Prezi les 1: Website:



Vergelijkbare documenten
Afdrukken pagina 2-19 dubbelzijdig formaat A4 naar behoefte kunnen lege A4-pagina s worden tussengevoegd

Het hart. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

hart longen Werkboekje van...

Hart en bloedsomloop vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

halvemaanvormige kleppen) Doordat de hartkamers het bloed met kracht wegpompen.

Kijk, zo klopt het! EEN KIJKJE IN JE HART INHOUD. Je hart? Hard nodig!

1. We ademen om te leven

Energie in je lichaam

Hart en bloedsomloop hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Les 5.6. Bloedsomloop. Blad 1

Herhalingsles Het lichaam. Ademhaling. Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan.

Naam: BLOEDSOMLOOP. Vraag 1. Waaruit bestaat bloed?

2 Patiëntspecifieke informatie Partiële Cavo Pulmonale Connectie (PCPC)

Toets Anatomie Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai

Amfibieën. Les 1 Kenmerken amfibieën en de kikker. 1. De leerkracht vertelt dat de les gaat over hoe je amfibieën kunt herkennen.

VSD (Ventrikel Septum Defect)

ECG en de hartcyclus

cursus: Zorgvrager begeleiden een leven lang

Spreekbeurt menselijk lichaam. Door Lara Sieperda.

LES: Getallenmuurtje 2

Nationaal Gevangenismuseum Gevangen in beeld

Spreekbeurtpakket - organen

Oefen Repetitie KGT thema Bloedsomloop

5,2. Antwoorden door een scholier 1376 woorden 19 februari keer beoordeeld. Basisstof 1; samenstelling van bloed

Het wonderlijke lichaam

BASISSTOF 1 HET BLOED OM TE ONTHOUDEN

De proefjeskist. Wat moet er voor de les gebeuren:

LES: Wie van de drie?

LES: Getallenmuurtje. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Kies twee blokjes (zie p. 5) potlood en gum AFBEELDING SPELLETJE

Aortaklepinsufficiëntie

1) Wat is het verschil tussen de grote en kleine bloedsomloop? 2) Tot welke bloedsomloop behoren je hersenen?

Plant in de klas Instructieblad leerkracht Groep 6/7/8

LES: Toverboek 2. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Tover een getal (zie p. 5) potlood en gum AFBEELDING SPELLETJE

LES: Waslijn. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Stapjes maken (zie p. 5) potlood en gum AFBEELDING SPELLETJE

Lesideeën beroepenkaarten WERKEND NEDERLANDS

Lesvoorbereiding Studie en loopbaan Keuze- en Loopbaanvaardigheden 3-4 vmbo

Verwonderen STICHTING KIND EN VOEDING. Groep 7 en 8

Bijlage 1. Beste ouders/verzorgers van de leerlingen van groep 3/4,

Samenvatting. Functie: zuurstof en voedingsstoffen afgeven aan de cellen, en koolstofdioxide en andere afvalstoffen opnemen in het bloed.

LESBRIEF LES 2 DE THT-LES SAMENVATTING LES 2 BENODIGDHEDEN DUUR LESDOELEN WERKVORMEN LINK ZAAKVAKKENINHOUD VOORBEREIDING

Wie ben jij? HANDLEIDING

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs

Reader bij de workshop Ons lichaam binnenstebuiten

WA A NZINNIGE BOEK OVER JE LICHA AM

Hart en vaatziekten vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Teken een architect. Lees het volgende verhaal:

Hartcentrum. Hartklepaandoeningen. Patiëntenfolder aandoeningen

Maximale inspanningstest

RV 07 R.K. Basisschool de Vlinder groep 8 Stockholm 3 / SG Schiedam Tel.: /

hoge stroming Fase Ontdek en onderzoek

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten

LES: Getallenfabriek 2

basisoefeningen workshops Alphons Laudyschool, fase 1

Thema: de mosasaurus. Handleiding en opgaven niveau A2. Opgave 1: Samen

Kernvraag: Hoe maken we geluid?

Lesvoorbereiding. Biol voor jou 2,leerboek, en werkboek Cd-rom Bio voor jou 2. Bordschema. Student leraar secundair onderwijs groep 1

SO Biologie T3: De bloedsomloop

Boezemfibrilleren. De bouw en werking van het hart

Wat is Kraak kracht? Kraak kracht

Werkblad. LES 9: Ouders. GROEP 1-2. Bijlage 1. Rood actief inspannen/ sporten. Oranje middelmatig inspannen.

