Indexicale Problemen voor Frege Een van de moeilijkheden waar een taalfilosofische theorie tegenaan loopt is het probleem van de indexicaliteit, dat wil zeggen: is de betekenis van persoons-, plaats- en tijdsgebonden woorden als ik, hier en vandaag overdraagbaar binnen het kader van zo n theorie? Hoewel dit in het dagelijkse taalgebruik geen problemen lijkt op te leveren, is er binnen de filosofie een traditie ontstaan om het gebruik van indexicalen in een theorie in te passen. Het doel van dit essay is te onderzoeken wat het probleem precies inhoudt en of dit probleem door Frege adequaat wordt opgelost. Sinn, Bedeutung en Gedanken De taalfilosofie van Frege, zoals we die kunnen vinden in zijn artikelen Uber Sinn und Bedeutung en Der Gedanke, kan gezien worden als een reactie op het mentalisme van met name Locke, en de directe verwijzing van de naieve betekenistheorie. Een mentalistische theorie van betekenis zegt dat de betekenis van een woord zich in het hoofd van de taalgebruiker bevindt. Hierdoor is het voor een spreker niet zeker of dat wat hij zegt ook begrepen wordt door een toehoorder; wat in het hoofd van een ander zit is immers niet toegankelijk. 1 1 Zie voor een uitgebreidere uitleg: Martin Stokhof, Taal en Betekenis, pagina 27 t/m 32 1
De naieve betekenistheorie zegt dat de betekenis van een eigennaam het object is waarnaar het verwijst. Met deze theorie kan de informativiteit van identiteitsuitspraken als de avondster is de ochtendster niet verklaard worden. Om deze problemen op te lossen, voert Frege, naast Bedeutung, de noties Sinn en Gedanke 1 in. Met behulp van de eerste kan hij het vraagstuk over de informativiteit van identiteitsuitspraken oplossen, en met behulp van de Gedanken maakt hij betekenis objectief en deelbaar. Een nadere uitleg van deze noties maakt duidelijk hoe deze problemen worden opgelost door Frege, en daarna kunnen we zien wat het probleem is met indexicalen. In zijn theorie heeft een eigennaam naast een Bedeutung ook een Sinn. Dit zijn de twee aspecten van betekenis die Frege gebruikt om de informativiteit van identiteitsuitspraken te kunnen verklaren. De Sinn van een eigennaam is de Art des Gegebenseins, de manier waarop een object ons gegeven is en de Bedeutung is het object zelf. De planeet Venus (Bedeutung) kan ons op verschillende wijzen gegeven zijn: als avondster en als ochtendster (Sinn). Op deze manier kan Frege verklaren waarom de uitspraak de avondster is de ochtendster ons informatie verschaft, terwijl de uitspraak de avondster is de avondster geen nieuwe kennis oplevert. Dit is in de naieve betekenistheorie niet mogelijk, omdat door de verwijzing tussen eigennaam en object de eerste uitspraak precies gelijk is aan de tweede en derhalve ook niet meer informatie bevat. De Gedanke is de Sinn van een beweerzin, en de Bedeutung van een zin is een waarheidswaarde: waar of onwaar. Gedanken zijn voor Frege de eeuwige objecten van de waarheid die compleet op zichzelf staan in een platonisch derde rijk; ze zijn niet zintuiglijk waarneembaar en zitten ook niet in ons hoofd. Deze Gedanken kunnen wij fassen en vervolgens vormen we ons een oordeel erover. Hierna kunnen we dit oordeel uiten. 2 In dit essay laat ik de termen Gedanken, Bedeutung, Sinn, Art des Gegebenseins, Vorstellung en fassen onvertaald, omdat de vertaling ervan in het verleden vaak tot verwarring heeft geleid. 2
Dit betekent dat wij geen dragers van Gedanken zijn; wij zijn dragers van subjectieve Vorstellungen, die via het fassen en oordelen tot stand komen. Op deze manier wordt gegarandeerd dat we het altijd over hetzelfde hebben. Frege geeft het voorbeeld van de stelling van Pythagoras. We kunnen de Gedanke allemaal fassen en we maken er vervolgens een subjectieve Vorstellung van, maar we spreken niet van jouw of mijn stelling van Pythagoras. Nu kan een Gedanke door meerdere zinnen worden uitgedrukt. De zinnen Betsie is een paard en Betsie is een knol 3 drukken dezelfde Gedanke uit, namelijk dat Betsie een paard is, maar deze Gedanke wordt ons door deze twee zinnen op verschillende wijzen gegeven. Het probleem met indexicalen is dat één zin ook meerdere Gedanken kan hebben; de door mij uitgesproken zin Ik ben gestopt met roken heeft dus een andere Sinn dan wanneer