De gans eet het brood van de eenden op



Vergelijkbare documenten
WERKBLADEN. werkblad 1

WERKBLADEN. werkblad 1

De gans eet het brood van de eenden op

A L G E M E E N M A A R T

Arigato. opdrachtenblad. Regie: Anielle Webster Scenario: Sandra Beerends Jaar: 2012 Duur: 10 minuten

verrijking a Familiegeschiedenis Bekijk het fragment en beantwoord de vraag. Wat vind je van zijn verhaal?

documentaire de oorlog van eric schneider

DOCENTEN HANDLEIDING

Examen HAVO. Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl)

Naam: NEDERLAND IN OORLOG Begin WO2 (1932 tot 1940)

OORLOG IN OVERIJSSEL 2015

6.7. Boekverslag door X woorden 8 februari keer beoordeeld. Geschiedenis. 1: Inleiding

Wat denken de jongens? Trek een lijn naar het denk-wolkje. Het is niet eerlijk, ik ben arm en hij is rijk. Ik wil graag vrienden blijven

Examenopgaven VMBO-BB 2003

Eindexamen geschiedenis en staatsinrichting vmbo gl/tl I

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

DOCENTEN HANDLEIDING

werkbladen thuis is ver weg hoe nederlands-indië dichtbij komt

Rassenleer. Nog lager stonden volgens hem de zigeuners en vooral de joden. Dat waren geen mensen maar ongedierte, dat uitgeroeid moest worden.

MULTATULI. Saïdjah en Adinda

werkbladen thuis is ver weg hoe nederlands-indië dichtbij komt

Geachte burgemeester, dames en heren, beste jongens en meisjes,

Toespraak Jet Bussemaker, Lid College van Bestuur van de UvA/Hva en voormalig staatssecretaris van VWS, op 11 april 2012.

Johannes 8:58 Nooit meer afscheid met Jezus (oudjaarsdag)


Geschiedenis groep 6 Junior Einstein

Japanse kampslachtoffer en kunstenares Yvonne Noordam als inspirator

Toespraak G. Verbeet Zwolle, 15 augustus 2016

thuis is ver weg hoe nederlands-indië dichtbij komt start

Toespraak van burgemeester W.M. de Jong tijdens de dodenherdenking op 4 mei 2019 te Houten

Lesidee: Oorlog en verzet

Scholengroep Amnesty International Nijmegen WERKBLADEN - 2

Bronnen Noem een bron uit de tijd van de wereldoorlogen. Moet op het kaartje staan. Ooggetuigen Voedselbon Monument Museum Oorlogsgraven Filmbeelden

Herdenking vanuit het oogpunt van Japanse Nakomelingen. Aya Ezawa, Universiteit Leiden

UITWERKING OEFENVRAGEN NEDERLAND EN INDONESIE VIER EEUWEN CONTACT EN BEINVLOEDING GESCHIEDENIS

Eindexamen geschiedenis havo 2008-I

Eindexamen geschiedenis havo 2007-I

Samenvatting Geschiedenis Hoofdstuk 6

Eindexamen geschiedenis vwo 2008-II

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren

Indonesian Times blz. 4 toch niet vrij? en spotprent

Welke wapens worden voor het eerst gebruikt in de Eerste Wereldoorlog? 1. Geweren en gifgas. 2. Machinegeweren en gifgas. 3. Gifgas en pistolen.

2 maart maart Leerlingen groep 7 en 8 De Meeander Heelweg

Oorlogsbron van de Maand MEI 2017

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

Ik ben Mirjam Krieg. Ik ben in 1933 geboren in Amsterdam. Eerder dat jaar waren mijn ouders met mijn zus Duitsland

Afgewezen en erbij horen

WERKBLAD CARLA VEFFER

Mens en maatschappij (aardrijkskunde, economie, geschiedenis, godsdienst)

Een brief schrijven aan Anne Frank

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

Zo werden er vanaf 1942 honderden tonnen boeken, brieven en andere geschriften per vrachtwagen naar de Van Gelderfabriek in Wormer vervoerd. Al dat pa

Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl)

Het verhaal over de opstanding is de climax van het Nieuwe Testament. Het is een verhaal dat aansluit bij ons diepste mens-zijn.

NASCHOOLSE DAGBEHANDELING. Figaro. Welkom! Waarom kom jij naar de groep? Informatieboekje voor kinderen die komen kennismaken. Dit boekje is van:

Malka Mai. Mirjam Presseler. Rose Kattenberg, 4V2 16 november 2015

Overal in ons land is water. Het water

We zijn 2 zusjes Leah en Dika, we komen uit een gezin van 10 kinderen. We zijn in Teuge geboren en opgegroeid, waar we een geweldige jeugd hebben

Welke woorden komen bij je op als je deze beelden ziet?

Praktische opdracht Geschiedenis Rolverdeling in het gezin

Drie massagraven voor de Nederlandse kust

Teksten uit het script van Hertha, verder geen nieuws. Zie onderaan dit document. A3 papieren en stiften/pennen voor de afsluiting.

1. Achtergrondinfo: 1.1 Groep 8b - Naomi: Braster. Evaluatie 2 klassen de Westwijzer Datum: 1 juni 2015

Verdiepingsbijeenkomst over hoe we in het Avondmaal verbonden zijn met Christus en met elkaar als één lichaam.

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

Wie is Wie? Zet het nummer van het bijschrift bij de goede foto.

Anne Frank, haar leven

Filmverslag Nederlands De tweeling

Werkstuk Geschiedenis Tweede Wereldoorlog

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties

Dodenherdenking. Beuningen, 4 mei 2017

De rechten van het kind

Ken je rechten. Handleiding UNICEF bij digitale les. Ieder kind op de wereld heeft rechten. In het werkboek

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

GESCHIEDENIS VOOR VMBO BOVENBOUW 3 VMBO KGT-EDITIE WERKBOEK

Tijdvak II. november : 30-10:00.

Boek 1 De jongen in de gestreepte pyjama

CODE R. Reflecteren over keuzes & dilemma s in persoonlijke oorlogsverhalen basisles

Stukje van het middenpaneel van de koets.

MONUMENTEN IN AMSTERDAM

Samenvatting Geschiedenis Hoofdstuk 6: Imperialisme

5.2. Praktische-opdracht door een scholier 1531 woorden 18 september keer beoordeeld. Geschiedenis. Inleiding

Samenvatting Geschiedenis Hoofdstuk 5 De Romeinen

Het Kinderrechten lespakket

6,5. Spreekbeurt door Een scholier 1334 woorden 28 december keer beoordeeld. Geschiedenis ANNE FRANK. Mijn hoofdstukken zijn:

WERKBLAD KITTY WURMS

een zee van tijd een zee van tijd Werkblad 17 Ω Over Indië en Suriname Ω Les 1: Van Batavia tot Jakarta Naam:

HERDENKING JOODS MONUMENT

1 Tessalonicenzen 1. Begin van de brief

Praktische opdracht Geschiedenis Afrika

Voel je vrij en liefdevol 7 oefeningen

Opdracht Levensbeschouwing Doodstraf

INHOUD. 3 Inleiding 4 Kiezen voor het leven DRIE GOUDEN TIPS OM VOLUIT TE LEVEN

IK WIL JOU NIET VERLIEZEN

8 6 Samenwerking in de wereld. Lees het verhaal Bijna de derde Wereldoorlog.

