALL HANDBAL

DANS ZWEMMEN BASEBALL HANDBAL 25.03.2015 DANS ZWEMMEN BASEBALL HANDBAL BVLO NASCHOLING - TURNHOUT i.s.m. Thomas More WWW.BVLO.BE PRAKTISCHE INFORMATIE Op woendag 25 maart 2015 organiseert de BVLO in samenwerking met Thomas More tijdens

Nadere informatie

Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen

Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen 1. Teambuilders, Kajak & Kano, Laser battle Eindtermen wereldoriëntatie (WO) WO mens en maatschappij: ik en mezelf ik en de ander ik en

Nadere informatie

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN De onderwijsvorm ASO is een breed algemeen vormende doorstroomrichting waarin de leerlingen zich voorbereiden op een academische of professionele bacheloropleiding.

Nadere informatie

Onderzoekscompetenties (OC) in de 1e graad

Onderzoekscompetenties (OC) in de 1e graad Onderzoekscompetenties (OC) in de 1e graad Wat zijn OC's? Een eenvoudige definitie van OC is niet voorhanden. Op het internet vind je maar liefst 16 betekenissen voor 'onderzoek' en 31 voor 'competentie'!

Nadere informatie

Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK

Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK INSTAPVOORWAARDE KANDIDAAT-CURSISTEN OPLEIDING INITIATOR Houder zijn van het Technisch Jeugdbrevet OF Wedstrijdresultaten kunnen voorleggen in minstens één werpnummer,

Nadere informatie

Leerlijn zwemmen: van watergewenning tot zwemmen. Nathalie Hens

Leerlijn zwemmen: van watergewenning tot zwemmen. Nathalie Hens Leerlijn zwemmen: van watergewenning tot zwemmen Nathalie Hens Waarom zwemmen in het onderwijs? Veiligheid Eindtermen lager onderwijs Ontwikkelen van motorische basiseigenschappen, een positief zelfbeeld

Nadere informatie

Onderzoekscompetenties. Schooljaar 2015-2016. GO! atheneum Campus Kompas Noordlaan 10 9230 Wetteren 09 365 60 60

Onderzoekscompetenties. Schooljaar 2015-2016. GO! atheneum Campus Kompas Noordlaan 10 9230 Wetteren 09 365 60 60 GO! atheneum Campus Kompas Noordlaan 10 9230 Wetteren 09 365 60 60 Schooljaar 2015-2016 E-mail: [email protected] [email protected] Website: www.campuskompas.be/atheneum Scholengroep Schelde Dender

Nadere informatie

DOELSTELLINGEN JEUGDBEGELEIDING

DOELSTELLINGEN JEUGDBEGELEIDING INLEIDING Training geven impliceert een grote verantwoordelijkheid zowel naar prestatieniveau als naar gezondheid van de atleet. De jeugdtrainer legt het fundament van de atleet en draagt in grote mate

Nadere informatie

VISIE. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon.

VISIE. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon. OPVOEDEN en LEREN is gebaseerd op een draagvlak van STEUNEN, STUREN EN STIMULEREN: Om binnen de grenzen

Nadere informatie

(rekstok op borsthoogte) Springen tot steun voorwaarts ronddraaien vanuit hang koprol rugwaarts tussen de armen.

(rekstok op borsthoogte) Springen tot steun voorwaarts ronddraaien vanuit hang koprol rugwaarts tussen de armen. REKSTOK MEISJES Brevet A (rekstok op borsthoogte) Springen tot steun voorwaarts ronddraaien vanuit hang koprol rugwaarts tussen de armen. Brevet B (rekstok op schouderhoogte) Borstomtrek 1 been overzwaaien

Nadere informatie

werpen van een softbal vangen van een softbal slaan van een softbal spelen van het eindspel het kunnen klaarzetten en variëren van leersituaties

werpen van een softbal vangen van een softbal slaan van een softbal spelen van het eindspel het kunnen klaarzetten en variëren van leersituaties Vak: Lichamelijk Opvoeding Leerweg: GL 2011-201 Module In methode, hoofdstuk Allround LO Basisvorming Turnen van Tjalling van de Berg Bewegingsonderwijs Bekadidact 1 Softbal: werpen van een softbal vangen

Nadere informatie

Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo)

Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo) Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo) Sectoren kerndoelen primair onderwijs kerndoelen onderbouw vmbo bovenbouw exameneenheden Sleutels 1. Bewegen verbeteren 57: De leerlingen leren op een verantwoorde

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Kleuter - globaal. Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Kleuter - globaal. Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5 Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Kleuter - globaal Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5 kunnen onder begeleiding kleuteraangepast materiaal veilig heffen, dragen

Nadere informatie

Bewegingsonderwijs en sport (PO - havo/vwo)

Bewegingsonderwijs en sport (PO - havo/vwo) Bewegingsonderwijs en sport (PO - havo/vwo) Sectoren kerndoelen primair onderwijs kerndoelen onderbouw havo/vwo bovenbouw exameneenheden Sleutels 1. Bewegen verbeteren 57: De leerlingen leren op een verantwoorde

Nadere informatie

Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen.

Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen. Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen. Inhoud Ontwikkelingsdoelen kleuteronderwijs Impliciet Wereldoriëntatie

Nadere informatie

Onderzoekend leren/leren onderzoeken DBOC,15/03/2011 1

Onderzoekend leren/leren onderzoeken DBOC,15/03/2011 1 Onderzoekend leren/leren onderzoeken DBOC,15/03/2011 1 1. Kennis maken met + gebruik maken van de natuurwetenschappelijke methode: 1. Probleem 2. Onderzoeksvraag 3. Hypothese 4. Verzamelen informatie,

Nadere informatie

PEDIC. Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013. Week van de leraren lichamelijke opvoeding DAGEN VAN. www.pedic.be

PEDIC. Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013. Week van de leraren lichamelijke opvoeding DAGEN VAN. www.pedic.be Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013 C.P.R. REDDEND ZWEMMEN Vlaamse Reddingscentrale PN231SO/1314 reeks 1 en 2 Dit is de jaarlijks verplichte nascholing voor leraren met een diploma van

Nadere informatie

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln. Verantwoord en veilig bewegen 1.3

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln. Verantwoord en veilig bewegen 1.3 Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln Verantwoord en veilig bewegen 1.3 kennen de gevaren en risico's van bewegingssituaties en kunnen deze inschatten en signaleren.

Nadere informatie

Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3. Handenstand met hulp (2 sec.

Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3. Handenstand met hulp (2 sec. Vloer Oefening A Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3 Moeilijkheidswaarde: 3 punten Rol voorwaarts, rechtkomen zonder handensteun; streksprong

Nadere informatie

Actualisering leerplan eerste graad - Deel getallenleer: vraagstukken Bijlage p. 1. Bijlagen

Actualisering leerplan eerste graad - Deel getallenleer: vraagstukken Bijlage p. 1. Bijlagen Bijlage p. 1 Bijlagen Bijlage p. 2 Bijlage 1 Domeinoverschrijdende doelen - Leerplan BaO (p. 83-85) 5.2 Doelen en leerinhouden 5.2.1 Wiskundige problemen leren oplossen DO1 Een algemene strategie voor

Nadere informatie

Overzicht trainingsfasen:

Overzicht trainingsfasen: Overzicht trainingsfasen: Fase Trainingstrap Leeftijd Organisatiestructuur 1 Initiële training 6-10 jaar Talentdetectie door de club in samenwerking met scholen 2 Basistraining 11-12 jaar Detectie- en/of

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad Profilering derde graad De leerling heeft in de eerste en de tweede graad de gelegenheid gehad om zijn of haar interesses te ontdekken. Misschien heeft hij of zij al enig idee ontwikkeld over toekomstige

Nadere informatie

Gezondheidsbeleid: visie van onze school

Gezondheidsbeleid: visie van onze school Gezondheidsbeleid: visie van onze school Wij stellen ons tot doel onze leerlingen de nodige kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes bij te brengen voor een gezonde leefstijl met respect voor zichtzelf

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS. A-stroom. eerste graad. eerste en tweede leerjaar. EX-s. (Nieuw) Onderwijsvorm: Graad: Jaar: Vak(ken): 4 lt/w

SECUNDAIR ONDERWIJS. A-stroom. eerste graad. eerste en tweede leerjaar. EX-s. (Nieuw) Onderwijsvorm: Graad: Jaar: Vak(ken): 4 lt/w SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: A-stroom Graad: eerste graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Vak(ken): AV Sport (1A Keuzegedeelte) 4 lt/w AV Sport (2A Basisoptie Topsport) 6 lt/w Vakkencode: EX-s Leerplannummer:

Nadere informatie

Het aanleren van gestructureerde zwemslagen: SCHOOLSLAG. Opleidingscommissie Zwemmen VZF december 2014

Het aanleren van gestructureerde zwemslagen: SCHOOLSLAG. Opleidingscommissie Zwemmen VZF december 2014 Het aanleren van gestructureerde zwemslagen: SCHOOLSLAG Opleidingscommissie Zwemmen VZF december 2014 Wat en Hoe? Wat? Praktische uitgewerkte leerlijnen van de verschillende zwemstijlen Hoe? Kindvriendelijk

Nadere informatie

WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN

WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN Vakgebonden eindtermen A Vrij gesubsidieerd onderwijs VVKSO Leerplan 3 e graad secundair onderwijs AV Nederlands ASO/TSO/KSO LICAP- Brussel D/2006/0279/008

Nadere informatie

Zaterdag 21 maart 2015 Informatiesessie KidsTennis 1

Zaterdag 21 maart 2015 Informatiesessie KidsTennis 1 Zaterdag 21 maart 2015 Informatiesessie KidsTennis 1 Wat is KidsTennis? Gestructureerde tennisopleiding met doelstellingen: Kinderen op correcte en prettige manier leren tennissen (evolutie) Interesse

Nadere informatie

1.a. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken om hen te ondersteunen bij het leren.

