Databank Gemeentelijk Groenbeheer individuele rapportage boekjaar 2009 Gemeente
Databank Gemeentelijk Groenbeheer Individuele Rapportage boekjaar 2009 C.M. Niemeijer / C.A. van den Berg J.J. de Jong R.A. Smidt J.H. Spijker (projectleiding) De gegevens in deze voorbeeldrapportage zijn volledig fictief Databank Gemeentelijk Groenbeheer Alterra, Wageningen, 2011
Colofon Databank Gemeentelijk Groenbeheer, Individuele rapportage boekjaar 2009 Overzicht en analyse van cijfers op gemeentelijk niveau van het beheer van het openbaar groen, als aanvulling op Databank Gemeentelijk Groenbeheer Rapportage boekjaar 2009 C.M. Niemeijer / C.A. van den Berg J.J. de Jong R.A. Smidt J.H. Spijker (projectleiding) Wageningen, 2011 Contact J.J. de Jong, tel.: 0317-48 50 24; e-mail: Anjo.deJong@wur.nl J.H. Spijker, tel.: 0317-48 49 90; e-mail: Joop.Spijker@wur.nl www.databankgroenbeheer.nl 2011 Alterra Postbus 47; 6700 AA Wageningen; Nederland tel.: (0317) 474700; fax: (0317) 419000; e-mail: info.alterra@wur.nl Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Alterra. Alterra aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek of de toepassing van de adviezen.
Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 5
Inhoud 1 Inleiding 8 1.1 De Databank Gemeentelijk Groenbeheer 8 1.2 Wat vindt u in deze individuele rapportage 8 1.3 Wijzigingen in de rapportage 8 1.4 Leeswijzer 9 2 Benchmark van de gemeentelijke gegevens 10 2.1 Analyse op hoofdlijnen 10 2.1.1 Basisgroen 10 2.1.2 Totaal gemeentelijk openbaar groen 10 2.2 Samenstelling van het groen 11 2.2.1 Basisgroen 11 2.2.2 Totaal gemeentelijk openbaar groen 12 2.3 Kwaliteit 13 2.4 Analyse van de verschillen per beheercategorie 14 2.4.1 Analyse van de beheercategorie Gazon 14 2.4.2 Analyse van de beheercategorie Struiken 15 2.4.3 Analyse van de beheercategorie Plantenperken 16 2.5 Analyse van de tarieven 17 Bijlage 1 Gebruiksaanwijzing van deze rapportage 19 Bijlage 1.1 Begripsbepalingen en definities 19 Bijlage 1.2 Berekening van de kosten 21 Bijlage 1.3 Aanduiding van verschillen 22 Bijlage 1.4 Basisgroen 23 Bijlage 1.5 Overige beheercategorieën, niet basisgroen, binnen de bebouwde kom 24 Bijlage 1.6 Gemeentelijk openbaar groen buiten de bebouwde kom 25 Bijlage 1.7 Lijst van afkortingen en begrippen 26 Bijlage 2 Karakterisering gemeente Benchmarkermeer 27 6 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 3 Gegevens gemeenten in eigen grootteklasse 29 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 7
1 Inleiding 1.1 De Databank Gemeentelijk Groenbeheer De Databank Gemeentelijk Groenbeheer (DGG) verzamelt bedrijfsgegevens van gemeentelijk groenbeheer bij gemeenten die zich aangesloten hebben bij het project DGG. De DGG brengt jaarlijks een algemene rapportage uit met kengetallen van het gemeentelijk openbaar groen gebaseerd op de gegevens die van de deelnemende gemeenten verkregen worden. In die rapportage vindt u gedetailleerde bijzonderheden over het project. De laatste verschenen algemene rapportage is die over boekjaar 2009 (Alterra, 2010). 1.2 Wat vindt u in deze individuele rapportage De individuele rapportage bevat naast de gegevens van uw gemeente de algemene kengetallen (alle gemeenten) en de kengetallen van vergelijkbare gemeenten. Meer informatie over deze kengetallen en de achtergronden daarvan staan beschreven in de algemene rapportage (Alterra, 2010). Hiervoor wordt u naar die rapportage doorverwezen. In deze individuele rapportage staan de cijfers van uw gemeente centraal. In deze individuele rapportage vindt een vergelijking plaats met de gegevens van de gemeenten in de databank en met een selectie hieruit van vergelijkbare gemeenten. Hierbij gaat het om inventarisatiegetallen van boekjaar 2009, aangevuld met voor inflatie gecorrigeerde kengetallen van boekjaar 2008 en 2007. Voor de individuele rapportage zijn als basis de gegevens gebruikt zoals die door uw gemeentelijke groendienst zijn aangeleverd. Die gegevens zijn gerubriceerd en verwerkt. Vervolgens zijn de individuele resultaten vergeleken met de kengetallen van andere gemeenten. Deze individuele rapportage vormt zo de basis voor de benchmark van het gemeentelijk groen binnen de bebouwde kom van uw gemeente. Bij de analyse van de benchmark worden enkele in het oog springende verschillen of overeenkomsten aangegeven in vergelijking met de grootteklasse van uw gemeente. Cijfers die een vergelijk maken naar overeenkomstige bodemsoort of stedelijkheidsklasse, worden wel gepresenteerd maar worden niet verder geanalyseerd of gespecificeerd omdat is gebleken dat die klassen een minder groot effect hadden op de kosten. 1.3 Wijzigingen in de rapportage In deze rapportage van boekjaar 2009 van uw gemeente is een aantal wijzigingen aangebracht ten opzichte van de rapportage over 2008: De gebruiksaanwijzing staat in bijlage 1 in plaats van in de hoofdtekst. 