JONGEREN EN MOBILITEIT

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "JONGEREN EN MOBILITEIT"

Transcriptie

1 JONGEREN EN MOBILITEIT Een onderzoek naar het jongerenperspectief op mobiliteit: typering van doelgroepsegmenten, waarden en motivaties en mobiliteitsgedrag. Aanknopingspunten voor beleid en interventies. Amsterdam 9 november 2015

2

3 JONGEREN EN MOBILITEIT In opdracht van: G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht), Stedelijk netwerk Brabantstad/B5 (Breda, Eindhoven, Helmond, s-hertogenbosch en Tilburg), Stadsregio Amsterdam, Provincie Gelderland, Provincie Limburg, Provincie Noord-Brabant, Provincie Overijssel, Provincie Utrecht, Provincie Zuid-Holland, Gemeente Amersfoort, Gemeente Enschede Amsterdam 9 november 2015 YGW001/Eks/

4

5 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 7 Aanleiding en doel van dit onderzoek 7 Een vijftal kernvragen 8 Aanpak onderzoek AAN DE SLAG 66 Wat kun je met het segmentatiemodel? 66 Toepassing in twee soorten cases 68 Praktische aanknopingspunten per segment ACHTERGRONDEN 16 Verkeers- en mobiliteitsgedrag 16 Verklarende factoren HET SEGMENTATIEMODEL 28 Totstandkoming van het model 28 Eerste algemene uitkomsten 31 Een korte typering van de segmenten UITGEBREID VOORSTELLEN 39 Statusgerichte levensgenieters (28%) 39 Onbevangen verkeersdeelnemers (14%) 43 Behoedzame soloreizigers (26%) 47 Pragmatische bewegers (21%) 51 Onafhankelijke idealisten (11%) 55 Inzoomen op etniciteit en stedelijkheid 58 Mobiliteitsgedrag per segment REFLECTIE OP DE VIJF KERNVRAGEN 74 Welk vervoermiddel heeft de voorkeur? 74 Wat verklaart verschil in gedrag? 75 Wat leren we over toekomstig gedrag? 76 Hoe zit het met jongeren en verkeersveiligheid? 78 Van welke mobiliteitsproblemen liggen jongeren wakker? 79 COLOFON 81 Jongeren en mobiliteit 5

6

7 1. INLEIDING Over dit onderzoek Aanleiding en doel van dit onderzoek Dé jongere bestaat niet. Ook niet als het gaat om mobiliteit. De verschillen binnen de leeftijdsrange van 12 tot en met 24 jaar zijn enorm. Dat heeft te maken met leeftijd an sich, maar ook met verschillen in mogelijkheden. Heb je bijvoorbeeld wel of geen rijbewijs? En beschik je over een scooter of auto? Dan zijn er ook verschillen in omgeving, bijvoorbeeld tussen de stad en het platteland. En niet te vergeten de invloed van ouders, die met de jaren afneemt. Of belangrijke life events, zoals gaan studeren, uit huis gaan en de eerste baan. Jongeren zijn -als verkeersdeelnemers- niet of nauwelijks in beeld. Elke jongere verkeersdeelnemer heeft eigen motivaties, eigen gedragsintenties, en communiceert op een eigen manier. Een betere aansluiting daarop geeft ons als professionals in mobiliteit meer grip op de keuzes voor vandaag en morgen. Bovendien zijn er juist nu heel veel vragen. Welke kansen biedt de deeleconomie voor mobiliteit? Hoe ontwikkelen de voorkeuren voor de auto zich? Is de afname van het autogebruik onder jongeren tussen 18 en 29 jaar een hype of juist een groeiende trend? Geldt die hype of trend voor het gros van de jongeren of zijn er grote verschillen onderling? En in hoeverre is culturele afkomst een factor om rekening mee te houden? We maken allerlei beleidskeuzes en nemen investeringsbeslissingen op het gebied van infrastructuur, vervoer, verkeersveiligheid en mobiliteitsdiensten, die tot ver in de toekomst hun uitwerking hebben. Daarbij zijn jongeren als verkeersdeelnemers niet of nauwelijks in beeld. Zowel onze planningscultuur als de politiek worden in elk geval niet gedomineerd door de jongere generaties. Hooguit door planners en bestuurders die vroeger ook jong zijn geweest. En hoe scherp wij trends ook zien - bijvoorbeeld de afname van autogebruik en de verschuivende balans tussen leven, werken en reizen - we hebben de behoefte om de doelgroepen van de toekomst beter te leren kennen. Dit onderzoek - een initiatief van Goudappel Coffeng en YoungWorks in opdracht van diverse betrokken opdrachtgevers - geeft daar invulling aan. Betere aansluiting op jongeren als doelgroep biedt professionals meer grip op de keuzes voor vandaag en morgen! Jongeren en mobiliteit 7

8 Een vijftal kernvragen Op mobiliteitsgebied doen zich allerlei praktische en beleidsmatige vragen voor. De bij dit onderzoek betrokken overheden en experts stelden een veelheid aan relevante vragen. Dat totale palet kunnen we samenvatten met een vijftal kernvragen: 1. Vervoermiddelkeuze: welk vervoermiddel heeft de voorkeur? 2. Mobiliteitsgedrag: wat verklaart verschil in gedrag? 3. De toekomst van mobiliteit: wat leren we over toekomstig gedrag? 4. Jongerenthema s: van welke mobiliteitsproblemen liggen jongeren wakker? 5. Verkeersveiligheid: hoe zit het met jongeren en verkeersveiligheid? 1. Welk vervoermiddel heeft de voorkeur? Welke factoren beïnvloeden de vervoermiddelkeuze bij jongeren? Zijn dat - bijvoorbeeld - status, plezier, rijbewijsbezit, geld, duurzaamheid, tijd, relatie, werk, gezondheid of woonomgeving? Is de vervoermiddelkeuze van jongeren sterk afhankelijk van motief en afstand? En hoe flexibel en beïnvloedbaar zijn jongeren in het maken van die keuzes? En wat is de invloed van gebruik van ICT en sociale media op activiteitenpatronen van jongeren en op hoe jongeren reizen? Gaan zij bijvoorbeeld minder, meer of anders reizen? 2. Wat verklaart verschil in gedrag? Hoe hangen subgroepen en -culturen samen met ruimtelijke, infrastructurele en sociaaleconomische kenmerken? Bestaan er grote verschillen tussen allochtone en autochtone jongeren? En als die verschillen er zijn, wat betekenen die dan voor de grote steden? Welke invloed hebben aspecten als status, economische crisis, duurzaamheid en gezondheid op het mobiliteitsgedrag van jongeren? Wie beïnvloeden jongeren bij hun mobiliteitskeuze en op welke manier? Wat is de rol van ouders en vrienden? Wat is de invloed van de overheid op het mobiliteitsgedrag van jongeren? 3. Wat leren we over toekomstig gedrag? Wat is de mobiliteitsbehoefte over bijvoorbeeld tien jaar in onze stad? Neemt mobiliteit van jongeren binnen Nederland werkelijk af? Staat hier al dan niet een groei van internationale mobiliteit tegenover? Wat is de invloed van veranderende omstandigheden en life events op het mobiliteitsgedrag van jongeren? Hoe zien zij zelf de toekomst van hun mobiliteitsgedrag? Welke invloed verwachten zij bijvoorbeeld van de opkomst van de deeleconomie en klimaatverandering? 8 Jongeren en mobiliteit

9 4. Van welke mobiliteitsproblemen liggen jongeren wakker? Zijn de huidige verkeersproblemen - zoals drukte en vertraging op de weg en in het OV - wel werkelijk een probleem voor jongeren? En is dat van invloed op de keuzes die zij maken? ervaart dat er slachtoffers vallen in het verkeer. In alle gevallen hebben we echter behoefte aan meer kennis van jongeren als doelgroep en de context waarbinnen jongeren zich bewegen. 5. Hoe zit het met jongeren en verkeersveiligheid? Hoe beleven jongeren de verkeersveiligheid? En hoe beoordelen zij hun eigen gedrag en dat van anderen? Welke invloed heeft gebruik van sociale media en ICT op de verkeersveiligheid? We willen weten hoe we jongeren nog beter kunnen bereiken met mobiliteitscampagnes. Strategisch Operationeel Gedragsbeïnvloeding Beleidskeuzes Beslissingen Kortere en langere termijn vragen Een deel van de vragen heeft betrekking op langere termijnkeuzes, als ruimtelijke ontwikkeling en mobiliteitsbeleid. Dat past in een context van steden die infrastructureel af zijn en aandacht vragen voor slim beheer en gebruik van de ruimte en de voorzieningen. Anderzijds gaat het om korte termijnkeuzes, die vragen opwerpen over gedragsbeïnvloeding, campagnevorming en verkeersveiligheid. Dat past in een context van Maak van de nul een punt! ; de groeiende beweging in Nederland die niet als vanzelfsprekend Korte termijn Lange termijn Figuur 1.1: Typen keuzes voor beleid rond mobiliteit van jongeren. Jongeren en mobiliteit 9

10 Aanpak onderzoek Om de vragen te beantwoorden en onze achtergrondkennis van jongeren als doelgroep te ontwikkelen, richt dit onderzoek zich op het verzamelen van inzichten op vijf niveaus: 1. Trends in mobiliteitsgedrag van jongeren 2. Inzicht in achterliggende motivaties en waarden van jongeren 3. Segmentering van jongeren in doelgroepen 4. Mobiliteitsgedrag van doelgroepsegmenten onder jongeren 5. Aanbevelingen voor beleid voor korte en lange termijn Stap 1: Trendanalyse We vormden ons allereerst in de trendanalyse een aangescherpt beeld van de trends die jongeren bezighouden. Hoe ziet de belevingswereld van jongeren eruit en wat zijn de ontwikkelingen daarin? Wat is de invloed van trends als participatie (het zelf opzetten van evenementen, zelf deelnemen in co-creatie), sharification (het delen van diensten en producten) en het altijd-online-zijn? Welke ontwikkelingen zien we rond jongeren en deelautomobiliteit (wel een rijbewijs maar geen auto), toename van (E-)fietsgebruik en digitale mobiliteit (sociale netwerken als vervanging voor fysieke ontmoetingen)? Stap 1: Trendanalyse Stap 4: Koppeling met MPN Stap 3: Segmentering Stap 2: Focusgroepen Stap 5: Aanbevelingen voor beleid Figuur 1.2: Stappen doorlopen in onderzoek. 10 Jongeren en mobiliteit

11 De trendanalyse bestaat uit een verkenning van relevante wetenschappelijke publicaties, recente artikelen en gesprekken met toonaangevende experts in Nederland, zowel gericht op jongerencultuur als op mobiliteit. Stap 2: Focusgroepen (kwalitatief onderzoek) De trendanalyse geeft grip op die ontwikkelingen die de belevingswereld van jongeren bepalen en inzicht in trends en trendbreuken voor mobiliteit. Dit was een belangrijke basis voor onze verkennende gesprekken met jongeren. In deze kwalitatieve fase achterhaalden we in veertien verkennende gesprekken met jongeren welke motivaties zij hebben ten opzichte van mobiliteit. De twee hoofddoelen waren: 1. Inzicht krijgen in mobiliteitsgedrag, zoals welke vervoermiddelen gebruiken jongeren en waarom? Vanuit welke motivaties maken zij keuzes? 2. Input voor kwantitatief onderzoek. Stap 3: Segmentering (kwantitatief onderzoek) De focusgroepen hebben ons geleerd welke aspecten en eigenschappen (dimensies) een rol spelen. Kwantitatief onderzoek resulteerde daaropvolgend in een segmentatiemodel dat jongeren indeelt naar hun houding ten aanzien van mobiliteit. Het model is geconstrueerd aan de hand van waardenstellingen, waarmee de houding van jongeren ten aanzien van mobiliteit is bepaald. In totaal zijn jongeren bevraagd in de leeftijd van 15 tot en met 24 jaar. De leeftijdsgroep van 12 tot en met 14 jaar is niet langer meegenomen in dit deel van het onderzoek. Uit kwalitatief onderzoek bleek dat jongeren uit deze leeftijdsgroep nog te weinig eigen waardenpatronen hebben ontwikkeld als het gaat om verkeer en vervoer. Bij de steekproeftrekking is rekening gehouden met de Gouden Standaard. Dit houdt in dat de spreiding statistisch correct is over geslacht, opleidingsniveau, leeftijd, etniciteit, woonsituatie, stedelijkheid en provincies. Uitkomsten uit deze kwalitatieve fase geven concrete input om de waardenoriëntaties scherp te kunnen formuleren, zodat we de best denkbare segmentatie kunnen opbouwen. Jongeren en mobiliteit 11

12 Op basis van de enquêteresultaten is een segmentatiemodel opgesteld, waarbij de belangrijkste verschillen tussen jongeren (segmentering) en overeenkomsten (clustering binnen één segment) geanalyseerd zijn. Aan de hand van de achterliggende kenmerken van respondenten, kunnen we een goede inkleuring geven van de jongerensegmenten. Dat heeft geresulteerd in een levendige en persoonlijke beschrijving van elk van de segmenten. Stap 5: Aanbevelingen voor beleid voor korte en lange termijn Het resultaat van het onderzoek is een segmentering in vijf subgroepen. Voor elk van deze groepen kunnen we uitspraken doen over de wijze waarop zij kunnen worden betrokken en benaderd. Daarnaast hebben we een stappenplan ontwikkeld voor het betrekken c.q. benaderen van de verschillende groepen en types. Stap 4: Koppeling met MobiliteitsPanel Nederland (gedrag) De enquêteresultaten zijn gekoppeld aan het MobiliteitsPanel Nederland (MPN), opgezet door Goudappel Coffeng, de Universiteit Twente en het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid van het Ministerie van Infrastructuur & Milieu. De jongeren uit het MPN zijn door middel van een segmenterings-vragenlijst gekoppeld aan de verschillende segmenten. Zo ontstaat een schat aan extra informatie over het concrete mobiliteitsgedrag van elk van de verschillende segmenten. De jongeren in het MPN hebben dagboekjes bijgehouden waarin ze hun reisgedrag beschrijven. 12 Jongeren en mobiliteit

13 Leeswijzer Dit rapport is geschreven voor professionals in het veld van verkeer, vervoer en mobiliteit. In hoofdstuk 2 lees je achtergronden en trends als het gaat om jongeren en mobiliteit. In welk opzicht zijn de doelgroep en de wereld waarin zij zich verplaatsen in beweging? Hoofdstuk 3 neemt je vervolgens mee in de segmentatie van de groep. Hoe zijn we tot een segmentatiemodel gekomen en welke jongerensegmenten kunnen we onderscheiden? Vervolgens geven we een eerste indruk van de doelgroepsegmenten. In hoofdstuk 4 stellen we elk segment persoonlijk aan je voor. Wie zijn zij? Wat vinden zij? En hoe reizen zij? In hoofdstuk 5 beschrijven we vervolgens de manier waarop je deze nieuwe kennis van jongeren als doelgroep kunt toepassen: in verschillende typen vragen. Daarnaast schetsen we concrete aanknopingspunten en do s en don ts per segment. In hoofdstuk 6 ten slotte, reflecteren we op de vijf belangrijkste gestelde onderzoeksvragen. Meer achtergrondinformatie is beschikbaar bij de opstellers van dit rapport. Jongeren en mobiliteit 13

14

15 VERKENNING

16 2. ACHTERGRONDEN Trends in jongeren en mobiliteit Voordat we ingaan op het model, schetsen we in dit hoofdstuk een overzicht van belangrijke trends en ontwikkelingen rond jongeren en mobiliteit. Hiervoor maken we gebruik van inzichten uit studies die eerder zijn gedaan. In deze studies worden soms andere leeftijdsgrenzen gehanteerd dan die van jaar zoals we die in dit onderzoek hebben aangehouden. Mobiliteit onder jongeren neemt af met ruim 20% in 15 jaar. Meer jongeren in de stad, waar ze minder reizen. Life events hebben grote invloed op mobiliteit. Delen en duurzaamheid populair bij kleine groep. Verkeers- en mobiliteitsgedrag Risicogedrag in het verkeer Adolescenten, jongeren tussen de 10 en 24 jaar, gedragen zich in het verkeer riskanter dan andere leeftijdsgroepen. We zien vooral dat jonge adolescenten (pubers van 10 tot 17 jaar) zich meer aangetrokken voelen tot gevaarlijke uitdagingen. Ook zijn ze gevoeliger voor groepsdruk en hebben ze minder zelfcontrole en overzicht. Naarmate jongeren ouder worden, neemt de gevoeligheid voor thrills af en nemen zelfcontrole en overzicht steeds verder toe. Dit heeft alles te maken met de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling die jongeren doormaken. Het puberbrein is volop in ontwikkeling. Dit rijpingsproces loopt door tot een jaar of Mede door die hersenontwikkeling ontstaat vermeende onkwetsbaarheid ( mij overkomt toch niets ) en verhoogde impulsiviteit ( niet denken, maar doen ). Onderzoeken laten verder zien dat jongens het vaker dan meisjes niet zo belangrijk vinden zich aan de regels te houden. Ook voelen jongens zich relatief minder verantwoordelijk voor de veiligheid van anderen, en vinden ze het minder erg om onder invloed aan het verkeer deel te nemen 2. Daar komt bij dat jongeren, naarmate ze ouder worden, steeds grotere afstanden gaan afleggen. Daarbij krijgen ze nieuwe vervoermiddelen tot hun beschikking, waarmee ze nog ervaring moeten opdoen. Door veel aan het verkeer deel te nemen en letterlijk 1 Nelis & Van Sark, Puberbrein Binnenstebuiten, SWOV, Factsheet Riskant verkeersgedrag onder pubers, Jongeren en mobiliteit

17 kilometers te maken, ontwikkelen jongeren hun vaardigheden in voertuigbediening. Daar horen ook essentiële hogere ordevaardigheden bij, zoals risicoperceptie. Hersenonderzoek laat zien dat verbindingen - die nodig zijn voor vaardigheden - steeds sterker worden als je die regelmatig oefent. Het brein van jongeren is optimaal toegerust tot het leren van nieuwe kennis en vaardigheden en dus in hoge mate veranderbaar ofwel plastisch. Simpel gesteld worden jongeren steeds minder risicovolle verkeersdeelnemers naarmate ze meer aan het verkeer deelnemen. Cijfers over verkeersongelukken laten tegelijk wel zien dat dit enige tijd met een verhoogd risico gepaard gaat. Mobiliteitsgedrag van jongeren We zien dat de mobiliteit van jongeren in Nederland net als in het buitenland, afneemt. Zowel het aantal verplaatsingen als het aantal kilometers is flink afgenomen. Tussen 1995 en 2009 is het aantal verplaatsingen van jongeren in de leeftijd tussen de 18 en 24 jaar met 22% afgenomen en het aantal kilometers met 8%. Dat zijn flinke percentages. Het gaat hierbij trouwens vooral om mannen, bij vrouwen daalt ook het aantal verplaatsingen, maar is het aantal kilometers nog licht toegenomen als gevolg van toenemende arbeidsparticipatie. Auto als bestuurder -27% Auto als passagier -19% Trein 31% Bus/Tram/Metro -5% Bromfiets/Snorfiets -46% Fiets -16% Lopen -27% Overig -29% Totaal -21% Tabel 2.1: Verschil in aantal verplaatsingen bij jongvolwassenen (18-29 jaar) per dag naar vervoerswijze, Als we inzoomen op de keuze van het vervoermiddel, dan zien we dat deze afname zich voordoet bij alle vervoerwijzen, met uitzondering van de trein. Het gaat dus niet alleen om de auto, maar ook het fietsgebruik is afgenomen. Een verklaring voor de toename van het treingebruik is mogelijk te vinden in het feit dat jongeren meer reizen voor hun studie, doordat ze langer thuis wonen of op meerdere plekken studeren. Uit cijfers van het KiM blijkt dat studenten een kwart voor hun rekening nemen van alle openbaar vervoer kilometers, wat in belangrijke mate gevoed wordt door de OV-studentenkaart. 3 OVG/MON, bewerking KiM, Jongeren en mobiliteit 17

