Management Samenvatting
|
|
|
- Johan de Backer
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Management Samenvatting Inleiding Zorgverzekeraars streven op het brede terrein van cure, care en preventie naar voortdurende verbetering van kwaliteit van zorg, gezondheid en kwaliteit van leven van hun verzekerden. Tegelijkertijd maken zij zich sterk voor doelmatige zorg en kostenbeheersing. Hun verzekerden moeten toegang hebben tot goede, veilige en doelmatige zorg op basis van bewezen effectieve behandelmethoden. In dit kader past het streven naar transparantie over de kwaliteit van zorg. Daarom heeft Zorgverzekeraars Nederland (ZN) besloten om een zichtbare stap in transparantie te zetten en een aantal van de beschikbare praktijkvariatierapporten op basis van declaratiegegevens van 2011 openbaar te maken. Het praktijkvariatierapport rughernia is het eerste rapport dat ZN openbaar heeft gemaakt in december Nu volgt de praktijkvariatierapportage voor zes andere aandoeningen: carpaal tunnel syndroom, cataract (staar), galblaasverwijdering, heupvervanging vanwege artrose, knievervanging vanwege artrose, en liesbreuk. De vraag die bij de praktijkvariatie rondom de indicatiestelling (hierna praktijkvariatie) centraal staat, is: Waar worden er significant meer operaties uitgevoerd per verzekerden? De resultaten naar aanleiding van deze onderzoeksvraag worden in deze samenvatting en de achterliggende rapportage besproken. Deze informatie kan onderwerp van gesprek zijn tussen zorgverzekeraars en ziekenhuizen en is relevant voor: 1) indicatie voor mogelijke over- of onderbehandeling en 2) als hulpmiddel bij de zorginkoop, onder andere door het stimuleren van gepast gebruik van zorg 1. De informatie leent zich er ook voor om besproken te worden met zorginstellingen en patiëntenverenigingen. Het rapport dat nu gepubliceerd wordt bevat de aanpak en bevindingen van praktijkvariatie bij carpaal tunnel syndroom, cataract (staar), galblaasverwijdering, heupvervanging vanwege artrose, knievervanging vanwege artrose, liesbreuk en lumbale hernia nuclei pulposi (HNP), kortweg (rug)hernia, en is in de zomer van 2013 naar de brancheverenigingen van de betreffende zorgaanbieders gestuurd. In een eerder stadium zijn deze resultaten ook met de betrokkenen, onder andere wetenschappelijke verenigingen en koepelorganisaties besproken. Methodiek Databronnen De data die noodzakelijk zijn voor het bepalen van de praktijkvariatie zijn beschikbaar via Vektis. Het gaat hierbij zowel om verzekerdengegevens als gedeclareerde DBC s rondom de operaties voor carpaal tunnel syndroom, cataract (staar), galblaasverwijdering, heupvervanging vanwege artrose, knievervanging vanwege artrose, liesbreuk en rughernia 2. De gedeclareerde DBC s hebben tijdens het aanleveringsproces van instelling via verzekeraar aan Vektis verschillende validatieslagen 1 Onderzoek naar praktijkvariatie is niet nieuw. Zo doet vanaf 1988 het Dartmouth Atlas Project in de Verenigde Staten onderzoek naar variatie in zorg en de Organisation for Economic Co-operation and Development (OECD) vergelijkt in haar Health Data zorggebruik tussen verschillende landen. 2 Voor de exacte hanteerde codes van de DBC s zie het achterliggende rapport.
2 ondergaan. De data zijn inclusief declaraties van Zelfstandige Behandel Centra (ZBC s) en kennen voor wat betreft de ziekenhuiszorg een dekkingsgraad van ongeveer 99%. Alleen het kenmerk sociaal economische status (SES) is afkomstig uit een andere bron, namelijk het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). De koppeling van SES aan verzekerden wordt gedaan op 4-cijferig postcodeniveau. Opbouw indicator Praktijkvariatie De indicator praktijkvariatie geeft de volgende zaken weer: 1. Het aantal operatieve interventies voor de aandoening, bijvoorbeeld Liesbreuk op regioniveau per verzekerden in de regio, gecorrigeerd voor relevante patiëntkenmerken. 2. Het aantal operatieve interventies voor de aandoening, bijvoorbeeld Liesbreuk op instellingenniveau per verzekerden in het verzorgingsgebied van de instelling voor de specifieke aandoeningen, gecorrigeerd voor relevante patiëntkenmerken. Om de regionale indicator (nr. 1) te berekenen wordt op regioniveau vastgesteld hoeveel patiënten een ingreep hebben gehad voor de betreffende aandoening (dus maximaal één operatie per persoon) van de bevolking uit de regio. Op basis van de geleverde producten worden deze inwoners toegerekend aan een aanbieder. Om het verzorgingsgebied te bepalen worden alle verzekerden toegewezen aan een ziekenhuis. In het onderstaande kader staat dit beschreven in een voorbeeld: Verzorgingsgebied voor Liesbreuk In een postcodegebied zijn 10 patiënten in verband met een liesbreuk naar een ziekenhuis gegaan (initiële DBC). Hiervan zijn 7 naar ziekenhuis A en 3 naar ziekenhuis B gegaan. De verzekerden die geen arts hebben bezocht in verband met een liesbreuk worden fictief verdeel volgens dezelfde verhouding: 70% ziekenhuis A, 30% ziekenhuis B. Door de toegewezen verzekerden aan ziekenhuis A voor alle postcodes op te tellen, bereken je de omvang van het totale verzorgingsgebied. Het gebruik van zorg is niet alleen gerelateerd aan de diagnose, maar ook aan populatiekenmerken, zoals leeftijd, geslacht, SES (op 4-cijferig postcodeniveau) en comorbiditeit. Het is daarom van belang om te corrigeren voor significante verschillen in deze kenmerken per instelling. Per aandoening en per indicator is voor alle gedefinieerde kenmerken onderzocht welke kenmerken een significante invloed hebben op de indicatorwaarden door middel van een regressieanalyse. Er zijn vooralsnog geen aanwijzingen dat aanvullende zorgzwaartecorrectie, naast leeftijd, geslacht en SES, noodzakelijk is voor de indicator praktijkvariatie bij carpaal tunnel syndroom, heupvervanging vanwege artrose, liesbreuk en rughernia. Voor galblaasverwijdering is voor de indicator praktijkvariatie ook gecorrigeerd voor diabetes naast leeftijd, geslacht en SES. Voor knievervanging vanwege artrose is voor de indicator praktijkvariatie gecorrigeerd voor leeftijd, geslacht en diabetes. Voor cataract is voor de indicator praktijkvariatie gecorrigeerd voor leeftijd, geslacht en diabetes. Ook na correctie voor patiëntkenmerken blijft het mogelijk dat de zorgzwaarte van een instelling die een derdelijns-/bovenregionale functie vervult (dat wil zeggen dat dit ziekenhuis patiënten 2/19