Presentaties: presenteer jezelf met PowerPoint

6.9. Werkstuk door E woorden 25 juni keer beoordeeld. Biologie voor jou. Inhoudsopgave

Van cel tot organisme vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Werkstuk Biologie Bloed

Van cel tot organisme hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

longfunctietest patiënteninformatie Waarom dit onderzoek? Het onderzoek

6.5. Opdracht 1. Opdracht 2. Opdracht 4. Boekverslag door K woorden 10 mei keer beoordeeld. Basisstof 1

Fig De Leefstijlacademie

LES: Wie van de drie? 2

Hart anatomie en fysiologie

vwo bloed en bloedsomloop 2010

LES: Groepjes maken AFBEELDING SPELLETJE

werkblad Scheldeberoep verkennen Veel beroepen hebben met de Schelde te maken. Welk beroep zou jij verder willen verkennen?

VWO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM - AAHA

Spelregels voor de plas training thuis

Docentenhandleiding Rijksmuseum Groep 7-8

Lesvoorbereiding Onderbouw (groep 3)

slagaders haarvaten aders uitzonderingen Bevat kleppen - - X Aorta, longslagader Gespierde dikke wand

LES: Groepjes maken 2

LES: Snelle sommen 2. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Snelle stappen (zie p. 5) potlood, 2 verschillende kleurpotloden, gum AFBEELDING SPELLETJE

LES: Post. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Postzegels (zie p. 5) potlood en gum AFBEELDING SPELLETJE

Tako Tsubo cardiomyopathie Bij hevige emotionele stress

Hoe moet je een prachtige presentatie maken?

Leerdoel: De leerlingen oefenen met herkennen van symmetrie van verschillende vormen.

LES: Vallende sommen 3

LES: Eerlijk verdelen

LES: Vergroting. BENODIGDHEDEN Per leerling werkblad Hoe vaak past het? (zie p. 5) rood kleurpotlood en gum AFBEELDING SPELLETJE

Tijd. 10 min. 55 minuten

LESBRIEF. Laat uw leerlingen 10 minuten lezen in 7Days. Uw leerlingen mogen zelf weten welke artikelen ze deze 10 minuten lezen.

Hoe dieren wonen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Sta in je recht. Lessen over (kinder)rechten voor PO

Bewegen en Gezondheid

Lesbeschrijving. Projectintroductie les 1

LEERWERKBOEK BIOLOGIE VOOR JOU BIOLOGIE VOOR DE ONDERBOUW VMBO-BK

LESBRIEF LES 2 DE THT-LES SAMENVATTING VOORBEREIDING BENODIGDHEDEN DUUR LESDOELEN LEGENDA. Het waarom van voedselverspilling

Transcriptie:

Les 1 Bouw van het hart Inhoud 1. De leerkracht vertelt dat de leerlingen tijdens deze les het gaan hebben over de bouw van het hart. 2. De leerkracht laat het skelet van een mens zien en vraagt de leerlingen waar het hart zit en of ze nog meer organen kunnen benoemen. 3. De leerkracht deelt de leerlingen in groepjes van circa 3/4 leerlingen en geeft de leerlingen een placemat met 5 vakken. Hulpmiddel Prezi les 1: http://prezi.com/nur-81uo0aat/?utm_campaign =share&utm_medium=copy Website: http://dcr.bibliotheek.nl/binaries/ content/assets/bibliotheek.nl/edumedia/389.swf A3 placemat met vijf vakken 4. De leerlingen schrijven in elk vak op wat zij individueel al weten over het menselijk lichaam en het hart. 5. De leerlingen overleggen met elkaar wat zij hebben opgeschreven en schrijven de overeenkomsten in het vijfde vak. 6. De leerkracht bespreekt de opdracht klassikaal en schrijft de belangrijkste begrippen op het digibord. 7. De leerkracht vraagt de leerlingen om allemaal een vuist te maken. De leerkracht vertelt dat je hart ongeveer zo groot is als je vuist. 8. De leerkracht laat zien hoe een hart eruit ziet. Digibord: schrijfprogramma Afbeelding: 'het hart' 9. De leerkracht legt uit dat het hart uit verschillende boezems en kamers bestaat. Ter ondersteuning laat de leerkracht een filmpje zien. Filmpje: http://www.schooltv.nl/video/het-hart-je-hartis-zo-groot-als-een-vuist/#q=bouw%20hart

