in het buitengebied van Winterswijk
|
|
|
- Laura van der Pol
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Uitbreiding van nietagrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk Status: Definitief Datum: oktober
2 Inhoudsopgave Begrippenlijst Inleiding Aanleiding Probleem- en doelstelling Relatie met gemeentelijke beleid Leeswijzer Beleidskader Inleiding Provincie Regio Achterhoek Gemeente Conclusie Beleidsregels Inleiding Relatie met het regionale beleid Beleidsregels: 4 scenario s Samenvattend...14 Bijlage I: Gebiedstypen...15 Bijlage II: Regionale uitwerking: Functies zoeken plaatsen zoeken functies
3 Begrippenlijst Niet-agrarische bedrijvigheid: Het gaat hier om bedrijven in het buitengebied van Winterswijk die niet gericht zijn op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen waaronder boomteelt en/of het houden van dieren. Het betreft bestaande bedrijvigheid die planologisch een bedrijfs- of horecabestemming hebben in het bestemmingsplan. Wet ruimtelijke ordening (Wro): De Wro regelt hoe ruimtelijke plannen tot stand komen en welke bestuurslaag voor welke ruimtelijke plannen verantwoordelijk is. Ook regelt de Wro de verhoudingen tussen de verschillende overheden en bestuursorganen in Nederland, zoals waterschappen, gemeenten, provincies en het Rijk. Planperiode: de wettelijke planperiode van een bestemmingsplan is 10 jaar. Wijziging in het kader van de Wro (artikel 3.6 lid 1a van de Wro): Bij een bestemmingsplan kan worden bepaald dat burgemeester en wethouders (B&W) met inachtneming van de bij het plan te geven regels binnen bij het plan te bepalen grenzen het plan kunnen wijzigen: een wijzigingsbevoegdheid van B&W. Bij rechte: Uitbreiding van niet-niet agrarische bedrijvigheid is toegestaan zonder het doorlopen van een procedure in het kader van de Wro. (niet) gebiedsgebonden: een functie die (g)een nauwe relatie (aard van de bedrijvigheid) heeft met het buitengebied. Niet-gebiedsgebonden functies behoren normaliter thuis op een bedrijventerrein. 3
4 1. Inleiding 1.1 Aanleiding Winterswijk is een landelijke gemeente met een kenmerkende karakteristiek en waardevol cultuurlandschap. Karakteristiek is de kleinschaligheid van het Achterhoekse landschap met zijn grote verwevenheid van natuur, landbouw, woningbouw, bedrijvigheid en vrijetijdseconomie. Niet-agrarische bedrijvigheid is een functie die voorkomt in het buitengebied van Winterswijk en kan gezien worden als economische drager voor dit gebied. Het ruimtelijke effect van nietagrarische bedrijvigheid op het buitengebied kan echter aanzienlijk zijn. Met name de verkeersaantrekkende werking in combinatie met de kleinschalige infrastructuur (vaak bestaand uit onverharde wegen) kan een nadeel zijn, zeker als het grootschalige toepassingen betreft. Maar ook de visuele impact van bedrijfsfuncties op het karakteristieke kleinschalige landschap kan groot zijn. Bovendien komt bij niet-agrarische bedrijvigheid vaak de vraag om uitbreidingsmogelijkheden. Zonder helder en vastomlijnd beleid, kan dit leiden tot verrommeling en aantasting van het landschap en tot het missen van economische kansen voor het gebied. 1.2 Probleem- en doelstelling Probleemstelling Wat zijn de mogelijkheden voor uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk en welke beleidsregels zijn hieraan verbonden? Doelstelling Inzichtelijk maken wat de gemeentelijke beleidsregels zijn ten aanzien van niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. 1.3 Relatie met gemeentelijke beleid De hier voorliggende beleidsnota gaat over uitbreiding van bestaande niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. Voor nieuwvestiging van niet-agrarische functies is het gemeentelijke functieveranderingbeleid van toepassing. Het functieveranderingbeleid is verwoord in de nota Functies zoeken plaatsen zoeken functies in Winterswijk. De nota over uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid geeft antwoord op de vraag in hoeverre bestaande niet-agrarische bedrijvigheid kan uitbreiden in het buitengebied van Winterswijk. Daarnaast zijn er een tweetal vraagstukken die raakvlak hebben met nietagrarische bedrijvigheid, namelijk Detailhandel in het buitengebied van Winterswijk Horeca als nevenfunctie bij een hoofdfunctie in het buitengebied van Winterswijk Parallel aan de nota Uitbreiding niet agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk worden beleidsnota s opgesteld met de hierboven genoemde onderwerpen. De nota s samen geven nadere invulling aan het beleid voor niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. Het schema op de volgende pagina geeft de relatie tussen verschillende beleidsnota s weer met betrekking tot niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. Basis is de Visie buitengebied, dat op hoofdlijnen uitgangspunten geeft voor niet agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. 4
5 Overkoepelend beleid Visie Buitengebied Winterswijk Sector Niet-agrarische bedrijvigheid Thema Nieuwvestiging bedrijven Uitbreiding bedrijven Detailhandel Horeca als nevenfunctie Recreatie en Toerisme Landgoederen Naam beleidsnota Functies zoeken plaatsen zoeken functies in Winterswijk' Uitbreiding niet agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk' Detailhandelsvisie Winterswijk' Horeca als nevenfunctie bij een hoofdfunctie in het buitengebied van Winterswijk' Nota Verblijfsrecreatie en nota Vrijetijdseconomie' Landgoederen in Winterswijk' Figuur 1 Beleid niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk 1.4 Leeswijzer Deze beleidsnota zoomt in van grof naar fijn. In het volgende hoofdstuk is uitgewerkt binnen welke context gekeken moet worden naar niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. Hier wordt nader bekeken welke mogelijkheden bestaande beleidskaders en regelingen bieden voor niet-agrarische bedrijvigheid. Op basis hiervan zijn in hoofdstuk 3 concrete beleidsregels geformuleerd. 5
6 2. Beleidskader 2.1 Inleiding Dit hoofdstuk gaat in op bestaand relevant beleid ten aanzien van de uitbreiding van nietagrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. Het geeft uiteindelijk een antwoord op de ambitie voor het buitengebied van de gemeente in relatie tot de uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid. Een onderscheidt is gemaakt op provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid. 2.2 Provincie Het provinciaal ruimtelijk beleid is uiteengezet in het Streekplan 2005 kansen voor de regio s. Het streekplan geeft de ruimtelijke kaders voor de provincie Gelderland voor de komende 10 jaar. Het doel hiervan is verschillende functies in regionaal verband een zodanige plek te geven dat de ruimtelijke kwaliteiten worden versterkt en dat zuinig wordt omgegaan met de schaarse beschikbare ruimte. Sinds jaar en dag is er niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied aanwezig. Nietagrarische werkfuncties in het buitengebied ondersteunen de vitaliteit van het landelijk gebied. De doelen van het provinciaal ruimtelijk beleid voor niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied zijn de volgende: land- en tuinbouwbedrijven de mogelijkheid geven niet-agrarische nevenfuncties te vervullen. de behoefte aan landelijk wonen en in tweede instantie werken accommoderen in vrijgekomen gebouwen in het landelijk gebied. Hiermee kan een impuls worden gegeven aan de leefbaarheid en vitaliteit van het landelijk gebied. niet-agrarische bedrijvigheid die gebonden is aan de kwaliteiten en de functies van het buitengebied ruimte bieden. verbetering van de ruimtelijke kwaliteit door vrijgekomen gebouwen te hergebruiken en door per bouwperceel waar functieverandering plaatsvindt de resterende vrijgekomen gebouwen te slopen. De bovenstaande doelen zijn vooral gericht op nieuwvestiging van niet-agrarische bedrijvigheid. Op lokaal niveau zijn hiervoor nadere beleidsuitgangspunten geformuleerd in Functies zoeken plaatsen zoeken functies in Winterswijk. Het streekplan doet ook uitspraken over