18 Tussen 1995 en 2009 is het rijbewijsbezit onder de Nederlandse bevolking toegenomen van 80 naar 84%: geen spectaculaire groei. De toename voltrok zich met name onder jongeren van 18 tot 24 jaar en onder ouderen boven de 50 jaar. Bij personen tussen 25 en 29 jaar is een lichte afname waar te nemen. Verklarende factoren We zien dus kortom dat de mobiliteit van jongeren in Nederland afneemt. Maar hoe komt dat? Welke ontwikkelingen maken dat jongeren minder reizen? En blijft dat zo? En wat is de invloed van technologische en maatschappelijke ontwikkelingen op hoe jongeren reizen? In vergelijking met het buitenland is de afname van automobiliteit in Nederland minder groot. Dit komt omdat het aandeel autokilometers onder jongvolwassenen hier altijd al lager lag; een gevolg van de OV-studentenkaart en het hoge fietsaandeel in Nederland. Ter vergelijking: een Nederlandse jongere in het landelijk gebied maakt nog minder autokilometers dan een Amerikaanse jongere in een stedelijk gebied 4. Bij verklarende factoren kunnen we onderscheid maken tussen situationele factoren (zoals woonomgeving, langer studeren, arbeidsmarktparticipatie) en verandering in attitude, zoals een minder positief beeld van de auto 5. Uiteraard is dit niet helemaal los van elkaar te zien. 4 Fontier Group & NJPIRG, Why Young People Are Driving Less and What It Means for Transportation Policy, KiM, Niet autoloos, maar auto later, Verplaatsingen Kilometers Man Vrouw Man Vrouw ,3 3,6 3,4 3, ,9 3,2 3,1 3, ,7 3 2,8 3, ,4 2,8 2,8 3, % -22% -19% -15% -19% -11% 4% 8% Tabel 2.2: Verandering in aantal verplaatsingen en kilometers jongeren Jongeren en mobiliteit

19 Jongeren die in het landelijk gebied wonen met weinig openbaar-vervoervoorzieningen ontwikkelen een andere attitude over het openbaar vervoer dan jongeren die vlakbij een IC-station wonen. Dan heeft dat indirect ook invloed op hun mobiliteitsgedrag. Minder jongeren, behalve in de stad De eerste verklaring waarom de mobiliteit van jongeren afneemt is heel simpel: er zijn minder jongeren. Nam in de afgelopen jaren het aandeel jongeren in de totale bevolking al af, de komende jaren is de verwachting dat het aantal jongeren in absolute zin zelfs gaat afnemen. In 2025 zijn er tieners minder dan nu. Dat is een afname van 5% 6. In sommige regio s gaat het zelfs om een afname van meer dan 15%. In een aantal steden, vooral in de Randstad, zien we het aantal jongeren nog wel groeien. Dit komt door jongeren die naar de steden trekken om daar te werken of te studeren. Ook zien we hogere geboortecijfers in de steden, vooral bij vrouwen met een niet-westerse achtergrond. Minder jongeren betekent ook dat jongeren een minder grote bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de mobiliteit. Toch is dit maar een deel van de verklaring. De cijfers uit de inleiding zijn de gemiddelde afname per persoon en laten dus zien dat er meer aan de hand is. Jongeren in de stad maken veel minder kilometers In Nederland is een landelijke trek naar de stad van de gehele bevolking waar te nemen. Het grootste deel hiervan zijn jongeren, meer dan de helft van de jongeren woont nu in steden (figuur 2.1) en de verwachting is dat deze trend zich doorzet. Dit heeft invloed op de mobiliteit. Een jongere die in het landelijk gebied woont, maakt gemiddeld 20% meer kilometers per dag dan een jongere in de stad en maar liefst twee keer zoveel autokilometers. In de stad zijn mensen eerder geneigd om zich te verplaatsen met de fiets, het regionale OV of de trein. 35% % 44% 6 CBS, Webmagazine, Aantal tieners daalt komende 10 jaar, maar stijgt in Randstad, 1 oktober OVG 1995 / OviN % 17% sterk stedelijk matig stedelijk ruraal 2010 Figuur 2.1: Veranderende woonomgeving jongvolwassenen 7. 56% Jongeren en mobiliteit 19

20 Maar ook binnen steden zijn verschuivingen zichtbaar. In de afgelopen twintig jaar is het aantal autokilometers van jongeren in steden met wel 40% afgenomen. In diezelfde periode is de automobiliteit in landelijk gebied nog met 10% gegroeid. Er speelt dus meer dan alleen trek naar de stad. Mannen Vrouwen Werkende Lerende Werkende Lerende Tabel 2.3: Verschil in aantal autokilometers bij jongvolwassenen (18-29 jaar) per jaar tussen een werkende en een lerende 3. Een werkende jongere gebruikt de auto drie keer vaker dan een student Het aantal studerende jongeren is in de afgelopen tien jaar met maar liefst 40% toegenomen, terwijl het aantal werkenden met 20% is afgenomen. Dit is van grote invloed op de mobiliteit. Een jongere die werkt, legt twee tot drie keer zoveel autokilometers af als een jongere die nog studeert. Pas als jongeren gaan werken, neemt de (auto)mobiliteit sterk toe. De verwachting is dat gezien de demografische ontwikkelingen het aantal jongeren dat studeert niet meer heel erg toeneemt. Het nieuwe leenstelsel kan zelfs leiden tot een afname. Later een vaste baan, een vaste relatie en kinderen Het aantal jongeren van 25 jaar met een vaste baan is afgenomen van 56% in 2004 naar 38% in Dit komt omdat jongeren langer studeren, maar heeft ook te maken met een hogere jeugdwerkloosheid als gevolg van de crisis en meer flexibele arbeidsrelaties 8. Van alle 15- tot 24-jarigen is 11,7% werkloos en bij migrantenjongeren is dit zelfs meer dan 23,7% 9. De participatie van jongvolwassen vrouwen op de arbeidsmarkt is in de afgelopen jaren gestabiliseerd op ongeveer 80%; deze groep was een van de belangrijkste oorzaken voor de groei van mobiliteit onder jongvolwassenen in de jaren negentig. Twintigers beginnen ook later aan samenwonen, het kopen van een huis en het krijgen van kinderen. In tegenstelling tot wat je misschien zou verwachten zijn het vooral de laagopgeleide jongeren en allochtone jongeren die zich minder zijn gaan settelen in de afgelopen jaren. Zij zijn het gedrag - dat hoogopgeleide jongeren al eerder lieten zien - gaan kopiëren. 8 Het dynamische leven van de twintigers, CBS en Nationale Jeugdraad, Cijfers CBS Statline, 4e kwartaal Jongeren en mobiliteit

21 jaar in jaar in jaar in jaar in 2009 Auto Trein Bus/Tram/Metro Fiets Lopen Figuur 2.2: Kilometers per persoon per dag naar vervoerwijze voor de leeftijdscohorten jaar in 1995 en vervolgens elke vijf jaar 10. Deze life events zijn vaak van grote invloed op de mobiliteit. We zien dat jongvolwassenen tussen hun 24e en 30e vaak een flinke sprong maken in hun (auto)mobiliteit als gevolg van genoemde gebeurtenissen. De afvlakking van mobiliteit onder jongeren kan dus een uitgesteld effect zijn, doordat bepaalde life events steeds later plaatsvinden. In ieder geval zijn deze life events een belangrijk moment om op in te spelen in beleid, aangezien dat ook de momenten zijn waarop mensen hun mobiliteitspatroon tegen het licht houden. 10 OVG/MON , bewerking Peter Jorritsma et al, Jongeren en mobiliteit 21

22 Allochtone jongeren fietsen minder en zijn positiever over de auto Allochtone jongeren gebruiken het openbaar vervoer vaker dan autochtone jongeren, in de grote steden maar liefst drie keer zo vaak. Fietsgebruik is veel hoger onder de autochtone jongeren (in de leeftijd 12 t/m 25 jaar 84% minimaal één keer per maand, bij allochtone jongeren schommelt dit percentage rond de 40%). Dat allochtone jongeren minder fietsen heeft diverse redenen. Zo blijkt uit onderzoek dat de fiets bij allochtone jongeren een slecht imago en lage status heeft 11. Op stellingen als fietsen past bij mij reageren autochtone jongeren bijvoorbeeld veel positiever dan Marokkaanse, Surinaamse en Turkse jongeren (75% tegenover gemiddeld 36%). Het is opvallend dat de tweede generatie allochtonen negatiever is over fietsen dan de eerste generatie allochtonen. En als ze dan wel fietsen, zijn ze eerder geneigd om als reden aan te geven dat het niet anders kan. Voor veel jonge vrouwen van Turkse en Marokkaanse afkomst is fietsen niet populair, omdat het als gevaarlijk wordt gezien of niet past bij hun cultuur. Toch lijkt het erop dat als je naar het gedrag kijkt de verschillen minder groot worden. Als we kijken naar de auto, dan zien we dat Turkse jongeren juist vaker in het bezit zijn van een auto in vergelijking tot de autochtone bevolking, terwijl jongeren van Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse afkomst minder vaak een auto hebben, al gaan deze laatste percentages over de bevolkingsgroepen in het algemeen, en niet specifiek over jongeren. Invloed van social media nog moeilijk te bepalen Jongeren zijn opgegroeid met internet. Nederland is hierin een van de koplopers in de wereld. Ruim 90% van de jongeren maakt intensief gebruik van sociale media. Het is niet ongewoon om 24 uur per dag online en bereikbaar te zijn. Sociale technologieën en netwerken, met name social media, zijn een integraal deel van het leven van jongeren. Ze zijn in eerste instantie van essentieel belang om in contact te blijven met vrienden (het grootste deel van de tijd die ze online zijn, wordt besteed aan sociale interactie), maar ook als nieuwsvoorziening en om jezelf te oriënteren op het marktaanbod. Een duidelijke ontwikkeling is dat jongeren social media integreren met dagelijkse handelingen: ze maken gebruik van talloze apps om het leven makkelijker of leuker te maken. 11 De kloof blijft, maar is minder groot; een onderzoek naar het verplaatsingsgedrag van etnische minderheden. Colloquium Vervoersplanologisch Speurwerk, E. Niepoth, Jongeren en mobiliteit

23 Het is trouwens niet zo dat er een enorm verschil is tussen jongeren en de leeftijdsgroepen daarboven in het internetgebruik. De groep van 25 tot 40 jaar maakt al bijna net zoveel gebruik van het internet en ook de groep tot 65 jaar is zeer actief op internet. Jongeren gebruiken het internet wel meer voor spelletjes en videochatten ook vaker. gebruiken ze juist minder. Doordat jongeren allerlei mogelijkheden hebben om virtueel contact te leggen, wordt soms wel gesteld dat (auto)mobiliteit voor hen minder noodzakelijk wordt. Je hoeft immers niet meer naar je vrienden te rijden om contact met ze te hebben. Aan de andere kant kunnen virtuele contacten ook fysiek contact stimuleren. Uit tijdsbestedingsonderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau blijkt dat jongeren die veel van internet en de computer gebruik maken minder gebruik maken van de auto (figuur 2.3), maar of dit komt doordat ze de auto laten staan, of omdat ze liever online zijn is de vraag. Mogelijk speelt hier ook weer het verschil tussen wel- en niet-werkende jongeren een rol. 12 Sociaal Cultureel Planbureau, ,5 Uren per week 2 1,5 1 0, jaar jaar jaar jaar > 60 jaar Weinig internet- en computergebruik Veel internet- en computergebruik Figuur 2.3: Automobiliteit in uren per week (y-as) naarmate van internet- en computergebruik 12 Jongeren en mobiliteit 23

24 Het nieuwe werken wint terrein Het nieuwe werken en studeren, tijd- en plaatsonafhankelijk, wint langzaam terrein. Zeker de lager opgeleide jongeren hebben vaak beroepen waarbij werken vanuit huis niet tot de mogelijkheden behoort. In het onderwijs nemen weblectures en MOOC s (Massive Open Online Courses) snel toe in gebruik. Desondanks blijft voor studenten het sociale en gezelligheidsaspect van belang. Leren behelst meer dan kennisoverdracht en vraagt samenwerking tussen studenten onderling en tussen studenten en docenten. Het onderlinge verkeer op school/universiteit weegt nog steeds op tegen het gemak van thuis online lessen volgen. Auto niet langer de heilige koe? Uit gedane onderzoeken in Nederland en België komt niet naar voren dat jongeren de auto een stuk minder aantrekkelijk zijn gaan vinden. De conclusies uit ons onderzoek sluiten hierbij aan. Met de smartphone heeft de auto er qua statussymbool wel een concurrent bij gekregen, maar de auto blijft nog steeds belangrijk. In figuur 2.4 is te zien dat de smartphone onder de jongste groep jongeren belangrijker is dan de auto, maar dat naarmate men ouder wordt de auto het overneemt van de smartphone. Veel jongeren halen nog steeds direct hun rijbewijs en daarmee is het rijbewijsbezit bij jongeren de afgelopen vijftien jaar constant gebleven. Jongeren geven aan dat ze graag een auto zouden willen, of het voor zich zien dat ze in de toekomst een auto hebben, maar de financiën staan dat niet 13 KiM, survey onder Nederlanders van 17 jaar en ouder, % blenagrijk/meest belangrijk 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% jaar jaar jaar jaar jaar jaar 66 jaar en ouder TV Mobiele telefoon/smartphone Computer/laptop Auto Figuur 2.4: Belang van producten in het dagelijks leven Jongeren en mobiliteit

25 toe (niet auto nu, maar auto later). Doordat ze langer thuis wonen hebben ze vaak wel een auto van bijvoorbeeld ouders tot hun beschikking. Uit onderzoek in België blijkt dat de redenen waarom jongeren nog steeds graag een auto willen hebben meer praktisch van aard zijn en misschien iets minder te maken hebben met status. Onderzoek van het KiM laat tegelijkertijd zien dat meer dan de helft van de jongeren vindt dat een auto iets zegt over iemands status in de samenleving 13. Duurzaamheid We zijn ons steeds bewuster over wat we kopen en consumeren. Kwaliteit van het leven voor de volgende generaties, natuur- en milieubewust leven, sociale rechtvaardigheid, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen worden steeds belangrijker. Groen heeft niet langer een geitenwollensokken-imago, maar is hip & happening onder jonge early adopters. Maar nog lang niet alle jongeren zijn bewust bezig met duurzaamheid. Uit eerder onderzoek van YoungWorks naar jongeren en duurzaamheid blijkt dat vooralsnog een kleine groep jongeren (circa 15% van de jongeren van 12 tot en met 18 jaar) op een bewuste en eigenzinnige manier groene idealen nastreeft 14. Uit het onderzoek van het KiM blijkt dat slechts 22% van de jongeren aangeeft minder auto te rijden vanwege het milieu, terwijl dit voor de oudere leeftijdsgroepen veel hoger ligt. Jongeren delen vaker hun spullen De snelgroeiende deeleconomie combineert traditionele manieren van uitwisselen met moderne technologie, en biedt daarmee steeds meer mogelijkheden om zelf het heft in handen te nemen. Online platformen faciliteren bijvoorbeeld doelgericht contact in de buurt, en maken het mogelijk om op een makkelijke en snelle manier je tent, auto, 3Dprinter, boormachine, skills, of maaltijd met anderen te delen. De kern van de deeleconomie is slimmer gebruik maken van wat er al is. Iedereen wint: mensen verbinden versterkt sociale cohesie en daarnaast wordt het milieu minder belast. Je portemonnee deelt ook mee in de pret, want je hoeft minder uit te geven om hetzelfde voor elkaar te krijgen en kunt geld verdienen aan wat je al bezit, maar niet altijd gebruikt. Volgens onderzoek eind 2013 deelt 90% van de Nederlanders wel eens spullen en diensten, vooral in het eigen sociale netwerk. 6% gebruikt hiervoor websites en apps, jongeren van jaar doen dat meer dan 35+ers (n=1035) 15. Op het gebied van autodelen blijkt dat jongeren iets meer open staan voor autodelen dan oudere generaties KiM, survey onder Nederlanders van 17 jaar en ouder, YoungMentality en duurzaamheid. Praktische handvatten voor het communiceren met jongeren in de NME-sector. 15 NCDO, Nederlanders en de deeleconomie KiM, survey onder Nederlanders van 17 jaar en ouder, Jongeren en mobiliteit 25

26

27 JONGERENSEGMENTEN

28 3. HET SEGMENTATIEMODEL Algemene eerste indrukken Hoe denken jongeren over verkeer en vervoer? Welke vervoermiddelen zijn populair bij hen? En hoe verplaatsen zij zich dagelijks? In dit hoofdstuk introduceren we het segmentatiemodel voor jongeren en mobiliteit. We laten zien hoe het model tot stand is gekomen en behandelen de eerste algemene uitkomsten. Totstandkoming van het model Om erachter te komen hoe jongeren denken over verkeer en vervoer, hebben we een aantal stappen doorlopen. Uit de trendanalyse en de focusgroepen met jongeren destilleerden we acht relevante factoren of dimensies die een rol spelen bij mobiliteit, die we hebben vertaald naar 47 waardenstellingen over mobiliteit. Het kader geeft de dimensies weer. Op de volgende pagina s zijn de 47 waardenstellingen te vinden. Naast de waardenstellingen hebben we vragen met betrekking tot achtergrond en mobiliteitsgedrag opgenomen, bedoeld om de segmenten zo goed mogelijk te kunnen beschrijven. Deze vragen gaan bijvoorbeeld in op sociaal-demografische variabelen, maar ook op de houding ten aanzien van bepaalde vervoermiddelen en hoe vaak ze bepaalde vervoermiddelen gebruiken. Ook hebben we jongeren gevraagd wat er volgens hen moet verbeteren op het gebied van verkeer en vervoer. Met behulp van een clusteranalyse kwam vervolgens naar voren dat de jongeren, op basis van hun scores op de dimensies, zijn onder te verdelen in vijf segmenten. Deze vijf groepen kijken allemaal op een andere manier naar mobiliteit. Voordat we deze vijf typen jongeren introduceren, delen we de eerste algemene uitkomsten. 1. Voorkeur fietsen 2. OV vermijden 3. Status/uiterlijk 4. Voorkeur auto 5. Aandacht veiligheid 6. Persoonlijke ruimte en controle 7. Milieubewustzijn 8. Voorkeur samen reizen 28 Jongeren en mobiliteit

