Achterblijvers in de bijstand
|
|
|
- Fenna van der Horst
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Achterblijvers in de Paula van der Brug, Mathilda Copinga en Maartje Rienstra Van de mensen die in 2001 in de kwamen, was 37 procent eind 2003 nog steeds afhankelijk van een suitkering. De helft van deze ssgerechtigden verliet voor eind 2002 de, daarna verliep de uitstroom trager. Vrouwen, niet-westerse allochtonen en mensen boven de 35 verlieten in de onderzochte periode minder vaak de dan mannen, autochtonen en jongeren. 1. Inleiding Niet iedereen die op een bepaald moment afhankelijk wordt van, zal daar ook even lang van afhankelijk blijven. Om de samenstelling van de groep achterblijvers in de te onderzoeken, richt dit artikel zich op personen die in de loop van 2001 in de zijn gekomen. Op drie peilmomenten, namelijk eind 2001, eind 2002 en eind 2003, wordt de samenstelling van de groep die dan nog steeds ontvangt, beschreven naar een aantal demografische kenmerken. De overheid wil langdurige werkloosheid voorkomen en wellicht kan door het geboden inzicht het beleid ter voorkoming van langdurige werkloosheid beter worden afgestemd op de groepen die langere tijd van de afhankelijk zijn. Een bestaande maatregel om mensen aan het werk te krijgen en te houden is het inzetten van reïntegratietrajecten, zoals het aanbieden van scholing of een sollicitatiecursus. In oktober 2004 is een rapport gepubliceerd dat door het Centrum voor Beleidsstatistiek van het CBS in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is opgesteld. Hierin is onder andere nagegaan of personen die instromen in de na een jaar de uitkering beeindigen, al dan niet na inzet van een traject (Van der Brug e.a., 2004). Het onderzoek waarover hier wordt gerapporteerd vormt een vervolg op dat rapport. 2. Resultaten 2.1 Instromers in de in 2001 De instroom in de bestaat in 2001 uit 80 duizend personen tussen de 15 en 55 jaar. Ruim de helft van deze personen is vrouw. Naar herkomst blijkt het aantal autochtone instromers vrijwel even groot als het aantal niet-westers allochtone instromers. Wordt er gekeken naar een combinatie van deze twee kenmerken, dan is te zien dat meer autochtone vrouwen instromen dan autochtone mannen. Bijna zes op de tien autochtone instromers was vrouw. Hetzelfde geldt voor de westerse allochtonen. Bij de niet-westerse allochtonen is de verhouding juist tegengesteld. Van deze groep bestond de instroom in de voor 46 procent uit vrouwen. Een op de drie personen die instromen in de is tussen de 25 en 35 jaar, terwijl slechts een op de zeven nieuwe sgerechtigden tussen de 45 en 55 jaar is. In elke leeftijdsklasse is ruim de helft van de personen arbeidsplichtig. De overigen zijn hiervan vrijgesteld, bijvoorbeeld omdat zij onderwijs volgen of thuis jonge kinderen verzorgen. In de vier grote steden zijn nieuwe sgerechtigden minder vaak arbeidsplichtig dan in de kleinere gemeenten. Wanneer de instroom in de wordt afgezet tegen de hele Nederlandse bevolking van 15 tot 55 jaar, blijkt dat niet-westerse allochtonen veel vaker in de komen dan autochtonen. In 2001 was van de totale bevolking van 15 tot 55 jaar 9 procent van niet-westers allochtone herkomst, terwijl deze groep goed was voor 44 procent van de instroom in de. Voor westerse allochtonen gold dat hun aandeel in de instroom in de vrijwel even groot was als hun aandeel in de Nederlandse bevolking. Staat 1 Nieuwe sgerechtigden in 2001 naar geslacht Totaal Man Vrouw Man Vrouw x Totaal 80,1 38,4 41, tot 25 jaar 21,3 9,7 11, tot 35 jaar 28,1 13,7 14, tot 45 jaar 20,0 10,0 10, tot 55 jaar 10,9 5,2 5, ,4 15,4 21, ,4 3,8 4, Niet-westers 35,3 19,2 16, Wel arbeidsplicht 44,9 24,3 20, Geen arbeidsplicht 35,2 14,1 21, Vier grote steden 21,8 11,6 10, Overige gemeenten met meer dan inwoners 18,8 9,2 9, Gemeenten met minder dan inwoners 39,4 17,6 21, Sociaal-economische trends, 1e kwartaal
