Lesbrief Gespeeld door Peter van Dijk STT-produkties Lesbrief gemaakt door: Floor Marlet 2009
Inhoudsopgave Inleiding Blz. 3 Achtergrondinformatie voor de leerkracht Blz. 4, 5 - Over het verhaal van de voorstelling Blz. 4 - Over Annie M.G. Schmidt Blz. 5 Lessen vóór de voorstelling: Blz. 6 t/m 8 - Gesprek over Annie M.G. Schmidt Blz. 6 - Dikkertje Dap Blz. 7 - Regels Blz. 8 Lessen na de voorstelling: Blz. 9 - Vragen over de voorstelling Blz. 9 - Kleurplaat opdracht Blz. 9 - Versje maken Blz. 9
Inleiding Binnenkort gaat u met de leerlingen van uw klas naar de muziektheatervoorstelling Drie kouwelijke mussen van Peter van Dijk. Deze lesbrief bevat informatie en suggesties voor lessen die u kunt uitvoeren voor en na de voorstelling. Als de kinderen voorbereid zijn zullen de leerlingen gerichter naar de voorstelling kijken. Door activiteiten na de voorstelling te doen, zoals het uitwisselen van meningen, ontdekken ze dat iedereen de voorstelling op een eigen manier kan beleven. Deze lesbrief bevat informatie over de voorstelling, een korte kijk waar het over gaat. Het bevat informatie over Annie M.G. Schmidt, omdat de voorstelling gebaseerd is op haar liedjes en rijmpjes. Er is een les aan gebonden, daarom raadt ik u aan om wat gelezen te hebben over haar. Door een leuke les te geven vóór de voorstelling, zullen de kinderen zich verheugen op de voorstelling. Door een bekend liedje van Annie M.G. Schmidt te gebruiken, zullen de kinderen enthousiast worden. Wat ook altijd belangrijk is, is om tijd vrij te maken om regels te bespreken die tijdens de voorstelling gelden.
Achtergrondinformatie Het verhaal van de voorstelling Eens heette hij Lammert en had een saaie baan. Nu fietst hij door het leven als een ietwat excentrieke meneer Lambèrt. Meneer Lambèrt doet alleen nog die dingen waar gij zelf ZIN in heeft. Hij vertelt en zingt over de dieren die hij onderweg ontmoet. Deze dieren hebben net als meneer Lambèrt allemaal iets eigenzinnigs. Neem nou de drie kouwelijke mussen, Zwartbessie de kip of het konijn dat zich schaamt voor zijn staart. In hun gedrag lijken deze dieren wel erg veel op ons, mensen. Ontdek de overeenkomsten in deze muzikale poëtische voorstelling, gebaseerd op teksten van Annie M.g. Schmidt. De verhaaltjes van Annie M.G. Schmidt die in de voorstelling aanbod komen: De spin Sebastiaan Zwartbessie De koning op de step Iedereen heeft een staart Rekenen op rijm Drie kouwelijke mussen De regenworm en zijn moeder Bello Muis in de supermarte De kat van ome Willem (Deze verhaaltjes zijn te vinden in het boek Ziezo van Annie M.G. Schmidt)
Annie M.G. Schmidt De leeftijd die ik zelf altijd gehouden heb is acht. En ik schrijf toch eigenlijk voor mezelf. En ik denk dat dat het hele punt is. Ik ben acht. Annie M.G. Schmidt is een schrijfster. Die leefde van 1911 tot 1995. (U kunt eventueel deze site gebruiken www.annie-mg.com). Ze heeft heel veel prijzen gewonnen voor al haar schrijfwerk. Boeken: Wiplala; Minoes; Heksen en zo; Abeltje; Jorrie en Snorrie; Otje; Pluk van de Petteflat; Misschien wel echt gebeurt; Ibbeltje; Jip en Janneke (deel 1t/m 5), Floddertje; Tante Patent; Beestenboel; Ziezo; Een visje bij de thee. Caberet: Alle laatjes open; Cabaret De Inktvis; In de bizarre bazar; Extra editie; Je moet er mee leren leven; De Stuart Story; Liedjes voor anderen. Musicals: Heerlijk duurt het langst; En nu naar bed; Met man en muis; Wat een planeet; Madam; Foxtrot; De dader heeft het gedaan; Ping Ping. Toneel: Nieuwjaarswens van Thomasvaer en Pieternel; De naam van de maan; Los zand; Vrouwen om Dr. Deninga; En ik dan?; We hebben samen een paard; Er valt een traan op de tompoes; Als vrouwen staken. Radio: De familie Doorsnee. Televisie: Pension Hommeles; Pleisterkade 17; Ja zuster, nee zuster; Wat kan me gebeuren; Beppie; Fluitje van een cent; Conny Stuart show.