29 # Stelling % eens 1 Ik wil van tevoren precies weten hoe lang ik onderweg ben 69% 2 Ik ga veel liever op de fiets, scooter, auto dan met het OV 55% 3 Ik wil niet afhankelijk zijn van het OV voor mijn dagelijkse vervoer 56% 4 Een eigen auto hebben staat voor vrijheid 74% 5 Ontspannen reizen is belangrijker dan ergens zo snel mogelijk zijn 42% 6 Als ik onderweg ben, wil ik me zo min mogelijk inspannen 39% 7 Bij routes waarvoor ik veel moet overstappen vermijd ik het OV 45% 8 Ik krijg van reizen met het OV vaak stress 28% 9 Als het even kan reis ik samen met vrienden 56% 10 Ook als het extra tijd kost reis ik liever samen met iemand anders 39% 11 Als ik (later) een scooter of auto koop, zorg ik ervoor dat ie er wel echt mooi uitziet 49% 12 Een auto is voor mij gewoon een ding om van A naar B te komen 56% 13 Het uiterlijk van een auto of scooter zegt veel over iemands smaak en gevoel voor stijl 43% 14 Bij aankoop van een auto of scooter vind ik het imago van het merk belangrijk 31% 15 Als ik onderweg ben vind ik veiligheid belangrijker dan snelheid 70% 16 Ik vind dat er meer aandacht moet zijn voor verkeersveiligheid 57% 17 Als ik onderweg ben erger ik me aan de roekeloosheid van andere weggebruikers 64% 18 Ik voel me wel eens kwetsbaar in het verkeer 53% 19 In het verkeer houd ik me altijd aan de regels 51% 20 Ik vind het meestal heerlijk om op de fiets te zitten 52% 21 In een auto kom je helemaal tot rust: je draait je eigen muziek en doet je eigen ding 55% 22 Onderweg zijn is leuk, omdat je dan verder niks hoeft 34% 23 Soms rijd ik zomaar een beetje rond, zonder dat ik echt ergens heen moet 17% 24 Ik fiets zo veel mogelijk zodat ik fit en gezond blijf 41% 25 Door te bewegen onderweg (bijvoorbeeld fietsen) werk ik aan mijn gewicht 49% 26 Ik stoor me vaak aan de drukte in het OV 62% Jongeren en mobiliteit 29

30 # Stelling % eens 27 Ik vind het vervelend als je in het OV te dicht op andere mensen staat of zit en je geen 75% eigen ruimte hebt 28 Van hoge snelheid krijg ik een kick: hoe harder, hoe beter 22% 29 Omdat het beter is voor het milieu kies ik als het even kan liever voor de fiets of OV, dan 29% voor een scooter en auto 30 Ik vind het niet erg om meer geld uit te geven aan vervoer als dat beter is voor het milieu 20% 31 Ik vind het belangrijk dat auto's in de toekomst minder vervuilend worden 73% 32 Waar ik woon is het OV goed geregeld 56% 33 Ik vermijd het OV zo veel mogelijk, want ik heb geen zin in al dat gedoe 25% 34 Ik vind het OV veel te duur 75% 35 Van ergens naartoe fietsen kan ik echt genieten 47% 36 Ik zie de fiets puur als een praktisch vervoermiddel, het maakt me helemaal niks uit hoe 59% hij er uitziet 37 Ik pak alleen de fiets als het mooi weer is 24% 38 Een elektrische fiets (of E-bike) is iets voor ouderen 53% 39 Als ik 30 jaar ben, heb ik zeker een eigen auto 75% 40 Ik pak het liefst de auto om ergens naartoe te gaan 39% 41 Ik vind het beter als mensen af en toe een auto lenen of huren, in plaats van dat iedereen 29% zijn eigen auto bezit 42 Ik vind het prima om geld te steken in een mooier vervoermiddel (bijv. een fiets, scooter 41% of auto) 43 Door technologische vooruitgang zijn er over 10 jaar minder problemen in het verkeer 35% 44 Ik verwacht dat er in Nederland over 10 jaar meer vervuiling is door verkeer en vervoer 40% 45 Over een paar jaar zal ik door meer online mogelijkheden (bijv. online shoppen of online 31% studeren) minder gaan reizen (naar bijv. winkels of onderwijsinstellingen) 46 Door internet zie ik mijn vrienden vaker in het echt 24% 47 Door internet weet ik beter waar en wanneer iets leuks te doen 79% Tabel 3.1: Waardenstellingen met het percentage van de jongeren dat het eens was met de stelling 30 Jongeren en mobiliteit

31 Eerste algemene uitkomsten Dé jongere bestaat niet als het gaat over verkeer en vervoer. We zien grote onderlinge verschillen. Het beeld dat jongeren hebben van verkeer en vervoer wordt voor een groot deel ook gevormd door persoonlijke ervaringen. Een jongen die dagelijks de reis van en naar school met de fiets aflegt, denkt anders over verkeer en vervoer dan een meisje dat ook regelmatig kiest voor tram of bus. Maar ook negatieve ervaringen, zoals een ongeluk met de fiets of een onveilige situatie in het OV, kunnen sterk van invloed zijn op beelden die jongeren hebben bij verkeer en vervoer. Naast persoonlijke ervaringen is de levensfase ook sterk van invloed. Met de leeftijd nemen de mogelijkheden toe. Een 20-jarige student in de stad heeft veel meer mobiliteitskeuzes dan een 15-jarige die nog thuis woont en meer afhankelijk is van zijn ouders. Jongeren zijn behoorlijk doelmatig of praktisch in de mobiliteitskeuzes die ze maken. Belangrijke factoren bij de keuze voor een vervoermiddel zijn reistijd, kosten en gemak. Bijna alle jongeren (90%) vinden het bijvoorbeeld zeer belangrijk om altijd op tijd te komen. Daarom gaat hun voorkeur uit naar een vervoermiddel dat snel, goedkoop en gemakkelijk is. Naast deze praktische factoren spelen uiteenlopende waarden een rol bij de mobiliteitskeuzes van jongeren. De voornaamste waarden zijn: aandacht voor veiligheid, status/ uiterlijk, persoonlijke ruimte en comfort, voorkeur voor samen reizen en milieubewustzijn. Het verschilt sterk per jongere welke waarden dominant zijn. De een vindt het uiterlijk en imago van een scooter of auto belangrijker dan de ander. Evengoed zijn er waarden die de meerderheid van de jongeren tussen de 15 en 24 jaar belangrijk vindt, zoals aandacht voor veiligheid en persoonlijke ruimte. Uit het onderzoek blijkt dat 70% van de jongeren veiligheid belangrijker vindt dan snelheid. Bijna 75% vindt het vervelend als andere mensen in het OV te dichtbij staan en in hun persoonlijke ruimte komen. Een grote meerderheid (64%) kan zich verder behoorlijk ergeren aan de roekeloosheid van andere weggebruikers. De fiets is het meest populaire en gebruikte vervoermiddel onder jongeren. Fietsen is praktisch en goedkoop. Daarnaast staat de fiets ook symbool voor vrijheid. Lichaamsbeweging en frisse lucht zorgen voor een goed gevoel. Bovendien is het een sociaal vervoermiddel: jongeren fietsen vaak samen. Jongeren en mobiliteit 31

32 Vanuit de behoefte aan vrijheid zijn jongeren verder ook heel positief over reizen met de auto. Zo wil 75% graag op zijn of haar 30e een eigen auto en is 82% zeer positief over zelf autorijden. De auto staat voor onafhankelijkheid en biedt de flexibiliteit om overal heen te gaan. De mate waarin het uiterlijk van het vervoermiddel belangrijk is, verschilt dan weer sterk. De helft koopt het liefst een auto of scooter met een mooi uiterlijk. De andere helft hecht minder waarde aan status en uiterlijk en ziet de auto of scooter vooral als een praktisch middel om van A naar B te komen. Een derde van de jongeren vindt het imago van het automerk belangrijk bij de aankoop. Een op de vier jongeren vermijdt het OV het liefst. Driekwart is daarentegen redelijk positief over reizen met de bus, metro en/of trein, al zien alle 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% jongeren ruimte voor verbetering. De grootste nadelen die jongeren noemen, zijn: de hoge kosten, te kleine persoonlijke ruimte, de afhankelijkheid van dienstregelingen en vertragingen. Drie op de vier jongeren vindt het OV in Nederland te duur en wil graag dat de overheid de tarieven verlaagt. Opvallend is dat jongeren die weinig met het OV reizen, wat kritischer zijn over het OV dan jongeren die hier wel veel gebruik van maken. Hier geldt het adagium: Onbekend maakt onbemind. Milieubewustzijn en duurzaamheid spelen slechts bij een kleine, wat oudere groep jongeren (22-24 jaar) een rol bij de mobiliteitskeuze. Slechts een op de vijf jongeren is bereid meer geld uit te geven aan vervoer dat beter is voor het milieu. Zij kiezen bijvoorbeeld liever voor de fiets dan voor de scooter. Hoewel het thema duurzaamheid dus weinig lijkt te Figuur 3.1: Voorkeur vervoermiddelen 32 Jongeren en mobiliteit

33 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Figuur 3.2: Belang van bepaalde kenmerken van vervoermiddelen leven bij huidige mobiliteitskeuzes, vindt een grote groep (73%) het wel belangrijk dat auto s in de toekomst veel minder vervuilend worden. Minder dan een derde (31%) van alle jongeren verwacht dat er - als gevolg van digitalisering in de vorm van online shoppen en online studeren - minder gereisd wordt. Ook denkt 25% van de jongeren dat mobiliteit toeneemt als gevolg van intensiever contact met hun vrienden op social media. Elektrische vervoermiddelen zoals de e-bike of elektrische auto worden nog weinig gebruikt onder jongeren, maar hebben wel degelijk potentieel. Ongeveer een op de twee jongeren vindt de elektrische fiets zowel iets voor jongeren als voor ouderen en staat er voor open. We vroegen jongeren tot slot aan welke thema s de overheid meer aandacht moet besteden. Hier volgen hun antwoorden: 1. Goedkoper OV 39% 2. Beter OV: vaker op tijd en meer ruimte 16% onderweg 3. Aanpak van asociale medeweggebruikers 13% 4. Verkeersveiligheid & veilige inrichting van de ruimte 10% 5. Duurzaamheid: meer elektrische auto s en 7% fietsen 6. Meer autowegen en minder files 6% 7. Meer ruimte voor de fiets en betere 4% fietspaden 8. Hogere maximumsnelheden op autowegen 3% Tabel 3.2: Belangrijkste thema s waar de overheid (volgens jongeren) aandacht aan moet besteden Jongeren en mobiliteit 33

34 Behoedzame soloreiziger 26% Statusgerichte levensgenieter 28% Onbevangen verkeersdeelnemer 14% Onafhankelijke idealist 11% Pragmatische beweger 21% Figuur 3.3: Jongerensegmenten.

35 Een korte typering van de segmenten Met behulp van een clusteranalyse gebaseerd op de 47 waardestellingen kunnen vijf typen jongeren onderscheiden worden: Statusgerichte levensgenieters, Onbevangen verkeersdeelnemers, Behoedzame soloreizigers, Pragmatische bewegers en Onafhankelijke idealisten. Gebaseerd op ons kwantitatieve onderzoek is gebleken dat jongeren in Nederland vooral Statusgerichte levensgenieters of Behoedzame soloreizigers zijn. Onafhankelijke idealisten zijn minder vertegenwoordigd. Hierna geven we een korte beschrijving van de vijf typen jongeren en de dimensies die hen onderscheiden. In het volgende hoofdstuk wordt elk van de typen uitgebreider aan je voorgesteld en geven we een beschrijving van bijbehorende kenmerken en bijzonderheden. Ook komen de jongeren zelf aan het woord. Statusgerichte levensgenieters (28%) 17 Goedkeuring vanuit de omgeving is voor deze groep erg belangrijk. Daarom hechten ze bij de aankoop van een vervoermiddel veel waarde aan het merk en het uiterlijk. Daarbij houden deze jongeren geen rekening met de meest milieuvriendelijke keuze. Ze staan zeer positief tegenover autorijden en vinden het gezellig om samen te reizen. Zo nu en dan is snelheid even belangrijker dan verkeersveiligheid en trappen ze het gaspedaal in. Het OV wordt liever vermeden, omdat Statusgerichte levensgenieters behoefte hebben aan persoonlijke ruimte. Ook zijn ze in vergelijking met anderen minder positief over de fiets. Onder dit type jongeren vallen vooral veel jonge jongeren (15-18 jaar) die nog thuis wonen. Onbevangen verkeersdeelnemers (14%) Onbevangen verkeersdeelnemers hebben geen uitgesproken positieve of negatieve mening ten opzichte van verkeer en vervoer. Reizen beschouwen ze vooral als een noodzakelijke activiteit. Alleen reizen of samen met een vriend; het maakt ze niet echt uit. Als ze maar aankomen op hun bestemming. Ze staan relatief positief tegenover reizen met het OV en ervaren in de bus of trein weinig stress. Bij hun vervoermiddelkeuze speelt veiligheid of milieubewustzijn geen grote rol. Het uiterlijk en imago van een scooter of auto vinden ze wel belangrijk; deze moet er mooi uitzien. Ook onder dit type jongeren vallen vooral jonge jongeren (15-18 jaar) die nog thuis wonen bij hun ouders. 17 Het percentage betreft het aandeel van het segment onder Nederlandse jongeren van 15 t/m 24. Jongeren en mobiliteit 35

36 Behoedzame soloreizigers (26%) Behoedzame soloreizigers vinden het prettiger om alleen te reizen dan met anderen. Ze willen graag controle hebben over hun reis en vinden onafhankelijkheid en betrouwbaarheid belangrijke waarden. Daarom heeft de auto vaak hun voorkeur. Deze jongeren zijn niet uitgesproken negatief over het OV, maar als het even kan vermijden ze het OV vanwege de grote afhankelijkheid en dienstregeling. Deze jongeren houden zich meestal aan de verkeersregels. Ze kunnen zich ergeren aan roekeloze weggebruikers. Status en uiterlijk van een vervoermiddel zijn voor dit type jongeren minder van belang bij de keuze voor een vervoermiddel. Ze staan verder neutraal tegenover het duurzaamheidsaspect van vervoermiddelen. Pragmatische bewegers (21%) Pragmatische bewegers reizen graag in het gezelschap van vrienden, en dan het liefst op de fiets. Want ze sporten en bewegen graag. Het OV wordt liever vermeden doordat het stressvol is. Het uiterlijk of het imago van een vervoermiddel is niet belangrijk voor dit type. Als het hen maar van A naar B brengt. Ze zijn niet alleen praktisch ingesteld, maar ook enigszins roekeloos en onveilig in het verkeer. Snelheid is voor hen vaak belangrijker dan veiligheid. Ze staan wel wat meer open voor milieuvriendelijke oplossingen rond vervoer. Ze geven niet snel meer geld uit aan vervoer als dat beter is voor het milieu, maar vinden het wel belangrijk dat toekomstige auto s minder vervuilend worden. Onder dit type jongeren vallen vaker stedelijke jongeren. Onafhankelijke idealisten (11%) Een milieubewuste houding ten opzichte van verkeer en vervoer kenmerkt dit type jongere. Onafhankelijke idealisten kiezen dan ook graag voor het meest duurzame vervoermiddel, ook al kost dit hen soms wat extra inspanning. De fiets is favoriet, maar ook met het OV wordt gereisd. Het liefst vermijden ze de auto. Onafhankelijke idealisten hebben een voorkeur voor alleen reizen. Dit komt onder andere doordat ze graag controle hebben over de reis en de route die ze afleggen. Deze jongeren kunnen zich snel ergeren aan roekeloos rijgedrag van andere verkeersdeelnemers. Ook voelen ze zich wel eens kwetsbaar. Daarom verkiezen ze veiligheid boven snelheid. Onder dit type jongeren vallen vaker hoogopgeleide (wo), vrouwelijke studenten (22-24 jaar). 36 Jongeren en mobiliteit

37 oneens neutraal eens Voorkeur fiets oneens neutraal eens OV vermijden oneens neutraal eens Status/uiterlijk oneens neutraal eens Voorkeur auto oneens neutraal eens Aandacht veiligheid oneens neutraal eens Afkeer drukte OV oneens neutraal eens Milieubewustzijn oneens neutraal eens Voorkeur samenreizen Statusgerichte levensgenieter Onbevangen verkeersdeelnemer Behoedzame soloreiziger Pragmatische bewegers Onafhankelijke idealist Figuur 3.4: Verdeling van segmenten over de acht dimensies. Jongeren en mobiliteit 37

38 38 Jongeren en mobiliteit

39 4. UITGEBREID VOORSTELLEN Vijf segmenten jongeren In dit hoofdstuk stellen we eerst de vijf segmenten uitgebreid voor. Vervolgens gaan we dieper in op de uitkomsten en kijken we per segment naar het mobiliteitsgedrag en of er een verschil is tussen attitude en gedrag. Statusgerichte levensgenieters (28%) Ik wil later wel een Porsche: ik houd van snelheid en mooie wagens. Fietsen doe ik bijna nooit, want ik neem liever mijn scooter. Dat gaat een stuk sneller en het is ook nog eens relaxter reizen. - Milan, 19 jaar, mbo Dit ben ik De Statusgerichte levensgenieters laten graag zien wie ze zijn en wat ze hebben. Vragen als Hoe kan ik opvallen? of Hoe word ik populair? vinden ze belangrijk. De meningen van anderen en de goedkeuring vanuit hun omgeving is dan ook erg belangrijk voor dit type jongere. Ook rondom verkeer en vervoer willen ze zich graag onderscheiden. Bij de aankoop van een nieuwe scooter of auto kijken ze vooral naar het uiterlijk en het imago van het merk. Ziet het er mooi uit? Is het merk bekend? Is het een limited edition?, hoor je ze dan denken. Je zult dit type niet zo snel op een tweedehands Puch zien rijden door de stad, maar wel op een luxe Vespa. Statusgerichte levensgenieters geven dan ook vaker geld uit aan vervoer dan andere segmenten. Dat komt niet alleen doordat ze duurdere merken kopen, maar ook vanuit hun behoefte aan gemak en comfort. Met de auto of scooter reizen is nou eenmaal duurder dan met de fiets. Naast hun hang naar status heeft deze groep een grote behoefte aan vrijheid, ook wanneer ze zich verplaatsen. Dit type reist veel liever met de eigen auto want dat geeft hen een gevoel van De Statusgerichte levensgenieters in cijfers: Meer meisjes (meisjes 55%, jongens 45%). Relatief meer 15- tot 18-jarigen (37%) dan 19- tot 21-jarigen (32%) en 22- tot 24 jarigen (31%). Geen grote verschillen in opleidingsniveau. Meer grootstedelijke jongeren. Jongeren en mobiliteit 39

