Trainingsmethoden en oefeningen
|
|
|
- Renske de Groot
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Trainingsmethoden en oefeningen 2011 Cock van Dijk [Geef de naam van het bedrijf op]
2 Inhoud 1. Balgevoel Dribbelen Vooruit en achteruit rollen met voetzool Met de voetzool terughalen en vooruitduwen Zijwaarts lopend de bal met de voetzool meenemen Met voetzool schuin vooruit spelen Onderkant voet op bal en met andere voet vooruit spelen Idem, maar nu achterlangs De bal met onderkant voet raken De bal met de voetzool afrollen Zijwaarts afrollen Met binnenkant voet (voetzool) schuin vooruit afrollen Basisbewegingen De bal voorlangs spelen met binnenkant voet Kappen met binnenkant voet op binnenkant andere voet Kappen met binnen- en buitenkant voet De bal voorlangs spelen met de punt van de voetzool Met de punt van de voet onder het lichaam draaien De overstap De bal terughalen en schuin vooruit spelen Terughalen en met het andere been meenemen Terughalen en zijwaarts meenemen Terughalen en achterlangs spelen Voorlangs de bal stappen Schaarbeweging met stilliggende bal Snel voetenwerk Tussentikken binnenkant voeten Zijwaarts de bal meenemen Voor het lichaam langs rollen Met binnenkant voet de bal af rollen Overstap om de bal Onder voetzool terughalen en achterlangs spelen Met binnenkant wreef achter het standbeen... 9
3 3.08 Met onderkant voet terughalen op hetzelfde been Met onderkant voet terughalen op het andere been Van binnen naar buiten afrollen Van buiten naar binnen afrollen Voet op de bal en meenemen binnenkant andere voet Zidane beweging als snel voetenwerk Overstap en direct met de voetzool terughalen Afrollen, tussentikken en niet andere been afrollen Schuin vooruit zig zag tikken Kappen binnenkant voet Terughalen en met buitenkant voet meenemen Terughalen en met binnenkant andere voet meenemen Halve draaien Kappen met binnenkant voet Kappen met buitenkant voet Afrollend kappen Overstap om de bal Onderkant voet terughalen en met andere voet meenemen Voet kort over de bal en met buitenkant zelfde voet meenemen Over de bal stappen en met de buitenkant andere voet meenemen De voorvoet op de bal zetten, over de bal stappen en met de buitenkant andere voet meenemen. Nu de ½ draai dus de andere kant op maken. Als met het rechter been wordt gedribbeld, dan naar links draaien De bal terughalen, achter het standbeen langs spelen en meenemen na ½ draai met Voet op bal en over de bal stappen Terughalen en achterlangs slepen Binnenkant kappen en met de buitenkant andere voet meenemen Achter het standbeen langs kappen Zidane beweging als ½ draai met variaties Schijn- en passeerbewegingen Schaarbeweging Voorlangs trekken en uitwerkingen Uitvalstap zijwaarts Zidane beweging als passeeractie Kappen en de bal met buitenkant andere voet meenemen... 14
4 5.06 Locomotief beweging Overstap en de bal zijwaarts meenemen Terughalen en achter het standbeen vooruit spelen Dreigend dribbelen Schijnbewegingen in een serie Balaanname en traptechniek Opbouw balaaname De bal zijwaarts aannemen Recht vooruit aannemen, draai en passeren De bal afschermend aannemen Direct kaatsen, de 1-2 combinatie Opbouw traptechniek met binnenkant voet Souplesse Kappen met buitenkant voet Voorlangs spelen en met de buitenkant meenemen Overstap met dribbelbeen Schaar in stilstand Zijwaarts voorlangs stappen Terughalen en met buitenkant andere voet meenemen Voorlangs en zijwaarts met buitenkant voet Binnenkant voet afrollen Overstap en met binnenkant andere voet meenemen Met buitenkanten voeten voorlangs spelen Afdraaien / Wegdraaien (3/4 draai) Binnenkant voet afdraaien Buitenkant voet afdraaien Overstap van buiten naar binnen Onder voetzool terughalen en achterlangs spelen Onderkant voet terughalen en voorlangs meenemen Bal achter het standbeen kappen Voet op bal en wegdraaien Zidane beweging Diverse bewegingen en combinaties Terughalen en overstap... 21
5 9.02 Afrollen, stoppen en terughalen Schaarbeweging na vooractie... 21
6 1. Balgevoel 1.01 Dribbelen Dribbelen is de meest eenvoudige vorm van het krijgen en verbeteren van het balgevoel. Rustige looppas met de bal aan de voet. De bal elke pas raken met afwisselend binnen- en buitenkant van de voet. De bal verandert steeds van richting. Ontspannen op de voorvoeten lopen en met korte tikjes de bal meenemen. Natuurlijk wordt ook met het zwakke been geoefend. Lastig in het begin, maar al gauw lukt het steeds beter. Tenslotte, na 4 balcontacten met het ene been de bal overnemen met het andere been. In één beweging de bal overnemen met het andere been Vooruit en achteruit rollen met voetzool Beginnend in wandeltempo de bal met de onderkant van de voorvoet elke pas een stukje meenemen, goed met de punt van de onderkant van de voetzool de bal raken en elke pas om en om met sterke en zwakke heen de bal meenemen. Vooruit lopend en achteruit lopend. Daarna in een looppas, waarbij het bovenlichaam goed in balans moet blijven, niet achterover hellen en goed op de voorvoeten blijven bewegen Met de voetzool terughalen en vooruitduwen Met de voetzool de bal terughalen en direct daarna vooruitduwen met binnenkant voet. Na 2 tikken met buiten- en binnenkant voet de bal weer terughalen en dan de voet snel breed maken om de bal recht vooruit te duwen, Op het moment van terughalen van de bal mag het standbeen niet staan maar moet, in beweging zijn. De bal komt terug en ook het standbeen gaat iets naar achter. Steeds goed op dc voorvoeten bewegen. Na ook met het zwakke been te hebben geoefend, wordt nu na elke beweging gewisseld van been. Steeds na het vooruit meenemen, gaat de bal over naar het andere been Zijwaarts lopend de bal met de voetzool meenemen De bal zijwaarts lopend met de voetzool meenemen. Goed zijwaarts lopen en draaiend vanuit de heupen de bal elke pas raken. Op de voorvoeten lopen en de knieën omhoog bewegen Heen met het sterke been en terug, met het gezicht dezelfde kant op, de bal met het zwakke been meenemen. De bal zo goed mogelijk in rechte lijn laten rollen Met voetzool schuin vooruit spelen Met de punt van de voetzool de bal voorlangs spelen met afwisselend sterke- en zwakke been. Na het voorlangs spelen steeds een paar tussenpasjes. De voet goed strekken en de bal zowel met het sterke als zwakke been netjes voorlangs spelen. De bal niet stilleggen of zijwaarts spelen, maar schuin voorlangs niet de juiste snelheid 1.06 Onderkant voet op bal en met andere voet vooruit spelen Onderkant voet op bal en tegelijk met de punt van de andere voet de bal een klein tikje geven. Beide benen maken tegelijk een actie. Rechts op de bal, links een klein tikje. Meteen links op de bal en
7 rechts een tik tegen de bal. De bal kortbij houden, niet te ver wegspelen om de bal direct weer stil te kunnen leggen Idem, maar nu achterlangs Als oefening 6, maar nu wordt de bal achter het eerste been langs gespeeld. Na de voet op de bal te hebben geplaatst, het lichaam een kwartslag draaien en met binnenkant voet de bal een tikje geven, Deze beweging kan later als passeerbeweging worden gebruikt. De bal aan de ene kant van de tegenstander en zelf aan de andere kant de tegenstander voorbijlopen De bal met onderkant voet raken Op de plaats de bal snel met de onderkanten van de voeten raken. Afwisselend met sterke- en zwakke been. De bal wordt geraakt, maar biijft op de plaats. Niet achterover hellen. Het bovenlichaam zoveel mogelijk boven de bal De bal met de voetzool afrollen De bal met de voetzool afrollen van teen tot hak en terug, met rechts schuin voorlangs naar links en met links naar rechts. Goed van teen tot hak en terug de bal afrollen. Goed contact hebben met de bal. Bij het wisselen van been, het lichaam draaien om voorlangs met het andere been af te rollen. Het standbeen is niet statisch, maar beweegt op de voorvoet mee Zijwaarts afrollen Met de binnenkant van de voet de bal zijwaarts voorlangs afrollen, Voordat de voet op de grond komt, terugrollen en met het andere been oefenen. Goed contact houden met de bal. Na de oefening stilstaand te hebben geoefend, gaat het standbeen huppelend mee. De bal wordt nu 4 a 5 keer afgerold voordat de bal wordt overgenomen met het andere been Met binnenkant voet (voetzool) schuin vooruit afrollen Stilstaand met binnenkant voet of voetzool schuin vooruit de bal afrollen, heen en terug. Doen alsof de bal met binnenkant voet wordt gepasst, maar over de bal rollen (de voet komt op de grond) en weer terug. Steeds om en om met het sterke- en zwakke been oefenen.