Transcriptie:

De gans eet het brood van de eenden op Nederlanders in Nederlands-Indië Lespakket voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs http://www.mep.schilpdel.nl

COLOFON Tekst en layout: Harry de Ridder (CMO) Adviezen: Anne-Ruth Wertheim, Ingrid Koops, Theo Jansen en Johan Marteijn (allen van MEP, Stichting tot Bevordering van het Maatschappelijk Emancipatieproces ) Uitgave: Centrum voor Mondiaal Onderwijs Postbus 9108 6500 HK Nijmegen tel. 024-3613074 cmo@fm.ru.nl http://www.cmo.nl Het lespakket bestaat uit deze lesbrief, een dvd en een educatieve website: http://www.cmo.nl/gans Prijs: 10,- lesbrief 10,- dvd In samenwerking met: Stichting tot bevordering van het Maatschappelijk Emancipatieproces (Stichting MEP), http://www.mep.schilpdel.nl, info@schilpdel.nl De uitgave van dit pakket is mede mogelijk gemaakt door het Prins Bernard Cultuurfonds Centrum voor Mondiaal Onderwijs/Stichting MEP, Nijmegen/Noordwijk, 2010

INHOUD Woord vooraf pag. 2 Werkbladen pag. 3 Inleiding werkblad 2 VOC werkblad 3 Opstand tegen de Nederlanders werkblad 4 De Japanners werkblad 5 De Indonesiërs werkblad 5 De Nederlanders werkblad 6 Het kampleven werkblad 8 Dvd: De gans eet het brood van de eenden op werkblad 10 Discriminatie werkblad 11 De reacties werkblad 13 Creativiteit en spel werkblad 14 Handleiding pag. 17 Opzet van het lespakket handleiding 2 Doelstellingen handleiding 2 Kerndoelen handleiding 2 Samenvattingen van de leerlingentekst en antwoorden op de opdrachten handleiding 3 Inleiding handleiding 3 Opstand tegen de Nederlanders handleiding 3 Het kampleven handleiding 4 Dvd: De gans eet het brood van de eenden op handleiding 4 Discriminatie handleiding 4 De reacties handleiding 5 Creativiteit en spel handleiding 6 Thema s die in het beeldverhaal aan bod komen handleiding 7 Links handleiding 8

WOORD VOORAF Voor u ligt het lespakket van het Centrum voor Mondiaal Onderwijs bij mijn herinneringen aan mijn kinderjaren in Japanse kampen op Java. In die kampen tekenden mijn zusje, broertje en ik alles wat we om ons heen zagen gebeuren - op hele kleine papiertjes, want er kwam nooit nieuw papier het kamp binnen en wat je had meegenomen raakte natuurlijk al gauw op. Onze moeder tekende op het karton van een oude doos een ganzenbord met daarop alle bestanddelen van dat eeuwenoude spel: ganzen, dobbelstenen, waterput, gevangenis en de dood, maar dan zoals het er allemaal uitzag in ons kamp. Veel later, toen ik werkte in het onderwijs, maakten we een serie dia s van alle tekeningetjes en van het ganzenbord. Die vertoonde ik ieder jaar aan mijn leerlingen wanneer we de Tweede Wereldoorlog herdachten - die in Nederland en die in Nederlands-Indië. Wat ik -in wisselwerking met hun nieuwsgierige vragen- bij de dia s vertelde, kreeg langzamerhand vaste vorm in mijn hoofd. Zo ontstond het verhaal De gans eet het brood van de eenden op, mijn kindertijd in een Jappenkamp op Java. De dia s met het op band ingesproken verhaal treft u aan op de dvd bij dit lespakket en op de bijbehorende website. Het verhaal moedigt leerlingen aan zich te verplaatsen in een meisje dat van de ene op de andere dag haar comfortabele koloniale leventje moet inruilen voor jarenlange gevangenschap. Ze had in een prachtig huis gewoond en zit nu opgepropt met tientallen mensen in een barak. Ze was gewend aan Indonesische bedienden die voortdurend voor haar klaarstonden - en die zelf moesten wonen in armoedige kampongs. In het kamp waren zelfs de kinderen verplicht zware corvees te doen en lijdt ze honger en gebrek. Maar ze doet ook belangrijke ontdekkingen. Ze neemt waar hoe behulpzaam mensen kunnen zijn en hoe vindingrijk, en hoe moeilijk het is je waardigheid te bewaren. Ook haar beeld van de raciale verhoudingen wordt op z n kop gezet. Zij en haar blanke familie hoorden tot de bovenlaag die iets te zeggen had over de bruine Indonesiërs. Nu waren het ineens de beige Japanners die niet alleen de blanken commandeerden, maar ook de Indonesiërs die het kamp moesten bewaken. Dit en nog veel meer hebben Harry de Ridder en de mensen van CMO te voorschijn gehaald uit De gans eet het brood van de eenden op, mijn kindertijd in een Jappenkamp op Java en tot leerstof gemaakt. De leerlingen krijgen handvatten om zich in te leven in de vele dilemma s waarmee mensen geconfronteerd worden bij ingrijpende veranderingen in hun leefsituatie en zich af te vragen hoe zijzelf zouden reageren. Ze worden ook uitgenodigd zich bewust te worden van de vanzelfsprekendheden in ons welvarende Westen en verbanden te leggen met de tegenwoordige leefsituatie van mensen in verre landen. Ik hoop dat veel leerkrachten dit mooie materiaal zullen gebruiken. En ik hoop dat het leerlingen ertoe beweegt na te denken over hun eigen mogelijkheden de wereld een beetje rechtvaardiger te maken. Amsterdam, april 2010 Anne-Ruth Wertheim

WERKBLADEN werkblad 1

Inleiding Anne-Ruth Wertheim was een meisje van zeven jaar oud dat onbezorgd met haar ouders in Nederlands-Indië woonde. Totdat de Japanners deze kolonie van Nederland bezetten. Haar leven veranderde toen totaal. Voordat jullie naar haar beeldverhaal gaan kijken, kijken we eerst naar de geschiedenis van het land zodat jullie kunnen begrijpen wat de Nederlanders daar deden, zo ver van huis. De geschiedenis van Nederlands-Indië begint in 1602. Voor die tijd bestond het gebied uit allemaal verschillende koninkrijkjes, de een wat groter dan de ander. De eerste Europeanen die zich laten zien, zijn de Portugezen. Zij proberen te achterhalen waar de zeer gewilde specerijen nootmuskaat, kruidnagel en peper geteeld worden. Nu zijn die specerijen in elke supermarkt voor een paar euro te krijgen; toen waren ze zeer kostbaar en verdiende men er kapitalen mee. Peperduur Als je naar een restaurant gaat, kun je gratis peper en zout bij je eten krijgen. Dat was vroeger wel anders! Eeuwen geleden was peper zo duur dat bijna niemand het kon betalen. We hebben daar de uitdrukking Dat is peperduur! aan over gehouden. Peper werd vanuit Nederlands-Indië naar Nederland vervoerd. Het waren lange zeereizen met veel risico. Handelaren maakten veel winst op de peper omdat zij het goedkoop per kilo inkochten en het per gram verkochten. In tijden van schaarste, bijvoorbeeld als een hele vloot schipbreuk had geleden, werden peperkorrels zelfs per stuk verkocht! Peper was eeuwen geleden duur, maar iedereen was er gek op. Omdat al het vlees gepekeld werd (= in zout water bewaard), smaakte alles hetzelfde. Met peper kon je een smaakje aan je maaltijd geven. Ook bier en wijn smaakten beter met wat peper er in. En tja, als iedereen peper wil, dan wordt de peper vanzelf peperduur... werkblad 2

