Vuur werk. hét relatiemagazine van de Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde. december 2013 jaargang 9, nr. 18

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Vuur werk. hét relatiemagazine van de Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde. december 2013 jaargang 9, nr. 18"

Transcriptie

1 Vuur werk hét relatiemagazine van de Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde december 2013 jaargang 9, nr. 18

2 REDACTIONEEL P.3 INTERVIEW Theo Kocken P.18 ARTIKEL IN MEMORIAM P.4 2 VERSLAG Lustrum Symposium P.5 ARTIKEL De onderwijsvisie P.10 STELLINGNEMEN P.22 NIEUWS P.23 INTERVIEW Jan Willem Gunning P.24 Taking charge of your career P.28 PUBLIKATIES P.30 JAAROVERZICHT FEWEB P.38 STEUN HET UAF P.44 CoLoFoN Negende jaargang, nr December 2013 De volgende Vuurwerk verschijnt juni 2014 Vuurwerk is het relatiemagazine van de Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde (FEWEB). Vuurwerk verschijnt twee keer per jaar in een oplage van exemplaren. Redactie Mira Maletic, Ina Putter, Marije Huiskes-Tolsma, Henri de Groot, Iris Visser Adres Faculteitsbureau FEWEB, de Boelelaan HV Amsterdam Ontwerp en opmaak Room for ID s, Nieuwegein Redactioneel Ook deze aflevering van Vuurwerk zou eigenlijk weer van kaft tot kaft gelezen moeten worden. Zoveel wetenswaardigheden over het reilen en zeilen van de faculteit, het verslag van het lustrumsymposium ter gelegenheid van ons 65 jarige bestaan, interessante interviews en publicaties, en als extra nog het jaaroverzicht. Maar om Cruijff maar weer eens te citeren: Er zijn te veel van allerlei dingen, je moet kiezen. Dat inzicht brengt mij als decaan al jaren aan het twijfelen, vooral nu mijn decanaat ten einde loopt. Want er gebeurt altijd van alles op zo n grote faculteit, van grote en beslissende ontwikkelingen tot groot en klein menselijk geluk en leed. En zelfs het gewone bestuurlijke proces is al enerverend genoeg. Veel bestuurlijke drukte, die overigens lang niet altijd tot iets leidt. Dus klemt de vraag of de beschikbare tijd, en soms meer dan dat, wel aan de juiste dingen wordt besteed. Wat is belangrijk, en waarom dan, en wat kunnen we laten lopen? Je moet kiezen, anders word je geleefd. Het blijft echter altijd knagen. Totdat een collega opgewekt de laatste inzichten uit de antistress cursus komt vertellen, namelijk: maak je niet druk, neem je rust en ga lummelen. Met het lezen van Vuurwerk wordt aan alle drie de adviezen tegemoet gekomen, en je steekt er nog wat van op ook. Het vierde advies, meer bewegen, komt straks wel. 3 TUSSENSTAND ONDERZOEK P.16 DE BOEKENKAST VAN Illustraties Room for ID s, Nieuwegein Shutterstock Barto Martínez, unit.nl Seb Janot, unit.nl Harmen Verbruggen BLOGS, QUOTES & TWEETS P.17 Fotografie FEWEB, Riechelle van der Valk, Shutterstock Druk NPN drukkers, Breda Harmen Verbruggen P.26

3 Foto: Riechelle van der Valk 4 In memoriam Piet Rietveld It is with great sadness that we announce the passing of Piet Rietveld, Professor in Transport Economics and Head of the Department of Spatial Economics, VU University Amsterdam. Piet passed away, after a short period of illness, on November 1, Piet studied econometrics at Erasmus University, Rotterdam (cum laude degree) and received his PhD in economics at VU University Amsterdam. He worked at the International Institute of Applied Systems Analysis (Austria) and was research co-ordinator at Universitas Kristen Satya Wacana in Salatiga, Indonesia. Since 1990 he was professor in Transport Economics at the Faculty of Economics and Business Administration, VU University Amsterdam. He was a fellow of the Tinbergen Institute, the Regional Science Association International (RSAI) and the Netherlands Institute for Transport Policy Analysis (KiM). Furthermore, he was a member of the Royal Netherlands Academy of Arts and Sciences (KNAW). Piet has been Head of the Department of Spatial Economics since Under his unique and inspiring leadership, the Department has flourished, and has gained and maintained its unique position worldwide in the fields of Spatial, Transport and Environmental Economics. As a researcher, Piet has made ground-breaking contributions to these fields, on a wide variety of themes including transport and regional development, valuation, transport pricing, public transport, transport and environment, land-use modelling, and policy assessment. A good impression of his impressive scientific legacy, the scope of themes he was working on, his academic network, and the wide impact of his research, can be obtained from the overview of his work on Google Scholar. But above all, Piet was dearly beloved by everyone who has had the privilege to work with him, for his wisdom, his warm personality, his gentleness, and his sense of humour. He will be deeply missed. FEWEB Lustrum Symposium 2013

4 Verslag Lustrumsymposium 2013 Het nieuwe Verslag van het symposium Op donderdagmiddag lopen om uur ruim 400 belangstellenden de Aula van de Vrije Universiteit binnen. Op de achtergrond klinkt My generation van The Who door de luidsprekers. FEWEB is 65 jaar geworden en dat vieren we met een interessant symposium over pensioenen. Of, zoals Mathijs Bouman in zijn introductie zegt: Het gaat over geld. Bouman verwijst naar de foto op de uitnodiging, bij de oudere heer zie je een lichte glimlach, de jongedame kijkt sip. Is dit terecht? Daar gaan we vandaag achter komen. Welkom door decaan prof. dr. Harmen Verbruggen De decaan heet alle aanwezigen welkom en memoreert de start van de faculteit in De faculteit die begon als Faculteit Economie en Sociale Wetenschappen met 90 studenten is nu als Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde de cash cow van de universiteit met 5500 reguliere studenten en 1250 postgraduate studenten. De faculteit is inmiddels zo groot geworden dat zij vrijwel het gehele hoofdgebouw van de VU in beslag neemt. Het onderzoek heeft nog nooit op zo n hoog niveau gestaan. We zijn sterk internationaal georiënteerd. We werken intensief samen met het Tinbergen Instituut en het Amsterdam Business Research Institute. De banden met de Universiteit van Amsterdam worden steeds hechter. We zijn in een vergevorderd stadium wat betreft het professional en executive onderwijs en we zijn bezig met de nog te starten Amsterdam University Business School. De keerzijde van de groei is dat de tevredenheid van de studenten de afgelopen jaren is afgenomen. Er is te weinig persoonlijke aandacht en er zijn te weinig studieplekken. De faculteit neemt deze bezwaren serieus en is hard bezig ze op te lossen. Bijvoorbeeld door het instellen van een numerus fixus bij bepaalde opleidingen en het herformuleren van de onderwijsvisie. Een discussie over de onderwijsvisie tref je elders aan in dit blad. generatieconfflict? 3. Werkeloosheid De werkeloosheid groeit, met name bij jongeren. Zij doen daarom weinig ervaring op. 4. Collectieve pensioenfonds De AOW gaat enorm veel duurder worden. De werkleeftijd wordt langzaam opgeschoven. Men moet voorzichtig omgaan met de berekeningen van de pensioenen. De huidige problemen worden doorgeschoven naar de volgende generatie. 6 7 Samenvattend stelt Kocken dat de overheidsschuld niet op een generatie zou moeten worden afgewend; dat er meer armoede heerst onder de jongeren, namelijk 10% tegenover 3% bij de ouderen; dat het handig zou zijn THEO KOCKEN als pensioenspaargeld zou kunnen worden ingezet voor MARTIN PIKAART het aflossen van de hypotheek; dat het eigenaarschap INTERGENERATIONAL ASPECTS OF van het pensioen duidelijk zou moeten zijn. DE TIJDBOM VAN HET AN UNSTABLE ECONOMIC SYSTEM GENERATIECONFLICT: WANNEER WORDT HIJ ONTMANTELD? DE FACULTEIT DER ECONOMISCHE WETENSCHAPPEN EN BEDRIJFSKUNDE (FEWEB) BESTAAT DIT JAAR 65 JAAR. TER ERE HIERVAN ORGANISEERDE DE FACULTEIT OP DONDERDAG 17 OKTOBER EEN LUSTRUMSYMPOSIUM. HET THEMA VAN HET SYMPOSIUM WAS HET NIEUWE GENERATIECONFLICT? VOORHEEN WAS 65 JAAR DE LEEF- TIJD WAAROP JE MET PENSIOEN GING, MAAR DE HUIDIGE GENERATIE ZAL LANGER DOOR MOETEN WERKEN. IS ER VOOR DE JONGEREN STRAKS NOG WEL EEN PENSIOEN EN KUNNEN ZIJ ÜBERHAUPT NOG AAN EEN VAST CONTRACT KOMEN? MOETEN WE ONS PENSIOEN OP EEN ANDERE MANIER GAAN REGELEN? OM HET SPANNINGSVELD TUSSEN DE GENERATIES OP DE HUIDIGE ARBEIDS- EN PENSIOEN- MARKT TOE TE LICHTEN, WAREN GERENOMMEERDE SPREKERS UITGENODIGD OM HUN VISIE TE GEVEN. DAGVOORZITTER Mathijs Bouman journalist en econoom SPREKERS Prof. dr. Theo Kocken hoogleraar Risicomanagement voor Institutionele Beleggers en CEO van Cardano Group Dr. Martin Pikaart zelfstandig adviseur en onderhandelaar op het gebied van arbeidsvoorwaarden en pensioenen en voorzitter Alternatief voor Vakbond (AVV) Dr. Kick van der Pol voorzitter Raad van Bestuur Pensioenfederatie Drs. Lou Spoor senior manager bij Achmea Drs. ing. Erica Verdegaal econoom en journalist Prof. dr. Pieter Gautier hoogleraar Economie Kocken vraagt zich af wat de generatieconflicten zijn. Op cultureel gebied begrijpen de verschillende generaties elkaar wel, maar op economisch gebied niet. De demografie heeft er nog nooit zo uitgezien als nu. We hebben te maken met een steeds meer afnemende werkbevolking. De private schuld is in de jaren 80 enorm gegroeid terwijl er nu ontschulding plaatsvindt. Tegelijkertijd loopt de staatsschuld op: een generatie-effect. De volgende zaken pakken negatief uit voor jongeren: 1. Problemen op de huizenmarkt In 2007 was er sprake van een enorme explosie van de huizenprijzen en werden er gemakkelijk hypotheken verstrekt. Nu de prijzen sterk zijn verlaagd heeft dat als effect dat veel huizen een hogere hypotheek hebben dan de waarde van het huis, 20-25% gemiddeld. Dit is vooral bij jongeren het geval terwijl de 65-plussers juist een overwaarde hebben. 2. Overheidsschuld De overheidsschuld loopt langzaam op (2% per jaar) en gaat dus door naar de volgende generatie. Daar tegenover staat een negatieve groei van de beroepsbevolking met 0,5%. De staatsschuld wordt niet over de groeiende bevolking gespreid. Stelling Het wordt te weinig onderkend dat in een lange-schulddepressie, met krimpende (beroeps)bevolking, de 45- generatie het kind van de rekening wordt. Dit moet expliciet door de regering worden onderkend en speerpunt van beleid worden om dit te voorkomen. In zijn betoog gaat Pikaart in op de sociale zekerheid van toen, nu en straks. Daarbij richt hij zich op twee aspecten: flex & zeker en ontslag; en pensioen. De werknemers met een vast contract zijn in Nederland zeer goed beschermd. Hoe langer je hebt gewerkt, hoe meer geld je krijgt als je met pensioen gaat. Dit geldt niet voor flexwerkers en ZZP ers. Je hoort vaak dat Nederland het beste pensioenstelsel ter wereld heeft, dat gebaseerd is op solidariteit en collectiviteit; je krijgt een hoog percentage van je laatstverdiende loon. Dit geldt echter niet voor mensen zonder vast contract. Zij kunnen daardoor geen gebruik maken van het pensioenstelsel. Ons pensioenstelsel is ouder dan de AOW. De AOW werd in de jaren 50 ingevoerd. De demografische bevolkingsopbouw is inmiddels sterk veranderd. De afhankelijkheidsratio was destijds 7:1, ofwel 7 werkenden betaalden de omslaggefinancierde pensioenen voor 1 gepensioneerde. De afhankelijkheidsratio is nu 2:1 en dit heeft tot gevolg dat de premies omhoog gaan. We hebben niet alleen te maken met de veranderende demografie, maar ook met de rendementen van het gespaarde geld. Men dacht altijd het komt wel goed. De pensioenfondsen zijn echter niet per toeval in de

