1 T/H ANTWOORDENBOEK. geschiedenis voor de onderbouw

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "1 T/H ANTWOORDENBOEK. geschiedenis voor de onderbouw"

Transcriptie

1 1 T/H ANTWOORDENBOEK geschiedenis voor de onderbouw

2 1 T/H ANTWOORDEN geschiedenis voor de onderbouw Auteurs Hans Bulthuis Eleonoor Geenen Mark Hagenaars Jessie Jongejans Frank Kerstjens Barbara Peters Redactie Wieke Schrover Judith Tadema Vierde editie Malmberg s-hertogenbosch

3 Inhoudsopgave 1 De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 1 Orientatie 6 Basis Verdieping 2 Jagen en verzamelen in de steentijd 8 3 De landbouw komt op 10 4 Egypte en de Nijl 12 5 De Egyptische samenleving 14 6 Goden en mummies 16 7 Piramides en hunebedden 18 8 Afsluiting 20 2 De tijd van Grieken en Romeinen De Grieken en Romeinen 1 Orientatie 22 Basis Verdieping 2 Het leven in een Griekse stadstaat 24 3 Geloof en cultuur bij de Grieken 26 4 Het Romeinse Rijk 28 5 Romanisering 30 6 Het christendom in het Romeinse Rijk 32 7 Volksvermaak in Rome 34 8 Afsluiting 36 3 De tijd van monniken en ridders Vorsten, monniken en boeren 1 Orientatie 38 Basis Verdieping 2 De Franken komen 40 3 Leven op het platteland 42 4 De verspreiding van het christendom 44 5 De islam in Europa 46 6 Trouw aan de heer 48 7 Symbolen in middeleeuwse kunst 50 8 Afsluiting

4 4 De tijd van steden en staten Stedelingen, vorsten en de paus 1 Orientatie 54 Basis Verdieping 2 Oorlog in naam van God 56 3 Nieuwe steden gaan handeldrijven 58 4 De middeleeuwse stedeling 60 5 Alles draait om het geloof 62 6 Vorsten willen meer macht 64 7 Graaf Floris V van Holland 66 8 Afsluiting 68 5 De tijd van ontdekkers en hervormers Een eeuw van grote veranderingen 1 Orientatie 70 Basis Verdieping 2 De oudheid wordt opnieuw geboren 72 3 De ontdekkingsreizen 74 4 Problemen in de kerk 76 5 Problemen in de lage landen 78 6 Een langdurige strijd 80 7 De verovering van het Inca-rijk 82 8 Afsluiting 84 6 De tijd van regenten en vorsten De Gouden Eeuw 1 Orientatie 86 Basis Verdieping 2 Handel over de hele wereld 88 3 Reizen naar de Oost en de West 90 4 De Gouden Eeuw 92 5 Burgers aan de macht 94 6 Vorsten met macht 96 7 Michiel de Ruyter, een held? 98 8 Afsluiting

5 Introductie Een spannend vak? Intro In deze eerste paragraaf van het boek leer je werken met Memo en denk je na over de vraag: waarom krijg je op school het vak geschiedenis? Eerst lees je de intro in het handboek (HB) en bekijk je de afbeelding. Dan maak je de vragen over de intro in het werkboek (WB). 1 Bekijk de familiefoto van HB bron 1 (bron 1 in het handboek). Als de man zonder geheugen deze foto in zijn album zou zien, wat weet hij dan niet meer over de foto? Bijvoorbeeld: wie de mensen op de foto zijn of waar de foto genomen is. 2 Wat weet je allemaal niet meer als je geen geheugen hebt? Kruis aan (bij aankruishokjes zijn altijd meer antwoorden goed). Hoe je vader of moeder heet. Hoe je moet praten. Waar je woont en waar je school is. Of je huisdieren hebt die je moet voeren. Wie je vrienden zijn. Hoe je moet eten. 3 Als je geen geheugen hebt, ben je allerlei gebeurtenissen uit het verleden vergeten. Leg uit waarom je dan moeilijk een band met je familie kunt hebben. Omdat je niet meer weet hoe je familieleden eruitzien, hoe ze heten en wat je samen hebt meegemaakt. Verwerking De verwerkingsvragen helpen je de leertekst begrijpen. Lees eerst de leertekst. 4 Gebruik de leertekst en de begrippenlijst. a Niet alles wat vroeger gebeurd is, hoort bij het vak geschiedenis. Kruis de onderwerpen aan die volgens jou bij het vak geschiedenis horen. Welke planten en dieren er vroeger waren. Wat mensen vroeger aten en waar ze woonden. Hoe het heelal, de sterren en de planeten zijn ontstaan. Hoe mensen vroeger dachten over het ontstaan van de aarde. Br on 2 Een tijdbalk. Hoe het land Nederland is ontstaan. Waardoor er in het verleden verschillen zijn ontstaan tussen groepen mensen. b Vul het ontbrekende woord in. Het vak geschiedenis houdt zich bezig met wat mensen in het verleden deden. 5 Een historicus onderzoekt bronnen om meer te weten te komen over de geschiedenis, bijvoorbeeld familiefoto s. De familiefoto in HB bron 1 is uit Welke informatie kun je uit deze bron halen? Geef een voorbeeld. Bijvoorbeeld: informatie over de haardracht of kledingstijl in de jaren 50 of over hoe mensen woonden. 6 a Het vak geschiedenis heeft verschillende doelen. Welke historische onderzoeken horen bij welk doel? Maak de juiste combinaties. Historische onderzoeken: A In Suriname wonen veel verschillende mensen: indianen, Afrikanen, blanken en Aziaten. Je onderzoekt hoe dat komt. B Volgens veel Israëliërs hoort de stad Jeruzalem bij Israël, omdat de stad ooit van hen was. Veel Palestijnen vinden dat Jeruzalem van hen is, omdat de stad lang in hun handen was. Je onderzoekt wie gelijk heeft. C In de 16e eeuw begonnen Europeanen te handelen in mensen uit Afrika. Hoe moet je oordelen over deze slavenhandel? D Je doet onderzoek naar je familiestamboom. Het blijkt dat je familie in de 17e eeuw vanuit Frankrijk naar Nederland is verhuisd. E In de jaren 30 stemden veel mensen in Duitsland op de partij van Adolf Hitler. Je onderzoekt waarom ze dat deden. Doelen: 1 Geschiedenis geeft je een idee over wie je bent. 2 Je leert de wereld te begrijpen. 3 Je leert je af te vragen wat waar is. 4 Je leert je af te vragen waarom iemand een bepaalde mening heeft. 5 Je denkt veel na over wat goed of slecht is om te doen. Juiste combinaties: A2, B3, C5, D1, E v.c v.c v.c v.c. 4

6 b Door de geschiedenis te onderzoeken leer je veel over hoe mensen zich gedragen en denken. Kijk naar de onderzoeken in vraag a (A-E). Uit welk onderzoek zou je iets kunnen leren over mensen dat nuttig is voor deze tijd? Bijvoorbeeld: uit onderzoek E kun je leren waarom mensen op een discriminerende partij stemmen en hoe je dat nu zou kunnen voorkomen. Of: uit onderzoek C kun je leren waarom mensen andere mensen verkopen en hoe we in deze tijd mensenhandel kunnen tegengaan. 7 Bekijk HB bron 2 en lees WB bron 1. Waarom houden deelnemers van deze historische veldslag zich met geschiedenis bezig? Br on 1 Ze hebben er plezier in om een veldslag na te spelen. Het leert hun de wereld beter te begrijpen. Ze vinden het spannend om met oude wapens te spelen. Deelnemers uit Nederland voelen zich trots door de prestaties van de Nederlandse prins Willem. Het helpt hun beter te begrijpen hoe die veldslag precies verliep. Een krantenbericht. Slag bij Waterloo trekt bezoekers BRUSSEL - Een reconstructie van de slag bij Waterloo heeft dit weekend in totaal ruim bezoekers getrokken. Vooral zondag was het druk, met belangstellenden. Aan het naspelen van de historische veldslag namen zo n figuranten deel uit zeventien landen, voorzien van historische wapens en andere attributen. De echte slag bij Waterloo, een plaatsje ten zuiden van Brussel, vond plaats in De Franse troepen van keizer Napoleon Bonaparte werden daar verslagen door Britse, Duitse, Nederlandse en Belgische troepen. De latere Nederlandse koning Willem II speelde bij de gevechten een belangrijke rol. Vrij naar: De Telegraaf, 20 juni Bekijk HB bron 3. Een historicus onderzoekt bronnen om te achterhalen wat er in het verleden precies gebeurd is. Welke informatie geven deze bronnen over de slag bij Waterloo? Het skelet: bijvoorbeeld waar een soldaat is gesneuveld tijdens de slag of welke wapens tijdens de slag werden gebruikt. De steek: de Franse keizer heeft waarschijnlijk verloren, omdat de steek zich in een Duits museum bevindt. Toepassingsopdracht Bij de toepassingsopdracht oefen je historische vaardigheden en werken met bronnen. 9 Bekijk WB bron 2. Het is een tijdbalk waarop je gebeurtenissen uit het verleden plaatst. Op die manier krijg je een mooi overzicht van de tijd. a Meet met een liniaal hoe groot ieder vakje van de tijdbalk is. Ieder vakje is ongeveer 4 centimeter. b Hoeveel jaren stelt ieder vakje voor? jaar. c Welke gebeurtenis is het begin van onze jaartelling? De geboorte van Jezus Christus (het jaar 1). 10 In het volgende hoofdstuk leer je over de prehistorie, de oudste geschiedenis. Pas in de derde klas kom je aan in de 20e eeuw en leer je over gebeurtenissen als de Tweede Wereldoorlog. In klas 1 t/m 3 bestudeer je de hele geschiedenis. a Kleur op de tijdbalk de periodes/tijdvakken die je dit jaar bestudeert: de prehistorie: tijd van jagers en boeren (tot 3000 v.c.). Kleur deze periode groen. de oudheid: tijd van Grieken en Romeinen (3000 v.c.-500 n.c.). Kleur deze periode blauw. de middeleeuwen: tijd van ridders en monniken en tijd van steden en staten ( n.c.). Kleur deze periode rood. de 16e eeuw: tijd van ontdekkers en hervormers ( n.c.). Kleur deze periode geel. de 17e eeuw: tijd van regenten en vorsten ( n.c.). Kleur deze periode oranje. b Zet een dikke zwarte stip op de tijdbalk bij het jaar waarin we nu leven. Zet het jaartal erbij. 11 Teken op een apart blaadje een tijdbalk van je eigen leven. De tijdbalk begint met je geboortejaar. Zet de jaren bij de streepjes op de tijdbalk. Zet belangrijke gebeurtenissen uit je leven in de tijdbalk. Doe er ten minste drie bronnen bij die informatie geven v.c n.c n.c n. C. 5

