Beknopte beschrijving en situering van het project Toetsing aan de MER-plicht Doelstelling ontheffingsdossier... 5

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Beknopte beschrijving en situering van het project... 5. Toetsing aan de MER-plicht... 5. Doelstelling ontheffingsdossier... 5"

Transcriptie

1

2 INHOUD LIJST VAN KAARTEN... 3 VOORWOORD... 4 INLEIDING... 5 Beknopte beschrijving en situering van het project... 5 Toetsing aan de MER-plicht... 5 Doelstelling ontheffingsdossier... 5 Initiatiefnemers van het project... 5 Correspondentieadres... 6 DEEL 1 HET PROJECT Inleiding Raamakkoord inzake het waterbeheer in het Blankaartbekken Instandhouding van het Blankaartgebied binnen het vogelrichtlijngebied IJzervallei Doelstelling van het natuurinrichtingsproject Geplande maatregelen Reeds gelokaliseerde maatregelen Maatregelen waarvan de realisatie afhankelijk zal zijn van verwerving of overeenkomsten of niet gelokaliseerde maatregelen Voorbije en verdere besluitvormingsprocedure DEEL 2 JURIDISCH EN BELEIDSMATIG KADER Juridisch kader Ruimtelijke ordening Milieubeheer Waterbeheer Landschap en cultuurhistorie Beleidsmatig kader Het Plan Otter, een actieplan voor de IJzervallei Ecologische gebiedsvisie IJzervallei Raamakkoord inzake het waterbeheer in het Blankaartbekken

3 DEEL 3 EFFECTBENADERING PER DISCIPLINE Bodem Beknopte beschrijving van de referentiesituatie Beschrijving van mogelijke effecten Conclusie voor de discipline bodem Water Beknopte beschrijving van de referentiesituatie Beschrijving van de mogelijke effecten Raming van de effecten van de wijziging van het waterpeil en de verhoging van de Pompcapaciteit Conclusie voor de discipline water Fauna en flora Beknopte beschrijving van de referentiesituatie Beschrijving van mogelijke effecten Conclusie voor de discipline fauna en flora Monumenten en landschappen Beknopte beschrijving van de referentiesituatie Beschrijving van mogelijke effecten Conclusie voor de discipline monumenten en landschappen Mens Beknopte beschrijving van de referentiesituatie Beschrijving van mogelijke effecten Raming van de effecten van de verhoging van het waterpeil Conclusie voor de discipline mens DEEL 4 BESLUIT LITERATUURLIJST BIJLAGEN BIJLAGE 1: RAAMAKKOORD INZAKE HET WATERBEHEER IN HET BLANKAARTBEKKEN VAN 29 MAART BIJLAGE 2: SPECIALE BESCHERMINGSZONE IJZERVALLEI BIJLAGE 3: PASSENDE BEOORDELING

4 L IJST VAN KAARTEN KAART 1: LIGGING VAN HET NATUURINRICHTINGSPROJECT KAART 2: SITUERING VAN DE MAATREGELEN VOOR NATUURINRICHTING KAART 3: GEWESTPLAN KAART 4: RAMSAR- EN VOGELRICHTLIJNGEBIED, VENGEBIEDEN 1E FASE KAART 5: AANKOOPPERIMETER VOLGENS RAAMAKOORD KAART 6: VEREENVOUDIGDE BODEMKAART KAART 7: DRAINAGEKLASSEN KAART 8: WATERLOPEN EN KUNSTWERKEN KAART 9: VERMOEDELIJKE OVERSTROMINGEN TIJDENS DE WINTER KAART 10: OVERSTROOMDE GRONDEN BIJ VERSCHILLENDE WATERPEILEN KAART 11: RECREATIE KAART 12: BIOLOGISCHE WAARDERINGSKAART KAART 13: EVALUATIE BIOLOGISCHE WAARDERINGSKAART KAART 14: BOSKAART HUIDIGE SITUATIE KAART 15: AVIFAUNA: SITUERING VAN DE BROEDGEVALLEN/TERRITORIA VAN DE BELANGRIJKSTE BROEDVOGELSOORTEN KAART 16: BEDRIJFSTYPES KAART 17: TEELT KAART 18: IMPACT OP LANDBOUW IN FASE 1 EN 2 KAART 19: IMPACT OP LANDBOUW IN FASE 1 EN 2 3

5 V OORWOORD Het besluit van de Vlaamse regering van 10 december 2004, BS , bepaalt welke categorieën van projecten onderworpen zijn aan milieueffectrapportage. Bijlage II bij het Besluit bepaalt de categorieën van projecten die overeenkomstig artikel 4.3.2, 2 en 3 van het decreet aan de project-m.e.r. worden onderworpen, maar waarvoor de initiatiefnemer een gemotiveerd verzoek tot ontheffing kan indienen. Dit document betreft een ontheffingsdossier voor een natuurinrichtingsproject in de Blankaart. Artikel van het MER/VR-decreet bepaalt de voorwaarden onder dewelke de administratie een ontheffing kan verlenen, namelijk: 1. als er vroeger al een plan-mer werd goedgekeurd betreffende een plan of programma waarin het project past of een project-mer werd goedgekeurd betreffende een project waarvan het voorgenomen initiatief een herhaling, voortzetting of alternatief is, en een nieuwe project-mer redelijkerwijze geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten; of 2. als een toetsing aan de criteria van bijlage II bij het decreet uitwijst dat het voorgenomen project geen aanzienlijke gevolgen kan hebben voor het milieu en een project-mer redelijkerwijze geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten. Een ontheffingsdossier dient dus aan te tonen dat er geen aanzienlijke milieueffecten zijn en dat het opstellen van een project-mer geen toegevoegde waarde heeft bij de besluitvorming. De volgende stappen zijn achtereenvolgens te onderscheiden in de procedure die een ontheffingsaanvraag doorloopt: vooroverleg ontheffingsaanvraag; indienen aanvraag; nagaan volledigheid en eventueel opvragen bijkomende informatie; adviezen vragen in functie van de noodzakelijkheid worden adviezen gevraagd bij: Agentschap Natuur en Bos, Land, Monumenten en Landschappen, Monumenten en Landschappen Brussel, ARP, OVAM, VLM behandelen aanvraag; beslissing aanvraag; openbaarmaking; eventuele heroverweging op vraag van initiatiefnemer; melding Europa; ontheffing en vergunningsprocedure : zowel de ontheffingsaanvraag als de beslissing moeten bij de vergunningsaanvraag worden gevoegd. 4

6 I NLEIDING Beknopte beschrijving en situering van het project Het project betreft een natuurinrichtingsproject in de Blankaart. Het projectgebied is 927 ha groot en situeert zich in de provincie West-Vlaanderen op het grondgebied van de gemeenten Houthulst en Diksmuide. De ligging van het projectgebied wordt voorgesteld op Kaart 1. Toetsing aan de MER-plicht Het besluit van de Vlaamse regering van 10 december 2004 (BS ) bepaalt welke categorieën van projecten moeten worden onderworpen aan een milieueffectrapportage. Bijlage II bevat de categorieën van projecten die aan een project-m.e.r. moeten worden onderworpen, maar waarvoor de initiatienemer een gemotiveerd verzoek tot ontheffing kan indienen. Voorliggend project valt onder de volgende rubrieken van bijlage II van het Besluit : Rubriek 1c: Waterbeheersingsprojecten op onbevaarbare waterlopen, zoals de aanleg van overstromingsgebieden, wachtbekkens of van nieuwe waterlopen, die gelegen zijn in of een aanzienlijke invloed kunnen hebben op een bijzonder beschermd gebied, met uitzondering van instandhoudings-, herstel- of onderhoudswerken. Volgende geplande maatregelen vallen onder deze rubriek: 1. verhoging van het waterpeil afgestemd op de noden van de natuur; 2. vermijden van schade op aangrenzende percelen door hydrologische isolatie; 3. verhoging van de pompcapaciteit op de Stenensluisvaart; Rubriek 1d: Ontbossing met het oog op ander bodemgebruik voor zover de oppervlakte 3 ha of meer bedraagt In het natuurinrichtingsproject is voorzien om 4,68 ha moerasbos om te vormen in rietmoeras. Doelstelling ontheffingsdossier De bedoeling van dit document is om na te gaan of de realisatie van dit project resulteert in significante effecten voor het milieu. Dit ontheffingsdossier gaat na welke effecten kunnen verwacht worden, stelt waar nodig milderende of compenserende maatregelen voor en evalueert of het verder doorlopen van de MERprocedure een meerwaarde biedt. Is dit niet het geval, dan kan op basis van dit document een ontheffing bekomen worden waardoor voor het project geen milieueffectrapport moet worden opgesteld. Indien ontheffing wordt verleend, dient voorliggend document en de beslissing tot ontheffing bij de milieu- en stedenbouwkundige vergunningsaanvraag gevoegd te worden. Initiatiefnemers van het project Vlaamse Landmaatschappij Guldenvlieslaan BRUSSEL Agentschap voor Natuur en Bos Koning Albert II-laan 20/ BRUSSEL Vlaamse Milieumaatschappij, afdeling Water Koning Albert II-laan 20/ BRUSSEL 5

7 Correspondentieadres Vlaamse Landmaatschappij t.a.v. Hendrik Vermeulen Velodroomstraat BRUGGE 6

8 DEEL 1 H ET PROJECT 1.1 Inleiding Natuurinrichting is een instrument dat wettelijke basis kent in het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Natuurinrichting wordt gedefinieerd als optimale inrichting van een gebied met het oog op het behoud, herstel en de ontwikkeling van natuur en het natuurlijk milieu. De Vlaamse minister bevoegd voor leefmilieu en natuur heeft het natuurinrichtingsproject de Blankaart ingesteld op 24 november 2006, nadat voor het project een onderzoek naar de haalbaarheid is uitgevoerd. 1.2 Raamakkoord inzake het waterbeheer in het Blankaartbekken Jarenlang hebben landbouwers en natuurverenigingen discussies gevoerd over het te voeren waterbeheer in het Blankaartbekken. Landbouwers wensen een lager waterpeil en bescherming van hun gebouwen en landerijen tegen overstromingen. Natuurverenigingen wensen dat de verdroging ongedaan gemaakt wordt en dat een hoger waterpeil wordt ingesteld. Daarnaast is in het gebied ook de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening actief die een deel van het ruw water uit het Blankaartgebied wint. Op 29 maart 2001 kwam een raamakkoord tot stand tussen alle betrokken actoren in het gebied waaronder de toenmalige minister voor Leefmilieu en Landbouw en de sectoren landbouw en natuur. Het raamakkoord heeft als doel: de veiligheid van de bewoners in het Blankaartbekken te garanderen; de internationaal belangrijke natuurwaarden in het Blankaartbekken te behouden en verder te ontwikkelen; de inkomensverliezen veroorzaakt door een aangepast waterbeheer te vergoeden. De belangrijkste afspraken binnen het raamakkoord zijn: - het aanleggen van een waterkering gecombineerd met een wegverhoging; - de aankoop van 415 ha laaggelegen gronden door de afdeling Natuur en de vzw Natuurpunt; - de verhoging van het waterpeil in het Blankaartbekken in functie van natuurdoelstellingen; - het vermijden of vergoeden van effecten buiten de aankoopperimeter van de afdeling Natuur en vzw Natuurpunt; - eventuele technische ingrepen t.b.v. integraal waterbeheer, met inbegrip van een verhoging van de pompcapaciteit; - prioritair gebruik van afstromend water in het Blankaartbekken door de VMW; - vaststellen van voorkeurnormen voor het opstellen van gebruikovereenkomsten. 1.3 Instandhouding van het Blankaartgebied binnen het vogelrichtlijngebied IJzervallei Het laaggelegen Blankaartgebied is, net zoals de rest van de overstroombare IJzerbroeken, beschermd als het Europees vogelrichtlijngebied IJzervallei. Hierdoor zijn een 40-tal vogelsoorten beschermd, alsook hun leefgebieden. Het gaat om watervogels, moerasvogels, weidevogels en roofvogels die het moeras en de graslanden als leefgebied hebben. Volgens het decreet op het natuurbehoud is elke administratieve overheid, binnen haar bevoegdheden, verplicht alle maatregelen te nemen voor de instandhouding van het gebied, ongeacht de bestemming van het gebied. Op 8 augustus 1991 heeft de Commissie een eerste maal een brief verstuurd aan de Belgische regering met de vraag welke maatregelen zouden genomen worden voor het in stand houden van het gebied. De toenmalige minister voor leefmilieu, natuurbehoud en landinrichting heeft toen geantwoord dat minimumslootpeilen zouden vastgesteld worden. Op 2 februari 2006 vroeg de Europese Commissie voor een tweede maal om uitleg aangaande de waterpeilproblematiek. De brief van de commissie kadert in een klacht die ze ontving. Volgens de informatie van de klager heeft het Vlaamse Gewest de in 1992 aangekondigde maatregelen nooit genomen. 7