8 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bij de analyse op hoofdlijnen zijn naast kengetallen voor het basisgroen binnen de bebouwde kom ook kengetallen voor het totale gemeentelijke groen binnen de kom opgenomen. In diverse tabellen is het procentuele verschil aangegeven tussen de waarden van eigen kengetallen en die van het gemiddelde van de gemeenten in de eigen grootteklasse. Bij de analyse in de tekst wordt niet meer van elk kengetal het verschil met de benchmark besproken. In de tabellen zijn ten behoeve van de overzichtelijkheid geen cijfers meer opgenomen van de gemeenten van dezelfde stedelijkheidsklassen of overwegende bodem. In de meeste tabellen is nu ook de mediaan weergegeven. Dit getal geeft de middelste waarneming aan, waarbij 50% van de gemeenten een hoger en 50% een lager kengetal heeft. Natuurlijk worden in de tabellen ook de gemiddelden vermeld; van alle gemeenten en van de gemeenten van uw grootteklasse. De volgorde waarin de gegevens worden gepresenteerd is veranderd. Na de analyse op hoofdlijnen volgt eerst een overzicht van de samenstelling van het groen, en daarna wordt ingegaan op de kosten per beheercategorie en subcategorie. Naast de cijfers van de subcategorieën van de struiken zijn nu ook cijfers van de subcategorieën van gazon en plantenperken opgenomen. 1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de benchmark van de gemeentelijke gegevens weergegeven. Paragraaf 2.1 geeft een analyse op hoofdlijnen van het basisgroen en het totale groen. daarna wordt in paragraaf 2.2 de samenstelling van het groen besproken. In paragraaf 2.3 wordt ingegaan op de kwaliteit van het groen. De kengetallen per beheercategorie en subcategorie komen aan de orde in paragraaf 2.4. Ten slotte worden in paragraaf 2.5 de tarieven vergeleken. Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 9
2 Benchmark van de gemeentelijke gegevens In de volgende paragrafen worden kengetallen gepresenteerd van de gemeente Benchmarkermeer in combinatie met kengetallen van alle gemeenten in de databank en kengetallen van de in grootte vergelijkbare gemeenten. De gebruikte vergelijkingscijfers zijn steeds genomen van de totalen inclusief die van de eigen gemeente. 2.1 Analyse op hoofdlijnen In onderstaande tabel worden de resultaten van de gemeente Benchmarkermeer (grootteklasse 20 50.000 inwoners) vergeleken met de (afgeronde) kengetallen uit de algemene rapportage m.b.t. de hoeveelheid en kosten van het basisgroen. Voor nadere gegevens en specificatie zie Bijlage 3. 2.1.1 Basisgroen In de vergelijking (Tabel 1) tussen de gemeente Benchmarkermeer t.o.v. gemeenten met 20-50.000 inwoners valt voor het basisgroen het volgende op: De hoeveelheid groen per inwoner is sterk hoger dan de benchmark De hoeveelheid groen per huishouden is sterk hoger dan de benchmark De kosten per inwoners zijn fors hoger dan de benchmark De kosten per huishouden zijn fors hoger dan de benchmark Tabel 1. Hoofdlijnen over 2009: aantal waarnemingen (n), hoeveelheden en kosten van het basisgroen n hoeveelheid kosten m 2 /inw m 2 /hh /m 2 /inw /hh Benchmarkermeer 23,9 57,5 1,15 27,34 65,88 Verschil met eigen grootteklasse +44% +47% +12% +62% +66% Alle gemeenten 43 15,2 31,9 0,90 13,63 28,60 Eigen grootteklasse 21 16,6 39,0 1,02 16,88 39,74 Mediaan 43 17,4 41,4 0,93 18,01 41,03 2.1.2 Totaal gemeentelijk openbaar groen In de vergelijking (Tabel 2) tussen de gemeente Benchmarkermeer t.o.v. gemeenten met 20-50.000 inwoners valt voor het totale gemeentelijk openbar groen het volgende op: De hoeveelheid basisgroen per inwoner is weinig lager dan de benchmark 10 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
De hoeveelheid basisgroen per huishouden is weinig lager dan de benchmark De kosten per vierkante meter basisgroen zijn duidelijk hoger dan de benchmark De kosten per huishouden zijn duidelijk hoger dan de benchmark De vraag naar groen wordt in de Nota Ruimte gekwantificeerd in de vorm van een richtgetal van 75 m 2 (totaal) groen per woning, te realiseren in de stad. [...] Bomen, struiken, en bloemperken, verspreid over de hele stad, worden geprefereerd boven parken op een paar plekken in de stad. (Publicatie RLG 05/6, juni 2005) Tabel 2. Hoofdlijnen over 2009: aantal waarnemingen (n), hoeveelheden en kosten van het totale gemeentelijk openbare groen n hoeveelheid kosten m 2 /inw m 2 /hh /m 2 /inw /hh Benchmarkermeer 24,9 59,9 1,29 32,32 77,86 Verschil met eigen grootteklasse -8% -6% +17% +9% +12% Alle gemeenten 43 24,6 51,6 1,00 24,60 51,62 Eigen grootteklasse 21 26,9 63,4 1,10 29,66 69,81 Mediaan 43 21,8 47,8 1,14 23,26 55,25 2.2 Samenstelling van het groen 2.2.1 Basisgroen Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 25,2% 1,2% 45,1% 26,5% 1,1% 1,2% 45,1% 34,3% 46,8% Struiken Ruw gras Planten Bomen Gazon 28,4% 0,1% 27,1% 0,2% 17,7% 0,1% Figuur 1 Oppervlakteverdeling van de beheercategorieën bij Benchmarkermeer, alle deelnemende gemeenten en de betreffende grootteklasse Opvallend aan de oppervlakteverdeling van Benchmarkermeer ten opzichte van de benchmark is: dat het aandeel ruw gras fors groter is Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 11
