Rekenbeleid Sint-Janslyceum

Vergelijkbare documenten
Taalbeleid Sint-Janslyceum

Rekenbeleid Rudolf Steiner College

REKENBELEID

Protocol Ernstige RekenWiskunde- problemen en Dyscalculie Elde College (in het VO wordt meestal alleen gesproken over rekenen). Esumrt.

vormgeven van rekenen in het VO

REKENBELEID

Hoe doen jullie het? Rekenen in vmbo/mbo. Rekenen vmbo-mbo Jonneke Adolfsen

KENMERKEN VAN EN KEUZES VOOR REKENBELEID. Martin van Reeuwijk 25 april 2013

Rekenbeleid Valuascollege VMBO - HAVO - VWO

Rekenbeleid Valuascollege VMBO - HAVO - VWO

toetsresultaten vmbo en mbo in de regio Den Haag oktober 2011

REKENBELEID VALUASCOLLEGE VMBO - HAVO - VWO JOHN VAN OOIJEN KLAAS BEURSKENS

MBO Conferentie Het 2F-, 2ER- en 2A-examen: welke student laat ik wanneer opgaan voor welk examen?


Rekenen op het Varendonck-College

Informatieblad Rekenen September 2012 Locatie Zusterstraat Schooljaar VWO, HAVO, MAVO en VMBO

Scores en referentieniveaus... 3 Scores per leerjaar per toets... 3 Streefscores klas Streefscores klas Streefscores klas 3...

Rekenbeleid in school. studiemiddag Nederlands en rekenen 27 januari 2011 Monica Wijers

Rotterdam, februari 2013 Betreft: Verandering invoering nieuwe eisen m.b.t. Nederlands en rekenen. Geachte ouders/verzorgers en leerlingen,

Modellen voor rekenen in het VO

Presentatie ernstige rekenproblemen & Dyscalculie 22 oktober 2014; Johanna Jager & Annelie van Harten

Protocol ernstige rekenproblemen en dyscalculie


Inhoudsopgave... 2 Scores en referentieniveaus... 3 Scores per leerjaar per toets... 3 Streefscores klas Streefscores klas 2...

Rekenbeleid. Procesbeschrijving. Versie: 1

Bijlage 3 Overgangsnormen

Maatregelen naar aanleiding van het advies van de commissie Bosker

Protocol Dyscalculie. Christelijk College de Noordgouw Heerde. oktober dhr. J.M. de Vries. mw. H. Bezuijen. rector-bestuurder.

Rekenbeleid op school: ervaringen van het Montessori Lyceum Rotterdam

Rekenbeleid. Dr. Nassau College, Norg

Taal- en rekenbeleid op het Valuascollege

Taal-en rekenbeleid in de schoolpraktijk. 25 april 2013

ALGEMEEN DEEL VAN HET PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING. MAVO 3 en 4 HAVO 4 en 5 VWO 4, 5 en 6 cursus

Het Rhedens Rozendaal

Overgangsregelingen Sint Vituscollege

De drieslag rekenen in de doorgaande leerlijn vmbo-mbo

Protocol Ernstige rekenproblemen. Dyscalculie. Signalering, ondersteuning en begeleiding van leerlingen met ernstige rekenproblemen en dyscalculie.

Overgangsregelingen Sint Vituscollege

Jacob-Roelandslyceum. Plan van aanpak rekenonderwijs

Taalbeleidsplan College Den Hulster Venlo

Programma van toetsing en afsluiting Schooljaar vmbo bb

ERWD-beleid HNL. (Ernstige Reken- Wiskundeproblemen en Dyscalculie)

Referentiekaders. Doorlopende leerlijn Taal en Rekenen (Meijerink) 2. Station en de referentiekaders 6

PROTOCOL TOETSAFNAME

HAVO 4 en 5 Atheneum 4, 5 en 6 cursus

ALGEMEEN DEEL VAN HET PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING. HAVO 4 en 5 Atheneum 4, 5 en 6 cursus

Taal-en rekenbeleid in de schoolpraktijk. Els Zaalberg conrector onderwijs

Dyscalculieprotocol (locatie mavo-havo-atheneum; versie januari 2015)

Workshop Gebruik stappenplannen ERWD VO en MBO

Ckv* Maat Lo. Gymnasium: Klassieke taal. Profieldeel. (vakken variëren per profiel) Vrije deel Gd(-et) Mo Fi In Bsm WisD

OVERGANGSNORMEN OP- EN AFSTROOMREGELINGEN

4. In de bevorderingsnormen komt regelmatig het begrip kernvakken voor. Het gaat hierbij om de vakken Nederlands, Engels en wiskunde.

