VerzuimMonitor Sector Zorg Jaar 2005
|
|
|
- Paula de Backer
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 VerzuimMonitor Sector Zorg
2 Verzuimpercentage Sector Zorg Meldingsfrequentie Sector Zorg Gemiddelde duur Sector Zorg Aantal werknemers Sector Zorg De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden Nederland ZWN : Zuid-West Nederland ZON : Zuid-Oost Nederland GS : Grote Steden
3 Inhoud Hoofdstuk pagina Eerste ziektejaar Toelichting eerste ziektejaar 2 Landelijke verzuimcijfers 4 Instellingen naar verzuimklasse 5 Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6 Verzuim naar geslacht 7 Verzuim naar leeftijdklasse 9 Verzuim naar deeltijdklasse 13 Verzuim naar duurklasse 17 Werknemers per meldingsklasse 18 Verzuim naar salarisklasse 19 Verzuim en verzuimkosten 24 Verzuim naar regio 26 Tijdreeks verzuimcijfers 29 Eerste en Tweede ziektejaar Toelichting eerste én tweede ziektejaar 30 overzicht 31 Verzuim naar geslacht 33 Verzuim naar leeftijdklasse 34 Verzuim naar deeltijdklasse 36 Verzuim naar duurklasse 38 Verzuim naar regio 40 Tijdreeks verzuimcijfers 43 Rekenregels voor de verzuimgrootheden VERNET verzuimnetwerk 1 VerzuimMonitor Sector Zorg
4 Toelichting (eerste ziektejaar) Opdrachtgever: De VerzuimMonitor voor de Sector Zorg wordt geproduceerd door VERNET verzuimnetwerk B.V. (Vernet) in opdracht van de StAZ, StAG, Stichting O&O-fonds GGZ, SAB-V&V en Stichting FAOT. De Sector Zorg omvat volgens opgave van de diverse werkgeversverenigingen van de branches in de Zorg ca werknemers. De cijfers in deze Monitor zijn gebaseerd op de gegevens van ruim werknemers. Dit komt neer op circa 80% van de totale werknemerspopulatie. Bij alle kengetallen zijn de oproepkrachten niet meegeteld. Tweede ziektejaar: Sinds 1 januari is de wet 'Verlenging Loondoorbetalingsverplichting bij Ziekte' (VLZ) van kracht. In plaats van één jaar hebben werkgevers vanaf 1 januari de plicht om het loon van een zieke werknemer twee jaar lang door te betalen. Het effect van het tweede ziektejaar is voor het eerst in merkbaar. Om verzuimcijfers met voorgaande jaren te kunnen vergelijken bevat deel I van deze VerzuimMonitor alleen de verzuimcijfers die op het eerste ziektejaar betrekking hebben. Deel II is nieuw: het bevat de verzuimcijfers van de twee ziektejaren tezamen. Belangrijk om te weten: Deel I - Gemiddelde duur Door de invoering van het tweede ziektejaar in is de gemiddelde duur in sterk verlaagd. Dit is een gevolg van de definitie (de gemiddelde duur = alle ziektedagen van de in de periode beëindigde gevallen, incl. de ziektedagen van het jaar vóór de verslagperiode / alle in de periode beëindigde gevallen). In het jaar is er geen instroom in de WAO; langdurig zieken stroomden het tweede ziektejaar in. Er zijn derhalve geen beëindigingen van ziektegevallen op de 365-ste dag. Door het gemis van deze beëindigingen is de gemiddelde duur in zodanig verlaagd, dat zij niet met die van vergeleken kan worden. In alle tabellen staat om die reden bij de gemiddelde duur een * en wordt de gemiddelde duur in de bijbehorende tekst niet verder besproken. In de VerzuimMonitoren van 2006 en later kan de gemiddelde duur weer worden vergeleken met die van het voorafgaande jaar. Deel I en II - Beëindigingen en beëindigingsfrequentie naar duurklasse Het hoofdstuk over beëindigingen naar duurklasse, zoals dat in voorgaande VerzuimMonitoren werd gepubliceerd, is komen te vervallen. De reden hiervoor is dat er geen beëindigingen meer zijn van langdurig zieken in het eerste ziektejaar (zie boven). In plaats hiervan is in deel II van deze VerzuimMonitor de beëindigingsfrequentie naar duurklasse opgenomen. Meer informatie hierover staat in de bijbehorende toelichting. Deel II - Opbouwjaar voor de ziektedagen c.q. het verzuimpercentage Het jaar is voor het tweede ziektejaar een opbouwjaar. Uit het onderstaande schema blijkt dat de ziektedagen ofwel de verzuimpercentages van het tweede ziektejaar in 2006 volledig zullen zijn. Meer informatie hierover staat op / documenten / verzuim tweede ziektejaar kw1 kw2 kw3 kw4 kw1 kw2 kw3 kw4 kw1 kw2 kw3 kw4 kw1 kw2 kw3 kw4 kw1 kw2 kw3 kw4 oude ziektewet oude ziektewet nieuwe ziektewet nieuwe ziektewet nieuwe ziektewet ziektedagen die betrekking hebben op het eerste ziektejaar - ziektedagen die betrekking hebben op het tweede ziektejaar 2006 VERNET verzuimnetwerk 2 VerzuimMonitor Sector Zorg
5 Vergelijking met het voorgaande jaar: In deze VerzuimMonitor zijn de verzuimcijfers van het jaar weergegeven. In bijna alle tabellen van deel I staan ook de cijfers van vermeld, zodat de ontwikkeling van het ziekteverzuim te zien is. De verzuimcijfers zijn onderverdeeld naar verschillende kenmerken. Bij een aantal tabellen staat de personeelsopbouw vermeld, zodat het gewicht bekend is en de cijfers beter geïnterpreteerd kunnen worden. In de meeste tabellen worden de verzuimcijfers exclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof weergegeven. Indien dit niet het geval is, wordt dit vermeld. Absolute of relatieve verschillen: In ieder hoofdstuk zijn de stijgingen dan wel de dalingen van de verzuimcijfers van ten opzichte van te zien. Verschillen in cijfers kunnen daarbij uitgedrukt worden in absolute of relatieve zin. Een verzuimpercentage dat bijvoorbeeld verandert van 5,9 naar 5,3 is met 0,6 procentpunt gedaald. Dit is een absoluut verschil. In relatieve zin is het verzuim met 10,2% gedaald (0,6 / 5,9 x 100%). Standaard voor de berekening: In 1996 is door de Projectgroep Uniformering Verzuimgrootheden onder auspiciën van het LISV een standaard vastgelegd voor de berekening van verzuimcijfers. Voor een korte samenvatting verwijzen we naar de laatste pagina van deze VerzuimMonitor. Alleen voor de berekening van de verzuimkostenpercentages wordt door Vernet hiervan afgeweken. De integrale tekst van De Standaard en achtergrondinformatie over de interpretatie van de verzuimcijfers staat op / documenten. In deze VerzuimMonitor worden voor de verzuimgrootheden de volgende afkortingen gebruikt: VP = Verzuimpercentage VKP = Verzuimkostenpercentage MF = Meldingsfrequentie BF = Beëindigingsfrequentie GD = Gemiddelde duur GD* = Gemiddelde duur* zie pagina 2 bij 'Belangrijk om te weten' PS = Personeelssterkte ofwel aantal werknemers FTE = Fulltime-equivalenten ofwel volledige arbeidsplaatsen. ZKH = Ziekenhuizen GHZ = Gehandicaptenzorg GGZ = Geestelijke Gezondheidszorg V&V = Verpleeg- en Verzorgingshuizen TZ = Thuiszorginstellingen Colofon De VerzuimMonitor verschijnt eenmaal per jaar en wordt geproduceerd door VERNET verzuimnetwerk B.V. te Amsterdam. Reproductie en overname is toegestaan onder bronvermelding. Dit verzuimrapport is gemaakt in opdracht van de StAZ, StAG, Stichting O&O-fonds GGZ, SAB-V&V en Stichting FAOT. Productiedatum: 17 maart 2006 Redactie: Gerard Dobbenberg Eindredactie: Anna Tessel 2006 VERNET verzuimnetwerk 3 VerzuimMonitor Sector Zorg
6 Landelijke verzuimcijfers In de grafiek zijn de verzuimcijfers (exclusief het zwangerschapsverlof) van de afzonderlijke branches in de Zorgsector afgezet tegen de verzuimcijfers van het gehele Nederlandse bedrijfsleven, zoals die zijn berekend door het CBS (de kwartaalcijfers van waren nog niet bekend op de productiedatum). Het verzuim is in alle branches van de Zorgsector structureel hoger in vergelijking met Nederland als geheel. 11 Verzuimpercentage per kwartaal bij de branches in de Sector Zorg en CBS 10 TZ VP V&V GHZ GGZ ZKH CBS Uit de onderstaande tabel blijkt dat alle verzuimpercentages van alle branches in de Zorgsector in zijn gedaald ten opzichte van. Het verzuimpercentage (excl. zwangerschap) daalde in de gehele Zorg van 5,7% naar 5,4%. Deze absolute daling van 0,3 procentpunt betekent een relatieve daling van het aantal ziektedagen van 5,3%. Het hoogste verzuimpercentage lag zowel in als in bij de Thuiszorg. In deze branche echter daalde het verzuim (excl. zwangerschap) in relatief het sterkst, namelijk met 8,5%. In beide jaren was het laagste verzuim te zien bij de Ziekenhuizen. De hoogste meldingsfrequentie werd in en bij de Geestelijke Gezondheidszorg gemeten. De laagste meldingsfrequentie was in bij de Gehandicaptenzorg en in bij de Thuiszorg. De personeelsopbouw van de ca werknemers in de steekproef is in de laatste tabel neergezet. Verslagperioden jaar jaar ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG VP (excl-zw) 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 VP (incl-zw) 6,0 7,0 5,9 7,0 7,8 6,6 6,1 7,5 6,0 7,4 8,5 7,0 Meldingsfrequentie 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52 Gemiddelde duur* 10,4 12,9 10,7 12,9 16,0 12,3 12,6 16,2 12,6 15,8 19,9 15,3 Steekproef ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG PS PS% 28,9 17,4 10,2 28,8 14,6 100,0 FTE FTE% 32,3 17,5 11,8 27,1 11,2 100, VERNET verzuimnetwerk 4 VerzuimMonitor Sector Zorg
7 Instellingen naar verzuimklasse De onderstaande grafiek heeft betrekking op alle instellingen die verzuimgegevens voor deze VerzuimMonitor hebben aangeleverd. Op de horizontale as zijn de diverse verzuimklassen aangegeven. Van elke instelling is het verzuim in berekend en vervolgens is deze instelling in de passende verzuimklasse geplaatst. De hoogte van de kolom geeft het aantal instellingen aan dat in een bepaalde verzuimklasse valt. De rode stippellijn geeft het gemiddelde verzuim aan. In de Zorgsector als geheel zijn er bij de instellingen grote verschillen in verzuimniveau waar te nemen. Dit kan verklaard worden door branche-specifieke factoren, zoals de personeelsopbouw of de aard van het werk. Iedere branche afzonderlijk laat echter ook grote verschillen zien, terwijl er binnen deze branches sprake is van vergelijkbaar werk en van een vergelijkbare populatie (zie de VerzuimMonitoren van de branches). Bij de Sector Zorg varieert het verzuim van bijna 3 tot bijna 14 procent Verdeling van de instellingen in de Sector Zorg naar verzuimklasse () aantal instellingen < >12 Verzuimklassen In de volgende grafiek geeft de hoogte van de kolom de gezamenlijke personeelssterkte weer van de instellingen die in deze verzuimklasse zijn ingedeeld. In combinatie met de vorige grafiek valt af te leiden dat bij 'kleinere' instellingen het verzuim het meest van het gemiddelde afwijkt. aantal werknemers Verdeling van de personeelssterkte in de Sector Zorg naar verzuimklasse () < >12 Verzuimklassen 2006 VERNET verzuimnetwerk 5 VerzuimMonitor Sector Zorg