8 2. Basisbewegingen 2.01 De bal voorlangs spelen met binnenkant voet De bal schuin voorlangs spelen met binnenkant voet en met de buitenkant van de andere voet 2 tikken verlengen. De bal geen nieuwe richting geven. Na de tweede tik de bal weer voorlangs spelen. Elke pas de bal raken. De bal zowel met het sterke als het zwakke been met binnenkant voet netjes schuin voorlangs spelen en direct met de buitenkant meenemen Kappen met binnenkant voet op binnenkant andere voet In zig zag baan de bal terugkappen met de binnenkant voet op de binnenkant andere voet. Meenemen met binnenkant voet, 1 tik met buitenkant voet en terugkappen met dat been. De bal moet worden teruggekapt. Met binnenkant wreef onder het lichaam kappen. Niet stil komen staan, maar doorbewegen door de gekapte bal direct met binnenkant voet andere been mee te nemen Kappen met binnen- en buitenkant voet De bal met de binnenkant voet kappen en met de buitenkant van dezelfde voet meenemen. Dan buitenkant kappen en binnenkant meenemen. Eerst alleen met het sterke been en daarna met het zwakke been oefenen. Ook hier moet de bal worden teruggekapt. Met de buitenkant door het lichaam goed te strekken, waarbij het standbeen duidelijk voor de bal blijft De bal voorlangs spelen met de punt van de voetzool De bal voorlangs spelen niet de punt van de voetzool, met de buitenkant andere voet 2 tikken verlengen. Ook hier de bal geen nieuwe richting geven. Dwing de bal ook met het zwakke been schuin vooruit te spelen en niet terug of dwars voorlangs. Elke pas de bal raken, dus niet lopen zonder de bal te raken Met de punt van de voet onder het lichaam draaien De bal met de punt van de voet onder het lichaam draaien, over de bal stappen en met de binnenkant andere voet schuin vooruit meenemen. De bal 1 tik met buitenkant voet en dan met het andere been onder het lichaam draaien. Niet echt op de bal staan, maar in een vloeiende beweging de bal stilleggen en doorstappen. Doorbewegen en niet stil komen staan. In zig zag vorm de bal elke pas raken De overstap Met binnenkant voet van het dribbelbeen een overstap om de bal maken en de bal met de binnenkant van de andere voet voorlangs meenemen. Na 2 tikken, de tweede tik met de buitenkant van de voet, met dat been om de bal stappen. Om de bal stappen dat wil hier zeggen van buiten naar binnen. Na de 2 rustige tikken een korte felle overstap om de bal en na de overstap op de voorvoet komen om goed te kunnen draaien De bal terughalen en schuin vooruit spelen De bal met de voetzool terughalen en met de buiten kant van dezelfde voet schuin vooruit spelen. Direct de bal terughalen met de onderkant van de andere voet en schuin vooruit wegduwen met de buitenkant van dat been. Niet dribbelen, maar de bal gelijk weer terughalen. Ook nu weer de bal onderkant voet terughalen, maar nu de bal met de buitenkant van het andere been schuin
9 wegspelen. De bal onder het lichaam terughalen en goed wegstappen. Na het terughalen van de bal wegstappen en de bal met de binnenkant van het andere been meenemen. Bij deze vorm na het meenemen met de binnenkant van de voet de bal 1 tik met de buitenkant voet meenemen Terughalen en met het andere been meenemen. De bal terughalen met onderkant van de voorvoet, stoppen binnenkant zelfde voet en met het andere been schuin vooruit meenemen. Na het meenemen met het andere been 1 tik met buitenkant voet en de bal met dat been terughalen. Niet stil komen staan, maar direct door bewegen Terughalen en zijwaarts meenemen Met de voetzool de bal terughalen en met de buitenkant van de voet zijwaarts duwen. Twee tikken recht vooruit, met de voetzool terughalen en de bal binnenkant voet voorlangs duwen en weer 2 tikken recht vooruit. De bal goed zijwaarts en voorlangs meenemen. Na voorlangs meenemen is het 1 ste balcontact met binnenkant voet en het 2e met buitenkant voet. Na voorlangs is het 1ste balcontact met de buitenkant van de voet. Het standbeen moet met de bal terugbewegen. Zeker bij voorlangs moet ruimte worden gemaakt om de bal echt voorlangs te kunnen spelen Terughalen en achterlangs spelen Met de voetzool terughalen, dwars achter het standbeen langs spelen en met binnenkant andere been direct recht vooruit meenemen. Twee tikken en de bal met dat been terughalen. Zodra de bal achterlangs gaat is het andere been onderweg om de bal direct recht vooruit mee te nemen. Ook hier heel belangrijk dat het standbeen meebeweegt Voorlangs de bal stappen Met de voetzool de bal stoppen, voorlangs de bal stappen en de bal met de buitenkant van het andere been zijwaarts meenemen. Direct met de voetzool stoppen en met dat been voorlangs stappen. Niet dribbelen, maar steeds gelijk na het zijwaarts spelende bal stilleggen, voet neerzetten en de nieuwe actie inzetten Schaarbeweging met stilliggende bal De schaarbeweging in stilstand. Met de voet om stilliggende bal stappen en met buitenkant van het andere been de bal schuin vooruit meenemen, 1 tik. Direct met de voetzool van dat been stoppen en met dat been de schaar inzetten. Een korte snelle actie om de bal en de bal goed zijwaarts met het andere been meenemen.
10 3. Snel voetenwerk 3.01 Tussentikken binnenkant voeten Op de plaats snelle tussentikken voet de binnenkanten van beide voeten. Bij alle volgende oefeningen tussentikken op deze wijze. Steeds na een aantal tussentikken alle snel voetenwerk bewegingen uitvoeren. De houding is: - goed op de voorvoeten - door de knieën buigen - knieën recht omhoog bewegen - rechte rug 3.02 Zijwaarts de bal meenemen De bal door tikjes voet binnenkanten van de voorvoeten zijwaarts meenemen, heen en terug. Met korte tikjes de bal een stukje naar links meenemen, terugkomen op de plaats en vervolgens naar de andere kant. Door de knieën buigen en ontspannen op de voorvoeten bewegen Voor het lichaam langs rollen Voor het lichaam langs rollen met de hele voetzool. Na een aantal tussentikken de bal van teen tot hak en terug afrollen. Goed contact van de voetzool met de bal. Voorlangs afrollen door met het linker been naar rechts af te tellen en andersom. Het standbeen beweegt op de voorvoet mee Met binnenkant voet de bal af rollen Met binnenkant voet de bal schuin voorlangs afrollen, heen en terug. Doen alsof met binnenkant voet wordt gepasst, maar de bal met onderkant voet terugrollen. Goed contact houden met de bal. Steeds na enkele tussentikken met afwisselend sterke en zwakke been de beweging inzetten Overstap om de bal Na tussentikken om de bal stappen. Een ½ draai maken en de bal niet het andere been een eerste tussentik geven. Korte snelle overstap en op de voorvoet de draai maken. In ritme komen door steeds na 4 tussentikken met afwisselend rechts en links om de bal te stappen. Een variatie is de bal, na de ½ draai met de buitenkant van het overstap been de bal de eerste tik te geven Onder voetzool terughalen en achterlangs spelen De bal onder voetzool terughalen, achter het standbeen langs spelen, een ½ draai maken en de bal met de binnenkant van hetzelfde heen meenemen. Na tussentikken de bal met de onderkant van het andere been terughalen. Een snelle ½ draai waarbij op de voorvoet van het standbeen wordt meebewogen. Op dezelfde manier de bal terughalen, maar nu wordt de bal na de ½ draai direct met de buitenkant van hetzelfde been meegenomen. Na tussentikken de bal met het andere been terughalen Met binnenkant wreef achter het standbeen Na een paar tussentikken de bal met de binnenkant van de wreef achter het standbeen spelen, De
11 bal gaat iets naar de buitenkant en wordt na de ½ draai meteen meegenomen met de binnenkant van het andere been. De bal goed met de binnenkant van de wreef raken en door de knieën buien Met onderkant voet terughalen op hetzelfde been De bal recht vooruit spelen met binnenkant voet en met de onderkant voet van hetzelfde been terughalen op het zelfde been. Tussentikken en dan de bal me het andere been wegspelen. De bal goed recht vooruit spelen door de voet goed dwars achter de bal te plaatsen Met onderkant voet terughalen op het andere been De bal schuin vooruitspelen met de binnenkant van de voet en met onderkant andere voet terughalen op eerste voet. Na een aantal tussentikken de bal met het andere been wegspelen. Het bewegingstempo opvoeren. Het aantal tussentikken steeds minder maken Van binnen naar buiten afrollen De bal met de voetzool van binnen naar buiten af rollen en direct op de andere voet duwen. Na het afrollen komt de voet niet op de grond, maar wordt de bal direct naar de andere voet gespeeld. Een zijwaartse pas maken voor de bal de andere voet raakt Van buiten naar binnen afrollen De bal met binnenkant voet van buiten naar binnen afrollen en met de buitenkant van dat been de bal zijwaarts wegduwen. Tussentikken en met het andere been de bal afrollen. Na het wegduwen met de buitenkant direct de 1e tik met de binnenkant van dat been Voet op de bal en meenemen binnenkant andere voet Voet op de bal, over de bal stappen, tussentikken en met andere voet op de bal. Niet echt op de bal staan, maar in een vloeiende beweging de bal stilleggen en overnemen met het andere been. Doorbewegen en niet stil staan. In zigzag richting vooruit bewegen Zidane beweging als snel voetenwerk De bal met voetzool stoppen of terughalen, over de bal stappen en in een ½ draai de bal met voetzool andere been meenemen. Recht heen en terug oefenen na een paar tussentikken. Na de ½ draai direct de nieuwe richting nemen door het bovenlichaam boven de bal te brengen Overstap en direct met de voetzool terughalen De bal schuin vooruit spelen, en overstap maken met het andere been en de bal direct met de voetzool van dat been terughalen. Na tussentikken de bal met het andere been schuin vooruit spelen Afrollen, tussentikken en niet andere been afrollen De bal met binnenkant voet afrollen op de binnenkant voet andere been, tussentikken en met het andere been afrollen. Zijwaarts oefenen. Eerst 3 tussentikken, daarna slechts 1 tik. Nu wordt de bal schuin vooruit afgerold. In zigzag baan de bal meenemen Schuin vooruit zig zag tikken De bal schuin vooruit zig zag tikkend meenemen. Na 4 a 5 tikken van richting veranderen. In hoog tempo de bal ontspannen op de binnenkanten van de voeten tikken Kappen binnenkant voet Als de vorige oefening, maar nu wordt van richting veranderd door de bal met binnen kant voet van
12 het buitenste been op de binnenkant van het andere been kappen. De bal moet steeds worden teruggekapt met de binnenkant van de wreef Terughalen en met buitenkant voet meenemen De bal schuin vooruit spelen, met onderkant voet andere been terughalen en direct met buitenkant de bal schuin vooruit duwen. Na tussentikken de bal met het andere been schuin vooruit spelen. Bij het vooruit duwen goed door de knieën buigen Terughalen en met binnenkant andere voet meenemen De bal schuin vooruit zig zag tikkend meenemen. Na 4 a 5 tikken van richting veranderen door de bal met de onderkant van het binnenste been terug te halen en met binnenkant andere been de nieuwe richting te kiezen.
