Beeldkwaliteitplan Wolfsheide Wolfheze - gemeente Renkum 1 februari 2010
Beeldkwaliteitplan Wolfsheide Het stedenbouwkundig plan Opgesteld door: Van Wanrooij Van Schijndel Bouw- en ontwikkelingsmaatschappij bv In samenwerking met van Ede architecten 1 februari 2010 1
Ruimtelijk De ontwikkelingslocatie Wolfsheide aan de Sara Mansveltweg behelst in zijn totaliteit de bouw van 49 grondgebonden woningen in een nieuwe woonbuurt aan de Noordzijde van Wolfheze. Deze buurt sluit aan op de bestaande woonbuurt ten westen van de ontwikkelingslocatie. In de buurt worden 13 vrijstaande ( 6 projectmatig en 7 particulier opdrachtgeverschap ), 10 halfvrijstaande, 20 tussenwoningen en 6 hoekwoningen gerealiseerd. De bestaande Sara Mansveltweg wordt doorgetrokken in het plangebied. Hierdoor wordt het plangebied in twee delen verdeeld. In het noordelijke deel worden vrijstaande en halfvrijstaande woningen gerealiseerd. In het zuidelijke deel worden aaneengebouwde woningen, twee onder een kapwoningen en vrijstaande woningen gerealiseerd.. Structuur Het plangebied is een voortzetting van de Sara Mansveltweg, deze loopt van west naar oost door het plangebied en wordt beëindigd door een lus. De twee woonstraten in de noord zuid richting ontsluiten de aangrenzende woningen. Als voortzetting van de schaal van de bestaande bebouwing langs het eerste deel van de Sara Mansveltweg, worden langs het verlengde van de Sara Mansveltweg hoekwoningen, vrijstaande woningen en half vrijstaande woningen gerealiseerd. De nieuw te realiseren woningen direct grenzend aan de bestaande woningen aan de Sara Mansveltweg hebben de dezelfde oost-west oriëntatie als de bestaande woningen. Tezamen met de kleinere schaal van bebouwing langs het verlengde van de Sara Mansveltweg, zorgt dit voor een geleidelijke overgang van de bestaande bebouwing naar dit nieuw te realiseren plangebied. De verschillende woningen in het plangebied 2
Woningtypologie In de ontwikkelingslocatie wordt bij de voorgestane ontwikkeling een aantal verschillende woningen gerealiseerd. Door de variatie aan woningtypes wordt het dorpse karakter van de uitbreiding benadrukt. Doordat vrijstaande, halfvrijstaande en aaneengebouwde woningen naast elkaar voorkomen is het straatbeeld afwisselend. Aan de randen van de ontwikkelingslocatie komen vrijstaande en half vrijstaande woningen voor. Deze woningen zijn met de achtertuinen naar het buitengebied gericht. Hierdoor ontstaat een zachte, groene dorpsrand. In het westelijk deel van de ontwikkelingslocatie, aangrenzend aan de bestaande bebouwing, zijn de aaneengebouwde woningen gesitueerd. Hier wordt aangesloten op de bestaande bebouwing van het dorp Wolfheze. In de uitwerking van de woningen in het plangebied, moeten met name langs de Sara Mansveltweg en de beide woonstraten, kopgevels worden vermeden. De woningen dienen zich op de openbare ruimte te oriënteren. De zeven particuliere bouwkavels zijn verdeeld door het plangebied. Drie kavels zijn gesitueerd aan de oostzijde van het plangebied en vier kavels aan de zuidzijde, aangrenzend aan de Johannahoeveweg. De tuinen van de kavels zorgen voor een natuurlijke overgang in de bosomgeving. Voorwaarden beeldkwaliteit en bouwvoorschriften Het streven naar samenhang in de beleving van het woongebied en de verhoging van de omgevingskwaliteit verlangt een hoogwaardige architectonische kwaliteit en samenhang van de woningen en de openbare ruimte. In deze deelparagraaf zullen er uitspraken worden gedaan over de beoogde beeldkwaliteit en zijn er bouwvoorschriften opgesteld. De architectuur in het plangebied 3
Beeldkwaliteit De beeldkwaliteitvoorschriften vormen een toetsingskader dat aanvullend is op de in het bestemmingsplan vastgestelde ruimtelijke kaders. Anders gezegd: het bestemmingsplan bepaalt de situering en de afmetingen van de bebouwing, de beeldkwaliteitvoorschriften hebben betrekking op de uiterlijke verschijningsvorm. De beeldkwaliteitsvoorschriften dienen in eerste instantie als inspiratie. In tweede instantie vormen zij het toetsingskader dat door de welstandscommissie bij het beoordelen van het bouwplan zal worden gehanteerd. Als gemeenschappelijke bouwstijl voor de wijk is grotendeels gekozen voor een heldere baksteenarchitectuur. Eenvoudige hoofdvormen waarbij de voorgevel in de voorgevelrooilijn staat. Er komen hellende daken op de woningen, de daken worden gedekt met bij voorkeur keramische pannen. De kaprichting is evenwijdig aan of haaks op de voorgevelrooilijn. De woningen in