7 1 De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 1 Oriëntatie Intro Bij het vak geschiedenis leer je over vroeger. Onderzoekers zoeken in de grond naar oude munten, helmen en mummies uit de prehistorie en de oudheid. Anderen duiken in dagboeken en brieven uit de middeleeuwen. Ze willen er alles van weten. In de intro hierboven staan de drie periodes die in de brugklas behandeld worden. Welke periodes zijn dat? Prehistorie, oudheid en middeleeuwen. a Naar welke tijd zou jij wel (eventjes) terug willen? Je eigen antwoord. b Welk beroep uit die tijd zou je dan willen hebben? Je eigen antwoord. c De mensen hadden in het verleden veel minder luxe spullen en er waren ook geen medicijnen tegen ziekten. Welke spullen zou je het liefst mee willen nemen naar de tijd die je bij a hebt genoemd? Je eigen antwoord. Bekijk HB bron 2. De kaart gaat over een grote verandering voor de mensheid. Deze verandering begon in het Midden- Oosten. a Over welke verandering gaat het? De ontdekking van de landbouw. b Een middel van bestaan heeft te maken met hoe je in leven blijft, bijvoorbeeld door handel te drijven of aan landbouw te doen. Voordat mensen graan verbouwden en vee hielden, hadden ze andere middelen van bestaan. Welke twee? Handeldrijven. Verzamelen van bessen, graankorrels en wortels. Jagen op dieren. Huizen bouwen. Egypte en Mesopotamië liggen bij grote rivieren. a Welke drie grote rivieren zie je in HB bron 2? De Nijl, de Eufraat en de Tigris. b In de landbouw heb je boeren die vee houden en boeren die gewassen verbouwen. Waarom is water voor hen belangrijk? Het vee moet drinken en kunnen grazen. Akkers moeten bevloeid worden. Historisch denken Hoe leren we over de geschiedenis? Een reisje maken naar de tijd van Grieken en Romeinen of de tijd van monniken en ridders kan natuurlijk niet. Je kunt wel veel ontdekken over het verleden. Speciale speurneuzen, zoals archeologen en geschiedkundigen, weten hoe dat moet. Archeologen doen opgravingen. Ze zoeken naar ongeschreven overblijfselen. Ze moeten dat voorzichtig doen, want oude dingen gaan snel kapot. Een archeoloog gebruikt liever een kleine schep en een kwast dan een bulldozer. Geschiedkundigen onderzoeken geschreven overblijfselen. Een historicus (geschiedkundige) onderzoekt of een oude brief of foto echt is en geen namaak. Oude voorwerpen en geschriften vertellen iets over vroeger. Ze zijn een bron van informatie. Daarom worden ze bronnen genoemd. Er zijn geschreven en ongeschreven bronnen. Archeologen en geschiedkundigen willen informatie vinden over het verleden, bijvoorbeeld over Egyptische mummies. a Stel je voor dat jij historicus bent. In een Egyptisch museum sta je bij de mummie van farao Toetanchamon. Hij is al op 18-jarige leeftijd overleden. Wat wil je ontdekken over deze koning? Bijvoorbeeld: hoe hij gestorven is. Je interviewt een mevrouw die in 1930 is geboren. Over welke gebeurtenis kan die mevrouw je iets vertellen? Bijvoorbeeld: over de Tweede Wereldoorlog. b Streep door wat niet juist is. Over de Tweede Wereldoorlog is gemakkelijker moeilijker informatie te vinden dan over jagers op mammoeten. In de tijd van de mammoetjagers had je nog geen schrift. Er zijn uit die tijd alleen geschreven ongeschreven bronnen. De meeste informatie over de Tweede Wereldoorlog is te vinden in geschreven ongeschreven bronnen. Het dagboek van Anne Frank is een goed voorbeeld van een geschreven ongeschreven bron. a Welke soorten bronnen ben je tot nu toe tegengekomen in dit werkboek? Zet ze in het schema. Er staan al een paar voorbeelden. b Uit welke periode heb je alleen maar ongeschreven bronnen? 6

8 A Uit de middeleeuwen. B Uit de Tweede Wereldoorlog. C Uit de oudheid. D Uit de prehistorie. Ongeschreven bronnen Geschreven bronnen Helmen Mummies Tekeningen Speerpunten Munten Kranten Brieven Dagboeken Bron 2 jacht. Kat Een muurschildering in een graf: een Egyptenaar op Hiërogliefen Werphout Bekijk HB bron 1. Is dit een ongeschreven of een geschreven bron? A Alleen een ongeschreven bron. B Alleen een geschreven bron. C Een ongeschreven én een geschreven bron. Lees WB bron 1 en gebruik HB bron 1. a De opgraving van Carter was wereldnieuws in november Bron Hoe kwam dat? Hij ontdekte het graf van een Egyptische farao met alle schatten erin. b Waren de Egyptenaren in HB bron 1 arme boeren of waren zij rijk en machtig? Leg je antwoord uit. Rijk en machtig: alleen rijke en machtige Egyptenaren hadden zo n graf. Voor arme boeren was het graf heel simpel. Het graf van een Egyptische koning. Prachtige dingen In november 1922 opende archeoloog Howard Carter de grafkamer van farao Toetanchamon. Achter Carter stond lord Carnarvon, de sponsor van Carter, die zich bijna niet kon beheersen. Hij vroeg: Wat zie je, wat zie je? Het bleef even stil en toen zei Carter met een trillende stem: Ik zie prachtige dingen. Je gaat nu aan het werk als archeoloog. Kijk nog eens goed naar HB bron 1. Wat kun je leren over het leven van de Egyptenaren met behulp van deze bron? In WB bron 2 zie je dezelfde tekening. Schrijf in de ballonnen wat je ontdekt. Papyrusriet De Nijl (vissen) Boot Dit hoofdstuk gaat over de tijd van jagers en boeren. Archeologen en geschiedkundigen hebben de leefwijze van jagers en boeren onderzocht. Lees de uitspraken in het schema. Past de uitspraak bij het leven van jagers of bij dat van boeren? Zet een kruisje in de juiste kolom. Trokken rond om aan voedsel te komen Woonden op vaste plaatsen, dicht bij de akkers Woonden in tijdelijke kampen Verbouwden voedsel Aten meer vlees Moesten bij hun akkers blijven Verzamelden vruchten en ander voedsel Aten meestal graanproducten Jagers X X X X Boeren X X X X 7

9 hoofdstuk 1 Basis Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 2 Jagen en verzamelen in de steentijd Intro Het is bijna niet voor te stellen. De oermensen in de steentijd keken geen tv, maar keken naar hun houtvuur. Boven de vlammen draaide een hertenbout of een zwijn aan het spit. Niet als verpakt stukje vlees in de supermarkt gekocht, maar zelf gevangen bij het jagen. Bekijk HB bron 1 en lees de intro. a Hoeveel jaar zit er ongeveer tussen de eerste oermens op de afbeelding en de mensen tegenwoordig? Bijna 4 miljoen jaar. b Er is in de loop van de tijd veel veranderd in het uiterlijk van de mens. Noem twee veranderingen. Mensen gingen rechtop lopen, hun gezicht werd minder aapachtig en de beharing verminderde. c Welke verandering is niet gemakkelijk te zien? A Dat mensen langer werden. B Dat mensen meer hersens kregen. C Dat mensen rechter gingen lopen. D Dat mensen minder behaard raakten. De homo sapiens was slimmer dan zijn aapachtige voorouders. Noem twee dingen die homo sapiens wel kon, maar zijn voorgangers niet. Bijvoorbeeld: zelf vuur maken, hutten bouwen, sieraden maken. Bedenk een leuk kopje bij deze bron. Je eigen antwoord, bijvoorbeeld: onze familie. Verwerking Lees de leertekst goed door. a De volgende gebeurtenissen staan door elkaar. Zet de letters in de juiste volgorde van tijd. Begin met wat het eerst gebeurde. A Mensen gingen vuur gebruiken. B De vroegste voorouder van de mens ging rechtop lopen. C 65 miljoen jaar geleden stierven de dinosaurussen uit. D De homo sapiens ontstond. Juiste volgorde: C, B, A, D. b Er zijn spannende speelfilms over reusachtige vleeseters zoals de T-Rex die achter mensen aangaan. Leg uit of onze voorouders in de steentijd door dinosaurussen werden opgevreten of dat zij zelf op deze beesten jaagden. Geen van beide: de dinosaurussen waren al veel eerder uitgestorven. Vuur was erg belangrijk voor de eerste mensen. a Waar gebruikten de oermensen het vuur voor? Voor het verbranden van stukken bos. Om gevaarlijke dieren op afstand te houden. Om zich te warmen. Om vlees te bereiden. b Zelf een vuurtje maken zonder lucifers of aansteker is lastig. Daar moet je slim voor zijn. Kijk nog eens naar HB bron 1. Welke oermens kon zeker nog geen vuur maken? De eerste, die was nog niet slim genoeg. c Bekijk HB bron 2. Voor de mensen die naar gebieden in het noorden trokken, was vuur erg belangrijk. Leg dat uit. Zij hadden vuur nodig om zich te warmen in het koude noorden. Hieronder staan twee rijen met namen en begrippen. Er staat in elke rij een woord dat er niet bij hoort. Streep dat woord door. Maak daarna een kloppende zin met de drie overgebleven woorden. A ongeschreven bron archeoloog schrijven prehistorie Archeologen onderzoeken ongeschreven bronnen uit de prehistorie. B steentijd hout vuistbijlen plastic In de steentijd bewerkten de mensen hout en steen en maakten ze vuistbijlen. Bekijk HB bron 3. a Jagers en verzamelaars gebruikten veel materialen om werktuigen en wapens van te maken. Waar heeft de naam steentijd mee te maken? Twee antwoorden zijn goed. Steen vergaat niet, hout en botten wel. Steen werd mooier bewerkt door de oermensen. Pijlpunten, vuistbijlen en speerpunten van steen zijn bewaard gebleven. Behalve steen waren er geen andere materialen. b Mensen in de prehistorie waren nog niet bekend met materialen die tegenwoordig veel gebruikt worden. Noem drie materialen die zij nog niet kenden. Bijvoorbeeld: ijzer, plastic, glas, beton. Bekijk het schema. Bovenaan staan gereedschappen en andere zaken die de oermensen gebruikten. Schrijf eronder van welk materiaal ze gemaakt werden. Een voorbeeld is al ingevuld. 8

10 Graafstok Gewei van hert Speer, pijl en boog Hout en pees Tent Naald, vishaak Dierenhuid Visgraat Vuistbijl Steen a Jagen was een van de manieren om in leven te blijven. Welk woord uit de leertekst heeft daarmee te maken? A Archeoloog. C Prehistorie. B Bestaansmiddel. D Overblijfselen. b Jagen was niet het enige bestaansmiddel van de jagersverzamelaars. Waar bestond hun maaltijd verder uit? Eetbare planten, noten, bessen en paddenstoelen. Vul de ontbrekende woorden in. De eerste mensen leefden in Afrika. Ze ontwikkelden zich tot de mensen die wij nu zijn: de homo sapiens. Jagen en verzamelen waren hun bestaansmiddelen. De groepen jagers-verzamelaars waren niet groter dan veertig personen. Zij trokken rond. Er bestond een taakverdeling, want mannen jaagden op dieren en vrouwen verzamelden allerlei soorten voedsel. De zinnen hieronder gaan over de gevaren in het leven van de jagers-verzamelaars. Ze zijn in tweeën geknipt. Maak de juiste combinaties. A In de prehistorie (en ook later) B In de 20e eeuw ging de gemiddelde leeftijd omhoog C Er lagen heel wat gevaren op de loer, D Er werden door al dat rondtrekken minder kinderen geboren E Opgegraven botten en andere overblijfselen geven informatie 1 waardoor jagers en verzamelaars vroeg konden overlijden. 2 dan bij mensen die later aan landbouw gingen doen. 3 werden onze voorouders meestal niet ouder dan 40 jaar. 4 over de leeftijd en doodsoorzaak van jagers in de steentijd. 5 door betere medische kennis en beter voedsel. Juiste combinaties: A3, B5, C1, D2, E4. Toepassingsopdracht Kinderen in de prehistorie Je kijkt in deze toepassingsopdracht naar het leven van kinderen in de prehistorie. Dat is een lastige opgave. Er zijn namelijk geen dagboeken, geen brieven en geen foto s. Wat voor soort bronnen gebruiken archeologen als zij het leven van kinderen in de prehistorie gaan onderzoeken? Ongeschreven bronnen. Bekijk HB bron 4. a In sommige delen van de wereld leven nog stammen van jagen en verzamelen. Waarom bestuderen archeologen deze stammen? Deze stammen leven nog als in de prehistorie. b Tienduizenden jaren geleden hadden kinderen van jullie leeftijd al veel geleerd. Welke technieken kenden zij, denk je? Vuur maken. Tenten en kleding naaien. Huizen bouwen. Werpsperen maken. Ongeveer honderd jaar geleden is men begonnen met de vaccinatie van baby s en kleine kinderen. Je eerste prikjes waren tegen de DKTP-ziekten, zoals difterie en kinkhoest. a Op welke leeftijd hadden kinderen in de prehistorie de meeste kans om aan zo n ziekte te overlijden? Leg je keuze uit. Op heel jonge leeftijd, bijvoorbeeld als baby: dan waren ze nog erg kwetsbaar. b Bedenk nog twee gevaren voor kinderen in de steentijd. Roofdieren, kou, honger. Net als tegenwoordig moesten kinderen in de prehistorie ook leren. Hoe maakte je een boog of een strik? Welke padden stoelen en vruchten kon je zonder gevaar eten? Vul het schema verder in: beschrijf in enkele woorden wat jongens en meisjes in die tijd moesten doen. Gebruik de informatie in de teksten en bronnen. Wat moet je hier- Taak voor kunnen? Doel? Vuur maken Vuurboog maken Warmte Wilde dieren verjagen Werktuigen Kleding maken Bescherming Voedsel: vlees Voedsel: planten en vruchten Wapens Vuursteen bewerken Huiden schoonmaken en vastnaaien Vuur brandend houden Jagen Verzamelen Speren, pijl en boog maken Koken Snijden, hakken Warmte Tegen wilde dieren Voldoende eten Voldoende eten Bruikbaar bij de jacht Jongens of meisjes? Jongens en meisjes Jongens Meisjes Jongens en meisjes Jongens Meisjes Jongens 9

