niet vaak te zien onder microscoop, kernhoudend, segmentvormige kern, lichtblauw cytoplasma met veel dikke blauwe korreling, 010-20 1Jm Bij tinijfel ssen baso en lymfo altijd voor lymfo kiezen! Basofiele granulocyt (baso) De basofiel e granulocyt is betrokken bij de allergische respons, degranulatie van de basofiele granulocyt gaat gepaard met een toename van de concentratie van histamine in het bloed. 0-2% van de leukocyten. Voorkomend bij: waterpokken
- kernhoudend, lichtblauw cytoplasma met grote oranje korreling, bi-lobale, segmentvormige kern. 012-151Jm 0 0 ot 0 () 0 ( Eosinofiele granulocyt (Eo) De eosinofiele granulocyt zorgt voor afweer tegen parasieten. het doden van bacteriën en voor de allergische respons. De kern is bijna altijd tweelobbig. soms drielobbig. 0 6% van de leukocyten. In verhoogd aantal voorkomend bij (eosinofilie): ~~~~rgl~. parasieteninfecties hy.p.~f!lp.$in!&ell~.. ~:;n~j.qm~n!j.jmqj.~n g!! $JJ.Q: in\~-~' in ~J!l.,; i.~.~!~ n erfelijk!l~tm~!i!l$ ÇJyJ).,
kernloos, roze/bruin cytoplasma, een witte deuk in het midden van de cel. 071Jm zie ook; Rode bloedcellen. meest voorkomende cel in hetbloed Erytrocyten De erytrocyt bevat hemoglobine. De functie van de erytrocyt is het vervoeren van zuurstof van de longen naar de weefsels en kooldioxyde van de weefsels weer terug naar de longen via binding aan hemoglobine. De erytropoïese wordt gereguleerd door het hormoon erytropoïetine. 90 % van dit hormoon wordt door de nier geproduceerd. De stimulans voor erytropoïetineproductie is de zuurstofspanning in de nier. De erytropoïetineproductie gaat omhoog bij een ane11ie. de productie vermindert door een verhoogde hoeveelheid erytrocyten in het bloed. Een verhoogd aantal erytrocyten vindt men bijvoorbeeld bij P.!!I.Y.GY.tb.~ml~.~~n Een verlaagd aantal erytrocyten bij diverse anemieën als gevolg van uiteenlopende oorzaken. Deze komen aan bod bij de diverse afnijkingen van de erytrocyten. I
kernhoudend; ovaal/rond of boonvormig. geen (of heel weinig) korreling. licht-donker-blauw cytoplasma. 010-15 1-Jm Q meest voorkomende lymfocyt. Lymfocyt De lymfocyt is de meest rijpe cel binnen de lymfopoïese. Lymfocyten zijn cellen met irnmunologisc.he eigenschappen die de granulocyten helpen bij het beschermen van het lichaam tegen infecties en andere lichaamsvreemde stoffen. Er zijn twee soorten lymfocyten: 8-(20%) en T-ly11focyten (80%). De 8-lymfocyt ontwikkelt zich in het beenmerg, terwijl de T-lymfocyt afkomstig is uit ce thymus. De T-lymfocyt zorgt voor de cellulaire immunitei: en de 8-lymfocyt voor de humorale immuniteit. rvicroscopisch kan men geen onderscheid maken tussen 8 en T-lymfocyten. 15-50% van de leukocyten. Voorkomen: in een verhoogd aantal bij: in een verlaagd aantal bij: infecties.cm, n P. ~--J:t 9.~ g kin. h: rofq P. m immvj.m~.~fiçjjin\i.~.ry-~-~mnwn ~i~.~!!l.y~n.hp.~.9kin.~y.~j~m(qp.p.(~r~
( kernhoudend, onregelmatige kernvorm, licht-grijs/blauw cytoplasma, veel vage kleine korrels. witte gaten ( vacu oles} kunnen aanwezig zijn. \i1 12-20 IJin Monocyt (Monocytaire granulocyt) De monocyt heeft dezelfde functie als de segment. Dat wil zeggen dat de monocyt cytotoxische stoffen produceert gericht tegen binnengedrongen bacteriën. Deze worden daarna opgenomen (via fagocytose) door de monocyten. 0 10% van de leukocyten. Voorkomen in een verhoogd aantal bij: infecties Myelomonoblastenleukemie (.11,1)1!,.. M4) Monoblastenleukemie (AML M5) Ç.MMP.~ ~:!~.~~~.Y~n.t1P.~.9.~in Zie ook: Vacuolisatie.
0Rode bloedcellen Grootte Normaal Anisoplanie Microplanie Kogelcellen Macroplanie Menu 1- - Delerminalie Inhoud Normaal Hypochromasie Hyperchromasie Polychromasie Schietschijfcellen Stomatocyten (' r ' I ~(_J Vorm Normaal Poikilocyten Elliptocyten Sikkelcellen Traandruppelcellen Schizocyten 5o 1 ~1.. I _)~~ ' 1-- I noluitseis Agglutinatie Basofiele punctering Howell~olly Ringen van Cabot Malariaparasieten Koud/warm Geldool I.... ~ (1:...._... ),.-.,. :':l (? ~~ -..
n,... r 'L--~----=-..":...-..:...:.=-=-.:.._-1-----=--;"-~-,;...=,:-=; kernhoudend, bestaand uit t segmenten. lichtroze cytoplasma met veel roze korrels. 012-181Jm Segment (segmentkernige neutrotiele granulocyt) De segment is de meest rijpe cel binnen de granulopoïese. De functie van de granulocyten is het produceren van cytotoxische stoffen gericht tegen binnengedrongen bacteriën. Deze worden opgenomen (via fagocytose) door de granulocyten. De granulae bevatten zure fosfatase. peroxidase. esterase en andere lysosomale enzymen om de bacteriën te doden. 35-70% van de leukocyten. Voorkomend: in een verhoogd aantal bij: infecties my.~j!lp.t9jif~!.~!i~y~.~i~k!~n (bv. Ç_f\1!.,) in een verlaagd aantal bij: iitlm.v~n~-~ftçijinti.~. RY.~.dmm~n als reactie op medicijnen en vergiftigingen ~!l~.g~nit~j~.~-~~!mp.~ni~ m~g,~j!l~j~l>t~ir~. ~~-~mi~. Zie ook: Bril-kern. Drum-sticks. Hypersegmentatie. Hypogranulaire staaf (hypogranulaire neutrofiele staafkernige granulocytl. Lichaampjes van Döhle. Toxische korreling. Vacuolisatie.
geen kern, donkerrode korrels in (licht)blauw cytoplasma. 0 3 1Jm Trombocyt De aanmaak van trombocyten vindt plaats in het beenmerg. Het zijn korrelhoudende cytoplasmafragmenten van de megakaryocyten. De belangrijkste functie van de trombocyten is de bloedstolling. De granulae die in de trombocyten zitten. bevatten onder andere glycoproteïnen. die bij vrijkomen het stollingsproces in werking zetten. Trombocytose: Trombopenie: Zie ook: ÇM!., P.P.I.Y.GY.tb.~mi~.m.~ my.~jp.p.t9jif~r.~!i~y~.~.i~!<.t~n J~v.~~mi~.<ml.~~!!$.çh~.~n~mi~ PJ.S. (Diffuse Intravasale Stolling) overgevoeligheid voor medicijnen JIP. (ldiopatische Trombocytopenische Purpura) miltvergroting nierziekten aangeboren afwijkingen zoals bv. hemofilie Macrotrombocyt Agranulaire trombocyten. Pseudotrombocyt Trombocyt enaggregat en.