10. De leerkracht vraagt de leerlingen welke ruimte van het hart dunne of dikke wanden heeft en vraagt de leerlingen waarom dit kan zijn. De leerkracht vraagt een leerling om aan te wijzen waar het bloed vandaan komt en waar het bloed naartoe stroomt. 11. De leerlingen krijgen in groepjes een werkblad met opdrachten. Daarna evalueert de leerkracht klassikaal de opdrachten. De volgende keer: De functie van het hart Afbeelding: Werkblad: het hart les 1 Les 2 functie van het hart

Les 1 Werkblad het hart 1. Op welke plaats in het lichaam zit je hart? 2. Hoe groot is je hart? 3. Is je hart een spier of een bot? 4. Wat voor geluid maakt je hart?... 5. Uit hoe veel helften bestaan je hart? 6. Hoe veel kamers telt je hart? 7. Welke ruimte heeft dunne wanden? 8. Welke ruimte heeft dikke wanden? Teken hieronder hoe het hart eruit ziet:

Les 1 Werkblad het hart De antwoorden Volgende keer: de functie van het hart 1. Op welke plaats in het lichaam zit je hart? Ongeveer in het midden van je borstkast 2. Hoe groot is je hart? Ongeveer zo groot als je vuist 3. Is je hart een spier of een bot? Een spier 4. Wat voor geluid maakt je hart? Bonkend geluid 5. Uit hoe veel helften bestaan je hart? Twee helften 6. Hoe veel kamers telt je hart? Twee 7. Welke ruimte heeft dunne wanden? Boezems 8. Welke ruimte heeft dikke wanden? Kamers Teken hieronder hoe het hart eruit ziet:

Les 2 Functie van het hart Inhoud 1. De leerkracht vraagt aan de leerlingen wie kort kan vertellen waar we de vorige keer tijdens de les over hebben gehad. 2. De leerkracht laat een afbeelding van het hart zien en vraagt de leerlingen te benoemen welke ruimtes zich in het hart bevinden. Hulpmiddel Prezi les 2: http://prezi.com/kkmfokfscbph/? utm_campaign=share&utm_medium=copy Afbeelding: het hart 3. De leerkracht vertelt dat ze tijdens deze les het gaan hebben over de functie van het hart 4. De leerkracht vraagt aan de leerlingen wie weet waarom we een hart hebben. 5. De leerkracht vraagt aan de leerlingen wie kan uitleggen hoe het hart werkt. 6. Ter verduidelijking laat de leerkracht een filmpje zien over de functie van het hart. 7. De leerkracht legt uit dat de leerlingen in groepjes allerlei opdrachten gaan doen dat te maken heeft met je hart. 8. De leerkracht legt de klassikale opdracht uit. De leerlingen gaan hun hartslagen tellen. De leerkracht zet een timer op het digibord en zet de tijd in op 60 seconden. 9. De leerkracht bespreekt wat de leerlingen hebben ontdekt tijdens het uitvoeren van de opdrachten. De volgende keer: De bloedsomloop Filmpje: http://www.schooltv.nl/video/de-functievan-het-hart-het-hart-is-het-begin-vanhet-transport-van-belangrijkestoffen/#q=het%20hart Opdrachtenkaart 'het hart' per groepje Website: http://tools.teachwithatouch.nl/#/timer Les 3 bloedsomloop

Les 2 Opdrachtenkaart 'het hart' Klassikaal: Opdracht 1 Leg je hand op je hart en je gaat een minuut meetellen met het kloppen van je hart. Je leerkracht zal zeggen wanneer die minuut in zal gaan en wanneer je moet gaan stoppen. Mijn hart klopt keer per minuut. Nu ga je staan, schuif je stoel aan en ga achter je stoel staan. Op het teken van je leerkracht ga je achter je stoel op en neer springen. Als je leerkracht stop zegt, leg je weer je hand op je hart. Weer tel je het kloppen van je hart. Mijn hart klopt nu keer per minuut. Het menselijk hart klopt gemiddeld 60 tot 80 keer per minuut. Bij kinderen is tot ongeveer 80 tot 110 slagen per minuut. Klopt dit met jouw hart? In groepjes: Opdracht 2 Je hartslag kun je op vele plaatsen voelen. Je voelt je hartslag door licht op een bepaalde plek te drukken. De makkelijkste plaats is waarschijnlijk je pols. Hier voel je dan ook je polsslag. Om je hartslag te voelen moet je twee of drie vingers van een hand op de pols onder de duim plaatsen en zachtjes drukken. Verschuif net zo lang totdat je de ader zachtjes voelt kloppen. Je kunt dit regelmatige ritme of hartslag voelen op bepaalde plaatsen van je lichaam waar slagaders dicht onder de huid lopen. Je hartslag is een maat voor de snelheid waarmee je hart klopt. Opdracht: Zoek bij jezelf en bij de anderen de hartslag. Probeer daarna je hartslag eens op andere plaatsen te vinden. Je kunt je hartslag op deze plaatsen vinden: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Opdracht 3 Als je je inspant, heeft je lichaam meer voedsel en zuurstof nodig om door te kunnen gaan. Daardoor gaat je hart sneller en luider kloppen en word je ademhaling sneller en dieper. Tel gedurende 20 seconden het aantal slagen en vermenigvuldig dit getal met drie. Dat is het aantal keer dat je hart per minuut klopt. Doe dit een aantal keer, maar dan zittend, lopend en springend. Zittend. Lopend Springend Anders, namelijk slagen per minuut. slagen per minuut. slagen per minuut. slagen per minuut. Maak eens 10 diepe kniebuigingen en meet daarna je polsslag. Mijn pols klopt na 10 kniebuigingen keer per minuut.

