Heliomare Relweg 51 1949 EC Wijk aan Zee T 088 920 88 88 E Info-revalidatie@heliomare.nl BEHANDELPROGRAMMA CMP Doel van dit document: Betreft de diagnosegroep(en): Richtinggevend patiënten met chronisch musculoskeletale pijn Behandelprogramma CMP 1
INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave... 2 Hoofdstuk 1. Algemeen... 3 1.1. Doelgroep... 3 1.2. In- en exclusiecriteria... 4 Inclusiecriteria:... 4 Exclusiecriteria:... 4 Relatief exclusie criterium... 4 1.3. Marktoriëntatie... 4 1.4. Gewenste uitkomsten... 5 1.5. Behandelvisie... 5 Hoofdstuk 2. Organisatie... 6 2.1. Specifieke deskundigheid... 6 2.2. Randvoorwaarden... 6 Hoofdstuk 3. Het patiënten proces... 7 3.1. Resultaten per fase... 8 Aanmelding... 8 Screening:... 8 Klinimetrische gegevens door psychologisch assistent... 8 Consulteren... 8 Behandelen... 8 Controle patiënt... 8 3.2. Klinimetrie... 9 3.3. Zorgpad... 9 3.3.1. Kenmerken instroom in de zorgpaden...10 3.4. Overlegmomenten...10 Hoofdstuk 4. Verwijzing naar relevante documenten...11 4.1. Informatie aan patiënt...11 4.2. Verwijzing naar werkinstructies, modules, protocollen en sjablonen...11 4.3. Werkboeken...12 Hoofdstuk 5. Begrippen en afkortingen...13 Hoofdstuk 6. Literatuur...14 Bijlage 1. Risico inventarisatie en evaluatie punten behandelprogramma...15 Risico inventarisatie...15 Evaluatie punten behandelprogramma...15 Behandelprogramma CMP 2
HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN 1.1. DOELGROEP Dit behandelprogramma is voor de doelgroep patiënten met Chronische Musculoskeletale Pijn (CMP), met persoonlijk en maatschappelijk disfunctioneren. De polikliniek revalidatiegeneeskunde van Heliomare profileert zich op twee doelgroepen: Eerste doelgroep: Doelgroep patiënten met chronische pijn van het houdings- en bewegingsapparaat, specifiek dan wel aspecifiek. Bij deze doelgroep staat expliciet voorop het zodanig toepassen van fysieke, beeldvormende en laboratorium diagnostiek, dat goed beargumenteerd kan worden besloten dat er behandeld / verwezen wordt tot er geen zinvolle medisch/technische behandelbare grootheden meer zijn volgens de huidige stand van kennis en expertise (of als patiënten hier expliciet geen gebruik van willen maken) Vervolgens kunnen deze patiënten wel in aanmerking komen voor gedrag beïnvloedende behandeling (zie hieronder: tweede doelgroep). Interventies: Diverse technische invasieve interventies, o.a. volgens de geprotocolleerde technieken van de ISIS, al dan niet in Heliomare toegepast door eigen personeel, of elders door samenwerkingspartners in het netwerk. In principe gaan we er vanuit dat resultaten bij deze doelgroep bestaan uit: het uitsluiten van het adequaat behandelen van het verwijzen voor behandeling van resterende stoornissen op fysiek / functie niveau. Tweede doelgroep: Doelgroep patiënten met aspecifieke chronische pijn of niet-medisch/technisch behandelbare specifieke chronische pijn die hun manier van omgaan met de pijn willen veranderen (gedrag beïnvloedende interventies) met als doel om de dagelijkse activiteiten weer op te pakken. Het betreft patiënten: met medisch/technisch aspecifieke klachten van pijn van het houdings- en bewegingsapparaat. er is voldoende uitputtende diagnostiek geweest om dit vast te stellen. de patiënt (en zijn systeem) gaan daar mee akkoord. met specifieke klachten van het houdings- en bewegingsapparaat zonder reguliere behandelopties. Interventies: De interventies