13 4. Halve draaien 4.01 Kappen met binnenkant voet De bal kappen met binnenkant voet en in een ½ draai de bal meenemen met binnenkant voel zelfde been. De bal recht terug kappen en niet stilleggen of schuin terugspelen. Na de ½ draai direct weer balcontact Kappen met buitenkant voet De bal kappen met buitenkant voet en in een ½ draai de bal meenemen met buitenkant voet. Het standbeen blijft duidelijk achter de bal. Ook hier, de bal recht terug kappen en niet stilleggen of schuin terugspelen. Na de ½ draai direct weer balcontact. Beide benen oefenen Afrollend kappen De bal kappen door met de binnenkant voet over de bal te rollen. De bal meteen met buitenkant voet in een ½ draai meenemen. Met een felle beweging over de bal rollen en contact houden met de bal. Met sterke- en zwakke been oefenen Overstap om de bal Een overstap om de bal van buiten naar binnen en na de ½ draai de bal meenemen met de binnenkant van het andere been. Na een paar tikken met binnen- en buitenkant voet met dat been een overstap maken. Een korte felle overstap en op de voorvoet de draai maken. Dezelfde overstap maken, maar de bal nu meenemen met de buitenkant van hetzelfde been. Na de 1ste tik de bal overnemen met het andere been en met dat been de overstap maken. Nu de overstap maken met het andere been. Eerst met alleen sterke been dribbelen en met het zwakke been de overstap maken, daarna andersom. Zonder tussenpassen de overstap maken. De drie bovenstaande vormen, maar nu eerst een vooractie maken. De bal met de voetzool terughalen en met binnenkant voet recht vooruit duwen en dan de overstap maken. De bal goed terughalen met onderkant voet, met binnenkant voet recht vooruit duwen en direct de overstap maken Onderkant voet terughalen en met andere voet meenemen De bal met onderkant voet terughalen en met buitenkant zelfde voet na een ½ draai meenemen, met rechts dribbelen dan naar rechts draaien. De bal recht terughalen en direct weer balcontact Voet kort over de bal en met buitenkant zelfde voet meenemen Voorvoet op bal, de voet over de bal zetten en na ½ draai met buitenkant zelfde voet meenemen. Naar de kant van het dribbelbeen de ½ draai maken. Met rechts dribbelen, dan naar rechts draaien. De voet zijwaarts kort over de bal zetten om de bal meteen mee te kunnen nemen.
14 4.07 Over de bal stappen en met de buitenkant andere voet meenemen. De voorvoet op de bal zetten, over de bal stappen en met de buitenkant andere voet meenemen. Nu de ½ draai dus de andere kant op maken. Als met het rechter been wordt gedribbeld, dan naar links draaien 4.08 De bal terughalen, achter het standbeen langs spelen en meenemen na ½ draai met a. Binnenkant zelfde been Eerst met alleen het sterke been oefenen en daarna met het zwakke been, b. Buitenkant andere been De bal met de voetzool terughalen, achter het standbeen langs spelen en meenemen na de ½ draai met binnenkant zelfde been. Nu na de ½ draai de bal met de buitenkant andere been meenemen. Hier dus steeds wisselen van heen na de draai, 4.09 Voet op bal en over de bal stappen Voet op bal en na een snelle ½ draai de bal met andere voet meenemen. Niet op de bal staan, maar de bal stilleggen en doordraaien, Doorbewegen en niet stil staan. De bal met de binnenkant van de andere voet meenemen, 4.10 Terughalen en achterlangs slepen De bal met onderkant voet terughalen en met buitenkant zelfde voet achter het standbeen langs slepen in een ¾ draai. De bal hard terughalen zodat de draai gemaakt kan worden. Na het meenemen de bal overnemen met het andere been en met dat been terughalen Binnenkant kappen en met de buitenkant andere voet meenemen Met binnenkant voet de bal kappen op de binnenkant van het andere been. De bal wordt vervolgens meegenomen in een ½ draai met de buitenkant van dat been. De bal moet hard en recht worden teruggekapt Achter het standbeen langs kappen De bal met wreef achter het standbeen langs kappen en direct na de ½ draai meenemen met de binnenkant van het andere been. De bal goed met de binnenkant van de wreef kappen en van het standbeen wegspelen. Goed door de knieën buigen Zidane beweging als ½ draai met variaties De bal met voetzool stoppen of terughalen, over de bal stappen en direct met voetzool andere been meenemen. Na de ½ draai de bal met de binnenkant van de voet het 1e balcontact en meteen de goede kant op bewegen door bovenlichaam boven de bal te brengen. Nu de bal met binnenkant voet terugkappen in plaats van met onderkant voet terughalen. De bal met de voetzool van het eerste been terughalen en met de binnenkant voet van het andere been meeslepen. Nu niet als 1½ draai, maar na het 2e balcontact zijwaarts of in willekeurige richting de bal meenemen.
15 5. Schijn- en passeerbewegingen 5.01 Schaarbeweging De schaar als passeerbeweging. Met de voet van binnen naar buiten om de bal en met de buitenkant van het andere been de bal zijwaarts meenemen. Na 2 tikken direct vooruit de schaar met dat been inzetten. De bal kort aan de voet houden en elke pas de bal raken. De dubbele schaar. De beweging wordt direct ook met het andere been ingezet. Snelle bewegingen om de bal om en om de schaar inzetten met het sterke been en het zwakke been Voorlangs trekken en uitwerkingen De bal met de binnenkant voet voorlangs op de binnenkant van de andere voet trekken. Voorlangs en niet schuin vooruit. De bal slepen, niet tikken en een zijwaartse pas maken om de beweging breed te maken. Steeds na 2 tikken recht vooruit met binnen- en buitenkant voet de beweging inzetten en beide benen oefenen. Naar binnenkant dreigen door te doen alsof de bal voorlangs wordt gesleept, maar de bal naar zijkant meenemen met buitenkant voet. Nu wordt de bal over de voet van de tegenstander gewipt. Door de bal een klein stukje te slepen, kan de voet goed onder de bal komen. Houd ook hier de bal dichtbij en speel hem niet te ver naar buiten. Eerst een stukje voorlangs slepen, dan de bal naar de buitenkant dreigen mee te nemen, maar voorlangs de bal stappen en de bal met andere been buitenkant meenemen. Ook nu een stukje voorlangs slepen, en vervolgens een schaarbeweging om de bal en de bal met de buitenkant van het andere been zijwaarts meenemen 5.03 Uitvalstap zijwaarts Vanuit een dribbel doen alsof de bal met de buitenkant van de voel zijwaarts wordt meegenomen. Maar voorlangs de bal stappen en de bal verder recht vooruit dribbelen, Afwisselend met sterke en zwakke been dribbelen. Goed met het lichaam zijwaarts bewegen en door de knieën buigen. Ook dubbel uitvoeren. Eerst met het dribbelbeen en snel erna met het andere been. Nu wordt de bal na de zijwaartse lichaamsbeweging met de buitenkant van het andere heen zijwaarts meegenomen. Ook nu met beide benen inzetten en enkel en dubbel uitvoeren Zidane beweging als passeeractie De bal vlak voor de tegenstander met voetzool stoppen of terughalen, over de bal stappen en direct met voetzool andere been overnemen en met de buitenkant voet van dat been langs de tegenstander wegdraaien. Het lichaam moet tussen de bal en de tegenstander komen. Zowel met recht als links inzetten Kappen en de bal met buitenkant andere voet meenemen De bal voor de tegenstander kappen met binnenkant voet, doordraaien en de bal niet buitenkant voet langs de tegenstander meenemen. Met beide benen de kapbeweging maken Locomotief beweging Boven een stilliggende bal de locomotief beweging maken door te doen alsof de bal wordt teruggehaald met onderkant voet. De bal wordt met de wreef recht vooruit meegenomen. Meteen wordt de bal stilgelegd en 2 passen doorgelopen. Na omkeren de beweging met het andere been maken. Nu met een rollende bal. Eerst wordt de bal 1 tik meegenomen en boven de bewegende bal wordt de beweging uitgevoerd.