8 Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie In het onderstaande diagram staat op de horizontale as het verzuimpercentage en op de verticale as de meldingsfrequentie. De stippellijnen geven van beide verzuimgrootheden het gemiddelde weer. Zo ontstaan er vier kwadranten. Kwadrant I een laag verzuim en een lage meldingsfrequentie Kwadrant II een laag verzuim en een hoge meldingsfrequentie Kwadrant III een hoog verzuim en een hoge meldingsfrequentie Kwadrant IV een hoog verzuim en een lage meldingsfrequentie Van alle instellingen die hun gegevens hebben aangeleverd zijn zowel het verzuimpercentage als de meldingsfrequentie berekend voor het jaar. De combinatie van deze twee kengetallen maakt het mogelijk de instellingen binnen dit diagram te positioneren. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie in de Sector Zorg () 3,00 2,50 II III MF 2,00 1,50 1,00 0,50 I IV 0, VP De schuine lijn in het diagram is de lineaire regressielijn. In het algemeen kan gezegd worden dat een hoger verzuim gepaard gaat met een hogere meldingsfrequentie. Kwadrant I Het 'beste' kwadrant. Maar men zegt wel eens: "het verzuim omlaag krijgen is niet zo moeilijk als het laag te houden". Verzuim blijft een punt van aandacht. Kwadrant II Het verzuim van de instelling in dit kwadrant is weliswaar laag, maar de meldingsfrequentie mag niet vergeten worden. Veel ziekmeldingen zijn storend voor het personeel en verhogen de werkdruk. Kwadrant III Bij de instellingen die zich in dit kwadrant bevinden is naast reïntegratie van langdurig zieken ook het meldgedrag van werknemers een belangrijk aandachtspunt in het verzuimbeleid. Hierbij moet voor ogen worden gehouden dat men zich realistische doelen stelt, bijvoorbeeld jaarlijks een verzuimreductie van 10% en tevens een vermindering van het aantal ziekmeldingen van 10%. Kwadrant IV Een hoog verzuim met een lage meldingsfrequentie duidt op een naar verhouding hoog aantal langdurig zieken. Een snelle (gedeeltelijke) reïntegratie in eigen of ander werk voorkomt dat werknemers uit beeld raken: naast het kostenaspect van het verzuim is dit belangrijk voor het sociaal beleid VERNET verzuimnetwerk 6 VerzuimMonitor Sector Zorg
9 Verzuim naar geslacht De onderstaande tabellen geven de verzuimcijfers ex- en inclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof weer, uitgesplitst naar geslacht. Verzuim wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof is een stabiele en een niet beïnvloedbare factor. Om deze reden worden in alle overige tabellen de verzuimcijfers alleen exclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof gepresenteerd. Het bevallingsverlof duurt tenminste 16 weken. Als de werkneemster voorafgaand of aansluitend aan het bevallingsverlof ziek wordt als gevolg van de zwangerschap, dan wordt dit verzuim meegenomen bij het verzuimpercentage inclusief zwangerschap. Tabel 1.5 geeft per branche en van de Zorgsector als geheel de procentuele verdeling weer van het aantal werknemers en de bijbehorende FTE naar geslacht. Verslagperioden Tabel 1.1 Verzuimpercentage naar geslacht (exclusief zwangerschap) Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 5,0 5,8 5,4 6,1 6,7 5,7 5,2 6,2 5,5 6,4 7,3 6,0 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 Verzuimpercentage in de Sector Zorg (exclusief zwangerschap) 8 6 VP Totaal Verslagperioden Tabel 1.2 Verzuimpercentage naar geslacht (inclusief zwangerschap) Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 6,7 7,7 6,9 7,5 8,1 7,3 6,9 8,2 6,9 7,9 8,8 7,7 Totaal 6,0 7,0 5,9 7,0 7,8 6,6 6,1 7,5 6,0 7,4 8,5 7, VERNET verzuimnetwerk 7 VerzuimMonitor Sector Zorg
10 Verslagperioden Tabel 1.3 Meldingsfrequentie naar geslacht (exclusief zwangerschap) Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1,38 1,41 1,48 1,27 1,26 1,38 1,38 1,40 1,45 1,28 1,36 1,37 1,63 1,46 1,72 1,54 1,39 1,54 1,63 1,44 1,70 1,55 1,46 1,55 Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52 Tabel 1.4 Gemiddelde duur* naar geslacht (exclusief zwangerschap) Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 9,5 12,1 10,2 11,1 12,1 10,6 11,4 15,3 11,8 14,0 14,1 12,9 10,6 13,1 10,9 13,1 16,2 12,6 12,8 16,4 12,9 16,0 20,2 15,6 Totaal 10,4 12,9 10,7 12,9 16,0 12,3 12,6 16,2 12,6 15,8 19,9 15,3 Verslagperioden Tabel 1.5 Personeelsopbouw naar geslacht () PS in % FTE in % Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 20,1 19,0 30,9 10,8 4,4 16,1 25,0 23,8 35,2 14,5 6,6 21,1 79,9 81,0 69,1 89,2 95,6 83,9 75,0 76,2 64,8 85,5 93,4 78,9 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 De cijfers van het jaar In tabel 1.5 staat dat bijna 84% van het personeelsbestand uit vrouwen bestaat. De hoogte van de verzuimcijfers worden dan ook hoofdzakelijk bepaald door de vrouwen die werkzaam zijn binnen de sector. Het verzuimpercentage van vrouwen is 5,7 en van de mannen is het 4,2. Het verzuimpercentage als gevolg van zwangerschap is bij vrouwen 1,6. Dit verhoogt het verzuimpercentage bij vrouwen tot 7,3. Het totale verzuimpercentage exclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof is 5,4, inclusief is het 6,6. Het totale aantal ziektedagen dat door dit verlof wordt verhoogd bedraagt 22,2%. hebben niet alleen een hoger verzuim dan mannen, ook de meldingsfrequentie (vrouwen 1,54 en mannen 1,38) is hoger. De cijfers van het jaar vergeleken met die van Het totale verzuim exclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof daalde van 5,7% in naar 5,4% in. Deze absolute daling van 0,3 procentpunt betekent een relatieve afname van het verzuim van 5,3%. De daling van het verzuim bij mannen is 0,2 procentpunt wat neerkomt op een afname van het aantal ziektedagen van 4,5%. Bij vrouwen daalde het verzuim met 0,3 procentpunt ofwel met 5,0%. Het verzuimpercentage inclusief het zwangerschaps- en bevallingsverlof is van 7,0 gedaald naar 6,6: een daling van 0,4 procentpunt ofwel een daling van het totale aantal ziektedagen van 5,7%. De totale meldingsfrequentie in van 1,52 was gelijk aan dat van. Bij de mannen steeg het met 0,01 en bij de vrouwen daalde de meldingsfrequentie met 0, VERNET verzuimnetwerk 8 VerzuimMonitor Sector Zorg
11 Verzuim naar leeftijdklasse In de tabellen 2.1 t/m 2.3 zijn de verzuimcijfers verdeeld naar leeftijdklasse. Uit tabel 2.4 blijkt dat de meeste werknemers tussen de 25 en 56 jaar oud zijn. De 55-plussers vormen de kleinste groep. Een deel van deze groep gaat rond het 60e levensjaar vervroegd met pensioen, anderen zijn in de WAO terecht gekomen. In de tabellen 2.6 t/m 2.11 zijn het verzuimpercentage, de meldingsfrequentie en de gemiddelde duur weergegeven naar leeftijdklasse en geslacht. Om verzuimcijfers goed te kunnen interpreteren is inzicht in de samenstelling van de steekproef van groot belang. Het is bekend dat in de Zorgsector veel vrouwen werkzaam zijn en dat de meesten van hen een leeftijd hebben die tussen de 26 en 55 jaar valt. In tabel 2.4 staat van alle branches en van de Zorgsector als geheel de procentuele verdeling van het aantal werknemers en van de bijbehorende FTE naar leeftijdklasse weergegeven. In één oogopslag is te zien binnen welke branche relatief gezien de meeste jongere of de meeste oudere werknemers voorkomen. In tabel 2.5 zijn deze percentages verdeeld naar geslacht. Verslagperioden Tabel 2.1 Verzuimpercentage naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 3,5 4,0 3,0 4,6 5,7 4,0 3,8 4,3 3,3 4,9 6,6 4,4 26 t/m 35 4,2 5,6 4,9 5,6 6,3 5,0 4,5 6,1 4,9 5,9 7,1 5,4 36 t/m 45 4,8 6,1 5,1 5,8 6,7 5,6 4,9 6,5 5,3 6,1 7,3 5,9 46 t/m 55 5,4 6,3 5,4 6,2 6,7 5,9 5,5 6,6 5,5 6,6 7,3 6, ,6 6,0 5,4 6,5 6,7 6,1 5,7 6,6 5,4 6,6 7,0 6,2 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 Verzuimpercentage naar leeftijdklasse in de Sector Zorg t/m t/m t/m t/m Totaal VP 2006 VERNET verzuimnetwerk 9 VerzuimMonitor Sector Zorg
12 Verslagperioden Tabel 2.2 Meldingsfrequentie naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 1,82 1,39 1,45 1,83 1,89 1,70 1,83 1,43 1,47 1,89 2,13 1,76 26 t/m 35 1,74 1,71 1,92 1,79 1,69 1,76 1,74 1,67 1,90 1,78 1,75 1,75 36 t/m 45 1,56 1,43 1,74 1,48 1,40 1,51 1,55 1,40 1,71 1,48 1,46 1,50 46 t/m 55 1,45 1,33 1,55 1,34 1,21 1,37 1,44 1,30 1,52 1,33 1,24 1, ,20 1,12 1,20 1,14 1,01 1,13 1,21 1,07 1,15 1,11 1,02 1,11 Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52 Tabel 2.3 Gemiddelde duur* naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 6,5 9,2 6,9 7,6 9,4 7,7 7,5 10,7 8,2 9,0 11,2 9,2 26 t/m 35 8,7 11,4 9,2 11,1 13,2 10,4 10,6 13,9 10,2 13,1 16,7 12,6 36 t/m 45 10,7 13,8 10,6 13,5 16,3 12,8 13,0 17,8 12,4 16,1 20,1 15,7 46 t/m 55 12,9 15,4 12,3 15,4 18,4 14,7 16,2 20,6 15,1 20,4 24,3 19, ,2 17,9 15,0 18,6 22,2 18,1 20,1 23,5 20,1 23,8 28,3 23,3 Totaal 10,4 12,9 10,7 12,9 16,0 12,3 12,6 16,2 12,6 15,8 19,9 15,3 Verslagperioden Tabel 2.4 Personeelsopbouw en FTE naar leeftijdklasse () PS in % FTE in % Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 11,7 17,0 10,1 12,8 7,9 12,2 12,9 17,4 10,1 13,0 8,3 12,9 26 t/m 35 24,4 25,0 22,5 18,5 16,8 21,5 25,7 26,0 23,2 19,0 17,5 22,7 36 t/m 45 30,9 27,8 28,4 30,1 32,0 30,0 28,6 26,3 27,5 28,8 30,6 28,4 46 t/m 55 25,9 24,2 29,9 29,7 32,1 28,0 25,8 24,4 30,4 30,5 33,0 28, ,2 6,0 9,2 8,9 11,2 8,3 7,0 5,8 8,8 8,7 10,6 7,9 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Tabel 2.5 Personeelsopbouw naar leeftijdklasse en geslacht () PS in % PS % Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 9,2 10,4 5,5 13,6 10,1 9,6 12,3 18,5 12,1 12,7 7,8 12,7 26 t/m 35 21,3 21,7 16,8 14,9 18,1 19,1 25,1 25,7 25,0 18,9 16,8 21,9 36 t/m 45 29,6 28,2 28,2 26,8 30,1 28,5 31,2 27,8 28,5 30,5 32,1 30,3 46 t/m 55 30,0 30,2 37,0 32,0 31,4 31,9 24,9 22,8 26,8 29,4 32,1 27, ,9 9,5 12,6 12,7 10,3 10,9 6,5 5,2 7,7 8,4 11,2 7,7 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 10 VerzuimMonitor Sector Zorg
13 Verslagperioden Tabel 2.6 Verzuimpercentage naar leeftijdklasse en geslacht (mannen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 2,6 3,0 2,2 3,2 3,5 2,8 2,6 3,5 2,4 3,4 3,9 3,0 26 t/m 35 2,8 5,0 4,0 4,2 4,0 3,7 3,0 5,5 3,8 4,4 5,0 4,0 36 t/m 45 3,8 5,3 4,2 4,2 4,0 4,2 4,0 5,9 4,4 4,3 4,4 4,5 46 t/m 55 4,1 5,4 4,4 4,2 4,9 4,5 4,4 5,4 4,5 4,6 5,1 4, ,1 5,4 5,1 5,2 4,4 5,2 4,8 5,9 5,0 5,1 5,8 5,2 Totaal 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 Tabel 2.7 Verzuimpercentage naar leeftijdklasse en geslacht (vrouwen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 3,7 4,2 3,2 4,7 5,8 4,2 3,9 4,4 3,5 5,1 6,8 4,6 26 t/m 35 4,5 5,8 5,2 5,7 6,5 5,3 4,9 6,3 5,3 6,1 7,3 5,8 36 t/m 45 5,1 6,4 5,7 6,1 6,9 5,9 5,3 6,7 5,9 6,4 7,5 6,2 46 t/m 55 5,9 6,7 6,2 6,6 6,8 6,4 6,0 7,2 6,2 7,0 7,4 6, ,9 6,4 5,7 6,8 6,8 6,4 6,1 6,9 5,7 7,0 7,1 6,7 Totaal 5,0 5,8 5,4 6,1 6,7 5,7 5,2 6,2 5,5 6,4 7,3 6,0 Tabel 2.8 Meldingsfrequentie naar leeftijdklasse en geslacht (mannen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 1,37 1,24 1,21 1,30 1,32 1,30 1,32 1,21 1,11 1,32 1,55 1,28 26 t/m 35 1,44 1,71 1,77 1,70 1,61 1,60 1,49 1,70 1,76 1,71 1,74 1,63 36 t/m 45 1,52 1,50 1,62 1,34 1,34 1,49 1,50 1,49 1,59 1,37 1,42 1,49 46 t/m 55 1,31 1,29 1,42 1,15 1,08 1,29 1,29 1,25 1,39 1,10 1,11 1, ,03 1,05 1,10 0,89 0,88 1,01 1,00 1,01 1,03 0,85 0,99 0,97 Totaal 1,38 1,41 1,48 1,27 1,26 1,38 1,38 1,40 1,45 1,28 1,36 1,37 Tabel 2.9 Meldingsfrequentie naar leeftijdklasse en geslacht (vrouwen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 1,91 1,41 1,49 1,90 1,92 1,75 1,93 1,46 1,54 1,96 2,16 1,82 26 t/m 35 1,80 1,71 1,97 1,80 1,69 1,78 1,79 1,66 1,94 1,79 1,75 1,77 36 t/m 45 1,56 1,42 1,79 1,50 1,40 1,51 1,56 1,38 1,76 1,49 1,46 1,51 46 t/m 55 1,50 1,35 1,63 1,36 1,22 1,39 1,48 1,31 1,60 1,36 1,24 1, ,27 1,14 1,27 1,19 1,02 1,17 1,29 1,10 1,24 1,16 1,02 1,15 Totaal 1,63 1,46 1,72 1,54 1,39 1,54 1,63 1,44 1,70 1,55 1,46 1, VERNET verzuimnetwerk 11 VerzuimMonitor Sector Zorg