en dat het aandeel het aandeel struiken sterk lager is Voor de overige beheercategorieën zijn de aandelen vergelijkbaar. Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 11,5% 20,9% 17,6% Struiken Bomen 13,4% 58,2% 47,5% 1,2% 19,8% 56,7% 19,2 Ruw gras Planten Gazon 15,7% 5,4% 6,3% 2,5% 3,9% Figuur 2. Kostenverdeling van de beheercategorieën bij Benchmarkermeer, alle deelnemende gemeenten en de betreffende grootteklasse Opvallend aan de kostenverdeling van Benchmarkermeer ten opzichte van de benchmark is: het duidelijk lagere aandeel kosten voor bomen dat het aandeel kosten voor ruw gras fors hoger is, en dat voor gazon duidelijk lager dat het aandeel kosten voor struiken gelijk is bij een aanzienlijk kleiner oppervlakte-aandeel 2.2.2 Totaal gemeentelijk openbaar groen Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 4% 0% 0% 0% 12% 2% 15% 11% 3% 15% Bos Overig groen Water en oevers 70% 1% 70% 1% Basisgroen Wegen en paden 96% Figuur 3. Oppervlakteverdeling van de beheercategorieën bij Benchmarkermeer, alle deelnemende gemeenten en de betreffende grootteklasse Opvallend aan de oppervlakteverdeling van Benchmarkermeer ten opzichte van de benchmark is: dat het aandeel basisgroen duidelijk groter is dat Benchmarkermeer slechts weinig bos heeft binnen de bebouwde kom het overig in beheer zijnde groen geen water en oevers bevat. 12 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
2.3 Kwaliteit Naast de kosten en de hoeveelheden van het groen zijn ook gegevens verkregen over de kwaliteit van het groen. Die is ingedeeld in vier klassen, van A (de hoogste kwaliteit) tot D (de laagste kwaliteit). In Figuur 4 zijn die resultaten grafisch weergegeven. De kwaliteit van het basisgroen voor Benchmarkermeer (nog geen C) is duidelijk lager dan het gemiddelde (B) van vergelijkbare gemeenten. A B C D benchmarkermeer 20.000-50.000 inw, n= 11 Alle gem., n= 25 Figuur 4. Kwaliteit van het basisgroen, boekjaar 2009 In Figuur 5 is de kwaliteit per beheercategorie weergegeven. De algemene kwaliteit wordt bepaald door de kwaliteiten van de beheercategorieën. De kwaliteit van de categorie plantenperken (A) is zeer hoog bij een lage waarde voor kosten per vierkante meter. De score van kwaliteit van de overige categorieën ligt duidelijk onder die van de gemeenten uit dezelfde grootte-klasse. Opvallend is ruw gras dat met een hoge vierkante-meterprijs beheerd wordt, maar een zeer lage kwaliteit heeft (voor een mogelijk verband van kwaliteit en kosten, zie ook Tabel 3). De vraag doet zich voor of de gemiddelde kwaliteit van ruw gas binnen de bebouwde kom van D wel volledig recht doet aan de werkelijke situatie. Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 13
A B C benchmarkermeer D 20.000-50.000 inw, n= 11 Alle gem., n= 25 Bomen (geen bos) Gazon Ruw gras, bemaaid Beheercategorie Struiken Plantenperken Figuur 5. Kwaliteit van het groen per beheercategorie, boekjaar 2009 2.4 Analyse van de verschillen per beheercategorie In Tabel 3 zijn voor de verschillende beheercategorieën de kosten per vierkante meter weergegeven, voor de eigen gemeente, voor alle gemeenten in de databank, en voor vergelijkbare gemeenten. Tabel 3. Kosten per vierkante meter per beheercategorie boekjaar 2009 n kosten (euro per m 2 ) Bomen* (geen bos) Gazon Ruw gras Struiken Plantenperken Benchmarkermeer 9,76 0,31 0,30 2,42 9,46 Verschil met eigen grootteklasse -7% +8% +89% +107% -47% Alle gemeenten 43 11,67 0,27 0,12 1,11 15,84 Eigen grootteklasse 21 10,46 0,29 0,16 1,17 17,87 Mediaan 43 8,84 0,30 0,13 1,19 14,48 * bomen: stuks Opvallend zijn: De kosten per vierkante meter ruw gras zijn fors hoger dan de benchmark De kosten per vierkante meter struiken zijn fors hoger dan de benchmark De kosten per vierkante meter plantenperken zijn sterk lager dan de benchmark 2.4.1 Analyse van de beheercategorie Gazon In de beheercategorie Gazon heeft de gemeente Benchmarkermeer slechts één subcategorie: intensief beheerd. Voor deze subcategorie geldt dat de kosten per 14 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