Lessen Vóór de voorstelling U vertelt natuurlijk eerst dat de leerlingen naar een voorstelling gaan. U kunt een paar vragen stellen als: 1. Wie is er al een keer naar een voorstelling geweest? Waar ging dat over? 2. Welke voorstellingen hebben jullie al op school gezien? 3. Wat komt er allemaal bij kijken bij een voorstelling? (acteurs, kostuums, decors, enz.) Ter introductie kunt u de poster laten zien van Drie kouwelijke mussen. En een kind de titel laten voorlezen. U kunt vragen hoe je dat kan zien dat het kouwelijke mussen zijn. Daarna vertelt u een korte inhoud van de voorstelling: Het gaat over een meneer, Lammert heet hij. Hij had een saaie baan. Nu fietst hij door het leven als een ietwat excentrieke meneer Lambèrt. Meneer Lambèrt doet alleen nog die dingen waar hij zelf ZIN in heeft. Hij vertelt en zingt over de dieren die hij onderweg ontmoet. Deze dieren hebben net als meneer Lambèrt allemaal iets eigenzinnigs. Neem nou de drie kouwelijke mussen, Zwartbessie de kip of het konijn dat zich schaamt voor zijn staart. In hun gedrag lijken deze dieren wel erg veel op ons, mensen. Gesprek over Annie M. G. Schmidt De verhaaltjes over de dieren die meneer Lambèrt vertelt, heeft Annie M.G Schmidt geschreven. U vraagt of iemand een keer over de mevrouw Annie M.G. Schmidt heeft gehoord. Dan vertelt u aan de hand van de achtergrond informatie wie Annie M.G. Schmidt was, in simpele taal. Het hoeft niet te uitgebreid, alleen zodat de kinderen een beeld hebben dat ze een schrijfster was en die veel kinderboeken schreef. Enkele vragen die u kan stellen: 1. Wie kent er verhaaltjes die Annie M.G. Schmidt heeft geschreven? Als niemand iets weet geeft u een paar voorbeelden als Jip en Janneke, die de kinderen vast kennen.
Dikkertje Dap Enkele vragen die u kunt stellen: 1. Wie kent het liedje van Dikkertje Dap? 2. Waar gaat dat liedje over? Vertel dat in alle gedichtjes van Schmidt de dieren met de mensen kunnen praten. Zo ook Dikkertje Dap met de giraf. U kunt het verhaaltje van Dikkertje Dap met inlevende stem voorlezen (niet zingen, anders kunnen de kinderen de inhoud minder begrijpen). Dikkertje Dap klom op de trap 's morgens vroeg om kwart over zeven om de giraf een klontje te geven. Dag Giraf, zei Dikkertje Dap, weet je, wat ik heb gekregen? Rode laarsjes voor de regen! 't Is toch niet waar, zei de giraf, Dikkertje, Dikkertje, ik sta paf. O Giraf, zei Dikkertje Dap, 'k moet je nog veel meer vertellen: Ik kan al drie letters spellen: a b c, is dat niet knap? Ik kan ook al bijna rekenen! Ik kan mooie poppetjes tekenen! Lieve deugd, zei de giraf, Kerel, kerel, ik sta paf. Zeg, Giraf, zei Dikkertje Dap, Mag ik niet eens even bij je stiekem van je nek afglijden? Zo maar eventjes voor de grap, denk je dat de grond van Artis als ik neerkom, heel erg hard is? Stap maar op, zei de giraf, stap maar op en glij maar af. Dikkertje Dap klom van de trap met een griezelig grote stap. Op de nek van de giraf zette Dikkertje Dap zich af, roetsjj daar gleed hij met een vaart tot aan 't kwastje van de staart. Boem! Au!! Dag Giraf, zei Dikkertje Dap. Morgen kom ik weer hier met de trap. Vragen over het liedje: 1. Waar heeft Dikkertje Dap zin in? 2. Wat vind je gek aan dit liedje? 3. Welke dingen in dit liedje kunnen normaal niet? Annie M. G. Schmidt heeft veel meer kinderliedjes en verhaaltjes geschreven waar mensen en dieren in voor komen. In de voorstelling die jullie gaan zien komen die liedjes en versjes terug. Hierin gebeuren ook allemaal gekke dingen.