11 hoofdstuk 1 Basis Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 3 De landbouw komt op Intro De meeste mensen leven van landbouwproducten. Ze kopen die producten of verbouwen ze zelf. Dat is rond 9000 v.c. begonnen, met de overgang naar landbouw. Honden zijn voor ons gezellige en trouwe huisdieren. In het verleden werden ze vaak als waakhond gebruikt. Geef nog twee redenen waarom honden nuttig waren voor de jagers. Om te speuren en prooien te vangen. Bekijk HB bron 1. a Hoe kun je op deze oude afbeelding zien dat Egyptenaren honden getemd hadden? A Het beest heeft een bot in zijn bek. B De hond wacht af en kijkt rustig naar zijn baas. C De hond blaft niet. D De hond heeft een halsband met een riem om. b Kruis de juiste uitspraken aan. De Egyptenaar op de afbeelding gebruikt een hefboom met een soort emmer om water te scheppen. Waarschijnlijk was de Egyptenaar een jager die zijn hond wilde laten drinken. De belangrijkste bron van water voor de Egyptenaren was de rivier de Nijl. Egyptische boeren hadden geen honden. Verwerking a Vul de juiste woorden in. Ongeveer jaar v.c. gingen mensen voor het eerst aan landbouw doen. De eerste boeren leefden in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. In die gebieden werden jagen en verzamelen steeds moeilijker. Dat leverde niet meer genoeg voedsel op. Vee houden en zelf gewassen verbouwen gaven meer zekerheid. b Geef voorbeelden van gewassen die boeren verbouwden en dieren die zij hielden. Akkerbouw: graan, bonen. Veeteelt: geiten, runderen, pluimvee. Lees WB bron 1. Stel je voor: je hoort ongeveer jaar v.c. bij een groep jagers-verzamelaars. Geef twee voorbeelden van dieren die jij zou temmen. Schrijf erbij waarom jij voor deze dieren kiest. Dier 1: je eigen antwoord. Dier 2: je eigen antwoord. Bron 1 Veeteelt Voordat mensen vee gingen houden, hadden zij al wolven getemd. Dieren als honden en paarden laten zich goed temmen, maar niet alle dieren zijn geschikt om te houden. Voor een krokodil lijkt dat logisch, maar zelfs een leuk dier als een zebra past zich niet aan. Die is wild en bijt flink van zich af. In het Midden-Oosten kwamen veel wilde diersoorten voor die zich goed lieten temmen, zoals runderen, schapen, geiten en varkens. Dat was belangrijk, want de opbrengst van de jacht liep terug. a Streep door wat niet juist is. Archeologen onderzoeken waarom mensen boeren jagers werden. Ze denken dat mensen vee gingen houden in streken die wel niet vruchtbaar waren. Door klimaatverandering werd het droger vochtiger in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Jagen leverde daar meer minder op. Wie aan akkerbouw wilde gaan doen, kon zich beter wel niet bij grote rivieren vestigen. b De overgang naar de landbouw ging in stappen. Wat is de juiste volgorde? A bevolkingsgroei vaste woonplaats akkerbouw B vaste woonplaats bevolkingsgroei akkerbouw C akkerbouw vaste woonplaats bevolkingsgroei Gebruik HB bron 2 en de leertekst. De zinnen hieronder zijn in tweeën geknipt. Maak de juiste combinaties. A Veehouders gebruikten aardewerk B Herders trokken rond C Jagers hielden hun dieren vooral D In Noord-Afrika deden de eerste boeren aan veeteelt 1 en kenden ze nog geen akkerbouw. 2 om vlees en melk in te bewaren. 3 en gebruikten hun vee voor melk en de wollen vacht. 4 omdat zij nuttig waren voor de jacht. Juiste combinaties: A2, B3, C4, D1. Bekijk HB bron 3. Niet alle jagers-verzamelaars werden boer. Welke redenen hadden zij om (nog) geen boeren te worden? Twee antwoorden zijn goed. Er woonden veel gevaarlijke dieren in de buurt. Zij hadden geen toestemming van hun heerser. Boeren hadden het erg druk met hun akkers en vee. Sommige jagers-verzamelaars hadden genoeg eten. 10

12 De verspreiding van de landbouw was geen snelle verandering. Zoek in de leertekst wanneer de landbouw ongeveer in Nederland kwam. Rond 3000 v.c. Boer worden was niet voor alle jagers-verzamelaars nodig. Toch gingen de meeste mensen uiteindelijk over op landbouw. Welke drie voordelen had dat? Een vaste woonplaats was veiliger voor kinderen. Het klimaat zorgde voor meer droogte. Voedsel kon langer bewaard worden. Het bezit van land en vee gaf aanzien. Bekijk HB bron 4. In WB bron 2 zie je de plattegrond van een prehistorische boerenwoning. Vul in waar die ruimtes voor werden gebruikt. Bron 2 oven Hoe woonden de eerste landbouwers? ruimte voor vee woongedeelte opslagruimte De komst van landbouw was een verandering met voordelen en nadelen. Vul het schema verder in. Voordelen Vaste woonplaats Eigen voedsel verbouwen Meer bezit Toepassingsopdracht Nadelen Harder werken Oogst kon mislukken Besmettelijke ziekten Dieren in de prehistorie Deze toepassingsopdracht gaat over dieren in de prehistorie. Hoe belangrijk waren zij voor de jagers en de eerste boeren? Welke dieren werden het eerst getemd? Vul het schema verder in met behulp van de leertekst. Geef aan voor wie het dier belangrijk was en waarom. Noem telkens twee redenen. Bron 3 Dier Voor wie? Belangrijk Hond Jagers en Speuren, prooi vangen, waken boeren Rund Boeren Melk, zuivel, huiden Geit Boeren Melk, zuivel, huiden Zwijn/varken Boeren Vlees, huiden Schaap Boeren Melk en wol a Streep door wat niet juist is. Mensen werden in de prehistorie meestal niet veel ouder dan een jaar of 40. De jagers-verzamelaars hadden een leven met veel weinig gevaren. Toen de landbouw werd uitgevonden, veranderde er weinig in de levensverwachting. De komst van nieuwe ziekten vormde een groot klein gevaar. b Lees WB bron 3. Welke besmettelijke ziekten ken je? Noem er drie. Je eigen antwoord, bijvoorbeeld: griep, tbc, de pest, cholera. c Welke drie uitspraken zijn juist? Dierziekten zijn niet gevaarlijk voor mensen. Besmettelijke ziekten had je minder bij jagersverzamelaars. Deze ziekten kwamen van de dieren die mensen hielden. Er was nog niet genoeg kennis om de ziekten te bestrijden. Veeziekten begonnen al jaar geleden. Besmettelijke ziekten en de landbouw. Dodelijke ziekten Vóór de uitvinding van de landbouw vormden besmettelijke ziekten geen probleem. Ze kwamen pas op toen mensen aan veeteelt gingen doen. Mazelen en tuberculose komen van veeziekten, het griepvirus van varkens en gevogelte. Besmettelijke ziekten maakten veel slachtoffers als mensen dicht op elkaar leefden. Bijvoorbeeld in boerendorpen waar honderden mensen woonden. Jagers die in kleine groepen leefden en rondtrokken, liepen minder gevaar. 11

13 hoofdstuk 1 Basis Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 4 Egypte en de Nijl Intro Egypte werd in de oudheid een geschenk van de Nijl genoemd. De Nijl maakte het land bij de rivier vruchtbaar. Dat leverde goede oogsten op. a Dorpen, steden en akkers lagen allemaal langs de Nijl. Waarom lagen ze niet op andere plaatsen in Egypte? Daar lag de woestijn. b Behalve de Nijl waren er nog meer opvallende dingen in Egypte. Noem drie voorbeelden uit de intro. De piramides, het Dal der Koningen, steden. Vul de juiste woorden in. Het grootste deel van Egypte was woestijn. De Egyptenaren noemden dat het rode land. Er was maar een kleine strook langs de Nijl die bewoonbaar was en geschikt was voor de landbouw. Tijdens de overstroming zat er zwart slib in de rivier. Dat kwam op het zwarte land terecht, waar de Egyptenaren later hun gewassen op verbouwden. De Nijl was niet alleen belangrijk om het land te bevloeien met water. Waar was de rivier verder handig voor? Kruis de juiste antwoorden aan. Voor het vervoer van personen en goederen over water. Als verdediging tegen vijanden. Om in de winter op te schaatsen. Voor de visvangst. b De Egyptenaren vonden de irrigatielandbouw uit. Welke zinnen horen bij irrigatielandbouw? Water uit de Nijl gebruiken om het land te bevloeien. Het water uit de Nijl zo snel mogelijk afvoeren naar zee. Kanalen en sloten gebruiken om water naar de akkers te brengen. De sjadoef gebruiken om water op het land te brengen. Gebruik WB bron 1. a Kleur de Nijl, de slootjes en het waterbekken (een soort vijver om water op te slaan) blauw. b Als de slootjes en het waterbekken niet goed werden onderhouden, kon het water niet doorstromen. Welke boeren hadden daar de meeste last van? Boer A. Boer B. Boer C. c Welke zin geeft de juiste oorzaak aan? Hun akkers lagen dichter bij de Nijl. Hun akkers lagen verder van de Nijl. Bron 1 S amenwerken voor water. Verwerking Kijk nog eens naar HB bron 1 in paragraaf 3. De boer gebruikt een sjadoef. Dat was een soort hefboom met een emmer. Waar diende deze sjadoef voor? Om water op de akkers te krijgen. Gebruik de intro. De Egyptenaren kenden geen zomer of winter, zoals wij. In welke drie periodes verdeelden zij hun jaar? De overstromingstijd, de zaaitijd en de oogsttijd. In Nederland met zijn natte klimaat zorgen sloten en kanalen voor de afvoer van regenwater. a Waarom was dat in Egypte niet nodig? A Er waren genoeg sloten en kanalen in Egypte. B Het regenwater zakt meteen in de grond. C Het regent bijna nooit in Egypte. D Water was voor de Egyptenaren niet belangrijk. 12 Toen mensen aan landbouw gingen doen, kwamen er ook nieuwe uitvindingen. Vul de juiste woorden in. Om aardewerken potten te maken, gebruikten ze een pottenbakkersschijf. De aarde loswoelen om beter te kunnen zaaien, deden ze met een ploeg. Het fijnmalen van graankorrels voor broodmeel deden ze met maalstenen. Het vervoer van goederen ging beter op een kar met wielen. Bekijk HB bron 2. Vul de juiste woorden in. Op de bovenste afbeelding zie je dat mensen de oogst opmeten met een touw of meetlint. Op de onderste afbeelding zie je dat schrijvers de grootte van de oogst opschrijven.

14 De ontdekking van het schrift is het begin van de historie. Dat is een ander woord voor geschiedenis. Egyptenaren hadden het hiërogliefenschrift. De jagersverzamelaars kenden het schrift nog niet. Wat is daarvoor de juiste verklaring? A De jagers-verzamelaars konden dat nog niet bedenken. B Voor jagers-verzamelaars was het noteren van gegevens nog niet belangrijk. C De jagers-verzamelaars hadden geen oogst en geen vee. D In de tijd van de jagers-verzamelaars groeide er nog geen papyrus om op te schrijven. De zinnen hieronder zijn in tweeën geknipt. Maak de juiste combinaties. A Rijke boeren met veel vee B De landbouw leverde zoveel oogst op C Met handel verkoop je aardewerk of andere spullen D Naast bestuurders, priesters en kooplieden 1 aan mensen die in dorpen of steden wonen. 2 gingen het aantal dieren tellen en opschrijven. 3 woonden in de steden ook mensen die aan nijverheid deden. 4 dat er handel kwam in landbouwproducten. Juiste combinaties: A2, B4, C1, D3. Toepassingsopdracht Het gebruik van schrift Deze toepassingsopdracht gaat over het Oudegyptische schrift. Lang geleden gingen er al toeristen naar Egypte. Gebruik HB bron 3. a Waarom was het voor deze toeristen moeilijk om de Egyptische cultuur goed te begrijpen? A Ze hadden geen belangstelling voor Egypte. B Ze begrepen niets van de hiërogliefen. C Er was niets meer te zien over de geschiedenis van Egypte. D Egyptenaren hielden niet van toerisme. b Vul de juiste naam en woorden in. Door de ontdekking van Champollion konden onderzoekers de hiërogliefen lezen. Deze geschreven bronnen geven meer informatie over de geschiedenis van Egypte dan ongeschreven bronnen. In deze toepassing stap je in de schoenen van een Egyptische jongen die opgeleid wordt tot schrijver. Met gegevens uit de bronnen in je hand- en werkboek beschrijf je hoe de opleiding verliep. Zet je uitleg in het schema. Bron Gaat over Uitleg HB bron 4 Voordelen van schrijversberoep Schrijvers waren vrijgesteld van belasting en dienstplicht WB bron 2 Nadelen van Zwaar en vies andere beroepen werk HB bron 4 Harde leraren Je kreeg slaag HB bron 4 HB bron 5 De juiste houding om te schrijven Schrijf- en oefenmateriaal bij een foutje In kleermakerszit Papyrus, stift, verfstoffen WB bron 3 Schrifttekens Teken voor schrijver Br on 2 Een Egyptische man die zijn zoon naar de schrijversschool bracht, wilde de jongen waarschuwen voor andere beroepen. Hij schreef het volgende. De timmerman die de ploeg hanteert Hij is vermoeider dan een landarbeider Er komt geen einde aan zijn zwoegen Hij heeft meer te doen dan zijn armen aankunnen De pottenbakker zit onder de aarde Al verkeert hij nog bij de levenden Hij wroet in de modder, meer dan een varken Om zijn aarden potten te bakken Vrij naar: Ons verleden in documenten Bron 3 Het teken voor schrijvers: de sesj. 13