vierkante meter vergelijkbaar zijn met die van het gemiddelde van overige gemeenten. Tabel 4. Kosten per vierkante meter gazon per subcategorie boekjaar 2009 n kosten (euro per m 2 ) Gazon niet verder gesp. intensief beheerd extensief beheerd Benchmarkermeer 0,31-0,31 - Verschil met eigen grootteklasse +8% - -2% - Alle gemeenten 43 0,27 0,26 0,32 0,10 Eigen grootteklasse 21 0,29 0,20 0,32 0,13 Mediaan 43 0,30 0,47 0,31 0,14 Benchmarkermeer onderscheidt binnen de beheercategorie gazon slechts intensief beheerd gazon. Van al het gazon van de gemeenten in dezelfde grootteklasse bestaat het grootste deel (83%) uit intensief beheerd gazon, maar daarnaast ook voor 12% uit extensief beheerd gazon, dat minder frequent wordt gemaaid en daardoor goedkoper is. (Figuur 6). Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 0% 2% 12% 5% 19% extensief beheerd intensief beheerd 100% 79% 83% niet verder gespecificeerd Figuur 6. Oppervlakteverdeling van de subcategorieën binnen de beheercategorie gazon 2.4.2 Analyse van de beheercategorie Struiken In de beheercategorie struikbeplantingen heeft de gemeente Benchmarkermeer de data uitgesplitst naar verschillende subcategorieën. De meest opvallende verschillen met de groep gemeenten van dezelfde grootteklasse zijn: De kosten per vierkante meter gazon, niet verder gespecificeerd, geschoren hagen/heggen zijn fors hoger dan de benchmark De kosten per vierkante meter gazon, intensief beheerd, sierheesters opgaand zijn fors hoger dan de benchmark De kosten per vierkante meter gazon, extensief beheerd, bosplantsoen, heesters opgaand zijn fors hoger dan de benchmark Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 15
De kosten per vierkante meter niet verder gespecificeerd gazon bodembedekkende heesters zijn duidelijk hoger dan de benchmark De kosten per vierkante meter niet verder gespecificeerd gazon beplanting 3 jaar of jonger zijn fors lager dan de benchmark Tabel 5. Kosten per vierkante meter per subcategorie boekjaar 2009 n kosten (euro per m 2 ) Struiken hagen/ heggen sierheesters bosplantsoen bodemb. heesters struikrozen 3 jaar of jonger Benchmarkermeer 2,42 4,95 4,77 1,25 1,83 3,42 0,26 Verschil met eigen grootteklasse +107% +78% +191% +202% +15% +7% -71% Alle gemeenten 43 1,11 2,75 1,69 0,48 1,72 4,12 1,34 Eigen grootteklasse 21 1,17 2,78 1,64 0,41 1,59 3,21 0,88 Mediaan 43 1,19 2,58 1,55 0,38 1,62 4,23 1,03 Het totaalbeeld van de oppervlaktebezetting in de beheercategorie struiken wijkt aanzienlijk af van de benchmark. De beheercategorie Struiken bestaat bij Benchmarkermeer voor het grootste deel uit bosplantsoen, maar ook maar ook bodembedekkende heesters en sierheesters hebben een groot aandeel. Het aandeel bodembedekkende heesters is aanzienlijk groter dan de het gemiddelde van andere gemeenten, terwijl het aandeel bosplantsoen lager is. Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 13% 0% 10% 2% 8% 1% 1% 2% 8% 10% 1% 4% 9% niet verder gespecificeerd 3% 25% 21% 49% 31% 42% 32% geschoren hagen/heggen sierheesters opgaand bosplantsoen, heesters 28% bodembedekken de heesters struikrozen beplanting 3 jaar of jonger Figuur 7. Oppervlakteverdeling van de subcategorieën binnen de beheercategorie struiken 2.4.3 Analyse van de beheercategorie Plantenperken In de beheercategorie Plantenperken heeft de gemeente Benchmarkermeer de data deels uitgesplitst naar verschillende subcategorieën, te weten niet gespecificeerd en vaste planten. Voor de subcategorieën in de beheercategorie 16 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Plantenperken geldt dat de kosten per vierkante meter in vergelijking met gemeenten uit de vergelijkbare grootteklasse voor de subcategorie vaste planten fors hoger zijn dan de benchmark de verder niet gespecificeerde planten zijn fors lager zijn. Tabel 6. Kosten per vierkante meter per subcategorie boekjaar 2009 n kosten (euro per m 2 ) Planten perken Niet verder gespecif. eenjarigen vaste planten plantenbakken Benchmarkermeer 9,46 9,11-11,05 - Verschil met eigen grootteklasse -47% - 65 % - +174% - Alle gemeenten 43 15,84 13,98 30,80 7,53 151,15 Eigen grootteklasse 21 17,87 25,86 36,91 4,03 197,94 Mediaan 43 14,48 21,83 43,27 9,84 325,42 De beheercategorie plantenperken bestaat bij Benchmarkermeer voor 85% uit vaste planten; de rest is niet nader geduid. Dit verschilt aanzienlijk van de gemiddelde opbouw binnen de eigen grootteklasse (Figuur 8. Oppervlakteverdeling van de subcategorieën binnen de beheercategorie. Benchmarkermeer alle gemeenten 20-50.000 inw 0% 15% 4% 8% 8% 2% 28% niet verder gespecificeerd eenjarigen 0% 57% 13% vaste planten plantenbakken 85% 80% Figuur 8. Oppervlakteverdeling van de subcategorieën binnen de beheercategorie plantenperken 2.5 Analyse van de tarieven De gemeente Benchmarkermeer maakt gebruik van een eigen binnendienst voor coördinatie, planning ed. De uitvoerende werkzaamheden worden (voor een deel) door een eigen buitendienst gedaan. In Tabel 7 zijn de tarieven voor de eigen medewerkers weergegeven in vergelijking met die van andere gemeenten. Daarnaast is aangegeven welk deel van de kosten voor het groen (binnen en buiten de bebouwde kom) bestaat uit kosten voor eigen medewerkers. Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 17
