NHL Hogeschool. Maritiem Instituut Willem Barentsz. HBO-Bachelor Maritiem Officier

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "NHL Hogeschool. Maritiem Instituut Willem Barentsz. HBO-Bachelor Maritiem Officier"

Transcriptie

1 NHL Hogeschool Maritiem Instituut Willem Barentsz HBO-Bachelor Maritiem Officier Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010

2 2/61

3 Managementsamenvatting Dit rapport is het verslag van het auditteam dat in opdracht van Netherlands Quality Agency (NQA) een bestaande hbo-bacheloropleiding heeft beoordeeld. Het beschrijft de bevindingen, overwegingen en conclusies. Het rapport is conform het NQA Protocol 2010 hbo-bacheloropleiding opgesteld. De rapportage heeft betrekking op: Instelling NHL Hogeschool Opleiding Maritiem Officier Variant Voltijd Croho-nummer Locatie Maritiem Instituut Willem Barentsz Terschelling Auditdatum 28 september 2010 Auditteam De heer prof. ir. J. Klein Woud (vakdeskundige) De heer W. Verbaan (vakdeskundige) Mevrouw E.B. Entink (studentlid auditteam) Mevrouw M. Snel B HRM & B Ed (NQA auditor) Door de NHL Hogeschool is een dossier ingediend bij NQA voor de beoordeling van de bestaande hbo-bacheloropleiding Maritiem Officier. Bij de aanvraag werd door de instelling een zelfevaluatie aangeboden die naar vorm en inhoud voldeed aan de eisen die NQA in het NQA Protocol 2010 hbo-bacheloropleiding stelt. Voor de beoordeling van de kwaliteit en het niveau van de bestaande opleiding heeft NQA een auditteam samengesteld, dat voldoet aan de eisen van de NVAO. Het team heeft de zelfevaluatie bestudeerd en een bezoek aan de opleiding gebracht. De zelfevaluatie en alle overige (mondeling en schriftelijk) verstrekte informatie hebben het auditteam in staat gesteld om tot een weloverwogen oordeel te komen. Doelstellingen van de opleiding De eindkwalificaties sluiten aan bij de internationale uitgangspunten, zoals beschreven in het STCW-95 en bij nationale uitgangspunten, zoals deze voor de nautische hbo-opleidingen zijn vastgelegd in het Beroepsprofiel Maritiem Officier, De opleiding Maritiem Officier van het Maritiem Instituut Willem Barentsz heeft samen met de Marof-opleiding van het Maritiem Instituut De Ruyter de eindkwalificaties gedefinieerd in acht kerncompetenties (zie bijlage 5). De opleiding is actief in het leggen en benutten van nationale en internationale contacten. Zij speelt actief in op ontwikkelingen. Daarbij wordt samengewerkt met de Marof van het instituut De Ruyter. De Terschellingse opleiding onderscheidt zich van de andere Marofopleidingen via haar minorenaanbod. Daarnaast is de samenwerking met het Maritiem Simulator Trainingscentrum en het Instituut Techniek van de NHL uniek, alsmede het feit dat studenten gedurende de eerste twee studiejaren op een campus verblijven en gedurende die periode op school een uniform dragen. 3/61

4 Inspelend op nationale en internationale ontwikkelingen leidt de Terschellingse opleiding per 2009, behalve tot Maritiem Officier, ook weer op tot de monodisciplines Stuurman en Scheepswerktuigkundige. Via minors geeft de opleiding hier invulling aan. De opleiding heeft aangetoond dat de nagestreefde eindcompetenties aansluiten bij algemene, internationaal geaccepteerde beschrijvingen van de kwalificaties van een bachelor. Programma De opleiding verzorgt een vierjarig voltijd programma. Het programma komt aantoonbaar overeen met de door het opleiding nagestreefde beroepsprofiel en de daaraan verbonden acht competenties voor de Maritiem Officier. Het programma is op de beroepspraktijk gericht. Dit vertaalt zich in opdrachten, simulaties, gastcolleges, excursies en stages die gebaseerd zijn op of ontleend zijn aan de beroepspraktijk. De door de opleiding gehanteerde basisliteratuur is relevant en van niveau. De internationale titels zijn toereikend, maar enigszins standaard. Via verschillende modulen en opdrachten ontwikkelen studenten onderzoeksvaardigheden. Daarbij is het lectoraat nauw betrokken. De eindcompetenties zijn helder uitgewerkt naar professionaliseringstaken (deeltaken) en leerdoelen die centraal staan in de verschillende modulen die bekend zijn bij de studenten. Het programma is modulair ingericht en wordt gekenmerkt door een concentrische opbouw. De opleiding heeft een studeerbaar programma uitgewerkt. De instroomeisen en vrijstellingen zijn vastgelegd in het Onderwijs- en Examenreglement van de opleiding. De opleiding voldoet aan de formele eisen voor studieduur. De opleiding biedt competentiegericht onderwijs. De eerste twee jaar wordt kennis onderwezen om vervolgens in de praktijk toe te passen. Het didactisch concept is in lijn met de doelstellingen en de werkvormen sluiten daarbij aan. De opleiding heeft het toetsbeleid helder uitgewerkt in een geactualiseerd document. De gehanteerde toetsvormen zijn gevarieerd en van niveau. De kwaliteit van de toetsen is geborgd door de inzet van de docenten en het functioneren van de Examencommissie. Inzet van personeel Een groot deel van het docententeam vertegenwoordigt relevante zeegaande ervaring en/of heeft relevante walfuncties vervuld. Naast het verzorgen van onderwijs voeren docenten verschillende activiteiten uit voor en in samenwerking met de beroepspraktijk, waaronder het verzorgen van simulatortrainingen. Studenten zijn positief over de praktijkgerichtheid van docenten. Er wordt voldoende personeel ingezet om het onderwijs te verzorgen. Het streven van de opleiding is om in procent van de docenten wo-opgeleid te krijgen. Daar wordt concreet op geïnvesteerd. Het docententeam getuigt van zeer goede inhoudelijke en organisatorische expertises. In vergelijking met andere Marof-opleidingen in Nederland en in het licht van de beroepscontext beoordeelt het auditteam de inhoudelijke kwalificaties die het docententeam vertegenwoordigt daarom als excellent. Via functionerings- en beoordelingsgesprekken wordt toegezien op het gewenste functioneren en wordt geïnvesteerd in professionalisering van docenten. 4/61

5 Voorzieningen De opleiding biedt voorzieningen die ruim toereikend zijn om het gewenste onderwijs te verzorgen. Het aanbod van simulatoren, evenals de proefopstellingen in de machinehal, het elektrotechnisch practicum en Octans zijn een verrijking voor het onderwijs. Met name het elektro-practicum is geavanceerd en zeer kenmerkend voor de installaties aan boord van schepen. Om die reden beoordeelt het auditteam de materiële voorzieningen als excellent. De opleiding voert de studiebegeleiding op adequate wijze uit. Vanuit het studieloopbaanprogramma wordt toegezien op studievoortgang van studenten. Studenten zijn overwegend tevreden over de studiebegeleiding en de voorzieningen. Interne kwaliteitszorg Het kwaliteitszorgbeleid van de opleiding wordt uitgevoerd conform de beleidsplannen van de hogeschool en het instituut. In de gehanteerde werkwijze herkent het auditteam de PDCA-cyclus. De beschikbare kwaliteitszorgplannen zijn gericht op het evalueren van de kwaliteit van het onderwijs en de tevredenheid van alle betrokkenen. De opleiding hanteert daarbij concrete streefdoelen. Naar aanleiding van de evaluaties stelt de opleiding verbeterplannen op die vervolgens leiden tot verbeteringen in het onderwijs. De kwaliteitscyclus wordt door de opleiding volledig doorlopen. De opleiding betrekt relevante stakeholders actief bij de kwaliteitszorg van het onderwijs. Zo laat de opleiding ook jaarlijks haar onderwijsprocessen toetsen door DNV voor het ISO-KMS. Resultaten De gerealiseerde eindkwalificaties van de afgestudeerden zijn in overeenstemming met de nagestreefde eindkwalificaties en voldoen aan de gestelde eisen voor het hbobachelorniveau, de beroepsspecifieke oriëntatie en het betreffende domein. Het werkveld is positief over de kwaliteit en het niveau van de afgestudeerden. De kwantitatieve resultaten voldoen grotendeels aan de gestelde streefrendementen. De opleiding monitort systematisch de kwantitatieve resultaten en probeert via rendementsbevorderende maatregelen het onderwijsrendement nog meer in positieve zin te beïnvloeden. Alles overziend komt het auditteam van NQA tot de conclusie dat de kwaliteit en het niveau van de bestaande hbo-bacheloropleiding Maritiem Officier van NHL Hogeschool aan de vereiste basiskwaliteit voldoet. Een onderbouwing van deze conclusie is opgenomen in hoofdstuk 2. 5/61

6 6/61

7 1 Basisgegevens 9 2 Beoordeling Doelstellingen van de opleiding Programma Inzet van personeel Voorzieningen Interne kwaliteitszorg Resultaten 42 3 Bijlagen 47 Bijlage 1 Deskundigheden auditteam 49 Bijlage 2 Onafhankelijkheidsverklaring auditteam 53 Bijlage 3 Bezoekprogramma 57 Bijlage 4 Bijlagen zelfevaluatie en ter inzage gelegd materiaal 59 Bijlage 5 Domeinspecifieke referentiekader en opleidingscompetenties 61 7/61

8 8/61

9 1 Basisgegevens De basisgegevens van de bestaande hbo-bacheloropleiding Maritiem Officier zijn in onderstaande tabel weergeven. 1. Naam instelling NHL Hogeschool (verder: NHL) 2. Status instelling Bekostigd 3. Naam opleiding in CROHO Maritiem Officier 4. Registratienummer in CROHO Oriëntatie en niveau Hbo-bachelor 6. Aantal studiepunten Afstudeerrichtingen Maritiem Officier Scheepswerktuigkundige Stuurman 8. Locatie Maritiem Instituut Willem Barentsz, Terschelling 9. Code of conduct De NHL heeft de Code of Conduct getekend. 10. Variant Voltijd 11. Inhoudelijk profiel opleiding De opleiding leidt op tot de Bachelor Maritiem Officier. In navolging van het mbo-maritiem onderwijs zijn de monodisciplines weer geïntroduceerd. De Marof kent daarvoor drie afstudeerrichtingen: - Maritiem Officier (twee vaarbevoegdheden nautisch en technisch); - Stuurman (enkele vaarbevoegdheid nautisch); - Scheepswerktuigkundige (enkele vaarbevoegdheid technisch). In het programma worden de drie stromingen via bijpassende minors aangeboden. 12. Beoogd werkveld alumni Een bachelor Maritiem Officier (Maritiem Officier, Stuurman of Scheepswerktuigkunde) is een operationeel ingenieur. Hij houdt zich primair bezig met de bedrijfsvoering van een niet-militair vaartuig in alle rangen en functies. Hij is werkzaam op de grote vaart, containerschepen, zeesleepvaart, tankvaart en passagiersschepen. Ook kan de Marof terecht bij het loodswezen, bij de kustwacht, de offshore of de natte waterbouw. De Maritiem Officier kan de taken aan boord uitvoeren als officier van niet-militaire schepen in diverse bedrijfsvoeringen zoals: - containervaart, - droge-ladingvaart (inc. bulklading), - off-shore en survey industrie, - sleep- en bergingsdiensten, - zware-ladingtransport - olie-, chemicaliën-, gasvervoer 9/61

