AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "AV Lichamelijke opvoeding AV Sport"

Transcriptie

1 LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 14/13-12 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar: Lichamelijke opvoeding en sport Sport TSO derde graad eerste en tweede leerjaar Leerplannummer: 2008/042 (vervangt 2006/095) Nummer inspectie: 2008 / 71 // 1 / T / SG / 1 / III / / D/ (vervangt 2004 / 135 // 1 / T / BS / 2H / III / / D/) Pedagogische begeleidingsdienst GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap Emile Jacqmainlaan Brussel

2 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 1 INHOUD Visie... 2 Beginsituatie... 5 Algemene doelstellingen... 6 Leerplandoelstellingen/leerinhouden... 8 Subvak 1: Theorie van de sport... 9 Subvak 2: Fysiologie van de beweging Subvak 3: Atletiek Subvak 4: Gymnastiek meisjes Subvak 4: Gymnastiek jongens Subvak 5: Ritmische en dansante vorming Subvak 6: Zwemmen Subvak 7: Basketbal Subvak 8: Handbal Subvak 9: Rugby Subvak 10: Voetbal Subvak 11: Volleybal Subvak 12: Badminton Subvak 13: Tafeltennis Subvak 14: Tennis Subvak 15: Verdedigingssporten (Budo) Subvak 16: Paardrijden Subvak 17: Watersporten Subvak 18: Golf Subvak 19: Triatlon-duatlon Subvak 20: Wielrennen Algemene pedagogisch-didactische wenken Minimale materiële vereisten Evaluatie Bibliografie...123

3 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 2 VISIE Deze studierichting realiseert de vormingsdoelen van TSO en richt zich in het bijzonder naar een harmonische persoonlijkheidsvorming waarbij de sportcomponent een extra vormingsmiddel is voor de ontwikkeling van de persoonlijkheid van de jongere. Ze spreekt vooral jongeren aan die minder studiegericht maar sportminded zijn waarbij een intense lichaamsbeleving een motivatie betekent voor hun studieloopbaan. TSO Lichamelijke opvoeding en sport beoogt echter niet alleen de ontwikkeling van het lichaam maar ook van de geest. Logischerwijze moeten de verschillende vakken en componenten binnen de opleiding op elkaar afgestemd zijn. Sport als uitlaatklep voor hypernerveuze jongeren of als compensatie voor te veel zitonderwijs zijn geen redenen om deze studierichting aan te raden. Goed presteren in theorie en sport vereisen planning, regelmaat, recuperatie en verzorging. De studierichting moet de leerlingen toelaten zich voor te bereiden op 1. een doorstroming naar bepaalde vormen van Hoger Onderwijs (pedagogisch, sociaal, paramedisch, economisch...) 2. tewerkstelling in verschillende beroepsgerichte sectoren a. beroepssector waarbij het fysiek element belangrijk is (leger, rijkswacht, politie, brandweer, zwembadredder...) b. vrijetijdssector waarbij communicatieve vaardigheden essentieel zijn: recreatieve sportclubs, gemeentelijke sportdiensten, OCMW, clubtoerisme, strandanimatie... c. commerciële sector verwant aan sport: fitnesscentra, verkoop van sportartikelen, onderhoud van sportmaterieel... d. sportspecifieke sector waarbij de sporttechnische kennis belangrijk is bijv. hulptrainer en trainer in een specifieke sportdiscipline e. beroepssportsector: voltijdse of deeltijdse tewerkstelling in eigen sportdiscipline: voetbal, wielrennen, tennis, basketbal

4 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 3 De lichamelijke opvoeding en sportgerichte opleiding, bestaat uit volgende componenten: 1. Het ontwikkelen van de motorische competentie Sportief talent kan enkel ontdekt worden indien de lichamelijke ontwikkeling in de breedste zin van het woord maximale kansen gekregen heeft. Hierbij denken we aan zowel de grof motorische en de fijn motorische ontwikkeling als aan de ontwikkeling van de fysieke basiseigenschappen zoals kracht, lenigheid, snelheid, uithouding e.d. Via vakken als atletiek, zwemmen, gymnastiek, ritmiek en balsporten wordt er gewerkt aan de motorische ontwikkeling. De fysieke conditie wordt voornamelijk in de hand gewerkt door regelmatig en voldoende intensieve fysieke activiteit van het opgroeiende individu, dit echter zonder te willen voorbij gaan aan andere medebepalende factoren zoals de hygiëne, de voeding, de nachtrust, het schoolritme... De opleiding LO en Sport is polyvalent en kan leiden tot specialisatie. Via keuzesport wordt een doorgedreven fysieke en motorische training nagestreefd waarbij doorzettingsvermogen en karaktervorming centraal staan. De motivatie tot fysieke inspanning is belangrijk. Men streeft naar het leveren van prestaties zoals ook in het dagelijkse leven van een volwassene worden gevraagd. 2. Het ontwikkelen van het zelfconcept en sociaal functioneren Bij elke gedragsvorm, dus ook de motorische, is er een duidelijke interactie aanwezig tussen de ontwikkelingsdomeinen van de persoonlijkheid en de motoriek. De verschillende bewegingsdomeinen bieden een belangrijke bijdrage tot het verwerven van positieve sociale attitudes: fair play, leren aanvaarden van regels, waarden en normen, de verantwoordelijkheid ten opzichte van de medeleerlingen, hulpvaardigheid en samenwerking. Ook individuele attitudes zoals doorzettingsvermogen, wilskracht, zorg voor eigen gezondheid en conditie, beheersing en zelfstandigheid worden in verschillende bewegingsactiviteiten sterk aangesproken. 3. Het ontwikkelen van de cognitieve competentie De cognitieve vormingscomponent berust op: 3.1 een wetenschappelijke benadering van de basiselementen van het menselijk bewegen De leerstof, op het niveau van de leerlingen TSO, behandelt aspecten van anatomische en fysiologische aard gerelateerd aan sportbeoefening en het leveren van fysieke inspanningen. Het inzicht in de fysiologische en biomechanische principes m.b.t. beweging en inspanning en de toepassing ervan in eigen praktijkuitvoeringen moet ondersteund worden door de positieve wetenschappelijke vakken: fysica, chemie, biologie.

5 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport het aanbrengen van kennis en inzicht in de theorie van de lichamelijke opvoeding Deze theorie behandelt het leren over bewegen: het bijbrengen van kennis en inzicht in bewegen en sport, in de bewegings- en sportcultuur en in andermans kunnen. De spelorganisatorische aspecten van de sport en het begeleiden van groepsdynamische processen via bewegingsactiviteiten worden bijgebracht. 3.3 het situeren van het fenomeen sport in een maatschappelijke context Sport is een cultuurfenomeen met een belangrijke maatschappelijke invloed. Eigen ervaringen maken de leerlingen bewust van het belang van de beweging voor de ontwikkeling, de vrije tijd en de sociale integratie. Door het toenemend belang van de politiek, geld en de media bestaat het gevaar dat er een breuk ontstaat tussen de waarden van de sport en de realiteit. Informatie en het bijbrengen van inzicht in de ethische aspecten van de sport behoren tot de essentie van een opleiding LO en Sport. 3.4 het bijbrengen van kennis en inzichten in economische markten De kwaliteit van een opleiding LO en Sport berust op volgende pijlers: - gemotiveerde leerlingen die weten waaraan ze beginnen en die bereid zijn inspanningen te leveren en door te zetten; - bekwame leerkrachten LO die de meest actuele, wetenschappelijk onderbouwde, inzichten in sportbegeleiding gebruiken; - degelijke en veilige infrastructuur; - goede contacten met externe organisaties zoals SVS, BLOSO, BVLO, sportfederaties en gemeentelijke sportdiensten. Vakgebonden en vakoverschrijdend overleg Bij de uitwerking van de leerplannen zijn zowel verticale als horizontale samenhang belangrijk. De verticale samenhang legt het verband met de basisdoelstellingen van de eerste graad en de einddoelstellingen van de derde graad. De horizontale samenhang legt het verband met andere vakken en vakoverschrijdende gebieden. In de vakken biologie, chemie, fysica, toegepaste biologie worden de basisleerinhouden aangebracht als ondersteuning voor de toepassingen gericht naar beweging en inspanning in het onderdeel theorie: wetenschappelijke benadering van de basiselementen van de menselijke beweging. Het doel van de lessen economie is niet alleen de leerlingen inzicht te verstrekken in het economisch mechanisme met haar onderscheiden entiteiten en markten, maar ook specifieke aspecten van het bedrijfsbeleid te brengen. Tevens wordt uitvoerig aandacht besteed aan het juridische statuut van de sportbeoefenaar, zowel van de betaalde als van de niet-betaalde.

6 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 5 BEGINSITUATIE De leerplandoelstellingen en de leerinhouden steunen op de verworven kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes uit de tweede graad. Ze richten zich zowel naar de sportbegaafde leerling als naar de sportgeïnteresseerde leerling. De leerlingen beschikken over voldoende motorische vaardigheden, hebben een positieve bewegingsingesteldheid, doorzettingsvermogen en zin voor samenwerking. De leerlingen moeten ook veel interesse hebben voor wetenschappelijke toepassingen. In het eerste leerjaar van de derde graad moet men rekening houden met een aantal instromers. Hun kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes steunen op het leerplan lichamelijke opvoeding uit de basisvorming van de tweede graad. Het is aangewezen deze leerlingen duidelijk de minimacriteria mee te delen die in de tweede graad van de studierichting LO en sport moeten behaald worden. Anderzijds is het aan te bevelen bij het begin van het schooljaar een geleidelijke opbouw te voorzien zodat deze leerlingen na een bepaalde periode voldoen aan de voorwaarden om met succes een derde graad te volgen.

7 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 6 ALGEMENE DOELSTELLINGEN 1. Ontwikkelen van motorische en cognitieve competenties Algemene doelstellingen uit de 2e graad die worden gehandhaafd of verder uitgediept: basisbewegingen en geleerde vaardigheden uit de verschillende bewegingsgebieden toepassen in andere bewegingscontexten; aandacht hebben voor een goede technische uitvoering en het bereiken van geoefendheid in een discipline die kan gaan tot topsport; bewegingsopdrachten zelfstandig kunnen aanpakken, oplossen en tot een goed einde brengen, rekening houdend met eigen mogelijkheden; sportspecifieke spel- en gedragsregels kennen en deze toepassen zowel individueel als in groep; reflecteren op het lukken of mislukken van een bewegingsopdracht en oplossingen kunnen geven; evalueren en reflecteren op zichzelf en op de eigen mogelijkheden. Nieuwe algemene doelstellingen: volgens vooropgestelde criteria bij zichzelf kunnen nagaan of er vorderingen worden gemaakt bij het uitvoeren van bewegingsopdrachten; een mening hebben over bewegingssituaties en bewegingservaringen kunnen uitwisselen; motorische, cognitieve en socio-affectieve basis verwerven nodig om door te stromen naar hoger onderwijs of om met voldoende zelfvertrouwen een loopbaan te beginnen in een sportgerichte beroepssector. 2. Gezonde en veilige levensstijl Algemene doelstellingen uit de 2e graad die worden gehandhaafd of verder uitgediept: het belang kennen van een goede fysieke conditie in functie van een gezonde en veilige levensstijl; eigen doelen kunnen bepalen met betrekking tot een optimale fysieke fitheid; spontaan deelnemen zowel aan competitieve als aan recreatieve bewegingsactiviteiten; voldoening beleven aan fysieke inspanning in coördinatie met een aangepaste hygiëne en lichaamsverzorging; risico s voor gezondheid en veiligheid verbonden aan de verschillende sporten kennen en gepast weten te handelen; belangrijke gezondheidsaspecten van sporten blijven toepassen, zoals: het gebruik van aangepaste kledij en schoeisel, het belang van de opwarming en cooling down, correct helpen en bijstaan basisregels van een correcte houding- en rugscholing hanteren om overbelasting en kwetsuren te vermijden; beseffen dat onsportief, onethisch, ongezond en onbezonnen gedrag oorzaak kan zijn van letsels en trauma s; verantwoordelijkheid opnemen omtrent veiligheidsafspraken; inzicht hebben in medebepalende gezondheidsfactoren zoals hygiëne, voeding, gebruik van genoten geneesmiddelen, nachtrust, schoolritme, trainingsfrequentie ; de positieve invloed van sporten in de natuur ervaren. Nieuwe algemene doelstellingen: het verband kunnen leggen tussen bewegen, gezondheid en samenleving; kritisch omgaan met het bewegingsaanbod; leren zinvol trainen; eerste hulp kunnen bieden bij sportongevallen.

8 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 7 3. Zelfconcept en sociaal functioneren Algemene doelstellingen uit de 2 e graad die worden gehandhaafd of verder uitgediept: een gezonde sportieve instelling verwerven door te oefenen in een geest van veiligheid en wederzijds respect; ervaren van bewegingsvreugde; verantwoordelijkheid opnemen als deelnemer, materiaalverantwoordelijke, helper, spelleider, scheidsrechter ; aanvaarden van afspraken, spelregels, waarden en normen; zelfstandig kunnen oefenen individueel of in kleine groepen waarbij men respect opbrengt voor elkaars mogelijkheden en individuele verschillen; weten dat een goede samenwerking, zoals medeleerlingen helpen wanneer de bewegingssituatie dit vereist, kwetsuren en andere trauma s helpen vermijden. Nieuwe algemene doelstellingen: weten welke bewegingsactiviteit het best aansluit bij de eigen fysieke en relationele mogelijkheden; recreatieve en competitieve bewegingsactiviteiten alleen of in groep kunnen organiseren en aanpassen aan de deelnemers; kritisch kunnen reflecteren over sport in de maatschappij. 4. Vakoverschrijdende doelstellingen leren problemen oplossen en zowel de oplossingswijze als de oplossing kunnen evalueren; een realistische training- en tijdsplanning op langere termijn kunnen maken; het leerproces kunnen bijsturen en beoordelen op doelgerichtheid; toekomstgerichte conclusies kunnen trekken uit leerervaringen; de oorzaak van slagen of falen objectief kunnen toeschrijven; ontwikkelen van een positief zelfbeeld op basis van betrouwbare gegevens en daarover kunnen communiceren; omgevingsinvloeden kunnen onderkennen; een kritische houding kunnen aannemen ten aanzien van allerlei vormen van informatie; het belang inzien van gevoelens en lichaamstaal; bereid zijn tot luisteren, respecteren en overleggen; ongelijk en onmacht durven toegeven; aannemen van een kritische houding tegenover het eigen voedingspatroon en bereid zijn het aan te passen, rekening houdend met criteria voor een evenwichtige voeding binnen diverse voedingssystemen; kunnen herkennen van risicofactoren voor eetstoornissen en hun gevolgen; kunnen toepassen van eerste hulp en cardiopulmonaire resuscitatie (CPR); milieuproblemen kennen in verband met sommige sporten en zich verantwoordelijk voelen voor het milieu waarin er wordt gesport; Wij wensen de leerplangebruiker erop te wijzen dat deze lijst met vakoverschrijdende doelstellingen zeker niet limitatief is en enkel LO-gerelateerde voorbeelden zijn uit de verschillende vakoverschrijdende thema s. De uitbreiding van deze lijst is sterk afhankelijk van de aanpak van de individuele leerkracht alsook van projecten opgezet zowel door de vakgroep als door de school.

9 TSO 3e graad Basisvorming + Specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 8 / De leerplandoelstellingen en de leerinhouden staan in onderlinge relatie. Leerinhouden zijn middelen om doelstellingen te bereiken. Motorische competenties worden bereikt via aangepaste leerinhouden en aangepaste methodischdidactische werkvormen en kunnen verschillend zijn voor jongens en meisjes. Attitude gebonden en vakoverschrijdende doelstellingen kunnen niet steeds door specifieke leerinhouden bereikt worden maar eerder door een gepaste methodisch-didactische aanpak. Daarenboven zijn er een aantal attitudegebonden doelstellingen die als een rode draad doorheen het leerproces van alle disciplines lopen. De doelstellingen en de leerinhouden worden per discipline geformuleerd.

10 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 9 SUBVAK 1: THEORIE VAN DE SPORT 1e leerjaar: 2 lestijden /week 2e leerjaar: 2 lestijden /week 1. de mogelijke waarden van de bewegingsopvoeding inzien. Ontwikkeling van: de motorische competentie de gezonde en veilige levensstijl het zelfconcept en sociaal functioneren LO de principes van het leidinggeven toepassen. Leiderschapsstijlen versus leerstijlen LO de beginselen van didactiek verwerven. Verschillende didactische werkvormen: werken met groepen, individueel, partner globaal, analytisch zelfgestuurd leren casestudy 4. het jeugdsportbeleid inschatten. de ontwikkelingsfasen voorwaarden waaraan jeugdtraining moet voldoen randfenomenen: omgang met ouders, sociale activiteiten 5. inzicht verwerven in de organisatie van de sport. de comités de organisatievormen competitiesystemen: uitdaging, afval, poule, combinatie, roulering instuif- en schooltornooi 6. de rol van de sport als maatschappelijk fenomeen begrijpen. De verschillende invalshoeken op de sport: gezondheid vrije tijd welzijn ontspanning sociale invalshoek spektakel 7. de tewerkstelling in de sport overzien. Onderwijs, Vlaamse trainerschool, sportgerichte beroepssectoren

11 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 10 LO LO de belangrijkste trainingsprincipes aangeven en toepassen op hun sport. 9. de basiscomponenten weerstand, coördinatie; kracht; lenigheid; uithouding en snelheid inschatten en de methodes toepassen op hun sport. LO plannen en periodiseren. de cycli jaarindeling begrippen conditionele factoren, techniek en tactiek, lichaamsbouw, accommodatie en psychische factoren supercompensatie belastingscomponenten voornaamste principes van trainingsstructuur begrippen en inhoud trainingsmethodes trainingsmethodes in functie van de soort organisatievormen van oefensessies evaluatie van de verschillende componenten

12 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 11 subvak 1: THEORIE VAN DE SPORT Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Geef lessen trainingsleer zo praktisch mogelijk. (Ervaringsgericht lesgeven!) 2. Vakoverschrijdend samenwerken met de collega s sport is een must. 3. Wijs op de intrinsieke waarden en gevaren in de sportbeleving. Zoek in de media naar uitingen van deze beleving tot op het topniveau. 4. Leerlingen zoeken progressies in hun eigen keuzesport. Zij moeten zich stellen op het niveau initiatie, waar bewegingen minder vanzelfsprekend of gewoon zijn voor onze sportervaren leerlingen. 5. Leerstijlen: inzicht in de persoonlijkheid van de sporter: fysiek, temperament, intelligentie, karakter en attitude, sociale vaardigheid, faalangst 6. Opzoeken van artikels in kranten, sporttijdschriften, uitgaven van diverse sportorganisaties, internet over de diverse thema s. 7. Gebruik van videoreportages als illustratie. 8. De leerlingen geven voorbeelden aan uit eigen ervaring in club of school. 9. De leerlingen vertellen over de trainingen die zij in clubverband uitvoeren, brengen wedstrijdtabellen en klassementen mee. Zij organiseren in de school sportinstuiven en tornooien via de keuzesport. 10. De leerlingen voeren zelf testen uit. 11. Zoeken op het internet naar een actuele lijst van de verboden producten. 12. In het eerste jaar van de graad worden reeds links gelegd naar de stage sport van het laatste jaar. 13. Gebruik van de documentatie als onderwerp voor een groepsdiscussie of panelgesprek. 14. Een doordachte aanpak maakt het mogelijk om tevens heel wat vakoverschrijdende eindtermen na te streven binnen het eigen vak. Voornamelijk de eindtermen uit de domeinen leren leren en sociale vaardigheden kunnen aan bod komen. 15. Veel items leiden tot vakoverschrijdend samenwerken: toepassing van trainingsleer (alle keuzesporten); het verwerken van de documentatie tot een spreekbeurt (Nederlands, andere talen ;) opzoeken en verwerken van informatie i.v.m. de gemeentelijke sportraad, subsidiewerking, sportdienst, wetteksten en decreten (recht & wet, toegepaste informatica, ); invloeden van de media en het bedrijfsleven op de sport (recht en wet: media, sponsoring, reclame ); stage op de gemeentelijke sportdienst (GIP; stage); doping (fysiologie, levensbeschouwelijke vakken, recht & wet );

13 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 12 SUBVAK 2: FYSIOLOGIE VAN DE BEWEGING 1e leerjaar: 2 lestijden /week 2e leerjaar: 2 lestijden /week 1. het lichaam situeren in de ruimte (module 1). basisbegrippen en terminologie 2. inzicht verwerven in de studie van de gewrichten (module 2). schoudergewricht ellebooggewricht heupgewricht kniegewricht wervelkolom 3. inzicht verwerven in de beweging van de gewrichten (module 3). schoudergewricht ellebooggewricht heupgewricht kniegewricht wervelkolom 4. de spiercontracties begrijpen (module 4). macro micro spierweefsel 5. inzicht verwerven in de energieleveringssystemen (module 5). studie van de energieprocessen in het spierweefsel 6. het verband leggen tussen de regulerende systemen (module 6). het zenuwstelsel het hormonaal stelsel 7. de relatie leggen tussen voeding en sport (module 7). de spijsvertering samenstelling van de voeding. 8. het belang aangeven van de transportsystemen (module 8). het bloed lymfe 9. en kennen het belang van de uitwisseling van gassen (module 9). de ademhaling

14 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 13 subvak 2: FYSIOLOGIE VAN DE BEWEGING Module Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. lichaamsassen lichaamsvlakken lichaamsbewegingen richtingsaanduidingen 2. Anatomische benadering van de beenderen: bouw van de beenderen soorten beenderen mogelijke letsels en afwijkingen invloed van training op het skelet lenigheidremmende en bevorderende factoren rugscholing 3. De inwerkende (belangrijkste) spieren op de gewrichten: oorsprong en insertie analyse van de beweging hefbomen en krachten (agonisten, synergisten en antagonisten) mogelijke letsels 4. prikkeloverdracht motorische eenheid prikkelduur / prikkelfrequentie snelle en trage spiervezels 5. ATP wederopbouw aëroob anaëroob lactisch alactisch lactaatmetingen steady state omslagpunt recuperatie zuurstoftekort en zuurstofschuld

15 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 14 Module Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 6. verband tussen de stelsels stijgende en dalende banen synaps verschillende soorten beweging: reflex; bewuste beweging; automatismen; emotionele beweging feedback stretching (zenuwstelsel) actie / reactie reflex 7. kwantitatieve en kwalitatieve samenstelling van de voeding enzymen dieet (sportdieet) + voedingsschema (voor-tijdens-na) vitaminen oligo-elementen soorten suikers dranken; sportdranken 8. bloedsomloop / hart samenstelling van het bloed hartslagmeter / bloeddrukmeter filtratieproces aandoeningen afweersysteem 9. bouw van de longen (herhaling 2 e graad) partiële O 2 CO 2 -druk hoogtetraining / diepzeeduiken spirometrie Maak afspraken binnen de vakgroep. Probeer samen met de subvakken sport zoveel mogelijk te streven naar praktijkgerichte toepassingen.

16 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 15 SUBVAK 3: ATLETIEK Basispakket: 50 lestijden per graad Motorische competenties Afhankelijk van de accommodatie, het beschikbare materiaal en het weer maakt de leerkracht een keuze in analogie met de 2 e graad. LO de techniek en de beweging optimaal beheersen en perfectioneren. LO technieken oefenen om de afgesproken schoolcriteria te bereiken. LOOPNUMMERS: START EN SPRINT EN/OF HORDENLOOP EN/OF AFLOSSING EN/OF UITHOUDING LO 3 3. streven naar een veelzijdige ontwikkeling van de basiseigenschappen. LO 6 4. belasting en intensiteit verhogen. START EN SPRINT LO verbanden leggen en transfers maken tussen en naar verschillende bewegingen. perfectioneren van de start- en sprinttechniek wedstrijd met correcte startbevelen LO leren anaëroob lactisch lopen. AFLOSSING Gezonde en veilige levensstijl een stokwissel uitvoeren aan maximale snelheid oefenen in de aflossingszone LO 1 7. veiligheidsvoorschriften, regels en afspraken naleven. prestatie LO 21*-22* 8. positief staan tegenover regelmatig oefenen. HORDENLOOP LO 20-21* 9. de gezonde invloed ervaren van regelmatige fysieke inspanning. perfectioneren van de techniek overschrijden van de horden op regelmatige afstand met 3-passenritme LO het belang van de opwarming en de cool down aangeven. prestatie LO het belang inzien van het dragen van aangepaste sportkledij. UITHOUDING progressief afstand en tempo opdrijven extensief interval intensief interval Coopertest

17 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 16 Zelfconcept en sociaal functioneren WERPNUMMERS: KOGEL EN/OF DISCUS EN/OF SPEER LO zelfstandig oefenen. KOGELSTOTEN perfectioneren van de standstoot en stoten met glijfase prestatie LO met iedereen, zonder onderscheid, samenwerken. SPEERWERPEN perfectioneren van de standworp 3-passenritme, 5-passenritme en het werpen met volledige aanloop prestatie LO hun eigen mogelijkheden juist inschatten. DISCUSWERPEN LO de prestaties van anderen waarderen. intensifiëren en perfectioneren van de technieken accent leggen op de uitvoeringssnelheid van de beweging prestatie LO inzet en volharding tonen en hun fysieke grenzen verleggen. SPRINGNUMMERS: HOOG EN/OF VER EN/OF HINKSTAPSPRINGEN LO 21*-22* 17. voldoening beleven aan fysieke inspanning. HOOGSPRINGEN techniek boven de lat perfectioneren aanloopritme verzorgen en opdrijven prestatie LO plannen en naar een prestatie toeleven. VERSPRINGEN perfectioneren van de hangsprong aanloop bepalen en de plank treffen prestatie LO kritiek aanvaarden. HINKSTAPSPRONG perfectioneren van de techniek specifieke springkrachtoefeningen prestatie

18 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 17 subvak 3: ATLETIEK Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties Leerstof basispakket 3 e graad inoefenen en vervolmaken. LO 4 1. verbanden leggen, ook naar de theorie van de lichamelijke opvoeding. LO snelheid verhogen tijdens duurloop; aërobe en anaërobe uithouding De leerlingen worden verdeeld in 2 basisgroepen: verbeteren. LO de eindproef nl. een meerkamp naar behoren afwerken. A: aangesloten bij atletiekclub LO verbanden leggen en transfers tussen de diverse bewegingen. B: niet aangesloten LO technische raad uitwisselen aan elkaar en elkaar stimuleren om de afgesproken minimacriteria te behalen. LO prestatieverbetering nastreven. Groep B: weekplanning: LO 4 7. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in atletiek. technieken Gezonde en veilige levensstijl inhaalles LO 1 8. veiligheidsvoorschriften, regels en afspraken naleven. Groep A: mits een trainingsschema van de club mag de leerling individueel zijn schema afwerken. Zoniet bij groep B. uithouding en lenigheid (zie jaarplanning) LO 21*-22* 9. positief staan tegenover regelmatig oefenen. Groep B: jaarplanning: alternatieve activiteiten die basiseigenschappen verbeteren 10. de gezonde invloed ervaren van regelmatige fysieke inspanning. Ontwikkeling van de basiseigenschappen (K, L en U) LO het belang van de opwarming en de cool down aangeven. sept.-febr.: opdrijven van km en tempo. Aëroob LO de negatieve invloed van genotsmiddelen en slechte voeding duiden. ma.-apr.: intensieve intervals Technieken alle technieken van meerkamp worden getraind met de specifieke kracht- en snelheidstraining

19 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 18 Zelfconcept en sociaal functioneren Alternatieve activiteiten LO zelfstandig oefenen. spelvormen oriënteringsloop LO met iedereen, zonder onderscheid, samenwerken. LO hun eigen mogelijkheden juist inschatten. LO de prestaties van anderen waarderen. Inhaalles techniek (+ lln. andere keuzesporten) gecoördineerd met de les atletiek LO inzet en volharding tonen en hun fysieke grenzen verleggen. LO 21*-22* 18. voldoening beleven aan fysieke inspanning. Powertraining maximumprestaties bepalen LO plannen en naar een prestatie toeleven. fiche opstellen LO kritiek aanvaarden.