zijn erop gericht om patiënten te ondersteunen om hun gedrag zodanig te beïnvloeden/veranderen dat ze in hun (dagelijkse) activiteiten beter met de pijn kunnen omgaan. (Dit leidt op langere duur, secundair, wel tot vermindering van de pijn.) Er is dus geen medisch/technische behandeling mogelijk die de pijnklachten kan beïnvloeden in verminderende zin. Dit is dan ook uitdrukkelijk niet het primaire doel van de behandeling. De patiënten (en hun systeem) dienen expliciet met dit uitgangspunt akkoord te gaan om een zinvolle behandeling te kunnen geven. De resultaten van de behandeling liggen dus primair meer op het gebied van het gedrag/functioneren dan op het gebied van pijn. In het kader van het CMP behandelprogramma gaat het vervolg over de tweede doelgroep. Behandelprogramma CMP 3
1.2. IN- EN EXCLUSIECRITERIA INCLUSIECRITERIA: Chronische Musculoskeletale Pijn (CMP), met persoonlijk en maatschappelijk disfunctioneren EXCLUSIECRITERIA: De revalidatie arts heeft geen indicatie voor revalidatie geneeskundig onderzoek gesteld Er is niet voldoende veranderbereidheid op alle terreinen die relevant zijn voor de revalidatie Er zijn niet voldoende mogelijkheden voor de patiënt (en zijn systeem) om te veranderen Interfererende psychopathologie Na de onderzoeksfase is er geen overeenstemming tussen team en patiënt over kernprobleem en behandelplan Onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal (patiënt kan dan instromen in het PRB programma.) RELATIEF EXCLUSIE CRITERIUM (Letselschade)procedures. Aangezien procedures erg lang kunnen duren is het nodig een inschatting te maken of een bepaalde procedure problemen kan geven tijdens een behandeling. 1.3. MARKTORIËNTATIE Huisartsen zien in Noord Holland zien jaarlijks 256.000 mensen met nek-, schouder- en/of rugklachten (2003). Ruim 29% van de mensen van 25 jaar en ouder heeft nek- en of rugklachten van 3 maanden of langer (voor Noord-Holland betekent dat 581.000 mensen jaarlijks). Het voorkomen van klachten van nek en rug neemt toe tot het 50 ste jaar, en blijft daarna gelijk. Sinds 1994 blijft het aantal klachten van nek en rug in de Nederlandse bevolking gelijk. Incidentie: Midden-Kennemerland, de primaire verwijsregio voor de polikliniek van Heliomare, kent in 53 huisartsenpraktijken jaarlijks zo n 4.352 patiënten met klachten die langer duren dan 6 weken, en 3328 daarvan hebben klachten langer dan 12 weken. Ruim 2000 hiervan hebben klachten langer dan een half jaar. Dat betekent dat er prevalent een reservoir van patiënten met langdurige klachten van nek, schouders en rugklachten bestaat van minimaal enkele duizenden patiënten. De eerstelijns aanbieders zijn bij deze groep niet in staat gebleken de klachten voldoende te beïnvloeden. Nek- en rugklachten komen het meest voor in de leeftijdsgroep van 45- tot 65-jarigen Dit betekent dat relatief veel mensen in de arbeidzame leeftijd met rug- en nekklachten geconfronteerd worden. Aangezien deze klachten vaak met verminderd lichamelijk functioneren gepaard gaan, kunnen ze leiden tot ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. Degenen bij wie snelle hervatting van het werk een belangrijk primair doel is worden verwezen naar Heliomare Arbeidsintegratie. De overige worden verwezen naar de polikliniek revalidatiegeneeskunde van het Rode Kruis Ziekenhuis en de polikliniek van Heliomare. In de polikliniek van Heliomare worden de meer complexe patiënten gezien en behandeld (zo n 500 tot 600 patiënten op jaarbasis). Vaak is er sprake van een klachtenduur van anderhalf tot soms wel meer dan tien jaar. De complexiteit wordt geoperationaliseerd als moeilijk te beïnvloeden onderhoudende psychische en sociale factoren. Behandelprogramma CMP 4