Les 3 De bloedsomloop Inhoud 1. De leerkracht vraagt de leerlingen om een aantal woorden of zinnen op te schrijven over wat ze tot nu toe over het hart hebben geleerd. Vervolgens lopen ze rond in het lokaal en vertellen ze aan een ander. Daarna vertelt de ander wat hij/zij heeft opgeschreven. Daarna lopen de leerlingen verder naar een andere leerling. 2. De leerkracht evalueert klassikaal of de leerlingen nieuwe informatie hebben gehoord. 3. De leerkracht laat een afbeelding zien van de bloedsomloop van de mens en vraagt wie er weet wat een bloedsomloop is en hoe het werkt. Hulpmiddel Prezi les 3: http://prezi.com/scgosfwzclqe/?utm_campaign =share&utm_medium=copy A5'tjes Afbeelding bloedsomloop: 4. De leerkracht vraagt wie er kan uitleggen hoe het bloed in je lichaam stroomt. Vervolgens laat de leerkracht aan de hand van een animatie zien. 5. De leerkracht legt uit wat zuurstofrijk en zuurstofarm bloed is. 6. De leerkracht laat het filmpje over de bloedsomloop zien. 7. De leerlingen krijgen een werkblad over de bloedsomloop. Ze mogen met hun buurman/vrouw overleggen. 8. De leerkracht bespreekt de opdrachten klassikaal. Animatie bloedsomloop: http://dcr.bibliotheek.nl/binaries/ content/assets/bibliotheek.nl/ edumedia/387.swf Filmpje: http://www.schooltv.nl/video/bloedsomloopeen-uitleg-van-de-bouw-en-de-functie-vanhart-en-bloedvaten/#q=bouw%20hart Werkblad bloedsomloop De volgende keer: De rol van het hart in je lichaam Les 4 Rol van het hart in je lichaam

Les 3 Werkblad bloedsomloop Hoe stroomt het bloed dan door je aders? De rechterboezem ontvangt het vuile bloed. Dat noemen we zuurstofarm bloed. Deze boezem stuurt het bloed door naar de rechterkamer. De rechterkamer stuurt het bloed naar de longen. Opdracht 1 Kleur in je hart het zuurstofarme bloed blauw. De longen maken het bloed schoon, dat betekent dat ze er zuurstof bij doen. De longen sturen het zuurstofrijke bloed naar de linkerboezem. De linkerboezem stuurt het weer door naar de linkerkamer. De linkerkamer stuurt het bloed daarna naar de rest van je lichaam. Opdracht 2 Kleur in je hart het zuurstofrijke bloed rood. Opdracht 3 Wat is een ander woord voor schoon bloed? Opdracht 4 Wat is een ander woord voor vuil bloed? We hebben in ons lichaam twee bloedsomlopen. De grote bloedsomloop en de kleine bloedsomloop. De kleine bloedsomloop loopt van het hart naar de longen en terug. In de longen wordt het bloed gezuiverd en krijgt het bloed nieuwe zuurstof. De grote bloedsomloop loopt van het hart door je hele lichaam en terug. Je lichaam haalt de zuurstof uit het bloed en geeft afvalstoffen aan het bloed. De buizen die het bloed naar je hart brengen, noemen we aders. De buizen die het bloed naar je lichaam brengen, noemen we slagaders. Opdracht 5 Hoe heten de buizen die het bloed naar je hart brengen? Opdracht 6 Hoe heten de buizen die het bloed naar je lichaam brengen?