20 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 19 subvak 3: Atletiek Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Een prestatieverbetering nastreven door regelmatige en systematische trainingsopbouw. 2. De vorderingen (laten) noteren en bespreken. 3. Gevarieerde oefen- en organisatievormen aanwenden. 4. Aan de motorische basisvorming wordt verder gewerkt door de beweging te perfectioneren. 5. In functie van de onderwezen atletiekdisciplines worden de bijkomende basiseigenschappen getraind. 6. Oefenstof voor de verbetering van coördinatie, beweeglijkheid en ritme aanbieden, zodat de link naar andere atletiek- en sportdisciplines wordt gelegd. 7. Leren plannen en naar een prestatie werken. 8. De leerlingen moeten minimacriteria realiseren. 9. SPRINGEN: - landingsheuvel bij hoogspringen voldoende hoog, zacht en veilig. - competitievormen van verspringen niet op een zachte valmat maar in een verspringput. - gevarieerde oefenvormen gebruiken om de springkracht en de springbehendigheid te ontwikkelen. - uitleggen wat de belangrijkste fasen zijn bij een sprong en elkaar leren observeren. - groepsopdrachten, groepscompetities zijn motiverend en stimuleren het sociaal contact. 10. WERPEN EN STOTEN: - de veiligheid staat centraal bij de opstelling van de leerlingen op en rond het werpterrein. Duidelijke afspraken maken om dit te ondersteunen. 11. LOPEN: - bij het lopen in openlucht is respect voor de natuur en leefomgeving belangrijk. - voor loopactiviteiten buiten de school wordt er extra aandacht besteed aan veiligheid, plichtsgevoel, verantwoordelijkheidsbesef, hoffelijkheid en het maken van duidelijke afspraken.

21 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 20 SUBVAK 4: GYMNASTIEK MEISJES Basispakket: 50 of 75 lestijden per graad De uitbreidingen voor het pakket van 75 lestijden per graad staan tussen haakjes en cursief. Motorische competenties Leerstof basispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken (= afhankelijk van de vooropleiding en beginsituatie van de leerlingen) LO ruimte-, tijd- en lichaamsperceptie verwerven om zich bewust te zijn van een juiste houding, beweging en vormspanning. GROND: LO * 2. oefenen ter verbetering van de algemene spierkracht en ze begrijpen de opbouw van een krachttraining. koprol: voorwaarts en rugwaarts benen gespreid; korte zweefrol 3. de specifieke terminologie van het toestelturnen begrijpen en gebruiken. handenstand: afstoot 2 voeten en doorrollen rad: in serie LO bewegingsopdrachten zelfstandig aanpakken en tot een goed einde rondat: aanloop opsprong rondat brengen. (rondat rad); Gezonde en veilige levensstijl LO 22* 5. overtuigd worden van het grote belang van lenigheidsoefeningen en een opwarming in functie van het toestel. LO 1 6. steunverbanden en hulpmiddelen in functie van de veiligheid correct gebruiken. LO de technieken van helpen en bijstaan aanleren en toepassen tijdens het inoefenen van de bewegingen uit de behandelde leerstof. overslag (::); (overslag flikflak: uit stand (::) (uit stand in minitramp/ flikflak +landen op valmat spreidsprong, hurksprong, kattesprong samenstellen van een reeks met gekende bewegingen basiselementen acrogym BRUG: opsprong: aanloop opsprong buikdraai rugwaarts loopkip (::) molendraai voorwaarts buikdraai rugwaarts (buikdraai voorwaarts (::)) (uitsprong: zolendraai rugwaarts) samenstellen van een reeks met gekende oefeningen

22 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 21 Zelfconcept en sociaal functioneren LO door een positieve houding de groepsgeest binnen de klas helpen BALK: stimuleren. draaien: ½ draai op 1 voet LO de noodzakelijke inzet tonen om meer complexe bewegingen in te oefenen. sprongen: combinatie van 3 sprongen verplaatsingen: voorw., rugw. en zijw. met begeleidende armbeweging LO inschatten welke bewegingen het best aansluiten bij hun eigen fysieke mogelijkheden. rad: op zweedse bank : op lage balk (::); (op lage balk) afsprong: rondat : (overslag (::)) samenstellen van een reeks met gekende oefeningen SPRONGEN: plint breedte: handenstand overslag (::) minitrampoline: salto voorwaarts (::)

23 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 22 subvak 4: GYMNASTIEK MEISJES Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad LO Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof basispakket (75 lestijden) 3e graad en uitbreiding 2e graad 1. zich door het uitvoeren van oefeningen in combinatie meer complexe bewegingspatronen eigen maken. LO inzicht verwerven in de opbouw van de oefeningen en kunnen de technieken benoemen. GROND: handenstand: afstoot 2 voeten, benen gestrekt rad: aanloop opsprong zweefrad overslag: aanloop overslag (neerkomen op 1 of 2 benen) 3. de basisprincipes van het beoordelingsysteem van de F.I.G. interpreteren. flikflak: aanloop rondat flikflak (::) salto voorwaarts of rugwaarts: afstoot op verhoogd vlak (::) LO aandacht hebben voor een goede technische uitvoering en lichaamshouding samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit zoals verwacht wordt van een competitieturnster. de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad LO zelfstandig met gekende motorische vaardigheden een creatieve combinatie samenstellen en uitvoeren. BRUG: zweefkip (::) LO trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in de gymnastiek. zwaaikip (::) uitsprong : zolendraai rugwaarts (hoge legger) samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad Gezonde en veilige levensstijl BALK: LO 1 7. door inzicht in het bewegingsverloop van de diverse technieken, potentieel gevaarlijke situaties inschatten en vermijden. LO de algemene principes van de houdings- en rugscholing begrijpen en hanteren om overbelasting en kwetsuren te vermijden. sprongen: een combinatie van 3 sprongen in serie draaien: een volledige draai op 1 voet rol: voorwaartse of rugwaartse rol op hoge balk (::) rad: op hoge balk (::) LO begrijpen dat een goede samenwerking ongevallen kan helpen vermijden. handenstand: op hoge balk (::) afsprong: overslag : losse afsprong (zonder handensteun). samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad

24 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 23 Zelfconcept en sociaal functioneren SPRONGEN: LO zelfvertrouwen opbouwen door het zich bewust zijn van een correcte lichaamshouding. plint breedte: handenstand afwenden : handenstand overslag LO eigen kennis en kunde aanwenden om als assistent-coach te fungeren bij : handenstand overslag met draai om de lengteas voor schoolsportactiviteiten intra- of extramuros en bij demonstraties ter of achter de steunfase (::) gelegenheid van schoolfeesten. LO begrijpen dat een goede samenwerking ongevallen kan helpen vermijden. minitrampoline: salto voorwaarts : salto voorwaarts gehoekt : barani

25 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 24 SUBVAK 4: GYMNASTIEK JONGENS Basispakket: 50 of 75 lestijden per graad De uitbreidingen voor het pakket van 75 lestijden per graad worden staan tussen haakjes en in cursief. Motorische competenties LO ruimte -, tijd -, en lichaamsperceptie verwerven om zich bewust te zijn van een juiste houding, beweging en vormspanning. LO * 2. oefenen ter verbetering van de algemene spierkracht en ze begrijpen de opbouw van een krachttraining. Leerstof basispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken conform de beginsituatie van de leerlingen) GROND: koprol, benen gespreid: voorwaarts en rugwaarts handenstand: afstoot 2 voeten en doorrollen (via benen gespreid en gestrekt) : overpak in 2 tijden 3. de specifieke terminologie van het toestelturnen begrijpen en gebruiken. : (stut (::) rad en rondat: aanloop opsprong rondat halve draai rad; LO bewegingsopdrachten zelfstandig aanpakken en tot een goed einde overslag (::); brengen. (flikflak: uit stand (::)) (: voorbereidende oefeningen rondat flik (::)) verbindingen en verplaatsingen: 2 sprongen Gezonde en veilige levensstijl : 2 halve draaien; 1 evenwichtshouding; (2 evenwichtshoudingen); LO 22* 5. overtuigd worden van het grote belang van lenigheidsoefeningen en een opwarming in functie van het toestel. LO 1 6. steunverbanden en veiligheidshulpmiddelen correct gebruiken. BRUG: LO de technieken van helpen en bijstaan aanleren en toepassen op de bewegingen van de behandelde leerstof. samenstellen van een reeks met gekende oefeningen basiselementen van acrogym korte kip: zwaaien in streksteun; val tot kiplig; kip tot streksteun vooropzet: als insprong achterinleg schouderstand: opzwaai vanuit streksteun doorrollen tot bovenarmsteun (salto voorwaarts: vanuit zwaai in streksteun tot bovenarmsteun) (afsprong: kroontje uit) samenstellen van een reeks met gekende oefeningen

26 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 25 Zelfconcept en sociaal functioneren LO door een positieve houding de groepsgeest binnen de klas helpen stimuleren. REK laag + hoog molendraai voorwaarts buikdraai voorwaarts LO de noodzakelijke inzet tonen om meer complexe bewegingen in te oefenen. zolendraai rugwaarts: na opzwaai tot spreidstand uit streksteun loopkip (::) LO inschatten welke bewegingen het best aansluiten bij hun eigen fysieke mogelijkheden. (zweefkip (::)) (zwaaikip (hoge rekstok) (::)) uit hang/ rugwaarts om breedteas draaien tot streksteun (buikdraai rugwaarts (hoog rek)) samenstellen van een reeks met gekende oefeningen SPRONGEN: plint breedte: duiksprong, benen tussen steun : handenstand afwenden : handenstand overslag (plint lengte: handenstand overslag (::)) minitrampoline: salto voorwaarts (plank: salto voorwaarts)

27 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 26 subvak 4: GYMNASTIEK JONGENS Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad LO Motorische competenties 1. zich door het uitvoeren van oefeningen in combinatie meer complexe bewegingspatronen eigen maken. LO inzicht verwerven in de opbouw van de leerstof en kunnen de technieken benoemen. Inoefenen en vervolmaken leerstof 3e graad basispakket (75u.) en 2e graad uitbreiding. GROND: koprol: hoge zweefrol handenstand: afstoot 2 voeten, benen gestrekt : overpak in 2 tijden en doorrollen LO trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in de gymnastiek. : stut rondat flikflak (::) LO aandacht hebben voor een goede technische uitvoering en lichaamshouding salto voorwaarts: landen op valmat zoals verwacht wordt van een competitieturner. salto rugwaarts: afstoot op verhoogd vlak (::) LO zelfstandig met gekende motorische vaardigheden een creatieve combinatie : rondat salto (::) samenstellen en uitvoeren. overslag 6. de basisprincipes van het beoordelingssysteem van de F.I.G. interpreteren. samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad Gezonde en veilige levensstijl BRUG: LO 1 7. door inzicht in het bewegingsverloop van de diverse technieken potentieel zweefkip gevaarlijke situaties inschatten en vermijden. vanuit streksteun/ opzwaaien tot handenstand (::) LO de algemene principes van de houdings- en rugscholing begrijpen en onderzwaai: vanuit hoeksteun tot zwaai in bovenarmsteun (::) hanteren om overbelasting en kwetsuren te vermijden. LO begrijpen dat een goede samenwerking ongevallen kan helpen vermijden. samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad

28 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 27 Zelfconcept en sociaal functioneren REK: LO zelfvertrouwen opbouwen door het zich bewust zijn van een correcte lichaamshouding. valkip achteropzet (::) opzwaai naar handenstand: in palmgreep vanuit streksteun zolendraai rugwaarts: uitzwaaien; ½ draai en greepwissel LO eigen kennis en kunde aanwenden om als assistent-coach te helpen bij schoolsportactiviteiten intra- of extramuros en bij demonstraties ter gelegenheid van schoolfeesten. LO begrijpen dat een goede samenwerking ongevallen kan helpen vermijden. samenstellen van een reeks: een combinatie van bewegingen uit de leerstof van het basispakket (50u./ 75u.) van de 2e graad, van de 3e graad en van de uitbreiding (100u.) van de 2e en 3e graad SPRONGEN: plint of paard breedte: handenstand overslag plint of paard lengte: handenstand overslag : handenstand overslag + kwart schroef minitramp: salto voorwaarts gehoekt : barani

29 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 28 subvak 4: GYMNASTIEK MEISJES EN JONGENS Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing A* Basispakket 1. De lessen worden voor de jongens en de meisjes in een afzonderlijke groep aangeboden. 2. Een constante vooruitgang, zowel op het inhoudelijk vlak(= moeilijkheid), als op het vormelijk vlak(= zin voor afwerking en esthetiek) blijft het doel. 3. Zorg op elk leerniveau voor een progressieve klimming in de oefenstof. 4. Individuele remediëring blijft noodzakelijk. 5. Gevarieerde oefenvormen en organisatievormen zijn aan te bevelen. 6. Tijdens de opwarming dient rekening te worden gehouden met de specificiteit van het toestel. 7. Het verbeteren van de algemene lenigheid is van het grootste belang. Leerlingen kunnen ook de opdracht krijgen hier naschools aan te werken. 8. Het belang van krachttraining i.v.m. letselpreventie is bewezen. Algemene krachttraining voorzien in de jaarplanning is aangewezen. 9. Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan de technieken van helpen en bijstaan en aan de veiligheid. B* Uitbreidingspakket 10. De extra leerinhouden worden gekozen uit de diverse bewegingsfamilies zoals zij vermeld staan in de internationale puntencode van de F.I.G. 11. De basiskennis en de individuele aanleg van elke leerling zullen mede deze extra leerinhouden bepalen. Het werken met een persoonlijk trainingsschrift is dus noodzakelijk. 12. Voor een wedstrijdturnster zal de leerstof uitgebreid worden in functie van de te leveren prestaties. Samenspraak met de clubtrainer is dus wenselijk. 13. De uitrusting in de oefenzaal en de veiligheidshulpmiddelen (landingsmatten, valput, saltogordels) kunnen ook een invloed hebben op het benadrukken van bepaalde leerstofonderdelen. 14. Van de leerlingen wordt een elementaire kennis van de F.I.G.- reglementen verwacht. 15. Een individueel trainingsschema en het zelfstandig werken in kleine groepen wordt benadrukt. 16. De technieken van helpen en bijstaan worden systematisch aangeleerd. 17. Bij het beoordelen van een toets worden zowel de moeilijkheidsgraad als de afwerking geëvalueerd.

30 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 29 SUBVAK 5: RITMISCHE EN DANSANTE VORMING Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties 1. het nut van ritme en beweging inzien en aanvoelen. De leerstof basispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie bij de leerlingen. LO ritmegevoel, lichaams- en bewegingsbewustzijn verder ontwikkelen. LO eerder geleerde vaardigheden uit verschillende bewegingsgebieden toepassen in andere bewegingscontexten (bijv. gymnastiek = rock n roll). 4. tijdsbesef ontwikkelen: ervaren van tempo, ritme, duur en accentuatie. Een keuze uit NIEUWE TRENDS : AEROBIC, STEP-AEROBIC, TAEBO, CARDIO-FUNK, STREETDANCE, LATINO, COMBAT 5. coördinatie tussen beweging en uitdrukking ontwikkelen. terminologie van de basispassen wordt uitgebreider LO 15* 6. expressief bewegen. bewegingszin met variatie op basissteps uitvoeren LO een aëroob uithoudingsvermogen ontwikkelen. variatie in tijd / kracht / ruimte LO zowel kracht (vnl. versterken van romp, gordel en benen) als snelheid, lenigheid en evenwicht in sterke mate ontwikkelen. 9. hun specifieke kennis van de terminologie uitbreiden. LO via de eigen lichaamstaal converseren met de partner. SOCIALE DANS, ROCK n ROLL: Gezonde en veilige levensstijl parendansen geven een extra dimensie aan de ritmische LO 20-22* 11. fysieke en motorische basiseigenschappen via dansante bewegingsvormen bewegingsopvoeding: ze zijn hét middel bij uitstek voor coïnstructie. ontwikkelen. LO het belang van een correcte houding aangeven. de basispas individueel aanleren LO het belang inzien van opwarming, stretching, buik- en rugspieroefeningen, relaxatie. Zelfconcept en sociaal functioneren eenvoudige danscombinaties LO 15* 14. expressiviteit en innerlijke beleving ontwikkelen. LO 15*-21* 15. presence en zelfzekerheid ontwikkelen. 16. zich concentreren. LO inzien dat dans- en ritmische bewegingsopdrachten hun een voortreffelijke basistechniek meegeeft en bijdraagt tot een harmonische ontplooiing. LO * respect opbrengen voor elkaars mogelijkheden. een correcte houding sterk benadrukken zodat de partners de kans krijgen elkaar aan te voelen

31 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 30 subvak 5: RITMISCHE EN DANSANTE VORMING Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 15* 1. een expressieve lichaamstaal ontwikkelen. Verbreden en verdiepen van de ritmische bewegingsvormen die reeds in het basispakket en in de 2e graad werden aangeboden. LO een ritmegevoel ontwikkelen. Afhankelijk van de interesses van de leerlingen en de specialiteit(en) LO lichaams- en bewegingsbewustzijn ontwikkelen. van de lesgever kunnen diverse ritmische bewegingsvormen worden aangeboden en /of verder verdiept. LO tijdsbesef ontwikkelen: ervaren van tempo, ritme, duur en accentuatie. VOLKSDANSEN: LO coördinatie tussen beweging en uitdrukking ontwikkelen. moeilijke dansen LO via de eigen lichaamstaal converseren met de partner. van veel tot moeilijker passen en figuren LO een aëroob uithoudingsvermogen ontwikkelen. veel ritmes; snelle tempo s LO geleerde technieken uit de verschillende ritmische bewegingsvormen demonstraties toepassen in andere dansante vormen. LO zowel kracht (vnl. versterken van romp, bekken en benen), snelheid, lenigheid en evenwicht in sterke mate ontwikkelen. samenstellen van variaties op een al dan niet gekende volksdans LO kritisch omgaan met het bewegingsaanbod in het algemeen en het aanbod dansante vormen in het bijzonder. 11. de specifieke kenmerken van de bewegingspatronen in de dansvormen die ze onderwezen krijgen herkennen. LO trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in de ritmische of dansante vormen. LICHAAMSEXPRESSIE beweging = buigen, strekken, draaien, wordt gecombineerd met ter plaatse bewegen en voortbeweging houdingen= staan, zitten, liggen geven we de volgende kwaliteiten: open gesloten / gebogen recht / breed smal/ symmetrie asymmetrie... momenten = aanvang, tijdens het slot van de bewegings- en houdingszin maken expressie-, lichaams- en danstaal zorgen voor de uitdrukking zintuigen worden gestimuleerd = voelen, horen, zien groepswerk waarin de verschillende exploraties worden verwerkt uitwerken van thema s met of zonder muziek

32 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 31 Gezonde en veilige levensstijl LO 20-22* 13. fysieke en motorische basiseigenschappen via dansante bewegingsvormen ontwikkelen. LO het belang van een correcte houding aangeven en toepassen in bewegingszinnen. LO 20-21* 15. met betrekking tot fitheid hun eigen doelen bepalen en zijn bereid dit te integreren in hun eigen levensstijl. Zelfconcept en sociaal functioneren JAZZ: nadruk op bewegingsvreugde en expressie verdieping van de basistechnieken: round down, demi-plié, hipwalk side grand plié, isolatiebewegingen, tendu-dégagé, ritmevormen, sprongen, draaivormen DANSCOMBINATIE: is een geheel van bewegingen dat wordt samengesteld door de lesgever op niveau van de geziene leerstof LO 15* 16. expressiviteit en innerlijke beleving ontwikkelen. aanbieding van nieuwe dansstijlen zoals: Zuid-Amerikaanse of Spaanse dans, solowerk gericht naar specifieke expressie (bijv.: melancholie, woede, uitbundigheid) LO 15* presence en zelfzekerheid ontwikkelen. opbouwen tot een uitgewerkt dansstuk bestaande uit solo- en groepschoreografieën LO keuzes maken uit het mogelijke activiteitenaanbod. LO inzien dat dans- en ritmische bewegingsopdrachten hun een voortreffelijke basistechniek meegeeft en bijdraagt tot een harmonische ontplooiing. DANSCREATIE: een door de leerlingen samengesteld dansstuk, individueel of in groep LO in een ritmische bewegingsopdracht leiding nemen over en leiding aanvaarden van medeleerlingen. LO aan een opdracht werken om deze zo origineel mogelijk uit te voeren. IMPROVISATIE aan de hand van welbepaalde richtlijnen en / of beperkingen (muziek, aantal dansers, tijdsbeeld, accessoires en attributen) wordt onmiddellijk ingespeeld op de opdracht LO zich concentreren.

33 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 32 subvak 5: RITMISCHE EN DANSANTE VORMING Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Het basispakket ritmische vorming wordt aan alle leerlingen gegeven al dan niet in coïnstructie. 2. In het keuzepakket kan gekozen worden uit verschillende ritmische bewegingsvormen. Er kunnen meerdere vormen aan bod komen of één vorm kan volledig worden uitgediept. 3. De oefenstofkeuze moet zinvol, prettig en intensief zijn. Motiverende muziek en haalbare opdrachten zijn daarom zeer belangrijk. 4. Bij acrobatieën (rock n roll) steeds de nodige veiligheidsmaatregelen nemen. 5. Een goede samenwerking onder de teamleden maakt het mogelijk om tijdelijk groepen te combineren (Sociale dansen, rock n roll) 6. De creativiteit en het plezier aan het bewegen kunnen ondermeer geprikkeld worden door open opdrachten. 7. Ritmische vorming biedt een belangrijke ondersteuning voor de artistieke gymnastiek. De danstechnische vaardigheden kunnen uitgebreid worden via het keuzepakket. 8. De leerstof binnen het kader van éénzelfde discipline moet oordeelkundig worden gegroepeerd ten einde de rentabiliteit en de continuïteit van een les zo hoog mogelijk te houden. 9. Bij het maken van keuzes rekening houden met een logische opbouw zodat er een vlotte overgang is van eenvoudige tot meer ingewikkelde expressievormen. 10. Binnen elke oefening worden verschillende basisbewegingspatronen gecombineerd tot een muzikaal geheel waarbij rekening wordt gehouden met de dynamische eigenheid en het kader van elk onderdeel. 11. Zowel het uitvoeren van opgelegde bewegingspatronen als het creatief toepassen van bewegingsmateriaal zijn onontbeerlijk voor een zo breed mogelijk dansspectrum. 12. Aandacht voor de muziek ondersteunt het verwerven, fixeren en conserveren van de leerstof. 13. Voor jazzdans worden in principe de oefeningen zeer eenvoudig aangeleerd en evolueren dan stelselmatig naar meer complexe gehelen totdat uiteindelijk een volledige jazzles gekend is en vlot aaneensluitend kan worden uitgevoerd. Eenzelfde moeilijkheid zal steeds langs een andere weg door de leerkracht voorgesteld en door de leerling opgelost worden. 14. Welke ritmische bewegingsvorm er ook wordt aangeboden, leg steeds de nadruk op bewegingsvreugde en creativiteit.

34 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 33 SUBVAK 6: ZWEMMEN Basispakket: 50 lestijden per graad LO 1 LO 3-4 Motorische competenties verantwoordelijkheid opnemen om tijdens bewegingssituaties de afgesproken veiligheidsregels toe te passen. zelfstandig een oefenschema afwerken en aan de hand van gerichte opdrachten de aangeleerde zwemtechnieken bijsturen. Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. Crawl, schoolslag en rugcrawl op een reglementaire en efficiënte manier zwemmen en starten en keren van deze 3 zwemslagen techniekdrills voor deze 3 zwemslagen (S,R,C); grijpstart of start met armzwaai; start voor rugslag; fall back keerpunt (voor S en C). initiatievormen van dolfijn LO 8 3. een correcte uitvoering van de aangeleerde zwemtechnieken. Aanvoelen van vlotvermogen, stuwings- en remmingsvlakken en kennis van de belangrijkste fouten LO op basis van een beperkt aantal afgesproken criteria bij zichzelf en bij hun medeleerlingen aangeven waarom een oefening wel of niet lukt en hiervoor eenvoudige oplossingen geven. LO de wil opbrengen om de aangeleerde zwemtechnieken op een hoger beheersingsniveau uit te voeren. LO 15* 6. een goede zwemprestatie als waardevol streefdoel zien. Gezonde en veilige levensstijl LO de basistechnieken van zelfredding en reddingszwemmen en kennen de gevaren die verbonden zijn aan het zwemmen. Observeren va de correcte bewegingen voor de verschillende zwemstijlen, het starten en de keerpunten Zelfredding en reddingszwemmen reddersprong eendenduik en een voorwerp opduiken uit het diep 200m gekleed zwemmen een drenkeling vervoeren in het water tot aan de rand van het zwembad (15m) inoefenen van het onderwater zwemmen en hierbij vergroten van de afstand 50m op de rug zwemmen, polsen boven water LO gezondheidsaspecten en hygiënische voorschriften naleven en zich houden aan duidelijke afspraken. Gezondheidsaspecten, hygiëne en afspraken stortbad voor het zwemmen reinheid kleedkamer

35 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 34 LO de noodzaak inzien van regelmatig oefenen om op een verantwoorde manier hun resultaten te verbeteren. aangepaste zwemkledij mekaar niet onder duwen afgesproken zwemrichting volgen LO 22* 10. hun grenzen verleggen wat snelheid en uithouding betreft. Zelfconcept en sociaal functioneren LO tijdens geschikte lesmomenten de leiding nemen over een groep van medeleerlingen en de leiding van anderen aanvaarden. techniekopdrachten spelvormen creatieve lesmomenten

36 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 35 subvak 6: ZWEMMEN Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 2 1. risicovolle momenten aanvoelen en medeleerlingen helpen wanneer de bewegingssituatie dit vereist. Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. Crawl, schoolslag, rugcrawl en dolfijn op een reglementaire en efficiënte manier zwemmen en starten en keren van deze 4 zwemslagen LO de zwemtechnieken leren uitvoeren op een hoger beheersingsniveau. techniekdrills voor deze 4 zwemslagen grijpstart en start met armzwaai LO 5 3. opdrachten alleen of in groep organiseren en aanpassen aan de start voor rugslag deelnemers. een keerpunt van schoolslag en dolfijn met de juiste bewegingen onder water LO eigen motorische vaardigheden creatief gebruiken, samen met tuimelkeerpunt van crawl en rugcrawl medeleerlingen. starten in een aflossing LO inzicht verwerven in de zwemtechnieken, fundamentele fouten opsporen bij medeleerlingen en tips geven om de fouten bij te sturen. keerpunten van individuele wisselslag LO 8 6. zwemtechnisch hun mening geven en hieruit conclusies trekken voor hun Theoretische aspecten van: eigen uitvoering. de belangrijkste principes van zweminitiatie LO 4 7. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in het zwemmen. de belangrijkste fouten die voorkomen bij de 4 zwemslagen de belangrijkste reglementen van de 4 zwemslagen, starten en keerpunten Gezonde en veilige levensstijl LO 16-21* 8. de waarde beseffen van zwemmen als life-time sport. LO 20-22* 9. het belang inzien van een goede fysieke conditie. LO de basistechnieken van zelfredding en reddingszwemmen uitvoeren en gevaren die verbonden zijn aan het zwemmen inschatten. Zelfconcept en sociaal functioneren LO een keuze maken binnen de leerstofonderdelen (in functie van specialisatie). Reddingszwemmen de verschillende onderdelen van het reddingszwemmen gericht op het behalen van een erkend reddersbrevet

37 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 36 subvak 6: ZWEMMEN Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing A* Basispakket mC,100mS,100mR: beoordeling stijl en keerpunten 1 leerjaar 2. 75m S/R/C: jongens 1'20", meisjes 1'25" 1 leerjaar m in S/R/C (wisselen van slag toegelaten) 1 leerjaar 4. oefeningen wrikken, aquatisch ademhalen, combinatieslagen en techniekdrills 1 leerjaar 5. 25m onder water zwemmen met start 1 leerjaar mC, 200mS en 100mR: stijlbeoordeling 2 leerjaar 7. 75m S/R/C: jongens 1'15", meisjes 1'20" 2 leerjaar m slag naar keuze wisselen toegelaten: jongens 20', meisjes 22' 2 leerjaar B* Uitbreidingspakket mC,200mS, 100mR: stijlbeoordeling 1 leerjaar mC: jongens 18', meisjes 20' 1 leerjaar 11. reddingszwemmen onder water zwemmen 25m met start, een voorwerp ophalen uit het diep en een partner vervoeren over 25m 1 leerjaar 12. synchroonzwemmen, duiken met flessen, schoonspringen; waterpolo, watervolleybal en andere waterspelen (afhankelijk van de accommodatie) 1 leerjaar mS,100mC en 100mR op tijd; 3 tijden optellen: jongens 5'20", meisjes 5'50" 2 leerjaar mD stijlbeoordeling 2 leerjaar m wisselslag: jongens 4, meisjes leerjaar mC: jongens 17', meisjes 19' 2 leerjaar 17. reddingszwemmen: 25m onder water zwemmen met start, een partner vervoeren over 25m en 200m gekleed zwemmen 2 leerjaar

38 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 37 SUBVAK 7: BASKETBAL Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. LO de meest elementaire spel- en speelregels arbitreren. 5 5, 4 4, 3 3, 3 2, 2-1, 3 1 spelsituaties LO medeleerlingen coachen bij het spelen van de spel- en speelregels. zie 1 LO de juiste oplossing vinden van een spelprobleem. zie 1 LO zelfstandig oefenen om de spelopdracht tot een goed einde te brengen. zie 1 LO een 3 3 tornooi organiseren rekening houdende met het kunnen van hun zie 1 medeleerlingen. LO 6 6. nagaan aan de hand van vastgestelde criteria of ze vooruitgang boeken. zie 1 LO nagaan hoe ze een probleem in een spelsituatie kunnen oplossen. zie 1 LO scoren en de juiste beslissing nemen in een meerderheidssituatie en in een herhalen jumpshot en gesprongen setshot gelijkheidssituatie van 3 2 tot 5 5. semi-hook lay-back varianten op de lay-up na dribbel LO de juiste beslissing nemen en weten wanneer en waar ze kunnen scoren in shotselectie een meerderheidssituatie of een gelijkheidssituatie. LO kansen creëren in de 1-1 situatie in functie van de 5 5 situatie. 1 1 spelen met de dribbel verandering van richting binnenwaarts verandering van richting buitenwaarts 1 1 spelen in T.T.P (triple-tred-positie waarbij er kan gescoord, gepasst en gedribbeld worden) cross-over en open-step back-door

39 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 38 LO bij het creëren van kansen de bal controleren en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen van een 3 3 spelsituatie tot een 5 5 spelsituatie. controle pass-selectie dribbelselectie vrijlopen in functie van de 1 1 actie LO opbouwen in een gelijkheidssituatie van 3 3 tot 5 5 op een half terrein en 1 1 in functie van de opbouw een volledig terrein. tegenaanval in functie van de meerderheidssituatie organisatie in een aanvalsopstelling op de perimeter (driepuntslijn) LO , 4 4 of 5 5 spelen op een half en volledig terrein. zie 1 tot en met aanvalsopbouw in functie van de geziene technische en tactische elementen 3 2, 4 3 aanvalsopbouw in functie van de tegenaanval 3 3, 4 4 aanvalsopbouw in voorbereiding van de 5 5 situatie Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan basketbal te vermijden. zie leerinhoud motorische competentie LO 16-22* 15. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *- 22* 18. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties.

