Export houtige biomassa uit Nederland

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Export houtige biomassa uit Nederland"

Transcriptie

1 Onderzoek naar huidige situatie en achtergrond April 2010 Uitgevoerd door: In opdracht van: Arjen de Jong Jeroen Keijmel Peter Goudswaard J.A.M. Mourits Tel.: Fax.: Ministerie van LNV Projectnummer:

2 VOORWOORD Wij willen de volgende personen graag bedanken voor hun bijdrage aan dit rapport in de vorm van een interview: o H. Wanningen - Staatsbosbeheer o H. Langkamp - Bruins en Kwast o C. Boon - Algemene Vereniging voor Inlands Hout o N. Leek - Stichting Probos o T. Beeks - Biomassa Stroomlijn (Van Gansewinkel Groep) o P. Heuts - Atterro (voorheen Essent Milieu) o B. Makkinga - VAR o J. van Steenis - Agentschap NL Pagina a

3 INHOUDSOPGAVE Samenvatting/Voorwoord... a 1. Inleiding Onderscheid naar type biomassa Inschatting volumes export Toepassing in het buitenland Achtergrond van export Initiatiefase Beschikbaarheid Subsidieregeling Voorspelbaarheid Subsidieregeling Imago betrouwbare overheid Projectrealisatie/Doorlooptijd Vergunningen en doorlooptijd Investering Afvalwetgeving Emissiewetgegeving en rookgasreiniging Operationele fase Warmtebenutting Hoogte van de subsidie Duur van de subsidie Conclusies en aanbevelingen Conclusies Aanbevelingen...11 bijlagen... 1

4 1. INLEIDING Vanuit verschillende segmenten van de Nederlandse samenleving wordt gesignaleerd dat een deel van de in Nederland beschikbare biomassa naar het buitenland wordt getransporteerd. Deze export werkt mogelijk beperkend in het streven van de Nederlandse overheid om een deel van de Nederlandse energievoorziening door middel van bio-energie te verduurzamen. Het is op dit moment onduidelijk wat de omvang en drijfveren van deze export zijn. Het Ministerie van LNV heeft Cogen Projects daarom gevraagd te inventariseren wat de hoeveelheden zijn van Nederlandse houtige biomassa die naar het buitenland worden geëxporteerd. Daarbij is gekozen om uitsluitend te kijken naar de export die naar Duitsland plaatsvindt. Naast de omvang van de verschillende type houtachtige stromen zal ook worden gekeken naar verklaringen voor deze export. Indien uit deze studie blijkt dat er een ongelijk speelveld tussen Nederland en Duitsland bestaat voor de toepassing van houtige biomassa voor energie, zullen er ook aanbevelingen worden gedaan om dit speelveld gelijk te trekken. Zodoende krijgt de toepassing van bio-energie, als belangrijke toekomstige bron van duurzame energie, ook in Nederland een goede kans om zich te ontwikkelen. In hoofdstuk 2 wordt allereerst de verschillende houtige biomassastromen gecategoriseerd, waarna in hoofdstuk 3 en 4 per categorie de export wordt bepaald en verschillende toepassinggebieden worden benoemd. In hoofdstuk 5 worden de drijvende krachten achter de export benoemd gevolgd door conclusies en aanbevelingen in hoofdstuk ONDERSCHEID NAAR TYPE BIOMASSA Hout of houtige biomassa beslaat een brede groep van grondstoffen. Deze stromen onderscheiden zich door verschillende kwaliteiten, prijzen, bronnen (en daarmee beschikbare hoeveelheden. Houtige biomassa die voor energietoepassing in aanmerking komt, is te onderscheiden in ruwweg drie stromen: 1. Primair: Hout dat rechtstreeks wordt geoogst, hierna te noemen vers resthout. 2. Secundair: hout dat bij de verwerking van rondhout vrij komt uit de houtindustrie (bv. Zagerijen) 3. Tertiair: gebruikt hout. Hout voor energietoepassingen kan in principe uit alle drie de stromen worden gewonnen. Hieronder zullen de verschillende houtstromen nader worden toegelicht. Primair hout of vers resthout heeft verschillende oorsprongen: o Uit productiebossen die geoogst worden voor rondhout. Hierbij wordt naast het rondhout, het top- en takhout geoogst voor energieproductie. o Uit lanen, perken en langs wegen. Dit wordt snoeihout genoemd. o Houtachtige component uit ingezameld GFT, al dan niet gescheiden na de composteerstap op voor de composteerstap. Dit wordt zeefoverloop genoemd. Secundaire houtstroom kan worden opgedeeld in zaagsel en stukken afvalhout. Zaagsel kan in een pelletfabriek opgewerkt kan worden tot energiepellets en de stukken kunnen (soms na verkleining tot chips) worden ingezet voor energietoepassingen of industrie Pagina 1

5 Tertiar hout of gebruikt afvalhout is afkomstig van houtproducten en is afhankelijk van de hoeveelheid verontreinigingen op te delen in drie klassen: o A-hout: onbehandeld hout o B-hout: geverfd, gelakt of verlijmd hout, zoals bijvoorbeeld gelakte kozijnen of spaanplaat o C-hout: verduurzaamd hout, deze stroom is het meest lastig te verwerken door aanwezigheid van onder andere kopen en chroom 3. INSCHATTING VOLUMES EXPORT 2009 Allereerst willen we met deze studie vaststellen of de export naar Duitsland een significante impact heeft op de beschikbaarheid van houtige biomassa in Nederland. De bedoeling is niet geweest om exact vast te stellen wat de hoeveelheden zijn, die beschikbaar zijn en geëxporteerd worden. Hiervoor hebben we eerst een overzicht gemaakt van het jaarlijkse beschikbare hout per type in Het aandeel export is bepaald op basis de exportstudies over het jaar 2007 van Probos en vervolgens getoetst in interviews met partijen uit de markt met hun ervaring over de afgelopen jaren 1. Met name voor de beschikbaarheid van verse houtstromen is gebruik gemaakt van inschattingen uit Koppejan2009. In Tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de beschikbare houtstromen in Nederland met een inschatting van het aandeel dat naar Duitsland wordt geëxporteerd. Tabel 1: Overzicht van beschikbare houtstromen in Nederland (wat in NL beschikbaar komt, exclusief import, natte stof) (bron: Koppejan en Probos ). Type biomassa Beschikbaar (Natte stof) Indicatie export naar Duitsland Vers hout en zeefoverloop kton 60 % Secundair resthout 640 kton 30 % A-hout 40 % B-hout kton 50 % C-hout 100 % Uit Tabel 1 is af te lezen dat een groot deel van het Nederlandse hout naar Duitsland wordt geëxporteerd. Voor Secundair resthout is dit relatief weinig (30%), vers hout een veel groter aandeel (60%), terwijl tertiair C-hout zelfs volledig wordt geëxporteerd. De export van houtige biomassa naar Duitsland heeft dus een significante impact op de beschikbaarheid daarvan in Nederland. In de volgende paragraaf zal worden ingegaan op de toepassingsgebieden van deze stromen om te bepalen wat de achter liggende drijfveren zijn van de export. 1 Kwalitatief hoog rondhout is niet opgenomen in dit overzicht 2 Beschikbaarheid van Nederlandse Biomassa voor elektriciteit en warmte in 2020, Procede Biomassa, Koppejan, De markt van gebruikt hout en resthout in 2007, Probos, Leek, Pagina 2

6 Pagina 3

7 4. TOEPASSING IN HET BUITENLAND Houtige biomassa heeft verschillende toepassingen met elk een verschillende marktwaarde. Om de achtergrond van de export vast te stellen is het dus van belang om te weten voor welke toepassing de houtige biomassa wordt ingezet. In Tabel 2 is een overzicht gegeven van toepassinggebieden van Nederlands hout in het buitenland en een indicatie van de omvang van de stromen. Tabel 2: Toepassingsgebieden van Nederlands hout in het buitenland. Categorie Energietoepassing Product Afkomst AVI Bij- en meestook Vers resthout (primair) Industrieel resthout (secundair) Gebruikt hout (tertiair) WKK & warmte (BEC s) Papier & plaat Tak- Tophout XX X Snoeihout en XX zeefoverloop Stukhout/chips X X X Zaagsel, X XX pellets, A-hout X XX B-hout 4 X X X C-hout X Wat opvalt is dat een groot deel van de export van de Nederlandse houtige biomassa wordt ingezet voor energietoepassingen in Duitsland. Het veelvuldige gebruik in Biomassa-Energie Centrales (BEC s) komt ook duidelijk uit de interviews naar voren. Opvallend is ook de verwerking van C-hout, dat voor 100% wordt geëxporteerd en ingezet in speciale Duitse verbrandingsinstallaties. Secundair resthout wordt voornamelijk toegepast in bij- en meestook en de papier en plaatindustrie. In Nederland wordt bij- en meestook op verschillende plaatsen toegepast en de papier en plaatindustrie is goed vertegenwoordigd. Het aandeel export is daarom relatief laag. Zeker gezien het feit dat dit resthout betreft dat oorspronkelijk (voor industriële verwerking) vaak is geïmporteerd. Het heeft dus vaak geen Nederlandse oorsprong. De overige stromen, A- en B-hout en vers resthout wordt voor een groot deel naar Duitsland geëxporteerd (40-60%). Bij met name het verse resthout is de toepassing voornamelijk BEC s, terwijl voor A- en B-hout de papier- en plaatindustrie ook belangrijke afnemers zijn. In Nederland wordt de energietoepassing van A- en B- hout voornamelijk ingevuld door 4 grote installaties (Twence, HVC, AVR en bijstook in de Amercentrale, totaal ~560 kton) Het gebruik van houtige biomassa in Biomassa-Energie Centrales (BEC s) kan de export van vers- en A/B-hout voor een groot deel verklaren. De Duitse BEC s hebben de afgelopen 4 Er is een duidelijk verschil tussen B-houtverwerking in Duitsland en Nederland. In Nederland wordt dit nog vaak verwerkt in AVI s, terwijl B-hout in Duitsland wordt verbrand in dedicated afvalhoutcentrales die onder EEG op het net elektriciteit invoeden Pagina 4