VOC Na de Portugezen kwamen de Engelsen en de Nederlanders. In 1602 richtten de Nederlanders de Verenigde Oost-Indische Compagnie, VOC, op. De VOC hield zich bezig met handel en was de eerste multinational ter wereld. De VOC mocht echter ook verdragen sluiten en oorlogshandelingen verrichten. De VOC hield zich kortom niet alleen met handel, maar ook met politiek en militaire zaken bezig. De VOC had ook een eigen leger. De VOC wist door verdragen, maar vooral door militair geweld het hele Indische eilandenrijk in handen te krijgen. Toen de VOC in 1798 failliet ging, kwamen de bezittingen in handen van de Nederlandse staat. Het Indische eilandenrijk werd een kolonie van Nederland onder de naam Nederlands-Indië. De Nederlanders kwamen vooral vanwege de handel naar het eilandenrijk. De plaatselijke bevolking werd gedwongen om producten te verbouwen waar de Nederlanders behoefte aan hadden: thee, koffie, rubber, tabak, suiker en specerijen. Deze producten werden niet op de plaatselijke markten verhandeld, maar naar Nederland vervoerd en met grote winsten verkocht. De boeren verdienden er niet veel aan. Later leggen de Nederlanders grote plantages aan die ze zelf gaan beheren. De plaatselijke bevolking mag er komen werken, maar nooit in een leidinggevende positie. De Nederlanders wonen in grote villa s, omringd door tientallen bedienden. Ook werken er Nederlanders op de kantoren van de vele handelsmaatschappijen of ze zitten in het bestuur van het land. De lokale boeren worden opnieuw slecht betaald. Ze profiteren op geen enkele manier van de grote winsten die de Nederlanders maken. Nederlands-Indië is in trek bij de Nederlanders. Het klimaat is er warm, je kunt er goed verdienen en je hebt er macht en aanzien. Aanvankelijk komen er vooral mannen naar Nederlands-Indië. Zij gaan relaties aan met Indonesische vrouwen en er worden vele kinderen van gemengde afkomst geboren. Later gaan ook steeds meer vrouwen overzee om er met een blanke man te trouwen. Nederlandse plantage-eigenaar met inheemse arbeiders 1. De producten die in Nederlands-Indië verbouwd werden, waren zeer geliefd in Nederland. Waarom verbouwden de boeren in Nederland die niet zelf? 2. De Indonesiërs profiteren nauwelijks van de handel met Nederland. Welke invloed zal dit hebben gehad op de economie van Nederlands-Indië? 3. Geef aan of je het met de volgende uitspraak eens bent of niet: De kolonisatie van Nederlands-Indië is niets anders geweest dan het veroveren en bezetten van een ander land. Geef ook aan waarom je het eens/oneens bent. werkblad 3

Opstand tegen de Nederlanders De oorspronkelijke bewoners van Nederlands-Indië komen regelmatig in opstand tegen de Nederlanders. In 1920 bijvoorbeeld. Dan moeten er extra soldaten uit Nederland komen om de opstand neer te slaan. In 1927 richt Soekarno de Partai Nasional Indonesia (PNI) op. Hij wil alle nationalisten, alle mensen die voor een vrij Indonesië zijn, in één partij bij elkaar brengen. Hatta richt de Pendidikan Nasional op. Beide partijen willen een onafhankelijk Indonesië. Alle Nederlanders moeten terug naar Nederland en Nederlands- Indië moet door de eigen bevolking bestuurd worden. De Nederlandse regering schrikt van de grote aanhang die Soekarno en Hatta krijgen. De Nederlanders zijn helemaal niet van plan om de kolonie op te geven. Soekarno De Nederlandse minister van koloniën en ministerpresident Colijn schrijft in 1928: Het treurige van de koloniale politiek is dat ons voortreffelijke onderwijs er ook voor gezorgd heeft dat mensen zijn opgeleid die zich nu vijandig tegenover de Nederlanders opstellen. Het onderwijs in Indië moet niet zozeer gericht zijn op de vorming van intellectuelen, maar moet zich net als vroeger aanpassen aan de behoefte van de nog zo eenvoudige inheemse samenleving. De Indonesische schrijver Toer vertelt: Mijn vader was onderwijzer aan een Hollandsch-Indische school waar hij 200 gulden (= 90 euro) per maand verdiende. Toen hij nationalist werd, gaf hij zijn ambtenarenbaan op om leider van een volksschool te worden. Daar kreeg hij maar 18 gulden (8 euro). Onder zijn leiding ging de school een nationalistische koers varen. Vaak kwamen er ambtenaren langs om de boeken te controleren of in beslag te nemen. Ze maakten de leerlingen bang door te zeggen dat ze na hun examen geen ambtenaren konden worden. In 1932 werden alle nationalistische scholen aan banden gelegd. Hatta 4. Soekarno en Hatta zijn door de Nederlanders verbannen. Waarom zouden de Nederlanders dat gedaan hebben? Colijn 5. Wat is volgens Colijn de behoefte van de eenvoudige inheemse samenleving? 6. Waarom moet volgens Colijn het onderwijs in Nederlands-Indië niet gericht zijn op de vorming van intellectuelen? 7. Waarom zou de vader van Toer voor zo weinig geld leider van een volksschool worden? 8. Zowel Colijn als Toer vertellen iets over dezelfde periode in Nederlands-Indië. Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen hun opvattingen? Hoe zouden die verschillen tot stand zijn gekomen? Toer werkblad 4