9 Als reactie hierop heeft de minister bevoegd voor het natuurbehoud het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) opgedragen een rapport te maken over de staat van instandhouding van het Blankaartgebied en over de maatregelen die moeten genomen worden voor de instandhouding van het leefgebied van deze vogelsoorten. Uit dit rapport blijkt dat het rietmoeras vooral van belang is voor een aantal broedvogels. In het rapport signaleert het INBO een gestage en snelle verlanding waarbij moeras- en rietvegetaties vervangen worden door wilgenbroekbos. Op dit moment zou slechts 15 ha van het rietmoeras overblijven terwijl ha noodzakelijk zijn. Voor sommige soorten zijn zelfs meer dan 100 ha jonge rietvegetaties nodig. Daarnaast treedt ook een algemene verruiging op en worden de rietkragen beter toegankelijk voor landpredatoren zoals de vos waardoor grondbroedende vogelsoorten zoals Bruine Kiekendief niet meer succesvol kunnen broeden. De graslanden in de IJzerbroeken zijn van belang voor een aantal broedvogels, maar ook voor wintergasten en doortrekkers. Deze graslanden kenden een evolutie van extensief beheerde, vochtige hooilanden naar intensieve en meer productieve graslanden. Deze trend werd in de hand gewerkt door een graduele peilverlaging. Het normaal waterpeil in de broeken bedraagt momenteel 2,55 2,60 m boven de zeespiegel. Hierdoor zijn de broeken grotendeels ongeschikt geworden als broedgebied voor vogelsoorten zoals Kwartelkoning, Porseleinhoen, Watersnip en Paapje. Bij bepaalde watervogelsoorten zoals Pijlstaart en Wintertaling, worden de aanwezige aantallen vooral bepaald door het al of niet voorkomen van overstroomde gebieden. Gunstige omstandigheden doen zich alleen voor bij langdurige regenval en zijn meestal zeer beperkt in de tijd. Het INBO stelt voor om enerzijds een aantal inrichtingswerken uit te voeren om het wilgenbroekbos, dat de plaats heeft ingenomen van het rietmoeras, te kappen. Anderzijds stelt het INBO dat het waterpeil in de broeken moet verhogen, willen we een gunstige staat van instandhouding bereiken. Volgende peilen zijn optimaal voor de volgende groepen van vogels: - Optimaal peil broedende weidevogels: 2m85-2m90 in vroege voorjaar, 2m80-2m85 in late voorjaar en vroege zomer - Optimaal peil broedende moerasvogels: 3m15, gravitaire afwatering naar IJzer, winterse overstromingen. Minimaal: 2m90 in het voorjaar en de vroege zomer, minstens 2m80 gedurende de ganse zomer - Optimaal peil steltlopers in trek- en winterperiode: 2m90-2m95 (vnl. tijdens voorjaarstrek). - Optimaal peil eenden in trek- en winterperiode: 3m00-3m Doelstelling van het natuurinrichtingsproject Het project streeft er naar het raamakkoord uit te voeren en de verplichtingen van België inzake het naleven van de Europese vogelrichtlijn uit te voeren. De belangrijkste doelstellingen van het project zijn: 1. Behoud en ontwikkeling van de internationaal belangrijke natuurwaarden in het projectgebied Het belang van het gebied rond de Blankaart als rust- en foerageergebied voor vogels is zeer groot. Het natuurinrichtingsproject heeft als doelstelling het creëren van een meer geschikt habitat voor de broed- en overwinterende vogels met specifieke aandacht voor moerasvogels. Het is de enige plaats in de Ijzervallei waar er mogelijkheden bestaan voor het herstel van een moerassig biotoop, dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld het Westbroek waar het herstel van de waardevolle hooilanden centraal staat. 2. Garanderen van de veiligheid van de bewoners en vermijden van schade aan bebouwing door wateroverlast Na de overstromingen van is het onveiligheidsgevoel bij een aantal mensen toegenomen. Het raamakkoord beoogt de veiligheid van de bewoners te garanderen en schade aan bebouwing te vermijden door de aanleg van een waterkering en het plaatselijk verhogen van een aantal wegen. 8

10 3. De impact van de peilverhoging op naburige percelen zo veel mogelijk vermijden Het effect van de verhoging van het waterpeil in de broeken blijft niet beperkt tot de percelen die in eigendom zijn van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) of van Natuurpunt. Ook omliggende percelen kunnen hiervan hinder ondervinden. De impact van de peilverhoging zal zo veel mogelijk worden beperkt. Hiertoe zullen de laagst gelegen gronden zo veel mogelijk aangekocht worden, waar mogelijk zal de impact vermeden worden, en in de andere gevallen zal een vergoeding betaald worden voor de geleden schade. Voor de aanleg van de waterkering en de uitvoering van de wegverhoging werd reeds een MER opgesteld en conform verklaard op 29 juni Geplande maatregelen De maatregelen die voorgesteld worden door het natuurinrichtingsproject kunnen onderverdeeld worden in: - inrichtingswerken op verworven percelen, gericht op het herstel van het rietmoeras, het verhogen van de biodiversiteit en de beleving ervan door de recreant; deze maatregelen worden in dit hoofdstuk beschreven onder de puntjes I1, I2, I3, I4, I5, I6, I7, G1, G2, G3, G4, G5, G6, G7, G8, W1, W2, E1 en E2; een groot aantal van deze maatregelen vormen een uitvoering van het beheerplan van Natuurpunt vzw; - maatregelen die een uitvoering vormen van het raamakkoord inzake het waterbeheer in het Blankaartbekken; deze maatregelen worden beschreven onder de puntjes H1.1, H1.2, H1.3, VH1.1, VH1.2, VH1.3, A1, A2, A3, A4 en A5. De verhoging van het waterpeil is één van de belangrijkste maatregelen om de doelstellingen beschreven in hoofdstuk 1.4 te bereiken. Het raamakkoord voorziet in de verhoging van het waterpeil in functie van natuur van zodra de laaggelegen gronden aangekocht zijn en de waterkering/wegverhoging uitgevoerd zijn. Gezien de verplichtingen van België inzake de Europese Vogelrichtlijn (hoofdstuk 1.3) zal echter waarschijnlijk sneller resultaat moeten geboekt worden op het terrein. Daarnaast volgt uit de milieueffectrapportering voor de waterkering dat het aanleggen van de waterkering niet kan plaatsvinden indien niet terzelfdertijd ook de waterpeilverhoging in functie van natuur plaatsvindt. Om aan deze voorwaarden te voldoen zullen we de peilverhoging in fasen uitvoeren. Tabel 1 geeft een schematische voorstelling van de voorgestelde fasering. De maatregelen worden tevens voorgesteld op Kaart 2. De eerste fase houdt een gedeeltelijke peilverhoging in over de zone van de Blankaartvijver (maatregel H1.1). Deze wordt gelijktijdig uitgevoerd met de verhoging van de pompcapaciteit (maatregel A1) en de vervanging van de balkenstuw door een fijngeregelde stuw (maatregel A2). De gebruikers worden jaarlijks vergoed voor de schade die zij ondervinden door de verhoging van het waterpeil (maatregel VH1.1). De tweede fase is een gedeeltelijke peilverhoging over het volledig projectgebied (maatregel H1.2). De gebruikers worden jaarlijks vergoed voor de schade die zij ondervinden door de verhoging van het waterpeil, waarbij rekening wordt gehouden met de reeds uitbetaalde vergoedingen in fase 1. In fase 2 wordt ook de waterkering aangelegd (maatregel A5) en de hydrologische isolatie uitgevoerd (maatregelen A3 en H2). De derde fase is een peilverhoging in functie van natuur (maatregel H1.3). Deze fase kan van start gaan van zodra de aanleg van de waterkering voltooid is, van zodra een aanzienlijk deel van de gronden aangekocht is en van zodra een afdoende oplossing bestaat voor alle betrokken bedrijven door middel van ruil, vergoeding of een andere oplossing. Voor de vergoedingen zal in die fase gekozen worden voor een jaarlijkse of éénmalige vergoeding van de schade aan de resterende eigenaars en gebruikers. Ook hier wordt rekening gehouden met de reeds uitbetaalde vergoedingen in fase 1 en fase 2. 9

11 Tabel 1: projectfasering en timing Deelactie Timing FASE Wegverhoging (A4) Moerasherstel (I1, I2, G1, G2, G3, G4, G5, W2, E2, G6) FASE Verhoging pompcapaciteit (A1) Gelijktijdige Peilaanpassing fase 1 (H1.1, VH1.1) Uitvoering Vervanging stuw Stenensluisvaart door fijngeregelde stuw (A2) FASE peilaanpassing fase 2 (H1.2, VH1.2) Hydrologische isolatie (H2, A3) Aanleg waterkering (A5) FASE 3 peilaanpassing fase 3 (H1.3, VH1.3) Gelijktijdige Vergunning Na voltooiing waterkering Hieronder worden de maatregelen uitvoerig toegelicht. De maatregelen die hieronder vermeld worden, maar niet in bovenstaande tabel opgenomen zijn, zullen uitgevoerd worden van zodra de gronden die ervoor benodigd zijn, verworven zijn Reeds gelokaliseerde maatregelen Voor de ligging van deze maatregelen wordt verwezen naar Kaart 2. Infrastructuur- en kavelwerken I1: inrichten visputten Kempynck en Kleine Blankaart als vijvercomplex met rietpartijen De visputten van Kempynck en de Kleine Blankaart zijn eigendom van de vzw Natuurpunt. Dit vijvercomplex, dat aansluit bij de Blankaartvijver zal ingericht worden voor rietmoerasvogels. Van alle vijvers zal het slib geruimd worden. Bij de ruiming zullen de vissen opgevangen worden. Na de ruiming zullen soorten zoals snoek selectief teruggeplaatst worden. De bomen op de scheidingswallen tussen de vijvers worden gekapt en de scheidingswallen zelf worden afgegraven met de bedoeling een afwisseling tussen rietkragen en open water te creëren. In totaal zullen 0,70 ha bos gerooid worden. Een aantal van de vijvers uit dit vijvercomplex is omgeven door een ringdijk. Deze wordt op een hoogte van 3,50 m TAW gebracht. Op die manier wordt de instroom van het eutrofe water uit de Blankaartvijver in een aantal vijvers beperkt en wordt gemikt op de ontwikkeling van een waardevolle watervegetatie. De Kleine Blankaart wordt zo veel mogelijk ingericht in functie van water- en rietmoerasvogels. Oevers zullen afgegraven worden tot op rietlandniveau. Een dichtgeslibde gracht zal uitgebaggerd worden. Een deel van de grond wordt ter plaatse verwerkt. Het grondoverschot wordt afgevoerd. I2: herstel van de rietlandvegetatie in het groot rietveld van de Blankaart en aan de monding van de Steenbeek De moeraszones het groot rietveld en het rietveld aan de monding van de Steenbeek zijn eigendom van de vzw Natuurpunt. Beide moeraszones zijn sterk verruigd. Wilgen hebben de plaats ingenomen van rietland. Zowel in het Groot Rietveld als aan de monding van de Steenbeek zullen de volgende maatregelen uitgevoerd worden: - terugdringen struweel; - uitdiepen slootjes; - blootleggen van de zaadbank (zie G4). 10