10 13. Plaats opleiding in organisatiestructuur hogeschool 14. Jaar vorige visitatie en datum besluit NVAO 15. Belangrijkste wijzigingen in opleiding sinds vorige visitatie - passagiersvaart, - zeegaande baggerschepen, - high-speed-craft, - roro-vaart, - koel- en vriesschepen. De opleiding tot Maritiem Officier is ondergebracht in het Maritiem Instituut Willem Barentsz (MIWB). Dit is het instituut voor het hbo-nautisch onderwijs van de NHL te Terschelling, dat onderdeel uitmaakt van het Instituut Techniek van de hogeschool. Het MIWB is gehuisvest op een unieke locatie op Terschelling met uitzicht op de Waddenzee. Het instituut verzorgt de opleidingen Maritiem Officier en Ocean Technology (Hydrografie; in kaart brengen van de zeebodem). Verder is het lectoraat Maritiem, Marien, Milieu & Veiligheidsmanagement gelieerd aan het MIWB en voert het vanuit Terschelling praktisch onderzoek uit gericht op maritieme onderzoeksvragen juli 2005 Direct na de vorige visitatie (september 2004) is begonnen met een vernieuwd programma Maritiem Officier; op basis van een herzien beroepscompetentie profiel. De aanbevelingen uit het vorige visitatie rapport zijn meegenomen in de ontwikkeling van het nieuwe programma. Er is een geheel nieuw curriculum ontwikkeld met de major-minor structuur. Ook op het gebied van toetsbeleid en studieloopbaanbegeleiding zijn vernieuwingen doorgevoerd. Daarnaast heeft het MIWB het beleid ten aanzien van kwaliteit en personeel aangescherpt. 16. Schema opbouw programma De opleiding kent twee fasen: propedeutische fase (60 EC); en de hoofdfase (180 EC). Na de propedeuse kiest de student één van de drie uitstroomprofielen. Binnen de hoofdfase is een drietal minors gedefinieerd. Het totale programma beslaat 240 EC: een majorprogramma (150 EC, dat is gelijk aan 2,5 studiejaar) en drie minors van ieder 30 EC (90 EC, dat is gelijk aan 1,5 studiejaar). In de hoofdfase zitten twee verplichte minors (A en B): - Een verplichte nautische minor en een verplichte technische minor voor de Maritiem Officier. - Twee verplichte nautische minors voor de Nautical Officer. - Twee verplichte technische minors voor de Marine Engineer Officer. 10/61

11 De twee minors starten in het tweede jaar en eindigen in het derde jaar. De opleiding is in grote lijnen opgebouwd volgens onderstaand schema: Propedeuse Hoofdfase 1 Marof 2 Marof 3 Marof 4 Marof Propedeuse Algemeen 20 EC Stage 1 30 EC 10 EC Keuze minor 30 EC Stage 2 + Afstuderen 60 EC Minor A 20 EC 10 EC 30 EC Minor B 20 EC 10 EC In de eerste helft van het vierde studiejaar bestaat de mogelijkheid een keuze te maken uit de volgende minors: - Nautical Operations - Marine Engineering - Dual Purpose officer - Dredging Technology - Ocean Technology - Offshore Operations 11/61

12 12/61

13 2 Beoordeling Het auditteam komt samenvattend tot het volgende oordeel over de opleiding: Onderwerp Oordeel Facet Oordeel 1 Doelstellingen P 1.1 Domeinspecifieke eisen 1.2 Niveau 1.3 Oriëntatie hbo 2 Programma P 2.1 Eisen hbo 2.2 Relatie doelstellingen programma 2.3 Samenhang programma 2.4 Studielast 2.5 Instroom 2.6 Duur 2.7 Afstemming vormgeving inhoud 2.8 Beoordeling en toetsing 3 Inzet personeel P 3.1 Eisen hbo 3.2 Kwantiteit 3.3 Kwaliteit 4 Voorzieningen P 4.1 Materiële voorzieningen 4.2 Studiebegeleiding 5 Interne kwaliteitszorg P 5.1 Evaluatie resultaten 5.2 Maatregelen verbetering 5.3 Betrokkenheid 6 Resultaten P 6.1 Gerealiseerd niveau 6.2 Onderwijsrendement Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Voldaan Goed Goed Goed Goed Excellent Excellent Goed Goed Goed Goed Goed Goed Het auditteam stelt vast dat de kwaliteit en het niveau van de bestaande hbobacheloropleiding Maritiem Officier van de NHL aan de vereiste basiskwaliteit voldoet en adviseert de NVAO positief ten aanzien van de accreditatie van deze opleiding. Het auditteam beschrijft in de volgende paragrafen per onderwerp en per facet van het NVAO beoordelingskader de bevindingen, overwegingen en conclusies. Elke paragraaf sluit af met een samenvattend oordeel op onderwerpniveau. 2.1 Doelstellingen van de opleiding Domeinspecifieke eisen (facet 1.1) De eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij de eisen die door (buitenlandse) vakgenoten en de beroepspraktijk gesteld worden aan een opleiding in het betreffende domein (vakgebied/discipline en/of beroepspraktijk). 13/61

14 Bevindingen De acht eindkwalificaties van de opleiding zijn ontleend aan het landelijk ontwikkelde beroepsprofiel voor de (hbo-)opleidingen Maritiem Officier (Beroepsprofiel Maritiem Officier, 2009). Dit profiel is in oktober 2003 tot stand gekomen in samenwerking met de drie andere opleidingen tot Maritiem Officier (Marof), de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) en de Federatie van Werknemers in de Zeevaart, tegenwoordig Nautilus. Het profiel is in 2009 herzien en opnieuw gevalideerd door het werkveld, waarbij ook de Vereniging van Waterbouwers (VBKO) is betrokken. Het landelijke beroepsprofiel sluit tevens aan bij de nationale en internationale eisen die worden gesteld aan de beroepsuitoefening van zeevarenden. Nationale eisen worden gesteld vanuit het Ministerie van Verkeer en Waterstaat (V&W) en omvatten opleidingseisen voor het verkrijgen van de vaarbevoegdheid. Internationale beroepsvereisten, en de daarbij behorende eindtermen (96 competenties met 212 criteria), zijn vastgelegd in het STCW 1-95 verdrag. Het STCW-95 is gepubliceerd door de International Maritime Organisation (IMO) en bestaat uit: - International Convention on Standards of Training, Certification and Watchkeeping for Seafarers, 1978, as amended in 1995 (STCW Convention); - Seafarer s Training, Certification and Watchkeeping Code (STCW Code). De internationale standaard is aan veranderingen onderhevig. De IMO neemt deze, voor de opleiding verplichte, veranderingen op in zogenaamde amendementen. De opleiding heeft, in nauwe samenwerking met het Maritiem Instituut De Ruyter (Vlissingen), eindkwalificaties verwoord in acht competenties die direct zijn ontleend aan landelijke en internationale eisen. De opleiding heeft deze uitgewerkt in een eigen opleidingscompetentieprofiel (Beroepsprofiel en competentieprofiel Opleiding Maritiem Officier, juni 2010). Zowel de wettelijke eisen vanuit de Zeevaartbemanningswet als vanuit het STCW-95 verdrag zijn geïntegreerd in dit profiel. Dit houdt onder meer in dat de Marof-studenten met hun diploma de vaarbevoegdheid ontvangen (nautisch en/ of technisch). Om te waarborgen dat aan de internationale, door de beroepspraktijk, gestelde eisen wordt voldaan, laat de opleiding zich jaarlijks beoordelen door Det Norske Veritas (DNV). DNV toetst in hoeverre volgens de normen van de Standards for certification of Maritieme Academies wordt gehandeld. Ook wordt de inhoud van het curriculum getoetst door V&W (zie verder 5.1). Ongeveer vier keer per jaar vindt clusteroverleg plaats tussen de hbo-marof-opleidingen. Twee tot drie keer per jaar vindt overleg plaats tussen de maritieme opleidingen, V&W, de Koninklijke Marine en de sociale partners in het Breed Maritiem Overleg (BMO). Uitkomsten van externe audits, de amendementen van het STCW, het clusteroverleg en het BMO leiden tot actualisatie van het gehanteerde profiel en de eindkwalificaties. Zo leidt de opleiding sinds september 2009, naast Marof, (weer) op tot de monodisciplines stuurman en scheepswerktuigkunde. Dit gebeurt via specifieke minors. Hiermee sluit de opleiding aan op de landelijke en internationale wens in het veld. De Marof van het MIWB onderscheidt zich inhoudelijk van de drie andere hbo-marofopleidingen door haar minors: Offshore en Dredging Technology. Hierover vindt 1 STCW: Standards of Training, Certification and Watchkeeping 14/61

15 afstemming plaats met de Marof uit Vlissingen, zodat studenten een zo breed mogelijke keuzemogelijkheid hebben. Ook biedt de opleiding van Terschelling trainingen die zijn geïntegreerd in het programma, zoals Bridge Resource Management en ECDIS. Deelname aan deze trainingen is verplicht en onderdeel van het curriculum. Na deelname ontvangen studenten extra certificaten. Uniek aan de Marof-opleiding op Terschelling is verder de relatie met het lectoraat Maritiem, Marien, Milieu- en Veiligheidsmanagement (zie ook 1.3 en 2.1), de positie binnen het Instituut Techniek en de relatie met het trainingscentrum MSTC 2. Deze factoren dragen bij aan verdere professionalisering en uitwisseling van expertise. Daarnaast is uniek voor de Marof van MIWB dat studenten de eerste twee studiejaren (voordat zij varen) op Terschelling op de campus van de school verblijven en een uniform dragen. De opleiding onderscheidt zich, evenals andere Nederlandse Marof-opleidingen, van buitenlandse zeevaartopleidingen door het feit dat zij in één geïntegreerde opleiding opleidt voor functies aan dek (nautisch) en functies in de machinekamer (technisch). In internationaal perspectief is het MIWB momenteel actief met contractactiviteiten in Kazachstan, Singapore, Canada, Maleisië en op de Filippijnen. Zo werkt de opleiding samen met de Singapore Maritime Academy wat inhoudt dat studenten van deze Academy, via een kopstudie van een jaar, een bachelordiploma Maritime Operations kunnen behalen aan het MIWB. Verder is de opleiding actief in een aantal Europese projecten: M AIDER (ontwikkeling simulatie scenario s) en INTERREG project MariStart (voorbereiding duurzaam maritiem netwerk in het Nederlands-Duitse programmagebied). Voorts neemt de opleiding actief deel aan diverse internationale overlegorganen, waaronder de werkgroep European Dynamic Positioning, International Marine Simulator Forum en the International Association of Maritime Universities en het Nautical Institute. De actieve rol is voor het auditteam zichtbaar door het voorzitterschap bij enkele van deze overlegorganen. Overwegingen De opleiding heeft eindkwalificaties gedefinieerd in acht kerncompetenties (zie bijlage 5). De eindkwalificaties sluiten aan bij de internationale uitgangspunten, zoals beschreven in het STCW-95 en bij nationale (wettelijke) uitgangspunten, zoals deze voor de nautische hboopleidingen zijn vastgelegd in het Beroepsprofiel Maritiem Officier, De opleiding stemt regelmatig af met relevante partners in het nationale en internationale veld over de actualiteit en relevantie van de eindkwalificaties en past de eindkwalificaties waar nodig aan. Daarnaast neemt zij deel aan verschillende (inter)nationale activiteiten waarin zij een voortrekkersrol vervult. Het programma biedt tevens de garantie dat afgestudeerden, met het getuigschrift van de opleiding, het vaarbevoegdheidsbewijs van IVW ontvangen. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. 2 MSTC: Maritiem Simulator Trainingscentrum 15/61