De Japanners De Japanners sluiten een verbond met de nazi s in Duitsland. Net als de Duitsers in Europa vallen de Japanners in Azië verschillende buurlanden aan. Japan is een van de weinige landen in Azië dat geen kolonie van een Europees land is. Tegelijkertijd is het zelf heel machtig. De Japanners zien zichzelf als bevrijders van Azië. Zij zullen hun Aziatische broeders komen redden en de blanke overheersers er wel uitgooien. Zij noemen de Tweede Wereldoorlog dan ook de Groot-Oost-Azië-oorlog. Hun doel is om een Groot-Oost-Azië te stichten, waarin alle Oost- Aziatische volken verenigd worden onder leiding van de Japanners. Groot-Azië-propaganda: Met de hulp van Japan en China kan er vrede zijn in de wereld. De Japanners treden vaak bijzonder wreed op tegen de blanken in Nederlands-Indië. Ze zien de blanken als minderwaardig en beschouwen de mannen als inferieure soldaten. Ze zien de krijgsgevangenen ook als eerloos. Ze stoppen de blanken (mannen, vrouwen en kinderen) in gescheiden kampen en eisen van hen dat ze respect tonen voor Japanse officieren door diep voor hen te buigen. Wie dat niet doet, krijgt een afranseling. De Japanners beschouwen zich ook superieur aan de Indonesiërs, omdat die zichzelf niet konden bevrijden van de blanke overheersers. Maar ze zien de Indonesiërs ook als een broedervolk. De Japanners laten Indonesische kinderen op de voormalige blanke scholen toe. Indonesiërs kunnen na de inval de baantjes van Europese ambtenaren overnemen. De Japanners leiden ook Indonesische jongeren (14-25 jaar) en jongvolwassenen (25-35 jaar) op voor hulppolitie, stadswacht, brandweer en als hulpsoldaat. Maar dit alles altijd onder leiding van de Japanners zelf. De Indonesiërs De oorspronkelijke bevolking van Nederlands-Indië is aanvankelijk zeer positief over de komst van de Japanners. Ze zien daarin eindelijk een kans om van de Nederlandse bezetters af te komen. De Japanners stimuleren die gevoelens met affiches waarop staat dat het echte gevaar blond haar en blauwe ogen heeft en met affiches die zeggen dat de vrijheid nabij is. Een propaganda-affiche dat zegt: De vrijheid is nabij. Tussen de juichende Indonesiërs (met roodwitte vlag) staat ook een Japanse soldaat te juichen. Het aanvankelijke enthousiasme slaat om in onvrede als blijkt dat de Japanners helemaal niet van plan zijn om Indonesië onafhankelijkheid te verlenen. Bovendien laten de Japanners de Indonesiërs als dwangarbeiders werken. Er komen zelfs veel meer Indonesische dwangarbeiders (100.000) dan Europese krijgsgevangenen (15.000) om bij de aanleg van een spoorlijn dwars door de jungle van Birma. werkblad 5

De Nederlanders De rol van de Nederlanders is snel uitgespeeld. Ze verliezen hun banen als bestuurder en plantage-eigenaren. De blanda s, de blanke Nederlanders, moeten apart gaan wonen in beschermde wijken. Later worden ze volkomen berooid en haveloos gekleed in kampen opgesloten. Er zijn aparte kampen voor mannen en jongens ouder dan 10 en voor vrouwen en kinderen. Vanwege hun opvallende blanke huidkleur is het zo goed als onmogelijk om onder te duiken. Het leven in kampen komt neer op overleven. Er is een voortdurend voedsel en eiwittekort en de kampbewoners lopen grote kans een besmettelijke ziekte als schurft, diarree, dysenterie, tuberculose, malaria of tyfus op te lopen. En als je ziek wordt, word je ondergebracht in een ziekenbarak zonder medicijnen en vaak zonder hulp van een arts. Je moet maar op eigen kracht zien beter te worden. Er is een totaal gebrek aan privacy, de toiletten zijn smerig en om het minste of geringste kun je streng en gewelddadig gestraft worden. Kinderen in een Jappenkamp In een kamp is er buiten de zware corveesniets te doen. Lesgeven is verboden, al doen sommige volwassenen dat stiekem toch. Voor de rest is het rondhangen en wachten. Een op de acht kampbewoners komt in de Jappenkampen, zoals de Nederlanders ze noemen, om. De gevangengenomen Nederlandse soldaten worden naar kampen elders in Zuidoost-Azië overgebracht. Zij moeten als dwangarbeiders hard werken op een veel te laag voedselrantsoen. Ook onder de soldaten vallen er duizenden doden. Artistieke impressie van een Jappenkamp voor mannen Lees de teksten op de werkbladen 5 en 6 en de bronnen op werkblad 7. Beantwoord daarna onderstaande vragen: 9. Op welke manier veranderde het beeld dat de Indonesiërs van de Nederlanders hadden? Welke invloed zal dit hebben gehad op het verzet tegen de Nederlanders? 10. Op welke twee manieren proberen de Japanners grip te krijgen op de Indonesische samenleving? Geef voorbeelden van elk van de twee. 11. Geef aan hoe de houding van de Indonesiërs tegenover de Japanners veranderde en waardoor dat kwam. 12. Maak een Japanse propagandatekst voor een nieuwsbericht dat uitgezonden wordt op de radio. 13. Stel dat er tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië een illegale Nederlandse radiozender in de lucht was. Schrijf een tekst van een nieuwsbericht voor deze illegale zender. werkblad 6

Bron I: een Indonesiër over 1942: Toen de Japanners kwamen, werd alles wat Nederlands was verboden. Je mocht ook geen Nederlands meer spreken. Ze brachten dus een hele revolutionaire verandering. Doordat de nationalistische leiders de kans kregen om nationalistische ideeën te propageren, kregen we de overtuiging dat wij niet minder waren dan de Nederlanders. De Japanners trekken fietsend Batavia binnen Bron II: een Nederlander in 1943: De aanblik van Batavia is geheel veranderd. Alleen door de bouwstijl lijkt het nog een westerse stad. De westerse activiteiten en sfeer zijn verdwenen. De benedenstad, waar de grote Europese handelszaken en banken gevestigd waren, geeft een beeld van doodsheid en verlatenheid. Hollandse opschriften zijn voor een deel uitgewist. In de voormalige Europese woonwijken is het uitgestorven. Europeanen ziet men zelden op straat. Op verschillende punten in de stad hebben de Japanners kleine huisjes neergezet waaruit radiomuziek schalt en ook natuurlijk nieuwsberichten en propaganda. Bron III: een Indonesiër over de Japanse bezetting: Toen we hoorden over de mensonterende behandeling van Indonesische dwangarbeiders begonnen we toch wel te denken: we moeten niet alleen de Nederlanders, maar ook de Japanners eruit gooien. En we moeten natuurlijk nooit meer van vreemden afhankelijk worden. Bron IV: de Indonesische schrijver Toer: We waren de Nederlanders al lang beu. We wisten geen uitweg, dus we hoopten op de komst van de Japanners. De Japanse propaganda was enorm. Ze zeiden in het begin: Gooi alle winkels open! Alles werd door de bevolking geplunderd. Daarmee wilden ze de gunst van het volk verwerven. Het duurde niet lang voor we beseften waar we aan toe waren. De Japanse militairen gedroegen zich als beesten. Ze namen onze spullen af en verkrachtten onze vrouwen. We waren er veel erger aan toe dan onder de Nederlanders. De vrouw in deze strip zegt over de Japanner: Oef, hij is nog wreder dan de Nederlanders! werkblad 7