12 Dit heeft als doel een goed ontwikkelde moeraszone te creëren. Het grondoverschot van de slootjes wordt afgevoerd. In het groot rietveld zal 1,6 ha bos gerooid worden. Aan de monding van de Steenbeek zal 2,38 ha bos gerooid worden. Waterhuishoudingswerken H1: wijziging van het peilbeheer Een herstel van het waterpeilbeheer met een algemene verhoging van het waterpeil is noodzakelijk. Het verhogen van het waterpeil is in eerste instantie bedoeld voor de percelen die aangekocht zijn door ANB of door Natuurpunt vzw. Het is echter onvermijdelijk dat ook omliggende percelen een invloed zullen ondervinden van de verhoging van het waterpeil. Teneinde de schade op deze percelen te begroten en een passende vergoeding te kunnen uitbetalen, is het noodzakelijk duidelijke afspraken te maken over de te hanteren waterpeilen. Bij elke fase van de peilverhoging zal een protocol opgemaakt worden tussen alle partijen die bij het waterbeheer betrokken zijn. Daarin zullen minstens volgende zaken opgenomen worden: - de te hanteren peilen in de verschillende perioden van het jaar; - de modaliteiten betreffende de inlaat van water van buiten het gebied; - de wijze en plaats van meting van de peilen; - de wijze van beheer van het waterpeil en van de infrastructuur voor peilbeheersing, zoals de stuwen en de pompstations. - de verantwoordelijkheid voor de verschillende onderdelen van het peilbeheer; - de wijze van evalueren van de waterpeilen; Meer in detail wordt voor het herstel van het waterpeil onderstaande fasering voorgesteld. H1.1: Gedeeltelijke verhoging van het waterpeil in de zone van de Blankaartvijver Teneinde snel vooruitgang te kunnen boeken inzake de verplichtingen van België voor het naleven van de Europese vogelrichtlijn zal in een eerste fase het waterpeil in de zone van de Blankaartvijver gedeeltelijk verhoogd worden door het instellen van een hoger peil ter hoogte van de stuw op de Stenensluisvaart. Volgend peilregime wordt voorgesteld: 1 december 31 januari: minimumpeil 2,90 m TAW 1 februari - 15 oktober: minimumpeil 2,70 m TAW 16 oktober 30 november: minimumpeil 2,80 m TAW De beschreven minimumpeilen zijn gebiedspeilen op basis waarvan ook de vergoedingen zullen berekend worden. De referentie voor de minimumpeilen wordt genomen op de Blankaartvijver. Concrete afspraken met de waterloopbeheerder en met de VMW zullen verzekeren dat de voorgestelde peilen ook effectief op het terrein zullen uitgevoerd worden. De schade die ontstaat aan het gebruik van deze percelen zal vergoed worden aan de gebruiker. H1.2: Gedeeltelijke verhoging van het waterpeil in het volledige projectgebied In een tweede fase wordt het waterpeil gedeeltelijk verhoogd in het volledige projectgebied. Dit gebeurt door het instellen van een hoger aanslag- en afslagpeil aan het pompstation op de Stenensluisvaart. Hetzelfde peilregime als in maatregel H1.1 wordt voorgesteld. De referenties voor de streefpeilen en de minimumpeilen worden genomen ter hoogte van de Zanddam voor het Merkembroek en ter hoogte van de Blankaartvijver voor de zone van de vijver. 11

13 Gezien de mogelijke effecten van een peilverhoging in het volledige projectgebied op de waterbeheersing in het bekken van de Engelendelft dient gelijktijdig met deze maatregel ook maatregel H2 (hydrologische isolatie bekken Engelendelft) uitgevoerd te worden. Concrete afspraken met de waterloopbeheerder en met de VMW zullen verzekeren dat de voorgestelde peilen ook effectief op het terrein zullen uitgevoerd worden. Indien in het Blankaartgebied voldoende gronden aangekocht zouden zijn en er een afdoende oplossing bestaat voor alle betrokken bedrijven door middel van ruil, vergoeding, hydrologische isolatie of een andere oplossing, kan in fase 2 het peil in de zone van de Blankaartvijver reeds verder verhoogd worden. De schade die ontstaat aan het gebruik van deze percelen zal vergoed worden aan de gebruiker. H1.3: Instelling van een waterpeil optimaal voor natuur in het volledige projectgebied In een derde fase wordt het waterpeil verhoogd in het volledige projectgebied, volgens een peil dat optimaal is voor natuur, en zoals bepaald in het raamakkoord. Deze fase kan van start gaan van zodra de aanleg van de waterkering voltooid is, van zodra een aanzienlijk deel van de gronden aangekocht is en van zodra een afdoende oplossing bestaat voor alle betrokken bedrijven door middel van ruil, vergoeding of een andere oplossing. Het verhogen van het peil gebeurt door het instellen van een hoger aanslag- en afslagpeil aan het pompstation op de Stenensluisvaart. Mogelijke peilen worden besproken in hoofdstuk 0. Bij de start van fase 3 wordt echter, aan de hand van de ervaringen die opgedaan werden bij de vorige fases, het werkelijk in te stellen peil afgesproken. De schade die ontstaat aan het gebruik van niet aangekochte percelen zal vergoed worden aan de gebruiker. Grondwerken G1: Verbreden en verdiepen greppels en laagtes in het Neckersbroek en het Soetensbroek Op de percelen die de vzw Natuurpunt aangekocht heeft in het Neckersbroek en het Soetensbroek worden slootjes verdiept en verbreed en laagtes verder uitgegraven teneinde de rietvegetatie uitbreiding te laten nemen. Het grondoverschot wordt afgevoerd. G2: Verbreden en verdiepen van de Separaatgracht Delen van de Separaatgracht zullen verbreed en verdiept worden teneinde de toegankelijkheid van het rietmoeras voor landpredatoren te verminderen, zodat het broedsucces van broedende moerasvogels verbetert. Het grondoverschot wordt afgevoerd. G3: Graven van een plasberm langs de Kerkevaart De Kerkevaart is een waterloop van tweede categorie. De aangrenzende percelen aan de noordzijde van de Kerkevaart zijn eigendom van de vzw Natuurpunt. De afwateringsfunctie van deze waterloop is nagenoeg onbestaande. Langs de noordzijde van de Kerkevaart zal een plasberm van 5 m breed gegraven worden teneinde brede ondiepe zones te creëren waar moerasvogels kunnen foerageren. Het grondoverschot wordt afgevoerd. G4: Blootleggen van de zaadbank in de rietmoerassen rond de Blankaartvijver In het moeras aan de Blankaartvijver zullen op bepaalde plaatsen graafwerken uitgevoerd worden, met de bedoeling de oude zaadbank opnieuw aan te spreken. G5: Afschuinen van oevers Teneinde waadzones te creëren voor steltlopers zullen de oevers aan de Keel van de Blankaart en aan de monding van de Rhonebeek afgeschuind worden. Dit creëert ook mogelijkheden voor oevervegetaties. Beide oevers zijn eigendom van de vzw Natuurpunt. Het grondoverschot wordt afgevoerd. 12

14 Aanpassen van de wegen en het wegenpatroon W1 afsluiten toegangswegen Rillebroek, Neckersbroek, Vijfhuizenbroek en Merkembroek voor gemotoriseerd verkeer De twee aantrekkelijkste gebieden voor vogels zijn de laagst gelegen graslanden van het Rillebroek, Neckersbroek, Vijfhuizenbroek en het Merkembroek. Verstoring is vooral in deze zones ongewenst. Daarom wordt voorgesteld de toegangswegen naar het Rillebroek (insteekweg die vertrekt van de Noordbroekstraat), Neckersbroek (insteekweg tussen Kerkevaart en Houtensluisvaart, vertrekkende van de Zuidbroekstraat) en Merkembroek (verbinding Knokkestraat - Westbroekstraat) af te sluiten voor gemotoriseerd verkeer. Verkeer dat deze wegen gebruikt als ontsluitingswegen, zoals landbouwverkeer, verkeer voor het beheer van de waterlopen of van het waterproductiecentrum, zal deze wegen kunnen blijven gebruiken. W2: plaatselijk verhogen van het Blankaartpad Teneinde de toegankelijkheid van het Blankaartpad ook bij een hoger waterpeil gedurende een groot deel van het jaar te blijven verzekeren zal het peil van het Blankaartpad in het Neckersbroek verhogen. De toegankelijkheid in de wintermaanden zal echter beperkt blijven om de rust te verzekeren. Uitbouw van natuureducatieve voorzieningen E1: voorzien van uitkijkplatforms voor vogelobservatie De recreatie in het gebied kent een duidelijke tweedeling. In de zomer wordt het gebied voornamelijk bezocht door wandelaars. De bestaande wandelinfrastructuur is hiervoor voldoende uitgerust. In de winter wordt het gebied voornamelijk bezocht voor vogelobservatie en zijn de wandelpaden vaak niet meer toegankelijk door de hoge waterstand. Het wijzigen van het peilbeheer zal dit nog versterken. Teneinde tijdens de winter enerzijds de rust te behouden in het Rillebroek, Neckersbroek, Vijfhuizenbroek en het Merkembroek en anderzijds het gebied aantrekkelijk te maken voor vogelobservatie zullen twee uitkijkplatforms voorzien worden aan de rand van deze gebieden en met uitzicht erop. Ze zullen gebouwd worden op percelen in eigendom van vzw Natuurpunt of het Agentschap voor Natuur en Bos. De exacte locatie van deze maatregel ligt nog niet vast. E2: Natuurtechnische inrichting ter hoogte van de kijkhut aan de Rhonebeek Het perceel voor de kijkhut aan de monding van de Rhonebeek is eigendom van de vzw Natuurpunt. Op dit perceel zullen graafwerken plaats vinden in functie van steltlopers. De grond wordt zo veel mogelijk ter plaatse verwerkt. Maatregelen uit te voeren door andere administraties in het kader van het natuurinrichtingsproject A1: verhogen van de capaciteit van het pompstation op de Stenensluisvaart (uitvoering door VMM, afdeling Water) De ligging van het pompstation op de Stenensluisvaart wordt voorgesteld op Kaart 2. De pompcapaciteit van het pompstation bedraagt op dit moment 1,60 m 3 /s. De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), afdeling Water zal deze pompcapaciteit verhogen tot 4,00 m 3 /s. Hiermee wordt beoogd de duur van zomeroverstromingen zoals die zich bijvoorbeeld in 2005 hebben voorgedaan, te beperken. Dit komt zowel de natuur als de landbouw ten goede. Dit pompstation mag echter het voorkomen van winteroverstromingen niet verminderen. De exacte wijze van beheer van het pompstation zal vastgelegd worden in een protocol dat zal opgesteld worden met alle partijen die betrokken zijn bij het waterbeheer. Eén van de mogelijkheden bestaat erin om de volle capaciteit van het pompstation slechts in te stellen boven een bepaald peil. Onder dat peil wordt slechts een capaciteit van 1,6 m 3 /s benut. Een andere mogelijkheid is om de volle capaciteit van het pompstation tijdens bepaalde maanden niet in te zetten. 13

