Hoofdstuk 8. Vreemd vermogen



Vergelijkbare documenten
Financieel Management

Vermogensbehoefte en financiering

Crowdfunding: publiek laten betalen, d.m.v. vermogen aan te trekken.

Hoofdstuk 12. Vreemd vermogen op lange termijn. Een lening (schuld) met een looptijd van langer dan een jaar. We bespreken 3 verschillende leningen:

Management en Organisatie VWO 6 Hst 31, 37 t/m 43

Eigen vermogen Geplaats aandelenkapitaal Agioreserve Herwaarderingsreserve Wettelijke en statutaire reserves Ingehouden winst uit de voorgaande jaren

Oefenopgaven Hoofdstuk 5

Een onderhandse lening is een lang lopende lening waarbij geld uitgeleend word door 1 geldgever.

Hoofdstuk 12. Vreemd vermogen op lange termijn.

1 Het kasstroomoverzicht

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 4

Vermogen: geld Kapitaal (aandelen, obligaties, leningen (lange termijn))

Samenvatting Economie Hoofdstuk 6 deel 1

Antwoorden hoofdstuk 6

Financiële aspecten van de planning

Samenvatting M&O hoofdstuk

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 4

Vormen van lang vreemd vermogen: Kenmerken onderhandse lening: Obligatie = op lange termijn: Gezond financieren / Broers regels

Minor Beleggen PSP. Hoofdstuk 3 Nominale titels

MINOR BELEGGEN PSP. Hoofdstuk 3 Nominale titels

a. Gemiddeld debiteurensaldo: ( ) / 2 = Verkopen op rekening inclusief omzetbelasting: ,21 =

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 12

Financiële analyse. Les 2 Vermogensbehoefte en financiering. Auteur: Witek ten Hove, MBA

Begrippenlijst Management & Organisatie Hoofdstuk 5, 6 en 7

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 22 EN 23 JUNI 2010

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 8

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Nadelen: Groot risico vanwege privéaansprakelijkheid. Lange werktijden. a Een vennootschap waarvan het eigen vermogen is verdeeld in aandelen.

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 10 JUNI 2009

Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 7

c. 071 Onderhandse lening credit 153 Nog te betalen bedragen 900 credit: 3 maanden schuld 300

M&O VWO 2011/

Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 3.

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: Datum: 19 november 2011 Tijd: 12:30 uur - 14:00 uur

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 27 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Samenvatting Management & Organisatie H11 en 12

informatie verschaffen: Boekwaarde begin van het boekjaar + som van de waarden waartegen in het boekjaar verkregen activa zijn opgenomen

7,8. Samenvatting door een scholier 868 woorden 3 maart keer beoordeeld. Economie in context. Samenvatting economie. 2.

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 5 OPGAVE 3

Financiële analyse van de jaarrekening

Obligaties een financieringsinstrument en een beleggingscategorie

Eindexamen m&o vwo 2008-I

Deze examenopgave bestaat uit 8 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 2 opgaven en omvat 23 vragen.

Om je goed voor te bereiden ontvang je bijgaand op de volgende bladzijden:

PDB PRAKTIJKEXAMEN BOEKHOUDEN JOURNAALPOSTEN MAANDAG 19 JUNI 2006

Bedrijfsadministratie Examennummer: Datum: 30 juni 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Boekverslag door M woorden 21 februari keer beoordeeld

De Naamloze Vennootschap ~ NV. Het bijeenroepen en leiden van algemene vergadering van aandeelhouders.

Samenvatting Management & Organisatie Hoofdstuk 10 t/m 13, Theorie

Toets 3 HAVO 5 g Diagnostische toets 2012

UNIFORM EINDEXAMEN HAVO 2015

ANTWOORDEN OPGAVEN HOOFDSTUK 3

Rijksuniversiteit Groningen Faculteit Economie en Bedrijfskunde Vakgroep Accounting ANTWOORDEN TENTAMEN FINANCIAL ACCOUNTING BDK

Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 4

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 4 1 / 10

Deze examenopgave bestaat uit 11 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

Appendix Bedrijfseconomie Opgaven

UITWERKINGEN OPGAVEN HOOFDSTUK 3

Samenvatting Management & Organisatie Hoofdstuk 1 t/m 3.3

Stichting Jazz Orchestra of the Concertgebouw gevestigd te Amsterdam. Jaarverslag 2014

Het kasstroomoverzicht

Noordhoff Uitgevers bv

Deze examenopgave bestaat uit 10 pagina s, inclusief het voorblad. Dit examen bestaat uit 3 opgaven en omvat 26 vragen.

Het eigen vermogen is permanent dat wil zeggen voor onbepaalde tijd (blijvend)aanwezig in de onderneming.

Vermogensbehoefte en financiering

11 Kasstroomoverzicht

fun house fun house fun house Pink

Dit examen bestaat uit 11 pagina s, inclusief het voorblad. Controleer of alle pagina s aanwezig zijn.

2017 Nederlandse Associatie voor Examinering Financiering niveau 5 1 / 13

Uitwerkingen PDB Financiering met resultaat hoofdstuk 6. Opgave 6.1 a. Gemiddeld eigen vermogen = ( ) / 2 =

Management & Organisatie VWO 4 Hoofdstuk 3,9,12,14,16

BECO: DE BALANS - THEORIE

Een lening met een onroerend goed als onderpand. 5. Waarom is het handig een boekhouding bij te houden (noem 2 redenen).

Financieel Management

HOOFDSTUK 7. Schulden op meer dan één jaar

Lever ook het kladpapier na afloop van het examen in bij de toezichthouder. Dit wordt vernietigd en niet meegenomen in de beoordeling.