8 jaren een grote groei doorgemaakt. Uit het nagaan van een grote BEC-leverancier in Duitsland blijkt dan ook dat er in de periode 2002 tot 2009, door deze organisatie alleen al, zo n 25 WKK s en 15 grote ketelinstallaties op houtige biomassa zijn geïnstalleerd in Duitsland. In het volgende hoofdstuk zal nader worden ingegaan op randvoorwaarden die de export van houtachtige biomassa naar Duitse BEC s verklaren. 5. ACHTERGROND VAN EXPORT In het voorgaande hoofdstuk is vastgesteld dat Biomassa-Energie Centrales (BEC s) een aanzienlijke invloed hebben op de export van hout naar Duitsland. Aan de hand van vier projectfasen van een BEC zal hiervoor een verklaring worden gezocht. Deze projectfasen hebben allemaal invloed op de vraag naar biomassa en de prijs ervan. We beschouwen de volgende projectfasen: o Initiatiefase o Realisatiefase o Investeringsfase o Operationele fase Per fase zullen de verschillen worden uitgelicht. 5.1 Initiatiefase In de initiatiefase kijkt een ondernemer naar de randvoorwaarden voor een BEC om een inschatting te maken of een overstap naar deze techniek mogelijk is Beschikbaarheid Subsidieregeling De beschikbaarheid van een subsidieregeling voor BEC s verschilt sterk tussen Duitsland en Nederland. In Duitsland geldt het EEG (Erneubaren-Energien-Gezetz). In het Duitse EEG systeem wordt de duurzame toeslag betaald door de gebruikers van de elektriciteit (de Duitse consument). Deze financieringsvorm geeft een grote mate van zekerheid over de beschikbaarheid van fondsen voor nieuwe projecten. In Nederland is de beschikbaarheid van een subsidie niet constant geweest. In augustus 2006 werd de MEP regeling gestopt, het heeft tot maart 2008 geduurd voordat er een vervanging was. Nu wordt in Nederland de productie van duurzame elektriciteit gesubsidieerd via de SDE (Stimulering Duurzame Energie). In Nederland worden voor de SDE per categorie budgetten beschikbaar gesteld. De afgelopen jaren beschikbare budgetten en subsidieaanvragen voor elektriciteitsproductie uit biomassa zijn in Tabel 3 weergegeven. De in 2008 geboden hoogte van de subsidie (per kwh) is door de markt ontvangen als onvoldoende om projecten te realiseren. Hierdoor was er voldoende budget, echter waarschijnlijk wordt slechts een klein deel van de beschikte projecten ook echt uitgevoerd Pagina 5

9 Tabel 3: Overzicht van beschikbare budget en aanvragen van de categorie biomassa voor elektriciteitsopwekking. * Budgetten na toevoeging extra budget. Jaar Budget (mln.) Aanvragen (mln.) ,-* Voldoende budget ,-* 2.100, , ,- In 2009 en 2010 zijn er forse overtekening van het budget, waardoor hebben ondernemers die een project initiëren geen zekerheid. Het doen van investeringen in de projectontwikkeling en vergunningaanvraag is hierdoor voor ondernemers weinig aantrekkelijk en dat schrikt af. Het beperkte budget levert tevens een limiet op in de snelheid waarmee de transitie verloopt. Door het verschil in beschikbare subsidies kunnen er per jaar in Duitsland meer projecten van de grond af komen en worden initiërende ondernemers niet afgeschrikt en afgeremd. De vergistingsroute maakt aanspraak op hetzelfde subsidiebudget, daarom is dit knelpunt ook voor deze route van belang Voorspelbaarheid Subsidieregeling De hoogte van de SDE regeling wordt in Nederland jaarlijks 1 à 2 maanden voor het opengaan van de regeling vastgesteld. De Duitse EEG regeling is in de wet verankerd en geeft invoeders van duurzame projecten daarmee zekerheid over de hoogte van de subsidie. De bedragen (per kwh) in de EEG zijn in 2004 reeds vastgesteld voor projecten die de komende jaren in bedrijf komen. Dit geeft ondernemers en projectontwikkelaars in Duitsland meer zekerheid over de toekomstige rentabiliteit van hun project. In Nederland dienen vergunningen en financiering in projecten te worden gerealiseerd, met de daarbij behorende investering, terwijl er geen zekerheid is over de hoogte van het subsidiebedrag (per kwh) dat gegeven gaat worden Imago betrouwbare overheid In Duitsland is de EEG onderdeel van de wet, de bedragen zijn voor lange tijd vastgesteld en bij productie is de subsidie gegarandeerd. In Nederland is de huidige regeling minder robuust gezien de in de twee vorige paragrafen beschreven items. Tevens bestond er voor augustus 2006 de MEP regeling. De rijksoverheid stopte in 2006 deze regeling omdat de doelstelling (9% duurzame elektriciteitsproductie) gehaald zou worden met de beschikkingen die tot dat moment waren afgegeven. Deze maatregel is als een schok door de biomassa wereld gegaan en er wordt de rijksoverheid onbetrouwbaarheid verweten. Het duurde meer dan twee jaar voordat er opnieuw een acceptabel subsidiebedrag beschikbaar was (hoogte SDE subsidie 2008 werd door de markt als onvoldoende beschouwd). Het intrekken van de subsidieregelingen geeft de overheid een onbetrouwbaar imago gegeven rond dit onderwerp. Recent ( ) heeft de Minister van EZ in De Volkskrant signalen afgegeven waarin zij openlijk twijfelt aan het op deze manier voortzetten van het stimuleringskader van duurzame energie. Het imago van een onbetrouwbare overheid heeft een vergelijkbare invloed op de vergistingsroute Pagina 6

10 5.2 Projectrealisatie/Doorlooptijd Vergunningen en doorlooptijd De doorlooptijd van een biomassa project dat gerealiseerd wordt, is veel langer dan van conventionele decentrale energiesystemen, zoals WKK s op aardgas. Hiervoor zijn twee belangrijke redenen aan te dragen. Het verkrijgen van milieu en bouwvergunning duurt langer door onder andere onbekendheid bij ambtenaren en het ontbreken van een standaardplek in de regelgeving. Zo is er bijvoorbeeld voor aardgasmotoren een vaste plek in de glastuinbouw zoals geregeld in het glastuinbouwbesluit/activiteitenbesluit. Verder geldt dat er voor BEC s de bestemming energieopwekking opgenomen moet zijn in een bestemmingsplan. Indien dit niet het geval is moet het bestemmingsplan worden gewijzigd, wat niet altijd lukt en de doorlooptijd verlengt. Een tweede oorzaak van lange doorlooptijd is de getrapte constructie in de realisatie. Voordat SDE subsidie kan worden aangevraagd dient een ondernemer te beschikken over een bouw- en milieuvergunning (en vanaf 2010 dient ook de financiële haalbaarheid te onderbouwen). De SDE subsidie gaat slechts 1 keer per jaar open, waardoor vergunde en gefinancierde projecten 1 tot 12 maanden op de plank liggen te wachten voordat de regeling opengesteld wordt. Na indienen duurt het nog een aantal (~3) maanden voordat bekend is of de subsidie is beschikt. Het realiseren van een biomassa gestookte installatie is hierdoor tijds- en arbeidsintensief. De kosten voor de initiatiefase (vergunning en subsidieaanvraag) lopen op tot Dit schrikt af met name doordat na deze investering de ondernemer in de loting voor de subsidieregeling terecht komt. Projecten in Nederland komen hierdoor moeizaam van de grond en dit leidt tot een lage vraag naar hout. Het is nog niet duidelijk hoe deze situatie zich precies verhoudt tot Duitsland. Er zijn signalen dat het tijdsbeslag van de vergunningaanvraag vergelijkbaar is met de situatie in Nederland. De getrapte doorlooptijd van de SDE bestaat in Duitsland niet. Als kanttekening bij deze paragraaf willen we opmerken dat de lange doorlooptijden van de huidige SDE een beperkte oorzaak zijn van de lage vraag naar hout vanuit Nederland. Dit omdat ook na beschikking van SDE installaties nog minimaal een jaar nodig hebben voordat deze gebouwd zijn. Projecten uit SDE 2009/2010 zijn dan ook nog niet operationeel. Wel vertraagt het de transitie in het algemeen. De lange doorlooptijd en getrapte opzet van vergunningen en subsidie gelden als een vertragingsfactor voor vergistingsprojecten. 5.3 Investering Afvalwetgeving Door verschillende respondenten wordt aangegeven dat de Nederlandse afvalwetgeving belemmerend zou zijn omdat sommige houtige biomassastromen als afval worden aangemerkt. Zo is bekend dat gechipt tak en tophout, dat vrijkomt bij snoeiactiviteiten uit gemeenten, als afval worden aangemerkt. De redenering is hier dat het een restproduct is van een hoofdproduct (de snoeiwerkzaamheid ), waardoor het als afval wordt aangemerkt. Wordt er Pagina 7