het plangebied hebben een donkere plint, bruin/antraciet, welke als koppelend element dient voor het plangebied. Aan de hoofdvormen kunnen eventueel aanbouwen worden gemaakt als accent voor de woning. De materialen en de kleuren hebben een natuurlijk karakter, welke aansluit in zijn omgeving. Er worden geschilderde houten kozijnen toegepast, voor de kozijnen geldt een verticale geleding. Voor het westelijk deel van het plangebied wordt er gekozen voor een architectuur welke aansluit op de bestaande bebouwing ten westen van het plangebied, voor het oostelijk deel wordt de aansluiting gezocht bij de groene omgeving en zal er een tuindorpachtige uitstraling ontstaan. De buitenbergingen van de aaneengesloten woningen hebben ook een natuurlijk karakter, hout of metselwerk in overeenstemming met de hoofdmassa. Eenheid wordt gevormd door het gelijke kleurenpalet en door de openbare ruimte. Kleur metselwerk en pannen Aan de vrijstaande en halfvrijstaande woningen langs de lus van de Sara Mansveltweg, worden de volgende beeldprincipes/stijlkenmerken gekoppeld, die bij het ontwerp van een woning in acht genomen moeten worden. - Een tuindorpachtige uitstraling voor het deelgebied van de vrijstaande en halfvrijstaande woningen. Opvallend en kenmerkend hiervoor zijn de forse dakoverstrekken, de brede goten, erkers en entreepartijen. - De woning heeft een duidelijk hoofdmassa en een forse kap. Alle hoofdgebouwen dienen van een kap te worden voorzien. Kappen hebben een royale overstek van circa 0,3 m. (Samengestelde) zadeldaken zijn de hoofdvormen. - De beide halfvrijstaande woningen vormen tezamen één geheel met een eigen karakter. Een wisselende kaprichting of een toevoeging van secundaire bouwdelen geven de individuele woning zijn eigen karakter. - De woning dient georiënteerd te zijn op de straat en kent een eigen tuin. Ook de woningen op de hoek van twee straten richt zich op de beide straten. 4
- Een duidelijke hiërarchie in hoofd- en nevenvolumes. De compositie is een aaneenschakeling van eenvoudige, afleesbare bouwvolumes, met enkelvoudige dakrichtingen. De nevenvolumes dienen terug te worden geplaatst ten opzichte van de hoofdvolumes, zowel om de hoofdvolumes te laten spreken in het straatbeeld, als om voldoende opstelruimte voor de auto te creëren op eigen terrein. - Een eenduidig concept: architectuur, compositie, materiaalgebruik en detaillering vormen een samenhangend geheel. - De woning kent baksteen als hoofdmateriaal de kleur is rood/bruin met een beige rode baksteen voor de accenten. De woningen hebben een plint van donker metselwerk, bruin/antraciet. - De woningen worden voorzien van hellende daken, een natuurlijk karakter voor de daken is uitgangspunt. Wanneer een pannendak wordt toegepast heeft deze een antraciet kleur. - De gevelopeningen zijn duidelijk uitgesneden in het metselwerk. De kozijnen zijn daarbij van hout. - Dakvlakken dienen als geheel herkenbaar te blijven. Dakkapellen dienen onder in het dakvlak, maar wel los van de goot te worden geplaatst. - Aanbouwen aan de voorzijde dienen ondergeschikt te zijn aan de gevel als geheel. Ze mogen de samenhang niet verstoren en dienen te passen in de architectonische identiteit van de woningen. - Van de toe te passen materialen dient een monster te worden getoond. De kleuren van de kozijnen en panelen moet met een Ral nummer worden aangeduid: zorgvuldige detaillering van goten, overstekken, erkers, horizontale en verticale accenten. Bij voorkeur gebruik maken van natuurlijke materialen voor de daken, maar ook voor goten en hemelwaterafvoeren, geen pvc. - De overgang van de privéruimte naar de openbare ruimte dient in het ontwerp te worden meegenomen. De erfafscheiding aan de voorzijde uitvoeren met hagen van een inheemse soort met een beperkte hoogte (0,6 m). Sfeerbeeld bij de vrijstaande en halfvrijstaande woningen 5