40 onafhankelijkheid. Ook houden ze ervan om zo nu en dan het gaspedaal in te trappen voor de kick. Op die momenten is snelheid even belangrijker dan de verkeersveiligheid. Een overvolle trein, vertragingen of vaak moeten overstappen, vinden Statusgerichte levensgenieters stressvol en daarom vermijden ze het OV, als het even kan. Dat gevoel hebben ze natuurlijk niet als ze met hun eigen auto reizen. Ze zijn sceptisch ten opzichte van initiatieven om auto s te delen; het is nieuw voor hen en het roept veel vragen op rondom schade, veiligheid, betrouwbaarheid. Statusgerichte levensgenieters zijn echte maximizers. Ze willen graag alles uit het leven halen wat erin zit en genieten in het hier en nu, liefst met anderen. Daarom houden ze van plezier wanneer ze onderweg zijn. Niets is zo gezellig als met een groep vrienden in de auto stappen en ergens heenrijden. De reis van A naar B wordt vooral gezien als een sociale activiteit en maar liefst 80% reist liever samen dan alleen. Daarbij houdt dit type geen rekening met de meest milieuvriendelijke vervoerkeuze. Duurzaamheid en het milieu zijn voor deze jongeren niet echt belangrijk. Opvallend is tegelijk dat 70% aangeeft het belangrijk te vinden dat auto s in de toekomst minder vervuilend worden. Later wil ik een mooie auto waar iedereen naar kijkt als je langs een vol terras rijdt. Met een auto kan ik doen wat ik wil. - Florine, 17 jaar, mbo Dit vind ik nu De auto is veruit het populairste vervoermiddel voor Statusgerichte levensgenieters, omdat het symbool staat voor vrijheid. Overal naartoe kunnen gaan wanneer jij dat zelf wilt! Dat vinden ze fijn. Vrijwel iedereen, 88% in deze groep, wil op zijn of haar 30e een eigen auto bezitten en dan het liefst een mooie Audi of snelle sportwagen waarmee ze aanzien verwerven. In dat opzicht zijn ze vrij conservatief in hun kijk op vervoer. Ze vinden een auto vooral relevant bij hun eerste baan of als ze gaan samenwonen en een kind krijgen: praktisch voor het vervoeren van spullen, naar werk of voor vakantie. Nadelen aan autobezit zoals de hoge kosten worden nauwelijks gezien of ervaren door deze jongeren. Het OV vermijdt de Statusgerichte levensgenieter als het even kan. Vooral het gevoel van afhankelijkheid, en niet overal heen kunnen gaan, vinden ze stressvol. Desondanks zijn ze nu nog vaak in de bus, tram of trein te vinden, vaak puur uit noodzaak om van en naar school, studie of werk te komen. 40 Jongeren en mobiliteit

41 Daarbij wil 75% wil daarbij van tevoren weten hoe lang hij of zij onderweg is. Deze groep stoort zich het meest aan grote drukte in het OV en 86% vindt het vervelend om te dicht op andere mensen te staan of zitten, waardoor je geen eigen ruimte hebt. De fiets kiezen ze wat minder vaak. Slechts 1 op de 5 fietst zo veel mogelijk om gezond te blijven. Ongeveer 1 op de 3 jongeren zegt de fiets alleen te pakken bij mooi weer. Dat lijkt me zo relaxed! Spontaan weekendjes weg met mijn vrienden, naar het strand of even naar een andere stad. Nu moet ik bijna altijd met de trein of bus op pad en dat is niet handig. Zeker niet als je s avonds na het uitgaan weer terug naar huis moet. Dan staan er van die lange rijen bij de bushalte met dronken mensen. Zwaar irritant. Daarom ben ik nu alvast mijn rijbewijs aan het halen, zodat ik binnenkort kan rijden. Dit doe ik Ik behoor tot de meest mobiele jongeren. Ik maak het meest gebruik van bus, tram en metro. Ik fiets minder vaak, gebruikt het vaakst de scooter. Ik ben veel op reis voor mijn studie. Ik reis het meest om iets leuk te doen of familie en vrienden te zien. Personalia/quotes Naam: Florine Leeftijd: 17 jaar Opleiding: mbo Later wil ik een mooie luxe Audi of Mini Cooper. Zo n auto waar iedereen naar kijkt als je langs een vol terras rijdt. Met een auto kan ik doen wat ik wil. Gemak Als ik naar school ga, dan pak ik bijna altijd mijn Vespa-scooter. Fietsen doe ik liever niet, ook al woon ik maar 10 minuten van mijn school vandaan. Ik ben wel een beetje lui denk ik, maar dat maakt me niks uit. Bij een scooter hoef je zelf niet veel te doen en dat is toch handig als je moe bent van een lange dag op school? Ik zou niet snel het OV pakken omdat het beter is voor het milieu. Dat boeit me niet zoveel. Ik denk niet dat er iets verandert als ik minder of niet op mijn scooter rijd. Drukte Waar ik me echt aan kan storen zijn van die mensen in de bus of tram die te dicht op je gaan staan. Daarom vermijd ik liever de spits zodat het niet zo druk is. Het fijne aan een eigen auto is dat niemand in je persoonlijke space zit. Jongeren en mobiliteit 41

42 42 Jongeren en mobiliteit

43 Onbevangen verkeersdeelnemers (14%) Eerlijk gezegd maakt het mij niet zoveel uit of het OV goedkoper wordt. Ik zit toch weinig in de trein. - Hannah, 22 jaar, MBO Dit ben ik De Onbevangen verkeersdeelnemer hecht niet veel waarde aan mobiliteit en heeft niet een heel uitgesproken mening over vervoermiddelenkeuze. Het thema is low interest in hun belevingswereld. Ze laten zich minder leiden door sterke waarden en meer door praktische overwegingen en gedrag van anderen in hun omgeving. Dat maakt deze groep flexibel en meer beïnvloedbaar. Omdat zij vaak nog thuis wonen, maken zij nog weinig bewuste en individuele keuzes rondom verkeer en vervoer. Verder zijn hun keuzemogelijkheden nog vrij beperkt. Meestal kiezen ze de fiets. Ondanks het feit dat deze groep geen uitgesproken voorkeur heeft voor een bepaald vervoermiddel, kiezen ze vaak vanuit praktische overwegingen. Wat is de snelste of goedkoopste manier om ergens te komen? Reizen is vooral een noodzakelijke verplaatsing om op je bestemming aan te komen. Onbevangen verkeersdeelnemers staan erg neutraal tegenover mobiliteitskeuzes en tegenover de waarden die we ze in het licht van dit onderzoek hebben voorgelegd. Wat verder opvalt, is dat ze redelijk relaxed denken over mobiliteit. Slechts 16% ervaart stress tijdens hun reis in het OV. 80% mijdt het OV bijvoorbeeld niet vanwege drukte. De helft vindt het geen probleem om dagelijks afhankelijk te moeten zijn van het OV. Ze hechten tot slot veel minder belang aan persoonlijke ruimte en rust tijdens hun reis; slechts 35% vindt dat belangrijk. De Onbevangen verkeersdeelnemers in cijfers: Meer jongens (jongens 59%, meisjes 41%). Relatief meer jonge jongeren (15- t/m 18-jarigen, 37%), en minder 19- t/m 21-jarigen (30%) en 22- t/m 24 jarigen (33%). Geen grote verschillen in opleidingsniveau. Relatief gelijke verdeling van stedelijke en landelijke jongeren. Jongeren en mobiliteit 43

44 Comfort vinden ze een overbodige luxe: je zult dit type dan ook niet gauw in de eersteklas van de trein zien reizen. Alleen reizen of samen met een vriend, het maakt ze niet echt uit. Als ze maar aankomen op hun bestemming. Ook maken zij zich nauwelijks zorgen over verkeersveiligheid of roekeloze weggebruikers. Het komt wel goed of mij overkomt niks, zullen ze eerder denken. Dit vind ik nu Onbevangen verkeersdeelnemers hebben geen voorkeur voor één soort vervoermiddel. Ze zijn vooral praktisch en doelmatig ingesteld. Of het nu de fiets, de auto of het OV is; deze jongeren reizen er allemaal wel eens mee. Voor hen is het vooral belangrijk dat je aankomt op je bestemming. Voor de jonge groep (15 t/m 18 jaar) zijn de keuzemogelijkheden uiteraard nog vrij Milieuvriendelijke vervoerkeuzes staan nog ver af van deze groep en worden niet gemaakt. Slechts 1 op de 5 (18%) is bereid meer geld uit Prima om af en toe met het OV te gaan, zolang ik maar niet drie keer moet overstappen. - Boris, 17 jaar, havo beperkt. Vooral de fiets en de scooter worden gebruikt. Ook is de invloed van ouders nog aanzienlijk bij deze jongere groep. Zij brengen hun kind te geven aan milieuvriendelijker vervoer. Ze maken zich ook minder druk om vervuiling in de toekomst: slechts 32% van hen verwacht dat Nederland over 10 jaar meer vervuild is dan nu door verkeer en vervoer. geregeld met de auto en manen hun kind zich veilig te gedragen in het verkeer, ook al vinden die kinderen dat zelf niet zo belangrijk. De invloed van ouders neemt geleidelijk af naarmate ze wat ouder worden en ook op zichzelf gaan wonen. De wat oudere jongeren (18 t/m 24 jaar) hebben meer Bij de aankoop van een auto of scooter zullen ze wel eerder kiezen voor een mooi model of een keuzemogelijkheden en gebruiken naast de fiets ook wat vaker de auto. bekend merk, want ze zijn redelijk gevoelig voor meningen vanuit hun omgeving. Een mooie scooter of auto levert meer status op, denken ze. 44 Jongeren en mobiliteit

45 Dit doe ik Ik ben de minst mobiele groep. Ik maak het meest gebruik van de fiets Ik gebruik bus, tram en metro het minst. Ik reis vaker om familie en vrienden te zien of iets leuks te doen. Ik maak het minst gebruik van het internet. Personalia/quotes Naam: Boris Leeftijd: 17 jaar Opleiding: HAVO 4 Als ik s avonds naar mijn voetbaltraining ga, dan brengen mijn ouders mij meestal met de auto. Dat gaat wel zo gemakkelijk. Als ze allebei niet kunnen, fiets ik erheen in 25 minuten. Ik vind het zelf niet erg om in het donker terug te moeten fietsen, maar mijn ouders willen graag dat ik dan samen met iemand terugfiets. Dat vinden ze veiliger. Dat hoeft voor mij niet. Er gebeurt tóch nooit iets raars onderweg en ik fiets sneller als ik alleen ben dan met iemand erbij. nieuwe is heel duur, bijna 2.500,- of zo. Ik twijfel nog tussen een Peugeot Django of een Scomadi Turismo Leggera, maar weet het nog niet zeker. Ze zijn allebei heel mooi en staan in de top-10 van meest populaire scooters van Dat vind ik wel vet! OV Ik reis niet zo vaak met de bus of trein, maar soms moet je gewoon met het OV. Ik vind het wel duur hoor in Nederland. Als ik in de trein zit, kijk ik meestal naar buiten of luister ik wat muziek. Prima om af en toe te doen, zolang ik maar niet drie keer moet overstappen. Wat ik echt asociaal vind, zijn van die reizigers die hun tas naast zich op de lege stoel zetten. Het maakt toch niet zo veel uit om naast een vreemde te zitten? Scooter Ik ben van plan om binnenkort een scooter te kopen, want dan ben ik sneller op de voetbalclub of in de stad. Een tweedehands wordt het, want een Jongeren en mobiliteit 45

46 46 Jongeren en mobiliteit

47 Behoedzame soloreizigers (26%) Ik erger me aan agressieve weggebruikers in het verkeer of mensen die niet goed opletten. Of aan te drukke, warme bussen. Ik heb een keer iemand zien flauwvallen. - Annika, 20 jaar, HBO Dit ben ik De Behoedzame soloreiziger hecht in zijn of haar leven een grote waarde aan vrijheid. Het zijn zelfstandig ingestelde jongeren die met plezier eigen beslissingen maken. Want dan heb je controle over het eindresultaat, denken ze. Onder dit type vallen de wat meer ondernemende jongeren die bijvoorbeeld al een eigen bedrijfje runnen. Ze maken van alle jongeren het meest gebruik van internet om allerlei praktische zaken te regelen zonder daarvoor de deur uit te hoeven. Ook ten aanzien van verkeer en vervoer heeft deze groep een sterke voorkeur voor controle en vrijheid. Zij willen bijvoorbeeld graag weten hoe lang hun treinreis duurt, of er vertraging is en hoe laat ze aankomen op hun eindbestemming. Of ze pakken hun eigen auto, waar ze hun lievelingsmuziek kunnen draaien. Daarnaast reizen deze jongeren liever alleen dan met vrienden. Slechts 21% geeft aan liever samen met vrienden te reizen dan alleen. Af en toe reizen ze wel eens met het OV, omdat het dan efficiënter is. Zeker tijdens de drukke spits ergeren ze zich dan al snel aan andere medereizigers die te dicht op hen komen staan of zitten. Ook een vertraagde trein, warme bus of seinstoring veroorzaakt veel stress bij deze groep. Daarom verkiezen zij allemaal hun eigen vervoermiddel boven het OV. Behoedzame soloreizigers zijn nauwelijks statusgevoelig en hechten weinig waarde aan het uiterlijk of imago van hun vervoermiddel. Of ze nu rijden in een nieuwe of tweedehands auto, dat De Behoedzame soloreizigers in cijfers: Relatief iets meer meisjes (meisjes 53%, jongens 47%). Grotendeels oudere jongeren (22- t/m 24 jarigen, 48% en 19- t/m 21 jarigen, 36%). Geen grote verschillen in opleidingsniveau. Relatief gelijke verdeling van stedelijke en landelijke jongeren. Jongeren en mobiliteit 47

48 maakt ze niks uit. Zolang de auto maar veilig is en goed werkt. Deze houding sluit goed aan bij hun grote aandacht voor verkeersveiligheid. Ze houden zich van alle types uit het segmentatiemodel het vaakst aan de verkeersregels en driekwart (76%) vindt veiligheid veel belangrijker dan snelheid. 64% zegt zich altijd aan de regels te houden. Ze ergeren zich dan ook sterk aan weggebruikers die roekeloos rijden of die zich niet aan verkeersregels houden. Dit type zal niet snel onder invloed achter het stuur kruipen of meerijden met iemand die teveel gedronken heeft. Hun houding ten opzichte van milieuvriendelijk vervoer is licht positief. Ze zullen niet snel meer geld uitgeven aan vervoer dat beter is voor het milieu, maar driekwart (74%) van hen vindt het wel belangrijk dat auto s in de toekomst minder vervuilend worden. Slechts 1 op de 5 (21%) kiest voor de fiets of het OV omdat dat milieuvriendelijker is dan de auto. Als het kan kies ik voor het rustigste moment om te reizen en vermijd ik de drukke spits. - Jelle, 23 jaar, hbo Dit vind ik nu Behoedzame soloreizigers hebben een heel sterke voorkeur voor de auto boven andere vervoermiddelen. Zij hebben vaker hun rijbewijs dan de andere types uit het segmentatiemodel en rijden ook vaker auto. De auto voldoet namelijk aan hun behoefte aan vrijheid en biedt hen rust, veiligheid en een grote persoonlijke ruimte. Deze jongeren zullen, wanneer mogelijk, hun eigen vervoermiddel verkiezen boven het OV. Ze staan niet heel negatief tegenover reizen met de bus, trein, tram of metro, maar vermijden deze vervoermiddelen liever als dat kan. Vooral het gevoel van een verlies aan controle en ruimte delen met veel andere mensen vinden ze vervelend. Maar liefst 82% vindt het OV te duur. Als ze wel met het OV reizen, houden ze via handige apps op hun telefoon, zoals 9292.nl of de NS-app, scherp in de gaten of er vertragingen zijn en hoe hun reis verloopt. Ten aanzien van de fiets zijn ze redelijk praktisch ingesteld. Dit vervoermiddel moet het gewoon doen, maar hoeft er niet mooi uit te zien. Je zult dit type jongere niet gauw op een snelle fixed gear bike zien rondrijden, maar eerder op een degelijk klassiek model. Ze staan minder open voor concepten om auto s te delen. 48 Jongeren en mobiliteit

49 Dit doe ik Ik maakt het meest gebruik van de auto. Ik fiets het minst. Ik leg de grootste afstanden af. Ik reis het meest voor werk. Ik maakt het meest gebruik van internet Personalia/quotes Naam: Jelle Leeftijd: 23 jaar Opleiding: HBO Ik heb op mijn achttiende gelijk mijn rijbewijs gehaald. In de eerste twee jaar reed ik altijd met de Volkswagen Polo van mijn ouders en spaarde ik voor mijn eigen auto. Een half jaar geleden heb ik de auto van mijn oma gekocht voor een goede prijs. Ze gebruikte hem toch niet meer. Ik ben er erg blij mee. Het is een rode vierdeurs Peugeot met weinig kilometers op de teller. Welk model? Dat is voor mij totaal onbelangrijk, zolang de auto maar goed rijdt. Ik zou nu niet zonder kunnen. Ik kan gaan en staan waar ik wil. Dat is zo relaxed! Muziek luisteren Ik gebruik de auto om naar mijn werk te rijden, maar in het weekend vind ik het heerlijk om er op uit te gaan. Rustig naar het strand rijden of even familie opzoeken. Lekker een muziekje aan en in mijn eentje kilometers maken. Daar word ik erg gelukkig van. Zolang er op de weg maar geen slome mensen rijden of van die opgefokte types die gaan bumperkleven. Stiltezone Soms moet ik mijn auto laten staan en pak ik de trein. Ik zorg er dan wel voor dat ik weet hoe laat de trein vertrekt en kijk of er vertragingen zijn. Wat ik heel handig vind, is dat je via de app van de NS kunt zien of het druk is in de trein. Zolang het kan, kies ik voor het rustigste moment om te reizen en vermijd ik de drukke spits. Al die mensen die je dan tegenkomt: daar word ik echt gestrest van. Ik zoek altijd de stiltezone op en probeer me af te sluiten van de omgeving. Het liefst reis ik met de eerste klas, maar ja, dat is te duur. Jongeren en mobiliteit 49

50 50 Jongeren en mobiliteit

51 Pragmatische bewegers (21%) Als ik elke dag de bus of tram zou nemen, zou ik me lui voelen. Ik vind fietsen gewoon fijn en houd niet van de drukte in de bus. - Joep, 16 jaar, VWO Dit ben ik Pragmatische bewegers hebben een enthousiaste levensinstelling. Het zijn behoorlijk actieve types. Ze sporten en bewegen graag. Ze fietsen veel omdat het plezierig is om buiten te bewegen en omdat ze zich er fitter door voelen. 61% fietst zo veel mogelijk om fit en gezond te blijven. Daarbij reist driekwart als het even kan liever met vrienden, omdat ze dat gezelliger vinden dan alleen. Deze jongeren zijn ook echte doeners die graag dingen uitproberen en het avontuur opzoeken. Daarbij nemen ze geregeld risico s en verleggen ze grenzen; bijvoorbeeld met een opgevoerde scooter. Maar denk vooral ook aan gebruik van hun mobiele telefoon terwijl ze aan het fietsen zijn. Snelheid is voor hen vaak belangrijker dan veiligheid. Aan veiligheid en verkeersregels besteden ze het minste aandacht van alle types uit het segmentatiemodel: slechts 35% houdt zich aan de regels. Daarnaast ergeren ze zich het minst aan andere roekeloze weggebruikers, mogelijk omdat zij zelf ook wat roekelozer zijn in het verkeer dan de gemiddelde weggebruiker. Pragmatische bewegers zijn nauwelijks statusgevoelig en vinden het uiterlijk of imago van hun vervoermiddel niet echt belangrijk. 65% ziet een auto vooral als een praktisch hulpmiddel om ergens te komen of om er spullen en mensen mee te vervoeren. Ze kunnen zich net als de Behoedzame soloreizigers bovenmatig ergeren aan een te kleine persoonlijke ruimte in het OV. Over het milieu zijn Pragmatische bewegers niet heel uitgesproken, maar ze staan wel wat meer open voor milieuvriendelijke oplossingen rond verkeer De Pragmatische bewegers in cijfers: Relatief gezien iets meer meisjes (meisjes 52%, jongens 48%). Relatief meer 22- t/m 24 jarigen (37%) dan 15- t/m 18-jarigen (35%) en 19- t/m 21 jarigen (28%). Vaker hoger opgeleid (VWO/WO). Meer grootstedelijke jongeren. Jongeren en mobiliteit 51