14 Tabel 2.10 Gemiddelde duur* naar leeftijdklasse en geslacht (mannen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 5,4 7,2 6,2 6,5 7,1 6,2 6,6 10,0 7,2 7,3 6,4 7,6 26 t/m 35 7,1 9,9 8,1 8,3 9,4 8,3 8,0 12,3 8,1 10,1 11,0 9,6 36 t/m 45 9,0 12,7 9,4 11,7 10,9 10,3 10,8 15,8 11,0 13,0 13,0 12,4 46 t/m 55 11,3 13,8 11,4 12,2 16,5 12,2 14,4 18,2 13,5 18,0 20,8 15, ,6 17,9 14,4 19,0 16,3 16,7 20,8 21,7 18,9 26,0 21,4 21,7 Totaal 9,5 12,1 10,2 11,1 12,1 10,6 11,4 15,3 11,8 14,0 14,1 12,9 Tabel 2.11 Gemiddelde duur* naar leeftijdklasse en geslacht (vrouwen) Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 6,7 9,4 7,1 7,7 9,5 7,9 7,6 10,8 8,4 9,2 11,4 9,3 26 t/m 35 9,0 11,6 9,6 11,3 13,4 10,7 11,0 14,2 10,7 13,4 17,0 13,1 36 t/m 45 11,1 14,1 11,1 13,7 16,5 13,2 13,5 18,3 12,9 16,5 20,4 16,3 46 t/m 55 13,3 15,9 12,8 15,8 18,5 15,3 16,6 21,4 16,0 20,7 24,5 20, ,1 17,9 15,3 18,5 22,4 18,4 19,8 24,2 20,8 23,5 28,6 23,7 Totaal 10,6 13,1 10,9 13,1 16,2 12,6 12,8 16,4 12,9 16,0 20,2 15, Verzuimpercentage naar geslacht in de Sector Zorg t/m t/m t/m t/m () De cijfers van het jaar In tabel 2.4 is te zien dat in de Sector Zorg bijna 80% van de werknemers tussen de 25 en 56 jaar oud is. Het verzuim van de drie leeftijdklassen, waar zij in geplaatst zijn, is resp. 5,0%, 5,6% en 5,9% (tabel 2.1). Het totale verzuimpercentage van 5,4% wordt dan ook sterk bepaald door deze groep. Uit de tabellen 2.6 t/m 2.9 blijkt dat bij zowel mannen als vrouwen op Zorgbreed-niveau het verzuim stijgt naarmate men ouder wordt en de meldingsfrequentie daalt. M.a.w.: werknemers die in een hogere leeftijdklasse zitten, melden zich gemiddeld minder vaak ziek in vergelijking met jongere mensen, maar als ze ziek worden duurt het langer voor ze weer aan de slag kunnen. De uitzondering hierop is de meldingsfrequentie van de mannen en vrouwen t/m 25 jaar. Deze is lager in vergelijking met die van de leeftijdklasse '26 t/m 35' (tabel 2.8 en 2.9). De cijfers van het jaar vergeleken met die van Op totaal niveau en bij de onderverdeling naar geslacht daalde het verzuimpercentage in alle leeftijdklassen. Alleen bij de mannen in de leeftijdklasse '55+' bleef het verzuim gelijk (tabel 2.6). De meldingsfrequentie van de gehele Sector Zorg was in gelijk aan dat van (tabel 2.2). De onderverdeling hiervan naar leeftijdklasse laat zien dat de meldingsfrequentie van de jongste werknemers is gedaald en in alle overige klassen is gestegen. In beide jaren hebben mannen in alle leeftijdklassen een lager verzuimpercentage dan vrouwen (zie tabel 2.6 en 2.7). Het verschil varieert van 1,5 naar 2,1 procentpunt in en van 1,4 naar 1,9 in. Het verschil tussen mannen en vrouwen op totaal niveau is in met 0,1 procentpunt afgenomen VERNET verzuimnetwerk 12 VerzuimMonitor Sector Zorg
15 Verzuim naar deeltijdklasse Bij de berekening van verzuimcijfers wordt elke ziektedag en elke dienstverbanddag van de werknemer vermenigvuldigd met de bij die dag behorende parttimefactor. Het aantal 'dagen' ofwel het 'gewicht' wordt derhalve groter naarmate werknemers meer uren per week werken. Uit tabel 3.9 blijkt dat in de meeste branches het percentage fulltime-equivalenten (FTE) het hoogst is bij de groep die 80% of meer werkt. De invloed van het verzuim van die groep op het totale verzuim is door het 'gewicht' dan ook veel groter in vergelijking met de overige groepen. In de tabellen 3.1 en 3.2 wordt het verzuimpercentage en de meldingsfrequentie alleen verdeeld naar deeltijdklasse. In de volgende tabellen (3.3 t/m 3.8) is het verzuimpercentage, de meldingsfrequentie en de gemiddelde duur naar deeltijdklasse en geslacht te zien. Vervolgens zijn in tabel 3.9 de aantallen werknemers en de bijbehorende FTE als percentages weergegeven. In tabel 3.10 zijn de percentages werknemers verdeeld naar geslacht. Verslagperioden Tabel 3.1 Verzuimpercentage naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 4,5 4,7 4,2 4,8 5,9 5,0 4,6 4,8 4,3 4,8 6,5 5,3 40% - 80% 5,2 5,8 5,4 6,1 6,9 5,9 5,3 6,1 5,3 6,5 7,6 6,2 80% 4,4 5,7 4,8 5,7 6,1 5,1 4,6 6,1 5,0 5,9 6,6 5,4 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 8 Verzuimpercentage naar deeltijdklasse in de Sector Zorg VP < 40% 40% - 80% 80% Totaal Verslagperioden jaar jaar Tabel 3.2 Meldingsfrequentie naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 1,05 1,05 0,98 1,09 1,16 1,09 1,05 1,00 0,93 1,06 1,17 1,07 40% - 80% 1,54 1,46 1,64 1,55 1,49 1,53 1,52 1,44 1,62 1,54 1,57 1,53 80% 1,71 1,61 1,74 1,74 1,51 1,69 1,73 1,59 1,73 1,78 1,63 1,71 Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1, VERNET verzuimnetwerk 13 VerzuimMonitor Sector Zorg
16 Verslagperioden Tabel 3.3 Verzuimpercentage naar deeltijdklasse en geslacht (mannen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 2,8 3,4 2,9 2,5 3,9 3,0 2,7 3,4 2,8 2,9 3,4 3,0 40% - 80% 4,1 5,0 4,3 4,4 4,8 4,6 4,1 5,1 4,0 4,4 5,5 4,6 80% 3,7 5,1 4,3 4,3 4,2 4,2 3,9 5,5 4,4 4,5 4,8 4,4 Totaal 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 Tabel 3.4 Verzuimpercentage naar deeltijdklasse en geslacht (vrouwen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 4,7 4,8 4,5 4,9 5,9 5,1 4,8 4,9 4,6 4,9 6,6 5,4 40% - 80% 5,2 5,8 5,5 6,2 6,9 5,9 5,3 6,2 5,4 6,5 7,7 6,3 80% 4,9 6,0 5,3 6,2 6,6 5,6 5,1 6,4 5,6 6,5 7,0 5,9 Totaal 5,0 5,8 5,4 6,1 6,7 5,7 5,2 6,2 5,5 6,4 7,3 6,0 Tabel 3.5 Meldingsfrequentie naar deeltijdklasse (mannen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 0,70 0,89 0,70 0,76 1,00 0,78 0,81 0,80 0,65 0,75 0,97 0,78 40% - 80% 1,24 1,37 1,35 1,29 1,39 1,33 1,22 1,40 1,36 1,30 1,55 1,35 80% 1,43 1,48 1,56 1,35 1,28 1,44 1,42 1,46 1,52 1,35 1,40 1,43 Totaal 1,38 1,41 1,48 1,27 1,26 1,38 1,38 1,40 1,45 1,28 1,36 1,37 Tabel 3.6 Meldingsfrequentie naar deeltijdklasse (vrouwen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 1,09 1,06 1,05 1,11 1,16 1,11 1,08 1,02 1,00 1,08 1,18 1,09 40% - 80% 1,55 1,47 1,68 1,55 1,50 1,54 1,53 1,45 1,65 1,55 1,57 1,54 80% 1,86 1,68 1,89 1,87 1,56 1,81 1,90 1,67 1,90 1,93 1,67 1,85 Totaal 1,63 1,46 1,72 1,54 1,39 1,54 1,63 1,44 1,70 1,55 1,46 1, VERNET verzuimnetwerk 14 VerzuimMonitor Sector Zorg
17 Verslagperioden Tabel 3.7 Gemiddelde duur* naar deeltijdklasse (mannen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 10,1 11,8 11,1 10,2 10,7 10,7 11,1 16,9 14,4 12,2 11,4 13,0 40% - 80% 10,6 11,6 10,7 10,8 12,8 11,1 12,5 14,0 11,8 14,4 13,3 13,3 80% 9,4 12,3 10,1 11,2 12,1 10,5 11,4 15,5 11,7 14,1 14,9 12,9 Totaal 9,5 12,1 10,2 11,1 12,1 10,6 11,4 15,3 11,8 14,0 14,1 12,9 Tabel 3.8 Gemiddelde duur* naar deeltijdklasse (vrouwen) Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 12,9 13,2 12,3 13,2 16,0 14,0 16,0 17,0 17,0 16,5 21,0 17,9 40% - 80% 11,5 13,2 11,6 13,7 16,3 13,3 14,1 16,8 13,4 17,0 20,4 16,6 80% 9,3 12,8 10,0 12,1 15,9 11,2 11,1 15,7 12,1 14,5 18,4 13,5 Totaal 10,6 13,1 10,9 13,1 16,2 12,6 12,8 16,4 12,9 16,0 20,2 15,6 Verslagperioden Tabel 3.9 Personeelsopbouw en FTE naar deeltijdklasse () PS in % FTE in % Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 9,0 16,0 8,3 21,7 33,5 17,4 2,8 5,5 2,4 8,3 15,9 6,2 40% - 80% 41,4 44,5 36,4 45,8 50,9 44,1 32,7 39,5 29,3 42,8 55,9 38,8 80% 49,6 39,5 55,3 32,5 15,6 38,5 64,5 55,0 68,3 48,9 28,2 55,0 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Tabel 3.10 Personeelsopbouw naar deeltijdklasse en geslacht () PS in % PS in % Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 4,9 7,5 5,6 12,1 16,5 7,4 10,0 18,0 9,5 22,9 34,3 19,3 40% - 80% 7,5 20,4 14,6 12,8 22,4 13,2 50,0 50,1 46,1 49,9 52,2 50,0 80% 87,7 72,1 79,9 75,1 61,2 79,4 40,0 31,9 44,3 27,3 13,5 30,7 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 15 VerzuimMonitor Sector Zorg
18 De cijfers van het jaar Tabel 3.9 laat zien dat in de Zorgsector de deeltijdklassen 40%-80% en 80% bijna evenveel werknemers bevatten (44,1% resp. 38,5%). In diezelfde tabel staan de fulltime-equivalenten (FTE) vermeld. Omdat bij de berekening van het verzuim het gewicht van de groep een grote rol speelt, is het met name in dit hoofdstuk van belang dat de percentages FTE in ogenschouw worden genomen. Het percentage FTE van de deeltijdklasse 40%-80% bedraagt 38,8% en van de klasse 80% is dat 55,0%. Het verzuimpercentage op totaal niveau is het hoogst in de deeltijdklasse 40%-80% (tabel 3.1). Dit geldt ook voor de onderverdeling naar geslacht (tabellen 3.3 en 3.4). De meldingsfrequentie neemt bij mannen en vrouwen toe naarmate zij meer uren werken (tabellen 3.5 en 3.6). Binnen alle deeltijdklassen blijkt dat vrouwen een hoger verzuimpercentage en een hogere meldingsfrequentie hebben dan mannen. In de klasse 40% - 80%, waar het verzuimpercentage het hoogst is, zien we dat het verzuim van mannen 4,6% is en van vrouwen 5,9% (tabellen 3.3 en 3.4). De meldingsfrequentie is in de klasse 80% bij mannen 1,44 en bij vrouwen 1,81 (tabellen 3.5 en 3.6) De cijfers van het jaar vergeleken met die van In de Zorgsector is bij de mannen alleen bij de deeltijdklasse 80% het verzuimpercentage in ten opzichte van gedaald. In de overige deeltijdklassen bleef het bij hen gelijk. Bij de vrouwen daalde het verzuim in alle deeltijdklassen (zie tabellen 3.3 en 3.4). Als gevolg van de stabilisatie van de meldingsfrequentie in de totale Zorgsector laat zij ook hier, bij de onderverdeling naar deeltijdklassen, zowel dalingen als stijgingen zien (zie tabellen 3.5 en 3.6). hebben zowel in als in in alle deeltijdklassen een hoger verzuimpercentage dan mannen. Dit geldt eveneens voor de meldingsfrequentie VERNET verzuimnetwerk 16 VerzuimMonitor Sector Zorg
19 Verzuim naar duurklasse In de onderstaande tabellen zijn de verzuimcijfers verdeeld over vier duurklassen. Uit de verdeling van het verzuimpercentage blijkt dat bij alle branches verreweg het grootste deel van het verzuim veroorzaakt wordt door werknemers die langer dan 6 weken ziek zijn. De hoogste meldingsfrequentie valt bij iedere branche in de klasse '1 t/m 7 dagen'. Hieruit blijkt dat een gering aantal ziekmeldingen leidt tot langdurig verzuim. Verslagperioden Tabel 4.1 Verzuimpercentage naar duurklasse Duurklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1 t/m 7 dagen 1,1 1,1 1,2 1,1 1,0 1,1 1,1 1,0 1,2 1,0 1,1 1,1 8 t/m 14 dagen 0,4 0,5 0,5 0,5 0,6 0,5 0,4 0,5 0,4 0,4 0,5 0,4 15 t/m 42 dagen 0,5 0,6 0,5 0,7 0,8 0,6 0,5 0,6 0,5 0,7 0,8 0,6 43 t/m 365 dagen 2,6 3,5 2,7 3,6 4,2 3,2 2,8 3,9 2,9 3,9 4,8 3,6 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 Tabel 4.2 Meldingsfrequentie naar duurklasse Duurklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1 t/m 7 dagen 1,26 1,08 1,30 1,14 0,95 1,15 1,27 1,07 1,30 1,15 1,02 1,16 8 t/m 14 dagen 0,16 0,17 0,17 0,16 0,18 0,17 0,14 0,16 0,15 0,15 0,18 0,15 15 t/m 42 dagen 0,09 0,10 0,09 0,11 0,13 0,10 0,09 0,10 0,09 0,11 0,13 0,10 43 t/m 365 dagen 0,08 0,09 0,08 0,10 0,12 0,09 0,08 0,10 0,08 0,11 0,13 0,10 Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52 Verzuim naar duurklasse 20,4% () Meldingsfrequentie naar duurklasse 6,0% 6,6% 11,3% () 59,3% 9,3% 11,1% 1 t/m 7 dagen 8 t/m 14 dagen 15 t/m 42 dagen 43 t/m 365 dagen 76,2% 1 t/m 7 dagen 8 t/m 14 dagen 15 t/m 42 dagen 43 t/m 365 dagen In de tabel is te zien dat de daling van het verzuimpercentage van 5,7 in naar 5,4 in voornamelijk veroorzaakt is door de daling van het verzuim in de klasse '43 t/m 365 dagen'. Het langdurig verzuim daalde van 3,6 naar 3,2. De daling van 0,4 procentpunt komt neer op een daling van het aantal ziektedagen in die klasse van 11,1%. In het linker diagram is te zien dat verreweg het grootste deel van het verzuim in het jaar, namelijk 59,3%, toe te schrijven is aan dit langdurig verzuim. Uit tabel 4.1 is af te leiden dat in dat aandeel 63,2% was. Uit beide cirkeldiagrammen blijkt de relatie tussen ziektedagen en ziekmeldingen: in de hoogste duurklasse is het percentage verzuim ofwel ziektedagen 59,3% en het percentage meldingsfrequentie ofwel ziekmeldingen 6,0% VERNET verzuimnetwerk 17 VerzuimMonitor Sector Zorg