2 Verder woonde een op de zeven Nederlanders van 15 tot 55 jaar in de vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag of Utrecht. Van de instroom in de in 2001 woonde meer dan een kwart in een van de vier grote steden. Bewoners van de vier grote steden werden dus veel vaker afhankelijk van een suitkering dan mensen die daar buiten wonen. Hetzelfde gold voor bewoners van de overige gemeenten met meer dan 100 duizend inwoners. In gemeenten met minder dan 100 duizend inwoners kwamen naar verhouding weinig personen in de. Een verdeling naar geslacht laat een veel evenwichtiger beeld zien, evenals de verdeling naar leeftijd. Wel is het zo dat personen onder de 35 jaar relatief vaker in de komen dan personen van 35 jaar en ouder. Vooral personen tussen de 45 en 55 jaar zijn ondervertegenwoordigd. 2. Nieuwe sgerechtigden in 2001 en achterblijvers x Nieuwe sgerechtigden en inwoners van Nederland 1. (15 tot 55 jaar), Instroom in 2001 Ultimo 2001 Ultimo 2002 Ultimo 2003 Man Vrouw 15 tot 25 jaar 25 tot 35 jaar 35 tot 45 jaar 45 tot 55 jaar Niet-westers Vier grote steden Overige gemeenten met meer dan inwoners Gemeenten met minder dan inwoners Uitstroom op drie peilmomenten Nieuwe sgerechtigden Inwoners van Nederland Van de 80 duizend personen die in 2001 instromen in de heeft iets meer dan 20 procent aan het eind van het jaar zijn uitkering weer beëindigd. Een gedeelte van de instromers heeft dus maar heel kort een suitkering ontvangen. Een jaar later zat bijna de helft van de instromers van 2001 nog steeds in de. Nog een jaar later, eind 2003, is iets meer dan 60 procent van de oorspronkelijke instroom uitgestroomd. De uitstroom uit de gaat dus trager naarmate de duur van de uitkering toeneemt. Van degenen die eind 2001 nog een suitkering hadden, beëindigde 37 procent in 2002 de uitkering. Van degenen die eind 2002 nog een uitkering hadden, verliet 23 procent in het daaropvolgende jaar de. In staat 2 is per peilmoment de samenstelling te zien van de overgebleven groep sgerechtigden die in de loop van 2001 in de gekomen zijn. Daarnaast is de samenstelling bekend van de startpopulatie: alle personen die in 2001 voor het eerst een suitkering kregen. Hieruit blijkt dat het aandeel jongeren (15 tot 25 jaar) afneemt. Onder de instromers in 2001 namen jongeren nog 27 procent voor hun rekening. Eind 2003 is hun aandeel afgenomen tot 19 procent. Dit betekent dat jongeren vaker dan volwassenen kort na instroom hun uitkering weer beeindigden. Het aandeel van de leeftijdscategorie 25 tot 35 jaar bleef gelijk, wat inhoudt dat zij op het gemiddelde zitten wat uitstroom betreft. Personen van 35 jaar en ouder blijven juist langer in de : hun aandeel nam toe in de tijd. Mensen met een arbeidsplicht stroomden vaker uit dan mensen zonder arbeidsplicht. Het aandeel zonder arbeidsplicht nam toe van 44 procent van de instroom in 2001 tot 51 procent van de achterblijvers eind Dit lijkt weinig verrassend, maar ook mensen zonder arbeidsplicht beeindigen vaak hun uitkering. Van alle instromers zonder arbeidsplicht in 2001 was meer dan de helft eind 2003 uitgestroomd. Voor de instromers met arbeidsplicht lag dit aandeel op tweederde. De verwachting is dat personen zonder arbeidsplicht niet actief naar werk zoeken en dus langer in de blijven. Dit wordt wel bevestigd, maar het verschil in uitstroom tussen personen met en zonder arbeidsplicht is beperkt. Wanneer een uitsplitsing naar gemeentegrootte wordt gemaakt, blijkt de samenstelling van de groep die in de blijft nauwelijks te veranderen. Door de jaren heen bleef het aandeel dat in de vier grote steden woont rond de 28 procent liggen. Mannen stroomden vaker uit dan vrouwen; van de instromers in 2001 was 52 procent vrouw, terwijl van degenen die eind 2003 de zaten 61 procent vrouw was. Tot het tweede peilmoment eind 2002 verlieten autochtonen naar verhouding vaker de dan niet-westerse allochtonen. De verdeling van de achterblijvers naar herkomstgroepering was eind 2003 echter gelijk aan die van eind Centraal Bureau voor de Statistiek