uitbreiding van niet agrarische bedrijvigheid. Hierin staat dat voor uitbreiding van bestaande niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied een maximum geldt van 20% van het bebouwd oppervlak per planperiode tot maximaal 375 m2. Regionaal kunnen afwijkende afspraken worden gemaakt met betrekking tot uitbreiding van bestaande niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied. 2.3 Regio Achterhoek In het streekplan van de provincie Gelderland staat aangegeven dat op regionaal niveau afspraken gemaakt mogen worden met betrekking tot de uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied. Hieraan is door de regio invulling gegeven middels het opstellen van de nota Functies zoeken plaatsen zoeken functies (overigens niet te verwarren met de gemeentelijke uitwerking hiervan: Functies zoeken plaatsen zoeken functies in Winterswijk). Het gemeentelijke functieveranderingbeleid is een nadere uitwerking van de regionale versie. Het gemeentelijke beleid gaat, in tegenstelling tot het regionale beleid, niet in op uitbreiding van niet agrarische bedrijvigheid. Het regionale beleid is dan ook kader voor op te stellen gemeentelijk beleid over uitbreiding van niet agrarische bedrijvigheid in het buitengebied van Winterswijk. In regionale nota staat dat niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied een bijzondere categorie is. Het belang van deze bestaande, niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied mag volgens de samenwerkende gemeenten van de regio Achterhoek niet uit het oog verloren worden. Veelal betreft het hier bedrijven die in het verleden zijn uitgegroeid en op basis van verworven rechten een positieve bestemming hebben gekregen. 6
7 Uit het streekplan 2005 blijkt dat de provincie uiterst terughoudend wil omgaan met deze bedrijvigheid en deze, vaak redelijk omvangrijke bedrijvigheid, het liefst ziet verhuizen naar bedrijventerreinen. De Achterhoekse gemeenten zijn van oordeel dat de veelal van oudsher in het buitengebied gevestigde bedrijven, zeker in relatie tot de regeling functieverandering vrijkomende bebouwing, meer mogelijkheden geboden moeten worden. Arbo-eisen, grotere en modernere machines, seizoensgebonden activiteiten, etc, zijn enkele zaken die naast economische groei- (kunnen) leiden tot de behoefte aan meer oppervlak voor bebouwing. Hoewel in bepaalde gevallen de beleidswens gericht is op een verplaatsing, kunnen (van oudsher gevestigde) bedrijven niet volledig op slot worden gezet. Uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid is in de regionale nota gekoppeld aan een bepaalde gebiedstypering. Dit om te kunnen beoordelen of een uitbreiding niet ten koste gaat van aanwezige ruimtelijke kwaliteiten (landschap, cultuurhistorie en ecologie) van een bepaald type gebied. Een onderscheid is te maken tussen vier gebiedstypen, namelijk Ecologische hoofdstructuur o EHS-natuur o EHS-verweving o EHS-verbinding Multifunctioneel landschap: landschappelijke waarde Multifunctioneel landschap Landbouwontwikkelingsgebieden Bijlage I ligt deze gebiedstypen nader toe Differentiatie voor uitbreiding van deze bestaande niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied is geboden op basis van de hierboven genoemde gebiedstypen. Differentiatie is mogelijk bijvoorbeeld naar: gebiedsgebonden en niet gebiedsgebonden functies; oppervlakte bestaande bebouwing; de beleidscategorieën volgens het Streekplan. De samenwerkende gemeenten zijn van oordeel dat in ieder geval voor de categorie gebiedsgebonden functies ruimte geboden moet worden voor economische groei. De categorie niet-gebiedsgebonden bedrijven zou in principe op een bedrijventerrein gehuisvest moeten worden. De samenwerkende gemeenten beseffen dat dit voor al deze, veelal van oudsher in het buitengebied gevestigde, bedrijven niet zo maar toepasbaar is. Met de vertaling van de regeling willen zij wel uiting geven aan die uiteindelijke bedoelingen, door, althans bij rechte, minder mogelijkheden te bieden dan in de categorie gebiedsgebonden bedrijven. Voor alle initiatieven geldt dat voor zover geen sprake is van een mogelijkheid bij rechte, een zekere ruimtelijke kwaliteitsbijdrage wordt gevraagd, die hoger wordt naarmate een grotere uitbreiding is toegestaan, de waarde van het gebied groter is (voor natuur en landschap), dan wel sprake is van niet-gebiedsgebonden functies. Het gaat hier voornamelijk om bijdragen in de zin van een landschappelijke inpassing. De bovenstaande uitgangspunten zijn vertaald in een praktische uitwerking. Per gebiedstype is toetsbaar gemaakt in welke mate bestaande niet-agrarische bedrijvigheid kan uitbreiden. Deze praktische uitwerking is de basis voor de gemeentelijke beleidsregels, die in het volgende hoofdstuk staan uitgewerkt. 7
8 2.4 Gemeente De Visie Buitengebied geeft kaders aan het ruimtelijk beleid in het buitengebied van Winterswijk. Daarnaast geeft het document kaders voor concrete projecten die buiten het ruimtelijke beleid vallen. Het unieke landschap van Winterswijk vraagt immers om maatwerk en de Visie Buitengebied geeft kaders voor dit maatwerk. Het uitgangspunt van de Visie Buitengebied is het verbeteren van de leefbaarheid in het buitengebied. De gemeente Winterswijk streeft naar een brede en gedifferentieerde economische basis voor het buitengebied. De rol van niet-agrarisch bedrijvigheid kan worden versterkt als compensatie voor het wegvallen van een deel van de agrarische werkgelegenheid. De bestaande bebouwing in het buitengebied biedt kansen voor de huisvesting van nieuwe bedrijven. De gemeente Winterswijk biedt hiermee mogelijkheden voor niet-agrarische bedrijvigheid die past in het buitengebied. Dit geldt ook voor die ondernemers die niet langer 100% van hun inkomen uit het agrarisch bedrijf halen. Dit kan door het toestaan van nietagrarische bedrijfsactiviteiten, bijvoorkeur binnen bestaande bebouwing. Met name het hergebruik van karakteristieke (voormalig agrarische) bebouwing draagt bij aan het behoud van het erf, het cultuurlandschap en de leefbaarheid. De gemeente speelt een faciliterende rol door het bieden van (ruimtelijke) ontwikkelingsmogelijkheden aan bewoners en bedrijven. De gemeente streeft er naar dat de niet-agrarische bedrijven een integraal onderdeel worden van het buitengebied. Dit betekent bijvoorbeeld dat nieuwe bedrijvigheid zich aanpassen aan het cultuurlandschap. Voor bestaande niet-agrarische bedrijven wordt gezocht naar maatwerk oplossingen. De ruimtelijke ontwikkeling van de bestaande bedrijven wordt hierbij sterk bepaald door de ligging in het omringende landschap. De gemeente Winterswijk maakt gebruik van een aantal richtlijnen in de discussie over bedrijfsactiviteiten die zich in het buitengebied willen vestigen in bestaande gebouwen. Nieuwbouw voor de nieuwvestiging van niet-agrarische bedrijven zal met grote terughoudendheid worden benaderd. Om de ruimtelijke kwaliteit te waarborgen gebruikt de gemeente de volgende hoofdlijnen voor haar hergebruikbeleid: Een grote verkeersaantrekkende werking is onwenselijk, tenzij de locatie dit toelaat. Bijvoorbeeld door ligging aan een verkeersader; De mogelijkheden van bestaande agrarische bedrijven worden niet aangetast; De bedrijfsactiviteiten passen qua milieubelasting in het omliggende gebied; Hergebruik van bestaande, voormalig agrarische bebouwing verdient de voorkeur boven nieuwbouw. Hierbij is bijzondere aandacht voor monumentale gebouwen; De activiteit draagt bij aan het behoud of de versterking van de landschappelijke kwaliteit en/of de leefbaarheid van het buitengebied. Deze richtlijnen zijn verder uitgewerkt tot een hergebruikregeling, in samenwerking met de acht gemeenten in de Regio Achterhoek en de provincie Gelderland (zie paragraaf 2.4). Er worden kwaliteitseisen gesteld aan zowel de gebouwen als aan eventueel aan te leggen groen. Het gebouw zelf moet van een goede visuele kwaliteit zijn, aangevuld met passende beplanting. De karakteristiek van de aanwezige panden en het uiteindelijk ensemble van gebouwen mag niet worden aangetast. Wat passend is wordt mede bepaald door het landschapstype waarin het bedrijf ligt. 2.5 Conclusie Er lijkt een spanningsveld te bestaan tussen behoud en versterking van de bestaande waarde van het buitengebied. Regionaal is er een overschot aan bedrijfsfuncties en winkelvoorzieningen, maar in het buitengebied is daar juist wel behoefte aan om het gebied leefbaar en economisch vitaal te houden. Het lijkt daarmee wenselijk bepaalde initiatieven op het gebied van niet-agrarische bedrijvigheid bij bestaande bedrijven de ruimte te bieden om zich in het buitengebied verder te ontplooien. Dit onder bepaalde voorwaarden. 8