Regels U kunt samen met de kinderen regels gaan verzinnen die tijdens de voorstelling gelden. De regels die in elk geval er ook bij moeten zijn: 1. Je mag natuurlijk meeleven, lachen als er iets leuks gebeurt of schrikken bij iets onverwachts. Maar het is vervelend voor de toneelspeler en andere kinderen als je tijdens de voorstelling dingen doet die de voorstelling storen: kletsen, lawaai maken, enz. 2. Tijdens de voorstelling moet je blijven zitten op je plek. Dus niet naar een vriendje lopen of opstaan, zo kunnen andere kinderen het niet meer zien. En het is vervelend voor de toneelspeler. Dus van tevoren naar de WC gaan! 3. Rustig naar het speellokaal lopen, zonder lawaai. Anders hebben andere klassen er last van. 4. Naar eigen invulling
Vragen over de voorstelling Lessen na de voorstelling 1. Wat vonden jullie van de voorstelling? Waarom? 2. Welk liedje of verhaaltje uit de voorstelling vond je het leukst en waarom? 3. Welke vond je niet zo leuk en waarom? De voorstelling gaat over zin hebben in. 1. Waar had de spin Sebastiaan zin in? Wat wilde hij zo graag doen en deed hij ook? (Hij wilde zo graag een web weven) 2. Is het goed afgelopen met de spin Sebastiaan? (Nee, de spin Sebastiaan is opgeveegd) 3. Hoe wilde de kip, Zwartbessie genoemd worden: een zwarte kip met.(een zwarte kip met zwarte stippels) 4. Wat deed de kip, Zwartbessie, om haar zin te krijgen? (Ze deed net alsof ze dood was) 5. Waar had de koning zo n zin in? (om te steppen) 6. Wat wilde het konijntje zo graag? (een mooie staart) 7. Waar hadden de drie kouwelijke mussen geen zin in? (om in het zuiden te zijn, daarom wilden ze met de bus) 8. Twee liedjes gingen niet over dieren welke waren dat? (De koning op de step en rekenen op rijm) 9. Hoe krijgen jullie je zin, wat doe je dan? 10. Als je niet naar school hoefde te gaan, waar zou je dan zin in hebben? Kleurplaatopdracht U vertelt dat in de kleurplaat er allemaal kleine tekeningetjes zijn van de verschillende verhaaltjes die ze in de voorstelling tegen kwamen. U vraagt aan de leerlingen wat voor verhaaltjes ze herkennen. Daarna mogen ze het inkleuren.
Bijlage liedteksten Muis in de supermarkt Daar in de zelfbedieningszaak Daar woont een muis, ik zie 'm vaak Ik neem zo'n wagentje en ik rij De muis rijdt altijd mee met mij Daar zit 'ie zoet op z'n gemak Tussen de jam en het blikgehak Tussen de koffie en de gort En aan de deur daar hangt een bord "Katten alleen aan de lijn" Muis in de supermarkt, muis in de supermarkt Is daar lekker thuis in de supermarkt Bij de boter en de thee Bovenop een pak puree Woont in het rek van de macaroni, macaroni, macaroni Slaapt in een hoekie apart Muis in de supermarkt De klanten vinden 't maar zozo Een dame gilde: "Oh en o" En vluchtte in de diepvrieskast En vroor daar aan de Iglo vast Want dames zijn zo erg precies Die vinden muizen eng en vies Ze klagen: "Dat is toch te gek Er zit een muis op de bacon-spek" Ze lopen meteen naar de baas "Baas van de supermarkt, baas van de supermarkt Muis zit op de kaas van de supermarkt 't Is een schande dat dat mag" Keuteltjes in de hagelslag Daar in het rek van de macaroni, macaroni, macaroni O, wat rent 'ie toch hard Muis in de supermarkt Dan zegt de baas: "Pardon mevrouw, Die muis hoort hier in dit gebouw, Ik zet geen val, ik neem geen kat, Die muis blijft hier, en dat is dat" Nu wordt de muis dus fijn verwent Door ieder die 'm beter kent Zodat 'ie dik en mollig wordt En aan de deur, daar hangt een bord
"Katten alleen aan de lijn" Muis in de supermarkt, muis in de supermarkt Is daar lekker thuis in de supermarkt Bij de boter en de thee Bovenop een pak puree Woont in het rek van de macaroni, macaroni, macaroni Slaapt in een hoekie apart Muis in de supermarkt Slaap, kleine muis, en droom van je moeder Achter de puddingpoeder BELLO (niet zo trekken) Tekst: Annie M.G. schmidt, muziek: Harry Bannink 1. Eiza had een hond die ze uit moest laten Ze liep met hem een singeltje rond, hij trok haar door de straten Eliza had hem aan de lijn; de hond was groot en zij was klein En Bello trok haar mee, hij holde door de laan Bello, Bello, Bello, niet zo trekken alsjeblieft Bello, Bello, Bello, blijf toch staan 2. Eliza rende mee, Eliza was in tranen Hij sleurde haar heel Nederland door en boink, door de douane En dwars door België ging de reis, door Brussel heen en langs Parijs En Bello had nog steeds zijn plasje niet gedaan Bello, Bello, Bello, niet zo trekken alsjelieft Bello, Bello, Bello, blijf toch staan 3. Zo kwamen zij in Rome, t is haast niet te geloven De Paus ging voor z n venstertje staan en heeft ze nagewoven Is t heus gebeurd? t Is heus gebeurd; ze werd nog verder meegesleurd Heel Italië door, langs Napels en Milaan Bello, Bello, Bello, niet zo trekken alsjeblieft Bello, Bello, Bello, blijf toch staan 4. Ze kwamen bij een toren, Bello en Eliza Die toren die stond helemaal zó, het torentje van Pisa En daar is Bello blijven staan en daar heeft hij z n plas gedaan Eindelijk, hè hè
Dat heb je met zo n hond, zo n hond is niks gedaan Bello, Bello, Bello, niet zo trekken alsjeblieft Bello, Bello, Bello, blijf toch staan