11 echter een bos geoogst voor energietoepassingen, dan worden deze zelfde houtchips niet als afval maar als product gezien. Door dit definitieverschil kunnen er verschillen ontstaan ten aanzien van de emissiewetgeving. In Nederland bestaat er voor afvalverbranding een andere emissie- en meetrichtlijn dan voor niet afval. In de praktijk leidt dit tot een grijs gebied, het verdient dan ook de aanbeveling hier in een vervolgtraject dieper op in te gaan Emissiewetgegeving en rookgasreiniging Emissie-eisen van BEC s zijn in Nederland en Duitsland erg verschillend. Zo wordt in Nederland gestuurd op NO x, SO x en fijnstof. In Duitsland worden eisen opgelegd op het gebied van Fijnstof en CO. De eisen voor SO x en CO leveren geen knelpunt op, terwijl de eisen voor NO x en fijnstof in de praktijk leiden tot meerinvesteringen. In Tabel 4 zijn daarom uitsluitend de voor de investering relevante normen weergegeven. Tabel 4: Emissiewaarden voor BEC s op houtige biomassa in Duitsland en Nederland vergeleken, situatie vanaf 2 de kwartaal Vanaf 2de KW 2010 NOx 6% O2] Stof 6% O2] Brandstofklasse DU NL DU NL Verse houtchips Van kw en A - Hout kw MW - 5 MW MW - 50 MW B -Hout 0-20 MW MW In Nederland is de verbranding van verse houtchips en A-hout geregeld in de BEMS (hiervoor BEES-B), de verbranding van B-hout valt onder de BVA. Deze laatste is strenger als het gaat om het monitoren van de rookgasstromen, wat tot extra kosten leidt. In Duitsland zijn de emissie-waarden opgenomen in de Verordnung über kleine und mittlere Feuerungsanlagen (1. BImSchV) Voor de installaties die nu worden neergezet geldt dat de gehanteerde norm voor fijnstof vanaf 500 kw opgesteld vermogen tot extra investeringskosten leidt. Vanaf 5MW opgesteld vermogen komt hier nog een additionele investering in een SNCR bij. Voor een installatie van ~10MW th op verse houtchips betekent dit bijvoorbeeld, een extra-investering ~ ,- of ~7-8% op de totaalinvestering. Er bestaat nu dus geen gelijk speelveld op het gebied van emissies en een verbetering van deze situatie wordt nog niet voorzien. In Duitsland worden na 2015 de normen aangescherpt voor fijnstof (188 wordt 38 mg/m 3 ), wat ook daar tot extra investeringen zal leiden. Een Duitse eis aan NO x blijft echter uit, terwijl voor Nederland deze eis waarschijnlijk verder wordt verlaagd. De inschatting van Cogen Projects is dan ook dat er ook vanaf 2015 op gebied van emissie-eisen geen gelijk speelveld bestaat tussen Nederland en Duitsland Pagina 8

12 5.4 Operationele fase Warmtebenutting In Duitsland is de aardgaspenetratie lager dan in Nederland, er wordt daarentegen meer gebruik gemaakt van warmtenetten waarbij restwarmte vanuit bijvoorbeeld bruinkoolcentrales wordt geleverd aan steden. Door de beschikbaarheid van warmtenetten zijn Hout WKK s en ketelsystemen met warmtebenutting sneller te realiseren en te implementeren in deze bestaande infrastructuur. Door de verwaarding van de restwarmte die bij duurzame elektriciteit vrij komt kan een hoge prijs voor hout worden betaald. Ook biedt het Duitse subsidiesysteem EEG sinds 2004 een warmte-bonus (zie paragraaf 5.4), binnen de SDE is sinds 2009 een warmtebonus opgenomen. Tevens is aan de levering op stadsverwarmingsnetten vaak een leveringsverplichting gekoppeld, waardoor bij lange koude winters er schaarste in de houtmarkt optreed en prijzen oplopen. Dit effect is in de lange winter van waargenomen Hoogte van de subsidie In een investeringsafweging is de hoogte van de subsidie van groot belang. Een relatief klein verschil in subsidie kan al een grote invloed hebben op de koopkracht die BEC s hebben voor het aankopen van hout. In de bijlagen is een overzicht gegeven van de beschikbare subsidie op BEC s gebaseerd op houtverbranding voor Nederland en Duitsland. Deze subsidieprijzen zijn omgerekend naar subsidie per ton hout. De verschillen in subsidiebedragen per ton hout worden voor de periode 2000 tot en met 2010 in Tabel 5 gepresenteerd. Er is gekozen voor een historische analyse, omdat de regelingen uit het verleden gelden voor installaties die nu in bedrijf zijn. Deze installaties bepalen de huidige prijzen op de houtmarkt en verklaren deels de export naar Duitsland. Tabel 5: Koopkracht verschil voor aankoop van vers resthout veroorzaakt door verschil in hoogte van de subsidieregelingen in Nederland en Duitsland 5. De vermogensranges representeren het opgesteld elektrisch vermogen van een installatie Opmerking: positieve verschilbedragen in Tabel 5 reflecteren een hogere subsidie in Nederland, negatieve bedragen een hoger subsidieniveau in Duitsland. De volgende verschillen tussen Nederland en Duitsland worden geconstateerd: o In Duitsland is eerder met stimulering gestart (2000) dan in Nederland (2003) 5 Aangenomen elektrisch rendement 20%, hout met 45% vocht Pagina 9

13 o o o o o Met de afschaffing de MEP regeling (augustus 2006) was er 1,5 jaar in Nederland geen stimulering beschikbaar. De hoogte van de stimulering is in Nederland minder constant dan in Duitsland. In Duitsland is in 2004 een warmtebonus ingevoerd, die in 2009 is verhoogd. In Nederland is in 2009 een warmtebonus ingevoerd. Bij BEC s met warmtebenutting is het subsidieniveau in Duitsland structureel hoger dan in Nederland. Met uitzondering van Transportkosten van hout naar Duitsland liggen (afhankelijk van de afstand) in de ordegrootte van /ton. Het stimuleringsverschil is alleen in de jaren 2004 en 2008 groot genoeg om deze transportkosten te kunnen betalen. In de andere jaren is het stimuleringsverschil niet groot genoeg.. Concluderend kan worden dat het verschil in hoogte van de subsidie significant is, maar niet de enige reden voor houtexport naar Duitsland. Het ontbreken van een regeling over in totaal 4,5 jaar van de afgelopen 10 jaar, wisselingen in de hoogte van de subsidie in Nederland en de latere introductie van een warmtebonus, zijn ons inziens een veel belangrijkere reden voor het verder ontwikkeld zijn van de Duitse houtmarkt voor bioenergie. Een belangrijk en positief gegeven voor de toekomst is dat het huidige subsidieniveau in Nederland (SDE2010) op juiste hoogte 6 ligt om te kunnen concurreren met de Duitse markt Duur van de subsidie De Nederlandse MEP-subsidie ( augustus 2006) had een looptijd van 10 jaar, de huidige SDE regeling heeft een looptijd van 12 jaar. In Duitsland is de subsidietermijn 20 jaar. In Duitsland staan nu al installaties die geheel of bijna geheel zijn afgeschreven en nog jaren exploitatiesubsidie ontvangen binnen de EEG. Deze installaties hebben lage kapitaallasten en kunnen daardoor een meerprijs voor houtige biomassa betalen ten opzichte van installaties die pas gebouwd zijn. Door de lange tijdshorizon van de Duitse subsidie zal dit mechanisme nog een aanzienlijke periode invloed op de houtmarkt houden. Voor vergistingsprojecten geldt ook dat de subsidieduur in Duitsland langer is dan in Nederland. 6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 6.1 Conclusies Er kan geconcludeerd worden dat er een significant deel van de houtige biomassa (met name afvalhout en vers resthout) naar Duitsland wordt geëxporteerd. Een belangrijke drijvende kracht achter deze export is de grote aanwezigheid van Biomassa-Energie Centrales (BEC s) in Duitsland. Door verschillende factoren in Duitsland zijn deze installaties 6 Zonder rekening te houden met verschillen die voortkomen op andere gebieden zoals emissiewetgeving Pagina 10

