Mobiliteitsexpert (A1a-A3a)

Vergelijkbare documenten
Deeltijdse ICT-medewerker SASK

Deskundige mobiliteit

Teamcoach onderhoud openbaar domein (C4-C5)

Jeugdwerker (vakantieaanbod) - tijdelijk

Strategisch coördinator

Beleidsmedewerker klimaat en energie (A1a-A3a)

HR Manager (departementshoofd)

U maakt deel uit van de strategische cel en rapporteert bijgevolg aan de strategisch coördinator.

Deskundige bedrijfsleven

Coördinator buitenschoolse kinderopvang

Ploegbaas groen wegen

Departementshoofd facilitair beheer

Beleidsmedewerker sport

Stafmedewerker Planning (Gezinszorg)

Infrastructuur engineer ICT

Functieprofiel leidinggevende

Gebouwenbeheerder Sport, Cultuur en Vrijetijd Infrastructuur

Diensthoofd overheidsopdrachten. Dienst Administratieve en juridische zaken overheidsopdrachten

Projectmedewerker/ervaringsdeskundige in de armoede en sociale uitsluiting

Taken en verantwoordelijkheden op het vlak van dienstverlening t.a.v. cliënten:

Beleidsmedewerker Groen

Stafmedewerker financiën

Publiekswerker Evenementencoördinator B1-B3

Je ontwikkelt een gedeelde HR-visie en vertaalt deze in strategische doelstellingen, die passen binnen het strategisch meerjarenplan van KORTRIJK.

B1 - DESKUNDIGE LEIDINGGEVENDE

Brugfiguur kinderkansen

Straathoekwerker (B1-B3)

TEAMVERANTWOORDELIJKE ICT-TEAM (M/V)

Functiebeschrijving. Systeembeheerder. Graad B1-B3

FUNCTIEBESCHRIJVING. Graad: Deskundige Functietitel: Coördinator uitvoering

Functiebeschrijving. Applicatiebeheerder. Graad B1-B3

FUNCTIEBESCHRIJVING BELEIDSMEDEWERKER ONDERZOEKSINFRASTRUCTUUR

Functiebeschrijving Directeur Monumentenwacht Limburg

Functiebeschrijving teamverantwoordelijke Ruimtelijke en stedelijke ontwikkeling

Directeur financiën. Resultaatgebieden

Medewerker dienst burgerzaken

Milieuambtenaar. Zorgen voor het geheel van het gemeentelijk milieubeleid. Directe leidinggevende afdelingshoofd grondgebiedzaken.

Administratief medewerker aanleg werfreserve (C1-C3)

Functie- en competentieprofiel

Functie en competentieprofiel HULPKOK

Functiebeschrijving. Provincie Limburg. Functiegegevens. Doel van de functie. Beoordelaars

FUNCTIEKAART: ADVISEUR SENIORENBELEID

Functiebeschrijving: Directeur audit

FUNCTIEFAMILIE 5.1 Lager kader

Titel: Procurement Assistant Referentie: Dienst: Dienst Overheidsopdrachten Departement: Financiële Directie Visumdirecteur: Luc Carsauw

OTV- SENIORPLAZA. OTV en SENIORPLAZA zijn onafhankelijke, middelgrote organisaties met een 700- tal medewerkers.

Competentieprofiel. Verpleegkundige

FUNCTIEPROFIEL VERANTWOORDELIJKE WOONOPVANG RESIDENTIE VIJVERPLEIN

FUNCTIEFAMILIE 1.2 Klantenadviserend (externe klanten)

Functiebeschrijving. Functiehouder. Functiegegevens. Doel van de functie. Plaats in de organisatie OCMW SCHOTEN

STAFMEDEWERKER OPENBARE SECTOR

Gemeentebestuur Knokke-Heist Competentiewoordenboek kaderleden Januari 2005

Functiebeschrijving Niveau C1-C3 Leidinggevend

Transcriptie:

Mobiliteitsexpert (A1a-A3a) Doel van de functie: Als mobiliteitsexpert sta je mee in voor de begeleiding en advisering van het multimodaal mobiliteitsbeleid van de stad zodat de mobiliteit en circulatieplanning in de stad op een vlotte en veilige manier gegarandeerd wordt. Je bent een verkeerskundig expert met sterke organisatorische en vooral communicatieve skills. Plaats in de organisatie: De Stad Roeselare is vanuit het oogpunt van interne organisatie opgedeeld in 3 directies. De directies mens en ruimte zijn voornamelijk burgergericht en staan in voor de externe dienstverlening ; ze spelen een belangrijke rol in het zoeken naar participatie met de burger/klant. De directie ondersteuning richt zich in de eerste plaats op de interne klant, en zorgt er voor dat de extern gerichte directies (mens en ruimte) over alle mogelijke middelen beschikken om op een performante manier hun werk te kunnen doen. Als mobiliteitsexpert maakt u deel uit van de directie ruimte. U rapporteert aan uw rechtstreeks leidinggevend departementshoofd en werkt ook nauw samen met de bevoegde schepen van mobiliteit. U geeft rechtstreeks ook leiding aan de medewerkers die ressorteren onder de cel/dienst mobiliteit. Resultaatsgebieden: 1. Mee instaan voor de uitwerking en opvolging van het multimodaal mobiliteitsbeleid van de stad. Opmaken van beleidsvoorbereidende dossiers en nota s Onderzoek naar (studiewerk), uitdenken en/of ontwerpen van diverse (preventieve en sensibiliserende) projecten ifv een duurzaam mobiliteitsbeleid Inhoudelijk adviseren, (laten) uitvoeren en/of opvolgen van de voorgestelde uit te voeren en geplande projecten Evalueren en/of bijsturen van de respectievelijke projecten of processen Allerhande administratieve zaken

2. Adviseren van strategische projecten, masterplannen, verkavelingen, inrichtingsplannen, inbreidingsprojecten, inrichtingsplannen, bouw- en milieuaanvragen Beoordeling dossiers naar de impact op mobiliteit en verkeersafwikkeling rekening houdend met het beleid van de stad; Formuleren van aandachtspunten, bijsturingen, aan de voorliggende plannen en dossiers; Mee uitwerken van principevoorstellen voor herinrichting van wegen en kruispunten in overleg met de dienst wegen; 3. Definiëren en opvolgen van acties en projecten in functie van de realisatie van het uitgestippelde mobiliteitsbeleid. Inwinnen van relevante (technische) informatie rekening houdend met de beschikbare budgetten, voorstellen en adviezen van de leidinggevenden, situationele omstandigheden; Mee-organiseren, bijwonen en opvolgen van de oriënterende vergaderingen / besprekingen voor de opmaak van het respectievelijk onderzoek / project; Opstart en opvolging overheidsopdracht Opmaak lastenboek Evalueren/beoordelen van ingediende offertes en begeleiden van het studiebureau bij de definitieve opmaak van het plan Doornemen / opmaken van verslaggeving, rapporten en dossiers voor het college en gemeenteraad; Blijvende opvolging (aanspreekpunt) van de respectievelijke dossiers Opzetten en organiseren van bepaalde sensibiliserende acties; 4. Onderhouden van interne en externe contacten om zo een goede informatiedoorstroming te verzekeren en via netwerken bij te dragen tot het verwerven en behouden van een professioneel imago van het stadsbestuur. Toelichting geven en informeren van het bestuur over uitgewerkte dossiers; Organiseren en bijwonen van overlegmomenten en het betrekken van de verschillende mogelijke interne en externe diensten en partners in functie van een geïntegreerde werking; Informeren van burgers tijdens infovergaderingen, ; Deelnemen aan evenementen inzake aanverwante thema s De stad vertegenwoordigen in raden, commissies of projectgroepen en daarbij het gewenste imago uitdragen. 5. Ondersteuning verlenen aan de operationele werking op vlak van mobiliteit Back-up voorzien voor het diensthoofd mobiliteit;