1.a. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken om hen te ondersteunen bij het leren. Leerlijn ICT DERDE LEERJAAR 1 Kennismaken - aanzetten - occasioneel opbouwen - regelmatig VERWERVEN - systematisch 1.a. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken

Nadere informatie

Nabootsen van houdingen Tweezijdigheid van het lichaam gebruiken Voorkeurshelft ontwikkelen Lichaamscontact en -houdingen, stoeispelen

Nabootsen van houdingen Tweezijdigheid van het lichaam gebruiken Voorkeurshelft ontwikkelen Lichaamscontact en -houdingen, stoeispelen 6 Leerlijn en evaluatiemomenten bewegingsopvoeding 6.1 Herent 6.1.1 Bewegingsopvoeding Kleuters Bewegingsvaardigheden: globaal Bewegingsvaardigheden: grootmotorisch Globaal: behendigheid, lenigheid Gaan,

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek.

Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek. Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek. In kolom 1 vind je 61 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep Techniek. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën. Duid in kolom 2 aan welke items

Nadere informatie

DON BOSCO GENK AANBOD EERSTE GRAAD. Meer dan je denkt!

DON BOSCO GENK AANBOD EERSTE GRAAD. Meer dan je denkt! DON BOSCO GENK Meer dan je denkt! AANBOD EERSTE GRAAD Dag nieuwe leerling, Dag ouder, In onze Don Boscoschool willen wij een kwaliteitsvolle vorming aanbieden. Vanuit ons opvoedingsproject leggen wij

Nadere informatie

Overzicht Prestatie Niveau 3 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen

Overzicht Prestatie Niveau 3 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen Overzicht Prestatie Niveau 3 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen Bovenhands en spelverdelen: Bovenhands en spelverdelen: Plezier hebben in het volleybal Weten waar je moet

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

Examenprogramma bewegen, sport en maatschappij

Examenprogramma bewegen, sport en maatschappij Examenprogramma bewegen, sport en maatschappij Havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden Domein B Bewegen

Nadere informatie

EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum. A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010

EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum. A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010 EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum Derde graad LO A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010 Lichamelijke opvoeding Motorische competenties 1.1 De motorische basisbewegingen

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van het Gemeentelijke Instituut so te Brasschaat

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van het Gemeentelijke Instituut so te Brasschaat Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL [email protected] www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad Profilering derde graad De leerling heeft in de eerste en de tweede graad de gelegenheid gehad om zijn of haar interesses te ontdekken. Misschien heeft hij of zij al enig idee ontwikkeld over toekomstige

Nadere informatie

Programma van Toetsing en Afsluiting

Programma van Toetsing en Afsluiting Leerweg: TL Klas: 3 Vak: LO2 Methode: GO! en readers Toetsnr 3.1.1 Wat moet je voor de toetsing doen? Praktijk- Atletiek COOPERTEST. Je kan 12 minuten op de skatebaan rennen in 1 tempo. Examen- Eenheden

Nadere informatie

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN:

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN: LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL ALGEMEEN: p.8 2.3 Literatuur In onze leerplannen is literatuur telkens als een aparte component beschouwd, meer dan een vorm van leesvaardigheid. Na de aanloop

Nadere informatie

Programma Vrij werk

Programma Vrij werk De scores van de vier toestellen tellen mee voor de eindscore van het vrij werk. Dit is niet van toepassing voor het opgelegd werk. De toegekende nummers komen overeen met de nummering van de videobeelden

Nadere informatie

KONINKLIJKE ATLETIEK SPORT VERENIGING OUDENAARDE JEUGDBELEIDSPLAN. Eindtermen voor miniemen

KONINKLIJKE ATLETIEK SPORT VERENIGING OUDENAARDE JEUGDBELEIDSPLAN. Eindtermen voor miniemen 2016 KONINKLIJKE ATLETIEK SPORT VERENIGING OUDENAARDE JEUGDBELEIDSPLAN Eindtermen voor miniemen Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Algemene doelstelling... 4 2.1. Lichaamsbesef en bewegingsinzicht (Proprioceptie)...