15 hoofdstuk 1 Basis Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 5 De Egyptische samenleving Intro Toen Meketre leefde was Egypte een andere samenleving geworden dan in 4000 v.c. Een deel van de Egyptenaren werkte niet meer op de akkers, maar had een ander beroep gevonden. En een machtige koning bestuurde Egypte, samen met helpers als Meketre. a Hoe konden de archeologen weten dat het graf dat zij vonden, van de Egyptenaar Meketre was? Zijn naam stond op een stuk papyrus. b De rovers hebben de 24 modellen niet meegenomen of vernield. Welke verklaring geeft de intro daarvoor? De spullen stonden in geheime ruimtes. c Kruis andere logische verklaringen aan. De rovers durfden de modellen niet mee te nemen. De modellen waren in de ogen van de rovers waardeloos. Er waren andere waardevolle goederen in het graf te vinden. De graven van hoge Egyptenaren werden continu bewaakt. Kijk naar HB bron 1 als een echte archeoloog of geschiedkundige. Vul de juiste naam en woorden in. Op een verhoging en in de schaduw kijkt Meketre naar de boeren die vee bijeendrijven. Waarschijnlijk moeten de boeren belasting betalen in de vorm van vee. Naast Meketre zitten dienaren en schrijvers, die het vee tellen en alles opschrijven. Meketre lijkt alles scherp in de gaten te houden. Een van de boeren of knechten krijgt een (lijf)straf. Misschien heeft hij zijn slootjes verwaarloosd. Elke boer moest meewerken aan de irrigatie landbouw. a Hoe weet je dat Meketre tijdens zijn leven een rijke en machtige Egyptenaar was? Meketre had veel bezit: vee en huizen. In zijn graf lagen prachtige voorwerpen. b De modellen uit het graf van Meketre geven ook informatie over het leven van gewone Egyptenaren. Leg dat uit. Je ziet boeren en handwerkslieden. Verwerking a De boeren in de dorpjes werkten samen. Waarom was dat belangrijk voor alle Egyptenaren? Om genoeg voedsel te verbouwen. b Alleen samen konden ze bepaalde taken goed doen. Kruis die taken aan. Sloten en kanalen graven. De koeien melken. Hun boerderijtje onderhouden. Ervoor zorgen dat het water alle akkers kon bevloeien. Gebruik HB bron 2 en de informatie in de leertekst. a Wat wordt bedoeld met een tussentijd? Een periode van meer armoede en onrust. b Waardoor kon zo n tussentijd beginnen? Door oorlogen of mislukte oogsten. c Vul het juiste woord in. Tijdens alle bloeiperiodes stond in Egypte een farao aan het hoofd van het bestuur. d Welke uitspraken horen niet bij deze Egyptische koning? Kruis ze aan. De koning werd gekozen door het volk. De Egyptenaren moesten gehoorzamen. De koning gaf opdrachten aan zijn ambtenaren. Alle Egyptenaren mochten meebeslissen over de plannen van de koning. Gebruik HB bron 3. a Wie stond aan het hoofd van het Egyptische leger? De farao. b Waaruit bestond volgens de afbeelding de uitrusting van de Egyptische krijgers? Speren en schilden. Een farao kon om allerlei redenen een oorlog beginnen: meer macht, rijkdom of aanzien. Zet de volgende motieven (redenen) op de juiste plaats in het schema: goud meer land handel heldenverering meer onderdanen bewondering. Macht Rijkdom Aanzien Meer land Handel Heldenverering Meer Goud Bewondering onderdanen Zet de volgende ontwikkelingen in de juiste volgorde. Begin met wat het eerst gebeurde. Schrijf alleen de letters op. A Een belangrijke periode in de Egyptische geschiedenis was het Nieuwe Rijk. B Egypte bestaat uit een deel dat Boven-Egypte was en een deel dat Beneden-Egypte was. C In het jaar 332 v.c. werd Egypte ingenomen door een Griekse veroveraar. 14

16 D Heel Egypte kwam onder leiding van één farao. Juiste volgorde: B, D, A, C. a Gebruik WB bron 1. Je ziet een getekende piramide. Zet de volgende werkzaamheden in die piramide, van meest belangrijk naar minst belangrijk: land bewerken helpen bij het bestuur brons gieten of timmeren zwaar onbetaald werk doen schrijven bestuur. b Leg uit dat Meketre een ambtenaar was. Hij hielp de farao bij het bestuur. c Bron 1 Leg uit welke sociale laag in jouw ogen het belangrijkst was voor de welvaart van Egypte. De boeren, want zij bewerkten het land. Sociale lagen in Egypte. bestuur... helpen bij... het bestuur schrijven... brons gieten of timmeren... land bewerken... zwaar onbetaald werk doen... Toepassingsopdracht Oorlog voeren! In deze toepassingsopdracht gaat het over het leger van de Egyptenaren en over de farao s die legeraanvoerders waren. Gebruik HB bron 4. Ongeveer jaar v.c. werden de farao en zijn leger verslagen door een volk uit Klein-Azië. Zij hadden strijdwagens. a Hoe kun je zien dat de farao s van het Nieuwe Rijk dit nieuwe strijdmiddel ook gebruikten? Toetanchamon rijdt in zo n strijdwagen. b Op de afbeelding zie je farao Toetanchamon als een dappere held op zijn strijdwagen. Die afbeelding kan niet kloppen met de werkelijkheid. Hoe weet je dat Toetanchamon geen dappere strijder was? A Daar had hij geen zin in. B Hij overleed al jong en heeft niet aan veldslagen meegedaan. C Hij was alleen maar bezig met het laten bouwen van zijn piramide. D Strijdwagens waren er voor soldaten en niet voor farao s. Farao Ramses II leefde van 1290 tot 1224 v.c. Er zijn veel afbeeldingen waarop hij te zien is in een strijdwagen en als overwinnaar in oorlogen. Lees WB bron 2. a Wie vochten er tegen elkaar? De Egyptenaren en de Hittieten. b Wie was de overwinnaar volgens deze tekst? Farao Ramses II (en zijn leger). Bron 2 Egyptisch verslag van een strijd tussen het Egyptische leger en het leger van de Hittieten. De slag bij Kadesj De farao schoot zijn pijlen naar rechts en verdedigde zich links. Alle vijandelijke strijdwagens werden in de pan gehakt. De vijanden hadden geen handen meer om zich te verdedigen. Ze waren niet eens meer in staat hun zwaarden te trekken en vast te houden. De laffe koning van Hatti, die tussen zijn manschappen en strijdwagens stond in het gevecht tegen Zijne Majesteit, sloeg bevend van schrik op de vlucht. Deze oude tekst is te lezen in het Ramses museum in Thebe. De tekst in WB bron 2 is niet erg geloofwaardig. Waar blijkt dat uit? Er staat niets over het aantal paarden voor de strijdwagens. Het lijkt alsof de farao alle vijanden in zijn eentje verslaat. De tekst zegt dat de Hittieten en hun koning laf zijn. De Egyptenaren lijken heel slechte soldaten. Er zijn ook bronnen van de Hittieten waarin staat dat farao Ramses grote verliezen leed en op de vlucht sloeg. Waarom is het heel moeilijk om precies te weten wat er gebeurd is? Streep door wat niet juist is. Er zijn te veel weinig bronnen die goede informatie geven. De bronnen zijn wel niet partijdig. Waren de farao s echt onoverwinnelijke heersers? a Streep door wat niet juist is en vul je uitleg in. Farao Toetanchamon: ja nee, omdat hij nooit heeft meegevochten in een oorlog. Farao Ramses II: ja nee, omdat hij niet volgens alle bronnen de overwinnaar was van de strijd tegen de Hittieten. b Waarom werden farao s als helden afgebeeld en beschreven? Twee antwoorden zijn goed. Kunstenaars wilden de farao vereren in tempels en paleizen. De farao had goddelijke kracht. De Egyptenaren waren veel sterker dan andere volken. Het hoorde bij de verering van de farao als hoogste leider en beschermer van het land. 15

17 hoofdstuk 1 Basis Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 6 Goden en mummies Intro Overal in Egypte stonden tempels en beelden. Alle Egyptenaren, van hoog tot laag, deden mee aan het vereren van goden. De Egyptenaren geloofden ook dat er nog een leven na de dood kwam. De Egyptenaren gaven veel aandacht aan de doden. Vul de juiste woorden in. Ze maakten mummies van overleden mensen. Dode farao s werden in piramides en grafkamers begraven. Bekijk HB bron 1. a Waar gaat deze afbeelding over? Het mummificeren van een dode. b Je hebt in paragraaf 4 geleerd over het Egyptische schrift. Hoe moet je deze afbeelding bekijken? A Van links naar rechts. B Van beneden naar boven. C Van rechts naar links. D Van boven naar beneden. Verwerking Kruis de twee juiste uitspraken aan. Egyptenaren aanbaden veel verschillende goden. De Egyptenaren vereerden slechts één god. Voor de Egyptenaren was hun farao de enige god. De Egyptenaren vereerden dieren en natuurkrachten. a Welke groep Egyptenaren hield zich dagelijks bezig met het vereren van de goden? De priesters. b Hoe werden de goden vereerd? A Door grafkamers te bouwen. B Door tempels te bouwen en offergaven te brengen. C Door een bedevaart te houden. D Door te knielen en te gaan bidden. a Waarom was Amon de belangrijkste god? Schrijf twee redenen op. Hij was de zonnegod en beschermde de farao. b Waarom zou de zon belangrijk zijn in de natuurgodsdienst van de Egyptenaren? De zon geeft warmte en licht. Die zijn ook nodig voor de landbouw. Gebruik de leertekst en de bronnen uit het HB. Goden werden in het oude Egypte vaak als mens en als dier afgebeeld. Geef van allebei een voorbeeld. Me ns : Osiris. Dier: Anubis. Bekijk HB bron 3. Archeoloog Carter ontdekte het graf van Toetanchamon. De dode farao kreeg zelfs voedsel en spelletjes mee in zijn graf. Welke conclusies zijn juist? De Egyptenaren dachten dat het leven na de dood doorging. De Egyptenaren geloofden niet in een leven na de dood. De Egyptenaren dachten dat het leven na de dood leek op het leven op aarde. De reis naar het dodenrijk was lang en moeilijk. Bekijk HB bron 2. a Overleden mensen kregen een dodenboek mee. Bedenk zelf een toverspreuk voor zo n dodenboek. Bijvoorbeeld: bescherm mij tegen monsters. Of: laat mij niet verdwalen. b De naam van de god van het dodenrijk komt vaak voor in zo n dodenboek. Hoe heette die god? Osiris. Vul de juiste woorden in. De Egyptenaren geloofden in goed en kwaad. Je kon alleen in het dodenrijk komen, als je goed geleefd had. Daarvoor werd je hart op een weegschaal gelegd. De Egyptenaren waren niet gelijk aan elkaar. Wie rijk en machtig was, liet zijn lichaam mummificeren. Arme mensen kregen een graf in de woestijn. Bekijk HB bron 1. De mummiemakers moesten bijna alles van het dode lichaam bewaren. Maag, darmen, lever en longen werden uit het lichaam gehaald en in kruiken gedaan. Wat valt je op aan de kruiken op de afbeelding? Er zitten speciale dierenkoppen op. De graven voor de farao s waren niet allemaal hetzelfde. Sommige farao s liggen in rotsgraven, anderen in piramides. Zet achter de periodes hoe de graven eruitzagen. Oude Rijk: piramides. Middenrijk en Nieuwe Rijk: rotsgraven (in het Dal der Koningen). De zinnen hieronder zijn in tweeën geknipt. Maak de juiste combinaties. A Het geloof in veel goden is een B Priesters hadden een belangrijke rol bij de verering van C Het mummificeren van de overleden mensen was nodig D Piramides en andere koningsgraven werden gebouwd 16