Instaan en meewerken aan diverse metingen en het verwerken van meldingen 6. Actief bijdragen tot de implementatie van het personeelsbeleid van de stad opdat de dienst over competente en gemotiveerde medewerkers zou beschikken om zijn doelstelling te realiseren. Voeren van een goed personeelsbeleid als back-up van uw leidinggevend departementshoofd d.w.z. in overeenstemming met de richtlijnen inzake personeel en organisatie en in nauwe samenwerking met het departement Personeel en Organisatie; Organiseren van het werk en komen tot een logische en gestructureerde workflow; Stimuleren en coachen van de medewerkers in hun competentieontwikkeling met alle mogelijke middelen (feedback/ontwikkelgesprekken/evaluatie; vorming/training/opleiding, enz.); Aandacht hebben voor het welzijn op het werk (veiligheid, stress, pesten, gelijke kansen, ), m.a.w. realiseren van een aangenaam werkklimaat;

COMPETENTIEPROFIEL VOORTDUREND VERBETEREN (niveau 3) U werkt continu aan het verbeteren van het eigen functioneren en van de werking van de ploeg/dienst/departement/organisatie. Uw bereidheid om te leren, mee te groeien met en mee te werken aan veranderingen werken dit in de hand. U treft op proactieve manier structurele maatregelen (binnen de eigen functie, dienst, departement, organisatie) zodat u kunt beantwoorden aan toekomstige uitdagingen. (proactief) - Onderkent de impact van nieuwe processen, technieken en methodes in andere vakgebieden op de eigen werking. - Wijzigt processen, procedures en structuren om te kunnen beantwoorden aan nieuwe tendensen en toekomstige probleemstellingen. - Stuurt de eigen werking proactief bij naar gelang van wijzigingen op het niveau van de ploeg/dienst/departement/organisatie. - Vergaart proactief kennis om accuraat te kunnen antwoorden op toekomstige probleemstellingen. - Blijft zichzelf voortdurend verder bekwamen en ontwikkelen op alle mogelijke relevante terreinen. - Benut informatie die afkomstig is uit andere vakgebieden om de eigen aanpak en werking te optimaliseren. KLANTGERICHT HANDELEN (niveau 3) U onderkent de rechtmatige behoeften van verschillende soorten (interne en externe) klanten ongeacht hun afkomst, geslacht, handicap enz. en reageert er adequaat op. U anticipeert op de behoeften van klanten en realiseert een kwaliteitsvolle dienstverlening. U onderneemt structurele acties om de eigen dienstverlening aan klanten te optimaliseren. (proactiviteit/structureel eigen functie) - Gaat kritisch na op welke punten de eigen dienstverlening aan de klant kan worden verbeterd. - Onderzoekt gericht (via systematisch onderzoek) de wensen, behoeften en verwachtingen van klanten (tevredenheidenquêtes, mondelinge enquêtes, ). - Formuleert concrete voorstellen om de eigen dienstverlening te verbeteren. - Onderneemt concrete acties naar aanleiding van specifieke feedback van klanten. - Zet nieuwe mogelijkheden op het vlak van dienstverlening meteen om in de praktijk. SAMENWERKEN (niveau 4) U levert een bijdrage aan een gezamenlijk resultaat op het niveau van de ploeg/dienst/departement/organisatie, ook als dat niet onmiddellijk van persoonlijk belang is en ongeacht de afkomst, het geslacht, de handicap, achtergrond, enz. van de mensen waarmee u samenwerkt. U creëert gedragen samenwerkingsverbanden met en tussen verschillende groepen. (Stimuleren + systematisch inbakken tussen verschillende groepen) - Creëert structuren om de samenwerking met andere ploegen/diensten/departementen te verbeteren. - Neemt informele initiatieven om de samenwerking met en tussen andere ploegen/diensten/departementen te verstevigen. - Draagt samenwerking uit als belangrijke waarde in de ploeg/dienst/departement/organisatie en daarbuiten en spreekt anderen daarop aan. - Creëert een draagvlak voor problemen, beslissingen en acties die de eigen ploeg/dienst/departement overstijgen. - Creëert en benut de gepaste communicatiekanalen en stimuleert het overleg rond aangelegenheden die de eigen ploeg/dienst/departement overstijgen. - Werkt actief aan het scheppen van een goede vertrouwensband met andere ploegen/diensten/departementen.

