DE FRAGILITEIT IN AFRIKA OVERWINNEN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "DE FRAGILITEIT IN AFRIKA OVERWINNEN"

Transcriptie

1 DE FRAGILITEIT IN AFRIKA OVERWINNEN EEN NIEUWE EUROPESE AANPAK EUROPEES ONDERZOEK INSCHAKELEN VOOR ONTWIKKELINGSBELEID OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

2

3 DE FRAGILITEIT IN AFRIKA OVERWINNEN EEN NIEUWE EUROPESE AANPAK EUROPEES ONDERZOEK INSCHAKELEN VOOR ONTWIKKELINGSBELEID OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

4 , De fragiliteit in Afrika overwinnen, Robert Schuman- Centrum voor geavanceerde studies, Europees Universitair Instituut, San Domenico di Fiesole. Europese Unie, 2009 Overneming met bronvermelding toegestaan. Disclaimer: De meningen die in dit verslag worden weergegeven zijn die van de auteurs, en vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs de meningen van de Europese Commissie of van de lidstaten. Als er sprake is van ambiguïteiten, dan heeft de Engelse tekst voorrang op alle andere taalversies.

5 OVER Voorwoord VOORWOORD Het maken van beleid vergt een degelijke, diepgaande en actuele kennis van alle situaties. Ontwikkelingsbeleid vormt hierop geen uitzondering. Europa kent een breed scala aan universiteiten en onderzoeksinstellingen die zich met ontwikkelingsvraagstukken bezighouden en op hoog niveau analytisch werk verrichten. Om uiteenlopende redenen is het potentieel daarvan echter nog niet volledig benut, hetgeen onder meer te wijten is aan versnippering, beperkte middelen en een relatief grote afstand tot de beleidsmakers. Het initiatief Europees onderzoek inschakelen voor ontwikkelingsbeleid is bedoeld om deze situatie het hoofd te bieden. Dit gemeenschappelijk initiatief wordt momenteel ondersteund door de Europese Commissie en zes lidstaten (Duitsland, Finland, Luxemburg, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden) en streeft ernaar het Europese perspectief en de Europese visie op enkele van de meest nijpende ontwikkelingsvraagstukken van deze tijd te verbeteren op basis van hoogwaardige kennis, innovatie en het scheppen van een gemeenschappelijk platform tussen de Europese onderzoeksgemeenschap en de beleidsmakers. Dit Europees verslag over ontwikkeling (EVO), dat jaarlijks zal worden gepubliceerd, is de voornaamste uitkomst van dit initiatief. Het is een onafhankelijk, op kennis gebaseerd en toekomstgericht overzicht van ontwikkelingsvraagstukken, waarin de Europese visie wordt weergegeven. Dit verslag zal de Europese Unie helpen haar visie op ontwikkeling te verfijnen, haar beleid te verrijken en het internationale debat effectief te beïnvloeden. Tevens zal het andere verslagen op het gebied van ontwikkeling aanvullen teneinde de diversiteit aan meningen weer te geven, die ten aanzien van allerlei kwesties naast elkaar kunnen bestaan, evenals voor zover dit relevant is de diverse Europese benaderingen, die zowel uit Europese politieke en sociale waarden voortkomen als uit Europa s eigen geschiedenis en ervaringen. Sterker nog, het is onze overtuiging dat niemand het alleenrecht mag hebben op nadenken over een terrein dat zo rijk en complex is als ontwikkelingsbeleid. De eerste editie, die dit jaar onder leiding van het in Florence gevestigde Europees Universitair Instituut (EUI) tot stand is gekomen, behandelt het complexe, multidimensionale vraagstuk van fragiliteit, waarbij vooral aandacht wordt besteed aan sub-sahara Afrika, waar zich de meeste fragiele landen bevinden. Het is wel omschreven als het moeilijkste ontwikkelingsvraagstuk van onze tijd. Terecht is het omgaan met fragiliteit voor zowel Europa als de gehele internationale gemeenschap dan ook een steeds grotere zorg. Het is een prioriteit van toenemend belang in het Europese ontwikkelingsbeleid en ook een belangrijke uitdaging voor de Europese veiligheidsstrategie. Het overwinnen van fragiliteit is bovenal een onontkoombare morele noodzaak. Eén derde van de armen op de wereld leeft in zogenaamde fragiele staten. De voortgang bij het bereiken van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling (MDG s) blijft in deze landen achter en de prijs die voor zwak bestuur wordt betaald is er zeker wanneer dat tot conflicten en oorlogen leidt in economisch, menselijk en sociaal opzicht gigantisch. Dit is des te belangrijker met het oog op de nauw met elkaar samenhangende schokken op het gebied van voedsel, brandstof en nu ook financiën en economie, die de recente vooruitgang op ontwikkelingsgebied dreigen om te keren. De menselijke gevolgen van deze crises zijn met name in de fragiele landen ten zuiden van de Sahara zorgwekkend, omdat het vermogen om schokken op te vangen er beperkt is. Ook vanuit een veiligheidsoptiek zijn fragiele situaties een bron van bezorgdheid. Met de groeiende onderlinge afhankelijkheid in de wereld is het aanpakken van fragiliteit voor het behoud van de mondiale stabiliteit en welvaart ook in ons eigen belang. De heropleving van de piraterij in de Golf van Aden, die nauw verbonden is met de onrust in Somalië, en de stromen economische, politieke en oorlogsvluchtelingen die heel begrijpelijk en dikwijls aarzelend de fragiliteit in het land van herkomst ontvluchten teneinde in Europa en andere welvarende delen van de wereld een beter en stabieler bestaan op te bouwen, zijn slechts voorbeelden van deze groeiende onderlinge onafhankelijkheid. III OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

6 Voorwoord Ten slotte vergen deze situaties, die een uiterst diverse groep samenlevingen met sterk uiteenlopende sociaal-economische, culturele en politieke omstandigheden en samenstellingen omspannen, voor wat betreft hulp van buitenaf specifieke, op maat gesneden benaderingen. De klassieke mantra s van het ontwikkelingsbeleid, zoals de maatregelen voor de doeltreffendheid van de steun (Verklaring van Parijs, Accra Agenda voor Actie), de Europese consensus inzake ontwikkeling en de manier waarop bestuurshervormingen worden ondersteund, stuiten op specifieke problemen wanneer deze in een fragiele context worden toegepast. Zoals het uit 2008 daterende EU-onderzoeksdocument Halverwege de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling, geleid door professor Bourguignon en in het kader van dit initiatief 1 tot stand gebracht, vermeldt: Om voortgang te kunnen boeken met de millenniumdoelstellingen moet fragiliteit worden aangepakt. Dit vraagt om duurzame betrokkenheid en een nieuw, creatief gebruik van gecombineerde politieke, technische, financiële en soms militaire middelen; samenwerken met regeringen, maar ook met het maatschappelijk middenveld en niet-gouvernementele actoren.. Wat dit betreft zijn partner- en donorlanden momenteel gezamenlijk in een internationale dialoog voor de staatsopbouw en vredesopbouw verwikkeld met het doel zo mogelijk consensus te bereiken inzake de doelstellingen en de beginselen van interventie in deze uiterst moeilijke omstandigheden. Om dit ambitieuze, beleidsvormende onderzoeksinitiatief uit te voeren is een intensief proces van participatie in gang gezet, waarbij een brede groep topwetenschappers, beleidsmakers en vertegenwoordigers uit het maatschappelijk middenveld uit zowel Europa als Afrika bijeen is gebracht. Door een gemeenschappelijk analytisch platform te scheppen teneinde een beter begrip van deze moeilijke situaties te krijgen, zal deze eerste editie van het Europees verslag over ontwikkeling Europa helpen haar strategische benadering te verfijnen en in de toekomst een coherenter beleid te voeren. Voor het Europese onderzoeksinitiatief, dat ernaar streeft te verduidelijken hoe ontwikkelingsdoelstellingen en nieuwe mondiale uitdagingen op één lijn kunnen worden gebracht, is dit een aanzienlijke stap in de goede richting. Stefano Manservisi Yves Mény Directeur-generaal van de Europese Commissie voor ontwikkeling en betrekkingen met de landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan President van het Europees Universitair Instituut 1 Zie: Millennium Development Goals at Midpoint: Where do we stand and where do we need to go? EUonderzoeksdocument door François Bourguignon et al., 2008, mdg_paper_final_ _en.pdf IV

7 OVER Dankwoord DANKWOORD Dit rapport is opgesteld door een team onder leiding van Giorgia Giovannetti. Tot dit team behoorden ook Franklin Allen, Simone Bertoli, Shailaja Fennell, Wendy Harcourt, Marta Reynal- Querol, Marco Sanfilippo, Elisa Ticci, Pascal Vennesson en Thierry Verdier van het Robert Schuman- Centrum voor Geavanceerde Studies van het Europees Universitair Instituut (EUI). Projectmanager was Ingo Linsenmann. Het team spreekt zijn dankbaarheid uit aan de volgende personen: François Bourguignon voor zijn wetenschappelijke adviezen, Luca Alinovi, Nicolas Gérard, Seth Kaplan, Stephan Klasen, Ramon Marimon, Françoise Moreau, Yaw Nyarko, Dorothée Starck en alle leden van de stuurgroep van het Europese verslag over ontwikkeling voor hun nooit aflatende advies en steun. Ook Stefania Innocenti zijn wij zeer dankbaar voor haar ondersteuning bij het onderzoek. William A. Amponsah, Mina Baliamoune-Lutz, Stefano Bartolini, Victor Davies, Jörn Grävingholt, Sven Grimm, Francesco N. Moro, Donato Romano, Alexander Sarris, Andrew Sherriff en Gianni Vaggi hebben overvloedig bijdragen aan het raadplegingsproces. Lubomira Bencova, Piera Calcinaghi, Monique Cavallari, Angela Conte, Mei Lan Goei, Laetitia Jespers, Alexei Jones, Laura Jurisevic, Christine Lyon, Serena Scarselli, Elisabetta Spagnoli en Valerio Pappalardo hebben aan verschillende stadia van het verslag bijgedragen. Bruce Ross Larson was de voornaamste redacteur en Chris Engert verzorgde de taalkundige revisie van de achtergronddocumentatie. Wij willen hen allemaal hartelijk bedanken. Wij hebben veel te danken aan de auteurs van de achtergronddocumentatie en -notities: Ernest Aryeetey, Niagale Bagayoko-Penone, Michael Barnett, Nicolas Berman, Elva Bova, Deborah Bryceson, Christian Büger, Maurizio Carbone, Paul Collier, Lorenzo Cotula, Nasredin Elamin, Fernanda Faria, Patrick Guillaumont, Sylvaine Guillaumont Jeanneney, Kenneth Harttgen, Damien Helly, Lelio Iapadre, Zohra Kahn, José Maria Larrú, Francesca Luchetti, Alan Matthews, Philippe Martin, Jesse McConnell, Mark McGillivray, Andrew Mold, Wim Naudé, Janvier Nkurunziza, Abena D. Oduro, Alina Rocha- Menocal, Sara Pantuliano, Jean-Philippe Platteau, Béatrice Pouligny, Prabirjit Sarkar, Ajit Singh, Aysen Tanyeri-Abur, Necla Tschirgi, Margherita Velucchi en Tony Venables. Een speciaal woord van dank gaat uit naar de deelnemers van het initiatief New Faces for African Development, die voor het rapport enthousiast nieuwe, frisse ideeën hebben aangedragen, presentaties hebben gehouden en notities en documentatie hebben geschreven: Eme Akpan, Japhet Biegon, Muslilhah Badmus, Christian B. Kamga Kam, Dorine Kanmi Feunou, Nicholas Kilimani, Albert Makochekanwa Douzounet Mallaye, Ndubuisi Nwokolo Magidu Nyende, Isaac Oluwatayo, Thomas Poirier, Afees Salisu en Sigismond Wilson. Het is ondoenlijk iedereen te bedanken, omdat velen aan het proces dat tot de publicatie van dit rapport heeft geleid hebben bijgedragen door deel te nemen aan de voorbereidende evenementen in Brussel (6 februari), Cambridge (17-18 maart), Florence (16-17 april), Barcelona (7-8 mei), Accra (21-23 mei), Florence (22-23 juni) en Brussel (4 september). De complete deelnemerslijsten van deze evenementen zijn bijgevoegd in Deel 1B, maar ook op deze plek willen wij onze dankbaarheid betuigen voor de bijdrage die zij allemaal hebben geleverd aan het consulterende proces en aan de discussie over een controversieel onderwerp. Veel dank gaat ook uit naar de gastinstanties, te weten het Jesus College te Cambridge, Universitat Pompeu Fabra, CREMed (Center for Research on the Economies of the Mediterranean) te Barcelona en ISSER (Institute of Statistical, Social and Economic Research) te Accra. V OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