INFOBOEKJE KLAS

Uitkomsten rekengesprekken

Een leerling die doubleert mag in het tweede jaar in dezelfde klas niet in het bespreekgebied

Rekenen bij Moderne Wiskunde

Overgangsnormen

Rekenen op het vo. Tussenrapportage Intensiveringstraject rekenen vo

MAVO 3 en 4 cursus

TooropMavo. Inhoud en opzet van examens Theoretische Leerweg

Het Rhedens Rozendaal

Rekenbeleidsplan 1.0.2

Informatieboekje leerjaar 2

Protocol toets afname

Protocol Ernstige Reken/Wiskunde problematiek en Dyscalculie

Zwakke rekenaars in het vo

ERWD-beleid HNL. (Ernstige Reken- Wiskundeproblemen en Dyscalculie)

Hartelijk welkom Algemene ouderavond Atheneum 1 8 september 2014


Scores en referentieniveaus... 3 Scores per leerjaar per toets... 3 Streefscores klas Streefscores klas Streefscores klas 3...

De Referentieniveaus Taal. BAVO Eemlanden 14 maart 2012

Herkansingsregeling voor schoolexamens

Aanvulling PTA & Examenreglement VMBO

Vrijeschool voor voortgezet onderwijs vwo, havo, vmbo-tl. Studiewijzer. 10th

Vrijeschool voor voortgezet onderwijs vwo, havo, vmbo-tl. Studiewijzer. 10th

4 Checklist rekenen 4

OVERGANGSNORMEN PER LEERJAAR. en doorstroming/instroming per schooljaar

Informatieboekje MAVO bovenbouw 4 mavo

Transcriptie:

Rekenbeleid Sint-Janslyceum Inhoud 1 Voorwoord... 2 2 Visie / doelen... 2 3 Beleid... 3 3.1 Rekenonderwijs... 3 3.2 Toetsing... 4 3.3 Rekenkaart... 5 4 Coördinatie en implementatie van het beleid... 5 1

1 V o o r w o o r d Binnen het rekenbeleid onderscheiden we twee grote componenten: rekenbeleid over rekenvaardigheid bij alle vakken en rekenvakbeleid over de wijze waarop we het vak rekenen aanbieden. Deze tekst behandelt rekenbeleid en het rekenvakbeleid. De hier gepresenteerde eerste aanzet tot een reken(vak)beleid omvat te bereiken referentieniveaus in rekenvaardigheid ondersteuning voor leerlingen met achterstanden in de rekenvaardigheid rekengericht vakonderwijs in relevante vakken: aardrijkskunde, biologie, wiskunde, natuurkunde, scheikunde, techniek, economie, m&o het inpassen van het vak rekenen in het vak wiskunde Met de invoering van de wet Referentieniveaus rekenen ligt er voor de school de taak de leerlingen op het vereiste niveau te brengen. De referentieniveaus voor rekenen zijn ingesteld om een doorlopende leerlijn tussen de verschillende sectoren te kunnen realiseren voor deze vakken, zodat een doorstroming zonder problemen verloopt. Het gaat hier zowel om de overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs, als van voortgezet onderwijs naar vervolgonderwijs als MBO, HBO en universiteiten. De volgende referentieniveaus rekenvaardigheid zijn gepubliceerd: Niveau Fundamentele kwaliteit Drempel 1F Eind primair onderwijs Van po naar vo 2F Eind vmbo Van vmbo naar mbo of havo 3F Eind mbo-4 en havo Van havo en mbo-4 naar hbo 3F Eind vwo Van vo naar hbo, wo Bij de afsluiting van een opleiding in het VO worden de rekenvaardigheden via een centrale rekentoets getoetst. Via een overgangsregeling zal het resultaat meetellen in de zak/slaagregeling 1. 2 Visie / doelen De rekenvaardigheid is een basisvaardigheid die bij veel vakken een succesfactor is. Niet goed kunnen rekenen vormt vooral een belemmering bij de vakken, die hierboven als relevant zijn aangeduid. Betreffende vakdocenten moeten in hun vakles een bijdrage leveren aan de rekenontwikkeling van de leerlingen. De verantwoordelijkheid voor het onderhouden en uitbreiden van rekenvaardigheden ligt immers bij deze docenten. In die zin is iedere docent van een relevant vak óók een rekendocent. Het vak rekenen zelf echter moet, om de verantwoordelijkheid ervoor te kunnen dragen, bij één vak worden gelegd. Gezien de historie en de nauwe verwantschap is dat het vak wiskunde. Dat betekent dat voor het aanleren van vaardigheden het vak wiskunde ruimte moet maken in zijn leerplan. 1 De voornemens van het ministerie op dit punt zijn: vwo per examen 2017 meetellen in de kernvakkenregeling; havo examen 2017 cijfer moet 5 of hoger zijn; examen 2018 meetellen in de kernvakkenregeling; mavo examen 2017 cijfer moet 5 of hoger zijn; examen 2018 meetellen als cijfer. In de loop van 2016/2017 wordt hierover een besluit genomen. 2