16 5.07 Overstap en de bal zijwaarts meenemen Een overstap van binnen naar buiten om de bal maken en de bal met de buitenkant van hetzelfde been zijwaarts meenemen. Een korte felle stap om de bal, de voet neerzetten en de bal meenemen. Na 2 tikken recht vooruit, de beweging met het andere been inzetten Terughalen en achter het standbeen vooruit spelen De bal terughalen met voetzool, schuin achter het standbeen vooruit spelen, 1 tik met buitenkant andere voet en met dat been de bal terughalen. Doen alsof de bal wordt geschoten en explosief de bal onderkant voel terughalen Dreigend dribbelen Snel bewegend recht vooruit, voorlangs en zijwaarts dribbelen. De bal elke pas met afwisselend binnen- en buitenkant voet raken. Op de voorvoeten bewegen en goed door de knieën buigen. In een hoog bewegingstempo dribbelen. Niet snel voorwaarts bewegen / lopen maar heel veel balcontacten zonder snel vooruit te gaan. Steeds dreigend naar de zijkanten. Eerst met het sterke been dribbelen, dan met alleen zwakke been en tenslotte steeds na vier balcontacten wisselen van been Schijnbewegingen in een serie In hoog tempo achter elkaar schijn- en passeerbewegingen inzetten. Bijvoorbeeld de schaar, het voorlangs trekken, de lichaamsschijnbeweging door voorlangs de bal te stappen en de overstap waarbij de bal met de buitenkant zelfde been wordt meegenomen. De bewegingen snel achter elkaar oefenen waarbij zo weinig mogelijk tussendoor wordt gedribbeld. Het accent ligt op handelingssnelheid. Natuurlijk kunnen ook andere schijn- en passeerbewegingen worden gebruikt. Wel moeten de bewegingen al redelijk tot goed worden beheerst.
17 6. Balaanname en traptechniek 6.01 Opbouw balaaname Een bal op de juiste manier aannemen is niet zo makkelijk. Hier is te zien hoe stap voor stap geleerd wordt hoe de bal zo aan te nemen dat de bal onder controle komt. Eerst stilstaand de bal met de voetzool ophalen, meenemen en terugduwen. Het is de bedoeling dat de voet de bal tegemoet gaat en op het moment dat de voet contact maakt met de bal de voet meegeeft. Dezelfde aanname, maar nu wordt op de plaats bewogen. De voet ontspannen en steeds vanaf het raakmoment contact van de voet met de bal. Vervolgens wordt de van dichtbij aangespeelde bal met binnenkant voet aangenomen. De voet gaat de bal tegemoet en met de binnenkant van de voet wordt de bal mee terug genomen. Ook deze vorm in stilstand en in beweging op de plaats. Belangrijk is dat de bal stil komt te liggen naast het standbeen. De afstanden zijn nu groter en er is een loopbeweging naar de bal. Echter op het moment van de balaanname wordt in deze fase van het Ieren, stilgestaan op het moment van de balaanname. Als in stilstand de vaart goed uit de bal kan worden gehaald, komt de laatste en moeilijkste fase. Op het moment van de balaanname wordt niet meer stilgehouden, maar er wordt doorbewogen. Om ook nu vaart uit de bal te halen gaat in de loop de voet eerst naar de bal en de ontspannen voet haalt de vaart uit de bal. De bal moet kort aan de voeten worden gehouden en mag niet wegspringen. Om hel belang van het doorbewegen te tonen, wordt hier een vooractie gemaakt. Los komen van de tegenstander, de bal aannemen en om de meter voorsprong op de tegenstander te behouden, moet de bal in voorwaartse beweging worden aangenomen De bal zijwaarts aannemen De bal kan op verschillende manieren zijwaarts worden aangenomen. Drie mogelijkheden worden getoond, waarbij we ook een aantal halve draaien gebruiken. De eerste aanname gebeurt met buitenkant van de voet. De bal wordt zijwaarts meegenomen, na een paar balcontacten gekapt met binnenkant voet en teruggeplaatst met binnenkant andere been. Bij de aanname goed door de knieën buigen en de bal met gevoel zijwaarts sturen, De tweede vorm is de aanname met binnenkant voet waarbij direct de bal wordt afgeschermd. Met rechts de afschermende stap naar de bal en de bal met links zijwaarts meenemen. Na de halve draai, in dit geval de overstap, wordt de bal met rechts gepasst. De volgende aanname is het voorlangs meenemen van de bal. Hier met het rechter been naar links, Na de kapbeweging met buitenkant voet, de pass geven met het rechter been. Bij alle aan- en meeneem vormen is het belangrijk goed vaart uit de bal te halen en bal dichtbij te houden om direct weer balcontact te hebben. Natuurlijk moeten alle aannamen met beide benen worden geoefend, maar dat spreekt voor zich. Verder kunnen alle halve draaien worden gebruikt. De vierde en laatste aanname is het meenemen van de bal achter het standbeen langs. Hier met rechts naar de linker kant. De bal met gevoel zijwaarts meenemen en na de overstap en het na de draai meenemen met buitenkant zelfde been, de pass met rechts geven. Oefenen van het aan- en meenemen van de bal kan niet vaak genoeg worden getraind. Een goed gevoel in de benen krijgen om de bal steeds goed onder controle te krijgen is een kwestie van veel trainen Recht vooruit aannemen, draai en passeren Na een voorbeweging om los te komen van de tegenstander een aangespeelde bal in de beweging naar de bal doorbewegend aannemen. Vervolgens na een ½ draaide tegenstander passeren met een schijn- of passeerbeweging. Natuurlijk moeten alle halve draaien en passeerbewegingen worden
18 geoefend met beide benen. Het goed aannemen van de bal na een vooractie met een tegenstander in de rug zonder stil te komen staan staat in deze vorm centraal De bal afschermend aannemen Ook hier weer na de vooractie de bal aannemen, maar nu met de voetzool. De bal ver van de tegenstander onder de voet vasthouden en de inkomende medespeler op het juiste moment de bal meegeven. Aannemen, afschermen, wachten en de bal meegeven Direct kaatsen, de 1-2 combinatie Bij de laatste vorm in deze serie wordt de bal niet aangenomen, maar direct gekaatst. De 1-2 combinatie dus. Belangrijk hierbij is dat de bal op het juiste heen en met de juiste snelheid wordt ingespeeld. De bal met het buitenste been kaatsen, dat is hier links en met het logische, in dit geval, het rechter been inspelen. De bal wordt schuin terug en zonder effect gekaatst. De bal direct diep spelen door de opkomende speler met het rechter been. Naast de kaats wordt ook de pass met binnenkant voet en het voorlangs aannemen met het ene been en doorspelen met het andere been getraind Opbouw traptechniek met binnenkant voet Van korte afstand de bal met binnenkant voet naar elkaar spelen. Een stilliggende bal overspelen. De voet goed breed maken voor een zo groot mogelijk raakvlak en licht doorzwaaien. Ne eerst het sterke been te oefenen, de bal met het zwakke been overspeler Zowel stilstaand als in beweging op de voorvoeten, Vervolgens de bal niet meer stilleggen, maar direct spelen. Eerst met het sterke been naar het sterke been van de ander spelen en daarna hetzelfde met het zwakke been. Tenslotte de bal afwisselend met het sterke en zwakke been spelen, waarbij steeds ook op het juiste been, dus ook wisselend, van de medespeler wordt gespeeld. Een oefening waarbij door heel veel balcontacten in korte tijd een goed gevoel voor de trap met binnenkant voet wordt verkregen en kan worden onderhouden. Met de juiste houding kan vervolgens over grotere afstanden de bal zuiver worden gepasst. De trap met de binnenkant van de voet wordt gebruikt voor afstanden tot meter. Het is de meest zuivere traptechniek omdat het raakvlak met de voet groot is. Door vaak en regelmatig te oefenen is het heel goed mogelijk deze traptechniek met beide benen goed aan te leren. Voor passes over grotere afstand en het hard op doel schieten is de wreeftrap het meest geschikt. Een kleiner raakvlak, daardoor minder nauwkeurig maar er kan wel veel harder worden geschoten. De bal met een gestrekte aangespannen voet met binnenkant van de wreef raken. Natuurlijk spelen stand van het standbeen en het raakpunt op de bal een grote rol op het trappen m.b.t. een hoge of laag blijvende bal en het meegeven van effect. Moeilijker dan voor de binnenkant voet, maar door veelvuldig oefenen kan ook met het van nature mindere been een goed wreeftrap worden aangeleerd.