40 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 39 Zelfconcept en sociaal functioneren LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. op verschillende spots spelen LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. elkaar evalueren LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 25. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. rol als coach of scheidrechter opnemen organisatie van een 3 3 tornooi

41 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 40 subvak 7: BASKETBAL Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. LO scoren in een meerderheidssituatie en in een gelijkheidssituatie van 3 2 tot 5 5. jumphook LO de juiste beslissing nemen en weten wanneer en waar ze kunnen scoren in shotselectie een meerderheidssituatie of een gelijkheidssituatie. LO kansen creëren in de 2 2 en 3-3 situatie in functie van de 5 5 situatie. 1 1 spelen met de rug naar doel post-moves (drop-step, turn-around, sikma, ) verandering van richting in twee richtingen (binnenwaarts en daarna tussen de benen) 1 1 spelen in T.T.P en post-up cross-over, varianten open-step, reverse step uitwerken van de 2 2 situatie i.f.v. - Guard Post speller - Forward Post speller - Post post - Screening on the ball - Penetratiedribbel uitwerken van de 3 3 situatie i.f.v. - Verschillende posities op het terrein - Penetratiedribbel - Screening LO bij het creëren van kansen de bal controleren en weten wanneer ze kunnen passen, dribbelen en zich vrijlopen van een 3 3 spelsituatie tot een 5 5 spelsituatie. controle pass-selectie dribbelselectie vrijlopen in functie van de 1 1 actie en ploegmaat

42 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 41 LO opbouwen in een gelijkheidssituatie van 3 3 tot 5 5 op een half terrein en 1 1 op de perimeter en in de post-up in functie van de opbouw een volledig terrein. tegenaanval in functie van de organisatie in een aanvalsopstelling op de perimeter (driepuntslijn) met motion-rules LO , 4 4 of 5 5 spelen op een half en een volledig terrein. zie 1 tot en met aanvalsopbouw in functie van de geziene technische en tactische elementen 3 2, 4 3 aanvalsopbouw in functie van de tegenaanval 3 3, 4 4 aanvalsopbouw in voorbereiding van de 5 5 situatie (motion) LO het scoren verhinderen door de individuele verdediging toe te passen in een 3 3 spelsituatie. individuele verdediging op de balbezitter en op de postspeler LO LO het kansen creëren verhinderen door de individuele en groepsgerichte verdediging toe te passen in een 5-5 situatie met post. 9. de opbouw storen in een 3 3 en 4 4 spelsituatie op een half en volledig terrein door individueel en in groep posities te kiezen waarbij de aanval in moeilijkheden komt. Gezonde en veilige levensstijl individuele en groepsgerichte verdediging op de niet balbezitter (denial, help-side defense, close-out, front ) defense op het screen individuele en groepsgerichte verdediging op de balbezitter en de niet balbezitter (defensieve transitie, tandem defense, line-concept, man to man defense ) LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan basketbal te vermijden. zie leerinhoud motorische competentie LO 16-22* 11. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 14. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties.

43 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 42 LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 16. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO op verschillende spots spelen 18. de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. elkaar evalueren 19. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 21. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. rol als coach of scheidrechter opnemen organisatie van een 3 3 tornooi

44 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 43 subvak 7: BASKETBAL Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Laat de leerlingen in kleine groepen spelen. 2. Beperk de wedstrijdjes in de tijd. 3. Maak gebruik van evaluatiefiches. 4. Analyseer de spelsituatie. 5. Vertrek van de meerderheidssituaties om leerlingen te doen inzien wanneer en waar zij moeten scoren. 6. Zorg ervoor dat de balbezitter veel ruimte krijgt om de 1 1 situatie te kunnen spelen. 7. Ga niet te vlug naar de 5 5 spelsituatie. 8. Maak gebruik van spots. 9. Laat de verdedigers binnen de driepuntszone verdedigen. 10. Beperk het aantal spel- en speelregels.

45 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 44 SUBVAK 8: HANDBAL Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties LO 1 1. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 3 2. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO 4 3. zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO 5 4. bewegingssituaties in groep organiseren en aanpassen aan het aantal deelnemers. Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. Verbeteren en uitdiepen van de individuele technieken met de bal dribbelen en richtingsveranderingen zonder tegenstrever passen en vangen in beweging de schijnbeweging met shot of pasmogelijkheden het werpen op doel vanuit een sprong Verbeteren van de individuele kwaliteiten zonder of met bal. het werpen op doel vanuit sprongworp het veranderen van richting zonder bal het verdedigen van het eigen doel het individueel verdedigen toepassen in een zone verdediging Verbeteren van individuele en groepsopdrachten passen en vangen het werpen op doel het individueel verdedigen het toepassen van de schijnbeweging de verdedigingstechniek toepassen in een systeemverdediging Verbeteren van de groepstechniek en de tactiek dribbelen in functie van de groepsopdracht passen en vangen in beweging eenvoudige spel en wedstrijdvormen in meerderheid of minderheid LO 6 5. zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. Verbetering van de individualiteit het dribbelen met of zonder tegenstrever passen en vangen in beweging de doelworp het aanspeelbaar maken na de pas het veranderen van richting zonder of met de bal het bepalen van het juist instartmoment

46 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 45 LO 7 6. op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt. LO 8 7. bewegingservaringen uitwisselen en daaruit conclusies trekken voor hun eigen uitvoering. LO 9 8. eerder geleerde vaardigheden uit verschillende bewegingsdomeinen toepassen in de context van het handbalspel. LO motorische eigenschappen op inzichtelijke wijze gebruiken in spel - of wedstrijdsituaties. LO met gekende motorische vaardigheden creatieve combinaties uitvoeren samen met anderen. LO gekende motorische vaardigheden uitvoeren met meer controle, met hogere moeilijkheidsgraad en met een grotere efficiëntie. LO in een aangepaste vorm van het handbalspel eenvoudige aanvallende en verdedigende strategieën toepassen. Zelfanalyse kritische evaluatie van de dribbel, de pas en vang, en de sprongworp techniek een zelfontleding van de schijnbeweging als techniek of als tactisch middel Communicatie onderling overleg plegen over goede of slechte uitvoering op individueel en collectief vlak ook de timing en de loopwegen (aanspeelbaarheid) worden onderling bespreekbaar gemaakt tactische oplossingen of fouten worden in groep bespreekbaar gemaakt Transfer van bepaalde lichaamsbewegingen de wendbaarheid van het lichaam toepassen bij de uitvoering van de schijnbeweging het soepel aanspeelbaar maken voor de pas onder druk het verdedigen van het eigen doel op basis van beweeglijkheid Pretactisch inzicht eenvoudige spel en wedstrijdvormen in meerderheids of minderheidssituaties het toepassen van gekende technieken in wedstrijdsituaties het individuele verdedigen toepassen Samenspel passen en vangen al kruisend eenvoudige tactische combinaties de schijnbeweging als middel om een overtalsituatie te bekomen Niveau verhogend werken passen en vangen het aanspeelbaar zijn voor de pas (timing en loopweg) de schijnbeweging als verrassingsmiddel de individuele kwaliteit verbeteren Tactische oplossingen eenvoudige toepassingen van gekende technieken als tactische middel in eenvoudige spel en wedstrijdvormen het benutten van de schijnbeweging om tot een meerderheidssituatie te komen individuele kennis gebruiken om tot eenvoudige oplossingen te komen

47 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 46 LO een duurzame bewegingsvreugde ervaren op basis van deelname aan het handbalspel. Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan handbal te vermijden. LO 16-22* 15. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 18. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 20. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. Spelvreugde het slagen in een specifieke bewegingsvorm moet leiden tot een duurzame spelvreugde Opwarming kwetsuren worden voor een groot deel vermeden door een degelijke en verantwoorde opwarming. Een doorgedreven opwarming is in elke les een noodzakelijk onderdeel Fysieke paraatheid Overmoed kan leiden tot kwetsuren Natuurlijke bewegingsvormen zowel lopen, werpen, als springen de 3 componenten van de handbalsport behoren tot de meest dagelijkse bewegingsvormen Fysieke paraatheid vooral in wedstrijdsituaties zal de fysieke conditie bepalend zijn voor het resultaat LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. Persoonlijkheidsontwikkeling LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. vooral bij het leiden van wedstrijden of spelvormen het onderling zoeken naar oplossingen voor tactische probleemsituaties LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 22. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

48 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 47 subvak 8: HANDBAL Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 1 1. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 3 2. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO 4 3. zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO 5 4. bewegingssituaties in groep organiseren en aanpassen aan het aantal deelnemers. LO 6 5. zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. LO 7 6. op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt. LO 8 7. bewegingservaringen uitwisselen en daaruit conclusies trekken voor hun eigen uitvoering. LO 9 8. eerder geleerde vaardigheden uit verschillende bewegingsdomeinen toepassen in de context van het handbalspel. LO motorische eigenschappen op inzichtelijke wijze gebruiken in spel - of wedstrijdsituaties. LO met gekende motorische vaardigheden creatieve combinaties uitvoeren samen met anderen. LO gekende motorische vaardigheden uitvoeren met meer controle, met hogere moeilijkheidsgraad en met een grotere efficiëntie. LO in een aangepaste vorm van het handbalspel eenvoudige aanvallende en verdedigende strategieën toepassen. LO een duurzame bewegingsvreugde ervaren op basis van deelname aan het handbalspel. Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. Verbetering en uitdiepen van de individuele techniek met de bal dribbelen in tegenaanval, al slalommend of met richtingsveranderingen zonder of met tegenstrever passen en vangen in beweging ten opzichte van een verdediging in beweging. Het vlottend dreigen komt hier aan bod de doelworp vanuit sprong, of vanuit de loop of vanuit stand het veranderen van richting met de bal (de schijnbeweging vanuit parallellanding) Verbeteren en uitdiepen van de individuele techniek zonder bal het veranderen van richting zonder bal in aanval of verdediging het zich aanspeelbaar maken door de loopwegen te bepalen het juist afstemmen van het instartmoment en de timing het individueel verdedigen met contact het defensief verdedigen van een doelworp zoals in volleybal

49 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 48 Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan handbal te vermijden. Groepstechnieken en prétactieken LO 16-22* 15. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 18. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 de snelle overgang van balverlies naar balbezit. Wat is de rol van de aanvaller en de verdediger in tegenaanval het samenspel ontwikkelen op basis van het aanspeelbaar zijn na de pas en het bepalen van de juiste timing het verwerven en uitspelen van een meerderheidssituatie in aanval het verdedigen van het doel in een minderheid situatie met de hulp onderling en met een doelman het organiseren van en het uitspelen van een vrijworp Zelfconcept en sociaal functioneren het spelen van standaard combinaties als tactisch middel in aanval (positiewissels en in relatie met de cirkelspeler) 20. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. Persoonlijkheidsontwikkeling LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. vooral bij het leiden van wedstrijden of spelvormen het onderling zoeken naar oplossingen voor tactische probleemsituaties LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 25. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

50 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 49 subvak 8: HANDBAL Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Basisprincipe We spelen zo collectief mogelijk en zo individueel als noodzakelijk. Het samenspel staat centraal zowel in aanval als in verdediging. De groep reageert op de situatie als een collectief en niet als een samenbundeling van individualisten. De individuele acties geven het spel een meerwaarde. Het samenspel en de individuele acties worden zoveel mogelijk in open situaties geoefend (spel of wedstrijdsituaties). Er wordt gestreefd naar een functionele verhouding tussen de groepswerking (hier kan de keuze gemaakt worden tussen heterogene en homogene groepsverdeling) en de individuele opdrachten. 2. Spelbekwaamheid De hoofdbetrachting is een ontwikkeling van de beginners spelbekwaamheid. Deze omvat motorische, cognitieve tactische én sociale attitudes, die in elke les dienen benadrukt te worden en in hun totaliteit moeten geoefend worden. De volgende attitudes (zie ook de leerinhouden) vormen de basis: voortdurend observeren en analyseren; permanent en vooral snel anticiperen; samenspelend vrijlopen of steun geven; een correcte techniek nastrevend; aandacht schenken aan het speltempo en de timing van de actie(s); een accurate en snelle overschakeling van de aanval naar de verdediging en omgekeerd. Spelbekwaamheid vereist vooral zelf en groepsdiscipline. 3. Verdere wenken Zonder accenten te willen plaatsen gelden de volgende wenken: zorg voor een spelgerichte methodiek; iedere oefen-, spel-, of wedstrijdvorm bevat zowel motorische, technisch tactische als sociale elementen. Het leren werken met gestructureerde organisatievormen verdient alle aandacht

51 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 50 Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing Streef een progressieve klimming na van eenvoudig naar complex. Breng progressief geleide spelvormen aan. Een variatie van oefeningen wordt gestimuleerd, zonder de doelstellingen uit het oog te verliezen. Een individuele foutenanalyse met de juiste remediëring is permanent noodzakelijk. Kies de opdrachten regelmatig zo dat de creativiteit van de spelers aan bod kan komen. Schenk aandacht aan de meerderheids- of minderheidssituaties. Krachtontwikkeling, rekening houdende met de groeiontwikkeling, moet de nodige aandacht krijgen. Schenk aandacht aan het tactische spel van zet en tegenzet. Vergeet de verbale, visuele leermiddelen en leergesprekken niet.

52 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 51 SUBVAK 9: RUGBY Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties LO 1 1. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 3 2. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO 4 3. zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO 5 4. bewegingssituaties in groep organiseren en aanpassen aan het aantal deelnemers. Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. Verbeteren en uitdiepen van de individuele technieken met de bal passtechniek en richtingsveranderingen zonder tegenstrever looptechniek in contact gaan bij de tegenstander dropkick passen en vangen van de bal LO 6 5. zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. Verbeteren van de individuele technieken zonder bal LO 7 6. op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt. LO 9 7. bewegingservaringen uit verschillende bewegingsdomeinen toepassen in de context van het rugbyspel. LO motorische eigenschappen op inzichtelijke wijze gebruiken in spel of wedstrijdsituaties. LO met gekende motorische vaardigheden creatieve combinaties uitvoeren samen met anderen. LO gekende motorische vaardigheden uitvoeren met meer controle, met hogere moeilijkheidsgraad en met een grotere efficiëntie. LO in een aangepaste vorm van het rugbyspel eenvoudige aanvallende en verdedigende strategieën toepassen. LO 14* 12. kritisch omgaan met het bewegingsaanbod in hun omgeving. LO 15* 13. een duurzame bewegingsvreugde ervaren op basis van deelname aan het rugbyspel. veldposities met 10 uitvoeren van een correcte tackle vanuit verschillende richtingen looplijnen Verbeteren van de groepstechniek van pakspelers duidelijke verschil maken tussen driekwarten spel en pakspel scrum met 5 line-out met 5 maul ruck speciale spel

53 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 52 Gezonde en veilige levensstijl 1. Verbeteren van de groepstechnieken van driekwartspelers LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan rugby te vermijden. LO 16-22* 15. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 18. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. Zelfconcept en sociaal functioneren LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. Communicatie LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 25. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. passen en vangen specifieke loopbewegingen voor het driekwartenspel speciale spel 2. Verbeteren van de ploegtechnieken en tactiek spelen in functie van de ploeg passen en vangen in beweging het beheersen van de vaste situaties eenvoudige spel- en wedstrijdvormen in minderheid, gelijke aantallen of meerderheid toepassen van de geleerde individuele- en groepsvaardigheden in wedstrijdsituaties Zelfanalyse kritische evaluatie van het passen en vangen van de bal, de tackle, inworp en traptechniek een zelfontleding van de schijnbeweging als techniek of als tactisch middel onderling overleg plegen over goede of slechte uitvoering op individueel of collectief vlak ook de timing en de looplijnen worden onderling bespreekbaar gemaakt. tactische oplossingen of fouten worden in groep bespreekbaar gemaakt het gebruik van codes in het spel Transfer van bepaalde lichaamsbewegingen de wendbaarheid van het lichaam toepassen bij de uitvoering van de schijnbeweging of contact het soepel aanspeelbaar maken voor de pass onder druk

54 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 53 Pretactisch inzicht eenvoudig spel- en wedstrijdvormen in meerderheids- of minderheidssituaties de individuele verdediging toepassen Samenspel passen en vangen speciale spel samenspel tussen halfscrum, driekwarten en pakspelers Tactische oplossingen eenvoudige toepassingen van gekende technieken als tactische middelen in eenvoudige spel- en wedstrijdvormen het benutten van contact om tot meerderheidssituatie te komen Spelvreugde het slagen in een specifieke bewegingsvorm moet leiden tot een duurzame spelvreugde Opwarming kwetsuren worden voor een groot deel vermeden door een degelijke en verantwoorde opwarming. Een doorgedreven opwarming is in elke les een noodzakelijk onderdeel. Persoonlijkheidsontwikkeling vooral bij het leiden van wedstrijden of spelvormen het onderling zoeken naar oplossingen voor tactische probleemsituaties

55 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 54 subvak 9: RUGBY Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 1 1. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 2 2. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO 4 3. zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen. Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. Verbetering en uitdiepen van de individuele techniek met de bal individuele techniek van schijnbewegingen verder uitdiepen (sidestep, hand-off ) zowel in aanval als verdediging individuele technieken per positie benadrukken passen en vangen op volle snelheid LO 5 4. bewegingssituaties in groep organiseren en aanpassen aan het aantal deelnemers. LO 6 5. zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. Verbeteren en uitdiepen van de individuele technieken zonder bal LO 7 6. op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel looplijnen per positie of niet lukt. tackelen op wedstrijdniveau LO 8 7. bewegingservaringen uitwisselen en daaruit conclusies trekken voor hun positiespel in scrum en line-out eigen uitvoering. LO 9 8. eerder geleerde vaardigheden uit verschillende bewegingsdomeinen toepassen in de context van het rugbyspel. Verbeteren en uitdiepen van groepsvaardigheden LO motorische vaardigheden op inzichtelijke wijze gebruiken in spel of individuele positietechnieken toepassen in groep wedstrijdsituaties. het vormen van een volledige scrum met 8 + variaties LO met gekende motorische vaardigheden creatieve combinaties uitvoeren het vormen van line-out met 8 + variaties samen met anderen. vormen van ruck of maul + variaties LO gekende motorische vaardigheden uitvoeren met meer controle, met hogere in driekwarten spel omgaan met goed balbezit moeilijkheidsgraad en met een grotere efficiëntie. in driekwarten spel omgaan met slecht balbezit LO in een aangepaste vorm van het rugbyspel eenvoudige aanvallende en verdedigende strategieën toepassen. LO 14* 13. kritisch omgaan met het bewegingsaanbod in hun leefomgeving. LO 15* 14. een duurzame bewegingsvreugde ervaren op basis van deelname aan het rugbyspel. verder verdiepen in specifieke driekwart bewegingen verdedigende en aanvallende kick

56 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 55 Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan rugby te vermijden. 4. Verbeteren en uitdiepen van ploegvaardigheden LO 16-22* 16. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 19. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 21. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 24. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 26. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. de snelle overgang van balverlies naar balbezit het samenspel ontwikkelen op basis van het aanspeelbaar zijn na een pass en het bepalen van de juiste timing samenspel tussen driekwart en pakspelers in verdediging en aanval; speciale spel tegenaanval systeem verdedigen Zelfanalyse, communicatie, transfer zie hoger

57 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 56 subvak 9: RUGBY Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing Basisprincipe We spelen zo collectief mogelijk en zo individueel als noodzakelijk. Het samenspel staat centraal zowel in aanval als in verdediging. De groep reageert op de situatie als een collectief en niet als een samenbundeling van individualisten. Het samenspel en de individuele acties worden zoveel mogelijk in open situaties geoefend. Er wordt gestreefd naar een functionele verhouding tussen groepswerk en individuele opdrachten. Spelbekwaamheid De hoofdbetrachting is een ontwikkeling van de beginnersbekwaamheid. Deze omvat motorische, cognitieve tactische en sociale attitudes, die in elke les dienen benadrukt te worden en in hun totaliteit moeten geoefend worden. De volgende attitudes (zie ook leerinhouden) vormen de basis: voortdurend observeren en analyseren; permanent en vooraf anticiperen; samenspelend terrein winnen of steun geven; een correcte techniek nastreven; aandacht schenken aan het speltempo en de timing van de acties; een accurate en snelle overschakeling van de aanval naar de verdediging en omgekeerd. Spelbekwaamheid vereist vooral zelf- en groepsdiscipline. Verdere Wenken Zonder accenten te willen leggen gelden de volgende wenken: zorg voor een spelgerichte methodiek; iedere oefen-, spel- of wedstrijdvorm bevat zowel motorische, technisch-tactische, cognitieve als sociale elementen. Het leren werken met een gestructureerde organisatievorm verdient alle aandacht. Streef een progressieve klimming na van eenvoudig naar complex. Breng progressief geleide spelvormen aan. Een variatie van oefeningen wordt gestimuleerd, zonder de doelstellingen uit het oog te verliezen. Een individuele foutenanalyse met de juiste remediëring is permanent noodzakelijk. Kies opdrachten regelmatig zo dat de creativiteit van de spelers aan bod kan komen. Schenk aandacht aan de meerderheids- of minderheidssituaties. Krachtontwikkeling, rekening houdend me de groeiontwikkeling, moet de nodige aandacht krijgen. Schenk aandacht aan het tactisch spel, zet en tegenzet. Vergeet de verbale, visuele leermiddelen en leergesprekken niet.

58 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 57 SUBVAK 10: VOETBAL Basispakket: 25 lestijden per graad LO 1 LO 3 LO 4 LO 5 LO 6 LO 7 LO 11 LO LO Motorische competenties Oefen-, spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een groep van 2 tot 4 spelers in balbezit en/of van 1 tot 4 spelers niet in balbezit 1. op een behoorlijke manier, actief en enthousiast deelnemen aan het weerspiegelen, met aandacht voor: voetbalspel in spelvorm K+3/3+K en K+4/4+K verantwoordelijkheid opnemen naar zichzelf en naar anderen toe door te spelen volgens de opgelegde of gezamenlijk afgesproken spel en speelregels. uit meerdere progressievormen leidend tot een bepaald einddoel, zelfstandig bepalen welke leeropdracht nu aan bod dient te komen. zelfstandig leeropdrachten goed uitvoeren, volgens hun eigen mogelijkheden. zelfstandig bepalen hoe ze bepaalde leeropdrachten, individueel of in groep, organiseren en eventueel aanpassen aan de deelnemers. bij zichzelf nagaan of ze vorderingen maken en hun leerproces bijsturen indien nodig. bij zichzelf en anderen nagaan en aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt en oplossingen voorstellen. coöperatief en creatief samenspelen, mede dankzij een goede communicatie en een probleemoplossende samenwerking. de technische en tactische basisvaardigheden toepassen met aandacht voor een goede uitvoering met hogere moeilijkheidsgraad. progressief meer gestructureerd spelen met een betere spelselectie. Scoren scorekansen creëren aanval opbouwen aannemen en doorspelen van een lage, vlakke bal met binnenkant voet, met progressief opdrijven van de moeilijkheidsgraad wreefschot op doel met keuzevoet doelschotselectie lange lob en hoge bal omzetten in rollende bal: hoge bal aan- of meenemen met binnenkant voet passeren van de rechtstreekse tegenstrever via veranderen van snelheid en richting spelselectie: richting, timing / balbehoud, pas, dribbel, doelschot nuttige aanspeelbaarheid (vrijlopen of in steun komen) en bewegen in functie van het creëren van openingen voor de medespelers eenvoudige veldbezetting bij balbezit: bijv. driehoek of ruit standaardcombinaties: plaatswissel, dubbelpas, 1-2 Scoren verhinderen - scorekansen verhinderen - opbouw storen eenvoudige veldbezetting bij balverlies: bijv. V-vorm of ruit verdedigen van de rechtstreekse tegenstrever met bal zonedekking over gans het veld: ruimte- en rugdekking afweer van standaardcombinaties

59 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 58 Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan voetbal te vermijden. LO 16-22* 12. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 15. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 17. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 22. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. Zonder balbezit: positiekeuze bij balverlies tussen bal en doel en afstand tot de balbezitter aanpassen i.f.v. afstand tot eigen doel juiste lichaamshouding in verdediging (verlaagd zwaartepunt door knieën te buigen en romp licht naar voren, lichte spreidstand en gewicht op de voorvoet) moment van duel aangaan kunnen bepalen i.f.v. positie tegenover eigen doel, tegenstrever en rugdekking door medespeler

60 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 59 subvak 10: VOETBAL Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad LO LO Motorische competenties 1. op een behoorlijke manier, actief en enthousiast deelnemen aan het voetbalspel in spelvorm K+3/3+K tot K+10/10+K. 2. kiezen uit een groter aantal (bijna) eigen gemaakte technieken, waarbij de huidige situatie een vooruitgang weerspiegelt ten opzichte van de beginsituatie. 3. geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen in spelvorm K+3/3+K tot K+10/10+K, volgens een aantal, min of meer aanvaarde, aanvallende en verdedigende tactische principes, met behulp van een correcte techniek en met als doel de wedstrijd te winnen. 4. geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen in een 1><1 situatie, waar zowel de aanvaller als de verdediger (of doelman) er alleen voor staan. Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. Aanbod van technieken uitbreiden en tweevoetigheid nastreven. Alle oefen-, spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een 1><1 situatie of 1><K situatie weerspiegelen, met aandacht voor: de individuele basistechnieken (Coerver-methode) de individuele aanvallende technieken en tactische principes in functie van scoren of passeren van een rechtstreekse verdediger de individuele verdedigende technieken 5. stijlverbetering, verfijning en economie in de beweging brengen. de tactische principes in functie van scoren verhinderen of onschadelijk maken van de rechtstreekse aanvaller in balbezit 6. duelleren met meer kracht. het doelschot volle wreef 7. geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen in een 2><2, 2><1 en 1><2 situatie, doordat de twee aanvallers samen meer worden dan de som van hun individuele acties en/of de twee verdedigers de basisprincipes van mandekking in de zone en (zone)verdediging per 2 (beter) onder de knie krijgen. Alle oefen-, spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een groep van 2 spelers in balbezit en /of groep van 2 spelers niet in balbezit weerspiegelen, met aandacht voor: zie hoger: inhoud van een 1><1 situatie 8. de acties uitvoeren met nauwkeurigheid én snelheid. balbezit: veldbezetting, tactisch aspect van de pas, nuttige aanspeelbaarheid, vrijlopen, in steun komen, loshaken, ankeren, spelselectie, doelschotselectie, boventalsituatie, ondertalsituatie, standaardcombinaties per 2 (plaatswissel, dubbelpas, 1-2, )