5 KICK VAN DER POL LOU SPOOR ERICA VERDEGAAL PIETER GAUTIER REACTIES VANUIT HET PUBLIEK problemen gekomen. Het gemiddeld jaarlijks rendement valt tegen. De mensen die nu met pensioen gaan hebben gemiddeld 16% premie betaald over hun hele carrière. Nu wil men de premie stabiliseren, maar dan wel op 24%. En dat is exclusief de VUT-premie, die op dit moment op 4% ligt (was 0,2% in de jaren 80). Het verschil tussen de lusten en lasten voor de ouderen en jongeren wordt zo wel heel erg hoog. Het ABP kan in deze tijd niet indexeren. Voor de oude- stelsel: wij zouden bij ons pensioen 70% van ons loon relaties en dit betekent ook dat men langer moet Het pensioen moet eerlijker en eenvoudiger: DAN TE WEINIG, MAKEN WE 8 9 ren heeft dit niet zoveel gevolgen, omdat zij gedurende het grootste deel van hun carrière wel geïndexeerd zijn. Voor de jongeren die nu beginnen te werken wordt er de komende tien jaar niet geïndexeerd, waardoor de opbouw uiteindelijk veel minder is. Bovendien moeten zij veel langer werken tot hun pensioen. Als je de kosten en baten van het pensioensysteem afzet van iemand die nu net met pensioen is tegen iemand die nu 35 jaar is, dan is er 10 jaarsalarissen verschil in profijt. Stelling Veertigers, dertigers en nog jonger moeten nu in actie komen om de welvaartsstaat grondig te hervormen. EEN STERKE TWEEDE PIJLER De rest van de wereld vindt dat wij het in Nederland goed voor elkaar hebben. In Nederland is de armoede onder ouderen zeer laag door een sterke combinatie van drie pijlers: 1. AOW (100% doet mee) 2. Collectief pensioen (90% doet mee) 3. Individueel pensioen: Zelf afgesloten regelingen Voor de crisis hadden wij een blind vertrouwen in ons ontvangen. Maar er kwam een opeenstapeling van problemen: Aanhoudende financiële schokken Explosieve groei van verplichtingen We leven langer Buffers voor financiële schokken, maar niet voor langer leven Het blinde vertrouwen is veranderd in zichtbaar wantrouwen. De kracht van het pensioensysteem is tevens zijn zwakte. Uitdaging is om de kracht te behouden door middel van: - Behoud solidariteit voor risicodeling, delen buffers, verlagen van de kosten en kwaliteit beleggingen - Bepaal maatschappelijke wenselijke solidariteit - Bied meer individuele keuzes - Bereik alle werkenden ongeacht hun juridische status: breder dan CAO- bereik. De drie pijlers moeten worden gepositioneerd en de kernvragen voor de toekomst van de tweede pijler zijn: 1. Arbeidsvoorwaarde of wettelijk recht; 2. Solidair of individueel; 3. Collectief of individueel; 4. Pensioenambitie; en 5. Ingebouwde keuzevrijheden. Er is nog geen sprake van hersteld vertrouwen. Het wantrouwen tegen alle financiële instituties is structureel. Er moet ook meer inbreng komen van jongeren: welk stelsel willen zij? Stelling Jong en oud hebben belang bij een collectief stelsel. Terechte bezwaren zijn oplosbaar. EERLIJK ZULLEN WE ALLES DELEN Is er in Nederland wel sprake van een kloof? Wat de pensioentoereikendheid betreft is er niet zoveel verschil tussen de verschillende leeftijden. Wel zijn er een aantal verstoringen opgetreden: Pensioenopbouw is nu 30% minder bij een modaal inkomen. Om dat te compenseren moet er 4 jaar langer worden doorgewerkt, maar dat moest toch al vanwege de hogere levensverwachting. Arbeidsmarkt; Er zijn steeds minder vaste arbeids- doorwerken voor een gunstiger pensioenopbouw. Studiefinanciering; Er wordt momenteel meer geleend dan er wordt afgelost. Woonlasten; De hypotheekrenteaftrek wordt minder. Door de studieschuld kunnen mensen minder lenen en de huren stijgen meer dan de inflatie. Kinderregelingen; o.a. minder geld voor kinderopvang. Zorgkosten; Bijna onvermijdelijk meer lasten voor toekomstige jongeren. Om de kosten eerlijker te verdelen moet er beleid komen op: 1. Beheersing zorgkosten; 2. Participatie en langer doorwerken; 3. Vermindering woonlasten na pensionering; en 4. Sparen voor ouderenzorg. Stelling Een beetje minder 2e pijler-pensioen kan, mits we draagkracht jongeren in domeinen wonen en zorg vergroten. LEVENSLANG ZELFREDZAAM Wij hebben in Nederland niet te maken met een generatieconflict maar met een aanpassingsproces omdat we de babyboomers qua pensioen teveel hebben verwend. We zullen ons moeten aanpassen, maar het duurt lang voordat dit proces in gang wordt gezet. We zijn wakker geschud doordat er een crisis is ontstaan. Er is eigenlijk sprake van een ziek pensioensysteem. De doorsneepremie past niet in de participatiesamenleving. - Mopperende babyboomers moeten worden voorgelicht. - Premie naar leeftijd, homogene voorwaarden. - Minimalisering kosten. - Flexibeler opbouw en uitkering. - Toegankelijke informatie (vergelijkingssites). - Lager opbouwpercentage tegen lagere premie. - Opbouw wel verplicht laten. Het denken over het pensioen is ontspoord. Een vroeg en lang pensioen is onbetaalbaar en een gegarandeerd pensioen is een illusie. Wat te doen? Benadruk niet de onzekerheden, maar juist hoe je je kan redden met je pensioen; maak mensen financieel weerbaarder en zelfredzaam. Stelling Hou op over pensioenonzekerheden. Leer mensen zich financieel te redden. UITDAGINGEN VOOR DE NEDERLANDSE ARBEIDSMARKT Er is geen markt waarin zoveel wordt ingegrepen door de overheid als de arbeidsmarkt: hoogte en duur van de uitkeringen minimumloon CAO/AVV (80% van de werknemers in Nederland valt onder een CAO) ontslagbescherming activerend arbeidsmarktbeleid We moeten niet teveel focussen op de werkeloosheid alleen. Alle toestanden op de arbeidsmarkt (nonparticipatie en werkgelegenheid) zijn belangrijk, evenals de effecten op de stromen tussen die verschillende toestanden. Er stromen voortdurend mensen uit, maar er komen ook steeds nieuwe mensen bij. Zelfs in een recessie vinden veel mensen nieuw werk. Het zijn vooral de non-participanten (bv. schoolverlaters) die moeilijk werk vinden. Als het weer beter gaat met de economie, zijn het vooral de mensen die liever niet werken maar noodgedwongen moesten werken die weer stoppen met werken. In Nederland zijn er weinig stromen door de hoge ontslagbescherming, de uit keringsduur (je wordt nauwelijks geprikkeld om werk te zoeken), de CAO en de verstoring van de huizenmarkt. We zijn hierdoor minder mobiel. Juist jongeren hebben belang bij veel in- en uitstroom, omdat deze groep vaak werkeloos is. In Nederland blijft het loon doorstijgen tot aan ons pensioen. Terwijl wij ook een sterke ontslagbescherming hebben. De oudere werknemer heeft hier veel profijt van. Gautier vindt dat je eigenlijk minder loon zou moeten krijgen in ruil voor ontslagbescherming. Als mensen eenmaal in de WW zitten, is het goed om ze verplicht te laten solliciteren; de duur van de WW wordt hier aantoonbaar mee verkort. Sinds de maximale WW-duur in Nederland is beperkt tot 9 maanden was 12 maanden vinden meer mensen een baan. De prikkels werken stimulerend. De problemen op de arbeidsmarkt zijn niet de oorzaak van de crisis, maar zij maken de crisis wel hardnekkiger. OF NOU DE JONGEREN OF DE OUDERE GENERATIE DE WINNAARS OF VERLIEZERS ZIJN, IK BEN ER NOG STEEDS NIET UIT DE DAG IS EEN FEEST VAN HERKENNING WE SPAREN EERDER TE VEEL ONS DAAR NOU ZORGEN OM? IK MAAK ME GEEN ZORGEN OVER OF IK TE VEEL OF TE WEINIG SPAAR, MAAR OF MIJN GELD NIET NAAR IEMAND ANDERS GAAT LEUK! INTERESSANT! GEBALANCEERDE DISCUSSIE, MEERDERE KANTEN BELICHT INHOUDELIJK EEN HEEL GOEDE SESSIE Zowel na de eerste drie sprekers als de laatste drie sprekers vond er een interessante paneldiscussie onder leiding van Matthijs Bouman plaats waarbij de sprekers hun stelling probeerden te verdedigen. Afsluiting Ten slotte zorgde cabaretier en tevens alumnus van de faculteit Joep Stassen voor een vermakelijke afsluiting van het geheel. De dag werd afgesloten met een feestelijke receptie waar men onder het genot van een drankje en een bitterbal met elkaar kon napraten. We kunnen terugkijken op een zeer geslaagde middag. Stelling Vakbonden vertegenwoordigen voornamelijk oudere werknemers (ontslagbescherming, stijgende lonen, CAO) MEER INFORMATIE, FOTO S EN VIDEO VAN DE DAG:

6 Discussie met HARMEN VERBRUGGEN Discussieleider en decaan van FEWEB FRANS VAN DER WEL Voorzitter Commissie van der Wel en hoogleraar PGO Accountancy MIRELLA KLEIJNEN Secretaris Commissie van der Wel en UHD Marketing ROB DE CROM Portefeuillehouder onderwijs en lid Commissie van der Wel KEES CAMFFERMAN Hoogleraar Accounting en lid Commissie van der Wel De onderwijsvisie IN 2012 IS DE COMMISSIE VAN DER WEL IN HET LEVEN GEROEPEN OM HET ONDERWIJS VAN DE FACULTEIT TE REORGANISEREN. IN DE COMMISSIE VAN DER WEL ZITTEN DE VOLGENDE LEDEN: FRANS VAN DER WEL (VOORZITTER), MIRELLA KLEIJNEN (SECRETARIS), ERIC BARTELSMAN, RENÉ VAN DEN BRINK, KEES CAMFFERMAN, ROB DE CROM, TOM ELFING, RUUD FRAMBACH, HENRI DE GROOT, TOM GROOT, HESTER VAN HERK, GERARD VAN DER LAAN, HERBERT RIJKEN, FRANS ROOZEN, TAMAR PAGRACH. DE CROM: De VU visie vindt zijn oorsprong een beetje in het instellingsplan. Maar daar worden alleen de drie waarden verantwoordelijk, persoonlijk en open genoemd en dat zijn eerder een soort beginselen dan dat het een visie is. Vervolgens zijn die be- goed uit de voeten konden. Er was ginselen verantwoordelijk, persoonlijk VERBRUGGEN: En dat emancipatoire nog gesproken over de bezuinigingen die heeft onze faculteit een visie geformu- KLEIJNEN: Daar hebben we ook expliciet DE COMMISSIE HEEFT TEVENS DE ONDERWIJSVISIE VAN DE FACULTEIT GEFORMULEERD. VERBRUGGEN: Hartelijk welkom. We gaan vandaag een discussie voeren over het onderwijs van de faculteit en de universiteit en alle ontwikkelingen die daar een rol hebben gespeeld. Het hele proces van onderwijsvernieuwing aan de faculteit en het formuleren in het verlengde daarvan van de onderwijsvisie is nu ongeveer een jaar bezig. Aanleiding hiervoor was de dalende studenten tevredenheid: er waren te veel studenten, er was onvrede over het niveau van de studenten, over de geringe betrokkenheid van de studenten en de lage rendementen. Daarbij kwamen de onderwijsplannen van de universiteit met vernieuwingen zoals de minoren en de academische kern. Het faculteitsbestuur wilde dit allemaal integraal aanpakken en na een jaar hierover gepraat te hebben kwam dan eindelijk de beslissing. Het gevoel van urgentie was er wel, maar uiteindelijk is er toch aan de late kant gereageerd. Voor zover de achtergrond. Als je gaat nadenken over vernieuwing van onderwijs, dan heb je een visie nodig. De VU had al een visie. Mijn eerste vraag is: Toen jullie met dat hele proces begonnen, waren jullie toen op de hoogte van de visie die de VU geformuleerd had en konden jullie daarmee uit de voeten? VAN DER WEL: Ja, we waren er wel van op de hoogte. We vonden het echter ontoereikend, in die zin dat we met het raamwerk zoals het er lag niet een mate van geforceerdheid in de VU visie en als je daar iets mee wilde doen en een leidraad wilde hebben voor onderwijsvernieuwing, dan moest je het uit elkaar trekken om helderheid te creëren. Daar zijn we best wel even mee bezig geweest. We zijn in oktober 2012 gestart en rond de jaarwisseling waren we hier mee klaar. Dat is heel erg de moeite waard geweest, want die heldere lijn die we hebben ingezet en de inhoud die we daaraan hebben gegeven, geven ons steun in de ver nieuwing die we willen bewerkstelligen. De eerste vereiste is namelijk dat we een academicus opleiden. VERBRUGGEN: Zien jullie dat ook zo? KLEIJNEN: Ik was als docent in het begin helemaal niet op de hoogte van de onderwijsvisie van de VU en ze blijkt ook vrij moeilijk bereikbaar te zijn. Ik moest ook bijna echt graven om die visie op tafel te krijgen. De kernwaarden bleken heel beperkt beschreven te zijn. Bovendien was het niet duidelijk of deze visie gedragen en herkend werd door de mensen. Het was heel lastig om de visie expliciet te maken en voor de buitenwereld duidelijk te maken waarvoor we stonden en hoe het vertaald werd in ons onderwijsprogramma. Dat is echt wel een slag die we nu pas maken. CAMFFERMAN: Ik ben een late bekeerling tot onderwijsvisies in het algemeen. Het document was er wel, maar het functioneerde niet. en open omgezet in een visie, omdat de instellingsaudit kwam. Het stuk was echter dermate rommelig geworden, omdat het zo vaak gewijzigd was, dat er nauwelijks draagvlak voor te vinden was. VERBRUGGEN: Om daar nog even op door te gaan: Het stuk wat daar toen lag met begrippen als community of learners en het emancipatoire karakter van de universiteit. Hoe keken jullie daar tegen aan? CAMFFERMAN: Bij die community of learners had ik de indruk dat het bedacht was door mensen die uit een vrij kleinschalige onderwijssetting komen. Daar gaat het allemaal heel goed. Als je met drie studenten in een laboratorium aan de slag gaat, dan gaat het prima, maar bij onze faculteit zie ik niet hoe je dat nu goed kunt implementeren in een bacheloropleiding bijvoorbeeld. DE CROM: Kees heeft helemaal gelijk. Zoals het op de VU geïnterpreteerd wordt is het eigenlijk een vorm van activerend leren. Er is twee jaar geleden een prachtig boek verschenen in full color en daarin staat dat de rechtenfaculteit een community of learners heeft, omdat daar een aantal cases worden opgevoerd van een rechtbank. Dat heeft echter niets te maken met community of learners. VERBRUGGEN: Activerende werkvormen in kleinere groepen hadden wij altijd al, maar is voor een studentrijke faculteit zoals de onze onbetaalbaar en daarmee onuitvoerbaar. CAMFFERMAN: We werken in kleine groepen en dat is prima. Maar dat is iets anders dan wat de VU visie bedoelde. karakter, hoe kijken jullie daar tegen aan? VAN DER WEL: We hebben natuurlijk wel nagedacht over wie wij hier willen binnenhalen. Die discussie is heel veel gevoerd, ook in de commissie. Duidelijk is nu dat wij hoog in zullen steken en dat we het universitaire karakter en het hoge niveau willen handhaven, respectievelijk herstellen. Dat zie je ook terugkomen in de huidige onderwijsvisie van de VU. VERBRUGGEN: Zijn jullie in de discussies die jullie binnen de commissie gevoerd hebben er toen van bewust geweest van wat er gebeurd is in het proces met die proefaudit commissie? Waar wrong toen de schoen en hoe is dat verlopen? Jullie zaten toen midden in dat proces en dan krijg je plotseling die negatieve berichten. Die hele VU visie is daar toen afgeschoten. KLEIJNEN: Wij waren toen dat punt al gepasseerd. Wij hadden toen voor onze faculteit de conclusie al getrokken dat de visie voor ons niet toereikend was en dat het daardoor heel moeilijk was om daaraan invulling te geven. Het heeft ons niet verbaasd dat daar kritiek op is gekomen. Toen die kritiek kwam hadden wij dit al op tafel. Wij hadden daar ook best veel werk aan. We hadden heel veel gediscussieerd en wij waren wel eens bang dat mensen zouden vragen wat we al die tijd nou gedaan hadden. Je ziet dan ook hoe zinvol die discussie is op het moment dat die kritiek komt. Wij hadden toen ons antwoord denk ik wel al klaar. We hebben dat toen ook ingebracht in de discussies op VU niveau en daar is toen ook heel positief op gereageerd. VERBRUGGEN: Hebben jullie in de discussies in de verschillende commissies ook wij als faculteitsbestuur hebben doorgevoerd met daaraan gekoppeld de vraag of dat niet te rigoureus is geweest? VAN DER WEL: Nee, we zijn andersom begonnen. We hebben afgesproken om te gaan werken vanuit de vraag wat we hier willen neerzetten. We weten dat er bezuinigingen zijn geweest, maar we wilden geen discussie voeren over de voor- en nadelen van de getroffen maatregelen. Je moet het anders doen. Je moet zeggen: Wat wil ik hier bereiken? Vervolgens kom je wel aan de vraag of het wel reëel is. Het moet natuurlijk ook nog gefinancierd worden. Dat laatste realiseren we ons ook duvels goed. Het is wel goed om de bezuinigingen in gedachten te houden. Er zijn immers fouten gemaakt, zoals het niet consequent doorvoeren van maatregelen, en dat wil je niet herhaald zien. VERBRUGGEN: Op een gegeven moment is men dus begonnen met het herformuleren van de onderwijsvisie binnen de VU en jullie hebben daar nog een bijdrage aan geleverd. Hoe moet ik dat zien, die bijdrage die daaraan is geleverd? Er kwam een nieuwe rector magnificus en die is in de tuin gaan zitten onder de appelboom, zoals hij dat zegt. Hoe is die discussie met hem gegaan? Wat zijn nu de belangrijkste punten die jullie de rector magnificus hebben meegegeven vanuit onze onderwijsvisie? VAN DER WEL: We hebben hem geadviseerd meer helderheid te verschaffen in de visie. De kernwaarden van de VU visie hebben nu vooral betrekking op gedragsachtige componenten. Er zitten wel veel goede dingen in de onderwijsvisie van de VU, maar het had nog wat sterker gekund. Ons model is eigenlijk daar een hele goede opmaat voor. VERBRUGGEN: Door jullie inspanningen leerd. Wat hebben jullie uiteindelijk weten over te dragen aan de rector en kun je het terugvinden in het stuk dat de rector geschreven heeft? CAMFFERMAN: Een van de dingen die benadrukt zijn is dat onderwijs zelf centraal moet staan en dat de status van onderwijs opgewaardeerd moet worden. Onderzoek moet niet ten koste gaan van onderwijs. Die twee zijn nu meer in balans gebracht. Dit zie je nu terug in de onderwijsvisie. KLEIJNEN: Internationalisering is ook een punt dat meer naar voren komt. Verder is er meer behoefte aan concretisering. Het is een visie, maar zoals ze was kon niemand er wat mee. Je kunt er van vinden wat je wilt, maar er ligt nu wel een duidelijke visie. VAN DER WEL: Het heeft handen en voeten gekregen. Het universitaire stuk is nu echt een goed stuk geworden. Daar kunnen we echt wel wat mee. Het is een wereld van verschil met de stukken die er voor de komst van de nieuwe rector lagen. KLEIJNEN: Het geeft ons genoeg ruimte als faculteit om daarin te bewegen. De visie die wij nu hebben geschreven is eerder complementair dan dat het vervangend of tegengesteld is. VERBRUGGEN: Een van de aspecten die uit de VU visie komt is dat de VU een toegankelijke universiteit wil zijn. Gisteren herhaalde de rector dat ook weer in de Dies rede. Alle sociale klassen en standen mogen hier komen, maar we stellen wel hoge eisen aan de studenten en we zijn ook bereid om de aantallen te beperken en voor de poort te selecteren. Dat is ook datgene wat in onze facultaire visie centraal staat. over gediscussieerd in onze groep. Wij konden niet uit de voeten met wat eerder omschreven was, want dat zou suggereren dat alle diversiteit verwelkomd wordt en dat we ons daaraan maar moeten aanpassen. Diversiteit is zeker welkom, in die zin dat we willen dat mensen weten hoe ze met diversiteit moeten omgaan. We zien dat nu terugkomen in de projecten en de onderzoeken die lopen en de studenten waarderen dat enorm. Het is meer de omgang met elkaar en het leren van elkaar waar het om draait dan het feit dat iedereen mag komen en dat je daar dan maar allerlei mouwen aan moet passen. VERBRUGGEN: Vinden jullie op het ogenblik dat wij voldoende hoge eisen stellen aan onze studenten? Iedereen schudt nee. KLEIJNEN: Dat is niet alleen onze consensus. Dat komt structureel naar voren uit alle interviews die wij hebben gehouden. Dat geldt met name voor de bacheloropleiding. CAMFFERMAN: Ja, bij de masteropleiding hoor je dat niet. VERBRUGGEN: Ervaren jullie een groot verschil tussen de bachelor en de master programma s?

7 Ik was als docent in het begin helemaal niet op de hoogte van de onderwijsvisie van de VU Studenten vinden het niveau soms zo laag, dat ze niet naar de colleges toe komen KLEIJNEN: Over het algemeen is de ervaring dat de master van een beduidend hoger niveau wordt gezien. Dat gevoel is sterker bij economie. De masteropleiding van economie is van heel hoog niveau. Het gat tussen de bachelor en de masteropleiding is te groot. VAN DER WEL: Het niveau van de bachelor moet omhoog. VERBRUGGEN: Geven jullie ook adviezen in de uitwerking van de visie en de vernieuwing van het onderwijs? Hoe het bachelorprogramma bijvoorbeeld vernieuwd kan worden? Hoe de docenten daarin op moeten treden? Over de onderwijsvormen en dat soort zaken? IN KOOR: Ja. VERBRUGGEN: Gaat er hier dan een totaal andere wind waaien? Er wordt ja geknikt. VAN DER WEL: Dat die wind gaat waaien moet nog wel gerealiseerd worden. We maken natuurlijk nu hele mooie plannen en er worden goede analyses gedaan. Er komt een hoop boven water door de interviews en de workshops. Er wordt veel gedaan om gestalte te geven aan de onderwijsvormen. De vraag is zo meteen: Krijgen we het ook voor elkaar om het nieuwe geïmplementeerd te krijgen zonder dat het een bureaucratische operatie gaat worden. Er moet energie vanuit gaan. Mensen die daar energie in kunnen brengen moeten dat gaan leiden en vasthouden. Een van de dingen die we hebben gezien in de commissie is dat er in de faculteit een onderlinge grote onbekendheid is en dat er weinig wordt samengewerkt. VERBRUGGEN: Dat betekent dus dat we gaan werken aan nieuwe onderwijsvormen en dat is nog voor een deel in ontwikkeling. We gaan dan ook werken aan een nieuwe organisatiestructuur van het onderwijs. We gaan ook meer vragen van de docenten. Hoe krijgen we dat voor elkaar? CAMFFERMAN: Een van de dingen die we willen bereiken is dat docenten duidelijk ervaren dat onderwijs ook gewaardeerd wordt door de faculteit. Dit moet zichtbaar worden in beoorde- die oude tentamens. is ook een afnemend veld. We weten KLEIJNEN: Ja, ik denk dat transparantie gezegd: Ja hallo, ik moet publiceren van dat specifieke bachelor profiel. Ik lingen en in de feedback die mensen krijgen. Er moeten ook maatregelen worden genomen als het onderwijs onder de maat is. In de afgelopen jaren hebben we te vaak gehoord: Je kunt doen wat je wilt met onderwijs, het maakt in feite niets uit voor je bevordering. KLEIJNEN: Sterker nog, als het slecht is hoor je ook niets. Dat is iets waar we absoluut vanaf willen. Het moet gewoon niet kunnen dat mensen structureel niet functioneren op onderwijs, ook al zijn ze fantastisch in allerlei andere zaken. Dat is denk ik de grootste doorn in het oog van docenten die wel gemotiveerd zijn en daarnaast ook hele goede onderzoekers zijn. VERBRUGGEN: Hoor je bij studenten klachten of onvrede over de kwaliteit van de docenten? DE CROM: Je hoort wel degelijk klachten over een aantal docenten. Studenten vinden het niveau soms zo laag, dat ze niet naar de colleges toe komen, omdat het voldoende is om het boek te kopen en te leren voor een tentamen. De meeste klachten gaan overigens over de tentaminering. VERBRUGGEN: Wat zijn dan de klachten over de tentaminering? DE CROM: Dat je heel goed een vak kunt halen op het moment dat je veel oude tentamens bestudeert en uit je hoofd leert. VERBRUGGEN: Dat is geen goede zaak. KLEIJNEN: Nee, en ze doen het vooral bij vakken waar ze niet geïnspireerd worden. Op het moment dat het wel gebeurt kijken ze veel minder om naar VERBRUGGEN: Maar dan spreken wij zo n docent aan en die zegt: Ja, hallo zeg, ik moet al 400 tentamens of meer nakijken. Hoe moet ik dat allemaal voor elkaar krijgen? DE CROM: Sommige docenten gaan nu te lang door met een leerboek. Dat is ook een van de gehoorde klachten. Er is daardoor maar een beperkte hoeveelheid stof en op een gegeven moment zijn de vragen op. Dan moet je na een paar jaar een ander boek nemen. CAMFFERMAN: Of een boek er naast zetten. Een van de klachten is niet zozeer dat het niveau te laag is, maar dat het tempo te laag ligt. Veel studenten zouden best wel wat meer stof kunnen verwerken in dezelfde periode. KLEIJNEN: Ze willen vooral meer uitgedaagd worden. VERBRUGGEN: Hoe breng je dan die scheiding aan tussen studenten die meer uitgedaagd willen worden dat zijn eigenlijk de studenten die je wilt hebben en die je betrokken wilt laten zijn bij de faculteit en de studenten die moeite hebben om het bij te houden? Raken we die dan kwijt dat is een beetje onaardig gezegd met het bindend studieadvies? Is dat een hulpmiddel bij het geheel? KLEIJNEN: Ik denk dat het een hulpmiddel is. Er zal altijd een groep zijn die meer uitgedaagd wil worden dan de ander, maar ik denk dat het ook een taak is van ons om te laten zien waar wij voor staan en dat dat het type student is waarnaar wij op zoek zijn. Sterker nog en ook niet onbelangrijk voor onze studenten wij staan als faculteit en als universiteit ergens voor. Het is wetenschappelijk onderwijs, maar er inmiddels heel goed wat het afnemend veld wil. Als een student niet verder uitgedaagd wil worden, dan heeft hij misschien ook een verkeerd carrière pad gekozen. DE CROM: Je moet nog eerder beginnen met de communicatie. We zijn vaak niet echt duidelijk. Dat begint al door in 4 en 5 vwo de scholen langs te gaan. Het heeft vaak een karakter van een wervingsbijeenkomst i.p.v. een wervings- en selectiebijeenkomst. We zouden volstrekt helder moeten zijn over wat de inhoud van de opleiding is en wat je wel en wat je niet krijgt. VAN DER WEL: En de samenhang van het pakket, want dat laten we niet zien. Studenten komen hier geïnspireerd binnen en zijn het binnen de kortste keren kwijt. Ze zijn de draad kwijt. Er is ook geen docent die hun dat kan vertellen. We moeten bewerkstelligen dat zowel de studenten als de docenten dat zien en weten. Dat is nu niet het geval. We hebben dat ook gemerkt in onze gesprekken met de verschillende afdelingen. Als je vraagt wat is nu kenmerkend voor Economie of Bedrijfskunde dan weten de docenten daar echt geen antwoord op. Die zijn met name gericht op hun eigen vak. Het gaat er om dat je je niet alleen richt op je eigen vak, maar ook kijkt naar de samenhang van de hele opleiding. Dan kun je de studenten ook beter begeleiden en uitleggen waarom een bepaald vak belangrijk is voor de opleiding. VERBRUGGEN: Dat streven is ook in het huidige onderwijsprogramma terug te vinden met de 4-weeks vakken en de integratievakken. Betekent het dan dat dit op een andere leest geschoeid gaat worden? van de opbouw van het programma heel belangrijk wordt. Zowel studenten, docenten als alumni zeggen het: We staan ergens, maar we weten absoluut niet waar het naar toe gaat. Het betekent dat we alle partijen winnen als we eerst die routekaart heel duidelijk kunnen maken. VERBRUGGEN: Betekent dat dan dat de nieuwe opleidingsdirecteur van de bacheloropleiding economie en bedrijfseconomie of die van bedrijfskunde in het eerste semester helemaal die routekaart uit zal gaan leggen, in samenwerking met de docenten? CAMFFERMAN: Hoe hij of zij dat gaat doen is niet zo belangrijk. Het is wel van belang dat men de opleiding als een integraal product ziet. Dat vinden sommige mensen een akelig woord, maar ik gebruik hem toch maar. Dan ben je dus verantwoordelijk voor het hele proces. Wat de inhoud is, hoe je het organiseert, hoe je het verkoopt en hoe je mensen erover informeert. Dat is bij de vorige ronde van 2000 niet gebeurd. Dat was best een aardig programma, al zeg ik het zelf, maar aan communicatie is veel te weinig aandacht besteed. Het idee was dat als het programma goed in elkaar zit en je schuift het de organisatie in, dan loopt het wel, want de mensen zijn slim genoeg om het allemaal uit te voeren. Dat is dus niet zo. DE CROM: Dat was wel zo in de eerste 5 jaar. VERBRUGGEN: Maar toen hadden we ook veel minder studenten. Toen waren we de helft in omvang. Straks krijg ik dat prachtige rapport. Iedereen is enthousiast. We gaan het allemaal anders aanpakken. Dan gaan wij op zoek naar de juiste opleidingsdirecteur. Hoe krijgen we die, want nu wordt er vaak of ik moet een buitenlandse conferentie bijwonen, ik heb daar geen tijd voor. Hoe krijgen we dat beter voor elkaar? CAMFFERMAN: Je moet in ieder geval niet gaan zoeken onder mensen die aan het begin van hun carrière staan en zich nog moeten bewijzen. Wat je ziet in de bacheloropleiding is dat er relatief vaak jonge mensen aangesteld worden als periodecoördinator, terwijl die er inderdaad geen tijd voor hebben en zich met andere dingen zouden moeten bezighouden. Je kunt dit beter overlaten aan een gevorderde groep mensen die al hun onderzoekreputatie op orde hebben. Je zou hun kunnen vragen zich een jaar of 3 à 4 op onderwijs te storten. Daarna zou de faculteit ervoor moeten zorgen dat ze weer in het onderzoek terug kunnen komen door ze te faciliteren met een sabbatical voor een aantal maanden of een half jaar. VERBRUGGEN: Dus daar staat iets tegenover dan? Staat dat in de plannen? IN KOOR: Jazeker! VERBRUGGEN: Er wordt door docenten wel eens wat nukkig gedaan over het niveau van de studenten. In de academische kern wordt gepoogd om voldoende academisch niveau te krijgen. Ik heb het zelf wel eens genoemd academische tafelmanieren : Academisch leren denken en werken. Dat is toch een heel aantrekkelijk perspectief. Waarom zouden die studenten dat niet willen? KLEIJNEN: Het is niet dat de studenten dat niet zouden willen, maar het is niet het element dat de opleiding richting geeft of uniek maakt. De academische kern is een basis en niet het sausje wat erover zit dat het aantrekkelijker maakt voor de student, het typerende denk wel dat de academische kern een wezenlijk onderdeel is, maar deze kern is voor heel veel studenten gelijk. Dat is niet het differentiërende onderdeel. Waar studenten naar zoeken zijn de elementen in de opleiding waardoor ze gedreven en gemotiveerd worden. VERBRUGGEN: Maar Frans, denk jij niet dat dit studenten zou kunnen motiveren als ze wetenschapsleer krijgen? Als ze leren redeneren bijvoorbeeld? Of geschiedenis van het economisch denken? VAN DER WEL: Dat is voor een aantal studenten heel interessant, zeker als ze door willen gaan in onderzoek. Deze studenten kom je zeker tegen. Andere studenten daarentegen zitten daar heel anders in. Zij willen een zo hoog mogelijke opleiding krijgen om straks een goede professionele loopbaan te hebben. Die zijn vooral geïnteresseerd in vakkennis. Waar we ze van moeten overtuigen is dat die academische kern ze verder brengt. VERBRUGGEN: Hoe krijgen we dat voor elkaar, Rob? DE CROM: De vakken die in die academische kern komen, met uitzondering misschien van de geschiedenis van het economisch denken, bieden wij ook nu al aan op diverse plaatsen in het curriculum. Er gaat weinig binding van uit, met uitzondering van een niet al HET IS WEL VAN BELANG DAT MEN DE OPLEIDING ALS EEN INTEGRAAL PRODUCT ZIET ONDERZOEK MOET NIET TEN KOSTE GAAN VAN ONDERWIJS