3 Staat 2 Nieuwe sgerechtigden in 2001 en achterblijvers Totaal van het totaal Totaal Geslacht Man Vrouw tot 25 jaar tot 35 jaar tot 45 jaar tot 55 jaar Niet-westers Wel arbeidsplicht Geen arbeidsplicht Vier grote steden Overige gemeenten met meer dan inwoners Gemeenten met minder dan inwoners Verschillen naar geslacht en herkomst Vrouwen zijn langer afhankelijk van de dan mannen. Dit geldt voor alle onderzochte demografische variabelen als leeftijd, herkomstgroepering en gemeentegrootte. Vooral onder jongeren nam het aandeel vrouwen fors toe. Eind 2001 was 58 procent van de achterblijvers tussen de 15 en de 25 jaar vrouw. Eind 2003 was dit opgelopen tot maar liefst 70 procent. Daarnaast nam onder degenen met arbeidsplicht het aandeel vrouwen sneller toe dan onder degenen zonder arbeidsplicht. 3. Aandeel van vrouwen in de nieuwe sgerechtigden in 2001 en 3. achterblijvers ultimo tot 25 jaar 25 tot 35 jaar 35 tot 45 jaar 45 tot 55 jaar Niet-westers De instroom in 2001 bestaat uit 36 duizend autochtonen, ruim 8 duizend westerse allochtonen en 35 duizend nietwesterse allochtonen. Hiervan zijn er eind 2003 nog 12 duizend autochtonen, 3 duizend westerse allochtonen en 15 duizend niet-westerse allochtonen over. Het aandeel nietwesterse allochtonen bij de achterblijvers ligt eind 2003 iets hoger dan bij de instroom in De toename is het gevolg van het feit dat zij eind 2001 en eind 2002 minder vaak zijn uitgestroomd dan autochtonen en westerse allochtonen. Deze ontwikkeling is het sterkst in de categorie 15 tot 25 jaar, maar doet zich voor in alle leeftijdscategorieën. De populaties van achterblijvers eind 2002 en eind 2003 verschillen nauwelijks naar herkomstgroepering. Het aandeel westerse allochtonen blijft zelfs gedurende de gehele periode constant met een op de tien, zowel in de instroom van 2001 als bij de achterblijvers op de achtereenvolgende peilmomenten. 4. Nieuwe sgerechtigden in 2001 en achterblijvers naar 4. herkomstgroepering Geen arbeidsplicht Vier grote steden Overige gemeenten met meer dan inwoners Gemeenten met minder dan inwoners Instroom in 2001 Ultimo 2001 Niet-westers Ultimo 2002 Ultimo 2003 Instroom 2001 Achterblijvers ultimo 2003 Sociaal-economische trends, 1e kwartaal
4 De groep niet-westerse allochtonen die in 2001 instroomde, bestond voor meer dan de helft uit mannen. Eind 2003 was het aandeel vrouwen onder niet-westerse allochtonen juist groter dan het aandeel mannen. Ook bij de autochtonen en westerse allochtonen nam het aandeel vrouwen in de populatie toe, terwijl hier al bij de instroom in 2001 sprake was van een meerderheid aan vrouwen. Bij de autochtonen bestond de groep achterblijvers eind 2003 zelfs uit twee keer zoveel vrouwen als mannen. 3. Tot besluit: Achterblijvers Het adagium eens in de altijd in de is zeker niet op iedereen van toepassing. De helft van de nieuwe sgerechtigden in 2001 stroomde al uit voor eind Daarna ging de uitstroom aanzienlijk trager en leken de mogelijkheden om uit de te komen af te nemen. Eind 2003 waren vijf op de tien achterblijvers niet-westers en zes op de tien achterblijvers vrouw. Het snelst vindt uitstroom uit de plaats onder mannen van autochtone herkomst. Maar ook niet-westers allochtone mannen stromen nog altijd sneller uit dan autochtone vrouwen. Vrouwen van niet-westers allochtone herkomst stromen het minst uit. Slechts de helft van de niet-westers allochtone vrouwen die in 2001 safhankelijk werden, heeft eind 2003 de verlaten. Jongeren beëindigden vaker hun suitkering dan ouderen. De achterblijvers wonen overal en zijn niet geconcentreerd in de stad of juist verspreid over het platteland. Wel is het zo dat vooral in de grotere steden de allochtone sontvangers wonen en de autochtonen meer buiten de grotere steden. 