15 Het verhogen van de capaciteit van het pompstation op de Stenensluisvaart dient gelijktijdig te gebeuren met de peilverhoging beschreven in maatregel H1.1. Een vroegtijdige uitvoering zal immers een negatieve impact hebben op de staat van instandhouding van het Europese vogelrichtlijngebied. Anderzijds beperkt het inschakelen van een hogere pompcapaciteit de schade van een hoger waterpeil op hoger gelegen percelen. A2: Vervanging van de balkenstuw op de Stenensluisvaart door een fijngeregelde stuw (uitvoering door VMM, afdeling Water) De ligging van de balkenstuw op de Stenensluisvaart wordt voorgesteld op Kaart 2. Het water in de Kerkebeek en de Noordkantvaart is door de overstortwerking vaak sterk vervuild. Het water uit de zone van de Blankaartvijver is over het algemeen beter van kwaliteit. De stuw op de Stenensluisvaart vervult een belangrijke rol voor het buiten houden van het vervuilde water. Anderzijds wordt ze benut om in de zone van de Blankaartvijver een hoger peil te hanteren. Gezien zijn functie als waterkering van vervuild water is het op korte termijn onmogelijk om deze stuw te verwijderen, zelfs indien ze voor het beheer van een hoger peil niet meer noodzakelijk zou zijn. De inspectie van de stuw heeft uitgewezen dat de bediening ervan niet meer voldoet aan de veiligheidsnormen. Teneinde een efficiënt peilbeheer mogelijk te maken, zonder overlast te creëren buiten de laaggelegen percelen, zal de balkenstuw vervangen worden door een fijngeregelde stuw, bijvoorbeeld een klepstuw, met een automatische regeling in functie van het waterpeil. A3: Hydrologische isolatie van het bekken van de Engelendelft (uitvoering door VMM, afdeling Water) De verhoging van het waterpeil heeft de bedoeling gunstiger leefomstandigheden te creëren voor vogels op de percelen die aangekocht worden door Natuurpunt of door ANB. Deze peilverhoging zal echter ook ongewenste effecten veroorzaken op percelen die niet aangekocht worden. Concrete afspraken voor hydrologische isolatie bestaan reeds voor de Engelendelft. De ligging van dit bekken wordt voorgesteld op Kaart 2. Het huidig peil in deze zone zal behouden blijven door de plaatsing van een nieuw pompstation dat het water van het bekken van de Engelendelft zal overpompen in het kanaal Ieper-IJzer. Deze werken zullen uitgevoerd worden door de VMM, afdeling Water. Gezien de relatie met een peilverhoging in het Merkembroek, zullen deze werken gelijktijdig uitgevoerd worden met de peilverhoging beschreven in maatregel H1.2. De wijze van beheer van het pompstation zal beschreven worden in een protocol dat zal opgesteld worden tussen alle partijen betrokken bij het waterbeheer. Gezien de ligging in vogelrichtlijngebied mag het pompstation geen verlaging van het waterpeil veroorzaken. Door de uitvoering van deze maatregel wordt 110 ha landbouwgrond gevrijwaard van schade. A4: uitvoeren van een wegverhoging (uitvoering door het Agentschap Waterwegen & Zeekanaal NV) Het raamakkoord voorziet in de aanleg van een waterkering gecombineerd met een wegverhoging. Deze werken zijn niet het gevolg van de voorgestelde wijziging van het peilbeheer. Dit wordt geïllustreerd in Figuur 1. De wegverhoging dient om de woningen, landbouwbedrijven en het drinkwaterproductiecentrum bereikbaar te houden bij extreme waterpeilen. Studies wijzen uit dat de wijziging van het peilbeheer heel weinig invloed heeft op deze extreme peilen. 14

16 De aanleg van de wegverhoging zal gebeuren door het Agentschap Waterwegen & Zeekanaal (W&Z NV). Voor deze maatregel werd reeds een MER opgemaakt en conform verklaard op 29 juni A5: aanleg van een waterkering (uitvoering door W&Z NV in samenwerking met VMM, afdeling Water) Het raamakkoord voorziet in de aanleg van een waterkering gecombineerd met een wegverhoging. Deze werken zijn niet het gevolg van de voorgestelde wijziging van het peilbeheer. Dit wordt geïllustreerd in Figuur 1. De waterkering dient de gebouwen op de grens tussen het zandleemgebied en het poldergebied te beschermen tegen extreme waterpeilen. De aanleg van de waterkering zal gebeuren door het Agentschap Waterwegen & Zeekanaal (W&Z NV) in samenwerking met de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) afdeling Water. De kruin van de dijk zal op 5,00 m TAW gelegen zijn. Dit is 50 cm hoger dan het hoogste waterpeil dat te verwachten is. Een studie, uitgevoerd door de afdeling Waterbouwkundig Laboratorium en Hydrologisch Onderzoek, heeft uitgewezen dat het inschakelen van de Lovaart in de afwatering van de IJzer, en een regelmatige baggering van de IJzer, er zullen voor zorgen dat het maximum peil van 4,80 m TAW dat zich heeft voorgedaan in de winter van , met 40 cm zal dalen (afdeling Waterbouwkundig Laboratorium en Hydrologisch Onderzoek, 2005). Tijdens perioden van hoogwater zal de afwatering van het binnendijkse gebied gebeuren door een combinatie van een langsgracht en pompstations. De Cel Milieu-Effect-Rapportering (MER) verklaarde het MER voor de waterkering conform op 29 juni Uit dit MER blijkt dat een belangrijke voorwaarde voor de aanleg van de waterkering de gelijktijdige verhoging van het waterpeil is. Bijgevolg kan deze waterkering niet aangelegd worden voor de verhoging van het waterpeil uit maatregel H1.2. Voor deze maatregel werd reeds een MER opgemaakt en conform verklaard op 29 juni Figuur 1: schematische voorstelling van de waterkering en de waterpeilverhoging 15

17 1.5.2 Maatregelen waarvan de realisatie afhankelijk zal zijn van verwerving of overeenkomsten of niet gelokaliseerde maatregelen Infrastructuur- en kavelwerken I3: verwijderen en verplaatsen van prikkeldraadafsluiting Eventueel zal, in functie van het gewenste beheer op de aangekochte percelen, prikkeldraadafsluiting verwijderd of verplaatst worden. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. I4: inrichting Eendenkooi Merkembroek (cofinanciering door een nader te bepalen partner) De Eendenkooi is een belangrijke cultuurhistorische site in het gebied. Indien deze site aangekocht wordt, kunnen maatregelen getroffen worden om deze te beschermen en/of op te waarderen. Voor de financiering van deze maatregel zal gezocht worden naar een externe partner. I5: afbreken storende constructies Waar percelen aangekocht worden met storende constructies zullen deze afgebroken worden. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. I6: verwijderen van streekvreemde beplanting en uitvoeren van beplantingen Waar percelen aangekocht worden met streekvreemde beplanting zal deze verwijderd worden en eventueel vervangen worden door streekeigen beplanting. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. I7: maatregelen ter bevordering van de vismigratie (cofinanciering door een nader te bepalen partner) In eerste instantie zal er over gewaakt worden dat nieuwe knelpunten voor vismigratie zo veel als mogelijk vermeden worden. Er zal gestreefd worden naar het opheffen van zo veel als mogelijk knelpunten. Nieuwe constructies worden visvriendelijk uitgevoerd of bij bestaande knelpunten worden constructies voorzien die de migratie van vissen bevorderen. Overleg zal gepleegd worden met het drinkwaterproductiecentrum (WPC) om de inname van water tijdens de trek van de schieraal in het najaar zo veel mogelijk te beperken of om maatregelen uit te werken die het ophopen van de schieraal aan het WPC dienen te vermijden. Voor de financiering van deze maatregel zal gezocht worden naar een externe partner. Waterhuishoudingswerken H2: hydrologische isolatie van percelen grenzend aan de bedrijfszetel Het is in eerste instantie de bedoeling om daar waar mogelijk de effecten van de peilverhoging op niet aangekochte percelen te vermijden. De belangrijkste maatregel die hieraan uitvoering geeft is de hydrologische isolatie van het bekken van de Engelendelft. In zoverre het noodzakelijk en technisch haalbaar is, zullen daarnaast ook de percelen die cruciaal zijn voor de bedrijfsvoering van een aantal bedrijven hydrologisch geïsoleerd worden. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. 16

18 Grondwerken G6: Verbreden en verdiepen van slootjes en laagtes op aangekochte percelen in het Merkembroek, in de omgeving van het spaarbekken en in de omgeving van de Rapestraat Op de percelen die ANB aangekocht heeft in het Merkembroek, in de omgeving van het spaarbekken en in de omgeving van de Rapestraat worden slootjes verdiept en verbreed en laagtes verder uitgegraven teneinde de rietvegetatie uitbreiding te laten nemen. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. G7: Graven van plasbermen langs aangekochte percelen in het Merkembroek, in de omgeving van het spaarbekken en in de omgeving van de Rapestraat Op de percelen die ANB aangekocht heeft in het Merkembroek, in de omgeving van het spaarbekken en in de omgeving van de Rapestraat worden plasbermen gegraven teneinde de rietvegetatie uitbreiding te laten nemen. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. G8: Uitvoeren van plagwerken op aangekochte percelen in het Merkembroek Op percelen die ANB aankoopt in het Merkembroek zullen plagwerken uitgevoerd worden met de bedoeling de oude zaadbank opnieuw aan te spreken. De exacte locatie van deze maatregel zal in een latere fase bepaald worden. 1.6 Voorbije en verdere besluitvormingsprocedure Het natuurinrichtingsproject De Blankaart werd ingesteld bij Ministerieel Besluit van 24 november 2006 nadat voor het project een onderzoek naar de haalbaarheid werd uitgevoerd. Dit onderzoek geeft aan of natuurinrichting in een bepaald gebied al dan niet mogelijk is. Daartoe werden diverse aspecten van het onderzoeksgebied bestudeerd: de bodem, de waterhuishouding, het landschap, het grondgebruik, de fauna en flora, enzovoort. Ook werd een landschapsecologische en socio-economische studie van het projectgebied uitgevoerd. Tussen 24 november 2006 en juni 2007 heeft ANB, bijgestaan door de VLM een projectrapport opgemaakt. Het projectrapport beschrijft de nodig geachte maatregelen voor de natuurinrichting en de mogelijke manieren om de maatregelen uit te voeren. Het bevat ook administratieve gegevens en beleidsgegevens over het projectgebied. Tevens wordt een projectcomité en een projectcommissie opgericht die de minister zal adviseren tijdens het verloop van het project. In het projectcomité zetelen vertegenwoordigers van de betrokken overheden en de betrokken belangengroepen. Bijvoorbeeld: natuurverenigingen, landbouwkamers. Het projectcomité adviseert de bevoegde minister over de maatregelen die getroffen moeten worden. Daarnaast is het comité ook belast met de uitvoering van het project. De projectcommissie is samengesteld uit de belanghebbenden (eigenaars en gebruikers) bij het project en uit deskundigen. Het gaat telkens om personen uit het projectgebied of die vertrouwd zijn met dat gebied. De projectcommissie adviseert het projectcomité. In de Blankaart zal ook de stuurgroep die de uitvoering van het raamakkoord begeleidt advies verlenen over het natuurinrichtingsproject. Het comité, de commissie en de stuurgroep hebben hun advies gegeven over het projectrapport waarna het, samen met een lijst van belanghebbenden, onderworpen werd aan een openbaar onderzoek dat plaats vond van 18 juni tot 17 juli Na het bespreken van de resultaten van het openbaar onderzoek over het projectrapport, verleent het comité advies aan de minister over de maatregelen en modaliteiten die in het projectrapport zijn opgenomen. Op grond daarvan beslist de Vlaamse Minister, bevoegd voor het Leefmilieu, welke natuurinrichtingsmaatregelen uitgevoerd zullen worden en hoe dat zal gebeuren. Na de beslissing van de Vlaamse Minister bevoegd voor het Leefmilieu over de natuurinrichtingsmaatregelen bereidt het comité de uitvoering ervan voor aan de hand van gedetailleerde 17

