INHOUD 1.Aanmaken van een nieuw S7 project... 2 1.1 Openen van een nieuw project.... 2 1.2 invoegen van een S7 station... 2 1.3 openen van de hardware... 3 1.4 Invoegen van een Rack... 3 1.5 Downloaden van de configuratie... 5 1.6 Invoegen van een nieuwe functie... 6 1.7 Toekennen van symbolen... 8 1.8 Testen van het programma... 10 1.8.1 monitor functie... 10 1.8.2 modify... 12 1.8.3 Monitor modify variables... 14 1.9 Opsporen van fouten... 15 2 Opslaan van een project op een USB-stick... 16 3 Uitpakken van een gearchiveerd project.... 20 KHLim dep IWT MeRa 1/22
1.Aanmaken van een nieuw S7 project 1.1 Openen van een nieuw project. Geef een naam voor het nieuwe project. Geef aan waar je het project wenst op te slaan m.b.v. Storage location(path). Let op: Maak nooit een project aan op een diskette of USB-stick. Dit resulteert in een zeer trage werking van de PC. Archiveer je project nadien. Zie verder. 1.2 invoegen van een S7 station Click rechts in het rechter veld of kies station in het menu insert voor het toevoegen van een nieuw S7 station. Selecteer hier Simatic 300 station. KHLim dep IWT MeRa 2/22
1.3 openen van de hardware Na het toevoegen van het S7-300 station dienen we nog aan te geven over welke HW configuratie we beschikken. Open hiervoor het station en dubbelclick vervolgens op Hardware. 1.4 Invoegen van een Rack Na het openen van de HW dienen we eerst en basisrack toe te voegen. Hierin zijn altijd 11 steekplaatsen voorzien. De eerste 3 steekplaatsen zijn gereserveerd voor: Steekplaats Module 1 PS :24V DC power supply 2 CPU 3 IM interface module voor communicatie naar een uitbreidingsrack (niet aanwezig in het labo) 4.. 11 SM: signaal modulen zoals in- en uitgangskaarten. KHLim dep IWT MeRa 3/22
In de HW configuratie vind je de adressen van de verschillende in (0,1,4,5,8,9) en uitgangskaarten (8,9). Deze adressen heb je nodig bij het schrijven van je programma. Indien we een uitbreidingsrack nodig hebben ziet de HW configuratie er uit als volgt: Controleer steeds of het bestelnummer overeen komt met de aanwezige hardware! Dit bestelnummer vind je onderaan of bovenaan op de betreffende module. KHLim dep IWT MeRa 4/22
LET OP: In het labo maken we gebruik van de CPU 314IFM. Deze heeft reeds 16DI, 16DO, 4AI, 1AO en 4 interrupt ingangen on board. We dienen geen extra SM toe te voegen. We krijgen de HW zoals voorgesteld in volgende figuur. 1.5 Downloaden van de configuratie Na het invoeren van de HW configuratie dient deze gedownload te worden in de PLC. Dit kan met volgend icoon Ofwel met de menuoptie PLC -> download. KHLim dep IWT MeRa 5/22
1.6 Invoegen van een nieuwe functie Na het downloaden van de HW configuratie mag deze afgesloten worden KHLim dep IWT MeRa 6/22
Nu kunnen we een nieuwe functie toevoegen. Click hiervoor met de rechter muisknop in het rechter veld. Kies voor Insert New Object. LET OP Kies voor Function en niet voor Function Block. Openen van FC1 en invoeren van het programma. KHLim dep IWT MeRa 7/22
1.7 Toekennen van symbolen Om het programma overzichtelijker te maken gaan we symbolen toekennen aan de adressen in ons programma. Dit kunnen we door in het menu options te kiezen voor Symbol Table. Hier voeren we een symbool in en het bijhorende adres. Let erop dat er geen twee dezelfde symbolen mogen bestaan. Na opslaan van de symbolen zien we in het programma (eventueel in het menu View kiezen voor symbolic representation) Ook kunnen we eerst het netwerk aanmaken en vervolgens met de rechtermuisknop op Network x klikken. Kies nu voor Edit Symbols KHLim dep IWT MeRa 8/22
KHLim dep IWT MeRa 9/22