1.4. GEWENSTE UITKOMSTEN Primaire doelen van de poliklinische revalidatie in Heliomare van de patiënten met CMP: De patiënt heeft geleerd weer de regie over het eigen leven te hebben en te behouden. Dit kan zich vertalen in (objectief te meten) Het uitvoeren van activiteiten die belangrijk zijn voor de persoon in het dagelijks leven Het terugkeren naar werk of andere dagbesteding Het ervaren van een betere gezondheid gerelateerde kwaliteit van leven. Als secundair doel is ook duidelijk pijnvermindering een doel van de behandeling De behandeldoelen worden vastgesteld in samenspraak met de patiënt. Voor bovenstaande factoren is afstemming tussen hulpvraag, functionele prognose en reëel haalbare doelen essentieel. Als uitkomstmaat geldt de RAND36. Tevens wordt aan de patiënt de volgende vraag gesteld: Hoe tevreden bent u over het resultaat van uw behandeling? 1.5. BEHANDELVISIE In het primaire proces van de polikliniek staat de algemene visie beschreven. Binnen het CMP behandelprogramma werken we volgens de visie op chronisch pijn en volgens het less is more principe De visie op chronische pijn en een uitgebreidere omschrijving van less is more zullen later worden toegevoegd in dit behandelprogramma. Enkele kenmerken van less is more zijn: werken vanuit een kernprobleem; uitgaan van wat de patiënt nodig heeft; scheiden van onderhoudende factoren en niet behandelbare factoren; kiezen welke onderhoudende factoren behandeld worden; als er behandelbare grootheden aanwezig zijn die niet het kernprobleem behelzen, dan worden deze niet behandeld; kiezen welke discipline het beste de onderhoudende factor voor de betreffende patiënt kan beïnvloeden; niet alle problemen van de patiënt hoeven opgelost te worden (80/20 regel). Behandelprogramma CMP 5
HOOFDSTUK 2. ORGANISATIE 2.1. SPECIFIEKE DESKUNDIGHEID Alle betrokkenen van dit behandelprogramma moeten op de hoogte zijn van de poliklinische visie t.a.v. chronische pijn. Elke teamlid dient in staat te zijn om de patiënt uit te leggen hoe de pijnverwerking verloopt bij acute pijn en bij chronische pijn een hypothese te formuleren waarom bij de patiënt bij aanvang van behandeling geen herstel is opgetreden in samenspraak met zowel de patiënt als het team een verklaringsmodel op te stellen interventies toe te passen om het niveau van functioneren van de patiënt op een hoger niveau te krijgen. De middelen die voorhanden zijn: Boek: Explain Pain van David Butler, PT and Dr. Lorimer Moseley, Sunyata (Illustrator), Zie hoofdstuk 6, literatuurlijst Boek Pijneducatie van Paul van Wilgen en Jo Nijs, 2010, Zie hoofdstuk 6, literatuurlijst De pijnvoorlichting die aan de patiënten wordt gegeven 2.2. RANDVOORWAARDEN Voorwaarden van dit behandelprogramma zijn: Tegelijk starten van alle geïndiceerde disciplines Alle medische informatie is voorhanden Indirecte tijd is gewaarborgd doordat in de programma s van de behandelaren op het juiste moment indirecte tijd is vastgelegd, zodat de verslaglegging en voorbereiding van patiëntenbesprekingen mogelijk is. Voor een verslag van een 1ste UPB is minimaal 45 minuten nodig en voor de voorbereiding van het UPB 15 minuten. De klinimetrie van T0, T1 en T-laatst is georganiseerd en beschikbaar voor de teamleden. Behandelprogramma CMP 6