19 gegevens en plannen. Het comité legt al die gegevens en plannen voor advies voor aan de projectcommissie. Het projectcomité stelt na een tweede openbaar onderzoek en na een adviesprocedure de gegevens en de plannen, het zogenaamde projectuitvoeringsplan, vast. Indien nodig kunnen meerdere projectuitvoeringsplannen opgemaakt worden. De daadwerkelijke uitvoering van werken op het terrein is in handen van de Vlaamse Landmaatschappij en van de overheidsdiensten of personen aangeduid in het uitvoeringsprogramma. Het comité coördineert de uitvoering van het project. Indien het natuurinrichtingsproject gepaard gaat met wijzigingen aan de eigendomstoestand of het gebruik van percelen, bijvoorbeeld door het aanleggen van nieuwe wegen, het ruilen van gronden of het verhogen van de watertafel, laat het projectcomité een notaris de akte opmaken. Die akte legt de nieuwe eigendoms- en gebruikstoestand vast, samen met de data voor ingebruikneming van de percelen en de financiële verrichtingen erbij. Na het uitvoeren van de inrichtingswerken wordt nagegaan hoe de natuur zich verder ontwikkelt; blijven of verschijnen inderdaad de soorten waarvoor de maatregelen en werken bedoeld waren? Om de effectiviteit van de maatregelen na te gaan en bij te sturen indien nodig worden de veranderingen aan het milieu, flora en fauna nauwgezet opgevolgd gedurende een aantal jaar, beginnende het jaar voor de uitvoering van de werken. De resultaten worden beschreven in het natuurrapport dat tweejaarlijks verschijnt. 18

20 DEEL 2 J URIDISCH EN BELEIDSMATIG KADER 2.1 Juridisch kader Ruimtelijke ordening Gewestplan De ruimtelijke bestemming van het natuurinrichtingsproject wordt aangeduid op het gewestplan Diksmuide-Torhout. De verschillende bestemmingen worden in Tabel 2 en in Kaart 3 voorgesteld. Het grootste deel van het projectgebied is aangeduid als valleigebied (683 ha), waarin slechts landbouwwerken mogen worden uitgevoerd die het natuurlijk milieu van planten en dieren en de landschappelijke waarde niet schaden. 88 ha bestaat uit agrarisch gebied of landschappelijk waardevol gebied. Het zijn voornamelijk de gronden die zich op de overgang tussen zandleemstreek en polder bevinden. Daarnaast zijn de omgeving van de Blankaartvijver en de eendenkooi in het Merkembroek ingekleurd als natuurgebied (52 ha). De Blankaartvijver, de aanpalende hooilanden en de eendenkooi aan de vijver zijn bovendien aangeduid als natuurgebied met wetenschappelijke waarde of natuurreservaten (91 ha). Op dit moment is een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) voor het gebied in opmaak. In dat RUP zou in het grootste deel van het projectgebied de hoofdfunctie natuur worden. Een kleiner deel zou ingekleurd worden als verwevingsgebied. Tabel 2: Gewestplanbestemmingen in het natuurinrichtingsproject Omschrijving Ligging Oppervlakte (ha) valleigebieden algemeen 683 gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbaar nut omgeving drinkwaterspaarbekken en toegangsweg waterzuiveringsstation gebied voor dagrecreatie Woumen 3 natuurgebied ten noorden van de 52 Blankaartvijver natuurgebied met wetenschappelijke waarde of Blankaartvijver en eendenkooi 91 natuurreservaat agrarisch gebied overgang polderzandleemstreek 2 landschappelijk waardevol gebied overgang polder-zandleem en 87 omgeving Merkem ontginningsgebied ten noorden van de Blankaartvijver 7 1 Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen Met het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen wordt de aanzet gegeven voor een nieuw beleid inzake ruimtelijke ordening in Vlaanderen. Het RSV is door de Vlaamse regering op 24 september 1997 definitief goedgekeurd. Het Vlaamse Parlement heeft de bindende bepalingen bekrachtigd op 17 december 1998 (BS 21 maart 1998). Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV) is een beleidsdocument dat het kader aangeeft voor de gewenste ruimtelijke structuur van Vlaanderen en geeft een lange termijnvisie op de ruimtelijke ontwikkeling van dit gebied. Het is erop gericht samenhang te brengen in de voorbereiding, de vaststelling en de uitvoering van beslissingen die de ruimtelijke ordening aanbelangen (art.3, decreet ruimtelijke planning). Als bestaande ruimtelijke structuur voor het natuurinrichtingsproject kan in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen het volgende worden teruggevonden: 19

21 Bestaande natuurlijke structuur De IJzervallei wordt beschouwd als een structuurbepalende riviervallei in Vlaanderen. Ze wordt gekenmerkt door winterinundaties, wat bijzondere milieuomstandigheden geeft. De graslanden en vogelgebieden van het Oud- en Middenland, waartoe ook de IJzerbroeken behoren, worden beschouwd als een structuurbepalend natuurgebied op Vlaams niveau Bestaande agrarische structuur De provincie West-Vlaanderen is een structuurbepalende regio op Vlaams niveau wat de landbouw betreft. Dit komt onder meer tot uiting in het totaal aantal landbouwbedrijven en in de totale oppervlakte landbouwgrond. Diksmuide en Houthulst zijn gemeenten waar meer dan 70% van de oppervlakte uit agrarisch gebied bestaat. Bestaande nederzettingsstructuur De IJzervallei is een gebied met in hoofdzaak geconcentreerde en historisch verspreide bebouwing. De woningen en boerderijen situeren zich in en rond het projectgebied op de rand van de vallei. Als gewenste ruimtelijke structuur voor het natuurinrichtingsproject kan in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen het volgende worden teruggevonden: De IJzervallei situeert zich duidelijk in het buitengebied. Het begrip buitengebied heeft, in de ruimtelijke planning en in het bijzonder in de ruimtelijke structuurplannen, een beleidsmatige inhoud. Het is het gebied waar een buitengebiedbeleid gevoerd wordt. Dit beleid heeft betrekking op de natuurlijke structuur, de agrarische structuur, de nederzettingsstructuur en de infrastructuur. De elementen van gewenste ruimtelijke structuur in het buitengebied die van belang zijn voor het project worden hieronder opgesomd. In het buitengebied wordt een dynamische en duurzame ontwikkeling gegarandeerd zonder het functioneren van de structuurbepalende functies van het buitengebied (landbouw, natuur, bos, wonen en werken op het niveau van het buitengebied) aan te tasten. De afbakening van de gebieden van de agrarische structuur en de bosstructuur moet nog gebeuren op Vlaams niveau. Er wordt een gebiedsgericht ruimtelijk beleid gevoerd voor de gebieden van de natuurlijke structuur. Specifiek met betrekking tot het ruimtelijk beleid van rivieren wordt gesteld dat dit moet worden ontwikkeld in relatie tot de omgevende valleien. Dit betekent dat er ruimtelijke voorwaarden worden gecreëerd die het integraal waterbeheer ondersteunen en die de relaties tussen de waterloop en de omgevende vallei versterken. Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan West-Vlaanderen (PRS) De bestendige deputatie van de Provincie West-Vlaanderen heeft op 6 december 2001 het provinciaal ruimtelijk structuurplan West-Vlaanderen (PRS) goedgekeurd. Het plan werd op 6 maart 2002 door de bevoegde minister goedgekeurd. Dit beleidsplan stelt een ruimtelijk kader voor het provinciale beleid op langere termijn voorop. Het schept voor de Provincie de voorwaarden en de mogelijkheden om het ruimtegebruik in West-Vlaanderen bij te sturen en te ontwikkelen, niet alleen door provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen op te maken, maar ook door gemeentelijke structuur- en uitvoeringsplannen goed te keuren en door op het terrein specifieke projecten te ondersteunen en te realiseren. In de bestaande ruimtelijke natuurlijke structuur van West-Vlaanderen wordt de IJzervallei als structuurbepalende riviervallei aangeduid. In het PRS wordt de provincie opgedeeld in deelruimtes. Die deelruimtes zijn gebaseerd op gemeenschappelijke potenties, knelpunten en identiteit en kunnen elkaar overlappen. Het natuurinrichtingsproject is gelegen in de deelruimte: Heuvel-IJzerruimte. De visie voor dit gebied is dat de dynamische grondgebonden landbouw en de natuurlijke structuur in deze deelruimte een belangrijke plaats innemen. Deze ruimte biedt tevens plaats aan gedifferentieerde toeristisch-recreatieve plattelandsontwikkeling. 20

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project: De Blankaart. Initiatiefnemers:

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project: De Blankaart. Initiatiefnemers: !"#$"""%&'(( )"!*++,-#"-./0)"!*++,-#"-.+ Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing Project: De Blankaart Initiatiefnemers: Vlaamse Landmaatschappij (Velodroomstraat 28, 8200 Brugge

Nadere informatie

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project:

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project: Vlaamse Overheid Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Graaf de Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20, bus 8 1000 BRUSSEL tel: 02/553.80.79 fax: 02/553.80.75 Ontheffing tot het opstellen van een

Nadere informatie

Beslissing over het verzoek tot ontheffing van de project-mer-plicht. Duurzaam Beheerplan Boven-Zeeschelde

Beslissing over het verzoek tot ontheffing van de project-mer-plicht. Duurzaam Beheerplan Boven-Zeeschelde Vlaamse overheid Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid Dienst Mer Koning Albert II-laan 20 bus 8 1000 BRUSSEL Tel: 02/553.80.79 e-mail: mer@vlaanderen.be

Nadere informatie

Gelet op het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting, artikel 3.1.1;

Gelet op het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting, artikel 3.1.1; 1 Besluit van de Vlaamse Regering van 22 april 2016 tot goedkeuring en instelling van het landinrichtingsproject Zwinpolders (B.S., 14 juli 2016, I : 10 d. na publicatie) De Vlaamse Regering, Gelet op

Nadere informatie

Nat uur inric ht ing. De Blankaart. september 2008. Natuur en Bos

Nat uur inric ht ing. De Blankaart. september 2008. Natuur en Bos ( ( Nat uur inric ht ing project De Blankaart september 2008 Agentschap voor Natuur en Bos Inhoud Inhoud... 1 Lijst van plannen... 3 Projectfiche... 4 Inleiding... 5 Beschrijving van het natuurinrichtingsproject...

Nadere informatie

Workshop watertoets 4

Workshop watertoets 4 Workshop watertoets 4 Juridische aangelegenheden VMM 1 Watertoets Doel : nagaan of wat men vergund wil zien een schadelijk effect op watersysteem kan hebben(1). Is dat zo, dan moet men maatregelen opleggen

Nadere informatie

NATUURPUNT MALDEGEM-KNESSELARE nominatie Groene Pluim 2014

NATUURPUNT MALDEGEM-KNESSELARE nominatie Groene Pluim 2014 NATUURPUNT MALDEGEM-KNESSELARE nominatie Groene Pluim 2014 NATUURPUNT vzw Een onafhankelijke organisatie gedragen door vrijwilligers grootste natuurbeschermingsorganisate in Vlaanderen eind 2001 opgericht

Nadere informatie

HOE REAGEREN OP DE KENNISGEVING VAN EEN PLAN- MILIEUEFFECTRAPPORT?