Tabel 7. Tarieven (incl. overhead) voor de eigen medewerkers, en het aandeel van de kosten voor eigen medewerkers op de totale kosten voor groen (binnen en buiten de bebouwde kom) n Tarief gemiddeld (euro per uur) Binnendienst Buitendienst Benchmarkermeer 64,80 37,60 10% 18% Verschil met grootteklasse 20.000-50.000 inw + 47% +30% Alle gemeenten 43 45 28 7% 18% Eigen grootteklasse 21 44 29 10% 43% Aandeel kosten eigen medewerkers in totale kosten Binnendienst Buitendienst In vergelijking met gemeenten van dezelfde grootteklasse blijkt dat: De tarieven voor medewerkers van de binnendienst en buitendienst wijken sterk afwijken van die bij vergelijkbare gemeenten Indien voor Benchmarkermeer de gemiddelde tarieven zouden worden gehanteerd, dan zouden de totale kosten 7% lager zijn. 18 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 1 Gebruiksaanwijzing van deze rapportage In deze rapportage wordt een aantal begrippen gebruikt die een toelichting vergen. In de onderstaande paragrafen worden die begrippen toegelicht. Bijlage 1.1 Begripsbepalingen en definities Beheercategorie Een beheercategorie is een eenheid met een gelijke groenstructuur, maar kan ook een bepaalde technische voorziening zijn, bijvoorbeeld meubilair of afrastering. De benaming van de beheercategorieën is in eerste instantie gebaseerd op de terminologie en definities van de RAW-systematiek, maar is vervolgens op punten bijgesteld. In Bijlage 1.4 en Bijlage 1.5 worden de beheercategorieën nader besproken. Basisgroen Het basisgroen bestaat uit de volgende beheercategorieën binnen de bebouwde kom: bomen struiken gazon ruw gras plantenperken Voor de benchmark tussen gemeenten is basisgroen een geschikt begrip, omdat de beheercategorieën die hierin zijn opgenomen, vrij goed vergelijkbaar zijn en gezamenlijk het hoofdbestanddeel vormen van het gemeentelijk openbaar groen binnen de bebouwde kom van een gemeente. In het basisgroen zijn overige beheercategorieën zoals bos, water, speelvoorzieningen, wegen, technische voorzieningen, etc. niet opgenomen. Dit is gedaan omdat bij deze beheercategorieën juist vrij veel verschillen bestaan, en omdat sommige daarvan bij de ene gemeente wel zijn opgenomen in het gemeentelijk openbaar groen en bij andere niet. In Bijlage 1.4 worden de beheercategorieën van het basisgroen nader toegelicht. Gemeentelijk openbaar groen Het gemeentelijk openbaar groen betreft al het groen binnen en buiten de bebouwde kom in beheer en/of eigendom van de desbetreffende gemeente. Gemeentelijk openbaar groen binnen de bebouwde kom Gemeentelijk openbaar groen binnen de bebouwde kom betreft basisgroen aangevuld met de volgende beheercategorieën binnen de bebouwde kom: bos overig groen water wegen en paden speelvoorzieningen Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 19
Voor de berekening van de kosten van het gemeentelijk openbaar groen zijn ook de kosten voor de beheercategorie diversen (rasters, drainage etc.) meegenomen. Gemeentelijk openbaar groen buiten de bebouwde kom Gemeentelijk openbaar groen buiten de bebouwde kom bestaat uit de volgende beheercategorieën: gazon ruw gras bomen bosplantsoen bermsloten Gemiddelde Er worden in deze rapportage twee soorten gemiddelden onderscheiden: Areaal-gemiddelde. Gemiddelde van het gehele areaal. Dit gemiddelde wordt in deze rapportage standaard gehanteerd. Bijv. de gemiddelde kosten van het beheer van gazon in gemeenten met meer dan 100.000 inwoners zijn de totale kosten besteed aan het beheer van gazons in deze gemeenten gedeeld door het totale areaal gazon in deze gemeenten. Gemeente-gemiddelde. Gemiddelde van (een groep van) gemeenten is het rekenkundige gemiddelde. Dit gemiddelde wijkt in de regel af van het areaalgemiddelde, omdat bij het gemeente-gemiddelde de gegevens van iedere gemeente even zwaar tellen, ongeacht de omvang van het areaal in de gemeente. Mediaan De mediaan van een reeks getallen (in volgorde van grootte) is de middelste waarde van deze reeks. Als de reeks van getallen even is, dan is de mediaan het gemiddelde van de beide waarden rondom het midden. De mediaan is het tweede kwartiel. Oppervlakte Het oppervlak van de beheercategorieën is weergegeven in vierkante meters. Bij de inventarisatie van de beheercategorie bomen is het aantal bomen opgenomen. Om deze beheercategorie vergelijkbaar te maken met de overige beheercategorieën, is één boom gelijkgesteld aan een oppervlakte van één vierkante meter. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld speelvoorzieningen, als deze door de gemeente als stuks zijn aangeleverd. Subcategorie Binnen de beheercategorieën kan een onderverdeling gemaakt worden. Zo is de beheercategorie gazon onderverdeeld in gazon intensief beheerd en gazon extensief beheerd. Op enkele belangrijke subcategorieën wordt ingegaan in het desbetreffende hoofdstuk. 20 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 1.2 Berekening van de kosten Kosten per beheercategorie De kosten per beheercategorie worden berekend uit verschillende kostensoorten. De kosten voor arbeid zijn bepaald op basis van het aantal uren voor groen en het uurtarief inclusief overhead. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen uren voor de binnendienst en uren voor de buitendienst, elk met een eigen tarief. Daarnaast zijn er aannemerskosten en kosten voor de WSW, die exclusief BTW zijn, maar inclusief overhead bij de betreffende bedrijven (winst, risico etc.). Verder zijn er kosten voor machines, materiaal, verwerking van groenresten, etc. De kosten zijn steeds waar mogelijk direct toegerekend aan de verschillende beheercategorieën. Kosten die niet direct konden worden toegerekend aan de beheercategorieën zijn aan de beheercategorieën toegerekend als toeslag op de kosten die wél direct werden toegerekend. Als voorbeeld: Bij een gemeente zijn de kosten voor eigen personeel en aannemers direct toegerekend aan de volgende beheercategorieën: Ruw gras, bemaaid 3.000 Gazon; intensief beheerd 12.000 De machinekosten van 1.000 konden niet direct worden toegerekend, omdat deze niet als zodanig waren geadministreerd. Daarom wordt 200 (3/15 de van de machinekosten van 1.000) aan ruw gras, bemaaid toegerekend en 800 (12/15 de van 1.000) aan gazon, intensief beheerd. Kosten gemeentelijk openbaar groen binnen de bebouwde kom In hoofdstuk 2 worden de kosten van het gemeentelijk openbaar groen en van het basisgroen op het niveau van de gemeente opgenomen. De kosten van het basisgroen betreffen de kosten van de beheercategorieën bomen, gazon, ruw gras, struiken en plantenperken. De kosten van het gemeentelijk openbaar groen betreffen de kosten van alle beheercategorieën binnen de bebouwde kom, incl. de technische voorzieningen. Bij het bepalen van de kosten per oppervlakte-eenheid (m 2 ) worden de kosten gedeeld door het oppervlak van de desbetreffende beheercategorieën. Bij de kosten per oppervlakte-eenheid van het gemeentelijk openbaar groen worden bij het oppervlak echter niet meegenomen de beheercategorieën als rasters en drainage, omdat dit in veel gevallen tot dubbeltellingen zou leiden. Tarieven voor de eigen dienst Verschillen in tarieven voor de eigen medewerkers hebben effect op de kosten voor groen van een gemeente, terwijl de groenbeheerder hier doorgaans weinig invloed op uit kan oefenen. Daarom zijn in paragraaf 2.5 de tarieven voor de eigen dienst weergegeven en vergeleken met de tarieven van andere gemeenten. Verder is ook aangegeven welk deel van de kosten wordt veroorzaakt door de kosten voor de eigen diensten. Daarmee wordt duidelijk of verschillen in kosten Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 21
een grote of kleine invloed hebben op de totale kosten. Immers, als het tarief 10% hoger is dan gemiddeld, maar de kosten voor de eigen dienst maken maar 20% uit van de totale kosten, dan is het effect op de totale kosten maar klein (een effect van 2% op het totaal). Gemeenten geven in het algemeen tarieven op voor de binnendienst en de buitendienst, met het aantal uren dat is gewerkt. Er zijn echter enkele gemeenten die iets andere informatie over de arbeidskosten aanleveren: enkele gemeenten leveren alleen de totale kosten per beheercategorie, zonder daarbij de uren en tarieven aan te geven bij enkele gemeenten zijn de kosten voor de binnendienst opgenomen in het tarief voor de buitendienst bij enkele gemeenten zijn de kosten voor machines opgenomen in het tarief voor de buitendienst De beheercategorieën die voor het boekjaar 2008 zijn gebruikt, zijn in de volgende subparagrafen beschreven. Enkele beheercategorieën zijn onderverdeeld in subcategorieën. Zo is de beheercategorie gazon onderverdeeld in gazon intensief en gazon extensief. Naast de onderstaande subcategorieën is er de mogelijkheid om elementen in te delen onder 'Niet verder gespecificeerd'. Dit kan nodig zijn als de kosten of de hoeveelheden niet uit te splitsen zijn naar een subcategorie, of als de elementen sterk afwijken van wat er onder de subcategorieën wordt verstaan (bijvoorbeeld en speciaal soort gazon). Bijlage 1.3 Aanduiding van verschillen Uit de analyses die in de algemene rapportage zijn beschreven, is gebleken dat vooral de gemeentegrootte van invloed is op de kengetallen per gemeente. Daarom wordt vooral ingegaan op de vergelijking met gemeenten met een vergelijkbaar inwonertal. De overwegende bodem en stedelijkheidsklasse zijn minder van invloed op de kengetallen. Daarom worden die niet of beperkt besproken. De verschillen t.o.v. de benchmark worden op de volgende manier benoemd: verschil benaming <10% wijkt licht af 10-30% duidelijk hoger/lager 30-50% sterk hoger/lager >50% fors hoger/lager 22 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 1.4 Basisgroen Basisgroen betreft de volgende beheercategorieën binnen de bebouwde kom. Bomen Bomen die solitair, in groeps- of in laanverband staan. Bomen (geen bos) Bomen, monumentaal (geen