HOOFDSTUK 3. HET PATIËNTEN PROCES Het primaire proces van de polikliniek: Primaire en administratieve proces polikliniek Ja Nee Aanmelden Patiënt uit RKZ / Kliniek? Patiënt Patiënt Patiënt Screenen geschikt voor Consulteren geschikt voor Nee Ja geschikt voor Ja Behandelen Ja patient poliklinische patient controle behandelen? revalidatie? traject? Controle patient Ontslag / verwijzing elders Voor de CMP patiënt geldt de volgende uitzondering: De activiteit Consulteren patiënt is uitgebreid met een klinimetrisch blok. De patiënt komt op de dag van het consult, voorafgaande aan het consult met de revalidatie arts bij de psychologisch assistent om in Heliomare verschillende klinimetrische gegevens in te vullen. Deze klinimetrische gegevens worden verwerkt door de psychologisch assistent en de uitslag geplaats in ecaris dossier. Het proces van de CMP patiënt ziet er als volgt uit: Consulteren Patient Behandelen Controle Patient Nee Nee Nee Nee CMP kort Nee Klinimetrische gegevens door PSass Consulteren patiënt door RA Patiënt geschikt voor CMP traject? Onderzoek fase 3 weken Patiënt door naar vervolg CMP traject CMP lang Terugval preventie Patiënt geschikt voor Controle traject? Ja Controle patient Ontslag / ander behandeltraject / verwijzing elders CMP exposure Behandelprogramma CMP 7
3.1. RESULTATEN PER FASE AANMELDING conform primair proces SCREENING: conform primair proces KLINIMETRISCHE GEGEVENS DOOR PSYCHOLOGISCH ASSISTENT Klinimetrie is afgenomen, verwerkt en in ecaris dossier geplaatst CONSULTEREN Diagnostiek is afgerond Klinimetrische gegevens zijn compleet Indicatie CMP OND is gesteld Keuze fysiotherapie of bekkentherapie is gemaakt en aangegeven op loopbrief In ecaris is het traject CMP en het ecaris behandelprogramma CMP OND geopend Het voorschrift via ecaris protocol CMPON is gevuld. BEHANDELEN Onderzoekfase Hulpvraag is beschreven In standhoudende factoren zijn beschreven; Inschatting dat patiënt binnen gestelde behandelduur instaat is te veranderen is gemaakt Kernprobleem is vastgesteld Revalidatiedoel is vastgesteld Keuze vervolg CMP traject is gemaakt; Keuze in te zetten disciplines is gemaakt en door arts aangegeven op loopbrief Patiënt heeft pijnvoorlichting ontvangen Behandelfase De patiënt heeft geleerd weer de regie over het eigen leven te hebben en te behouden. Dit kan zich vertalen in (objectief te meten): Het uitvoeren van activiteiten die belangrijk zijn voor de persoon in het dagelijks leven Het terugkeren naar werk of andere dagbesteding Het ervaren van een betere gezondheid gerelateerde kwaliteit van leven. Terugvalpreventie De terugvalpreventie is afgerond en de patiënt heeft tools tot zijn beschikking om met mogelijke terugval om te gaan De vraag of de patiënt geschikt is voor het controle traject is beantwoord Soort controle traject is gekozen. CONTROLE PATIËNT Terugkombijeenkomst Drie maanden na ontslag vindt er een terugkombijeenkomst individueel of in groepsverband plaats. Deze terugkombijeenkomst heeft als doel om met de patiënten hun terugvalpreventie plan te bespreken en eventuele vragen te kunnen beantwoorden. De terugkombijeenkomst Behandelprogramma CMP 8