HOE REAGEREN OP DE KENNISGEVING VAN EEN PLAN- MILIEUEFFECTRAPPORT? HOE REAGEREN OP DE KENNISGEVING VAN EEN PLAN- MILIEUEFFECTRAPPORT? 1. Wat is een milieueffectrapport? Er wordt een bepaald project of plan opgevat in uw gemeente. De uitvoering daarvan zal mogelijk effecten

Nadere informatie

PERSMEDEDELING VAN DE VLAAMSE OVERHEID 7 november 2012 VLAAMSE REGERING KIEST VOOR BREED OVERLEG BIJ UITVOERING PLANNEN HAVEN VAN ANTWERPEN

PERSMEDEDELING VAN DE VLAAMSE OVERHEID 7 november 2012 VLAAMSE REGERING KIEST VOOR BREED OVERLEG BIJ UITVOERING PLANNEN HAVEN VAN ANTWERPEN PERSMEDEDELING VAN DE VLAAMSE OVERHEID 7 november 2012 VLAAMSE REGERING KIEST VOOR BREED OVERLEG BIJ UITVOERING PLANNEN HAVEN VAN ANTWERPEN Centraal Netwerk geïnstalleerd Vandaag werd in Antwerpen het

Nadere informatie

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project: Aanleg hoogspanningsleiding Zandvliet-Lillo.

Ontheffing tot het opstellen van een MER. Ontheffingsbeslissing. Project: Aanleg hoogspanningsleiding Zandvliet-Lillo. Vlaamse overheid Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid Dienst Milieueffectrapportage Koning Albert II-laan 20 bus 8, 1000 BRUSSEL Tel. (02)553 80 79 - Fax

Nadere informatie

Jouw stem in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan

Jouw stem in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Jouw stem in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Toelichting van de inspraakprocedure voor de realisatie van de projectgebieden van het Sigmaplan. weg van water uitvoeringsplan.indd 1 15/06/2009

Nadere informatie

Art. 14. Art. 15. Art. 16.

Art. 14. Art. 15. Art. 16. N. 2000 2153 [C 2000/35885] 17 JULI 2000. Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 17 oktober 1988 tot aanwijzing van speciale beschermingszones in de zin

Nadere informatie

Grondmobiliteit versterken via het decreet landinrichting

Grondmobiliteit versterken via het decreet landinrichting Grondmobiliteit versterken via het decreet landinrichting Decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting Uitvoeringsbesluit van 6 juni 2014 betreffende de landinrichting 22 juni 2015 Grondmobiliteit

Nadere informatie

Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe

Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Compensatieverordening gemeente Midden-Drenthe Verordening vastgesteld: 26-06-2003 In werking getreden: 15-09-2003 COMPENSATIEVERPLICHTING Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan

Nadere informatie

Code goede natuurpraktijk

Code goede natuurpraktijk Code goede natuurpraktijk Praktijkvoorbeelden waterlopenbeheer Maarten Van Aert Afdeling Operationeel Waterbeheer Inhoud CGNP en beheer van waterlopen Planmatige aanpak onderhoud Praktijkvoorbeelden Maaibeheer

Nadere informatie

BRIEFADVIES. van 19 januari 2012

BRIEFADVIES. van 19 januari 2012 BRIEFADVIES van 19 januari 2012 over de erkenningsaanvraag van het natuurreservaat Hof ten Berg te Galmaarden (Vlaams-Brabant) en Geraadsbergen (Oost-Vlaanderen) 12 11 Mevrouw Marleen Evenepoel Administrateur-generaal

Nadere informatie

Een overzicht van de mer-procedure en bespreking van de terinzagelegging van de kennisgeving

Een overzicht van de mer-procedure en bespreking van de terinzagelegging van de kennisgeving WOORD VOORAF: Een overzicht van de mer-procedure en bespreking van de terinzagelegging van de kennisgeving De bedoeling van dit voorwoord is om een kort overzicht te geven van de mer-procedure. Tevens

Nadere informatie

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING,

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING, VLAAMSE REGERING Besluit van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voor de afbakening van de gebieden van de natuurlijke en de agrarische

Nadere informatie

Brussel, 9 februari 2005 Advies reparatiedecreet. Advies

Brussel, 9 februari 2005 Advies reparatiedecreet. Advies Brussel, 9 februari 2005 Advies reparatiedecreet Advies Voorontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en van het decreet betreffende

Nadere informatie

afbakening van de gebieden van de natuurlijke en agrarische structuur

afbakening van de gebieden van de natuurlijke en agrarische structuur gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening van de gebieden van de natuurlijke en agrarische structuur regio Waasland gebieden van het geactualiseerd Sigmaplan Durmevallei Bijlage II: stedenbouwkundige

Nadere informatie

Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen

Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen Bijlage II stedenbouwkundige voorschriften gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen

Nadere informatie

afbakening zeehavengebied Antwerpen

afbakening zeehavengebied Antwerpen gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening zeehavengebied Antwerpen Havenontwikkeling linkerscheldeoever Bijlage VIb: onderzoek tot milieueffectrapportage deelgebied polder tussen Verrebroek en

Nadere informatie

Perceelswerken NU! Tope Tegoare Oproep 2014 SUBSIDIEREGLEMENT

Perceelswerken NU! Tope Tegoare Oproep 2014 SUBSIDIEREGLEMENT Landinrichtingsproject Jabbeke Wingene Inrichtingsplan Groenhove Vrijgeweid Perceelswerken NU! Tope Tegoare Oproep 2014 SUBSIDIEREGLEMENT Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Wie kan de subsidie aanvragen?... 2

Nadere informatie

adviezen n.a.v. planmer-screening

adviezen n.a.v. planmer-screening adviezen n.a.v. planmer-screening RUP nr. 6 Kragenwiel gemeente Bornem september 2012 ADVIES ONTWERPER colofon project: RUP Kragenwiel opdrachtgever: GEMEENTE BORNEM opdrachtnemer: OMGEVING cvba uitbreidingstraat

Nadere informatie

Betreft: Advies over de planmer-screening met betrekking tot wijziging RUP zonevreemd bedrijf Nieuwmoer te Kalmthout Aanvrager: gemeente Kalmthout

Betreft: Advies over de planmer-screening met betrekking tot wijziging RUP zonevreemd bedrijf Nieuwmoer te Kalmthout Aanvrager: gemeente Kalmthout Vlaamse Overheid Koning Albert II laan 20 bus 16 1000 BRUSSEL T 02 214 21 11 F 02 553 21 05 www.vmm.be Urbis et Terra Schaffensestraat 3 3290 DIEST uw bericht van uw kenmerk ons kenmerk bijlagen 2/2/2017

Nadere informatie

PROVINCIE ANTWERPEN STAD HERENTALS GEMEENTE GROBBENDONK RUIMTELIJK UITVOERINGSPLAN HAZENPAD VERZOEK TOT RAADPLEGING BIJLAGE BUNDELING ADVIEZEN

PROVINCIE ANTWERPEN STAD HERENTALS GEMEENTE GROBBENDONK RUIMTELIJK UITVOERINGSPLAN HAZENPAD VERZOEK TOT RAADPLEGING BIJLAGE BUNDELING ADVIEZEN PROVINCIE ANTWERPEN STAD HERENTALS GEMEENTE GROBBENDONK RUIMTELIJK UITVOERINGSPLAN HAZENPAD VERZOEK TOT RAADPLEGING BIJLAGE BUNDELING ADVIEZEN bvba Advies Ruimtelijke Kwaliteit (bvba ARK) Augustijnenlaan

Nadere informatie

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening regionaalstedelijk gebied Brugge

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening regionaalstedelijk gebied Brugge gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening regionaalstedelijk gebied Brugge Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Definitief Definitief gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening regionaalstedelijk

Nadere informatie

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING,

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING, VLAAMSE REGERING Besluit van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voor de afbakening van de gebieden van de natuurlijke en de agrarische

Nadere informatie

MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP

MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP 2 MAART 1999. - Omzendbrief RO 99/01 over de advisering m.b.t. de verenigbaarheid van ' omlopen voor wedstrijden, test- en oefenritten met motorvoertuigen ' zoals

Nadere informatie

BOS IN SINT-TRUIDEN Nota

BOS IN SINT-TRUIDEN Nota BOS IN SINT-TRUIDEN Nota Ir. Koenraad Van Meerbeek 12/03/2012 1. Wat is bos? Wanneer we over bos spreken, is er een duidelijke definitie nodig van een bos. Iedereen moet immers over hetzelfde praten. Een

Nadere informatie

Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig?

Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig? Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig? Art. 4.1.1, 1, 4 DABM 3 cumulatieve voorwaarden Opstellen en/of vaststellen voorgeschreven op grond van decretale of bestuursrechtelijke bepalingen

Nadere informatie

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan vallei van de kleine nete en aa

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan vallei van de kleine nete en aa AFBAKENING GEBIEDEN NATUURLIJKE EN AGRARISCHE STRUCTUUR REGIO NETELAND gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan vallei van de kleine nete en aa gebiedsgericht overleg, 25 oktober 2013 1 gebiedsgericht overleg

Nadere informatie

Aanvullende nota milieuscreening PRUP 'Reconversie verblijfsrecreatie Stekene fase 1'

Aanvullende nota milieuscreening PRUP 'Reconversie verblijfsrecreatie Stekene fase 1' directie Ruimte dienst Ruimtelijke Planning Aanvullende nota milieuscreening PRUP 'Reconversie verblijfsrecreatie Stekene fase 1' 1. Inleiding Deze nota behandelt de adviezen die zijn binnengekomen in

Nadere informatie

historisch gegroeid bedrijf Aertssen te Stabroek

historisch gegroeid bedrijf Aertssen te Stabroek gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan historisch gegroeid bedrijf Aertssen te Stabroek Bijlage 1: grafisch plan Bijlage 2 stedenbouwkundige voorschriften Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap colofon

Nadere informatie

Projectplan verdrogingsbestrijding Empese en Tondense Heide D e f i n i t i e f

Projectplan verdrogingsbestrijding Empese en Tondense Heide D e f i n i t i e f Projectplan verdrogingsbestrijding Empese en Tondense Heide D e f i n i t i e f 26 juni 2013 1 1 Projectbeschrijving 1.1 Wat wordt aangelegd of gewijzigd? Zowel binnen als buiten het natuurgebied Empese

Nadere informatie

Voorstel van resolutie. betreffende het behoud van de poldergraslanden en de andere historische permanente graslanden

Voorstel van resolutie. betreffende het behoud van de poldergraslanden en de andere historische permanente graslanden stuk ingediend op 1440 (2011-2012) Nr. 1 20 januari 2012 (2011-2012) Voorstel van resolutie van de heren Dirk Van Mechelen, Marc Vanden Bussche en Bart Tommelein, mevrouw Mercedes Van Volcem, de heer Karlos

Nadere informatie

Ecologische verbindingszone Omval - Kolhorn

Ecologische verbindingszone Omval - Kolhorn Ecologische verbindingszone Omval - Kolhorn Watertoets Definitief Provincie Noord Holland Grontmij Nederland B.V. Alkmaar, 11 december 2009 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 4 2 Inrichting watersysteem...