20 Werknemers per meldingsklasse Van elke werknemer wordt jaarlijks vastgesteld hoe vaak hij of zij zich heeft ziekgemeld. Vervolgens worden zij in een 'meldingsklasse' ingedeeld. Een hoog percentage in de klasse '4' of '5 of meer' biedt een aangrijpingspunt voor het verzuimbeleid, met name waar het de cultuur rond het meldgedrag betreft. De kans dat werknemers die gedurende het verslagjaar in dienst komen, of de dienst verlaten, zich ziek melden is kleiner in vergelijking met werknemers die het hele jaar in dienst zijn geweest. Vernet houdt hier rekening mee. Afhankelijk van de lengte van het dienstverband krijgt iedere werknemer een gewicht: werknemers die het hele jaar in dienst zijn geweest hebben gewicht van '1'. Wettelijk gezien worden de ziektedagen van iemand, die zich binnen 4 weken na herstel opnieuw ziek meldt, opgeteld bij de vorige ziekteperiode(n). De samengestelde perioden bepalen of iemand recht heeft op een WAO-uitkering. Vernet gaat er bij het begrip 'meldingsfrequentie', 'werknemers per meldingsklasse' en 'beëindigingen naar duurklasse' van uit dat elke melding geteld moet worden. Met deze kengetallen komt het storende effect van ziekmeldingen (zoals frequent kortdurend verzuim) in de branche respectievelijk de Zorgsector als geheel tot uiting. Verslagperioden Tabel 6 Percentage werknemers per meldingsklasse Meldingen ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 0 33,9 36,2 31,4 34,9 36,1 34,7 34,6 37,3 33,1 35,6 35,7 35,4 1 26,4 26,7 26,1 27,3 28,5 27,0 25,9 26,5 25,7 26,6 27,6 26,5 2 17,8 17,7 19,2 17,6 18,0 17,9 17,2 17,2 18,1 17,2 17,4 17,3 3 10,5 10,1 11,5 10,0 9,4 10,2 10,2 9,5 11,1 9,9 9,7 10,0 4 5,6 5,1 6,2 5,2 4,4 5,3 5,7 5,0 6,0 5,4 4,9 5,4 5 of meer 5,8 4,2 5,5 5,0 3,6 4,9 6,3 4,5 6,0 5,4 4,8 5,5 Percentage werknemers per meldingsklasse in de Sector Zorg 5,3% 4,9% () 17,9% 10,2% 34,7% of meer 27,0% Uit tabel 6 blijkt dat in de Zorgsector in beide jaren ca. 35% van de werknemers zich geen enkele keer heeft ziekgemeld. In is het percentage werknemers in de meldingsklassen '0', '4' en '5 of meer' gedaald t.o.v., in de overige klassen is het gestegen. Het aantal frequent verzuimers (met 4 of meer ziekmeldingen per jaar) bedroeg in nog 10,9%. In is dat gedaald tot 10,2%. Deze werknemers verzuimen per melding vaak niet lang. Vanwege het storend effect behoeft deze groep extra aandacht bij de bestrijding van het verzuim VERNET verzuimnetwerk 18 VerzuimMonitor Sector Zorg
21 Verzuim naar salarisklasse Wegens het ontbreken van een standaard functie-coderingssysteem is het niet mogelijk om verzuimcijfers naar functie weer te geven. Een alternatieve methode om inzicht te krijgen in het verzuim naar functiegroepen is door middel van een verdeling naar salarisklasse. Alle werknemers met min of meer hetzelfde salarisniveau worden in dezelfde salarisklasse ingedeeld. Zo is het mogelijk om het verzuim te analyseren naar functiezwaarte, uitgaande van de stelling dat het salaris parallel loopt aan het niveau van de functie. In de tabel 7.1 staat het verzuimpercentage naar salarisklasse, welke in de tabellen 7.2 en 7.3 uitgesplitst is naar geslacht. In de tabellen 7.4 t/m 7.7 zijn de gemiddelde duur en de meldingsfrequentie weergegeven naar salarisklasse en geslacht. Zowel de tabellen 7.8 en 7.9 als 7.10 en 7.11 tonen de bijbehorende personeelsopbouw. Verslagperioden Tabel 7.1 Verzuimpercentage naar salarisklasse Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,9 3,7 2,8 5,4 7,3 4,9 4,4 4,8 3,2 6,2 8,2 6, ,1 6,7 6,1 6,6 7,2 6,6 6,3 6,9 5,9 6,9 7,8 6, ,1 6,0 5,7 5,8 6,1 5,6 5,1 6,3 5,9 6,0 6,5 5, ,4 4,7 5,1 4,2 4,7 4,5 4,4 5,0 5,2 4,3 4,6 4,6 > ,4 3,3 3,9 3,0 3,5 3,4 3,4 3,5 3,9 3,1 3,6 3,5 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 Verzuimpercentage naar salarisklasse en geslacht in de Sector Zorg () 8 VP < > VERNET verzuimnetwerk 19 VerzuimMonitor Sector Zorg
22 Verslagperioden Tabel 7.2 Verzuimpercentage naar salarisklasse en geslacht (mannen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,3 4,3 3,2 4,6 6,0 3,9 3,6 4,9 3,6 5,4 5,5 4, ,8 6,0 5,5 5,4 5,0 5,7 5,9 6,3 5,2 5,6 6,1 5, ,6 5,8 5,1 4,9 4,6 5,1 4,7 6,2 5,3 5,1 5,2 5, ,5 4,6 4,7 3,5 4,4 4,0 3,5 5,1 4,7 3,3 4,1 4,0 > ,6 3,0 3,3 2,5 3,1 2,8 2,8 3,2 3,3 2,5 3,5 3,0 Totaal 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 Tabel 7.3 Verzuimpercentage naar salarisklasse en geslacht (vrouwen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,1 3,6 2,7 5,6 7,3 5,1 4,6 4,8 3,1 6,3 8,3 6, ,2 6,8 6,3 6,7 7,3 6,7 6,4 7,0 6,1 7,0 7,8 7, ,1 6,0 5,9 6,0 6,2 5,7 5,2 6,4 6,1 6,1 6,6 5, ,6 4,7 5,4 4,4 4,7 4,7 4,7 4,9 5,5 4,7 4,7 4,9 > ,1 3,7 4,5 3,5 3,7 4,0 4,0 3,9 4,6 3,7 3,7 4,1 Totaal 5,0 5,8 5,4 6,1 6,7 5,7 5,2 6,2 5,5 6,4 7,3 6,0 Tabel 7.4 Gemiddelde duur* naar salarisklasse en geslacht (mannen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,4 10,3 9,8 9,3 8,7 8,7 9,1 14,1 10,6 11,1 10,3 11, ,1 12,0 10,1 11,1 12,7 11,3 12,8 14,1 12,3 14,5 14,4 13, ,9 12,7 11,3 11,8 13,0 11,5 12,3 16,0 13,0 15,6 15,7 14, ,4 11,9 10,5 12,0 12,9 10,0 10,1 16,9 11,6 13,8 17,6 12,0 > ,6 11,8 9,1 11,0 11,8 9,9 11,8 14,8 11,1 13,6 15,3 12,2 Totaal 9,5 12,1 10,2 11,1 12,1 10,6 11,4 15,3 11,8 14,0 14,1 12,9 Tabel 7.5 Gemiddelde duur* naar salarisklasse en geslacht (vrouwen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,1 10,2 7,1 10,2 13,7 10,6 9,9 13,6 9,2 13,5 17,5 14, ,5 13,5 12,0 13,4 17,0 13,7 13,7 16,4 13,5 16,4 22,1 16, ,8 13,5 11,5 13,8 17,0 12,9 12,9 17,4 13,6 16,8 21,1 15, ,4 12,0 10,7 13,9 15,9 11,3 12,9 15,8 12,7 16,0 20,2 13,9 > ,7 11,1 9,8 12,1 14,4 10,9 12,9 15,8 12,3 15,6 17,2 13,6 Totaal 10,6 13,1 10,9 13,1 16,2 12,6 12,8 16,4 12,9 16,0 20,2 15, VERNET verzuimnetwerk 20 VerzuimMonitor Sector Zorg
23 Verslagperioden Tabel 7.6 Meldingsfrequentie naar salarisklasse en geslacht (mannen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,34 1,17 1,11 1,27 1,47 1,27 1,38 1,21 1,03 1,40 1,67 1, ,76 1,62 1,65 1,54 1,44 1,63 1,82 1,63 1,54 1,60 1,51 1, ,66 1,52 1,59 1,44 1,40 1,55 1,61 1,52 1,62 1,37 1,40 1, ,50 1,36 1,62 1,08 1,12 1,45 1,48 1,30 1,61 1,05 1,17 1,42 > ,99 0,98 1,31 0,83 0,90 1,05 0,97 0,93 1,26 0,78 0,98 1,01 Totaal 1,38 1,41 1,48 1,27 1,26 1,38 1,38 1,40 1,45 1,28 1,36 1,37 Tabel 7.7 Meldingsfrequentie naar salarisklasse en geslacht (vrouwen) Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,69 1,12 1,11 1,60 1,62 1,53 1,77 1,27 1,19 1,69 1,80 1, ,86 1,61 1,79 1,66 1,43 1,64 1,88 1,59 1,78 1,67 1,44 1, ,65 1,46 1,79 1,47 1,26 1,52 1,64 1,40 1,77 1,45 1,23 1, ,54 1,36 1,77 1,18 1,04 1,47 1,51 1,33 1,71 1,16 1,01 1,43 > ,31 1,17 1,66 1,08 0,92 1,31 1,30 1,10 1,64 1,02 0,92 1,28 Totaal 1,63 1,46 1,72 1,54 1,39 1,54 1,63 1,44 1,70 1,55 1,46 1,55 Meldingsfrequentie naar salarisklasse in de Sector Zorg () 2,00 1,50 MF 1,00 0,50 0,00 < > VERNET verzuimnetwerk 21 VerzuimMonitor Sector Zorg
24 Tabel 7.8 Personeelsopbouw naar salarisklasse () PS in % Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,4 1,7 0,6 3,8 2,8 11, ,5 5,9 1,4 12,2 6,9 32, ,0 7,1 3,1 9,5 3,4 32, ,3 1,6 2,6 1,8 1,0 14,2 > ,6 1,1 2,5 1,5 0,6 10,3 Totaal 28,9 17,4 10,2 28,8 14,6 100,0 Tabel 7.9 Personeelsopbouw naar salarisklasse en geslacht () PS in % PS in % Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,5 0,3 0,1 0,5 0,1 1,5 1,9 1,4 0,4 3,4 2,7 9, ,8 0,8 0,3 0,8 0,2 2,9 4,7 5,1 1,2 11,3 6,7 29, ,1 1,2 0,7 0,8 0,1 3,9 7,9 5,9 2,4 8,7 3,2 28, ,3 0,5 0,9 0,4 0,1 3,1 6,0 1,1 1,7 1,4 0,9 11,1 > ,0 0,5 1,2 0,7 0,2 4,6 2,6 0,6 1,4 0,9 0,4 5,8 Totaal 5,8 3,3 3,2 3,1 0,6 16,1 23,1 14,1 7,1 25,7 14,0 83,9 40 Personeelsopbouw in procenten naar salarisklasse en geslacht in de Sector Zorg () PS% < > Bij zowel mannen als vrouwen is in beide jaren in de salarisklasse ' ' het hoogste verzuimpercentage (tabellen 7.2 en 7.3) en de hoogste meldingsfrequentie (tabellen 7.6 en 7.7) gemeten. Vanaf deze salarisklasse dalen de verzuimcijfers als het salaris stijgt. Alleen de meldingsfrequentie van de vrouwen in de klasse '< 1.500' was in een fractie hoger in vergelijking met die van de salarisklasse ' '. In vrijwel alle salarisklassen zijn in beide jaren de verzuimcijfers bij vrouwen hoger dan bij mannen. In tabel 7.9 is op te maken dat in de categorie 'vrouwen in de salarisklasse ' het grootste aantal werknemers bevat (29,0%). Het verzuimpercentage van deze groep van 6,7 (zie tabel 7.3) bepaalt voor een groot deel het totale verzuimpercentage van de Zorgsector van 5,4 (zie tabel 7.1) VERNET verzuimnetwerk 22 VerzuimMonitor Sector Zorg
25 Tabel 7.10 Personeelsopbouw naar salarisklasse () PS in % Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,4 9,7 5,6 13,3 19,1 11, ,1 34,0 14,2 42,2 47,1 32, ,2 41,0 30,3 33,0 23,0 32, ,4 9,0 25,0 6,1 6,8 14,2 > ,9 6,2 24,9 5,3 4,0 10,3 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Tabel 7.11 Personeelsopbouw naar salarisklasse en geslacht () PS in % PS in % Salarisklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < ,2 7,9 4,2 15,6 12,9 9,3 8,2 10,1 6,3 13,1 19,4 11, ,6 25,0 9,1 26,6 28,4 18,2 20,5 36,2 16,4 44,1 47,9 34, ,5 37,2 21,3 24,8 20,3 24,6 34,1 41,9 34,3 34,0 23,1 33, ,9 14,7 27,7 11,5 13,2 19,6 26,0 7,7 23,8 5,5 6,5 13,2 > ,8 15,2 37,7 21,4 25,2 28,3 11,1 4,1 19,2 3,4 3,0 6,9 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 50 Personeelsopbouw naar salarisklasse en branche in de Sector Zorg () () ps% ZKH GHZ GGZ V&V TZ 0 < > In tabel 7.10 is van de afzonderlijke branches en van de totale Zorgsector de personeelsopbouw per salarisklasse te zien. Uit vergelijking tussen de branches blijkt dat binnen de Geestelijke Gezondheidszorg relatief de meeste werknemers in de hoogste salarisklasse gepositioneerd zijn, gevolgd door de Algemene Ziekenhuizen. Binnen de Thuiszorg komen relatief de meeste werknemers in de laagste salarisklasse voor, gevolgd door de branche Verpleegen Verzorgingshuizen. In tabel 7.11 is de personeelsopbouw uit tabel 7.10 verdeeld naar geslacht. Bij vergelijking van de percentages van de mannen met die van de vrouwen uit dezelfde branche blijkt dat de mannen relatief vaker vertegenwoordigd zijn in de hogere salarisklassen VERNET verzuimnetwerk 23 VerzuimMonitor Sector Zorg