8 Inhoud INHOUD OVERZICHT 1 1. Naar betere Europese reacties op fragiliteit 4 2. Prioriteiten bepalen 7 SECTIE EEN 10 HOOFDSTUK 1 FRAGILITEIT VAN STATEN IN SUB-SAHARA AFRIKA: KOSTEN EN UITDAGINGEN Europees ontwikkelingsbeleid in een veranderende mondiale context Waarnaar verwijst de fragiliteit van staten? De kosten van fragiliteit in staten ten zuiden van de Sahara 18 HOOFDSTUK 2 KENMERKEN VAN FRAGIELE STATEN Fragiele staten hebben gemeenschappelijke kenmerken Fragiele landen vertonen veel elementen van heterogeniteit Samengevat 48 HOOFDSTUK 3 DE HISTORISCHE GRONDEN VAN FRAGILITEIT VAN STATEN Specifieke oorzaken en gemeenschappelijke onderliggende factoren Is fragiliteit een koloniale erfenis? Koloniale staten ten zuiden van de Sahara Dekolonisatie Internationale context en continuïteit De padafhankelijkheid van instellingen scheiding en extraversie Conclusies 57 HOOFDSTUK 4 ECONOMISCHE FACTOREN KUNNEN FRAGILITEIT VERGROTEN Economische factoren beïnvloeden staatsfragiliteit, en fragiliteit beïnvloedt de economie 58 2 Handelsopenheid kan fragiliteit vergroten of verkleinen 59 3 Tweezijdige wisselwerking tussen directe buitenlandse investeringen en fragiliteit 60 4 Overvloed aan natuurlijke rijkdommen kan leiden tot slechter bestuur 61 5 Bestuur beïnvloedt de relatie tussen land en fragiliteit 63 6 Hongerige bevolking en fragiele instellingen 70 7 Conclusie 71 VI

9 OVER Inhoud SECTIE TWEE 72 HOOFDSTUK 5 FRAGILITEIT VERSUS VEERKRACHT De veerkracht vergroten Wat brengt een op veerkracht gebaseerde aanpak met zich mee? Fragiliteit van staten ondermijnt sociaal-economische veerkracht 75 HOOFDSTUK 6 FRAGIELE STATEN IN AFRIKA HARD GETROFFEN DOOR WERELDWIJDE FINANCIËLE CRISIS De ontmoedigende problemen van de crisis: stilstand na jaren van voortdurende vooruitgang Voedsel, brandstof, financiën en fragiliteit De vier transmissiekanalen naar fragiele landen Kunnen fragiele staten de crisis aan? 87 HOOFDSTUK 7 STAATSOPBOUW EN SOCIALE COHESIE De staat weer in de schijnwerpers Sociale cohesie en de niet-tastbare dimensies van staatsopbouw De noodzaak van een diepgaand begrip van de lokale context Complementariteit tussen humanitaire hulp en staatsopbouwinterventies in omstandigheden na een conflict 100 SECTIE DRIE 108 HOOFDSTUK 8 EU-BELEID OM DE FRAGILITEIT IN SUB-SAHARA AFRIKA AAN TE PAKKEN De historische betrokkenheid van de EU bij fragiele landen Het potentieel van de EU in fragiele situaties Aanzet tot een beter EU-antwoord op fragiliteit 118 HOOFDSTUK 9 CONCLUSIES PRIORITEITEN EN AANBEVELINGEN EU-beleid kan effect hebben Prioriteiten en aanbevelingen 132 REFERENTIES 140 ANNEX 155 VII OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

10 Tabellen en grafieken TABELLEN EN GRAFIEKEN Kadertabel 0.1: Sahellanden in een fragiele situatie 1 Tabel kader 0.1: bevolkingspiramide in fragiele landen van sub-sahara Afrika 3 Tabel kader 0.2: Bevolkingspiramide in de Europese Unie 3 Figuur 0.1: Veerkracht van fragiele landen in sub-sahara Afrika 6 Figuur 0.2: Kwetsbaarheid van fragiele landen in sub-sahara Afrika 6 Kaderfiguur 1.1: Incrementele gevolgen van hulp voor de groei 13 Kadertabel 1.1: Hulp aan fragiele staten, Tabel 1.1: Menselijke ontwikkeling in fragiele staten ten zuiden van de Sahara 19 Figuur 1.1: Absolute wijzigingen in de belangrijkste MDG-indicatoren ( ) 21 Figuur 1.2: Relatieve wijzigingen in de belangrijkste MDG-indicatoren ( ) 22 Tabel 1.2: Vluchtelingen en intern ontheemden, Tabel 1.3: Voedselzekerheidsindexen voor fragiele landen 26 Figuur 1.3: Tendensen in bestuursindicatoren, fragiele landen ten zuiden van de Sahara 28 Tabel 2.1: Belasting, overheidsinkomsten en ease of doing business in fragiele landen ten zuiden van de Sahara 32 Figuur 2.1: Externe stromen (eenvoudig gemiddelde ) 33 Kaderfiguur 2.1: Zambiaanse export en koperprijzen ( ) 34 Kaderfiguur 2.2: Koperprijzen en de Zambiaanse kwacha ( ) 35 Kaderfiguur 2.3: Inkomsten uit de mijnen in Zambia ( ) 36 Figuur 2.2: Aandeel landbouw, industrie en dienstverlening van BBP, Tabel 2.2: Lijst van voedselimporterende en -exporterende landen ten zuiden van de Sahara 37 Tabel 2.3: Exportconcentratie in fragiele landen 39 Tabel 2.4: Exportbestemmingen van fragiele landen, percentage, gemiddelde Tabel 2.5: Overheidsuitgaven als percentage van BBP 41 Tabel 2.6: Bevolking 43 Tabel 2.7: Infrastructuur en geografische kenmerken 44 Figuur 2.3: Werkelijke groei BBP van fragiele landen, fragiele landen met veel rijkdommen en fragiele landen zonder veel rijkdommen, Tabel 2.8: Macro-economische kenmerken 46 Tabel 2.9: Classificatie algehele kwetsbaarheid 47 Tabel 4.1: Verzekeren van de armoedebestrijdende gevolgen van nieuwe investeringen in landbouwgrond 67 Kadertabel 4.1: Toekenningen van landbouwgrond voor (toezeggingen voor meer dan 1000 hectare) 69 Figuur 5.1: Interactie tussen fragiliteit van de staat en sociaal-economische veerkracht 77 Figuur 6.1: Gestegen export als onderdeel van het BBP 79 Kaderfiguur 6.1: Zuid-Afrika reageert op de val van Lehman Brothers Kenia en Nigeria niet 80 Figuur 6.2: Minder export voor grootste deel van sub-sahara Afrika 82 Figuur 6.3: Export van grondstoffen en producten uit sub-sahara Afrika na financiële crisis in partnerland 83 Figuur 6.4: Geschatte vermindering van hulpstromen naar Afrika in Kaderfiguur 6.2: Economische samenwerking van China met Afrikaanse fragiele landen, en DAC-hulp, Figuur 6.5: Veel migranten wonen in Afrika 86 Tabel 6.1: Veerkrachtranglijst van laag naar hoog 88 Figuur 6.6: De impact van de crisis op sociaal welzijn 89 Tabel 8.1: Instellingen en agentschappen van de Europese Unie die van belang zijn voor fragiele staten 117 VIII

11 OVER Kaders KADERS Kader 0.1: Welke Sahellanden zijn fragiel? 1 Kader 0.2: Gemeenschappelijke kenmerken van fragiele staten en wezenlijke verschillen 2 Kader 0.3: Hoe de crisis van fragiele staten in sub-sahara Afrika heeft geraakt 5 Kader 1.1: Effectiviteit van steun en steuntoewijzingen aan fragiele staten 13 Kader 1.2: Hoe fragiliteit deel is gaan uitmaken van de ontwikkelingsdialoog 16 Kader 2.1: Opkomst en neergang koper in Zambia 34 Kader 4.1: Gedragscodes en het Natural Resource Charter 62 Kader 4.2: Grootschalige grondaankopen in Afrika - ontrafelen van de grondtransacties 64 Kader 4.3: Internationale investeringen in Sudan: de korenschuur van de Arabische regio 68 Kader 5.1: De definities van veerkracht en kwetsbaarheid 74 Kader 5.2: Economische groei, ontwikkeling en welzijn in fragiele landen 75 Kader 6.1: Afrikaanse financiële markten oversijpelingseffecten van schokken 80 Kader 6.2: Vult China het gat? 85 Kader 6.3: Tegenslagen en sociale bescherming welke rol voor formele en informele financiële instellingen? 90 Kader 7.1: Waarom plaatselijke veerkracht de veiligheid kan verbeteren 94 Kader 7.2: Somalië en Somaliland 97 Kader 7.3: Een Afrikaans bestuursmodel 98 Kader 7.4: Internationale betrokkenheid in fragiele staten: leren van Zuid-Sudan 100 Kader 7.5: Leren van plaatselijke gemeenschappen: programma s om voormalige, vrouwelijke soldaten te ondersteunen 103 Kader 7.6: Transitie na een conflict: een kans voor empowerment van vrouwen? 104 Kader 7.7: Genderbewust budgetteren 105 Kader 8.1: Kwetsbaarheid van staten aanpakken Fragmenten uit de Europese consensus inzake ontwikkeling, Kader 8.2: Bijzondere voorzieningen op het gebied van fragiliteit van de Verklaring van Parijs inzake de doeltreffendheid van steun en de Actieagenda van Accra 112 Kader 8.3: De OESO/DAC-beginselen inzake goed internationaal engagement in fragiele landen en situaties 113 Kader 8.4: Resolutie 1325 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties 114 Kader 8.5: Het Vulnerability Flex -mechanisme 115 Kader 8.6: Het Gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU en voedselzekerheid in fragiele Afrikaanse staten 120 Kader 8.7: Hulp voor Handel 122 Kader 8.8: Economische partnerschapsovereenkomsten 122 Kader 8.9: Veiligheids- en ontwikkelingsproblemen in fragiele situaties: lessen uit EVDB-operaties 126 Kader 9.1: Een voorstel tot inkomstenstabilisatie 133 Kader 9.2: EU-beleid en ontwikkeling van menselijk kapitaal in Afrika 133 Kader 9.3: Een goed niveau van regionale integratie 135 Kader 9.4: Het dilemma van leiderschap en hegemonie in regionaal geleide bestuursopbouw 136 Kader 9.5: Opnieuw beoordelen van hulpbestuur 137 IX OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