16 Niveau bachelor (facet 1.2) De eindkwalificaties van de opleiding sluiten aan bij algemene, internationaal geaccepteerde beschrijvingen van de kwalificaties van een bachelor. Bevindingen De competenties zijn geformuleerd op basis van het beroepsprofiel en het STCW -95 verdrag. De opleiding heeft deze in samenwerking met het Maritiem Instituut De Ruyter van Hogeschool Zeeland geclusterd tot een achttal beroepscompetenties (zie ook facet 1.1). Per competentie is een aantal deeltaken geformuleerd. In het zelfevaluatierapport (juni 2010) geeft de opleiding aan op welke wijze de competenties van de opleiding overeenstemmen met de indicatoren van de Dublin descriptoren. Zo is de descriptor Kennis en Inzicht te koppelen aan de brede- en specifieke vakkennis-eisen die binnen de drie richtingen worden gesteld aan de hbo- Marof. Om opgeleid te worden tot leidinggevend ingenieur dient de hbo-marof methodisch en structureel te handelen, procesgericht te denken en systematisch en optimaliserend te werken. Deze onderdelen komen overeen met de descriptoren Toepassen van kennis en inzicht en Oordeelvorming. Ook dient de Maritiem Officier te kunnen reflecteren op zijn eigen handelen wat aansluit bij de descriptor Leervaardigheden en dient hij complexe situaties/ vraagstukken te analyseren en te voorkomen (onder andere Oordeelsvorming). Bij de opbouw van het onderwijsprogramma zijn de tien generieke hbo-kwalificaties en de beroepscompetenties als uitgangspunt genomen. De hbo-kwalificaties worden in het curriculum geformuleerd door middel van de binnen Europa gebruikte Dublin descriptoren. De descriptoren zijn door de hele opleiding op moduleniveau verwerkt. Overwegingen Het auditteam stelt vast dat de eindkwalificaties van de opleiding aansluiten bij de indicatoren van de Dublin descriptoren. Voor de operationalisering van de eindkwalificaties naar (onderdelen van) het curriculum worden zowel de Dublin descriptoren als de tien generieke hbo-kwalificaties gebruikt. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Oriëntatie hbo bachelor (facet 1.3) De eindkwalificaties zijn mede ontleend aan de door (of in samenspraak met) het relevante beroepenveld opgestelde beroepsprofielen en/of beroepscompetenties. De eindkwalificaties weerspiegelen het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar in een specifiek beroep of samenhangend spectrum van beroepen waarvoor een hbo-opleiding vereist of dienstig is. 16/61

17 Bevindingen Het beroepsprofiel en het opleidingscompetentieprofiel zijn vastgesteld in samenspraak met het internationale beroepenveld en het landelijk BMO (zie ook facetten 1.1 en 1.2). Uit schriftelijke verklaringen blijkt dat de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Rederijen, de Vereniging van Waterbouwers en Nautilus hun goedkeuring hebben verleend aan het beroepsprofiel. Op landelijk niveau heeft de opleiding structureel overleg met andere nautische opleidingen van de Hogere Zeevaartscholen. Binnen het hbo-cluster voert de opleiding overleg met V&W en de diverse brancheverenigingen. De opleiding vervult een actieve rol in het doorontwikkelen van het beroep c.q. de opleiding. Participatie van docenten in onderzoeksopdrachten van het lectoraat Maritiem, Marien, Milieu- en Veiligheidsmanagement draagt hier aan bij. De opleiding leidt op tot het beroep Maritiem Officier met drie uitstroomprofielen (Maritiem Officier, Stuurman en Scheepswerktuigkunde) om naast de volledige geïntegreerde opleiding de mogelijkheid van een specialisatie in één van beide richtingen te creëren. De drie belangrijkste oorzaken hiervoor zijn: - naast de rederijen die met het Marof-concept varen, is er een groot aantal bedrijven dat vraagt om meer verdieping en kennis; - de meeste buitenlandse zeevarenden zijn mono-opgeleid; - in navolging van en aansluiting op het mbo waar de studenten wederom mono worden opgeleid. In aanvulling op de opmerkingen vanuit het beroepenveld is de opleiding bezig met de ontwikkeling van nieuwe minors. In september 2011 wordt gestart met Scheepselektronica, Offshore en Maintenance Management die studenten ook kunnen kiezen, naast nog andere. Bij de ontwikkeling van nieuwe minors vindt afstemming plaats met de Marof van het Maritiem Instituut De Ruyter (zie 1.1). De opleiding is qua inhoud en niveau primair gericht op beroepsuitoefening aan boord van een zeeschip. Programma-inhoud en niveau zijn zodanig opgesteld, dat ook aan de wal functies kunnen worden vervuld. Dit mede door de opgedane ervaring op schepen. Mogelijke functies voor de bachelor Marof zijn: - stuurman; - scheepswerktuigkundige; - kapitein; - maritiem officier; - maritiem professional aan de wal; - loods, technisch inspecteur, maritiem (schade)expert. Een afgestudeerde Marof is, met de internationaal geaccepteerde vaarbevoegdheden en certificaten, bevoegd om zelfstandig wacht te lopen op de brug, aan dek en in de machinekamer van zeeschepen van onbeperkte grootte en met een onbeperkt motorvermogen. In eerste instantie is dit op het niveau van wachtofficier, na behalen van de vereiste vaartijd, kan de Marof op managementniveau functioneren. Overwegingen De eindkwalificaties van de opleiding zijn ontleend aan internationale uitgangspunten en in samenspraak met relevante (internationale) partners in het beroepenveld opgesteld. 17/61

18 De eindkwalificaties weerspiegelen op overtuigende wijze het niveau van een hbo Maritiem Officier. Op grond van de bestudeerde documentatie en de gevoerde gesprekken constateert het auditteam, dat de opleiding zeer goed verschillende relevante partijen in het werkveld raadpleegt om de beoogde eindkwalificaties te toetsen op actualiteit en relevantie. Zo heeft de opleiding in afstemming met het werkveld ervoor gekozen om weer op te leiden voor de monodisciplines stuurman en scheepswerktuigkundige waarbij binnen iedere discipline nadrukkelijk een basiskennis over de andere discipline aanwezig is. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Samenvattend oordeel Doelstellingen van de opleiding Alle facetten zijn met een goed beoordeeld en daarmee is het onderwerp Doelstellingen van de opleiding positief. 2.2 Programma Eisen hbo (facet 2.1) Kennisontwikkeling door studenten vindt plaats via vakliteratuur, aan de beroepspraktijk ontleend studiemateriaal en via interactie met de beroepspraktijk en/of (toegepast) onderzoek. Het programma heeft aantoonbare verbanden met actuele ontwikkelingen in het vakgebied/de discipline. Het programma waarborgt de ontwikkeling van beroepsvaardigheden en heeft aantoonbare verbanden met de actuele beroepspraktijk. Bevindingen De opleiding maakt gebruik van Nederlandstalige en Engelstalige literatuur. De opleiding werkt met een verplichte literatuurlijst met relevante titels, waaronder standaard boeken. Naast deze bronnen maakt de opleiding gebruik van handboeken, readers en actuele artikelen. Handboeken worden in het Nederlands en in het Engels aangeboden. Wet- en regelgeving en instructieboeken ontvangt de student in het Engels. Het auditteam is van oordeel dat de gebruikte literatuur en bronnen passend zijn bij de leerstof en van het gewenste niveau. Daarnaast maakt de opleiding veel gebruik van zeekaarten, scheepsgegevens, scheepstekeningen, schema s et cetera. Docenten bewaken de actualiteit en geschiktheid van lesmaterialen. Verder kunnen studenten verschillende relevante Nederlandse en Engelstalige vaktijdschriften raadplegen. Deze zijn in de docentenkamer en bibliotheek aanwezig. Het programma is modulair opgebouwd. Per module is beschreven welke (deel)competenties aan bod komen en binnen welke professionaliseringstaak (aan de praktijk ontleende taak/opdracht) deze worden ontwikkeld en welke literatuur en/of lesmateriaal daarbij wordt ingezet. Modulebeschrijvingen zijn tevens digitaal beschikbaar via Educator. 18/61