26 Verzuim en verzuimkosten In de onderstaande tabellen zijn naast de verzuimpercentages de verzuimkostenpercentages weergegeven. - Het verzuimpercentage is een sociale indicatie: het zegt iets over het welzijn van werknemers. - Het verzuimkostenpercentage is een financieel-economisch begrip: met dit gegeven heeft men een indicatie van het uitgekeerde ziekengeld. Het verzuimkostenpercentage wordt berekend door loongegevens in het verzuimpercentage te koppelen aan de ziektedagen en de dienstverbanddagen van werknemers. Zo ontstaat er een relatie tussen het verzuim en de kosten die dat verzuim met zich meebrengt. De kosten van het verzuim kunnen verdeeld worden in directe en indirecte kosten. De directe kosten van het verzuim kan men berekenen door het verzuimkostenpercentage te vermenigvuldigen met de bruto loonsom van de gehele werknemerspopulatie en dit bedrag te verhogen met 28%, zijnde het vakantiegeld (8%) en de werkgeverslasten (20%). Bij deze berekening is uitgegaan van 100% doorbetaling van het loon bij ziekte en van nul wachtdagen. Onder indirecte verzuimkosten worden verstaan: overwerk collega s, inhuren uitzendkrachten, kosten arbodienst, personeelsverloop, kosten preventie, begeleiding en reïntegratie, administratieve verplichtingen (o.a. door de Wet Poortwachter), slecht imago, kwaliteitsverlies, overbelasting collega s, etc. etc. In het algemeen wordt aangenomen dat deze indirecte kosten min of meer gelijk zijn aan de directe kosten. In tabel 8.1 zijn van alle branches en van de Sector Zorg als geheel de verzuim- en verzuimkostenpercentages weergegeven. In de tabellen 8.2 en 8.3 zijn deze cijfers van de mannen en vrouwen afzonderlijk te zien. Voor de interpretatie van de cijfers is in alle tabellen de personeelssterkte en de FTE in procenten weergegeven. Verslagperioden Tabel 8.1 Verzuim en verzuimkosten en personeelsopbouw ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG VP 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 VKP 4,4 5,6 4,7 5,6 6,2 5,1 4,5 5,9 4,8 5,8 6,8 5,3 PS in % 28,9 17,4 10,2 28,8 14,6 100,0 27,2 16,8 9,8 30,7 15,5 100,0 FTE in % 32,3 17,5 11,8 27,1 11,2 100,0 30,4 16,9 11,3 29,2 12,2 100,0 8 Verzuim en verzuimkosten in de Sector Zorg () 6 4 VP VKP 2 0 ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 2006 VERNET verzuimnetwerk 24 VerzuimMonitor Sector Zorg
27 Verslagperioden Tabel 8.2 Verzuim en verzuimkosten en personeelsopbouw naar geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG VP 3,7 5,1 4,3 4,2 4,3 4,2 3,9 5,4 4,3 4,4 4,8 4,4 VKP 3,2 4,7 3,9 3,7 3,8 3,7 3,4 5,0 4,0 3,9 4,4 3,9 PS in % 36,2 20,6 19,7 19,5 4,0 100,0 34,7 20,2 19,1 21,6 4,4 100,0 FTE in % 38,4 19,7 19,8 18,7 3,5 100,0 36,6 19,4 19,2 20,9 3,8 100,0 Tabel 8.3 Verzuim en verzuimkosten en personeelsopbouw naar geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG VP 5,0 5,8 5,4 6,1 6,7 5,7 5,2 6,2 5,5 6,4 7,3 6,0 VKP 4,9 5,9 5,3 6,0 6,4 5,6 5,0 6,2 5,4 6,2 7,0 5,8 PS in % 27,5 16,8 8,4 30,6 16,7 100,0 25,7 16,2 8,0 32,5 17,6 100,0 FTE in % 30,7 16,9 9,7 29,4 13,3 100,0 28,7 16,2 9,2 31,4 14,4 100,0 In tabel 8.1 is te zien dat voor alle branches en voor de gehele Zorgsector geldt dat het verzuimkostenpercentage in zowel als lager is dan het verzuimpercentage. De verklaring hiervoor is dat werknemers in de lagere salarisklassen gemiddeld een hoger verzuim hebben. Dit blijkt ook uit de tabellen 7.2 en 7.3: naarmate er vanaf de salarisklasse meer verdiend wordt daalt het verzuim. Uit de gegevens van de tabellen 8.2 en 8.3 is te zien dat de verschillen tussen de beide percentages bij vrouwen kleiner zijn dan bij mannen. Dit kleinere verschil bij vrouwen wordt veroorzaakt door het feit dat zij minder vaak dan mannen in de hogere salarisklassen vertegenwoordigd zijn, waardoor de lonen dichter bij elkaar liggen (zie tabel 7.9) VERNET verzuimnetwerk 25 VerzuimMonitor Sector Zorg
28 Verzuim naar regio In de tabellen 9.1 t/m 9.3 staan de verzuimcijfers naar regio weergegeven. De indeling voor de vijf regio's in de Zorgsector staat hieronder weergegeven. De verzuimcijfers voor de grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht en hun naaste omgeving zijn afzondelijk gepresenteerd in tabellen 9.5 t/m 9.7. Noord-Nederland: Groningen, Friesland, Drenthe, Gooi- en Vechtstreek, Noord-Holland-Noord, Kennemerland, Amstel- en Meerlanden Midden-Nederland: IJssel/Vecht, Twente, Midden-IJssel, Veluwe, Arnhem, Oost-Gelderland, Nijmegen, Rivierenland, Flevoland, Utrecht-Oost Zuid-Oost-Nederland: Midden-Brabant, Noordoost-Brabant, Zuidoost-Brabant, Noord- Midden- en ZuidLimburg Zuid-West-Nederland: Rijnstreek, Drechtsteden, Zeeland, Westelijk Noord-Brabant, Breda Grote Steden: Utrecht-West, Amsterdam, Zaanstreek, Waterland, Den Haag, Delft-Westland, Rotterdam, Rijnmond Verslagperioden Tabel 9.1 Verzuimpercentage naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 4,3 5,7 4,8 5,9 6,3 5,3 4,6 6,1 5,0 6,2 6,9 5,7 Midden Nederland 4,7 5,8 5,1 5,9 6,8 5,5 4,9 6,1 5,1 6,2 7,4 5,8 Zuid-Oost Nederland 4,6 4,7 5,1 5,6 6,6 5,1 4,8 5,2 4,8 5,6 7,7 5,4 Zuid-West Nederland 4,9 5,8 5,0 5,4 5,8 5,3 4,8 6,0 4,8 5,8 6,6 5,5 Grote Steden 4,9 6,2 4,9 5,9 7,0 5,6 5,1 6,6 5,5 6,3 7,1 5,9 Totaal 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7 Verzuim naar regio in de Sector Zorg Noord Nederland Midden Nederland Zuid-Oost Nederland Zuid-West Nederland Grote Steden Totaal VP 2006 VERNET verzuimnetwerk 26 VerzuimMonitor Sector Zorg
29 Verslagperioden Tabel 9.2 Meldingsfrequentie naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 1,41 1,44 1,58 1,49 1,28 1,43 1,48 1,41 1,55 1,50 1,36 1,46 Midden Nederland 1,55 1,37 1,61 1,48 1,41 1,48 1,54 1,38 1,59 1,48 1,44 1,48 Zuid-Oost Nederland 1,51 1,42 1,62 1,40 1,31 1,45 1,49 1,36 1,53 1,35 1,34 1,41 Zuid-West Nederland 1,61 1,52 1,58 1,57 1,34 1,54 1,56 1,51 1,50 1,57 1,39 1,52 Grote Steden 1,78 1,64 1,82 1,60 1,59 1,68 1,78 1,63 1,90 1,66 1,66 1,72 Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52 Tabel 9.3 Gemiddelde* duur naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 10,8 13,3 10,8 13,5 16,6 12,9 13,4 16,7 13,1 16,1 21,3 16,0 Midden Nederland 10,7 13,5 11,3 13,3 16,6 12,8 13,0 16,8 13,1 16,6 20,8 15,9 Zuid-Oost Nederland 10,5 11,5 10,8 13,3 17,6 12,2 13,0 15,5 12,4 16,4 23,2 15,5 Zuid-West Nederland 10,5 12,4 10,8 11,8 14,8 11,9 12,1 15,1 13,2 14,9 19,2 14,7 Grote Steden 9,8 12,7 9,5 12,6 14,3 11,5 11,7 15,7 11,7 15,1 17,0 14,1 Totaal 10,4 12,9 10,7 12,9 16,0 12,3 12,6 16,2 12,6 15,8 19,9 15,3 Tabel 9.4 Personeelsopbouw naar regio () PS in % FTE in % Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 21,0 20,4 21,0 20,0 26,7 21,4 20,6 20,2 20,7 19,3 25,4 20,8 Midden Nederland 22,2 37,4 30,1 22,8 25,0 26,3 21,9 36,6 29,5 21,8 24,8 25,7 Zuid-Oost Nederland 20,2 16,3 19,9 16,6 14,9 17,7 19,8 16,6 19,9 16,7 15,6 17,9 Zuid-West Nederland 12,1 10,4 9,2 14,4 15,2 12,6 11,9 10,4 9,2 14,3 14,8 12,3 Grote Steden 24,6 15,5 19,8 26,2 18,1 22,1 25,8 16,2 20,7 27,9 19,4 23,3 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Uit de tabellen 9.1 en 9.2 blijkt dat in en het verzuimpercentage en de meldingsfrequentie in de regio 'Grote Steden' het hoogst was. Het laagste verzuimpercentage en de laagste meldingsfrequentie werd in in Zuid-Oost Nederland gemeten. In was het laagste verzuim eveneens in Zuid-Oost Nederland maar de laagste meldingsfrequentie was in Noord Nederland te zien. In is ten opzichte van het verzuimpercentage in alle regio's gedaald. De grootste relatieve daling van het verzuim vond plaats in de regio 'Noord Nederland' met 7,0%. In de tabellen 9.5 t/m 9.7 staan de verzuimcijfers van de afzonderlijke grote steden. Het verzuimpercentage was in beide jaren het hoogst in Utrecht, de hoogste meldingsfrequentie was in Rotterdam. Net als bij de regio's is te zien dat alle verzuimpercentages in in vergelijking met zijn gedaald. De grootste relatieve daling van het verzuim vond plaats in Den Haag met 6,9% VERNET verzuimnetwerk 27 VerzuimMonitor Sector Zorg
30 Verslagperioden Tabel 9.5 Verzuimpercentage naar Grote Steden Grote Steden NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 5,0 6,5 5,2 5,9 6,9 5,6 5,4 6,6 5,8 6,3 6,9 6,0 Rotterdam 4,5 6,6 5,2 5,2 7,2 5,5 4,6 6,4 5,7 6,0 7,7 5,8 Den Haag 4,8 5,7 4,4 6,2 5,8 5,4 4,8 6,3 5,2 6,4 6,6 5,8 Utrecht 5,4 6,0 7,4 6,5 7,0 5,9 5,5 6,9 6,9 6,6 7,1 6,3 Totaal 4,9 6,2 4,9 5,9 7,0 5,6 5,1 6,6 5,5 6,3 7,1 5,9 Tabel 9.6 Meldingsfrequentie naar Grote Steden Grote Steden NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 1,70 1,65 1,88 1,44 1,47 1,60 1,75 1,62 1,86 1,51 1,49 1,63 Rotterdam 1,89 1,62 2,15 1,69 1,70 1,78 1,89 1,62 2,15 1,76 1,85 1,83 Den Haag 1,83 1,63 1,55 1,74 1,45 1,71 1,75 1,68 1,80 1,77 1,67 1,74 Utrecht 1,71 1,65 1,75 1,52 1,41 1,62 1,65 1,61 1,64 1,60 1,43 1,60 Totaal 1,78 1,64 1,82 1,60 1,59 1,68 1,78 1,63 1,90 1,66 1,66 1,72 Tabel 9.7 Gemiddelde duur* naar Grote Steden Grote Steden NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 10,6 13,2 9,5 13,8 14,1 12,1 12,6 15,8 12,7 16,7 18,2 14,9 Rotterdam 9,0 12,4 8,1 10,7 14,5 10,9 10,2 15,5 10,8 13,6 16,8 13,0 Den Haag 9,2 12,2 10,5 12,1 13,4 11,1 11,3 14,2 11,4 14,9 15,9 13,6 Utrecht 10,8 12,9 19,3 14,3 15,2 12,5 14,0 16,9 12,3 16,2 19,1 15,8 Totaal 9,8 12,7 9,5 12,6 14,3 11,5 11,7 15,7 11,7 15,1 17,0 14,1 Tabel 9.8 Personeelsopbouw in procenten naar Grote Steden () PS in % FTE in % Grote Steden NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG NVZ VGN GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 28,7 25,4 45,5 33,4 29,7 31,6 29,3 24,5 44,1 33,3 31,6 31,8 Rotterdam 29,1 22,1 18,8 22,6 53,1 28,0 29,3 22,1 19,5 23,1 53,7 27,7 Den Haag 22,3 27,8 35,1 29,9 10,2 25,3 22,7 28,9 35,8 30,2 8,9 26,0 Utrecht 19,9 24,7 0,6 14,1 7,0 15,2 18,6 24,5 0,7 13,5 5,8 14,6 Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 28 VerzuimMonitor Sector Zorg