12 Acroniemen ACRONIEMEN ACS-landen AfDB AIDS/HIV BBP BNI CAP CIFP CPIA DAC DBI DFID DG Development EU EVDB GTZ HDI IFPRI IIED ILO MDGs NAVO ODA OESO/DAC SIPRI UNCTAD UNDP UNECA UNIFEM UNMIS UNODC UNRISD WHO WPF WTO WVP ZCCM Landen van Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan African Development Bank (Afrikaanse Ontwikkelingsbank) Acquired Immunodeficiency Syndrome / Human Immunodeficiency Virus Bruto Binnenlands Product Bruto Nationaal Inkomen Common Agricultural Policy (Gemeenschappelijk landbouwbeleid) Carleton University Country Indicators for Foreign Policy Country Policy and Institutional Assessment Development Assistance Committee (Commissie voor Ontwikkelingsbijstand) Directe buitenlandse investering Department for International Development Directoraat-generaal Ontwikkeling Europese Unie Europees veiligheids- en defensiebeleid Gesellschaft für Technische Zusammenarbeit Human Development Index International Food Policy Research Institute (Internationaal Onderzoeksinstituut voor Voedselbeleid) International Institute for Environment and Development (Internationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling) International Labour Organisation (Internationale Arbeidsorganisatie) Millennium Development Goals (Millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling) Noord-Atlantische Verdragsorganisatie Official Development Assistance (Officiële ontwikkelingshulp) Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling/commissie voor ontwikkelingsbijstand Stockholm International Peace Research Institute (Internationaal Instituut voor Vredesonderzoek van Stockholm) United Nations Conference on Trade and Development (Conferentie van de Verenigde Naties voor Handel en Ontwikkeling) United Nations Development Programme (Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties) United Nations Economic Commission for Africa (Economische Commissie van de Verenigde Naties voor Afrika) United Nations Development Fund for Women (Ontwikkelingsfonds van de Verenigde Naties voor Vrouwen) United Nations Mission in Sudan (VN-missie in Sudan) United Nations Office on Drugs and Crime (Bureau van de Verenigde Naties voor Drugs- en Misdaadbestrijding) United Nations Research Institute for Social Development (Researchinstituut van de Verenigde Naties voor Sociale Ontwikkeling) World Health Organization (Wereldgezondheidsorganisatie) World Population Foundation World Trade Organization (Wereldhandelsorganisatie) Wereldvoedselprogramma Zambia Consolidated Copper Mines X

13 OVER Overzicht OVERZICHT De crisis van lag aan de basis van de sterkste internationale teruggang sinds De economische en financiële crisis liet zich voelen in de budgetten van de Europese en andere ontwikkelde landen, en leidde tot zware schuldenlasten, werkloosheid en sociale problemen. Ze was bijzonder vernietigend voor fragiele landen, waarvan de meeste zich in sub-sahara Afrika bevinden, terwijl aanvankelijk werd gedacht dat deze landen niet geraakt zouden worden door de crisis omwille van hun beperkte financiële verweving met de rest van de wereld. De ernstige sociaal-economische situatie in sub-sahara Afrika noodzaakt een hernieuwd engagement, maar bezorgdheid om binnenlandse sociale problemen bij de lidstaten zou de aandacht en fondsen van Europees ontwikkelingsbeleid kunnen afleiden. De Europese Unie moet echter haar engagement voor sub-sahara Afrika volhouden, en mogelijk versterken, en ondoeltreffend ontwikkelingsbeleid vermijden. Het Europese ontwikkelingsbeleid voor de fragiele landen van sub-sahara Afrika is aan herziening toe. Dat is de doelstelling van het. Het geeft een analyse van de kosten en kenmerken van fragiliteit (sectie 1), het vermogen van fragiele staten om het hoofd te bieden aan negatieve schokken zoals de financiële crisis van (sectie 2), en de huidige Europese inspanningen in fragiele staten samen met het potentieel van Europees ontwikkelingsbeleid om nationale belanghebbenden bij te staan bij het versterken van hun veerkracht (sectie 3). De nadruk ligt hierbij op sub-sahara Afrika omdat vooral deze regio veel achterstand lijkt op te lopen op het gebied van consoliderende maatregelen van overheidswege. Eén feit overstijgt alle theoretische discussie over de juiste definitie en meting van fragiliteit: de groep van fragiele staten bestaat altijd voor het grootste deel uit landen van sub-sahara Afrika (kader 0.1). 1 Kader 0.1: Welke Sahellanden zijn fragiel? Er bestaan verschillende classificaties en rangschikkingen van fragiliteit van staten. Kadertabel 1 laat de werklijst zien die we voor dit verslag gebruiken; het is de lijst van landen uit sub-sahara Afrika die zich in een situatie van fragiliteit bevinden: Kadertabel 0.1: Sahellanden in een fragiele situatie Angola Equatoriaal-Guinea Nigeria Burundi Eritrea Rwanda Kameroen Ethiopië Sao Tomé en Principe Centraal-Afrikaanse Republiek Gambia Sierra Leone Tsjaad Guinee Somalië Comoren Guinee-Bissau Sudan Democratische Republiek Congo Kenia Togo Republiek Congo Liberia Oeganda Ivoorkust Mauritanië Zimbabwe Djibouti Niger De lijst werd opgesteld door de OESO (2009), maar werd niet officieel goedgekeurd door de OESO. Ze is het resultaat van een compilatie van de laagste twee kwinten van de Country Policy and Institutional Assessment 2007 van de Wereldbank, de Brookings Index of State Weakness in the Developing World 2008, en de Country Indicators of Foreign Policy 2007 van de universiteit van Carleton. Het EVO 2009 gebruikt deze lijst als werkinstrument, maar geeft er geen officiële goedkeuring aan, omdat wij van mening zijn dat de definitie op zich dynamisch is (zie hoofdstuk 1). De hoge tol die fragiliteit eist van mens en economie, noodzaakt richtinggevende ontwikkelingsmodellen, -strategieën en -actie voor het ontwikkelen van de veerkracht van maatschappijen, d.w.z. voor het vergroten van het vermogen van een sociaal-economisch stelsel om zich aan te passen aan en om te gaan met schokken en veranderende omstandigheden zonder daarbij de mogelijkheden van de mensen in gevaar te brengen. In een wereld waar wereldwijde schokken steeds ernstiger worden en steeds meer mensen raken, is de veerkracht van een sociaal-economisch stelsel fundamenteel voor de ontwikkeling van een land. Het moet dan ook een centrale doelstelling zijn van nationale ontwikkelingsstrategieën en dus van ontwikkelingshulp. Fragiele staten in sub-sahara Afrika hebben veel gemeen, ze hebben allemaal ernstige structurele problemen en disfunctionele instellingen, maar op veel vlakken zijn ze ook verschillend (kader 0.2). Voor deze landen zijn noodsituaties de regel, geen uitzondering. In hun pogingen om het hoofd te bieden aan schokken, ontbreekt vaak een langetermijnvisie bij hun keuzes, en dringende behoeften vervormen langetermijndoelstellingen. De EU kan hen helpen om op koers te blijven, weg van fragiliteit en gericht op veerkracht 1 Bijvoorbeeld: 29 van de 49 landen die door de OESO fragiel worden genoemd (2009), bevinden zich in sub-sahara Afrika. 1 OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