14 in staat een goede prijs te betalen voor vers hout en afvalhout en is de Duitse houtmarkt simpelweg verder ontwikkeld. In deze studie zijn een aantal verschilfactoren tussen Nederland en Duitsland naar voren gekomen die export van hout verklaren. Deze factoren verklaren de grotere vraag naar houtige biomassa in Duitsland en het prijsniveau op de Duitse houtmarkt. Het gaat om de volgende factoren: 1. Subsidieregeling a. Betere voorspelbaarheid subsidieniveau b. Constanter subsidieniveau c. Betere beschikbaarheid van subsidie (zowel sneller beschikbaar als de kans op verkrijging) d. Langere subsidieduur in Duitsland 2. Warmtebenutting a. Grotere beschikbaarheid warmtenetten Duitsland b. Hogere warmtebenutting levert goede marktverwaarding hout Duistland. 3. Emissiewetgeving a. Strengere emissiewetgeving leid tot extra investeringskosten Nederland b. Emissiewetgeving voor vers hout, A-hout en B-hout is in Duitsland in één wettelijke norm vastgelegd. In Nederland word onderscheid gemaakt tussen afval en niet afval. Dit leidt tot minder flexibiliteit van vergunde installaties en verhoogde complexiteit van de vergunningen. 4. Ruimtelijke ordening a. BEC s hebben nog geen standaardplek in het Nederlandse ruimtelijkeordening-beleid b. Het verkrijgen van milieu en bouwvergunningen voor BEC s is veel tijds-, arbeids- en kapitaalsintensiever dan het realiseren van projecten op conventionele brandstoffen (bv. WKK of ketel op aardgas) Deze factoren hebben ervoor gezorgd dat in de afgelopen jaren de Duite BEC s een snelle groei hebben doorgemaakt terwijl in Nederland het aantal installaties zeer beperkt is gebleven. Ook het prijsniveau dat deze BEC s voor houtige biomassa kunnen accepteren heeft jarenlang hoger gelegen dan in Nederland. Daar is in 2010 een positieve verandering in gekomen maar de vraag is of dit afdoende is om de grote export van hout een halt toe te roepen. In deze studie is geen onderzoek gedaan naar de omvang en achtergronden van natte, vergistbare biomassastromen die naar het buitenland worden geëxporteerd. Er kan een duidelijke parallel worden getrokken tussen hout en natte biomassa voor vergisting. We zien wel grote vergelijkbare factoren. Het gaat in dat geval over zowel de voorspelbaarheid, continuïteit, beschikbaarheid als de subsidieduur. Of dit in de praktijk ook leid tot een significantie stroom biomassa naar Duitsland kan op basis van deze studie niet worden geconcludeerd. 6.2 Aanbevelingen Om in de toekomst een gelijk speelveld tussen de Nederlandse en Duitse BEC s te bewerkstelligen moet kritisch gekeken worden naar de genoemde verschilsituaties en de Pagina 11

15 mogelijkheden om deze op te heffen. We bevelen aan om de volgende situaties nader te onderzoeken: Aansturen op goede projecten Voor projecten met een naar de toekomst gerichte en robuuste economische exploitatie is warmtebenutting belangrijk. Door de hoge warmte/kracht verhouding van BEC s op houtige biomassa, levert een hoge warmtebenuttingsgraad veel extra inkomsten op. In toekomstige scenario s met stijgende (conventionele) commodityprijzen neemt de marktverwaarding snel toe, door stijgen van warmteprijzen. Dit zou kunnen worden gerealiseerd door het slim aanpassen van warmtebeloning in de stimuleringsmaatregelen en het ondersteunen van warmtenetten (op gebied ruimtelijke ordening, organisatie, perceptie consument). Optimaliseer het subsidiekader Het subsidiekader is vooralsnog een zeer belangrijke factor in het tot stand komen van projecten en voor de bepaling van biomassaprijzen. We zien de volgende mogelijkheden om het subsidiekader in Nederland te verbeteren: o Vasthouden van het huidige competitieve subsidieniveau. Daarbij met nog wel worden geëvalueerd welke kostprijsverschillen er voorkomen uit andere regelgeving zoals emissiewetgeving. o Verbeteren van de lange termijn voorspelbaarheid en betrouwbaarheid van de subsidieregeling bijvoorbeeld door wettelijke verankering (naar analogie met Duitsland). Het doorlopen van een kapitaalsintensief vergunningentraject dient te worden beloond met een positieve subsidiebeschikking. o Het realiseren van een continue openstelling van de stimuleringsregeling ten einde doorlooptijden te verkorten en de beschikbaarheid te verbeteren o Overwegen van langere termijn regelingen om installaties ook na 12 jaar operationeel te houden. Emissiewetgeving De rol van verschillen in emissiewetgeving tussen Nederland en omliggende landen zou geneutraliseerd moeten worden. Anders leidt emissiebeleid tot een blokkade op het duurzame energiebeleid. We zien hiervoor de volgende mogelijkheden: o De emissie-eisen voor houtige biomassa die onder afval en niet afval valt, vallen onder verschillende emissiewetgeving. Het onder één emissie regeling brengen van alle biomassa zou vergunningverlening kunnen vergemakkelijken. o Indien er in Nederland gekozen wordt voor een strikter emissieregime dan in omliggende landen dan zouden de mogelijkheden voor compensatie moeten worden overwogen. Ruimtelijke ordening Ten aanzien van ruimtelijke ordening (vergunningen): o Op dit moment is er geen speciale plek voor BEC s in activiteitenbesluiten, wat leidt tot lange doorlooptijden. Door BEC s een duidelijkere en vaste plak te geven in het ruimtelijke ordeningsbeleid zouden vergunningenaanvragen kunnen worden gestandaardiseerd en versneld. Dit leidt ook tot kostenbesparingen voor de vergunningsaanvraag (zowel bij de overheid als de aanvrager) Pagina 12

16 Vergistingsroute Over de omvang en het achterliggende mechanisme van vergistbare natte biomassa naar het buitenland kan op basis van deze studie geen conclusies worden getrokken. Verder onderzoek naar deze route verdient dan ook de aanbeveling Pagina 13

17 BIJLAGEN Tabel 6: Vergelijking subsidie op duurzame elektriciteit uit vaste biomassa tussen Duitsland en Nederland. Situatie zonder warmtebenutting. Nederlandse situatie Jaar Categorie\regeling Geen* Geen* Geen* MEP MEP MEP MEP Geen* SDE SDE SDE 0-10MW /MWh MW /MWh MW /ton 35,5 38,6 50,7 50,7 36,6 53,3 60, MW /ton 35,5 38,6 50,7 50,7 36,6 33,9 33,4 Duitse situatie Jaar Categorie\regeling EEG2000 EEG2000 EEG2000 EEG2000 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2009 EEG kw /MWh kw /MWh ,5-5 MW /MWh > 5 MW /MWh kw /ton 53,4 52,9 52,4 51,8 60,1 59,2 58,3 57,4 56,5 60,0 59, kw /ton 53,4 52,9 52,4 51,8 51,7 50,9 50,2 49,4 48,7 47,9 47,2 0,5-5 MW /ton 48,1 47,6 47,1 46,7 46,5 45,8 45,1 44,4 43,8 43,1 42,4 > 5 MW /ton 45,4 45,0 44,5 44,1 43,9 43,2 42,6 41,9 41,3 40,7 40,1 Koopkrachtverschil per ton hout van subsidieregelingen NL en DU (zonder warmtebenutting) 0,5-5MW /ton MW /ton MW /ton Toelichting: Bij SDE is van 50 /MWh grijze stroomprijs uitgegaan. * geen specifieke subsidie beschikbaar in NL. Koopkrachtverschil: NL minus DU, positief=hogere subsidie Nederland, negatief=hogere subsidie Duitsland. (gebaseerd op 20% elektrisch rendement en 9,4 GJ/ton hout) Pagina 1

18 Tabel 7: Vergelijking subsidie op duurzame elektriciteit uit vaste biomassa tussen Duitsland en Nederland. Situatie met warmtebenutting. Nederlandse situatie Jaar Categorie\regeling Geen* Geen* Geen* MEP MEP MEP MEP Geen SDE SDE SDE 0-10MW /MWh MW /MWh MW /ton 35,5 38,6 50,7 50,7 36,6 66,3 74, MW /ton 35,5 38,6 50,7 50,7 36,6 55,4 53,8 Duitse situatie Jaar Categorie\regeling EEG2000 EEG2000 EEG2000 EEG2000 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2004 EEG2009 EEG kw /MWh kw /MWh ,5-5 MW /MWh > 5 MW /MWh kw /ton 53,4 52,9 52,4 51,8 70,5 69,6 68,7 67,8 67,0 81,6 80, kw /ton 53,4 52,9 52,4 51,8 62,1 61,4 60,6 59,9 59,1 73,9 73,0 0,5-5 MW /ton 48,1 47,6 47,1 46,7 56,9 56,2 55,5 54,9 54,2 69,0 68,2 > 5 MW /ton 45,4 45,0 44,5 44,1 54,3 53,7 53,0 52,4 51,7 66,6 65,9 Koopkrachtverschil per ton hout van subsidieregelingen NL en DU (met warmtebenutting) 0,5-5MW /ton MW /ton MW /ton Toelichting: bij de SDE is van 50 /MWh grijze stroomprijs uitgegaan. * geen specifieke subsidie beschikbaar in NL. Toelichting koopkrachtverschil: NL minus DU, positief=hogere subsidie Nederland, negatief=hogere subsidie Duitsland.(gebaseerd op 20% elektrisch rendement en 9,4 GJ/ton hout) Pagina 2

Houtige biomassa: markt, kenmerken en aandachtspunten

Houtige biomassa: markt, kenmerken en aandachtspunten Houtige biomassa: markt, kenmerken en aandachtspunten Jan Oldenburger Inhoud Houtige biomassa? Kwaliteitsaspecten De markt Omvang Nederlandse markt Typering Prijzen Houtige biomassa? Houtige biomassa?