31 Tabel 10.1 Verzuimpercentage per kwartaal en voortschrijdend jaar Tijdreeks verzuimcijfers In de tabellen 10.1 en 10.2 zijn de verzuimpercentages en meldingsfrequenties per kwartaal en per voortschrijdend jaar weergegeven. Bij de kwartaalcijfers zien we duidelijk een afspiegeling van het seizoenspatroon. Een voortschrijdend jaar bestaat uit vier aaneengesloten kwartalen. Verzuimcijfers van voortschrijdende jaren vertonen geen fluctuaties als gevolg van seizoensinvloeden. Hierdoor geven deze cijfers de structurele ontwikkeling beter weer dan kwartaalcijfers. In de grafiek, met de cijfers vanaf , is het verschil tussen beide cijfers goed te zien. Kwartaal ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Voortschrijdend jaar ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ,9 7,8 6,3 7,9 9,2 7, t/m ,4 7,1 5,6 7,1 8,3 6, ,0 6,6 5,1 6,5 7,8 6, t/m ,3 6,9 5,5 6,9 8,1 6, ,3 5,6 4,6 5,5 6,6 5, t/m ,1 6,6 5,3 6,6 7,8 6, ,4 6,7 5,8 6,7 8,0 6, t/m ,1 6,5 5,3 6,5 7,6 6,1-1 5,3 6,9 5,7 6,9 8,1 6, t/m -1 4,9 6,4 5,2 6,3 7,6 5,9-2 4,7 5,9 4,8 5,9 6,9 5, t/m -2 4,9 6,2 5,1 6,2 7,4 5,8-3 4,2 5,4 4,4 5,3 6,3 5, t/m -3 4,9 6,2 5,1 6,2 7,3 5,8-4 5,3 6,4 5,5 6,3 7,5 6,1-1 t/m -4 4,8 6,0 5,1 6,1 7,1 5,7-1 5,9 7,1 6,2 7,2 8,3 6,8-2 t/m -1 4,9 6,1 5,2 6,2 7,3 5,8-2 4,5 5,4 4,6 5,5 6,2 5,1-3 t/m -2 4,9 5,9 5,1 6,1 7,1 5,7-3 3,8 4,7 4,1 4,9 5,3 4,5-4 t/m -3 4,8 5,8 5,1 5,9 6,8 5,5-4 4,8 5,8 5,1 5,9 6,7 5,5-1 t/m -4 4,7 5,7 5,0 5,8 6,5 5,4 Tabel 10.2 Meldingsfrequentie per kwartaal en voortschrijdend jaar Kwartaal ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Voortschrijdend jaar ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ,99 1,94 2,10 2,08 1,95 2, t/m ,61 1,54 1,68 1,65 1,55 1, ,34 1,27 1,37 1,35 1,31 1, t/m ,59 1,50 1,67 1,62 1,53 1, ,27 1,22 1,35 1,28 1,24 1, t/m ,60 1,52 1,67 1,63 1,55 1, ,84 1,74 1,93 1,83 1,77 1, t/m ,62 1,54 1,69 1,63 1,55 1,60-1 1,82 1,73 1,92 1,81 1,76 1, t/m -1 1,57 1,50 1,65 1,56 1,54 1,56-2 1,35 1,19 1,35 1,28 1,23 1, t/m -2 1,58 1,46 1,64 1,55 1,51 1,55-3 1,23 1,14 1,28 1,19 1,13 1, t/m -3 1,59 1,46 1,64 1,53 1,49 1,54-4 1,87 1,66 1,90 1,78 1,65 1,78-1 t/m -4 1,58 1,43 1,62 1,52 1,46 1,52-1 2,20 2,08 2,27 2,15 2,03 2,15-2 t/m -1 1,66 1,53 1,71 1,60 1,52 1,61-2 1,33 1,20 1,36 1,25 1,14 1,26-3 t/m -2 1,65 1,51 1,70 1,59 1,49 1,59-3 1,14 1,04 1,19 1,10 0,98 1,09-4 t/m -3 1,63 1,49 1,68 1,57 1,44 1,57-4 1,68 1,52 1,76 1,57 1,42 1,59-1 t/m -4 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1,52 10 Verzuimpercentage en meldingsfrequentie per kwartaal en per voortschrijdend jaar in de Sector Zorg VP kwartaal VP jaar MF jaar MF kwartaal VERNET verzuimnetwerk 29 VerzuimMonitor Sector Zorg
32 Toelichting (eerste èn tweede ziektejaar) Uitbreiding Verzuimmonitor: In de toelichting bij de verzuimcijfers die uitsluitend betrekking hebben op het eerste ziektejaar is vermeld dat op 1 januari de nieuwe wet 'Verlenging Loondoorbetalingsverplichting bij Ziekte' (VLZ) van kracht is geworden. In plaats van één jaar hebben werkgevers de plicht om het loon van een zieke werknemer twee jaar lang door te betalen. Het effect van het tweede ziektejaar is voor het eerst in merkbaar. Deze VerzuimMonitor is derhalve uitgebreid. Opbouwjaar : Het jaar is voor het tweede ziektejaar een opbouwjaar. In 2006 zullen de verzuimcijfers van het tweede ziektejaar volledig zijn. Meer informatie hierover kunt u lezen in 'verzuim tweede ziektejaar' dat staat op bij documenten. In tabel 17.1 (Verzuimpercentage per voortschrijdend jaar naar duurklasse) is te zien hoe in elk volgend voortschrijdend jaar het verzuim wordt gevuld. Vergelijking met : Op pagina 31 zijn de verzuimpercentages en de verzuimkostenpercentages van het jaar gesplitst in de cijfers van het eerste ziektejaar en het tweede ziektejaar. De tabel voor het jaar is leeg voor het cijfer van het tweede ziektejaar, omdat in het jaar niemand langer dan 365 dagen ziek kon zijn geweest. Alle verzuimcijfers in de tabellen op de daarop volgende pagina's hebben betrekking op twee ziektejaren. Omdat de verzuimcijfers van niet kunnen worden vergeleken met die van staat er geen toelichting bij. Ook in de VerzuimMonitor van 2006 zal nog geen vergelijking kunnen plaatsvinden met het daaraan voorafgaande jaar, immers, de verzuimcijfers van die betrekking hebben op het tweede ziektejaar, zijn niet volledig. Verzuimpercentage verdeeld naar duurklasse: De verzuimcijfers in tabel 15 (pagina 38) van de duurklassen 1 t/m 8 (tezamen 365 dagen) kunnen als ze worden opgeteld niet worden vergeleken met de verzuimcijfers van het eerste ziektejaar (zie deel I). Dit komt omdat bij de berekening van de verzuimcijfers van het eerste ziektejaar àlle ziektedagen die betrekking hebben op het eerste ziektejaar worden meegenomen. Het systeem bootst als het ware de 'oude' situatie na, zoals die gold vóór. Bij de berekening van de verzuimcijfers van twee ziektejaren wordt een deel van de dagen van het eerste ziektejaar doorgeschoven naar het tweede ziektejaar. Bij de verdeling van de verzuimcijfers naar duurklassen worden n.l. alle ziektedagen die behoren aan één ziektegeval in één duurklasse geplaatst. De 'doorgeschoven' dagen behoren aan werknemers toe die in de verslagperiode langer dan een jaar ziek waren. Meer informatie hierover vindt u in de tekst 'verzuim naar duurklassen en fasen' die staat op bij documenten. Beëindigingsfrequentie verdeeld naar duurklasse: Eveneens is in tabel 15 een nieuw begrip geïntroduceerd: de beëindigingsfrequentie. de beëindigingsfrequentie = het aantal beëindigingen in de periode gedeeld door het aantal werknemers in de periode. onder beëindigingen wordt verstaan het herstel of het einde van de ziekteperiode van twee jaar Omdat alle ziektegevallen ook weer beëindigen is de beëindigingsfrequentie min of meer gelijk aan de meldingsfrequentie. Indien bij de verdeling naar duurklasse zou worden vastgehouden aan de meldingsfrequentie, dan zouden de duurklassen boven het eerste ziektejaar nooit gevuld worden, omdat de verslagperioden in de VerzuimMonitoren altijd betrekking hebben op één jaar. Het aantal beëindigingen is aan het einde van het eerste ziektejaar en in het tweede ziektejaar heel laag. Om deze reden is ervoor gekozen om de beëindigingsfrequentie in 3 decimalen weer te geven. Voor de beëindigingsfrequentie geldt eveneens dat een opbouwjaar is: pas in 2006 zal de informatie hierover volledig zijn VERNET verzuimnetwerk 30 VerzuimMonitor Sector Zorg
33 overzicht (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 11.1 Verzuimpercentage VP ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Eerste ziektejaar 4,68 5,65 4,96 5,79 6,52 5,39 4,80 6,00 5,10 6,10 7,10 5,70 Tweede ziektejaar 0,23 0,30 0,21 0,32 0,43 0, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, Tabel 11.2 Verzuimkostenpercentage VKP ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Eerste ziektejaar 4,37 5,56 4,74 5,55 6,19 5,08 4,50 5,90 4,80 5,80 6,80 5,30 Tweede ziektejaar 0,16 0,20 0,14 0,21 0,27 0, Totaal 4,53 5,76 4,88 5,76 6,47 5, Verzuimpercentage (exclusief-zw) 8 VP 6 4 Tweede ziektejaar Eerste ziektejaar 2 0 ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Tabel 12.3 Meldingsfrequentie, gemiddelde duur en personeelssterkte ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG MF 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1, GD 11,4 14,2 11,6 14,1 17,7 13, PS VERNET verzuimnetwerk 31 VerzuimMonitor Sector Zorg
34 Verzuim naar geslacht (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 13.1 Verzuimpercentage naar geslacht, exclusief zwangerschap Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 3,87 5,32 4,41 4,45 4,49 4, ,26 6,15 5,59 6,39 7,12 6, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, Tabel 13.2 Verzuimpercentage naar geslacht, inclusief zwangerschap Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 3,87 5,32 4,41 4,45 4,49 4, ,97 7,99 7,11 7,87 8,52 7, Totaal 6,20 7,36 6,16 7,38 8,26 6, Verzuim naar geslacht (exclusief-zw) ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Tabel 12.3 Meldingsfrequentie naar geslacht, exclusief zwangerschap Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1,38 1,41 1,48 1,27 1,26 1, ,63 1,46 1,72 1,54 1,39 1, Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1, VERNET verzuimnetwerk 32 VerzuimMonitor Sector Zorg
35 VERSLAGPERIODEN Tabel 12.3 Gemiddelde duur naar geslacht Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 10,2 13,1 10,8 11,9 12,8 11, ,6 14,4 11,9 14,3 17,9 13, Totaal 11,4 14,2 11,6 14,1 17,7 13, Tabel 12.4 Personeelsopbouw in procenten naar geslacht Geslacht ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 20,1 19,0 30,9 10,8 4,4 16, ,9 81,0 69,1 89,2 95,6 83, Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 33 VerzuimMonitor Sector Zorg
36 Verzuim naar leeftijdklasse (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 13.1 Verzuimpercentage naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 3,65 4,15 3,06 4,76 5,96 4, t/m 35 4,34 5,91 5,03 5,83 6,60 5, t/m 45 5,00 6,40 5,33 6,11 7,09 5, t/m 55 5,73 6,66 5,68 6,63 7,17 6, ,94 6,47 5,70 6,91 7,17 6, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, Verzuim naar leeftijdklasse t/m t/m t/m t/m Totaal Tabel 13.2 Meldingsfrequentie naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 1,82 1,39 1,45 1,83 1,89 1, t/m 35 1,74 1,71 1,92 1,79 1,69 1, t/m 45 1,56 1,43 1,74 1,49 1,40 1, t/m 55 1,45 1,33 1,55 1,34 1,21 1, ,20 1,12 1,20 1,14 1,01 1, Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1, VERNET verzuimnetwerk 34 VerzuimMonitor Sector Zorg
37 VERSLAGPERIODEN Tabel 13.3 Gemiddelde duur naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 7,0 9,6 7,2 7,9 10,4 8, t/m 35 9,5 12,5 9,8 11,9 14,6 11, t/m 45 11,5 15,3 11,5 14,7 17,9 13, t/m 55 14,2 17,3 13,3 17,2 20,5 16, ,2 19,9 16,8 20,8 24,7 20, Totaal 11,4 14,2 11,6 14,1 17,7 13, Tabel 13.4 Personeelsopbouw in procenten naar leeftijdklasse Leeftijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG t/m 25 11,7 17,0 10,1 12,8 7,9 12, t/m 35 24,4 25,0 22,5 18,5 16,8 21, t/m 45 30,9 27,8 28,4 30,1 32,0 30, t/m 55 25,9 24,2 29,9 29,7 32,1 28, ,2 6,0 9,2 8,9 11,2 8, Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 35 VerzuimMonitor Sector Zorg
38 Verzuim naar deeltijdklasse (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 14.1 Verzuimpercentage naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 4,78 5,02 4,50 5,08 6,32 5, % - 80% 5,41 6,09 5,58 6,49 7,36 6, % 4,66 5,94 5,02 5,96 6,47 5, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, Verzuim naar deeltijdklasse < 40% 40% - 80% 80% Totaal Tabel 14.2 Meldingsfrequentie naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 1,05 1,05 0,98 1,09 1,16 1, % - 80% 1,54 1,46 1,64 1,55 1,49 1, % 1,71 1,61 1,74 1,74 1,51 1, Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1, VERNET verzuimnetwerk 36 VerzuimMonitor Sector Zorg
39 Tabel 14.3 Gemiddelde duur naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 13,9 14,5 13,2 14,3 17,6 15, % - 80% 12,6 14,4 12,4 15,1 18,0 14, % 10,2 13,9 10,9 12,8 16,6 11, Totaal 11,4 14,2 11,6 14,1 17,7 13, Tabel 14.4 Personeelsopbouw in procenten naar deeltijdklasse Deeltijdklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG < 40% 9,0 16,0 8,3 21,7 33,5 17, % - 80% 41,4 44,5 36,4 45,8 50,9 44, % 49,6 39,5 55,3 32,5 15,6 38, Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 37 VerzuimMonitor Sector Zorg
40 Verzuim naar duurklasse (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 15.1 Verzuimpercentage naar duurklasse Duurklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1 t/m 3 dagen 0,42 0,35 0,41 0,40 0,28 0, t/m 7 dagen 0,70 0,71 0,79 0,64 0,73 0, t/m 14 dagen 0,44 0,51 0,50 0,46 0,55 0, t/m 42 dagen 0,51 0,63 0,52 0,67 0,76 0, t/m 91 dagen 0,60 0,75 0,59 0,88 0,97 0, t/m 182 dagen 0,77 1,03 0,80 1,07 1,23 0, t/m 275 dagen 0,51 0,67 0,57 0,69 0,78 0, t/m 365 dagen 0,36 0,54 0,42 0,49 0,63 0, t/m 455 dagen 0,23 0,30 0,22 0,32 0,38 0, t/m 545 dagen 0,16 0,19 0,15 0,19 0,24 0, t/m 635 dagen 0,10 0,14 0,08 0,15 0,20 0, t/m 730 dagen 0,11 0,13 0,10 0,14 0,19 0, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, t/m 455 dagen 4,9% 546 t/m 635 dagen 2,3% 456 t/m 545 dagen 3,2% Verzuim naar duurklasse 636 t/m 730 dagen 2,3% 1 t/m 3 dagen 6,9% 4 t/m 7 dagen 12,3% 8 t/m 14 dagen 8,4% 246 t/m 365 dagen 8,3% 15 t/m 42 dagen 10,5% 183 t/m 275 dagen 11,1% 92 t/m 182 dagen 16,7% 43 t/m 91 dagen 13,2% 2006 VERNET verzuimnetwerk 38 VerzuimMonitor Sector Zorg