1.8 Testen van het programma 1.8.1 monitor functie Na het downloaden van het programma kunnen we dit gaan testen. Hiervoor kunnen we gebruik maken van de monitor functie. We zien dat we de code online (uit de PLC) bekijken. Dit kunnen we ook zien aan de statusbalk. Deze kleurt groen. Indien deze rood kleur staat de CPU in Stop. Dit kan door een programmafout of omdat de standenschakelaar op de CPU op stop staat. Als het programma wordt uitgevoerd zien we dat het groene balkje scrolt. Indien deze balk enkel groen kleurt (zoals hier) dan wijst dit er op dat het programma wel aanwezig is in de CPU maar niet wordt uitgevoerd. We controleren dit door te klikken op het tabblad Cal structuur. Hier vinden we de volledige structuur van ons programma terug. KHLim dep IWT MeRa 10/22
We zien dat FC1 niet wordt opgeroepen. Dit zien we door het kruisteken. We dubbelklikken op OB1 in de structuur en deze blok wordt geopend. Roep FC1 op (tabblad program elements), save en download. KHLim dep IWT MeRa 11/22
Nu zien we in de programmastructuur dat FC1 wel wordt opgeroepen en kunnen we ons programma gaan testen. De groene balk scrolt Tevens vinden we ook de huidige status van de in en uitgangen van een geselecteerd netwerk (hier Network 1) als we tabblad Address info Kiezen 1.8.2 modify Met deze functie kunnen we variabelen zichtbaar maken en wijzigen. Let erop dat we ingangen nooit van status kunnen wijzigen want deze wordt iedere cyclus overschreven door de huidige stand van de schakelaar die op de ingangskaart is aangesloten. Ook uitgangen en merkers die in het programma worden aangestuurd kunnen we niet wijzigen aangezien het programma iedere cyclus deze waarde overschrijft. KHLim dep IWT MeRa 12/22
We vinden hierin 5 kolommen terug. Address Symbol Display format Status value Modify value Adres van de variabele die we wensen te kennen. Dit veld moeten we zelf invullen. Hier verschijnt automatisch het symbool dat toegekend is aan het ingegeven adres. Formaat waarin de gegevens worden getoond. Dit wordt automatisch ingevuld maar kunnen we wijzigen indien gewenst. Huidige status Status die wij aan de variabele wensen toe te kennen. Dit moet uiteraard zelf worden ingegeven. Om de ingegeven waarden in Modify value door te sturen naar de PLC dienen we rechts te klikken en te kiezen voor Modify. KHLim dep IWT MeRa 13/22
1.8.3 Monitor modify variables Een derde mogelijkheid om de functies te testen is Monitor Modify Variables. Monitor functie activeren Wijziging variabelen doorsturen KHLim dep IWT MeRa 14/22
1.9 Opsporen van fouten Indien we wensen te weten of een uitgang/merker/timer/counter reeds gebruikt is, kunnen we dit opzoeken met de functie cross references. We vinden hierin alle gebruikte adressen van het geselecteerde netwerk terug. Bv M20.1 : Deze merker is gebruikt in FC1 als leesinstructie (R) in Netwerk 3 (and functie) als schrijfinstructie in Netwerk 1 (Reset) Netwerk 2 (Set) Netwerk 3 (Reset) in FC2 als leesinstructie in Netwerk 1, 11 en 14 KHLim dep IWT MeRa 15/22
2 Opslaan van een project op een USB-stick Na het maken van het programma sluiten we zowel HW configuratie als LAD/STL editor. Sluit nu het project dat we wensen te archiveren. Selecteer Archive in het menu File. KHLim dep IWT MeRa 16/22
Selecteer vervolgens je project KHLim dep IWT MeRa 17/22
Selecteer de plaats waar je het project wenst op te slaan, bv een USB stick, een HD, en geef een naam voor de zip-file. Vervolgens krijg je de vraag of de zip-file moet worden opgesplitst over meerdere diskettes. Dit indien we wensen op te slaan op diskettes en het bestand groter is als 1.44MB. KHLim dep IWT MeRa 18/22
Al de bestanden van het project worden gecomprimeerd in 1 zipbestand. KHLim dep IWT MeRa 19/22
3 Uitpakken van een gearchiveerd project. Selecteer Retrieve in het menu File Selecteer de zip-file die je wenst uit te pakken KHLim dep IWT MeRa 20/22
Vervolgens geef je aan waar het project moet worden opgeslagen. Standaard wordt door STEP7 de directory S7proj voorgesteld. Er wordt nog gevraagd of het project onmiddellijk moet worden geopend. KHLim dep IWT MeRa 21/22
Het gearchiveerde project is geopend. We kunnen verder werken aan het programma. KHLim dep IWT MeRa 22/22