Nadere informatie

Enkel opmerkingen noteren wanneer de situatie afwijkt van het HPPE!!! Doel Voorbereidings en uitvoeringsfase Evaluatie

Enkel opmerkingen noteren wanneer de situatie afwijkt van het HPPE!!! Doel Voorbereidings en uitvoeringsfase Evaluatie 1. Luisteren en spreken SYNTHESE VAN DE BEGINSITUATIE: Beginsituatie: Heeft moeite met luisteren naar klassikale instructie. Hij heeft wel luisterboeken, hierbij kan hij wel perfect vertellen wat er gebeurd

Nadere informatie

EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS

EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS In de linkerkolom vind je de eindtermen (https://www.onderwijsdoelen.be/lichamelijkeopvoeding-lager-onderwijs-0 ) In de rechterkolom wordt een link

Nadere informatie

BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN. Inleiding. verwijst naar ontwikkelingsaspecten uit het OWP

BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN. Inleiding. verwijst naar ontwikkelingsaspecten uit het OWP BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN Inleiding In alle leerplannen en in het Ontwikkelingsplan voor de Katholieke Basisschool zitten aspecten van relationele vorming verwerkt. Soms

Nadere informatie

Onderwijskundige doelen

Onderwijskundige doelen Onderwijskundige doelen Het materiaal van Dit Ben Ik in Brussel beoogt vooral het positief omgaan met diversiteit. Daarom is het ook logisch dat heel wat doelen van het Gelijke Onderwijskansenbeleid aan

Nadere informatie

Help! Ik moet op onderzoek!

Help! Ik moet op onderzoek! Help! Ik moet op onderzoek! SETOC realiseren in SO. Jan Gilté Basispatroon Op basis van informatie waarover je beschikt en die je afweegt, keuzes maken en beslissingen nemen. Onderzoek: wat?? Onderzoek

Nadere informatie

Leerlijn ICT VIJFDE LEERJAAR 1 Kennismaken - aanzetten - occasioneel opbouwen - regelmatig VERWERVEN - systematisch herhalen - verdiepen - verbreden -

Leerlijn ICT VIJFDE LEERJAAR 1 Kennismaken - aanzetten - occasioneel opbouwen - regelmatig VERWERVEN - systematisch herhalen - verdiepen - verbreden - Leerlijn ICT VIJFDE LEERJAAR 1 Kennismaken - aanzetten - occasioneel opbouwen - regelmatig VERWERVEN - systematisch herhalen - verdiepen - verbreden - 1.a. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica In kolom 1 vind je 69 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep geschiedenis/esthetica. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën.

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

Fysica 2 e graad: Impuls & Pulsar

Fysica 2 e graad: Impuls & Pulsar Fysica 2 e graad: Impuls & Pulsar Onderzoekend leren Voor een graadleerplan fysica van één wekelijkse lestijd (in de 2 de graad). Minimum 2 lestijden leerlingenexperimenten per schooljaar (4 u voor de

Nadere informatie

Overzicht Prestatie Niveau 2 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen

Overzicht Prestatie Niveau 2 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen Overzicht Prestatie Niveau 2 Technische doelen Tactische doelen Sociale Doelen Mentale Doelen Bovenhands en spelverdelen: Bovenhands en spelverdelen: Plezier hebben in het volleybal Weten waar je moet

Nadere informatie

Krachtige Leeromgevingen Academiejaar Praktijkopdracht 1

Krachtige Leeromgevingen Academiejaar Praktijkopdracht 1 Krachtige Leeromgevingen Academiejaar 2013-2014 Praktijkopdracht 1 Naam: Dauwe Voornaam: Sara Studentennummer: 00905558 De praktijkopdracht wordt ingediend voor: Krachtige leeromgevingen Leren en Instructie

Nadere informatie

Opvoedingsproject. Nieuwen Bosch Humaniora Gent

Opvoedingsproject. Nieuwen Bosch Humaniora Gent Opvoedingsproject Nieuwen Bosch Humaniora Gent Onze school wil aan jongeren kwalitatief hoogstaand onderwijs bieden in een hartelijk klimaat van samenwerken en samenleven stimuleren we de leerlingen vanuit

Nadere informatie

PEILPROEVEN WISKUNDE TWEEDE GRAAD ASO. 1 De resultaten

PEILPROEVEN WISKUNDE TWEEDE GRAAD ASO. 1 De resultaten PEILPROEVEN WISKUNDE TWEEDE GRAAD ASO 1 De resultaten Op 9 mei 2012 werden door de overheid de resultaten meegedeeld van de peilproeven over (een deel van) de eindtermen wiskunde van de tweede graad aso

Nadere informatie