Opdracht 7 Bij de bloedsomloop zijn het hart, de slagaders en de aders van belang. Vul bij de volgende twee zinnen het woord van of naar in op de stippellijn. - In de aders loopt het bloed het hart. - In de slagaders loopt het bloed. het hart. Opdracht 8 Vul bij de volgende zin op de stippellijnen de juiste woorden in. - In het hart zitten tussen de boezem en de kamer., deze werken als een.. Opdracht 9 Hiernaast zie je een plaatje van het hart. Zet op de 5 streepjes de cijfers van de volgende onderdelen. 1. slagader 2. ader 3. boezem 4. kamer Er zijn vijf streepjes en vier onderdelen, er is dus een cijfer dat twee keer moet worden ingevuld. Opdracht 10 Geef in het plaatjes met pijlen aan hoe het bloed in en uit het hart stroomt.

Les 3 Werkblad bloedsomloop De antwoorden Hoe stroomt het bloed dan door je aders? De rechterboezem ontvangt het vuile bloed. Dat noemen we zuurstofarm bloed. Deze boezem stuurt het bloed door naar de rechterkamer. De rechterkamer stuurt het bloed naar de longen. Opdracht 1 Kleur in je hart het zuurstofarme bloed blauw. De longen maken het bloed schoon, dat betekent dat ze er zuurstof bij doen. De longen sturen het zuurstofrijke bloed naar de linkerboezem. De linkerboezem stuurt het weer door naar de linkerkamer. De linkerkamer stuurt het bloed daarna naar de rest van je lichaam. Opdracht 2 Kleur in je hart het zuurstofrijke bloed rood. Opdracht 3 Wat is een ander woord voor schoon bloed? Zuurstofrijk bloed Opdracht 4 Wat is een ander woord voor vuil bloed? Zuurstofarm bloed We hebben in ons lichaam twee bloedsomlopen. De grote bloedsomloop en de kleine bloedsomloop. De kleine bloedsomloop loopt van het hart naar de longen en terug. In de longen wordt het bloed gezuiverd en krijgt het bloed nieuwe zuurstof. De grote bloedsomloop loopt van het hart door je hele lichaam en terug. Je lichaam haalt de zuurstof uit het bloed en geeft afvalstoffen aan het bloed. De buizen die het bloed naar je hart brengen, noemen we aders. De buizen die het bloed naar je lichaam brengen, noemen we slagaders. Opdracht 5 Hoe heten de buizen die het bloed naar je hart brengen? Aders Opdracht 6 Hoe heten de buizen die het bloed naar je lichaam brengen? Slagaders

Opdracht 7 Bij de bloedsomloop zijn het hart, de slagaders en de aders van belang. Vul bij de volgende twee zinnen het woord van of naar in op de stippellijn. - In de aders loopt het bloed naar het hart. - In de slagaders loopt het bloed van het hart. Opdracht 8 Vul bij de volgende zin op de stippellijnen de juiste woorden in. - In het hart zitten tussen de boezem en de kamer hartkleppen, deze werken als een soort deurtje. Opdracht 9 Hiernaast zie je een plaatje van het hart. Zet op de 5 streepjes de cijfers van de volgende onderdelen. 1. slagader 2. ader 3. boezem 4. kamer Er zijn vijf streepjes en vier onderdelen, er is dus een cijfer dat twee keer moet worden ingevuld. Opdracht 10 Geef in het plaatjes met pijlen aan hoe het bloed in en uit het hart stroomt.

Les 4 De rol van je hart in het lichaam Inhoud 1. De leerkracht bespreekt enkele weetjes over het hart met de leerlingen. 2. De leerkracht bespreekt wat zuurstof en kooldioxide is en laat hierbij een animatie zien. De leerkracht laat een aantal afbeeldingen zien over de rol van het hart in het lichaam. De leerkracht vraagt bij elke afbeelding wat de rol van het hart is. 3. De leerkracht bespreekt met de leerlingen welke aspecten er belangrijk zijn om je hart gezond te houden. 4. De leerkracht deelt de leerlingen in groepjes van circa vier leerlingen. De leerlingen gaan een quiz spelen. De vragen gaan over wat ze afgelopen lessen hebben geleerd. Het groepje die de meeste vragen goed heeft beantwoord, heeft gewonnen. Hulpmiddel Prezi les 4: http://prezi.com/h9k4aptul1ak/?utm_campaign =share&utm_medium=copy Zuurstof en kooldioxide: http://dcr.bibliotheek.nl/binaries/ content/assets/bibliotheek.nl/edumedia/385.swf Afbeeldingen in Prezi Quiz 'het hart' De volgende keer: Herhaling lessen over het hart Les 5 herhaling