19 7. Souplesse 7.01 Kappen met buitenkant voet Veel basisbewegingen zijn te gebruiken in dit hoofdstuk. De nadruk ligt steeds op souplesse. De bal met buitenkant voet kappen en direct met buitenkant voet meenemen. Met een felle beweging de bal kappen. Het standbeen blijft steeds ver voor de bal Voorlangs spelen en met de buitenkant meenemen De bal voorlangs spelen met de punt van de voetzool en de bal met de buitenkant andere voet meenemen. Goed door de knieën buigen en soepel bewegen. De benen kruisen elkaar Overstap met dribbelbeen Met de binnenkant van de voet van het dribbelbeen een overstap om de bal en de bal met de binnenkant van de andere voet voorlangs meenemen, Met een grote pas de overstap maken, door de knieën buigen, soepel bewegen, en bovenlichaam goed boven de bal houden Schaar in stilstand. Schaarbeweging met een stilliggende bal, Met voet van binnen naar buiten om de stilliggende bal en met buitenkant andere been de bal 1 tik schuin vooruit meenemen. Met een grote en soepele stap de bal direct stilleggen met de onderkant van de voet Zijwaarts voorlangs stappen De bal stoppen met de voetzool, hetzelfde been voorlangs de bal zijwaarts zeilen en de bal met de buitenkant andere voet zijwaarts meenemen. Het been zo ver mogelijk zijwaarts naast de bal zetten. De beweging moet soepel en breed worden uitgevoerd Terughalen en met buitenkant andere voet meenemen De bal terughalen met de voetzool en met buitenkant andere voet schuin vooruit meenemen. De bal van ver terughalen, wegstappen en goed door de knieën buigen bij het meenemen met de buitenkant van de voet Voorlangs en zijwaarts met buitenkant voet De bal terughalen met voetzool en afwisselend met binnen- en buitenkant voet schuin vooruit naar buiten meeduwen met de buitenkant van de voet. Eerst alleen het sterke en daarna met het zwakke been. Steeds goed draaien in de enkel Binnenkant voet afrollen De bal met de binnenkant van de voet afrollen, met binnenkant andere voet stoppen en opnieuw afrollen. Goed draaien in de heupen en de bal met binnenkant voet kappend stilleggen met een felle soepele beweging Overstap en met binnenkant andere voet meenemen Overstap om de bal. De bal met binnenkant andere voet 1 tik meenemen en direct met voetzool eerste been de bal stoppen. Heen en terug oefenen. Na de overstap de bal vallend meenemen en de bal met een grote stap met onderkant voet stoppen.
20 7.10 Met buitenkanten voeten voorlangs spelen De bal zig zag met buiten kanten van de voeten voorlangs spelen. Wel het linker been voorlangs naar links en andersom. 1 let standbeen blijft duidelijk voor de bal Dc benen kruisen elkaal Goed draaien in de heupen.
21 8. Afdraaien / Wegdraaien (3/4 draai) 8.01 Binnenkant voet afdraaien De bal met de binnenkant van de voet afdraaien door met 2 kapbewegingen een ¾ draai te maken. Na de draai wisselen van been en met dat been de beweging inzetten. Niet om de bal heen lopen, maar de bal kappend van richting laten veranderen Buitenkant voet afdraaien Nu met de buitenkant van de voet de bal kappen. Met de buitenkant van de voet afdraaien door met 2 kapbewegingen een ¾ draai te maken. Na de draai wisselen van been en met dat been de beweging inzetten. Bij het kappen met de buitenkant voet blijft het standbeen duidelijk achter de bal Overstap van buiten naar binnen Met de overstap van buiten naar binnen wegdraaien van de tegenstander. Met het rechter been naar rechts dribbelen en met het dribbelbeen op het juiste moment de overstap maken. Een 3/4 draai maken met 2 kapbewegingen met het linker been de beweging inzetten Onder voetzool terughalen en achterlangs spelen De bal onder voetzool terughalen en met de binnenkant van de wreef achter het standbeen langs tikken. De bal met de buitenkant van het andere been meenemen. De bal in 1 beweging met onderkant voet achter het standbeen langs spelen. Ook nu met de buitenkant van het andere been de bal meenemen Onderkant voet terughalen en voorlangs meenemen De bal met onderkant voet terughalen met het buitenste been en met binnenkant voet van het andere been voorlangs meenemen. Bal terughalen, wegstappen en in 1 beweging meenemen. Nu de bal met de buitenkant van de andere voet meenemen. Goed door de knieën buigen om de bal explosief te kunnen meenemen Bal achter het standbeen kappen De bal achter het standbeen met binnenkantvoet afkappen en direct met de binnenkant van het andere been schuin vooruit meenemen. De bal van het standbeen wegspelen. Goed door de knieën buigen Voet op bal en wegdraaien Voet op bal, met snelle beweging wegdraaien zijwaarts en de bal met binnenkant andere voet meenemen. Een snelle en soepele beweging maken 8.08 Zidane beweging Bal mei voetzool stoppen of terughalen, over de bal stappen en direct met voetzool andere heen meenemen. Met links naar rechts dribbelen, terughalen met links, overnemen met rechts en met binnenkant links de bal afschermend meenemen.
22 9. Diverse bewegingen en combinaties 9.01 Terughalen en overstap De bal met de voetzool terughalen en met de buitenkant van hetzelfde been schuin voorwaarts duwen. Direct een overstap met het andere been en met binnenkant 1ste been schuin voorwaarts meenemen. Eerst alle balcontacten met het sterke been en de overstap met het zwakke been. Daarna andersom. Bij elke pas balcontact Afrollen, stoppen en terughalen De bal afrollen roet binnenkant voet schuin voorwaarts. Met andere voet de bal stoppen, met dat been de bal onderkant voet terughalen en direct met dat been de bal schuin vooruit de bal af rollen Schaarbeweging na vooractie Linker voet op de bal zetten. Met de binnenkant van het rechter been de bal achter het linker been langs spelen en meteen een schaarbeweging maken met het linker been. Met het rechter been de bal zijwaarts meenemen.
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
Cock van Dijk Voetbaltechniek
Cock van Dijk Voetbaltechniek De DVD begint met een introductie door Cock van Dijk zelf. Het laat zien in de opbouw van het voetbaltechniekproces. Van de F-jes tot de A-tjes. Hoe van: niet vaardig naar
PVC Voetbal. Techniek Boek Pupillen. Versie 1.0. Januari 2016 Status: Concept
2016 PVC Voetbal Techniek Boek Pupillen Versie 1.0 Januari 2016 Status: Concept INHOUDSOPGAVE: 1. Voorwoord. 3 2. Programma. 4 3. Toelichting trainingswijze. 5 4. Techniekprogramma 6 4.1 F-pupillen 4.2
Voetbalschool Sportlust
ja Voetbalschool Sportlust Opgezet door: Sportlust 1 Trainingsmap 1 P a g i n a Sportlust, vriendschap in beweging Inhoudsopgave Warming-up... 3 Balaanname en traptechniek... 4 Basisbewegingen... 6 Duelvorm...
Voetbalschool Sportlust
ja Voetbalschool Sportlust Opgezet door: Sportlust 1 Trainingsmap 1 P a g i n a Sportlust, vriendschap in beweging Inhoudsopgave Warming-up... 3 alaanname en traptechniek... 4 asisbewegingen... 6 Duelvorm...