Het kampleven Tijdens de Japanse bezetting moeten alle blanda s, blanke Europeanen, in beschermde wijken gaan wonen. Met achterlating van huis en haard vertrekken de vrouwen en kinderen naar een andere wijk in de stad. De mannen worden opgesloten in werkkampen. De beschermde wijken zijn helemaal afgezet met gedek: een hoge bamboeschutting met prikkeldraad waar je niet overheen kunt kijken. Je krijgt niets te zien of te horen van wat er buiten de wijk gebeurt. Elke keer als er nieuwe mensen bijkomen, wordt de ruimte die je voor jezelf overhoudt kleiner. Ook het voedsel wordt minder. Veel mensen lijden honger en worden ziek. Janneke: Het is hier verschrikkelijk saai. We vervelen ons hier, want er mag niets gebeuren. Suzanne: Nu brak voor ons ook het kampleven aan. Zelf was ik 12½ jaar. Ergens vond ik het interessant, omdat ik ineens tot de grote mensen werd gerekend. Mischa: Wij zouden de volgende dag geïnterneerd worden, maar wat dat was wist ik niet precies. Dat mijn vader niet bij ons zou blijven, had ik ook niet eerder beseft. Suzanne: Het eten kwam uit een gaarkeuken en werd in een open teil rondgedeeld. Maar de hoeveelheid, daar zouden we erg aan moeten wennen. Dat was een afgestreken pollepel... Janneke: Ik werk nu in de keuken. Een saai baantje, maar je krijgt wel corveesoep. Riek: Er zit niets anders op dan te werken en in je vrije tijd wat te zitten staren. Lydia: Iedere keer als ik de Japanners zag, had ik angst, zweette ik en mijn hart sloeg op hol. Dit was ook te wijten aan de vrees geslagen te worden. Carla: Vanochtend is er weer een dame geslagen omdat ze niet gegroet had. We waren net honden, want als we niet gehoorzaamden, kregen we slaag Suzanne: De meisjes moesten bij hem komen, zich uitkleden en kregen op het naakte lichaam een afranseling met zijn eigen leren riem. werkblad 8

Marya: Vast voedsel was er al helemaal niet meer. Men kreeg alleen zout en tapiocameel om te blubberen.* Suzanne: Drie dagen geen eten. Nu stond de dood heel dichtbij Er heerste een doodse stilte. We leefden niet, want dat kost calorieën. Carla: Mammie is vannacht ziek geworden. Eigenlijk voor haar erg zielig en voor ons erg voordelig. We hebben haar rijst mogen verdelen. Regelmatig moeten er mensen verhuizen naar een onbekend kamp elders. Zo n verhuizing is erg onzeker. Waar je naar toe gaat weet niemand. Onbekend is of het daar beter of slechter is. En je moet afscheid nemen van alles wat je vertrouwd is, ook van vriendjes en vriendinnetjes. Ondanks alle ellende en de ontberingen proberen de mensen er het beste van te maken. Eliza: Van de maaltijden maakten we zoveel mogelijk een gezellig onderonsje. Tijdens het eten lieten we onze fantasie werken en deden we net of we de heerlijkste dingen op ons bord hadden. Dit gaf aanleiding tot hilariteit. Suzanne: De tantes en wat meisjes kwamen mij feliciteren. Het was een beetje plechtig. Van een van de tantes kreeg ik een theelepeltje suiker dat ze zelf opgespaard had. Ik voelde mij heel erg jarig en blij verrast. Riek: Wanneer de mensen om je heen maar wat opgewekt blijven, is het ook niet zo moeilijk. En zo af en toe deden we maar eens goed idioot, dan hebben we weer wat om te lachen. * Pap van tapiocameel werd blubberpap genoemd, omdat die blubberig was en smaakte als behangsellijm Lees de bronnen op de werkbladen 8 en 9. Beantwoord daarna onderstaande vragen: 14. Waarom is het zo belangrijk voor de Japanners om de Europeanen van de rest van de bevolking te isoleren? 15. Wat is het belangrijkste bezwaar dat de Europeanen hadden tegen de beschermde wijken? 16. Welk citaat vind je het meest aansprekend en waarom? 17. Stel je voor dat je zelf je huis en al je spullen moet achterlaten om in zo n beschermde wijk te gaan wonen. Waar zou jij het meeste moeite mee hebben? werkblad 9

Dvd: De gans eet het brood van de eenden op Je gaat nu naar het beeldverhaal De gans eet het brood van de eenden op kijken. 18. Maak een lijstje met steekwoorden van de dingen die tijdens het kijken het meeste indruk op je maken. 19. Leg na afloop uit waarom Anne-Ruth haar verhaal de titel De gans eet het brood van de eenden op heeft gegeven. werkblad 10

Discriminatie In De gans eet het brood van de eenden op zijn er verschillende gebeurtenissen waarbij iemand wordt gediscrimineerd. Discriminatie houdt in dat je wordt achtergesteld ten opzichte van anderen. Het kan gebeuren omdat je een andere huidkleur hebt dan de meeste mensen in je land. Of je wordt gediscrimineerd omdat je andere ideeën hebt of omdat je je anders kleedt dan de meeste mensen. Discriminatie komt altijd en overal voor. Niet alleen tijdens een oorlog. Ook bij jullie op school of in de straat waar je woont, gebeurt het. Pas op voor vijandige spionnen! Bedoeld is: blanken, te herkennen aan hun blauwe ogen. 20. In het beeldverhaal komt duidelijk naar voren dat de Japanners bepaalde groepen bewust achterstelden. Welke groepen waren dat? Waarom zouden de Japanners dat doen? Wat voor gevolgen had dit voor de saamhorigheid in het kamp? 21. Leg in je eigen woorden uit voor welk dilemma de moeder van Anne-Ruth op een gegeven moment komt te staan en welke 'oplossing' ze gekozen heeft. Wat vind je van haar keuze? 22. Geef nog twee andere voorbeelden waarbij het meisje in het beeldverhaal gediscrimineerd wordt. 23. Geef ook aan wanneer ze zélf discrimineert. 24. Heb je je wel eens gediscrimineerd gevoeld? Schrijf een verhaal waarom dat was. Geef ook aan hoe je je toen voelde. En hoe heb je toen gereageerd? 25. Schrijf ook een verhaal waarbij je vertelt hoe je iemand anders discrimineerde. Waarom deed je dat? Hoe reageerde die ander daarop? Wat vond je van die reactie? werkblad 11

26. In het beeldverhaal wordt verteld over het leven in een oorlogssituatie in Nederlands-Indië. Er komen in het verhaal veel situaties voor die ook nu nog gelden in ontwikkelingslanden. Probeer met behulp van informatie uit het beeldverhaal en met hetgeen je zelf weet over ontwikkelingslanden onderstaand schema in te vullen: Negatieve overeenkomsten Positieve overeenkomsten Verschillen * Kinderarbeid * Vindingrijkheid in het dragelijk maken van de omstandigheden * Gebrek aan privacy * Kracht om te overleven * * * * * * * * * * * Niet in elk ontwikkelingsland is oorlog 27. Op welke manieren probeerden de mensen in de kampen in Nederlands-Indië de leefomstandigheden te verbeteren? 28. Kun je ook voorbeelden noemen (of vinden) van hoe mensen in ontwikkelingslanden hun situatie proberen te verbeteren? 29. Wat zijn de belangrijkste overeenkomsten tussen de pogingen van beide groepen mensen? En wat zijn de belangrijkste verschillen? werkblad 12