Nadere informatie

Stand van zaken bioenergie in Nederland subsidies en regelgeving

Stand van zaken bioenergie in Nederland subsidies en regelgeving Stand van zaken bioenergie in Nederland subsidies en regelgeving Kees Kwant Inhoud Doelstellingen duurzaam energiebeleid Energiesituatie in Nederland Ondersteuning vanuit SenterNovem (SDE, EOS, EIA, DEN-B)

Nadere informatie

Houtgestookte installaties in de Provincie Noord- Brabant: ervaringen met subsidiëring en vergunningverlening

Houtgestookte installaties in de Provincie Noord- Brabant: ervaringen met subsidiëring en vergunningverlening Houtgestookte installaties in de Provincie Noord- Brabant: ervaringen met subsidiëring en vergunningverlening Dirk van der Kroef Provincie Noord-Brabant Subsidieverlening Toepassing houtige biomassa als

Nadere informatie

Ontwerpregeling mep-subsidiebedragen voor afvalverbrandingsinstallaties

Ontwerpregeling mep-subsidiebedragen voor afvalverbrandingsinstallaties Regeling van de Minister van Economische Zaken van., nr..., houdende wijziging van de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2006 (periode 1 juli tot en met 31 december) en de

Nadere informatie

houtgestookte installaties

houtgestookte installaties Kansen en randvoorwaarden voor houtgestookte installaties Douwe van den Berg BTG biomass technology group bv Arnhem, 27 januari 2011 vandenberg@btgworld.com Inhoud Soorten houtige biomassa voor energie

Nadere informatie

Landgoederen en Energie. Bijeenkomst Landgoederen NMU juni 2011

Landgoederen en Energie. Bijeenkomst Landgoederen NMU juni 2011 Landgoederen en Energie Bijeenkomst Landgoederen NMU juni 2011 Nic en Michiel Franssens Nic 25 jaar in milieutechniek Michiel bedrijfskundige Rookgasmeting Afgasreiniging Stookcursus Advisering Agenda

Nadere informatie

Projectgroep Biomassa & WKK

Projectgroep Biomassa & WKK Projectgroep Biomassa & WKK SDE 2009 De Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie uitgevoerd door SenterNovem in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken. 7 mei 2009 Jan Bouke Agterhuis Beleidskant

Nadere informatie

Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder

Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder Voor kwaliteitsvolle WarmteKrachtKoppeling in Vlaanderen Bio-WKK en WKK in de glastuinbouw: meer met minder 16/12/2010 Cogen Vlaanderen Daan Curvers COGEN Vlaanderen Houtige biomassa in de landbouw 16

Nadere informatie

Essent & Duurzame Energie. Bert Blommendaal Directeur Essent Corporate Strategie

Essent & Duurzame Energie. Bert Blommendaal Directeur Essent Corporate Strategie Essent & Duurzame Energie Bert Blommendaal Directeur Essent Corporate Strategie 2 Inhoudsopgave Toenemend belang van duurzame energie Essent duurzame energie strategie Essent Groene Stroom Essent productie

Nadere informatie

CONCEPT 30 januari 2008

CONCEPT 30 januari 2008 CONCEPT 30 januari 2008 Regeling van de Minister van Economische Zaken van, nr. WJZ, houdende vaststelling van correcties ten behoeve van de voorschotverlening voor de stimulering van duurzame energieproductie

Nadere informatie

Bio-energiecentrales Eindhoven

Bio-energiecentrales Eindhoven Bio-energiecentrales Eindhoven Frans Kastelijn Programmamanager Energie Gemeente Eindhoven December 2014 Inhoudsopgave 1. Algemeen 2. Duurzame energie en activiteiten op lokaal niveau 3. Bio-energie centrales

Nadere informatie

Emissiekentallen elektriciteit. Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies

Emissiekentallen elektriciteit. Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies Emissiekentallen elektriciteit Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies Notitie: Delft, januari 2015 Opgesteld door: M.B.J. (Matthijs) Otten M.R. (Maarten) Afman 2 Januari

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 68 68 88april 2009 Regeling van de Minister van Economische Zaken van 27 maart 2009, nr. WJZ/9058635, houdende vaststelling

Nadere informatie

Ontwerpregeling subsidiebedragen WKK 2006

Ontwerpregeling subsidiebedragen WKK 2006 Handelend na overleg met de Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; Gelet op artikel 72p, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998; Besluit:

Nadere informatie

Bijlage 1: Berekening realisatie 9% duurzaam in 2010

Bijlage 1: Berekening realisatie 9% duurzaam in 2010 Bijlage 1: Berekening realisatie 9% duurzaam in 2010 Toelichting bij de doelstelling van 9% duurzame elektriciteit: - De definitie van de 9% doelstelling is conform de EU richtlijn duurzame elektriciteit

Nadere informatie

uitbreiding warmtenet Alkmaar Algemene Vergadering directie en raad van commissarissen Datum: 6 november 2015

uitbreiding warmtenet Alkmaar Algemene Vergadering directie en raad van commissarissen Datum: 6 november 2015 6. Uitbreiding warmtenet Alkmaar Aan: Van: Betreft: Algemene Vergadering directie en raad van commissarissen uitbreiding warmtenet Alkmaar Datum: 6 november 2015 Bijlage: toelichting investeringsvoorstel

Nadere informatie

Onderzoek. Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012. Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent

Onderzoek. Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012. Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Onderzoek Wie is de grootste producent van duurzame elektriciteit in Nederland 2012 Auteur: C. J. Arthers, afd. Corporate Responsibility, Essent Datum: 9 september 2013 Vragen of reacties kunt u sturen

Nadere informatie

Bio energiecentrales Eindhoven

Bio energiecentrales Eindhoven Bio energiecentrales Eindhoven Frans Kastelijn Projectmanager Gemeente Eindhoven Maart 2009 Inhoudsopgave 1. Duurzame energie op lokaal niveau 2 Activiteiten op lokaal niveau 3. Bio energiecentrales in

Nadere informatie

Introductie HoSt B.V.

Introductie HoSt B.V. HR Hout WKK (Vink Sion) voor glastuinbouw en stadverwarming door HoSt Imtech Vonk vof door H. Klein Teeselink info@host.nl Introductie HoSt B.V. Inhoud: Waarom biomassa WKK, belang van warmte? Wie zijn

Nadere informatie

HR WKK met CO 2 winning

HR WKK met CO 2 winning HR WKK met CO 2 winning Door: Herman Klein Teeselink HoSt Sheet 1 of 22 Inhoud HoSt HoSt ImtechVonkV.O.F. - Reinigen van rookgassen - Rookgascondensor / Scrubber - Nat elektrostatisch filter - Waterbehandeling

Nadere informatie

Workshop mestvergisting. Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl

Workshop mestvergisting. Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl Workshop mestvergisting Jan Willem Bijnagte CCS Energie advies Bijnagte@cocos.nl BioEnergy Farm 2 Project beschrijving Europees project Marktontwikkeling mono-mestvergisting Verspreiden onafhankelijke

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 239 Stimulering duurzame energieproductie Nr. 7 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

slim investeren in zonnepanelen

slim investeren in zonnepanelen Duurzaam ondernemen met SDE+ slim investeren in zonnepanelen SDE+ Stimulering Duurzame Energieproductie pvsystems.nl Gebruikt uw bedrijf of organisatie veel energie? Wilt u duurzaam ondernemen met subsidie?

Nadere informatie

Gemeente Barneveld Raadhuisplein 2 tel: (0342) Postbus 63 fax: (0342) AB BARNEVELD

Gemeente Barneveld Raadhuisplein 2 tel: (0342) Postbus 63 fax: (0342) AB BARNEVELD Gemeente Barneveld Raadhuisplein 2 tel: (0342) 495 402 Postbus 63 fax: (0342) 495 376 3770 AB BARNEVELD e-mail: gembar@barneveld.nl Ontwerpbeschikking Datum aanvraag 20 juli 2009 Nummer 46/2009 Betreft

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 31 239 Stimulering duurzame energieproductie Nr. 183 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Financiële baten van windenergie

Financiële baten van windenergie Financiële baten van windenergie Grootschalige toepassing van 500 MW in 2010 en 2020 Opdrachtgever Ministerie van VROM i.s.m. Islant Auteurs Drs. Ruud van Rijn Drs. Foreno van der Hulst Drs. Ing. Jeroen

Nadere informatie

Economie van de ombouw van boilers en WKK s. Inhoud. Waarom ombouw bestaande WKK s naar bio-energie? Ir. A. Hoogendoorn Senior Consultant

Economie van de ombouw van boilers en WKK s. Inhoud. Waarom ombouw bestaande WKK s naar bio-energie? Ir. A. Hoogendoorn Senior Consultant Economie van de ombouw van boilers en WKK s Ir. A. Hoogendoorn Senior Consultant 17 maart 2004 Inhoud Waarom ombouw bestaande WKK s naar bio-energie? Brandstofkosten & inzetstrategie Bio-energie in Zweden

