Leskaarten muurkaatsen
|
|
|
- Philomena Michiels
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Leskaarten muurkaatsen Muurkaatsen Opbouw Spelvormen Muurkaatsen Kaatstennis Flyball Leskaarten muurkaatsen Najaar 2010 Vlot te doen Volop actie!! Maaike Osinga
2 Inhoudsopgave Inleiding...3 Spelregels muurkaatsen 1 tegen Warming-up Kriskras door de zaal...5 Warming-up Treintje...6 Voetenwerk Lijnen...7 Voetenwerk Touwtjes...8 Tweetallen Zonder muur...9 Tweetallen Met muur Werpen en vangen...10 Tweetallen Met muur Slaan Wedstrijd 1 tegen Ezelen...13 Kaatstennis...14 Flyball...15
3 Inleiding Met de hiernavolgende leskaarten is het als leerkracht in het basisonderwijs heel goed mogelijk tijdens de lessen bewegingsonderwijs aandacht te besteden aan muurkaatsen, een snel en spannend spel, eenvoudig te doen en vlot te regelen. Een zachte, stuitende kleine bal, een stukje muur en spelen maar! In de wetenschap, dat niet elke zaal of sporthal voldoende blinde, vlakke muren heeft om een volledige klas bezig te laten zijn met muurkaatsen, is ervoor gekozen in deze reader enkele andere eenvoudige kaatsspelvormen toe te voegen. Deze spelvormen kunnen tegelijkertijd in een ander deel van de zaal of hal gespeeld worden. Om de kinderen voldoende kansen te geven om tot spel te komen, is de keuze van de bal wel een belangrijke. Een zachte luchtbal of foambal met een trage stuit voldoet prima voor beginnende spelers en jonge kinderen. Als KNKB hopen we u met deze leskaarten een steuntje in de rug te geven om dit prachtige spel bij uw leerlingen te introduceren! Een setje luchtballen geven we u graag in bruikleen. Een woord van dank is op zijn plaats aan Dorien van Steen, die vanuit de gemeente Wûnseradiel / Bolsward deze bewegingsactiviteiten stimuleert en aan Maaike Osinga, die als docent bewegingsonderwijs in opleiding haar stage en afstudeeropdracht uitvoert bij de KNKB. Zij heeft gezorgd voor deze serie duidelijke en voor basisonderwijs geschikte leskaarten. Succes!! Namens de KNKB, Koninklijke Nederlands Kaats Bond Ymkje Broersma Coördinator Technische Zaken T E [email protected] W
4 Het spel Spelregels muurkaatsen 1 tegen 1 Na de opslag moeten beide spelers om de beurt de bal slaan. Het is de bedoeling om ervoor te zorgen dat je tegenspeler de bal niet weer terug op de muur tussen de lijnen kan slaan. Punten scoren Alleen degene die opslaat kan een punt scoren. Als speler 1 de bal niet weer op de muur binnen de lijnen kan krijgen, scoort speler 2 een punt als hij had opgeslagen. Als speler 1 had opgeslagen, wordt er van opslag gewisseld en krijgt geen van beide een punt. Wie als eerste 11 punten heeft, heeft een set. Degene die als eerste 2 sets heeft, is de winnaar. Mocht het voorkomen dat beide spelers een set winnen, wordt er een derde set gespeeld. In deze set gaat het erom wie als eerste 7 punten heeft, waarbij er sprake moet zijn van 2 punten verschil. De opslag Er wordt opgeslagen binnen het opslagvak. De bal moet op de terugweg vanaf de muur weer in het veld komen over de opslaglijn. Als de bal niet over de opslaglijn komt of achter de achterlijn stuit, wordt de opslag opnieuw gedaan. De opslag maar één keer over gedaan worden. Als de bal aan de zijkant naast het veld komt, mag de opslag niet over worden gedaan en mag de ander opslaan. De lijnen Als een bal op de lijn komt, is de bal in. Als de bal op de opslaglijn komt bij de opslag, is de bal voor. Hinderen Bij zowel opzettelijk als onopzettelijk hinderen, wordt er een nieuwe bal (let) gespeeld.
5 Warming-up Kriskras door de zaal Opwarmen van de spieren Balgevoel krijgen Ervaren van de manier waarop de bal stuit Iedere leerling heeft een bal. Hiermee lopen ze, al stuitend, kriskras door de zaal. Op het teken van de docent kunnen er verschillende oefeningen worden uitgevoerd. Oefening Spel De bal stil neerleggen en zo snel mogelijk een andere zoeken Zo snel mogelijk oogcontact zoeken met een andere leerling en de bal 2 maal overgooien Zo snel mogelijk stilstaan en de bal hooghouden met beide handen Makkelijker: stilstaan in plaats van lopen Makkelijker: steeds de bal vangen bij het stuiten in plaats van door te gaan met stuiten Moeilijker: in looppas door de zaal in plaats van lopen Moeilijker: bal hooghouden in plaats van stuiten Het volgen van een parcours waarbij er onder touwtjes door en over banken heen gelopen moet worden terwijl er met de bal gestuit wordt. De leerlingen proberen de bal constant met één stuit te spelen. Wie het gelukt is met de minste keren de bal kwijt te raken is de winnaar.
6 Warming-up Treintje Opwarmen van de spieren Balgevoel krijgen Ervaren van de manier waarop de bal stuit Uit een groep wordt één of meerdere groepjes gemaakt. De leerlingen vormen per groepje een treintje. De voorste van het treintje verzint de route en een oefening die de rest na moet doen. Op het teken van de leerkracht sluit de voorste persoon achteraan. Degene die dan vooraan staat verzint een oefening. Oefening De oefeningen worden door de leerlingen zelf verzonnen De leerlingen kunnen een bal meekrijgen zodat ze daar ook oefeningen mee kunnen doen De leerlingen rennen in een rustig looppasje achter elkaar aan met ongeveer anderhalve meter afstand tussen elkaar. Op het teken van de leerkracht, rent de leerling die als laatste in rij loopt slalommend om de andere leerlingen heen totdat hij of zij vooraan loopt. Doorgaan totdat iedereen een keer slalommend naar voren is gerend.