9 De voorgaande beleidsanalyse biedt ruimte voor een verdere uitwerking en het creëren van meer ruimte voor bepaalde bedrijven in bepaalde gebieden. Het volgende hoofdstuk, beleidsregels, geeft hier concreet invulling aan. 9
10 3. Beleidsregels 3.1 Inleiding Op regionaal niveau zijn afspraken gemaakt op het gebied van uitbreiding van niet-agrarische bedrijven. Het regionale beleidskader is op provinciaal niveau geaccordeerd als wijziging op het vigerende streekplan uit Dit heeft invloed op het formuleren van gemeentelijke beleidsregels ten aanzien van dit onderwerp. Uitgangspunt ten opzichte van het provinciale beleid is dat de gemeente vrij is om stringenter beleid te voeren. Soepeler dan het provinciaal kan daarentegen niet. De in dit hoofdstuk opgenomen beleidsregels vormen een eerste toetsingskader, waarna een initiatiefnemer in gesprek kan treden met de gemeente omtrent de (on)mogelijkheden voor uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid. Het gaat hier om bedrijven die in het bestemmingsplan buitengebied van de gemeente Winterswijk zijn bestemd als bedrijf. 3.2 Relatie met het regionale beleid: Functies zoeken plaatsen zoeken functies Uitgangspunt voor het opstellen van gemeentelijke beleidsregels zijn normen die op regionaal niveau zijn vastgelegd in de nota Functies zoeken plaatsen zoeken functies uit 2006 (zie bijlage II: praktische uitwerking van de normen). De regionale nota is geschreven onder het regime van de oude Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO). De onderstaande beleidsregels zijn geformuleerd op basis van de nieuwe Wet op de ruimtelijke ordening (Wro), die per 1 juli 2008 van kracht is. De regionale nota kent drie stappen als het gaat om uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid: Een uitbreiding bij rechte ; Een uitbreiding middels een vrijstellingsbevoegdheid door B&W; Een uitbreiding middels een wijzigingsbevoegdheid door B&W; Een uitbreiding middels een herziening van het bestemmingsplan (bevoegdheid van de raad). Op basis van de nieuwe Wro kiest de gemeente Winterswijk voor de volgende planologische procedures: Een uitbreiding bij rechte ; Een uitbreiding middels een wijzigingsbevoegdheid door B&W; Een uitbreiding middels een herziening van het bestemmingsplan (bevoegdheid van de raad) Ten aanzien van de wijzigingsbevoegdheid fungeren de maximale uitbreidingsnormen uit het regionale beleid als uitgangspunt. Hiermee is het gemeentelijk beleid niet strenger dan het provinciale beleid, wel eenvoudiger. Dit mede dankzij de invoering van de nieuwe Wro. In de nieuwe Wro is het verschil tussen ontheffing- en wijzigingsbevoegdheid gering. De inhoudelijk beslissingsbevoegdheid ligt in beide gevallen bij B&W. 3.3 Beleidsregels: 4 scenario s Ten aanzien van de uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid zijn vier scenario s mogelijk. De van toepassing zijnde scenario hangt af van de uitbreidingsvraag van de initiatiefnemer: 10
11 1. Scenario I: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid binnen de maximale regionale norm, binnen vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden. 2. Scenario II: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid buiten de maximale regionale norm, binnen vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden 3. Scenario III: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid binnen de maximale regionale norm, buiten vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden 4. Scenario IV: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid buiten de maximale regionale norm, buiten vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden 11
12 Per scenario zijn verschillende beleidsregels van kracht. Deze zijn hieronder verder uitgewerkt. Scenario I: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid binnen de maximale regionale norm, binnen vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden. In het regionale beleidskader zijn beleidsregels opgenomen voor verschillende gebiedstypen in relatie tot de uitbreiding van niet-agrische werkgelegenheid: ecologische hoofdstructuur, multifunctioneel gebied: landschappelijke waarde, multifunctioneel gebied en landbouwontwikkelingsgebied. Voor winterswijk zijn alleen de alleen gebiedstypen EHSverweving en multifunctioneel gebied: landschappelijke waarde van toepassing. De normen uit het regionale beleid zijn overgenomen in het gemeentelijk beleid en aangepast aan de nu geldende regelgeving ( oude WRO/ nieuwe Wro) De algemene beleidsregel is dat alle bestaande niet-agrarische bedrijven in het buitengebied van Winterswijk conform het regionale beleid in principe de mogelijkheid krijgen de bebouwde oppervlakte uit te breiden. De uitbreidingmogelijkheid van niet-agrarische bedrijvigheid is afhankelijk van de ligging in een bepaald gebiedstype. Er wordt hierbij onderscheidt gemaakt in gebiedsgebonden en niet-gebiedsgebonden bedrijven. Bedrijven die door de aard van hun bedrijfsvoering zijn gebonden aan een vestiging97 in het buitengebied krijgen ruimere ontwikkelingsruimte dan niet-gebiedsgebonden bedrijvigheid De uitbreidingsmogelijkheden voor de niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied zijn gebaseerd op de volgende beleidsregels: a. voor gebiedsgebonden functies EHS-verweving: Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande bebouwde oppervlakte met een absoluut maximum van 500 m2 (overeenkomstig de uitleg in het streekplan); Middels een wijzigingsbevoegdheid (Wro) kunnen burgermeester en wethouders ontheffing verlenen tot nog eens een uitbreiding van 10% van de bestaande bebouwde oppervlakte. Multifunctioneel gebied: landschappelijke waarde Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande bebouwde oppervlakte met een (absoluut) maximum van 500m2. Is de bestaande bebouwde oppervlakte groter dan 500 m2, dan geldt een uitbreidingsnorm van 10 %; Middels een wijzigingsbevoegdheid (Wet ruimtelijke ordening) kunnen burgermeester en wethouders ontheffing verlenen van nog eens 26,5% 1 van het bestaande bebouwde oppervlak per planperiode. b. voor niet-gebiedsgebonden functies EHS-verweving Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande bebouwde oppervlakte met een absoluut maximum van 375m2 (overeenkomstig uitleg streekplan); Middels een wijzigingsbevoegdheid (Wro) kunnen burgermeester en wethouders ontheffing verlenen tot een uitbreiding van nog eens 10% van de bestaande bebouwde oppervlakte. 1 26,5% is een rekenkundige optelling van 10% en 15%, vanuit het regionale beleid (ontheffing +wijziging). In het gemeentelijk beleid is alleen sprake van een wijziging. 12