52 en vervoer. Ze geven niet snel meer geld uit aan vervoer als dat beter is voor het milieu, maar vinden het wel belangrijk dat toekomstige auto s minder vervuilend worden. Ook kiest een groot deel van deze jongeren eerder voor de fiets of het OV dan voor de scooter of auto omdat het een duurzamere vervoerskeuze is. Deze groep laat zich minder leiden door het weer: slechts 12% zegt de fiets alleen te pakken bij mooi weer. de aspecten van even lekker buiten zijn en lichaamsbeweging spreekt ze erg aan. Deze jongeren gebruiken ook wel eens de trein of andere vervoermiddelen. Tegenover het OV staan ze redelijk neutraal. Vanuit een duurzame gedachte zullen ze zo nu en dan bewust voor de bus of trein kiezen, in plaats van de auto of scooter. 40% staat Dit vind ik nu er hierbij voor open om een auto te lenen of te Pragmatische bewegers hebben een sterke voorkeur huren. Verder gebruiken ze het OV alleen als het voor de fiets boven andere vervoermiddelen. efficiënt is om ergens te komen, niet als ze ook Pragmatische overwegingen overheersen hierbij: nog eens vaak moeten overstappen. Dat vinden ze 70% ziet zijn of haar niet plezierig. Ze ergeren zich daarnaast fiets als een praktisch Soms fiets ik weleens door behoorlijk aan te drukke coupés of rood, want ik haat dat onnodige vervoermiddel om warme bussen waarin je zij-aan-zij staat. wachten bij een stoplicht. ergens te komen. De Om die reden vinden ze de persoonlijke - Sadiye, 22 jaar, hbo fiets is heilig, zeker in de ruimte en bewegingsvrijheid van een stad, waar deze jongeren ook vaker wonen. Eigenlijk auto wel prettig. Verder zien ze niet zo veel extra doen ze zo veel mogelijk met de fiets. Weer of geen voordelen aan de auto boven de fiets. Het is puur weer. Een fiets is goedkoop, snel en ook nog eens een praktisch middel om lange afstanden mee af te gezonder dan welk ander vervoermiddel dan ook. leggen. Slechts 15% van deze groep vindt het imago Sommige van deze fietsfanaten hebben naast hun van een auto- of scootermerk belangrijk en slechts stadsfiets ook een wielrenfiets of mountainbike een derde (36%) vindt het belangrijk dat die auto of voor sportieve activiteiten. Dan trekken ze er in scooter er mooi uitziet. het weekend met een vriend op uit om kilometers te maken en calorieën te verbranden. Vooral 52 Jongeren en mobiliteit

53 Dit doe ik Ik maak het meest gebruik van de fiets. Ik gebruik de trein het minst. Ik leg vooral korte afstanden af. Ik reis het meest voor school en studie. Personalia/quotes Naam: Sadiye Leeftijd: 22 jaar Opleiding: HBO Wielrennen Ik ben van plan om een wielrenfiets te kopen zodat ik in het weekend kan gaan toeren. De natuur rondom Utrecht is erg mooi en je hebt er zelfs een paar heuveltjes. Ik verheug me erop dat ik binnenkort lekker in de frisse buitenlucht fiets en ook wat calorieën verbrand. Wie weet doe ik over een jaar wel mee met een wielerronde. Ik vind het heerlijk om door de stad te racen op mijn fiets. Even nergens aan denken en de wind in je gezicht voelen. Zelfs in de regen vind ik het lekker. Soms rijd ik wel eens door rood op een kruispunt waar ik elke dag langskom, want ik haat dat onnodige wachten bij het stoplicht. Ik woon vlakbij een museum en daar staan vaak rijen toeristen voor de deur. Af en toe snijd ik voor de grap een nietsvermoedende toerist af. Dan moeten ze maar opletten! Als ik ver weg moet zijn dan leen ik de auto van mijn vriend. Dan reis ik wel het liefst samen met een vriendin, want dat is veel gezelliger. In de trein zit ik ook weleens maar dan liever niet rond het spitsuur, want dat is echt te druk. Jongeren en mobiliteit 53

54 54 Jongeren en mobiliteit

55 Onafhankelijke idealisten (11%) Ik hoef in Nederland niet in een Range Rover rond te rijden, dat slurpt veel benzine. Ik houd van het milieu en de aarde en ik wil dat niet verder verpesten. - Anne, 20 jaar, HBO Dit ben ik Onafhankelijke idealisten zijn vaker wat ouder en hoger opgeleid. En zoals de naam al verklapt zijn zij de meest idealistische jongeren uit het segmentatiemodel. Het is tevens de kleinste groep uit het model. Deze jongeren kijken meer naar de toekomst dan andere types uit het model en willen hun steentje bijdragen aan het verbeteren van de wereld. Daarom is duurzaamheid een belangrijk thema voor ze. Dit type loopt bijvoorbeeld vaker in gerecyclede kleding, doet aan afvalscheiding en/ of heeft een rekening bij de Triodos Bank. Ook op het gebied van verkeer en vervoer vertonen ze een duurzame houding. Ze geven meer geld uit aan schoon vervoer en verkiezen de fiets of het OV boven de auto en de scooter. Dit type zal ook niet snel een eigen auto aanschaffen. Slechts 45% verwacht rond het 30e levensjaar een eigen auto te hebben. Ze lenen liever een auto of huren er een via een sociaal platform zoals Snappcar of Car2Go. Status of uiterlijk van een vervoermiddel vinden zij nauwelijks belangrijk. Althans dat zeggen ze zelf: want een duurzaam vervoermiddel of een elektrische scooter geeft natuurlijk net zo goed status. Je bent toch nét even anders dan de standaard. Verkeersveiligheid staat voor hen voorop. Dit type jongere bekritiseert andere verkeersdeelnemers die zich niet aan de regels houden of roekeloos rijden. Zelf verkiezen ze veiligheid boven snelheid, omdat ze zich weleens kwetsbaar voelen in het verkeer. De Onafhankelijke idealisten in cijfers: Meer meisjes (meisjes 64%, jongens 36%). Grotendeels oudere jongeren (22 t/m 24 jaar, 46%; 19 t/m 21 jaar: 30%; 15 t/m18 jaar: 24%). Vaker hoger opgeleid (HBO/WO). Meer grootstedelijke jongeren. Jongeren en mobiliteit 55

56 50% van de Onafhankelijke idealisten heeft een geven voor een duurzamer vervoermiddel. Deze voorkeur voor alleen reizen. Dit komt onder andere types zijn van alle groepen het meest positief over doordat ze graag controle hebben over de reis en de opkomst van elektrische vervoermiddelen zoals de route die ze afleggen. 82% wil bijvoorbeeld de E-bikes, E-scooters en hybride auto s. Ze vinden graag weten hoe lang ze onderweg zijn. Alleen kun het beter als mensen meer carpoolen of auto s gaan je de reis gemakkelijker lenen of huren. Dat is bepalen dan met Toen ik laatst plekken vrij had in de auto heb beter dan dat iedereen ik via Facebook twee mensen gevonden. Dat meerdere reizigers. Ook zelf een eigen auto scheelt in benzinekosten, is beter voor het vinden deze jongeren aanschaft. milieu en het is ook gezellig natuurlijk het prettig als ze comfort - Janneke, 24 jaar, WO en bewegingsvrijheid Ze staan positief ervaren. Daarom ervaren ze vaak stress en irritaties tegenover reizen met het OV, maar zouden graag als ze met het OV reizen. Ook vinden ze het OV zien dat de prijzen van hun OV-reizen dalen. veel te duur en willen ze graag dat de overheid de 71% vindt het OV nu te duur. Volgens hen zou de prijzen verlaagt. Daarbij bedoelen ze vooral de trein. overheid veel meer kunnen doen om Nederlanders In de eigen stad fietsen ze wel, maar voor grotere te stimuleren om meer met het OV te reizen. Bijna afstanden is de trein een goed alternatief. iedereen in deze groep (97%) vindt het belangrijk dat auto s in de toekomst duurzamer worden. Dit vind ik nu Deze groep is ook kritischer over zowel brom- als Onafhankelijke idealisten hebben een heel sterke snorfiets. 42% denkt verder dat technologie gaat voorkeur voor de fiets als vervoermiddel. Hiermee helpen om vervoer in de toekomst duurzamer te maken ze ook de meeste verplaatsingen. De fiets maken. staat voor hen symbool voor vrijheid: de fiets is heel duurzaam en geeft je verder een goed gevoel doordat je beweegt en in de frisse lucht bent. Verder onderscheidt deze groep zich doordat 80% veiligheid belangrijker vindt dan snelheid. Bijna de helft (47%) is bereid meer geld uit te 56 Jongeren en mobiliteit

57 Dit doe ik Ik maakt het meest gebruik van de trein. Ik fiets en loop ook vaak. Ik gebruik de auto het minst. Ik maak de meeste verplaatsingen en kilometers. Ik maak veel gebruik van internet. Personalia/quotes Naam: Janneke Leeftijd: 24 jaar Opleiding: WO Waarom is het OV zo duur in Nederland? Daar kan ik me echt boos om maken! Het zou voor veel mensen aantrekkelijker worden als de prijzen van bustickets en treinkaartjes worden verlaagd. Nu pakken mensen sneller de auto om ergens heen te rijden, terwijl dat vaak niet eens de snelste manier van reizen is. milieu en ook nog eens goedkoper en efficiënter. In Japan heb je al een zelfrijdende metro die op magneten zweeft. Die gaat heel hard en rijdt perfect op tijd. Waarom krijgen wij die niet in Nederland? Deeleconomie Vorig jaar gingen we naar het Melt festival in Duitsland. Toen zijn we met een groep vrienden vertrokken uit Amsterdam en hadden we nog twee plekken vrij in onze auto. We plaatsten een oproep op de Facebookpagina van Melt en al snel wilden er twee mensen meerijden met ons. Dat scheelt weer in benzinekosten, is beter voor het milieu en het is ook gezellig natuurlijk. Ik vind dat meer mensen zouden moeten delen met elkaar. Magneettrein Waarschijnlijk rijdt het OV in Nederland pas over 15 jaar automatisch en zonder machinist of chauffeur. In China rijden al van die magneettreinen van het vliegveld naar de stad. Dat is zóveel beter voor het Jongeren en mobiliteit 57

58 Inzoomen op stedelijkheid en etniciteit Etniciteit De figuren op deze en de volgende pagina geven inzicht in de verdeling van de segmenten voor de kenmerken geslacht, leeftijd, opleidingsniveau, autochtoon versus allochtoon en stedelijk versus landelijk. Wat opvalt als je kijkt naar geslacht is dat vrouwen zowel vaker Statusgerichte levensgenieter zijn als Onafhankelijke idealist. Wat betreft leeftijd geldt: hoe ouder hoe idealistischer en hoe behoedzamer. De groep tussen 15 en 18 jaar is nog meer bezig met status als het gaat om mobiliteit. Hoogopgeleide jongeren zijn vaker idealistischer en ook vaker Pragmatische beweger. Allochtone jongeren zijn wat statusgerichter dan autochtone jongeren. In de stad wonen meer Onafhankelijke idealisten, buiten de stad meer Statusgerichte levensgenieters. Autochtoon versus allochtoon Allochtoon 36% 18% 18% 20% 8% Autochtoon 28% 14% 26% 21% 11% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Figuur 4.1: Verdeling over de segmenten voor respectievelijk allochtone en autochtone achtergrond Statusgerichte levensgenieter Onbevangen verkeersdeelnemer Behoedzame soloreiziger Pragmatische bewegers Onafhankelijke idealist 58 Jongeren en mobiliteit

59 Verdieping voor de vier grote steden Voor de vier grote steden (G4) hebben we aanvullend onderzoek verricht onder jongeren in de grote steden 18. De stad lijkt minder een plek voor mensen die behoedzaam willen reizen. Ook mensen met een onbevangen mening ten opzichte van verkeer vind je er weinig in vergelijking met de uitkomsten voor heel Nederland. Daartegenover staat dat de Statusgerichte levensgenieters en de Onafhankelijke idealisten sterker zijn vertegenwoordigd in de G4. Hieruit zou geconcludeerd kunnen worden dat jongeren uit de steden een sterkere mening hebben over mobiliteit. Het relatief hogere aandeel allochtonen en hoog opgeleiden in de vier grote steden ten opzichte van heel Nederland is hier mogelijk een verklaring voor. 18 Elke MPN-deelnemer vult elk jaar een 3-daags dagboekje met verplaatsingsgegevens in). G4 versus Nederland Landelijk 28% 14% 26% 21% 11% Totaal G4 33% 7% 17% 20% 23% Figuur 4.2: Verdeling van de segmenten over de G4 versus Nederland 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Statusgerichte levensgenieter Onbevangen verkeersdeelnemer Behoedzame soloreiziger Pragmatische bewegers Onafhankelijke idealist Jongeren en mobiliteit 59

60 Mobiliteitsgedrag per segment Statusgerichte levensgenieters en Aanvullend op de landelijk uitgevoerde Onafhankelijke idealisten het meest mobiel enquête is een koppeling gemaakt met het In de figuren 4.4 en 4.5 is te zien hoe de dagelijkse Mobiliteitspanel Nederland (=MPN). In dit panel mobiliteit er voor elk van de segmenten uitziet. zitten 616 respondenten in de leeftijd van Statusgerichte levensgenieters en Onafhankelijke 15 tot 24 jaar. Deze jongeren hebben ook de idealisten zijn het meest mobiel, zowel qua vragenlijst met waardenstellingen ingevuld en verplaatsingen als afgelegde afstanden. zijn ingedeeld naar de vijf segmenten. Doordat Onafhankelijke idealisten gebruiken heel vaak de we van elke jongere in het MPN ook weten hoe trein en lopen ook relatief veel. De Statusgerichte zijn of haar mobiliteitsgedrag er uitziet, kunnen levensgenieters gebruiken relatief vaak de bus, we per segment ook iets zeggen over het tram en metro. Zij reizen het meest voor school. verplaatsingsgedrag 18. Komen voorkeuren en gedrag overeen of zien we juist verschillen en hoe kunnen Pragmatische bewegers maken veel verplaatsingen, we dat verklaren? maar over het algemeen over kortere afstanden. Zij gebruiken vaker de fiets. Bij de Behoedzame De verdeling over de segmenten in het MPN is iets soloreizigers is het precies andersom. Zij maken anders dan in de enquête. Het meest opvallende minder verplaatsingen, maar vaak wel over grote is dat we onder de jongeren uit het MPN meer afstanden en gebruiken duidelijk het meest de auto. Onbevangen verkeersdeelnemers en minder Zij zijn het vaakst onderweg voor werk. Pragmatische bewegers Vergelijking zien. met Mobiliteitspanel Nederland (=MPN) Enquête 28% 14% 26% 21% 11% MPN 31% 23% 22% 15% 9% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Figuur 4.3: Vergelijking van de verdeling van de segmenten op basis van de enquête en het MPN Statusgerichte levensgenieter Onbevangen verkeersdeelnemer Behoedzame soloreiziger Pragmatische bewegers Onafhankelijke idealist 60 Jongeren en mobiliteit

61 Aantal verplaatsingen per persoon per dag Aantal kilometers per persoon per dag Figuur 4.4: Dagelijkse mobiliteit per segment (indexcijfers ten opzichte van totaal) Onafhankelijke idealist 14% 13% 4% 45% 21% 3% Pragmatische beweger 20% 5% 4% 59% 9% 2% Behoedzame reiziger 44% 6% 6% 31% 10% 4% Onbevangen verkeersdeelnemer 28% 5% 2% 52% 12% Statusgerichte levensgenieter 25% 11% 17% 32% 7% 7% 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Auto Trein Bus, tram en metro Fiets Lopen Overig Figuur 4.5: Vervoerwijzekeuze per segment Jongeren en mobiliteit 61

62 Gedrag en attitude vallen vaak samen, maar niet altijd Onafhankelijke idealisten lopen en fietsen veel en maken vaak gebruik van de trein en juist weinig van de auto, hetgeen overeenkomt met hun voorkeuren. Tegelijkertijd is het wel een groep die erg mobiel is. De Statusgerichte levensgenieters zijn niet zo positief over het openbaar vervoer, maar maken er wel veel gebruik van, waarschijnlijk omdat ze vaker nog iets jonger zijn en nog geen rijbewijs hebben, het openbaar vervoer gratis is en ze vaak langere afstanden reizen om naar hun school of universiteit te gaan. Hun openbaarvervoergebruik lijkt op een gedwongen huwelijk. Zodra ze zijn afgestudeerd en het zich financieel kunnen veroorloven zullen ze waarschijnlijk voor de auto kiezen. De Onbevangen verkeersdeelnemers staan redelijk neutraal tegenover het openbaar vervoer, maar maken er heel weinig gebruik van. Ze fietsen daarentegen heel veel, terwijl ze daar na de Statusgerichte levensgenieter naar verhouding het minst positief over zijn. De Behoedzame soloreizigers staan positief tegenover de fiets, maar maken er niet veel gebruik van. Mogelijk omdat hun verplaatsingsafstanden te lang zijn. De E-fiets kan voor hen een uitkomst zijn. Vergelijking met andere leeftijdsgroepen Als we jongeren van jaar vergelijken met andere leeftijdsgroepen, dan zien we dat ze even mobiel zijn als de werkzame beroepsbevolking. Wel gebruiken ze veel vaker het openbaar vervoer en de fiets en lopen ze minder vaak en maken ze minder gebruik van de auto. 62 Jongeren en mobiliteit

63 + + Gebruik auto Gebruik trein Waardering auto - Waardering trein + + Gebruik bus, tram en metro Gebruik fiets Waardering bus, tram en metro - Waardering fiets Statusgerichte levensgenieter Onbevangen verkeersdeelnemer Behoedzame soloreiziger Pragmatische bewegers Onafhankelijke idealist Figuur 4.6: Waardering versus gebruik vervoermiddelen Jongeren en mobiliteit 63

64

65 PRAKTISCHE TOEPASSING

66 5. AAN DE SLAG Werken met de verschillende types Wat kun je met het segmentatiemodel? Hiervoor heb je kennis gemaakt met het segmentatiemodel en de vijf types. In dit hoofdstuk laten we zien hoe partijen en organisaties rondom verkeer en vervoer dit model kunnen toepassen. We introduceren hierna een stappenplan met vier fasen, die organisaties kunnen doorlopen om het model effectief te gebruiken. Je kunt het segmentatiemodel inzetten als een instrument waarmee je stap voor stap te werk gaat. Van een analyse van je huidige aanpak tot een optimalisatie daarvan in de toekomst. Stap 1: Terreinverkenning Stap 2: Koersbepaling Stap 3: Koerswijziging Stap 4: Terreinwinst Stap 1: Terreinverkenning Breng in kaart wat de situatie is. Wat is de vraag? Welke gedragingen zie je? Wat verklaart de situatie? Wat is de context? Welk beleid wordt gevoerd? Koppel deze informatie aan de mobiliteitsvoorkeuren van de vijf types. Hoe sluit de Behoedzame soloreiziger aan op de vraag? Wat vinden Onafhankelijke idealisten in deze context belangrijk? Betrek doelgroepsegmenten actief in een participatie- en/of co-creatieproces. Stap 2: Koersbepaling Formuleer relevante doelstellingen. Welk resultaat wil je halen? Welk doelgedrag hoort daarbij? Welke rol spelen jongeren in het halen van de gestelde doelen? En op welke types wil je je dan richten? Grofweg kun je kiezen voor twee strategieën: Verdieping/focus: meer focus op types waar het meeste potentieel ligt voor gewenst gedrag. Verbreding: een strategie waarbij je nieuwe richtingen of proposities ook op een of meerdere nieuwe doelgroepen richt die je nu nog onvoldoende aanspreekt of weet te bereiken. We stimuleren gebruikers van het model om een goede balans te vinden tussen ambitie en realisme. Durf je doelgroep te vergroten, maar stel jezelf tegelijk wel de vraag of je die ambities ook kunt waarmaken. Kun je de Behoedzame soloreiziger ook echt enthousiast maken voor het OV? En kun je de Statusgerichte levensgenieter daadwerkelijk ontmoedigen bij het aanschaffen van een eigen auto? 66 Jongeren en mobiliteit