19 Gelet op het internationale karakter van de beroepscontext (Engels is veelal de voertaal aan boord) wordt niet alleen Engelstalig lesmateriaal gebruikt, ook wordt er in het vierde jaar in het Engels lesgegeven. In verband met de internationale oriëntatie van het vak heeft de opleiding plannen uitgewerkt om te groeien naar een steeds meer Engelstalig curriculum. In dit licht zijn concrete doelstellingen geformuleerd, zoals de omvang van het Engels in het curriculum en het aantal ingeschreven buitenlandse studenten die de opleiding bij het MIWB volgen (Beleidsplan missie en doelen). Het auditteam beoordeelt de ingezette leermiddelen positief. Aan de praktijk ontleende beroepssituaties staan hierin centraal. Deze zijn verwoord in professionaliseringstaken waarin wordt gewerkt aan de beoogde kennis, vaardigheden en houding c.q. de (deel) competenties. Daarnaast komen studenten op verschillende momenten in contact met beroepscontexten waarvoor zij worden opgeleid. Zo nemen studenten bijvoorbeeld deel aan meerdere praktijkreizen met het eigen opleidingsvaartuig Octans, varen zij mee op een containerschip van JR Shipping, voeren zij in samenwerking met de stichting Pro Sea de cursus Mariene Milieukunde uit in het bedrijfsleven. Ook gaan zij twee keer op stage (twee keer 150 dagen varen), nemen zij deel aan diverse bezoeken aan schepen, scheepswerven en andere relevante bedrijven en nemen zij deel aan de cursussen op het MSTC (twee keer een week op de full mission simulator in jaar 2 en jaar 4). De verbanden met de beroepspraktijk worden op velerlei manieren gelegd via lesmateriaal en activiteiten in de praktijk. Om de actualiteit daarin te waarborgen, onderhoudt de opleiding diverse contacten met het nationale en internationale bedrijfsleven en andere relevante partijen (zie ook facet 1.3). Zo is er sprake van een nauwe samenwerking op het gebied van offshore en waterbouw en wordt er samengewerkt met JR Shipping en de mbo-opleiding Maritiem Officier van zeevaartschool Abel Tasman (Delfzijl). In dit kader wordt ook een programma ontwikkeld voor de reguliere stages met JR Shipping. Hiervoor zijn subsidiegelden beschikbaar gesteld door de overheid. Ook organiseert de opleiding jaarlijks een bedrijvendag waaraan ongeveer 40 bedrijven deelnemen. De gewenste beroepsvaardigheden worden in (project)opdrachten aangeleerd. Door de inzet van simulatoren en het eigen opleidingsschip maakt de student zich een deel van de beroepscompetenties eigen in een onderwijssetting die de authentieke beroepspraktijk zoveel mogelijk weerspiegelt. Naast beroepsspecifieke vaardigheden leren studenten onderzoeksvaardigheden toepassen via praktijkgerichte onderzoeks- en ontwikkelopdrachten; in semester 6 en 7 werken studenten gezamenlijk aan onderzoeksopdrachten die worden beoordeeld op basis van een projectverslag en een eindpresentatie. Een deel van de onderzoeksopdrachten wordt uitgevoerd bij het lectoraat Maritiem, Marien, Milieu- en Veiligheidsmanagement, dat vanuit Terschelling praktijk gericht onderzoek verricht op het gebied van maritieme ongevallenpreventie, maritieme ongevallenbestrijding en milieu- en veiligheidstechnologie. Dit betreft 7,5 EC in het derde jaar. Daaraan voorafgaand is er in het programma aandacht voor de ontwikkeling van de nodige onderzoeksvaardigheden via de modulen operational skills en rapporteren. 19/61

20 De opleiding geeft aan dat zij nastreeft om in procent van de studenten opdrachten onder het lectoraat te laten uitvoeren. Met het project in semester 6 heeft 57 procent van de Marof-studenten gewerkt aan een opdracht uit het domein van het lectoraat. De opleiding geeft verder aan dat het feit dat de studenten gedurende de eerste twee studiejaren van de opleiding intern wonen, voor een belangrijk deel bijdraagt aan de gewenste beroepsvorming van de studenten. Aspecten die hier aan bijdragen, zijn: langere tijd van huis zijn en in dichte nabijheid van collega s leven. Ook geldt dat studenten in deze periode voor hun studie geacht worden een uniform te dragen. Studenten beoordeelden in 2009 (Studentenenquête) de opleiding positief ten aanzien van de beroepsgerichtheid van de opleiding. Studenten bevestigen dit in het gesprek met het auditteam. Uit de HBO Monitor 2008 blijkt ook dat de opleiding goed scoort op dit onderdeel. Overwegingen Kennisontwikkeling vindt plaats via literatuur en aan de beroepspraktijk ontleend materiaal. Daarbij maakt de opleiding gebruik van relevante, actuele en internationale bronnen. De opleiding heeft ook aandacht voor Engelstalig onderwijs en de ontwikkeling van onderzoeksvaardigheden via deelname aan projecten die voor een deel in een authentieke beroepssetting plaatsvinden. Vanuit het lectoraat wordt een vooruitstrevende rol vervuld bij het in gang zetten van projecten waarbij zowel studenten als docenten van de opleiding zijn betrokken. Gedurende de opleiding komen studenten op verschillende manieren in aanraking met de beroepspraktijk. Naast projecten, nemen zij deel aan excursies, lopen zij stages en volgen zij cursussen op full mission simulatoren die de werkelijkheid goed benaderen. Op grond van de materiaalstudie en de gevoerde gesprekken beoordeelt het auditteam de mate waarin het programma de actuele beroepspraktijk reflecteert als goed. Door een goede afstemming met relevante partners in het veld waarborgt de opleiding dat actuele ontwikkelingen zijn ingebed in het programma. Via aan de beroepspraktijk ontleende (project)opdrachten maken studenten zich de gewenste beroepsvaardigheden eigen. Naast deelname aan projecten lopen studenten stage in het derde jaar en voeren zij een afstudeerstage uit het in het vierde jaar, beide in het werkveld. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Relatie doelstellingen en inhoud programma (facet 2.2) Het programma is een adequate concretisering van de eindkwalificaties, qua niveau, oriëntatie en domeinspecifieke eisen. De eindkwalificaties van de doelstellingen zijn adequaat vertaald in leerdoelen van (onderdelen van) het programma. 20/61

21 De inhoud van het programma biedt studenten de mogelijkheden om de geformuleerde eindkwalificaties te bereiken. Bevindingen In het curriculum zijn de, aan de competenties ontleende, deeltaken geordend aan de hand van de uitstroomprofielen Maritiem Officier, Stuurman en Scheepswerktuigkunde. Bestudering van het programma laat zien dat de acht beroepscompetenties, en de daarbij behorende deeltaken (leerdoelen), centraal staan in het programma in de vorm van professionaliseringstaken (Beroepsprofiel en competentieprofiel Opleiding Maritiem Officier, juni 2010 en modulebeschrijvingen op Educator; de digitale leeromgeving van de hogeschool). Bestudering van het programma laat verder zien dat de moeilijkheidsgraad van het programma toeneemt naarmate het programma vordert. De complexiteit van professionaliseringstaken neemt toe door een opener formulering van de opdrachten, vragen naar divergente (in plaats van convergente) oplossingen, verbreden van de context en het verhogen van de vrijheidsgraad bij het uitvoeren van de opdrachten (modulebeschrijvingen). In het programma is het eerste studiejaar voor de drie uitstroomprofielen gelijk. Het tweede jaar is opgesplitst in een algemeen onderdeel van 20 EC (gelijk voor de drie richtingen) en twee verplichte minors van ieder 20 EC toegespitst op het uitstroomprofiel. Het eerste semester van het derde jaar brengt de student op zee door. Het tweede semester is opgesplitst in een algemeen deel (10 EC) en afronding van de twee verplichte minors (2 x 10 EC). Het laatste vierde jaar bestaat uit een keuzeminor (30 EC) en de afstudeerstage (30 EC). In de afstudeerfase staan de acht eindcompetenties centraal in de specifieke context van het gekozen profiel. De minors brengen een verdiepend of verbredend accent aan op het profiel (studierichting) van de student. Verdieping vindt plaats door een opdracht uit te voeren in een meer complexere situatie en bij verbreding wordt in een andere specifieke beroepscontext gewerkt die wel relevant is voor het profiel van de student, zoals de offshore of natte waterbouw. Binnen het Instituut Techniek hebben studenten de mogelijkheid om bij de opleidingen Petrochemie & Offshore en Maritieme Techniek een minor te volgen. Uit de bestudering van de modulebeschrijvingen blijkt dat bij elk programmaonderdeel is aangegeven aan welke competenties en deeltaken (leerdoelen) de student werkt, waardoor het voor de student zichtbaar wordt wat er van hem wordt verwacht (zie ook Beroeps- en competentieprofiel Opleiding Maritiem Officier, juni 2010 en modulebeschrijvingen). Studenten geven aan dat zij bekend zijn met de competenties die in de opleiding centraal staan. Naast informatie via Educator bevat het Studentenstatuut veel relevante informatie voor studenten aangaande het onderwijsprogramma, de opleiding en de verschillende relevante procedures. Overwegingen Op basis van de bestudeerde documentatie en de gevoerde gesprekken constateert het auditteam dat het programma een adequate concretisering is van de beoogde eindkwalificaties qua niveau, oriëntatie en domeinspecifieke eisen. Het opleidingsspecifieke 21/61

22 beroeps- en competentieprofiel en de modulebeschrijvingen getuigen hiervan. Daarnaast is een gelijke niveauopbouw in Educator zichtbaar gemaakt. Studenten geven aan dat het voor hen duidelijk is waarvoor modulen dienen. Het auditteam constateert dat de inhoud van het programma studenten de mogelijkheden biedt om de geformuleerde eindkwalificaties te bereiken. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Samenhang in opleidingsprogramma (facet 2.3) Studenten volgen een inhoudelijk samenhangend opleidingsprogramma. Bevindingen In de Visie op Onderwijs en Toetsing, versie 2.04 wordt de samenhang van het studieprogramma omschreven. Binnen het programma is er sprake van een verticale samenhang doordat het niveau toeneemt naarmate het programma vordert. Het programma kent een opbouw in niveaus en een toename in de complexiteit van de opdrachten (zie ook facet 2.2). Daarnaast blijkt een toename in complexiteit doordat steeds meer zelfstandigheid van de studenten wordt gevraagd. Opdrachtformuleringen getuigen hiervan; studenten worden geacht meer zelfstandig kennis te vergaren. De ontwikkeling van de gewenste zelfstandigheid wordt mede bewaakt vanuit de studieloopbaanlijn. Dit gebeurt via een aantal mijlpalen, zoals het bindend studieadvies aan het einde van het eerste en tweede studiejaar. Binnen het programma is er sprake van een horizontale samenhang doordat elementen van kennis en vaardigheden binnen een onderwijseenheid aansluiten op de opdrachten waarin studenten op integrale wijze werken aan de competenties. Binnen deze opdrachten staat de professionaliseringstaak centraal die de passende beroepscontext vertegenwoordigt. De samenhang met de praktijk vindt plaats, doordat in elke module een opdracht is verbonden aan de praktijk (onderzoek, machinehal enzovoort) of een cursus (training op een schip, simulator). De opleiding heeft een samenwerkingsverband met de TU Delft om doorstroom naar het WO te vergemakkelijken. Deze samenwerking bestaat uit het stroomlijnen van premaster programma s, het ontwikkelen van de doorstroomminor en het volgen van een MIWB-practicum door tweedejaars TU Delft-studenten. De samenhang wordt bewaakt door de modulecoördinator die afstemt met de bij die module betrokken docenten. Daarnaast worden modulen op eenzelfde manier uitgewerkt. Per module is omschreven: - de structurele problemen die aan de orde zijn; - kenmerkende cruciaal situaties/randvoorwaarden die een rol spelen; - resultaten/ processen/ effecten die getoond moeten worden; - kwaliteitsindicatoren voor de beoordeling; 22/61