4. Technische toelichting De gegevens over de suitkeringen zijn afkomstig van de sregistraties over 2001 tot en met Deze registraties bevatten gegevens over personen met een algemene periodieke s-, IOAW- of IOAZ-uitkering. Bijzondere is buiten beschouwing gelaten. Het begin en eind van een speriode is bepaald aan de hand van het wel of niet voorkomen van de uitkering in respectievelijk de vorige en volgende maand. In de sregistraties wordt per uitkering aangegeven of de aanvrager en eventuele partner een arbeidsplicht hebben. Een ontheffing van de arbeidsplicht wordt gegeven aan personen die bijvoorbeeld in een scholingstraject zitten of kinderen onder de vijf jaar verzorgen. Overige kenmerken van sontvangers, zoals leeftijd, herkomstgroep en woongemeente zijn afkomstig uit de Gemeentelijke Basisadministratie. Alle kenmerken zijn bepaald op moment van instroom. Instromers in de zijn personen die worden opgenomen in de registratie van suitkeringen in Het is mogelijk dat een persoon binnen één kalenderjaar meerdere keren instroomt. Deze herhaalde instromers worden buiten beschouwing gelaten. Het gaat om personen. Gekozen is om sontvangers tot 55 jaar te volgen. De voor de hand liggende leeftijdsklassen 55 tot 65 jaar en 65 jaar en ouder zijn om de volgende redenen buiten beschouwing gelaten. Voor personen van 55 jaar en ouder zijn er na het derde peilmoment weinig prikkels om uit te stromen aangezien personen van 57,5 jaar en ouder geen sollicitatieplicht meer hebben. Daarnaast is het niet waarschijnlijk dat sontvangers van 65 jaar en ouder de nog verlaten. Literatuur Paula van der Brug, Mathilda Copinga en Maartje Rienstra (2004). Langs de zijlijn, hoe verder? Cijferonderzoek Sluitende Aanpak 2003; herziene versie, CBS: Voorburg/Heerlen. 60 Centraal Bureau voor de Statistiek
5 Tabel 1 Nieuwe sgerechtigden in 2001 en achterblijvers naar geslacht Totaal Man Vrouw Totaal Man Vrouw Totaal Man Vrouw Totaal Man Vrouw x Totaal 80,1 38,4 41,7 61,6 28,3 33,2 39,0 16,3 22,7 30,0 11,8 18,2 15 tot 25 jaar 21,3 9,7 11,6 15,1 6,4 8,7 8,1 2,8 5,3 5,6 1,7 4,0 25 tot 35 jaar 28,0 13,7 14,4 21,6 10,0 11,6 13,8 5,7 8,1 10,5 4,0 6,5 35 tot 45 jaar 19,9 10,0 10,0 15,9 7,7 8,2 10,6 4,9 5,7 8,4 3,8 4,6 45 tot 55 jaar 10,8 5,2 5,7 9,0 4,2 4,8 6,5 2,9 3,6 5,5 2,4 3,1 36,4 15,4 21,0 26,4 10,5 15,9 15,7 5,6 10,1 12,0 4,1 7,9 8,4 3,8 4,6 6,5 2,7 3,7 4,2 1,6 2,6 3,3 1,2 2,1 Niet-westers 35,3 19,2 16,1 28,7 15,1 13,6 19,1 9,1 10,0 14,7 6,5 8,3 Wel arbeidsplicht 44,9 24,3 20,6 32,8 17,3 15,5 19,4 9,4 10,0 14,7 6,7 8,0 Geen arbeidsplicht 35,2 14,1 21,1 28,8 11,1 17,7 19,5 6,9 12,6 15,3 5,1 10,2 Vier grote steden 21,9 11,6 10,2 17,6 9,1 8,5 11,1 5,2 5,9 8,5 3,6 4,8 Overige gemeenten met meer dan inwoners 18,8 9,2 9,6 14,0 6,5 7,5 8,9 3,7 5,2 6,8 2,6 4,1 Gemeenten met minder dan inwoners 39,4 17,6 21,8 29,9 12,8 17,2 19,0 7,4 11,6 14,8 5,5 9,3 Tabel 2 Nieuwe sgerechtigden in 2001 en achterblijvers naar herkomstgroepering Totaal van het totaal Totaal Geslacht Man Vrouw tot 25 jaar tot 35 jaar tot 45 jaar tot 55 jaar Wel arbeidsplicht Geen arbeidsplicht Sociaal-economische trends, 1e kwartaal
Meerdere keren zonder werk
Meerdere keren zonder werk Antoinette van Poeijer Ontvangers van een - of bijstandsuikering en ers worden gestimuleerd (weer) aan de slag te gaan. In veel gevallen is dat succesvol. Er zijn echter ook
12. Vaak een uitkering
12. Vaak een uitkering Eind 2001 hadden niet-westerse allochtonen naar verhouding 2,5 maal zo vaak een uitkering als autochtonen. De toename van de WW-uitkeringen in 2002 was bij niet-westerse allochtonen