in groepsverband wordt begeleid door een ergotherapeut en een maatschappelijk werker. 3.2. KLINIMETRIE Bij aanmelding: Aanmeldingsformulier polikliniek T0: Voorafgaande aan consult ingevoerd in klinilyzer: Rand-36 TSK-11 HADS IPQ SCL-90 BBQ (rug) RDQ (rug) NBQ (WAD) NDI (WAD) SVL (WAD) HOOS (heup) niet ingevoerd in klinilyzer KOOS (knie) niet ingevoerd in klinilyzer DASH (arm) niet ingevoerd in klinilyzer T 0: tijdens de onderzoeksfase PILE ( ingevoerd in klinilyzer) COPM (ingevoerd in klinilyzer) PCS (op indicatie PS) UCL (op indicatie PS) T1: tijdens de 1ste week terugvalpreventie RAND36 COPM PILE Tevredenheidsvraag: Vraag: Hoe tevreden bent u over het resultaat van u behandeling? wordt beantwoord met een 7-puntschaal en ruimte voor een toelichting T 2: 3 maanden na ontslag RAND 36 Tevredenheidsvraag: Hoe tevreden bent u over het resultaat van u behandeling? De termijn tussen de afname van de RAND36 en de start van de behandeling is maximaal 6 weken tussen eerste meting in TO en de start van de behandeling. 3.3. ZORGPAD Het CMP behandelprogramma bestaat uit een onderzoeksfase van 4 weken, waarna de keuze gemaakt wordt voor een van de volgende zorgpaden : CMP kort CMP lang CMP exposure http://helioweb/dbs/pub/rev/zorgpad%20cmp.xlsx Behandelprogramma CMP 9
3.3.1. KENMERKEN INSTROOM IN DE ZORGPADEN Indicatie CMP KORT: Alle CMP patiënten waarbij de verwachting is dat de patiënt binnen 16 weken een verandering kan doormaken. Indicatie CMP LANG: De CMP patiënten waarbij aanwezigheid is van Co-morbiditeit, As 1 (stemmingsstoornissen, angststoornissen, dwangstoornissen), As 2 (persoonlijkheidsproblematiek), Sterk interfereren van psychosociale en omgevingsfactoren en/of De verwachting dat er meer tijd dan 16 weken nodig is om te veranderen. Indicatie CMP EXPOSURE: Alle CMP patiënten waarbij het kernprobleem bewegingsangst is en waarbij de verwachting is dat de interventie exposure de gezondheidstoestand positief zal beïnvloeden. Voor de onderzoeksfase kan er onderscheid gemaakt worden tussen een fysiotherapeut of een bekkentherapeut (BFT). De Indicatie voor CMP OND BFT zijn: Pijn die is ontstaan tijdens de gravida en/ of rond de partus Pijn bij mannen en vrouwen die is gelokaliseerd in de schaamstreek/ liezen Pijn bij mannen en vrouwen die is gelokaliseerd ter hoogte van de stuit Bekkenpijn bij mannen en vrouwen die is ontstaan na een bekkenfractuur Alle patiënten waarbij mictie/ defecatie/ seksualiteit a priori reeds als kernprobleem worden geduid 3.4. OVERLEGMOMENTEN Binnen het CMP behandelprogramma zijn naast de overlegmomenten zoals beschreven in het primaire proces twee specifieke overlegmomenten: Het Petit Comité (PC) in week 2 heeft als doel: check of patiënt juist geïndiceerd is. UPB-P: dit is een overleg moment met de patiënt, de revalidatie arts en twee afgevaardigden van het team met als doel om samen met de patiënt (shared decision making) te komen tot en overeenstemming te krijgen t.a.v. kernprobleem, verklaringsmodel en revalidatie doel. Vanuit pragmatisch oogpunt zullen in de even weken FT en MW en in de oneven weken ET en PS bij de UPB-P aanwezig zijn. Deze UPB-P vinden op vaste momenten plaats in de week. Bij afwezigheid van een van de disciplines zal bij de FT de ET en vice versa ingepland worden en bij de PS de MW en vice versa. Behandelprogramma CMP 10