7 Voetenwerk Lijnen Verbeteren voetenwerk Verbeteren coördinatie Ieder kind zoekt een lijn. Op deze lijn moeten de kinderen verschillende oefeningen doen. Het is de bedoeling dat de oefeningen zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Afhankelijk van de leeftijd kunnen de oefeningen moeilijker of makkelijker gemaakt worden. De tijd per oefening bedraagt, ook afhankelijk van de leeftijd, ongeveer 20 seconden. Oefening afbeeldingen 1. Eén voet voor en één voet achter de lijn. Zo snel mogelijk wisselen van voeten. 2. Voeten naast elkaar. Naast de lijn. Steeds naar rechts en links over de lijn heen springen. 3. Voeten naast elkaar. De tenen wijzen naar de lijn. Steeds over de lijn heen en terug springen. 4. Voeten naast elkaar. Naast de lijn. Schuin naar voren over de lijn. Recht naar achter. Schuin naar voren over de lijn. Recht naar achter, enz. Ook uit te voeren door schuin naar achter en recht naar voren te springen. Tenen wijzen naar de lijn. Links over de lijn, rechts over, links terug rechts terug, enz... Volgende ronde starten met rechts. Tussen twee lijnen(ongeveer 3 meter uit elkaar). Steeds heen en weer tussen de lijnen met de aansluitpas. De lijnen aantikken met de handen. Spel Wedstrijd wie het vaakst, binnen een van tevoren vastgesteld aantal seconden de oefening uitvoerd. Een bepaald aantal keer een oefening doen. De winnaar is de degene die als eerste klaar is.
8 Voetenwerk Touwtjes Verbeteren voetenwerk Verbeteren coördinatie Per tweetal een touwtje. De leerlingen zoeken een plekje in de zaal en leggen het touwtje in een rechte lijn op de grond. Over dit touwtje moeten de leerlingen verschillende oefeningen doen. Het is de bedoeling dat de oefeningen zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Afhankelijk van de leeftijd kunnen de oefeningen moeilijker of makkelijker gemaakt worden. De tijd per oefening bedraagt, ook afhankelijk van de leeftijd, ongeveer 20 seconden. In de tijd dat de ene leerling bezig is, heeft de ander rust. Oefening Zie oefeningen van leskaart 'voetenwerk lijnen' Touwtjespringen Het touwtje in een rondje leggen waarbij er aan alle kanten ongeveer 10 centimeter ruimte overblijft als de leerlingen er met twee voeten naast elkaar in staan. Zie afbeelding 1, 2 en 3 afbeeldingen 1. Tegelijk links en rechts uit het rondje (spreidstand). Beide aan een kant. Tegelijk weer terug. 2. Twee voeten aan elkaar geplakt. Naast het rondje, erin, andere kant er naast en terug. 3. De voeten gaan steeds uit elkaar en komen daarna altijd weer bij elkaar in het midden. Eerst beide aan de zijkant eruit als bij oefening 1), terug in het rondje, links vooruit en rechts achteruit, terug in het rondje. Van voren beginnen, alleen de voor en achter moet steeds omgedraaid worden. Dus eerste keer links voor, volgende keer rechts voor. Spel Wedstrijd wie het vaakst, binnen een van tevoren vastgesteld aantal seconden, een oefening uit kan voeren. Touwtje springen; zo vaak mogelijk binnen een minuut.
9 Tweetallen Zonder muur Verbeteren oog-handcoördinatie Verbeteren richten op doelen Alle leerlingen weten welke voet ze voor moeten hebben staan tijdens het gooien De leerlingen maken tweetallen. Ze gaan tegenover elkaar staan (zie afbeelding) en voeren verschillende oefeningen uit. Oefening Als je met rechts gooit, linkervoet voorzetten. Onderhands rollen over een lijn naar de ander van het tweetal. Het is belangrijk dat de arm mooi lang en recht is. Onderhands gooien naar de ander. Bovenhands gooien naar de ander. De oefeningen kunnen ook met stuit uitgevoerd worden. De oefeningen kunnen met verschillende ballen uitgevoerd worden. Moeilijker: is het gelukt om tien keer de bal te vangen? Eén van de twee doet een stap naar achteren, enz. Spel Zo vaak mogelijk overgooien binnen een minuut. Alleen de ballen die gevangen worden tellen.