14 Overzicht en duurzame groei. Om dit te verwezenlijken heeft de EU nood aan een flexibele langetermijnvisie voor haar inspanningen, en nieuwe vormen van institutionele hulp om de efficiëntie te verhogen. Ze moet zich haalbare beleidsmatige en budgettaire langetermijndoelstellingen opleggen, die niet ingaan tegen het beginsel van nationale soevereiniteit. Deze inspanningen zouden fragiele landen in staat stellen om hun beleid meer op de lange termijn af te stemmen. De overgang van doelstellingen naar specifieke voorschriften en richtlijnen voor actie, vereist een diepgewortelde kennis van het terrein, om rekening te houden met de aanzienlijke verscheidenheid in geschiedenis, cultuur, economische situatie en politiek van de Sahellanden. Gedetailleerde beleidslijnen kunnen enkel opgesteld worden door beleidsdeskundigheid te koppelen aan kennis van de plaatselijke context. 2 COMPARATIEVE VOORDELEN VAN DE EU: DE ONTWIKKELING VAN MENSELIJK EN SOCIAAL KAPITAAL EN ONDERSTEUNING VAN INSTITUTIONELE ONTWIKKELING De ontwikkelingshulp van de EU en de lidstaten heeft veel potentieel. Voor de meeste fragiele staten van sub-sahara Afrika is Europa de belangrijkste donor, handelspartner en bron van buitenlandse investeringen en een belangrijke emigratiebestemming. De EU is bovendien een belangrijk politiek, diplomatiek en economisch blok. Toch mag Europa niet vergeten dat fragiliteit vaak een gevolg is van kolonisatie- en dekolonisatieprocessen, soms versterkt door de onverantwoorde praktijken van buitenlandse bedrijven en de illegale en criminele handel naar en van Europa. De EU moet zich blijven inzetten voor fragiele staten, binnenlands eigenaarschap respecteren, verder gaan dan louter institutionele opbouw, haar comparatieve voordeel ten volle benutten, en haar inspanningen toespitsen op de ontwikkeling van menselijk en sociaal kapitaal en de ondersteuning van institutionele ontwikkeling op plaatselijk en regionaal niveau. In tegenstelling tot de meeste hulpinstellingen, 3 gaat het geheel van potentiële Europese beleidslijnen veel verder dan financiële bijstand, en omvat handel, landbouw, visserij, veiligheid, migratie, klimaatsverandering, het sociale aspect van globalisering, werkgelegenheid, onderzoek en ontwikkeling, informatiemaatschappij, energie, en bestuur4. Bovendien is de geschiedenis van de Europese Unie er een van institutionele ontwikkeling binnen verschillende gemeenschappen, gekenmerkt door instellingen met een verschillende oorsprong, traditie en geschiedenis. Zo moest de Europese Unie gedurende het uitbreidingsproces het hoofd bieden aan problemen zoals de transitie van een militaire dictatuur naar een democratie (bijvoorbeeld Griekenland, Portugal en Spanje in 1970) en de integratie van landen die pas onlangs zijn overgeschakeld op een marktsysteem. Deze ervaringen leveren heel wat nuttige informatie voor het aanpakken van fragiliteit. Het potentieel voor actie door Europa moet echter niet worden overschat. De wereldorde wordt meer en meer multipolair, met ontluikende politieke en economische machtsblokken die zich bij de oudere actoren hebben gevoegd. De configuratie VS-China- EU werd cruciaal in het internationale bestel. Naast de belangrijkste internationale instellingen, gingen ook andere landen zich engageren in fragiele staten, van de Verenigde Staten tot landen uit Oost-Azië en de Golf. Met name China bouwde infrastructuren, investeerde in land en vergrootte haar soft power in de meeste fragiele landen. Bovendien kunnen de Europese initiatieven tegen de fragiliteit van staten, zoals bijstand aan staats- en vredesopbouw, door partnerlanden gezien worden als inmenging en niet politiek neutraal. Ze kunnen ook, misschien onbedoeld, invloed hebben op processen en dynamiek die intrinsiek interne aangelegenheden zijn. Daarnaast kunnen interne weerstand en obstakels binnen de EU het engagement naar ontwikkelingsbeleid verzwakken. En elementen zoals de vergrijzende bevolking, de enorme schulden opgebouwd tijdens de crisis, en de Europese uitbreiding, kunnen leiden tot een afname van de bereidwilligheid om openbare middelen toe te wijzen aan internationale ontwikkelingssamenwerking. Kader 0.2: gemeenschappelijke kenmerken van fragiele staten en wezenlijke verschillen Fragiele staten zijn niet in staat om binnenlandse middelen te mobiliseren of aanzienlijke fiscale inkomsten te genereren uit belastingheffing. Bij de fragiele staten van sub-sahara Afrika vormen de inkomsten van de regering zonder subsidies zelden meer dan 20 % van het BBP. Inkomsten uit belastingen liggen tussen 6 en 13 % van het BBP, zodat er zeer weinig ruimte is om openbare goederen en diensten te leveren. 2 GTZ (2008) onderzoekt zes landenstudies en benadrukt diversiteit in geografie, ontwikkeling van overheidsinstellingen en oriëntering van ontwikkeling: de do no harm aanpak, aandacht voor context en grondige kennis van het land blijven onontbeerlijk bij ontwikkeling van strategieën (p. 12). 3 Hulpinstellingen en internationale instellingen hebben een veel beperkter operationeel bereik, vaak beperkt tot herstelmaatregelen op korte termijn en, door hun institutionele taakomschrijving, op één specifiek terrein. Raadpleeg het document van Paul Collier (2009a) in Volume 1B voor informatie over dit punt. 4 Zie het Verslag 2009 van de EU over de coherentie van het ontwikkelingsbeleid, waarin 12 relevante beleidsterreinen worden vastgesteld. 2

15 OVER Overzicht Lage menselijke ontwikkeling: De lage publieke investering in menselijke ontwikkeling vindt zijn weerslag in slecht functionerende onderwijs- en gezondheidszorgstelsels. Hoewel veel fragiele staten hun militaire uitgaven verlaagden, heeft deze daling niet geleid tot een verbetering van gezondheidszorg en onderwijs. Lage bevolkingsdichtheid: De meeste fragiele landen worden gekenmerkt door een over het algemeen zeer lage bevolkingsdichtheid: 15 van 29 landen hebben minder dan 40 inwoners per vierkante kilometer, terwijl de bevolkingsdichtheid in niet-fragiele landen rond 84 ligt. De bevolking is jong en neemt toe (in scherpe tegenstelling tot de bevolkingspiramide in de EU). Bovendien leeft de meerderheid van de bevolking van deze landen in landelijke gebieden. Tabel kader 0.1: bevolkingspiramide in fragiele landen van sub-sahara Afrika Vrouwen Mannen Bevolking, miljoenen Tabel kader 0.2: Bevolkingspiramide in de Europese Unie Bron: U.S. Census Bureau, International Data Base Vrouwen Mannen Bevolking, miljoenen Zwakke zachte en harde infrastructuur: In fragiele staten is er maar 8 meter verharde weg per vierkante kilometer, in niet-fragiele staten is dat 18. De transportkosten in fragiele landen (in het bijzonder voor handel binnen Afrika) zijn meer dan het dubbel van die in Zuid-Oost Azië. Het duurt ongeveer 116 dagen om een container van een fabriek in de Centraal- Afrikaanse Republiek naar de dichtstbijzijnde haven te brengen. Dezelfde handeling duurt vijf dagen vanuit Kopenhagen. De meest rechtstreekse vlucht tussen Tsjaad en Niger is via Frankrijk, meer dan kilometer; er is slechts één vlucht per week van Bangui in de Centraal-Afrikaanse Republiek naar Europa; het aantal mobiele lijnen per inwoners is, ondanks een recente sterke toename, de helft van dat in niet-fragiele landen. Geconcentreerde export: De diversificatie-index voor export is minder dan de helft van die in niet-fragiele landen, wat een zeer hoge concentratiegraad aangeeft. Op slechts enkele uitzonderingen na, exporteren fragiele staten voornamelijk grondstoffen: in 2006 waren grondstoffen gemiddeld goed voor meer dan 80 %, waarvan 30 % brandstoffen, en bij sommige landen zoals Angola, Tsjaad, de Republiek Congo en Equatoriaal-Guinea meer dan 90 %. Hoog risico op uitbreken van gewapende conflicten: Van de mensen in de landen van de Bottom Billion, een benaming voor de lijst van fragiele staten, bevond of bevindt 73 % zich in een burgeroorlog. Bovendien is het risico dat er in deze landen een burgeroorlog uitbreekt binnen een periode van vijf jaar enorm hoog: een op zes. 5 5 Collier OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

16 Overzicht Maar... Divergente groei. Fragiele landen groeiden jaarlijks met ongeveer 4 % tussen 2000 en Maar fragiele landen met veel natuurlijke rijkdommen groeiden met 6,3 %, met pieken van 10 % in 2002 en 8,5 % in Fragiele landen met weinig natuurlijke rijkdommen groeiden met 2,3 %. Inkomens. Het reële inkomen per hoofd, in 2008 gemiddeld $ 600 in fragiele Sahellanden, gaat van $ 100 voor de Democratische Republiek Congo tot $ voor Equatoriaal Guinea. Levensverwachting: In Sao Tomé en Principe hebben mensen een levensverwachting van meer dan 65 jaar, in overeenstemming met het gemiddelde voor ontwikkelingslanden, maar inwoners van Sierra Leone en Zimbabwe hebben een levensverwachting van weinig meer dan 40 jaar. Stromen Directe Buitenlandse Investeringen (DBI) gaan enkel naar landen met veel grondstoffen. Tussen 2000 en 2007 ging meer dan 70 % van alle DBI in fragiele landen van sub-sahara Afrika naar niet meer dan vijf landen: Angola, Tsjaad, Equatoriaal-Guinea, Nigeria en Sudan, allemaal goed voorzien van natuurlijke rijkdommen. Valutareserves - schaars of voldoende. Sommige fragiele staten hebben zeer lage valutareserves (minder dan 90 dagen importdekking). In april 2009 hadden Ethiopië, Guinea en Zimbabwe reserves voor niet meer dan een maand import, terwijl olielanden een half jaar hadden. Buitenlandse schuld: Olielanden hielden buitenlandse schuld beperkt, en indicatoren van schuldenlast zijn grotendeels onder controle. Zo zijn de verhoudingen van schuld tot bruto nationaal inkomen en totale schuld tot export van goederen en diensten aanzienlijk verbeterd in Angola en Sudan sinds Fragiele landen arm aan grondstoffen, zoals Guinee-Bissau en Liberia, hebben nog een grote schuldenlast, die hun toekomstige ontwikkeling ondermijnt. 1. NAAR BETERE EUROPESE REACTIES OP FRAGILITEIT Een evaluatie van de huidige Europese aanpak van omstandigheden van fragiliteit (hoofdstuk 8) laat zien dat er in verschillende richtingen vooruitgang moet worden geboekt. De eerste en meer algemene richting voor verbetering is het verkleinen van de kloof tussen het theoretische beleidskader en de opzet van specifieke interventies op het terrein. Dit vormt een fundamentele uitdaging omdat het resultaat van een beleid zichtbaar wordt in de uitvoering ervan. Bovendien moet die uitvoering op gepaste wijze worden aangepast, omdat one size fits all beleid niet beantwoordt aan de behoeften van fragiele staten. Daarnaast, en meer specifiek, is vooruitgang nodig met het oog op: het bereiken van grondig inzicht in de plaatselijke context, om doeltreffende interventies voor te bereiden op basis van die kennis; 6 aftasten hoe het beginsel van eigenaarschap dient te worden aangepast wanneer er sprake is van landen met ongeschikte of onwettige overheidsinstellingen, wat van begrotingssteun een bijzonder heikele keuze kan maken. Deze situatie komt vaak voor bij de meeste fragiele staten. Zelfs in landen met democratische instellingen is institutionele wettelijkheid vaak van korte duur, wat het zeer moeilijk maakt om langetermijnbeleid uit te voeren via begrotingssteun, tenzij er scherp toezicht wordt uitgeoefend; vermijden dat de hoeveelheid aan Europese beleidslijnen het omgekeerde resultaat veroorzaken en dat verschillende beleidslijnen leiden tot onrechtstreekse nadelige gevolgen voor fragiele staten. De horizontale richting van beleidssamenhang moet gekoppeld worden aan een betere zoektocht naar verticale samenhang, waarbij wordt gezorgd voor betere coördinatie, binnen de EG en tussen de EG en Europese lidstaten, die vaak weigerachtig staan tegenover het verliezen van hun belangrijke rol. Deze coördinatie moet ervoor zorgen dat de EU met één stem kan spreken, waardoor Europees ontwikkelingsbeleid eenduidiger wordt en beter begrepen wordt door de belanghebbenden; aanpassen van Europees handelsbeleid zodat het beter beantwoordt aan de specifieke behoeften van fragiele staten van sub-sahara Afrika, en ervoor zorgen dat bilaterale overeenkomsten geen schade toebrengen aan het proces van regionale of multilaterale integratie. Hoewel er binnen de regelgeving van de Wereldhandelsorganisatie uitzonderingen zijn voorzien voor ontwikkelingslanden en in het bijzonder voor de minst ontwikkelde landen, zijn er geen specifieke bepalingen voor fragiele staten of fragiele situaties. Dit is een aspect waar vooruitgang een groot verschil kan maken; 6 In situaties na een conflict is, de context onderhevig aan zeer snelle veranderingen en tal van uitdagingen moeten gelijktijdig worden beantwoord. Hierbij is flexibiliteit noodzakelijk (GTZ, 2008, p. 22). 4