18 1 om verder te leven in het dodenrijk. 2 belangrijk kenmerk van de Egyptische godsdienst. 3 als veilige rustplaats voor de mummie van de farao. 4 goden door tempels te onderhouden en te offeren. Juiste combinaties: A2, B4, C1, D3. Toepassingsopdracht Beroemde farao s Er zijn honderden farao s geweest. Sommigen heersten kort over Egypte, anderen tientallen jaren lang. Deze toepassingsopdracht gaat over een farao die veranderingen doorvoerde. Wat maakte deze farao zo apart? Nieuwe farao s eerden de oude goden door offers te brengen. Lees WB bron 1. Bron 1 a Wat was de naam van de jonge farao uit WB bron 1, die in 1353 v.c. op de troon kwam? Farao Amenhotep IV. b Deze naam betekent: Amon is tevreden. Wat zegt dat over het geloof van de jonge farao? Twee antwoorden zijn goed. De farao geloofde nog in Amon. De farao was tegen Amon. De farao aanbad de oude goden net als zijn voorgangers. De farao geloofde helemaal niets van de goden. Een nieuwe farao en een nieuwe god. Amenhotep IV, de dienaar van Aton De nieuwe farao heette in het begin Amenhotep, net als zijn vader. Na een tijdje veranderde Amenhotep IV zijn naam. Zijn nieuwe naam betekende: dienaar van Aton. Hij schreef zelfs een gedicht over Aton: Schitterend verschijnt u aan de horizon, O Aton, Schepper van het leven, O enige God, Ik draag u in mijn hart. Bekijk en lees HB bron 5. Deze bron gaat over dezelfde farao als WB bron 1. De nieuwe zonnegod is aardig voor de farao. Hoe zie je dat? De zonnestralen raken de farao. Deze farao maakte een einde aan het geloof in meerdere goden in Egypte. a Gebruik WB bron 1. Welke nieuwe god vereerde de farao? Aton. b Welke god had het meest te lijden van de vernieuwingen? De belangrijkste god, Amon. c Machtige Egyptenaren verzetten zich tegen het geloof in één god. Zij verloren hun macht. Leg uit wie dat waren. De priesters van andere goden: werden overbodig door het geloof in Aton. De farao en zijn vrouw Nefertiti lieten een nieuwe hoofdstad bouwen met nieuwe tempels. Kruis twee redenen aan die de farao daarvoor had. Elke nieuwe farao liet een nieuwe hoofdstad bouwen. In de andere steden werden de oude goden vereerd. In de andere steden stonden tempels van de oude goden. Een nieuwe hoofdstad gaf meer aanzien aan de farao. Na zeventien jaar bewind overleed de farao. De nieuwe farao s gingen terug naar Memphis, de Aton-tempels werden gesloopt en de naam van de farao werd weggehakt. a Welke conclusie kun je daaruit trekken? De oude goden kwamen terug. b De opvolger was Toetanchamon. Wat zegt deze naam? Hij was een aanbidder van Amon. Met behulp van de bronnen en vragen ga je een puzzel invullen. Als je alles goed hebt ingevuld, komt in de grijze kolom de naam van de farao over wie deze toepassing gaat. Eén antwoord is al ingevuld. 1 Opvolger van de farao die in 1336 v.c. overleed en die zelf op jonge leeftijd gestorven is. 2 Onderzoekers die nog steeds met opgravingen proberen om meer bronnen over de opstandige farao te vinden. 3 De eerste naam van de farao uit WB bron 1. 4 De enige god die de nieuwe farao nog wilde aanbidden. 5 De huidige naam van de nieuwe koningsstad die de farao en zijn vrouw lieten bouwen. 6 De naam van de vrouw van de farao. 7 De god van het dodenrijk. 8 De belangrijkste god uit de tijd dat de Egyptenaren meerdere goden mochten aanbidden. 1 T O E T A N C H A M O N 2 A R C H E O L O G E N 3 A M E N H O T E P 4 A T O N 5 A M A R N A 6 N E F E R T I T I 7 O S I R I S 8 A M O N 17

19 hoofdstuk 1 Verdieping Hoofdstuk De tijd van jagers en boeren Het ontstaan van beschavingen 7 Piramides en hunebedden Er zijn nog veel raadsels over de bouw van piramides en hunebedden. Nog niet zo lang geleden dachten mensen dat er reuzen, buitenaardse wezens en tovenarij aan te pas waren gekomen. Jij gaat proberen achter de waarheid te komen. a Er is niets meer te vinden van de mensen die in de hunebedden werden begraven. Door het natte klimaat in Nederland zijn hun lichamen vergaan. Waarom gebeurde dat bijna nooit in de Egyptische koningsgraven en grafkamers? Daar zijn mummies door de droogte en de behandeling bewaard gebleven. b In een piramidetekst uit 2325 v.c. lees je de volgende toverspreuk: O God Atoem, bescherm deze koning en zijn piramide, zorg ervoor dat er niks kwaads gebeurt. Door welke oorzaak zijn de meeste koningsmummies toch verdwenen? A Door het vochtige klimaat. B Door de overstroming van de Nijl. C Door de hitte en de droogte. D Door grafrovers en plunderaars. Lees HB bron 2 en WB bron 1. Vul de juiste woorden in. Een paar eeuwen geleden begrepen mensen nog niet veel van hunebedden. Sommigen dachten dat ze door reuzen gebouwd waren. Het woord hunebed komt van huynen. Anderen beweerden dat ze rond het jaar 500 door de Hunnen, invallers uit Azië, gebouwd waren. Archeologen Bron 1 kwamen erachter dat hunebedden ongeveer jaar geleden werden gebouwd om mensen in te begraven. Misverstanden over hunebedden. Steenhopen In de 17e eeuw dachten veel mensen er net zo over als dominee J. Picardt. Hij schreef in 1660 in een boek over steenhopen, die gebouwd waren door gruwelijke, barbaarse en wrede reuzen, huynen genaamd. Vanaf dat moment kwam de naam hunebedden (van huynen ) in gebruik. In de 19e eeuw dachten mensen dat de bouw rond het jaar 500 door de Hunnen was gedaan. Anderen meenden dat de Noormannen de hunebedden rond 800 hadden gebouwd. Een belangrijke vraag is: wat vertellen de bronnen over de bouw van piramides en over de bouw van hunebedden? Streep door wat niet juist is en vul de ontbrekende woorden in. Over de bouw van de hunebedden zijn alleen geschreven ongeschreven bronnen te vinden. De piramides zijn gebouwd in de tijd dat de Egyptenaren het hiërogliefenschrift gebruikten. Uit deze periode van de Egyptische geschiedenis hebben geschiedkundigen al schriftelijke bronnen. Dit soort bronnen zijn er niet over de bouw van hunebedden. a Hoe komt het dat er geen schriftelijke bronnen zijn van de mensen van de Trechterbekercultuur? Zij leefden in de prehistorie, zonder schrift. b Toch weten de onderzoekers voor welk doel de hunebedden gebouwd werden. Hoe weten ze dat? Archeologen vonden grafgiften, die de overleden mensen meekregen. Bekijk WB bron 2. Deze tekenaar heeft bedacht hoe hunebedden gebouwd werden. a Schrijf onder elke fase van de bouw wat er op de tekening gebeurt. Eén onderschrift is al gegeven. Houd de uitleg kort. b Waarom is het onzeker of de hunebedden zo zijn gebouwd? Er zijn geen schriftelijke bewijzen of afbeeldingen. De Egyptenaren hebben veel geschriften nagelaten, maar niet over de piramidebouw. Kruis de mogelijke verklaringen aan. Bijna niemand mocht weten hoe de piramide in elkaar za t. Schrijvers kregen andere opdrachten te vervullen. Als rovers wisten hoe de piramide gebouwd was, konden ze gemakkelijker binnenkomen. Er was geen tijd om alle delen van de bouw te beschrijven. Er zijn geen geschreven bronnen over de bouw van piramides. a Waaraan kun je zien dat HB bron 3 en HB bron 4 niet over de bouw van piramides gaan? Streep door wat niet juist is. Bron 3 gaat over het slepen van een standbeeld van een farao machtige Egyptenaar. In bron 4 zie je stenen die te klein te groot waren voor een piramide. b Deze afbeeldingen geven toch belangrijke informatie over de Egyptische bouwers. Leg dat voor beide afbeeldingen uit. Je ziet hoe ze grote stenen verplaatsten. Je ziet steenbewerkers met hun gereedschap. 18

20 Bron 2 De bouw van een hunebed. b Streep door wat niet juist is. Herodotus schreef over gebeurtenissen waar hij zelf wel niet bij was geweest. Hij had wel geen bewijs voor zijn verhalen. Het is dan ook wel niet zeker dat farao Cheops zijn werkers als slaven behandelde. Met ronde palen worden de stenen verplaatst. Bron3 Herodotus over de piramidebouw. Grote ellende Cheops stortte Egypte in de grootst mogelijke ellende. Hij dwong alle Egyptenaren voor hem te werken. Je eigen antwoord. Telkens waren er mannen die stenen moesten aanvoeren. Tien jaar lang duurde deze ellende van het volk, want zij moesten een weg aanleggen, waarover ze de stenen moesten slepen. Twintig jaar lang duurde de bouw van de piramide zelf. Je eigen antwoord. Vrij naar: Herodotus, Historiën (ca. 450 v.c.). Lees WB bron 4. Onderzoekers denken tegenwoordig dat de uitleg van Herodotus niet klopt. Zij geloven in uitspraak II. a Wat kan er wel juist zijn in de uitleg van Herodotus over de piramides? Je eigen antwoord. De bouw van de piramide duurde twintig jaar. Alle Egyptenaren moesten aan de piramide werken. Er waren mannen nodig. De aanleg van een weg om de stenen omhoog te slepen duurde tien jaar. Je eigen antwoord. b Wie heeft(hebben) volgens jou gelijk: Herodotus of de moderne onderzoekers? Leg je keuze uit. Je eigen antwoord. Twee uitspraken: I De bouwers van de piramides waren slaven, die dwang- arbeid verrichtten en onmenselijk behandeld werden. II De werklieden waren vrije mensen, die goed opgeleid Bron4 De nieuwste ideeën over werkers aan de piramides. waren en goed behandeld werden. a Welke uitspraak hoort bij HB bron 5? Slavenwerk? Uitspraak I. Het was voor de farao en zijn ambtenaren onmogelijk b Lees WB bron 3. Hoe werden de Egyptische werkers om slaven te bewaken en dwangarbeid te volgens Herodotus behandeld? laten doen. Er waren niet genoeg bewakers. In de oude Hij vond dat de farao zijn volk als slaven behandelde. bronnen staat niets over zo n massa slaven die moesten Herodotus legde uit waar zijn verhalen vandaan kwamen. Hij Bij opgravingen bij de piramides zijn dorpjes gevonden schreef: De regel waaraan ik mij in mijn hele boek houd, is om waar ongeveer werkers leefden. Zij hadden goede alles op te schrijven wat ik van ieder mens ooit heb gehoord. huizen en er was voldoende eten. Heel anders dan bij a Hoeveel jaar zit er tussen de tijd waarin de piramides slaven die slecht behandeld werden. Waarschijnlijk werd werden gebouwd en de tijd waarin Herodotus deze tekst werk aan de piramides door ijverige mensen gedaan, schreef? die een belangrijke taak vervulden. Zij werden ook goed Ongeveer jaar. verzorgd. meewerken aan de bouw. Vrij naar: B. Manley, The seventy great mysteries (2003). 19

De steentijd Jagers en verzamelaars

De steentijd Jagers en verzamelaars De steentijd Jagers en verzamelaars De prehistorie is de geschiedenis van de mensheid voordat mensen konden lezen en schrijven. We hebben uit de prehistorie daarom geen boeken, dagboeken of andere geschreven

Nadere informatie

1 De tijd van jagers en boeren

1 De tijd van jagers en boeren 1 De tijd van jagers en boeren Planner Oriëntatie Te doen Datum klaar Score Oriëntatie op de tijd van jagers en boeren Kern 1 Jagers en verzamelaars 2 Een nieuwe manier van leven 3 Leven aan de oevers

Nadere informatie

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC Week 1ABC: Algemeen Info: Prehistorie De geschiedenis in Nederland begint al heel lang geleden. Lang voordat de Romeinen in Nederland kwamen, waren er al mensen.