10 Tweetallen Met muur Werpen en vangen Verbeteren werpen en vangen Ervaren in welke hoek een bal terugkomt van de muur De leerlingen maken tweetallen. Ze gaan naast elkaar staan op ongeveer drie meter vanaf de muur. De bal wordt tegen de muur gegooid zonder stuit. De andere leerling vangt de bal met stuit. De leerling die de bal dan heeft, gooit weer terug via de muur naar de ander. Het is belangrijk dat de leerlingen met hun linkervoet voor staan als ze met rechts gooien en andersom. Oefening Oefening onderhands uitvoeren Oefening bovenhands uitvoeren Makkelijker: afstand naar de muur verkleinen De oefeningen kunnen met verschillende ballen uitgevoerd worden De oefeningen kunnen ook zonder stuit uitgevoerd worden Moeilijker: is het gelukt om tien keer de bal te vangen? Beide een stap naar achteren enz. Spel Zo vaak mogelijk overgooien binnen een minuut. Alleen de ballen die gevangen worden tellen
11 Tweetallen Met muur Slaan Verbeteren slaan Verbeteren richting geven aan de bal De leerlingen maken tweetallen. Ze gaan naast elkaar staan op ongeveer drie meter vanaf de muur. Oefening De bal via de muur naar elkaar toe opslaan. De bal wordt na een stuit onderhands tegen de muur gespeeld. De bal wordt gevangen en weer door middel van een opslag teruggespeeld. De ene leerling gooit de bal zonder stuit tegen de muur. De ander slaat hem onderhands, na de stuit, via de muur terug. Na 10 ballen wisselen van aangooier. Daarna bovenhands terug slaan De leerlingen proberen een zo lang mogelijke serie te maken. Ze moeten dus steeds doorgaan met zowel onderhands als bovenhands slaan waarbij de bal maximaal één keer mag stuiten nadat hij de muur geraakt heeft. Makkelijker: afstand naar de muur verkleinen De oefeningen kunnen met verschillende ballen uitgevoerd worden De oefeningen kunnen ook zonder stuit uitgevoerd worden Moeilijker: is het gelukt om tien keer de bal te vangen? Beide een stap naar achteren enz. Spel Zo lang mogelijke serie maken
12 Wedstrijd 1 tegen 1 muurkaatsen Proberen te winnen door zoveel mogelijk punten te scoren Zie spelregels muurkaatsen 1 tegen 1 Na de opslag moeten beide spelers om de beurt de bal slaan. Het is de bedoeling om ervoor te zorgen dat je tegenspeler de bal niet weer terug op de muur tussen de lijnen kan slaan. Belangrijkste regels: Lijn is in Je kan alleen punten scoren als je de opslag hebt Je mag niet opzettelijk hinderen Officiële afmetingen van een veld. Voor de lessen in het basisonderwijs zijn deze afmetingen aan te passen afhankelijk van de kinderen, de groepsgrootte en de zaal. Als de leerlingen nog niet zo goed kunnen slaan, kan het spel ook worden uitgevoerd met gooien en vangen. N.B. Als tegelijkertijd meerdere spelvormen worden gespeeld in de zaal kun je er ook voor kiezen de puntentelling allemaal in het rallypointsysteem te doen.
13 Ezelen Als laatste overblijven en de finale winnen Er worden groepjes gemaakt van ongeveer 6 kinderen per veld. Dit groepje vormt een rijtje. De volgorde waarin de leerlingen staan moeten ze aanhouden. Nummer 1 slaat de bal op. Nummer 2 slaat daarna de bal en probeert dat nummer 3 de bal niet kan slaan. Nummer 3 probeert vervolgens dat degene na hem of haar de bal niet meer kan slaan. Nadat een leerling geslagen heeft, sluit deze weer achteraan in de rij. Lukt het niet om de bal weer goed terug op de muur te krijgen, krijgt diegene een E. Degene die de fout heeft gemaakt mag opslaan. Maakt iemand voor de tweede keer een fout, komt er een Z bij. Totdat iemand E-Z-E-L heeft. De leerling is dan af en ligt uit het spel. De rest gaat gewoon verder in dezelfde volgorde. Uiteindelijk blijven er twee leerlingen over. Zij spelen de finale. Er wordt volgens de gewone 1 tegen 1 wedstrijdregels gespeeld, behalve dat er met het rallypointsysteem wordt gewerkt. Bij iedere slag wordt dus een punt vergeven, niet alleen bij de opslag. Wie als eerste 3 punten heeft is de winnaar! Als de leerlingen nog niet zo goed kunnen slaan, kan het spel ook worden uitgevoerd met gooien en vangen. N.B. Het spelidee om tot een winnaar te komen kan ook worden uitgevoerd terwijl alle deelnemers blijvend meedoen. Geef ze allemaal 10 punten, wie in x tijd de meeste punten overhoudt is winnaar. Andere mogelijkheid is alle kinderen meedoen en een punt geven voor een scorende bal. Een letter kan ook: verzamel bijvoorbeeld de letters K O N I N G!
14 Kaatstennis Proberen te winnen door zoveel mogelijk punten te scoren Het spel wordt gespeeld met teams van 1 of 2 personen. De spelers proberen de bal in het veld van de tegenstander te slaan, zodat de tegenstander deze niet weer terug kan slaan. Er wordt onderhands vanachter de achterlijn opgeslagen(zie afbeelding 2). De tegenstanders proberen de bal nu in één keer of na één stuit over het net te slaan. Per bal die over het net heen komt, mag de bal maar één keer geraakt worden. De bal moet binnen de lijnen stuiten. Op de lijn is dus uit. De spelers mogen zelf wel buiten de lijnen staan als ze de bal slaan. Puntentelling: rallypointsysteem. Einde wedstrijd is 15 punten of men speelt op tijd. Er wordt met een middelgrote luchtbal gespeeld. Afbeelding 1 Afbeelding 2 Er kan gevarieerd worden in hoogte van het net. Een wedstrijd kan met verschillende ballen uitgevoerd worden
15 Flyball Proberen te winnen door zoveel mogelijk punten te scoren Het spel wordt gespeeld met twee teams van elk 1, 2, 3 of 4 personen. Dit is afhankelijk van het aantal deelnemers en de grootte van het veld. De teams proberen de kaatslijn(middellijn) te passeren of te verdedigen. Er wordt onderhands vanachter de achterlijn opgeslagen. Dit moet een mooie rustige bal over de kaatslijn zijn. De tegenstander probeert de bal nu in één keer of na één stuit over de kaatslijn te slaan. De tegenstander probeert de kaatslijn te verdedigen door de bal weer uit het eigen vak te slaan of voor de kaatslijn de bal te keren. Men mag dus in elkaars vak komen. De bal mag niet in één keer de achterlijn passeren, wel rollend of stuitend. De spelers mogen buiten de lijnen de bal slaan. Lijn is in. Elk team begint met een beginopstelling bij de opslag en draait een plaats door als de opslag door dat team wordt herovert. Vergelijkbaar met volleybal. (zie afbeelding 2) Puntentelling: rallypointsysteem. Einde wedstrijd is 15 punten of men speelt op tijd. Er wordt met een middelgrote luchtbal gespeeld. Afbeelding 1 Afbeelding 2 Een wedstrijd kan met verschillende ballen uitgevoerd worden
Let s Smash! StreetSmash Spellenboek Voor Sportleiders. Superhandig. boekje
Let s Smash! StreetSmash Spellenboek Voor Sportleiders Superhandig boekje 1 Inleiding SMASH! SMASH! is het nieuwe volleybalprogramma voor kinderen en jongeren tot en met 18 jaar. Met SMASH! brengen we
Volleybal binnen het basisonderwijs
Volleybal binnen het basisonderwijs Voorwoord Voor u ligt HET volleybalboek voor het basisonderwijs. Aan de hand van deze uitgeschreven oefenvormen en lessen kunt u als leerkracht stoere, uitdagende volleyballessen
Spelend leren Kaatsen. met de zachte bal
Spelend leren Kaatsen! met de zachte bal Inhoud Voorwoord 3 Inleiding 4 Legenda 4 Spelen Keats Tennis 5 Keats Cricket 6 Fly Keatsen 7 Keats Darten 8 Zone Keatsen 9 One Wall Rally 10 One Wall 1-1 11 King
Warming up. Shuttle tikkertje. Hoe lang? Doel van het spel Wat heb ik nodig? Organisatie. Start. Speelregels Hoe maak ik het makkelijker?