17 OVER Overzicht overschakelen van reactieve interventies op preventieve interventies, zodat landen in fragiele situaties niet verder worden meegesleurd in een spiraal die de capaciteit en wettelijkheid van hun staatsinstellingen steeds meer uitholt. Een dergelijke omschakeling houdt in dat er misschien een regionale aanpak van fragiliteit moet komen, omdat de invloed van slechte buren staatsopbouw en sociale samenhang in gevaar kan brengen; 7 beter begrijpen hoe er op gepaste wijze met de onderlinge relatie tussen veiligheid en ontwikkeling kan worden omgegaan. Vrede en veiligheid maken deel uit van de belangrijkste elementen van het strategische partnerschap tussen de EU en de Afrikaanse Unie. Terwijl er een aantal positieve ervaringen zijn geweest, waren er ook waarbij veiligheidsmaatregelen de uitvoering van ontwikkelingsbeleid hebben gehinderd. Het verkleinen van de kloof vraagt om een herziening van prioriteiten, toespitsing van de inspanningen op een aantal duidelijk bepaalde en overeengekomen doelstellingen, en vereenvoudiging van de procedures. In situaties waar de overheidsinstellingen niet in staat of niet bereid zijn om hun plichten te vervullen, moet bovendien gezocht worden naar een geschikte organisatie of partner om het beleid uit te voeren. 8 Het gaat hierbij niet enkel om uitvoeren van beleid, maar ook om opbouwen van onderling vertrouwen tussen begunstigden en donors, en leren uit ervaringen met beleid. Hoewel vooruitgang merkbaar is en Europese beleidsdocumenten nu meer uitgebreid politiek advies bevatten, is er nog veel werk voor de boeg om engagement om te zetten in actie. De financiële instrumenten en procedures werden dan wel eenvoudiger en flexibeler, maar ze blijven te ingewikkeld, log, traag en onvriendelijk voor de begunstigden. Kader 0.3: Hoe de crisis van fragiele staten in sub-sahara Afrika heeft geraakt Fragiele landen, die niet sterk in de wereldeconomie zijn geïntegreerd, ondervonden aanvankelijk geen invloed van de directe gevolgen van de financiële crisis. Ze werden echter geraakt door de daarop volgende wereldwijde recessie en terugval van de handel. De economische en financiële crisis kwam bovenop een periode van hoge en grillige voedsel- en brandstofprijzen. De pieken midden 2008 plaatsten een zware druk op fragiele Sahellanden die voedsel en brandstof importeren, hun valutareserves gingen omlaag en betalen van import en volhouden van groei werd moeilijk. De hoog- en laagconjunctuur droeg bij tot grillige productie, en investeringen in productiecapaciteit voor de lange termijn werden onaantrekkelijk. De meeste fragiele landen van sub-sahara Afrika leden bijna gelijktijdig onder de brandstof-, voedsel- en financiële schokken. Volgens recente schattingen is de reële groei van het BBP voor 2009 ongeveer 1,5 %, gedaald van een geschatte 5,5 % in oktober Met deze cijfers zou 2009 voor het eerst in een periode van tien jaar tijd een jaar zijn waarin de meeste fragiele landen van sub-sahara Afrika negatieve groei optekenen in reëel BBP per capita. Dit brengt de vorderingen inzake de millenniumdoelstellingen in gevaar en ondermijnt de politieke stabiliteit. Tragere groei gaat niet altijd gepaard met een terugval in menselijke ontwikkeling, maar het leidt tot tegenslagen, vooral door besparingen op onderwijs en gezondheidszorg, die ernstige gevolgen hebben op lange termijn. Fragiele landen in sub-sahara Afrika hebben kleine binnenlandse bankstelsels en kleine tot onbestaande aandelenmarkten. Gezien de lage financiële ontwikkeling en de beperkte verwevenheid met het internationale financiële systeem, bevinden de voornaamste transmissiekanalen van de crisis zich in de echte sectoren van de economie. Het is vooral door handel dat de fragiele Sahellanden worden blootgesteld aan de crisis: de daling van opbrengsten uit export gaat gepaard met een negatief effect op de ruilvoet, versterkt door een overmatige afhankelijkheid van export van grondstoffen en de polarisatie van exportartikelen. De handel viel ineen in 2009, en landen van sub-sahara Afrika ondervinden meer invloed van zo n ontwikkeling dan andere landen, omwille van verlagingen van handelsfinanciering (de minst betrouwbare hebben meer kans te lijden onder verlagingen) en vanwege de samenstelling van hun exportmandje. Fragiele landen zijn ook kwetsbaar door een lagere instroom van DBI, door een afwachtende houding van investeerders in onzekere tijden, (mogelijk) lagere instroom van buitenlandse steun en minder geld teruggestuurd door migranten. Overmakingen van migranten binnen Afrika zijn relevant, omdat migranten van fragiele staten het geld niet hebben voor migratie naar landen met hoge inkomens en dus naar dichtbijgelegen landen emigreren. De belangrijkste bestemmingen voor migranten uit fragiele landen, Nigeria en Zuid-Afrika, zijn echter de enige Sahellanden die rechtstreeks werden geraakt door de crisis. Fragiele landen werden hard geraakt, maar de impact is zeer heterogeen in alle landen; als gevolg daarvan is er geen hogere kwetsbaarheid voor fragiele landen. Wat kleiner is, is het vermogen om van schokken te herstellen. 7 Bij het aanpakken van fragiliteit in het verleden bleek vaak dat een regionale aanpak noodzakelijk was, bijvoorbeeld in de Balkan. 8 See Zie Collier (2009b), Kader 9.5 in Hoofdstuk 9 en GTZ (2008) voor bevindingen van op het terrein. 5 OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

18 Overzicht Figuur 0.1: Veerkracht van fragiele landen in sub-sahara Afrika Niet fragiel Fragiel zonder gegevens Hoge veerkracht Matige veerkracht Lage veerkracht Figuur 0.2: Kwetsbaarheid van fragiele landen in sub-sahara Afrika Niet fragiel Fragiel zonder gegevens Lage kwetsbaarheid Matige kwetsbaarheid Hoge kwetsbaarheid 6

19 OVER Overzicht 2. PRIORITEITEN BEPALEN Door verderbouwen op ervaringen uit het verleden, leren uit fouten en aanpassen aan snel veranderende omstandigheden en respecteren van nationale soevereiniteit, moet de EU zelf bepalen welke gebieden ze prioriteit geeft voor interventies. De analyses van EVO 2009 suggereren dat vijf prioriteiten aan de basis moeten liggen van de Europese inspanningen op lange termijn voor fragiele staten in sub-sahara Afrika met het oog op een versterking van hun veerkracht: 1. Ondersteunen van staatsopbouw en sociale samenhang: De fundamentele doelstelling van engagement voor fragiele landen is bij te dragen tot het endogene proces van staatsopbouw. 9 De EU nam deze centrale prioriteit officieel op in haar Europese Consensus inzake ontwikkeling, 10 zodat het engagement in de fragiele landen van sub-sahara Afrika op deze langetermijndoelstelling gericht moet zijn. De complexiteit van dit engagement ligt in het feit dat het niet mogelijk is om een externe (Europese) visie te hebben op deze processen. Het proces van staatsopbouw voor fragiele landen in sub-sahara Afrika zal niet lijken op het negentiendeeeuwse proces van staatsopbouw in Europa. Zo zal ook sociale samenhang niet hetzelfde zijn tussen etniciteiten en religies wier verschillen en geschillen tot honderden jaren teruggaan. Kennis van de plaatselijke context is van essentieel belang in het externe engagement voor fragiele staten - noodzakelijk om vast te stellen welke actoren de wijzigingen kunnen voortstuwen, en deze landen uit de fragiliteit leiden, mogelijk langs verschillende routes. Terwijl veranderingsactoren versterkt moeten worden, in het bijzonder deelname aan staatsopbouw door vrouwen, is het ook belangrijk dat mogelijke vetostellers worden verzwakt en dat leiders worden ondersteund bij hun inspanningen voor het heropbouwen van een nieuw sociaal weefsel tussen de staat en de burgers, en tussen verschillende groeperingen en etniciteiten. Als bepaalde groepen gediscrimineerd worden en uitgesloten worden van politieke vertegenwoordiging, is de kans op conflicten hoger en het wegraken uit fragiliteit moeilijker. 2. Overbruggen van de kloof tussen behoeften op korte termijn en veerkracht op lange termijn. Om in fragiele landen te aandacht te verleggen van het inspelen op dringende behoeften op korte termijn naar het hanteren van een visie op langere termijn, kan de EU een verzekeringsmechanisme invoeren om fragiele staten te beschermen tegen grillige inkomsten uit export. Met (meer) stabiele inkomsten zouden fragiele landen hun mogelijke comparatieve voordelen op lange termijn kunnen versterken. 3. Versterken van menselijk en sociaal kapitaal. Investeren in de opvoeding van de burgers van fragiele landen, proberen om de genderongelijkheid terug te dringen en opbouwen van sociaal kapitaal, zijn de beste manieren om duurzame groei en ontwikkeling te behouden en veerkracht te versterken. Fragiele en door conflict getroffen landen lijden onder verstoringen van het openbaar onderwijs, die de scholingsgraad doen dalen en de ongeletterdheid onder volwassenen doen toenemen. Er moet gepaste financiering worden toegekend, niet enkel voor basisonderwijs, maar ook voor tertiair onderwijs, het aanpakken van genderongelijkheid en het bevorderen van plaatselijke kennis en innovatie. Het is wellicht ook belangrijk om interventies toe te spitsen op jongeren, in het bijzonder in fragiele landen uit conflictzones, om de aantrekkingskracht te verminderen van onwettige activiteiten zoals illegale handel of smokkel. 4. Ondersteunen van beter regionaal bestuur, inclusief regionale integratieprocessen. Regionale handelsovereenkomsten geven Afrikaanse landen de mogelijkheid om aanzienlijke schaalvoordelen te realiseren met grotere regionale markten - om binnenlandse concurrentie te versterken, rendement op investeringen te verhogen en vervolgens DBI aan te trekken, wat dan weer leidt tot technologieoverdracht en groei. De overeenkomsten zouden economieën met schaalvoordelen ook de mogelijkheid geven om middelen te bundelen voor de gezamenlijke toelevering voor een reeks infrastructuurprojecten, waarbij schaalvoordelen ten volle worden benut en de grensoverschrijdende regionale effecten van dergelijke investeringen intern worden benut. En ze zouden kleine Afrikaanse landen de kans bieden om meer te bereiken bij onderhandelingen inzake economisch beleid met andere handelsblokken of grote particuliere partners. Vanuit een institutioneel perspectief, is het ook mogelijk dat regionale overeenkomsten verbintenismechanismen creëren voor beleidsvorming en hervormingen. Ze kunnen verbintenissen helpen op te bouwen die bijzonder relevant zijn voor landen met een zwakke binnenlandse verbinteniscapaciteit. In dit opzicht kunnen regionale integratieovereenkomsten worden gebruikt als instrumenten voor institutionele opbouw. Toetreden tot een handelsblok met sterke clubregels kan democratische hervormingen helpen te verankeren en geloofwaardigheid opbouwen in lidstaten. 5. Bevorderen van veiligheid en ontwikkeling in de regio. Actie op het gebied van veiligheid en ontwikkeling vereist een veelzijdige strategie. Er zijn inspanningen op lange termijn nodig om de Europese politieke culturen om te vormen van neutralistisch en introvert tot betrokkenheid bij internationaal bestuur. De Europese internationale verantwoordelijkheden koppelen aan het binnenlands welzijn van burgers in Europa is daarom cruciaal. Europese beleidsmakers moeten zich realiseren dat Europese actie op elk terrein - van landbouw en visserij tot handel, en tot onderzoek en ontwikkeling - gevolgen kan hebben voor de veiligheid, en omgekeerd, dat veiligheidsinitiatieven van invloed kunnen zijn op ontwikkeling en handel. De EU moet haar lineaire aanpak met sociale technieken die zich richt op de beschikbare instrumenten verleggen naar een meer flexibele, strategische aanpak die 9 Zie OECD/DAC Zie Europees Parlement Raad Commissie OVER EUROPEES VERSLAG ONTWIKKELING