Het voeren van een rekenbeleid moet leiden tot een verbetering van de schoolprestaties. Alle leerlingen worden daarbij gestimuleerd om een zo hoog mogelijk rekenniveau te bereiken. Om daar op een gestructureerde manier aan te kunnen bijdragen is het nodig dat er sprake is van: één verantwoordelijke schoolleider; deze heeft het rekenbeleid in zijn pakket. Uitgangspunt daarbij is dat de schoolleiding uitstraalt dat zij het rekenen belangrijk vindt en dat docenten en leerlingen daar in meegenomen worden. Dat betekent dat alle betrokken docenten samen concrete en haalbare afspraken maken op de inhoud van het rekenonderwijs en dat daar vervolgens ook op gestuurd wordt door de schoolleiding; één of meer rekencoördinatoren; deze hebben verantwoordelijkheden als verderop omschreven; aanbod van scholing in rekendidactiek voor wiskundedocenten en de docenten die de steunles verzorgen. Onderzoek laat zien dat succesvol rekenonderwijs mede bepaald wordt door de gehanteerde rekendidactiek. Voor leerlingen is het belangrijk om binnen de rekendidactiek veel aandacht te besteden aan het vergroten van het zelfvertrouwen ten aanzien van rekenen; regelmatig overleg tussen de wiskundedocenten over de rekendidactiek, rekenstrategieën, de opbouw van de rekenlessen en het gebruik van de methodes. Ook helpt het om hierbij de brochure van het Steunpunt met succesfactoren te gebruiken en zo met elkaar in gesprek te gaan over het rekenonderwijs; richtlijn is om een kwart van de vergadertijd aan rekenen te besteden regelmatig overleg tussen de wiskundedocenten, de steunlesdocenten en docenten van de relevante vakken. De docenten kunnen dan aangeven waar ze in hun lessen tegen aanlopen als het gaat om het rekenen. De rekendocenten kunnen toelichten welke afspraken er zijn over de voorkeursstrategieën ten aanzien van het rekenen. Een jaarlijkse studiedag (of een deel van een studiedag) over rekenen kan helpen bij de verdere afstemming tussen rekenen en andere zaakvakken/praktijkvakken. De vraag is dan: waar en wanneer in jullie vak wordt gerekend? Daardoor ontstaat meer inzicht/bewustwording van wanneer wat aan de orde komt, zodat ook de lesprogramma s beter op elkaar afgestemd kunnen worden. bekendmaken van de ouders met de voorkeurstrategieën rond rekenen die de school hanteert, waarbij ze gewezen worden op oefenwebsites (zoals beterrekenen) en oefenmateriaal van Gotit?!. Ook de hieronder genoemde rekenkaart zal daar een rol in spelen. Rekenvaardigheid verbeteren doen we samen en zal vruchten afwerpen naarmate meer docenten aandacht gaan besteden aan de rekenvaardigheid van leerlingen bij hun vak. 3 Beleid 3.1 Rekenonderwijs In de leerjaren 1, 2 en 3 zijn er binnen het vak wiskunde 12 lessen, die expliciet aan rekenen besteed zullen worden. Deze worden aan het begin van het schooljaar eens per week gegeven. In deze lessen zal uitsluitend rekenonderwijs worden verzorgd op het voor dat leerjaar passende niveau in de vorm van instructie en verwerking. De lessen starten met een nulmeting (afgeleid uit de afsluitende toets van het voorafgaande jaar en/of de instaptoets van Got.it?!). De lessenreeks zal worden afgesloten met een eindtoets, waarna op basis daarvan indeling in steunlessen zal volgen. 3