Warming up Shuttle tikkertje warming up met shuttle 1 shuttle en evt. lint(en) voor de tikker(s) Alle kinderen lopen in de zaal, een tikker wordt aangewezen. Deze tikker heeft een shuttle in de hand waarmee
Inleiding. Kern. Groep 3 en 4 Les 1 Klassikale les. Kerndoel
Les 1 Klassikale les Inleiding Kern Materiaal als werpen, vangen, voortbewegen met een bal. De leerlingen kunnen een opstuitende bal vangen. 10 minuten - Lucht-/tennisbal - Zachte bal - Bank Materiaal
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 BADMINTON
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerlingen kunnen onderhands opslaan met een shuttle. - Ze houden het racket vast bij het handvat met de shake-hand greep. Groep 5/6 - Leerlingen spelen
CMV Inhoudsopgave
CMV 8-10 Inhoudsopgave 10-bal niveau 2 2 Mooie balletjes opzetten (B) 3 Opslaan tegen de muur 4 CMV niveau 1 5 Estafette 6 Toetsen level 1 7 Uitleg CMV niveau 2 8 CMV niveau 2 9 Balparcours 10 Bovenhands
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 HANDBAL
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: - De leerling durft als keeper een zachte bal tegen te houden wanneer een leerling van hetzelfde niveau gooit. - De leerling vangt een goed aangegooide
Het spellenboek. De plaatjes laten zien wat je bij elk spelletje nodig hebt. Hieronder zie je wat elk plaatje betekent:
Het spellenboek De plaatjes laten zien wat je bij elk spelletje nodig hebt. Hieronder zie je wat elk plaatje betekent: Mandje vullen Voor dit spel zijn minimaal twee kinderen nodig. Stap 1: Verdeel de
Inleiding. Kern. Groep 5 en 6 Les 1 Klassikale les. Kerndoel
Les 1 Klassikale les Inleiding Kern De leerlingen beheersen vaardigheden zoals werpen, vangen en voortbewegen met een bal. De leerlingen kunnen de volgende spelvormen uitvoeren: tik en afgooispelen. De
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 KORFBAL DOELSTELLINGEN:
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerling gooit de bal niet op het moment dat er een verdediger in de afspeellijn staat. De leerling maakt soms de keuze om de bal over te spelen in
CMV 6-7. Inhoudsopgave
CMV 6-7 Inhoudsopgave 10-bal niveau 2 2 Mooie balletjes opzetten (B) 3 Gooien en vangen level 1 4 Estafette 6 Rollen en mikken 7 Stuiteren 8 Balparcours 10 Bovenhands mikken 11 Gooien en vangen level 2
Inleiding. Kern A B A B A B A B A B A B A B. Groep 7 en 8 Les 1 Klassikale les. Kerndoel
Les 1 Klassikale les Inleiding Kern zoals werpen vangen en voortbewegen met de bal. De leerlingen kunnen in looppas een bal gooien en vangen. 10 minuten - Kleine bal/stressbal - Bank zoals werpen en vangen.
CMV Inhoudsopgave
CMV 11-12 Inhoudsopgave 10-bal niveau 2 2 Opslaan tegen de muur 3 Toetsen Level 1 4 CMV niveau 2 5 Estafette 6 Hoge ballen vangen 7 Uitleg CMV niveau 3 8 CMV niveau 3 9 Balparcours 10 Opslaan en vangen
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 HANDBAL DOELSTELLINGEN:
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Eilandbal: - De leerlingen kennen de regels en spelen het spel zelfstandig. Vangen: - De leerling vangt een goed aangegooide bal bijna altijd. Groep 5/6:
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 VOLLEYBAL.
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: - De leerling vangt een moeilijke hoge bal die door een medeleerling wordt aangegooid in een spelsituatie. - De leerling gooit de bal op het moment dat de kans klein
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 VOLLEYBAL
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerling vangt een moeilijke hoge bal die door een medeleerling wordt aangegooid in een spelsituatie. - De leerlingen kennen de regels van lijnbal en
Warming up. Lessen schooljeugd
Warming up - warm worden door loopvormen en eenvoudige techniekvormen - onderhands en bovenhands werpen en vangen na stuit - onderhands en bovenhands slaan na stuit - per speler 1 bal (ikeaballen, internationale
Onder schooltijd: groep 5-6
Onder schooltijd: groep 5-6 31 32 Overzichtskaart: Onder schooltijd, groep 5-6, groep van 30 leerlingen Zaalindeling Lesplan Na ontvangst worden de kinderen ingedeeld in vijf groepen van zes kinderen.