BETROUWBAAR HANDELEN (niveau 3) U handelt integer, zorgvuldig, objectief, correct en transparant en vertrekt hierbij van sociale en ethische normen (diversiteit, milieuzorg, ). U zet anderen aan tot waardig en integer gedrag en handelt hier zelf ook naar. - Vertoont voorbeeldgedrag rond basisregels en afspraken, rond sociale en ethische normen en in het omgaan met diversiteit. - Zorgt voor een transparante structuur (inrichting) van de ploeg/dienst/departement/organisatie. - Zorgt ervoor dat iedereen in de ploeg/dienst/departement/organisatie op de hoogte is van de verwachte normen voor gedrag (bijvoorbeeld: brengt het onderwerp regelmatig en systematisch ter sprake). - Spreekt anderen aan als onethische handelingen worden gesteld, regels en afspraken niet worden nageleefd, enz. PERSOONSGERELATEERD GEDRAG OMGAAN MET STRESSFACTOREN (niveau 2) U vertoont steeds efficiënt gedrag, ook in situaties met hoge complexiteit, tijds- of werkdruk of bij tegenslag, teleurstelling, kritiek. U blijft kalm en rustig in gekende onverwachte, terugkerend en/of langdurige situaties, bij tegenslag, bij kritiek of bij verhoogde werkdruk. - Reageert kalm bij wijzigingen in de planning, bij wijzigende prioriteiten, bij nieuwe gegevens e.d. - Reageert rustig bij tegenstand of persoonlijke verwijten, negatieve feedback, - Blijft rustig praten en geeft een ontspannen indruk, ook al maakt zijn gesprekspartner het hem moeilijk. - Behoudt bij confrontaties een correcte en tactvolle houding: vermijdt woordenwisselingen, reageert respectvol. - Blijft zich in crisismomenten open opstellen voor kritiek van anderen, en blijft bereid zijn eigen aanpak te toetsen. - Kan voor zichzelf problemen, spanningen of tegenslagen verwerken en relativeren. - Blijft doorzetten in geval van tegenslagen en teleurstellingen. INTERPERSOONLIJKE COMPETENTIES COMMUNICEREN (niveau 2) U drukt zich met een duidelijke taal uit bij uw gesprekspartner of publiek en zorgt door actief luisteren dat u (non-)verbale boodschappen begrijpt en opneemt. U zorgt voor een heldere communicatie in twee richtingen door niet alleen uw boodschap duidelijk te brengen, maar ook door op actieve wijze te luisteren en de nodige terugkoppelingen te maken om de gesprekspartner te begrijpen. - Gaat regelmatig na of de eigen boodschap voor de andere duidelijk is. - Biedt zijn gesprekspartner(s) de mogelijkheid om vragen te stellen. - Geeft de gesprekspartner de ruimte om zich te uiten en onderbreekt hem niet - Schept een situatie die uitnodigt tot een gesprek (bv. stiltes laten) door o.a. via gedrag en houding blijk te geven van interesse voor wat de andere brengt. - Geeft tussendoor een correcte samenvatting van wat is gezegd om zo te toetsen of hij goed begrijpt wat de andere wil zeggen. - Vraagt opheldering, een reden of oorzaak als hij niet begrijpt wat de andere zegt of wanneer de gesprekspartner boodschappen niet afwerkt (vb. halve zinnen, aarzelingen). - Vraagt door op gegeven informatie en reageert inhoudelijk op wat de gesprekspartner zegt. - Integreert de inbreng van anderen in zijn eigen uiteenzetting. - Reageert (verbaal) op non-verbale signalen van zijn gesprekspartner.