Persbericht. Niet-westerse allochtonen tweemaal zo vaak een uitkering. Centraal Bureau voor de Statistiek
Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB01-187 24 augustus 2001 9.30 uur Niet-westerse tweemaal zo vaak een uitkering Eind 1999 ontvingen anderhalf miljoen mensen in Nederland een bijstands-,
10. Veel ouderen in de bijstand
10. Veel ouderen in de bijstand Niet-westerse allochtonen ontvangen 2,5 keer zo vaak een uitkering als autochtonen. Ze hebben het vaakst een bijstandsuitkering. Verder was eind 2002 bijna de helft van
Demografische levensloop van jongeren na het uit huis gaan
Carel Harmsen en Liesbeth Steenhof In dit artikel wordt de levensloop gevolgd van jongeren die in 1995 het ouderlijk huis hebben verlaten. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan de verschillen tussen herkomstgroeperingen.
Uitstroom van ouderen uit de werkzame beroepsbevolking
Uitstroom van ouderen uit de werkzame beroepsbevolking Clemens Siermann en Henk-Jan Dirven De uitstroom van 50-plussers uit de werkzame beroepsbevolking is de laatste jaren toegenomen. Een kwart van deze
Personen met een uitkering naar huishoudsituatie
Personen met een uitkering naar huishoudsituatie Ton Ferber Ruim 1 miljoen personen van 15 tot 65 jaar ontvingen eind 29 een werkloosheids-, bijstands- of arbeidsongeschiktheidsuitkering. Gehuwden zonder
Deelname van allochtonen aan de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) over 1e halfjaar 2001
Centraal Bureau voor de Statistiek Divisie Staven Centrum voor Beleidsstatistiek i.o. Postbus 4000 2270 JM Voorburg Deelname van allochtonen aan de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) over 1e halfjaar 2001
Wie volgen een re-integratietraject?
Wie volgen een re-integratietraject? Caroline Bloemendal en Antoinette van Poeijer Hoewel het kabinetsbeleid erop is gericht vooral personen met een zwakke arbeidsmarktpositie te ondersteunen bij het vinden
Zijn autochtonen en allochtonen tevreden met hun buurtbewoners?
Zijn autochtonen en allochtonen tevreden met hun? Martijn Souren en Harry Bierings Autochtonen voelen zich veel meer thuis bij de mensen in een autochtone buurt dan in een buurt met 5 procent of meer niet-westerse
Uit huis gaan van jongeren
Arie de Graaf en Suzanne Loozen Jaarlijks verlaten bijna een kwart miljoen jongeren het ouderlijk huis. Een klein deel van hen is al vóór de achttiende verjaardag uit huis gegaan. De meeste jongeren gaan
7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs
7. Deelname en slagen in het hoger onderwijs Vergeleken met autochtonen is de participatie in het hoger onderwijs van niet-westerse allochtonen ruim twee keer zo laag. Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/
8. Werken en werkloos zijn
8. Werken en werkloos zijn In 22 is de arbeidsdeelname van allochtonen niet meer verder gestegen. Onder autochtonen is het aantal personen met werk nog wel licht toegenomen. De arbeidsdeelname onder Surinamers,
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun partners
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun s Karin Hagoort en Maaike Hersevoort In 24 verdienden samenwonende of gehuwde vrouwen van 25 tot 55 jaar ongeveer de helft van wat hun s verdienden. Naarmate het
BUS-H Samenloop werk en bijstand
Rapport BUS-H Samenloop werk en bijstand Rianne Kraaijeveld-de Gelder Annemieke Redeman Jeremy Weidum 30 november 2016 samenvatting In opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)
Uitstroom naar Werk. Centrum voor Beleidsstatistiek Dennis Lanjouw, Frank van der Linden, May Hua Oei, Mathilda Copinga
Uitstroom naar Werk Centrum voor Beleidsstatistiek 05004 Dennis Lanjouw, Frank van der Linden, May Hua Oei, Mathilda Copinga Centraal Bureau voor de Statistiek Voorburg/Heerlen, 2005 Verklaring der tekens.