8 ER MOETEN OOK MAATREGELEN WORDEN GENOMEN ALS HET ONDERWIJS ONDER DE MAAT IS Over het algemeen is de ervaring dat de master van een beduidend hoger niveau wordt gezien te grote groep studenten. Wellicht dat je de studenten ervoor kunt interesseren als je die vakken samenbindt met een strik erom en het vervolgens academische kern noemt. Dit moet wel goed gecommuniceerd worden met de studenten, zodat ze begrijpen waarom deze vakken belangrijk zijn voor de academische opleiding. KLEIJNEN: We moeten die vaardigheden van de academische kern meer invulmen. Bij mijn eigen opleiding hebben aanzienlijke verhoogd worden. We lig- liggen. Er komen in ieder geval twee dering in vergelijking met vroeger. Is ik zeggen dat we hele goede dingen ling geven binnen de specifieke context van de opleiding en ook verder in de toetsing. Nu gaat iedereen toch weer een beetje zijn eigen wiel uitvinden. VERBRUGGEN: Dat betekent dus dat de elementen die men gedoceerd krijgt in de academische kern hun weerklank moeten vinden in andere vakken. VAN DER WEL: Het is belangrijk dat er bij de docenten goed begrip is in welke context een vak uit de academische kern wordt gegeven. De academische kern moet gegeven worden in de context van de economische opleiding. Op die manier kunnen we er invulling aan geven. Ik denk dat daardoor veel niet aangehaakt gedrag ontstaat, aan beide kanten. De docenten begrijpen de studenten niet en de studenten denken wat is dat voor een wereldvreemd iemand. Dat snap ik helemaal niet. Bij deeltijdopleidingen is dat zeer herkenbaar. De verschillen tussen docenten en studenten zijn soms erg groot en ik vraag me wel eens af hoe we die bij elkaar kunnen brengen. Het is een enorme veranderslag die je moet realiseren. DE CROM: De academische kern hoeft niet voor alle opleidingen gelijk te zijn. Het kan best dat die van de bedrijfskundige opleiding verschilt van die van de economische opleiding. VERBRUGGEN: Zal dat ook gelden voor het onderwijs in de ethiek, waar we toch ook als faculteit en als VU waarde aan hechten? VAN DER WEL: Ik ben geen voorstander van het plaatsen van ethiekvakken als losse eenheden door de opleiding. Ik denk dat je wel met een basisvak moet beginnen, maar dat je de leerlijnen door de inhoudsvakken moet meene- we dat ook gerealiseerd en daar is het ook nodig. DE CROM: Bij de Master Bedrijfskunde doen de docenten dat zelf. De hoogleraar geeft de hoorcolleges en de docenten van de vakken (zoals financiering, marketing, logistiek, enz.) werken de cases uit hun vakgebied uit met hun studenten. Dat maakt het een heel stuk herkenbaarder voor studenten. CAMFFERMAN: Toch zit er nog steeds iets tweeslachtigs in die academische kern. Aan de ene kant moeten studenten juist heel breed gevormd worden en aan de andere moeten ze heel concrete technieken leren, zoals literatuurverwijzing en dat soort dingen. Ik denk dat het voor studenten niet zo simpel is om dat allemaal te vatten onder de noemer van een academische kern. Ik weet niet of het echt gaat helpen als je er een strik omdoet en dat presenteert als de academische kern. VERBRUGGEN: Het is eigenlijk het eerste gereedschapskistje waarmee de student zijn studie verder kan voltooien. Daar heb je achtergrondkennis op academisch niveau en concrete vaardigheden voor nodig om aan de slag te gaan. VAN DER WEL: Inderdaad, we moeten het zodanig inrichten dat het verschil ook duidelijk is voor iedereen. We horen ook van docenten dat ze niet helemaal begrijpen waarom ze het moeten doen. De kennis moet dus eerst bij de docenten en vervolgens bij de studenten worden gebracht. VERBRUGGEN: Nog twee kleine onderwerpen, die overigens ook zeer belangrijk zijn, wil ik hier bespreken. In het kader van de prestatieafspraken in Den Haag moet het aantal studenten dat het honoursprogramma gaat volgen gen wel al aardig op schema, maar het moeten er nog meer worden. Daarnaast moeten er minoren worden ingericht. DE CROM: Wat het honoursprogramma betreft is de rek er serieus uit. Om het programma te kunnen doen moet een student gemiddeld een 7,5 staan. Alle faculteiten hebben nog een behoorlijke groei, want van de totale studentenaantallen die zich kwalificeren zit maximaal de helft in het honoursprogramma. Behalve bij onze faculteit. Hier zitten vrijwel alle studenten die voldoen aan de criteria in het honoursprogramma. Dus we hebben doodeenvoudig niet meer studenten die we zouden kunnen selecteren. Die rek is er echt uit. VERBRUGGEN: Tenzij je de kwaliteit verhoogt. DE CROM: Inderdaad. Het is heel belangrijk om de kwaliteit van de instroom te verhogen. We moeten het imago en de studentkwaliteit verbeteren. VERBRUGGEN: Met dit hele proces zijn we uit op minder studenten, die van een hogere kwaliteit zijn en die een vernieuwd programma aangeboden krijgen. Dat is het doel van deze hele exercitie. In dat kader zou je ook het honoursprogramma natuurlijk een betere plaats kunnen geven. En hoe zit het met de minoren? KLEIJNEN: We hebben in de commissie al veel discussies over dit onderwerp gevoerd. Ik denk dat er genoeg ideeën zijn. Onze uitdaging is om nu een selectie te maken uit deze ideeën. Het is nog moeilijk te voorspellen hoe de doorstroom naar de verschillende minoren zal zijn. Er zijn nu een aantal concepten voor minoren waar we een keuze uit moeten maken binnen de kaders die er budgettair gezien universiteitsminoren economie en bedrijfskunde die met name gericht zijn op studenten buiten FEWEB. Deze zijn we niet alleen verplicht om aan te bieden vanuit de VU, maar we verwachten ook dat veel studenten deze minoren aantrekkelijk zullen vinden. VERBRUGGEN: Er zullen ook verdiepende minoren worden aangeboden. Het zijn de opleidingen die dat zelf moeten formuleren. Daarnaast zal er een vrije minor komen waarmee je kunt stage lopen. KLEIJNEN: Over de stages loopt nog een discussie, want die zouden we in een bepaald format willen aanbieden. VAN DER WEL: Daar blijkt veel behoefte aan te zijn bij studenten. Ze zeggen bijna allemaal dat ze stages willen lopen. KLEIJNEN: We willen daar echter geen 30 ECTS aan besteden. Onze discussie gaat er nu over hoe we de stages kunnen inrichten. We kunnen bijvoorbeeld een stage aanbieden van een bepaald aantal ECTS en daarnaast een aantal vakken zetten. We hebben ons daarbij laten inspireren door de postdoctorale opleidingen. Het voorstel is om bijvoorbeeld een aantal maanden stage te lopen en daarnaast vakken te volgen die altijd op dezelfde dag, in dit geval de vrijdag, plaatsvinden, als een soort terugkomdag. De studenten kunnen dan voor het bedrijf iets betekenen en daarbij ook op een fatsoenlijke manier vakken volgen. VERBRUGGEN: De studenten hechten tegenwoordig steeds meer waarde aan de voorbereiding op de arbeidsmarkt. Dat is toch wel een belangrijke veran- dat ook een gedachte die jullie vorm proberen te geven? VAN DER WEL: Ja, maar het had geen prioriteit bij de commissie. Ik vind het zelf belangrijk dat op de universiteit kennis wordt opgedaan. Werken kun je je hele leven nog. Maar uit de interviews blijkt dat mensen er om vragen en daar kun je niet omheen. VERBRUGGEN: We persen wel de hele studie in 4 jaar. CAMFFERMAN: We moeten er wel wat mee, maar er zit ook nog een knelpunt in de universitaire onderwijsvisie, die de master heel erg sterk koppelt aan onderzoek. Op zich heb ik daar geen problemen mee, maar de studenten zien de master toch vooral als een specialisatie in de beroepsrichting, nadat ze de brede bachelor gedaan hebben. Dat kun je best oplossen die spanning, maar die zit er wel in. VERBRUGGEN: Je zult de stage op een bepaalde manier vorm moeten geven. Het heeft namelijk geen zin om te werken op een postkamer. Het moet toch zeker een academische betekenis hebben. KLEIJNEN: Als er studiepunten voor staan, dan moeten er ook richtlijnen komen. VAN DER WEL: Tien jaar geleden was ik tegen de stages, omdat studenten vaak op taken werden neergezet die absoluut geen zin hadden. Stages hebben alleen zin als de studenten inhoudelijk aan het werk worden gezet. VERBRUGGEN: Dat betekent nogal wat voor de faculteit om die studenten op de goede plekken te krijgen en dat te organiseren. KLEIJNEN: Ja, dat is zo, maar er is zeker ook vraag naar vanuit de bedrijven. Zij willen heel graag, maar krijgen die VU studenten momenteel niet te pakken. Je ziet bij de bedrijven waar de relaties al goed zijn dat ze de VU zien als eerste leverancier voor het aannemen van mensen. Als we die cyclus op orde kunnen krijgen, dan winnen we enorm veel. Wat belangrijk is m.b.t. de stages is de praktijkervaring en confrontatie met de praktijk. Wat de studenten willen is voelen waar ze later rond gaan lopen. Veel studenten wonen nog thuis en dan is zo n stage een belangrijk moment waarbij ze op eigen benen moeten gaan staan en uit de box moeten gaan denken. Dat is ook heel motiverend. DE CROM: Eigenlijk vind ik dat je het begrip stage zou moeten verruimen. We zijn nu druk bezig om het in het stramien van de academische opleiding te gieten en dat valt niet mee. Mijn voorstel zou zijn om studenten in de zomervakantie tussen de bachelor en de master of na afloop van de master stage te laten lopen. Ze krijgen er dan geen studiepunten voor, maar kunnen het uitstekend op hun cv zetten en doen praktijkervaring op. Wij als faculteit zouden daarin kunnen bemiddelen. VERBRUGGEN: Binnen afzienbare tijd krijgen we een prachtig uitgewerkt en geheel vernieuwd concept onderwijsprogramma aan onze faculteit. Iedereen zal het omarmen. Hoe gaat het dan verder? Gaan we dan iemand aantrekken die het coördineert, hebben we behoefte aan een projectgroep met projectleider, hoe kunnen we dit nu het beste implementeren? VAN DER WEL: Dat is een goede vraag. Als voorzitter van deze commissie kan aan het doen zijn op het terrein van de inhoud en de onderwijsvormen. De volgende stap is het implementeren ervan en ik maak me daar nu het meeste druk om. Het moet terug de lijn in. VERBRUGGEN: Dus we moeten nieuwe opleidingsdirecteuren aanzoeken die alles gaan inrichten? VAN DER WEL: Inderdaad. Er verandert zoveel dat alle posities opnieuw moeten worden ingevuld. Daar zullen we de komende tijd aan gaan werken. VERBRUGGEN: We gaan dus voor minder studenten, die beter zijn, die harder werken met een vernieuwd onderwijspakket en beter gewaardeerde docenten. Dat is eigenlijk de grote lijn van het verhaal. Ik dank jullie voor deze discussie en al het werk dat jullie tot nu toe hiervoor gedaan hebben. STAGES HEBBEN ALLEEN ZIN ALS DE STUDENTEN INHOUDELIJK AAN HET WERK WORDEN GEZET