De reacties Mensen reageren heel verschillend als ze in extreem moeilijke omstandigheden verkeren. Zelfs al zijn de omstandigheden voor iedereen gelijk, dan zul je nog zien dat de reacties heel verschillend zijn. De diverse karakters die mensen hebben, spelen natuurlijk een rol. Reacties als teleurstelling, woede, verdriet en onmacht zijn heel herkenbaar in moeilijke omstandigheden. Zeker als verzet veel risico s met zich mee brengt, raken mensen gefrustreerd en reageren daardoor soms onredelijk. Gelukkig zie je ook dat hoe extreem de situatie ook is, bij veel mensen een waakvlam blijft branden die hen de moed geeft om door te gaan. De hoop geeft mensen de kracht om de moeilijkheden te trotseren en in de goede afloop te blijven geloven. Mensen worden creatief in het vinden van oplossingen en worden solidair met elkaar. Juist deze solidariteit tussen lotgenoten zorgt voor een drang om te overleven, wat er ook gebeurt. In Den Haag staat het Indisch Monument. Daar wordt elk jaar op 15 augustus de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië herdacht. 30. In het beeldverhaal zie je al die verschillende reacties terugkomen. Geef bij elke reactie een voorbeeld uit het beeldverhaal: Jaloezie: Lijdzaamheid: Solidariteit: Verzet: Moedeloosheid: Blijdschap: Teleurstelling: Woede: 31. In je eigen leven gebeuren ook dingen die dit soort reacties oproepen. Neem hetzelfde rijtje als hierboven. Probeer bij elke reactie een voorbeeld uit je eigen leven in de vullen. werkblad 13

Creativiteit en spel In het beeldverhaal wordt verteld hoe het leven in een interneringskamp er uit ziet. De ellende, de onmacht en het isolement van de gevangenen komen duidelijk naar voren. Maar ook is in het beeldverhaal sterk het accent gelegd op wat je als persoon zelf kunt doen om te overleven. Dat niet alleen de ervaringen zelf, maar met name de manier hoe je die ervaringen verwerkt belangrijk zijn om te overleven. Creativiteit en spel zijn belangrijke instrumenten om dit te bereiken. In het kamp zelf was weinig te doen. De gevangenen werden ingedeeld voor corvee: de wc schoonmaken, de stoep schrobben, groente schoonmaken in de keuken en natuurlijk de eigen barakken schoonhouden. Zowel de vrouwen als de kinderen hadden ieder hun eigen corveetaken. Kinderarbeid was de gewoonste zaak ter wereld. Behalve de corveetaken was er niets te doen. Verveling, wachten op de bevrijding 32. Wat veranderde er in de verhouding tussen kinderen en volwassenen in de kampen? Waardoor kwam dat? Wat betekende dat voor de kinderen en hoe vonden zij dat? 33. Hoe heeft de moeder van Anne-Ruth er voor gezorgd dat haar kinderen zo min mogelijk traumatische ervaringen zouden overhouden aan hun kindertijd in het Jappenkamp? 34. Het ganzenbord was een belangrijk spel in het kamp. Welke functies had het spel? 35. Maak in groepjes zélf een ganzenbordspel waarin de leuke en vervelende gebeurtenissen uit jullie eigen leven zijn verwerkt. werkblad 14

HANDLEIDING handleiding 1

Opzet van het lespakket Het lespakket De gans eet het brood van de eenden op is ontwikkeld rond het gelijknamige beeldverhaal, op dvd bij dit lespakket te verkrijgen of te bekijken via de website bij dit project: http://www.cmo.nl/gans. Centraal in het geheel staan de ervaringen van Anne-Ruth Wertheim die over haar kindertijd in een Jappenkamp op Nederlands-Indië vertelt. Het lespakket begint met algemene informatie over Nederlands-Indië zodat de leerlingen een kader hebben waarbinnen de rest van het lespakket zich afspeelt. Dit onderdeel zal 1 à 2 lesuren vragen. Na dit algemene deel kan het beeldverhaal vertoond worden. Van belang is dat het verhaal niet of nauwelijks wordt ingeleid. De kracht van het verhaal wordt vergroot als de leerlingen onbevangen kijken. De opdrachten daarbij gaan niet verder dan een eerste verwerking. U treft daarvoor twee kijkvragen aan. Aan de hand van de steekwoorden die de leerlingen hebben opgeschreven, kunt u ingaan op de verschillende en misschien zelfs tegenstrijdige gevoelens die het beeldverhaal bij de leerlingen heeft opgeroepen. In de rest van het lespakket wordt dieper ingegaan op enkele thema s die in het beeldverhaal worden aangestipt. Het doel van deze verdieping is het verleden (Nederlands- Indië) en het heden (de huidige situatie in Nederland en elders in de wereld) met elkaar te verbinden. Van de veertien thema s die we in het beeldverhaal kunnen onderscheiden zijn er drie in dit pakket uitgewerkt (zie handleiding 6). Als u dieper wilt ingaan op de afzonderlijke thema s kunt u dat doen door stukjes van het beeldverhaal te herhalen. Daarvoor hebben we de tellerstanden aan de thema s gekoppeld. Het moge duidelijk zijn dat het beeldverhaal en het lesmateriaal discussiestof opleveren. Het is raadzaam om hier voldoende tijd voor in te ruimen. Daarbij is het van groot belang dat u de leerlingen aanmoedigt om hun eigen mening te geven. Doelstellingen De leerling krijgt inzicht in de rol van de Nederlanders in Nederlands-Indië. De leerling kan de veranderende rol van de Nederlanders benoemen en verklaren. De leerling kan de veranderingen in de houding van de Indonesiërs ten opzichte van de Nederlanders benoemen en verklaren. De leerling kan een mening geven over de rol van de Nederlanders en de Japanners in Nederlands-Indië. De leerling heeft kennis van de leefomstandigheden in de Japanse interneringskampen in Nederlands-Indië. De leerling is in staat om overeenkomsten en verschillen te benoemen tussen de kampen in Nederlands-Indië en de huidige situatie in ontwikkelingslanden. De leerling ziet dat mensen in benarde situaties hun waardigheid kunnen behouden. De leerlingen realiseren zich dat de wereld niet onveranderlijk is, maar dat zij vanuit hun eigen persoon tegen onrecht in verzet kunnen komen. Kerndoelen Mens en maatschappij 40. De leerling leert historische bronnen te gebruiken om zich een beeld van een tijdvak te vormen of antwoorden te vinden op vragen, en hij leert daarbij ook de eigen cultuurhistorische omgeving te betrekken. 46. De leerling leert over de verdeling van welvaart en armoede over de wereld, hij leert de betekenis daarvan te zien voor de bevolking en het milieu, en relaties te leggen met het (eigen) leven in Nederland. handleiding 2