Let s Smash! Handboek voor docenten in het basisonderwijs
Let s Smash! Handboek voor docenten in het basisonderwijs Meester, gaan we weer smashen? Ja! Dát is vet! Deze leskaarten zijn tot stand gekomen in samenwerking met de volleybalverenigingen Alterno, Kalinko,
Circus les 1. Doelen:
Circus les 1 Doelen: - De speler kan meerdere keren de bal stuiten, waarbij niet te hard op de bal geslagen wordt - De speler kan onderhands en bovenhands een bal geplaatst gooien met een aangepaste bewegingsuitslag
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 KORFBAL.
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: - De leerlingen kiest een afspeellijn die niet verdedigd wordt. - De leerling doet bij iemand is hem, niemand is hem, pogingen om de bal te pakken. - De leerling staat
Let s Smash! Handboek voor docenten in het basisonderwijs
e-editie voor tablet of zelf printen Let s Smash! Handboek voor docenten in het basisonderwijs Let s Smash! Handboek voor docenten Deze lessen zijn tot stand gekomen in samenwerking in het met basisonderwijs
Methode Mini Volleyball
Methode Mini Volleyball Mini 0 Oefenstof Mini 0 A. Algemene bewegingsscholing: Coördinatieoefeningen, huppelen, buik- en rugspieroefeningen, rollen, klimmen en klauteren. Allerlei spelletjes, waarin veel
Op vakantie les 9. Doelen: zich snel te verplaatsen. handen. punt. (open ruimte opzoeken)
Op vakantie les 9 Doelen: - De speler kan snel opzij stappen, draaien en springen om te ontwijken of om zich snel te verplaatsen - De speler kan een aankomende bal in stilstand en in beweging vangen met
Warming up. Lessen welpen/pupillen
Warming up - warm worden door loopvormen en eenvoudige techniekvormen - onderhands - bovenhands (tennisballen, luchtballen, stuiterballen, ikeaballen) 1. Looppas naar de muur, tijdens lopen bal stuiten
TRI-TENNIS NEDERLAND DIVERSE SPELVORMEN. zowel voor jong als oud, ongeacht je spelniveau
TRI-TENNIS NEDERLAND DIVERSE SPELVORMEN zowel voor jong als oud, ongeacht je spelniveau Tri-tennis Nederland Veemarktkade 8a B3 5222 AE s-hertogenbosch (NL) +31 (0)73 623 0888 www.tri-tennis.com [email protected]
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 VOLLEYBAL. DOELSTELLINGEN:
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerling vangt een makkelijke hoge bal die door een medeleerling wordt aangegooid. - De leerling kan een bal wegspelen met behulp van een bouncer. Groep
Circus les 8. Doelen:
Circus les 8 Doelen: - De speler beweegt snel met de voeten en houdt balans bij de ladder oefeningen - De speler kan een aankomende bal in stilstand vangen met 2 handen na 1 of meerdere stuiten - De speler
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 TENNIS.
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerlingen letten heel de tijd goed op de bal/ blijven kijken naar de bal - De leerlingen kunnen de bal op het racket balanceren - De oog-hand coördinatie
LES 3. GROEP 3 t/m 8 HANDBAL. DOELSTELLINGEN:
LES 3. GROEP 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerling vangt een goed aangegooide bal in een balspel. - De leerlingen kan de bal gericht naar een medespeler gooien. Tips: - Maak deze les groepen
Circus les 2. Doelen:
Circus les 2 Doelen: - De speler beweegt snel met de voeten - De speler kan meerdere ballonnen in de lucht houden - De speler kan het racket aan het einde vasthouden alsof het een handje geeft - De speler
Aankleding: ballonnen, slingers, rode neuzen, jongleerspullen,
Event Circus Het event vindt plaats tijdens het lesuur. Ouders zijn uitgenodigd om te komen kijken en mogen ook assisteren op de baan. Van te voren wordt kort aan de kids uitgelegd dat er deze les 5 oefeningen
Variatiemogelijkheden: - andere ballen - startpositie keerder/ retourneerder 2 meter achter de kaats
Warming up a. A - snelheid voetenwerk bevorderen - keren stuitende bal - met stuit retourneren B - hoepels - tennisbal/ lucht of stuiterbal/kaatsbal/ fantasiebal - pilonnen A. Opdracht loopvormen: Circuit
OEFENSTOF CIRCULATIE-MINIVOLLEYBAL
OEFENSTOF CIRCULATIE-MINIVOLLEYBAL NIVEAU 1 VANGEN, GOOIEN EN BEWEGEN ACCENTEN: VEELZIJDIG ONTWIKKELEN. BASISVAARDIGHEDEN VOOR IEDERE BALSPORT. BALVAARDIGHEID EN COÖRDINATIE. OOG - HAND, BALBAAN HERKENNING
Op vakantie les 8. Doelen: punt. vindt.
Op vakantie les 8 Doelen: - De speler kan zich op verschillende manieren snel verplaatsen - De speler kan gericht rollen en/of gooien - De speler kan een aangegooide/aangespeelde bal terugslaan na het
Prinsen en prinsessen les 5. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 5 Doelen: - De speler staat stevig op het moment dat hij moet gooien - De speler kan een aangegooide bal vangen na het hoogste punt - De speler kan een aangegooide bal terugslaan
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 BASKETBAL
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Beoordelen Vangen O De leerling kan een goed aangegooide bal niet vangen. V De leerling vangt een goed aangegooide bal bijna altijd. G De leerling vangt
Prinsen en prinsessen les 8. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 8 Doelen: - De speler kan hard rennen met grotere stappen en is snel/vlug met kleinere stappen - De speler kan een aankomende bal in vanuit beweging vangen - De speler kan een
Warming up. Lessen pupillen. Doel: - snelheid voetenwerk. - in tweetallen tikken op de plaats. Materiaal: - hoepels - pilonnen
Warming up A B - snelheid voetenwerk bevorderen - in tweetallen tikken op de plaats - hoepels - pilonnen A. Opdracht loopvormen: De kinderen rennen op enige afstand van elkaar door de hoepels, in iedere
Warming up B A. Lessen kabouters. a. b. Doel: - onderhands rollen. Materiaal: - tennisbal, stuiter- of luchtbal - pilonnen
Warming up - onderhands rollen B A - tennisbal, stuiter- of luchtbal - pilonnen a. b. A. loopvormen: - De kinderen rollen vanuit schredestand de bal onderhands voor zich uit. Ze rennen achter de bal aan,
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 TENNIS.