Erratum Jaarboek onderwijs 2008
Centraal Bureau voor de Statistiek Erratum 13 december 2007 Erratum Jaarboek onderwijs 2008 Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze publicatie is samengesteld, is een aantal zaken niet juist vermeld. Onze
Langdurige werkloosheid in Nederland
Langdurige werkloosheid in Nederland Robert de Vries In 25 waren er 483 duizend werklozen. Hiervan waren er 23 duizend 42 procent langdurig werkloos. Langdurige werkloosheid komt vooral voor bij ouderen.
Met een startkwalificatie betere kansen op de arbeidsmarkt
Met een startkwalificatie betere kansen op de arbeidsmarkt Ingrid Beckers en Tanja Traag Van alle jongeren die in 24 niet meer op school zaten, had 6 procent een startkwalificatie, wat inhoudt dat ze minimaal
Niet-westerse allochtonen behoren minder vaak tot de werkzame beroepsbevolking 1) Arbeidsdeelname niet-westerse allochtonen gedaald
7. Vaker werkloos In is de arbeidsdeelname van niet-westerse allochtonen gedaald. De arbeidsdeelname onder rs is relatief hoog, zes van de tien hebben een baan. Daarentegen werkten in slechts vier van
Scholen in de Randstad sterk gekleurd
Scholen in de Randstad sterk gekleurd Marijke Hartgers Autochtone en niet-westers allochtone leerlingen zijn niet gelijk over de Nederlandse schoolvestigingen verdeeld. Dat komt vooral doordat niet-westerse
IN EERSTE HALFJAAR 2002. Paula van der Brug en Robert Selten. April 2005. Het aantal gestarte trajecten in het eerste halfjaar van 2002.
Centraal Bureau voor de Statistiek Centrum voor Beleidsstatistiek UITSTROOM UIT DE UITKERING NA START REÏNTEGRATIETRAJECT IN EERSTE HALFJAAR 2002 Paula van der Brug en Robert Selten April 2005 Op 1 januari
Huishoudensprognose : belangrijkste uitkomsten
Huishoudensprognose 26 2: belangrijkste uitkomsten Elma van Agtmaal-Wobma en Coen van Duin Het aantal huishoudens blijft de komende decennia toenemen, van 7,2 miljoen in 26 tot 8,1 miljoen in 23. Daarna
Afhankelijk van een uitkering in Nederland
Afhankelijk van een uitkering in Nederland Harry Bierings en Wim Bos In waren 1,6 miljoen huishoudens voor hun inkomen afhankelijk van een uitkering. Dit is ruim een vijfde van alle huishoudens in Nederland.