3 doorverwezen krijgt van behandelaren in andere instellingen) zwaarder is dan dat van een centrum dat geen bovenregionale functie vervult. Om te voorkomen dat deze indicator bij dergelijke instellingen onjuist geïnterpreteerd wordt, wordt bij de presentatie van de resultaten tevens het percentage doorverwijzingen vanuit een andere instelling vermeld. Het is dus van belang om het percentage verwijzingen per ziekenhuis mee te nemen bij de interpretatie van de praktijkvariatiescore per ziekenhuis. De praktijkvariatiescore berekening is alleen gebaseerd op instellingen die meer dan 20 patiënten per jaar operatief behandeld hebben voor een bepaalde aandoening, bijvoorbeeld liesbreuk, omdat onder de 20 patiënten de toevalsvariatie te groot wordt geacht. De volgende stappen zijn genomen voor de berekening van de indicatorwaarde: Stap 1: Selecteren juiste patiënten populatie Stap 2: Koppeling met SCP data voor SES score Stap 3: Significante populatiekenmerken bepalen Stappen voor berekeningen op regioniveau Stap 4: Verwachte praktijkvariatie regioniveau Stap 5: Gecorrigeerde praktijkvariatie regioniveau Stappen voor berekeningen op instellingsniveau Stap 6: Bepalen Stap 7: verzorgingsgebied Verwachte instelling per praktijkvariatie aandoening instellingsniveau Stap 8: Gecorrigeerde praktijkvariatie instellingsniveau Figuur 1. Stappen voor berekening van indicator praktijkvariatie met en zonder zorgzwaartecorrectie. Weergave indicator praktijkvariatie Praktijkvariatie op het niveau van instellingen wordt in kaart gebracht aan de hand van een staafdiagram. Voor deze indicator is het gepresenteerde resultaat het gecorrigeerd 3 aantal geopereerde personen per verzekerden in het verzorgingsgebied van een instelling voor de betreffende aandoening. De instellingen zijn gesorteerd op aantal geopereerden per verzekerden. Links staan instellingen met een lage praktijkvariatiescore, rechts instellingen met een hoge praktijkvariatiescore, waarbij het van belang is ook de betrouwbaarheidsintervallen mee te nemen in de interpretatie (zie het achterliggende rapport hiervoor). Op regioniveau is het gecorrigeerd aantal geopereerden per verzekerden weergegeven met het aantal verzekerden in de regio en het aantal geopereerde verzekerden in de regio. Ook wordt de percentielscore getoond. Op regioniveau worden de gevonden waardes van alle regio s gesorteerd van laag naar hoog en in 5 kwintielen verdeeld en in een landkaart getoond met de grenswaardes 3 Er is per aandoening gecorrigeerd voor de kenmerken zoals hierboven en in de tabel in bijlage 2 is beschreven. 3/19
4 van de kwintielen bij het 20%-, 40%-, 60%-, 80% percentiel. Deze grenswaarden zijn gebruikt als kleurovergangen in de regiolandkaart en het regiokwintieldiagram. De kaart van Nederland geeft inzicht in de verschillen in indicatorscore tussen de verschillende regio's in Nederland. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont, niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. Bij de praktijkvariatie zijn in de lichtgekleurde regio's relatief weinig verzekerden geopereerd aan de betreffende aandoening. In regio s die donker gekleurd zijn, zijn naar verhouding juist veel verzekerden geopereerd. Deze waardes zijn gecorrigeerd voor relevante patiëntkenmerken. De landkaart, het staafdiagram met de praktijkvariatiescore per instelling en de daadwerkelijke interventie volumes geven een goed beeld van wat er in 2011 aan interventies is gedaan. De informatie wordt nog rijker door de gegevens op regionaal niveau te combineren met gegevens op instellingsniveau. Deze combinatie geeft waardevolle aangrijpingspunten voor instellingen om mogelijke verklaringen voor de vastgestelde bevindingen te formuleren. De basis van iedere interpretatie begint bij het inzicht dat de regionale variatie (de landkaart) het meest hard is: deze populatie ondergaat meer of minder interventies. De variatie die hierin zichtbaar wordt is ofwel het resultaat van verschillen in populatie (waarvoor in belangrijke mate wordt gecorrigeerd), ofwel het resultaat van verschillen in geleverde zorg. De score van de individuele instellingen is afgeleid van de regionale variatie. Bij het bepalen van deze score kunnen bijvoorbeeld verwijseffecten een rol spelen. De interpretatie van de instellingsscores moet dus altijd gebeuren in het licht van de regionale cijfers. In onderstaand figuur staat een analyseboom opgenomen die behulpzaam is bij de interpretatie van de cijfers. Interpretatie praktijkvariatie score Voldoende volume Weinig doorverwijzingen Veel doorverwijzingen Klein volume (<20) Cijfers van praktijkvariatie zijn minder betrouwbaar Ongelijke verdeling van kleuren in staaf Gelijke verdeling van kleuren in staaf Ongelijke verdeling van kleuren in staaf Gelijke verdeling van kleuren in staaf Instelling die groot of klein aandeel in de regio heeft Zal niet voorkomen Instelling die groot of klein aandeel in de regio heeft Bovenregionaal centrum? Score regioniveau Hoog Laag Score instelling Hoog Instelling draagt in belangrijke mate bij aan hoge score in de regio Instelling opereert meer dan andere instellingen in regio Laag Instelling opereert minder dan andere instellingen in regio Instelling draagt in belangrijke mate bij aan lage score in de regio Figuur 2. Interpretatie praktijkvariatie Visueel wordt dit weergegeven door een combinatie te maken van de indicatorscore op regioniveau en de score op instellingsniveau. De verschillende staven geven de instellingsscore aan en zijn ingekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. Per instelling wordt inzichtelijk gemaakt uit welk soort regio s de patiënten afkomstig zijn. Het deel van de patiënten dat uit één of meer regio s afkomstig is waar relatief veel wordt geopereerd kleurt donker. Het deel dat uit één of meer regio s komt waar weinig wordt geopereerd kleurt licht (dit is terug te zien in figuur 15 zie volgende pagina). De vier kwadranten uit figuur 2 bieden de volgende handvatten voor interpretatie: 4/19