20 Overzicht het gecontesteerde en politieke karakter van veel donordoelstellingen en beleid erkent. De toenemende mate waarin gebruik wordt gemaakt van instrumenten van civiele en militaire crisisbeheersing is niet alleen een kans om gezamenlijke planning (militair, civiel en ontwikkeling) te bevorderen, maar ook om strategischer te denken. Het is ook een kans om het nemen van risico s door het EU-personeel te belonen, vaak essentieel in situaties van fragiliteit. Aan deze dringende veiligheidskwesties voorbijgaan is contraproductief: in plaats van een vooraf bestaande blauwdruk toe te passen, kan er veel worden bereikt als de veiligheidsbehoeften van de bevolking ernstig worden genomen, een eerste stap naar een echt plaatselijk eigenaarschap, evenals manieren om seksueel geweld te stoppen. In het kort, zou gebrek aan actie een heel hoge tol eisen van zowel de donoren als de begunstigden. Voor de fragiele staten is deze tol merkbaar aan de lage menselijke ontwikkeling en het gebrek aan veiligheid verbonden met aanhoudende ontwikkelingstekorten: de tol voor het niet opbouwen van veerkracht. Voor Europa - geografisch dicht bij Afrika en haar problemen van explosieve demografie, illegale handel, smokkel, piraterij, seksueel geweld en milieuproblematiek kunnen de negatieve oversijpelingseffecten aanzienlijk zijn. Daarom moet de EU-actie herzien worden. De EU kan geen fondsen verspillen of inefficiënt zijn. Om een efficiënt ontwikkelingsbeleid met resultaten te bereiken, is het cruciaal dat de EU: handelt met één stem - en beleid bepaalt met één stem. Discussies onder leden van de EU, en met de EG, kunnen open en levendig zijn, maar zodra een beleid gezamenlijk is vastgelegd en overeengekomen, moet de EU daaraan vasthouden. zich inzet voor langetermijnbeleid, en wijzigingen van beleidsdoelstellingen en van de belangrijkste aandachtspunten vermijdt, omdat de specifieke problemen van landen in fragiele situaties voornamelijk structureel en van lange duur zijn, en een vaak terugkerend element van fragiliteit is de onmacht om langetermijndoelstellingen na te komen. de juiste delegatie opstelt om het beleid uit te voeren. Delegatie is essentieel omdat donoren en begunstigden zich vaak niet in een positie bevinden om programma s optimaal uit te voeren of op te volgen omwille van de vereiste dat er rekening wordt gehouden met plaatselijke complexiteiten. In deze situaties is het wellicht aangewezen om de verschillende bestuurlijke functies van elkaar te scheiden: beleidsformulering van de toekenning van specifieke fondsen en van de controle, waarbij de controle wordt uitgevoerd door onafhankelijke instanties. begrijpt dat staatsopbouw en sociale samenhang in landen van sub-sahara Afrika lange ontwikkelingsprocessen zijn, die nieuwe, diverse en onvoorspelbare vormen aannemen op de nationale en regionale niveaus. Aan dergelijke processen moet voortdurend aandacht worden besteed, evenals de juiste institutionele ondersteuning op het terrein. Rekening houden met al deze elementen kan ook aantonen dat er behoefte is aan een verdieping van ons begrip van verschillende aspecten. Eén daarvan is de rol van voortdurende ongelijkheid in fragiele situaties; een andere is de behoefte aan sociale veiligheidsnetten en sociale organisaties bij het opbouwen van veerkracht. 8

Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG

Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ACP-UE/101.868/B 19.3.2015 ONTWERPVERSLAG over de financiering van de investeringen en de handel, met

Nadere informatie

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU?

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Als gevolg van de wereldwijde economische en financiële crisis heeft de EU met een laag investeringsniveau te kampen. Alleen met gezamenlijke gecoördineerde

Nadere informatie

Manifest voor de Rechten van het kind

Manifest voor de Rechten van het kind Manifest voor de Rechten van het kind Kinderen vormen de helft van de bevolking in ontwikkelde landen. Ongeveer 100 miljoen kinderen leven in de Europese Unie Het leven van kinderen in de hele wereld wordt

Nadere informatie

The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1

The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1 The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1 Summary in Dutch Het DAC-journaal: Ontwikkelingssamenwerking

Nadere informatie

Armoede en ongelijkheid in de wereld. Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016

Armoede en ongelijkheid in de wereld. Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016 Armoede en ongelijkheid in de wereld Inleiding tot een eenvoudig én complex onderwerp Francine Mestrum, 27 maart 2016 Wat gaan we bestuderen? Wanneer en hoe zijn armoede en ongelijkheid op de agenda van

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie 10 april 2001 VOORLOPIGE VERSIE 2000/2243(COS) ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU Commissie sociale zaken en milieu 19 september 2003 APP 3590/1-16 AMENDEMENTEN 1-16 Ontwerpverslag (APP 3590) Joaquim Miranda en Gado Boureïma (Niger) over duurzaam

Nadere informatie

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Inleiding In het eerste jaar van Geogenie ben je begonnen vanuit België naar de wereld te kijken. In het tweede jaar heb je veel geleerd over Europa en in

Nadere informatie

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Korte omschrijving: Leerlingen gaan aan de slag met actuele Europese dilemma s. Er zijn vijf dilemma s. U kunt zelf kiezen welke dilemma s u aan de orde stelt.

Nadere informatie

BIJLAGE. bij MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE EUROPESE RAAD, DE RAAD EN DE EUROPESE INVESTERINGSBANK

BIJLAGE. bij MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT, DE EUROPESE RAAD, DE RAAD EN DE EUROPESE INVESTERINGSBANK OPESE COMMISSIE Brussel, 7.6.2016 COM(2016) 385 final ANNEX 3 BIJLAGE bij MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET OPEES PARLEMENT, DE OPESE RAAD, DE RAAD EN DE OPESE INVESTERINGSBANK Mededeling over het nieuwe

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0186 (E) 11290/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: ACP 109 COAFR 184 PESC 677 RELEX 538 BESLUIT

Nadere informatie

EU-ontwikkelingsbeleid Onze wereld, onze toekomst, onze waarden

EU-ontwikkelingsbeleid Onze wereld, onze toekomst, onze waarden EU-ontwikkelingsbeleid Onze wereld, onze toekomst, onze waarden NL We leven in tijden van ingrijpende veranderingen die vragen om een aangepast EU-ontwikkelingsbeleid. De Global Development Framework after

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 NOTA van: het Italiaanse voorzitterschap aan: de horizontale Groep drugs nr. vorig doc.: 11051/03 CORDROGUE

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 NOTA van: aan: Betreft: het Italiaanse voorzitterschap de horizontale Groep drugs Ontwerp-resolutie van

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag. Datum 13 november 2015 Betreft Impact van TTIP op lage-inkomenslanden

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag. Datum 13 november 2015 Betreft Impact van TTIP op lage-inkomenslanden Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Onze Referentie Minbuza 2015.594488 Bijlage(n)

Nadere informatie

Tijdens de zitting van 18 mei 2009 heeft de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen de conclusies in bijlage dezes aangenomen.

Tijdens de zitting van 18 mei 2009 heeft de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen de conclusies in bijlage dezes aangenomen. RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 mei 2009 (26.05) (OR. en) 9909/09 DEVGE 147 E ER 187 E V 371 COAFR 172 OTA van: het secretariaat-generaal d.d.: 18 mei 2009 nr. vorig doc.: 9100/09 Betreft: Conclusies

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005 EUROPEES PARLEMENT 2004 Zittingsdocument 2009 11.1.2006 B6-0038/2006 ONTWERPRESOLUTIE naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6-0345/2005 ingediend overeenkomstig artikel 108, lid 5 van het

Nadere informatie

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE DIRECTORAAT-GENERAAL INTERN BELEID VAN DE UNIE BELEIDSONDERSTEUNENDE AFDELING B: STRUCTUURBELEID EN COHESIE VERVOER EN TOERISME HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER

Nadere informatie

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL. Europees Parlement 2015/2104(INI) 13.7.2015

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL. Europees Parlement 2015/2104(INI) 13.7.2015 Europees Parlement 2014-2019 Commissie buitenlandse zaken 2015/2104(INI) 13.7.2015 ONTWERPVERSLAG inzake de rol van de EU binnen de VN hoe kunnen de doelstellingen van het buitenlands beleid van de EU

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT WERKDOCUMENT. Commissie cultuur en onderwijs 7.3.2008

EUROPEES PARLEMENT WERKDOCUMENT. Commissie cultuur en onderwijs 7.3.2008 EUROPEES PARLEMENT 2004 Commissie cultuur en onderwijs 2009 7.3.2008 WERKDOCUMENT inzake het voorstel voor het besluit van het Europees Parlement en de Raad tot invoering van een actieprogramma ter verhoging

Nadere informatie

Ontwikkelingssamenwerking

Ontwikkelingssamenwerking Ontwikkelingssamenwerking Cordaid CIDIN Masterclass Radboud Universiteit 25 september 2015 Ontwikkelingssamenwerking Begrippen Motieven Kanalen Bronnen Definities Ontwikkelingssamenwerking Ontwikkelingshulp

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 1480 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU. Zittingsdocument. inzake de sociale en culturele integratie en participatie van jongeren

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU. Zittingsdocument. inzake de sociale en culturele integratie en participatie van jongeren PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU Zittingsdocument ACP-EU/100.504/B/09 31.08.2009 VERSLAG inzake de sociale en culturele integratie en participatie van jongeren Commissie sociale zaken en milieu

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Binnen het bestek van deze doelstelling is een specifieke actie van de lidstaten en de Commissie voorzien om gezamenlijk:

Binnen het bestek van deze doelstelling is een specifieke actie van de lidstaten en de Commissie voorzien om gezamenlijk: EUROPESE INHOUD IN WERELDWIJDE NETWERKEN COÖRDINATIEMECHANISMEN VOOR DIGITALISATIEPROGRAMMA'S DE BEGINSELEN VAN LUND: CONCLUSIES VAN DE VERGADERING VAN DESKUNDIGEN, LUND, SWEDEN, 4 APRIL 2001 Het eeurope

Nadere informatie

HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN:

HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN: HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN: Verklaring van de Ministers van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Republiek Inleiding DE NEDERLANDS-FRANSE BILATERALE

Nadere informatie

EUROPEAN DISABILITY FORUM...