13 Multifunctioneel gebied: landschappelijke waarde Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande bebouwde oppervlakte met een (absoluut) maximum van 500m2 (overeenkomstig uitleg streekplan) Middels een wijzigingsbevoegdheid (Wro) kunnen burgermeester en wethouders ontheffing verlenen tot een uitbreiding van nog eens 26.5% van de bestaande bebouwde oppervlakte; c. kwalitatieve normen Naast de hierboven genoemde kwantitatieve normen gelden ook een aantal kwalitatieve normen ten aanzien van uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid, namelijk: De mogelijkheden van bestaande agrarische bedrijven mag niet worden aangetast; De in de omgeving aanwezige (agrarische) functies mogen niet worden geschaad; De nieuwe activiteit mag niet leiden tot een onevenredige vergroting van verkeersaantrekkende werking; Het geheel dient landschappelijk te worden ingepast (met streekeigen beplanting). Inspiratiebron voor de landschappelijke inpassing zijn o.a. de volgende documenten: o De cultuurhistorische atlas Winterswijk o Brochure: Kiezen voor een fraaie omgeving, streekeigen beplanting in het buitengebied Heide- en broekontginningenlandschap Boslandschap Essenlandschap Veenontginningenlandschap Voor het parkeren dient op het bedrijfs- of horecaperceel een parkeerruimte te worden ingericht. Scenario II: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid buiten de maximale regionale norm, binnen vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden De kwalitatieve normen uit scenario I blijven bij dit scenario van kracht. Een extra voorwaarde is dat de initiatiefnemer in een verplaatsingonderzoek aantoont dat een verplaatsing naar een bedrijventerrein uit bedrijfseconomisch oogpunt niet haalbaar is. Het verschil met scenario I is dat een andere planologische procedure gevolgd moet worden, vanwege een uitbreiding in m2 van de bestaande bebouwing die groter is dan de regionale normen uit Functies zoeken plaatsen zoeken functies. De te volgen planologische procedure is een bestemmingsplanherziening van het specifieke plangebied. Scenario III: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid binnen de maximale regionale norm, buiten vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden De kwalitatieve normen uit scenario I zijn ook bij dit scenario van kracht. Net als bij scenario II dient een verplaatsingsonderzoek te worden opgesteld. Het verschil met scenario I is dat de uitbreiding van de niet-agrarische bedrijvigheid een vergroting van het bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden betekent. Een voorwaarde is dat maximaal een vergroting van 50% van het bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden mag plaatsvinden. De te volgen planologische procedure is een bestemmingsplanherziening van het specifieke plangebied. Scenario IV: uitbreiding niet-agrarische bedrijvigheid buiten de maximale regionale norm, buiten vigerend bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden De kwalitatieve normen uit scenario I zijn wederom ook bij dit scenario van kracht. Ook dient een verplaatsingsonderzoek te worden opgesteld. 13
14 Het verschil met scenario I is dat de uitbreiding van de niet-agrarische bedrijvigheid een vergroting van het bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden betekent. Ook worden de normen uit het regionale beleid overschreden. Hierdoor is het noodzakelijk om een bestemmingsplanherziening (Wro) plaats te laten vinden van het specifieke plangebied. Ook geldt hier dat maximaal een vergroting van 50% van het bestemmingsvlak bedrijfs- of horecadoeleinden mag plaatsvinden. 3.4 Samenvattend Het onderstaande schema geeft een samenvatting van de uitbreidingmogelijkheden in percentages van de bestaande oppervlakte bebouwing. Per type gebied is aangegeven in hoeverre uitbreiding mogelijk is, en of deze bij recht, via een wijziging (Wro) of bestemmingsplanherziening kan worden toegestaan. Bij scenario II t/m IV wordt geen onderscheidt gemaakt tussen de verschillende gebiedstypen. Gebiedsgebonden Bij recht (scenario I) Wijziging (Wro) (scenario I) Bestemmingsplanherziening (scenario II t/m IV) Niet-gebiedsgebonden Bij recht (scenario I) Wijziging (Wro) (scenario I) Bestemmingsplanherziening (scenario II t/m IV) EHS-Verweving 20%, absoluut maximum 500m2 Waardevol Landschap 20%, absoluut maximum 500 m2. Is de bestaande bebouwde oppervlakte groter dan 500 m2, dan geldt een uitbreidingsnorm van 10 % +10% +26.5% Voorwaarden wijziging (Wro) op het gebied van: milieu verkeer (incl. parkeren) Landschappelijk inpassing zie voorwaarde genoemd bij de wijziging (Wro) Scenario II: verplaatsingsonderzoek Scenario III: verplaatsingsonderzoek en maximale uitbreiding van 50% van het bestemmingsvlak Scenario IV: verplaatsingsonderzoek en maximale uitbreiding van 50% van het bestemmingsvlak 20%, absoluut maximum %, absoluut maximum m2 500m2 +10% +26,5% Voorwaarden wijziging (Wro) op het gebied van: milieu verkeer (incl. parkeren) Landschappelijke inpassing zie voorwaarde genoemd bij de wijziging (Wro) Scenario II: verplaatsingsonderzoek Scenario III: maximale uitbreiding van 50% van het bestemmingsvlak Scenario IV: verplaatsingsonderzoek en maximale uitbreiding van 50% van het bestemmingsvlak 14
15 Bijlage I: Gebiedstypen Ecologische Hoofdstructuur Dit gebied wordt gekenmerkt door een samenhangend netwerk van kwalitatief hoogwaardige natuurgebieden en natuurrijke cultuurlandschappen. Door de vergroting van natuurgebieden, de ontwikkeling van nieuwe natuurgebieden en de aanleg van ecologische verbindingszones ontstaat het beoogde samenhangende netwerk. Vergroting en verbinding zullen bijdragen aan het oplossen van problemen op het vlak van verdroging vermesting en versnippering. Het doel is te komen tot duurzame populaties van kwetsbare planten- en diersoorten. De Ecologische Hoofdstructuur is onderverdeeld in EHS-natuur, EHS-verweving en EHSverbinding. EHS-natuur Dit gebied bestaat uit bestaande natuurgebieden en voor een deel uit natuurontwikkelingsgebieden die momenteel agrarische cultuurgrond zijn. Gebiedsprioriteit: alles gericht op ontwikkeling van de natuur en de bescherming van de aanwezige waarden en biotopen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen mag er geenszins afbreuk gedaan worden aan de ter plaatse voorkomende natuurwaarden. EHS-verweving Dit gebied omvat landgoederen onder de Natuurschoonwet, landbouwgebieden met natuurwaarden en landbouwgebieden met een hoge dichtheid aan natuur- en boselementen. De natuur is de belangrijkste functie. Grondgebonden land- en tuinbouw vervullen een blijvende rol in het duurzaam beheer van cultuurgrond en de daarmee verweven natuurwaarden. Land- en tuinbouw kunnen zich in dit gebied duurzaam ontwikkelen voor zover de aanwezige natuurwaarden niet worden geschaad. Gebiediedsprioriteit: gericht op ontwikkeling en duurzaam beheer van natuurwaarden met het oog op koppeling aan EHS-natuurgebieden. Bestaande rechten moeten worden gerespecteerd. Gebiedsgebonden functies hebben de voorkeur. Overige functies zijn mogelijk, maar in een geringere omvang. De ruimtelijke kwaliteitsbijdrage is gericht op aanleg, behoud en beheer van natuurwaarden. EHS-verbinding Tussen EHS-natuur en EHS-verweving worden ecologische verbindingen gerealiseerd. De verbindingszones bestaan uit een schakeling van natuurelementen (stapstenen) die het multifunctioneel gebied doorsnijden, waarmee ze sterk overeen komen met de kenmerken van EHS-verweving. Het betreft smalle zones met een strategische ligging. De zones bestaan uit landbouwgronden en verspreid gelegen kleine natuur- en boselementen, waarbij veelal beken en andere watergangen de as van de ecologische verbindingszone vormen. Gebiedsprioriteit: aaneenkoppeling van elementen met natuurwaarden tussen kernen verwevingsgebieden met als doel versterking van de natuurwaarde voor bepaalde doelsoorten. Multifunctioneel gebied: landschappelijke waarde Waardevolle landschappen zijn gebieden met zeldzame of unieke kwaliteiten van visuele, aardkundige en of cultuurhistorische aard, en in relatie daarmee bijzondere natuurlijke en recreatieve kwaliteiten (bijvoorbeeld Hummelo en Keppel, Montferland, Winterswijk, Needse berg, de Graafschap, Oeverwal Bronkhorst). De samenhang tussen de verschillende landschapsaspecten is groot. Grondgebonden landbouw speelt een belangrijke rol bij het instandhouden van de landschapskwaliteiten. Ontwikkelingen die plaatsvinden, dienen bij te dragen aan de landschappelijke samenhang. 15
