Handleiding niveau AA In het bord- en stiftfilmpje over Actief Lezen met Nieuwsbegrip ziet u hoe u uw leerlingen kunt indelen in groepen. Zie: http://www.nieuwsbegrip.nl/overnieuwsbegrip/inhoud-didactiek. Onderwerp Strategie Doel Sleutelschema Extra opdracht AVI-niveau leestekst Dafne Schippers wereldkampioen op de 200 meter sprint Vragen stellen De leerlingen weten dat ze tijdens het lezen actief vragen moeten stellen. Een lijnentabel 200 meter sprinten Het AVI-niveau komt overeen met het gemiddelde technisch leesniveau van de leerlingen in deze periode van het schooljaar. Leesles andere tekstsoort Interview met Dafne Schippers Woorden uit de basisteksten AA en A (Nieuwsbegrip XL): de atletiek het zit erop de sprint ruim de plak bijzonder trainen de sprint het zit erop behalen de plak ooit slechts de interesse het spreekt me aan definitief ervoor gaan Voor elke leerling: de tekst Dafne Schippers heeft goud! (niveau AA); bijbehorende opdrachten voor niveau AA; het stappenplan met woordhulp (op de website bij Download & print, tabblad Stappenplannen); het stappenplan Luisteren en kijken (op de website bij Download & print, tabblad Stappenplannen); pagina 1 van 5 pagina 1 van 5
eventueel rolkaarten voor de leerlingen (bij Download & print, tabblad Overig); voor opdracht 4: stopwatch. Neem de algemene handleiding door, als u voor het eerst met Nieuwsbegrip werkt (op de website bij Download & print, tabblad Handleidingen). Let op: de algemene handleiding is vernieuwd! drietallen Vooraf: Bij vraag 1 worden de woorden behandeld die technisch lastig zijn (zie de opdrachten van de leerlingen). Behandel de woorden klassikaal. Lees ze eerst een keer voor, laat de leerlingen ze dan (hardop) voor zichzelf lezen en laat hen vervolgens hardop in koor lezen. NB: in de tekst staat het woord wereldkampioenschappen niet uitgeschreven in verband met de leesbaarheid voor de leerlingen. Leg aan de leerlingen uit dat de WK staat voor de wereldkampioenschappen. Voorspellen: Laat de leerlingen de tekst en het stappenplan voor zich nemen en laat hen op basis van de titel, kopjes en illustraties een korte voorspelling doen over het onderwerp van de tekst. U kunt hierbij de digibordtool Voorspellen gebruiken. Vragen stellen: Bespreek de uitleg met de leerlingen. Begin dan met het lezen van de tekst met de digibordtool Vragen stellen. Model het stellen van een vraag over de inleiding van de tekst en de stukjes Hard rennen en Heel bijzonder. Het vierde en vijfde stukje van de tekst lezen en bespreken de leerlingen actief in drietallen. Ze bedenken bij elk stukje een vraag. Bespreek deze door de leerlingen bedachte vragen. Zoek ook de antwoorden op alle vragen in de tekst en formuleer deze als ze in de tekst te vinden zijn samen met de leerlingen. De leerlingen hoeven de antwoorden niet op te schrijven. Bespreek ook welke vragen niet door de tekst worden beantwoord. Hoe zouden de leerlingen aan de antwoorden op die vragen kunnen komen? Voorbeeldvragen: - bij de inleiding: Wat is de WK atletiek? Welke sporten zijn er op het WK atletiek? Wie is Dafne Schippers? - bij Hard rennen: Hoe komt het dat Dafne won? Waarom was de wedstrijd spannend? Doen er ook mannen mee aan de WK atletiek? - bij Heel bijzonder: Waarom is het bijzonder dat Dafne won? Wanneer krijg je een zilveren medaille? Hoeveel medailles won Dafne? - bij Sporten: Wie hebben Dafne op de tv gezien? Welke sport vindt Dafne het leukst? Waarom kan ze nu nog beter sprinten? - bij Winnaar: Waarom is Dafne blij? Wat is er bijzonder? Waar gaat Dafne nu naartoe? pagina 2 van 5 pagina 2 van 5