bos) Zeer oude, omvangrijke bomen die solitair, in groeps- of in laanverband staan. Gazon Grasoppervlak met kort gras, in gebruik als kijkgras of speel- en ligweide. Niet in gebruik als sportveld. Gazon; intensief beheerd Intensief beheerd gazon wordt minimaal 8 keer per jaar gemaaid, doorgaans tot maximaal 26 keer per jaar. Het gazon wordt doorgaans met een kooimaaier gemaaid. Gazon; extensief beheerd Bij extensief beheerd gazon wordt het gras wordt minimaal 3 keer per jaar gemaaid, maar niet meer dan 7 keer per jaar ( 3 en 7 keer per jaar). Veelal wordt in deze subcategorie het gras 5-7 keer per jaar gemaaid met een cirkelmaaier. Ruw gras, bemaaid Grasoppervlak met (tijdelijk) hoog gras, veelal met ruigtekruiden. Beheer: wordt maximaal 2 keer per jaar gemaaid of geklepeld ( 2 keer per jaar). Het maaien gebeurt veelal met een klepel-, cirkel- of trommelmaaier. N.B. gras dat niet minstens jaarlijks wordt gemaaid valt onder de beheercategorie "Overig groen" Struiken Beplanting van houtachtige, meerstammige planten, doorgaans hooguit enkele meters hoog. Struiken; geschoren hagen/heggen Hagen en heggen met een strak geschoren oppervlak. Beheer: de hagen en heggen worden minimaal 1 keer per jaar geschoren. Struiken; sierheesters, opgaand Houtachtige planten die in de regel niet meer dan manshoog worden waarvan de takken die niet dikker zijn dan 10 cm en die laag bij de grond ontspringen. Aanplant vanuit kluitgoed. Struiken; bosplantsoen, heesters opgaand Houtachtige planten die in de regel niet meer dan enkele meters hoog worden waarvan de takken die niet dikker zijn dan 10 cm laag bij de grond ontspringen. Aanplant vanuit bewortelde stek/zaailing zonder grond. Struiken; bodembedekkende heesters Bodembedekkende houtachtige planten die in de regel niet meer dan een meter hoog worden. Incl. botanische rozen. Struiken, struikrozen Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 23
Struikrozen. Botanische rozen vallen onder de subcategorie "Struiken; bodembedekkende heesters ". Struiken, beplanting jonger dan 3 jaar: Beplantingen die recent zijn aangeplant (maximaal 3 jaar voor het boekjaar). Recent aangeplante nieuwe beplantingen kunnen in deze subcategorie worden opgenomen. Beplantingen die zijn ingeboet, maar niet nieuw zijn aangeplant vallen hier niet onder. Plantenperken Beplanting van kruidachtige siergewassen. Plantenperken, eenjarigen Eenjarige kruidachtige siergewassen in de volle grond (niet in bakken). Plantenperken, vaste planten Meerjarige kruidachtige siergewassen in de volle grond (niet in bakken). Plantenperken, plantenbakken: Bakbeplantingen, met eenjarigen, vaste planten en/of kleine heesters. Bijlage 1.5 Overige beheercategorieën, niet basisgroen, binnen de bebouwde kom Naast het basisgroen worden de volgende beheercategorieën binnen de bebouwde kom onderscheiden. Bos Beplantingen waarin bomen beeldbepalend zijn, maar geen individuele bomen en geen boomrijen. Beheer gebeurt doorgaans niet per individuele boom, maar vlaktegewijs. Bos, landelijk Bos met productie- en/of recreatiefunctie, extensief beheerd en relatief grootschalig. Bos, parkbos Bos met voornamelijk een recreatiefunctie. Intensiever beheerd dan "Bos, landelijk". Overig groen Alle groen dat niet bij de bovenstaande beheercategorieën kan worden ondergebracht. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan heide, riet of ruigten. Watergangen Open water en kruidachtige vegetaties op de 'natte' oever. N.B.: begroeiing naast het open water of naast natte oever (b.v. de droge oever) vallen onder de betreffende beheercategorieën (b.v. ruw gras, gazon, struiken en bijvoorbeeld overig groen in het geval van riet dan niet in het water staat). Wegen en paden Wegen en paden met elk mogelijk oppervlakmateriaal (klinkers, tegels, asfalt, mijnsteen, gravel, grind, onverhard). Het betreft alleen wegen en paden in of direct langs het gemeentelijk openbaar groen. 24 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Speelvoorzieningen Individuele speeltoestellen (schommels, wipkippen e.d.). Diversen, incl. technische voorzieningen en rasters Deze beheercategorie betreft voorzieningen in het gemeentelijk openbaar groen of ten behoeve van het gemeentelijk openbaar groen, zoals rasters, drainage, kleine stuwen. Magazijn Dit betreft materialen die ten behoeve van de bovenstaande beheercategorieën zijn gebruikt. De kosten die hierop zijn geboekt, zijn toegerekend aan de andere beheercategorieën. Omvormingen De categorie omvormingen wordt apart aangegeven. Het gaat daarbij om de omvorming van de ene beheercategorie naar de andere, bijvoorbeeld van gazon intensief naar struiken; sierheesters, opgaand. N.B.: De kosten voor aanleg van nieuw groen, bijvoorbeeld in nieuwe wijken, wordt bij alle categorieën buiten beschouwing gelaten. N.B.: De kosten voor het inboeten/herstellen bijvoorbeeld bij uitval van