23 - de benodigde kennis, vaardigheden en persoonskenmerken. Studenten kunnen kiezen uit een minorenaanbod binnen of buiten het MIWB. De Examencommissie beoordeelt of de keuze inhoudelijk relevant is, c.q. past binnen het profiel van de opleiding en de gekozen studierichting van de student. Overwegingen Op basis van de bestudeerde documentatie en de gevoerde gesprekken beoordeelt het auditteam dat het programma getuigt van een goede inhoudelijke samenhang. Docenten controleren de inhoudelijke samenhang onder meer op basis van evaluatie-uitkomsten. Studenten geven ook aan dat modulen goed op elkaar aansluiten. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Studielast (facet 2.4) Het programma is studeerbaar doordat factoren, die betrekking hebben op dat programma en die de studievoortgang belemmeren zoveel mogelijk worden weggenomen. Bevindingen Het programma van de opleiding is verdeeld over vier jaar waarbij ieder jaar een omvang kent van 60 EC. Een studiejaar gaat uit van twee semesters waarbinnen kortere en langere onderwijseenheden (modulen en cursussen) worden verzorgd. De opleiding gaat uit van een studielast van 40 klokuren per week. Daarbij wordt het aantal contacturen per jaar minder naarmate de opleiding vordert. In het eerste jaar is het aantal contacturen 840, in het tweede jaar is dit 796 en in het derde en het vierde jaar is dit respectievelijk 298 en 216 uur. De gemiddeld ervaren studielast van de studieonderdelen wordt via evaluaties in kaart gebracht. Studenten ervaren de studielast vooral in het tweede jaar als hoog (Studentenenquête 2009). Om de studielast te verlichten heeft de opleiding geschoven met modulen. Hierdoor vindt er een betere spreiding van de studielast plaats en worden minder modulen aan het einde van het jaar afgesloten. Studenten geven in het gesprek met het auditteam aan dat zij de studielast van sommige vakken als zwaar ervaren, maar over het geheel genomen reëel vinden. De opleiding voorziet studenten vanuit de studiebegeleiding en vanuit de studiedrempels, de mijlpalen die in het programma zijn opgenomen (Studentenstatuut), in een strakke planning die is gericht op het behalen van de gewenste studieresultaten in de tijd die hiervoor staat. Het bieden van een dergelijke sturing ligt gelegen in het feit dat studenten zich verschillende (praktische) aspecten van het vak eigen moeten maken (technisch en nautisch) en het feit dat een relatief lange stage zijn beslag doet op het curriculum (als gevolg van de internationale vaartijdvereisten). Om te voorkomen dat studenten onnodig vertraging oplopen, biedt de opleiding de nodige informatie en begeleiding. Alle informatie over het programma en het onderwijs is via intranet toegankelijk voor studenten, zoals het OER, het Studentenstatuut en modulebeschrijvingen. Aan het begin van het studiejaar wordt een jaarkalender en een tentamenrooster vastgesteld 23/61

24 (Studentenstatuut). Op deze manier weten studenten wat er van hun verwacht wordt. Vervolgens wordt per periode een collegerooster gemaakt. Er wordt zoveel mogelijk gewerkt met het principe van één module per dag, waarbij gedurende het gehele jaar ieder vakgebied een vaste dag heeft. Mijlpalen die in het programma zijn opgenomen, omvatten het bindend studieadvies dat wordt gehanteerd na het eerste jaar waarin iedere student ten minste 40 EC moet behalen. Ook dient de student zijn propedeuse voor het einde van het tweede studiejaar te behalen (Onderwijs en Examenreglement ). Voor de aanvang van de stage dient de student verder de nodige vakinhoudelijke modulen met voldoende resultaat af te ronden. Hetzelfde geldt voor de aanvang van het afstuderen. Vanuit de studiebegeleiding geldt verder dat er huisregels zijn opgesteld om studeren te stimuleren. Zo is op de campus een huiswerkuur ingesteld wat inhoudt dat studenten van tot uur rustig zijn. Het auditteam constateert dat de manier waarop de opleiding de studiebegeleiding heeft ingericht via het mentoraat ook bijdraagt aan de studeerbaarheid van het programma (zie 4.2). Via de studentbegeleiding worden (studie)problemen en eventuele deficiënties tijdig gesignaleerd. Het vak wiskunde wordt door sommige studenten (veelal havo en mbo) als moeilijk ervaren. Hier biedt de opleiding specifieke begeleiding in. Ook kunnen studenten oefententamens gebruiken om zich de lesstof eigen te maken. De studeerbaarheid van de opleiding wordt in de HBO Monitor 2009 beoordeeld met een 7.4. Dit is een stijging van 0,3 ten opzichte van Overwegingen Het auditteam is van oordeel dat de opleiding een studeerbaar programma heeft uitgewerkt. De studielast is evenwichtig verdeeld conform de kaders die hiervoor gelden. Tevens wordt de studiebelasting evenals de ervaren studielast geëvalueerd via enquêtes en gesprekken met studenten in de opleidingscommissie. Struikelvakken zijn erkend (zie ook 2.5). Verder zijn mijlpalen in het programma opgenomen en is er een systeem van studentbegeleiding om de gewenste studievoortgang te bevorderen. Conclusie Op grond van voorgaande bevindingen en overwegingen komt het auditteam tot het oordeel goed. Instroom (facet 2.5) Het programma sluit qua vorm en inhoud aan bij de kwalificaties van de instromende studenten: vwo, havo, middenkaderopleiding of specialistenopleiding (WEB) of daarmee vergelijkbare kwalificaties, blijkend uit toelatingsonderzoek. Bevindingen De opleiding hanteert de wettelijke instroomeisen. De toelatingseisen zijn opgenomen in het Studentenstatuut. Studenten met een havo-, vwo- of mbo-(niveau 4) diploma zijn toelaatbaar. Zie onderstaande tabel: 24/61

25 Diploma Vwo oude stijl Havo oude stijl Mbo niveau 4 Diploma Havo Vwo Verplichte vakken Wiskunde A of B en natuurkunde Wiskunde B en natuurkunde Geen (advies: zomercursus natuurkunde) Profiel-eisen Oude profieleisen: - Natuur & Techniek - Natuur & Gezondheid Nieuwe profieleisen: - Natuur & Techniek - Natuur & Gezondheid + na of nl&t Oude profieleisen: - Natuur & Techniek - Natuur & Gezondheid - Economie & Maatschappij+ na 1 - Cultuur & Maatschappij+ wi a12 + na 1 Nieuwe profieleisen: - Natuur & Techniek - Natuur & Gezondheid+ na of nl&t - Economie & Maatschappij+ na De inhoud van het programma is geënt op bovenstaande diploma- en profieleisen. Voor instroom vanuit het mbo (niveau 4) gelden geen aanvullende eisen. Mbo-studenten worden wel aangeraden de zomercursus natuurkunde te volgen. Studenten met een aanverwante mbo-diploma voor Maritiem Officier komen in aanmerking voor een opleidingstraject van 2,5 jaar. Studenten met een havo- of vwo-diploma oude stijl die niet voldoen aan de gestelde vak-eisen zijn toelaatbaar nadat zij een toelatingstoets succesvol hebben afgerond. Afhankelijk van het diploma (het vakkenpakket) zullen zij ook één of meerdere zomercursussen volgen om de exacte vakken op het gewenste startniveau te krijgen. Als de student dit met een positief resultaat heeft afgerond, is de student toelaatbaar. Aspirant-studenten van 21 jaar of ouder, zonder een relevante vooropleiding, kunnen worden toegelaten op basis van een toelatingsonderzoek en/of deelname aan een zomercursus voor de vakken die vereist zijn (wis- en natuurkunde). Aspirant-studenten die reeds relevante werkervaring hebben, kunnen in aanmerking komen voor een verkort opleidingstraject. Via een portfolio en daarin verzamelde bewijzen moet de aspirant student aantonen dat hij één of meerdere competenties voor een deel heeft verworven. Het portfolio wordt beoordeeld door een assessor die het hebben van de competenties al dan niet toekent. Hiervan wordt een rapport opgemaakt. Met dit rapport kan de student vrijstellingen aanvragen bij de Examencommissie. Ook moet de student aan de eerder genoemde vooropleidings- en instroomeisen voldoen. Wanneer iemand beschikt over een ander hbo-diploma toetst de Examencommissie of de student toelaatbaar is en of er eventueel sprake is van vrijstellingen. Hiervoor zijn 25/61

26 positieve studieresultaten, deelcertificaten of het diploma doorslaggevend. Dit wordt altijd individueel beoordeeld. In het document Beleidsplan missie en doelen stelt de opleiding zich tot doel om in 2012 ten minste 30 buitenlandse studenten in huis (ingeschreven) te hebben die de Marof-opleiding bij het MIWB volgen. Studenten die in het bezit zijn van een diploma van een buitenlandse instelling worden toegelaten tot de opleiding indien de diplomawaardering dit rechtvaardigt. Voorgaande eisen en randvoorwaarden zijn daarbij van toepassing. Een aanvullende instroomeis voor iedere aspirant-student is dat hij, in verband met de beroepsuitoefening, in het bezit moet zijn van geldige keuringspapieren. Te weten het Seafarer Medical Certificate. De opleiding stelt dit niet als harde instroomeis, dat mag zij niet. Studenten dragen zelf de verantwoordelijk om over deze papieren te beschikken. Voor studenten van havo- en mbo-opleidingen is wiskunde in het eerste studiejaar een struikelvak. De opleiding heeft maatregelen genomen om de aansluiting, qua inhoud en niveau, te verbeteren. Zo biedt zij voor alle studenten een herhalingsmodule wiskunde (havo 5) aan. Verder biedt de opleiding gedurende de eerste acht weken studiebegeleiding in de avonduren. Dit betreft niet specifiek het vak wiskunde. Vanuit het Instituut Techniek zijn er ook deficiëntiecursussen ontworpen voor studenten met een ander profiel dan gevraagd bij de toelatingseisen. Studenten met een mbo-diploma Maritiem Officier zijn ook mono-opgeleid (stuurman of scheepswerktuigkunde). Via het minorenaanbod kunnen zij weer kiezen voor een monovariant (naast de brede Marof-variant) wat goed aansluit op de mbo-marofopleiding. Het verleden laat zien dat de brede Marof-variant door veel mbo-studenten als zwaar wordt ervaren. Dat laat onverlet dat zij wel vrij zijn om te kiezen voor de brede Marof-variant. De inrichting van het onderwijs in het eerste studiejaar omvat, in verhouding met de andere jaren, meer frontaal klassikaal onderwijs. Dit sluit overwegend goed aan op het onderwijs dat aspirant-studenten hebben genoten. Door vanaf het eerste studiejaar een variatie in werkvormen te hanteren, wordt tevens aangesloten bij de onderwijsvormen waarmee nieuwe studenten reeds bekend zijn. Om een aansluiting qua (werk)vorm te optimaliseren, worden studenten in het eerste jaar begeleid in de aanpak op het MIWB. Studenten oordelen hierover overwegend positief. Uit de evaluatieresultaten van de Studentenenquête 2009 blijkt dat het merendeel van de ondervraagde studenten van mening is dat de opleiding goed aansluit bij de vooropleiding. Overwegingen Het auditteam is van oordeel dat het programma qua vorm en inhoud aansluit bij de kwalificaties van de instromende studenten met een havo-, vwo- en mbo-diploma. De instroomeisen en richtlijnen, waaronder de uitgangspunten voor vrijstellingen, zijn vastgelegd in het Studentenstatuut. Om de aansluiting te bevorderen biedt de opleiding verschillende passende maatregelen, zoals een deficiëntieprogramma (passend bij de doelgroep), huiswerkbegeleiding en de studievoorlichting. 26/61

Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase

Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase Accreditatiekader bestaande opleidingen hoger onderwijs [hbo-bachelor]: uitwerking voor Associate degree-programma s tijdens de pilotfase 11 februari 2008 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Accreditatiekader, toegespitst

Nadere informatie

Hogeschool Rotterdam. Maritiem Officier

Hogeschool Rotterdam. Maritiem Officier Hogeschool Rotterdam Maritiem Officier Netherlands Quality Agency (NQA) februari 2011 2/62 NQA audit Hogeschool Rotterdam, bestaande hbo-bacheloropleiding Maritiem Officier Managementsamenvatting Dit rapport

Nadere informatie

Hogeschool Zeeland. HBO-Bachelor Maritiem Officier

Hogeschool Zeeland. HBO-Bachelor Maritiem Officier Hogeschool Zeeland HBO-Bachelor Maritiem Officier Netherlands Quality Agency (NQA) oktober 2010 2/63 NQA - Hs. Zeeland: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Maritiem Officier Managementsamenvatting Dit

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1. 1 INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.4 Onderwijs- en examenregeling... 4 2. TOELATING TOT DE OPLEIDING...