OVERTUIGEN (niveau 2) U verkrijgt instemming voor een mening, aanpak of visie door goed onderbouwde argumenten te gebruiken, door dialoog en overleg aan te gaan, door autoriteit (bevoegdheid en deskundigheid) gepast aan te wenden en door gepaste strategieën uit te bouwen. U overtuigt door inhoud én door deze op een goede manier aan de man te brengen. - Gebruikt de juiste non verbale communicatie om zijn argumentatie kracht bij te zetten. - Toont begrip voor meningen en standpunten van anderen. - Brengt zijn uiteenzetting op een levendige en dynamische manier over en enthousiasmeert anderen als hij zijn eigen voorstellen en ideeën verdedigt. - Brengt zijn argumenten scherp onder woorden. - Brengt een persoonlijke en genuanceerde argumentatie naar voren. - Geeft de eigen gedachtegang en redenering helder en goed gestructureerd weer door hier audiovisuele hulpmiddelen voor in te schakelen. - Is creatief in het presenteren van een idee of boodschap. - Maakt contact met het publiek (mensen aankijken, keuze woordgebruik, interactie). INFORMATIEVERWERKENDE COMPETENTIES PROBLEMEN ANALYSEREN (niveau 3) U ontleedt een probleem tot op het bot en duidt het in zijn verbanden. U gaat op een efficiënte wijze op zoek naar aanvullende, relevante informatie. U bent in staat om complexe dossiers op een heldere manier te analyseren/integreren. - Analyseert complexe dossierproblemen en herformuleert die naar hanteerbare vragen. - Houdt bij zijn analyse rekening met verschillende aanknopingspunten. - Is in staat inzicht te verwerven in een complexe problematiek. - Ziet trends en patronen in ogenschijnlijk niet-gerelateerde feiten. - Kan tegengestelde oordelen van anderen betrekken en integreren in de eigen analyse. CONCEPTUALISEREN (niveau 2) U overstijgt de dagelijkse praktijk en werkt eigen ideeën uit voor de toekomst. U bekijkt de feiten van op een afstand, plaatst ze in een ruimere context en een langetermijnperspectief. U ontwikkelt een visie met betrekking tot de processen en de doelstellingen die de werking van de dienst beïnvloeden. - Volgt de relevante trends en ontwikkelingen binnen en buiten zijn vakgebied op. - Wijst op nieuwe problemen en situaties die voor anderen nog niet zo duidelijk zijn. - Denkt kritisch en zelfstandig. - Plaatst adviezen, beslissingen en initiatieven in de bredere organisatie- of beleidscontext - Heeft voeling met wat er in de toekomst kan worden gevraagd. LEIDERSCHAP ONTWIKKELEN VAN MEDEWERKERS (niveau 2) U ondersteunt medewerkers bij het behalen van goede resultaten en het groeien in een functie door hen te helpen bij het ontwikkelen van hun vermogen om zelfstandig problemen op te lossen. U coacht met het oog op het ontwikkelen van de gewenste gedragsvaardigheden (competentiegerichte ontwikkeling).

- Stimuleert medewerkers om zelf oplossingen te vinden. - Onderneemt acties om het inzicht van de medewerkers in hun eigen functioneren te versterken. - Heeft vertrouwen in het potentieel en de zelfsturing van de medewerkers en stimuleert dat ook. - Is in staat om zijn advies in coachingstijl aan te passen aan het ontwikkelingsniveau en de eigenheid van zijn medewerkers. - Richt zich niet alleen op de taak of het doel die/dat moet worden gerealiseerd, maar ook op de persoon die de taak moet uitvoeren.