61 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport bij balbezit, bij momenten, overschakelen naar minder balcontacten, tot spelen in één tijd. 10. een gezamenlijke actie optimaliseren via een goede communicatie en concentratie. 11. geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen in een 3><3 en verwante boven- en ondertalsituatie, waarbij de spelers positie spelen met twee niveaus. 12. meervoudige opdrachten uitvoeren (bijv. opdracht vanuit positie én bijkomende opdracht). 13. wisselen van niveau met overname van de, bij dit nieuwe niveau behorende, taken. 14. geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen in een 4><4 en verwante boven- en ondertalsituatie, waarbij de spelers positie spelen met twee tot drie niveaus. 15. de speelruimte blijvend structureren via uithouding in concentratie en communicatie. 16. variatie in het spel brengen. 17. binnen de hen opgelegde organisatievorm (spel- en wedstrijdvormen, positiespelen, enz.) met gelijke, boven- of ondertalsituaties geleidelijk de juiste wedstrijdacties tot stand brengen en/of ontwikkelen die leiden tot de uitvoering van de hen opgelegde leeropdrachten en tot een betere ontwikkeling van de wedstrijdvorm K+X><X+K (als hogere doelstelling op dat ogenblik). balverlies: veldbezetting, mandekking in de zone, principes van zoneverdediging zoals: achter de bal spelen, ruimtedekking in functie van doel, medespeler en tegenstrever (opendraaien); rugdekking geven; balgeoriënteerde ruimtedekking met klein houden van de onderlinge afstanden, verhinderen diepe pas en dwingen tot breedtepas; uitstappen en druk zetten op de balbezitter; de centrale as steeds bezetten, overnemen van de dekking, afsluiten van de werkende flank, schuiven met vrijlaten van de niet-werkende flank, onderlinge coaching. bijkomende techniek: pas- en receptietechnieken lage bal Alle oefen-, spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een groep van 3 spelers in balbezit en/of groep van 3 spelers niet in balbezit weerspiegelen, met aandacht voor: Zie hoger: inhoud van een 1><1 en 2><2 situatie 3 spelers op lijn met verwijzing naar 3 op lijn in verdediging, middenveld of aanval 3 spelers in (1-2) of (2-1) opstelling met één (twee) spits(en) en twee (één) middenvelder(s); één (twee) middenvelder(s) en twee (één) verdedigers Alle spel- en wedstrijdvormen die de inhoud van een groep van 4 spelers in balbezit en/of groep van 4 spelers niet in balbezit weerspiegelen, met aandacht voor: zie hoger: inhoud van een 1><1, 2><2 en 3><3 situatie spelers op lijn met verwijzing naar 4 op lijn in verdediging of middenveld. spelers in 2-2, 1-3, 3-1, 1-2-1, 2-1-1, 2-2 opstelling, waarbij de link kan liggen binnen één niveau (vb. collectieve pressing van het middenveld in ruitvorm) tot drie niveaus (vb. aanspelen diepe spits vanuit de verdedigende linie) alle wedstrijdvormen van K+10><K+10 waarbij de verschillende tactische opstellingen en hun varianten aan bod komen: 4-3-3; 4-4-2; trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in het voetbal. bijkomende technieken: pas- en receptietechnieken hoge bal, inworp, koppen (op doel of uitverdedigend)

62 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 61 Gezonde en veilige levensstijl Allerhande organisatievormen die toelaten één of meerdere van LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan voetbal te vermijden. LO 16-22* 20. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 23. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 25. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 28. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 30. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. onderstaande leerinhouden (als vb.) progressief te oefenen naar één of meerdere niveaus (aanval, middenveld, verdediging) toe en met behulp van de daartoe best aangewezen technische uitvoering: zie hoger: inhoud van een 1><1, 2><2, 3><3 en 4><4 situatie zie ook tweede graad man-, ruimte- en rugdekking, zoneverdediging collectieve balrecuperatie in ondertal door remmend wijken, buitenspel zetten en ontwijken uitverdedigen en opbouw via de flanken of centrale verdediger uitverdedigen onder druk bovental creëren via individuele actie of via inschuiven vrije man aanvallende looppatronen bij laterale voorzet standaardsituaties: hoekschop, vrijschop, inworp,

63 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 62 subvak 10: VOETBAL Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1 Het is een realiteit dat de beginsituatie (het beginniveau) van de leerlingen in de richting Lichamelijke Opvoeding en Sport zeer ongelijk is, de cognitieve en motorische capaciteiten erg verschillen en de vooraf opgedane leerervaringen fel uiteenlopen. Deze opmerking geldt zowel voor alle leerlingen die het basispakket volgen als voor de leerlingen die kiezen voor het uitbreidingspakket. Meestal hebben de leerlingen die het uitbreidingspakket voetbal volgen reeds enige voetbalervaring. Het is ook een realiteit dat er in de derde graad leerlingen binnen komen die de tweede graad in de richting Lichamelijke Opvoeding en Sport niet hebben doorlopen. In sommige scholen bedraagt de instroom van nieuwe leerlingen in de derde graad ongeveer 50%. Dit kan leiden tot een grote heterogeniteit wat betreft voetbalervaring in de ganse groep. Het kan dan ook nodig zijn de doelstellingen en leerinhouden van de tweede graad (uitgebreid) te hernemen. 2 BASISPRINCIPE Hét basisprincipe van het voetbalspel luidt: "We spelen zo collectief mogelijk en zo individueel als noodwendig". Samenspelen staat centraal, zowel bij balbezit als bij balverlies; de groep functioneert als een collectief en niet als een verzameling van individuen. De individuele acties geven het samenspel een meerwaarde. Het samenspel en de individuele acties worden, in een spel- of wedstrijdsituatie, zoveel mogelijk tezelfdertijd geoefend (open situaties). Naargelang de doelstelling wordt er gestreefd naar een functionele verhouding tussen samenspel (groepsopdracht) en individuele actie (individuele opdracht). 3 SPELBEKWAAMHEID Vanaf het begin dient er nadruk gelegd te worden op het ontwikkelen van een 'basisspelbekwaamheid'. Deze omvat (psycho-)motorische, cognitieftactische en sociale attitudes. Als een 'rode draad' in het lesgebeuren worden ze continu benadrukt en in hun onderlinge samenhang geschoold. Aan de basis liggen o.a. volgende attitudes (zie ook leerinhouden): een 'voortdurend waarnemen' van de inhoud van de zich veranderende spelsituatie en een 'voortdurend en snel anticiperen' hierop. nastreven van een samenspel gebaseerd op 'vrijlopen' en 'in steun komen'. nastreven van 'correcte techniek'. nastreven van een 'goed geselecteerde en getimede actie' aan een 'optimaal speltempo'. nastreven van een 'snel overschakelen van balbezit naar balverlies en omgekeerd'. Basisspelbekwaamheid veronderstelt dus (zelf)discipline.)

64 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 63 Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 4 PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE PROGRESSIE In dit uitbreidingspakket wordt een pedagogisch didactische progressie aangeboden vertrekkende van de spelsituatie 1tegen1 (1><1). Deze situatie biedt het minst mogelijkheden op technisch en tactisch vlak. Gelijktijdig met het uitbreiden van het aantal spelers in balbezit en/of balverlies nemen deze mogelijkheden zeer snel toe. Het is dan ook de bedoeling voldoende aandacht te besteden aan deze basissituaties. Deze basissituaties kunnen geoefend worden met of zonder doelman, met bijkomende opdrachten of beperkingen (individueel of groep spelers) naargelang de leerinhoud(en), waarbij zoveel mogelijk het aanvallend en verdedigend denken en handelen gekoppeld blijven. Als we koppen vermelden als bijkomende techniek in de 4><4 situatie sluit dit niet uit dat koppen ook kan geoefend worden in een 2><2 situatie (vb. handbal per 2 met koppen op doel) als tussentijdse doelstelling. Alle 1><1 tot 4><4 situaties en de daaraan gerelateerde boven- en ondertalsituaties kunnen geoefend worden op zich of, als onderdeel van een groter geheel (tot 11><11), gebonden aan een bepaalde plaats op het terrein. Het liefst werkt men in korte cycli (vb. 8 lessen) waarin de verschillende progressies (1 1 tot X><X) bij elke cyclus hernomen worden met nadruk op geziene én nieuwe inhoudelijke deelaspecten én hogere uitvoeringsgraad, zodat de macht van de herhaling hier zijn invloed kan uitoefenen. Wanneer de spelers positie leren spelen in niveaus (vanaf 3><3) kunnen we hen, als tussenstap, verplichten in afgebakende zones te spelen zodat de plaats en de daaraan verbonden taken duidelijker zijn. Boven- en ondertalsituaties kunnen hier gecreëerd worden over gans het afgebakend terrein of in een deelzone. 5 VERDERE WENKEN: de methodiek is spelgericht en bevat zowel (psycho-)motorische, cognitief-tactische als sociale elementen; zorg op elk leerniveau voor een progressieve klimming van eenvoudig naar complex (zie verder: cycli); varieer oefen- en spelvorm, aantal spelers en doelen, spelruimte, spelregels, opdrachten, arbeidsvorm... zodat de doelstelling bereikt wordt; individuele remediëring blijft noodzakelijk; kies de opdrachten zo dat de creativiteit van de spelers gestimuleerd wordt en dat de fysieke componenten ook aan bod komen; schakel progressief 'geleide' spelfasen, partijspelen en wedstrijden in; schenk aandacht aan het tactische spel van zet en tegenzet; vergeet ook niet de verbale, visuele,... leermiddelen en leergesprekken; het belang van krachttraining i.v.m. letselpreventie is bewezen; voorzie algemene krachttraining in de jaarplanning; bij het uitbreiden van het techniekaanbod moeten we opmerken dat voorrang dient gegeven te worden aan het bijschaven van de nauwkeurigheid van enkele technieken, liever dan het aantal onvoldoende beheerste technieken sterk uit te breiden.

65 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 64 SUBVAK 11: VOLLEYBAL Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties LO vlot 3-contactspel spelen en opbouwen tot aanval. Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. LO bovenhands opslaan. baltechnieken en verplaatsingstechnieken 3. blokken en inzicht hebben in de verdedigingsopstelling. bovenhandse tennisopslag 4. spelsystemen spelen en afspraken begrijpen. receptie-oefeningen Gezonde en veilige levensstijl oefeningen op de verschillende verdedigingsplaatsen LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan volleybal te vermijden. LO 16-22* 6. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 9. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. blokpositie en timing 1mansblok spelvormen 2><2, 3><3, 6><6 met diepe VI kennismaking met penetratiesysteem van op positie I individueel, per 2 of per 3 opwarmingsopdrachten geven stretching en preventie-oefeningen geven

66 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 65 Zelfconcept en sociaal functioneren LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter de reglementen leren en begrijpen op zich nemen. de tekens van arbitrage toepassen LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. time out, vervanging en coaching accepteren individuele en groepsopdrachten uitvoeren LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. spelvormen 2><2, 3><3, LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 16. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

67 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 66 subvak 11: VOLLEYBAL Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. LO 1 1. een gerichte receptie naar de spelverdeler spelen en de aanval opbouwen tot aanvallen vanuit verschillende posities. De verondersteld gekende technieken herhalen en corrigeren: LO 2 2. golfaanval- en enkele aanvalscombinaties toepassen. oefeningen op beweeglijkheid LO krachtig en/of gericht bovenhands opslaan. oefeningen op ruimte- en tijdsperceptie LO relatie leggen tussen blok en veldverdediging op elke positie. structuuroefeningen 1><1 (bv. molentje) LO tactische opdrachten individueel en in groep uitvoeren. structuuroefeningen 2><2 met penetratie LO 4 6. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in volleybal. structuuroefeningen 3><3 met 1blok positie Gezonde en veilige levensstijl bovenhandse opslag: slagkracht opdrijven en mikken LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan volleybal te vermijden. LO 16-22* 8. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 11. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. oefeningen op aanvalsdekking (blokbord) lesopdrachten geven, laten uitwerken en samen bespreken spelregels en -systemen aanleren in functie van veilig volleybal (bijv. middenlijnverbod en duidelijke positie omschrijving van blok en verdediging) spelvormen 2><2, 3><3, met individuele- en groepsopdrachten 6><6 spelsysteem met spelverdeler van op positie I; aanvalscombinaties aanleren

68 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 67 LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 13. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 16. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 18. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. vervanging, time out en coaching aanvaarden onderscheid maken tussen recreatie- en competitie volleybal

69 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 68 subvak 11: VOLLEYBAL Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Techniek- en bewegingsopdrachten verweven in minispelen 2><2, 3><3,, 2. Slechts 6><6 toepassen indien de grondvorm 2><2 enz. gekend is. 3. Leerlingen moeten op alle rotatieplaatsen kunnen spelen. Echter de meest balvaardige leerling gebruiken als spelverdeler. 4. Beginnen met spelverdeler op III, daarna op II en evolueren naar inlopende passeur. 5. Niveautests inschakelen om zicht te hebben op de progressie. 6. Veel oefenen met drills om snelheid en coördinatie te verbeteren. 7. Moeilijkheidsgraad in evenwicht houden tussen opslag en receptie en tussen aanval en verdediging. 8. Leerlingen stimuleren om wedstrijden te gaan bekijken en zelf aan te sluiten bij een club. 9. Video als didactisch middel gebruiken bij analyse van individuele fouten en spelsituaties. 10. Soms werken met middellijnverbod of voetvrije zone (20 cm) onder het net. 11. De nethoogte aanpassen aan het publiek en aan de oefening. 12. Libero-speler inschakelen.

70 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 69 SUBVAK 12: BADMINTON Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. 1. zie leerplan 2e graad 1. SLAGGEWENNING: ONDERHANDSE SLAG/BOVENHANDSE SLAG: zie leerplan 2e graad LO LO de basisslagen uitvoeren met een verhoogde precisie en een efficiënt. de basisslagen toepassen tijdens sparren en wedstrijden. een aanvallende of verdedigende slagtechniek gebruiken. 3. de slagwisselingen versnellen door een verkorte uitvoering van de slagen. de correcte service- en ontvangst situaties bewust toepassen. korte herhaling over hoog net extra aandacht voor de juiste slaguitvoering 2. BASISSLAGEN: basistechniek enkelspel. Verbreden en verdiepen van de eerder geleerde competenties. Leren de voornaamste aandachtspunten toepassen in oefen- en spelvormen.en wedstrijden. Leren het tactisch nut van de basislagen beter tot uiting te laten komen door een hogere kwaliteit van uitvoering. hoge opslag: cfr. plaatsing in de breedte clear: aanvallend en verdedigend dab (kill) drop. BH drop voorhand en rughand lob: aanvallend en verdedigend rughandse bovenhandse slag (clear) netdrop; spinner smash en hoge verdediging 3. BASISSLAGEN DUBBELSPEL: basistechnieken dubbelspel. Leren de slagtechniek eigen aan dubbelspel. Leren de verkorte slagen toepassen in typische dubbelsituaties. LO zich op een elementaire badmintonspecifieke manier verplaatsen over het terrein voorwaarts, rugwaarts en zijwaarts. korte service (duimgreep) service return: netshot/ push/ dab (universele- of duimgreep) smash: hamergreep hoge verdediging (FH en BH) drives 4. FOOTWORK. Verbreden en verdiepen van de eerder geleerde competenties: leren de elementaire slaghoudingen aannemen in beweging op het terrein dwarse stand t.o.v. het net voor de bovenhandse slagen

71 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 70 LO LO uithouding oefenen op een badmintonspecifieke wijze. snelheid oefenen op een badmintonspecifieke wijze. 5. het tactisch nut van de slagen beter tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden. een wedstrijd leiden en begeleiden. 6. het tactisch nut van de verkorte slagen tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden dubbelspel. een wedstrijd dubbelspel leiden en elementair begeleiden. Gezonde en veilige levensstijl bijtrekpassen uitvalspassen op racketvoet sprongen: wisselsprong onderscheppingssprong lopen als ontspanning/ lopen als sprint 5. BASISTACTIEK ENKELSPEL: leren de basiskenmerken van enkelspeltactiek bewust toepassen. leren gepast gebruik maken van de open ruimte leren bewust naar de rughand zijde spelen leren automatisch terugkeren naar de basis leren gebruik maken van het eerste raakpunt leren enkelspelwedstrijden spelen met toepassing van bovenstaande regels 6. BASISTAKTIEK DUBBEL: leren de typisch dubbelspelattitudes in het bijzonder service- en service terugslag situaties en het aanemen van de verdedigings/aanvalsposities in functie van de gespeelde shuttle. leren 2e en 3e shuttle vlak te spelen leren een dubbelspel aanvallend te spelen Zie hoger LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan badminton te vermijden. LO 16-22* 8. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *- 22* 11. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties.

72 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 71 Zelfconcept en sociaal functioneren LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 18. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. Zie hoger

73 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 72 subvak 12: BADMINTON Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad LO LO Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. 1. een verfijnde vorm van de basisslagen uitvoeren welke zich uit in een verhoogde precisie en een efficiënter tactisch gebruik van de slagen. deelbewegingen van de specifieke slagen accentueren. de basisslagen toepassen tijdens sparren en wedstrijden aan een hoger tempo. de foutenlast tijdens wedstrijden verminderen. 2. het tempo van de slagwisselingen opdrijven door gebruik te maken van de verkorte slagen eigen aan dubbelspel. de eigenheid van het dubbelspel sportspecifiek tot uiting doen komen. LO de specifieke verdedigingswijze (stooping defence) van de dame gebruiken in oefensituaties en in aangepaste spelsituaties. 1. SLAGEN ENKELSPEL: verbreden en verdiepen van de eerder geleerde competenties. Leren specifieke aandachtspunten consequent toepassen bij een verfijnde uitvoering aan een hoger tempo. hoge opslag/ flick opslag/ korte opslag clear: aanvallend en verdedigend/ gesprongen uitvoering met aandacht voor slagverkorting dab (kill): gesprongen uitvoering drop: snelle drop (gekapte drop) voorhand en rughand lob rughandclear netdrop: spinner smash en gesprongen smash hoge verdediging en blockverdediging 2. BASISSLAGEN DUBBELSPEL: verbreden en verdiepen van de eerder geleerde competenties specifiek voor dubbelspel. Leren de verkorte slagen consequent toepassen in typische dubbelsituaties aan een hoger tempo. korte service (duimgreep) service return: netshot/ push/ dab (universele- of duimgreep) smash: powersmash /geplaatste smash (hamergreep) hoge verdediging (FH en BH) vlakke verdediging (FH en BH) drives 3. BASISSLAGEN GEMENGD DUBBELSPEL basistechnieken verwerven specifiek voor dubbel gemengd spel. Leren de verkorte slagen toepassen in typische dubbelsituaties. stooping defence voor de dame drives en opbouw spel midcourt (kat en muis)

74 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 73 LO zich op een badmintonspecifieke manier snel en efficiënt verplaatsen over het terrein voorwaarts, rugwaarts en zijwaarts. LO uithouding oefenen op een badmintonspecifieke wijze. snelheid oefenen op een badmintonspecifieke wijze. snelkracht en krachtuithouding oefenen op een badmintonspecifieke wijze. snelheid-uithouding oefenen op een badmintonspecifieke wijze. 5. het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden enkelspel. een wedstrijd enkelspel leiden en elementair begeleiden. een eigen speltactiek uit stippelen (plan). de eigen speltactiek aanpassen aan wisselende tegenstanders. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in badminton. 4. FOOTWORK: verbreden en verdiepen van het footwork eigen aan enkelspel en de dubbelspelen. Verfijnen de specifieke looptechnieken om te kunnen spelen aan een hoger tempo met minder fouten. dwarse stand t.o.v. het net voor de bovenhandse slagen bijtrekpassen uitvalspassen op racketvoet sprongen: Wisselsprong Onderscheppingssprong Hinksprong lopen als ontspanning/ lopen als sprint 5. BASISTACTIEK ENKELSPEL: verdieping leren gepast gebruik maken van de open ruimte leren bewust naar de rughand zijde spelen leren automatisch terugkeren naar de basis leren gebruik maken van het eerste raakpunt leren sterk geconcentreerd te spelen LO het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden dubbelspel. een wedstrijd dubbelspel leiden en elementair begeleiden. een eigen speltactiek uit stippelen (plan). de eigen speltactiek aanpassen aan wisselende tegenstanders. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in badminton. leren gepast diepte en breedte te gebruiken leren wedstrijden (eigen en andere) te observeren en te beoordelen op basis van deze regels 6. BASISTAKTIEK DUBBEL: leren de typische dubbelspel- attitudes, in het bijzonder service- en service terugslag situaties. leren 2e en 3e shuttle vlak te spelen leren aanvallen door het midden leren variatie te brengen in de verdediging leren vlot over te schakelen tussen aanval en verdediging leren wisselend patroon aan te nemen in aanval. (voorspelerachterspeler)

75 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 74 LO het tactisch nut van de slagen tot uiting laten komen tijdens sparren en wedstrijden dubbel gemengd. de basistactiek toepassen tijdens een wedstrijd. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in badminton. 7. BASISTACTIEK DUBBEL GEMENGD: leren de typische gemengd dubbel attitudes in het bijzonder service en terugslagsituaties / en de driehoeksverdediging voor de dame. leren 2e en 3e shuttle vlak te spelen Gezonde en veilige levensstijl Dame: leren diagonaal op shuttle staan in verdediging LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s stooping defence eigen aan badminton te vermijden. Heer: aanval op de dame LO 16-22* 9. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. 3 hoeken in verdediging LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 12. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 19. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

76 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 75 subvak 12: BADMINTON Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Zie leerplan 2e graad. Indien het pakket opgesplitst wordt, een apart pakket "dubbel" voorzien. 1e of 2e jaar 2. Eén herhalingsles over een hoog net. 1e of 2e jaar 3. Ter intensifiëring van de lessen dient er een ruime hoeveelheid shuttles per twee leerlingen aanwezig te zijn (6 per leerling). Het gebruik van de "multishuttle" methode laat toe de fysieke belasting hoog te houden en /of de slagtechniek efficiënt te oefenen. 4. Basispakket 25u: één pakket (cfr. leerplan 2e graad 25u). 1e en 2e jaar 5. Waar mogelijk de leerlingen binnen een beperkt pakket zelf de voorkeursdiscipline laten kiezen. 6. Voortdurende aandacht voor de specificiteit van de disciplines: spelen met de correcte attitude. 7. Gebruik maken van tornooivormen en competities groep en individueel.

77 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 76 SUBVAK 13: TAFELTENNIS Basispakket: 25 lestijden per graad Motorische competenties Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. LO de techniek van topspin voorhand (TVH) toepassen tijdens een balwisseling. Opbouw topspin voorhand bal zelf laten botsen en TVH toepassen TVH toepassen op aangegooide bal TVH toepassen op aangespeelde bal TVH toepassen tijdens een balwisseling de bal leren wrijven boven achter op de bal LO als antwoord op de topspin VH de bal blokken met VH en RH. Blok VH en RH blok VH op TVH blok RH op TRH combinatie BVH BRH LO de techniek van duwen rughand (DRH) toepassen tijdens een balwisseling. Duwen Rughand (DRH) bal zelf laten botsen en DRH toepassen DRH toepassen op aangegooide bal DRH toepassen op aangespeelde bal DRH toepassen tijdens een balwisseling de bal leren onderaan raken LO LO opslagen met volgende effecten: Variatie opslagen gesneden opslag met VH snelle opslag (Kickopslag) met VH gesneden opslag met RH snelle opslag (Kickopslag) met RH 5. combinaties maken van de geziene slagen. Volgende combinaties dienen aangeleerd te worden: CRH TVH TVH - CRH gesneden opslag TVH DRH TVH

78 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 77 LO * 6. zien welk effect er gegeven wordt door diegene die opslaat en hierop het gepaste antwoord geven. Ontvangst van volgende opslagen: gesneden opslag met VH snelle opslag (Kick) met VH gesneden opslag met RH snelle opslag (Kick) met RH LO * 7. door een aaneenschakeling van slagen een punt scoren (TACTIEK). Tactische situaties opslag opening openen op een lange opslag verhinderen dat tegenstrever opent door plaatsing van de bal. LO * 8. de voorgaande technieken toepassen in spelsituaties. Spelsituaties enkelspel molentje keizerspel laddercompetitie Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan tafeltennis te vermijden. LO 16-22* 10. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 13. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties.

79 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 78 LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger 15. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 20. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

80 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 79 subvak 13: TAFELTENNIS Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad LO LO LO LO LO Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. 1. variaties leggen in topspin voorhand. Topspin voorhand variaties snelle lage topspin topspin op rotatie 2. smash voorhand (SVH) toepassen tijdens een balwisseling. Smash voorhand op aangegooide bal op aangespeelde bal in rally 3. opslaan met volgende effecten: Variatie opslagen opslag zijeffect L R met RH opslag zijeffect R L met VH opslag zijeffect backspin L R met RH opslag zijeffect backspin R L met VH 4. lage verdediging voorhand toepassen tijdens een balwisseling. Lage verdediging voorhand (LVVH) LVVH toepassen op aangegooide bal LVVH toepassen op aangespeelde bal LVVH toepassen tijdens een balwisseling de bal leren onderaan raken 5. lage verdediging rughand toepassen tijdens een balwisseling. Lage verdediging voorhand (LVVH) LVRH toepassen op aangegooide bal LVRH toepassen op aangespeelde bal LVRH toepassen tijdens een balwisseling LO aangeven waarom een bewegingsopdracht niet lukt. Reflecteren over: technische fouten zijn van hun partner Zwakke en sterke punten zijn van hun partner

81 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 80 LO combinaties maken van de geziene slagen. Volgende combinaties dienen aangeleerd te worden: CRH TVH snelheid TVH CRH opslagvariatie TVH DRH TVH rotatie combinaties van 3 tot 5 slagen LO zien welk effect er gegeven wordt door diegene die opslaagt en hierop het gepaste antwoord geven. Ontvangst van volgende opslagen: opslag zijeffect L R met RH opslag zijeffect R L met VH opslag zijeffect backspin L R met RH opslag zijeffect backspin R L met VH LO * 9. door een aaneenschakeling van slagen een punt scoren (TACTIEK). trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in tafeltennis. Tactische situaties ontvangst blok openen op opslag met zijeffect backspin spelen op elleboog spelen tegen verdediging LO * LO * 10. de tafeltennisreglementen toepassen in dubbelwedstrijden. Reglementering opslag ontvangst / wisselen van opslag wanneer scoort men een punt puntentelling 11. de voorgaande technieken toepassen in spelsituaties. Wedstrijdformules dubbel enkel 2 2 met dubbel enkel 3 3 met dubbel tornooi waarbij iedereen verder speelt tot de laatste plaats

82 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 81 Gezonde en veilige levensstijl Zie hoger LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan tafeltennis te vermijden. LO 16-22* 13. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 16. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. Zelfconcept en sociaal functioneren Zie hoger LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 23. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

83 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 82 subvak 13: TAFELTENNIS Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. De technische correcties dienen centraal te staan in de lessen tafeltennis. 2. Een aantal technieken zijn op het eerste zicht met elkaar verwant. Een foutief antwoord op een bepaalde slag is meestal een punt voor de tegenstrever. Belangrijk is de leerlingen hierop te wijzen. 3. Tactische situaties kan men ook laten spelen tot punt of zelfs in wedstrijdvorm. De aangehaalde combinatie dient echter wel aan bod te komen. Na deze combinatie kan dan gespeeld worden tot punt. 4. Bij tactische oefeningen kan men ook om de 5 punten wisselen van opslag. Dit is organisatorisch misschien iets moeilijker te realiseren maar het leunt dichter aan bij een reële wedstrijdsituatie. 5. Verfijnen van topspin voorhand kan het best gebeuren met 3 of 4 spelers. 1 speler geeft opslagen. Een tweede speler speelt topspin voorhand. Speler 3 blokt de bal en speler vier is ballenraper. 6. Extra wenken voor het uitbreidingspakket: 7. Opslag en ontvangst opslag worden aangeleerd met minstens 20 ballen per tafel. 8. Tactische situaties kan je laten oplossen door de leerlingen. Dikwijls is er ook meer dan 1 oplossing.