Nadere informatie

Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van de Hogeschool Drenthe

Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van de Hogeschool Drenthe College van Bestuur Hogeschool Drenthe Postbus 2080 7801 CB EMMEN Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van de Hogeschool

Nadere informatie

Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Positionering van de opleidingen De vergelijking met Vlaanderen

Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Positionering van de opleidingen De vergelijking met Vlaanderen Richtlijn beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Het is aan het beoordelingspanel om te bepalen of deze toelichting relevant is bij de beoordeling van de onderhavige opleiding. Positionering

Nadere informatie

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool NAO nederlands- vlaamse accreditatieorganisatie Besluit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool Datum: 1 oktober

Nadere informatie

Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland

Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Toelichting beoordelingskader bij beoordeling postinitiële wo-master opleidingen in Nederland Het is aan het beoordelingspanel om te bepalen of deze toelichting relevant is bij de beoordeling van de onderhavige

Nadere informatie

PEER REVIEWS. Managementgroep Interactum September 2014

PEER REVIEWS. Managementgroep Interactum September 2014 PEER REVIEWS Managementgroep Interactum September 2014 Met peer review wordt een systeem bedoeld waarbij de betreffende opleidingen structureel gebruik maken van elkaars deskundigheid en elkaars critical

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek Studiejaar 2013-2014 Algemeen 1. Deze bijlage bij het algemene gedeelte van de Onderwijs- en examenregeling van Codarts is van toepassing

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen. Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen. Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING 2015-2016 Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte Deze onderwijs- en examenregeling (OER-FFTR) treedt

Nadere informatie

AVANS Hogeschool. HBO-Bachelor Civiele Techniek

AVANS Hogeschool. HBO-Bachelor Civiele Techniek AVANS Hogeschool HBO-Bachelor Civiele Techniek Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/57 NQA - Avans Hogeschool: audit bestaande hbo-bacheloropleidingen Civiele Techniek Managementsamenvatting

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Master leraar Algemene Economie Croho: 45275 deeltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie

Nadere informatie

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. HBO-Bacheloropleidingen Chemie Biologie en Medisch laboratoriumonderzoek

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. HBO-Bacheloropleidingen Chemie Biologie en Medisch laboratoriumonderzoek Hogeschool van Arnhem en Nijmegen HBO-Bacheloropleidingen Chemie Biologie en Medisch laboratoriumonderzoek Netherlands Quality Agency (NQA) september 2010 2/67 NQA - HAN: audit bestaande hbo-bachelor geclusterde

Nadere informatie

Besluit. Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus CA LEIDERDORP

Besluit. Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus CA LEIDERDORP Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor

Nadere informatie

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool Rotterdam. Postbus HA ROTTERDAM

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool Rotterdam. Postbus HA ROTTERDAM College van Bestuur Hogeschool Rotterdam Postbus 25035 3001 HA ROTTERDAM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Chemie van

Nadere informatie

Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs

Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs Handreiking bij het beoordelingskader voor het bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 12 november 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Handreiking voor specifieke invulling van de standaarden

Nadere informatie

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Gezondheid, Sport en Welzijn Masteropleiding Medical Imaging/ Radiation Oncology Verschillende studies laten zien dat de druk op de gezondheidszorg

Nadere informatie

Deze versie treedt in werking op 1 september 2016 en vervangt alle voorgaande versies.

Deze versie treedt in werking op 1 september 2016 en vervangt alle voorgaande versies. III FACULTEIT COMMUNICATIE EN JOURNALISTIEK Vastgesteld door de faculteitsdirectie op 14 maart 2016. Instemming van de facultaire medezeggenschapsraad op 4 juli 2016. Deze versie treedt in werking op 1

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 014-015 Master Pedagogiek CROHO-nummer 44113 deeltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1. Informatie en communicatie...

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 05-06 Master Pedagogiek CROHO-nummer 443 variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: Zorg en Welzijn Versie: Concept besproken met AO-M.Peda 8-4-5 / definitief

Nadere informatie

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool van Amsterdam. Postbus AX AMSTERDAM

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool van Amsterdam. Postbus AX AMSTERDAM College van Bestuur Hogeschool van Amsterdam Postbus 931 1000 AX AMSTERDAM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Media,

Nadere informatie

Bijlage 2. Protocol toetsing Associatedegreeprogramma. 15 december 2009

Bijlage 2. Protocol toetsing Associatedegreeprogramma. 15 december 2009 Bi Bijlage 2 Protocol toetsing Associatedegreeprogramma door de NVAO 15 december 2009 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Toets Associate-degreeprogramma in de hbo-bachelor 4 2.1 2.2 Criteria De status van de bacheloropleiding

Nadere informatie

Besluit. College van bestuur. Hanzehogeschool Groningen. Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN

Besluit. College van bestuur. Hanzehogeschool Groningen. Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN College van bestuur Hanzehogeschool Groningen Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Facility

Nadere informatie

OPSTELLEN EINDKWALIFICATIES OPLEIDING

OPSTELLEN EINDKWALIFICATIES OPLEIDING OPSTELLEN EINDKWALIFICATIES OPLEIDING MARIANNE KOK/HERBERT WOLDBERG/HVA Toelichting bij opt opstelellen van eindkwalificaties van een opleiding bij de HvA 1 Het opleidingsprofiel: De beroepspraktijk draagt

Nadere informatie

Bijlage A Competenties van de opleiding

Bijlage A Competenties van de opleiding Bijlage A Competenties van de opleiding A.1 Curriculum opleiding Werktuigbouwkunde Bouwstenen Stenden Hogeschool heeft de strategische keuze gemaakt om al haar opleidingen op te bouwen met behulp van (deels

Nadere informatie

Avans Hogeschool, Breda. HBO-Bachelor Technische Informatica

Avans Hogeschool, Breda. HBO-Bachelor Technische Informatica Avans Hogeschool, Breda HBO-Bachelor Technische Informatica Netherlands Quality Agency (NQA) Juli 2011 2/57 NQA Avans, Breda: Audit bestaande hbo-bacheloropleiding Technische Informatica Managementsamenvatting

Nadere informatie

De onderwijs- en examenregeling

De onderwijs- en examenregeling De onderwijs- en examenregeling Algemeen In de onderwijs- en examenregeling (OER) wordt informatie gegeven over het onderwijs van een opleiding of een groep van opleidingen. Heeft de OER betrekking op

Nadere informatie

HBO Bedrijfskunde Bachelor of Business Administration (BBA)

HBO Bedrijfskunde Bachelor of Business Administration (BBA) HBO Bedrijfskunde Bachelor of Business Administration (BBA) HBO Bedrijfskunde Academie Mercuur en AdviCo verzorgen in samenwerking met Hogeschool SDO de opleiding HBO Bachelor Bedrijfskunde. Het programma

Nadere informatie

(versie d.d. 28 september 2005) Protocol toetsing kort programma in de hbo-bacheloropleiding door de NVAO 13 september 2005

(versie d.d. 28 september 2005) Protocol toetsing kort programma in de hbo-bacheloropleiding door de NVAO 13 september 2005 (versie d.d. 28 september 2005) Protocol toetsing kort programma in de hbo-bacheloropleiding door de NVAO 13 september 2005 Parkstraat 28 Postbus 85498 2508 CD Den Haag P.O. Box 85498 2501 CD The Hague

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Bachelor MARITIEM OFFICIER 34384 variant: voltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie

Nadere informatie

Kwaliteitscode - Vlaanderen 2015-2017

Kwaliteitscode - Vlaanderen 2015-2017 Kwaliteitscode - Vlaanderen 2015-2017 Situering van de Kwaliteitscode Afstemming op Europese referentiekaders De regie-pilots De uitgebreide instellingsreview In de periode 2015-2017 krijgen de universiteiten

Nadere informatie

Besluit. Aan het bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen b.v. (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP

Besluit. Aan het bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen b.v. (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Aan het bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen b.v. (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding

Nadere informatie

NHL Hogeschool. HBO-Bachelor: Cluster Bouwkunde, Civiele Techniek & Verkeerskunde

NHL Hogeschool. HBO-Bachelor: Cluster Bouwkunde, Civiele Techniek & Verkeerskunde NHL Hogeschool HBO-Bachelor: Cluster Bouwkunde, Civiele Techniek & Verkeerskunde Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/61 NQA audit bestaande hbo-bacheloropleidingen Bouwkunde, Civiele Techniek

Nadere informatie

Management & Organisatie

Management & Organisatie Management & Organisatie Algemeen De opleiding Bedrijfskunde MER (deeltijd) wordt verzorgd door het Instituut voor Bedrijfskunde, Hanzehogeschool Groningen. Steeds meer krijgen organisaties te maken met

Nadere informatie

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2015-2016

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2015-2016 10 FACULTAIRE OER: FACULTEIT COMMUNICATIE EN JOURNALISTIEK Vastgesteld door de faculteitsdirecteur op 2 maart 2015 Met nstemming van de facultaire medezeggenschapsraad A. Nadere facultaire invulling van

Nadere informatie

2. Selectie van studenten geschiedt op basis van een oordeel over de volgende kerncompetenties van belangstellenden:

2. Selectie van studenten geschiedt op basis van een oordeel over de volgende kerncompetenties van belangstellenden: Opleidingsspecifieke deel OER, 2017-2018 Opleiding / programma: Theologie en Religiewetenschappen Programma: Religie en Samenleving Artikel Tekst 2.1 Toelatingseisen opleiding 1. Voor toelating tot de

Nadere informatie

MBO HBO. Maritieme techniek. Deeltijdopleidingen voor professionals WWW.STC-GROUP.NL

MBO HBO. Maritieme techniek. Deeltijdopleidingen voor professionals WWW.STC-GROUP.NL MBO HBO Maritieme techniek Deeltijdopleidingen voor professionals WWW.STC-GROUP.NL DEELTIJD MBO- EN HBO-OPLEIDINGEN Nederlandse scheeps- en jachtwerven horen tot de absolute wereldtop. De voorsprong op

Nadere informatie

Fontys Hogescholen. Opleiding: Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (MBRT)