67 Stap 3: Koerswijziging In deze fase ga je de koersbepaling omzetten in een koerswijziging: voorgenomen veranderingen implementeren. Denk bijvoorbeeld aan een voorlichtingscampagne, waarin de voordelen van fietsen en het OV worden uitgelicht. Of de introductie van nieuwe diensten. Stap 4: Terreinwinst In deze laatste fase ga je evalueren. Heeft de koerswijziging ertoe geleid dat jongeren andere mobiliteitskeuzes gaan maken of nieuw gedrag laten zien? Hoe waarderen de gekozen segmenten het alternatief? Wie trek je aan en wie niet? Maak gebruik van beschikbare onderzoeksbronnen, bijvoorbeeld door een lokale verdichting van het MobiliteitsPanel Nederland voor jouw onderzoeksgebied. Of bevraag jongeren uit jouw stad of regio en deel ze in naar doelgroep met behulp van de segmenteringsvragenlijst. Pre-trip: Mobiliteitsgedrag/keuzegedrag On-trip: Verkeersgedrag Jongeren en mobiliteit 67

68 Toepassing in twee soorten cases De aangescherpte kennis over doelgroepsegmenten kun je in twee categorieën cases toepassen. De eerste categorie betreft mobiliteitsgedrag of keuzegedrag: door onderzoekers ook wel pretrip gedrag genoemd. De tweede categorie is verkeersgedrag onderweg: on-trip gedrag genoemd. Veel beleidsvragen hebben betrekking op mobiliteitsgedrag. Voorbeelden daarvan zijn: Hoe zorgen we dat het OV na de studie aantrekkelijk blijft? Hoe bevorderen we samen reizen? Hoe krijgen we jongeren op de elektrische fiets of aan de deelauto of uit de spits? Hoe zorgen we dat het OV na de studie aantrekkelijk blijft? Statusgerichte levensgenieters zijn het minst geneigd voor het openbaar vervoer te kiezen. Zet niet te veel energie op deze groep. Een OV-abonnement als onderdeel van een leasecontract kan wel interessant zijn. Luxe vormen van vraagafhankelijk OV zijn ook kansrijk. Behoedzame soloreizigers reizen liever niet met het openbaar vervoer, maar door ze te ontzorgen kan je ze wel verleiden. Ze willen graag goede reisinformatie en betrouwbare verbindingen. Ze houden niet van drukte (stiltecoupé s en dalurenabonnement). Pragmatische bewegers zijn gevoelig voor de voordelen van de combinatie van fiets en trein, aangezien ze de fiets al hoog waarderen. Ze zijn ook wel bereikbaar voor prijsargumenten. Bied ze na de studie een voordelig eerste-baan-abonnement aan. Onafhankelijke idealisten zullen uit zichzelf al voor het openbaar vervoer kiezen. Bij hen gaat het vooral om het benadrukken van de maatschappelijke voordelen van reizen met het openbaar vervoer en het bevestigen dat ze het goede doen. Onbevangen verkeersdeelnemers staan open voor de praktische voordelen van het openbaar vervoer, mits het een reëel alternatief is. Een uitprobeer-abonnement tegen een aantrekkelijke prijs zullen ze zeker interessant vinden. 68 Jongeren en mobiliteit

69 Vragen gericht op verkeersgedrag zijn vaak gerelateerd aan verkeersveiligheidsthema s, zoals: Door rood rijden / gevaarlijk oversteken. Niet fietsen in winkelstraten. Veilig fietsen naar school. Drank en drugs in het verkeer / uitgaansverkeer. Bellen en sms-en tijdens de reis / social media gebruik. (A-)sociaal gedrag in het openbaar vervoer of op de weg. Rekening houden met ouderen en kinderen. Ruimte geven aan zwaar landbouwverkeer. Pestgedrag onderweg. Hoe beperken we het aantal jonge fietsers dat door rood rijdt en gevaarlijk oversteekt? Onafhankelijke idealisten en Behoedzame soloreizigers vertonen al het gewenste gedrag. Zij geven het goede voorbeeld vanuit het oogpunt van veiligheid en sociaal wenselijk gedrag. Statusgerichte levensgenieters rijden het meest door rood; vooral op drukke momenten als dat zichtbaar is. Zet voor deze groep vooral in op sociale beïnvloeding. Maak wachten leuk! Pragmatische bewegers rijden ook veel door rood. Vooral als het rustiger is, maar ook als op snelheid nog net een gaatje kan worden gevonden. Ze zoeken fysieke uitdaging. Ze zijn wel ontvankelijk voor een positieve benadering en helpende informatie over grenzen en veiligheid. Onbevangen verkeersdeelnemers zijn in dit geval vooral volgers. Hun gedrag valt samen met het referentiegedrag. Laat vooral het goede voorbeeld zien. Algemene koers: de Statusgerichte levensgenieter en Pragmatische beweger vragen een positieve benadering. Heb het vooral over groen, niet over rood. Uit co-creatie met de doelgroep: voer campagne met bike-/wait-huggers. Quality-wacht-tijd. Jongeren en mobiliteit 69

70 Praktische aanknopingspunten per segment Om goed te kunnen inspelen op de waarden van je doelgroep en de types waar je je op richt, is vernieuwing op twee niveaus belangrijk: Welke verhalen vertel je? In hoeverre beantwoord je de centrale vraag van de types waar je je op richt? Kijk nog eens naar de beschrijvingen van do s en don ts die we hier per type geven. Welke beelden laat je zien? Welke professionals, rolmodellen en situaties beeld je af? Vaak creëer je voorlichtingsmateriaal niet voor één specifiek type uit het model: zorg er dan voor dat verschillende beelden verschillende types aanspreken. 1. Statusgerichte levensgenieter: Hoe kan ik mijzelf profileren met verkeer en vervoer? 2. Onbevangen verkeersdeelnemer: Hoe verplaats ik mij op een gemakkelijke manier? 3. Behoedzame soloreiziger: Op welke manier heb ik veel controle over mijn reis en een zo groot mogelijke persoonlijke ruimte? 4. Pragmatische beweger: Hoe en met welk vervoermiddel verplaats ik mij efficiënt van A naar B? 5. Onafhankelijke idealist: Op welke manier draag ik het meest bij aan een betere wereld? 70 Jongeren en mobiliteit

71 Statusgerichte levensgenieters Aanknopingspunten Met opgeheven hoofd, bied nieuwe status aan dit type. Kaders veranderen: wet en regelgeving als reactie op overtuigende drijfveren. Sociale omgeving inzetten en sociale norm veranderen: wat vindt de groep? Rolmodellen inzetten waar ze naar opkijken. Fun theory: gedrag/ handelingen leuker maken/ koppelen aan puntensysteem. Do s: Don ts: Speel in op sociale drijfveer. Deze groep kun je niet verleiden tot ander Maak gebruik van rolmodellen en ken status toe aan gewenst gedrag of modaliteit. gedrag met argumenten als duurzaamheid, want daar maken ze zich minder druk om. Bied comfort en luxe. Verwacht geen snelle veranderingen van deze Maak deze groep bewust van kosten: hoeveel geld houd je over als je geen auto hebt? wat conservatieve groep; zet in op life events. Deze groep verwacht een goede service qua reizigersinformatie en dienstverlening. Onbevangen verkeersdeelnemers Aanknopingspunten Door onbevangenheid is deze groep flexibel en redelijk beïnvloedbaar. Flexibiliteit betekent ook dat gedragsveranderingen een tijdelijk karakter kunnen hebben. Deze groep is gevoelig voor wat anderen doen. Dit type wil vooral functionele informatie. Do s: Don ts: Zet in op flexibel reisgedrag. Deze groep kun je niet verleiden tot ander Laat zien hoe anderen reizen; bijvoorbeeld met het OV. gedrag met argumenten als duurzaamheid, want dat interesseert ze minder en ze hebben Zet in op ambassadeurs en mond-totmondreclame. er minder kennis over. Verwacht geen hoge mate van betrokkenheid. Bied concrete informatie: Hoe snel kom ik ergens? En wat kost me dat? Jongeren en mobiliteit 71

72 Behoedzame soloreizigers Aanknopingspunten Kernvraag: met welk vervoer heb ik de meeste controle, rust en de grootste persoonlijke ruimte? Hecht een grote waarde aan vrijheid. Maakt zelfstandig keuzes op basis van aangereikte informatie. Zoekt informatie. Status en zichtbaarheid zijn niet relevant. Verkeersveiligheid is een belangrijk aspect. Do s: Don ts: Laat deze jongeren op jonge leeftijd ervaringen opdoen met alternatieven voor de auto. Val deze groep niet lastig met dure vervoermiddelen, als E-scooters of luxe fietsen. Laat deze groep zien wat je allemaal kan doen om reizen met het OV prettiger en relaxter te maken (oordopjes, laptop, leesboek, deodorant). Laat met concrete rekenvoorbeelden zien wat het OV kost in vergelijking met alternatieven. Maak geen keuzes voor deze groep; bied ze vooral de ruimte om zelf te kiezen Pragmatische bewegers Aanknopingspunten Kernvraag: Hoe kom ik het snelst van A naar B met de fiets? Hoe verplaats ik mij het meest efficiënt? Sporten en bewegen zijn belangrijke aspecten in het leven. Risico s en grensverleggende activiteiten zijn leuk! Status en zichtbaarheid zijn niet relevant. Zij geven niet snel meer geld uit aan vervoer. Do s: Don ts: Maak voor deze groep de voordelen van fietsen nog meer inzichtelijk. Denk aan gezondheidseffecten en kostenbesparingen. Benader deze groep niet met negatieve Promoot het OV via het actieve voor- en natransport. aandacht. Zet juist in op Maak deze jongeren bewust van de relatief hoge risico s die ze als fietser lopen. enthousiasme. Deze groep is bovengemiddeld positief over car-sharing en andere concepten. Benadruk bij deze groep het belang om je aan de regels te houden. 72 Jongeren en mobiliteit

73 Onafhankelijke idealisten Aanknopingspunten Kernvraag: Heeft het betekenis wat ik doe? Hoe draag ik het meeste bij aan een betere wereld? Status of uiterlijk is nauwelijks belangrijk. Tegelijkertijd is duurzaamheid een belangrijk thema. Dat heeft wel status. Alleen reizen en controle zijn relevant, evenals comfort en bewegingsvrijheid. Kansen voor elektrische (schone) technologie. Do s: Laat dit type jongere zien wat de impact is van hun eigen vervoer. Denk aan de CO 2 -vergelijking op 9292.nl. Hiermee kunnen zij ook anderen meer overtuigen van het belang van duurzaam gedrag. Bied deze groep veel informatie, bijvoorbeeld rond het gebruik van het OV. Besteed vooral aandacht aan de intelligentie van oplossingen of alternatieven. Zet in op de statusgevoeligheid van duurzaamheid; bijvoorbeeld in de uitstraling van of de communicatie over vervoersalternatieven. Don ts: Voorkom al te veel generaliseren. Deze groep wil onafhankelijk zijn en blijven. Jongeren en mobiliteit 73

74 6. REFLECTIE OP DE VIJF KERNVRAGEN Met dit onderzoek hebben we een belangrijke stap gezet naar het beter begrijpen hoe jongeren in Nederland kijken naar mobiliteit. We bieden handreikingen voor beleid en wakkeren het denken over de mobiliteit van morgen aan. We kijken ernaar uit om deze inzichten verder in de praktijk te brengen. Zo verrijken we het mobiliteitsbeleid gericht op jongeren. Aan het begin hebben we onszelf vijf kernvragen gesteld. Welke inzichten heeft het onderzoek op deze vragen opgeleverd? Welk vervoermiddel heeft de voorkeur? Ook voor jongeren is mobiliteit vrij praktisch. Reistijd, kosten en gemak zijn factoren die hoog scoren onder jongeren in de keuze die ze maken voor een bepaald vervoermiddel. De fiets en de auto zijn met afstand de meest populaire vervoermiddelen. Meer dan 80% van de jongeren heeft een positief beeld van deze vervoerwijzen. Op nummer 3 komt de trein, maar die wordt door maar 47% positief gewaardeerd. Naast praktische overwegingen maken vooral autonomie en vrijheid de fiets en auto aantrekkelijk. Voor de auto, maar ook de scooter, geldt dat de helft van de jongeren het belangrijk vindt dat de auto of scooter er goed uitziet. De andere helft ziet het vooral als een praktisch vervoermiddel. De auto heeft als statussymbool misschien iets ingeboet maar is als heilige koe zeker nog niet begraven. Ook al is het gebruik van de auto door jongeren nu nog laag, dat wil niet zeggen dat ze hem in de toekomst niet toch gaan gebruiken. Jongeren hebben soms een verwrongen beeld van de kosten van de auto, doordat ze nu vaak gemakkelijk gebruik maken van de auto van ouders. Alleen de Onafhankelijke idealisten hebben een duidelijke afkeer van de auto. Zij zijn de enige groep voor wie duurzaamheid een rol speelt in hun mobiliteitskeuze. Jongeren denken het meest positief over de fiets, daarna de auto, daarna de trein 74 Jongeren en mobiliteit

75 Een deel van de jongeren kan echt genieten van het fietsen. Vooral van de meisjes horen we: Het is fijn om buiten te zijn en goed voor je gezondheid. Het openbaar vervoer staat er bij een deel van de jongeren goed op. Een op de vier jongeren vermijdt het liefst het openbaar vervoer (te druk, te duur, te vies en te onbetrouwbaar). Een ruime meerderheid van de jongeren staat neutraal of redelijk positief tegenover reizen met het openbaar vervoer, maar ook zij vinden wel dat de huidige kwaliteit en vooral ook de prijs te wensen overlaat. Tegelijk maken veel jongeren gebruik van het openbaar vervoer. Er lijkt sprake te zijn van een gedwongen huwelijk. De scooter is een splijtzwam. Een kwart van de jongeren - de meer statusgerichte groep - is erg positief over de scooter, terwijl de rest van de jongeren eigenlijk niks van de scooter moet hebben. En dan is er nog samen reizen. Meer dan de helft van de jongeren vindt dat fijn. Terwijl er ook een grote groep jongeren belang hecht aan voldoende persoonlijke ruimte tijdens het reizen. Wat verklaart verschil in gedrag? Er is niet één verklaring voor iemands reisgedrag. Dat geldt ook voor jongeren. Verschillende factoren spelen een rol. In de eerste plaats zijn dat sociaal-demografische factoren, zoals inkomen, leeftijd, opleiding, huishoudensamenstelling, etniciteit, enzovoort. Voor jongeren is vooral het verschil tussen werken en niet-werken groot, zeker als je kijkt naar het autobezit en -gebruik. Een jongere die werkt, maakt gemiddeld vijf keer zoveel autokilometers dan een jongere die niet werkt. Jongeren maken zich ook druk over de kosten van mobiliteit, vooral van het openbaar vervoer. Naast sociaal-demografische factoren speelt ook de context een rol. In de stad heb je nu eenmaal de keuze uit meer vervoermiddelen en liggen bestemmingen dichter bij elkaar. En als een jongere op het platteland een sterke voorkeur heeft voor de trein, dan houdt het toch echt op als die niet beschikbaar is. Waar je woont en waar je naartoe moet, bepaalt de keuzes die je hebt. In de stad neemt het autogebruik onder jongeren af, terwijl het buiten de stad juist nog toeneemt. Het langer studeren en de trek naar de stad lijken de meest bepalende factoren die de afname van de mobiliteit verklaren onder jongeren in de afgelopen 15 jaar. Tot slot spelen de waarden en attitudes die we in dit onderzoek centraal hebben gesteld een belangrijke rol. Jongeren die status, duurzaamheid Jongeren en mobiliteit 75

76 of gezondheid belangrijk vinden, laten dit doorwerken in hun mobiliteitskeuzes. Van de vijf groepen zijn sommige heel uitgesproken in hun waarden en attitudes over mobiliteit (Statusgerichte levensgenieters, Onafhankelijke idealisten en Behoedzame soloreizigers), terwijl anderen pragmatischer zijn. De groepen met sterke voorkeuren zijn moeilijk te bewegen iets te doen wat indruist tegen hun geconfronteerd met allerlei nieuwe mobiliteitsopties en nieuwe vrienden. Dat kan van invloed zijn op zijn of haar waarden en attitudes. Aangezien je in de stad meer keuze hebt, zou het kunnen zijn dat het daar makkelijker is om te reizen op basis van je voorkeuren. Voor beleid is het van belang om altijd te kijken naar een combinatie van context en waardengebonden oplossingen. De elektrische fiets is in dit verband een interessante waarden. Aan de andere kant Life events zijn cruciale momenten case. Dit lijkt voor jongeren is het juist voor deze groepen duidelijker waarmee je ze kunt verleiden of waar je ze op kunt aanspreken. We hebben niet om mobiliteitsgedrag te beïnvloeden. Dan is er immers even geen gewoontegedrag. in het landelijke gebied een ideale oplossing, maar alleen met fietssnelwegen en een aantrekkelijke verkoopprijs zul de indruk dat waarden en attitudes van jongeren over de hele linie sterk aan het veranderen zijn - zoals wel wordt gesuggereerd wel zien we duidelijk dat jongeren verschillend denken over mobiliteit. Opvallend is de ontwikkeling in de grote je het niet redden. De elektrische fiets heeft een stoffig imago bij een deel van de jongeren. Zo kan het zijn dat ze - zelfs als het in hun context een hele praktische oplossing is die E-bike toch liever links laten liggen. steden waar de uiteinden van het spectrum sterker zijn vertegenwoordigd door meer Statusgerichte levensgenieters en meer Onafhankelijke idealisten. Wat leren we over toekomstig gedrag? De toekomst is niet te voorspellen en toch is er niets leukers dan erover na te denken. Jongeren Je kunt niet zeggen welke van de drie elementen (sociaal-demografische factoren, context en waarden en attitudes) belangrijker is. Ze werken ook op elkaar in. Als een jongere naar de stad gaat om te studeren, dan wordt die jongere doen dat ook. Daar komt trouwens best een traditioneel beeld uit naar voren. Jongeren vinden de auto nog steeds aantrekkelijk. Driekwart van de jongeren denkt dat ze een eigen auto hebben als ze 30 jaar zijn. Ze beginnen wel steeds later 76 Jongeren en mobiliteit