5 1. Hoge praktijkvariatie score in een regio (relatief veel donkerblauw) waar de instelling is gevestigd en een hoge praktijkvariatie score van de instelling zelf: de instelling lijkt (door een interveniërend beleid) in belangrijke mate bij te dragen aan de hoge praktijkvariatie score van de regio. Dit wordt nader uitgediept in een gesprek tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder. 2. Lage praktijkvariatie score in regio (relatief veel lichtblauw) waar de instelling is gevestigd en een lage praktijkvariatie score van de instelling: de instelling lijkt (door een conservatief beleid) in belangrijke mate bij te dragen aan de lage praktijkvariatie score van de regio. Dit effect kan ook worden ondersteund door een goed verwijzende eerste lijn (bijvoorbeeld een eerste lijn die alleen patiënten verwijst waarbij een conservatieve behandeling niet (meer) werkzaam is). Dit wordt nader uitgediept in een gesprek tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder. 3. Hoge praktijkvariatie score in regio (relatief veel donkerblauw) waar de instelling is gevestigd en lage praktijkvariatie score van de instelling: de patiënten van deze instelling zijn afkomstig uit een regio waarin relatief veel mensen worden geopereerd. De instelling lijkt echter een meer conservatief beleid te voeren; andere instellingen zijn verantwoordelijk voor het op regioniveau zichtbare effect. Dit wordt nader uitgediept in een gesprek tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder. 4. Lage praktijkvariatie score in regio (relatief veel lichtblauw) waar de instelling is gevestigd en een hoge praktijkvariatie score van de instelling: Dit is de omgekeerde situatie van 3): de instelling zelf opereert relatief veel, maar de patiënten zijn afkomstig uit regio's waar relatief weinig wordt geopereerd. Andere instellingen die in dezelfde regio's actief zijn opereren dus relatief minder. Dit wordt nader uitgediept in een gesprek tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder. 5/19
6 Resultaten Carpaal tunnel syndroom In totaal zijn 101 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 23 tot en met 768. De spreiding in de indicatorscore op instellingenniveau is een factor 3,58 (gebaseerd op de verhouding tussen het 95e en 5e percentiel). De spreiding tussen instellingen is afgenomen van 2009 tot Het landelijk gemiddelde van operatieve interventies vanwege carpaal tunnel syndroom ligt in 2011 iets lager. In figuur 3 is de praktijkvariatie operatieve interventie wegens carpaal tunnel syndroom op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 3. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor carpaal tunnel syndroom per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens carpaal tunnel syndroom op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 6/19
7 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 4. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor carpaal tunnel syndroom per regio in /19
8 Resultaten Cataract (Staar) In totaal zijn 112 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 29 tot en met De spreiding in de indicatorscore op instellingenniveau is een factor 2,22 (gebaseerd op de verhouding tussen het 95e en 5e percentiel). De spreiding tussen instellingen is gelijk gebleven van 2009 naar Het landelijk gemiddelde is gestegen van 943 in 2009 via 973 in 2010 naar 993 in In figuur 5 is de praktijkvariatie operatieve interventie wegens cataract op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 5. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor cataract per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens cataract op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 8/19
9 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 6. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor cataract per regio in /19
10 Resultaten Galblaasverwijdering In totaal zijn 93 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 24 tot en met 656. De spreiding in de indicatorscore op instellingsniveau is een factor 1,94 (gebaseerd op het 5 e en 95 e percentiel). De spreiding tussen instellingen is toegenomen van 2010 op Het landelijk gemiddelde is nauwelijks veranderd. In figuur 7 is de praktijkvariatie galblaasverwijderingen wegens galstenen of galblaasontsteking op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 7. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor galblaasverwijdering per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens galblaasverwijdering op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 10/19
11 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 8. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor galblaasverwijdering per regio in /19
12 Resultaten Heupvervanging vanwege artrose In totaal zijn 94 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 22 tot en met 615. De spreiding in de indicatorscore op instellingsniveau is een factor 2,02 (gebaseerd op het 5 e en 95 e percentiel). De spreiding tussen instellingen is wat toegenomen van 2009 naar Het landelijk gemiddelde is hetzelfde gebleven. In figuur 9 is de praktijkvariatie heupvervanging vanwege artrose op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 9. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor heupvervanging vanwege artrose per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens galblaasverwijdering op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 12/19
13 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 10. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor heupvervanging vanwege artrose per regio in /19
14 Resultaten Knievervanging vanwege artrose In totaal zijn 97 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 33 tot en met 676. De spreiding in de indicatorscore op instellingsniveau is een factor 2,55 (gebaseerd op het 5 e en 95 e percentiel). De spreiding tussen instellingen is wat afgenomen van 2009 naar Het landelijk gemiddelde is gestegen. In figuur 11 is de praktijkvariatie knievervanging vanwege artrose op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 11. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor knievervanging vanwege artrose per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens galblaasverwijdering op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 14/19
15 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 12. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor knievervanging vanwege artrose per regio in /19