Trainingsplanning EWC/RESIA F-pupillen najaar seizoen 2009/2010
Trainingsplanning EWC/RESIA F-pupillen najaar seizoen 2009/2010 Onderdeel 1 t/m 5 duurt steeds 10 minuten, het partijspel is het einde van de training en duurt zo'n 20 minuten. Training 1 (week 34) : Training
Train de trainers programma SDV Barneveld Sessie 2
Train de trainers programma SDV arneveld Sessie 2 Technische ommissie Jeugd Oktober 2006 SDV arneveld Vooraf een aantal tips Voor het versnellen van het leerproces zijn een aantal aanwijzingen van belang
Voetbalschool Sportlust
ja Voetbalschool Sportlust Opgezet door: Sportlust 1 Trainingsmap Sportlust, vriendschap in beweging 1 P a g i n a Inhoudsopgave Warming-up...3 Gele doeltjes...4 Balaanname en traptechniek...6 Basisbewegingen...8
Structuur jeugdopleiding A.S.C. Waterwijk: Onderbouw Seizoen 2009/ 2010 versie 1.1
Structuur jeugdopleiding A.S.C. Waterwijk: Onderbouw Seizoen 2009/ 2010 versie 1.1 F Pupillen: Een speler bij de F pupillen moet op meerdere posities inzetbaar zijn. 1. Dribbelen: 1.1 Elke stap de bal
Verdediger komend vanaf de zijkant (wegdraaien van de tegenstander)
De toolbox Verdediger voor je (passerbewegingen) * Binnenkant/buitenkant * Matthews beweging ** Zijstap ** Schaar ** Sleepbeweging *** Dubbele zijstap *** Dubbele schaar *** Sleep/overstap Verdediger naast
TECHNIEKLIJST v.v. DSC Kerkdriel ( ) Basistechnieken
TECHNIEKLIJST v.v. DSC Kerkdriel (2016-2017) Basistechnieken 1. Rol - zijwaarts: Ga haaks op de looprichting staan. Maak met het linkerbeen een stap naar links en neem daarna de bal onder de voet van het
Training E-pupillen Woensdag 28 september 2011
Training E-pupillen Woensdag 28 september 2011 Zodra de kinderen op het veld komen, de 1 e en 2 e jaars splitsen en 4 tegen 4 spelen op de klaarstaande veldjes. Dit is gelijk de warming up. Oefenvorm duurt
doelschietspel met keeper
Voorfase 2.1Warming-up doelschietspel met keeper Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door te schieten op een groot doel met keeper (binnenkant of met de wreef) Verdedigen verwerken
1 van 7 24-8-2007 23:40 Partijspel 3 tegen 3 met vooruit/opzij meenemen Doelstelling: Het verbetren van het vooruit/opzij meenemen onder druk Fase: Partijspel Leeftijd: A-J, B-J, C-J, D-J, E-J, F-J Thema:
2 (+k) tegen 2 (+k) grote doelen
Oefenvorm 1.1 2 (+k) tegen 2 (+k) grote doelen 7 9 Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door te schieten op een groot doel met keeper door middel van dribbelen / individuele actie in
Praktijktraining NTK 2014
Praktijktraining NTK 2014 BLOK 1: 10.00 uur 11.00 uur Oefenstof: Oefening 1: Warming-up :Cirkel / vierkant : : 20 minuten Praktijk (zie ook filmpjes van Rene Meulensteen 1 t/m 10) Iedere speler heeft een
Club: vv Sweel. Tijd: 60 min. Aantal spelers: 8. Organisatie (tekening en accenten):
Dribbelen en kappen Club: vv Sweel Aantal spelers: 8 Tijd: 60 min Tijd: Activiteiten trainer en spelers: Didactische aanwijzingen, aandachtspunten of accenten: 5 min Warming-up 1: (standaard wedstrijd
poortschietspel vaste afstand
Voorfase 3.1/ warming-up poortschietspel vaste afstand Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door te schieten / passen tussen de pionnen aannemen van een rollende bal voor of op de lijn
Praktijktraining. René Meulensteen Academy
Praktijktraining Oefening 1: Warming-up :Cirkel : : 20 min. Iedere speler heeft een bal De volgende bewegingen kunnen uitgevoerd worden: Snel voetenwerk met arminzet + kwartdraai naar links en rechts Snel
groep 2 voorfase-wu 2.1 t/m 2.3 / oefenvorm 2.1 t/m 2.8 / partijvorm 2A t/m 2b llen aanva
groep 2 voorfase-wu 2.1 t/m 2.3 / oefenvorm 2.1 t/m 2.8 / partijvorm 2A t/m 2b llen aanva Voorfase 2.1Warming-up doelschietspel met keeper Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door te
Warming-Up/Techniekoefeningen
Legenda: Warming-Up/Techniekoefeningen Oefening 1: Door elkaar dribbelen en zo vaak mogelijk de bal raken Niet botsen, over de bal kijken en vrije ruimtes zoeken stimuleren Naar zijkant dribbelen en afkappen
Winterprogramma U6-U7-U8-U9 Voor het winterprogramma van onze U6-U7-U8-U9 kiezen we voor een huiswerkbundel om nog wat extra aan de techniek te
Winterprogramma U6-U7-U8-U9 Voor het winterprogramma van onze U6-U7-U8-U9 kiezen we voor een huiswerkbundel om nog wat extra aan de techniek te werken. In onderstaande bundel staan opdrachten die onze
Zaaltechnieken Techniek Omschrijving Criteria Veel gemaakte fouten Plaatje Forehand aannamen
Zaaltechnieken Techniek Omschrijving Criteria Veel gemaakte fouten Plaatje Forehand aannamen Aanname grip Aanname ingedraaid Door met je linkerbeen uit te stappen kun je de bal goed voor je lichaam stoppen.
Trainingsplan seizoen 2016-2017
Trainingsplan seizoen 2016-2017 0-8 en 0-9 Pupillen Onderwerpen 1. Voor wie geldt dit plan? 2. Leerdoelen aanvallen en verdedigen a. Voetbalonderdeel Aanvallen a. Aanwijzingen opbouwen: dribbelen en drijven
Club Academy Club Brugge KV
Club Academy Club Brugge KV Binnenkort is het kerstvakantie! Het ideale moment om thuis nog wat extra aan je techniek te werken... In dit bundeltje vind je heel wat opdrachten die je zelf of met vriendjes
Training dinsdag Circuittraining EWC/RESIA E-pupillen
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel en traptechniek Oef 1 Oef 2 Combinatie basisbewegingen en schieten met wreef (laag) Combinatie
JEUGDOPLEIDING IN DE PRAKTIJK
JEUGDOPLEIDING IN DE PRAKTIJK TRAINERSHANDBOEK MET OEFENSTOF VOOR JEUGDTRAINERS VAN KMSK DEINZE De Smet Günther JC Bovenbouw KMSK Deinze - 2 - Verbeteren van de passing en de traptechniek d.m.v. pass-
VOETBALHUISWERK Schooljaar 2010-2011
VOETBALHUISWERK Schooljaar 2010-2011 2 Eindelijk is het zover! Het schooljaar 2010-2011 is van start gegaan. Hopelijk hebben je in de afgelopen maanden thuis ongelofelijk veel geoefend op je techniek.
Coaching - Tempo moet hoog liggen, agressief de kapbeweging uitvoeren - Een schijntrap maken voordat je de bal afkapt
- Twee mensen met bal dribbelen op snelheid naar de pylon en kappen af - Twee mensen zonder bal sprinten tegelijkertijd naar de pylon en geven druk vanaf de zijkant - Kappen kan op verschillende manieren
Trainingsplan E pupillen
Trainingsplan E pupillen Voor trainers en begeleiders Inleiding Dit trainingsplan is gemaakt om structuur te geven aan de trainers en begeleiders van alle E teams. De jaarplanning is een belangrijke factor
Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Duel 1:1 Oefening 1A en 1B: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Duel 1:1 Oefening 1A en 1B: warming up / coaching 1A Heen en terug: - 2x rustige looppas - 1xArmen zwaaien vooruit ongelijk, - 1x terug armen zwaaien tegelijk
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening.
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel Basisbewegingen: oefening 4 t/m 7 Snel voetenwerk: oefening 14, 6, 7 en 8 Onderdeel 2: 1-tegen-1
Voorbeeldtraining train de trainer augustus 2006
Voorbeeldtraining train de trainer augustus 2006 Training Dag Datum 12 augustus 2006 Praatje vooraf Doelstelling trainingen: Niveau van de jeugdopleiding van vv Dongen verbeteren. Namenlijst contoleren
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Opbouwen; het verbeteren van het uitspelen van een 4:3 situatie van achteruit Oefening 1A en 1B: warming up / coaching 1A Heen en terug: - 2x rustige looppas
TECHNIEKTRAINING. Thomas Vlaminck
TECHNIEKTRAINING Thomas Vlaminck Basisbewegingen Aanleren/perfectioneren bewegingen in vrije ruimte Iedere speler een bal Vrij door elkaar de verschillende opdrachten uitvoeren Oefening uitvoeren na auditief/visueel
Basistechniek 3 1 tegen 1 en 2 tegen 2 41 Pass en trap vormen 68 Positiespel/Partijspel 105 Opbouwen 145 Scoren 181 Storen 218 Doelpunt voorkomen 243
Thema Pagina Basistechniek tegen en tegen Pass en trap vormen 8 Positiespel/Partijspel 05 Opbouwen 5 Scoren 8 Storen 8 Doelpunt voorkomen Titel - Dribbelen in vierkant - Basistechniek () - Basistechniek
PVC Voetbal Werkboek 1 Dribbelen & Richtingsveranderingen JO10- JO11-pupillen. Datum: Juni 2017 Status: Versie 1.0 Auteur: J.M.
2017 PVC Voetbal Werkboek 1 Dribbelen & Richtingsveranderingen JO10- JO11-pupillen Datum: Juni 2017 Status: Versie 1.0 Auteur: J.M. van Maurik INHOUDSOPGAVE: 1. Voorwoord. 3 2. Periode 1 Item 1 : Dribbelen
Teamtaak: opbouwen; het verbeteren van het creëren van kansen Oefening 1A en 1B: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: opbouwen; het verbeteren van het creëren van kansen Oefening 1A en 1B: warming up / coaching 1A Heen en terug: - 2x rustige looppas - 1xArmen zwaaien vooruit
Club SVC 2000 Datum:
Club SVC 2000 Datum: 25-07-2010. Team Selectie Trainer Eric Caasenbrood Teamfunctie Aanvallen Teamtaak Opbouwen Methodische stap n.v.t. Speelveldgedeelte n.v.t. Rol tegenpartij n.v.t. Doelstelling n.v.t.