Nadere informatie

Hout uit natuur en openbaar groen

Hout uit natuur en openbaar groen Hout uit natuur en openbaar groen Paul Sessink Projectgroep Biomassa en WKK 23 maart 2010 BVOR landelijke branchevereniging (1989) van composteerinrichtingen organisch afval m.n. groenafval bio-energie

Nadere informatie

Biogas is veelzijdig. Vergelijking van de opties 1-2-2012. Vergelijking opties voor benutting van biogas

Biogas is veelzijdig. Vergelijking van de opties 1-2-2012. Vergelijking opties voor benutting van biogas 1--1 Ongeveer 7 deelnemende organisaties Promotie van optimale benutting van biomassa Kennisoverdracht door workshops, excursies, nieuwsbrief en artikelen in vakbladen Vergelijking opties voor benutting

Nadere informatie

WKK en decentrale energie systemen, in Nederland

WKK en decentrale energie systemen, in Nederland WKK en decentrale energie systemen, in Nederland Warmte Kracht Koppeling (WKK, in het engels CHP) is een verzamelnaam voor een aantal verschillende manieren om de restwarmte die bij elektriciteitsproductie

Nadere informatie

Openstelling SDE+ 2014

Openstelling SDE+ 2014 31239 Stimulering duurzame energieproductie Nr. 171 Brief van de minister van Economische Zaken Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 31 oktober 2013 Op 1 april 2014 start

Nadere informatie

3. Resultaten. Pagina 1 van 5

3. Resultaten. Pagina 1 van 5 Internetpanel Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Resultaten peiling 32: Subsidieregeling Investeringen in milieuvriendelijke maatregelen December 2014 1. Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten

Nadere informatie

Wanneer zijn houtgestookte warmteinstallaties

Wanneer zijn houtgestookte warmteinstallaties Wanneer zijn houtgestookte warmteinstallaties goed toepasbaar? Aan Van Martijn Goossens (Wing) Dorien Brunt (Wing) Martijn Boosten (Probos) Johan Willemsen (Provincie Gelderland) Jaap Koppejan (Provincie

Nadere informatie

Cogen Symposium WKK en de Handel Bijdrage: Nico Klappe Manager Dispatch en Tradesupport

Cogen Symposium WKK en de Handel Bijdrage: Nico Klappe Manager Dispatch en Tradesupport Cogen Symposium WKK en de Handel Bijdrage: Nico Klappe Manager Dispatch en Tradesupport 1. Introductie Essent 2. Energie keten Ketenmanagement Energy Management Group(tradingfloor) Portfolio trading Dispatch

Nadere informatie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie

Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010. Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Vergisting anno 2010 Rendabele vergister onder SDE 2010 Hans van den Boom 22 april 2010 Sectormanager Duurzame Energie Financieren Duurzame energie binnen Rabobank Groep Maatwerk Sustainability naast Food

Nadere informatie

Samenwerking overheid en bedrijfsleven

Samenwerking overheid en bedrijfsleven Bio-energie cluster Oost Nederland Samenwerking overheid en bedrijfsleven ontwikkeling en realisatie van bioenergieprojecten Inhoud 1. inleiding 2. bioenergie in Oost Nederland 3. rol van gemeente 4. samenwerking

Nadere informatie

5 Kansen en knelpunten voor de houtsector en boseigenaren

5 Kansen en knelpunten voor de houtsector en boseigenaren 5 Kansen en knelpunten voor de houtsector en boseigenaren In dit hoofdstuk wordt de vergelijking van vraag en aanbod samengevat en gekeken welke kansen en knelpunten er gesignaleerd kunnen worden voor

Nadere informatie

Groene warmte/kracht in SDE+ 2013

Groene warmte/kracht in SDE+ 2013 Groene warmte/kracht in SDE+ 2013 13 februari 2013 Jan Bouke Agterhuis 14 februari 2013 Inhoud SDE+ 2013 algemeen SDE+ 2013 categoriën Elektronisch aanvragen Vragen en meer informatie 2 SDE+ 2013 algemeen

Nadere informatie

Energievisie Borne 22 september 2011. Michel Leermakers Linda Rutgers Twence. Co Kuip HVC. www.twence.nl

Energievisie Borne 22 september 2011. Michel Leermakers Linda Rutgers Twence. Co Kuip HVC. www.twence.nl Energievisie Borne 22 september 2011 Michel Leermakers Linda Rutgers Twence Co Kuip HVC Inhoud van vanochtend Gemeente Borne Visie Twence Werkwijze Energievisie Resultaten Huidige energieconsumptie Bronpotentieel

Nadere informatie

Symposium De Groene Delta van Nijmegen. Dag van de duurzaamheid 10 oktober 2014

Symposium De Groene Delta van Nijmegen. Dag van de duurzaamheid 10 oktober 2014 Symposium De Groene Delta van Nijmegen Dag van de duurzaamheid 10 oktober 2014 Noodzaak tot veranderen 13-10-2014 2 En toen was daar... http://www.energieakkoordser.nl/ https://energiekgelderland.nl/paginas/default.aspx

Nadere informatie

Wie betaalt de rekening van de energietransitie?

Wie betaalt de rekening van de energietransitie? Wie betaalt de rekening van de energietransitie? Symposium KVGN 17 november 2016 Ron Wit Ron.Wit@eneco.com Overzicht presentatie 1. Ontwikkeling broeikasgassen in Nederland 2. Ontwikkeling integrale kosten

Nadere informatie

Geothermie. traditioneel energiebedrijf?

Geothermie. traditioneel energiebedrijf? 31 maart 2010 T&A Survey Congres Geothermie Duurzame bron voor een traditioneel energiebedrijf? Hugo Buis Agenda Duurzame visie & ambities Waarom kiest Eneco voor Geothermie? Stand van zaken Markten Pro

Nadere informatie

Programma Kas als Energiebron

Programma Kas als Energiebron Programma Kas als Energiebron Transitiepad bio-energie in de glastuinbouw Glastuinbouwdag 2014 Vrijdag 7 maart 2014 Sander Peeters www.energymatters.nl Inhoud 1. Bio-energie in de glastuinbouw 2. Herijking

Nadere informatie

Minder stookkosten bij houtstoken

Minder stookkosten bij houtstoken Minder stookkosten bij houtstoken door :Gerard A.M. Prinsen en Alexander V. van Hunnik 26 juni 2013 Turnkey oplossingen voor biomassa verbrandingssystemen sinds 1910 DE BELANGRIJKSTE AKTIVITEITEN Biomassa

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 31 239 Stimulering duurzame energieproductie Nr. 103 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE Aan de Voorzitter van de

Nadere informatie

Duurzame warmte voor de glastuinbouw

Duurzame warmte voor de glastuinbouw Duurzame warmte voor de glastuinbouw De ondernemers aan zet!!.. op zoek naar het gemeenschappelijk eigenbelang Warmte uit geothermie en biomassa Geothermie op 4km diepte Trias Westland BV Biomassa warmte

Nadere informatie

Wind in de SDE. Ruud Oerlemans & Gerhard Rinsma. 13 juni 2014

Wind in de SDE. Ruud Oerlemans & Gerhard Rinsma. 13 juni 2014 Wind in de SDE Ruud Oerlemans & Gerhard Rinsma 13 juni 2014 Inleiding SDE algemeen Wind in de SDE SDE aanvragen en dan SDE Resultaten Nieuwe ontwikkelingen Handboek risicozonering (mededeling) 2 Stimulering

Nadere informatie

Eljo Vos-Brandjes HVC. Stage raadsleden Dordrecht

Eljo Vos-Brandjes HVC. Stage raadsleden Dordrecht Eljo Vos-Brandjes HVC Stage raadsleden Dordrecht Historie HVC Opgericht (1991) voor verwerken huishoudelijk en bedrijfsafval uit regio Na loslaten beleidsuitgangspunt regionale/provinciale zelfvoorziening

Nadere informatie

BIOCHP. Enkele verschillende voorbeelden Kansen, mogelijkheden, calculaties

BIOCHP. Enkele verschillende voorbeelden Kansen, mogelijkheden, calculaties BIOCHP Enkele verschillende voorbeelden Kansen, mogelijkheden, calculaties 1. Biovergasser + WKK (productgasmotor) 2. De pelletbrander + stirlingmotor 3. De Pelletvergasser +WKK 4. De HT-water + ORC CHP

Nadere informatie

Biomassa WKK in de glastuinbouw

Biomassa WKK in de glastuinbouw Management samenvatting Biomassa WKK in de glastuinbouw Evaluatie van transitieroutes Februari 2005 Auteurs Opdrachtgevers : Ir. Joep Coenen, Cogen Projects Ir. Stijn Schlatmann, Cogen Projects : Productschap

Nadere informatie

Net voor de Toekomst. Frans Rooijers

Net voor de Toekomst. Frans Rooijers Net voor de Toekomst Frans Rooijers Net voor de Toekomst 1. Bepalende factoren voor energie-infrastructuur 2. Scenario s voor 2010 2050 3. Decentrale elektriciteitproductie 4. Noodzakelijke aanpassingen