EUROPEAN DISABILITY FORUM... Deïnstitutionalisering en de rechten van personen met een handicap perspectief van Europese Unie... An-Sofie Leenknecht, EDF Human Rights Officer, Brussel, 26 november 2014 EUROPEAN DISABILITY FORUM Vertegenwoordigen

Nadere informatie

Werkloosheid in de Europese Unie

Werkloosheid in de Europese Unie in de Europese Unie Diana Janjetovic en Bart Nauta De werkloosheid in de Europese Unie vertoont sinds 2 als gevolg van de conjunctuur een wisselend verloop. Door de economische malaise in de jaren 21 23

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 4 februari 2011 Inhoud 1 I. Waarom energiebeleid ertoe doet II. Waarom

Nadere informatie

Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 6855/07 SOC 78

Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 6855/07 SOC 78 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 februari 2007 (01.03) (OR. fr) 6855/07 SOC 78 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

Nadere informatie

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo DE EUROPESE STRUCTUUR- EN INVESTERINGSFONDSEN (ESI-FONDSEN) EN HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN (EFSI) HET VERZEKEREN VAN COÖRDINATIE, SYNERGIEËN

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D017336/01

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument D017336/01 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 8 december 2011 (09.12) (OR. en) 18335/11 ECOFI 876 STATIS 108 I GEKOME DOCUME T van: de Europese Commissie ingekomen: 22 november 2011 aan: het secretaris-generaal van

Nadere informatie

Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014

Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014 EUROPESE RAAD DE VOORZITTER NL Brussel, 29 juni 2012 (OR. en) EUCO 133/12 PRESSE 318 PR PCE 115 Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014 In de afgelopen twee en een half jaar heeft de Europese

Nadere informatie

betreffende onderwijs in ontwikkelingssamenwerking

betreffende onderwijs in ontwikkelingssamenwerking ingediend op 439 (2014-2015) Nr. 1 16 juli 2015 (2014-2015) Voorstel van resolutie van Ingeborg De Meulemeester, Sabine de Bethune, Herman De Croo, Tine Soens en Wouter Vanbesien betreffende onderwijs

Nadere informatie

Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica

Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica Presentatie onderdirecteur Handel, Mw. Mr. H. Djosetiko voor de ASFA workshop op 20 oktober 2004. Lokatie: Ballroom Hotel Torarica Voorzitter ASFA, dagvoorzitter Etc, Dames en heren,.. Goedemorgen, Met

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU Commissie politieke zaken 5.3.2009 AP/100.506/AM1-24 AMENDEMENTEN 1-24 Ontwerpverslag (AP/100.460) Co-rapporteurs: Ruth Magau (Zuid-Afrika) en Filip Kaczmarek

Nadere informatie

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org Quiz 1. Hoeveel jongeren wereldwijd tussen 15 en 24 jaar kunnen niet lezen en schrijven? 4 miljoen 123 miljoen 850 miljoen 61% van hen zijn jonge vrouwen. Bron: www.un.org 2. Over de hele wereld is het

Nadere informatie

Opbouw van de Europese Monetaire Unie

Opbouw van de Europese Monetaire Unie Opbouw van de Europese Monetaire Unie Seminarie voor leerkrachten, NBB Brussel, 21 oktober 2015 Ivo Maes DS.15.10.441 Construct EMU 21_10_2015 NL Opbouw van de Europese monetaire unie 1. Beschouwingen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 1373 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE

Nadere informatie

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Belgisch voorzitterschap van de Europese Unie: Conferentie over Biodiversiteit in een veranderende wereld 8-9 september 2010 Internationaal Conventiecentrum

Nadere informatie

COHESIEBELEID 2014-2020

COHESIEBELEID 2014-2020 GEÏNTEGREERDE TERRITORIALE INVESTERING COHESIEBELEID 2014-2020 De nieuwe wet- en regelgeving voor de volgende investeringsronde van het EU-cohesiebeleid voor 2014-2020 is in december 2013 formeel goedgekeurd

Nadere informatie

Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Hans De Greve, Plan België 28/05/2015

Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Hans De Greve, Plan België 28/05/2015 Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking Hans De Greve, Plan België 28/05/2015 Wat vooraf ging Onderzoek Plan België naar de onderwijssector in de Belgische OS (2013) gevolgd door de conferentie

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 1.2.2011 COM(2011) 30 definitief 2011/0013 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot verlenging van de looptijd en aanpassing van de maatregelen vastgesteld bij

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Zittingsdocument 23.1.2014 B7-0000/2014 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B7-0000/2014

EUROPEES PARLEMENT 2009-2014. Zittingsdocument 23.1.2014 B7-0000/2014 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B7-0000/2014 EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Zittingsdocument 23.1.2014 B7-0000/2014 ONTWERPRESOLUTIE naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B7-0000/2014 ingediend overeenkomstig artikel 115, lid 5, van het

Nadere informatie

Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE

Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE istock Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE Overzicht van het nieuwe LIFE-subprogramma Klimaatactie 2014-2020 Klimaat Wat is het nieuwe LIFE-subprogramma Klimaatactie? De Europese staatshoofden

Nadere informatie

Projectoproep UCB Societal Responsibility Fund. Voorwaarden om in aanmerking te komen en selectiecriteria [2016]

Projectoproep UCB Societal Responsibility Fund. Voorwaarden om in aanmerking te komen en selectiecriteria [2016] Projectoproep UCB Societal Responsibility Fund Voorwaarden om in aanmerking te komen en selectiecriteria [2016] Inhoud Inhoud... 2 1. Context... 3 2. Doelstelling... 3 3. Methodologie... 4 4. Ontvankelijkheidsvoorwaarden...

Nadere informatie

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK Toelichting In het onderstaande zijn de afzonderlijke elementen van het normatieve kader integraal opgenomen en worden ze nader toegelicht en beschreven. Daarbij wordt aandacht besteed aan de volgende

Nadere informatie

PROJECTFICHE. Introductie

PROJECTFICHE. Introductie PROJECTFICHE "Gannet Sailing for Education" primary education for everyone "Jan van Gent Zeilen voor Onderwijs" basisonderwijs voor iedereen Introductie Recht op onderwijs Reeds in 1948 hebben regeringsleiders

Nadere informatie

België en de Verenigde Naties

België en de Verenigde Naties België en de Verenigde Naties Consensus smeden Bouwen aan vrede KONINKRIJK BELGIË Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking in dienst van de internationale

Nadere informatie

Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt

Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt IP/97/507 Brussel, 10 juni 1997 Commissie publiceert Groenboek over aanvullende pensioenen in de interne markt De Europese Commissie heeft haar goedkeuring gehecht aan een Groenboek over aanvullende pensioenen

Nadere informatie

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG OVERZICHT 2014 Publicatiedatum: 8 januari 2015 Contact: Tine Van Valckenborgh tine.vanvalckenborgh@ibz.fgov.be 02 205 50 56 INHOUDSTAFEL I. Algemeen overzicht van asielaanvragen

Nadere informatie

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Standaard Eurobarometer 80 DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Opiniepeiling besteld en gecoördineerd door de Europese Commissie, Directoraat-generaal Communicatie.

Nadere informatie

Female Cancer Foundation. Strategie 2013-2017

Female Cancer Foundation. Strategie 2013-2017 Female Cancer Foundation Strategie 2013-2017 Missie Female Cancer Foundation FCF levert een zichtbare en erkende bijdrage aan een wereld zonder baarmoederhalskanker middels preventieve screening & behandeling,

Nadere informatie

AFRIKA RECHTSGROND DE OVEREENKOMST VAN COTONOU

AFRIKA RECHTSGROND DE OVEREENKOMST VAN COTONOU AFRIKA De betrekkingen tussen de EU en Afrika worden geregeld door deels overlappende beleidskaders. De belangrijkste zijn de Overeenkomst van Cotonou (2000) en de gezamenlijke strategie Afrika-EU. Deze

Nadere informatie

Dutch Good Growth Fund (DGGF)

Dutch Good Growth Fund (DGGF) Dutch Good Growth Fund (DGGF) DGGF doel: mkb financiering mogelijk maken in ontwikkelingslanden MKB financiering in DGGF landen wordt als high risk gezien door financiers: - Hoge transactiekosten - Beperkte

Nadere informatie

Datum 19 september 2014 Betreft Beantwoording vragen van de leden van Laar en Sjoerdsma over de strijd tegen Ebola

Datum 19 september 2014 Betreft Beantwoording vragen van de leden van Laar en Sjoerdsma over de strijd tegen Ebola Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl DSH-2014.500215 Datum 19 september 2014

Nadere informatie

Op 24 mei 2005 heeft de Raad (RAZEB), in zijn samenstelling van ministers van Ontwikkelingssamenwerking, de conclusies in bijlage I aangenomen.

Op 24 mei 2005 heeft de Raad (RAZEB), in zijn samenstelling van ministers van Ontwikkelingssamenwerking, de conclusies in bijlage I aangenomen. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 mei 2005 (25.05) (OR. en) 9278/05 DEVGEN 92 RELEX 257 SAN 74 ONU 61 ACP 73 NOTA van: het secretariaat-generaal dd: 24 mei 2005 nr. vorig doc.: 9085/05 DEVGEN 88 RELEX

Nadere informatie

Out of the box Over de grenzen. SIETAR Nederland Seminar. 14 juni 2014 INGE HEETVELT 23-06- 14. SIETAR Nederland - Out of the Box

Out of the box Over de grenzen. SIETAR Nederland Seminar. 14 juni 2014 INGE HEETVELT 23-06- 14. SIETAR Nederland - Out of the Box Out of the box Over de grenzen SIETAR Nederland Seminar 14 juni 2014 INGE HEETVELT o De wereld stuitert en beweegt o De schijnzekerheid van cijfers o Het optimisme in Afrika o Ondernemers met lef & hart

Nadere informatie

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt.