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerlingen letten heel de tijd goed op de bal/ blijven kijken naar de bal - De leerlingen kunnen de bal op het racket balanceren - De oog-hand coördinatie
(nodig: een basketbal, een basketbalring, een stopwatch)
(nodig: een basketbal, een basketbalring, een stopwatch) Het werkt op zich net als een gewoon potje basketbal, alleen zijn jullie nu net zo lang als echte basketballers. Papa en mama nemen de kinderen
MODULE BADMINTON Bron: Periode 2. Lestijd : 4 weken. Naam:
MODULE BADMINTON Bron: www.emmauscollege.nl/images/.../module%20badminton.doc Periode 2 Lestijd : 4 weken Naam: 1 2 3 4 5 Bij deze module gaat het er om dat je zo zelfstandig mogelijk werkt. Alle regeltaken
De vernieuwde spelvormen
De vernieuwde spelvormen Clinic 1 onderbouw (U9-U11-U13) Seizoen 2017-2018 Inleiding In deze syllabus wordt er vooral aandacht besteed aan de vernieuwde spelvormen voor de Start2Volley-tornooien. Wat toelichting:
Leskaart les 5, ronde 3
Leskaart les 5, ronde 3 (De tweede les na schooltijd) B. Ronde 3. Spelen in kleine groepen: Station 1: Spel 2 2 + keeper Station 2: Spel 3 2 + keeper Organisatie: Kinderen verdelen over 2 stations Station
Prinsen en prinsessen les 6. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 6 Doelen: - De speler houdt het hoofd stil - De speler kan een gooi-rally spelen - De speler kan een rally spelen - De speler kan zich helemaal richten op de taak 1 Oefening 1
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 TENNIS.
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerlingen letten heel de tijd goed op de bal/ blijven kijken naar de bal - De leerlingen kunnen de bal op het racket laten balanceren - De oog-hand
15 min. Stick Skills - Dominante hand hoog (3/4 de van de stick) - Andere hand helemaal bij het uiteinde van de stick
Tijd Bewegingsactiviteiten Organisatie Aandachtspunten Stick Skills De leerlingen lopen kriskras door het veld met allemaal een eigen stick en eigen bal. Op teken van de docent (1 x fluiten) gooien de
Prinsen en prinsessen les 7. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 7 Doelen: - De speler heeft snelle voeten - De speler kan de bal controleren op het racketblad - De speler kan een rally spelen - De speler houden zelf het spel op gang (samenwerken)
LES 42. GROEP: 3 t/m 8 Zwaaien, springen, doelspelen
LES 42. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLING: Groep 3/4 Touwzwaaien met bewegend touw: - De leerling kan in een zwaaiend touw springen. Hoogspringen: - De leerling kan met 1 voet afzetten en landen op zijn voeten.
Overzichtskaart Kennismaken met Cool moves Volley
Overzichtskaart Kennismaken met Cool moves Volley Lesplan Er wordt gewerkt in drie vakken. De drie vakken kunnen gerealiseerd worden door in de lengte van de zaal een net op te hangen (lengtenet of toversnoer).
LES 34. GROEP: 3 t/m 8 Klimmen, tikspelen, Stoeien. DOELSTELLINGEN:
LES 34. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Steile wand klimmen - De leerling klimt vlot met behulp van het touw tot bovenaan de berg. Stoeicircuit: - De leerling speelt zonder conflicten het spel
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 HOCKEY.
LES 3. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: - De leerling speelt als verdediger of als aanvaller. - De leerling kent de (veiligheids)regels van hockey en past deze ook toe. Groep 5/6 - De leerling kan een hockeybal
Sportkanjers in de gymles. Sportkanjers in de gymles. gy m 10 SPORTKANJERGYMLESSEN VOOR DE BASISSCHOOL BOVENBOUW
Sportkanjers in de gymles Sportkanjers in de gymles gy m gy m 10 SPORTKANJERGYMLESSEN VOOR DE BASISSCHOOL BOVENBOUW Leskaarten Les 1: Ik doe aan sport! VERTEL HET VOLGENDE VERHAAL: Het eerste wat je doet
Warming-up Dit is voor alle groepen geschikt: de warming-up bestaat uit verschillende trucjes met de bal.