Nadere informatie

Status en stimulering van bioenergie in Nederland. Kees Kwant SenterNovem, Agentschap voor Innovatie en Duurzaamheid

Status en stimulering van bioenergie in Nederland. Kees Kwant SenterNovem, Agentschap voor Innovatie en Duurzaamheid Status en stimulering van bioenergie in Nederland Kees Kwant SenterNovem, Agentschap voor Innovatie en Duurzaamheid Inhoud Status: Actieplan Biomassa Gerealiseerde Implementatie De omgeving in Europa Stimulering

Nadere informatie

Tijdelijke duurzame energie

Tijdelijke duurzame energie Tijdelijke duurzame energie Tijdelijk Uitgewerkte businesscases voor windenergie, zonne-energie en biomassa Anders Bestemmen Tijdelijke duurzame energie Inleiding In het Corporate Innovatieprogramma van

Nadere informatie

Samenvatting en conclusie haalbaarheid van activiteiten in Wijk bij Duurstede met de conversie van houtige biomassa naar energie

Samenvatting en conclusie haalbaarheid van activiteiten in Wijk bij Duurstede met de conversie van houtige biomassa naar energie Samenvatting en conclusie haalbaarheid van activiteiten in Wijk bij Duurstede met de conversie van houtige biomassa naar energie Nic Franssens en Michiel Franssens Ecolink Solutions CV www.ecolinksolutions.com

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

slibvergisting, wordt omgezet in elektric iteit 0,029 per kwh. slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit 0,029 per kwh.

slibvergisting, wordt omgezet in elektric iteit 0,029 per kwh. slibvergisting, wordt omgezet in elektriciteit 0,029 per kwh. Regeling van de Minister van Economische Zaken van.., nr. WJZ, houdende vaststelling van de vaste bedragen per kwh ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor het jaar 2005

Nadere informatie

26 maart bijeenkomst startnotitie m.e.r. Bio WKK Arnhem

26 maart bijeenkomst startnotitie m.e.r. Bio WKK Arnhem 26 maart bijeenkomst startnotitie m.e.r. Bio WKK Arnhem 1 Achtergrond energie in Arnhem 2 De Kleefse Waard - Arnhem 3 Startnotitie: onderzoek mogelijke milieu effecten 4 Tijdspad 5 Biomassa 6 Vragen 1

Nadere informatie

Insights Energiebranche

Insights Energiebranche Insights Energiebranche Naar aanleiding van de nucleaire ramp in Fukushima heeft de Duitse politiek besloten vaart te zetten achter het afbouwen van kernenergie. Een transitie naar duurzame energie is

Nadere informatie

Garanties van Oorsprong voor duurzame elektriciteit en warmte. Gerjan Emsbroek

Garanties van Oorsprong voor duurzame elektriciteit en warmte. Gerjan Emsbroek Garanties van Oorsprong voor duurzame elektriciteit en warmte Gerjan Emsbroek Inhoud Inleiding Garanties van Oorsprong (GvO s) GvO s voor warmte Overeenkomsten en verschillen met elektriciteit Aandachtspunten

Nadere informatie

Duurzame warmte in de SDE+

Duurzame warmte in de SDE+ Duurzame warmte in de SDE+ Sander Lensink www.ecn.nl Doel van de presentatie Filosofie achter wijziging in de SDE-regeling Belangrijkste verschillen tussen SDE en SDE+ Uitwerking bio-wkk in de SDE+ 2 29-06-2011

Nadere informatie

Bijeenkomst SDE+ Dorpshuis Reard. 14 oktober 2014 Jorn ten Have

Bijeenkomst SDE+ Dorpshuis Reard. 14 oktober 2014 Jorn ten Have Bijeenkomst SDE+ Dorpshuis Reard 14 oktober 2014 Jorn ten Have Duurzame Energie Duurzame energie = Hernieuwbare energie Brundtland definitie; een duurzame ontwikkeling is een ontwikkeling die tegemoet

Nadere informatie

Wat doet Cogen Projects?

Wat doet Cogen Projects? 1 Biomassa en WKK Stappenplan voor de industriële ondernemer 17 maart 2005, Eindhoven Erik Koolwijk en Joep Coenen Wat doet Cogen Projects? missie: bijdragen aan een duurzamere en betrouwbare energievoorziening

Nadere informatie

25/03/2013. Overzicht

25/03/2013. Overzicht Micro-WKK: basisbegrippen en toepassingsmogelijkheden Tine Stevens, Vlaams Energieagentschap Regiovergadering Provincie West-Vlaanderen 12 en 14/03/2013 2 Warmte-krachtkoppeling (WKK) De gelijktijdige

Nadere informatie

Green Deal van Essent New Energy met de Rijksoverheid

Green Deal van Essent New Energy met de Rijksoverheid Green Deal van Essent New Energy met de Rijksoverheid Ondergetekenden: 1. De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, ieder handelende

Nadere informatie

Stand van zaken Stadswarmte in Utrecht

Stand van zaken Stadswarmte in Utrecht Stand van zaken Stadswarmte in Utrecht Stan de Ranitz Jaarbijeenkomst Warmtenetwerk 12 mei 2016 Inhoud presentatie 1. Stadswarmte Utrecht 2. Het equivalent opwek rendement (EOR) in Utrecht 3. Verdere verduurzaming

Nadere informatie

WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl

WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl 12-11-2007Sheet nummer 1 Ontwikkelingen wereldwijd Heeft de Al Gore film impact?

Nadere informatie

Emissieregelgeving voor stookinstallaties

Emissieregelgeving voor stookinstallaties Emissieregelgeving voor stookinstallaties Themadag Stoomplatform NOX uitstoot bij stoomketels 8 december 2011 Wim Burgers Kenniscentrum InfoMil Inhoud 1. Emissieregelgeving Ontwikkelingen voor complexe

Nadere informatie

Introductie HoSt B.V. Beschikbare Biomassa in Nederland. Inefficiënt gebruik van biomassa in Nederland (en Europa)

Introductie HoSt B.V. Beschikbare Biomassa in Nederland. Inefficiënt gebruik van biomassa in Nederland (en Europa) Hoog efficiënte voor glastuinbouw en stadverwarming door HoSt Imtech Vonk vof door H. Klein Teeselink Directeur HoSt B.V. in Nederland 0742401807 info@host.nl Inhoud: Introductie HoSt B.V. Beschikbare

Nadere informatie

ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012

ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012 ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012 2 INHOUD Management samenvatting... 3 Respondenten... 3 Conclusies... 4 1. Inleiding... 6 2. Uitkomsten per vraag... 6 2.1 Energie en energiebesparing binnen de organisatie...

Nadere informatie

Business Case Windpark Lage Weide. Raadsinformatie avond 20 maart

Business Case Windpark Lage Weide. Raadsinformatie avond 20 maart Business Case Windpark Lage Weide Raadsinformatie avond 20 maart 1 Doelstelling presentatie Aspecten het sociaal ondernemen Energie-U Inzicht in de algemene financiële haalbaarheid van een windpark Inzicht

Nadere informatie

20 Verbranden als vorm van verwijdering

20 Verbranden als vorm van verwijdering 20 Verbranden als vorm van verwijdering 20.1 Inleiding Afvalstoffen die niet nuttig kunnen worden toegepast, moeten op een milieuhygiënisch verantwoorde manier worden verwerkt. Het beleid voor brandbaar

Nadere informatie

Hoeveel houtige biomassa komt er (in potentie) uit bos, landschap en de bebouwde omgeving?

Hoeveel houtige biomassa komt er (in potentie) uit bos, landschap en de bebouwde omgeving? Hoeveel houtige biomassa komt er (in potentie) uit bos, landschap en de bebouwde omgeving? Martijn Boosten Demonstratie oogst en verwerking biomassa 3 juli 2014, Rosmalen Stichting Probos Kennisinstituut

Nadere informatie

Bio-energie. 0900-9892 0,10 p.m. in de gebouwde omgeving

Bio-energie. 0900-9892 0,10 p.m. in de gebouwde omgeving Bio-energie in de gebouwde omgeving Bio-energie is net als zon, waterkracht en wind een duurzame vorm van energie. In Nederland komt biomassa bijvoorbeeld vrij als snoeihout, dunningshout, bermgras en

Nadere informatie

100% groene energie. uit eigen land

100% groene energie. uit eigen land 100% groene energie uit eigen land Sepa green wil Nederland op een verantwoorde en transparante wijze van energie voorzien. Dit doen wij door gebruik te maken van duurzame energieopwekking van Nederlandse

Nadere informatie

Inhoud. Regelgeving voor stookinstallaties sterk in beweging 30-11-2012

Inhoud. Regelgeving voor stookinstallaties sterk in beweging 30-11-2012 Regelgeving voor stookinstallaties sterk in beweging Schakel - Stookinstallaties in het activiteitenbesluit Wim Burgers Kenniscentrum InfoMil Inhoud 1. Zes veranderingen in regelgeving Consequenties voor

Nadere informatie

Subsidie biomassa houtstook

Subsidie biomassa houtstook Subsidie biomassa houtstook René Wismeijer - RVO 16 Juni, 2016 Someren Financiële stimulering biomassa houtstook Toepassings gebied houtstook ISDE EIA SDE+ Investeringssubsidie Investeringsaftrek fiscaal

Nadere informatie

CONCEPT. Besluit: 1 Stcrt. 2003, 249; gewijzigd bij ministeriële regeling van 27 januari 2005 (Stcrt. 25). 2 Stcrt. 2004, 126.