9 tussenstandonderzoek blogsquotestweets Split Scheduling Afdeling: Econometrie/OR Het vakgebied van Scheduling gaat over het zo optimaal mogelijk toewijzen van taken of opdrachten aan machines. In mijn onderzoek hebben we het volgende probleem bekeken. Er zijn een aantal machines, waarop n taken moeten worden uitgevoerd. Voor iedere taak noteren we het tijdstip waarop de taak is afgerond. We willen de som van deze zogeheten completeringstijden minimaliseren. Iedere taak mogen we opsplitsen in meerdere delen en de verschillende delen van een taak mogen zelfs tegelijkertijd op meerdere machines worden uitgevoerd. Voor het opsplitsen `betalen we echter wel; voor het begin van ieder deel op iedere machine geldt een opstarttijd ter lengte s. Voor 2 machines blijkt het volgende beleid optimaal: Orden de taken in oplopende lengte. We beginnen nu in deze volgorde de taken (ongesplitst) op de twee machines te plaatsen. Vanaf een (nader te bepalen) moment gaan we de taken splitsen in twee delen en plaatsen ze zodanig op de machines dat de twee delen van een taak tegelijk klaar zijn. Zodra we beginnen met het splitsen van taken, zullen we alle taken daarna ook splitsen. We hoeven nu alleen nog ieder van de n taken uit te proberen als eerste gesplitste taak en kiezen uit deze n schema s het schema met de kleinste som van completeringstijden. Als er 3 of meer machines in het spel zijn, blijkt deze aanpak niet eenvoudig te generaliseren. Verder onderzoek moet uitwijzen of deze problemen substantieel moeilijker zijn, of dat een andere generalisatie van onze aanpak mogelijk is. Naam onderzoeker: Dr. Elco van Burg Afdeling: Management en Organisatie Relaties met andere mensen en organisaties zijn van groot belang voor ondernemers. Ze hebben ze bijvoorbeeld nodig voor het krijgen van goede ideeën, om financiering te krijgen en om een reputatie op te bouwen. Bestaand onderzoek heeft dit keer op keer bevestigd. We weten echter niet goed hoe ondernemers hun netwerk opbouwen. Hoe bouw je vanuit het niets goede en nuttige relaties op? In dit onderzoek volgen we daarom ongeveer 80 startende ondernemers tijdens hun pogingen om een bedrijf van de grond te krijgen in een gebied/land waar ze nog maar weinig relaties hebben. Iedere week rapporteren de ondernemers wat ze gedaan hebben, welke contacten ze gelegd hebben en wat dat opgeleverd heeft. We bekijken hoeveel (nieuwe) relaties de ondernemers hebben, hoe lang ze in stand blijven en wat het oplevert. De eerste analyses laten zien dat ondernemers die zich vooral richten op het leggen van nieuwe relaties wel snel veel aandacht op zich kunnen richten en soms redelijk veel financiering krijgen. Als ze echter niet in staat blijken om hun relaties ook te onderhouden omdat het er te veel zijn en hun beloften na te komen, dan verliezen ze weer snel het vertrouwen. Ondernemers met een gematigd tempo van het opbouwen van hun netwerk lijken uiteindelijk een sterker en nuttiger netwerk te hebben. De veelzijdigheid van de speltheorie Naam onderzoeker: Dr. Harold Houba Afdeling: Econometrie/OR met de mensheid verbonden en worden onder andere binnen de speltheorie bestudeerd. De werkelijkheid is veelzijdig, en de toegepaste speltheorie eveneens. Naast onderzoeksthema s als onderhandelingstheorie en de theorie van de internationale samenwerking van grensoverschrijdende rivieren, doe ik tevens onderzoek naar de economische theorie van de law enforcement. Dit gebied is eind jaren zestig door Nobel-laureaten Gary Becker and George Stigler op de onderzoeksagenda gezet. Samen met Evgenia Motchenkova (afdeling economics) en Quan Wen (University of Washington) breiden wij de standaard modellen van individueel illegaal gedrag uit naar illegaal groepsgedrag, met name kartelvorming door ondernemingen. Daarnaast proberen wij de kloof tussen economie en rechtswetenschappen te overbruggen door rechtsprincipes, zoals proportionaliteit van de strafoplegging, zwaardere overtredingen worden zwaarder gestraft en minimale en maximale strafoplegging, expliciet in ons model mee te nemen in plaats van deze terzijde te schuiven als zijnde inefficiënt. Dit heeft als voordeel dat onze modellen de economische kosten van legale principes kunnen kwantificeren, immers het aanhouden van principes kost geld. De theoretische bevindingen zijn dat kleine vergrijpen gedoogd c.q. geseponeerd dienen te worden en dat het invoeren van minimum straffen schadelijk zijn voor de maatschappij. Referentie Harold Houba, Evgenia Motchenkova, Quan Wen, 2013, Legal Principles in Antitrust Enforcement, TI Discussion Paper / Het enige wat je dit kabinet moet nageven, is dat een aantal taboes zijn doorbroken. Er wordt in elk geval over sommige hervormingen gepraat. PIETER GAUTIER, ELSEVIER, ZATERDAG 13 JULI Het Energieakkoord is een log Tienjarenplan met teveel subsidies, belasting en gunsten. Belast liever koolstof. RICHARD TOL, NRC HANDELSBLAD, WOENSDAG 24 JULI Tien jaar geleden had nog niemand van schaliegas gehoord. En nu wordt er gesproken van een revolutie. Als de prijs van brandstof daalt, dan kan de elektrische auto het vergeten. PIET RIETVELD, DE GELDERLANDER, EINDHOVENS DAGBLAD, BN/DESTEM, NOORDHOLLANDS DAGBLAD, 23 AUGUSTUS Nu is de maatschappij erg goed in het verzinnen van nieuwe dingen die we weer aan elkaar kunnen verkopen. Uiteindelijk komen Hoe komt een ondernemer Strategische interacties tussen meerdere Naam promovendus: Susanne van der Ster aan goede relaties? personen c.q. instellingen zijn onlosmakelijk die banen dus wel weer, maar ergens anders dan waar ze voor de re cessie waren. ERIC BARTELSMAN DE TELEGRAAF, 31 AUGUSTUS De sfeer is goed en ontspannen, maar er wordt niet getutoyeerd. Het moet toch duidelijk zijn dat ik uiteindelijk degene ben die de student beoordeelt. WOUT DULLAERT, HET PAROOL, 2 SEPTEMBER Jaap Winter durft keuzes te maken.soms betekent dat niet altijd het werk voor het meisje laten gaan. Hij weet te doseren en soms gas terug te nemen. DIRK SCHOENMAKER, HET FINANCIEELE DAGBLAD, 13 SEPTEMBER Als econoom heb je voor de klas meer impact dan bij een bank. FRANK VAN DER DUYN SCHOUTEN, HET FINANCIEELE DAGBLAD, 26 OKTOBER Schuif de rekening niet te veel door naar jongeren. THEO KOCKEN, NEDERLANDS DAGBLAD, MAANDAG 14 OKTOBER Me Judice #Economenpanel in hoge mate eens: #arbeidsmigratie draagt bij aan #groei NL #economie #EU. Walther Ploos van Amstel #feweb over de waarde van schone lucht in steden #LUCHTKWALI- TEIT. De centralisatie van ondersteunende diensten veroorzaakt veel treurnis aan onze universiteit. Ik ben niet zo van centralisaties. HARMEN VERBRUGGEN, AD VALVAS 9 OKTOBER is now one of the top 100 greenest persons of The Netherlands! Rank 94, Congrats :) ME /RANGLIJST.DHTML

10 Tekst: Marije Huiskes-Tolsma Illustratie: Seb Jarnot hoogleraar Risk Management Theo 18 Kocken 19 Iedereen lachte ons uit, want waarom zou je je bezig houden met risico? Interview

11 Nederlandse ouderen zijn de rijkste ter wereld en dat beseffen ze niet THEO KOCKEN is hoogleraar bij de Post Graduate Opleiding Risk Management voor Financiële Instellingen De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, Nederland vechten we om deze problemen te voorkomen en dat is dus goed. Ik denk dat deze dialoog dan ook onterecht voor negativisme heeft gezorgd. Er is in Nederland altijd gezegd: u krijgt later zeker dit bedrag aan pensioen. Dat had simpelweg nooit gezegd mogen worden. In werkelijkheid is het als volgt: als we meer geld ophalen, ontvang je meer, maar als er minder is, krijg je dus ook minder uitbetaald. Dát hebben we nooit gezegd. Mensen leven nu langer, daar is bijvoorbeeld geen rekening mee gehouden. Ze krijgen al veel meer jaren extra pensioen dan waar ze voor betaald hebben. Zo n ontwikkeling samen met een crisis zet het stelsel onder druk. In het verleden zijn de verwachtingen dus verkeerd gesteld. Er moet nu een eerlijk verhaal komen. De pensioenfondsen hebben in het verleden vooral hun communicatie met Wat doet u precies bij FEWEB? Ik ben met name bezig met risico management, meer specifiek de postdoctorale opleiding Risicomanagement voor Financiële Instellingen. We houden ons bezig met de vraag hoe we managers meer multidisciplinair kunnen laten denken. Niet alleen in formules en modellen maar ook met name gedragsaspecten rondom risicomanagement meenemen. Daarnaast werk ik vier dagen voor mijn eigen bedrijf Cardano. Ik hou me naast risicomanagement ook veel bezig met pensioenen. Als ik namens de VU wat publiceer gaat het negen van de tien keer over pensioenen. Bijvoorbeeld over de vraag hoe je pensioenvermogen in collectieve instellingen eerlijk kunt verdelen tussen generaties. Wat voor bedrijf is Cardano? We zijn Cardano begonnen voor pensioenfondsen en verzekeraars. We helpen hen met het bedenken van financiële constructies, zodat ook al gaat het heel slecht ze nooit helemaal om kunnen vallen. Ze zijn dan als het ware verzekerd tegen risico s. Dat is ons specialisme. In Groot-Brittannië doen we ook alle totale investeringen voor ondernemingspensioenfondsen. Wij opereren vooral vanuit het oogpunt van risicobeheersing, niet om perse super rendement te maken. Op die manier kun je alle mogelijke situaties overleven. Dat is een heel andere manier van beleggen. De grote vraag voor ons is dus: hoe dek je risico s af en hoe beheer je die? In 2000 waren we het eerste bedrijf in Europa dat zich hier mee bezig hield. Iedereen lachte ons uit, want waarom zou je je bezig houden met risico? De markt was destijds al decennia heel goed. Inmiddels weten we allemaal hoe dat afgelopen is. Als het fout gaat op de financiële markten, gaat het ook vaak echt fout. Op zich zag ik de crisis niet aankomen, maar ik wist dat het ooit een keer echt fout kon gaan. In het begin was het moeilijk dit besef bij te brengen, pas in 2001 en na het barsten van de IT bubble werden pensioenfondsen iets bewuster. Daarna zijn we hard gegroeid. Op dit moment hebben we grofweg 40% marktaandeel in Nederland en een klein maar groeiend aandeel in het Verenigd Koninkrijk. Na uw presentatie op het lustrum over ons onstabiele economische systeem vroeg de dagvoorzitter of de mensen in de zaal al moesten huilen. Zijn er nog lichtpuntjes? Nederland zelf is redelijk weerbaar. We hebben wel schulden, maar ook een enorm tegoed aan gespaarde pensioengelden. Over de uitbetaling van die pensioenen zal nog belasting geheven worden. De staatsschuld wordt daardoor getemperd. Nederland zal daarom niet snel zo ver zinken als andere landen. Als je van alle private schulden af wilt, duurt dat nog tot ongeveer Dat betekent niet dat het tot die tijd crisis is, maar de groei staat gedurende die periode wel onder druk. Dus de komende 10 jaar zullen we daar best iets van voelen. Maar de vraag is natuurlijk worden het 10 dramatische jaren? Als de Europese problemen, zoals zwakke banken en Eurolanden niet aangepakt worden, wel. Als die situatie uit de hand loopt, heb je misschien een crisis als in de jaren 30. Als die landen echter uit het slop komen, dan zal de economische groei alleen nog een beetje, maar wel langdurig, onder druk staan. Een ander lichtpunt is dat de huidige spanning ook weer nieuwe startups en innovaties van kleine bedrijven met zich meebrengt, dat is economisch gezien een goede ontwikkeling. Tijdens uw voordracht op 17 oktober vertelde u dat Nederland een goed pensioenstelsel heeft. Wat is er zo goed aan? Het is goed, omdat er veel over te doen is. Als het pensioenstelsel ons koud had gelaten, waren we in dezelfde situatie gekomen als Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Daar hebben ze over elke honderd dollar die aan pensioen uitbetaald moet worden, maar grofweg zestig dollar in kas. Maar ze blijven die honderd dollar wel uitbetalen, omdat ze er onterecht op vertrouwen dat die zestig wel weer honderd wordt. Ze korten dus niet op uitbetalingen zoals hier in Nederland. Dat is uiteindelijk een onhoudbare situatie. Op een gegeven moment is het geld gewoon op en gaat het dramatisch fout voor wie dan nog geld tegoed heeft. Dat gaat in deze landen zeker gebeuren. In de klanten verkeerd aangepakt. Ze zijn niet zozeer verkeerd met het geld omgesprongen. Een idee van u is het inzetten van pensioengelden om hypotheekschulden af te lossen. Hoe werkt dat? Wat ik zou willen is een pensioenstelsel waar je voor een deel individueel in belegt en waardes opbouwt. Het beheer gebeurt dan collectief. Een deel daarvan wordt omgezet in annuïteiten, dat zijn vaste jaarlijkse pensioeninkomsten vanaf pensionering. Maar niet alles, want je moet gewoon met dat geld kunnen beleggen en geld verdienen. Ik heb liever dat je geleidelijk gedurende je werkzame leven vermogen omzet in annuïteiten. Niet direct als je jong bent. En alles wat je omzet, ontvang je met zekerheid in de toekomst als pensioeninkomen. Maar daar maak je geen rendement meer op. Je hebt echter altijd als werkende een redelijk deel in vermogen beschikbaar. Het is te gek voor woorden dat je je huis uitgezet kunt worden, terwijl je tonnen aan pensioenopbouw hebt staan. Nu komen mensen in die situatie gewoon in keiharde schuldsanering. Die gevallen zouden een deel van hun opgebouwde pensioenvermogen moeten kunnen inzetten voor deze schuldsanering, om dit pensioenvermogen later in een rustigere fase weer op te kunnen bouwen. Maar het kan toch ook niet zo zijn dat iedereen in één keer die tonnen van zijn pensioenopbouw af kan komen halen? Nee, dit idee is echt bedoeld voor die paar procenten die in de problemen komen. Die hebben dan de mogelijkheid om onder specifieke condities en onder toezicht van de schuldhulpsanering daar soms wat geld uit te ontrekken. Nederland is het enige land ter wereld waar we enorm hoge hypotheekschulden hebben en tegelijkertijd ontzettend veel pensioenspaartegoed. In beide klasses zijn we zo goed als koploper. Ik vind dus ook dat er een nieuw pensioenstelsel moet komen met een spaarpot en een pensioeninkomenspot. Dan kun je toch net zo goed zelf je pensioen gaan regelen? Dan heb je ook zelf risico dat het niet goed loopt. En dat je alles opeet en je later niets meer hebt. Dat gebeurt nu in de Verenigde Staten ook. Mensen kunnen er gewoon niet mee omgaan om hun pensioentegoeden zelf te beheren. Dan beland je echt met grote kans in de armoede. Dat moet in Nederland niet gebeuren. Nederlandse ouderen zijn de rijkste ter wereld en dat beseffen ze niet. We horen alleen het negatieve geluid van de 50+ partij. Dat is geen eerlijk verhaal. Ook binnen Nederland vallen de ouderen onder de rijkste groep. Dankzij een zeer zorgzaam en collectief pensioensysteem. Daar moeten we niet vanaf, alleen het ontwerp moet aangepast worden aan de realiteit. Mensen leven nu langer, daar is bijvoorbeeld geen rekening mee gehouden