Nadere informatie

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus 138 Tijdwijzer Het begin Op deze tijdbalk past niet de hele geschiedenis van de mens. Er lopen namelijk al zo n 100.000 jaar mensen rond op aarde. Eigenlijk zou er dus nog 95.000 jaar bij moeten op de

Nadere informatie

een zee Rendierjagers De rendierjagers leefden in de prehistorie in ons land. Dat is de tijd voordat de van tijd een zee van tijd

een zee Rendierjagers De rendierjagers leefden in de prehistorie in ons land. Dat is de tijd voordat de van tijd een zee van tijd Werkblad Ω Een tijd geleden... Ω Les : Rendierjagers Rendierjagers De rendierjagers leefden in de prehistorie in ons land. Dat is de tijd voordat de mensen konden schrijven. Ze woonden niet op een vaste

Nadere informatie

b. Bekijk het laatste deel van de maquette, de kwelders. Waarom staat daar geen dorpje, denk je?

b. Bekijk het laatste deel van de maquette, de kwelders. Waarom staat daar geen dorpje, denk je? Kijktocht OER! basis 6000 jaar geleden woonden er al mensen in dit gebied. Het is de tijd van de jagers en verzamelaars. De mensen noemen we Swifterbantmensen. Hoe ze leefden en hoe hun gebied eruitzag,

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 1 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 1 Toetsvragen Tijdvak 1 Toetsvragen 1 De meeste kennis over de periode waarin de eerste mensen leefden, komt van archeologen. Wat houdt het werk van archeologen in? A Zij bestuderen de verschillende theorieën over de

Nadere informatie

Oerboeren in de Friese Wouden.

Oerboeren in de Friese Wouden. Stichting IJstijdenmuseum Buitenpost. www.ijstijdenmuseum.nl. Oerboeren in de Friese Wouden. Het grootste deel van de geschiedenis van ons mensen ligt in de prehistorie. Met prehistorie duiden we een tijd

Nadere informatie

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren

Geschiedenis kwartet Tijd van jagers en boeren Geschiedenis kwartet jagers en boeren jagers en boeren jagers en boeren Reusachtige stenen die door mensen op elkaar gelegd zijn. Zo maakten ze een begraafplaats. * Hunebedden * Drenthe * Trechterbekers

Nadere informatie

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur.

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur. Psalmen Psalm 78 1 Een lied van Asaf. De lessen van het verleden Luister allemaal naar mijn woorden. Luister goed, want ik wil jullie iets leren. 2 Wijze woorden wil ik spreken, wijze woorden over het

Nadere informatie

Dit verslag is van Ylaine en Ryanne Mulder 29-10-'03. Verslag van het oude Egypte Ylaine en Ryanne Mulder 29-10- 03

Dit verslag is van Ylaine en Ryanne Mulder 29-10-'03. Verslag van het oude Egypte Ylaine en Ryanne Mulder 29-10- 03 Dit verslag is van Ylaine en Ryanne Mulder 29-10-'03 blz.0 Inhoudsopgave Inleiding blz. 2 De Egyptenaren jagen en oogsten blz. 3 De Farao blz. 4 Doden blz. 5 Arm of welvarend blz. 6 Ik ben de Farao blz.

Nadere informatie

Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Open toetsvragen

Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Open toetsvragen Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Open toetsvragen Paragraaf 1 A. Jager-verzamelaars hadden waarschijnlijk een taakverdeling tussen mannen en vrouwen.

Nadere informatie

Brandaan. Geschiedenis WERKBOEK

Brandaan. Geschiedenis WERKBOEK 6 Brandaan Geschiedenis WERKBOEK 6 Brandaan Geschiedenis WERKBOEK THEMA 4 Eindredactie: Monique Goris Leerlijnen: Hans Bulthuis Auteurs: Katrui ten Barge, Wilfried Dabekaussen, Juul Lelieveld, Frederike

Nadere informatie

De presentatie rond de trap

De presentatie rond de trap Kijktocht OER! Plus 6000 jaar geleden woonden er al mensen in dit gebied. Het is de prehistorie; de tijd van de jagers en boeren. De mensen noemen we Swifterbantmensen. Deze kijktocht helpt je ontdekken

Nadere informatie

Andere boeken in deze serie:

Andere boeken in deze serie: Andere boeken in deze serie: 978-94-6175-157-7 (HB) 978-94-6175-964-1 (e-book) 978-94-6175-218-5 (HB) 978-94-6175-960-3 (e-book) 978-94-6175-216-1 (HB) 978-94-6175-158-4 (HB) 978-94-6175-958-0 (e-book)

Nadere informatie

Antwoorden bij Hoofdstuk 1 Tijd van jagers en boeren. Oriëntatie op het tijdvak

Antwoorden bij Hoofdstuk 1 Tijd van jagers en boeren. Oriëntatie op het tijdvak Antwoorden bij Hoofdstuk 1 Tijd van jagers en boeren Oriëntatie op het tijdvak a De prehistorie is de periode voordat mensen het schrift gingen gebruiken. De letterlijke betekenis is: voor-historie. b

Nadere informatie

1 De tijd van jagers en boeren

1 De tijd van jagers en boeren h / t 1 S I N E D CHIE ouw GESor de onderb vo OE B K R WE K 1 De tijd van jagers en boeren Planner Oriëntatie Oriëntatie op de tijd van jagers en boeren Te doen Te doen Datum klaar Score Kern 1 Leven van

Nadere informatie

De eerste boeren Het dorp

De eerste boeren Het dorp De eerste boeren Later gaan de mensen zelf eten verbouwen. Wortels en bonen, en graan om brood van te bakken. De mensen hebben ook schapen en koeien. De jagers zijn boeren geworden. Het dorp Boeren trekken

Nadere informatie

HET TRECHTERBEKERVOLK. het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei. het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei

HET TRECHTERBEKERVOLK. het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei. het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei HET TRECHTERBEKERVOLK HET TRECHTERBEKERVOLK het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei het hunebed de trechterbeker de provincie Drenthe de zwerfkei Vraag: Waar werd een hunebed in de

Nadere informatie

b 1 5 2 6 a 3 Verwerking 4

b 1 5 2 6 a 3 Verwerking 4 Introductie Een spannend vak? Intro In deze eerste paragraaf van het boek leer je werken met Memo en denk je na over de vraag: waarom krijg je op school het vak geschiedenis? Eerst lees je de intro in

Nadere informatie

Antwoordkernen bij Eureka 1 Prehistorie H. 1 t/m 4

Antwoordkernen bij Eureka 1 Prehistorie H. 1 t/m 4 Antwoordkernen bij Eureka 1 Prehistorie H. 1 t/m 4 Antwoordkernen zijn vrijwel nooit volledige zinnen. Antwoordkernen geven alleen aan, wat er beslist in het antwoord moet staan. De bedoeling is, dat je

Nadere informatie

Tijd van jagers en boeren

Tijd van jagers en boeren Tijd van jagers en tot 3000 v. Chr. De prehistorie Prehistorie 3000 v. Chr. Evolutietheorie: Eerste mensen ong. 3 miljoen jaar geleden in Afrika ontstaan. Hij is geëvolueerd (Theorie Charles Darwin) en

Nadere informatie

Ik houd mijn spreekbeurt over de eerste mensen en mensachtigen op aarde, zoals de Neanderthalers.

Ik houd mijn spreekbeurt over de eerste mensen en mensachtigen op aarde, zoals de Neanderthalers. Ik houd mijn spreekbeurt over de eerste mensen en mensachtigen op aarde, zoals de Neanderthalers. Ik vind het zelf erg leuk om hier meer over te weten, heb hier veel over opgezocht en wil jullie daar nu

Nadere informatie

Voor/na het bezoek. Museum voor Natuurwetenschappen.be Vautierstraat, 29 1000 Brussel info@natuurwetenschappen.be

Voor/na het bezoek. Museum voor Natuurwetenschappen.be Vautierstraat, 29 1000 Brussel info@natuurwetenschappen.be Voor/na het bezoek Museum voor Natuurwetenschappen.be Vautierstraat, 29 1000 Brussel info@natuurwetenschappen.be Wat is de prehistorie? Prehistorie betekent letterlijk voorgeschiedenis, het tijdperk voor

Nadere informatie

Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Gesloten toetsvragen

Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Gesloten toetsvragen Feniks Geschiedenis voor de onderbouw 1 vmbo-t/havo Hoofdstuk 1 Leven van de natuur Gesloten toetsvragen Paragraaf 1 Zijn de zinnen goed of fout? 1. Een nomade heeft een vaste verblijfplaats. 2. Van een

Nadere informatie

Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika

Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika Geschiedenisproefwerk groep 7 Hoofdstuk 5 Een nieuwe wereld: Amerika In het vroegere Amerika woonden Indianenstammen. Columbus ontdekte dit land van de Indianen in 1492. Het waren de Azteken, de Inca s

Nadere informatie

Kastelen in Nederland

Kastelen in Nederland Kastelen in Nederland J In ons land staan veel kastelen. Meer dan honderd. De meeste van die kastelen staan in het water. Bijvoorbeeld midden in een meer of een heel grote vijver. Als er geen water was,

Nadere informatie

Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is

Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is rcheobode Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is archeoloog. Hij hoort bij de groep archeologen die nu aan het opgraven is in Oosterhout in het gebied Vrachelen. Daar wordt over een jaar

Nadere informatie

Hoe de Egyptenaren dieren behandelden, verschilde per streek. Een dier kon vereerd worden in de ene plaats en gegeten worden in de volgende plaats.

Hoe de Egyptenaren dieren behandelden, verschilde per streek. Een dier kon vereerd worden in de ene plaats en gegeten worden in de volgende plaats. [TT tekst Fauna] Dieren in het oude Egypte Een Egyptenaar in de oudheid zag veel verschillende landschappen om zich heen, zoals woestijn, moeras en akkerland. Door het hele land stroomde de rivier de Nijl.

Nadere informatie

Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk

Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk Karel de Grote Koning van het Frankische Rijk Eén van de bekendste koningen uit de Middeleeuwen is Karel de Grote. Hij leeft zo'n 1300 jaar geleden, waar hij koning is van het Frankische rijk. Dat rijk

Nadere informatie

Aardewerken pot Vraag: hoe weet de onderzoeker hoe oud het voorwerp is?... Munten Vraag: hoe weet de onderzoeker hoe oud het voorwerp is?...

Aardewerken pot Vraag: hoe weet de onderzoeker hoe oud het voorwerp is?... Munten Vraag: hoe weet de onderzoeker hoe oud het voorwerp is?... WERKBLAD 1 HET WERK VAN DE ARCHEOLOOG Kruis aan welk materiaal jij met je groepje onderzoekt. Bekijk de film en zoek het antwoord op de vraag. Aardewerken pot Vraag: hoe weet de onderzoeker hoe oud het

Nadere informatie

Voorwoord. Rome en de Romeinen

Voorwoord. Rome en de Romeinen Voorwoord Rome en de Romeinen Dit verhaal speelt in Rome, ongeveer 2000 jaar geleden. Rome was toen een rijke stad, met prachtige gebouwen. Zoals paleizen voor de keizers, voor de Senaat en voor de grote

Nadere informatie

Beleef de prehistorie HUNEBEDQUIZ. Door: Nadine Lemmers 1 februari 2016

Beleef de prehistorie HUNEBEDQUIZ. Door: Nadine Lemmers 1 februari 2016 Beleef de prehistorie HUNEBEDQUIZ Door: Nadine Lemmers 1 februari 2016 RONDE 1: HUNEBEDDEN 1. Wat is een hunebed? A. Een graf B. Een huis C. Een opslag D. Weten we niet 2. Hoe oud zijn de Nederlandse hunebedden?

Nadere informatie

Soorten bronnen hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62210

Soorten bronnen hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62210 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 25 June 2015 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62210 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen DEF

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen DEF Project Prehistorie, Grieken en Romeinen DEF Week 1DEF: Algemeen Info: Prehistorie De geschiedenis in Nederland begint al heel lang geleden. Lang voordat de Romeinen in Nederland kwamen, waren er al mensen.

Nadere informatie

Doelgroep: groep 5 t/m 8 (vraag 9 is vooral geschikt voor groep 7/8. Groep 5/6 kan deze vraag overslaan)

Doelgroep: groep 5 t/m 8 (vraag 9 is vooral geschikt voor groep 7/8. Groep 5/6 kan deze vraag overslaan) UITLEG VOOR DE LEERKRACHT In deze lessenserie hebben leerlingen van alles geleerd over archeologie en het leven van vroeger. Met deze quiz kunnen ze hun kennis testen. Opmerking: De leerlingen hebben tot

Nadere informatie

Les 1 de Nijl. De seizoenen in Egypte. De Nijl overstroomt. Zaaien en oogsten

Les 1 de Nijl. De seizoenen in Egypte. De Nijl overstroomt. Zaaien en oogsten Les 1 de Nijl Woestijn Egypte bestond voor het grootste deel uit een zandwoestijn. Planten en dieren hadden het daar moeilijk. Veel leefde er dan ook niet in de woestijn. Maar dwars door de woestijn van

Nadere informatie

Info plus Het leenstelsel

Info plus Het leenstelsel Project Middeleeuwen F- verrijking week 1 Info plus Het leenstelsel Inleiding De Middeleeuwen betekent letterlijk de tussentijd. Deze naam is pas later aan deze periode in de geschiedenis gegeven. De naam

Nadere informatie

De middeleeuwen. Isabel Vogelezang 10 jaar OBS De Vogelenzang Leonardo Middenbouw Groep 6.