deze zin door iemand anders wordt uitgesproken. De door deze Sinn bepaalde Gedanke in de door mij uitgesproken zin lijkt dus, in de theorie van Frege, niet gefasst, beoordeeld en geuit te kunnen worden door een ander, omdat ik mij op een particuliere en primitieve manier gegeven ben. En juist de Gedanken moeten objectief zijn en door meerdere denkers gedacht kunnen worden om de mogelijkheid van communicatie te behoeden voor de mentalistische valkuil. Wanneer we dan meerdere mensen erbij betrekken, waarvan één mij kent als Bram, en een ander mij kent als Yuh, wordt het probleem extra nijpend: Zodra de eerste het nieuws over mijn stoppen met roken door wil vertellen aan de ander met de zin Bram is gestopt met roken, zal de laatste dit niet begrijpen, ze spreken dan in wezen een verschillende taal. 3 Leo, Joop. Tijdens het college. 3
Oplossingen / Conclusie Frege zelf blijft een beetje vaag over de oplossing van dit probleem. In Der Gedanke hint hij kort in de richting van een oplossing. Hij geeft daar aan dat ik gebruikt moet worden op een manier die de Gedanke van de zin waarin ik gebruikt wordt voor iedereen fassbaar moet maken: Ik ben gestopt met roken wordt dan Degene die nu tegen jullie praat is gestopt met roken. De filosofie van Frege zit zeer subtiel in elkaar waardoor je, mede door de leesbaarheid van met name Der Gedanke al snel onder de indruk bent van zijn theorie. Daarbij worden de zwakke punten van het mentalisme en de naieve betekenistheorie gerepareerd met behoud van de goede punten. Toch zijn er wel kritische kanttekeningen te plaatsen bij de filosofie van Frege. De oplossing voor het probleem met indexicaliteit zoals ik die hierboven schets, schijnt mij niet de juiste oplossing te zijn. Het biedt weliswaar een uitweg in de situatie dat ik iets zeg, maar zodra twee mensen mij onder verschillende namen kennen en de één het nieuws wil overbrengen op de ander, blijven ze tegen dezelfde moeilijkheden aanlopen. Natuurlijk kan Frege daarop reageren door te zeggen dat zij zich ook op die manier moeten uitdrukken, zodat de Gedanke die ze willen communiceren voor iedereen te fassen is. Maar dan zul je je uiteindelijk in eindeloze gesprekken terug vinden: Bram, geboren 17-11-1981 te Njinikom, Cameroon, met 2 e naam Yuh, [ ] is gestopt met roken.. Het doel van taal is, volgens Frege, het mogelijk maken van communicatie zodat ook wetenschappen mogelijk zijn. Communicatie is volgens Frege slechts mogelijk als de Gedanken van uitingen voor iedereen te fassen zijn, en betekenis zich dus niet in het hoofd van een taalgebruiker bevindt. Nu wordt het, door het probleem met indexicalen en de oplossing die Frege biedt, erg moeilijk en complex om te communiceren. Daarbij beperkt de theorie van Frege zich tot beweerzinnen die uiteindelijk waar of onwaar moeten kunnen zijn, terwijl in ons dagelijkse taalgebruik ook andere soorten zinnen betekenis hebben, die wij ook goed kunnen begrijpen. 5 5 Zie bijvoorbeeld: Austin, John, Performative Utterances, Philosophical Papers 3rd edition, 1979 4
Hoewel het Frege niet lijkt te lukken zijn theorie sluitend te krijgen, heeft hij in zijn eentje de moderne filosofie compleet veranderd. Hij wordt door velen ook wel de vader van de analytische filosofie genoemd en zijn invloed, via Husserl, op de continentale filosofie kan ook nauwelijks overschat worden. 6 Hierdoor is er door vele denkers over het probleem met indexicaliteit nagedacht. 7 Het voert helaas- te ver om hier op de door hen bedachte oplossingen in te gaan, daarvoor zal ik een nieuw onderzoek moeten doen. Bronnen: Frege, Gottlob, Sense and Reference, The Philosophical Review Vol. 57, No. 3 (May, 1948), p. 209-230 Frege, Gottlob, The Thought, A Logical Inquery Mind New Series, Vol. 65, No. 259 (Jul., 1956), pp. 289-311 Priest, Graham, Graham Priest - Frege (http://www.youtube.com/watch?v=foitiyyu2bc) Stokhof, Martin, Taal en Betekenis (Voorjaar 2000) 6 Priest, Graham, Graham Priest - Frege (http://www.youtube.com/watch?v=foitiyyu2bc) 7 Zie bijvoorbeeld: Evans, Gareth. Understanding Demonstratives, in Collected Papers. Oxford: Clarendon Press, 1996, pp. 291-321 en Perry, John. Frege on Demonstratives, in The Philosophical Review 4 (October 1977), pp. 474-497. Aantal woorden: 1365 5