12 22 stellingnemen Het is een veelgehoord grapje: de enige regio die niet Silicon Valley wil zijn, is Silicon Valley zelf. Wat er in Nederland gebeurt, is dat alle clusters van gelijksoortige bedrijven zich een valley noemen. Als je puur naar geografische ligging kijkt is Food Valley een minuscule vlek, vergeleken met Silicon Valley. Het nabootsen van het Amerikaanse voorbeeld heeft geen zin. Innovatiegebieden ontstaan spontaan. Hoe meer je het probeert op te leggen, hoe minder het lukt. MARTIJN SMIT, NRC HANDELSBLAD, 12 JUNI 2013 Werken via de cloud kan voor Europese ict-bedrijven een uitstekend middel zijn om beter te wedijveren met concurrenten in de Verenigde Staten. Nederlandse wetenschappers leveren kwaliteit. Bij ontwikkelingen als wifi, bluetooth, javaprogrammering, de iphone en verschillende programmeertalen waren telkens Nederlanders betrokken. Nederland is een kleine markt, die in deze sector moet concurreren met het Amerikaanse bedrijfsleven. Amerikaanse ondernemers hebben volop toegang tot risicodragend kapitaal. Als ondernemer heb ik dat niet. Gevolg is dat Amerikanen de markt veroveren, hoewel mijn product beter is. HAN GERRITS, EINDHOVENS DAG- BLAD, DINSDAG 11 JUNI 2013 Je koopt in bijvoorbeeld Griekenland nu voor betrekkelijk weinig geld een fabriek. Dus voor ondernemers met visie en lef liggen daar goede mogelijkheden. En natuurlijk blijft het van belang hoe het in deze landen op sociaal en politiek gebied verdergaat. Maar het startpunt is nu heel anders geworden, er ligt een fundament van sterke structurele verbeteringen. Dus dat zijn mogelijkheden waar een ondernemer op kan bouwen en die zo bijdragen aan herstel van de economie. ERIC BARTELSMAN, HET FINANCI- EELE DAGBLAD, 17 JUNI 2013 Resumerend lijkt de operatie tot invoering van een huishoudentoeslag een ingewikkelde nivelleringsoperatie om toeslagen weg te halen bij mensen met een inkomen net boven modaal en neer te laten slaan bij de toeslagen rond het minimumloon. Naast de maatregelen uit het Regeerakkoord en de in discussie zijnde inkomensafhankelijke kinderbijslag zijn wederom de middeninkomens de klos. En dat zouden we niet moeten willen. RAYMOND GRADUS, HET FINANCI- EELE DAGBLAD, 28 JUNI 2013 Het stoort me wel dat economen aan beide kanten van het debat met heel veel stelligheid uitspraken doen als: Bezuinigen is per definitie goed of Bezuinigen is slecht. Wat dat betreft moet je bescheiden zijn, want het bewijs dat je kunt aanvoeren is beperkt. Op tal van terreinen kunnen economen nu eenmaal niet voorspellen, terwijl ze dat wel gretig doen omdat ze dan meer aandacht krijgen. PIETER GAUTIER, ELSEVIER, ZATER- DAG 13 JULI 2013 Het feit dat alle spaartegoeden samen stijgen, verhult dat bijna 45 procent van de gezinnen in 2012 minder spaargeld achter de hand had dan de door het Nibud geadviseerde minimum van 3550 euro. Het percentage huishoudens met een te lage buffer zit door de economische crisis in de lift en zal door de fors toenemende werkloosheid alleen maar toenemen. MAURO MASTROGIACOMO, NEDER- LANDS DAGBLAD, 20 JULI 2013 De uitdaging van de toekomst is de battle for talent. We moeten excellente studenten en wetenschappers aan ons binden. Maar internationaal win je het niet zomaar van een London School of Economics. We moeten dus een aantrekkelijk klimaat scheppen om nationaal en internationaal talent naar de VU te halen. WILLEM VERSCHOOR, HET FINAN- CIEELE DAGBLAD, 25 JULI 2013 Een Energieakkoord met afspraken per energiebron en industrie is helemaal niet nodig. Subsidies kunnen beter afgeschaft worden. Dan kunnen de belastingen omlaag en wordt er minder vriendjespolitiek bedreven. In plaats daarvan moet de overheid belasting heffen op koolstof en andere ongewenste bijeffecten van energiegebruik - en voor de rest niets doen aan klimaat- en milieubeleid. RICHARD TOL, NRC HANDELSBLAD, 24 JULI 2013 Tot mijn verdriet heeft de Nederlandse overheid geen enkel instrument om te bekijken of de verkoop van een bedrijf als KPN wel in het landsbelang is. Wat zijn de motieven van De Mexicaanse multimiljardair Carlos Slim? Is het verstandig dat die infrastructuur in Mexicaanse handen komt? Ik weet het niet, niemand weet het en de Nederlandse politiek houdt zich afzijdig. We vragen ons niet eens af of het nou echt wel zo goed is dat zoveel bedrijven worden opgeslokt door buitenlandse partijen. HERBERT RIJKEN, LEEUWARDER COURANT, ZATERDAG 10 AUGUSTUS 2013 We moeten niet heel veel extra lastenverzwaringen meer hebben. De belastingen in Nederland zijn zo hoog dat extra belastingen op den duur niet meer tot extra inkomsten leiden. Dan knijpt de belastingdruk de economie te zeer af. FRANK DEN BUTTER, DE TELE- GRAAF, 14 AUGUSTUS 2013 De blogs in de ICT-wereld staan vol over big data. Voor de wetenschap biedt open big data kansen om bijvoorbeeld verdienmodellen te ontwikkelen, innovatieve tactische en dynamische planningsconcepten te bedenken, de besluitvorming door planners te verbeteren, na te denken over de veiligheid van informatienetwerken en samenwerkingsraamwerken uit te werken waarbij alle partners vertrouwen hebben in het gebruik van open data. WALTHER PLOOS VAN AMSTEL, LOGISTIEK, 13 AUGUSTUS 2013 Of de assemblagefabriek van Tesla in Tilburg de doorbraak van de elektrische auto in Nederland betekent? Ik betwijfel het. Het was eerlijk gezegd een enorme verrassing voor mij dat Tesla zo n investering in Europa doet. Dat moet toch betekenen dat zij er in ieder geval in geloven. Of elektrisch rijden al dan niet een succesverhaal wordt, hangt vooral af van de ontwikkelingen op de brandstofmarkt. PIET RIETVELD, DE GELDERLANDER, EINDHOVENS DAGBLAD, BN/ DESTEM, NOORDHOLLANDS DAGBLAD, 23 AUGUSTUS 2013 Ik plaats vraagtekens bij het topsectorenbeleid. De overheid is er niet in geslaagd het midden- en kleinbedrijf erbij te betrekken. Het creëert kennelijk een structuur waarin bestaande partijen hun belangen kunnen behartigen. Het zou veel beter zijn als het overheidsbeleid generiek bleef. In het basisonderwijs is nauwelijks belangstelling voor techniek en er zijn nauwelijks academisch geschoolde leraren. Doe dáár wat aan. En zorg ervoor dat universiteiten weer onderzoek zelf kunnen financieren. Gebruik daarvoor bijvoorbeeld de aardgasopbrengsten, in plaats van er het overheidstekort mee te financieren. HENRI DE GROOT DE VOLKSKRANT, 5 SEPTEMBER 2013 Onderzoek wijst uit dat bij voedselsteun een groot deel van de gelden weglekt. Het geven van geld, bij voorkeur via de bank, werkt vaak beter. Zo n systeem is eenvoudiger, transparanter en minder fraudegevoelig. En je kunt inkoop, verkoop en distributie overlaten aan de markt. MENNO PRADHAN, DE VOLKSKRANT, 4 SEPTEMBER 2013 Er wordt ontzettend veel van hoogleraren gevraagd. Misschien was dat vroeger ook zo, maar tegenwoordig moet alles excellent zijn, van de manier waarop we met de studenten omgaan, onderzoek uitvoeren, tot het actief betrokken zijn bij maatschappelijke thema s. De universiteit wordt gekwantificeerd en gerankt. Het lukt allemaal goed, maar we moeten ons misschien afvragen waartoe al deze meetsystemen gaan leiden. WOUT DULLAERT, HET PAROOL, 2 SEPTEMBER 2013 De kantorenmarkt kent in ons land dramatische tijden. Opvallend is dat locaties rondom stations het niet beter doen dan andere plekken, terwijl het beleid er nog altijd op is gericht juist daar kantoren te bouwen. Zo wil men, nationaal en in de Zuidelijke Randstad in het bijzonder, OVknooppunten verder uitbouwen. Dat leek altijd logisch, want stationsgebieden met een goede autobereikbaarheid lijken op papier aantrekkelijke kantoorlocaties te zijn. In de praktijk is de werkgelegenheid de afgelopen tien jaar rondom stations amper gegroeid. Het knooppuntenbeleid moet dus niet gericht zijn op het toevoegen van nieuwe kantoren bij stations, maar op het terugdringen van de leegstand op goede OV-locaties. HANS KOSTER, DE GELDERLANDER, METRO (NL), EINDHOVENS DAGBLAD, BN/DESTEM, NOORD- HOLLANDS DAGBLAD, IJMUIDER COURANT, 10 SEPTEMBER 2013 Spanje heeft al veel gedaan om zijn economie te hervormen. Raad eens welk land het minst heeft gedaan aan hervormingen? Duitsland, het snelst vergrijzende land van Europa. Ik durf te voorspellen dat de Spaanse economie over vijf jaar harder groeit dan die van Duitsland. WIM BOONSTRA, DAGBLAD VAN HET NOORDEN, 12 OKTOBER 2013 Het probleem van het Nederlandse reintegratiebeleid is dat er nooit systematisch is onderzocht wat helpt en wat niet. Tussen 2000 en 2010 gaf de overheid jaarlijks een paar miljard euro uit om werklozen aan de slag te krijgen, maar er zijn nauwelijks fatsoenlijke studies gedaan naar het rendement BAS VAN DER KLAAUW, DE VOLKS- KRANT, 12 OKTOBER 2013 Waar parkeergeld jarenlang de betrouwbare gaatjesdichter was voor de begroting van veel gemeenten, is het nu een kostenpost. Prijsstunten in parkeergarages is de trend. Als je investeert in een garage, neem je een groot risico. Er is nog wel een mogelijke melkkoe in de parkeersector. Parkeervergunningen in de binnensteden zijn in verhouding erg goedkoop, maar een substantiële prijsverhoging is politiek bijna niet te verkopen. Vergunninghouders zijn kiezers. Terwijl 100 euro per maand in de binnenstad van Amsterdam zo gek niet is. JOS VAN OMMEREN, AD/HAAGSCHE COURANT, 15 OKTOBER 2013 Nieuw boek Toegepast onderzoek Professor Paul Jansen (Management & Organisatie) en oud FEWEB medewerkers Mandy van der Velde en Josje Dikkers hebben een boek uitgebracht getiteld Toegepast Onderzoek; opzetten, uitvoeren en rapporteren. In het boek staat de praktijkwaarde van onderzoek centraal. Op overzichtelijke en concrete wijze wordt uitgelegd wat toegepast onderzoek inhoudt. Toegepast onderzoek; opzetten, uitvoeren en rapporteren doorloopt de vijf fasen uit de cyclus voor toegepast onderzoek. Roos Erkelens is geselecteerd als een van de top 15 kandidaten voor de Australische international competitie Roos Erkelens is promovendus bij de afdeling Informatiekunde, Logistiek en Innovatie. Roos is geselecteerd op basis van haar artikel Knowledge Pollination: Facilitating organizational learning in geographically dispersed settings. De University of South Australia - School of Management had een groot aantal indieningen ontvangen van promovendi uit 30 verschillende landen. De geselecteerde papers werden gezien als relevant, verhelderend en innovatief. 23