Kans op een baan na de WW nader bekeken
Kans op een baan na de WW nader bekeken Kathleen Geertjes Een jongere met een Werkloosheidswetuitkering is doorgaans sneller weer aan de slag dan een 5-plusser. Toch kan de kans van een 5-plusser op een
2. De niet-westerse derde generatie
2. De niet-westerse derde generatie Op 1 januari 23 woonden in Nederland tussen de 34 duizend en 36 duizend personen met ten minste één grootouder die in een niet-westers land is geboren. Dit is ruim eenderde
Centraal Bureau voor de Statistiek MONITOR GEDETINEERDEN MET BIJSTAND, JANUARI - DECEMBER 2001. H.M. Ammerlaan. Divisie SRS Sector SAV
Centraal Bureau voor de Statistiek Divisie SRS Sector SAV MONITOR GEDETINEERDEN MET BIJSTAND, JANUARI - DECEMBER 2001 H.M. Ammerlaan Samenvatting: Sommige gedetineerden kunnen het laatste deel van hun
Han van den Berg, Antoinette van Poeijer en Mira Peeters-Bijlsma. September 2006
Centraal Bureau voor de Statistiek Sector Statistische analyse personen Voorburg UITKOMSTEN SLUITENDE AANPAK 2005: INSTROOM IN 2004 (GEMEENTEDOMEIN) Han van den Berg, Antoinette van Poeijer en Mira Peeters-Bijlsma
Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. In 2025 fors meer huishoudens in de Randstad
Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB08-049 8 juli 2008 9.30 uur In 2025 fors meer huishoudens in de Randstad Sterkste groei aan noordoostzijde Randstad Ook meer huishoudens in Noord-Brabant
Gemiddelde looptijd werkloosheidsuitkeringen nog geen jaar
Gemiddelde looptijd werkloosheidsuitkeringen nog geen Ton Ferber In de jaren 1992 2001 was de gemiddelde looptijd van een WWuitkering elf maanden. Van de 4,3 miljoen beëindigde uitkeringen was de gemiddelde
CBS: Meer werkende vrouwen op de arbeidsmarkt
CBS: Meer werkende vrouwen op de arbeidsmarkt Tussen maart en mei is het aantal mensen met een baan met gemiddeld 6 duizend per maand gestegen. De stijging is volledig aan vrouwen toe te schrijven. Het
Kenmerken van wanbetalers zorgverzekeringswet
Publicatiedatum CBS-website: 16 juli 2007 Kenmerken van wanbetalers zorgverzekeringswet Centraal Bureau voor de Statistiek Samenvatting Op 1 januari 2006 is de nieuwe Zorgverzekeringswet inwerking getreden,
Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015
1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2015 Fact sheet juni 20 De werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar sterk gedaald. Van de 3.00 Amsterdamse jongeren in de leeftijd van 15
Wonen zonder partner. Arie de Graaf en Suzanne Loozen
Arie de Graaf en Suzanne Loozen In 25 telde Nederland 4,2 miljoen personen van 18 jaar of ouder die zonder partner woonden. Eén op de drie volwassenen woont dus niet samen met een partner. Tussen 1995
Herintreders op de arbeidsmarkt
Herintreders op de arbeidsmarkt Sabine Lucassen Voor veel herintreders is het lang dat ze voor het laatst gewerkt hebben. Herintreders zijn vaak vrouwen in de leeftijd van 35 44 jaar en laag of middelbaar
Alleenstaande moeders op de arbeidsmarkt
s op de arbeidsmarkt Moniek Coumans De arbeidsdeelname van alleenstaande moeders is lager dan die van moeders met een partner. Dit verschil hangt voor een belangrijk deel samen met een oververtegenwoordiging
Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010
FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage
Misdrijven en opsporing
4 Misdrijven en opsporing R.J. Kessels en W.T. Vissers In 2015 registreerde de politie 960.000 misdrijven, 4,6% minder dan in 2014. Sinds 2007 is de geregistreerde criminaliteit met ruim een kwart afgenomen.
Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen
Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Jeroen Nieuweboer Allochtonen in, en voelen zich minder thuis in Nederland dan allochtonen elders in Nederland. Marokkanen, Antillianen
Concentratie allochtonen toegenomen
Jan Latten 1), Han Nicolaas 2) en Karin Wittebrood 3) Niet-westerse wonen vanouds geconcentreerd in het westen van Nederland. Daarbinnen zijn ze geconcentreerd in de vier grote steden. In 4 bestond procent
5. Onderwijs en schoolkleur
5. Onderwijs en schoolkleur Niet-westerse allochtonen verlaten het Nederlandse onderwijssysteem gemiddeld met een lager onderwijsniveau dan autochtone leerlingen. Al in het basisonderwijs lopen allochtone
Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 2016
1 Monitor Jeugdwerkloosheid Amsterdam over 20 Fact sheet april 20 De totale werkloosheid onder Amsterdamse jongeren is het afgelopen jaar vrijwel gelijk gebleven aan 2015. Van de 14.000 Amsterdamse jongeren