16 Resultaten Liesbreuk In totaal zijn 95 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 26 tot en met De spreiding in de indicatorscore op instellingsniveau is een factor 1,75 (gebaseerd op het 5 e en 95 e percentiel). De spreiding tussen instellingen is toegenomen van 2009 naar Het landelijk gemiddelde is nagenoeg gelijk gebleven. In figuur 13 is de praktijkvariatie liesbreuk op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 13. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor liesbreuk per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens galblaasverwijdering op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 16/19
17 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 14. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor liesbreuk per regio in /19
18 Resultaten Rughernia In totaal zijn 77 instellingen meegenomen in de bepaling van de praktijkvariatie. Het absolute aantal operatief behandelde patiënten per instelling gepresenteerd in de indicator varieerde van 20 tot en met 702. De spreiding in de indicatorscore op instellingenniveau is een factor 12,95 (gebaseerd op de verhouding tussen het 95e en 5e percentiel). De spreiding tussen instellingen is van 2009 op 2010 toegenomen en in 2011 weer wat afgenomen, maar blijft relatief hoog, ook in vergelijking met andere aandoeningen waar deze spreiding meestal op een factor 2 tot 3 ligt. Het landelijk gemiddelde van rugherniaoperaties is over de jaren heen wat gedaald. In figuur 15 is de praktijkvariatie operatieve interventie wegens rughernia op instellingsniveau weergegeven. De verschillende staven geven de instellingscore aan en zijn gekleurd op basis van de samenstelling van het verzorgingsgebied van de instellingen. In deze figuur is ook te zien hoe de instelling het doet ten opzichte van de regio. Instellingen met een groot donkerblauw gekleurd deel zijn interessant om verder te onderzoeken. Figuur 15. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor rughernia per instelling in 2011 In de landkaart hieronder is de praktijkvariatie operatieve interventies wegens rughernia op regioniveau weergegeven. Het gaat hier om de regio waar de patiënt woont; niet om de regio waar de interventie heeft plaatsgevonden. 18/19
19 17 49 (P0-P20) (P20-P40) (P40-P60) (P60-P80) (P80-P100) Figuur 16. Gecorrigeerd aantal geopereerden per inwoners voor rughernia per regio in 2011 Hoe verder? De interpretatie van praktijkvariatiegegevens is niet recht toe recht aan. De gegevens zijn primair bedoeld als informatie voor gesprek tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. Bij het kijken naar de resultaten is het interessant te onderzoeken of er sprake is van ongewenste spreiding. En zo ja, wat daarvan de oorzaken zijn. Wellicht ten overvloede: bij praktijkvariatie is geen norm bekend. De gegevens over praktijkvariatie dragen bij aan de discussie over gepast gebruik binnen de zorg; waarbij het zowel kan gaan om onder- als overbehandeling. Tevens is het van belang om te vermelden dat de meerwaarde van praktijkvariatiegegevens mogelijk ligt in de combinatie met de uitkomsten van zorg. In het geval van rughernia operaties gaat het dan bijvoorbeeld om Patient Reported Outcome Measures (PROMs), waarbij patiënten via vragenlijsten zelf aangeven of hun klachten verminderd zijn. In het achterliggende rapport staan de resultaten uit deze samenvatting verder toegelicht. Voor vragen kunt u mailen naar [email protected]. 19/19
Praktijkvariatierapport 7 aandoeningen electieve zorg 2014
Praktijkvariatierapport 7 aandoeningen electieve zorg 2014 Samengesteld door: Expertteam Ziekenhuiszorg Datum: 27 mei 2014 Versie: 1.0 Voorwoord Zorgverzekeraars streven op het brede terrein van cure,
Praktijkvariatierapport Rughernia
Praktijkvariatierapport Rughernia Datum: 2 december 2013 Versie: 1.0 Voorwoord Zorgverzekeraars streven op het brede terrein van cure, care en preventie naar voortdurende verbetering van kwaliteit van
Verantwoordingsdocument. Praktijkvariatie De methodiek. CZ 27 februari 2013, versie 1.0
Verantwoordingsdocument Praktijkvariatie De methodiek CZ 27 februari 2013, versie 1.0 1 Inhoud 1. Achtergrond... 3 1.1 Wat is praktijkvariatie... 3 1.2 Waarom doet CZ dit?... 3 2. Basis van de gegevens...
Rapportage. indicatoren indicatiestelling. (praktijkvariatie) Verslagjaar 2009
Rapportage indicatoren indicatiestelling (praktijkvariatie) Verslagjaar 2009 15 juli 2011 1 Colofon Tot stand gekomen in opdracht en onder eindverantwoordelijkheid van Zorgverzekeraars Nederland Vektis
Kwaliteit van de geleverde zorg rond electieve zorg in 2010, beperkte update van de analyse over 2009.
Kwaliteit van de geleverde zorg rond electieve zorg in 2010, beperkte update van de analyse over 2009. Analyse van de waarde van electieve zorg op basis van declaratiegegevens Marije van der Steen, KPMG
Achtergronddocument Indicator indicatiestelling (praktijkvariatie)
Achtergronddocument Indicator indicatiestelling (praktijkvariatie) Versie 1.0 31 augustus 2011 1 18 Colofon Tot stand gekomen in opdracht en onder eindverantwoordelijkheid van Zorgverzekeraars Nederland
Praktijkvariatie rond indicatiestelling in Nederlandse ziekenhuizen
Praktijkvariatie rond indicatiestelling in Nederlandse ziekenhuizen Presentatie van de indicator praktijkvariatie voor 7 aandoeningen op basis van gegevens uit 2008 Versie 1.1 1 37 Colofon Opdracht en
Technisch achtergronddocument indicator indicatiestelling (praktijkvariatie)
Technisch achtergronddocument indicator indicatiestelling (praktijkvariatie) Versie 2.0 17 april 2014 Inhoud 1. Introductie 4 2. Methodologische aspecten bij de indicator indicatiestelling 5 2.1 Factsheet
Veel gestelde vragen waardegericht inkopen van staaroperaties
Veel gestelde vragen waardegericht inkopen van staaroperaties Bij elke vraag staat tussen haakjes op welke datum deze vraag aan dit document is toegevoegd. Categorie Vraag Antwoord 1.4 Stimuleren innovaties
MSZ PLUS INZICHT IN DE ZIEKENHUISZORG ZORGCIJFERS VAN EN VOOR ZIEKENHUIZEN
INZICHT IN DE ZIEKENHUISZORG ZORGCIJFERS VAN EN VOOR ZIEKENHUIZEN 1 VEKTIS Vektis beschikt over alle declaratiegegevens van de verzekerde zorg in Nederland en is de enige partij die deze gegevens heeft.