13 Tekst: Ina Putter / Illustratie: Berto Martínez Interview met Jan Willem Gunning 24 JAN WILLEM GUNNING is hoogleraar ontwikkelingseconomie bij de afdeling economics De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, CURRICULUM VITAE OPLEIDING 1972 Doctoraalexamen kwantitatieve economie RUG 1980 PhD University of Oxford WERK Staflid van de Wereldbank Promovendus en docent ontwikkelingseconomie aan University College, London, consultant Wereldbank Visiting fellow Université Libre de Bruxelles en in dienst van de Wereldbank Hoofd ESI-VU Directeur ESI-VU Bijzonder hoogleraar economics, FEWEB, VU 1993-heden Hoogleraar Ontwikkelingseconomie, FEWEB, VU Hoogleraar economics, University of Oxford; Directeur Centre for the Study of African Economies; Visiting professor fellow St. Antony s College Directeur AIID Portefeuillehouder onderzoek FEWEB heden Secretaris KNAW Het valt me wel op dat economen wat empirische methodologie betreft straatlengtes voorliggen op de historici en sociale wetenschappers, maar dat verschil gaat verdwijnen U hebt kwantitatieve economie gestudeerd aan de Universiteit van Groningen. Wat hebt u daarna gedaan en waar bent u gepromoveerd? Ik kwam via het Young Professionals Program op de Wereldbank in Washington. De Bank stuurde me vaak naar Afrika, het begin van een levenslange betrokkenheid bij dat continent. Het was een geweldige ervaring om in de keuken van het economische beleid te mogen kijken. Na vijf jaar in Washington heb ik verder altijd aan universiteiten gewerkt. Die vroege praktijkervaring bleek daarbij een enorm voordeel, zowel bij mijn onderzoek als bij het onderwijs. Na Amerika ben ik naar Oxford gegaan om te promoveren. Het niveau daar was behoorlijk intimiderend. Er waren toen vier hoogleraren economie en drie van hen zouden de Nobelprijs krijgen: Sen, Stiglitz en Mirrlees. Vervolgens was ik postdoc aan de ULB in Brussel. Wanneer en hoe bent u op de VU terecht gekomen? In 1982 kwam ik, na negen jaar in het buitenland te hebben gewoond en gewerkt, weer terug in Nederland. Ik werd hoofd van de afdeling algemeen-economisch onder zoek aan het Economisch en Sociaal Instituut van de VU, het ESI. Mijn plaats werd door de faculteit betaald, maar we moesten veel extern gefinancierd onderzoek binnenhalen. Dat gaf veel druk, maar er was genoeg tijd om aan publicaties te werken. Hoe is uw loopbaan op de VU verlopen? Ik werd in 1986 directeur van het ESI en een jaar later de eerste VU-fonds hoogleraar. Vanuit het ESI werkte ik in die eerste jaren veel samen met onderzoekers in Oxford. Uit die samenwerking is het Center for the Study of African Economies ontstaan, een soort NWO-instituut. In 1993 volgde ik Hans Linnemann op en werd ik voorzitter van de vakgroep ontwikkelingseconomie. Toen pas ging ik veel onderwijs geven. Ik heb later weer twee jaar in Engeland gewerkt, als directeur van dat Center. Toen ik terugkwam, hebben Jacques van der Gaag (destijds decaan bij de UvA) en ik het Amsterdam Institute for International Development (AIID) opgericht. Dat is een heel leuke club geworden: heel goede en enthousiaste jonge onderzoekers die zich vooral met impactevaluaties in ontwikkelingslanden bezighouden. AIID heeft de laatste jaren een mooie reputatie op dat terrein opgebouwd. Ik zit nu sinds twee jaar in het KNAW-bestuur en heb daardoor veel met andere vakgebieden te maken; dat is heel stimulerend. Het valt me wel op dat economen wat empirische methodologie betreft straatlengtes voor liggen op de historici en sociale wetenschappers, maar dat verschil gaat verdwijnen. U loopt al een tijdje rond op de VU. Wat zijn de grootste veranderingen die u hebt zien voltrekken op de VU en bij de faculteit? De faculteit is veel groter, maar vooral veel beter geworden. Dertig jaar geleden kende men elkaar heel goed, maar er was opvallend weinig contact met de buitenwereld. De werkdruk was niet hoog om vijf uur gingen bijna alle lichten in het hoofdgebouw uit en er werd nauwelijks gepubliceerd. De lat ligt nu veel hoger: menig hoogleraar uit die tijd zou nu geen vaste aanstelling krijgen. De facultaire gemeenschap is ook veel diverser en internationaler geworden, een heel aantrekkelijke ontwikkeling. Er werd vroeger vreselijk veel tijd aan gekonkel en onzakelijk overleg besteed. Dat is verdwenen toen we een professionele decaan kregen. Een enorme stap vooruit: we zijn nu veel beter gericht op onze kerntaken. U neemt volgend jaar afscheid van de VU net als Michiel Keyzer. Jullie hebben in het verleden in hetzelfde onderzoeksprogramma geparticipeerd, namelijk het programma Financial and International Markets. Hebben jullie ook samengewerkt op het gebied van onderzoek en zo ja, om welk(e) onderzoek(en) ging dat? Er zijn veel contacten tussen mijn groep en die van Michiel, de Stichting Onderzoek Wereldvoedselvoorziening (SOW), maar ik heb (na onze gemeenschappelijke doctoraalscriptie) alleen op het terrein van de toegepaste algemeen-evenwichtsanalyse met Michiel samengewerkt: we schreven samen het hoofdstuk daarover in het Handbook of Development Economics. Jullie hebben beiden op de universiteit van Groningen gestudeerd. Kenden jullie elkaar toen ook al? Ja, heel goed zelfs: we zaten in dezelfde jaarclub en trokken heel veel samen op. Hoe herinneren studenten u straks? Dat weet ik niet. Ik hoop zoals die studente die ik na een college van mij over internationale handel hoorde verzuchten, Och, dit vak... Ik schrok, want ik dacht eigenlijk dat ik een prachtig college had gegeven. Maar ik had haar verkeerd begrepen: ze vond het vak juist fantastisch en wilde daarom nu van studierichting veranderen. Zoiets gebeurt niet vaak, maar dan ga je toch heel tevreden naar huis. En uw promovendi? Als nogal streng, denk ik. Wat zijn de plannen voor uw afscheid en daarna? Mijn afscheidscollege vindt plaats op 24 januari 2014 en gaat over de vraag Wat bezielt economen? Daarna: er lopen nog allerlei promoties en ik blijf participeren in enkele langlopende onderzoeksprojecten. Ik wil ook les gaan geven op het VWO, maar geen economie, liever wiskunde of geschiedenis. Tenslotte, mocht de aarde vergaan en u mag nog iets overdragen aan de volgende civilisatie, wat zou dat dan zijn? Als er sprake is van civilisatie, ben ik al heel tevreden. 24 JANUARI 2014 Afscheidscollege Jan Willem Gunning: Wat bezielt economen? 25

14 De inhoud van boekenkasten zegt veel over de eigenaar. Ze vormt vaak de gestelde weergave van iemands carrière, interesses en fascinaties. Deze keer een kijkje in de boekenkast van DE BOEKENKAST VAN... HARMEN VERBRUGGEN Al vroeg gevormd door stoere jongens die zich verzetten tegen de Napoleontische Harmen Verbruggen is decaan bij de faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde, De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, Eind dit jaar loopt de tweede termijn van onze decaan Harmen Verbruggen af en treedt hij terug. Verbruggen is cum laude bij de faculteit afgestudeerd en is zijn hele werkzame leven, met met daarnaast enkele korte projecten voor het Koninklijk Instituut voor de Tropen en het Ministerie van Buitenlandse Zaken, aan de VU verbonden gebleven. Begonnen bij de faculteit als promovendus en onderzoeker, is hij lange tijd werkzaam geweest bij het Instituut voor Milieuvraagstukken (IVM) als afdelingshoofd en directeur. In die periode is hij ook benoemd tot hoogleraar Internationale Milieueconomie. Een jongensboek dat Verbruggen al vroeg gevormd heeft, is het stichtelijke en oranjegezinde Hollandse jongens in de Franse tijd van W.G. van der Hulst; stoere jongens die zich verzetten tegen de Napoleontische overheersing. Een boek dat hij jaren later las en hem om onduidelijke redenen altijd is bijgebleven is de surrealistische eindtijdroman van Simon Vestdijk, De Kellner en de levenden. Toen Verbruggen na de jaren 60 serieus aan het studeren was, beleefde hij het meeste studieplezier aan het handboek Inleiding tot de theorie der internationale economische betrekkingen van de in 2000 overleden emeritus -hoogleraar van de faculteit Folkert de Roos. Een prachtig boek. In de 10 jaar dat de faculteit onder zijn bezielende leiding stond is er veel veranderd. De faculteit is sterk gegroeid met name door de nieuwe opleidingen Bedrijfskunde en IBA, maar ook door uitbreiding van het postgraduate onderwijs met bijvoorbeeld Risk Management en Executive Coaching. Dit uitgebreide onderwijsaanbod leidde tot een verdubbeling van het aantal studenten in korte tijd. Deze groei werd in eerste instantie met gejuich ontvangen, maar bleek in de praktijk moeilijk te faciliteren. Tijdens zijn decanaat is ook de eerste bezuinigingsronde in het onderwijs en de invoering van de bachelor-masterstructuur door gevoerd. Ontwikkelingen die het leven van een decaan er niet eenvoudiger op maakten. Recentelijk werd de faculteit geconfronteerd met een reorganisatie van de diensten, de verbouwing en verhuizing, met daaraan gekoppeld de invoering van het-nieuwe-werken. Allemaal zaken waar de decaan niet erg vrolijk van wordt. De inhoud uit de vele boeken over leiderschap die Verbruggen tijdens zijn decanaat gekregen heeft, heeft hij niet tot zich genomen. Verbruggen heeft altijd zijn eigen koers gevaren. Uit zijn stijl van besturen blijkt dat Verbruggen wars is van procedures en bureaucratie: hij stelt de mens (van ondersteunend medewerker tot wetenschapper) centraal in de organisatie. overheersing Als groentje heeft Verbruggen zich eind jaren 80 verdiept in tal van boeken op het terrein van milieueconomie. Vooral Blueprint for a Green Economy van David W. Pearce (1989) staat hem nog vers in het geheugen.