Nadere informatie

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING,

VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE REGERING, VLAAMSE REGERING Besluit van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voor de afbakening van de gebieden van de natuurlijke en de agrarische

Nadere informatie

Historisch gegroeid bedrijf De Kaasboerin in Mol

Historisch gegroeid bedrijf De Kaasboerin in Mol gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Historisch gegroeid bedrijf De Kaasboerin in Mol Bijlage II: Stedenbouwkundige voorschriften gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Historisch gegroeid bedrijf De

Nadere informatie

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20;

DE VLAAMSE REGERING, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20; Ontwerpbesluit van de Vlaamse Regering houdende voorlopige vaststelling van de ontwerpkaart met meest kwetsbare waardevolle bossen als vermeld in artikel 90ter van het Bosdecreet van 13 juni 1990, tot

Nadere informatie

Bestaand regionaal bedrijf

Bestaand regionaal bedrijf Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Bestaand regionaal bedrijf N.V. Wijckmans te Ham Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Nadere informatie

Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen

Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen Bijlage II stedenbouwkundige voorschriften gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen

Nadere informatie

Leuven Noord. gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan BIJLAGE 1: GRAFISCH PLAN BIJLAGE 2: STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

Leuven Noord. gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan BIJLAGE 1: GRAFISCH PLAN BIJLAGE 2: STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Leuven Noord BIJLAGE 1: GRAFISCH PLAN BIJLAGE 2: STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap colofon Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap

Nadere informatie

Objectnummer: 4.01/24062/447.1 Dossiernummer: 4.001/ 24062/ Omschrijving : De Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed,

Objectnummer: 4.01/24062/447.1 Dossiernummer: 4.001/ 24062/ Omschrijving : De Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed, Bijlage 3. Behandeling van de adviezen bij het ministerieel besluit tot voorlopige bescherming als monument met overgangszone van domein het Puthof in Leuven (Wilsele) Provincie: Vlaams-Brabant Gemeente:

Nadere informatie

voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oostelijke Tangent - Temse Verslag plenaire vergadering

voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oostelijke Tangent - Temse Verslag plenaire vergadering voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oostelijke Tangent te Sint-Niklaas - Verslag plenaire vergadering 8 juli 2015 Ruimte Vlaanderen Afdeling Gebieden en Projecten Koning Albert II-laan

Nadere informatie

Projectplan (ontwerpbesluit) Aanpassen Heelsumse beek

Projectplan (ontwerpbesluit) Aanpassen Heelsumse beek Projectplan (ontwerpbesluit) Aanpassen Heelsumse beek 1 Projectbeschrijving 1.1 Wat wordt aangelegd of gewijzigd? Dit Projectplan gaat over het aanpassen van de Heelsumse beek vanaf de N225 tot aan de

Nadere informatie

1. Aankoop grond in Reukens

1. Aankoop grond in Reukens Advies van GNOP-commissie voor de uitvoering van een aantal projecten met betrekking tot de uitbouw en verbetering van een ecologisch netwerk binnen de gemeente Aartselaar. Het oprichten van een GNOP-commissie

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 23 februari 2017 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Luk Lemmens Telefoon: 03 240 52 65 Agenda nr. 2/1 Planologisch attest Rijmenants nv te Wuustwezel

Nadere informatie

Uitvoering Raamakkoord Landschap de Liereman en omgeving

Uitvoering Raamakkoord Landschap de Liereman en omgeving Uitvoering Raamakkoord Landschap de Liereman en omgeving Studie instrumentenmix Infoavond landbouwers 13 juni 2012 20-6-2012 1 Studie Instrumentenmix Het raamakkoord vermeldt: een studie naar de meest

Nadere informatie

Zeeschelde - Scheldemeander Gent-Wetteren

Zeeschelde - Scheldemeander Gent-Wetteren Zeeschelde - Scheldemeander Gent-Wetteren Jenny Walrygesprek - Overleg Buren van de Abdij 11 september 2015 Wim Dauwe, Michaël De Beukelaer-Dossche Overleg Buren van de Abdij Inhoud presentatie Historiek

Nadere informatie

Optimalisatie Wachtbekken Webbekom

Optimalisatie Wachtbekken Webbekom Vlaamse overheid Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid Dienst Mer Koning Albert II-laan 20, bus 8 1000 BRUSSEL tel: 02/553.80.79 fax: 02/553.80.75 Project-MER-Verslag

Nadere informatie

Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig?

Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig? Wanneer is een plan of programma plan-m.e.r.- plichtig? SCHEMA GEEN PLANMER GEEN PLAN-MER Fase 1: DEFINITIE? Neen Ja Fase 2: TOEPASSINGSGEBIED? Neen Ja Fase 3: VAN RECHTSWEGE? Neen Ja SCREENING PLAN-MER

Nadere informatie

Moest de firma Essers IMMO NV de natuurwaarde in het desbetreffende gebied verhogen?

Moest de firma Essers IMMO NV de natuurwaarde in het desbetreffende gebied verhogen? SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 190 van JOHAN DANEN datum: 4 december 2015 aan JOKE SCHAUVLIEGE VLAAMS MINISTER VAN OMGEVING, NATUUR EN LANDBOUW Uitbreidingsplannen transportbedrijf Genk Noord - Stand van zaken

Nadere informatie

Bijlage II. Stedenbouwkundige voorschriften. ontwerp gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Bijlage II. Stedenbouwkundige voorschriften. ontwerp gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ontwerp gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan afbakening van de gebieden van de natuurlijke en agrarische structuur regio Antwerpse Gordel en Klein-Brabant landbouw-, natuur- en bosgebieden Vallei van

Nadere informatie

Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen

Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen Pascal Van Ghelue Geograaf - Diensthoofd Dienst Begeleiding Gebiedsgerichte Planprocessen Inhoud 1. Doel milieueffectrapportage 2. Regelgeving 3. Rapportagevormen

Nadere informatie

Omzendbrief RO/2010/01

Omzendbrief RO/2010/01 Omzendbrief RO/2010/01 Aan: de colleges van burgemeester en schepenen de deputaties van de provincies Vlaams minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke Ordening en Sport Koning Albert II-laan

Nadere informatie

Aanvraag van een vergunning voor het wijzigen van vegetatie of van kleine landschapselementen

Aanvraag van een vergunning voor het wijzigen van vegetatie of van kleine landschapselementen Aanvraag van een vergunning voor het wijzigen van vegetatie of van kleine landschapselementen ANB-47-20131016 In te vullen door de behandelende afdeling ontvangstdatum registratienummer Waarvoor dient

Nadere informatie

Uiteraard ben ik blij hier aanwezig te kunnen zijn bij de. ondertekening van het Raamakkoord voor Landschap De Liereman.

Uiteraard ben ik blij hier aanwezig te kunnen zijn bij de. ondertekening van het Raamakkoord voor Landschap De Liereman. Maandag 19 september 2011 Toespraak van JOKE SCHAUVLIEGE VLAAMS MINISTER VAN LEEFMILIEU, NATUUR EN CULTUUR Raamakkoord Landschap De Liereman Oud-Turnhout Geachte Minister-President, Geachte heren gedeputeerden

Nadere informatie

COMPENSATIEMAATREGELEN UITBREIDING BEDRIJVENTERREIN KOLKSLUIS TE T ZAND

COMPENSATIEMAATREGELEN UITBREIDING BEDRIJVENTERREIN KOLKSLUIS TE T ZAND COMPENSATIEMAATREGELEN UITBREIDING BEDRIJVENTERREIN KOLKSLUIS TE T ZAND 1. INLEIDING Aanleiding De gemeente Schagen is voornemens om het bedrijventerrein Kolksluis langs de Koning Willem II-weg in t Zand

Nadere informatie

Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen. Pascal Van Ghelue Geograaf Dienst Begeleiding Gebiedsgerichte Planprocessen

Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen. Pascal Van Ghelue Geograaf Dienst Begeleiding Gebiedsgerichte Planprocessen Vormen van milieueffectrapportage in Vlaanderen Pascal Van Ghelue Geograaf Dienst Begeleiding Gebiedsgerichte Planprocessen Inhoud 1. Doel milieueffectrapportage 2. Regelgeving 3. Rapportagevormen (4)

Nadere informatie

Bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van tot wijziging van diverse besluiten, wat betreft de oprichting van het beleidsdomein Omgeving

Bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van tot wijziging van diverse besluiten, wat betreft de oprichting van het beleidsdomein Omgeving Bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van tot wijziging van diverse besluiten, wat betreft de oprichting van het beleidsdomein Omgeving Bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12

Nadere informatie

STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN

STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN Dit RUP vervangt de bestemming van het gewestplan Gentse en Kanaalzone (K.B. 14.09.1977). De voorschriften opgenomen in dit RUP vervangen de algemene voorschriften van het

Nadere informatie

Notitie gevolgen inrichting natuur en landschap voor agrarische bedrijfsvoering

Notitie gevolgen inrichting natuur en landschap voor agrarische bedrijfsvoering Notitie gevolgen inrichting natuur en landschap voor agrarische bedrijfsvoering Pina Dekker Gemeente Ooststellingwerf, beleidsmedewerker en ondersteunend lid van de werkgroep Es van Tronde. Deze notitie

Nadere informatie

VOORSTELLING WERKEN OMGEVING SCHIJNPOORT

VOORSTELLING WERKEN OMGEVING SCHIJNPOORT VOORSTELLING WERKEN OMGEVING SCHIJNPOORT In het najaar van 2015 staan er werken gepland in de omgeving van Schijnpoort, de parking Ten Eekhove en de Noordersingel. Deze werken bereiden de omgeving voor

Nadere informatie

Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan AFBAKENING VAN HET STRUCTUURONDERSTEUNEND KLEINSTEDELIJK GEBIED KNOKKE-HEIST

Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan AFBAKENING VAN HET STRUCTUURONDERSTEUNEND KLEINSTEDELIJK GEBIED KNOKKE-HEIST Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan AFBAKENING VAN HET STRUCTUURONDERSTEUNEND KLEINSTEDELIJK GEBIED KNOKKE-HEIST DEFINITIEVE VASTSTELLING SEPTEMBER 2011 STEDENBOUWKUNDIGE VOORSCHRIFTEN Inhoudstafel

Nadere informatie

DE VLAAMSE MINISTER VAN OMGEVING, NATUUR EN LANDBOUW NOTA AAN DE LEDEN VAN DE VLAAMSE REGERING

DE VLAAMSE MINISTER VAN OMGEVING, NATUUR EN LANDBOUW NOTA AAN DE LEDEN VAN DE VLAAMSE REGERING DE VLAAMSE MINISTER VAN OMGEVING, NATUUR EN LANDBOUW NOTA AAN DE LEDEN VAN DE VLAAMSE REGERING Betreft: Voorontwerp van besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het landinrichtingsplan Onthaalinfrastructuur

Nadere informatie

Advies betreffende de inplanting van 10 windturbines in de haven van Antwerpen

Advies betreffende de inplanting van 10 windturbines in de haven van Antwerpen Advies betreffende de inplanting van 10 windturbines in de haven van Antwerpen Nummer: INBO.A.2014.24 Datum advisering: 26 februari 2014 Auteur(s): Contact: Kenmerk aanvraag: Joris Everaert Niko Boone

Nadere informatie

voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Omgeving Bouvelobos, Hemsrodebos en steilrand van Moregem

voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Omgeving Bouvelobos, Hemsrodebos en steilrand van Moregem voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Omgeving Bouvelobos, Hemsrodebos en steilrand van Moregem verslag plenaire vergadering 10 februari 2014 Ruimte Vlaanderen Gebieden en Projecten Koning

Nadere informatie

NATUURVERGUNNINGSAANVRAAG

NATUURVERGUNNINGSAANVRAAG NATUURVERGUNNINGSAANVRAAG (in drie exemplaren in te dienen) (Bijlage II bij het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 houdende nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997