Training vrijdag Circuittraining EWC F-pupillen
Ieder onderdeel duurt ± 10 minuten. Na die 10 minuten wisselen de groepen van onderdeel. Het partijspel is na de 5 onderdelen en duurt ± 15 minuten. Onderdeel 1: Spelvorm 1 met bal Stadionspel (allemaal
doelschietspel met keeper
Voorfase 2.1Warming-up doelschietspel met keeper Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door te schieten op een groot doel met keeper (binnenkant of met de wreef) Verdedigen verwerken
vv Woudenberg 26 oktober 2011
Agenda Samenvatting vorige bijeenkomst Aandachtspunten E-pupillen De behandelde oefeningen met een vervolg Looptraining Film Feyenoord Stabiliteitsoefeningen De meeste blessures op deze leeftijd zijn aan
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Opbouwen; het verbeteren van het uitspelen van een 4:3 situatie van achteruit Oefening 1A en 1B: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching 1A Heen
groep 1 voorfase-wu 1.1 T/M 1.4 / oefenvorm 1.1 t/m 1.13 / partijvorm 1A t/m 1c llen
groep 1 voorfase-wu 1.1 T/M 1.4 / oefenvorm 1.1 t/m 1.13 / partijvorm 1A t/m 1c llen a v n a a Voorfase 1.1 / warming-up oversteekspel - 2 verdedigers en doeltjes Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek:
kaatsen en positiespel
Partijspel met omschakeling! Twee veldjes gebruiken, veld A van 30-40 met op beide achterlijnen twee kleine goals. veld B 15-20 met op elke achterlijn een kleine goal en bal op de middenlijn. We spelen
Omschrijving. Leeftijd E-Pupillen en ouder Aantal spelers 10 spelers Fase Oriëntatiefase
Doelstelling Thema Omschrijving Type Verbeteren van het passen met de binnenkant van de voet Passen (BalBezit) Een pass-wedstrijd om het passen met de binnenkant van de voet te verbeteren Passen/Trappen
Voorbeeld trainingsvormen F- en puppy De makkelijkste vorm Moeilijkere vorm
Voorbeeld trainingsvormen F- en puppy De warming up voor de F- en puppy teams worden altijd gedaan met de bal. Hierbij kan gevarieerd worden in moeilijkheid. De makkelijkste vorm is het uitzetten van een
groep 3 WU 3.1 en 3.4 / oefenvorm 3.1 t/m 3.9 / partijvorm 3 llen aanva
groep 3 WU 3.1 en 3.4 / oefenvorm 3.1 t/m 3.9 / partijvorm 3 llen aanva 0 20 30 40 WU 3.1 1 tegen 1 lijnvoetbal 0 0 20 30 40 WU 3.4 dribbeltikspel 20 beide spelers kunnen scoren door over de doellijn van
Statische rekoefeningen
Statische rekoefeningen Bovenlichaam Lage rugspieren Ga met je zitvlak op je hakken zitten. Duw je handen over de grond naar voren en buig je rug. Rek zover mogelijk uit. Kijk naar de grond. Houd deze
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Het verbeteren van het afwerken van vrije trappen en het inslijpen van vaste patronen Oefening 1: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching 1A Heen
Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Duel 2:1 Oefening 1A en 1B: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Duel 2:1 Oefening 1A en 1B: warming up / coaching 1A Heen en terug: - 2x rustige looppas - 1xArmen zwaaien vooruit ongelijk, - 1x terug armen zwaaien tegelijk
Trainingscyclus. verwijzing van alle tekens: - te coachen spelers. - tegenstander. - kaatser. - pion, petje. - bal. - keeper. - balbaan.
Trainingscyclus verwijzing van alle tekens: - te coachen spelers - tegenstander - kaatser - pion, petje - bal - keeper - balbaan - looplijn - dribbel warming-up: met bal voorafgaand aan elke training *
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: Opbouwen; het verbeteren van het verwerken van de bal met de binnenkant van de voet, borst en bovenbeen Oefening 1A en 1B: warming up / coaching 1A Heen en terug:
1 e Periode: Balbezit en balbezit tegenstander. 2 e Periode: Omschakelen van balbezit eigen team naar balbezit tegenstander en Balbezit tegenstander
1 e Periode: Balbezit en balbezit tegenstander. 2 e Periode: Omschakelen van balbezit eigen team naar balbezit tegenstander en Balbezit tegenstander naar balbezit eigen team. 3 e Periode: Completeren van
Trainingsprogramma C-junioren
Trainingsprogramma C-junioren Inhoudsopgave Training Nummer 1... 3 Training Nummer 2... 5 Training Nummer 3... 7 Training Nummer 4... 9 Training Nummer 5... 11 Training Nummer 6... 13 Training Nummer 7...
Voetbaltraining. 180 praktische oefeningen. Dribbelen Passen Schieten Combinatievormen Partijspelen
Voetbaltraining 180 praktische oefeningen 4 Dribbelen Passen Schieten Combinatievormen Partijspelen DRIBBELEN 1 - leren dribbelen in de vrije ruimte onder weerstand van een tegenstander - de aanvallers
Trainingsplan F pupillen. Voor trainers en begeleiders
Trainingsplan F pupillen Voor trainers en begeleiders Inleiding Dit trainingsplan is gemaakt om structuur te geven aan de trainers en begeleiders van alle F teams. De jaarplanning is een belangrijke factor
groep 4 WU 4.1 en 4.2 / oefenvorm 4.1 t/m 4.3, 4.5 en 4.6 / partijvorm 4
groep 4 WU 4.1 en 4.2 / oefenvorm 4.1 t/m 4.3, 4.5 en 4.6 / partijvorm 4 DIGEN VERDE WU 4.1 2 (+k) tegen 1 (+k) breed veld - grote doelen WU 4.2 2 tegen 1 (+k) groot doel - lijn 6 9 9 12 7 8 k beide teams
Trainingsprogramma 1 e jaars F-pupillen
Trainingsprogramma 1 e jaars F-pupillen 1 Inhoudsopgave Training Nummer 1... 3 Training Nummer 2... 5 Training Nummer 3... 7 Training Nummer 4... 9 Training Nummer 5... 11 Training Nummer 6... 13 Training
Clinic André Kuipers 15 oktober 2012 Avanti kunstgras A. Speler bij Warming-up
Clinic André Kuipers 15 oktober 2012 Avanti kunstgras A. André Kuipers heeft zich tijdens deze clinic vooral gericht op alle technische aspecten die je moet oefenen om makkelijk een bal te gooien, een
groep 2 WU 2.1 en 2.2 / oefenvorm 2.1, 2.3 en 2.4 / partijvorm 2A en 2B
groep 2 WU 2.1 en 2.2 / oefenvorm 2.1, 2.3 en 2.4 / partijvorm 2A en 2B DIGEN VERDE WU 2.1 WU 2.2 2 tegen 1 (+k) groot doel - lijn 9 K 2 tegen 1 (+1) klein doeltje - lijn 9 11 11 12 12 10 10 k speler 1
Trainingsprogramma 1 e jaars D-pupillen
Trainingsprogramma 1 e jaars D-pupillen Inhoudsopgave Training Nummer 1... 3 Training Nummer 2... 5 Training Nummer 3... 7 Training Nummer 4... 9 Training Nummer 5... 11 Training Nummer 6... 13 Training
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen
Trainers: Teamfunctie: Aanvallen Teamtaak: opbouwen; het verbeteren van het positiespel door het goed uitspelen van een overtal situatie Oefening 1A en 1B: warming up Inhoud Organisatie Aanwijzingen/ coaching
1) Warming-up: (afwisselen met jongleren) a. bal dribbelen + stoppen van de bal - op teken - zelf bepalen
Thema: Verwerken van de bal E-pupillen Training: 1 1) Warming-up: (afwisselen met jongleren) a. bal dribbelen + stoppen van de bal - op teken - zelf bepalen b. zie oef. a gevolgd door opgooien van de bal
Training dinsdag Circuittraining EWC/RESIA E-pupillen
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel en traptechniek Dribbelparcours met slalommen (basisbewegingen), halve draaien, snel voetenwerk
Jeugdwerking Dilbeek Sport 2010-2011
Advanced Jeugdopleiding Jeugdwerking Dilbeek Sport 2010-2011 Trainers : Daniels Bruno Derweduwen Olivier Vanherberghen Kenny Vermeir Joël Verantwoordelijke stage : Laureys Tim Jeugdwerking Dilbeek Sport
Zaaloefeningen. Inspelen Forehand overspelen (5 min)
Inspelen Forehand overspelen In tweetallen tegen over elkaar, allebei ongeveer 2 meter van de balk. Na enkele minuten er een wedstrijdje van maken. Binnen 1 minuut zo veel mogelijk keren overspelen, elke
Vormen voor Warming up
Vormen voor Warming up Warming-up; panna-tikkertje 1. Maak een vak waarin alle spelers dribbelen met een bal. 2. Eén speler wordt als tikker aangewezen. 3. De tikker probeert zonder bal zoveel mogelijk
oefenvormen E-Pupillen RVT Basisvorm 4 tegen 4 lang smal veld vereenvoudigingen Oefenvormen 2.1-2.5
oefenvormen E-Pupillen RVT Basisvorm 4 tegen 4 lang smal veld vereenvoudigingen Oefenvormen 2.1-2.5 Oefenvorm 2.1. 4 tegen 4 lang smal veld 2 kleine doeltjes Bedoeling van deze vorm Karakteristiek - in
1 e Periode: Balcontrole (passen, trappen, dribbelen en aannemen). 2 e Periode: Positieverkenning (verdediging, middenveld en aanvallers).
1 e Periode: Balcontrole (passen, trappen, dribbelen en aannemen). 2 e Periode: Positieverkenning (verdediging, middenveld en aanvallers). 3 e Periode: Samenspelen met de bal. 1 e Periode: Balcontrole
Ga naar je trainingen! De trainer helpt mee jouw zwakkere punten te ontdekken.
Enkele tips : training en opwarming Trainingen : Ga naar je trainingen! De trainer helpt mee jouw zwakkere punten te ontdekken. Geef nooit op. Het kan best even duren voor je conditie op peil is. Het belangrijkste
PROTOCOL WARMING-UP V.V. Sprinkhanen. B junioren
PROTOCOL WARMING-UP V.V. Sprinkhanen DEEL 1. Loopvormen VOORAFGAAND: Algemeen deel: 1 ronde circa 300m inlopen. B junioren UITLEG AANDACHTSPUTNEN ORGANISATIE TIJD HH ACCENTEN: specifiek deel: in tweetallen)
Oefening A: loslopen Acties: Spelers lopen in een vierkant aan de zijkant van het veld lichtjes los. Dit voor een 4-tal minuten.