Kunst en cultuur 49. De leerling leert eigen kunstzinnig werk, alleen of als deelnemer in een groep, aan derden te presenteren. Samenvattingen van de leerlingentekst en antwoorden op de opdrachten Inleiding Introductie op Nederlands-Indië en de aanwezigheid van Nederlanders aldaar. 1. Het klimaat in Nederland is niet geschikt voor de verbouw van tropische producten. 2. De producten die op de plantages verbouwd werden, waren bestemd voor de Nederlandse markt. De ontwikkeling van de economie was heel eenzijdig (nadruk op de landbouw) en de inheemse bevolking profiteerde er nauwelijks van. 3. - Opstand tegen de Nederlanders Een kort overzicht van opstanden tegen de Nederlandse aanwezigheid in (het huidige) Indonesië en de houding van de verschillende bevolkingsgroepen na de Japanse inval. 4. Om de onafhankelijkheidsstrijd te breken. 5. De Indische samenleving was volgens Colijn een eenvoudige agrarische samenleving. De Indonesiërs hoefden alleen dát te leren wat nodig was om als boer in dienst van de Nederlanders te kunnen werken. 6. De gestudeerde Indonesiërs gingen zich afzetten tegen de Nederlandse overheersing. Hun kennis gebruikten ze niet in dienst van de Nederlanders, maar voor hun eigen strijd voor onafhankelijkheid. 7. De vader van Toer steunde de strijd tegen de Nederlanders. Door les te blijven geven op de Hollandsch-Indische school, moest hij overeenkomstig de Nederlandse ideeën lesgeven. Dat was in strijd met zijn eigen idealen. 8. Colijn, als Nederlander, stond achter de aanwezigheid van de Nederlanders in Nederlands-Indië en spreekt over de inheemse bevolking vanuit een superioriteitsgevoel. Toer, als Indonesiër, streed voor een onafhankelijk Indonesië en was dus tegen de Nederlandse aanwezigheid. De verschillen zijn tot stand gekomen vanuit hun verschillende (maatschappelijke) posities. 9. In het begin kijken de Indonesiërs tegen de Nederlanders op. Tijdens de Japanse bezetting zien zij hoe de Nederlanders door de Japanners behandeld worden. Dit versterkt het gevoel dat de Nederlanders niet beter dan zijzelf zijn. De Japanse overwinning doorbreekt ook de mythe dat de Nederlanders onoverwinnelijk zijn. Dit alles versterkt het verzet tegen de Nederlanders. 10. Propaganda: radio, affiches, alle Nederlandse elementen verwijderen uit de samenleving, loze beloftes over een onafhankelijk Indonesië. Geweld: Nederlanders gevangen nemen, Indonesiërs verplichten tot dwangarbeid, intimidatie. 11. In eerste instantie stonden veel Indonesiërs positief tegenover de Japanners, omdat ze Indonesië zouden bevrijden van overheersing door de Nederlanders. Hun houding veranderde toen bleek dat ook de Indonesiërs de dupe werden van de Japanse overheersing en dat onafhankelijkheid zo niet dichterbij kwam. Ze keerden zich toen tegen de Japanners. 12. - 13. - handleiding 3

Het kampleven Het leven in de Jappenkampen komt naar voren in citaten. 14. Het is een onderdeel van de verdeel-en-heers-politiek van de Japanners; zij zijn van mening dat Europeanen niets te zoeken hebben in Azië. Zij verwachten van de Nederlanders ook meer tegenstand dan van de Indonesiërs. 15. Het gebrek aan privacy. Ook genoemd worden: de overbevolking in de beschermde wijken, het gebrek aan voedsel en aan medicijnen en het gewelddadig gezag. 16. - 17. - Dvd: De gans eet het brood van de eenden op In deze les starten we het vertonen van het beeldverhaal en diepen we drie thema s verder uit: discriminatie, eerste levensbehoeften en hoe reageer je op moeilijke omstandigheden? 18. - 19. In een situatie van discriminatie (de gans verdrijft de eenden) gaan de slachtoffers onderling ruzie maken en elkaar discrimineren in plaats van solidair te zijn (iedereen zit te kijken of iemand anders niet per ongeluk een paar rijstkorreltjes meer heeft gekregen; net als de eenden die met elkaar beginnen te vechten als de gans probeert hun brood op te eten). Discriminatie Discriminatie is iets van alle tijden. Meer over onderlinge discriminatie vind u op de website http://www.cmo.nl/gans en op de dvd bij het voorgelezen artikel over de combi s. 20. De joden. Dat deden ze als onderdeel van de heers-en-verdeel-politiek en uit sympathie met hun bondgenoot de Duitsers. De discriminatie van de joden ging ten koste van de saamhorigheid; gevangenen gingen elkaar discrimineren in plaats van een blok te vormen tegen de Japanners. 21. Ze kan verzwijgen dat de kinderen half-joods zijn, maar dan loopt ze de kans als niet-jood gescheiden te worden van haar kinderen. Of ze doet alsof ze joods is (met alle gevolgen) om hoe dan ook bij de kinderen te blijven. 22. Zij krijgen als jood minder te eten dan de niet-joden in het kamp; ze worden vaker gestraft. 23. Ze discrimineert als westerse jood zelf op haar beurt de oosterse joden. 24. - 25. - 26. Zie het schema op de pagina hiernaast. 27. Door elkaar te helpen bij praktische oplossingen, door elkaar moed in te spreken, door kleding voor eten te ruilen met de bewakers, door een school voor de kinderen te organiseren, door onderling boeken te ruilen, door spelletjes te bedenken waar je weinig speelgoed voor nodig hebt. 28. Door al dan niet met hulp van ontwikkelingsgelden projecten te creëren die de leefomstandigheden verbeteren. In het antwoord moet duidelijk worden dat de ontwikkelingslanden in contact staan met de rest van de wereld. In de kampen in Nederlands-Indië was hulp van buitenaf lange tijd uitgesloten. 29. Overeenkomsten: zelfredzaamheid, niet in je lot berusten, proberen er het beste van te maken. Verschillen: in de kampen was er geen vrijheid bij je pogingen, het (gewelddadig) gezag werkte zelfs tegen dat je je lot probeerde te verbeteren. handleiding 4