Fontys Hogescholen. Opleiding: Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (MBRT) Fontys Hogescholen Opleiding: Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken (MBRT) Netherlands Quality Agency (NQA) Juni 2010 2/67 Managementsamenvatting Dit rapport is het verslag van het auditteam

Nadere informatie

Hogeschool West-Nederland. HBO-Bacheloropleiding Tolk-Vertaler

Hogeschool West-Nederland. HBO-Bacheloropleiding Tolk-Vertaler Hogeschool West-Nederland HBO-Bacheloropleiding Tolk-Vertaler Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/57 NQA HWN: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Opleiding Tolk-Vertaler Managementsamenvatting

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016

Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016 Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016 Opleidingsdeel voor de bachelor lerarenopleidingen voortgezet onderwijs van Driestar hogeschool (onderdeel van Driestar educatief)

Nadere informatie

Besluit. College van Bestuur van de Hanzehogeschool Groningen Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN

Besluit. College van Bestuur van de Hanzehogeschool Groningen Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN College van Bestuur van de Hanzehogeschool Groningen Postbus 30030 9700 RM GRONINGEN Besluit datum 19 januari 2005 onderwerp Definitief besluit accreditatie hbo-bachelor Bouwkunde ons kenmerk NVAO/20050113/CT

Nadere informatie

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor HBO-ICT van Zuyd Hogeschool

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor HBO-ICT van Zuyd Hogeschool m a o r n e d e rla n d s- vlaam se a c c re d ita tie o rg a n is a tie es yit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor HBO-ICT van Zuyd Hogeschool datum 30 juni

Nadere informatie

Besluit. College van bestuur. Hogeschool Leiden. Postbus 382 2300 AJ LEIDEN

Besluit. College van bestuur. Hogeschool Leiden. Postbus 382 2300 AJ LEIDEN College van bestuur Hogeschool Leiden Postbus 382 2300 AJ LEIDEN Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Personeel en Arbeid

Nadere informatie

es luit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van de Hogeschool van Amsterdam

es luit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van de Hogeschool van Amsterdam m a o r nederlands - v/aamse accreditatieorganisatie es luit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van de Hogeschool van Amsterdam datum

Nadere informatie

CREATIng TOMORROw. HOgERE zeevaartschool AMsTERdAM. OplEIdIng MARITIEM OFFICIER. HvA TECHnIEK

CREATIng TOMORROw. HOgERE zeevaartschool AMsTERdAM. OplEIdIng MARITIEM OFFICIER. HvA TECHnIEK CREATIng TOMORROw 2013 2014 HOgERE zeevaartschool AMsTERdAM OplEIdIng MARITIEM OFFICIER HvA TECHnIEK HVA TECHNIEK MARITIEM OFFICIER 2013-2014 Maritiem Officier: de wereld ligt aan je voeten Dagelijks worden

Nadere informatie

Christelijke Hogeschool Windesheim. HBO-Bacheloropleiding Accountancy

Christelijke Hogeschool Windesheim. HBO-Bacheloropleiding Accountancy Christelijke Hogeschool Windesheim HBO-Bacheloropleiding Accountancy Netherlands Quality Agency (NQA) Juni 2011 2/60 NQA - Chr. Hs. Windesheim: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Accountancy Managementsamenvatting

Nadere informatie

NHL Hogeschool. HBO-Bachelor Communicatie

NHL Hogeschool. HBO-Bachelor Communicatie NHL Hogeschool HBO-Bachelor Communicatie Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/67 NQA - NHL Hogeschool: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Communicatie Managementsamenvatting Dit rapport

Nadere informatie

AVANS Hogeschool. HBO-Bachelor Bouwkunde en Bouwtechnische Bedrijfskunde

AVANS Hogeschool. HBO-Bachelor Bouwkunde en Bouwtechnische Bedrijfskunde AVANS Hogeschool HBO-Bachelor Bouwkunde en Bouwtechnische Bedrijfskunde Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/61 NQA - Avans Hs.: audit bestaande hbo-bachelor Bouwkunde en Bouwtechnische Bedrijfskunde

Nadere informatie

CREaTINg TOmORROw TECHNISCHE BEDRIJFSKUNDE. Hva TECHNIEK

CREaTINg TOmORROw TECHNISCHE BEDRIJFSKUNDE. Hva TECHNIEK CREaTINg TOmORROw 2013 2014 TECHNISCHE BEDRIJFSKUNDE Hva TECHNIEK HVA TECHNIEK TECHNISCHE BEDRIJFSKUNDE 2013-2014 Technische Bedrijfskunde: méér dan bedrijfskunde, méér dan techniek Bij de opleiding Technische

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING 2016-2017 Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen Master Filosofie () Deze onderwijs- en examenregeling (OER-FFTR) treedt in werking op 1 september 2016.

Nadere informatie

KO N I N K L I J K E V E R E N I G I N G VA N N E D E R L A N D S E R E D E R S

KO N I N K L I J K E V E R E N I G I N G VA N N E D E R L A N D S E R E D E R S KO N I N K L I J K E V E R E N I G I N G VA N N E D E R L A N D S E R E D E R S Werken op zee betekent: - De hele wereld zien. - Na de zeevaartschool ben je zeker van een baan. - Een hoog salaris. - Snel

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling

Onderwijs- en examenregeling Onderwijs- en examenregeling geldig vanaf 1 september 2017 Opleidingsspecifiek deel: Bacheloropleiding: Russische studies Deze onderwijs- en examenregeling is gebaseerd op de Wet op het hoger onderwijs

Nadere informatie

De NVAO beoordeelt het onderwerp doelstellingen opleiding derhalve voldoende.

De NVAO beoordeelt het onderwerp doelstellingen opleiding derhalve voldoende. College van Bestuur van de Christelijke Hogeschool Windesheim Postbus 10090 8000 GB ZWOLLE Besluit datum 10 februari 2005 onderwerp Definitief besluit accreditatie hbo-bachelor Bouwkunde van de Christelijke

Nadere informatie

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van Hogeschool Inholland

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van Hogeschool Inholland ,nvao F n e d e rla n d s- vlaam se a ccre d ita tie o rg a n is a tie Besluit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Toegepaste Wiskunde van Hogeschool Inholland

Nadere informatie

Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland

Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland 17 december 2015 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Wanneer een Toets Nieuwe Opleiding? 4 3 Werkwijze Toets Nieuwe Opleiding 5 4 Aanvraagdossier ten behoeve van

Nadere informatie

Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Bouwkunde van de Haagse Hogeschool

Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Bouwkunde van de Haagse Hogeschool College van bestuur Haagse Hogeschool Postbus 13336 2501 EH DEN HAAG Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Bouwkunde van

Nadere informatie

Concept. Algemene toelichting bij de Accreditatiekaders NOVA

Concept. Algemene toelichting bij de Accreditatiekaders NOVA Versie juli 2013 Concept Algemene toelichting bij de Accreditatiekaders NOVA Algemene toelichting bij de Accreditatiekaders April 2012 0 Inhoud Gebruikte begrippen en afkortingen... 2 Inleiding... 5 Opbouw

Nadere informatie

Hogeschool Zeeland. HBO Bachelor Bouwkunde

Hogeschool Zeeland. HBO Bachelor Bouwkunde Hogeschool Zeeland HBO Bachelor Bouwkunde Netherlands Quality Agency (NQA) November 2010 2/63 NQA Hs. Zeeland: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Bouwkunde Managementsamenvatting Dit rapport is het

Nadere informatie

Fontys Hogescholen. HBO-Bachelor Sociaal Pedagogische Hulpverlening

Fontys Hogescholen. HBO-Bachelor Sociaal Pedagogische Hulpverlening Fontys Hogescholen HBO-Bachelor Sociaal Pedagogische Hulpverlening Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, juli 2010 2/61 NQA Fontys Hogescholen: audit bestaande hbo-bachelor Sociaal Pedagogische Hulpverlening

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Master Leraar Algemene Economie CROHO: 45275 variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: IEC Versie: Concept besproken met kernteam 29-4-15 / definitief

Nadere informatie

2. Bevindingen met betrekking tot het VBI-rapport

2. Bevindingen met betrekking tot het VBI-rapport Hogeschool Dirksen B.V. De heer D. van der Mark, directeur Postbus 3090 6802 DB ARNHEM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor

Nadere informatie

hbo-opleiding Engineering - Werktuigbouwkunde

hbo-opleiding Engineering - Werktuigbouwkunde hbo-opleiding Engineering - Werktuigbouwkunde De beste manier om aan goed opgeleid hbo personeel te komen! Informatie en aanvragen Onno Niessen, Programmamanager Vanessa Fleuren, Start People M: 06 13

Nadere informatie

Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs

Toetsingskader nieuwe opleidingen hoger onderwijs Mededelingen OCenW Bestemd voor: instellingen voor hoger onderwijs Voorlichting Datum: 12 juni 2003 Kenmerk: WO/BS-2003/24136-I Datum inwerkingtreding: n.v.t. Geldigheidsduur beleidsregel: n.v.t. Juridische

Nadere informatie

Hogeschool Utrecht. Mondzorgkunde

Hogeschool Utrecht. Mondzorgkunde Hogeschool Utrecht Mondzorgkunde Netherlands Quality Agency (NQA) Juni 2010 2/59 NQA Hs. Utrecht: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Mondzorgkunde Managementsamenvatting Dit rapport is het verslag van

Nadere informatie

Rapport ten behoeve van Accreditatie hbo bachelor opleiding Ruimtelijke Ordening en Planologie voltijd en deeltijd

Rapport ten behoeve van Accreditatie hbo bachelor opleiding Ruimtelijke Ordening en Planologie voltijd en deeltijd Rapport ten behoeve van Accreditatie hbo bachelor opleiding Ruimtelijke Ordening en Planologie voltijd en deeltijd Saxion Hogeschool IJselland Instituut Ruimtelijke Ordening en Milieu Rapport ten behoeve

Nadere informatie

Protocol beoordeling experimenten flexibilisering. Uitwerking voor de experimenten leeruitkomsten en nieuwe onvolledige opleidingen.