77 aan de auto, vooral als gevolg van langer studeren en later settelen. Demografische ontwikkelingen en ontwikkelingen in het leenstelsel en de OV-studentenkaart zorgen er mogelijk voor dat de groep studerende jongeren niet meer gaat toenemen en zelfs gaat afnemen. Een ander cruciaal element is de trek naar de stad. Als jongeren in de stad blijven wonen - wat op dit moment de verwachting is - dan zullen ze waarschijnlijk vasthouden aan een mobiliteitspatroon met meer OV en fiets en minder auto. Zelf geven ze ook aan dat de auto in de stad zeker niet altijd praktisch is. Life events, zoals verhuizen, kinderen krijgen en de eerste baan, zijn cruciale momenten waarop jongeren hun mobiliteitsgedrag opnieuw afwegen. Hier spelen we beleidsmatig nog steeds te weinig op in, terwijl jongeren dan veel beïnvloedbaarder zijn. Er is dan immers even geen gewoontegedrag. De conservatieve blik van jongeren zien we ook terug in hoe ze kijken naar nieuwe ontwikkelingen. Het delen van auto s wordt argwanend bekeken. Onder vrienden? Ja, dat kunnen ze zich nog wel voorstellen. Maar je auto uitlenen aan een vreemde is toch echt een stap te ver. Bedenk ook: voor een groot deel zijn autodeelsystemen nog redelijk onbekend voor jongeren, en daarmee onbemind. Onder wat oudere en hoogopgeleide jongeren in de stad - die bekend zijn met de mogelijkheden en voor wie autodelen financieel aantrekkelijk is - zien we een positieve houding tegenover autodelen. Jongeren nieuwe dingen laten uitproberen om bekendheid te vergroten, is altijd een zinvolle strategie. Ook de zelfrijdende auto kan op scepsis rekenen. Jongeren denken dat dit nog lang gaat duren en maken zich zorgen over de veiligheid. Ook vindt een deel het jammer dat ze dan zelf niet meer aan het stuur zitten. Of we hiermee de conclusie moeten trekken dat deze ontwikkelingen langzamer zullen gaan, is de vraag. Tegenover de mobiele telefoon stonden we aanvankelijk ook niet positief, maar die heeft in no-time de wereld veroverd. Als nieuwe ontwikkelingen echt hun nut bewijzen, dan kan het straks toch snel gaan. Tegenover het algemene beeld van wat voorzichtige jongeren staat dan ook weer de kleine groep van early adopters, die zich wel interesseert voor de nieuwste ontwikkelingen. Een duurzaam mobiliteitssysteem en elektrische auto s zijn elementen die de meeste jongeren absoluut zien gaan komen. Alleen lijkt de bereidheid om daar nu al aan bij te dragen (of iets voor op te geven) bij de meeste jongeren niet heel groot. Jongeren en mobiliteit 77

78 Social media en ICT zijn een integraal deel van het leven van jongeren, maar tegelijk denken de meeste jongeren dat dit nooit in de plaats komt van fysiek contact. Het is heel duidelijk en/en, waarbij ze nog steeds de grootste waarde toekennen aan elkaar persoonlijk ontmoeten. Maar ook voor onderwijs en voor winkelen geldt dat ze liever op pad gaan, dan het achter de PC te doen. Er ontstaan wel allerlei nieuwe wisselwerkingen. Jongeren maken via sociale media nieuwe vrienden op andere plekken in het land. Die ontmoeten ze dan later weer fysiek. Als we kijken naar de toekomst, dan is het ook interessant om te weten of de waarden en attitudes constant zijn. We zien dat de waarden en attitudes van mensen zich vooral ontwikkelen als ze jong zijn en het brein nog in ontwikkeling is. Dat loopt ongeveer door tot het 25e jaar. Daarna zijn waarden en attitudes meer constant. Hoe deze zich uiten, hangt uiteraard weer af van de context. Iemand die sterk op duurzaamheid georiënteerd is, kiest tijdens zijn studententijd ongetwijfeld voor de fiets en het openbaar vervoer. Maar rijdt hij of zij op zijn 35e - met een drukke baan en een gezin - in een elektrische auto? Wellicht! Als de mondiale energiecrisis straks een hoogtepunt bereikt, zal dit van invloed zijn op de waarden en attitudes van een hele maatschappij. Hoe zit het met jongeren en verkeersveiligheid? Jongeren maken zich opvallend druk over verkeersveiligheid. Ruim 70% van de jongeren vindt veiligheid belangrijker dan snelheid. Het is een generatie die beschermd is opgevoed. Veel jongeren ergeren zich aan asociaal verkeersgedrag van anderen, al geeft een deel aan dat ze zelf ook zeker niet de braafste zijn. Er is een kleine groep die houdt van snelheid in het verkeer. Zij zoeken risico s daarom soms bewust op. Jongeren die een ongeluk hebben gehad, reageren daar verschillend op. De een past zijn gedrag structureel aan, terwijl de ander de schuld buiten zichzelf legt. Drank en drugs zijn ook zeker een probleem onder jongeren in het verkeer, maar dat is geen thema dat uit de groep zelf komt. Veiligheid wordt overigens breed opgevat. Als we doorvragen dan blijkt het soms ook om sociale veiligheid te gaan: bijvoorbeeld in het openbaar vervoer of samen op de fiets naar huis na het uitgaan. Bevorderen van verkeersveilig gedrag van jongeren zelf houdt vooral verband met ervaring opdoen. Hoe vaker ze iets doen, hoe meer dat went en hoe minder dat mis gaat. Een rijbewijs is in dat licht zeker geen eindpunt, maar vooral het beginpunt van leren rijden. 78 Jongeren en mobiliteit

79 Van welke mobiliteitsproblemen liggen jongeren wakker? Mobiliteit is voor jongeren geen thema waar ze zich echt zorgen over maken. Tegelijkertijd reizen ze wel elke dag. Daarbij lopen ze - letterlijk en figuurlijk - tegen dingen aan. In de vakwereld krijgen files vaak de meeste aandacht als het gaat over bereikbaarheid. Voor jongeren zijn files echter (nog) geen thema. Ze maken nog niet zoveel gebruik van de auto en staan dus ook nog niet zo vaak in de file. Met de fiets - waar jongeren veel gebruik van maken - hoeft er wat hen betreft niet zoveel te gebeuren. En ook het stimuleren van duurzame vervoerwijzen heeft voor de meeste jongeren geen hoge prioriteit. De volgende twee opgaven vinden jongeren volgens het onderzoek wél belangrijk: Kwaliteit en betaalbaarheid van het OV Het belangrijkste aspect waar jongeren over vallen in het OV, is de prijs. Het uitbreiden van de OVstudentenkaart voor jongeren in het MBO lijkt in dit verband een interessante keuze. De onvrede komt misschien ook voort uit het ongenoegen over de kwaliteit. Veel jongeren klagen over overvolle bussen en vertragingen. Het gevaar ligt op de loer dat vervoerders jongeren for granted nemen. Als je hen niet aan je weet te binden, is de kans groot dat ze later het openbaar vervoer links laten liggen. Gezien de hoge waardering voor de fiets is het promoten van de combinatie fiets en openbaar vervoer een kansrijke richting onder jongeren. Verkeersveiligheid en asociaal verkeersgedrag Ook verkeersveiligheid en asociaal verkeersgedrag scoren hoog als thema s waarvan jongeren vinden dat de overheid ze moet aanpakken. De oplossing zien ze trouwens minder in het verbeteren van de infrastructuur, maar vooral in het beïnvloeden van het gedrag. Jongeren en mobiliteit 79

80

81 COLOFON Initiatief en uitvoering Goudappel Coffeng, YoungWorks Opdrachtgevers Datum publicatie Kenmerk Auteurs Copyright G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht), Stedelijk netwerk Brabantstad/B5 (Breda, Eindhoven, Helmond, s-hertogenbosch en Tilburg), Stadsregio Amsterdam, Provincie Gelderland, Provincie Limburg, Provincie Noord-Brabant, Provincie Overijssel, Provincie Utrecht, Provincie Zuid-Holland, Gemeente Amersfoort, Gemeente Enschede 9 november 2015 YGW001/Eks/ Sander van der Eijk, Thomas Straatemeier (Goudappel Coffeng) Joris Schuurman, Yvonne van Sark (YoungWorks) Met medewerking van Robert van Ossenbruggen (CustomerCentral) Nets uit deze rapportage mag worden overgenomen zonder bronvermelding. Aan de inhoud van de rapportage kunnen geen rechten worden ontleend. Eventuele rechthebbenden op gebruikt beeldmateriaal dienen contact op te nemen met de uitgever.

82 YoungWorks en Goudappel Coffeng verkenden voor een 11-tal geïnteresseerde overheidspartijen het jongerenperspectief op mobiliteit. Welke waarden en motivaties hebben jongeren als het gaat om verkeer, vervoer en verplaatsen? Welke segmenten jongeren zien we? Wat zijn hun waarden? En welk mobiliteitsgedrag hoort daarbij? Dat biedt aanknopingspunten voor het activeren van die (groepen) jongeren, voor beleid of concrete interventies! Het onderzoek is uitgevoerd in 2014 en Goudappel Coffeng is mobiliteitsexpert. YoungWorks is doelgroepspecialist. Amsterdam 9 november 2015

De ene jongere is de andere niet: Naar een segmentering van jongeren op basis van hun waarden en attitudes ten aanzien van mobiliteit

De ene jongere is de andere niet: Naar een segmentering van jongeren op basis van hun waarden en attitudes ten aanzien van mobiliteit De ene jongere is de andere niet: Naar een segmentering van jongeren op basis van hun waarden en attitudes ten aanzien van mobiliteit Thomas Straatemeier- Goudappel Coffeng [email protected] Sander

Nadere informatie

Je bent jong en je wilt wat... minder auto?

Je bent jong en je wilt wat... minder auto? - Je bent jong en je wilt wat... minder auto? Kim Ruijs Significance [email protected] Marco Kouwenhoven Significance [email protected] Eric Kroes Significance [email protected] Bijdrage

Nadere informatie

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009

FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009 FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)

Nadere informatie

Vervoer in het dagelijks leven

Vervoer in het dagelijks leven Vervoer in het dagelijks leven Doordat de afstanden tot voorzieningen vandaag de dag steeds groter worden neemt het belang van vervoer in het dagelijks leven toe. In april 2014 zijn de leden van het Groninger

Nadere informatie

Uit huis gaan van jongeren

Uit huis gaan van jongeren Arie de Graaf en Suzanne Loozen Jaarlijks verlaten bijna een kwart miljoen jongeren het ouderlijk huis. Een klein deel van hen is al vóór de achttiende verjaardag uit huis gegaan. De meeste jongeren gaan

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer. www.alphabet.com

Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer. www.alphabet.com Mobiliteit & duurzaamheid Leaserijder wordt steeds duurzamer www.alphabet.com Duurzame mobiliteit. Onderzoek naar gedrag en keuzes van leaserijders op gebied van duurzaamheid. Leaserijders steeds milieubewuster.

Nadere informatie

Trends in fietsgebruik

Trends in fietsgebruik Trends in fietsgebruik Lucas Harms Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Universiteit van Amsterdam Trends in fietsgebruik A. Toenemende drukte? B. Sociale en ruimtelijke verschillen C. Fiets in de keten

Nadere informatie

Mobiliteit & flexibiliteit Medewerkers en hun vervoerskeuze. www.alphabet.com

Mobiliteit & flexibiliteit Medewerkers en hun vervoerskeuze. www.alphabet.com Mobiliteit & flexibiliteit Medewerkers en hun vervoerskeuze www.alphabet.com Onderzoek Behoefte van zakelijke rijders aan variatie in vervoersmiddelen Flexibele mobiliteit Keuzevrijheid vooral voor jongeren

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 20 Fact sheet april 20 De totale werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar vrijwel gelijk gebleven aan 2015. Van de 14.000 Amsterdamse jongeren

Nadere informatie

Mobiliteitsclub VAB onderzoek jongeren en mobiliteit

Mobiliteitsclub VAB onderzoek jongeren en mobiliteit 1 Maarten Matienko maarten.matienko @vab.be t 03 210 70 80 m 0495 53 61 42 Jongeren en mobiliteit 13 november 2017 Mobiliteitsclub VAB onderzoek jongeren en mobiliteit Sterke groei van het autogebruik

Nadere informatie

8. Werken en werkloos zijn

8. Werken en werkloos zijn 8. Werken en werkloos zijn In 22 is de arbeidsdeelname van allochtonen niet meer verder gestegen. Onder autochtonen is het aantal personen met werk nog wel licht toegenomen. De arbeidsdeelname onder Surinamers,

Nadere informatie

Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken

Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken Rapportage Juli 2013 Meer informatie: [email protected] Samenvatting (1/3) 1. Veel 17-jarigen maken de indruk verstandig om te gaan

Nadere informatie

Wat zie jij er uitgeslapen uit... Monitoringsrapport 2.0

Wat zie jij er uitgeslapen uit... Monitoringsrapport 2.0 Wat zie jij er uitgeslapen uit... Monitoringsrapport 2. Inhoud 1 Inleiding... 5 2 Werving en achtergronden deelnemers... 6 2.1 Interpretatie van de gegevens...6 2.2 Werving...6 2.3 Doelgroep...7 2.4 Kenmerken

Nadere informatie

Voorwoord. Uitkomsten enquête 19-06-2011

Voorwoord. Uitkomsten enquête 19-06-2011 Voorwoord In mijn scriptie De oorlog om ICT-talent heb ik onderzoek gedaan of Het Nieuwe Werken als (gedeeltelijke) oplossing kon dienen voor de aankomende vergrijzing. Hiervoor werd de volgende onderzoeksvraag

Nadere informatie

VERGRIJZING, verplaatsingsgedrag en mobiliteit

VERGRIJZING, verplaatsingsgedrag en mobiliteit PBL-notitie VERGRIJZING, verplaatsingsgedrag en mobiliteit Frank van Dam en Hans Hilbers PBL-publicatienummer: 1122 Juni 2013 Pagina 1 van 12 Vergrijzing, verplaatsingsgedrag en mobiliteit Tot aan het

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015 Fact sheet juni 20 De werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar sterk gedaald. Van de 3.00 Amsterdamse jongeren in de leeftijd van 15

Nadere informatie

Resultaten fietsenquête

Resultaten fietsenquête Resultaten fietsenquête Geslacht 16% meer mannen dan vrouwen hebben deze enquête beantwoord. 1 Leeftijd Minder jonge mensen hebben de enquête ingevuld. Zij zijn dus ondervertegenwoordigd in de resultaten

Nadere informatie

Trends in fietsgebruik

Trends in fietsgebruik Trends in fietsgebruik Lucas Harms i.s.m. Roland Kager Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Universiteit van Amsterdam Trends in fietsgebruik A. Sociale en ruimtelijke verschillen B. Fiets in de keten

Nadere informatie

Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland

Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland Maart 2015 INHOUDSOPGAVE Kennis en houding wet werk en zekerheid 3 Ervaring met wet werk en

Nadere informatie

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland

Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Effecten van Mobility Mixx voor de BV Nederland Indicatie van het potentieel van Mobility Mixx wanneer toegepast op het gehele Nederlandse bedrijfsleven Notitie Delft, november 2010 Opgesteld door: A.

Nadere informatie

De auto is van ons allemaal

De auto is van ons allemaal De auto is van ons allemaal Over de afstemming van autogebruik binnen huishoudens MPN Symposium 15 September 2015 Marie-José Olde Kalter 2 Groei autogebruik in Nederland 3 Ontwikkeling mobiliteit 1985-2012,

Nadere informatie

WHITEPAPER HOME DECO VROUWEN TOT 35 ZIJN VOORLOPERS OP HET GEBIED 66% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN

WHITEPAPER HOME DECO VROUWEN TOT 35 ZIJN VOORLOPERS OP HET GEBIED 66% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN WHITEPAPER HOME DECO 66% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN VOOR VROUWEN TOT 35 ZIJN VOORLOPERS OP HET GEBIED VAN Nederlanders houden zich graag bezig met het inrichten van hun huis. Vrouwen hebben meer interesse

Nadere informatie

2. Verklaringen voor verschillen in mobiliteit

2. Verklaringen voor verschillen in mobiliteit 2. Verklaringen voor verschillen in mobiliteit Er zijn minstens vijf verklaringen voor de grote verschillen die er tussen de stedelijke gebieden bestaan in het gebruik van de auto, het openbaar vervoer

Nadere informatie

ONNA ONNA CAR CHALLENGE Een kwantitatief onderzoek naar de challenges van Nederlandse vrouwen tijdens het autorijden

ONNA ONNA CAR CHALLENGE Een kwantitatief onderzoek naar de challenges van Nederlandse vrouwen tijdens het autorijden ONNA ONNA CAR CHALLENGE Een kwantitatief onderzoek naar de challenges van Nederlandse vrouwen tijdens het autorijden JORIS DE JONGH CAROLINE VAN TEEFFELEN AMSTERDAM, 1 MEI 2015 2 VOORAF 3 VOORAF ACHTERGROND

Nadere informatie

Stadjers over fietsen in Groningen. Een Stadspanelonderzoek

Stadjers over fietsen in Groningen. Een Stadspanelonderzoek B A S I S V O O R B E L E I D Stadjers over fietsen in Groningen Een Stadspanelonderzoek Onderzoek en Statistiek Groningen heeft als kernactiviteiten instrumentontwikkeling voor en uitvoering van beleidsgericht

Nadere informatie

Grafiek 12.1a Soorten vervoermiddelen waar Leidenaren over beschikken, in procenten van alle Leidenaren 0% 25% 50% 75% 100%

Grafiek 12.1a Soorten vervoermiddelen waar Leidenaren over beschikken, in procenten van alle Leidenaren 0% 25% 50% 75% 100% 12 VERVOERMIDDELENKEUZE De afdeling Ruimte- en Milieubeleid wil graag weten over welke vervoermiddelen de Leidenaren beschikken en welke zij voor verschillende doeleinden gebruiken. Daarnaast is de gemeente

Nadere informatie

Eerste resultaten van de Monitor-enquête over de mobiliteit van de Belgen

Eerste resultaten van de Monitor-enquête over de mobiliteit van de Belgen Eerste resultaten van de Monitor-enquête over de mobiliteit van de Belgen Inleiding De FOD Mobiliteit en Vervoer en het Vias-instituut hebben een grote enquête georganiseerd om de mobiliteitsgewoonten

Nadere informatie

Onderzoek Trappers. rapportage. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen

Onderzoek Trappers. rapportage. Opdrachtgever. Opdrachtnemer. Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen Onderzoek Trappers rapportage Opdrachtgever Nationale Fiets Projecten Postbus 594 8440 AN Heerenveen Opdrachtnemer DTV Consultants B.V. Ruben van den Hamsvoort en Alex van Ingen POM 8267 Breda, maart 2009

Nadere informatie

Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen

Rapportage. Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen Rapportage Onderzoek: mediawijsheid onder ouders en kinderen In opdracht van: Mediawijzer.net Datum: 22 november 2013 Auteurs: Marieke Gaus & Marvin Brandon Index Achtergrond van het onderzoek 3 Conclusies

Nadere informatie

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h TNS Nipo Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam t 020 5225 444 e [email protected] www.tns-nipo.com Rapport Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h Rick Heldoorn & Matthijs de Gier H1630

Nadere informatie

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt

Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt s op de arbeidsmarkt Moniek Coumans De arbeidsdeelname van alleenstaande moeders is lager dan die van moeders met een partner. Dit verschil hangt voor een belangrijk deel samen met een oververtegenwoordiging