Handboek met indicatoren en normen Heup- en knievervanging, cataract, Infectie-revisies (Heup & Knie) en Bariatrische Chirurgie.
Handboek met indicatoren en normen Heup- en knievervanging, cataract, Infectie-revisies (Heup & Knie) en Bariatrische Chirurgie Versie juli 204 VGZ kiest voor kwaliteit VGZ staat voor zorg van goede medische
Veel gestelde vragen waardegericht inkopen van behandeling van heup- en knieartrose
Veel gestelde vragen waardegericht inkopen van behandeling van heup- en knieartrose Bij elke vraag staat tussen haakjes op welke datum deze vraag aan dit document is toegevoegd. 2.3 Uitkomstindicatoren
21 april Praktijkvariatie NVAG. Erik-Jan Vlieger
21 april 2011 Praktijkvariatie NVAG Erik-Jan Vlieger [email protected] 06-55392678 Wat is praktijkvariatie? Definitie: het bestaan van regionale verschillen in indicatiestelling die niet op basis van populatiekenmerken
Toelichting spiegelinformatie en behandelindex fysiotherapie. versie juli 2017
Toelichting spiegelinformatie en behandelindex fysiotherapie versie 1.0 19 juli 2017 Uniformiteit berekening behandelindex en spiegelinformatie Eind 2015 hebben zorgverzekeraars het initiatief genomen
MSZ PLUS INZICHT IN DE ZIEKENHUISZORG ZORGCIJFERS VAN EN VOOR ZIEKENHUIZEN
INZICHT IN DE ZIEKENHUISZORG ZORGCIJFERS VAN EN VOOR ZIEKENHUIZEN 1 VEKTIS Vektis beschikt als enige partij over alle declaratiegegevens van de verzekerde zorg in Nederland. Hierdoor is Vektis in staat
Duiden van praktijkvariatie rond indicatiestelling BPH. Nadere analyse van variatie, oorzaken ervan en aanpak
Duiden van praktijkvariatie rond indicatiestelling BPH Nadere analyse van variatie, oorzaken ervan en aanpak Duiden van praktijkvariatie rond indicatiestelling Benigne Prostaathyperplasie (BPH) Nadere
Betere zorg met minder kosten: kan dat? Jaarcongres Intrakoop, 17 juni 2014 André Rouvoet, voorzitter ZN
Betere zorg met minder kosten: kan dat? Jaarcongres Intrakoop, 17 juni 2014 André Rouvoet, voorzitter ZN Zorguitgaven Bruto-BKZ uitgaven 72.900.000.000 Per dag: 200.000.000 Per uur: 8.300.000 Per minuut:
Toelichting spiegelinformatie en behandelindex fysiotherapie. versie 1.1 oktober 2017
Toelichting spiegelinformatie en behandelindex fysiotherapie versie 1.1 oktober 2017 Uniformiteit berekening behandelindex en spiegelinformatie Eind 2015 hebben zorgverzekeraars het initiatief genomen
Hoe brengen we ongewenste praktijkvariatie terug?
Hoe brengen we ongewenste praktijkvariatie terug? Marc Berg De Weg naar Gepast Zorggebruik 28 maart 2013 Overview Praktijkvariatie in Zorggebruik: waar staan we? Hoe reduceren we ongewenste praktijkvariatie?
Praktijkvariatie Artrose Heup en Knie, 3 april 2014 Achtergrondinformatie
Praktijkvariatie Artrose Heup en Knie, 3 april 2014 Achtergrondinformatie Inleiding Naar aanleiding van het verzoek van de NPCF zal ZN de praktijkvariatiegegevens van 2011 publiceren. Praktijkvariatie
B-segment Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen 1
B-segment Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen 1 Managementsamenvatting In opdracht van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) heeft Gupta Strategists onderzoek gedaan naar de belangrijkste
Patiëntenervaringen in beeld : Wat kunnen we leren van de PROMs? Suzanne van der Meulen-Arts Symposium CQI-ziekenhuizen 9 oktober 2012
Patiëntenervaringen in beeld : Wat kunnen we leren van de PROMs? Suzanne van der Meulen-Arts Symposium CQI-ziekenhuizen 9 oktober 2012 Miletus Doelstelling Stichting die voor zorgverzekeraars valide informatie
Screening (4050, ) Eenmalig logopedisch onderzoek (4102, 4103, ) Hanen-ouderprogramma (4307, ) Uittoeslag
Toelichting Spiegelinformatie Logopedie In deze Toelichting Spiegelinformatie Logopedie staan de meest gestelde vragen rondom de Spiegelinformatie genoemd en beantwoord. Aan het einde vindt u bij de laatste
Factsheet Indicatoren Heupprothese (LROI)
Factsheet en Heupprothese (LROI) - 12 november 2014 Beschrijving van indicatoren Registratie gestart: 1 januari 2007 Inclusiecriteria: Alle geplaatste totale heupprothesen en kop-halsprothesen in de LROI
WORKSHOP PROMS. 24 juni, Utrecht ISOQOL. Barbara Vriens Stichting Miletus
WORKSHOP PROMS 24 juni, Utrecht ISOQOL Barbara Vriens Stichting Miletus 2 Agenda 1. Visie en doelstellingen Miletus 2. PROMs metingen Miletus tot nu toe 3. PROMs en PREMs in de kwaliteitsregistratie (NBCA)
De zorgverzekeraar als innovator
De zorgverzekeraar als innovator maken vanuit het patiëntenperspectief Caroline van Weert Doelstelling Stichting die voor zorgverzekeraars valide informatie genereert over patiëntervaringen in de zorg
Nieuwe rollen, Nieuw doelen. Rob Laane beleidscoördinator VGZ 09-07-2013
Nieuwe rollen, Nieuw doelen Rob Laane beleidscoördinator VGZ 09-07-2013 Een vloeiende GGZ, Onder druk wordt alles vloeibaar? Veranderingen Einde representatie Opheffing ex post vereveneningssystematiek