drietallen Lijnen trekken: Bespreek de opdracht met de leerlingen. Ze trekken lijnen tussen onderdelen van de tekst die bij elkaar horen. In de hokjes zetten ze steeds de goede letter. Zijn alle letters ingevuld? Dan staat er een woord. Bespreek de antwoorden klassikaal na. lijnentabel Antwoorden: Zie antwoordenblad voor de leerlingen achteraan deze handleiding. individueel Vragen over de tekst beantwoorden: Maak en bespreek gezamenlijk de tekstvragen. De leerlingen vullen ieder voor zich de antwoorden in. Antwoorden: zie antwoordenblad achteraan deze handleiding. groepjes/ individueel Sprinten (extra opdracht): De leerlingen gaan zelf 200 meter sprinten, zoals Dafne. Meet daarvoor een afstand van 200 meter uit. Dat kan bijvoorbeeld door op het schoolplein of sportveld of in de gymzaal een parcours uit te zetten waar bijvoorbeeld twee rondjes gelopen moeten worden. Om een afstand te bepalen: een voetbalveld heeft een lengte van 100-120 meter. Noteer de tijden van de leerlingen. U kunt deze opdracht bijvoorbeeld tijdens de gymles doen. Vertel de leerlingen hoe ze precies moeten lopen en dat ze zo hard mogelijk moeten rennen. Bespreek de opdracht klassikaal na. Vonden de leerlingen het zwaar? U kunt de kijk- en luistervragen bij het Nieuwsbegripfilmpje van het Jeugdjournaal downloaden bij Download & print van deze week. pagina 3 van 5 pagina 3 van 5
1. 100 meter sprint F. eerste vrouw uit Nederland 2. 200 meter sprint A. gouden medaille 3. bijzonder N. sprinten 4. heel hard rennen E. veel sporten, negen dagen 5. WK atletiek D. zilveren medaille 1. DD 2. AD 3. FD 4. ND 5. ED 1. A. het is afgelopen 2. A. medaille 3. ze is de eerste vrouw uit Nederland die dat doet 4. de tweede plaats pagina 4 van 5 pagina 4 van 5
De Nieuwsbegripbieb Titels bij week 36 Rennen Peeters, Elvis Vanaf 6 jaar Een paard galoppeert over de heide, steeds meer dieren gaan met het paard mee. Maar waar rennen ze eigenlijk naar toe? Er is niemand die dat weet.. Paul van Loon's Foeksia klaar voor de start! Loon, Paul van Vanaf 7 jaar AVI: E4 Miniheksje Foeksia doet mee aan aan de Heksenspelen op school. Er zijn wedstrijdjes bezemspringen, bezembal, snelvliegen op de bezem en ver werpen met de bezem. Er gebeurt iets vreemds met de bezem van Foeksia. Speelt er soms een heksje vals? Atletiek Janssen, Karin J-boek Atletiek is een combinatie van een aantal sporten. Speerwerpen, hardlopen, kogelstoten en hoogspringen horen er bijvoorbeeld bij. Lees er over in dit boekje. Het geheime dagboek van Colette Stilton, Thea Vanilla gaat op zoek naar roddels voor de krant en steelt het dagboek van Colette. De Thea Sisters gaan natuurlijk op zoek naar de dader, maar doen intussen ook verslag van een hardloopwedstrijd. Asterix en de Olympische Spelen Uderzo, A. Vanaf 9 jaar Asterix wil dolgraag winnen op de Olympische Spelen. Hij is immers de beste hardloper van de Galliërs. Zonder toverdrank kan hij echter niet op tegen de andere atleten, al verslaat hij in het eerste loopnummer nog wel de Romeinse deelnemers De snelste zebra van de wereld Hek, Youp van 't Vanaf 7 jaar De zebra wil de snelste van de wereld worden. Maar niemand wil tegen hem rennen, Dat laat zebra niet op zich zitten. Als Niemand tgen hem wil rennen, dan rent hij toch tegen Niemand. Wie zal de wedstrijd winnen? Atletiek Gifford, Clive J-boek Lees over grote atletiek wedstrijden. Over de bekendste en grootste atleten en historische gebeurtenissen. Met feiten en cijfers. Ook voor kinderen die moeite hebben met lezen. Dóórlopen, Jodi! Noort, Selma AVI: M5 Jodi wil later kampioen lange afstand lopen worden. Ze schrijft zich in voor de vijf kilometer polderloop. Maar pestkop Bonno stuurt tijdens het trainen steeds zijn hond achter haar aan. Meer dan negen meter Molenaar, Hennie AVI: E4 Mette computert graag. Ze moet van haar ouders op een sport. Ze gaat op atletiek. Ze blijkt talent te hebben voor kogelstoten.. Control & copy Oldenhave, Mirjam Vanaf 9 jaar AVI: M6 Hardloopkampioen Rogier wordt een gouden toekomst beloofd. Hij is geselecteerd om met drie andere kinderen een weekend medische testjes te ondergaan in een speciaal oord. Maar waarom worden ze bespied door camera's en werken hun mobieltjes niet? pagina 5 van 5 pagina 5 van 5