84 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 83 SUBVAK 14: TENNIS Basispakket: 25 lestijden per graad Methodologische invulling naar lestijdenpakket: 1 e + 2 e fase: uitbreiding van mini- naar miditennis met aangepaste ballen uitbreiding van midi- naar maxitennis met midbal LO *- 19 Motorische competenties Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. 1. een balwisseling opbouwen in een steeds groter wordend deelveld. Regelmaat met Fh (Forehand) en Bh (Backhand) uitbouwen via basistechnieken als: greep, tikbeweging vanuit contactpunt, uitzwaai en totaalbeweging vanuit aandachtshouding LO * 2. de tegenstander laten lopen. Bal richten met Fh en Bh met correct benenwerk van verplaatsen en herplaatsen LO LO * 3. een korte bal benutten en afmaken. ritme en timing van opkomen in Fh en Bh versnellen Fh en Bh blokvolley 4. verdedigen en tegen aanvallen. techniek van Fh en Bh lob passingshot Fh en Bh LO vanuit opslag en terugslag een punt uitspelen op een tactisch verantwoorde wijze. tijd kopen via hogere bal opslag vlak regelmaat terugslag vanuit split en instap balcontrole tot bal 4 LO bij zichzelf nagaan of ze vorderingen maken. technische en tactische profielen scorekaarten LO 7 7. op basis van afgesproken criteria bij zichzelf of anderen aangeven waarom een bewegingsopdracht wel of niet lukt. inzicht in de voor en nadelen van open en gesloten grepen belang van correct voetenwerk en evenwicht

85 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 84 Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan tennis te vermijden. LO 16-22* 9. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 12. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 14. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 17. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 19. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. minitennis met technisch tactische variaties correct inspelen (ritueel) coördinatie snelheid evenwicht stretching samen balwisselingen spelen tegen mekaar punten uitspelen

86 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 85 subvak 14: TENNIS Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Methodologische invulling naar lestijdenpakket 3e fase: maxitennis met harde bal LO * LO * Motorische competenties Inoefenen en vervolmaken leerstof van het basispakket 3e graad en van het uitbreidingspakket 2e graad. 1. een balwisseling opbouwen in de 5 deelvelden van minitennis. op aangeworpen bal terugspelen in Fh en Bh minitennissen in Fh en Bh 2. spelen waar de tegenstrever niet staat. aangeworpen ballen richten LO een korte bal benutten. ritme en timing van opkomen in Fh en Bh Fh en Bh blokvolley LO tijd kopen op moeilijke bal. techniek van Fh en Bh lob tijd kopen via hogere bal LO basisopslag spelen. klimmingen van opslag minitennis LO dwingen Bh te spelen. terrein leren openen met Fh en Bh LO een korte bal afdwingen door meer lengte. versnellen en spincontrole LO * 8. verdedigen en tegenaanvallen. techniek van Fh en Bh lob passingshot Fh en Bh tijd kopen via hogere bal vanuit opslag terugslag zo snel mogelijk in een voordeelsituatie geraken LO 4 9. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in tennis.

87 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 86 Gezonde en veilige levensstijl LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan tennis te vermijden. LO 16-22* 11. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 14. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. Zelfconcept en sociaal functioneren maxitennis met technisch tactische variaties correct inspelen (ritueel) opslag vlak regelmaat terugslag vanuit split en instap balcontrole tot bal 4 spinopslag coördinatie snelheid evenwicht stretching LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. samen balwisselingen spelen LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 21. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

88 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 87 subvak 14: TENNIS Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Hanteren van principe van geleidelijkheid. 2. Hanteren van principe van de uitersten. 3. Uitgaan van principe zet tegenzet. 4. Zelfstandig werken via leervormen en oefenvormen. 5. Samen opdrachten volbrengen in spelvormen. 6. Zelfevaluatie (luk ik, doe ik ).

89 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 88 SUBVAK 15: VERDEDIGINGSSPORTEN (BUDO) Basispakket: 25 lestijden per graad Als nieuw bewegingsdomein in het curriculum van de lichamelijke opvoeding omvat het begrip verdedigingssporten (vroeger: gevechtsport of BUDO) verscheidene disciplines. Kenmerkend voor deze interactieve verdedigingsvormen is het lijf-aan-lijf-contact waarbij de leerlingen meestal per twee specifieke vaardigheden (duwen, trekken, rollen, vallen, werpen, afweren, blokkeren..) in wisselende situaties met elkaar inoefenen, spelen en kampen. Motorische competenties LO 1 1. JU: Veilig vallen: rugwaarts (ushiro ukemi), zijwaarts(yoko ukemi), voorwaarts (zempo kaiten). Leerstofbasispakket 2e graad aanleren, inoefenen en vervolmaken, conform de beginsituatie van de leerlingen. Valvaardigheden: vanuit lage positie (lig, zit, hurkhouding, knieënsteun) naar rechtopstaand: stilstaand, in verplaatsing en over hindernissen; links en rechts LO JU: evenwicht verstoren, bewaren en herstellen. Partneroefeningen en kampspelen: per twee, in groep, recht en op grond. LO JU: judoworpen uitvoeren (statisch, verplaatsing). Werpvaardigheden: uitbreiding heupworpen, beenworpen, schouderworpen, voetworpen (vegen en blokkeren): (individueel, per twee, statisch, in verplaatsing) LO LO LO * LO JU: elkaar vastnemen in houdgrepen. Controletechnieken: partner veilig immobiliseren, kantelen naar houdgreep, bevrijden uit Aanval en verdediging vanuit verschillende situaties 5. JU: verwurgingen en klemmen uitvoeren. Veilig en vanuit verschillende posities de klemmen (arm overstrekken en verdraaien, met de knie) en de verwurgingen (gekruist, naakt verwurgen, al trekkend en duwend) uitvoeren 6. JU: op een veilige manier kampen (rechtstaand, op grond). Uitvoeren van yaku soku geiko (1 aanvaller, 1 verdedigt) en randori (vrij oefenkamp, zonder resultaat) 7. KA: stoot-, trap- en slagtechnieken beheerst uitvoeren en de respectieve Oefenen zonder partner (Kihon): afweer en aanvalstechnieken afweersystemen toepassen. LO * 8. KA: de samengestelde werkvormen (Kata) uitvoeren. Individueel oefenen stijloefening LO * 9. KA: op een veilige manier kampen (rechtstaand). Kumite met partner LO SD: gepast reageren op en zich bevrijden uit handgrepen, middenaanval, nekgreep,slaan, schoppen, kopgrepen,en verwurgingen. Individueel en met partner inoefenen van de verschillende situaties LO SD: iemand opleiden.

90 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 89 Gezonde en veilige levensstijl LO JU KA- SD: ontwikkelen en onderhouden van de specifieke fysieke eigenschappen. Zie hoger 13. fysieke conflictsituaties herkennen en oplossen. LO JU: situaties herkennen waarin veilig vallen belangrijk is. LO 15*-20-22* 15. inzien dat een goede fysieke conditie de weerbaarheid bij contact- en verdedigingsvormen verhoogt. 16. oefenen in een geest van veiligheid en respect. LO de verkeerde houdingen, handelingen en bewegingen, die mogelijke lichamelijke klachten veroorzaken, goed inschatten. LO de specifieke lichaamsverzorging van de verdedigingsporten toepassen. Zelfconcept en sociaal functioneren LO de eigen mogelijkheden en beperkingen ontdekken en aanvaarden (ook van de anderen). 20. de verworven motorische vaardigheden koppelen aan een mentale discipline en emotionele controle (beheersing in conflicten). LO de diverse taken vervullen: partner zijn, tegenspeler, referee. LO winst en verlies relativeren. LO zich verantwoordelijk voelen voor de tegenspeler. 24. het belang inzien van de groet als bijzonder communicatiemiddel. LO de veiligheidsvoorschriften toepassen. Zie hoger

91 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 90 subvak 15: VERDEDIGINGSSPORTEN (BUDO) Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Op het ogenblik dat het uitbreidingspakket aangeboden wordt moet een aanvulling van het leerplan worden uitgewerkt en ter goedkeuring worden voorgelegd aan de pedagogisch adviseur en de Gemeenschapsinspectie. Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Beginsituatie op school is anders dan in de club: veiligheid primeert op school. 2. Duidelijke afspraken maken i.v.m. dojo-etiquette: groeten bij begin en einde van de les; bij begin van een oefening met een nieuwe partner. 3. De leerlingen maken zich enkele typische Japanse woorden en afspraken eigen: Matté = stop ; Hajimé= start, Tori= voert de beweging uit ; Uke= ondergaat de handeling van Tori. 4. Accommodatie en materieel: aanvankelijk kunnen gymmatten dienst doen als tatami =valmat. Het gewone trainingspak voldoet ruimschoots voor de eerste lessen judo. Naar veiligheid toe zijn een tatami en judogi aanbevolen voor het judo- en ju jutsu-deel. 5. Typische leeractiviteiten zijn: oefenen (vormgeven): sotai renshyo: met partner technieken eigen maken (recht en op grond): uchi komi: automatiseren van bewegingen; nage komi: werpen van de partner (judo); spelen (soeels oefenen): winnen of verliezen is ondergeschikt: yaku soku geiko: per twee speels oefenen; van aanvals-en verdedigingstechnieken in verplaatsing, waarbij de partner kan geworpen worden; randori: kampelement is sterk aanwezig, maar winst of verlies telt niet; kampen (wedijveren): shiai is een judowedstrijd waarbij het resultaat primeert. 6. Organisatie: om veilig en ongedwongen te kunnen oefenen zijn volgende aanbevelingen nodig: voorzie veiligheidszones, leerlingen vallen (bvb) allen in dezelfde richting en om beurten. Zorg ervoor dat op een beperkte ruimte nooit te veel leerlingen gelijktijdig aan het werk zijn (blessurepreventie). 7. Leerlinggerichte oefenstof: valtechnieken, voorbereidende kampspelen (vanuit de natuur van het kind) laten de leerlingen vlug wennen aan de hardheid van de mat. Voor wat de rechtstaande technieken en houdgrepen betreft beperkt de leerkracht zich aanvankelijk tot het aanleren van enkele representatieve vaardigheden die eveneens sterk verwant zijn met de natuur en het ontwikkelingsniveau. Met het aanleren van klem- en verwurgingen wordt pas gestart wanneer de leerlingen voldoende basistechnieken bezitten.

92 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 91 Hierna volgende sporten die enkel worden aangeboden als keuzesport SUBVAK 16: PAARDRIJDEN Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties Leerstof paardrijden 2e graad inoefenen of aanleren (afhankelijk van de beginsituatie van de individuele leerling) LO 4 1. verbanden leggen ook naar de theorie van de lichamelijke opvoeding. De leerlingen worden verdeeld in 2 basisgroepen: LO tempo verhogen tijdens het rijden; aërobe en anaërobe uithouding verbeteren. LO een parcours naar behoren afwerken (eindproef). LO verbanden leggen en transfers tussen de verschillende bewegingen en figuren. LO technische raad uitwisselen aan elkaar en elkaar stimuleren om de afgesproken criteria te behalen. A: aangesloten bij een club of hoger rijniveau B: niet aangesloten of te weinig wedstrijdervaring Groep A: mits een trainingsschema van de club mag de leerling individueel zijn schema afwerken. Zoniet bij groep B. Groep B: weekplanning: * uithouding en lenigheid LO prestatieverbetering nastreven van het paard en de ruiter. * technieken * alternatieve technieken die basiseigenschappen verbeteren LO 4 7. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in paardrijden. - Ruiter: houding en zit, dressuurzit en springzit in de 3 gangen LO zelf een parcours en dressuurproef samenstellen aan de hand van hun eigen kunnen en dat van hun medeleerlingen. * inhaalles Gezonde en veilige levensstijl Groep B: jaarplanning LO 1 9. veiligheidsvoorschriften, regels en afspraken naleven. Ontwikkeling van de basis (K, L en U) LO 21*-22* 10. positief staan tegenover regelmatig oefenen. sept feb.: opdrijven van tempo; aëroob 11. de gezonde invloed ervaren van regelmatige fysieke inspanning. ma apr.: trainingen voor dressuur en springen LO het belang van de opwarming en de cool down aangeven. LO de negatieve invloed van genotsmiddelen en slechte voeding duiden.

93 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 92 Technieken alle technieken van jumping worden getraind met de specifieke kracht en snelheidstraining. 1. Basisoefeningen springen - Cavaletti - springzit - individuele sprongen - gymnastisch springen - parcours springen - landelijk niveau: beginnelingen tot licht - nationaal niveau: A- en B-parcours 2. Terreinrijden - opleiding voor het terreinrijden - wandelingen en distanceritten Zelfconcept en sociaal functioneren Alternatieve activiteiten LO zelfstandig oefenen. spelvormen parcours rijden dressuuroefeningen stijlrijden LO met iedereen zonder onderscheid samenwerken. LO hun eigen mogelijkheden juist inschatten. Inhaalles techniek LO de prestaties van anderen waarderen. Wedstrijdtraining LO inzet en volharding tonen en hun fysieke grenzen verleggen. maximumprestatie bepalen LO 21*-22* 19. voldoening beleven aan de fysieke inspanning. fiche opstellen LO6 20. plannen en naar een prestatie toeleven. LO kritiek aanvaarden.

94 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 93 subvak 16: PAARDRIJDEN Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Een prestatieverbetering nastreven door regelmatige en systematische trainingsopbouw. 2. De vorderingen (laten) noteren en bespreken. 3. Gevarieerde oefen- en organisatievormen aanwenden. 4. Aan de motorische basisvorming wordt verder gewerkt door de beweging te perfectioneren. 5. In functie van de onderwezen disciplines van het paardrijden worden de bijkomende basiseigenschappen getraind. 6. Oefenstof voor de verbetering van coördinatie, beweeglijkheid en ritme aanbieden, zodat de link naar andere sportdisciplines wordt gelegd. 7. Leren plannen en naar een prestatie werken. 8. De leerlingen moeten afgesproken minimacriteria realiseren. 9. SPRINGEN: - competitievormen van springen op een parcours oefenen. - gevarieerde oefenvormen gebruiken om de springkracht en de sprongbehendigheid ontwikkelen. - uitleggen wat de belangrijkste fasen zijn bij een sprong en elkaar kunnen observeren. - groepsopdrachten, groepscompetities zijn motiverend en stimuleren het sociaal contact. 10. DRESSUUR: - de veiligheid staat centraal bij de opstelling van de leerlingen binnen en buiten de dressuurring. Duidelijke afspraken maken om dit te ondersteunen. - in openlucht is respect voor de natuur en leefomgeving belangrijk. - voor terreinrijden wordt er extra aandacht besteed aan veiligheid, plichtsgevoel, verantwoordelijkheidsbesef, hoffelijkheid en het maken van duidelijke afspraken. Bijv.: wandelingen.

95 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 94 SUBVAK 17: WATERSPORTEN Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 8 1. de aangeleerde vaardigheden correct uitvoeren en toepassen in de verschillende watersportdisciplines. LO 12-15* 2. ervaren dat gekende motorische vaardigheden uitvoeren op een hoger beheersingsniveau leidt tot van bewegingsvreugde en succeservaring. Leerstofpakket 2e graad aanleren (nieuwe lln.), inoefenen, uitbreiden en vervolmaken conform aan de beginsituatie van de leerlingen Keuzeaanbod, afhankelijk van de weersomstandigheden en het beschikbare materiaal: zeilen op zee en/of windsurfen en/of golfsurfen en/of powerkiten, speedsailing LO bij bewegingsopdrachten zowel hun eigen kunnen als dat van anderen inschatten en hiermee rekening houden. 1. Kajuitzeilen op zee: LO een foutenanalyse maken (oorzaak + remediëring), zowel bij zichzelf als bij Praktische kennis: anderen. - elementaire kennis van de boot en zijn eigenschappen LO zelfstandig oefenstof doornemen en hun eigen leerproces bijsturen. - basismanoeuvres, ook met meer dan windkracht 3 LO hun verantwoordelijkheid opnemen en veiligheidsregels toepassen. - de belangrijkste handelingen voor het aan- en afvaren. 7. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in de watersporten. Theoretische kennis: Gezonde en veilige levensstijl - basisinzichten over weerkunde evenals stroming en getijden LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties inzonderheid bij watersporten. LO de nodige zelfdiscipline opbrengen om risico s eigen aan watersporten te vermijden en de strikte veiligheidsvoorschriften na te leven. - basiskennis van de romp en tuigeigenschappen van een zeilboot - belangrijkste wedstrijdregels 2. Windsurfen: op binnenwater en op zee Materiaal: beginnerplank type RRD easyrider of leerplank BIC Melody of gelijkaardig type LO 16-21* 11. de waarde beseffen van watersporten als vrije tijdsrelevante buitensporten. Praktische kennis: - op- en aftuigen - de basismanoeuvres overstag gaan en gijpen - oploeven en afvallen - een eenvoudig parcours varen met alle manoeuvres en koersen tot en met 4bft Theoretische kennis: - benoemen van alle onderdelen van de boot - koersen van de boot en zeilstanden kennen

96 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 95 Zelfconcept en sociaal functioneren 3. Golfsurfen LO 1-14*- 12. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke Materiaal: BIC mini malibu of gelijkaardige plank 15*-25 aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. Praktische kennis: - peddelen met de juiste lichaamshouding LO aan de hand van vooropgestelde criteria verschillende rollen opnemen. - het doorkruisen van de branding - juiste interpretatie van de sets (golven) LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, - de golf afglijden in lighouding hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. - toepassen van veiligheidsvoorschriften LO voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van Theoretische kennis: onverdraagzaamheid en daar tijdig en passend op reageren. - benoemen van alle onderdelen - het kennen van de veiligheidsvoorschriften en toepassen van de voorrangsregels 4. Kiten of speedsailing Basishandelingen van een kite en dit in verschillende windsterkten variërend van 2-5 Beaufort. Praktische kennis: - opsteken van een powerkite - kite een richting en baan kunnen geven - speedsailing: komen tot starthouding en kunnen oploeven en afvallen met de speedsail 5. Overbruggen koude winterperiode Conditietraining/ houdings- en rugscholing/ intervaltraining ter ondersteuning van de watersportdisciplines

97 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 96 subvak 17: WATERSPORTEN Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken 1. Zorg op elk leerniveau voor een progressieve klimming in de oefenstof. 2. Geef individuele verbetering en feedback in combinatie met groepsfeedback. 3. Het belang van de veiligheid bij watersporten en meer bepaald op zee, kan nooit genoeg worden benadrukt!!! 4. Zorg voor voldoende rotatie tussen de opeenvolgende lesweken bij die bewegingsactiviteiten waarbij samenwerking in groep vaan groot belang is. 5. Ruime aandacht voor weervoorspellingen is onontbeerlijk om een goede en vooral veilige keuze te maken voor de lesorganisatie en de aangeboden bewegingsactiviteit. 6. Voorzie steeds een theoretische vervangopdracht voor het geval de weersomstandigheden de voorziene lesplanning in de war sturen. 7. Streef in de verschillende bewegingsactiviteiten een progressieve klimming na van eenvoudig naar complex. 8. Maak gebruik van visuele leermiddelen (boeken, DVD, cd-rom, video). 9. Zeilen berust op teamwork, derhalve is een goede samenwerking primordiaal. Tevens een prima leerinhoud om te werken aan vakoverschrijdende eindtermen, domein sociale vaardigheden. 10. Streef er steeds naar in iedere discipline basishandelingen aan te leren en maak de oefenstof niet te breed. 11. Op iedere positie moeten alle leerlingen hun taak naar behoren kunnen vervullen (zeilen). Een vlot rotatiesysteem moet dit kunnen waarborgen. 12. De leerkracht vervult een voorbeeldfunctie, zeker naar veiligheid toe! 13. Differentieer.

98 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 97 SUBVAK 18: GOLF Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO de aangeleerde techniek correct uitvoeren en toepassen tijdens wedstrijdsituaties. LO op elk moment, ook onder druk, een goede clubkeuze maken, rekening houdend met de omstandigheden van het moment, de gesteldheid van het terrein, inschatting van de kansen voor de volgende slag. LO 4 3. zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO 7 4. op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt. Verdiepen van de leerstof golf 2 de graad. Afhankelijk van de beginsituatie van de individuele leerling wordt de oefenstof aangeleerd of progressief verder uitgebouwd. De leerlingen worden verdeeld in 2 basisgroepen: A: aangesloten bij een golfclub m.a.w. leerlingen met golfervaring en handicapniveau B: niet aangesloten m.a.w. leerlingen zonder golfervaring Groep A: mits een trainingsschema van de persoonlijke trainer mag de leerling individueel zijn schema afwerken. Zoniet bij groep B. LO 6 5. prestatieverbetering nastreven. Groep B: weekplanning: LO trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in golf. uithouding, lenigheid en coördinatie Gezonde en veilige levensstijl technieken LO tijdens oefeningen en spelvormen de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan golf te vermijden. LO 16-22* 8. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de spelen bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO LO *-22* 10. het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. 11. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid erkennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. coursemanagement reglementering: spelformules - golfregels Groep B: jaarplanning: Nov. Febr.: Voorbereidingsperiode ontwikkeling van de basis (K, L en U) LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties.

99 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 98 Zelfconcept en sociaal functioneren Basistechnieken aanleren of vervolmaken LO 14*-15*- 13. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke - Set-up (adrespositie) 25 aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. - oplijning van het clubblad - oplijning van het lichaam LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. - posture(= lichaamshouding) - de grip (geldig voor alle basisslagen behalve de putting) LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. - balpositie LO LO samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. 17. aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. 18. voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren. - Swing - de backswing - de downswing - de follow through - Pre-shot routine - Lang spel - Kort spel - Putting: korte halflange lange putts grip oplijning clubblad stance & posture swing - Chipping grip oplijning clubblad stance & posture swing - Pitching grip oplijning clubblad stance & posture swing - Bunkerslagen: korte geplugde lange - Special shots hook fade draw punch downhill lie uphill lie

100 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 99 subvak 18: GOLF Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken 1. De technische correcties dienen centraal te staan in de lessen golf. 2. De vorderingen (laten) noteren en bespreken. 3. Gevarieerde oefen- en organisatievormen aanwenden. 4. Aan de motorische basisvorming wordt verder gewerkt door de beweging te perfectioneren. 5. Zelfstandig werken via leervormen en oefenvormen. 6. Leren plannen en naar een prestatie werken. 7. De leerlingen moeten afgesproken minimacriteria realiseren. Deze zijn op maat van de individuele leerling en na het inschatten van de beginsituatie. 8. Maak gebruik van visuele leermiddelen (boeken, DVD, cd-rom, video). 9. Differentieer.

101 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 100 SUBVAK 19: TRIATLON-DUATLON Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties Inoefenen, vervolmaken en uitbreiden van de leerstof triatlonduatlon LO 4 LO verbanden leggen, ook naar de theorie van de lichamelijke opvoeding. snelheid verhogen tijdens duuractiviteiten. 2 de graad. Afhankelijk van de beginsituatie van de individuele leerling wordt de oefenstof aangeleerd of progressief verder uitgebouwd. LO een triatlon naar behoren afwerken. Zwemmen: - rugcrawl LO verbanden leggen en transfers tussen de verschillende - schoolslag bewegingsactiviteiten. - dolfijn LO technische raad uitwisselen aan elkaar en elkaar stimuleren om de - foutenanalyse crawl afgesproken minimacriteria te behalen. - gevarieerde trainingsvormen voor uithouding, kracht, snelheid, lenigheid en coördinatie LO prestatieverbetering nastreven. LO 4 7. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in triatlon. LO 1 8. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 3 9. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. LO op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt, zowel bij zichzelf als bij anderen. Gezonde en veilige levensstijl LO de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan triatlon-duatlon te vermijden. LO 16-22* 14. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de verschillende bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. Fietsen: Lopen: - elementaire materieelkennis in relatie tot een aerodynamische fietshouding - gevarieerde trainingsvormen voor uithouding, kracht, snelheid, lenigheid en coördinatie - gevarieerde trainingsvormen voor uithouding, kracht, snelheid, lenigheid en coördinatie

102 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 101 LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. LO *-22* 17. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid er kennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. Zelfconcept en sociaal functioneren LO zelfstandig oefenen. LO 14*-15* ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 23. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. LO voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

103 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 102 subvak 19: TRIATLON-DUATLON Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Een prestatieverbetering nastreven door regelmatige en systematische trainingsopbouw. Richttijden (hou hierbij rekening met de beginsituatie van de individuele leerling): m zwemproef o Jongens: (1 ste jaar) (2 de jaar) o Meisjes: (1 ste jaar) (2 de jaar) - 5 km loopproef o Jongens: (1 ste jaar) (2 de jaar) o Meisjes (1 ste jaar) (2 de jaar) - 1/8 Triatlon eindproef o Jongens: 1u15 (1 ste jaar) 1u12 (2 de jaar) o Meisjes: 1u22 (1 ste jaar) 1u18 (2 de jaar) 1 en 2 2. De vorderingen (laten) noteren en bespreken. 1 en 2 3. Gevarieerde oefen- en organisatievormen aanwenden. 1 en 2 4. Aan de motorische basisvorming wordt verder gewerkt door de beweging te perfectioneren. 1 en 2 5. Oefenstof voor de verbetering van coördinatie, beweeglijkheid en ritme aanbieden, zodat de link naar andere sportdisciplines wordt gelegd. 1 en 2 6. Leren plannen en naar een prestatie werken Sport beoefenen in open lucht impliceert respect voor natuur en leefomgeving. 8. ZWEMMEN: - een uithoudingsproef 800m crawl - een ontspannen en efficiënte zwemstijl nastreven in tenminste 3 van de 4 zwemslagen - een uithoudingsproef 800m crawl in een egaal tempo kunnen afleggen (tempogevoel) 9. FIETSEN: - de veiligheid staat centraal tijdens fietstrainingen en op vlak van materieel- en kledijkeuze. - duidelijke afspraken maken hier rond 10. LOPEN: - er wordt extra aandacht besteed aan veiligheid, plichtsgevoel, verantwoordelijkheidsbesef, hoffelijkheid - maak met de leerlingen duidelijke afspraken. 1 en 2 1 en 2 1 en 2

104 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 103 SUBVAK 20: WIELRENNEN Uitbreidingspakket: 100 lestijden per graad Motorische competenties LO 4 1. verbanden leggen, ook naar de theorie van de lichamelijke opvoeding. LO snelheid verhogen tijdens duuractiviteiten. LO verbanden leggen en transfers tussen de verschillende bewegingsactiviteiten. LO technische raad uitwisselen aan elkaar en elkaar stimuleren om de afgesproken minimacriteria te behalen. LO prestatieverbetering nastreven. LO 4 6. trainingsprincipes uit de trainingsleer toepassen in wielrennen. LO 1 7. in nieuwe bewegingssituaties verantwoordelijkheid opnemen door gezamenlijk afgesproken veiligheidsregels toe te passen. LO 3 8. aan de hand van zelfinschatting de aangepaste leerweg kiezen voor het aanpakken en oplossen van de bewegingsopdrachten. LO zelfstandig leertaken uitvoeren om een bewegingsopdracht tot een goed einde te brengen uitgaande van het eigen kunnen. LO zichzelf evalueren en eventueel zelfstandig het leerproces bijsturen. LO op basis van een beperkt aantal criteria aangeven waarom een opdracht wel of niet lukt, zowel bij zichzelf als bij anderen. Gezonde en veilige levensstijl LO de nodige controle opbrengen om risico s eigen aan wielrennen te vermijden. LO 16-22* 13. zich progressief opwarmen om fysisch en mentaal klaar te zijn voor de verschillende bewegingsopdrachten. LO bij de eigen sportbeoefening belangrijke principes toepassen van fitheid, veiligheid, blessurepreventie, voeding en middelengebruik. LO het evenwicht nastreven tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid. Inoefenen, vervolmaken en uitbreiden van de leerstof wielrennen 2e graad. Afhankelijk van de beginsituatie van de individuele leerling wordt de oefenstof aangeleerd of progressief verder uitgebouwd. Specifiek: - basistechnieken zoals schakelen, sturen, remmen, versnellen, in peloton rijden vervolmaken - elementaire materieelkennis in relatie tot een aerodynamische fietshouding - gevarieerde trainingsvormen voor uithouding, kracht, snelheid, lenigheid en coördinatie - specifieke fietsvaardigheden: o tijdrijden o piste o MTB o veldrijden o In samenwerking met de theorie LO: - opstellen van een trainingsplanning - evaluatie van trainingen - mentale training

105 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 104 LO *-22* 16. de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid erkennen en vergelijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden. LO de basisprincipes van eerste hulp bieden bij ongevallen in bewegingssituaties. LO 14*-15*- 25 Zelfconcept en sociaal functioneren 18. ervaren dat motivatie, betrokkenheid en positief zelfbeeld, belangrijke aspecten zijn bij sportbeleving en sportief presteren zowel individueel als in groep. LO aan de hand van vooropgestelde criteria de rol van coach en scheidsrechter op zich nemen. LO LO de leiding en/of verantwoorde opmerkingen van medeleerlingen aanvaarden. 21. samen met anderen, kennis en kunde aanwenden bij het organiseren van (school)sportactiviteiten en bij schoolfeesten. LO aanvaardbaar gedrag tonen op het vlak van fair play, reglementering, hiërarchie en bij het uiten van bedenkingen. LO voor zichzelf en anderen respect tonen en signalen herkennen van onverdraagzaamheid en daar passend en tijdig op reageren.