Factsheet Indicatoren Heupprothese (LROI)
Factsheet en Heupprothese (LROI) 9 september 2015 Beschrijving van indicatoren Registratie gestart: 1 januari 2007 Inclusiecriteria: Alle geplaatste totale heupprothesen en kop-halsprothesen in de LROI
Inleiding. Methode. Inclusiecriteria CQI-spataderen
Inleiding Vanwege de hoge prevalentie van spataderen, talloze keuzemogelijkheden en vrij onderhandelbare tarieven voor spataderzorg was deze medisch-specialistische zorg bij uitstek geschikt voor de ontwikkeling
Zorginkoop Achmea Medisch Specialistische Zorg 2015 ZBC s Samen bouwen aan zinvolle zorg
Zorginkoop Achmea Medisch Specialistische Zorg 2015 ZBC s Samen bouwen aan zinvolle zorg Frans Schaepkens 12 juni 2014 2 A Samen verder B Kwaliteit C Doelmatigheid D Contractvorm en tijdpad tot eind 2014
Big data in de zorg de belofte voorbij? Herman Bennema MIC 2015, 29 oktober 2015
Big data in de zorg de belofte voorbij? Herman Bennema MIC 2015, 29 oktober 2015 Agenda Data en informatie bij Vektis Big data met gestructureerde gegevens Instellingsspecifieke analyses Regio analyses
Handreiking Gebruik zorgvraagzwaarte-indicator GGZ Voor GGZ-instellingen en zorgverzekeraars
Handreiking Gebruik zorgvraagzwaarte-indicator GGZ Voor GGZ-instellingen en zorgverzekeraars September 2015 Utrecht 1 Handreiking zorgvraagzwaarte-indicator GGZ; Voor GGZinstellingen en zorgverzekeraars
5.3. Gecombineerd aortakleplijden en coronairlijden
5.3 Gecombineerd aortakleplijden en coronairlijden 98 5.3 Gecombineerd aortakleplijden en coronairlijden Patiënten die de diagnose gecombineerd aortakleplijden en coronairlijden krijgen, kunnen worden
Factsheet Indicatoren Geïnstrumenteerde Lage Rug Chirurgie (DSSR) 2016
Factsheet en Geïnstrumenteerde Lage Rug Chirurgie (DSSR) 2016 Registratie gestart: 2014 Inclusie en exclusie criteria Inclusie Alle patienten met een degeneratieve lumbale wervelkolomaandoening die een
GECOMBINEERD AORTAKLEPLIJDEN EN 5CORONAIRLIJDEN
GECOMBINEERD AORTAKLEPLIJDEN EN CORONAIRLIJDEN Patiënten die de diagnose gecombineerd aortakleplijden en coronairlijden krijgen, kunnen worden behandeld middels coronaire bypasschirurgie (CABG) en een
Kwaliteit en kosten van de geleverde zorg rond geestelijke gezondheidszorg
Kwaliteit en kosten van de geleverde zorg rond geestelijke gezondheidszorg Analyse van de waarde van de zorg voor alcoholverslaving, angst- en stemmingsstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen en schizofrenie
Eindrapportage Gehandicaptenzorg. Verslagjaar Eindrapportage Gehandicaptenzorg
Eindrapportage Gehandicaptenzorg Verslagjaar Eindrapportage Gehandicaptenzorg Inhoud Inleiding eindrapportage Gehandicaptenzorg... 3 Leeswijzer... 5 Eindrapportage Verstandelijk Gehandicapten... 7 Domein
Gevolgen invoering Directe Toegankelijkheid Fysiotherapie
Gevolgen invoering Directe Toegankelijkheid Fysiotherapie Project: 0468 In opdracht van: Zorgverzekeraars Nederland Auteur: Philip Mokveld/Marieke Smit Datum: 23 mei 2007 Vektis BV Sparrenheuvel 18 3708
Technische verantwoording Praktijkvariatie Diabetes 2015 Fase 2
Technische verantwoording Praktijkvariatie Diabetes 2015 Fase 2 Mirte van Galen, Vektis Robin de Vries, Vektis Lisette Gusdorf, Vektis Ronald Luijk, Zorgverzekeraars Nederland Geertjan Mellema, Zorgverzekeraars
Factsheet Indicatoren Heupprothese
Deze indicatorenset is opgenomen in het register van Zorginstituut Nederland waarmee het aanleveren van deze kwaliteitsgegevens in 2017 over verslagjaar 2016 wettelijk verplicht is. Colofon Internet: OmniQ
Managementsamenvatting
Managementsamenvatting CQI Oncologie Generiek 2014 Significant Thorbeckelaan 91 3771 ED Barneveld +31 342 40 52 40 KvK 3908 1506 [email protected] www.significant.nl Stichting Miletus Barneveld, 18 juni
AANVULLING ( juli 2017) Zorginkoopbeleid 2018 Verpleging en Verzorging. Versie juli 2017
AANVULLING ( juli 2017) Zorginkoopbeleid 2018 Verpleging en Verzorging 1 Inhoudsopgave 1. Specialistische Verpleging. 4 2. Doelmatige zorg... 5 2 Inleiding Voor u ligt de aanvulling van het Zorginkoopbeleid
Brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
29689 Herziening Zorgstelsel 31016 Ziekenhuiszorg Nr. 623 Brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 juni 2015 Hierbij
Inzicht in zorgprestaties
Inzicht in zorgprestaties Dag van de zorgbekostiging, 11 februari 2014 Caspar Dik & Cees Moerman, DBC-Onderhoud [email protected] Missie DBC-O DBC-Onderhoud: expertisecentrum voor zorgprestaties DBC-Onderhoud
Belangen spreker. Kwaliteitsregistratie: het werkt! 1-11-2013. Marc van Tilburg chirurg 30 oktober 2013
--23 Kwaliteitsregistratie: het werkt! Marc van Tilburg chirurg 3 oktober 23 Belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Geen Voor bijeenkomst
HOE ZET JE VALUE BASED HEALTH CARE IN ALS VERBETERING VAN DE ZORG IN DE KETEN?