De vakgroep wiskunde bepaalt samen met de rekencoördinator de inhoud van deze lessen, waarbij via de rekencoördinator de andere relevante vakken onderwerpen kunnen aanleveren (inclusief de rekenstrategie waarmee ze gewend zijn te werken bij elk onderwerp), die op dat moment voor leerlingen relevant zijn in hun vakgebied. Vervolgens bepaalt de vakgroep wiskunde op welke wijze de vaardigheden worden aangeleerd en geoefend en zal deze werkwijze via de rekencoördinator aan de relevante vakken worden teruggegeven. De relevante vakken zullen zoveel als mogelijk is in hun vakgebied deze werkwijze gaan volgen (dat houdt in, dat zij zich committeren aan de afgesproken werkwijze binnen het Sint-Janslyceum, tenzij zij kunnen aantonen dat dat niet haalbaar is). Alle leerlingen krijgen een licentie van Got.it?!. De leerling is zelf medeverantwoordelijk voor het oefenen met rekenvaardigheden. Hoofdtaak van de wiskundedocenten is: instructie (tijdens de rekenlessen), monitoren en motiveren. Leerlingen zijn qua vaardigheidsniveau in te delen in drie groepen. Het is belangrijk dat duidelijk wordt bij welk van de drie categorieën elke leerling hoort, waarna een passende aanpak gekozen kan worden: zwakke rekenaars steunles met instructie en begeleid oefenen, gemiddelde rekenaars regelmatig onderhoud door wekelijks te oefenen en sterke rekenaars geheel zelfstandig naar eigen inzicht. Voor de relevante vakken geldt dat zij gebruik maken van de algemene rekentechnieken, zoals die via de rekenkaart zijn afgesproken en dat zij aangeven op welk moment welk onderdeel van het rekenen voor hen relevant is. In de leerjaren 1 en 2 en op H3, V3 en V4 worden voor het bijspijkeren steunlessen ingezet van januari tot juni; in de leerjaren 3M, 4H en 5V zijn er van september tot januari steunlessen voor de zwakke rekenaars waarin de inzet van de digitale methode wordt gecombineerd met instructiemomenten. De leerlingen die in januari een onvoldoende gehaald hebben krijgen verplicht steunles van maart tot juni en moeten verplicht deelnemen aan de herkansing van juni. Ook leerlingen die wel een voldoende hebben gehaald mogen de herkansing maken. In de examenklassen worden alleen steunlessen aangeboden aan die leerlingen, die in de voorexamenklas nog geen voldoende behaald hebben voor de rekentoets. Ook deze leerlingen krijgen een ictmethode en de steunlessen starten in september. De leerlingen moeten verplicht meedoen aan steunlessen en herkansingen totdat zij minimaal een zes gescoord hebben. Het streven is om de leerlingen vóór het examenjaar op minimaal een zes voor het eindrekenniveau te krijgen. 4