Vlottende activa: Kas Totaal investering

Transcriptie:

Hoofdstuk 8 Vreemd vermogen

Prijsvorming Vreemd vermogen Interest (rente) = vergoeding voor beschikbaar stellen geld. NB: rente is ook gelijkblijvend periodiek bedrag uit FRK 1. Tarief vraag en aanbod Geldmarkt: <2 jaar: Euribor Kapitaalmarkt: > 2 jaar: 2. Risico: terugbetalen 3. Inflatie:

Geldmarkt: Euribor tarief waartegen groot aantal Europese banken elkaar leningen in euro's verstrekken.

kapitaalmarkt lange rente (met een looptijd vanaf 2 jaar). basistarief NL staatsobligaties + risico opslag

Rangorde bij terugbetalen schulden: paritas creditorum : alle schuldeisers voor de wet gelijk uitzondering voor "wettelijke regels van voorrang". 1. Preferente schulden (o.a.hypotheek, salaris) 2. Gewone schulden 3. Achtergestelde schulden 4. Eigen geld terug naar eigenaren

Banklening Bij beginnende bedrijven vaak op basis van ondernemingsplan verschillende soorten: hypothecaire lening (onroerend goed als onderpand) Starterslening borgstellingskrediet (borg door overheid) rekening courant (lopende rekening)

Vreemd vermogen lange termijn Hypothecaire lening: lening met onroerendgoed als onderpand Obligatielening: grote lening verdeeld in kleinere schulddeeltjes Medium term notes: lening op middellange termijn (2 tot 5 jaar)

Obligatielening 1. Meestal aan toonder en vrij verhandelbaar; 2. Vaste couponrente; 3. Looptijd (vaak tussen 5 en 20 jaar); 4. Beursnotering vaak in procenten (van de nominale waarde). Bijvoorbeeld 98% van 500 = 490 5. Aflossing a pari 6. Aflossing ineens of door loting. Vaak recht van vervroegde aflossing

Staatlening NL geen risico? sept/10: Griekenland betaalt 957 basispunten: 9,57% boven DU

Obligatievormen: Premieobligaties : premies verloot onder de houders. Zero bonds : geen interest. Aflossingsbedrag > emissiebedrag. Discount bonds : lage interest. Aflossingsbedrag > emissiebedrag. Junk bonds : obligatie met veel risico. Couponrente is hoog. Convertible: omzetten obligatie in aandelen Reverse convertible: ook omzetten aandelen in obligatie

Converteerbare obligatielening: = obligatielening die onder bepaalde voorwaarden in aandelen van dezelfde onderneming omgezet kan worden (indirecte emissie van aandelen) voorwaarden: - bepaalde periode (conversieperiode) - bepaalde ruilverhouding met evt. bijbetaling (conversiekoers) - vaak recht op vervroegde aflossing (dwang tot emissie) - vaak anti-verwateringsclausule - als het niet goed gaat met de onderneming toch vaste vergoeding

Motieven obligatielening: Onderneming: - geen gunstig emissieklimaat (indirecte emissie levert meer op?) - betaalde interestkosten aftrekbaar voor vennootschapbelasting - weet niet of ze permanent of tijdelijk vermogen nodig heeft Belegger: - als het goed gaat met de onderneming kan ze obligaties converteren

Conversiekoers Conversiekoers: = aantal obligaties x nom.waarde +/- contante betaling aantal aandelen x nom.waarde = Hoeveel kost 1 aandeel mij bij conversie. = Wat lever ik in als belegger en wat is de aandelenwaarde die ik ervoor terug krijg.

Voorbeeld: 2 obligaties van 500,- nominaal en een bijbetaling van 400,-geven recht op 20 aandelen van 10,- nominaal Conversiekoers = 2 x 500 + 400 = 70,- 20 Conversiekoers in % t.o.v nominale waarde : 70/10 = 700% Beurskoers van een aandeel = 80

Onderhandse lening Een of enkele geldgevers (zonder bank) Vaak niet verhandelbaar Afstemming op specifieke wensen

Vreemd vermogen op korte termijn Bankkrediet (vaak rekening courant krediet; = rood staan op lopende rekening Te betalen leveranciers/ Crediteuren (ontvangen leverancierskrediet) Vooruitbetaalde bedragen (gegeven afnemerskrediet) Commercial paper (min. 1 mln )

Kosten leverancierskrediet Als je een korting krijgt ivm eerder betalen (betalingsrafactie/ kredietbeperkingstoeslag) Voorbeeld: Stel: factuur: 100.000 maar als je binnen 8 dagen betaalt krijg je 1% korting. Normaal binnen 4 weken betalen anders boete. Kosten: 1% voor 3 weken te vroeg betalen: = 52/3 = 17,33 x 1/99 X 100 = 17,51% per jaar

Voorzieningen = fonds voor een geschatte toekomstige schuld, waarvan de omvang en het tijdstip nog onzeker zijn Bijvoorbeeld: Onderhoud Garantie Reorganisatie Dit is dan: Lang vreemd vermogen Kort vreemd vermogen als het binnen een jaar tot betaling leidt Bedrijfseconomisch een schuld, juridisch niet Credit op de balans Let op ivm IFRS: alleen opnemen als er zeker een betaling/ kosten komt.

Verschil voorziening/ reserve Voorziening Vreemd vermogen Toekomstige schuld Reserve eigen vermogen toekomstige tegenvallers

Let op: N.B. Voorziening voor: debiteuren voorraden Zijn: correctie op te hoog gewaardeerde activa geen vreemd vermogen vaak debet op de balans