106 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 105 subvak 20: WIELRENNEN Nr. Specifieke pedagogisch-didactische wenken Timing 1. Een prestatieverbetering nastreven door regelmatige en systematische trainingsopbouw. Richttijden (hou hierbij rekening met de beginsituatie 1 en 2 van de individuele leerling). 2. De vorderingen (laten) noteren en bespreken. 1 en 2 3. Gevarieerde oefen- en organisatievormen aanwenden. 1 en 2 4. Aan de motorische basisvorming wordt verder gewerkt door de beweging te perfectioneren. 1 en 2 5. Oefenstof voor de verbetering van coördinatie, beweeglijkheid en ritme aanbieden, zodat de link naar andere sportdisciplines wordt gelegd. 1 en 2 6. Leren plannen en naar een prestatie werken Sport beoefenen in open lucht impliceert respect voor natuur en leefomgeving. 8. FIETSEN: - de veiligheid staat centraal tijdens fietstrainingen en op vlak van materieel- en kledijkeuze. - duidelijke afspraken maken hier rond 1 en 2

107 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 106 ALGEMENE PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE WENKEN 1. Organisatorische uitgangspunten: verdeling van de lesuren over de verschillende disciplines. Dit leerplan is een graadsleerplan, namelijk voor eerste en tweede leerjaar van de derde graad. Rekening houdend met een gedeeltelijke schooleigen invulling wordt dit leerplan uitgewerkt op basis van 25 reële lesweken per jaar. De resterende lesuren worden ingevuld door de school volgens een gestructureerde planning, rekening houdend met het eigen profiel van de school, de specialisatie van de vakleerkracht en de beschikbare accommodatie. Globale planning: 4 lt. THEORIE 1 lt. ATLETIEK het basispakket omvat minimaal 50 lestijden/graad 2 lt. GYMNASTIEK + RITMISCHE- EN DANSANTE VORMING (+ VERDEDIGINGSSPORT) het basispakket ritmische vorming bestaat uit 25 lestijden/graad; het basispakket gymnastiek uit 50 of 75u/graad, afhankelijk van het wel of niet inrichten van het basispakket verdedigingssport 25 lestijden Het inrichten van het basispakket verdedigingssport is een vrije keuze van de school en afhankelijk van de beschikbare accommodatie en de specialiteit van de lesgever. 1 lt. ZWEMMEN het basispakket omvat minimaal 50 lestijden/graad 2 lt. BALPORTEN: BB, HB, Rugby, VtB, VB / TERUGSLAGSPORTEN: badminton, tafeltennis, tennis keuze van minstens 2 balsporten en 1 terugslagsport gespreid over de 2 leerjaren; een lesurenpakket omvat minimaal 25 lestijden/graad 6/ 4-5 lt.* KEUZESPORT(EN) keuze van maximaal 3 keuzesporten; een lesurenpakket omvat minstens 100./graad naargelang de lokale omstandigheden kunnen deze uren gebruikt worden als verdieping van een sport om aldus schooleigen accenten te leggen (maximale invulling). * andere sporten waarmee de doelstellingen van dit leerplan kunnen gerealiseerd worden zijn mogelijk. * er kan ingespeeld worden op nieuwe tendensen in de sport mits melding en positief advies door de PA. Op dat ogenblik moet dan een aanvulling van het leerplan uitgewerkt worden (door de leerplancommissie) en ter goedkeuring voorgelegd worden aan de Gemeenschapsinspectie. 0/2-1 lt. STAGE (zie het leerplan AV Stage Sport)

108 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 107 Om praktische redenen gebeurt de indeling volgens de verschillende disciplines. Hierbij worden telkens leerplandoelstellingen, leerinhouden en pedagogisch-didactische wenken geformuleerd. Per discipline worden in de leerinhouden telkens een basispakket en een uitbreidingspakket uitgewerkt. Basispakket Het basispakket wordt gegeven aan de gehele klas Uitbreidingspakket Dit is een uitbreiding op het basispakket en behoort tot de keuzesport. Keuzesport is een discipline die door een groep leerlingen wordt gekozen afhankelijk van het aanbod van de school. Dit uitbreidingspakket kan nog verder worden uitgediept door middel van het grote urenpakket keuzesporten. Schoolaanbod Autonomie van de school en een grotere keuzevrijheid in de leerplannen betekenen grotere verantwoordelijkheid. Een goede planning van het leerproces zowel op het niveau van de leerkrachten als op dat van de school in haar geheel worden noodzakelijk. Keuzesport De school biedt een aantal keuzesporten aan rekening houdende met het profiel van de school, de beschikbare accommodatie in en nabij de school en de kwalificaties van de leerkrachten. Afhankelijk van de lokale situatie kan een keuzesport minimaal aangeboden tot maximaal uitgediept worden. Eventueel kunnen ook twee keuzesporten per leerjaar voorzien worden voor een groep leerlingen. Andere sporten waarmee de doelstellingen van dit leerplan kunnen gerealiseerd worden zijn mogelijk. In dit geval moet dan een aanvulling van het leerplan uitgewerkt worden (door de leerplancommissie) en ter goedkeuring voorgelegd aan de Gemeenschapsinspectie.

109 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport Vakdidactische wenken Coïnstructie Omwille van de grote verschillen in fysieke en motorische vaardigheden van jongens en meisjes zijn de risico s op ongevallen bij het werken met gemengde groepen groter. In deze lessen moet er extra aandacht besteed worden aan de veiligheid. Indien er om organisatorische redenen niet voldoende kan gedifferentieerd worden is het lesgeven aan gemengde groepen niet verantwoord. Voor sommige leerstofonderdelen worden voor jongens en meisjes afzonderlijke leerinhouden voorzien. De streefdoelen en de criteria zijn aangepast aan jongens en meisjes. Lessenrooster Een evenwichtige spreiding van de lessen LO en sport over de gehele schoolweek en een verantwoorde inpassing in het lessenrooster zijn aan te bevelen. Recuperatie na fysieke inspanningen moet voorzien worden. Om veiligheidsredenen (risicobeheersing, blessures, ) kunnen 3 lesuren sport na elkaar niet. Medische attesten Uiteraard zouden hier geen welwillendheidsattesten mogen voorkomen en langdurige attesten zijn hier eerder uitzondering dan regel. Sinds een paar jaar bestaat er een alternatief doktersattest voor de les L.O. Alhoewel het veralgemeend gebruik van dit attest niet verplichtend is zijn er toch al heel wat huisartsen die dit toepassen. Maak je leerlingen hierop attent. Stimuleer hen om bij de behandelende arts hiernaar te vragen. Een samenwerking met het CLB is belangrijk. Selectieve vrijstellingen zijn hier een must (lees in dit verband de omzendbrief SO 65 van 25/6/99 pag. 4). Individueel moet de ernst van de kwetsuur nagekeken worden en kan er een individueel oefenprogramma worden opgesteld (bijv. in samenspraak met een kinesist). Bij een medisch attest voor korte duur probeert men de leerling zoveel mogelijk te betrekken bij de les door het geven van logistieke taken zoals materiaalverantwoordelijke, (helpen) en bijstaan, observatieopdrachten, scheidsrechteropdrachten. Indien een fysieke activiteit niet mogelijk is krijgen de leerlingen een zinvolle theoretische opdracht. Deze theoretische verwerking kan gericht zijn op trainingstechnieken, gezondheid, actuele problematiek in verband met sport e.d. De neerslag van deze theoretische benadering van de sportlessen moet ook terug te vinden zijn in de schoolagenda (vervangingstaken bij de vrijstelling van de les LO). Indien de medische attesten echter voor een volledig schooljaar zouden gelden stellen zich problemen om een A-attest of een diploma in de studierichting uit te reiken. Het is aan te bevelen dat de school hiervoor specifieke richtlijnen opstelt en duidelijke afspraken maakt met alle betrokken partijen. Een heroriëntering van de leerling kan immers nodig zijn. Geïntegreerde Werkperiodes (GWP). Aan een GWP zijn bijzondere didactische en sociale waarden verbonden. Het is een interessante werkvorm om zelfstandigheid, zelfredzaamheid, de interne communicatie en de samenwerking te verbeteren. Fysieke uitdagingen, enge fysieke confrontaties, exploratie van natuurlijke milieus stimuleren groepsdynamische processen: vertrouwen, positieve druk van de groep, samen een oplossing zoeken, samen tot actie overgaan, dank zij de groep iets lukken, grenzen verleggen. Het versterkt de groepscohesie in grote mate. In het kader van de opleiding is de organisatie van een GWP ten zeerste aan te bevelen.

110 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 109 Geïntegreerde proef De geïntegreerde proef is vakoverschrijdend en evalueert kennis, vaardigheden en attitudes gericht op het specifiek karakter van de studierichting. De geïntegreerde proef moet mogelijkheden bieden tot een brede persoonlijkheidsontplooiing, een deelname aan het maatschappelijk gebeuren demonstreren en een bewijs leveren dat men voorbereid is op het functioneren in het beroep of in het hoger onderwijs. Concept Tijdens de opbouw en de afwerking van de geïntegreerde proef zal voortdurend aandacht besteed worden aan het begrip KWALITEITSZORG. Bij de beoordeling zijn zowel het product als het proces belangrijk Het is de betrachting dat de geïntegreerde proef leidt tot: de bevordering van samenwerking in teamverband; de bevordering van de motivatie van de leerlingen door te werken aan concrete realisaties; het leren raadplegen van diverse informatiekanalen; het combineren van zelfstandig werk en groepswerk; het leren mondeling en schriftelijk rapporteren; het in contact komen met mogelijke tewerkstellingssectoren. De leerlingen krijgen de kans om te bewijzen dat ze de verworven kennis van de basisvakken kunnen gebruiken bij de realisatie van de geïntegreerde proef; een jaarplanning kunnen maken en een haalbare tijdsplanning kunnen hanteren; een overzichtelijk dossier kunnen opstellen en dit op een vlotte manier kunnen toelichten; zelfstandig en in groep kunnen werken; nauwkeurig, stipt en ordelijk kunnen werken; voldoende doorzettingsvermogen hebben om een opdracht correct en creatief af te werken; De school kan volgens haar eigen creativiteit zinvolle interpretaties geven aan de geïntegreerde proef Bijv.: sportief/recreatief begeleiden van specifieke doelgroepen; begeleiden van bosklassen, zeeklassen, GWP, jeugdbeweging; organisatie van spelnamiddagen, sportdagen, opendeurdagen uitvoerende taken in sportdiensten, fitnesscentra, zwembaden. Organisatie van de geïntegreerde proef Men tracht zoveel mogelijk vakken te betrekken bij de geïntegreerde proef maar de klemtoon ligt op het specialiteitoverstijgend karakter. Planning van de activiteiten: 5 fasen Formuleren van de opdracht, concrete afbakening (bij aanvang van het schooljaar); Verkenningsfase en planningsfase: verzamelen, selecteren van informatie, planning (1e trimester); Uitvoeringsfase: start van de praktische realisatie, afspraken in verband met bijsturingen en tussentijdse evaluatie (in de loop van 2e trimester); Eindfase: afwerken van de praktische realisatie en voorbereiden van het dossier en de presentatie. Ook hier is een permanente begeleiding aan te bevelen (3e trimester);

111 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 110 Voorstelling van het eindresultaat en evaluatie van de proef. Het logboek Het logboek is een soort draaiboek waarin stap na stap de evolutie van de geïntegreerde proef terug te vinden is. Hierin kunnen bedenkingen, notities, ondervonden moeilijkheden, contacten met derden, plaats en data van activiteiten, telefoonnummers, aantal gepresteerde uren, bijsturingen, tussentijdse evaluaties en eventueel een zelfevaluatie in opgenomen worden. Een goed bijgehouden logboek is een nuttig instrument voor externe juryleden om het proces te kunnen beoordelen. Het uitvoeringsdossier bevat: de samenstelling van de jury; de concrete formulering van de opdracht, eventueel de deelopdrachten bij groepswerk; de analyse van de opdracht, de wijze van evalueren; de planning en de tijdsbesteding; de verzamelde info, de genomen initiatieven (bijv. brieven, verslagen, gesprekken...), uitgewerkte scenario s; de tussentijdse evaluaties, de eindevaluatie; het afgewerkt product. De beoordeling De beoordeling slaat zowel op het product (50%) als het proces (50%) van de proef. Procesevaluatie Hierbij wordt rekening gehouden met de vindingrijkheid bij het oplossen van problemen, het snel kunnen handelen bij problemen; de manier waarop info verzameld, geselecteerd, verwerkt en toegepast werd; het inzichtelijk denken, het nemen van beslissingen; de houding bij het werken in groep; attitudes zoals stiptheid, ordelijk werken, zelfstandigheid, inzet. Het logboek kan een hulpmiddel zijn bij de beoordeling van het proces Het product de praktische realisatie van de opdracht; het dossier; de mondelinge presentatie en de taalvaardigheid. 4. De leerkracht lichamelijke opvoeding 4.1 Administratieve richtlijnen en documenten Agenda en lesvoorbereiding van de leerkracht Een behoorlijk ingevuld agenda bevat de nodige informatie zoals lesuur, klas, lesonderwerp en lesdoelstelling.

112 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 111 De lesvoorbereiding is een werkdocument en geen administratieve plichtpleging. Doelgericht handelen vereist dat men niet improviseert. Het is noodzakelijk om over de les nagedacht te hebben. Een geschreven document is zeker aangewezen. Vooral het noteren van de organisatie en het didactisch handelen is belangrijk. Jaarvorderingsplan - Deelschoolwerkplan LO Een goed plan is simpel en zinvol. Het is tijd- en energiebesparend. Het moet een gepaste vrijheid toelaten. Het jaarvorderingsplan is een werkdocument van de leerkracht met als doel het leerplan concreet te verwerken met de concrete klassengroep. Het is een basiselement in de planning per klas. Het moet dus uiteraard in overeenstemming zijn met het leerplan. Alle doelstellingen moeten gerealiseerd worden. Doelstellingen voor het ontwikkelen van motorische competenties, een gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren moeten op een evenwichtige manier aan bod komen. Ook attitude gebonden doelstellingen kunnen op een planmatige manier nagestreefd worden. Men kan bijvoorbeeld onderwerpen groeperen zodat een gedraging planmatig nagestreefd wordt Bijv.: Gedurende een bepaalde periode is de keuze van de discipline en de oefenstof gericht op het elkaar helpen en zich dienstvaardig opstellen. Jaarvorderingsplan: realistisch en haalbaar: rekening houden met de schoolkalender; gestructureerd per maand en per discipline; leerinhouden concreet vermelden; na te streven attitudes per afgebakend geheel aangeven; de vorderingen (behandelde leerstof) op hetzelfde formulier aanbrengen; planning van de productevaluatie (zie evaluatievormen); vermeld het leerplannummer. Iedere leerkracht heeft de vrijheid het jaarplan persoonlijk te concretiseren rekening houdend met voorgaande principes. Afspraken met de collega's zijn noodzakelijk. Het deelschoolwerkplan lichamelijke opvoeding is een neerslag van de totale visie die de leerkrachten LO hebben op hun vak en hoe ze die in hun school denken te verwezenlijken. Het is de vakgroep die het deelschoolwerkplan maakt aangepast aan de mogelijkheden van de school en rekening houdend met de pedagogisch-didactische wenken van het leerplan. Veiligheidscontrolelijsten Sportmateriaal moet regelmatig onderhouden en gecontroleerd worden. Het gebruik van veiligheidscontrolelijsten voor de vaststelling van de tekorten aan de materiële uitrusting zijn aan te bevelen. (zie bibliografie: Inspiratiehandboek VLOR) Evaluatieschrift Het evaluatieschrift is een essentieel document. Het moet volgende elementen bevatten: resultaten van de deelproeven per discipline; observaties i.v.m. de permanente evaluatie; aantekeningen i.v.m. attitudes; eventuele remediëring;

113 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 112 rapportcijfer en de commentaar op het rapport; aanwezigheidslijst van de leerlingen; aanwezigheidslijst van de oudercontacten. Wij verwijzen naar de rubriek Evaluatie 4.2 Taak van de leerkracht lichamelijke opvoeding Vakgroepwerking In de vakgroep overleggen de leerkrachten met elkaar, maken plannen en afspraken. Vakgroepwerking is onmisbaar voor een effectieve, efficiënte en motiverende werking. De constructie van het leerplan met keuzemogelijkheden en de schooleigen invulling vragen overleg en planning. Planning veronderstelt gerichtheid op resultaat. De vakgroep bespreekt de leerinhouden, hoeveel tijd er aan de verschillende disciplines besteed wordt gespreid over de twee leerjaren, aan jongens en meisjes, en in welke volgorde. Horizontale en verticale samenhang vraagt coördinatie. Individuele jaarplannen kunnen tot schoolgebonden jaarplannen uitgroeien. Evaluatie, remediëring en rapportering kunnen best volgens een gezamenlijk stramien gebeuren. Leerlingenbegeleiding, attitudevorming, vakoverschrijdende doelstellingen...zijn aandachtspunten die door de leerkracht L.O. kunnen nagestreefd worden en die het best in overleg met de collega s kunnen worden uitgewerkt. Het vastleggen van de afspraken in een deelschoolwerkplan L.O. is een efficiënte werkwijze. Als geen ander is de vakgroep het forum bij uitstek om het beschikbare urenpakket L.O. te verdelen rekening houdend met de specialiteit(en) en vereiste bekwaamheidsdiploma s van de individuele leden van de groep, de accommodatie, eventuele lesopdrachten in andere scholen, de verticale of horizontale samenzettingen, enz. Constructieve voorstellen zullen een dankbare hulp blijken voor de directie en de maker(s) van het lesrooster. Op die manier is ons werk in de vakgroep een middel om het onderwijs voor onze leerlingen beter te maken, onze school een betere uitstraling te geven en daar worden we uiteindelijk als leraar ook allemaal beter van. Een vakvergadering moet degelijk voorbereid worden en vertrekken van een agenda. De functie van de vakverantwoordelijke moet goed worden afgebakend zodat hij zowel door de groep als door de directie erkend en gemandateerd wordt. Nascholing Het beroep van leraar is de laatste jaren veel complexer en veeleisender geworden. Vakkennis is lang geen statisch gegeven meer, didactiek al evenmin. In de eindtermen worden nieuwe disciplines opgenomen. Bovendien wordt van de leraar verwacht dat hij of zij actief deelneemt aan het schoolgebeuren, jongeren opvangt en begeleidt, communiceert met ouders, inspeelt op wat leeft in de samenleving. Elke leerkracht heeft de verantwoordelijkheid om de nieuwe didactische ontwikkelingen te volgen en zich bij te scholen, ook buiten de lestijden.

114 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport Vakoverschrijdende eindtermen (VOET) 1 Wat? Vakoverschrijdende eindtermen (VOET) zijn minimumdoelstellingen, die -in tegenstelling tot de vakgebonden eindtermen - niet gekoppeld zijn aan een specifiek vak, maar door meerdere vakken of onderwijsprojecten worden nagestreefd. De VOET worden volgens een aantal vakoverschrijdende thema's geordend: leren leren, sociale vaardigheden, opvoeden tot burgerzin, gezondheidseducatie, milieueducatie en muzisch-creatieve vorming. De school heeft de maatschappelijke opdracht om de VOET volgens een eigen visie en stappenplan bij de leerlingen na te streven (inspanningsverplichting). 2 Waarom? Het nastreven van VOET vertrekt vanuit een bredere opvatting van leren op school en beoogt een accentverschuiving van een eerder vakgerichte ordening naar meer totaliteitsonderwijs. Door het aanbieden van realistische, levensnabije en concreet toepasbare aanknopingspunten, worden leerlingen sterker gemotiveerd en wordt een betere basis voor permanent leren gelegd. VOET vervullen een belangrijke rol bij het bereiken van een voldoende brede en harmonische vorming en behandelen waardevolle leerinhouden, die niet of onvoldoende in de vakken aan bod komen. Een belangrijk aspect is het realiseren van meer samenhang en evenwicht in het onderwijsaanbod. In dit opzicht stimuleren VOET scholen om als een organisatie samen te werken. De VOET verstevigen de band tussen onderwijs en samenleving, omdat ze tegemoetkomen aan belangrijk geachte maatschappelijke verwachtingen en een antwoord proberen te formuleren op actuele maatschappelijke vragen. 3 Hoe te realiseren? Het nastreven van VOET is een opdracht voor de hele school, maar individuele leraren kunnen op verschillende wijzen een bijdrage leveren om de VOET te realiseren. Enerzijds door binnen hun eigen vakken verbanden te leggen tussen de vakgebonden doelstellingen en de VOET, anderzijds door thematisch onderwijs (teamgericht benaderen van vakoverschrijdende thema's), door projectmatig werken (klas- of schoolprojecten, intra- en extra-muros), door bijdragen van externen (voordrachten, uitstappen). Het is een opdracht van de school om via een planmatige en gediversifieerde aanpak de VOET na te streven. Ondersteuning kan gevonden worden in pedagogische studiedagen en nascholingsinitiatieven, in de vakgroepwerking, via voorbeelden van goede school- en klaspraktijk en binnen het aanbod van organisaties en educatieve instellingen.

115 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport Begeleid zelfgestuurd leren 1. Wat? Met begeleid zelfgestuurd leren bedoelen we het geleidelijk opbouwen van een competentie naar het einde van het secundair onderwijs, waarbij leerlingen meer en meer het leerproces zelf in handen gaan nemen. Zij zullen meer en meer zelfstandig beslissingen leren nemen in verband met leerdoelen, leeractiviteiten en zelfbeoordeling. Dit houdt onder meer in dat: de opdrachten meer open worden; er meerdere antwoorden of oplossingen mogelijk zijn; de leerlingen zelf keuzes leren maken en die verantwoorden; de leerlingen zelf leren plannen; er feedback is op proces en product; er gereflecteerd wordt op leerproces en leerproduct. De leraar is ook coach, begeleider. De impact van de leerlingen op de inhoud, de volgorde, de tijd en de aanpak wordt groter. 2. Waarom? Begeleid zelfgestuurd leren sluit aan bij enkele pijlers van ons PPGO, o.m. leerlingen zelfstandig leren denken over hun handelen en hierbij verantwoorde keuzes leren maken; leerlingen voorbereiden op levenslang leren; het aanleren van onderzoeksmethodes en van technieken om de verworven kennis adequaat te kunnen toepassen. Vanaf het kleuteronderwijs worden werkvormen gebruikt die de zelfstandigheid van kinderen stimuleren, zoals het gedifferentieerd werken in groepen en het contractwerk. Ook in het voortgezet onderwijs wordt meer en meer de nadruk gelegd op de zelfsturing van het leerproces in welke vorm dan ook. Binnen de vakoverschrijdende eindtermen, meer bepaald Leren leren, vinden we aanknopingspunten als: keuzebekwaamheid; regulering van het leerproces; attitudes, leerhoudingen, opvattingen over leren. In onze (informatie)maatschappij wint het opzoeken en beheren van kennis voortdurend aan belang. 3. Hoe te realiseren? Het is belangrijk dat bij het werken aan de competentie de verschillende actoren hun rol opnemen: de leraar als coach, begeleider; de leerling gemotiveerd en aangesproken op zijn leer kracht; de school als stimulator van uitdagende en creatieve onderwijsleersituaties. De eerste stappen in begeleid zelfgestuurd leren zullen afhangen van de doelgroep en van het moment in de leerlijn Leren leren, maar eerder dan begeleid zelfgestuurd leren op schoolniveau op te starten is klein beginnen aan te raden. Vanaf het ogenblik dat de leraar zijn leerlingen op min of meer zelfstandige manier laat doelen voorop stellen; strategieën kiezen en ontwikkelen; oplossingen voorstellen en uitwerken; stappenplannen of tijdsplannen uitzetten; resultaten bespreken en beoordelen;; reflecteren over contexten, over proces en product, over houdingen en handelingen; verantwoorde conclusies trekken; keuzes maken en die verantwoorden is hij al met een of ander aspect van begeleid zelfgestuurd leren bezig.

116 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport ICT-integratie 1 Wat? Onder ICT-integratie verstaan we het gebruik van informatie- en communicatietechnologie ter ondersteuning van het realiseren van leerplandoelstellingen. 2 Waarom? Maatschappelijke ontwikkelingen wijzen op het belang van het verwerven van ICT-competenties. Jongeren moeten niet alleen in staat zijn om nieuwe media te gebruiken, zij moeten net zo goed kunnen inschatten wanneer deze efficiënt en effectief kunnen worden ingezet. Het gebruik van nieuwe media sluit zeer goed aan bij de leefwereld van de jongeren en speelt in op hun vertrouwdheid met de beeldcultuur. Er wordt meer en meer belang gehecht aan probleemoplossend denken, kritisch selecteren, het zelfstandig of in groep werken, het kunnen verwerven en verwerken van enorme hoeveelheden informatie. Deze ontwikkelingen zijn ook merkbaar in het onderwijs. In de meeste vakken of bij het nastreven van vakoverschrijdende eindtermen vervult ICT een ondersteunende rol. Door de integratie van ICT kunnen leerlingen: het leerproces zelf in eigen handen nemen; zelfstandig en actief leren omgaan met les- en informatiemateriaal; op eigen tempo werken en een eigen parcours kiezen (differentiatie en individualisatie). 3 Hoe ICT integreren ter ondersteuning van het realiseren van de leerplandoelstellingen? Zelfstandig oefenen in een leeromgeving Nadat leerlingen nieuwe leerinhouden verworven hebben, is het van belang dat ze voldoende mogelijkheden krijgen om te oefenen bijv. d.m.v. specifieke pakketten. De meerwaarde van deze vorm van ICT-integratie kan bestaan uit: variatie in oefenvormen, differentiatie op het vlak van tempo en niveau, geïndividualiseerde feedback, mogelijkheden tot zelfevaluatie. Zelfstandig leren in een leeromgeving Een mogelijke toepassing is nieuwe leerinhouden verwerven en verwerken, waarbij de leerkracht optreedt als coach van het leerproces (bijv. in een open leercentrum). Een elektronische leeromgeving (ELO) biedt hiertoe een krachtige ondersteuning. Creatief vormgeven Leerlingen worden uitgedaagd om creatief om te gaan met beelden, woorden en geluid. De leerlingen kunnen gebruik maken van de mogelijkheden die o.a. allerlei tekst-, beeld- en tekenprogramma s bieden. Opzoeken, verwerken en bewaren van informatie Voor het opzoeken van informatie kunnen leerlingen gebruik maken van o.a. cd-roms, een ELO en het internet. Verwerken van informatie houdt in dat de leerlingen kritisch uitmaken wat interessant is in het kader van hun opdracht en deze informatie gebruiken om hun opdracht uit te voeren. de relevante informatie ordenen, weergeven en bewaren in een aangepaste vorm. Voorstellen van informatie aan anderen Leerlingen kunnen informatie aan anderen meedelen of tonen met behulp van ICT-ondersteuning onder de vorm van tekst, beeld en/of geluid d.m.v. bijv. een presentatie, een website, een folder... Veilig, verantwoord en doelmatig communiceren Communiceren van informatie betekent dat leerlingen informatie kunnen opvragen of verstrekken aan derden. Dit kan o.a. via , internetfora, een ELO, chatten, blogging. Adequaat kiezen, reflecteren en bijsturen De leerlingen ontwikkelen competenties om bij elk probleem keuzes te maken uit een scala van programma s, applicaties of instrumenten, al dan niet elektronisch. Daarom is het belangrijk dat zij ontdekken dat er meerdere valabele middelen zijn om hun opdracht uit te voeren. Door te reflecteren op

117 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 116 de gebruikte middelen en de bekomen resultaten te vergelijken, maken de leerlingen kennis met de verschillende eigenschappen en voor- en nadelen van de aangewende middelen (programma s, applicaties ) en kunnen ze hun keuzes bijsturen.