Warming-up Dit is voor alle groepen geschikt: de warming-up bestaat uit verschillende trucjes met de bal. Alle leerlingen staan aan één helft van de gymzaal verspreid met allemaal een bal. De trainer staat
Warming up. Lessen jongens/meisjes
Warming up - warm worden door loopvormen en eenvoudige techniekvormen - onderhands en bovenhands slaan tegen de muur - snelheid voetenwerk - per 2-tal 1 bal (ikeaballen of internationale ballen) 1. 2 tal
Aankleding: speelgoed zwaarden, kroontjes, prinsen- en prinsessenkleding
Event Prinsen en Prinsessen Het event vindt plaats tijdens het lesuur. Ouders zijn uitgenodigd om te komen kijken en mogen ook assisteren op de baan. Van te voren wordt kort aan de kids uitgelegd dat er
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 BASKETBAL
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Dribbelen: O De leerling stuit minder dan 15 keer met de voorkeurshand V De leerling stuit 15 keer met de voorkeurshand G De leerling stuit 15 keer met
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 Trefbal
LES 2. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 - De leerlingen kennen de regels van trefbal en passen deze ook toe. - De leerling kan de bal ontwijken door achter in het vak te gaan staan. - De leerling
Inspelen met z'n allen
Page 1 of 5 Inspelen met z'n allen Dit is een leuke inspeel oefening voor na de warming up. Aan beide kanten van het net stellen twee groepen zich op zoals hiernaast staat afgebeeld. De twee 'teams' blijven
Warming up. Lessen schooljeugd. Doel: - de snelheid van het voetenwerk bevorderen - tikken met de linker- en rechterhand
Warming up 2 1 - de snelheid van het voetenwerk bevorderen - tikken met de linker- en rechterhand 2 1 - hoepels - pilonnen - stokjes. Opdracht loopvormen: - De kaatsers lopen in twee rijen van pilon 1,
Inspelen met z'n allen
Page 1 of 6 D O N D E R D A G 1 6 S E P T E M B E R 2 1 Inspelen met z'n allen Dit is een leuke inspeel oefening voor na de warming up. Aan beide kanten van het net stellen twee groepen zich op zoals hiernaast
1. CLINIC met SNAG clubs en doelen. 15 min - Estafette slalom (Spelenderwijs Leren 1: les 01) met Rollerama
Jeugd Clinics Om jeugd te laten kennismaken met golf, zijn verschillende clinics ontwikkeld van een uur. Voornaamste doelen zijn veiligheid en plezier. Er wordt gebruik gemaakt van SNAG materialen (info
Spel Floorball Individuele stick en balbehandeling 2. Doelgroep Voortgezet Onderwijs Domein Onderdeel Thema Aantal 24. Les. Beginopstelling veld
Doelgroep Voortgezet Onderwijs Domein Onderdeel Groep H2A Thema Aantal 24 Les Spel Floorball Individuele stick en balbehandeling 2 Beginopstelling veld Benodigdheden Groot Goaltjes klein 4x Sticks 24x
Training Week nummer Datum Trainingskern Oefening
: Bewegingsvaardigheden : S1-3-1 11.13.26 Uitleg De speler start op de linkervoet in vak 1, en springt op de linkervoet naar vak 3 en weer terug naar vak 1 Dit patroon herhaalt zich voor een van tevoren
Regels voor het schoolvolleybaltoernooi
Regels voor het schoolvolleybaltoernooi De regels voor groep 4 en 5 zijn (niveau 2): Begin en einde We werken met een centraal begin/eind signaal. Dit houdt in dat het eindsignaal tegelijk het beginsignaal
Prinsen en prinsessen les 4. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 4 Doelen: - De speler beweegt snel met de voeten - De speler kan de bal gericht hard gooien - De speler kan een horizontale zwaai laten zien - De spelers houden zelf het spel
Beach Inhoudsopgave
Beach 17-21 Inhoudsopgave Parcours met lijnen 2 Serveer en verdedig (B) 3 Passen langs de lijnen 4 Stand and spike 6 King of the court (G) 9 Hoge ballen vangen 10 Serveer en verdedig (G) 11 4x4 (G) 17
MODULE BASKETBAL TWEEDE FASE
MODULE BASKETBAL TWEEDE FASE Deze module bestaat uit drie lessen basketbal, waarbij jullie zelf een gedeelte van de lessen verzorgen. De bedoeling is dat jullie drie teams formeren van 8 a 10 personen.
Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 7 8
Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 7 8 Inleiding Schaduwlopen Kinderen staan in tweetallen verspreid over de zaal. Nummer 2 volgt zo dicht mogelijk nummer 1, zonder botsingen. Na 20 seconden wisselen
Club: vv Sweel. Tijd: 60 min. Aantal spelers: 8. Organisatie (tekening en accenten):
Dribbelen en kappen Club: vv Sweel Aantal spelers: 8 Tijd: 60 min Tijd: Activiteiten trainer en spelers: Didactische aanwijzingen, aandachtspunten of accenten: 5 min Warming-up 1: (standaard wedstrijd
We doen een beroep op de begeleiders om een oogje in het zeil te houden t.a.v. het eigen team.
20 oktober 2015 Hallo allemaal! Leuk dat jullie meedoen aan het 40 e schoolvolleybaltoernooi! Nieuw dit jaar: We spelen volgens de officiële Nevobo regels Cool Moves Volley en op niveaus! De winnaars van
Prinsen en prinsessen les 3. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 3 Doelen: - De speler kan gemakkelijk springen vanuit stilstand en vanuit beweging - De speler kan inschatten waar de bal terecht komt - De speler kan inschatten waar de bal terecht
Lesbrief 1 VEILIG LEREN VALLEN VOOR LEERLINGEN IN HET BASISONDERWIJS
Lesbrief 1 VLLEN IS OOK EEN SPORT VEILIG LEREN VLLEN VOOR LEERLINGEN IN HET SISONERWIJS In deze lesbrief: Een korte uitleg Naam onderdeel Pagina Onderdeel 1: Oefenen valtechnieken Onderdeel 2: Lijntrefbal
Clinic SmashVolley Eurovolleycenter Vilvoorde maandag 28 november 2016
Clinic SmashVolley Eurovolleycenter Vilvoorde maandag 28 november 2016 1. Algemeen gedeelte Begin jouw algemeen gedeelte eens met een spel. Hieronder staan een aantal voorbeelden uitgewerkt die perfect
De gymles van begin tot eind
De gymles van begin tot eind Eenvoudige inleidingen en afsluitingen voor een gymles Iedereen kent het wel: je gaat gymles geven en je gymzaal staat vol met materialen voor de kern van de les. Hoe kun je
MODULE VOLLEYBAL TWEEDE FASE
MODULE VOLLEYBAL TWEEDE FASE Deze module bestaat uit vier lessen volleybal, waarbij jullie zelf een gedeelte van de lessen verzorgen. De bedoeling is dat er groepjes van 8 leerlingen worden gemaakt. Elke
LES 39 GROEP: 3 t/m 8 Springen, Hardlopen, Doelspelen DOELSTELLINGEN:
LES 39 GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Handstand: - De leerling doet een rol op een verhoogd vlak waarbij de afzet op de trampoline is. Doelspelen: - De leerling speelt in een groep van maximaal
Oefenvormen - Het Oversteekspel
Oefenvormen - Het Oversteekspel Voorbeeld uit KNVB opleidingboek " Zo doen wij dat effies" blz. 51 Veldafmetingen Het totale speelveld bedraagt 15 x 10 meter, waarbij de straat (en de sloot) 8 x 5 meter
SPEL 1. Kangoeroe buidel-dief. Doel: Uitleg: Te moeilijk? Te makkelijk?