Protocol beoordeling experimenten flexibilisering. Uitwerking voor de experimenten leeruitkomsten en nieuwe onvolledige opleidingen. Protocol beoordeling experimenten flexibilisering Uitwerking voor de experimenten leeruitkomsten en nieuwe onvolledige opleidingen 14 december 2015 Beoordelingskaders accreditatiestelsel 19 december 2014,

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling

Onderwijs- en examenregeling Onderwijs- en examenregeling geldig vanaf 1 september 2016 Opleidingsspecifiek deel: Bacheloropleiding: Engelse taal en cultuur Deze Onderwijs- en examenregeling is opgesteld overeenkomstig artikel 7.13

Nadere informatie

DEEL 3: VOOROPLEIDINGSEISEN EN EISEN PROPEDEUSE

DEEL 3: VOOROPLEIDINGSEISEN EN EISEN PROPEDEUSE Datum: 23.04.2014 Ingevuld door: Yvonne Smeets Faculteit: BÈTA Betreft opleiding(en): Built Environment DEEL 3: VOOROPLEIDINGSEISEN EN EISEN PROPEDEUSE Algemene bepaling De specifieke vooropleidingseisen

Nadere informatie

Artikel Tekst 2.1 Toelatingseisen opleiding Voor toelating tot de opleiding Mediastudies komt in aanmerking de bezitter van

Artikel Tekst 2.1 Toelatingseisen opleiding Voor toelating tot de opleiding Mediastudies komt in aanmerking de bezitter van Opleidingsspecifieke deel OER, 2016-2017 Opleiding / programma: Mediastudies/ Film- en televisiewetenschap; New Media and Digital Culture (voorheen Nieuwe media en digitale cultuur, see English EER) Artikel

Nadere informatie

Toelating tot de opleiding

Toelating tot de opleiding DEEL 3: Toelating tot de opleiding Algemene bepaling De specifieke vooropleidingseisen van elke opleiding zijn vermeld op de website van Zuyd Hogeschool bij de informatie van de desbetreffende opleiding

Nadere informatie

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2014-2015

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2014-2015 10 FACULTAIRE OER: FACULTEIT COMMUNICATIE EN JOURNALISTIEK Vastgesteld door de faculteitsdirecteur op 27 januari 2014 Instemming van de facultaire medezeggenschapsraad op..2014 A. Nadere facultaire invulling

Nadere informatie

Alliantie Kunsten Fontys Zuyd. Master Kunsteducatie

Alliantie Kunsten Fontys Zuyd. Master Kunsteducatie Alliantie Kunsten Fontys Zuyd Master Kunsteducatie Netherlands Quality Agency (NQA) Maart 2011 2/57 NQA audit bestaande hbo-masteropleiding Master Kunsteducatie Managementsamenvatting Dit rapport is het

Nadere informatie

ICLON Powerpoint sjabloon

ICLON Powerpoint sjabloon ICLON Powerpoint sjabloon Een voorbeeld van een ICLON presentatie Piet Presentator & Co Copresentator (ICLON) Coby Collega (Leiden University) Max Medewerker (Instituut voor Cooperatie) [Congresnaam, Plaats,

Nadere informatie

creating tomorrow Bouwkunde hva techniek

creating tomorrow Bouwkunde hva techniek creating tomorrow 2013 2014 Bouwkunde hva techniek HVA TECHNIEK bouwkunde 2013-2014 Bouwkunde: studeren in dé bouwplaats van Nederland Bouwkunde studeren in Amsterdam biedt veel uitdagingen. Want als er

Nadere informatie

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool Rotterdam. Postbus HA ROTTERDAM

Besluit. College van Bestuur. Hogeschool Rotterdam. Postbus HA ROTTERDAM College van Bestuur Hogeschool Rotterdam Postbus 25035 3001 HA ROTTERDAM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor Biologie

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Bachelor OCEAN TECHNOLOGY 34190 variant: voltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie

Nadere informatie

Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde

Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde Toelating Hbo-ba Verpleegkunde vs.29.10.2015 Pagina 1 1. Toelatingsbeleid 1.1 Officiële toelatingseisen Als voorwaarde voor toelating tot de

Nadere informatie

Technische Bedrijfskunde

Technische Bedrijfskunde Format samenvatting aanvraag macrodoelmatigheidstoets Associate Degree Technische Bedrijfskunde Algemeen Soort aanvraag (kruis aan wat van toepassing is): Naam instelling Contactpersoon/contactpersonen

Nadere informatie

STUDIEGIDS MASTER THEOLOGIE ALGEMEEN

STUDIEGIDS MASTER THEOLOGIE ALGEMEEN STUDIEGIDS MASTER THEOLOGIE ALGEMEEN Inhoud Eindkwalificaties... 2 Afstudeerrichtingen... 3 Structuur van de opleiding... 3 Beroepsperspectief... 3 Excellentietraject... 4 Toelating en inschrijving...

Nadere informatie

AVANS Hogeschool. Personeel & Arbeid s-hertogenbosch

AVANS Hogeschool. Personeel & Arbeid s-hertogenbosch AVANS Hogeschool Personeel & Arbeid s-hertogenbosch Netherlands Quality Agency (NQA) augutus 2010 2/64 NQA AVANS: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Personeel & Arbeid s-hertogenbosch Managementsamenvatting

Nadere informatie

Examenreglement 2014-2015

Examenreglement 2014-2015 Examenreglement 2014-2015 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Algemeen 3 Hoofdstuk 2 Toelating tot opleidingen en cursussen 4 Hoofdstuk 3 Onderwijsprogramma 5 Hoofdstuk 4 Getuigschrift 7 Hoofdstuk 5 Doel en vorm

Nadere informatie

Toelichting: tekst mag vervallen indien deze niet van toepassing is er moet een uitwerking worden opgenomen die specifiek is voor de opleiding

Toelichting: tekst mag vervallen indien deze niet van toepassing is er moet een uitwerking worden opgenomen die specifiek is voor de opleiding Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2013-2014 van Bacheloropleiding(en).. CROHO-nummer(s). Graad: Bachelor of. De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel van het opleidingsspecifieke

Nadere informatie

Hogeschool Rotterdam. HBO-Bachelor Logistiek en Economie Logistiek en Technische Vervoerskunde

Hogeschool Rotterdam. HBO-Bachelor Logistiek en Economie Logistiek en Technische Vervoerskunde Hogeschool Rotterdam HBO-Bachelor Logistiek en Economie Logistiek en Technische Vervoerskunde Netherlands Quality Agency (NQA) juli 2010 2/85 NQA - HRO: audit bestaande hbo-bacheloropleidingen LE en LTV

Nadere informatie

Besluit. College van Bestuur Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Postbus EJ ARNHEM

Besluit. College van Bestuur Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Postbus EJ ARNHEM College van Bestuur Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Postbus 5375 6802 EJ ARNHEM Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de opleiding hbo-bachelor

Nadere informatie

De NVAO heeft op 11 april 2005 een gesprek gevoerd met de LOI om over een aantal aspecten van de opleiding een nadere toelichting te krijgen.

De NVAO heeft op 11 april 2005 een gesprek gevoerd met de LOI om over een aantal aspecten van de opleiding een nadere toelichting te krijgen. Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de hbo-bachelor opleiding

Nadere informatie

Conceptkaders HBO5 3 november 2009

Conceptkaders HBO5 3 november 2009 Conceptkaders HBO5 3 november 2009 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Toetsing van tot HBO 5 om te vormen opleidingen 5 2.1 Opzet 5 2.2 Beoordelingskader voor tot HBO 5 om te vormen opleidingen 6 2.2.1 Basisgegevens

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling van de bacheloropleiding

Onderwijs- en examenregeling van de bacheloropleiding Faculteit der Exacte Wetenschappen Onderwijs- en examenregeling van de bacheloropleiding Bedrijfswiskunde en Informatica Deel B Preambule In dit document wordt een A en een B gedeelte onderscheiden. In

Nadere informatie

B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN

B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE MASTEROPLEIDING TAALWETENSCHAPPEN 90 EC PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN 2015-201 Deel

Nadere informatie

Hogeschool Zuyd. HBO Bachelor Information Management

Hogeschool Zuyd. HBO Bachelor Information Management Hogeschool Zuyd HBO Bachelor Information Management Netherlands Quality Agency (NQA) November 2010 2/63 NQA Hs. Zuyd: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Information Management Managementsamenvatting

Nadere informatie

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleiding: Elektrotechniek, hbo-bachelor; Croho: 34267 Varianten: voltijd/deeltijd Visitatiedatum: 27 mei 2008 Netherlands Quality Agency (NQA) Utrecht, september 2008

Nadere informatie

REGELING EN BEOORDELINGSKADER ACCREDITATIE BIJSCHOLINGSPROGRAMMA S GGZ AGOOG

REGELING EN BEOORDELINGSKADER ACCREDITATIE BIJSCHOLINGSPROGRAMMA S GGZ AGOOG REGELING EN BEOORDELINGSKADER ACCREDITATIE BIJSCHOLINGSPROGRAMMA S GGZ AGOOG Lange Voorhout 14 2514 ED Den Haag T (070) 30 66 800 F (070) 30 66 870 I www.hobeon.nl E info@hobeon.nl REGELING EN BEOORDELINGSKADER

Nadere informatie

Addendum beoordeling bestaande experimenten leeruitkomsten. 14 december Beoordelingskaders accreditatiestelsel 19 december 2014, versie 1.

Addendum beoordeling bestaande experimenten leeruitkomsten. 14 december Beoordelingskaders accreditatiestelsel 19 december 2014, versie 1. Addendum beoordeling bestaande experimenten leeruitkomsten 14 december 2015 Beoordelingskaders accreditatiestelsel 19 december 2014, versie 1.1 Inhoudsopgave 1 Addendum experiment leeruitkomsten 4 1.1

Nadere informatie

Hogeschool Rotterdam. HBO-Bachelor Informatica

Hogeschool Rotterdam. HBO-Bachelor Informatica Hogeschool Rotterdam HBO-Bachelor Informatica Netherlands Quality Agency (NQA) December 2010 2/67 NQA Hogeschool Rotterdam: audit bestaande hbo-bacheloropleiding Informatica Managementsamenvatting Dit

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Naam bachelor-opleiding volgens CROHO CROHO-nummer variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: Communicatie Versie: Definitief 27 mei 2015 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Universiteit van Amsterdam FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA

Universiteit van Amsterdam FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA Universiteit van Amsterdam FACULTEIT DER NATUURWETENSCHAPPEN, WISKUNDE EN INFORMATICA ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Voor de Bacheloropleidingen Bio-exact Natuurkunde en Sterrenkunde, Scheikunde, Wiskunde

Nadere informatie

Hogeschool INHOLLAND, School of Agriculture and Technology

Hogeschool INHOLLAND, School of Agriculture and Technology Hogeschool INHOLLAND, School of Agriculture and Technology Opleiding: Luchtvaarttechnologie, bachelor Variant: voltijd Visitatiedata: 5 en 6 april 2005 NQA (Netherlands Quality Agency) Utrecht, augustus

Nadere informatie

Opleiding Informatica

Opleiding Informatica Studentenstatuut opleidingsspecifiek deel 2014-2015 Opleiding Informatica Crohonummer: 34479 voltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater Studiejaar 2013-2014 1 Aanvulling OER 2012-2013 Muziektheater Inhoud en opbouw van het studieprogramma van de Muziektheaterafdeling

Nadere informatie

De NVAO heeft op 11 april 2005 een gesprek gevoerd met de LOI om over een aantal aspecten van de opleiding een nadere toelichting te krijgen.

De NVAO heeft op 11 april 2005 een gesprek gevoerd met de LOI om over een aantal aspecten van de opleiding een nadere toelichting te krijgen. Aan het Bestuur van de Leidse Onderwijsinstellingen (LOI) Postbus 4200 2350 CA LEIDERDORP Besluit Besluit strekkende tot een positieve beoordeling van een aanvraag om accreditatie van de hbo-bachelor opleiding

Nadere informatie