41 VERSLAGPERIODEN Tabel 15.2 Verzuimkostenpercentage naar duurklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1 t/m 3 dagen 0,39 0,34 0,40 0,38 0,27 0, t/m 7 dagen 0,65 0,70 0,78 0,62 0,69 0, t/m 14 dagen 0,41 0,50 0,47 0,44 0,52 0, t/m 42 dagen 0,46 0,61 0,48 0,63 0,72 0, t/m 91 dagen 0,55 0,73 0,55 0,84 0,92 0, t/m 182 dagen 0,73 1,01 0,76 1,03 1,16 0, t/m 275 dagen 0,49 0,66 0,56 0,67 0,76 0, t/m 365 dagen 0,34 0,54 0,40 0,48 0,61 0, t/m 455 dagen 0,21 0,30 0,20 0,30 0,34 0, t/m 545 dagen 0,13 0,17 0,13 0,16 0,20 0, t/m 635 dagen 0,08 0,11 0,07 0,11 0,15 0, t/m 730 dagen 0,07 0,09 0,07 0,10 0,13 0, Totaal 4,53 5,76 4,88 5,76 6,47 5, Tabel 15.3 Beëindigingsfrequentie naar duurklasse ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG 1 t/m 3 dagen 0,790 0,621 0,778 0,719 0,492 0, t/m 7 dagen 0,469 0,465 0,528 0,425 0,464 0, t/m 14 dagen 0,157 0,174 0,172 0,161 0,185 0, t/m 42 dagen 0,080 0,094 0,081 0,101 0,118 0, t/m 91 dagen 0,036 0,042 0,034 0,051 0,057 0, t/m 182 dagen 0,023 0,029 0,024 0,031 0,036 0, t/m 275 dagen 0,009 0,011 0,010 0,011 0,013 0, t/m 365 dagen 0,005 0,007 0,006 0,006 0,008 0, t/m 455 dagen 0,002 0,003 0,002 0,002 0,003 0, t/m 545 dagen 0,001 0,001 0,001 0,001 0,001 0, t/m 635 dagen 0,000 0,000 0,000 0,000 0,001 0, t/m 730 dagen 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0, Totaal 1,573 1,446 1,637 1,509 1,378 1, VERNET verzuimnetwerk 39 VerzuimMonitor Sector Zorg
42 Verzuim naar regio (eerste èn tweede ziektejaar) VERSLAGPERIODEN Tabel 16.1 Verzuimpercentage naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 4,47 6,06 4,91 6,29 6,71 5, Midden Nederland 5,00 6,10 5,30 6,25 7,18 5, Zuid-Oost Nederland 4,86 4,88 5,30 5,85 7,28 5, Zuid-West Nederland 5,14 6,15 5,24 5,69 6,13 5, Grote Steden 5,12 6,43 5,11 6,25 7,31 5, Totaal 4,91 5,95 5,17 6,11 6,95 5, Verzuim naar regio Noord Nederland Midden Nederland Zuid-Oost Nederland Zuid-West Nederland Grote Steden Totaal Tabel 16.2 Meldingsfrequentie naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 1,41 1,44 1,58 1,49 1,28 1, Midden Nederland 1,56 1,37 1,61 1,48 1,41 1, Zuid-Oost Nederland 1,51 1,42 1,62 1,40 1,31 1, Zuid-West Nederland 1,62 1,52 1,58 1,57 1,34 1, Grote Steden 1,79 1,64 1,82 1,60 1,59 1, Totaal 1,58 1,45 1,64 1,51 1,38 1, VERNET verzuimnetwerk 40 VerzuimMonitor Sector Zorg
43 Tabel 16.3 Gemiddelde duur naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 11,8 14,5 11,6 14,8 18,4 14, Midden Nederland 11,8 15,1 12,2 14,5 18,3 14, Zuid-Oost Nederland 11,5 12,7 11,8 14,4 19,9 13, Zuid-West Nederland 11,4 13,4 11,7 12,9 16,3 13, Grote Steden 10,7 14,0 10,3 13,9 15,6 12, Totaal 11,4 14,2 11,6 14,1 17,7 13, Tabel 16.4 Personeelsopbouw in procenten naar regio Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Noord Nederland 21,0 20,4 21,0 20,0 26,7 21, Midden Nederland 22,2 37,4 30,1 22,8 25,0 26, Zuid-Oost Nederland 20,2 16,3 19,9 16,6 14,9 17, Zuid-West Nederland 12,1 10,4 9,2 14,4 15,2 12, Grote Steden 24,6 15,5 19,8 26,2 18,1 22, Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 41 VerzuimMonitor Sector Zorg
44 Tabel 16.5 Verzuimpercentage naar Grote Steden Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 5,29 6,86 5,35 6,26 7,22 5, Rotterdam 4,68 6,91 5,48 5,49 7,58 5, Den Haag 5,02 5,96 4,55 6,52 6,11 5, Utrecht 5,67 6,11 8,19 6,89 7,26 6, Totaal 5,12 6,43 5,11 6,25 7,31 5, Tabel 16.6 Meldingsfrequentie naar Grote Steden Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 1,70 1,65 1,88 1,44 1,47 1, Rotterdam 1,89 1,62 2,15 1,69 1,70 1, Den Haag 1,83 1,63 1,55 1,74 1,46 1, Utrecht 1,71 1,65 1,75 1,52 1,41 1, Totaal 1,79 1,64 1,82 1,60 1,59 1, Tabel 16.7 Gemiddelde duur naar Grote Steden Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 11,7 14,6 10,3 15,3 15,6 13, Rotterdam 9,6 13,7 8,6 11,4 15,5 11, Den Haag 10,0 13,6 11,3 13,5 15,0 12, Utrecht 11,8 14,2 19,3 16,1 17,1 13, Totaal 10,7 14,0 10,3 13,9 15,6 12, Tabel 16.8 Personeelsopbouw in procenten naar Grote Steden Regio ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG ZKH GHZ GGZ V&V TZ ZORG Amsterdam 28,7 25,4 45,5 33,4 29,7 31, Rotterdam 29,1 22,1 18,8 22,6 53,1 28, Den Haag 22,3 27,8 35,1 29,9 10,2 25, Utrecht 19,9 24,7 0,6 14,1 7,0 15, Totaal 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, VERNET verzuimnetwerk 42 VerzuimMonitor Sector Zorg
45 Tijdreeks verzuimcijfers (eerste èn tweede ziektejaar) Tabel 17.1 Verzuimpercentage naar duurklasse t/m t/m t/m t/m t/m t/m 3 dagen - 0,41 0,41 0,41 0,39 4 t/m 7 dagen - 0,74 0,74 0,72 0,70 8 t/m 14 dagen - 0,50 0,50 0,49 0,48 15 t/m 42 dagen - 0,63 0,62 0,61 0,60 43 t/m 91 dagen - 0,78 0,75 0,73 0,75 92 t/m 182 dagen - 1,04 1,01 0,97 0, t/m 275 dagen - 0,68 0,69 0,67 0, t/m 365 dagen - 0,75 0,60 0,51 0, t/m 455 dagen - 0,25 0,24 0,26 0, t/m 545 dagen - 0,03 0,17 0,16 0, t/m 635 dagen - 0,00 0,02 0,13 0, t/m 730 dagen - 0,00 0,00 0,02 0,13 Totaal - 5,81 5,75 5,69 5,68 Tabel 17.2 Beëindigingsfrequentie naar duurklasse t/m t/m t/m t/m t/m t/m 3 dagen - 0,741 0,734 0,729 0,695 4 t/m 7 dagen - 0,487 0,487 0,476 0,461 8 t/m 14 dagen - 0,173 0,174 0,170 0, t/m 42 dagen - 0,098 0,097 0,095 0, t/m 91 dagen - 0,047 0,046 0,045 0, t/m 182 dagen - 0,031 0,030 0,029 0, t/m 275 dagen - 0,012 0,011 0,011 0, t/m 365 dagen - 0,014 0,012 0,009 0, t/m 455 dagen - 0,000 0,001 0,002 0, t/m 545 dagen - 0,000 0,000 0,001 0, t/m 635 dagen - 0,000 0,000 0,000 0, t/m 730 dagen - 0,000 0,000 0,000 0,000 Totaal - 1,603 1,593 1,567 1,510 Tabel 17.3 Gemiddelde duur per voortschrijdend jaar t/m t/m t/m t/m t/m Gemiddelde duur - 14,2 13,9 13,6 13, VERNET verzuimnetwerk 43 VerzuimMonitor Sector Zorg
46 Rekenregels voor de verzuimgrootheden elke ziektedag in de periode x pt x ao Verzuimpercentage: VP = x 100 % elke dienstverbanddag in de periode x pt uitgekeerd ziekengeld in de periode Verzuimkostenpercentage: VKP = x 100 % totale loonsom van de instelling in de periode aantal ziekmeldingen in de periode Meldingsfrequentie: MF = aantal werknemers in de periode aantal beëindigingen in de periode Beëindigingsfrequentie: BF = aantal werknemers in de periode alle ziektedagen van de in de periode beëindigde gevallen Gemiddelde duur: GD = alle in de periode beëindigde gevallen alle dienstverbanddagen Personeelssterkte / PS = aantal werknemers: aantal dagen in de periode Verklaring van de begrippen in de bovenstaande definities. Verzuimpercentage: Van alle werknemers wordt elke ziektedag in de periode vermenigvuldigd met de bij die dag behorende parttimefactor (pt) en de arbeidsongeschiktheidsfactor (ao), waarna de ziektedagen worden opgeteld. Van alle werknemers (ziek en niet ziek) wordt elke dienstverbanddag in de periode vermenigvuldigd met de bij die dag behorende parttimefactor (pt), waarna de dienstverbanddagen worden opgeteld. Verzuimkostenpercentage: Het verzuimkostenpercentage is afgeleid van het verzuimpercentage. Aan alle ziektedagen en dienstverbanddagen is het bruto dagloon gekoppeld. M.a.w. het verzuimkostenpercentage is het uitgekeerde bruto loon bij ziekte van de werknemer(s) gedeeld door de bruto loonsom van alle werknemers. Meldingsfrequentie: Totaal aantal ziekmeldingen in de periode gedeeld door het aantal werknemers in de periode. De meldingsfrequentie in een kwartaal is ongeveer een kwart van de meldingsfrequentie van het jaar. Om vergelijking met het (voortschrijdend) jaar mogelijk te maken is de meldingsfrequentie van een kwartaal vermenigvuldigd met 4. Beëindigingsfrequentie: Totaal aantal beëindigde ziektegevallen in de periode gedeeld door het aantal werknemers in de periode. De beëindigingsfrequentie in een kwartaal is ongeveer een kwart van de beëindigingsfrequentie van het jaar. Om vergelijking met het (voortschrijdend) jaar mogelijk te maken is de beëindigingsfrequentie van een kwartaal vermenigvuldigd met 4. Gemiddelde duur: Beëindigde gevallen zijn ziektegevallen waarvan de hersteldatum in de periode valt. Ziektedagen van beëindigde gevallen zijn alle dagen vanaf de eerste ziektedag tot aan de hersteldatum. De aansluitende ziektedagen die vóór de periode vallen worden dus ook meegerekend. Personeelssterkte / aantal werknemers: Het totaal aantal dienstverbanddagen in de periode gedeeld door 90, 91 of 92 dagen voor een kwartaal of door 365 dagen (schrikkeljaar 366) voor een jaar. Meer info op bij documenten VERNET verzuimnetwerk 44 VerzuimMonitor Sector Zorg
Meldingsfrequentie Sector Zorg 2009. Verzuimpercentage Sector Zorg 2009. Aantal werknemers Sector Zorg 2009. Gemiddelde duur Sector Zorg 2009
Verzuimpercentage Sector Zorg Meldingsfrequentie Sector Zorg Gemiddelde duur Sector Zorg Aantal werknemers Sector Zorg De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden
VerzuimMonitor Thuiszorg Jaar 2007
VerzuimMonitor Thuiszorg Verzuimpercentage TZ Meldingsfrequentie TZ Gemiddelde duur TZ Aantal werknemers TZ De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden Nederland
VerzuimMonitor Gehandicaptenzorg Jaar 2008
VerzuimMonitor Gehandicaptenzorg Verzuimpercentage GHZ Meldingsfrequentie GHZ Gemiddelde duur GHZ Aantal werknemers GHZ De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden
Meldingsfrequentie GHZ Verzuimpercentage GHZ Aantal werknemers GHZ Gemiddelde duur GHZ 2009
Verzuimpercentage GHZ Meldingsfrequentie GHZ Gemiddelde duur GHZ Aantal werknemers GHZ De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden Nederland ZWN : Zuid-West Nederland
Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld.
Inhoudsopgave 1. Verzuim naar geslacht 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Verzuim naar grootteklasse 4. Verzuim en meldingsfrequentie naar leeftijd 5. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6.
VerzuimMonitor Gehandicaptenzorg Jaar 2007
VerzuimMonitor Gehandicaptenzorg Verzuimpercentage GHZ Meldingsfrequentie GHZ Gemiddelde duur GHZ Aantal werknemers GHZ De indeling voor de vijf regio s in de zorgsector NN : Noord Nederland MN : Midden
Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld.
Inhoudsopgave 1. Verzuim naar geslacht 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Verzuim naar grootteklasse 4. Verzuim en meldingsfrequentie naar leeftijd 5. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6.
Toelichting. PS = gemiddeld aantal werknemers BF = beëindigingsfrequentie
Toelichting In dit KwartaalRapport zijn de volgende tabellen opgenomen: Tabel Eerste ziektejaar Pagina 1 Tijdreeks verzuimcijfers 2 2 Verzuim naar geslacht 3 3 Verzuim naar leeftijdklasse 4 4 Verzuim naar
Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld.
Inhoudsopgave 1. Tijdreeks verzuimcijfers 2. Verzuim naar geslacht 3. Verzuim naar grootteklasse 4. Verzuim en meldingsfrequentie naar leeftijd 5. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6.