16 Gebiedsprioriteit: landschappelijke samenhang en landschappelijke kernkwaliteiten. Zorgvuldige inbedding van lokale en regionale kwaliteiten op het vlak van beleving, aardkunde en cultureel erfgoed. Multifunctioneel gebied Dit zijn de gebieden met verspreid liggende waarden. Dorpen, gehuchten en buurtschappen, ingepast in een kleinschalig mozaïekachtig verwevingslandschap zijn een kwaliteit van het wonen in de Achterhoek en komen in de hele regio voor. Deze kwaliteiten dienen in stand te worden gehouden. Dit vraagt om zorgvuldige benadering van de groei en de vormgeving van de randen. Om het karakter te behouden wordt gestreefd naar geleidelijke organische groei, die past bij het dorp. Zoekzones stedelijk gebied en landschappelijke versterking spelen in dit gebied een belangrijke rol. Gebiedsprioriteit: zorgvuldige inbedding van lokale en regionale kwaliteiten op het vlak van beleving, aardkunde en cultureel erfgoed. Landbouwontwikkelingsgebieden In het Reconstructieplan Achterhoek en Liemers zijn voor de intensieve veehouderij landbouwontwikkelingsgebieden aangewezen die op afstand liggen van kwetsbare natuur en woonkernen. De provincie staat hier de stichting of uitbreiding van nieuwe locaties voor woningbouw, bedrijvigheid en verblijfsrecreatie niet toe. De landbouwontwikkelingsgebieden liggen als een langgerekte strook in het jonge ontginningslandschap in het midden van de Achterhoek en op het rivierterras ten zuiden van de kern Gendringen (Azewijnse broek). Deze gebieden zijn momenteel al hoofdzakelijk agrarisch in gebruik. De landbouwontwikkelingsgebieden dienen functioneel voor de landbouw te worden ingericht. Gebiedsprioriteit: functionele inrichting ten behoeve van de landbouw. 16
17 Bijlage II: Regionale uitwerking: Functies zoeken plaatsen zoeken functies Praktische uitwerking 1. Voor gebiedsgebonden functies: EHS (verweving) Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande oppervlakte met een (absoluut) maximum aan bebouwingsoppervlak van 500 m2 (overeenkomstig de uitleg in het Streekplan); Middels vrijstelling ex. artikel 15 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening kunnen burgemeester en wethouders vrijstelling verlenen tot een uitbreiding van 10 % van de bestaande oppervlakte. Multifunctioneel gebied met landschappelijke waarde: Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte een uitbreidingsmogelijkheid van 10% van de bestaande bebouwde oppervlakte per planperiode; Middels een vrijstelling ex. artikel 15 van de Wet op de ruimtelijke ordening kunnen burgemeester en wethouders vrijstelling verlenen tot een uitbreiding van nog eens 10% van het bebouwd oppervlak per plan periode, bijvoorbeeld wanneer sectorale regelgeving (zoals milieuhygiëne) daar om vraagt. 2. Voor niet-gebiedsgebonden functies. EHS (verweving) Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande oppervlakte met een (absoluut) maximum aan bebouwingsoppervlak van 375 m2 (overeenkomstig de uitleg in het Streekplan); Middels vrijstelling ex. artikel 15 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening kunnen burgemeester en wethouders vrijstelling verlenen tot een uitbreiding van 10 % van de bestaande oppervlakte. Multifunctioneel gebied met landschappelijke waarde: Uitbreidingsmogelijkheid per planperiode van: Bij rechte 20% van de bestaande oppervlakte met een (absoluut) maximum aan bebouwingsoppervlak van 500 m2 (overeenkomstig de uitleg in het Streekplan); Middels vrijstelling ex. artikel 15 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening kunnen burgemeester en wethouders vrijstelling verlenen tot een uitbreiding van 10 % van de bestaande oppervlakte. Middels een wijzigingsbevoegdheid een vergroting tot 15% van het bestaande oppervlak 3. Voor die situaties, waarin de opties onder 1 en 2 geen oplossing bieden voor een bedrijfseconomisch vereiste uitbreiding kan, na onderzoek naar de economische (on)mogelijkheden van verplaatsing (via een bestemmingswijziging artikel 10 WRO inclusief een wijzigingsprocedure van het Streekplan) toch uitbreiding plaatsvinden. 17
Gemeente Houten Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling Cluster Ontwikkeling, Sectie Ruimtelijke Ordening
** Vastgesteld oktober 2014 Cluster Ontwikkeling, Sectie Ruimtelijke Ordening Visie verplaatsing nietagrarische bedrijven binnen het buitengebied Status: vastgesteld door de gemeenteraad van Houten d.d.
Nota functieverandering buitengebied Oost Gelre
Nota functieverandering buitengebied Oost Gelre ROBGB-1100019 maart 2011 Nota functieverandering buitengebied Oost Gelre 1. Samenvatting Oost Gelre heeft beleid voor functieverandering van vrijkomende
GEMEENTE OUDE IJSSELSTREEK Plan van wijziging Buitengebied 2000, herziening 2002 Locatie Marmelhorstweg 2a
Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Oude IJsselstreek d.d. nr., G.H. Tamminga secretaris J.P.M. Alberse burgemeester GEMEENTE OUDE IJSSELSTREEK Plan van wijziging Buitengebied
2 BELEIDSKADER EN WETGEVING
2 BELEIDSKADER EN WETGEVING De kern van deze bewonersvisie is dat natuur de belangrijkste beleidsfunctie is van het gebied waarbij de gebiedswaarden rust, stilte en donkerte centraal moeten staan en dat
Bestemmingsplan Buitengebied Zundert, vormverandering agrarisch bouwblok Hazeldonksestraat 2B, Rijsbergen. Toelichting/ ruimtelijke onderbouwing
vormverandering agrarisch bouwblok Hazeldonksestraat 2B, Rijsbergen. Toelichting/ ruimtelijke onderbouwing Opgesteld door: Provincie Noord-Brabant 19-05-2016 S.M.Verhaart- Menken Versie: 3_19-05-2016 Inhoud
functies zoeken plaatsen zoeken functies 19 mei 2006
functies zoeken plaatsen zoeken functies 19 mei 2006 260510 REGA rapp functiev 1 12-07-2006 09:51:18 2 Voorwoord In dit document geven de samenwerkende gemeenten in de Regio Achterhoek hun visie op het
Notitie functieverandering buitengebied. Regionale beleidsinvulling
Notitie functieverandering buitengebied Regionale beleidsinvulling Vastgesteld door de KAN-raad op 18 oktober 2007 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Achtergrond 3 1.2 Provinciaal beleid Streekplan 4 1.2.1
Hergebruik Vrijgekomen Agrarische Bedrijfsbebouwing Nieuwe Landgoederen & Landelijk wonen
Beleidskader Hergebruik Vrijgekomen Agrarische Bedrijfsbebouwing Nieuwe Landgoederen & Landelijk wonen In het buitengebied 1. Inleiding Het Streekplan Gelderland (2005) biedt nieuwe beleidsruimte voor
Gebiedvisie op het. buitengebied van de. gemeente Drimmelen
Gebiedvisie op het buitengebied van de gemeente Drimmelen Door de ZLTO Afdeling Drimmelen Gebiedsvisie voor de gemeente Drimmelen Vanuit de ZLTO-afdeling Drimmelen is het idee gekomen om in navolging van
Toetsingskader. Ruimte voor ruimteregeling. Gemeente Heumen
Toetsingskader Ruimte voor ruimteregeling Gemeente Heumen Vastgesteld: 20 december 2011 Inleiding In de raadsvergadering van 21 april is toegezegd dat er vooruitlopend op de structuurvisie die de gehele
Bestemmingsplan buitengebied
Bestemmingsplan buitengebied Voorontwerp Informatieavond dinsdag 26 juni 2012 Wat is een bestemmingsplan? Plan met regels over het gebruik van de ruimte Waar en hoe mag wat worden gebouwd? Welke functies
Versie: 16 november 2010 Status: Definitief Gemeente Winterswijk. Horeca als nevenfunctie bij hoofdfuncties in het buitengebied van Winterswijk
Versie: 16 november 2010 Status: Definitief Gemeente Winterswijk Horeca als nevenfunctie bij hoofdfuncties in het buitengebied van Winterswijk Inhoudsopgave 1. Inleiding...3 1.1 Aanleiding...3 1.2 Probleem-
Buitengebied e wijziging (Broekstraat 23 Wehl)
Buitengebied 2002 23e wijziging (Broekstraat 23 Wehl) Inhoudsopgave Toelichting 3 Hoofdstuk 1 Aanleiding en doel 3 Hoofdstuk 2 Plangebied 4 Hoofdstuk 3 Ruimtelijke - en milieuaspecten 5 Hoofdstuk 4 Landschappelijke
Aanvraag om afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2.5 (Ruimtelijke Verordening Gelderland)
Aanvraag om afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2.5 (Ruimtelijke Verordening Gelderland) De gemeente Berkelland vraagt voor het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied, Kieftendijk Haaksbergseweg
Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist.