2. Groei allochtone bevolking fors minder
2. Groei allochtone bevolking fors minder In 23 is het aantal niet-westerse allochtonen met 46 duizend personen toegenomen, 19 duizend minder dan een jaar eerder. De verminderde groei vond vooral plaats
Mantelzorgers maken weinig gebruik van verlofregelingen
Mantelzorgers maken weinig gebruik van verlofregelingen Martijn Souren Ongeveer 7 procent van de werknemers met een verleent zelf mantelzorg. Ze maken daar slechts in beperkte mate gebruik van aanvullende
Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs
Steeds meer niet-westerse allochtonen in het voltijd hoger onderwijs Esther van Kralingen Tussen studiejaar 1995/ 96 en 21/ 2 is het aandeel van de niet-westerse allochtonen dat in het hoger onderwijs
Cohortvruchtbaarheid van niet-westers allochtone vrouwen
Cohortvruchtbaarheid van niet-westers allochtone vrouwen Mila van Huis De vruchtbaarheid van vrouwen van niet-westerse herkomst blijft convergeren naar het niveau van autochtone vrouwen. Het kindertal
Minder instroom in, meer uitstroom uit arbeidsmarkt
Minder instroom in, meer uitstroom uit arbeidsmarkt 07 Arbeidsmarktmobiliteit geringer dan in voorgaande jaren Bijna miljoen mensen wisselen in 2008 van beroep of werkgever Afname werkzame door crisis
Voortijdig schoolverlaters: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt
: een kwetsbare groep op de arbeidsmarkt Harry Bierings en Robert de Vries Direct nadat zij school hadden verlaten, maar ook nog vier jaar daarna, hebben voortijdig naar verhouding vaak geen baan. Als
CULTURELE HERKOMST VAN CLIËNTEN IN DE GGZ EN VERSLAVINGSZORG
CULTURELE HERKOMST VAN CLIËNTEN IN DE GGZ EN VERSLAVINGSZORG 1 Culturele herkomst van cliënten in de ggz en verslavingszorg Aantal cliënten in de GGZ naar land van herkomst Aantal cliënten in 2006 Aantal
Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Werkloosheid niet-westerse allochtonen nauwelijks toegenomen in 2005
Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB06-015 13 februari 2006 9.30 uur Werkloosheid niet-westerse allochtonen nauwelijks toegenomen in 2005 In 2005 is de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen
Artikelen. Arbeidsparticipatie van vrouwen: een vergelijking naar opleidingsniveau, leeftijd en herkomst
Artikelen Arbeidsparticipatie van vrouwen: een vergelijking naar opleidingsniveau, leeftijd en herkomst Martijn Souren en Jannes de Vries Onder laagopgeleide vrouwen is de bruto arbeidsparticipatie aanzienlijk
monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)
Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E [email protected] I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748
Dynamiek in de WW. Uitkomsten en toelichting. Centrum voor Beleidsstatistiek. Mathilda Coppinga Marleen Geerdinck Linda Muller Alderina Dill
Dynamiek in de WW Uitkomsten en toelichting 09 Mathilda Coppinga Marleen Geerdinck Linda Muller Alderina Dill Centrum voor Beleidsstatistiek Verklaring van tekens. = gegevens ontbreken * = voorlopig cijfer
Arbeidsdeelname van paren
Arbeidsdeelname van paren Johan van der Valk De combinatie van een voltijdbaan met een is het meest populair bij paren, met name bij paren boven de dertig. Ruim 4 procent van de paren combineerde in 24
Arbeidsgehandicapten in Nederland
Arbeidsgehandicapten in Nederland Ingrid Beckers In 2003 waren er in Nederland ruim 1,7 miljoen arbeidsgehandicapten; 15,8 procent van de 15 64-jarige bevolking. Het aandeel arbeidsgehandicapten is daarmee
FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 2009
FORUM Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt: effecten van de economische crisis 2 e kwartaal 29 Groei van werkloosheid onder zet door! In het 2 e kwartaal van 29 groeide de werkloosheid onder (niet-westers)
Gebruik van kinderopvang
Gebruik van kinderopvang Saskia te Riele In zes van de tien gezinnen met kinderen onder de twaalf jaar hebben de ouders hun werk en de zorg voor hun kinderen zodanig georganiseerd dat er geen gebruik hoeft
Staan werklozen ingeschreven als niet-werkende werkzoekenden? Sylvia de Vries, Sabine Lucassen, Johan van der Valk (CBS) en Anske Bouman (CWI)
Staan werklozen ingeschreven als niet-werkende werkzoekenden? Sylvia de Vries, Sabine Lucassen, Johan van der Valk (CBS) en Anske Bouman (CWI) Maandelijks publiceert het CBS gegevens over de werkloze beroepsbevolking