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 november 2003 (21.11) (OR. en) 15014/03 ECOFIN 353 FIN 519 RELEX 437 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal van de Raad het Coreper/de RAAD Ontwerp-verslag

Nadere informatie

Rol van de sociale partners en het maatschappelijk middenveld in de Europa 2020-strategie

Rol van de sociale partners en het maatschappelijk middenveld in de Europa 2020-strategie Slotverklaring Rol van de sociale partners en het maatschappelijk middenveld in de Europa 2020-strategie Verklaring van Brussel 16 september 2010 De voorzitters en secretarissen-generaal van de sociaaleconomische

Nadere informatie

Trends in International Migration: SOPEMI - 2004 Edition. Trends in internationale migratie: SOPEMI editie 2004 ALGEMENE INLEIDING

Trends in International Migration: SOPEMI - 2004 Edition. Trends in internationale migratie: SOPEMI editie 2004 ALGEMENE INLEIDING Trends in International Migration: SOPEMI - 2004 Edition Summary in Dutch Trends in internationale migratie: SOPEMI editie 2004 Samenvatting in Nederlands ALGEMENE INLEIDING Door John P. Martin Directeur

Nadere informatie

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks ANNEX Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 21 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks 1. Deelname voor- en vroegschoolse educatie (VVE) De Nederlandse waarde voor

Nadere informatie

Macht en waarden in de wereldpolitiek

Macht en waarden in de wereldpolitiek Rik Coolsaet Macht en waarden in de wereldpolitiek Actuele vraagstukken in de internationale politiek Editie 2006-2007 2 Inhoud Inleiding... Deel 1. De jaren 90: het transitiedecennium 1. Van illusie naar

Nadere informatie

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking Brussel, 5 juli 2006 050706_Advies_kaderdecreet_Vlaamse_ontwikkelingssamenwerking Advies over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking 1. Inleiding Op 24 mei 2006 heeft Vlaams minister

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Contactpersoon Anne Poorta T +31-70-3485428

Nadere informatie

LERARENOPLEIDINGEN BASISONDERWIJS IN EUROPA: STAND VAN ZAKEN EN TOEKOMSTPERSPECTIEVEN

LERARENOPLEIDINGEN BASISONDERWIJS IN EUROPA: STAND VAN ZAKEN EN TOEKOMSTPERSPECTIEVEN DIRECTORAAT-GENERAAL INTERN BELEID BELEIDSONDERSTEUNENDE AFDELING B: STRUCTUURBELEID EN COHESIE CULTUUR EN ONDERWIJS LERARENOPLEIDINGEN BASISONDERWIJS IN EUROPA: STAND VAN ZAKEN EN TOEKOMSTPERSPECTIEVEN

Nadere informatie

Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ----------------------------------------------------------------------------------

Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ---------------------------------------------------------------------------------- CENTRALE RAAD VOOR HET BEDRIJFSLEVEN NATIONALE ARBEIDSRAAD ADVIES Nr. 1.402 Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ----------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

2. Eventuele A - punten De A - punten werden naar de middag ( Jeugd - deel) verschoven.

2. Eventuele A - punten De A - punten werden naar de middag ( Jeugd - deel) verschoven. VERSLAG VAN HET ONDERWIJSDEEL ( DE PUNTEN 1 t/m 8) VAN DE EU ONDERWIJS / JEUGD RAAD 29 NOVEMBER 2001 TE BRUSSEL T.B.V. DE TWEEDE KAMER DER STATEN - GENERAAL 1. Vaststelling van de agenda Geen opmerkingen.

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU. Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU. Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel 03.09.2007 ONTWERPVERSLAG over de impact van buitenlandse directe investeringen (FDI) in de landen van

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.6.2006 COM(2006) 275 definitief Deel I MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITE EN

Nadere informatie

De vragenlijst van de openbare raadpleging

De vragenlijst van de openbare raadpleging SAMENVATTING De vragenlijst van de openbare raadpleging Tussen april en juli 2015 heeft de Europese Commissie een openbare raadpleging gehouden over de vogel- en de habitatrichtlijn. Deze raadpleging maakte

Nadere informatie

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN EPAs- ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN Het is belangrijk te weten dat de Economische Partnerschapsovereenkomst (EPA) niet de gehele Cotonou overeenkomst vervangt maar slechts het handelsgedeelte.

Nadere informatie

Tot slot. Aanbevelingen. Inleiding. Naar een lerende economie Investeren in het verdienvermogen van Nederland synopsis van WRR - rapport 90

Tot slot. Aanbevelingen. Inleiding. Naar een lerende economie Investeren in het verdienvermogen van Nederland synopsis van WRR - rapport 90 Hoe ziet dat er on de praktijk uit? (per sector / organisatie / afdeling / functie) Natuurlijke hulpbronnen en mensen zullen schaars zijn en de beschikbaarheid van kapitaal is niet te voorspellen. Met

Nadere informatie

Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie

Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie Snelle vergrijzing in Japan vraagt om actie Inleiding Vrijwel elk ontwikkeld land wordt geconfronteerd met een vertraging van de groei of teruggang in zijn bevolking. De Japanse bevolking vergrijst zo

Nadere informatie

Mevrouw A.M.A. van Ardenne - van der Hoeven Minister van Ontwikkelingssamenwerking Ministerie van Buitenlandse zaken Bezuidenhoutseweg 67 DEN HAAG

Mevrouw A.M.A. van Ardenne - van der Hoeven Minister van Ontwikkelingssamenwerking Ministerie van Buitenlandse zaken Bezuidenhoutseweg 67 DEN HAAG Mevrouw A.M.A. van Ardenne - van der Hoeven Minister van Ontwikkelingssamenwerking Ministerie van Buitenlandse zaken Bezuidenhoutseweg 67 DEN HAAG Ons kenmerk: Betreft: NiZA/2003/0826/ph/jh Angola Amsterdam,

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 9.11.2007 WERKDOCUMENT over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn

Nadere informatie

Sinds 2004 telt de Belgische gouvernementele samenwerking 18 partnerlanden (KB van 26 januari 2004), verspreid over verschillende regio s:

Sinds 2004 telt de Belgische gouvernementele samenwerking 18 partnerlanden (KB van 26 januari 2004), verspreid over verschillende regio s: VASTLEGGING VAN DE 14 PARTNERLANDEN VAN DE GOUVERNEMENTELE SAMENWERKING: TOELICHTING BIJ DE BESLISSING VAN DE MINISTERRAAD OP 21 MEI 2015 De volgende landen worden geselecteerd als partnerlanden van de

Nadere informatie

Dutch Summary. Dutch Summary

Dutch Summary. Dutch Summary Dutch Summary Dutch Summary In dit proefschrift worden de effecten van financiële liberalisatie op economische groei, inkomensongelijkheid en financiële instabiliteit onderzocht. Specifiek worden hierbij

Nadere informatie

2013-2016. Beleidsplan Stichting Hi-Gene. Beleidsplan goedgekeurd door het bestuur van Stichting Hi-Gene. Datum: 29 juni 2015

2013-2016. Beleidsplan Stichting Hi-Gene. Beleidsplan goedgekeurd door het bestuur van Stichting Hi-Gene. Datum: 29 juni 2015 c Beleidsplan Stichting Hi-Gene 2013-2016 Beleidsplan goedgekeurd door het bestuur van Stichting Hi-Gene Datum: 29 juni 2015 VOORWOORD Voor u ligt het beleidsplan van Stichting Hi-Gene. Dit plan is geschreven

Nadere informatie

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan?

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan? Internationale handel H7 1 Waar komt het vandaan? Economie voor het vmbo (tot 8,35 m.) Internationale handel Importeren = invoeren (betalen) Exporteren = uitvoeren (verdienen) Waarom importeren: Meer keuze

Nadere informatie

Publiek Private Partnerschap faciliteit. Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012

Publiek Private Partnerschap faciliteit. Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012 Publiek Private Partnerschap faciliteit Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012 Onderwerpen in de presentatie Thema's en sub-thema's Drempelcriteria Procedures

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD tot wijziging en verlenging

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 juni 2005 (09.06) (OR. en) 9806/05 SAN 101 DEVGEN 106

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 juni 2005 (09.06) (OR. en) 9806/05 SAN 101 DEVGEN 106 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 juni 2005 (09.06) (OR. en) 9806/05 SAN 101 DEVGEN 106 INFORMATIEVE NOTA van: het secretariaat-generaal aan: de delegaties nr. vorig doc.: 9183/05 SAN 69 DEVGEN 89 Betreft:

Nadere informatie

Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012)

Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012) Hoge Raad voor Vrijwilligers over het EYAA 2012 (European Year of Active Ageing 2012) De Hoge Raad voor Vrijwilligers (HRV) kijkt relatief tevreden terug op 2011, het Europees Jaar voor het Vrijwilligerswerk.

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

Exportmonitor 2011. Het noordelijke bedrijfsleven wordt steeds internationaler

Exportmonitor 2011. Het noordelijke bedrijfsleven wordt steeds internationaler Exportmonitor 2011 Het noordelijke bedrijfsleven wordt steeds internationaler Uit de Exportmonitor 2011 blijkt dat het noordelijk bedrijfsleven steeds meer aansluiting vindt bij de wereldeconomie. De Exportmonitor

Nadere informatie

Advies over de strategienota s van DGOS

Advies over de strategienota s van DGOS Commission Femmes et Développement Commissie Vrouwen en Ontwikkeling Advies over de strategienota s van DGOS gevraagd door de staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking, de heer Eddy Boutmans, voorbereid

Nadere informatie

REKENHOF. Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken

REKENHOF. Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken REKENHOF Consolideren en motiveren om vooruitgang te boeken STRATEGISCH PLAN 2010-2014 2 Inleiding Dit document stelt de resultaten voor van de strategische planning van het Rekenhof voor de periode 2010-2014.

Nadere informatie

Kans op Amerikaanse dubbele dip is klein

Kans op Amerikaanse dubbele dip is klein Kans op Amerikaanse dubbele dip is klein De Verenigde Staten gaan meestal voorop bij het herstel van de wereldeconomie. Maar terwijl een gerenommeerd onderzoeksburo recent verklaarde dat de Amerikaanse

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) De economie van India is snel gegroeid sinds aan het begin van de jaren 90 verregaande hervormingen werden doorgevoerd in o.a. het handels- en industriebeleid. Groei van

Nadere informatie

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik

Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 17 november 1999 (OR. en) 12545/1/99 REV 1 LIMITE SAN 171 Betreft : Conclusies van de Raad betreffende de bestrijding van het tabaksgebruik DG I CONCLUSIES VAN DE RAAD

Nadere informatie

De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten

De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten De Belgische Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten UNICEF De situatie in de wereld Jaarlijks 1 sterven naar schatting 290.000 vrouwen tijdens hun zwangerschap,

Nadere informatie

Van ODA naar Internationale Samenwerking

Van ODA naar Internationale Samenwerking Age Bakker Van ODA naar Internationale Samenwerking De Official Development Assistance (ODA) is qua definitie aan vernieuwing toe. De Nederlandse regering stelde in 2012 een commissie in om met voorstellen

Nadere informatie

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 9.8.2012 COM(2012) 449 final 2012/0217 (COD)C7-0215/12 Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de toekenning van tariefcontingenten voor

Nadere informatie

Nieuwe technologie voor een oud probleem

Nieuwe technologie voor een oud probleem Inhoudsopgave Inleiding 1 1 Wat is Inclusion? 2 2 Visie 3 3 Strategie 4 4 Doelen 6 5 Methoden 7 6 Financiering 9 Verantwoording 9 Bestuur 9 Inleiding Nieuwe technologie voor een oud probleem Inclusion

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.5.2012 COM(2012) 211 final 2012/0106 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot vaststelling van het in de commissie inzake voedselhulp namens de Europese Unie in te

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport. van de Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport

EUROPEES PARLEMENT. Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport. van de Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport VOORLOPIGE VERSIE 12 juli 2001 ONTWERPADVIES van de Commissie cultuur, jeugd, onderwijs, media en sport aan de Commissie

Nadere informatie