Bijlage B Provincie Fryslân 25-11-2014 Toepassing Bro, art. 3.1.1, onder 2 Gevallen waarin wel /geen vooroverleg is vereist. Ten behoeve van de stroomlijning van het vooroverleg over: - voorontwerpbestemmingsplannen
Bijlage 1: Topografische kaart van het studiegebied (2008)
Bijlagen Gebiedsvisie Bethlehem Bijlage 1: Topografische kaart van het studiegebied (2008) J F Kennedylaan Terborgseweg Ondernemingsweg Lijsterbeslaan Abdijlaan Bedrijvenweg Oude Terborgseweg Rekhemseweg
Heukelum. Zicht op de Linge
Heukelum Zicht op de Linge Het stadje Heukelum is een van de vijf kernen van de gemeente Lingewaal. Heukelum ligt in de Tielerwaard, aan de zuidoever van de rivier de Linge, in een van de meest westelijke
wijzigingsplan Boerderijsplitsing Bemmerstraat 7, Beek en Donk gemeente Laarbeek
wijzigingsplan Boerderijsplitsing Bemmerstraat 7, Beek en Donk gemeente Laarbeek document: toelichting status: vastgesteld datum: 2 september 2014 projectnummer: 200770R.2020 adviseur: Jke toelichting
ONTWERPBESLUIT WIJZIGING BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED ALPHEN-CHAAM, WIJZIGING DASSEMUSSESTRAAT 7
ONTWERPBESLUIT WIJZIGING BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED ALPHEN-CHAAM, WIJZIGING DASSEMUSSESTRAAT 7 Burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen-Chaam maken ter voldoening aan het bepaalde in artikel
Korte samenvatting voorontwerp bestemmingsplan Buitengebied
Korte samenvatting voorontwerp bestemmingsplan Buitengebied De basisfuncties zijn landschap, landbouw, natuur en water. Toegevoegde functies zijn wonen werken en recreatie. Basisfuncties De basisfuncties
Ruimtelijke onderbouwing. Wijziging gebruik van loods voor opslag op het perceel Rinkesfort 13 te Maasbree
Ruimtelijke onderbouwing Wijziging gebruik van loods voor opslag op het perceel Rinkesfort 13 te Maasbree 16-08-2011 1. Inleiding Algemeen De heer Wijnen heeft het verzoek gedaan om een loods op het perceel
Ruimtelijke onderbouwing speelterrein Netersel
Ruimtelijke onderbouwing speelterrein Netersel Inleiding en planbeschrijving In Netersel is in de huidige situatie een speelterrein gelegen (zie figuur 1). Dat speelterrein is deels binnen het plangebied
GEMEENTE OLDEBROEK PERMANENTE BEWONING VAN RECREATIEWONINGEN STRUCTUURVISIE CONCEPT, DECEMBER 2014 KENMERK
GEMEENTE OLDEBROEK STRUCTUURVISIE PERMANENTE BEWONING VAN RECREATIEWONINGEN CONCEPT, DECEMBER 2014 KENMERK 188197 Inhoudsopgave 1 Beleidskader 5 1.1 Aanleiding 5 1.2 Beleidsmatige aspecten 5 2 Toetsingskader
Notitie oppervlakteregeling aan- en uitbouwen en bijgebouwen Buitengebied Steenwijkerland
Notitie oppervlakteregeling aan- en uitbouwen en bijgebouwen Buitengebied Steenwijkerland Notitie oppervlakteregeling aan- en uitbouwen en bijgebouwen Buitengebied Steenwijkerland Code 03-61-02 / 09-06-03
Beleidskader. Vrijkomende Agrarische Bebouwing
Beleidskader Vrijkomende Agrarische Bebouwing Beleidskader December 2016 3 Beleid Vrijkomende Agrarische Bebouwing Inhoudsopgave 1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doelstellingen 1.3 Relatie met ander beleid
Vormvrije m.e.r.-beoordeling Landgoed Hydepark, Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug
Notitie Contactpersoon Gosewien van Eck Datum 14 november 2013 Kenmerk N001-1220333GGV-evp-V01-NL Vormvrije m.e.r.-beoordeling Landgoed Hydepark, Doorn, gemeente Utrechtse Heuvelrug 1 Inleiding De gemeente
Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe
Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Verordening vastgesteld: 26-06-2003 In werking getreden: 15-09-2003 COMPENSATIEVERPLICHTING Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan
In het kader van het wettelijk vooroverleg heeft u ons om een reactie gevraagd op de voorontwerp-omgevingsvergunning Oirschotsedijk 52, Wintelre.
Brabantlaan 1 Postbus 90151 5200 MC s-hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12 Fax (073) 614 11 15 Gemeente Eersel Postbus 12 5520 AA EERSEL [email protected] www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043 3825558
Paardenhouderijen in het buitengebied van de gemeente Winterswijk (Inclusief beleidswijziging van wonen naar agrarisch) Versie 2
Versie 1: Vastgesteld door de raad op 23 december 2010 Versie 2: Vastgesteld door de raad op 31 maart 2011 Paardenhouderijen in het buitengebied van de gemeente Winterswijk (Inclusief beleidswijziging
Notitie Ruimte voor vernieuwing in het buitengebied. Notitie ten aanzien van functieverandering en hergebruik naar wonen en werken
Notitie Ruimte voor vernieuwing in het buitengebied Notitie ten aanzien van functieverandering en hergebruik naar wonen en werken Gemeente Montferland Ruimtelijke Ontwikkeling 18 Maart 2008 Voorwoord De
Beleidskader Vrijkomende Agrarische Bebouwing
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Haaren. Nr. 21696 15 februari 2017 Beleidskader Vrijkomende Agrarische Bebouwing 1. Inleiding 1.1 Aanleiding De afgelopen decennia is het aantal agrarische bedrijven
Kan de gemeente aantonen dat er wordt voldaan aan de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit?
Bijlage Vragenlijst Definitie Bestemmingsplan: Bestemmingsplan buitengebied Bunnik 2011 1 Op bladzijde 29 van het bestemmingsplan staat: Bij niet-agrarische bedrijven in het buitengebied en op verspreide
Relevante artikelen Verordening ruimte Noord-Brabant
Bijlage 3 Relevante artikelen Verordening ruimte Noord-Brabant Artikel 2.1 - Zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit 1. Een bestemmingsplan dat voorziet in een ruimtelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk
Ruimte voor Limburg. Limburg in VORm: Ruimtelijke ontwikkelingen in balans
Ruimte voor Limburg Limburg in VORm: Ruimtelijke ontwikkelingen in balans Colofon Uitgave: Provincie Limburg Postbus 5700 6202 MA Maastricht Tel.: +31 (0)43 389 99 99 Fax: +31 (0)43 361 80 99 E-mail: [email protected]
Parc Spelderholt - geldend bestemmingsplan Stuwwalrand Parkzone Zuid
Parc Spelderholt - geldend bestemmingsplan Stuwwalrand Parkzone Zuid Aan de digitale bestemmingsplannen kunnen geen rechten worden ontleend. Getracht is de digitale versie zoveel mogelijk een kopie van
Beleidsnotitie nieuwe denkrichting Vrijkomende (Agrarische) Bebouwing (VAB) in het buitengebied
Beleidsnotitie nieuwe denkrichting Vrijkomende (Agrarische) Bebouwing (VAB) in het buitengebied 1. Inleiding In het buitengebied is een groot aantal voormalige agrarische locaties en woningen waar veel
College van Burgemeester en Wethouders Gemeente Leudal Postbus ZG Heythuysen. Geacht College,
Bergs Advies B.V. Leveroyseweg 9a 6093 NE Heythuysen Telefoon (0475) 49 44 07 Fax (0475) 49 23 63 E-mail [email protected] Internet www.bergsadvies.nl BIC code: RABONL2U IBAN: NL76RABO0144217414 K.v.K.