HOOFDSTUK 4. VERWIJZING NAAR RELEVANTE DOCUMENTEN 4.1. INFORMATIE AAN PATIËNT Bij een pre-indicatie voor het CMP traject voorafgaand aan eerste consult wordt de patiënt uitgenodigd om de klinimetrie onder begeleiding van psychologie assistent in te voeren. De patient ontvangt via de post de folder N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\Formulieren en folders\folder CMP onderzoek klinimetrie thuis.docx Indien de patiënt geen pre-indicatie heeft gehad en na het eerste consult wordt geïndiceerd voor CMP dan ontvangt de patiënt de folder N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\Formulieren en folders\folder CMP onderzoek klinimetrie thuis.docx 4.2. VERWIJZING NAAR WERKINSTRUCTIES, MODULES, PROTOCOLLEN EN SJABLONEN Onderzoeksfase Week 1 Combi ergotherapie en maatschappelijk werk In de eerste week zijn MW en ET verantwoordelijk om de hulpvraag expliciet uit te vragen en te zorgen dat deze in het patiëntendossier zichtbaar wordt voor alle teamleden; Inventarisatie van de participatie domeinen Week 3 Combi fysiotherapie en psychologie In de derde week zullen PS en FT de bevindingen uit de onderzoeken bespreken en delen de mogelijke verklaringen voor het in stand houden van de klachten. Afspraken combi FT/ PS in derde onderzoekswerk Het formulier Persoonlijke klachtenanalyse Persoonlijke klachtenanalyse: N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\01 verklaringsmodel\persoonlijke klachtenanalyse.doc wordt uitgereikt door de PS aan de patiënt in week 1 Voor aanvang van de bijeenkomst hebben PS en FT contact met elkaar; evt. kan dit gebeuren in het PC in week 2, n.a.v. wederzijdse verslagen De bijeenkomst vindt plaats op de kamer van de psycholoog De combibehandeling FT/PS heeft de volgende doelstellingen De patiënt heeft de overtuiging dat er goed naar hem is geluisterd De heeft de overtuiging dat zijn klachten serieus zijn genomen De patiënt weet dat in zijn algemeenheid chronische pijn multifactorieel is bepaald Ideeën en opvattingen van de patiënt ten aanzien van zijn klachten en zijn disfunctioneren zijn bekend De patiënt heeft kennisgenomen van de bevindingen van FT en PS en heeft daarop kunnen reflecteren Er zijn ideeën uitgewisseld omtrent mogelijke verklaringen voor het disfunctioneren van de patiënt. Er worden geen beloftes gedaan t.a.v. in te zetten disciplines Taakverdeling FT/ PS tijdens de combibehandeling wordt open gelaten; afhankelijk van vragen van de patiënt en uitkomsten van het onderzoek In de onderzoekfase en in de zorpaden wordt tevens gebruik gemaakt van het Gevolgen overzicht N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\01 verklaringsmodel\gevolgen Behandelprogramma CMP 11
overzicht.doc Week 4 In de vierde week vind Pijnvoorlichting plaats Alle zorgpaden worden afgesloten met een fase van terugvalpreventie, zie N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\Formulieren\Terugvalpreventie plan okt 2010.doc. Tevens wordt bij de afsluiting de tevredenheidsvraag gesteld: N:\revalidatie\DBV\0Communicatie\Formulieren\Tevredenheidsvraag.docx Binnen de zorgpaden kan een patiënt aangemeld worden voor de Assertiviteitsgroep (MW) N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\Formulieren en folders\folder assertiviteitsgroep.doc voor de Zelfbeeldgroep (PS) N:\revalidatie\DBV\05 Communicatie\Formulieren en folders\folder Zelfbeeldgroep.doc 4.3. WERKBOEKEN De patiënt zal zijn eigen status hebben en is beheerder van zijn eigen behandelplan. Behandelprogramma CMP 12