De middeleeuwen. Isabel Vogelezang 10 jaar OBS De Vogelenzang Leonardo Middenbouw Groep 6. De middeleeuwen. Isabel Vogelezang 10 jaar OBS De Vogelenzang Leonardo Middenbouw Groep 6. Inhoud 1.De pest 6. Het kasteel 2. Waarom middeleeuwen? 7.Straffen 3.Belegeringswapens 8.Karel de Grote 4. Kinderen

Nadere informatie

In het oude Rome De stad Rome

In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome is héél oud. De stad bestaat al meer dan tweeduizend jaar. Rome was de hoofdstad van het grote Romeinse rijk. De mensen die naar Rome kwamen,

Nadere informatie

Egypte 5000-3000 jaar voor Christus Gemaakt door Veerle, Eline en Sebastian. Inhoud Les 1. Les 2

Egypte 5000-3000 jaar voor Christus Gemaakt door Veerle, Eline en Sebastian. Inhoud Les 1. Les 2 Egypte 5000-3000 jaar voor Christus Gemaakt door Veerle, Eline en Sebastian Inhoud Les 1 Les 2 Water in de woestijn Woestijn Rivier Vruchtbaar Wonen De seizoenen in Egypte De Nijl overstroomd Zaaien en

Nadere informatie

Hunebedden. Inleiding. Hoofdstuk 1 Wat zijn hunebedden en waar kun je ze vinden?

Hunebedden. Inleiding. Hoofdstuk 1 Wat zijn hunebedden en waar kun je ze vinden? Hunebedden Inleiding Ik hou mijn werkstuk over hunebedden, omdat ik het een leuk onderwerp vind. Maar ik hou het er ook over, omdat ik er veel van te weten wil komen. Ik ben op het idee gekomen, omdat

Nadere informatie

Bijvoorbeeld: Welke dieren er waren. Dat de mensen goed konden tekenen. Van welke stoffen ze verfkleuren maakten.

Bijvoorbeeld: Welke dieren er waren. Dat de mensen goed konden tekenen. Van welke stoffen ze verfkleuren maakten. Antwoorden hoofdstuk 1 1 Jagers en boeren 1 a 15 000 v.c. b 10 000 v.c. c 5000 v.c. 2 3 a Nog nooit waren zoveel oude afbeeldingen bij elkaar gevonden. b Bijvoorbeeld: De schilderingen hebben mooie kleuren

Nadere informatie

Egypte. Amber Badal 1. Werkstuk: Amber Badal Groep 7 Prinses Beatrixschool. Dit is de nationale vlag van Egypte.

Egypte. Amber Badal 1. Werkstuk: Amber Badal Groep 7 Prinses Beatrixschool. Dit is de nationale vlag van Egypte. Egypte Werkstuk: Amber Badal Groep 7 Prinses Beatrixschool Dit is de nationale vlag van Egypte. Amber Badal 1 Voorwoord Ik heb dit onderwerp gekozen omdat het een leuk en erg interessant onderwerp lijkt.

Nadere informatie

Hunebedden de steentijd

Hunebedden de steentijd Deze les hoort bij het prentenboek Het grote bouwwerk, geschreven door Rian Visser in de serie Terugblikken van Uitgeverij Delubas. Met tekeningen van Irene Goede. Doel: leerlingen bekend maken met hunebedden

Nadere informatie

Introductie. De val van het Romeinse Rijk 2.1

Introductie. De val van het Romeinse Rijk 2.1 2? 66 Introductie Dit hoofdstuk gaat over de vroege middeleeuwen. De middeleeuwen zijn namelijk op te delen in drie delen: de vroege, hoge en late middeleeuwen. De vroege middeleeuwen beginnen rond het

Nadere informatie

Geschiedenis hoofdstuk 3

Geschiedenis hoofdstuk 3 Geschiedenis hoofdstuk 3 Romeinse rijk 500 v Christus 500 na Christus Rome de eeuwige stad : deze stad bestaat al eeuwenlang. De tijdlijn Het Romeinse rijk begint 500v Chr. En eindigt 500 na Christus.

Nadere informatie

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 Tijdvak Jagers en boeren; van de eerste mensen 3000 v. C. prehistorie; van de eerste mensen - 3000 v.c. Samenlevingstype: eerst jagers/verzamelaars,

Nadere informatie

Startpunt: Volkspark Oosterhofweg 49, Rijssen

Startpunt: Volkspark Oosterhofweg 49, Rijssen Speurtocht Oosterhof Startpunt: Volkspark Oosterhofweg 49, Rijssen Romeinse Rijk Vooraf Tweeduizend jaar geleden woonden er ongeveer 250 miljoen mensen op aarde (nu: meer dan 7 miljard!). Een groot deel

Nadere informatie

Welkom 1. - Hallo! - Oek - Museum - Kwartet. Hallo! Ik ben Oek.

Welkom 1. - Hallo! - Oek - Museum - Kwartet. Hallo! Ik ben Oek. Welkom 1. - Hallo! - Oek - Museum - Kwartet Hallo! Ik ben Oek. Welkom 1. - Hallo! - Oek - Museum - Kwartet Op deze kaarten kun je plaatjes vinden van mijn wereld. De wereld van Oek Welkom 1. - Hallo! -

Nadere informatie

Antwoordkernen bij Eureka 1 Het oude Egypte H. 5 t/m 7

Antwoordkernen bij Eureka 1 Het oude Egypte H. 5 t/m 7 Antwoordkernen bij Eureka 1 Het oude Egypte H. 5 t/m 7 Antwoordkernen zijn vrijwel nooit volledige zinnen. Antwoordkernen geven alleen aan, wat er beslist in het antwoord moet staan. De bedoeling is, dat

Nadere informatie

Maak hier de gaatjes voor in je multomap. Leerlingenboekje WELKOM BIJ DE ROMEINEN. Dit boekje is van

Maak hier de gaatjes voor in je multomap. Leerlingenboekje WELKOM BIJ DE ROMEINEN. Dit boekje is van Maak hier de gaatjes voor in je multomap Leerlingenboekje WELKOM BIJ DE ROMEINEN _ Dit boekje is van Welkom bij de Romeinen! In Welkom bij de Romeinen maak je kennis met het Romeinse leven. Je zult merken

Nadere informatie

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom. Naam:

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom. Naam: Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom Naam: Het Christendom Hallo, dit is de vragenlijst die hoort bij de website over geestelijke stromingen. Je kunt de website vinden

Nadere informatie

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein De oude Grieken en Romeinen hadden ze al en later ook de Vikingen. Koloniën. Koopmannen voeren met hun schepen over zee om met andere landen handel te drijven. Langs de route richtten ze handelsposten

Nadere informatie

De Romeinen. Wie waren de Romeinen?

De Romeinen. Wie waren de Romeinen? De Romeinen Wie waren de Romeinen? Lang voor de Romeinen naar ons land kwamen, woonden ze in een kleine staat rond de stad Rome. Vanaf 500 voor Christus begonnen de Romeinen met gebiedsuitbreiding. Als

Nadere informatie

Activiteitenschema Archeologie

Activiteitenschema Archeologie Activiteitenschema Archeologie Soort activiteit: Spullen opgraven uit de zandbak. Tijdsindeling: 5 Minuten de plaatjes in de zandbak verstoppen. 5 Minuten vertellen over hoe de mensen vroeger wat zochten

Nadere informatie

DE ROMEINEN KOMEN!! Groep 5 en 6. Vragenlijst Museumzaal Thermenmuseum. 1. Namen leerlingen: Naam van de school: Te:

DE ROMEINEN KOMEN!! Groep 5 en 6. Vragenlijst Museumzaal Thermenmuseum. 1. Namen leerlingen: Naam van de school: Te: DE ROMEINEN KOMEN!! Groep 5 en 6 Vragenlijst Museumzaal Thermenmuseum 1. Namen leerlingen: Naam van de school: Te: 1 In de museumzaal hangen banieren met tekst. Een banier is een soort vlag. Er staan ook

Nadere informatie

VAN VUISTBIJL TOT TRECHTERBEKER

VAN VUISTBIJL TOT TRECHTERBEKER VAN VUISTBIJL TOT TRECHTERBEKER Van vuistbijl tot trechterbeker Thema: Archeologie en prehistorie Doelgroep: groep 5 t/m 8 Duur: 1,5 uur Voorbereiding: 1,5 uur Kosten: 1,50 per leerling Leskoffer: 15,00

Nadere informatie

een zee Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom.

een zee Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom. Werkblad 7 Ω De Franken Ω Les : De volksverhuizingen Volksverhuizingen Het Romeinse Rijk is heel rijk. Veel volkeren willen een deel van die rijkdom. Het wordt steeds moeilijker om de grenzen van het grote

Nadere informatie

6. Regenten en Vorsten. Het streven van vorsten naar absolute macht. 1600 n.chr. 1700 n.chr. Piet Heyn. 7. Pruiken en Revoluties.

6. Regenten en Vorsten. Het streven van vorsten naar absolute macht. 1600 n.chr. 1700 n.chr. Piet Heyn. 7. Pruiken en Revoluties. De 10 tijdvakken. 1. Jagers en Boeren (prehistorie). Levenswijze van jager-verzamelaars.? 3000 v.chr. Venus van Willendorf. 2. Grieken en Romeinen (oudheid). Ontwikkeling Jodendom / Christendom 3000 v.chr.

Nadere informatie

Het eerste schrift hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62211

Het eerste schrift hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62211 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 25 June 2015 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62211 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

ONTDEKKINGSREIZIGERS en AVONTURIERS. Van:

ONTDEKKINGSREIZIGERS en AVONTURIERS. Van: ONTDEKKINGSREIZIGERS en AVONTURIERS Van: Ieder groepje gaat op ontdekkingsreis, deze gebieden worden verdeeld: heelal, de zee, een onderaards gebied, een vulkanisch gebied, een bergachtig gebied, een woestijn

Nadere informatie

Bij les 1: Werkblad 1a, bij ansicht 1 (Groeten uit Fletio)

Bij les 1: Werkblad 1a, bij ansicht 1 (Groeten uit Fletio) Bij les 1: Werkblad 1a, bij ansicht 1 (Groeten uit Fletio) Opdracht 1 Op jullie ansichtkaart heeft Sem een tekst geschreven over de Romeinen. Sommige dingen kloppen niet. Overleg met je groepje. Zet achter

Nadere informatie

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff Spreekbeurt en werkstuk over Ridders Door: Oscar Zuethoff Mei 2007 Inleiding Waarom houd ik een spreekbeurt over de ridders en de riddertijd? Toen ik klein was wilde ik altijd al een ridder zijn. Ik vind

Nadere informatie

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Filips II In 1566, meer dan vierhonderd jaar geleden, zijn veel mensen boos. Er is onrust in de Nederlanden. Er zijn spanningen over het geloof, veel mensen

Nadere informatie

Exodus 17,1-7 - Water uit de rots voor mensen met een kort lontje

Exodus 17,1-7 - Water uit de rots voor mensen met een kort lontje Exodus 17,1-7 - Water uit de rots voor mensen met een kort lontje Aangepaste dienst Liturgie Voor de dienst speelt de band drie liederen Opwekking 11 Er is een Heer Opwekking 277 Machtig God, sterke Rots

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen Tijdvak 3 Toetsvragen 1 Op veel afbeeldingen wordt de Romeinse keizer Constantijn als een heilige afgebeeld met een stralenkrans om zijn hoofd. Welke reden was er om Constantijn als christelijke heilige

Nadere informatie

In het begin. Schepping versus Evolutie voor groep 7. Inhoud. 1. Wat is waar? 2. Het verschil tussen een feit en een gedachte

In het begin. Schepping versus Evolutie voor groep 7. Inhoud. 1. Wat is waar? 2. Het verschil tussen een feit en een gedachte In het begin Schepping versus Evolutie voor groep 7 Inhoud 1. Wat is waar? 2. Het verschil tussen een feit en een gedachte 3. Wat gebeurde er in het verleden? 4. Waar komt het leven vandaan? 5. Hoe oud?