15003 RO VERPLAATSEN VLAAMSE SCHUUR LANGEREIT 14
15003 RO VERPLAATSEN VLAAMSE SCHUUR LANGEREIT 14 Ordito b.v. Postbus 94 5126 ZH Gilze E [email protected] T 0161 801 022 I www.ordito.nl KVK 54 811 554 1. Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Ligging en begrenzing
1. Streekplan Brabant in balans
1. Streekplan Brabant in balans Het plangebied is gelegen in de AHS-landschap; subzone leefgebied dassen en voor een deel (duinrand) binnen de GHS-natuur. De Interimstructuurvisie Noord-Brabant Brabant
Proactieve aanwijzing recreatieve zone De Heihorsten, Someren
Proactieve aanwijzing recreatieve zone De Heihorsten, Someren Proactieve aanwijzing recreatieve zone De Heihorsten, Someren ONTWERP Inhoudsopgave Regels 3 Hoofdstuk 1 Inleidende regels 4 Artikel 1 Begripsbepalingen
Ruimtelijke onderbouwing. Plattelandswoning Eilandseweg 18 a, Nederhorst den Berg
Ruimtelijke onderbouwing Plattelandswoning Eilandseweg 18 a, Nederhorst den Berg In opdracht van G.C. Nagel december 2013 Ruimtelijke onderbouwing Plattelandswoning Eilandseweg 18 a Nederhorst den Berg
gelet op het bepaalde in artikel lid 1, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht juncto artikel 6.5, lid 3 van het Besluit omgevingsrecht;
^2 gemeente T -^^fc Nijkerk RAADSBESLUIT Nummer: 2012-094 De raad van de gemeente Nijkerk; gelezen het collegevoorstel van 2 oktober 2012; gelet op het bepaalde in artikel 2.27. lid 1, van de Wet algemene
Discussienota Ontwerpbestemmingsplan Bedrijventerreinen gemeente Oirschot
Discussienota Ontwerpbestemmingsplan Bedrijventerreinen gemeente Oirschot Probleemstelling Ontwerpbestemmingsplan Bedrijventerreinen gemeente Oirschot. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft ter visie gelegen.
Verlengen stal op het perceel Dorpsstraat 74 te Zuidlaarderveen
Verlengen stal op het perceel Dorpsstraat 74 te Zuidlaarderveen NL.IMRO.1730.ABdorpsstr74zuidlv-0301 Projectgebied Situatie Dorpsstraat 74 Zuidlaarderveen 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Huidige en beoogde
Toepassingsbereik artikel 2.2 Verordening Ruimte Kwaliteitsverbetering van het landschap
Toepassingsbereik artikel 2.2 Verordening Ruimte Kwaliteitsverbetering van het landschap Voorstel voor het Regionaal Ruimtelijk Overleg Noordoost Brabant, op initiatief van de gemeenten Bernheze, Schijndel,
Begrenzing Primair agrarisch gebied (Primag)
Begrenzing Primair agrarisch gebied (Primag) 1.1 Inleiding Het buitengebied van de gemeente Deurne, dat behalve de kernen van Deurne, Vlierden, Liessel, Neerkant en Helenaveen, het gehele grondgebied van
Nieuwe woning van 750 m³ met bijgebouw van 75 m² - sloop van 850 m² bebouwing.
Wijzigingen nieuw en huidig Rood voor Rood beleid In het nieuwe Rood voor Rood beleid 2015 zijn een aantal wijzigingen aangebracht ten opzichte van het in 2011 vastgestelde beleid. Dit betreffen wijzigingen
Beleidsregel Bed & Breakfast in Lelystad
Beleidsregel Bed & Breakfast in Lelystad Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum
Etten-Leur. (Bron: www. nederland-in-beeld.nl)
Etten-Leur (Bron: www. nederland-in-beeld.nl) Introductie Etten-Leur is een middelgrote gemeente in Brabant, gelegen ten westen van Breda. De gemeente bestaat uit één kern van ruim 40.000 inwoners. Door
Beleid. Investering Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO)
Beleid Investering Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO) 1 Inhoud Begripsbepalingen 1. Inleiding 4 2. Kwaliteitsdoelen en toetsingskaders 4 2.1 Provinciaal beleid 4 2.2 Gemeentelijk beleid 5 3. Reikwijdte
Ruimtelijke ordening. Ruimtelijke Ordening
Ruimtelijke ordening Ruimtelijke Ordening Ruimtelijke ordening (RO) in Nederland Vanuit de geschiedenis is RO al belangrijk in Nederland, denk bijvoorbeeld aan landinrichting en optimaliseren van de waterhuishouding.
Gemeente Haaksbergen. Rood voor Rood beleid 2015
Gemeente Haaksbergen Rood voor Rood beleid 2015 Ruimtelijke ontwikkeling 20-8-2015 Inhoudsopgave 1. Inleiding 2 2. Begrippen 3 3. Beleidskaders 4 3.1 Kaders 4 3.2 Voorwaarden 4 3.3 Bijzondere gevallen
Ruimtelijke onderbouwing
Ruimtelijke onderbouwing Vijf onderkomens voor recreatieve overnachtingen bij camping aan Drachtster Heawei 38 De Veenhoop 1 2 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING VIJF RECREATIEVE ONDERKOMENS DRACHTSTER HEAWEI 38
POL-uitwerking Landelijk Gebied Noord-Limburg
POL-uitwerking Landelijk Gebied Noord-Limburg Bestuursafspraken CONCEPT versie 27 november 2015 1. Inleiding Het landelijk gebied van de regio Noord-Limburg is divers van karakter; bestaande uit beekdalen,
Toelichting 'Wijzigingsplan Eerste Weg 4' te Nieuw- en Sint Joosland
Toelichting 'Wijzigingsplan Eerste Weg 4' te Nieuw- en Sint Joosland Identificatie Planstatus identificatiecode datum: status: NL.IMRO.0687.BPWBGMEERST-VG98 19 augustus 2011 vastgesteld HOOFDSTUK 1 Doel
Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan Molenweg 5-5a Hoogeloon
Van Provincie Noord-Brabant Aan Gemeente Bladel Onderwerp Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan Molenweg 5-5a Hoogeloon Ter attentie van Zaak identificatie 07-11-2017
Bijlage 2 Uitwerking uitbreidingsmogelijkheden Rooye Hoefsedijk 38 in Gemert
Bijlage 2 Uitwerking uitbreidingsmogelijkheden Rooye Hoefsedijk 38 in Gemert Bestemmingsplan: Oud bestemmingsplan: Gemert-Bakel Buitengebied 2006 Bouwblok: Agrarisch bedrijf, met de aanduiding Intensieve
Ruimte voor nieuwe landgoederen
Ruimte voor nieuwe landgoederen Beleidsnotitie als toetsingskader voor verzoeken om een nieuw landgoed te realiseren. Aldus vastgesteld door de Raad van Montferland d.d. 29 september 2011. Inhoudsopgave
Ruimtelijke onderbouwing Hollandseweg 19, Someren. Gemeente Someren
Ruimtelijke onderbouwing Hollandseweg 19, Someren Gemeente Someren Opdrachtgever: Projectlocatie: Dhr. N.H.L. Michiels Hollandseweg 19 5712RM Someren Hollandseweg 19, Someren Projectnummer: 16418-001 Datum:
Nota van B&W. onderwerp Beleidsregels Ruimtelijke inpassing zonnepanelen parken. Portefeuilehouder Adam Elzakalai, John Nederstigt
7 gemeente Haarlemmermeer Nota van B&W onderwerp Portefeuilehouder Adam Elzakalai, John Nederstigt Collegevergadering 6 januari 201 5 inlichtingen Herman Nijman (023 5676889) Registratienummer 2014.0057122
BIJLAGE 3: Toetsingskader
BIJLAGE 3: Toetsingskader In dit toetsingskader geven partijen een nadere invulling en uitwerking aan de kaders die in de PKB Plus PMR met betrekking tot het deelproject 750 hectare natuur en recreatie