HOOFDSTUK 5. BEGRIPPEN EN AFKORTINGEN BBQ BFT CMP CMP OND COPM DASH ET FT HADS HOOS IPQ ISIS KOOS MW NBQ NDI PC PCS PILE PS RAND36 RDQ SCL-90 SVL TSK-11 UCL UPB UPB-P Back Disability Questionnaire Bekken fysiotherapie Chronische Musculoskeletale Pijn CMP onderzoekfase Canadian Occupational Performance Measurement Disabilities of the arm, shoulder and hand Ergotherapie Fysiotherapie Hospital Anxiety Depression Scales Hip disability and Osteoarthritis Outcome Score Illness Perception Questionnaire International Spinalcord Intervention Society Knee injury and Osteoarthritis Outcome Score Maatschappelijk werk Neck Disability Questionnaire Neck Disability Index Petit Comité Pain Catastrophizing Scale Progressive Isoinertial Lifting Evaluation Psychologie Ronald geeft dit door Roland Disability Questionnaire Symptom Checklist Schok verwerkingslijst Tampa Schaal Kinesiofobie Utrechtse Coping Vragenlijst Uitgebreide Patiënten Bespreking Uitgebreide Patiënten Bespreking met Patiënt Behandelprogramma CMP 13
HOOFDSTUK 6. LITERATUUR ICF Nederlandse Vertaling Van De International Classification Of Functioning, Disability And Health, ISBN139789031350988 Boek Explain Pain van David Butler, PT and Dr. Lorimer Moseley, Sunyata (Illustrator), ISBN 9780975091005 In Wankel Evenwicht, Over Stress, Levensstijl En Welvaartsziekten, B. van Houdenhoven, ISBN 9789020960204 De dokter kan niks vinden, Jan Houtveen, ISBN 9789035134003 Pijn, Vanuit Een Neurowetenschappelijk Perspectief, Ben v. Cranenburg Pijn, ISBN139789035230576 Behandelprogramma CMP 14
BIJLAGE 1. RISICO INVENTARISATIE EN EVALUATIE PUNTEN BEHANDELPROGRAMMA RISICO INVENTARISATIE Het niet starten van de vier disciplines tegelijk Het niet kunnen plannen van het behandelprogramma, qua duur en frequentie Niet kunnen houden aan geplande ontslag data Het vermogen aan het houden van less is more. De deskundigheid is niet voldoende om het behandelprogramma uit te voeren. EVALUATIE PUNTEN BEHANDELPROGRAMMA Heeft de klinimetrie een meerwaarde voor het programma? Wordt de klinimetrie binnen 6 weken voor start behandelen afgenomen? Kunnen de CMP patiënten ingedeeld worden in één van de zorgpaden? Is de belasting van team en patiënt met drie weken durend onderzoeksprogramma juist? Is de inzet en duur van de onderzoekfase van 4 weken is de juiste? Wordt de doelstelling van het PC behaald: Zit de patiënt in het juiste behandelprogramma? Is het tijdstip en duur van het PC juist? Is het PC een aanvulling in het onderzoeksproces? Worden de juiste combi s ingezet tijdens het UPB-P? Is de samenstelling van het team de juiste; hoe werkt het als de vertegenwoordigers namens het team bij de UPB-P niet degene zijn die de patiënt gaan behandelen?. Komt het team tot SDM (Shared Desicion Making) tijdens het UPB-P?. Is er voldoende patiënt contact bij ergotherapie nu er gekozen is om 1x per week 60 te behandelen? Wordt de time-out periode gemist tijdens de behandelperiode? Hoe vaak wordt het traject gestopt, omdat er geen veranderbereidheid van de patiënt is t.a.v. voorgestelde behandeling? Is de indirecte tijd op het juiste tijdstip beschikbaar voor de behandelaren? Halen we onze doelen binnen de gestelde termijn? Hoe vaak zijn nog mutaties nodig op het voorgestelde behandelprogramma? Hoe vaak wordt de haptotherapie ingeschakeld? Is er een meerwaarde van 2 behandelaren bij het UPB-P? Welke rol hebben de behandelaren? Behandelprogramma CMP 15
Kritische factor Hoe evalueren Verantwoordelijk Klinimetrie Cognos data MT poli Logistiek Cognos data MT poli Inhoud VGC en BTM in overleg (zie evaluatiepunten bijlage 1) BTM Overlegmomenten VGC en BTM in overleg (zie evaluatiepunten bijlage 1) BTM Behandelprogramma CMP 16