118 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 117 MINIMALE MATERIËLE VEREISTEN 1 Specifieke richtlijnen Scholen zijn verplicht ervoor te zorgen dat ze gebruik kunnen maken van accommodaties die voldoen om de leerplandoelstellingen en de leerplaninhouden voor het vak lichamelijke opvoeding en sport te realiseren en deze ook effectief te gebruiken. De basisuitrusting voor lichamelijke opvoeding bestaat uit een overdekte vrije ruimte met een aangepaste bevloering en voorzien van de nodige didactische uitrusting. Het geheel wordt aangevuld met buitenterreinen alsook met een leslokaal (bij voorkeur vast) voor de theoretische vakken LO + de mogelijkheid tot het gebruik van ICT apparatuur. 1. Infrastructuur Sporthal - zwembad - buitenterreinen 2. Didactische uitrusting Vast materieel - sportramen en /of wandrek; - rekstokken; - balken; - damesbrug, herenbrug; - basketbaldoelen, handbaldoelen, voetbaldoelen (binnen en /of buiten); - minivoetbaldoelen, volleybalinstallatie. 1 Inzake veiligheid is de volgende wetgeving van toepassing: - Codex - ARAB - AREI - Vlarem. Deze wetgeving bevat de technische voorschriften die in acht moeten genomen worden m.b.t.: - de uitrusting en inrichting van de lokalen; - de aankoop en het gebruik van toestellen, materiaal en materieel. Zij schrijven voor dat: - duidelijke Nederlandstalige handleidingen en een technisch dossier aanwezig moeten zijn; - alle gebruikers de werkinstructies en onderhoudsvoorschriften dienen te kennen en correct kunnen toepassen; - de collectieve veiligheidsvoorschriften nooit mogen gemanipuleerd worden; - de persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig moeten zijn en gedragen worden, daar waar de wetgeving het vereist.

119 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 118 Los materieel - plinten, bokken, wedstrijdspringplanken, - verstelbare olympische balk, - minitrampoline(s), - valmatten (veilige landingsmatten), - lange matten, - kleine antislipmatten (1/4lln.), - Zweedse banken, - staanders voor hoogspringen, - hartslagmeters, - chrono, - meetlint, - degelijke muziekinstallatie (CD cassettedesk). Klein materiaal - verschillende soorten ballen /pluimen voor de verschillende balsporten /terugslagsporten (1b./2lln.); - foamballen; - medecinballen; - kogels, speren, discussen, horden; - rackets, paletten (terugslagsporten); - toversnoeren (elastische springlijn); - springtouwen, hoepels, ballen; - verkeerskegels; - partijvestjes; - zwemplankjes, pull-buoy, handpaddels, zwemvliezen; Om leerplandoelstellingen in optimale omstandigheden te kunnen realiseren is een uitbreiding van deze minimale vereisten, zowel qua ruimte als didactische uitrusting, wenselijk. Specifieke sportuitrusting vereist voor het geven van de sporten van de uitbreidingspakketten werd niet in deze minimale lijst opgenomen. Het spreekt voor zich dat de minimale vereisten voor het beoefenen van de sporten uit de uitbreidingspakketten voorhanden is wanneer deze keuzemogelijkheid aan de leerlingen wordt aangeboden. In het kader van de evolutie op het vlak van ICT zal ook de leerkracht LO in de toekomst hiervan meer en meer gebruik maken. De leerkrachten LO moeten dan ook de gelegenheid krijgen om desgewenst gebruik te kunnen maken van een computer en/of informaticalokaal.

120 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 119 EVALUATIE Het evaluatiesysteem is geëvolueerd van een zuiver selectiesysteem naar een evaluatieproces. Behalve beoordelen (meten) moet evaluatie ook informatie bieden voor begeleiding en oriëntering van de leerling. observeren -- interpreteren--registreren--beoordelen--rapporteren--remediëren De evaluatie moet relevant, betrouwbaar, transparant en efficiënt zijn. Relevant : de proef meet wat men beoogt te meten Betrouwbaar : objectieve beoordeling Transparant : duidelijkheid van wat en hoe geëvalueerd wordt Efficiënt : moet in relatief korte tijd de maximale informatie verschaffen De studierichting LO en Sport heeft een heel eigen karakter. De groepen zijn vaak zeer heterogeen qua specifieke vaardigheid per discipline. Een intensieve permanente begeleiding en remediëring is noodzakelijk. 1. Evaluatievormen a. Productevaluatie: examen Bedoeling is na te gaan of de leerling voldaan heeft aan de leerplandoelstellingen. De productevaluatie is een eindproces en moet een representatief beeld geven over alle leerdomeinen. Het is de synthese van de evaluaties van elk afgewerkt leerstofpakket binnen een discipline en in een bepaalde periode. Men meet de fysieke en de psychomotorische eigenschappen. De permanente evaluaties van de gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren worden verrekend in het totaalcijfer. Een goede evaluatie is een geheel waarin de beoordelingen van de drie doelstellingsdomeinen aan bod komen. De leerlingen weten vooraf waarover de proef gaat en weten hoe de prestaties beoordeeld worden. Vervangtaken (bij niet-actieve deelname aan de les LO wegens doktersattest): Het cijfer wordt toegekend volgens vooraf bepaalde criteria. Ook hier is het best om samen met de collega's te overleggen. In het rapport en in het procesverbaal van de klassenraad wordt gemeld indien de evaluatie betrekking heeft op een vervangtaak. b. Procesevaluatie: dagelijks werk Een permanente beoordeling wijst erop dat leerlingen tijdens het leerproces geïnformeerd worden over hun vorderingen en de kans krijgen hun tekorten te verhelpen. Het vaststellen van de beginsituatie van elke leerling is een essentieel onderdeel in deze procesevaluatie. De manier waarop de leerlingen werken aan hun tekorten om hun resultaat te verbeteren, is belangrijk. Remediëring is een essentieel onderdeel van goed lesgeven en moet de kans bieden om te verhelpen aan de tekorten. Dit gebeurt door een degelijke binnenklas-differentiatie tijdens de les. Naast fysieke en motorische prestaties houdt men ook rekening met de kennis en de ingesteldheid van de leerlingen m.b.t. gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren. Vervangtaken: hiervoor gelden dezelfde principes afhankelijk van de aard van de taak.

121 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport Evaluatiemiddelen De middelen zijn afhankelijk van wat men wil meten, de aard van het vak en /of de discipline, de criteria die men voorop stelt. - korte mondelinge beurten; - korte en /of langere schriftelijke beurten; - praktische proeven; - observatieprotocols; - tests: fysieke tests kunnen zinvol zijn, maar moeten zorgvuldig gehanteerd worden; - scorekaarten; - vorderingsboekjes; - omloopvormen. Tijdverlies en overvloedig meten moet echter vermeden worden. 3. Evaluatiecriteria Ouders en leerlingen verwachten duidelijke informatie over het tot stand komen van het cijfer. Men legt vooraf de criteria vast waaraan een uitvoering of een gedrag moet voldoen. Leerlingen willen ingelicht worden over de manier waarop geëvalueerd wordt: wanneer is een prestatie goed? Daar de reële beginsituatie bij jongens en meisjes verschillend is alsook het leerproces zal men hiermede rekening moeten houden bij de evaluatie. Naargelang de discipline kunnen andere accenten gelegd worden. Fysieke competenties Scores of cijfers krijgen maar betekenis als ze vergeleken worden met een referentiepunt of norm. Hiervoor bestaan drie mogelijkheden: - de groep, - een vooraf bepaald criterium (tabel), - de leerling zelf (eigen beginsituatie). Coördinatie binnen de vakgroep is ook hier belangrijk. Motorische competenties Men selecteert een aantal aandachtspunten die noodzakelijk zijn om een opdracht adequaat te kunnen uitvoeren. Voor individuele motorische activiteiten kan de methode, gebruikt tijdens turnwedstrijden, in overweging genomen worden. Voor ploegsporten is het beheersen van een minimum aan motorische vaardigheden nodig om tot spel te kunnen komen. Verder wordt het adequaat handelen binnen de spelsituatie (voorzien in het leerplan) geobserveerd en geëvalueerd.

122 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 121 Cognitieve competenties Mondelinge beurten en korte schriftelijke toetsen: worden vooraf niet aangekondigd. Herhalingstoetsen worden best vooraf aangekondigd en vooraf ingeschreven in de agenda van de leerling. Schriftelijke examens houden een productevaluatie in. Het is vanzelfsprekend dat de basisdoelstellingen van het leerplan geëvalueerd worden. Een exemplaar van de gestelde vragen met aanduiding van de puntenverdeling wordt samen met de verbeterde examenkopijen in het archief bewaard. Dit exemplaar wordt tevens aangevuld met een nietabsolute modeloplossing (de leerling kan terecht een andere oplossingsmethode gebruiken) of met een opsomming van aandachtspunten die aanwezig moeten zijn voor oplossingen op open vragen en taken. De leerlingen hebben het recht om na de proeven de modeloplossing in te zien. Ook hebben zij het recht, op hun vraag, om hun gecorrigeerde examen in te zien. Voor de examens worden met de leerlingen duidelijke afspraken gemaakt over het verloop van het examen. Om achteraf discussie te vermijden zorgt men ervoor dat de leerlingen beschikken over: - een duidelijk beeld van wat van hen verwacht wordt; - de vragen en de opdrachten die reeds zijn voorgekomen gedurende het didactisch proces; - een schriftelijk overzicht van de voor het examen te kennen leerstof; - een geschreven mededeling waarin staat welke informatiebronnen en welk materiaal zij mogen /moeten meebrengen op het examen; - een blad met vragen om overschrijffouten te vermijden. Bij het beoordelen van 'attitudes' houdt men rekening met aandachtspunten voor een gezonde en veilige levensstijl, het zelfconcept en het sociaal functioneren. Gedragingen (attitudes) zijn niet exact meetbaar. Door permanente observatie probeert men een idee te krijgen over het gedrag. Relevant gedrag wordt geregistreerd. Men formuleert ook hier een beperkt aantal aandachtspunten. Men observeert of een bepaald gedrag dikwijls, soms of nooit voorkomt, bijvoorbeeld: - kledij in orde; - veilig helpen van medeleerlingen; - volharden en eigen grenzen verleggen; - zich houden aan veiligheidsvoorschriften, afspraken en regels; - aandacht voor eigen veiligheid en die van anderen; - spontaan helpen; - geeft geen negatieve commentaar op medeleerlingen. Het gebruik van een driepuntenschaal (+; +/-; -) als codering is een goed middel, een beoordeling (kwaliteitsniveau) op grond van de codes, bijvoorbeeld. - goed (+++), - ruim voldoende (++), - voldoende (+), - voldoende met leemten (+/-), - onvoldoende (-). Nadien kan men een cijfer verbinden aan het kwaliteitsniveau (bijvoorbeeld voldoende = 6).

123 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport Remediëren Om te remediëren moet men: - tekorten vaststellen en rapporteren via de agenda, - de oorzaken van de tekorten opsporen, - nakijken hoe deze tekorten kunnen weggewerkt worden. Remediëren betekent dat men zoekt naar een oplossing voor het probleem. Leeraanwijzingen geven bij fouten, differentiëren volgens niveau en eenvoudiger situaties aanbieden zijn noodzakelijk. Het bijhouden van een document (bijv. evaluatiefiche per leerling) om de jaarevolutie te kunnen volgen is een nuttig instrument. 5. Rapporteren Op geregelde tijdstippen zicht hebben over hoever men staat, is zowel voor de leerling als voor de leraar noodzakelijk. Met geheime beoordelingen kan men de leerling niet verbeteren. Leerlingen verwachten een doorzichtige en gemotiveerde beoordeling: de prestaties worden met de leerlingen besproken. Een combinatie van een cijfer met een omschrijving is een goede oplossing. Bij een uitgestelde proef moeten de inhoud en de modaliteiten gekend zijn door de leerling.

124 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 123 BIBLIOGRAFIE 1. BOEKEN Algemeen ANDERSON, B., De stretchingmethode, Utrecht, Luiting ARMSTRONG, N., Active Living from school to community, University of Exeter 1996, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding, 165, 1996, p. 3-5 BACKX, F.J.G., BOL, E., VAN MECHELEN, W. (red), Epidemiologie van sport en gezondheid, Polygon, Antwerpen, 1997, (ISBN ) BEHETS, D., GANTOIS, J., Leermiddelen en werkvormen in de lichamelijke opvoeding, Acco 2003, ISBN BLIECK, A., CSINCSAK, M., VAN OOST, P., DAMEN, V., Vakoverschrijdende thema's in het secundair onderwijs, Instrumentarium voor leerkrachten en schoolteams, Leuven(België)-Apeldoorn (Nederland), Garant, 1994 BOLSSENS, L., Elementaire trainingsleer, PVLO 2002, ISBN BORMS, J., PION, J., VAN ASSCHE, E., Eurofit Remediëring, BLOSO, Commissariaat generaal voor de bevordering van de lichaamsontwikkeling, de sport en de openluchtrecreatie, DE JONG, F., Sportschoenen als blessurepreventie, ISBN DE KNOP, P., Op weg naar een verantwoord jeugdsportbeleid, BLOSO Jeugdsportcampagne, Koning Boudewijnstichting, 1992 DE KNOP, P., VAN PUYMBROECK, L., DE MARTELAER, K., THEEBOOM, M., Organisatie van sportieve evenementen, ISBN DE KONING, J., SAVELSBERGH, G., Stilstaan bij bewegen,vu Amsterdam ISBN DUFOUR, W., 4000 Conditieoefeningen voor thuis, school en club, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, EDWARDS, S., Trainen met een hartslagmeter, Almere, support, 1995 GREGOIRE, L., Functionele anatomie van de mens, Spruyt, Van Mantegem en De Boes b.v., Leiden, 1996 GROELS, H.H., BORMAN, G.J.,m.m.v. JONK, J.H., Methode voor Iichamelijke Opvoeding, Groningen, Wolters-Noordhoff, 1971 KLOOSTERBOER, T., Elementaire trainingsleer en trainingsmethoden, Uitgeverij De Vrieseborgh, DA Haarlem, ISBN LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Van samenwerkend leren tot zelfstandig leren, Acco 1998 LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Betrokkenheid in de les lichamelijke opvoeding, Acco 1999 LEPER, R., SCHIEPERS, M., DEHAENE, E., Anders evalueren in de les lichamelijke opvoeding, 2000 Acco

125 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 124 SIEGFRIED, Het menselijk lichaam voor dummies, Addison Wesley, ISBN VAN DEN BOSSCHE, F., Wegwijzer voor gezond trainen, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 1989 VRIJENS, J., BOURGOIS, J., LENOIR, M., Basis voor Verantwoord Trainen, 5 e en volledig herwerkte uitgave, Monografie voor LO nr. 42, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 2001 VRIJENS, J., Talentdetectie en talentontwikkeling in de sport, 4de Internationaal Sportwetenschappelijk Symposium Proceedings, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 1997 Atletiek ZINTL, F., Basisprincipes, methodes en trainingsbegeleiding, Uitgeverij De Vrieseborch, DA Haarlen Edition Leichtatletik BAND - Ramentrainingsplan für das Grundlagentraining - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Sprint - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Lauf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Sprung - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Wurf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Mehrkampf - Ramentrainingsplan für das Aufbautraining: Grundprinzipien Uitgave Duitse Atletiekbond, Uitgever Meyer en Meyer, Aachen Gymnastiek en dans GERLING, I., Helfen und sichern, Meyer&Meyer Verlag 2001, ISBN GERLING, I., Gerätturnen basisbuch, Meyer&Meyer Verlag 2002, ISBN GERLING, I., Gerätturnen für fortgeschrittene, Meyer&Meyer Verlag 2002, ISBN GANTOIS, J., SCHROVEN, W., VANESSER, M., Van kopstand tot kasamatsu, Handboek voor toestelturnen, Leuven, Acco, 1984 LEESE, S., PACKER M.,Dance in schools, London, Heineman Educational Books, 1980 LEPER, R., VAN MAELE, I., Circus op school, Acco 2001, ISBN Zwemmen DE MARTELAER, K., POSTEMA, T., Levenslang zwemmen: School-Club-Vrije Tijd, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, ISBN LOUWAGIE, M., Zwemmen. Van initiatie tot trainen, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, ISBN MAGLISCHO, EW., Swimming ever faster, Mayfield Publishing, 1993 VERVAECKE, H., Reddings- en reanimatietechnieken bij verdrinking, Acco Alle meest recente cursussen van BLOSO over zwemmen en reddingszwemmen

126 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 125 Volleybal BUEKERS, M., WALDER, F., Volleybal: Theorie en praktijk, Leuven, Acco 1989 CUYPERS, J., Volleybal, BLOSO-VTS, 1997 LUYTEN, R., Modeltrainingen, Gentse Volleybalschool MURPHY, P., KERSTEN, T., Jeugdvolleybal ontwikkelingsmodel, NEVOBO PITTERA, C., RIVA VIOLETTA, D., Vollebal is Beweging. Een handleiding voor de tactische vorming van jeugdspelers, Vertaling: SPAENJERS, M., Antwerpen, CODA, 1994 (Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding) VLEMINCKX, J, Symposium Jeugdwerking Brabantse Voleybal, Brabantse volleybalbond, 1992 Basketbal MERTENS, B., De voorwaardelijke vereenvoudiging van de basketballeergang, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding - Theorie,Praktijk, 115, 1988, p. 15, MERTENS, B., Initiator/jeugdsportbegeleider basketbal, BLOSO, 1995 Handbal SMEETS, J., SCHOUTERDEN, J., Syllabus trainer A - trainer B, BLOSO WOJCIECH, J., Oefenstof handbal, De Vrieseboch Haarlem, 1990, ISBN Voetbal BRUYNINCKX, M., SoccerPal op muziek. Professional voor coaches, ISBN X, 2004 BRUYNINCKX, M., Leerstrategie voor synchrone ritmische coördinatietaken, in ontwikkeling COERVER, W., Voetbal. Leerplan voor de ideale voetballer, Amsterdam, Elsevier, 1983 COERVER, W., Scoren: opleiding voor attractief en productief voetbal, Amsterdam, Elsevier, 1986 DE KNOP, P., VRIJENS, J., Voetbal in school en club, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, GOETHALS, R., VANSTEENBRUGGE P., Leren Voetballen. Een spelgerichte en coöperatieve methode, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 1993 NOE, A., Basisvaardigheden voetbal voor vrouwelijke leerkrachten, uitgave SVS, KBVB, VERMEULEN, H., De zone van de waarheid. Zonevoetbal anders bekeken, Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding, 2000 Voetbaltraining. 180 praktische oefeningen, Leeuwarden, Eisma Deel 1: Dribbelen, passen, schieten, koppen, spelhervattingen,keepers, conditie. Deel 2: Combinatievormen, spelvormen, positiespelen en partijspelen. Deel 3: Passen, schieten, conditie, combinatievormen en spelvormen.

127 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 126 Tafeltennis NTTB, Toernooivormen en spelideeën voor de tafeltennisvereniging, Em. De Jong BV, Baarle Nassau Deutscher tischtennis bund, Tischtennis lehrplan 2000, Koordination, DTTB Molodzoff, P., Le tennis de table en tête, Edition France tennis de table 1995 Opleidingscursussen tafeltennis, Vlaamse trainersschool VTTL Badminton DELAERE, L., VAN DER AERSCHOT, H., Initiator/jeugdsportbegeleider Badminton, Brussel, BLOSO, VAN BOGAERT, G., VAN DE VIJVER, G., Badminton - meer dan een pluimpje slaan, Brussel, GSF, 1996 (Sint-Amandsberg/Gent, Publicatiefonds voor Lichamelijke Opvoeding). VAN DAMME, J., Cursus Trainer B Vlaamse Trainersschool, Brussel, BLOSO-VBL, Tennis VAN AKEN, I., Mini-Tennis, Brussel, BLOSO, VAN AKEN, I., MARTENS, S., GELENS, A., Tennis natuurlijk (Mini, Midi en Maxi), Gent, PVLO, Judo VANDERGHOTE, Bijzondere didactiek en methodiek van het judo, Leuven, Acco, Watersporten ANONIEM., Nouveau cours de navigation des Glènans, Ed. du Seuil, Paris, 1992 ANONIEM, Windsurf basis, VYF, 2003 BUCK, R., ELIAERTS, P., LAES, P., VAN DEN KEYBUS, P., ZWAENEPOEL, T., Zeilen handleiding A- brevet, Vlaamse Vereniging voor Watersport, Kon. Bibl. D/0147/ MACKERT, S., SURF - a visual exploration of surfing, DGV 2004, ISBN: VOOREN, R., Leidraad voor kajuitjachtzeilers, Het Goede Boek, 1994 Paardrijden BARTELS, T., Basisboek dressuur, Forte Uitgeverij 2003, ISBN Basisopleiding voor ruiter en paard, Forte Uitgeverij 2004, ISBN MIESEN, J., Rijden in evenwicht, evenwicht in rijden, (gratis downloaden in PDF-formaat, SWIFT, S., Centered Riding, Forte Uitgeverij 2003, ISBN

128 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport 127 Golf HOGAN, B., Ben Hogan five lessons: The modern fundamentals of golf, Simon Schuster New York HAY, A., en WORTHINGTON, J., Golf: Training Techniek Taktiek, Elmar JACOBS, J., ADWICK, K., CONNELLY, I., SAUNDERS, V., Golf: Een complete handleiding voor het verbeteren van uw golfspel, Helmond Helmond Triatlon-duatlon 3atlon4fun en 2atlon4fun, praktische gids voor startende duatleten en triatleten. Uitgave van Actief gezond vzw en Vlaamse Triatlon en Duatlon Liga vzw DELAHAYE, L., Triatlontraining, uitgave Beta Plus BOEKX, M., Start To Run, lopen wordt kinderspel, VAN DEN BOCSH, P., Triatlon, drukkerij Baudoin nv Kasterlee Wielrennen VAN BON, M., Wielertraining, De Vrieseborch Haarlem, 1998 KUIPERS, H., Wielrennen, Uitgeverij De Vrieseborch Haarlem VERMUNT, C., Moderne Training voor wielrenners PONNET, P., Theoretische basis voor de opleiding en begeleiding van jonge wielrenners in de leeftijdsperiode van 8 tot 18 jaar, KBWB, 1998

129 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport VAKTIJDSCHRIFTEN, BROCHURES, INTERNE NOTA' S Afwezigheden en in- en uitschrijvingen in het voltijds gewoon secundair onderwijs, Omzendbrief SO 65, Brochure Bij de hand in het buitenland, Ministerie Buitenlandse Zaken Brochure Veilig op tocht, Provincie Antwerpen CRUM, B., Conceptuele verschillen in Europese opleidingsprogramma s, Tijdschrift Lichamelijke Opvoeding KVLO Nederland, Jaargang 86 nr.3 februari 1998, p en nr.5 maart 1998 p DE KNOP, P., DAEMS, J., De burgerlijke aansprakelijkheid van de ondeskundige sporttrainer en van de sportclub die hem/haar aanstelt, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding Jaargang 1997 nr.6, p. 6-8 Handboek "Eurofit Testbatterij" voor leerkrachten Lichamelijke Opvoeding, BLOSO, 1993 Handboek voor helpers, Belgische Rode Kruis, Brussel Handleiding "Probleemgedrag op school", Comité Bijzondere Jeugdzorg Brugge, 1995 Gezondheid! Activiteiten voor het secundair onderwijs, te bestellen bij het Belgische Rode Kruis: G.V.O. 812: Leerlingenbrochure G.V.O. 820: Alcohol G.V.O. 840: Pakket voeding G.V.O. 860: Pakket tabak G.V.O. Pakket verslaving Het ABC van de lichaamshygiëne, Belgische Rode Kruis, Brussel, 1983 Houdingen tegenover roken, alcohol, geneesmiddelen en illegale drugs, Centrum voor Nascholing Gemeenschapsonderwijs, Jette. Informatiemap "Medisch Verantwoord Sporten", Brussel, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Administratie Gezondheidszorg, Inspiratiehandboek voor een " Veilige, gezonde, toegankelijke en aantrekkelijke school", Brussel, VLOR (Vlaamse onderwijsraad), Keiveilig sporten? Da's ook opwarmen en afkoelen. Doe het., Handboek voor jeugdtrainer, Rode Kruis - Vlaanderen, Dienst Gezondheidspromotie, Brussel, 1995 Keiveilig sporten, doe het. De 12 geboden om veilig te sporten, Lespakketten rond GVO "Gezondheid: Activiteiten voor S.O.", Brussel, Proges, MUSCH, E., MERTENS, B., GOETHALS, R., VAN DEN BOSSCHE, W., COEN, W., DOBBELAERE, D., Het sportspelconcept van de RUG, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding - Theorie, Praktijk, 110, 1988 p. 2-8 Rode Kruis - Vlaanderen, Dienst Gezondheidspromotie, Brussel, 1995 SPILTHOORN, D., Jazzdans als onderzoek van de Bewegingsopvoeding, uitbouw van de didactische werkvormen, Tijdschrift voor Lichamelijke Opvoeding nr 1 en 2, 1989, p en 20-23

130 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport BEELDMATERIAAL VIDEO CD-ROMS Body Talk stretching gids, Kalmthout, Uitgeverij Biblo De Nederlandse Voetbalschool; deel 1-8 EHBO video's van het Rode Kruis Instructiefilm Rugscholing, De Witte, Erembodegem, 1994 Backfun basic 1, Rug- en nekklachten klein krijgen met Ingrid Berghmans, PVLO 2002 Stoer aan het stuur, Project verkeerseducatie voor jonge autobestuurders, Leuven, KUL, Turnen, Govaerts, P., Eindwerk Videoband Regentaat LO-Bewegingsrecreatie, Hoger Instituut Wemmel, Voetbal, video BVLO BRUYNINCKX, M., SoccerPal op muziek. Professional voor coaches, ISBN X, 2004 Bodyworks, Multimediagids van het menselijk lichaam, Nederlandstalige versie, TLC Domus De Mens in 3D, Encyclopedie over het menselijk lichaam, cd-rom verkooppunten EHBO-diskette Eerstehulpflop, Rode Kruis, Brussel Het lichaam van de mens, Nova Zembla,Stichting Edupro (NL), tel , (Interactieve encyclopedie over het functioneren van het lichaam) Medische encyclopedie, Philips Interactive Media Benelux BV 1996 cat.nr Voedingsplanner, voedingsmiddelentabel, NUBEL, Brussel, 1999 Volle longen zonder rook, Belgische Vereniging voor Kankerbestrijding, wetenschappelijk departement, Leuvensesteenweg 479, 1030 Brussel MERTENS,B., MUSCH, E., VONDERLINCK, V., REMY, C., DE CLERCQ D., Het Doelspelcompetentie Model toegepast op basketbal (cd-rom), ESEP 2005; MERTENS,B., MUSCH, E., VONDERLINCK, V., REMY, C., DE CLERCQ D., Het Doelspelcompetentie Model toegepast op handbal (cd-rom), ESEP 2005; The Body in Golf, Int. Physiotherapy systems incorporating the Melbourne Golf Injury Clinic Golf Fitness System; Int. Physiotherapy systems incorporating the Melbourne Golf Injury Clinic Training for Golf; Int. Physiotherapy systems incorporating the Melbourne Golf Injury Clinic

131 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport NUTTIGE ADRESSEN INTERNET SITES Bond voor Lichamelijke Opvoeding, Waterkluiskaai 16, 9040 Gent/Sint-Amandsberg BLOSO, Koloniënstraat 31, 1000 Brussel Proges (Vereniging voor Promotie van Gezondheid op School), Schildknechtstraat 9, 1020 Brussel Rode Kruis - Vlaanderen, Dienst Gezondheidspromotie, Vleurgatsesteenweg 98, 1050 Brussel SVS (Stichting Vlaamse schoolsport), steenweg op Jette, 1080 Brussel Bodytalk-VUB nieuwsbrief, Biblo, Braschaatsesteenweg, 308, 2920 Kalmthout Federatie van de Voedingsindustrie, Kortenberglaan 172, 1000 Brussel Nutriënten België, Esplanadegebouw, lokaal 11.04, 1040 Brussel Pedagogische Begeleidingsdienst van het Gemeenschapsonderwijs, J. de Lalaingstraat 28, 1040 Brussel Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie, G.Schildknechtstraat 9, 1020 Brussel Vlaamse Vereniging voor Golf, Terhulpsesteenweg 110 3a, 1000 Brussel Koninklijke Belgische Golf Federatie, Terhulpsesteenweg 110, 1000 Brussel Interessante sportsites: (engelstalig)

132 TSO 3e graad Basisvorming + specifiek gedeelte Lichamelijke opvoeding en sport

Lichamelijke opvoeding: leerlijnen leerplandoelen en leerinhouden 1 ste 2 de 3 de graad

Lichamelijke opvoeding: leerlijnen leerplandoelen en leerinhouden 1 ste 2 de 3 de graad 1 2 3 4 5 6 ALGEMENE DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) 1 e graad 2 e graad 3 e graad kunnen onder begeleiding veiligheidsvoorschriften,

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS. eerste en tweede leerjaar. Lichamelijke opvoeding en sport. AV Sport AV Lichamelijke opvoeding. (vervangt 2002/343)

SECUNDAIR ONDERWIJS. eerste en tweede leerjaar. Lichamelijke opvoeding en sport. AV Sport AV Lichamelijke opvoeding. (vervangt 2002/343) SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: TSO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: Sport Optie(s) Lichamelijke opvoeding en sport Vak(ken): AV Sport AV Lichamelijke opvoeding 14/12-13

Nadere informatie

DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting)

DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) Reflecteren over bewegen Zelfstandig leren Verantwoord en veilig bewegen DOELENKADERS 1 ste 2 de 3 de graad: leerlijnen (resultaatsverplichting - *inspanningsverplichting) De leraar kiest uit het doelenkader

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport/ KV Hedendaagse dans Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 14/13-12 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar:

Nadere informatie

Jaarplan Jaarplan LO 5SV Patteet Gina

Jaarplan Jaarplan LO 5SV Patteet Gina Schooljaar 2011-2012 Leerkracht(en): Gina Patteet Vak: Jaarplan LO 5SV Patteet Gina Klassen: 5SV Schooljaar: 2011-2012 Algemene gegevens Leerjaar en studierichting: 5 SV Vak: Lichamelijke Opvoeding Leerplannummer:

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans 2012/595/1//D

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans 2012/595/1//D LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport / KV Hedendaagse dans Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 10/10 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar:

Nadere informatie

Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD)

Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD) Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel Lichamelijke opvoeding en de vakoverschrijdende eindtermen (VOET) en ontwikkelingsdoelen (VOOD) Werken aan de vakoverschrijdende

Nadere informatie

19/12/2010. Vakconcept LO. Soorten ET/OD. Vakgebonden ET/OD LO. Vakconcept LO. Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen. Regiovergaderingen LO

19/12/2010. Vakconcept LO. Soorten ET/OD. Vakgebonden ET/OD LO. Vakconcept LO. Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen. Regiovergaderingen LO Eindtermen/Ontwikkelingsdoelen In 1993 door overheid ingevoerd Algemene, kwalitatieve doelen die aangeven wat leerlingen van een bepaalde leeftijd en onderwijsvorm moeten bereiken (ET) of nastreven (OD)

Nadere informatie

OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING

OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING OVERZICHT PLANNING LICHAMELIJKE OPVOEDING 1ste leerjaar BALVAARDIGHEDEN - Een bal op verschillende manieren gebruiken. - Een bal soepel werpen, botsen en vangen tegenover zichzelf. - Een bal gericht werpen

Nadere informatie

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING Modulaire opleiding Humane Wetenschappen ASO2 AO AV 003 Versie 1.0 BVR Pagina 1 van 24 Inhoud Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 23 november 2006 1 Deel 1 Opleiding...