KwartaalRapport. Gehandicaptenzorg periode
Rapport Gehandicaptenzorg periode Toelichting In dit Rapport zijn de volgende tabellen opgenomen: Tabel Eerste ziektejaar Pagina Tabel Eerste èn tweede ziektejaar Pagina 1 Tijdreeks verzuimcijfers 2 8
Branche Viewer. Geestelijke Gezondheidszorg. Kwartaal
Branche Viewer Geestelijke Gezondheidszorg Kwartaal 2016-3 Inhoudsopgave Voorwoord/Analyse 1. Verzuimpercentage naar ziektejaar 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie
Branche Viewer. Algemene Ziekenhuizen. Kwartaal
Branche Viewer Algemene Ziekenhuizen Kwartaal 2016-1 Inhoudsopgave Voorwoord/Analyse 1. Verzuimpercentage naar ziektejaar 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie
Branche Viewer VVT. Kwartaal
Branche Viewer VVT Kwartaal 2016-4 Inhoudsopgave Voorwoord/Analyse 1. Verzuimpercentage naar ziektejaar 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 4. Verzuim naar
Branche Viewer VVT. Kwartaal
Branche Viewer VVT Kwartaal 2015-4 Inhoudsopgave Voorwoord/Analyse 1. Verzuimpercentage naar ziektejaar 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 4. Verzuim naar
verzuimnetwerk Vernet Viewer Zorg aan Zet Voortschrijdend jaar 2013-1 t/m 2013-4 T (020) 422 9771 F (020) 427 2839 E [email protected] W www.vernet.
verzuimnetwerk Vernet Viewer Zorg aan Zet Voortschrijdend jaar -1 t/m -4 Oude Braak 16 1012 PS Amsterdam T (020) 422 9771 F (020) 427 2839 E [email protected] W www.vernet.nl Inhoudsopgave 1. Leeftijdsopbouw
Vernet Health Ranking
Naam Voorbeeldorganisatie Vernet-ID 000000 Voorbeeldbranche Vernet Health Ranking De Vernet Health Ranking(*) over 2014 is bekend! De score van uw organisatie is 5,2. Op verschillende verzuimonderdelen
Jaarrapportage 2010. Branche informatie voor Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening
Jaarrapportage 2010 Branche informatie voor Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening Inhoud Inleiding... 3 Samenvatting... 3 Kerncijfers 2008, 2009, 2010... 4 Participatie... 5 Verzuimontwikkeling...
Vernet Viewer Q Voorbeeldorganisatie
Voorbeeld Vernet-ID 498319 Branche Gehandicaptenzorg Regio Randstad Ontwikkeling van verzuim Het verzuim in de in het voortschrijdend jaar 2016-2 t/m 2017-1 is %. Dit is een stijging ten opzichte van dezelfde
Vernet Health Ranking. Verzuim in de branche. Ontwikkeling van verzuim. Gemiva-SVG Groep. Vernet-ID Gehandicaptenzorg
Naam Gemiva-SVG Groep Vernet-ID 641316 Gehandicaptenzorg Vernet Health Ranking Over 2013 is de Vernet Health Ranking(*) voor uw organisatie bepaald. Uw score in 2013 is 9,7. heeft een goede performance
Notitie. Verzuimrapportage 2e kwartaal 2014 1. AAN : Commissie Sociale Aangelegenheden en Leden van Veneca. VAN : Secretariaat Veneca
Notitie AAN : Commissie Sociale Aangelegenheden en Leden van Veneca VAN : Secretariaat Veneca DATUM : 22 september 2014 ONDERWERP : Verzuimrapportage 2e kwartaal 2014 NUMMER : 20344209 Algemeen Vanaf het
Notitie. Verzuimrapportage 3e en 4e kwartaal AAN : Commissie Sociale Aangelegenheden en Leden van Veneca. VAN : Secretariaat Veneca
Notitie AAN : Commissie Sociale Aangelegenheden en Leden van Veneca VAN : Secretariaat Veneca DATUM : 2 april 2014 ONDERWERP : Verzuimrapportage 3e en 4e kwartaal 2013 NUMMER : 20299224 Algemeen Vanaf
Vernet Viewer Plus Q Voorbeeldorganisatie
Vernet Viewer Plus Q1-2017 Voorbeeldorganisatie Vernet-ID 498319 Branche Gehandicaptenzorg Regio Randstad m eldingsfrequentie Spreiding met verzuimpercentage en meldingsfrequentie II III 1,1 5 6 2 1 1,1
Feiten en cijfers 2010 Branche Kinderopvang
Feiten en cijfers 2010 Branche Kinderopvang Ieder jaar maakt FCB de zogenoemde factsheets. Deze bestaat uit cijfers over de branche in een bepaald jaar. De cijfers over 2010 worden met de ontwikkelingen
Verzuimcijfers 2010 sector Gemeenten
Verzuimcijfers 00 sector Gemeenten A+O fonds Gemeenten, april 0 Ziekteverzuim bij gemeenten daalt licht tot, procent in 00 Het ziekte van gemeenten is in 00 licht gedaald tot, procent. Ten opzichte van
Feiten en cijfers 2010 Branche WMD
Feiten en cijfers 2010 Branche WMD Ieder jaar maakt FCB de zogenoemde factsheets. Deze bestaat uit cijfers over de branche in een bepaald jaar. De cijfers over 2010 worden met de ontwikkelingen ook in
Rapportage. Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2011. Gezond & Veilig werken. Prae Advies & Onderzoek, 17 september 2012, Utrecht
Rapportage Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2011 Prae Advies & Onderzoek, 17 september 2012, Utrecht Gezond & Veilig werken Gezond & Veilig werken Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector,
Periodieke Brancherapportage 2014
Periodieke Brancherapportage 2014 Peildatum: 1 januari 2015 Brancheorganisatie: Datum: Februari 2015 Sectormanager: Jaap Tinga Telefoonnummer: Zonder toestemming van de sectormanager mogen de in deze rapportage
Ziekteverzuimregistratie
Datum 22 juli 2002 Ons kenmerk EA2002/81344 zie verzendlijst Onderdeel directie Politie Inlichtingen M.Hendriks/F.v.Gessel T (070) 426 6809 F (070) 426 6809 Uw kenmerk Onderwerp Ziekteverzuimregistratie
Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2007
Rapportage benchmark ziekteverzuim SW-sector, 2007 24-06-2008, Bussum Etienne Lemmens, Orbis Inleiding Vergelijking Respons Regionale spreiding In de CAO voor de sector SW is opgenomen dat de verzuimbenchmark,
Verzuimanalyse MBO-sector
Verzuimanalyse MBO-sector 3 e kwartaal 2011 t/m 2 e kwartaal 2012 MBO Raad Woerden, November 2012 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Het genereren van de verzuimgegevens... 4 3. Van registratie naar
Verzuimanalyse MBO-sector
Verzuimanalyse MBO-sector 1 e kwartaal 2015 t/m 4 e kwartaal 2015 MBO Raad Woerden, April 2016 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Het genereren van de verzuimgegevens... 3 3. Van registratie naar informatie...
Periodieke Brancherapportage 2013-2014
Periodieke Brancherapportage 2013-2014 Peildatum: 1 juli 2014 Brancheorganisatie: Datum: oktober 2014 Sectormanager: Telefoonnummer: Zonder toestemming van de sectormanager mogen de in deze rapportage
PeopleOnline rapportraamwerk
PeopleOnline rapportraamwerk begrippen, verzuimgrootheden en berekeningswijze Versie: 24-07-2012 Auteur: Erik Baaijens Heeft u vragen en maakt u nog geen gebruik van PeopleOnline? Bram Evers +31(0)478-759425
Ziekteverzuim naar leeftijd en geslacht, 2002 2005
0i07 07 Ziekteverzuim naar leeftijd en geslacht, 2002 2005 Frank van der Linden en Anouk de Rijk Centrum voor Beleidsstatistiek (maatwerk) Voorburg/Heerlen, 2008 Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken
Inhoudsopgave. Bijlage: De standaard rekenregels voor verzuimmaten...11
Verzuimanalyse MBO-sector 3 e kwartaal 2013 t/m 2 e kwartaal 2013 MBO Raad Woerden, oktober 2013 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Het genereren van de verzuimgegevens... 4 3. Van registratie naar informatie...
Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013
Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 drs. W. van Ooij MarktMonitor Januari 2015 Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013 . Kengetallen Mobiliteitsbranche 2003-2013
Voorbeelden Verzuimpercentages
Voorbeelden Verzuimpercentages I Voorbeelden Verzuimpercentages Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Verzuimpercentages 2... 2 1.1 Waarom verzuimpercentages?... 2 1.2 Verzuimpercentages scherm... 3 1.3 De rapporten...
Verzuimonderzoek PO en VO 2012
EINDRAPPORTAGE Verzuimonderzoek PO en VO 2012 DUO Informatieproducten Ako Madomi 15 september 2013 Inhoudsopgave SAMENVATTING... 3 1 INLEIDING... 6 1.1 OPZET ONDERZOEK... 6 1.2 LEESWIJZER... 8 2 VERZUIMKENGETALLEN
SticVerzuimrapportage J C:\Verzuimrapportages
16-01-2018 # December SticVerzuimrapportage J C:\Verzuimrapportages Stichting voor Bijzonder Voortgezet Onderwijs Bilthoven ArboNed Kenniscentrum Rapportagedatum: 16-01-2018 Peiljaar: 2017 Peilmaand: December
Figuur 1: Verzuimpercentage onderwijzend personeel en ondersteunend personeel in het primair onderwijs en voortgezet onderwijs ( ).
Het verzuimpercentage onder het in het primair onderwijs is tussen en afgenomen, van 6,8% in naar 6,4% in. In het voortgezet onderwijs is het verzuimpercentage onder het relatief stabiel: in komt het verzuimpercentage
Brancherapportage J C:\Brancherapportages
23-03-2016 2015 December VOB Brancherapportage J C:\Brancherapportages Vereniging Openbare Bibliotheken ArboNed Kenniscentrum Rapportagedatum: 23-03-2016 Peildatum: 31-12-2015 Sectormanager: Jaap Tinga
Analyse Ziekteverzuim
Analyse Ziekteverzuim Jaaroverzicht 2013 In het Agrarisch en Groen Bedrijf pagina 1 SAZAS HELPT U VERDER! SAZAS HELPT U VERDER! pagina 2 1. INLEIDING Voor u ligt de analyse ziekteverzuim over het kalenderjaar
Verzuimanalyse MBO-sector
Verzuimanalyse MBO-sector 1 e kwartaal 2012 t/m 4 e kwartaal 2012 MBO Raad Woerden, april 2013 1 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Het genereren van de verzuimgegevens... 4 3. Van registratie naar informatie...
Definities verzuimcijfers vs 2.0 def
Definities verzuimcijfers vs 2.0 def Versie Status Datum Auteur Opmerking 0.1 Concept 08-03-2012 Maarten Hendriks Initiële versie. 1.0 Concept 19-02-2013 WvdS Bijgewerkt 1.1 Concept 02-04-2013 WvdS Commentaar
GEBASEERD OP DE VERZUIMGEGEVENS OVER 2018
arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo PAPER ZIEKTEVERZUIM HBO 2019 GEBASEERD OP DE VERZUIMGEGEVENS OVER 2018 ZIEKTEVERZUIM HBO 2019 GEBASEERD OP DE VERZUIMGEGEVENS OVER 2018 Jaarlijks brengt Zestor, op
Kortetermijnontwikkeling
Artikel, donderdag 22 september 2011 9:30 Arbeidsmarkt in vogelvlucht Het aantal banen van werknemers en het aantal openstaande vacatures stijgt licht. De loonontwikkeling is gematigd. De stijging van
Handleiding Arbeidsmonitor Werkgeversorganisatie
Inhoudsopgave Inleiding... 2 Instructie... 2 Periode (generiek)... 2 Thema Arbeidsvolume... 5 Tabblad Kengetallen... 5 Rapporten... 5 Tabblad Wonen en Werken... 6 Rapporten... 6 Thema Leeftijd... 8 Rapporten...
SOCIAAL JAARVERSLAG 2010
IN-, DOOR- EN UITSTROOM SOCIAAL JAARVERSLAG 2010 INSTROOM In 2010 zijn 12 nieuwe medewerkers bij de gemeente Heusden in dienst getreden. Het instroompercentage is sterk gedaald ten opzichte van 2009 en
Verzuimonderzoek PO en VO 2016
EINDRAPPORTAGE Verzuimonderzoek PO en VO 2016 DUO Informatieproducten Mark Dekkers en Joost Schaacke 19 oktober 2017 Inhoudsopgave SAMENVATTING... 2 1 INLEIDING... 5 1.1 OPZET ONDERZOEK... 5 1.2 LEESWIJZER...
dé verzuimspecialist VERZUIMRAPPORT
dé verzuimspecialist VERZUIMRAPPORT INLEIDING Voor u ligt de analyse ziekteverzuim over het kalenderjaar 2014. In deze analyse vindt u de kengetallen ziekteverzuim van de agrarische en groene sectoren.
Personeelsgegevens. Totaal aantal medewerkers
Inleidende tekst voor Sociaal Jaarverslag 2012 op Internet: De hier gepubliceerde personeelsgegevens en verzuimcijfers zijn een aanvulling op de verslaglegging over personeel in het Geïntegreerd Jaardocument.
Totaalbeeld arbeidsmarkt: werkloosheid in februari 6 procent
Arbeidsmarkt in vogelvlucht Gemiddeld over de afgelopen vier maanden is er een licht stijgende trend in de werkloosheid. Het aantal banen van werknemers stijgt licht en het aantal openstaande vacatures
Ziekteverzuimgrootheden
Ziekteverzuimgrootheden Inleiding Onderstaand de definities en de wijze van berekenen van ziekteverzuimgrootheden. De standaard kent vier grootheden: Ziekteverzuimgrootheden het ziekteverzuimpercentage,
Kengetallen mobiliteitsbranche
Kengetallen mobiliteitsbranche 2004-2015 Juni 2015 Kengetallen mobiliteitsbranche 2004-2015 1 INHOUD 1. Aanleiding 3 2. Conclusie 5 3. Resultaten 10 3.1 Werkgevers 10 3.2 Medewerkers 27 3.3 Branchemobiliteit
Verzuimonderzoek PO en VO 2015
EINDRAPPORTAGE Verzuimonderzoek PO en VO 2015 DUO Informatieproducten Ako Madomi 19 augustus 2016 Inhoudsopgave SAMENVATTING... 2 1 INLEIDING... 5 1.1 OPZET ONDERZOEK... 5 1.2 LEESWIJZER... 6 2 VERZUIMKENGETALLEN
Toelichting Arbeidsmonitor
Toelichting Arbeidsmonitor Arbeidsmonitor Samenwerkingsverbanden van werkgevers Inleiding De vraag naar ken en stuurgetallen als basis voor strategische personeelsplanning binnen organisaties is het laatste
resultaten Vacature-enquête
resultaten Vacature-enquête voorjaar 2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Vacatures maart 2014 4 3. Vacatures per sector 5 4. Conclusies 11 Bijlage 1 Tabellen 12 Kenmerk: Project: 81110 Juni 2014 1. Inleiding