Nadere informatie

Napoleon. bekendste persoon uit de geschiedenis

Napoleon. bekendste persoon uit de geschiedenis Napoleon bekendste persoon uit de geschiedenis Napoleon behoort tot de meest bekende personen uit de geschiedenis. Hij wist zich van eenvoudige komaf op te werken tot keizer van Frankrijk en heerser over

Nadere informatie

Romeinen. Romeinen. Germanen

Romeinen. Romeinen. Germanen Romeinen Romeinen Grieken en Romeinen lijken op elkaar qua levensstijl. Het Romeinse rijk is ontstaan in Rome (753 v. Chr.). De Romeinen kwamen 50 v. Chr. naar Nederland. De Romeinen hebben het Latijns

Nadere informatie

100% romeins. opdrachtenboekje

100% romeins. opdrachtenboekje opdrachtenboekje schoonheid en gezondheid goden handel huis en haard leger Dit is de route van jullie groepje: Jullie beginnen bij LEGER. Ben je klaar, dan loop je door naar HUS EN HAARD. En zo verder.

Nadere informatie

Paragraaf 1. delta. Neder-Egypte. Opper-Egypte

Paragraaf 1. delta. Neder-Egypte. Opper-Egypte Hoofdstuk 2 Egypte Paragraaf 1 delta Neder-Egypte Opper-Egypte Egypte bestaat voor een groot deel uit woestijn Was dit altijd zo? Nee: 8000 v.c. > veel water en groen in de Sahara > jagers en verzamelaars

Nadere informatie

Welke les moesten de Egyptenaren leren?

Welke les moesten de Egyptenaren leren? De eerste vier plagen. Welke les moesten de Egyptenaren leren? Exodus 7:2-5 2 U moet alles wat Ik u gebieden zal tegen Aäron zeggen, en Aäron, uw broer, moet tot de farao spreken, dat hij de Israëlieten

Nadere informatie

Antwoordkernen zijn vrijwel nooit volledige zinnen. Antwoordkernen geven alleen aan, wat er beslist in het antwoord moet staan.

Antwoordkernen zijn vrijwel nooit volledige zinnen. Antwoordkernen geven alleen aan, wat er beslist in het antwoord moet staan. Antwoordkernen Instap en Ontdekkingsreizen Eureka 2M volledig herziene 5 e druk, 2015-2016 Antwoordkernen zijn vrijwel nooit volledige zinnen. Antwoordkernen geven alleen aan, wat er beslist in het antwoord

Nadere informatie

EEN PRINS WORDT EEN HERDER

EEN PRINS WORDT EEN HERDER Bijbel voor Kinderen presenteert EEN PRINS WORDT EEN HERDER Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Erna van Barneveld

Nadere informatie

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin

Examen Geschiedenis. Geef de 7 tijdsvakken: Mintiens Quintin Examen Geschiedenis Geef de 7 tijdsvakken: Prehistorie :... 3500 v.c Stroomculturen : 3500 v.c 800 v.c Klassieke Oudheid : 800 v.c 500 n.c Middeleeuwen : 500 n.c 1450 n.c Nieuwe tijd : 1450 n.c 1750 n.c

Nadere informatie

De klassieke tijdlijn

De klassieke tijdlijn De klassieke tijdlijn In de lessen geschiedenis heb je waarschijnlijk al gehoord over de tijdlijnen, of de historische periodes en waarschijnlijk ook over exacte datums zoals 476. In dit documentje kom

Nadere informatie

Prehistorie (van tot )

Prehistorie (van tot ) Prehistorie (van tot ) Oerknal of Big Bang We bekijken samen twee korte filmpjes. Waarover gaan deze filmpjes? - - Wat is de Oerknal? Maak een woordspin met alles waaraan jij denkt als je het woord Oerknal

Nadere informatie

Samenvattingen Geloof ABC

Samenvattingen Geloof ABC Samenvattingen Geloof ABC Info 1ABC: Wat is geloof? Het gaat in dit project om de belangrijkste wereldgodsdiensten: jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze godsdiensten geven antwoorden

Nadere informatie

1t/h GESCHIEDENIS HANDBOEK. voor de onderbouw

1t/h GESCHIEDENIS HANDBOEK. voor de onderbouw 1t/h GESCHIEDENIS voor de onderbouw HANDBOEK Griekse cultuur WB H2 Oriëntatie Romeinse Rijk: verspreiding Grieks-Romeinse cultuur Ontstaan en verspreiding christendom 28 29 36 40 voor Chr. In 1910 vond

Nadere informatie

Historisch denken. Historische benaderingen

Historisch denken. Historische benaderingen Historisch denken Inleiding Mensen hebben een besef van verleden, heden en toekomst. Ze hebben een bepaald beeld van wat er in hun leven is gebeurd tot op de dag van vandaag. Ze kunnen hun bestaan in het

Nadere informatie

1 Monnikenwerk KLOOSTER MONNIKEN. Jorik is bang dat hij straf krijgt van de broeder, omdat hij een appel van het klooster wilde stelen.

1 Monnikenwerk KLOOSTER MONNIKEN. Jorik is bang dat hij straf krijgt van de broeder, omdat hij een appel van het klooster wilde stelen. les 1 Monnikenwerk 4 Waar of niet waar? Zet een kring om de goede letters. waar niet waar K O In de ziekenzaal werken verpleegsters. R E Jorik weet eerst niet waar hij is. T N De vader van Jorik is een

Nadere informatie

Naam: KASTELEN. Vraag 1a. Waarvoor moeten we onze huizen tegenwoordig beschermen? ... pagina 1 van 6

Naam: KASTELEN. Vraag 1a. Waarvoor moeten we onze huizen tegenwoordig beschermen? ... pagina 1 van 6 Naam: KASTELEN Heb jij je wel eens afgevraagd hoe je jouw huis zou verdedigen als anderen het probeerden te veroveren? Nou, vroeger dachten de mensen daarr dus echt wel over na. Ze bouwden hun huis zelfs

Nadere informatie

Samenvattingen Geloof ABC

Samenvattingen Geloof ABC Samenvattingen Geloof ABC Info 1ABC: Wat is geloof? Het gaat in dit project om de belangrijkste wereldgodsdiensten: jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze godsdiensten geven antwoorden

Nadere informatie

Hoe maak ik een Spreekbeurt?

Hoe maak ik een Spreekbeurt? Hoe maak ik een Spreekbeurt? Stap 1: Kies een onderwerp. Voordat je kunt beginnen met het maken van een spreekbeurt, moet je natuurlijk een onderwerp kiezen. Het hoeft niet perse een hobby van je te zijn,

Nadere informatie

1 bk GESCHIEDENIS. voor de onderbouw HANDBOEK

1 bk GESCHIEDENIS. voor de onderbouw HANDBOEK 1 bk GESCHIEDENIS voor de onderbouw HANDBOEK 22 28 32 voor Chr. OUDHEID 776 v.chr. Egyptische Rijk 750 v.chr. 740 v.chr. 60 v.chr. 50 v.chr. 27 v.chr. Griekse cultuur Romeinse Rijk: verspreiding Grieks-Romeinse

Nadere informatie

Tijd van monniken en ridders Vroege Middeleeuwen. Tijd van jagers en boeren Prehistorie. - 3000 v C 500-1000

Tijd van monniken en ridders Vroege Middeleeuwen. Tijd van jagers en boeren Prehistorie. - 3000 v C 500-1000 jagers en boeren Prehistorie - 3000 v C monniken en ridders Vroege Middeleeuwen 500-1000 Grieken en Romeinen Oudheid -3000 v C - 500 n C steden en staten - Hoge en Late Middeleeuwen 1000 1500 ontdekkers

Nadere informatie

Bevolkingsgroepen DOE KAART 1. Naam van het project. Als je voor deze opdracht kiest leer je meer over een bepaalde bevolkingsgroep.

Bevolkingsgroepen DOE KAART 1. Naam van het project. Als je voor deze opdracht kiest leer je meer over een bepaalde bevolkingsgroep. DOE KAART 1 Bevolkingsgroepen Als je voor deze opdracht kiest leer je meer over een bepaalde bevolkingsgroep. Zoek 6 verschillende bevolkingsgroepen op. Kies 1 bevolkingsgroep uit waar je meer over wilt

Nadere informatie

100 jaar geleden. t Is Oorlog! Een lesmap voor het vierde, vijfde en zesde leerjaar, door juffrouw Anita en de papa van Anna.

100 jaar geleden. t Is Oorlog! Een lesmap voor het vierde, vijfde en zesde leerjaar, door juffrouw Anita en de papa van Anna. 100 jaar geleden t Is Oorlog! Een lesmap voor het vierde, vijfde en zesde leerjaar, door juffrouw Anita en de papa van Anna. t Is oorlog! Binderveld, Kozen, Nieuwerkerken en Wijer 100 jaar geleden is een

Nadere informatie

Groep blauw doet verslag van het museumbezoek in Leiden

Groep blauw doet verslag van het museumbezoek in Leiden Groep blauw doet verslag van het museumbezoek in Leiden Het museum vond ik heel erg leuk, vooral met de speurtocht met meester Ronald. Alleen vond ik het auto rijden best heel erg lang duren. Het tempeltje

Nadere informatie

Hoe maak je een werkstuk?

Hoe maak je een werkstuk? Hoe maak je een werkstuk? Je gaat een werkstuk maken. Maar hoe zit een werkstuk nou eigenlijk in elkaar? Hoe moet je beginnen? En hoe kies je nou een onderwerp? Op deze vragen en nog vele anderen krijg

Nadere informatie

Welkom in de wereld van Stilton, Geronimo Stilton! - Het is verboden de lesbrieven op internet te zetten

Welkom in de wereld van Stilton, Geronimo Stilton! - Het is verboden de lesbrieven op internet te zetten Welkom in de wereld van Stilton, Geronimo Stilton! Terwijl voor iedereen de vakantie er bijna op zit, maakt Geronimo zich klaar voor een nieuwe reis. Ook wij nemen jullie mee naar een ver land: Egypte!

Nadere informatie

TULPENGEKTE. 1. Streep door wat niet van toepassing is.

TULPENGEKTE. 1. Streep door wat niet van toepassing is. TULPENGEKTE Je leraar of lerares heeft je een tulpenbol laten zien. Zo n bol stop je in de herfst in de grond, en in de lente groeit er een tulp uit. Niets bijzonders zou je zeggen. Maar vierhonderd jaar

Nadere informatie

1 De tijd van jagers en boeren

1 De tijd van jagers en boeren o w v 1 S I N E D CHIE ouw GESor de onderb vo E O B K WER K 1 De tijd van jagers en boeren Planner Oriëntatie Te doen Datum klaar Score Oriëntatie op de tijd van jagers en boeren Kern 1 Jagers en verzamelaars

Nadere informatie

PREHISTORIE IN BOXTEL Dik Bol (auteur) Hans de Visser (tweede lezer) mei 2016

PREHISTORIE IN BOXTEL Dik Bol (auteur) Hans de Visser (tweede lezer) mei 2016 Samenvatting PREHISTORIE IN BOXTEL Dik Bol (auteur) Hans de Visser (tweede lezer) mei 2016 Deze basistekst is gekoppeld aan de canon van Boxtel. In deze basistekst wordt het vroegste deel van de menselijke

Nadere informatie

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom. Naam:

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom. Naam: Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom Naam: Het jodendom Hallo, dit is de vragenlijst die hoort bij de website over geestelijke stromingen. Je kunt de website vinden op www.geloofik.nl.

Nadere informatie

Werkstuk wizard Hulpvragen

Werkstuk wizard Hulpvragen Hulpvragen Hulpvragen dieren Waarnemen Hoe ziet het dier eruit? Hoe beweegt het dier? Welke geluiden maakt het dier? Hoe voelt het dier aan? Hoe reageert het dier op je? Hoe neemt het dier waar? Leven

Nadere informatie

Er is toch niemand die jou aardig vindt. SUKKEL.

Er is toch niemand die jou aardig vindt. SUKKEL. Liefde Ik laat je nooit in de steek. Ik zal je helpen. Jij bent mijn beste vriendin. Het mooiste wat ik heb, geef ik aan jou. Ik ben verliefd... Ik heb alles voor je over. IK HOU VAN JOU! Ik bid voor je.

Nadere informatie

De Franse keizer Napoleon voerde rond 1800 veel oorlogen in Europa. Hij veroverde verschillende gebieden, zoals Nederland en België. Maar Napoleon leed in 1813 een zware nederlaag in Duitsland. Hij trok

Nadere informatie

MOERASBOS IN STADSHAGEN. Thema: natuur

MOERASBOS IN STADSHAGEN. Thema: natuur DOCENT In het thema Natuur ontdekken de leerlingen van groep 7 en 8 dat er rond de jaartelling een bijzonder bos op de plek stond waar zij nu wonen. Dit moerasbos is in 2000 opgegraven door archeologen.

Nadere informatie