EXCELSIOR ZEDELGEM SEIZOEN 2015-2016 WEDSTRIJDOPWARMING doelgroep vanaf U 15 doelstelling/thema wanneer opwarming duur in totaal 35 minuten benodigdheden ballen, kegels/potjes, richtlijnen coachingwoorden
Tegenstander voor je: 1-tegen-1 in de kleine ruimte met 2 kleine doeltjes
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel Basisbewegingen: oefening 4 t/m 7 Snel voetenwerk: oefening 14, 6, 7 en 8 Onderdeel 2: 1-tegen-1
VOORBEREIDINGSPROGRAMMA KNAPEN CLUB BRUGGE
VOORBEREIDINGSPROGRAMMA KNAPEN CLUB BRUGGE Beste speler, Ik wil je in eerste instantie veel succes toewensen tijdens de zware examenperiode. Het zal eventjes op de tanden bijten zijn maar na die examenperiode
Jeugdopleiding VV Holten. Trainingscyclus
Jeugdopleiding VV Holten Inhoudsopgave Bladzijde Verklaring van de symbolen... 3 Warming Up... 4 Week 1... 6 Training 1... 6 Training 2... 8 Week 2... 10 Training 1... 10 Training 2... 12 Week 3... 14
2 Basisvorm: DVD D-pupillen oefenvormen. 4 tegen 4 lang smal veld. Vereenvoudigingen. Oefenvormen 2.1-2.8
2 Basisvorm: 4 tegen 4 lang smal veld Vereenvoudigingen Oefenvormen 2.1-2.8 DVD D-pupillen oefenvormen Oefenvorm 2.1 4 tegen 4 lang smal veld 2 kleine doeltjes Inhoud - Bedoeling van deze vorm: Karakteristiek:
1 e Periode: Herhalen van dribbelen en passen van de Mini s. 2 e Periode: Passen en aannemen. 3 e Periode: Ruimteverkenning (op het veld)
1 e Periode: Herhalen van dribbelen en passen van de Mini s. 2 e Periode: Passen en aannemen. 3 e Periode: Ruimteverkenning (op het veld) 1 e Periode: Herhalen van dribbelen en passen van de Mini s. Training
WEEK 1 - HET SCOREN (SCHIETEN BINNENKANT VOET)
WEEK 1 - HET SCOREN (SCHIETEN BINNENKANT VOET) TRAINING Teamfunctie Teamtaak Scoren Speelveldgedeelte Helft tegenpartij Rol tegenpartij Verd Doelstelling Aanleren schieten/passen/scoren binnenkant voet.
groep 3 oefenvorm 3.1 t/m 3.8 d-pupillen
groep 3 oefenvorm 3.1 t/m 3.8 d-pupillen Oefenvorm 3.1 4 tegen 4 lijnvoetbal 0 10 20 30 40 9 Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: scoren door over de doellijn te dribbelen via positiespel spelers
W13-TR2 L HET SCOREN
W13-TR2 L HET SCOREN WARMING-UP VOOR D-PUPILLEN Duur: +/- 8 minuten Het parcours bestaat uit 6 paren evenwijdig geplaatste dopjes, ong. 5 6 m uit elkaar. Twee spelers starten tegelijk vanaf het eerste
Circuit-training. Mini s
Circuit-training Mini s POORTENSPEL Veld 10 x 15 meter Benodigheden: 10 pilonnen, 5 ballen Opzet: per 2-tal 1 bal. passen/mikken door een poort (2 pilonnen). poort 1 meter breed (of kleiner) afstand tussen
WEEK 4 - (AANV) SCOREN (SCHIETEN BINNENKANT VOET)
WEEK 4 - (AANV) SCOREN (SCHIETEN BINNENKANT VOET) DOELSCHIETSPEL MET PIONNEN spelers kunnen scoren door de bal stil te leggen op 8 meter van het doel en te scoren bal in de hoeken links of rechts van de
groep 1 WU 1.1 en 1.2 / oefenvorm 1.1, 1.2, 1.4 en 1.6 / partijvorm 1
groep 1 WU 1.1 en 1.2 / oefenvorm 1.1, 1.2, 1.4 en 1.6 / partijvorm 1 DIGEN VERDE WU 1.1 3 tegen 2 met 2 doeltjes 0 10 20 30 40 WU 1.2 3 tegen 1 positiespel 0 10 20 30 40 0 10 9 10 20 het drietal start
Training dinsdag Circuittraining EWC/RESIA E-pupillen
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel Passen met binnenkant voet. Aannemen van de bal. Basisbewegingen, halve draaien en schieten
W13-TR1 L VERD TS ACHTERLIJN
W13-TR1 L VERD TS ACHTERLIJN WARMING-UP VOOR D-PUPILLEN Duur: +/- 8 minuten Het parcours bestaat uit 6 paren evenwijdig geplaatste dopjes, ong. 5 6 m uit elkaar. Twee spelers starten tegelijk vanaf het
Trainingsvormen Jeugdopleiding VV Holten
AFWERKVORM 1 Jeugdopleiding Doelstelling : Het verbeteren en leren schieten op doel Niveau : F-pupillen 1e jaars Aantal spelers :6 to 9 spelers Duur : 20 minuten Veldafmetingen : niet van toepassing Bij
Trainingsinhoud Coachaanwijzingen Tekening
Datum : 25-01-2015 Teamfunctie : Verdedigen Doelstelling technisch : 1 tegen 1 frontaal en passeerbewegingen Doelstelling inzichtelijk : Fase 1, 2 en 3 Bewegingsscholing : Wendbaarheid 1 Passeerbewegingen
Trainingsprogramma 2 e jaars D-pupillen
Trainingsprogramma 2 e jaars D-pupillen Inhoudsopgave Training Nummer 1... 3 Training Nummer 2... 5 Training Nummer 3... 7 Training Nummer 4... 9 Training Nummer 5... 11 Training Nummer 6... 13 Training
WEEK 13 TRAININGEN GEHELE WEEK - HET SCOREN EN RICHTEN
WEEK 13 TRAININGEN GEHELE WEEK - HET SCOREN EN RICHTEN TRAINING Teamfunctie Teamtaak Scoren Speelveldgedeelte Helft tegenpartij Rol tegenpartij - Doelstelling Zelfvertrouwen en beter worden. Schietstand,
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening.
Ieder onderdeel duurt ± 13 minuten. Na die 13 minuten wisselen de groepen van oefening. Onderdeel 1: Balgevoel Dribbelen, balgevoeloefeningen en halve draaien Snel voetenwerk (E1 en E2) of halve draaien
HC. Houten, periodisering seizoen , Basistechnieken.
HC. Houten, periodisering seizoen 2009-200, Basistechnieken. In dit blok zullen de belangrijkste basistechnieken aan bod komen. Het is van groot belang deze technieken vroegtijdig in het seizoen en op
Oefenstof voor pupillentrainers EV & AC De Tubanters
Oefenstof voor pupillentrainers EV & AC De Tubanters René ter Meer pupillencoördinator oktober 2011 0 Algemene informatie pupillentrainers Inleiding: Hierin zijn oefeningen beschreven die we de pupillen
1 Basisvorm: DVD D-pupillen oefenvormen. 4 tegen 4 met 4 doeltjes. Vereenvoudigingen. Oefenvormen 1.1-1.8
1 Basisvorm: 4 tegen 4 met 4 doeltjes Vereenvoudigingen Oefenvormen 1.1-1.8 DVD D-pupillen oefenvormen Oefenvorm1.1 4 tegen 4 met 4 doeltjes Inhoud - Bedoeling van deze vorm: Karakteristiek: door snelle
groep 1 oefenvorm 1.1 t/m 1.8 d-pupillen
groep 1 oefenvorm 1.1 t/m 1.8 d-pupillen Oefenvorm 1.1 0 10 20 30 40 4 tegen 4 met 4 doeltjes 9 Inhoud - Bedoeling van deze vorm Karakteristiek: door snelle wisselingen speelveldgedeelte kunnen scoringskansen
W5-TR1 L VERDEDIGEN 1:1
W5-TR1 L VERDEDIGEN 1:1 WARMING-UP VOOR D-PUPILLEN Duur: +/- 8 minuten Het parcours bestaat uit 6 paren evenwijdig geplaatste dopjes, ong. 5 6 m uit elkaar. Twee spelers starten tegelijk vanaf het eerste
groep 1 WU 1.1 en 1.2 / oefenvorm 1.1 t/m 1.7 / partijvorm 1 llen aanva
groep 1 WU 1.1 en 1.2 / oefenvorm 1.1 t/m 1.7 / partijvorm 1 llen aanva WU 1.1 3 tegen 2 met 2 doeltjes 0 10 20 30 40 WU 1.2 3 tegen 1 positiespel 0 10 20 30 40 0 10 9 10 20 het drietal start met de bal
WEEK 3 - HET POSITIESPEL IN DE OPBOUW (PASSEN/AANNEMEN)
WEEK 3 - HET POSITIESPEL IN DE OPBOUW (PASSEN/AANNEMEN) PIONSCHIETSPEL VASTE AFSTAND Organisatie Regels: beide spelers kunnen scoren door de pion te raken (= 1 punt) of de pion om te schieten (= 3 punten)
