2 Jochem Myjer Weduwnaar werkblad 1 Luister naar het gedicht lees mee met de tekst. Vul de ontbrekde woord in. Weduwnaar Jochem Myjer Ik ga (1) naar de stad over de markt he struin e kopje koffie drink bij (2) ttje in de duin dan wat kruiswoordpuzzels mak om mijn geheug op (3) friss je (4) miss Vanavond pak ik de auto ga ik (5) terug naar het strand lekker de hond uitlat met de wind prat speur naar zeehond of (6) bruinviss Maar maak (7) zorg Want morg ga ik giet van (8) zonnestraal Van elk grappig verhaal Ik ga zelfs naar e feestje (9) thuis kom ga ik e hele zak chips leeg et de tijd totaal verget wijn drink totdat ik (10) kan sliss En als ik dan wakker word ga ik prober 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 1
werkblad 2 Wat betek de onderstreepte woord? (1) Weduwnaar Jochem Myjer Ik ga zo naar de stad over de markt he (2) struin e kopje koffie drink bij ons (3) ttje in de duin dan wat kruiswoordpuzzels mak om (4) mijn geheug op te friss Vanavond pak ik de auto ga ik ev terug naar het strand lekker de hond (5) uitlat met de wind prat (6) speur naar zeehond of misschi wel bruinviss Maar maak je ge zorg Want morg ga ik giet van elke (7) zonnestraal Van elk grappig verhaal Ik ga zelfs naar e feestje als ik thuis kom ga ik e hele zak chips leeg et de tijd totaal verget wijn drink totdat ik alle nog maar kan (8) sliss En als ik dan wakker word ga ik prober Definities 1 de weduwnaar = 2 struin = 3 de tt = 4 je geheug opfriss = 5 uitlat = 6 speur naar = 7 de zonnestraal = 8 sliss = 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 2
werkblad 3 je geheug opfriss sliss speur naar struin de tt uitlat de weduwnaar de zonnestraal 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 3
werkblad 4 Lees de tekst van Weduwnaar beantwoord onderstaande vrag. 1 Wat is het ctrale thema van dit gedicht? 2 Waar of niet waar? a De hoofdpersoon in het lied verlangt het meest naar vakantie. waar niet waar b De hoofdpersoon in het gedicht heeft veel verschillde hobby s. waar niet waar c De hoofdpersoon in het gedicht heeft e hond. waar niet waar d De hoofdpersoon in het gedicht kijkt uit naar de leuke ding die hij de volgde dag gaat do. waar niet waar 3 Welke basisemotie probeert het gedicht over te brg? a blij b boos c bang d bedroefd 4 Wat bedoelt de auteur van het gedicht met de uitspraak met de wind prat? 5 Aan wie is het gedicht gericht? Waaraan merk je dat? 6 Welke dier hoopt de hoofdpersoon in het gedicht te zi als hij naar het strand gaat? 7 In welk deel van de tekst probeert de hoofdpersoon dege aan wie het gedicht gericht is, gerust te stell? Waaraan merk je dat? Vind je dat dit goed is gelukt? 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 4
werkblad 5 Werk sam met twee medecursist. Geef antwoord op onderstaande vrag. De gebruikelijke volgorde in e zin is dat het onderwerp op de eerste plaats komt gevolgd wordt door de persoonsvorm. Inversie betekt letterlijk omkering van de gebruikelijke volgorde. De persoonsvorm staat dan voor het onderwerp. 1 Bekijk onderstaande zinn uit het gedicht. Let daarbij vooral op de woordvolgorde. Wat valt je op? Vanavond pak ik de auto. Vanavond ga ik ev terug naar het strand. Morg ga ik giet van elke zonnestraal. 2 Goed of fout? 1 Morg ik ga naar de bakker. goed fout 2 Morg ga ik giet van elk grappig verhaal. goed fout 3 Dat ik niet weet. goed fout 4 In de zomervakantie gaan wij op vakantie. goed fout 5 Misschi heb ik volgde week meer geluk. goed fout 6 Dat vind ik niet leuk. goed fout 7 Daar ik hou niet van. goed fout 8 Uiteraard koop ik e auto. goed fout 9 Vanmiddag ze e loempia koopt. goed fout 10 Dat wil ik niet. goed fout 3 Maak inversiezinn van de zinn hieronder. 1 Ik doe dat niet. 2 Julia gaat morg naar de bioscoop. 3 Jij gaat misschi naar de universiteit. 4 Mijn zusje woont daar. 5 Ruud wil later voetballer word. 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 5
werkblad 6 De winkel is morg op Ik ga daar ook naartoe De kamer is misschi nog vrij We do in het weekd veel boodschapp Ze eet vanmiddag e ijsje We hebb vakantie in de maand juli Mijn zusje gaat misschi verhuiz De buurman heeft gister zijn huis schoongemaakt Ik bak e taart voor mijn verjaardag Mijn vader vindt dat liedje leuk 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 6
werkblad 7 E goede vrid/vridin heeft e moeilijke tijd. Schrijf e ansichtkaart waarin je hem/haar troost steunt. Het kaartje moet t minste aan de volgde eis voldo: ongeveer 100 woord gepaste aanhef gepaste toon steunbetuiging sterkte-ws gepaste afsluiting 2 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam, 2018 7