CONCEPT. Besluit: 1 Stcrt. 2003, 249; gewijzigd bij ministeriële regeling van 27 januari 2005 (Stcrt. 25). 2 Stcrt. 2004, 126. Regeling van de Minister van Economische Zaken van., nr..., houdende wijziging van de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2005, de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit

Nadere informatie

BioWKK Horizon2020, SDE+ 2014, energiefondsen. SDE-subsidie. 19 maart 2014 Jan Bouke Agterhuis

BioWKK Horizon2020, SDE+ 2014, energiefondsen. SDE-subsidie. 19 maart 2014 Jan Bouke Agterhuis BioWKK Horizon2020, SDE+ 2014, energiefondsen SDE-subsidie 19 maart 2014 Jan Bouke Agterhuis inhoud SDE+ SDE 2014 wijzigingen SDE+ 2014 categoriën Elektronisch aanvragen Meer informatie SDE+, o.a. kamerbrief

Nadere informatie

Alles over salderen en subsidies

Alles over salderen en subsidies Alles over salderen en subsidies Wido van Heemstra Agentschap NL Congres Solar Solutions Expo Haarlemmermeer 17 april 2013 Overzicht te behandelen onderwerpen 1. Salderen: -wat houdt het in, welke tariefcomponenten

Nadere informatie

Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. mw. H. Klein Lankhorst Hoofd Afdeling Afval en Ketens Postbus 20951 2500 EZ DEN HAAG

Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. mw. H. Klein Lankhorst Hoofd Afdeling Afval en Ketens Postbus 20951 2500 EZ DEN HAAG Ministerie van Infrastructuur en Milieu t.a.v. mw. H. Klein Lankhorst Hoofd Afdeling Afval en Ketens Postbus 20951 2500 EZ DEN HAAG Kenmerk : sklh.bri.89 Betreft : Voorstellen over corrigerende maatregelen

Nadere informatie

TKI Wind op Zee Workshop Financiering

TKI Wind op Zee Workshop Financiering TKI Wind op Zee Workshop Financiering Met welk support regime worden ambities offshore wind NL bereikt? 7 mei 2013 Amersfoort Marco Karremans Wind op Zee cruciaal voor 16% duurzame energie in 2020 Doelstelling:

Nadere informatie

Intentieverklaring biomassa uit bos, natuur, landschap en de houtketen

Intentieverklaring biomassa uit bos, natuur, landschap en de houtketen Intentieverklaring biomassa uit bos, natuur, landschap en de houtketen Ondergetekenden: 1. De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, mevrouw G. Verburg, handelend als bestuursorgaan, hierna

Nadere informatie

De Warmtewet, gaan we nu echt voor besparing en verduurzaming of hebben we een bureaucratisch monster?

De Warmtewet, gaan we nu echt voor besparing en verduurzaming of hebben we een bureaucratisch monster? De Warmtewet, gaan we nu echt voor besparing en verduurzaming of hebben we een bureaucratisch monster? Drs ing Teus van Eck Biomassabijeenkomst Bodegraven, 7 mei 2009 Warmte is de grootste post in de

Nadere informatie

Biomassa uit natuur en landschap Wat is het potentieel?

Biomassa uit natuur en landschap Wat is het potentieel? Biomassa uit natuur en landschap Wat is het potentieel? 19 maart 2008 Joop Spijker Alterra, Wageningen UR Conferentie regionale kansen voor biomassa en waterstof Opbouw presentatie Inleiding Huidig gebruik

Nadere informatie

Overzicht. Inleiding Micro-WKK in woningen Technologieën Aandachtspunten Toekomstperspectieven Conclusies 15-11-2010

Overzicht. Inleiding Micro-WKK in woningen Technologieën Aandachtspunten Toekomstperspectieven Conclusies 15-11-2010 Voor kwaliteitsvolle WarmteKrachtKoppeling in Vlaanderen WKK voor ruimteverwarming Toepassingen in de woningbouw Tine Stevens COGEN Vlaanderen Studiedag VIBE 12 november 2010 1 Overzicht Inleiding Micro-WKK

Nadere informatie

Nieuwe methodiek CO 2 -voetafdruk bedrijventerreinen POM West-Vlaanderen. Peter Clauwaert - Gent 29/09/11

Nieuwe methodiek CO 2 -voetafdruk bedrijventerreinen POM West-Vlaanderen. Peter Clauwaert - Gent 29/09/11 Nieuwe methodiek CO 2 -voetafdruk bedrijventerreinen POM West-Vlaanderen Peter Clauwaert - Gent 29/09/11 Inhoud presentatie 1.Afbakening 2.Inventarisatie energie 3.CO 2 -voetafdruk energieverbruik 4.CO

Nadere informatie

Spelregels BioRaffinage

Spelregels BioRaffinage Spelregels BioRaffinage 1) Ieder Team dient zoveel mogelijk biomassa waardeketens opstellen van één van de vijf groene eindproducten. 2) Een waardeketen omvat tenminste één element van de kleuren Blauw,

Nadere informatie

Houtige biomassaketen

Houtige biomassaketen Houtige biomassaketen 27 januari 2016, Gilze Rijen Schakelevent RVO: Is houtige biomassateelt voor kleinschalige warmte-opwekking interessant? Ton.van.Korven@zlto.nl Eigen duurzame energieketen Biomassaproductie/Biomassa

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 38490 4 november 2015 Regeling van de Minister van Economische Zaken van 2 november 2015, nr. WJZ/15147884, tot vaststelling

Nadere informatie

Programma Kas als Energiebron

Programma Kas als Energiebron Programma Kas als Energiebron Co-innovatie in de glastuinbouw KIVI NIRIA jaarcongres 2010 Ir. P. Jan Smits 6 oktober 2010 Inhoud Introductie Kengetallen en energietransitie Convenant Schone en Zuinige

Nadere informatie

Essent en duurzame energieproductie in Nederland

Essent en duurzame energieproductie in Nederland Essent en duurzame energieproductie in Nederland Een manifest Essents inspanningen voor duurzame energie Essent is een leidend bedrijf bij de inspanningen voor duurzame energie, vooral op het gebied van

Nadere informatie

MER-Evaluatie. E.ON Energy from Waste Delfzijl BV. Datum 24 juli 2012 Versie 1.0

MER-Evaluatie. E.ON Energy from Waste Delfzijl BV. Datum 24 juli 2012 Versie 1.0 MER-Evaluatie E.ON Energy from Waste Delfzijl BV Datum 24 juli 2012 Versie 1.0 Inhoud Inleiding... 2 Aanleiding... 2 Omschrijving van de MER evaluatieprogramma... 2 MER Evaluatie... 3 Luchtemissies...

Nadere informatie

WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek!

WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek! WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek! Deze notitie belicht puntsgewijs de grote rol van WKK bij energiebesparing/emissiereductie. Achtereenvolgens worden de volgende punten besproken en onderbouwd:

Nadere informatie

Duorsume enerzjy yn Fryslân. Energiegebruik en productie van duurzame energie

Duorsume enerzjy yn Fryslân. Energiegebruik en productie van duurzame energie Duorsume enerzjy yn Fryslân Energiegebruik en productie van duurzame energie 1 15 11 oktober 1 Inhoud Management Essay...3 1 Management Essay De conclusies op één A4 De provincie Fryslân heeft hoge ambities

Nadere informatie

Pogramma Kas als Energiebron

Pogramma Kas als Energiebron Pogramma Kas als Energiebron Studiegroep bio-energie, door en voor glastuinders Uitwisselen van kennis- en ervaring over bio-energie Datum: Woensdag 21 mei 2014 Locatie: Peter Biogas, Luttelgeest 1 Programma

Nadere informatie

Bio-energie en een milieuvergunning?

Bio-energie en een milieuvergunning? Bio-energie en een milieuvergunning? Henkjan Schutte Senior medewerker milieu / specialist afvalstoffen hj.schutte@overijssel.nl Inhoud presentatie WM / Wabo Bevoegde gezag Route tot vergunning MER Milieuvergunning

Nadere informatie

Inpassing van duurzame energie

Inpassing van duurzame energie Inpassing van duurzame energie TenneT Klantendag Erik van der Hoofd Arnhem, 4 maart 2014 doelstellingen en projecties In de transitie naar duurzame energie speelt duurzame elektriciteit een grote rol De

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA 's-gravenhage. Datum 22 april Betreft Openstelling SDE+ 2011

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA 's-gravenhage. Datum 22 april Betreft Openstelling SDE+ 2011 > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA 's-gravenhage Ministerie van Economische Bezoekadres Bezuidenhoutseweg 30 2594 AV

Nadere informatie

Helmonds Energieconvenant

Helmonds Energieconvenant Helmonds Energieconvenant Helmondse bedrijven slaan de handen ineen voor een duurzame en betrouwbare energievoorziening. Waarom een energieconvenant? Energie is de drijvende kracht Energie is de drijvende

Nadere informatie