Bouwvoorschriften Aanvullende bouwvoorschriften ten opzichte van het bestemmingsplan, voor de vrijstaande woningen. - De diepte van het hoofdgebouw mag niet meer dan 12 meter bedragen. - Afstand tot zijdelingse perceelsgrens voor een hoofdgebouw: minimaal 2 meter. Bijgebouwen voor de vrijstaande en halfvrijstaande woningen: - Bijgebouwen moeten ten minste 2 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd. - Naast het hoofdgebouw dient één der zijstroken binnen een afstand van 2 meter tot de zijdelingse perceelsgrens vrij van bijgebouwen te blijven. voorbeelden Aan de vrijstaande woning ten zuiden van de entree van het plangebied worden de volgende beeldprincipes/stijlkenmerken gekoppeld, die bij het ontwerp van een woning in acht genomen moeten worden. - Een heldere baksteenarchitectuur, welke aansluit bij de bestaande bebouwing in het eerste, bestaande deel langs de Sara Mansveltweg en de nieuwe aaneengesloten bebouwing. - De woning heeft een duidelijk hoofdmassa met een kap. Alle hoofdgebouwen dienen van een kap te worden voorzien. Kappen hebben een royale overstek van circa 0,3 m. zadeldaken zijn de hoofdvormen. - De woning aan de Sara Mansveltweg wordt voorzien van een uitbouw welke zich richt op de Sara Mansveltweg en welke dezelfde uitstraling heeft als de uitbouw van de eindwoning van de aaneengesloten woningen. - De woning dient georiënteerd te zijn op de straat en kent een eigen tuin. - Een eenduidig concept: architectuur, compositie, materiaalgebruik en detaillering vormen een samenhangend geheel. - De woning kent baksteen als hoofdmateriaal de kleur is rood/bruin met een beige rode baksteen voor de accenten. De woning heeft een plint van bruin/antraciet metselwerk. De daken zijn voorzien van (keramische) pannen in een antraciet kleur. - De gevelopeningen zijn duidelijk uitgesneden in het metselwerk. De kozijnen zijn daarbij van hout. - Dakvlakken dienen als geheel herkenbaar te blijven. Dakkapellen dienen onder in het dakvlak, maar wel los van de goot te worden geplaatst. - De overgang van de privéruimte naar de openbare ruimte dient in het ontwerp te worden meegenomen. De erfafscheiding aan de voorzijde uitvoeren met hagen van een inheemse soort met een beperkte hoogte (0,6 m). 6
Aan de aaneengesloten woningen worden de volgende beeldprincipes/stijlkenmerken gekoppeld, die bij het ontwerp van een woning in acht genomen moeten worden. - Een dorpse ingetogen uitstraling, welke aansluit bij de bestaande bebouwing in het eerste, bestaande deel langs de Sara Mansveltweg. - De woning heeft een duidelijk hoofdmassa met een kap. Alle hoofdgebouwen dienen van een kap te worden voorzien. Kappen hebben een overstek, zadeldaken zijn de hoofdvormen. - Doormiddel van het verspringen van de voorgevelrooilijn het schuiven van de blokken plus accenten op de koppen wordt de schaal van de woningen teruggebracht naar de maat van de bestaande bebouwing in de omgeving. - De eindwoningen aan de Sara Mansveltweg worden voorzien van een uitbouw welke zich richt op de Sara Mansveltweg. - De woning dient georiënteerd te zijn op de straat en kent een eigen tuin. - Een eenduidig concept: architectuur, compositie, materiaalgebruik en detaillering vormen een samenhangend geheel. - De woning kent baksteen als hoofdmateriaal de kleur is rood/bruin met een beige rode baksteen voor de accenten. De woningen hebben een plint van bruin/antraciet metselwerk. De daken zijn voorzien van (keramische) pannen in een antraciet kleur. - De gevelopeningen zijn duidelijk uitgesneden in het metselwerk. De kozijnen zijn daarbij van hout. - Dakvlakken dienen als geheel herkenbaar te blijven. Dakkapellen dienen onder in het dakvlak, maar wel los van de goot te worden geplaatst. - De overgang van de privé-ruimte naar de openbare ruimte dient in het ontwerp te worden meegenomen. De erfafscheiding aan de voorzijde uitvoeren met hagen van een inheemse soort met een beperkte hoogte (0,6 m). Sfeerbeeld bij de aaneengesloten woningen 7
Erfafscheidingen Het plangebied aan de Sara Mansveltweg krijgt een groen karakter. Aan de zuidzijde van de Sara Mansveltweg komt een rij bomen in een infiltratiegebied. In de lus als beëindiging van de Sara Mansveltweg komt een groen plein, een plek met bomen en een infiltratie zone waarin zwerfkeien worden opgenomen. Door het bomenplein wordt de aansluiting naar het bosgebied de Johannahoeve gemaakt. Het plangebied wordt verder omringt met groen. De erfafscheidingen zullen dan ook door middel van groene afscheidingen worden gerealiseerd. Aan de voorzijde tussen privé en openbaar worden de erfscheidingen uitgevoerd door middel van inheemse hagen, met een beperkte hoogte. Aan de zijdelingse perceelsgrenzen tussen privé en openbaar komen hogere schermen, bestaande uit een borstwering van metselwerk, antraciet als de plint, 60 centimeter hoog en een gaaswerk van 120 centimeter hoog ten behoeve van begroeiing. Volledig begroeit gaaswerk van 180 cm hoog zal deels worden toegepast, zoals op tekening aangegeven, op plaatsen waar een scheiding tussen tuin en openbaar gebied wenselijk is. De plaats en de soort haag en groenafscheidingen in het plangebied 8