Ruimtelijke onderbouwing
Ruimtelijke onderbouwing De Kouwe Noord 3, Geffen Gemeente Oss Raadhuislaan 2 5341 GM Oss T: 14 0412 F: 0412 642605 www.oss.nl RUIMTELIJKE ONDERBOUWING De Kouwe Noord 3 te Geffen Februari maart 2016 1
Ruimtelijke onderbouwing Verplaatsing pluimveebedrijf van De Haag 105 in Gemert naar De Kampen 12 in Gemert
Ruimtelijke onderbouwing Verplaatsing pluimveebedrijf van De Haag 105 in Gemert naar De Kampen 12 in Gemert 1. Inleiding Het plan betreft vormverandering van het agrarische bouwblok van de intensieve veehouderij(pluimveebedrijf)
Projectbesluit Watermolendijk 3 Eelde
Projectbesluit Watermolendijk 3 Eelde Gemeente Tynaarlo Oktober 2011 NL.IMRO.1730.PBWatermolendijk3-0401 Projectgebied Inhoudsopgave 1. Inleiding... 4 2. Huidige en beoogde situatie... 5 2.1 Beschrijving
PERMANENTE BEWONING VAN RECREATIEWONINGEN
Concept PERMANENTE BEWONING VAN RECREATIEWONINGEN BELEIDSNOTITIE VAN GEDEPUTEERDE STATEN DECEMBER 2004 1. Doel en Aanleiding In haar brief van 11 november 2003 aan de Tweede Kamer heeft de Minister van
Bestemmingsplan VAB-beleid. Gemeente Neder-Betuwe
Bestemmingsplan VAB-beleid Bestemmingsplan VAB-beleid Toelichting Regels Verbeelding A3 schaal 1: 50.000 Vastgesteld: 9 maart 2017 Projectgegevens: 0253739 - BP VAB-beleid Identificatienummer: NL.IMRO.1740.bpBGvabbeleid-vst1
Wijzigingsplan Landgoed De Horst
Gemeente Leusden Wijzigingsplan Landgoed De Horst Nota zienswijzen Maart 2016 Kenmerk 0327-06-N03 Projectnummer 0327-06 Nota zienswijzen Inhoudsopgave 1. Inleiding 1 2. Ingediende zienswijzen 2 3. Aanpassingen
Wijzigingsplan Wyldpaed West 3 te Twijzelerheide ONTWERP
Wijzigingsplan Wyldpaed West 3 te Twijzelerheide ONTWERP 1 INHOUDSOPGAVE Toelichting 3 1. Inleiding 3 1.1 Aanleiding 3 1.2 Begrenzing plangebied 3 1.3 Geldende bestemmingsplan / moederplan 4 1.4 Bestaande
Presentatie dorpsraad Lith Bestemmingsplan Buitengebied. Bestemmingsplan Buitengebied. Lith 2013
Presentatie dorpsraad Lith Bestemmingsplan Buitengebied Lith 2013 26 januari 2012 Inhoud presentatie 1. Voortraject 2. Wat is een bestemmingsplan? 3. Inhoud van het voorontwerp Bestemmingsplan Buitengebied
Aanvullende informatie Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied
Memo AAN VAN Raadsleden M. Bonouvrié ONDERWERP Aanvullende informatie Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied DATUM 11 september 2012 REGISTRATIENUMMER 1101280/4283 Geachte raadsleden, Naar
Ruimtelijk strategische visie Regio Rivierenland
Ruimtelijk strategische visie Regio Rivierenland Ambitiedocument Regio Rivierenland Wij, de tien samenwerkende gemeenten binnen Regio Rivierenland: delen de beleving van de verscheidenheid in ons gebied;
Visie op Zuid-Holland. Verordening Ruimte. Wijzigingsbesluit behorende bij ontwerpherziening Herijking EHS
Visie op Zuid-Holland Verordening Ruimte Wijzigingsbesluit behorende bij ontwerpherziening Herijking EHS GS 21 mei 2013 ONTWERP VERORDENING TOT WIJZIGING VAN DE VERORDENING RUIMTE Provinciale Staten van
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED PLANTLOON BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED PLANTLOON BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN Vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Loon op Zand van 5 juni 2014 1. INLEIDING Het ontwerpbestemmingsplan Buitengebied:
Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo)
Beleidsregels binnenplans afwijken van het bestemmingsplan (artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1 Wabo) Versie: vastgesteld Gemeente Landsmeer, januari 2011 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Inleiding...
Onderwerp Uitwerking vastgestelde amendementen Bestemmingsplan Buitengebied 2010
Raadsinformatiebrief Onderwerp Uitwerking vastgestelde amendementen Bestemmingsplan Buitengebied 2010 Inleiding/aanleiding Op 29 september 2010 heeft uw raad het bestemmingsplan Buitengebied gewijzigd
HOOFDSTUK 3 Beleid. 3.2 Rijksbeleid. 3.3 Provinciaal beleid
HOOFDSTUK 3 Beleid 3.1 Inleiding De beleidscontext voor het plangebied wordt gevormd door (Europese,) landelijke, provinciale, en gemeentelijke beleidsrapportages. In dit hoofdstuk is het relevante (Europees-,)
Nota Zienswijzen Bestemmingsplan Bos en Golf
Nota Zienswijzen Bestemmingsplan Bos en Golf Inhoud 1. Inleiding en juridische procedure 2 2. Zienswijzen overlegpartners 2 - Waterschap Hunze en Aa s 3. Gevolgen voor het bestemmingsplan 4 2 1. Inleiding
(ontwerp) ruimtelijke onderbouwing afwijking BP Akenveenweg 1 Tynaarlo
(ontwerp) ruimtelijke onderbouwing afwijking BP Akenveenweg 1 Tynaarlo Gemeente Tynaarlo Maart 2011 Projectgebied Inhoudsopgave 1. Inleiding... 5 2. Huidige en beoogde situatie... 6 2.1 Beschrijving van
Megastallen en kaders. Peter Broekmans Gemeente Cuijk
Megastallen en kaders Peter Broekmans Gemeente Cuijk Megastallen: ook een rol voor de gemeente? Ruimtelijke sturing bij ontwikkelingen in het buitengebied Vormgeven aan de ruimtelijke kwaliteit Omgevingsvergunningen
Op het voorstel van Gedeputeerde Staten van 8 november 2016, afdeling FLO, 819F8D33;
Besluit Provinciale Staten van Utrecht; Op het voorstel van Gedeputeerde Staten van 8 november 2016, afdeling FLO, 819F8D33; Gelezen het concept van de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028
Structuurvisie Buitengebied in Ontwikkeling. Martijn Gerards Arjan van Dooren Arjan van der Hout
Structuurvisie Buitengebied in Ontwikkeling Martijn Gerards Arjan van Dooren Arjan van der Hout Inhoud presentatie BIO Landerd Algemeen Wat is een Structuurvisie Provinciale beleidsnota buitengebied in
Bestemmingsplan Buitengebied Grubbenvorst
Bestemmingsplan Buitengebied Grubbenvorst Perceel L 534 NL.IMRO.1507.BPGRBUITENGEBL534 Bestemmingsplan Buitengebied Grubbenvorst, Perceel L 534 Vastgesteld 13 september 2013 NL.IMRO.1507.BPGRBUITENGEBL534-VA01
NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN LANDELIJK GEBIED SANDELINGEN AMBACHT
NOTA VAN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN ONTWERPBESTEMMINGSPLAN LANDELIJK GEBIED SANDELINGEN AMBACHT Het ontwerpbestemmingsplan Landelijk gebied Sandelingen Ambacht heeft vanaf 19 april 2012, gedurende een periode
Ruimtelijke onderbouwing kleinschalige uitbreiding olfantenstal Heiderschoor 24 te Mierlo Luchtfoto perceel Heiderschoor 24
Pagina 1 van 5 Ruimtelijke onderbouwing kleinschalige uitbreiding olfantenstal Heiderschoor 24 te Mierlo Luchtfoto perceel Heiderschoor 24 Pagina 2 van 5 Inleiding Op donderdag 3 april 2014 is door Dierenrijk