Nadere informatie

VISIE. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon.

VISIE. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon. Met opvoeden en onderwijzen beogen leerkrachten de harmonische ontplooiing van de totale persoon. OPVOEDEN en LEREN is gebaseerd op een draagvlak van STEUNEN, STUREN EN STIMULEREN: Om binnen de grenzen

Nadere informatie

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING Modulaire opleiding Economie - Moderne Talen AO AV 006 Versie 1.0 BVR Pagina 1 van 28 Inhoud Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 23 november 2006 1 Deel 1 Opleiding... 5

Nadere informatie

Ontwikkelingsdoelen. 1. Motorische competenties. Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing. Lichaams- en bewegingsorganisatie

Ontwikkelingsdoelen. 1. Motorische competenties. Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing. Lichaams- en bewegingsorganisatie Ontwikkelingsdoelen 1. Motorische competenties Fundamentele basiscompetenties Lichaams- en bewegingsbeheersing 1. De leerling beweegt zich doorheen diverse ruimtelijke hindernissen. 2. De leerling behoudt

Nadere informatie

EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum. A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010

EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum. A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010 EINDTERMEN en ONTWIKKELINGSDOELEN Zoektocht in het Maascentrum Derde graad LO A. Eindtermen voor het basisonderwijs vanaf 01/09/2010 Lichamelijke opvoeding Motorische competenties 1.1 De motorische basisbewegingen

Nadere informatie

Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen

Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen Eindtermen: Activiteiten + 6 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen 1. Kids Adventure: - Kids-moeras, blote voetenpad, estafettes, kano s, lage tarzans, speleobox Eindtermen wereldoriëntatie (WO) WO mens en

Nadere informatie

DON BOSCO GENK AANBOD EERSTE GRAAD. Meer dan je denkt!

DON BOSCO GENK AANBOD EERSTE GRAAD. Meer dan je denkt! DON BOSCO GENK Meer dan je denkt! AANBOD EERSTE GRAAD Dag nieuwe leerling, Dag ouder, In onze Don Boscoschool willen wij een kwaliteitsvolle vorming aanbieden. Vanuit ons opvoedingsproject leggen wij

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar. Sport. Wetenschappen-sport. 2/2 lt/w 4/4 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar. Sport. Wetenschappen-sport. 2/2 lt/w 4/4 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding AV Sport SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: ASO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: Sport Studierichting: Wetenschappen-sport Vak(ken): AV Lichamelijke opvoeding AV Sport 2/2 lt/w 4/4

Nadere informatie

Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen.

Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen. Overzicht van de leergebiedgebonden, leergebied-overschrijdende, vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen EHBO en de ontwikkelingsdoelen. Inhoud Ontwikkelingsdoelen kleuteronderwijs Impliciet Wereldoriëntatie

Nadere informatie

BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN. Inleiding. verwijst naar ontwikkelingsaspecten uit het OWP

BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN. Inleiding. verwijst naar ontwikkelingsaspecten uit het OWP BIJLAGE 2 RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING IN DE LEERPLANNEN Inleiding In alle leerplannen en in het Ontwikkelingsplan voor de Katholieke Basisschool zitten aspecten van relationele vorming verwerkt. Soms

Nadere informatie

!!2015&06&22!! Betreft:!!intake!!3,!4!en!5!sportwetenschappen! Geachte!ouders!

!!2015&06&22!! Betreft:!!intake!!3,!4!en!5!sportwetenschappen! Geachte!ouders! 2015&06&22 Betreft:intake3,4en5sportwetenschappen Geachteouders Uwdochter/zoonheeftgeopteerdomvolgendschooljaarderichtingSportwetenschappenaante vatten.zij/hijheeftdezestudierichtingvorigjaarnietgevolgd.

Nadere informatie

Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen

Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen Eindtermen: Activiteiten + 10 jaar The Outsider Vlaamse Ardennen 1. Teambuilders, Kajak & Kano, Laser battle Eindtermen wereldoriëntatie (WO) WO mens en maatschappij: ik en mezelf ik en de ander ik en

Nadere informatie

Latijn-wiskunde Latijn-moderne talen wetenschappen economie-wiskunde economie-moderne talen humane wetenschappen

Latijn-wiskunde Latijn-moderne talen wetenschappen economie-wiskunde economie-moderne talen humane wetenschappen Tweede graad aso In de tweede graad aso kies je voor een bepaalde richting. Ongeacht je keuze, blijft er een groot gemeenschappelijk basispakket van 26 lesuren algemene vakken. Het niveau van deze vakken,

Nadere informatie

Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten

Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten Aanbod natuur & avontuur en de eindtermen: informatie voor leerkrachten Beste leerkracht, De missie van de Hoge Rielen is om ruimte te scheppen voor het opdoen van nieuwe ervaringen, te ontdekken, te activeren

Nadere informatie

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar ASO. Sport. 2/2 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding. 4/4 lt/w. AV Sport.

SECUNDAIR ONDERWIJS ASO. derde graad. eerste en tweede leerjaar ASO. Sport. 2/2 lt/w. AV Lichamelijke opvoeding. 4/4 lt/w. AV Sport. SECUNDAIR ONDERWIJS Onderwijsvorm: ASO Graad: derde graad Jaar: eerste en tweede leerjaar Studiegebied: ASO Pool: Sport Vak(ken): AV Lichamelijke opvoeding 2/2 lt/w AV Sport 4/4 lt/w Vakkencode: EX-s Leerplannummer:

Nadere informatie

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN De onderwijsvorm ASO is een breed algemeen vormende doorstroomrichting waarin de leerlingen zich voorbereiden op een academische of professionele bacheloropleiding.

Nadere informatie

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET LEREN LEREN EN GOK Voet@2010 leren leren en thema s gelijke onderwijskansen Socio-emotionele ontwikkeling (1ste graad)

Nadere informatie

Actualisering leerplan eerste graad - Deel getallenleer: vraagstukken Bijlage p. 1. Bijlagen

Actualisering leerplan eerste graad - Deel getallenleer: vraagstukken Bijlage p. 1. Bijlagen Bijlage p. 1 Bijlagen Bijlage p. 2 Bijlage 1 Domeinoverschrijdende doelen - Leerplan BaO (p. 83-85) 5.2 Doelen en leerinhouden 5.2.1 Wiskundige problemen leren oplossen DO1 Een algemene strategie voor

Nadere informatie

Onderwijskundige doelen

Onderwijskundige doelen Onderwijskundige doelen Het materiaal van Dit Ben Ik in Brussel beoogt vooral het positief omgaan met diversiteit. Daarom is het ook logisch dat heel wat doelen van het Gelijke Onderwijskansenbeleid aan

Nadere informatie

Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo)

Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo) Bewegingsonderwijs en sport (PO - vmbo) Sectoren kerndoelen primair onderwijs kerndoelen onderbouw vmbo bovenbouw exameneenheden Sleutels 1. Bewegen verbeteren 57: De leerlingen leren op een verantwoorde

Nadere informatie

BIJLAGE 3 DE LEERPLANNEN EN RELATIONELE EN

BIJLAGE 3 DE LEERPLANNEN EN RELATIONELE EN BIJLAGE 3 DE LEERPLANNEN EN RELATIONELE EN SEKSUELE VORMING In deze bijlage maken we de vergelijking tussen de Ontwikkelingsdoelen uit het Ontwikkelingsplan van de katholieke kleuterschool en de doelen

Nadere informatie

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel DOCUMENT VVKSO Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica Dit document is een aanvulling op het algemeen servicedocument

Nadere informatie

Studierichtingen tweede graad

Studierichtingen tweede graad Studierichtingen tweede graad 2 WELKOM Beste ouders Beste leerling De eerste twee jaren van het secundair onderwijs heb je zo goed als achter de rug. Je hebt momenteel al een nieuwe studiekeuze in gedachte

Nadere informatie

Opvoedingsproject. Nieuwen Bosch Humaniora Gent

Opvoedingsproject. Nieuwen Bosch Humaniora Gent Opvoedingsproject Nieuwen Bosch Humaniora Gent Onze school wil aan jongeren kwalitatief hoogstaand onderwijs bieden in een hartelijk klimaat van samenwerken en samenleven stimuleren we de leerlingen vanuit

Nadere informatie

DOELSTELLINGEN LESPAKKET OVERAL DNA

DOELSTELLINGEN LESPAKKET OVERAL DNA DOELSTELLINGEN LESPAKKET OVERAL DNA HOE TE GEBRUIKEN Als leerkracht kun je kiezen hoe je dit lespakket gebruikt in de klas. Je kunt de verschillende delen los van elkaar gebruiken, afhankelijk van de beschikbare

Nadere informatie

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)?

Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept (stam + contexten)? Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET EN STUDIEGEBIED ASO STUDIERICHTING : ECONOMIE Hoe kan de school in het algemeen werk maken van het nieuwe concept

Nadere informatie

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel DOCUMENT VVKSO Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica Dit document is een aanvulling op het algemeen servicedocument

Nadere informatie

werpen van een softbal vangen van een softbal slaan van een softbal spelen van het eindspel het kunnen klaarzetten en variëren van leersituaties

werpen van een softbal vangen van een softbal slaan van een softbal spelen van het eindspel het kunnen klaarzetten en variëren van leersituaties Vak: Lichamelijk Opvoeding Leerweg: GL 2011-201 Module In methode, hoofdstuk Allround LO Basisvorming Turnen van Tjalling van de Berg Bewegingsonderwijs Bekadidact 1 Softbal: werpen van een softbal vangen

Nadere informatie

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport

AV Lichamelijke opvoeding AV Sport LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS Vakken: AV Lichamelijke opvoeding AV Sport Basisvorming Specifiek gedeelte 2/2 lt/w 3/3 lt/w Studierichting: Studiegebied: Onderwijsvorm: Graad: Leerjaar: Sport Sport ASO tweede

Nadere informatie

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs 1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs Het Vlaams parlement legde de basiscompetenties die nagestreefd en gerealiseerd moeten worden tijdens de opleiding vast. Basiscompetenties zijn een

Nadere informatie

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4 ECTS-FICHE MODULE Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen Situering binnen het programma Periode binnen het tweejarige modeltraject Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

GSO 1 e graad TOPSPORT AV LO BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week)

GSO 1 e graad TOPSPORT AV LO BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week) GSO 1 e graad TOPSPORT AV BV (2/2 lt./w) + AV Sport CG (4/6 lt/w) 1 (1ste jaar: 4 lestijden/week, 2de jaar: 6 lestijden/week) VISIE Sport in het algemeen heeft in onze samenleving een vaste stek gevonden.

Nadere informatie

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van het Gemeentelijke Instituut so te Brasschaat

Verslag over de opvolgingsdoorlichting van het Gemeentelijke Instituut so te Brasschaat Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming Onderwijsinspectie Hendrik Consciencegebouw Koning Albert II-laan 15 1210 BRUSSEL [email protected] www.onderwijsinspectie.be Verslag

Nadere informatie

Vernieuwingen leerplannen BSO studiegebied Personenzorg

Vernieuwingen leerplannen BSO studiegebied Personenzorg Vernieuwingen leerplannen BSO studiegebied Personenzorg Verzorging-voeding 2 de graad vanaf 2010 Verzorging 3 de graad vanaf 2012 Organisatiehulp 3 de graad vanaf 2012 Ingrid Molein 1 Uitgangspunten Vanuit

Nadere informatie

NIVEAU D : 8 punten. Lange Mat Voorgeschreven oefeningen versie augustus Niveau D 8 ptn : oefening 1

NIVEAU D : 8 punten. Lange Mat Voorgeschreven oefeningen versie augustus Niveau D 8 ptn : oefening 1 NIVEAU D : 8 punten Niveau D 8 ptn : oefening 1 1. Strekstand, armen afwaarts; armen voorwaarts heffen; 2. Benen buigen tot hurkstand, rechte rug, armen horizontaal voorwaarts; 3. Handen op de grond, onmiddellijk

Nadere informatie

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4

Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester 3 Semester 4 ALGEMENE INFORMATIE MODULE Didactische competentie algemeen (DCA) A. Algemeen Situering binnen het programma Periode binnen het tweejarige modeltraject Theorie X Praktijk Semester 1 X Semester 2 Semester

Nadere informatie

EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS

EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS EINDTERMEN (ET) LICHAMELIJKE OPVOEDING LAGER ONDERWIJS In de linkerkolom vind je de eindtermen (https://www.onderwijsdoelen.be/lichamelijkeopvoeding-lager-onderwijs-0 ) In de rechterkolom wordt een link

Nadere informatie

Realiseren van VOET in Geschiedenis: leren leren I II III Leren leren

Realiseren van VOET in Geschiedenis: leren leren I II III Leren leren Realiseren van VOET in Geschiedenis: leren leren I II III Leren leren Welke afspraken worden gemaakt om geschiedenis te studeren? Wordt dit opgevolgd per graad en van graad tot graad? Leren leren blijft

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek.

Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek. Mogelijke opdrachten voor een vakgroep techniek. In kolom 1 vind je 61 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep Techniek. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën. Duid in kolom 2 aan welke items

Nadere informatie

PTA Lichamelijke opvoeding BBL/KBL/TL alle locaties cohort

PTA Lichamelijke opvoeding BBL/KBL/TL alle locaties cohort Inleiding Het vak lichamelijke opvoeding is ook in het derde en vierde leerar een verplicht vak. In leerar 3 wordt een cijfer van 1 t/m 10 gegeven en moet minimaal een 6,0 worden gehaald. In leerar 4 wordt

Nadere informatie

Functiebeschrijving : Leermeester lichamelijke opvoeding

Functiebeschrijving : Leermeester lichamelijke opvoeding Functiebeschrijving : Leermeester lichamelijke opvoeding Doel van de functie : In lijn met het pedagogisch project van de school didactisch verantwoord bewegingsopvoeding geven, teneinde bij te dragen

Nadere informatie

Programma van toetsing en afsluiting

Programma van toetsing en afsluiting Programma van toetsing en afsluiting Opleiding: VWO Vak: (BSM) Bewegen, Sport en Maatschappij Module 1 [periode 4] Bewegen en regelen: De kandidaat kan een hockey en een voetbal spel zelfstandig kunnen

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

Profilering derde graad

Profilering derde graad De leerling heeft in de 1ste en de 2de graad, de gelegenheid gehad zijn/haar interesses te ontdekken en heeft misschien al enig idee ontwikkeld over toekomstige werk- of studieplannen. Vaardigheden, inzet,

Nadere informatie

PTA Lichamelijke opvoeding 2 (flexblok) Houtrust cohort

PTA Lichamelijke opvoeding 2 (flexblok) Houtrust cohort Exameneenheden PTA Lichamelijke opvoeding 2 (flexblok) Houtrust cohort 17-18-19 LO1/K/1 Oriëntatie op leren en werken LO2/K/2 Basisvaardigheden LO2/K/3 Leervaardigheden in het vak lichamelijke opvoeding

Nadere informatie

PTA Lichamelijke opvoeding 2 ( Flex blok ) - Houtust - cohort 13-14-15

PTA Lichamelijke opvoeding 2 ( Flex blok ) - Houtust - cohort 13-14-15 A. Schoolexamen derde leerjaar, 2013-2014 PTA Lichamelijke opvoeding 2 ( Flex blok ) - Houtust - cohort 13-14-15 1 SE 1 Toepassing van spelregels in de praktijk 301T LO2/K/2,3 Praktisch ja 1,0 Bij de volgende

Nadere informatie

Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3. Handenstand met hulp (2 sec.

Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3. Handenstand met hulp (2 sec. Vloer Oefening A Lange mat van 12 m (2 matten op elkaar) hulp trainer bij deel 2 Deel 1 Deel 2 HULP TRAINER! Deel 3 Moeilijkheidswaarde: 3 punten Rol voorwaarts, rechtkomen zonder handensteun; streksprong

Nadere informatie

Een exploratieve studie naar de relatie tussen geïntegreerd STEM-onderwijs en STEM-vaardigheden op secundair niveau

Een exploratieve studie naar de relatie tussen geïntegreerd STEM-onderwijs en STEM-vaardigheden op secundair niveau Een exploratieve studie naar de relatie tussen geïntegreerd STEM-onderwijs en STEM-vaardigheden op secundair niveau dr. H. Knipprath ing. J. De Meester STEM Science Engineering Technology Mathematics 2

Nadere informatie

Infofiche Helpertje. 1. Praktische gegevens. 2. Inhoud en doelstellingen

Infofiche Helpertje. 1. Praktische gegevens. 2. Inhoud en doelstellingen Infofiche Helpertje 1. Praktische gegevens Werkboek: Helpertje (CN0618) Handleiding: Eerstehulpcursussen Helpertje-Junior Helper (CN0617) Doelgroep: 10 tot 12 jaar Duur: 16 uur + praktijktest Lesgever:

Nadere informatie

ORGANISATIE RECREATIEVE GROEPEN. Groepen en leeftijden:

ORGANISATIE RECREATIEVE GROEPEN. Groepen en leeftijden: Betreft: ORGANISATIE RECREATIEVE GROEPEN Groepen en leeftijden: KLEUTERGYM: MEISJES A: KNAPEN: MEISJES B: JUFFERS: JONGELINGEN: TURNSTERS: TURNERS: DAMES: BODY-CONDITIEGYM: ONDERHOUDSGYM: BADMINTON: Jongens

Nadere informatie

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln. Verantwoord en veilig bewegen 1.3

Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln. Verantwoord en veilig bewegen 1.3 Onderzoek naar de onderwijskwaliteit in basisonderwijs: Lager - Gesprek lln Verantwoord en veilig bewegen 1.3 kennen de gevaren en risico's van bewegingssituaties en kunnen deze inschatten en signaleren.

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep technologische opvoeding.

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep technologische opvoeding. Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep technologische opvoeding. In kolom 1 vind je 61 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep TO. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën. Duid in kolom 2 aan

Nadere informatie

Infofiche Helpertje. 1. Praktische gegevens. 2. Inhoud en doelstellingen

Infofiche Helpertje. 1. Praktische gegevens. 2. Inhoud en doelstellingen Infofiche Helpertje 1. Praktische gegevens + Werkboek: Helpertje (CN0618) + Handleiding: Eerstehulpcursussen Helpertje en Junior Helper (CN0617) + Doelgroep: 10 tot 12 jaar + Duur: 16 uur + praktijktest

Nadere informatie

3 LEERPLANDOELEN. De katholieke basisschool stelt zich als algemeen streefdoel voor mediaopvoeding:

3 LEERPLANDOELEN. De katholieke basisschool stelt zich als algemeen streefdoel voor mediaopvoeding: 3 LEERPLANDOELEN Algemeen streefdoel De katholieke basisschool stelt zich als algemeen streefdoel voor mediaopvoeding: De leerlingen kunnen op een behendige, zelfredzame en kritische manier participeren

Nadere informatie

PEDIC. Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013. Week van de leraren lichamelijke opvoeding DAGEN VAN. www.pedic.be

PEDIC. Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013. Week van de leraren lichamelijke opvoeding DAGEN VAN. www.pedic.be Maandag 9 december tot en met vrijdag 13 december 2013 C.P.R. REDDEND ZWEMMEN Vlaamse Reddingscentrale PN231SO/1314 reeks 1 en 2 Dit is de jaarlijks verplichte nascholing voor leraren met een diploma van

Nadere informatie

Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK

Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK Technisch instapbrevet INITIATOR ATLETIEK INSTAPVOORWAARDE KANDIDAAT-CURSISTEN OPLEIDING INITIATOR Houder zijn van het Technisch Jeugdbrevet OF Wedstrijdresultaten kunnen voorleggen in minstens één werpnummer,

Nadere informatie

1. Algemene situering van de cursus NCZ leraar secundair onderwijs-groep 1 2. Doel van de cursus NCZ

1. Algemene situering van de cursus NCZ leraar secundair onderwijs-groep 1 2. Doel van de cursus NCZ 1. Algemene situering van de cursus NCZ leraar secundair onderwijs-groep 1 De cursus niet-confessionele zedenleer (NCZ) in de opleiding leraar secundair onderwijsgroep 1 (LSO-1) sluit aan bij de algemene

Nadere informatie

GIBO HEIDE. pedagogisch project

GIBO HEIDE. pedagogisch project GIBO HEIDE pedagogisch project gemeenteraadsbesluit van 26 mei 2015 Het pedagogisch project is de vertaling van de visie van directie en leerkrachten die betrekking heeft op alle aspecten van het onderwijs

Nadere informatie

WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN

WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN WAAROM ETEN WE WAT WE ETEN? EINDTERMEN EN LEERPLANNEN Vakgebonden eindtermen A Vrij gesubsidieerd onderwijs VVKSO Leerplan 3 e graad secundair onderwijs AV Nederlands ASO/TSO/KSO LICAP- Brussel D/2006/0279/008

Nadere informatie

-Onze school behoort tot het officieel gesubsidieerd onderwijsnet. Het schoolbestuur is de gemeente Olen.

-Onze school behoort tot het officieel gesubsidieerd onderwijsnet. Het schoolbestuur is de gemeente Olen. Pedagogisch project 1. situering onderwijsinstelling 2. levensbeschouwelijke uitgangspunten 3. visie op ontwikkeling en opvoeding 4. het schoolconcept 1. Situering onderwijsinstelling 1.1 Een gemeenteschool:

Nadere informatie

STEM. Visietekst van het GO! onderwijs van de. 28 november Vlaamse Gemeenschap

STEM. Visietekst van het GO! onderwijs van de. 28 november Vlaamse Gemeenschap STEM Visietekst van het GO! 28 november 2016 onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap 2 Samenvatting In de beleidsnota 2014-2019 stelt Vlaams minister van Onderwijs de ambitie om leerlingen warmer te maken

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep Nederlands

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep Nederlands Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep Nederlands In kolom 1 vind je 66 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep Nederlands. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën. Duid in kolom 2 aan met

Nadere informatie

Achtergrond. Missie Onze missie op basis van deze situatie luidt:

Achtergrond. Missie Onze missie op basis van deze situatie luidt: Achtergrond Basisschool De Regenboog staat in de wijk Zuid-west in Boekel en valt onder het bestuur van Zicht PO. Evenals de andere scholen onder dit bestuur gaan wij de komende periode vorm geven aan

Nadere informatie

Studieaanbod. tweede graad. Studiekeuze voor het schooljaar KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora

Studieaanbod. tweede graad. Studiekeuze voor het schooljaar KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora Studieaanbod tweede graad Studiekeuze voor het schooljaar 2014-2015 KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora adres Zuidstraat 27 8800 Roeselare telefoon 051 26 47 26 fax 051 26 47 27 webadres www.kleinseminarie.be

Nadere informatie

Studieaanbod. tweede graad. Studiekeuze voor het schooljaar KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora

Studieaanbod. tweede graad. Studiekeuze voor het schooljaar KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora Studieaanbod tweede graad Studiekeuze voor het schooljaar 2012-2013 KLEIN SEMINARIE Klassieke & moderne humaniora adres Zuidstraat 27 8800 Roeselare telefoon 051 26 47 26 fax 051 26 47 27 webadres www.kleinseminarie.be

Nadere informatie

STUDIEGEBIED CHEMIE (tso)

STUDIEGEBIED CHEMIE (tso) (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen Derde graad Techniek-wetenschappen Studierichting Techniek-wetenschappen de graad Een woordje uitleg over de studierichting... Logisch denken Laboratoriumwerk

Nadere informatie

Overzicht trainingsfasen:

Overzicht trainingsfasen: Overzicht trainingsfasen: Fase Trainingstrap Leeftijd Organisatiestructuur 1 Initiële training 6-10 jaar Talentdetectie door de club in samenwerking met scholen 2 Basistraining 11-12 jaar Detectie- en/of

Nadere informatie

Studieaanbod eerste jaar Heilig Graf

Studieaanbod eerste jaar Heilig Graf Studieaanbod eerste jaar Heilig Graf Je behaalde het getuigschrift van het basisonderwijs. Je behaalde een attest van het basisonderwijs. 1A 1A verdieping 1B Je wil je vooral focussen op de basisleerstof.

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep mode

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep mode Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep mode In kolom 1 vind je 68 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep mode. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën. Duid in kolom 2 aan welke items je reeds

Nadere informatie

DOELSTELLINGEN JEUGDBEGELEIDING

DOELSTELLINGEN JEUGDBEGELEIDING INLEIDING Training geven impliceert een grote verantwoordelijkheid zowel naar prestatieniveau als naar gezondheid van de atleet. De jeugdtrainer legt het fundament van de atleet en draagt in grote mate

Nadere informatie

Zelfstandig leren en samenwerken in toestelturnen

Zelfstandig leren en samenwerken in toestelturnen Zelfstandig leren en samenwerken in toestelturnen Willy Schroven en Jimi Gantois Dit artikel verscheen oorspronkelijk als: Schroven W & Gantois J, 1998, Zelfstandig leren en samenwerken in toestelturnen,

Nadere informatie

Deze keuze maak je voor de algemene vorming: een pakket van 28 lesuren.

Deze keuze maak je voor de algemene vorming: een pakket van 28 lesuren. Keuzes eerste leerjaar A 2018-2019 Keuze 1: Deze keuze maak je voor de algemene vorming: een pakket van 28 lesuren. Basis: Je haalt voldoende tot behoorlijke cijfers in de basisschool. Je kiest om de basisleerstof

Nadere informatie

Leraar en verantwoordelijkheden (LEV) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 Semester 2 Semester 3 Semester 4 X

Leraar en verantwoordelijkheden (LEV) A. Algemeen. Theorie X Praktijk Semester 1 Semester 2 Semester 3 Semester 4 X MODULE Leraar en verantwoordelijkheden (LEV) A. Algemeen Situering binnen het programma Periode binnen het tweejarige modeltraject Theorie X Praktijk Semester 1 Semester 2 Semester 3 Semester 4 X Aantal

Nadere informatie