Nadere informatie

Infovergadering herinrichting Hessepoelbeek en Wouwendonkesbeek

Infovergadering herinrichting Hessepoelbeek en Wouwendonkesbeek Infovergadering herinrichting Hessepoelbeek en Wouwendonkesbeek Didier Soens, directeur Rudi Vasseur, projectingenieur Dienst Integraal Waterbeleid 1 Inleiding Situering Hessepoelbeek/Wouwendonksebeek

Nadere informatie

Informatie aan de Europese Commissie inzake plan/project in Natura 2000 vogelrichtlijngebieden (SBZ-V) en habitatrichtlijngebieden (SBZ-H)

Informatie aan de Europese Commissie inzake plan/project in Natura 2000 vogelrichtlijngebieden (SBZ-V) en habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) Lidstaat: België - Vlaams gewest Datum: Informatie aan de Europese Commissie inzake plan/project in Natura 2000 vogelrichtlijngebieden (SBZ-V) en habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) in navolging van artikel

Nadere informatie

Spoor 2 Landinrichting

Spoor 2 Landinrichting Spoor 2 Landinrichting Inhoud Situering decreet landinrichting Spoor 2 projecten landinrichting Kansen voor dorpenbeleid? 14/03/2016 2 Situering decreet landinrichting Decreet landinrichting Decreet van

Nadere informatie

naam: gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse datum: 17/07/2000 met bestemming:

naam: gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse datum: 17/07/2000 met bestemming: naam: gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse datum: 17/07/2000 met bestemming: bufferzones 1.1.1.2 een algemeen plan van aanleg (A.P.A) Niet van toepassing in Dilbeek 1.1.1.3 een

Nadere informatie

Gebieden voor oppervlaktedelfstoffenwinning

Gebieden voor oppervlaktedelfstoffenwinning gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Gebieden voor oppervlaktedelfstoffenwinning Oppervlaktedelfstoffenzone Klei van de Kempen Bijlage II: Stedenbouwkundige voorschriften gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan

Nadere informatie

AGROFORESTRY - JURIDISCHE ASPECTEN

AGROFORESTRY - JURIDISCHE ASPECTEN AGROFORESTRY - JURIDISCHE ASPECTEN Studiedag Beveren-Waas: agroforestry 2 SEPT 2014 Regelgeving LV inzake agroforestry Regelgeving beleidsdomein Landbouw en Visserij: BVR Agroforestry: BVR van 30 juli

Nadere informatie

Goedkeuring plan-milieueffectrapport Verbreding (modernisering) Albertkanaal tussen Wijnegem en Antwerpen nv De Scheepvaart

Goedkeuring plan-milieueffectrapport Verbreding (modernisering) Albertkanaal tussen Wijnegem en Antwerpen nv De Scheepvaart Vlaamse overheid Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Afdeling Milieu-, Natuur- en Energiebeleid Koning Albert II-laan 20, bus 8 1000 BRUSSEL tel: 02/553.80.79 fax: 02/553.80.75 Goedkeuring plan-milieueffectrapport

Nadere informatie

Europees beschermde natuur

Europees beschermde natuur Europees beschermde natuur Kwartelkoning Vlaanderen streeft naar 100 broedkoppels van deze soort, in 2007 waren er 6. Twee richtlijnen Vogelrichtlijn, 1979 Habitatrichtlijn, 1992 Afbakenen van gebieden

Nadere informatie

Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg

Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg Verantwoording Titel : Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg Subtitel : Projectnummer : Referentienummer : Revisie : C1 Datum : 30-10-2012 Auteur(s) :

Nadere informatie

Hoogspanningslijn Aftakking Lokeren 150kV

Hoogspanningslijn Aftakking Lokeren 150kV Definitief gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Hoogspanningslijn Aftakking Lokeren 150kV Bijlage III: TOELICHTINGSNOTA TEKST + KAARTEN colofon Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement Leefmilieu

Nadere informatie

Sint-Niklaas - Lokeren

Sint-Niklaas - Lokeren Sint-Niklaas - Lokeren 1. Valleigebieden (KB 7/11/78) 0911 De agrarische gebieden met landschappelijke waarde die op kaart welke de bestemmingsgebieden omschrijven overdrukt zijn met de letter V hebben

Nadere informatie

Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Beveren. gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Gevangenis Beveren. Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften

Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Beveren. gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Gevangenis Beveren. Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Beveren gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Gevangenis Beveren Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Provincie Oost-Vlaanderen Gemeente Beveren gewestelijk

Nadere informatie

Hoogspanningsstation Kinrooi-Maaseik Van Eyck

Hoogspanningsstation Kinrooi-Maaseik Van Eyck definitief gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Hoogspanningsstation Kinrooi-Maaseik Van Eyck Bijlage III: TOELICHTINGSNOTA TEKST EN KAARTEN colofon Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement

Nadere informatie

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kruishoutem

Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kruishoutem Gemeente Kruishoutem Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kruishoutem Ontwerp Bindend gedeelte Uitgave Datum 1 november 2004 2 februari 2005 3 mei 2005 4 oktober 2005 5 april 2006 Studiebureau VDS b.v.b.a.

Nadere informatie

Briefadvies. Landschap. Liereman. Datum

Briefadvies. Landschap. Liereman. Datum Erkenning van het privaat natuurreservaat E-024 Landschap De Lierema an te Arendon nk en Oud- Turnhout (Antwerpen) Briefadvies Erkenning natuurreservaat Landschap De Liereman Datum van goedkeuring Volgnummer

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 24 september 2015 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Luk Lemmens Telefoon: 03 240 52 65 Agenda nr. 2/1 Uitvoering RSPA : PRUP Marnixdreef Lier voorlopige

Nadere informatie

Bundel 1 van veldoefeningen en cases

Bundel 1 van veldoefeningen en cases Bundel 1 van veldoefeningen en cases De cases en veldoefeningen bestaan uit 3 delen: Deel 1 de veldoefeningen waarvan de locaties voorkomen in het natuurgebied Den Battelaer te Mechelen. Deel 2 een case

Nadere informatie

Gemeente Wuustwezel Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kaartenatlas Informatief en richtinggevend deel

Gemeente Wuustwezel Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kaartenatlas Informatief en richtinggevend deel Gemeente Wuustwezel Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Kaartenatlas Informatief en richtinggevend deel Dossier WUU582 Opdrachtgevend bestuur: Gemeentebestuur van Wuustwezel November 2006 Provincie Gemeente

Nadere informatie

Opgesteld door ing. A.M. Rodenbach, Recreatie Noord-Holland NV, d.d. 21 januari 2013

Opgesteld door ing. A.M. Rodenbach, Recreatie Noord-Holland NV, d.d. 21 januari 2013 RUIMTELIJKE ONDERBOUWING, BEHOREND BIJ DE AANGEVRAAGDE VERGUNNING OMG-12-181 Voor de inrichting en het gebruik van een evenemententerrein in deelgebied De Druppels, tegenover Wagenweg 22/24 te Oudkarspel

Nadere informatie

Ontwerp startbeslissing signaalgebied INDUSTRIEGEBIED HEULEBEEK - PIJPLAP WEVELGEM

Ontwerp startbeslissing signaalgebied INDUSTRIEGEBIED HEULEBEEK - PIJPLAP WEVELGEM Ontwerp startbeslissing signaalgebied INDUSTRIEGEBIED HEULEBEEK - PIJPLAP WEVELGEM STATUS/VERSIE: Goedgekeurd door de Vlaamse Regering d.d. 9/05/2014 LEESWIJZER Dit document geeft voor het betrokken signaalgebied

Nadere informatie

23070_E_0141_V_000_00

23070_E_0141_V_000_00 IDENTIFICATIE VAN DE AANVRAGER Naam: Carl Ockerman Beroep: Notaris Adres: Lloyd Georgelaan 11 1000 Brussel Datum van aanvraag: 25 september 2015 IDENTIFICATIE VAN HET PERCEEL Gemeente: DILBEEK Postnummer:

Nadere informatie

gericht aan PROCORO Koningin Elisabethlei 22 2018 Antwerpen

gericht aan PROCORO Koningin Elisabethlei 22 2018 Antwerpen Dit bezwaarschrift telt 26 pagina s Bezwaarschrift 07 april 2011 gericht aan PROCORO Koningin Elisabethlei 22 2018 Antwerpen Aangaande het openbaar onderzoek Provinciaal Ruimtelijk Uitvoeringsplan PRUP

Nadere informatie

ADVIES VAN 28 JANUARI 2015 OVER HET VOORONTWERP RUP INSTEEKHAVEN LUMMEN

ADVIES VAN 28 JANUARI 2015 OVER HET VOORONTWERP RUP INSTEEKHAVEN LUMMEN ADVIES VAN 28 JANUARI 2015 OVER HET VOORONTWERP RUP INSTEEKHAVEN LUMMEN SARO KONING ALBERT II-LAAN 19 BUS 24 1210 BRUSSEL INHOUD I. SITUERING... 2 II. ALGEMENE BEOORDELING... 3 III. UITGEBREID PLANNINGS-

Nadere informatie

Hatertse en Overasseltse Vennen

Hatertse en Overasseltse Vennen Hatertse en Overasseltse Vennen Maatregelplan aanpak verdroging en natuur Harro Kraal Waterschap Rivierenland Beleid Rijksbeleid TOP-gebieden EHS Provinciaal Waterhuishoudingsplan Actiegebieden Waterberging

Nadere informatie

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oosterweelverbinding Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap

gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oosterweelverbinding Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oosterweelverbinding Bijlage II: stedenbouwkundige voorschriften Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap 1 gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan Oosterweelverbinding

Nadere informatie

Besluit van de Deputatie

Besluit van de Deputatie 3e Directie Dienst 33 Ruimtelijke ordening en Stedenbouw aanwezig André Denys, gouverneur-voorzitter Besluit van de Deputatie Alexander Vercamer, Marc De Buck, Peter Hertog, Jozef Dauwe, Eddy Couckuyt,

Nadere informatie

Perceelswerken NU! Infovergadering 26 november 20142014

Perceelswerken NU! Infovergadering 26 november 20142014 Perceelswerken NU! Infovergadering 26 november 20142014 Welkom WAT? Subsidies voor pachters, gebruikers en eigenaars Landbouwpercelen in het Vrijgeweid Verbeteringen op het vlak van waterhuishouding, toegankelijkheid

Nadere informatie

SPELREGELS EHS. Een gezamenlijke uitwerking van rijk en provincies. Ministeries van LNV en VROM en de provincies

SPELREGELS EHS. Een gezamenlijke uitwerking van rijk en provincies. Ministeries van LNV en VROM en de provincies SPELREGELS EHS Spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen in de EHS Een gezamenlijke uitwerking van rijk en provincies Ministeries van LNV en VROM en de provincies 2 De Ecologische Hoofdstructuur, ook

Nadere informatie

Ontwerp startbeslissing signaalgebied KOEVOET WINGENE

Ontwerp startbeslissing signaalgebied KOEVOET WINGENE Ontwerp startbeslissing signaalgebied KOEVOET WINGENE STATUS/VERSIE: Goedgekeurd door de Vlaamse Regering d.d. 9/05/2014 LEESWIJZER Dit document geeft voor het betrokken signaalgebied invulling aan de

Nadere informatie

college van burgemeester en schepenen Zitting van 12 april 2013

college van burgemeester en schepenen Zitting van 12 april 2013 beraadslaging/proces verbaal Kopie college van burgemeester en schepenen Zitting van 12 april 2013 Besluit GOEDGEKEURD A-punten stadsontwikkeling / vergunningen Samenstelling De heer Bart De Wever, burgemeester

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 28 april 2016 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Luk Lemmens Telefoon: 03 240 52 65 Agenda nr. 2/1 Uitvoering RSPA: PRUP Het Leeg - Rietbeemden Brasschaat

Nadere informatie