Nadere informatie

Jeugdwerkloosheid Amsterdam

Jeugdwerkloosheid Amsterdam Jeugdwerkloosheid Amsterdam 201-201 Factsheet maart 201 De afgelopen jaren heeft de gemeente Amsterdam fors ingezet op het terugdringen van de jeugdwerkloosheid. Nu de aanpak jeugdwerkloosheid is afgelopen

Nadere informatie

Centre for Urban Studies Ontwikkelingen in fietsgebruik en fietsbeleid

Centre for Urban Studies Ontwikkelingen in fietsgebruik en fietsbeleid Centre for Urban Studies Ontwikkelingen in fietsgebruik en fietsbeleid Lucas Harms, Marco te Brömmelstroet en Luca Bertolini DBR-fietsonderzoek 1. Sociale en ruimtelijke veranderingen in fietsgebruik en

Nadere informatie

Factsheet persbericht

Factsheet persbericht Factsheet persbericht Nut vakbonden onbekend bij jongeren 30 november 2011 Inleiding Van oktober 2011 tot november 2011 hield Zoekbijbaan.nl het Nationale Bijbanen Onderzoek. Aan het onderzoek deden 2464

Nadere informatie

HOE SLIM REIS JIJ? EEN KWANTITATIEF ONDERZOEK NAAR HET NIEUWE WERKEN EN MOBILITEIT IN OPDRACHT VAN DE ANWB

HOE SLIM REIS JIJ? EEN KWANTITATIEF ONDERZOEK NAAR HET NIEUWE WERKEN EN MOBILITEIT IN OPDRACHT VAN DE ANWB HOE SLIM REIS JIJ? EEN KWANTITATIEF ONDERZOEK NAAR HET NIEUWE WERKEN EN MOBILITEIT IN OPDRACHT VAN DE ANWB CONCEPT HANS ONKENHOUT AMSTERDAM, OKTOBER 2011 HOE SLIM REIS JIJ? Een kwantitatief onderzoek naar

Nadere informatie

Jongeren & hun financiële verwachtingen

Jongeren & hun financiële verwachtingen Nibud, februari Jongeren & hun financiële verwachtingen Anna van der Schors Daisy van der Burg Nibud in samenwerking met het 1V Jongerenpanel van EenVandaag Inhoudsopgave 1 Onderzoeksopzet Het Nibud doet

Nadere informatie

Informatie over reisstijlen in Utrecht en Amersfoort

Informatie over reisstijlen in Utrecht en Amersfoort Informatie over reisstijlen in Utrecht en Amersfoort Utrecht en Amersfoort beschikken over een unieke bron van mobiliteitsinformatie: reisstijlen. Reisstijlen zijn vergelijkbaar met leefstijlen (o.a. van

Nadere informatie

Rotterdam MaaS beleving Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming. Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming

Rotterdam MaaS beleving Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming. Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming Rotterdam MaaS beleving Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming Daan Zegwaart Projectleider De Verkeersonderneming Vandaag 01. De Verkeersonderneming 04. Eerste resultaten 02. Opzet experiment

Nadere informatie

Trendbreuk in mobiliteitsontwikkeling. Ben Immers Jan van der Waard

Trendbreuk in mobiliteitsontwikkeling. Ben Immers Jan van der Waard Trendbreuk in mobiliteitsontwikkeling 1 Ben Immers Jan van der Waard 2 Recente ontwikkelingen in de mobiliteit Mobiliteit 3 Totaal aantal afgelegde kilometers per jaar Bepaald door: Aantal personen x Aantal

Nadere informatie

Voor het eerst neemt vrije tijd niet meer af

Voor het eerst neemt vrije tijd niet meer af Voor het eerst neemt vrije tijd niet meer af Hoe gaan Nederlanders met hun tijd om? vraagt het Sociaal en Cultureel Planbureau zich af in het laatste rapport over het vijfjaarlijkse Tijdsbestedingsonderzoek.

Nadere informatie

Waar winkelen de inwoners van de gemeente Ede? Een onderzoek op basis van 304 winkelmomenten

Waar winkelen de inwoners van de gemeente Ede? Een onderzoek op basis van 304 winkelmomenten Waar winkelen de inwoners van de gemeente? Een onderzoek op basis van 304 winkelmomenten In opdracht van de SGP Door Studentenpool Bestuurlijke Bedrijfskunde Academie Mens & Organisatie Christelijke Hogeschool

Nadere informatie

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig flexibiliteit genoeg geraken gezondheid goed goede goedkoop grote BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT Grafische voorstelling open antwoorden andere belangrijke zaken bij verplaatsingen aankomen aansluiting

Nadere informatie

Maatschappelijke waardering van Nederlandse Landbouw en Visserij

Maatschappelijke waardering van Nederlandse Landbouw en Visserij Nederlandse Landbouw en Visserij Inhoud 1 Inleiding 03 2 Samenvatting en conclusies landbouw en visserij 3 Maatschappelijke waardering landbouw 09 4 Associaties agrarische sector 13 5 Waardering en bekendheid

Nadere informatie

Informatie over de deelnemers

Informatie over de deelnemers Tot eind mei 2015 hebben in totaal 45558 mensen deelgenomen aan de twee Impliciete Associatie Testen (IATs) op Onderhuids.nl. Een enorm aantal dat nog steeds groeit. Ook via deze weg willen we jullie nogmaals

Nadere informatie

JONGEREN IN GELDERLAND OVER

JONGEREN IN GELDERLAND OVER JONGEREN IN GELDERLAND OVER een sterk bestuur en hun gemeente Aanleiding De provincie Gelderland werkt samen met VNG Gelderland aan het project Sterk Bestuur Gelderland (SBG). In het project wordt het

Nadere informatie

Grafiek 26.1a Het vóórkomen van verschillende vormen van discriminatie in Leiden volgens Leidenaren, in procenten 50% 18% 19% 17% 29%

Grafiek 26.1a Het vóórkomen van verschillende vormen van discriminatie in Leiden volgens Leidenaren, in procenten 50% 18% 19% 17% 29% 26 DISCRIMINATIE In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het vóórkomen en melden van discriminatie in Leiden en de bekendheid van en het contact met het Bureau Discriminatiezaken. Daarnaast komt aan de orde

Nadere informatie

Arbeidsdeelname van paren

Arbeidsdeelname van paren Arbeidsdeelname van paren Johan van der Valk De combinatie van een voltijdbaan met een is het meest populair bij paren, met name bij paren boven de dertig. Ruim 4 procent van de paren combineerde in 24

Nadere informatie

Panel Fryslân over jongeren in Fryslân

Panel Fryslân over jongeren in Fryslân Panel Fryslân over jongeren in Fryslân Leren, werken en wonen PANEL FRYSLÂN december 217 Panel Fryslân is onderdeel van het Fries Sociaal Planbureau Panel Fryslân over jongeren in Fryslân 2.11 Dit jaar

Nadere informatie

Ondernemerschap in Zuidoost-Brabant in perspectief

Ondernemerschap in Zuidoost-Brabant in perspectief M201208 Ondernemerschap in in perspectief Ondernemerschap in vergeleken met en de rest van Ro Braaksma Nicolette Tiggeloove Zoetermeer, februari 2012 Ondernemerschap in in perspectief In zijn er meer nieuwe

Nadere informatie

Bijlage 8. Enquête. Analyse- en Oplossingsrichtingenfase MIRT-onderzoek Bereikbaarheid Rotterdam Den Haag

Bijlage 8. Enquête. Analyse- en Oplossingsrichtingenfase MIRT-onderzoek Bereikbaarheid Rotterdam Den Haag Bijlage 8 Enquête Analyse- en Oplossingsrichtingenfase MIRT-onderzoek Bereikbaarheid Rotterdam Den Haag documenttitel: BIJLAGE 8 ENQUÊTE ANALYSE- EN OPLOSSINGSRICHTINGENFASE MIRT-ONDERZOEK BEREIKBAARHEID

Nadere informatie

Enquête SJBN 15.10.2013

Enquête SJBN 15.10.2013 Enquête SJBN 15.10.2013 1 Inhoudsopgave Steekproef Resultaten enquête Algehele tevredenheid Arbeidsomstandigheden Urennorm Ondernemersaspecten Kijk op de toekomst Conclusies 2 Steekproef: achtergrond kenmerken

Nadere informatie

DONATEUR KIEST GOEDE DOEL VANWEGE ONDERWERP EN STOPT MET STEUN VANWEGE ONTEVREDENHEID OVER GOEDE DOEL

DONATEUR KIEST GOEDE DOEL VANWEGE ONDERWERP EN STOPT MET STEUN VANWEGE ONTEVREDENHEID OVER GOEDE DOEL Meting maart 2013 Het Nederlandse Donateurspanel van WWAV wordt mede mogelijk gemaakt door het CBF en is uitgevoerd door Peil.nl DONATEUR KIEST GOEDE DOEL VANWEGE ONDERWERP EN STOPT MET STEUN VANWEGE ONTEVREDENHEID

Nadere informatie

Gedrag in mobiliteitsbeleid

Gedrag in mobiliteitsbeleid Gedrag in mobiliteitsbeleid Congres Kennis voor Gedragsbewust Beleid Arjen t Hoen plv. directeur Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) Inhoud 1. Mobiliteitsbeleid al zeer gedragsbewust maar wel

Nadere informatie

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014

Factsheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014. Werkloosheid stijgt naar 24% Definities. Nummer 6 juni 2014 Nummer 6 juni 2014 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2014 Factsheet Ondanks eerste tekenen dat de economie weer aantrekt blijft de werkloosheid. Negen procent van de Amsterdamse beroepsbevolking is werkloos

Nadere informatie

Uitkomsten enquête - Verkeer in de Stad - Denk en Doe Mee-panel

Uitkomsten enquête - Verkeer in de Stad - Denk en Doe Mee-panel Uitkomsten enquête - Verkeer in de Stad - Denk en Doe Mee-panel 2 Onderzoek Het is te druk op de fietspaden in de grote steden. Oorzaak? Steeds meer fietsers en snelheidsverschillen door de komst van e-bikes,

Nadere informatie

Oudere Weggebruikers. Kennisdag ROV Oost NL. Alex Oosterveen en Reinoud Nägele 10 december 2015 Dia 1

Oudere Weggebruikers. Kennisdag ROV Oost NL. Alex Oosterveen en Reinoud Nägele 10 december 2015 Dia 1 Oudere Weggebruikers Kennisdag ROV Oost NL Alex Oosterveen en Reinoud Nägele 10 december 2015 Dia 1 Omvang probleem Het aantal verkeersongelukken waarbij ouderen betrokken zijn, neemt toe. ANP Dia 2 Verdubbeling

Nadere informatie

Inzicht in hoe Nederland aankijkt tegen het gebruik van de mobiele telefoon op de fiets

Inzicht in hoe Nederland aankijkt tegen het gebruik van de mobiele telefoon op de fiets Inzicht in hoe Nederland aankijkt tegen het gebruik van de mobiele telefoon op de fiets Rapport voor Ministerie van Infrastructuur en Milieu 19 januari 2017 Inhoudsopgave Conclusies Resultaten Bijlagen

Nadere informatie

Maatschappelijke waardering van Nederlandse landbouw en visserij 2017

Maatschappelijke waardering van Nederlandse landbouw en visserij 2017 Nederlandse landbouw en visserij 2017 Inhoud 1 Inleiding 03 2 Samenvatting en conclusies landbouw en visserij 3 Maatschappelijke waardering landbouw 09 4 Associaties agrarische sector 14 5 Waardering en

Nadere informatie

De Popularisering van het Internet in Nederland Trendrapport Internetgebruik 2011

De Popularisering van het Internet in Nederland Trendrapport Internetgebruik 2011 De Popularisering van het Internet in Nederland Trendrapport Internetgebruik 2011 Prof. Dr. Jan A.G.M. van Dijk Vakgroep Media, Communicatie en Organisatie Trendrapport Computer en Internetgebruik 2010

Nadere informatie

Verkeersslachtoffers onder jongeren. Dia 1

Verkeersslachtoffers onder jongeren. Dia 1 Verkeersslachtoffers onder jongeren Dia 1 Inhoud 1. Problematiek 2. Oorzaken 3. Kenmerken pubers 4. Aandachtspunten maatregelen 5. Maatregelen Dia 2 Problematiek (1) Omvang: in Oost-Nederland vallen jaarlijks

Nadere informatie

Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg

Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg Onderzoek uitgevoerd in opdracht van: Gemeente Tilburg DIMENSUS beleidsonderzoek December 2012 Projectnummer 507 Inhoudsopgave Samenvatting

Nadere informatie

Wat vinden de inwoners van gemeente Westland van haar openbaar vervoer netwerk en staan zij open voor veranderingen?

Wat vinden de inwoners van gemeente Westland van haar openbaar vervoer netwerk en staan zij open voor veranderingen? Wat vinden de inwoners van gemeente Westland van haar openbaar vervoer netwerk en staan zij open voor veranderingen? Opdracht voor het vrije studiepunt Ysabel van der Meer 13117920 Meneer de Vos SLB 29

Nadere informatie

WHITEPAPER FASHION 22% VAN NEDERLANDERS IS VOORLOPER OP HET GEBIED VAN KLEDING 75% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN VOOR NIEUWE AANBIEDERS VAN KLEDING

WHITEPAPER FASHION 22% VAN NEDERLANDERS IS VOORLOPER OP HET GEBIED VAN KLEDING 75% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN VOOR NIEUWE AANBIEDERS VAN KLEDING WHITEPAPER FASHION 75% VAN NEDERLANDERS STAAT OPEN VOOR NIEUWE AANBIEDERS VAN KLEDING 22% VAN NEDERLANDERS IS VOORLOPER OP HET GEBIED VAN KLEDING Vooral vrouwen zijn geïnteresseerd in kleding. Zij zoeken

Nadere informatie

CBS-berichten: Veranderingen in de arbeidsparticipatie in Nederland sinds 1970

CBS-berichten: Veranderingen in de arbeidsparticipatie in Nederland sinds 1970 CBS-berichten: Veranderingen in de arbeidsparticipatie in Nederland sinds 1970 Lian Kösters, Paul den Boer en Bob Lodder* Inleiding In dit artikel wordt de arbeidsparticipatie in Nederland tussen 1970

Nadere informatie

Diversiteit in de Provinciale Staten

Diversiteit in de Provinciale Staten Onderzoek Diversiteit in de Provinciale Staten Het Huis voor democratie en rechtsstaat heeft na de verkiezingen van 2 maart 2011 de diversiteit in de nieuwe Provinciale Staten (PS) onderzocht. Het gaat

Nadere informatie

Rapportage. Evaluatie onderzoek Het succes van de stimuleringsregeling E-bike

Rapportage. Evaluatie onderzoek Het succes van de stimuleringsregeling E-bike Rapportage Evaluatie onderzoek Het succes van de stimuleringsregeling E-bike In opdracht van: Stadsregio Arnhem Nijmegen Datum: 11 februari 2013 Projectnummer: 2012171 Auteurs: Ronald Steenhoek & Marieke

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Het aantal eerste en tweede generatie immigranten in Nederland is hoger dan ooit tevoren. Momenteel wonen er 3,2 miljoen immigranten in Nederland, dat is 19.7% van de totale

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder autochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder autochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder autochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder autochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong. Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015

Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong. Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015 Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015 Achtergrond Achtergrond 2 Achtergrond SAMPLE 420 Respondenten WEging De data is gewogen op geslacht, leeftijd en opleiding naar

Nadere informatie

De digitale customer journey

De digitale customer journey De digitale customer journey 1 Inhoudsopgave Search Informatie zoeken voor aankoop p.3 Belangrijkste informatiebron p.4 Gezochte informatie tijdens oriëntatieproces p.5 Shop Voorkeur voor manier van aankoop

Nadere informatie

Fact sheet. Dienst Wonen, Zorg en Samenleven. Eigen woningbezit 1e en 2e generatie allochtonen. Aandeel stijgt, maar afstand blijft

Fact sheet. Dienst Wonen, Zorg en Samenleven. Eigen woningbezit 1e en 2e generatie allochtonen. Aandeel stijgt, maar afstand blijft Dienst Wonen, Zorg en Samenleven Fact sheet nummer 1 januari 211 Eigen woningbezit 1e en Aandeel stijgt, maar afstand blijft Het eigen woningbezit in Amsterdam is de laatste jaren sterk toegenomen. De

Nadere informatie

Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen. Nienke Lammertink en Koen Breedveld

Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen. Nienke Lammertink en Koen Breedveld NEDERLANDERS OVER DE VIERDAAGSE Onderzoek in het kader van de 100 ste editie van de Internationale Vierdaagse Afstandsmarsen Nijmegen Nienke Lammertink en Koen Breedveld Mei 2016 1 Nederlanders over de

Nadere informatie

Onderzoek verplaatsingsgedrag Vlaanderen ( ) Analyserapport

Onderzoek verplaatsingsgedrag Vlaanderen ( ) Analyserapport Onderzoek verplaatsingsgedrag Vlaanderen (2015-2016) Analyserapport 1 INLEIDING Sinds 1994 voert de Vlaamse Overheid onderzoek uit naar het verplaatsingsgedrag van Vlamingen. Dit onderzoek wordt het Onderzoek

Nadere informatie

Jong & Natuur. Een onderzoek naar hoe meer jongeren betrokken kunnen worden bij natuur- en milieuorganisaties. Luuk de Vries

Jong & Natuur. Een onderzoek naar hoe meer jongeren betrokken kunnen worden bij natuur- en milieuorganisaties. Luuk de Vries 29-2-2016 Jong & Natuur Een onderzoek naar hoe meer jongeren betrokken kunnen worden bij natuur- en milieuorganisaties Luuk de Vries Onderzoeksvraag Hoe kunnen jonge vrijwilligers geworven worden door

Nadere informatie

Om(_)scholen naar veilig haal en brenggedrag

Om(_)scholen naar veilig haal en brenggedrag Om(_)scholen naar veilig haal en brenggedrag Keuze- en rijgedrag van ouders die hun kinderen per auto naar de basisschool brengen: analyse en aanbevelingen Martijn van de Lindeloof - Grontmij Inhoud 1.Introductie

Nadere informatie

Meting september 2013

Meting september 2013 Meting september 2013 Het Nederlandse Donateurspanel van WWAV wordt mede mogelijk gemaakt door het CBF en is uitgevoerd door Peil.nl Donateursvertrouwen daalt in tegenstelling tot consumentenvertrouwen

Nadere informatie

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2014

Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2014 1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2014 Fact sheet juni 2015 De werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is voor het eerst sinds enkele jaren weer gedaald. Van de bijna 140.000 Amsterdamse jongeren

Nadere informatie

ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting. conclusies

ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting. conclusies ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting conclusies Amsterdam, 21 maart 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA Drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave Conclusies

Nadere informatie

Niet-westerse allochtonen behoren minder vaak tot de werkzame beroepsbevolking 1) Arbeidsdeelname niet-westerse allochtonen gedaald

Niet-westerse allochtonen behoren minder vaak tot de werkzame beroepsbevolking 1) Arbeidsdeelname niet-westerse allochtonen gedaald 7. Vaker werkloos In is de arbeidsdeelname van niet-westerse allochtonen gedaald. De arbeidsdeelname onder rs is relatief hoog, zes van de tien hebben een baan. Daarentegen werkten in slechts vier van

Nadere informatie