Interculturele gespreksvoering een systeemtheoretische en pluralistische benadering Edwin Hoffman
Communicatie, een universeel proces Mensen geven betekenis aan hun fysieke en sociale omgeving, wisselen deze met elkaar uit en onderhandelen met elkaar over de waarheid ervan.
Etnische groep Seksuele voorkeur Sexe/gender Opleiding Persoon kleur Familie Leeftijdsgroep Religieuze gemeenschap
Identiteit: een veelkleurig, veelvormig en bewegend mozaïek Kleur Ouder Leeftijd Geloof Opleiding Burger Medewerker Sexe Etniciteit Buurtbewoner Collega
Niet culturen, maar mensen ontmoeten elkaar Unieke personen Persoonlijkheden A B C Ik ben zoals geen ander Sociale systemen: groepen, culturen, sociale identiteiten Culturen Ik ben als sommige mensen Mensheid Menselijke natuur Met dezelfde basisbehoeften, basisemoties en basiscompetenties Ik ben als alle mensen
Kwaliteit Erkende Gelijkheid Erkende verschillen Inclusief denken en handelen Gelijkwaardigheid
Visie op cultuurverschillen: Monisme Er is één universele - vaak superieure cultuur: culturele dominantie en etnocentrisme Cultuur D Cultuur C Cultuur B Cultuur A
Visie op cultuurverschillen: Relativisme Culturen zijn gelijkwaardig: respect en tolerantie Cultuur A Cultuur B Cultuur C Cultuur D
Visie op cultuurverschillen: Pluralisme Niet onderhandelbaar kader van universele fundamentele waarden Interactie, ontmoeting, dialoog, wederzijdse verantwoording en onderhandeling
Visie op cultuurverschillen: Pluralisme Onderhandeld kader van omgangsregels, procedures, afspraken Interactie, ontmoeting, dialoog, wederzijdse verantwoording en onderhandeling
Communicatie verloopt circulair Gelijktijdige beïnvloeding en voortdurende invloed van de sociale dialoog in de samenleving Sociale dialoog A B
Een pessimistische visie op communicatie Verschillen en daarmee misverstanden zijn eigen aan de communicatie Besef hiervan voorkomt irritatie, zelfverwijt en verwijten aan de ander
Een optimistische mensvisie: de hypothese van Het beste Inzet en betrokkenheid doorslaggevend Een grondhouding van presentie Elk gedrag is logisch of redelijk Erkenning van de inzet van de ander Functionele en praktische overwegingen Normaliseren in plaats van exotiseren
Interculturele communicatie Transculturele grondhouding toewijding en aandacht Interventie Het TOPOI-model
Watzlawick TOPOI Digitale en analoge taal Interpunctie Betrekkingsniveau Symmetrisch of complementair Taal Ordening Personen Organisatie Niet-niet communiceren Inzet
Het TOPOI-model Taal Betekenissen van ieders verbale en non-verbale taal Ordening (Inhoudsniveau) De zienswijze en logica van eenieder Personen (Betrekkingsniveau) Identiteit en betrekking: wie is eenieder voor elkaar en voor zichzelf? Hoe is de onderlinge relatie? Organisatie Het functionele kader: de organisatie en de machtsverhoudingen Inzet Motieven of beweegredenen van eenieder
Het TOPOI-model: Taal De verbale taal Het belang van de eigen taal Woordenschat: taal en werkelijkheid Taalbeheersing Taalervaring Vertel-/communicatiestijl Impliciet taalgebruik Interactionele regels Verbaal luistergedrag Invloed van de sociale omgeving
Het TOPOI-model: Taal De non-verbale taal Contextuele aanwijzingen Stiltes en pauzes Nonverbaal aandacht geven De persoonlijke ruimte Expressie van gevoelens en bedoelingen Oogcontact Begroetingen Stemvolume
Het TOPOI-model: Taal De non-verbale taal Intonatie van de stem Lachen Kleding en opmaak Lopen en bewegen Inrichting van de ruimte Invloed van de sociale omgeving
Het TOPOI-model: Ordening Eenieder heeft een eigen kijk op (lezing van) de werkelijkheid Eenieder handelt vanuit een eigen logica De invloed van de sociale omgeving op iemands kijk en logica
Nederlanders zeggen de buitenlanders houden de integratie tegen
Het TOPOI-model: Personen Het relationele aspect van de communicatie De uitwisseling van beelden van zichzelf en van de ander De onderlinge betrekking De invloed van de sociale omgeving
Het TOPOI-model: Organisatie Het functionele kader: functie, procedures, regelgeving, agenda, beschikbare tijd,... Machtsverhoudingen Kennis en beelden van de instelling Beleid van de organisatie
Het TOPOI-model: Inzet Alle gedrag is communicatie = invloed Binnenkant en buitenkant: bedoelingen en effecten van de communicatie Erkenning, verwerping en miskenning De invloed van de sociale omgeving
Het TOPOI-model Taal Betekenissen van ieders verbale en non-verbale taal Ordening (Inhoudsniveau) De zienswijze en logica van eenieder Personen (Betrekkingsniveau) Identiteit en betrekking: wie is eenieder voor elkaar en voor zichzelf? Hoe is de onderlinge relatie? Organisatie Functionele kader: hoe is het georganiseerd en hoe zijn de machtsverhoudingen Inzet Motieven of beweegredenen van eenieder
Interculturele communicatie Transculturele grondhouding toewijding en aandacht Interventie Het TOPOI-model