SPEL 1 Kangoeroe buidel-dief Alle kangoeroe s (kinderen) hebben wat lekkers in hun buidel, op 1 kangoeroe na. Die kangoeroe probeert het lekkers van de andere kangoeroe s af te pakken totdat die alles
LES 21. GROEP: 3 t/m 8 Springen, Tikspelen, Mikken. DOELSTELLINGEN: Groep 3/4. Freerunning:
LES 21. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4 Free running: - De leerling kan op eigen niveau verschillende hindernissen passeren. Tikstrijd: - De tikker richt zich op alle lopers. - De leerling houdt
SQUASH. 1. Spelregels. Schoenen: no black or dirty soles! Ballen: zwarte en blauwe ballen. Bril
SQUASH 1. Spelregels Schoenen: no black or dirty soles! Ballen: zwarte en blauwe ballen Bril Puntentelling: er wordt gespeeld volgens de PAR score (Point-a-Rally). Dit is een scoremethode waarbij iedere
1 Intro: Jezelf voorstellen en uitleggen wat SSD is
Les 1 Zaalvoetbal Doelstelling: 1 Intro: Jezelf voorstellen en uitleggen wat SSD is 2 Warming-up: Voorkomen van blessures 3 Aannemen en passen: Hiermee wordt het balgevoel en de controle over de bal verbeterd.
Kennismaken met Handbal via het Tchoukbal
Kennismaken met Handbal via het Tchoukbal Inmiddels is bekend dat handbal een aantrekkelijk spel is voor het (basis) onderwijs. Handbal wordt daarom op vele scholen met succes geïntroduceerd in een serie
Prinsen en prinsessen les 2. Doelen:
Prinsen en prinsessen les 2 Doelen: - De speler vindt snel de bal op de grond en/of op de grond (oriëntatie) - De speler kan onderhands en bovenhands een bal met verschillende hoogtes gooien - De speler
FLUITEN NIVO 1 T/M 3 Niveau 1 Gooien, vangen, bewegen Beginbal Spelregels Wanneer is het spel dood? Wat gebeurt er als het spel dood is?
FLUITEN NIVO 1 T/M 3 Niveau 1 Gooien, vangen, bewegen LEEFTIJD: 6-7 JAAR De bal mag vanaf elke plaats in het veld over het net worden gegooid, waarbij de bal het net mag raken. 1. Wanneer een speler de
Voorbeeldspelen / -oefeningen
Blocks Athletic Skills Model (ASM). Alle rechten voorbehouden. Deze afbeeldingen mogen niet gekopieerd, geproduceerd, verspreid of gebruikt worden zonder uitdrukkelijke toestemming van ASM. 1 Voorbeeldspelen
werkblad Basisopstelling 2 Vak 1 Glijden en klimmen Vak 2 Rollen op verhoogd vlak 1 Vak 3 Doeljagerbal Materiaal
werkblad Basisopstelling opstelling in 3 vakken klimramen aan de korte kant Vak 1 Glijden en klimmen Vak Rollen op verhoogd vlak 1 Vak 3 Doeljagerbal Materiaal 3 Groot -3 klimramen 6 banken 6 matten 1
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 BADMINTON
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: - De leerlingen weten hoe ze hun racket vast moeten houden; de shake-hand greep. Deze greep passen ze ook de hele les toe. - De leerling kan een ballon
Sportdag. 26 september Klas 1 & 2
Sportdag 26 september 2014 Klas 1 & 2 Sportdag klas 1 en 2 vrijdag 26 september 2014 Op vrijdag 26 september a.s wordt er voor de eerste en de tweede klas een sportdag georganiseerd. Deze vindt dit jaar
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 BASKETBAL
LES 1. GROEP: 3 t/m 8 DOELSTELLINGEN: Groep 3/4: Dribbelen: - De leerling stuitert 15 keer met de voorkeurshand en met de niet voorkeurshand. Overspelen: - De leerling vangt een bal die door een medeleerling
Bouncebal. Voorbereiding voor hockeyvormen
Bouncebal Bouncebal wordt gespeeld met een kunststof stick die voorzien is van een grote schuimkop. Naast het bekende teamspel waarbij een soort hockey gespeeld wordt, bieden de bouncebal sticks veel meer
Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 5 6
Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 5 6 Inleiding Schaduwlopen Kinderen staan in tweetallen verspreid over de zaal. Nummer 2 volgt zo dicht mogelijk nummer 1, zonder botsingen. Na 20 seconden wisselen
Namens het jeugdbestuur van Sliedrecht Sport.
Beste docent/ouderraadlid, Volleybalvereniging Sliedrecht Sport organiseert in samenwerking met de Rabobank Merwestroom dit schooljaar weer het jaarlijkse terugkerende Rabobank Schoolvolleybal Toernooi
We gaan er vanuit dat de B en C junioren een uur training krijgen en op grootveld met keeper spelen. Je training ziet er dan zo uit:
Floorball training Standaard jaarplanning B en C junioren (12-15 jaar) Deze standaard jaarplanning is een hulpmiddel voor alle jeugdtrainers. Met deze planning kan je het hele seizoen vullen met leuke