struiken, wordt meegenomen bij de kosten voor het beheer. Bijlage 1.6 Gemeentelijk openbaar groen buiten de bebouwde kom Van het gemeentelijk openbaar groen buiten de bebouwde kom zijn de volgende twee beheercategorieën in de DGG opgenomen. Eventuele andere aanwezige beheercategorieën buiten de bebouwde kom zijn buiten beschouwing gelaten. Ruw gras, bemaaid Grasoppervlak met (tijdelijk) hoog gras, veelal met ruigtekruiden. Beheer: wordt maximaal 2 keer per jaar gemaaid of geklepeld ( 2 keer per jaar). Het maaien gebeurt veelal met een klepel-, cirkel- of trommelmaaier. Betreft in het buitengebied veelal bermen. N.B. gras buiten de bebouwde kom dat niet minstens jaarlijks wordt gemaaid wordt niet in beschouwing genomen. Bomen Bomen die solitair, in groeps- of in laanverband staan. NB: Bomen in bossen en natuurgebieden (v.b. heidevelden) worden niet meegerekend. Gazon Grasoppervlak met kort gras, dat meer dan 2 keer per jaar wordt gemaaid Bosplantsoen/struiken Beplanting van houtachtige, meerstammige planten, doorgaans hooguit enkele meters hoog. Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 25
Bermsloten Watergangen, watervoerend of droge sloten NB: vennen, plassen en meren worden niet in beschouwing genomen Bijlage 1.7 Lijst van afkortingen en begrippen Basisgroen beh. btw CBS DGG Ext. hh Inw. Int. Opg. heesters Opp. St. WSW basis gemeentelijk openbaar groen beheer belasting toegevoegde waarde Centraal Bureau voor de Statistiek Databank Gemeentelijk Groenbeheer extensief huishouden(s) inwoner(s) intensief opgaande heesters oppervlakte stedelijkheidsklasse Wet sociale werkvoorziening 26 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 2 Karakterisering gemeente Benchmarkermeer In deze individuele rapportage worden de resultaten gepresenteerd die volgen uit de door de gemeentelijke groendienst aangeleverde gegevens voor het boekjaar 2009 en hebben betrekking op het totale groen binnen de bebouwde kom van Benchmarkermeer. Het peiljaar voor de kosten is 2009 Het peiljaar voor de inventarisatiegegevens is 2009 Aan deze cijfers is ontleend dat de gemeente Benchmarkermeer (in 2009): ongeveer 36.300 inwoners heeft ongeveer 14.750 huishoudens telt matig stedelijk is (stedelijkheidsklasse 3) zand als overwegende bodemsoort heeft een totale oppervlakte heeft van 6.869 ha een hoeveelheid totaal gemeentelijk groen van 24 vierkante meter per inwoner heeft een hoeveelheid totaal gemeentelijk groen van 57 vierkante meter per huishouden heeft een totale oppervlakte gemeentelijk openbaar groen binnen de bebouwde kom heeft van 89 ha een totale oppervlakte basisgroen heeft van 85 ha Voor boekjaar 2009 geldt dat uw gemeente: één van de 21 deelnemende gemeenten is met 20.000-50.000 inwoners één van de 25 deelnemende gemeenten is met als overwegende bodemsoort zand Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 27
Tabel 8. Gegevens van gemeente Benchmarkermeer Beheercategorie subcategorie basisgroen Bos parkbos nee Bomen (geen bos) niet in bosverband ja Gazon intensief beheerd ja Ruw gras, bemaaid niet verder gespecificeerd ja Struiken geschoren hagen/heggen ja sierheesters opgaand bosplantsoen, heesters opgaand bodembedekkende heesters struikrozen ja ja ja ja oppervlakte (m 2 resp. stuks) kosten totaal beplanting 3 jaar of jonger ja p.m. Plantenperken niet verder gespecificeerd ja vaste planten Speelvoorzieningen niet verder gespecificeerd nee Diverse niet verder gespecificeerd nee Bosplantsoen/struiken (buiten beb. niet verder gespecificeerd nee Bomen (buiten beb. kom) niet verder gespecificeerd nee Ruw gras, bemaaid (buiten beb. kom) niet verder gespecificeerd nee ja kosten/m 2 Het areaal groen binnen de bebouwde kom (excl. individuele bomen) is 89 hectare. Het aantal individuele bomen daarnaast is 13.362 stuks. 28 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009
Bijlage 3 Gegevens gemeenten in eigen grootteklasse In de onderstaande tabellen zijn de kengetallen van gemeenten van de eigen grootteklasse weergegeven voor openbaar groen (Tabel 9) en voor basisgroen (Tabel 10). In vet zijn de kengetallen van de eigen gemeente weergegeven. De volgorde van de gemeenten waarmee vergeleken kan worden, is willekeurig en in beide tabellen niet gelijk. Indien gewenst kunnen de kosten per vierkante meter ook per subcategorie opgevraagd worden van de (anonieme) gemeenten van de eigen grootteklasse. Tabel 9. Kengetallen voor het totale gemeentelijk openbare groen binnen de bebouwde kom voor alle gemeenten in de eigen grootteklasse (20-50.000 inw.) m 2 /inw m 2 /hh gem. /m 2 /inw /hh p.m. Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009 29
Tabel 10. Kengetallen voor het totale gemeentelijk basisgroen binnen de bebouwde kom voor alle gemeenten in de eigen grootteklasse (20-50.000 inw.) m 2 /inw m 2 /hh gem. /m 2 /inw /hh p.m. 30 Rapportage gemeente Benchmarkermeer, boekjaar 2009