3.2 Toetsing Beleid is om in elk leerjaar de rekenvaardigheid van leerlingen te toetsen, volgens onderstaand schema. 1, 2H, 2V en 3V Instaptoets Got-it?!; diatoets 2 2M instaptoets 1F (Got-it?!); diatoets 3M instaptoets 2F (Got-it?!) rekentoets in januari, inhaal maart, herkansing juni 3H instaptoets 2F (Got-it?!); diatoets 4V instaptoets 3F (Got-it?!) 4H, 5V instaptoets 3F (Got-it?!) rekentoets in januari, inhaal maart, herkansing juni 4M, 5H, 6V herkansingen rekentoets in januari, maart 3 en inhaal juni De logistieke organisatie van de rekentoets en de gevalideerde toetsen wordt centraal geregeld en de resultaten worden in Magister gezet. De vakdocent wiskunde is (mede) verantwoordelijk voor de afname van de Got-it?! rekentoetsen. Meer en betere toetsen zijn een eerste stap, maar hebben alleen effect als de resultaten van de leerlingen worden geanalyseerd en gebruikt om de vorderingen te monitoren (zowel individueel als schoolbreed) en vervolgens gericht bij te sturen. De rekencoördinator brengt getotaliseerd in beeld hoe de cohorten het doen, hoe het bijspijkeren verloopt, en geeft aan waar bijsturing nodig lijkt. Bij beslissingen over de overgang wordt het referentieniveau rekenvaardigheid als factor meegewogen. Bij beslissingen over de overgang naar het examenjaar wordt het resultaat van de in het voorexamenjaar gemaakte rekentoets meegewogen. Het cijfer voor de rekentoets moet op dat moment voldoen aan wettelijke bepalingen hierover in de zak/slaagregeling, voor zover van toepassing. Voor leerlingen met dyscalculie is er een apart beleid (zie Ondersteuningsplan Sint- Janslyceum). De rekencoördinator zorgt voor de implementatie van dit beleid. De ER-toets wordt alleen aan leerlingen met een officiële dyscalculieverklaring ter beschikking gesteld. 3.3 Rekenkaart Er zijn twee rekenkaarten. Er is een kaart, die door leerlingen met gediagnosticeerde dyscalculie bij alle toetsen, ook de officiële rekentoets, gebruikt mag worden als hulpmiddel; deze kaart is als bijlage toegevoegd. (rekenkaart-1) 2 Got-it?! heeft geen toetsen met een benchmark of anderszins gevalideerd; daarvoor wordt Diatoets gebruikt. 3 De school mag in het voorexamenjaar twee maal de rekentoets afnemen. 5

Een tweede rekenkaart wordt ontworpen om leerlingen te helpen in het vergroten van hun rekenvaardigheden. Deze kaart mag in de leerfase op elk moment worden gebruikt, maar is niet toegestaan bij de toetsen. Deze rekenkaart zal in het schooljaar 2016/2017 worden ontworpen en getest in overleg met alle relevante vakgroepen. Deze rekenkaart zal mede moeten leiden tot een gestandaardiseerde aanpak van rekenvraagstukken. De rekencoördinator coördineert overleg tussen vakgroepen dat moet leiden tot een consensus over de rekenkaart-2. 4. Coördinatie en implementatie van het beleid Voor de bewaking van de implementatie en voor de coördinatie van het rekenbeleid is het nodig om hier een aanspreekpunt voor af te spreken. Hiervoor worden aparte taken rekencoördinator 2F en rekencoördinator 3F in het leven geroepen. De afdeling brugklas valt onder de 2F-coördinator. Taken van rekencoördinator: Bewaken van de implementatie van het rekenbeleid Ontwikkelen rekenkaart 2F en 3F Coördineren en voorzitten van overleg tussen de verschillende vakgroepen Adviseren van relevante vakgroepen over rekengericht vakonderwijs Stimuleren van bewustwording van rekenbeleid in de school Jaarlijks evalueren en ontwikkelen van het rekenbeleid i.s.m. de schoolleiding Monitoren van de rekenresultaten; verwijzing van leerlingen naar de steunlessen. Ten minste een deel van het jaar verzorgen van minstens één steunles per week ER-leerlingen speciaal programma laten volgen i.o.m. zorgcoördinator Plannen en organiseren diatoetsen wiskunde / rekenen Got-it?! toetsen organiseren in toetsweken bovenbouw Contact met methode (Got.it?!) Organisatie 3 rekentoetsen per jaar Organisatie jaarlijkse studiemiddag voor relevante vakgroepen en wiskunde Deze taak wordt gefaciliteerd met 100 klokuren per coördinator, in het schooljaar 2016/2017; aan het einde van dit schooljaar worden de taken en facilitering geëvalueerd en indien nodig aangepast. 6