HOE ZET JE VALUE BASED HEALTH CARE IN ALS VERBETERING VAN DE ZORG IN DE KETEN? Corina Puppels Verpleegkundig Specialist CVA-ketencoördinator [email protected] INHOUD Wat is VBHC Wat is VBHC
Factsheet Indicatoren Knieprothese (LROI)
Factsheet en Knieprothese (LROI) - 12 november 2014 Beschrijving van indicatoren Registratie gestart: 1 januari 2007 Inclusiecriteria: Alle geplaatste totale knieprothesen en unicondylaire knieprothesen
Factsheet Indicatoren Bariatrische Chirurgie (DATO) Start registratie: 2014
Factsheet en Bariatrische Chirurgie (DATO) 2017 Start registratie: 2014 Inclusie & exclusie criteria DATO Inclusie De patiënten die geregistreerd dienen te worden zijn die patiënten die een chirurgische
Psychische en sociale problematiek in de huisartsenpraktijk in de periode
Psychische en sociale problematiek in de huisartsenpraktijk in de periode 2011 2017 Psychische en sociale problematiek in de huisartsenpraktijk in de periode 2011 2017 Derek de Beurs Annemarie Prins Mark
2/13/2012. Incentives in the Diagnosis Treatment Combination payment system for specialist medical care
Incentives in the Diagnosis Treatment Combination payment system for specialist medical care A study about behavioral responses of medical specialists and hospitals in the Netherlands 1. DBC 2. Onderzoeksvragen
Stichting Benchmark GGZ
Stichting Benchmark GGZ Beter worden door te leren van vergelijken - Hoe verzamelt GGZ uitkomst gegevens? - Hoe worden die teruggekoppeld? - Wat is er nodig om beter te worden? Gegevens Bazaar, 28 januari
Waarvoor dient de behandelindex? Doorontwikkeling naar een landelijke behandelindex. Mogelijke impact op fysiotherapiepraktijken
Wat is de behandelindex? Waarvoor dient de behandelindex? Doorontwikkeling naar een landelijke behandelindex Mogelijke impact op fysiotherapiepraktijken Rekenvoorbeeld 1/6 Wat is de behandelindex? De BI
Transparante kwaliteitsinformatie: de eerste drie jaar van het Zorginstituut
Transparante kwaliteitsinformatie: de eerste drie jaar van het Zorginstituut Petra Beusmans, Pauline de Heer Het Zorginstituut draagt onder andere zorg voor het beschikbaar maken van informatie over de
De psychische en sociale hulpvraag van volwassenen in de huisartsenpraktijk van
Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Beurs, D. de, Magnée, T., Bakker, D. de, Verhaak, P. De psychische en sociale hulpvraag van volwassenen in de huisartsenpraktijk
Najaar 2012. Voorbeeldrapportage Wijkscan
Najaar 2012 Voorbeeldrapportage Wijkscan Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 1.1 Gebiedsindeling... 4 2. Demografie... 5 2.1 Jeugd: 0 tot 14-jarigen... 6 2.2 Ouderen: 65-plussers... 6 2.3 Sociaal economische
Rapportage EPA vignettenstudie
Rapportage EPA vignettenstudie Zorgverzekeraars Nederland Mei 2014 1. Inleiding Aanleiding van de EPA vignettenstudie Op 5 december 2013 hebben de initiatiefnemers vanuit Altrecht (Rob de Jong) en Kwintes
Reduceren van praktijkvariatie: budgettaire effecten van scherpere indicatiestelling
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Reduceren van praktijkvariatie: budgettaire effecten van scherpere indicatiestelling juni 2010 Eveline van Beek Karin Lemmens Gwendy van Schooten Erik-Jan
Waardegerichte inkoop geïntegreerde zorg voor patiënten met artrose. Bert Geertsma, Congres geïntegreerde zorg eerste- en tweedelijn, 15 feb 2018
Waardegerichte inkoop geïntegreerde zorg voor patiënten met artrose Bert Geertsma, Congres geïntegreerde zorg eerste- en tweedelijn, 15 feb 2018 Agenda Menzis waardegericht inkopen Waardegericht inkopen
CQi Kortdurende ambulante geestelijke gezondheidszorg of verslavingszorg
CQi Kortdurende ambulante geestelijke gezondheidszorg of verslavingszorg Uitkomsten voor Raphaëlstichting LPGGz Terugkoppeling resultaten Resultaten CQi Kortdurende ambulante geestelijke gezondheidszorg
PROMs Heup Knie. Resultaten meting 2013
PROMs Heup Knie Resultaten meting 2013 Agenda Methode Resultaten Resultaten gecombineerd Onderlinge correlatie PROMs uitkomstmaten METHODE Meting 2013 - I Vragenlijst CQI Heup-knie versie 1.0 verkort incl.
Verplichte indicatoren die moeten worden aangeleverd aan Zorginstituut Nederland
Zorginstituut Nederland Kwaliteitsinstituut Eekholt 4 1112 XH Diemen Postbus 320 1110 AH Diemen www.zorginstituutnederland.nl T +31 (0)20 797 89 20 [email protected] Oplegger indicatorenset
NEDERLANDSE SAMENVATTING
NEDERLANDSE SAMENVATTING 154 NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING 155 SAMENVATTING Achtergrond Hoewel het lumbosacraal radiculair syndroom (LSRS) zo lang bestaat als de geschiedenis van onze
ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed
ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed ParaBench, algemene informatie ParaBench is een benchmark-instrument. U kunt uw eigen prestaties over een vooraf te bepalen periode vergelijken met de gemiddelden
Project Nightingale: Machine learning voor samen beslissen in de spreekkamer.