Quiz 'Het hart' Vraag 1: Hoe groot is ongeveer een hart? Vraag 2: Hoe veel kamers heeft het hart? Vraag 3: Hoe veel boezems heeft het hart? Vraag 4: Wat is zuurstofrijk bloed? Vraag 5: Wat is zuurstofarm bloed? Vraag 6: Hoe veel slagen per minuut klopt een hart van een volwassene? Vraag 7: Welke bloesomloop loopt van het hart naar de longen en terug? Vraag 8: Welke bloedsomloop loopt van het hart naar de rest van je lichaam en weer terug? Vraag 9: Hoe heten de buizen die het bloed naar je hart brengen? Vraag 10: Hoe heten de buizen die het bloed naar je lichaam brengen? Vraag 11: Wat is zuurstof? Vraag 12: Wat is kooldioxide?

Quiz 'Het hart' De antwoorden Vraag 1: Hoe groot is ongeveer een hart? Een vuist Vraag 2: Hoe veel kamers heeft het hart? Twee Vraag 3: Hoe veel boezems heeft het hart? Twee Vraag 4: Wat is zuurstofrijk bloed? 'Schoon' bloed Vraag 5: Wat is zuurstofarm bloed? 'Vuil' bloed Vraag 6: Hoe veel slagen per minuut klopt een hart van een volwassene? 60 tot 80 keer Vraag 7: Welke bloesomloop loopt van het hart naar de longen en terug? Kleine bloedsomloop Vraag 8: Welke bloedsomloop loopt van het hart naar de rest van je lichaam en weer terug? Grote bloedsomloop Vraag 9: Hoe heten de buizen die het bloed naar je hart brengen? Aders Vraag 10: Hoe heten de buizen die het bloed naar je lichaam brengen? Slagaders Vraag 11: Wat is zuurstof? Zuurstof is lucht dat je inademt om te kunnen leven. Vraag 12: Wat is kooldioxide? Kooldioxide is de lucht die we uitademen.

Les 5 Herhaling lessen Inhoud Hulpmiddel 1. De leerkracht vraagt de leerlingen Prezi les 5: http://prezi.com/judcuxzr9- i1/?utm_campaign=share&utm_medium=copy 2. De leerkracht legt uit dat de leerlingen allemaal een strookje krijgen met een vraag een antwoord erop. Het vraag en antwoord spel gaat over wat er de afgelopen lessen is geleerd. Elke leerling zoekt een andere leerling. Ze moeten de juiste vraag en antwoord bij elkaar zoeken. Mix en koppel spel Volgende keer: Thema reptielen Les 1 Reptielen

Les 5 Mix en koppel De kleine bloedsomloop (zoek afbeelding) De kleine bloedsomloop (zoek betekenis) Deze bloedsomloop loopt van het hart naar de longen en terug. In de longen wordt het bloed gezuiverd en krijgt het bloed nieuwe zuurstof. De grote bloedsomloop (zoek afbeelding)

De grote bloedsomloop (zoek betekenis) Deze bloedsomloop loopt van het hart door je hele lichaam en terug. Je lichaam haalt de zuurstof uit het bloed en geeft afvalstoffen aan het bloed. Zuurstofrijk bloed (zoek afbeelding) Zuurstofrijk bloed (zoek betekenis) De longen maken het bloed schoon, dat betekent dat ze er zuurstof bij doen. Dit noemen we...

Zuurstofarm bloed (zoek afbeelding) Zuurstofarm bloed (zoek betekenis) De rechterboezem ontvangt het vuile bloed, dit noemen we... Linker kamer (zoek afbeelding)

Rechter kamer (zoek afbeelding) Linker boezem (zoek afbeelding) Rechter boezem (zoek afbeelding)

Wat moet je doen om je hart gezond te houden? Gezond eten Voldoende slaap Voldoende beweging Waarom gaat je hart harder kloppen als je rent? Dat komt omdat als je aan het rennen bent, je meer zuurstof nodig hebt en dan gaat je hart sneller kloppen om je je hart meer zuurstof te kunnen geven. Aders Deze buizen brengen het bloed naar je hart toe

Slagaders Deze buizen brengen je bloed van je hart naar de rest van je lichaam