Negatieve overeenkomsten Positieve overeenkomsten Verschillen * Kinderarbeid * Vindingrijkheid in het dragelijk maken van de omstandigheden * Niet in elk ontwikkelingsland is oorlog * Gebrek aan privacy * Kracht om te overleven * In de kampen zaten de mensen gevangen * Honger * Onderlinge solidariteit * Er was een gewelddadig gezag in de kampen * Slechte sanitaire voorzieningen * Verzet tegen het onrecht * Er waren nauwelijks communicatiemogelijkheden * Slechte medische voorzieningen * Een uitgekiend systeem om het beschikbare eten eerlijk te verdelen * Slechte huisvesting * Culturele activiteiten en creativiteit * * De reacties Hoe reageren mensen onder moeilijke omstandigheden? 30. Jaloezie: bij het verdelen van het eten. Lijdzaamheid: het appel, het buigen voor de Japanners. Solidariteit: het wassen van de kleding van mensen die dat zelf niet meer kunnen. Verzet: de ruilhandel met de Indonesiërs, een school organiseren, rood-witblauw gaan staan. Moedeloosheid: het gevoel hebben dat niemand op de wereld actie onderneemt om hen te helpen. Blijdschap: het vinden van de naald, lachen om grapjes. Teleurstelling: de onderlinge discriminatie, angst voor de dood. Woede: om het onrecht dat jezelf en anderen wordt aangedaan. 31. - Creativiteit en spel Creativiteit en spel zijn belangrijke instrumenten om de moeilijke omstandigheden in het kamp goed door te komen. 32. Kinderen werden eerder als volwassenen behandeld. Ze werden betrokken bij zaken die vroeger door de ouders onderling besproken werden. De moeders hadden geen ander volwassen familielid om de zaken mee te bespreken: de vaders zaten in afzonderlijke kampen. De Japanners beschouwden iedereen boven de 12 jaar als volwassen bij de verdeling van corveetaken e.d. Bovendien was het door het gebrek aan privacy veel moeilijker en minder wenselijk om de kinderen buiten te sluiten. De kinderen kregen daardoor meer verantwoordelijkheden en voelden zich gevleid dat ze als volwassenen behandeld werden. 33. Door zoveel mogelijk met de kinderen te praten. Doordat ze zich heel bewust was dat de ervaringen verwerkt moesten worden, liet ze de kinderen door middel van spel en creativiteit (de kinderen de gebeurtenissen laten tekenen bijvoorbeeld) dit verwerkingsproces in gang zetten. Bovendien diende ze door haar eigen waardigheid (zelfs onder deze omstandigheden) als voorbeeld voor haar kinderen. handleiding 5

34. Als onderdeel van het verwerkingsproces: door het ganzenborden werden de gebeurtenissen als het ware opnieuw beleefd. Ook diende het ganzenbord als spel om de verveling tegen te gaan. 35. Het zou leuk zijn als de leerlingen na het ontwerpen van het eigen ganzenbord het ook een keer zouden kunnen spelen! handleiding 6

Thema s die in het beeldverhaal aan bod komen (tijden bij benadering) 1. In situaties van schaarste en problemen wordt de afstand tussen volwassenen en kinderen kleiner. Ze moeten de verantwoordelijkheden delen. Dat is niet alleen erg, maar heeft ook positieve kanten. (10:53-11:10) 2. Kinderarbeid is niet alleen maar slecht. Onder bepaalde voorwaarden kunnen kinderen er ook van leren, bijvoorbeeld omgaan met verantwoordelijkheden. (19:53-22:30; 23:30-23:53) 3. Het is niet waar dat mensen onder moeilijke omstandigheden alleen maar tot beesten kunnen worden. Zelfs onder zeer moeilijke omstandigheden zijn er altijd nog mensen die hun menselijkheid behouden en solidair zijn met anderen. (17:33-17:48; 19:50-21:00) 4. Verraad en het profiteren van anderen leidt zowel bij kinderen als volwassenen tot spanningen, ook wanneer er geen ernstige gevolgen zijn. (19:28-19:39; 19:53-22:30; 23:00-23:29; 23:54-25:32; 27:18-28:45) 5. Isolement zoals in een gevangenschap is nog realiteit voor veel mensen over de hele wereld die nooit hun woonwijk uitkomen of niet weten wat zich afspeelt achter de volgende heuvelrug. (03:39-04:33) 6. De dreiging van gewelddadig gezag is van minuut tot minuut voelbaar voor alle mensen die er onder leven. (08:15-10:48; 11:15-12:02; 21:00-29:13) 7. Creativiteit en spel zijn belangrijke momenten om te overleven en het leven zinvol te maken, niet alleen voor kinderen maar ook voor volwassenen, niet alleen in gevangenschap maar overal. (02:00-02:45; 04:33-05:06; 06:38-07:02; 13:40-14:04) 8. Racisme is een manier om mensen te onderdrukken en werkt als een rem op ontwikkelingen: verdeel- en heerstactieken, onderlinge discriminatie binnen gediscrimineerde groepen, de positie van halfbloeden en mensen die tot twee verschillende culturen behoren. (22:31-23:29; 22:37-26:23; 26:29-27:00) 9. Langdurig gebrek aan voedsel en andere levensbehoeften beheerst het leven tot in de kleinste details. Ook dit is nog dagelijkse werkelijkheid in grote delen van de wereld. (07:06-07:40; 14:08-14:44) 10. In situaties van leven en dood wordt het van levensbelang hoe de verdeling is van goederen en diensten over de bevolking (voedsel, water, medicijnen, verpleging, plaats om te verblijven, beschutting, hygiëne enz.). (05:06-06:20; 07:40-08:15; 14:08-14:44; 17:48-18:30; 26:29-27:00) 11. Leren doe je overal: ervaringen worden leerervaringen door er op bepaalde manieren mee om te gaan. (29:21-30:11) 12. Vrouwen en kinderen onder elkaar zijn in staat onderlinge hulp te organiseren en elkaar geestelijk op de been te houden. (15:30-16:11; 17:33-17:48; 19:50-21:00) 13. Verzet tegen onrecht hier en elders heeft zin. (29:21-29:57) 14. Onder een gewelddadig gezag kunnen mensen voor onmogelijke keuzes komen te staan: schijnkeuzes tussen verschillende mogelijkheden die allemaal even erg zijn, maar waarvoor je wel de verantwoordelijkheid te dragen krijgt. (09:26-12:02) handleiding 7

Links Website van het Centrum voor Mondiaal Onderwijs bij deze lesbrief http://www.cmo.nl/gans Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie http://www.niod.nl Nationaal Comité 4 en 5 Mei http://www.4en5mei.nl Wikipedia over Nederlands-Indië http://nl.wikipedia.org/wiki/nederlands-indië Begrippenlijst Nederlands-Indië http://www.nedindie.nl/ Startpagina Nederlands-Indië http://nederlands-indie.startpagina.nl/ handleiding 8

handleiding 9

De gans eet het brood van de eenden op: Nederlanders in Nederlands-Indië Deze lesbrief voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs bekijkt de geschiedenis van Nederlanders in Nederlands-Indië. De eilanden waren om allerlei redenen erg aantrekkelijk, maar onze aanwezigheid was niet zonder gevolgen voor de Indonesiërs. Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, verandert abrupt het leven van de Nederlanders, die tot dan toe een heel comfortabel leven leidden. Aan de hand van het verhaal van Anne-Ruth Wertheim, die twee jaar van haar kindertijd in Japanse interneringskampen op Java doorbracht, volgen we de veranderingen zoals een kind die beleefde. De oorlog is al lang voorbij, maar zijn daarmee ook haat, onderdrukking en discriminatie verdwenen? Het pakket De gans eet het brood van de eenden op bestaat uit een lesbrief met dvd en een bijbehorende educatieve website http://www.cmo.nl/gans. Er is ook een uitgave voor de bovenbouw van het basisonderwijs. Uitgave: Centrum voor Mondiaal Onderwijs Postbus 9108 6500 HK Nijmegen 024-3613074 cmo@fm.ru.nl Lesbrief: 10,- Dvd: 10,- De lesbrief is ook gratis te downloaden vanaf de website. Daar is ook het beeldverhaal in zijn geheel te bekijken.