Project Nightingale: Machine learning voor samen beslissen in de spreekkamer. Dr. Daniel Kapitan Chief Data Scientist Mediquest Data-driven Healthcare congres Utrecht, 8 november 2018 Stel, u komt bij
Factsheet Indicatoren Knieprothese
Deze indicatorenset is opgenomen in het register van Zorginstituut Nederland waarmee het aanleveren van deze kwaliteitsgegevens in 2017 over verslagjaar 2016 wettelijk verplicht is. Colofon Internet: OmniQ
VAN DATUM BETREFT CD/EvL 28 sept 2011 uitval honorariumberekening
Europalaan 40 3526 KS Utrecht Postbus 2774 3500 GT Utrecht AAN NZa TELEFOON 030 285 08 00 FAX 030 285 08 01 WEBSITE www.dbconderhoud.nl Memo VAN DATUM BETREFT CD/EvL 28 sept 2011 uitval honorariumberekening
Toelichting sterscores op Vergelijk en Kies. November 2014
Toelichting sterscores op Vergelijk en Kies November 2014 Kwaliteit zichtbaar in vergelijk & Kies VGZ kiest voor kwaliteit van zorg voor haar klanten. We bieden goede zorg voor een scherpe prijs. Want
ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed
ParaBench / Managementinformatie binnen Intramed ParaBench, algemene informatie ParaBench is een benchmark-instrument. U kunt uw eigen prestaties over een vooraf te bepalen periode vergelijken met de gemiddelden
Opzet van het gezondheidszorgsysteem (paragraaf 1) Ziekenhuiszorg aanbod en productie (paragraaf 2) Ziekenhuiszorg prestaties (paragraaf 3)
Opzet van het gezondheidszorgsysteem (paragraaf 1) Globale systeemvergelijking Ziekenhuiszorg aanbod en productie (paragraaf 2) Aanbod Productie Ziekenhuiszorg prestaties (paragraaf 3) Kwaliteit Toegankelijkheid
Vrije keuze van zorgaanbieders van belang bij het kiezen van een polis Margreet Reitsma-van Rooijen, Anne E.M. Brabers en Judith D.
Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Reitsma-van Rooijen, M., Brabers, A.E.M., Jong, J.D. de. Vrije keuze van zorgaanbieders van belang bij het kiezen van een
De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG. Datum 4 september 2018 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,
> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340
Van goede zorg verzekerd. Zorgverzekering. Oegstgeest 27 september 2014
1 Van goede zorg verzekerd Zorgverzekering Oegstgeest 27 september 2014 Volksgezondheid Toekomst Verkenningen VTV 2013 Uitgangspunten zorgverzekeraars Zorgverzekeraars: Hanteren solidariteit en voor iedereen
Cliëntenthermometer jongeren vanaf 12 jaar
Cliëntenthermometer jongeren vanaf 12 jaar Accare Totaal Versie 1.0.0 Drs. A. Weynschenk november 2014 www.triqs.nl VOORWOORD Met genoegen bieden wij u hierbij de rapportage aan over de uitgevoerde CT
Nieuwe huisartsenbekostiging, perspectief van de zorgverzekeraars. Martien Bouwmans Zorgverzekeraars Nederland Mei 2014
Nieuwe huisartsenbekostiging, perspectief van de zorgverzekeraars Martien Bouwmans Zorgverzekeraars Nederland Mei 2014 Van volume/productie naar resultaten en kwaliteitsverschillen Huisartsenbekostiging
Indicatorenset Galblaasverwijdering
Indicatorenset Galblaasverwijdering Uitvraag ziekenhuizen/zbc s over verslagjaar 2018 Colofon Internet: OmniQ (portaal van DHD) voor aanlevering kwaliteitsgegevens (beschikbaar vanaf 1 februari voor leden
Valgerelateerde ziekenhuisopnamen bij ouderen in Nederland. [Trends in Fall-Related Hospital Admissions in Older Persons in the Netherlands]
Valgerelateerde ziekenhuisopnamen bij ouderen in Nederland [Trends in Fall-Related Hospital Admissions in Older Persons in the Netherlands] Klaas A. Hartholt; Nathalie van der Velde; Casper W.N. Looman;
De toegevoegde waarde van Buurtzorg t.o.v. andere aanbieders van thuiszorg Een kwantitatieve analyse van thuiszorg in Nederland anno 2013
De toegevoegde waarde van Buurtzorg t.o.v. andere aanbieders van thuiszorg Een kwantitatieve analyse van thuiszorg in Nederland anno 2013 Januari 2015 Samenvatting Aanleiding en doel Buurtzorg is een van
Gezond samenwerken in de zorg? Workshop ACM en NZa over horizontaal toezicht
Gezond samenwerken in de zorg? Workshop ACM en NZa over horizontaal toezicht Hein Tacken, Susan van Velzen, Wim Komrij en Bas Jurling Landelijk congres Horizontaal toezicht zorg Utrecht 12 april 2017 Inhoud
ParkinsonNet in cijfers. Trends in paramedische zorg tussen
in cijfers Trends in paramedische zorg tussen 2010-2017 Juli 2018 Mariëtta Eimers Bas Bloem Marten Munneke Mirte van Galen Rune Poortvliet Vektis Vektis in cijfers trends in paramedische zorg 2010-2017
CQi Kortdurende ambulante geestelijke gezondheidszorg of verslavingszorg (Verkort)
CQi Kortdurende ambulante geestelijke gezondheidszorg of verslavingszorg (Verkort) Uitkomsten voor Centrum Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg Buitenpost Resultaten CQi Kortdurende ambulante geestelijke
KISS rapportage gemeente Gorinchem
1/22 KISS rapportage gemeente Gorinchem Peiljaar: 2014 Datum van opleveren rapportage: 19 januari 2016 2/22 KISS rapportage voor gemeenten Het Kennis- en Informatie Systeem Sport (KISS) is een informatiesysteem