15 Illustratie: Room for ID s/shutterstock WE INVESTIGATED HOW THE CAREER AMBITIONS OF EMPLOYEES AFFECT THEIR PROACTIVE WORK BEHAVIOR CHEN FLEISHER is promovendus bij de afdeling Management en Organisatie De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, SABRINE EL BAROUDI is promovendus bij de afdeling Management en Organisatie De Boelelaan 1105, 1081 HV Amsterdam, Taking Charge of your Career How do Organizations Benefit from Ambitious Employees? 28 Research At times, when very few employers can offer secure employment, many employees choose to take charge of their careers. Rather than awaiting their employers to define their career destiny, employees often choose to follow their ambitions and personal career aspirations. Which implications does this employees career development strategy have for organizations? In other words, to what extent and how do organizations benefit from employees career ambitions? The Career Aspirations Trendwatch To address these and more questions, FEWEB has initiated the Career Aspirations Trendwatch (CAT) led by Chen Fleisher and Dr. Svetlana Khapova. The project is part of an ongoing initiative to annually record graduates mobility, work attitudes and career behavior. As a large-scale project, over 5000 graduates from the faculty were invited to take part in a web-based survey. Study description For this research, data were collected at two time points: in January 2011 and in June Several relationships were studied on a sample of 181 respondents, which all filled in the survey in both times. First, we investigated how the career ambitions of employees affect their proactive work behavior, such as taking charge and developing instrumental relationships. Career ambitions are defined as an individual s persistent and generalized striving for success, attainment, and accomplishment in his or her career (Judge & Kammeyer-Mueller, 2012, p.759). Taking charge behaviors are described as voluntary efforts/behaviors that are inherently change-oriented and aimed at improvement (Morrison & Phelps, 1999). Instrumental relationships are described as relationships that enhance careerrelated benefits (Emmerik, Baugh & Euwema, 2005). Next, we investigated the contribution of these employees to organizational outcomes culture, capabilities and connections over time. To do so, we focused on the time-lag effects (one and a half year) of career ambitions and proactive work behavior (measured within the same year 2011) on the three organizational outcomes in First, we looked into the effect of employees career ambitions on organizational culture, which refers to the purpose, mission and core values of an organization (DeFillippi, Arthur & Lindsay, 2006). Second, the relationship between employees career ambitions and taking charge was studied in relation to organizational capabilities, which refer to the knowledge and skills embodied in organizational activities (DeFillippi et al., 2006). Finally, the relationship between employees career ambitions and instrumental relationships development was studied in relation to organizational connections, which involve the suppliers, customers, alliance partners and any other external contacts of an organization (DeFillippi et al., 2006). Results Compared to those employees who invest less in their careers, we found that: Career ambitious employees contribute more to the culture of organizations. Specifically, these employees look for organizations that support their career principles and ambitions. Hence they work in organizations where they share the same work values, beliefs and work purposes as the rest, thereby enhancing the organizational culture. Career ambitious employees take more charge at work, thereby contributing more to the capabilities of organizations. Specifically, taking charge leads to better knowledge in organizations (Frese & Fay, 2001) and stimulates employees to acquire and mobilize new job resources (Hakanen, Perhoniemi, & Toppinen-Tanner, 2007). Career ambitious employees also develop more instrumental relationships at work, thereby contributing more to the connections of organizations. Such individuals namely also broaden their proactive networking behavior outside organizations (Forret & Dougherty, 2001). While career ambitious employees develop these relationships primarily to meet their careerrelated goals, they simultaneously help increase their organizations external relationship. Conclusion In today s dynamic working environment, employees are expected to anticipate organizational needs and work to improve organization s outcomes (Kammeyer- Mueller, Livingston & Liao, 2011). The results of this study suggest that career ambitious employees, who invest more in their career, take more charge at work and develop more instrumental relationships at work thereby contributing more to organization s outcomes. Hence, organizations should pay attention to studying and analyzing contemporary career patterns as it might be used as guidance in identifying employees work contributions to organizations. It is important to note that studying contemporary career patterns might also be used as a tool in identifying employees learning behaviors and needs. Research found that career ambitious employees who take more charge at work have the tendency to get to know their environment better (Frese & Fay, 2001), which might explain why they engage more in exploratory learning behaviors (Creed, Tilbury, Buys & Crawford, 2011). Their engagement in actively developing instrumental relationships also fosters learning behaviors, as social relationships at work have been found to be a source for learning at work (e.g., Edmondson, 1999). Hence, informal learning strategies might be more appropriate for career ambitious employees and formal learning strategies might work better for less career ambitious employees. Notes * To read more about the CAT project, and other related work, please visit * For a full list of references, interested readers can contact the corresponding authors by CAREER AMBITIOUS EMPLOYEES LOOK FOR ORGANIZATIONS THAT SUPPORT THEIR CAREER PRINCIPLES AND AMBITIONS. AND THEREFORE CONTRIBUTE MORE TO THE CULTURE OF ORGANIZATIONS.

16 Pub DISSERTATIES OVERIGE DISSERTATIES Drees, J.M. (30 oktober 2013). The polycentricity of expansion strategies. Bin Abdul Razack, V.H. (26 september 2013). The Malay leadership Beyond performance as a main driver. VU Vrije Universiteit (200 pag.) mistique. VU Vrije Universiteit (430 pag.) (Amsterdam: VU University). (Amsterdam: ABRI). Prom./coprom.: prof. dr. T. Elfring & dr. ir. P.W.L. Prom./coprom.: prof. dr. S. ten Have, Prof.dr. D.J. Eppink & prof. dr. Vlaar. E.L.H.M. van de Loo. Edens, B. (12 november 2013). Reconciling theory and practice in environmental accounting. VU Vrije Universiteit (182 pag.) (Den Haag/Heerlen: Bankiers, advocaten en consultants wekken soms bij managers die zij adviseren een bepaalde gedrevenheid op om een overname te doen die CBS). Prom./coprom.: prof. dr. C.A.A.M. Withagen. niet goed is voor het bedrijf. Dit en meer bleek uit het onderzoek van Kramer, B.N. (2 december 2013). Why don t they take a card? Essays on Johannes Drees. Ondernemers kunnen met zijn resultaten betere keuzes the demand for micro health insurance. VU Vrije Universiteit (163 pag.) maken als ze overwegen te groeien door middel van bijvoorbeeld fusie, (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. J.W. Gunning & prof. dr. C.T.M. Elbers. overname of joint ventures. Drees onderzocht in drie meta-analyses en een onderzoek op basis van Moser, C. (10 oktober 2013). Not a piece of cake. What make online ruim 80 interviews en case studies de vele factoren die invloed hebben op de groeistrategie die bedrijven kiezen en de mate van succes VU University). Prom./coprom.: prof. dr. M.H. Huysman & prof. dr. P. communities work? VU Vrije Universiteit (172 pag.) (Amsterdam: lica daarvan. Daarnaast onderzocht hij de rol van adviseurs binnen fusies en Groenewegen. overnames. Hij ontdekte in zijn case studies en interviews hoe adviseurs Ozgen, C. (25 september 2013). Impacts of immigration and cultural managers soms pushten om een deal te doen of meer te betalen dan ze diversity on innovation and economic growth. VU Vrije Universiteit (166 van plan waren. Drees laat zien dat decision makers beter met de druk pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. P. van adviseurs kunnen omgaan als ze duidelijk zijn over de strategie Nijkamp & prof. dr. H.J. Poot. van hun bedrijf. Dan worden adviseurs beter aangestuurd en voegen Scholte, R.S. (14 oktober 2013). The interplay between early-life conditions, major events and health later in life. VU Vrije Universiteit (134 ze meer waarde toe door beter gestructureerde en implementeerbare integratieplannen te schrijven. pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. G.J. Samenwerkingsverbanden om te groeien kunnen tot stand komen om van den Berg & prof. dr. M. Lindeboom. de winst te vergroten, maar ook om ervoor te zorgen dat ze minder afhankelijk worden van hun omgeving, autonoom blijven of hun reputatie and situational awareness. VU Vrije Universiteit (321 pag.) (Amsterdam: Steenbruggen, J.G.M. (7 oktober 2013). Road traffic incident management verbeteren. Daarnaast kunnen bedrijfsgerelateerde, contextgerelateerde VU University). Prom./coprom.: prof. dr. P. Rietveld, prof. dr. H.J. Scholten & dr. ir. A.J. van der Vlist en persoonlijke motieven van CEO s en andere managers een rol spelen. Bankiers wijzen bijvoorbeeld op het risico om als bedrijf afhankelijk van een partner of concurrent te worden, een deel van het marktaandeel te verliezen, de noodzaak om een betere onderhandelingspositie te verkrijgen, of te reageren op een terugloop in winstgevendheid. ties TIJDSCHRIFTARTIKELEN Butter, F.A.G. den & Hayat, R. (2013). Trade between China and the Netherlands: a case study of trade in tasks. Journal of Chinese Economic and Foreign Trade Studies, 6(3), Purpose This paper argues that the recent rise in China Dutch trade is a typical example of two nations trading tasks rather than goods. Design/methodology/approach China Dutch trade growth between 1996 and 2010 is compared with China s trade growth with its main partners. In addition, the composition of China Dutch trade (based on level 1 and level 3 standard international trade classification (SITC)) between 1996 and 2010 is evaluated and three short case studies are discussed. Findings China Dutch trade has been growing too fast and too high tech to be explained by Ricardian trade theory. Instead the data fit neatly to the recently proposed theory of trade in tasks. It seems the Dutch have outsourced tasks such as assembly and production to China and other Asian countries, while China has been outsourcing distribution and trade management activities to The Netherlands. Research limitations/implications This paper uses sound reasoning and some empirical evidence but no formal model or regression analysis. The arguments of this paper could be strengthened further by using for example gravity equations of Dutch China trade. Social implications The governments of China and The Netherlands should invest in strengthening their respective comparative advantages in tasks. Currently, there is too much focus on R&D. Instead, the Chinese Government should invest more in their innovation capability and the working conditions of assembly workers. The Dutch should focus more on knowledge and skill in the orchestration of production and distribution. Originality/value This paper proposes a very different view on trade and provides a recent and typical example of two nations exchanging tasks.

17 32 OVERIGE TIJDSCHRIFTARTIKELEN Abate, M.A., Lijesen, M.G., Pels, A.J.H. & Roelevelt, A. (2013). The impact of reliability on the productivity of railroad companies. Transportation Research Part E. Logistics and Transportation Review, 51, Akkermans, T.J., Brenninkmeijer, V., Huibers, M. & Blonk, R.W.B. (2013). Competencies for the contemporary career: Development and preliminary validation of the Career Competencies Questionnaire. Journal of Career Development, 2013(40), Akkermans, T.J., Brenninkmeijer, V., Schaufeli, W.B. & Blonk, R.W.B. (in press). It s all about CareerSKILLS: Effectiveness of a Career Development Intervention for Young Employees. Human Resource Management, Akkermans, T.J., Schaufeli, W.B., Brenninkmeijer, V. & Blonk, R.W.B. (2013). The Role of Career Competencies in the Job Demands-Resources Model. Journal of Vocational Behavior, 2013(83), Akkermans, T.J., Brenninkmeijer, V., Van den Bossche, S.N.J., Blonk, R.W.B. & Schaufeli, W.B. (2013). Young and Going Strong? A Longitudinal Study on Occupational Health Among Young Employees of Different Educational Levels. Career Development International, 2013(18), Akkermans, T.J. (2013). Een Goed Begin is het Halve Werk. LoopbaanVisie, 2013(4), Amini, O., Devroye, L., Griffiths, S. & Olver, N.K. (2013). On Explosions in Heavy-tailed Branching Random Walks. Annals of probability, 41(3B), Anderson, S.W., Christ, M., Dekker, H.C. & Sedatole, K.L. (in press). The use of management controls to mitigate risk in strategic alliances: Field and survey evidence. Journal of Management Accounting Research. Bakens, J., Mulder, P. & Nijkamp, P. (2013). Economic impacts of cultural diversity in The Netherlands: productivity, utility and sorting. Journal of Regional Science, 53, Bapteste, E., Iersel, L.J.J. van, Janke, A., Kelchner, S., Kelk, S.M., McInerney, J.O., Morrison, D.A., Nakhleh, L., Steel, M., Stougie, L. & Whitfield, J. (2013). Networks: expanding evolutionary thinking. Trends in Genetics, 29, Bartelsman, E.J. & Wolf, Z. (in press). Forecasting Aggregate Productivity using Information from Firm-level Data. Review of Economics and Statistics. Bartelsman, E.J. (2013). Passend Beleid in Tijden van Welvaart en Overvloed. TPEdigitaal, 7(4), Bateman, I.J., Harwood, A.R., Mace, G.M., Watson, R.T., Abson, D.J., Andrews, B., Binner, A., Crowe, A., Day, B.H., Dugdale, S., Fezzi, C., Fodden, J., Hadley, D., Haines-Young, R., Hulme, M., Kontoleon, A., Lovett, A.A., Munday, P., Pascual, U., Paterson, J., Perino, G., Sen, A., Siriwardena, G., Soest, D.P. van & Termansen, M. (2013). Bringing Ecosystem Services into Economic Decision Making: Land Use in the UK. Science, 341(6141), Baumann-Pauly, D., Wickert, C.M.J., Spence, L. & Scherer, A.G. (in press). Organizing Corporate Social Responsibility in Small and Large Firms: Size Matters. Journal of Business Ethics. Berg, V.A.C. van den (in press). Serial private infrastructures. Transportation Research Part B. Bernasco, W., Ruiter, S., Bruinsma, G.J.N., Pauwels, L.J.R & Weerman, F.M. (in press). Situational Causes of Offending: A Fixed-Effects Analysis of Space-Time Budget Data. Criminology. Bloemen, H.G. & Stancanelli, E.G.F. (in press). Market hours, household work, child care, and wage rates of partners: an empirical analysis. Review of Economics of the Household. Bloemen, H.G. & Stancanelli, E.G.F. (in press). Toyboys or supergirls? An analysis of partners employment outcomes when she outearns him. Review of Economics of the Household. Boonstra, W.W. (2013). Conditionele eurobonds als overgangsregime. Bank en effectenbedrijf, Juni. Boonstra, W.W. (2013). Geld schepping, kan het beter? Economisch Statistische Berichten, Najaar, Boonstra, W.W. & Treur, L. (2013). Impliciete staatsgaranties voor systeembanken. Economisch Statistische Berichten, 14 juni, Bosch, N., Breurken, R. & Hochguertel, S. (2013). Persoonlijkheidskenmerken van Zelfstandigen. Economisch Statistische Berichten, 98(4666), Bouwmeester, O. (2013). Consultant Jokes about Managing Uncertainty: Coping by Humor. International Studies of Management & Organization, 43(3), Brink, J.R. van den, Laan, G. van der & Moes, N. (in press). A strategic implementation of the average tree solution for cycle-free graph games. Journal of Economic Theory. Brink, J.R. van den, Estevez-Fernandez, A.., Laan, G. van der & Moes, N. (in press). Independence Axioms for Water Allocation. Social Choice and Welfare. Brown, J.P., Lambert, D.M. & Florax, R.J.G.M. (2013). The Birth, Death and Persistence of Firms: Creative Destruction and the Spatial Distribution of U.S. Manufacturing Establishments, Economic Geography, 89(3), Budding, G.T. & Schoute, M. (2013). Financieel management ten tijde van bezuinigingen bij de overheid. Management Control & Accounting, 17(3), Budding, G.T. & Schoute, M. (2013). Hoe bezuinigen? Drie decennia onderzoek naar bezuinigingen bij de overheid. TPC. Tijdschrift voor public governance audit & control, 11(5), 4-9. Buhrman, H., Gulik, P.T.S., Klau, G.W., Schaffner, C., Speijer, D. & Stougie, L. (2013). A Realistic Model under which the Genetic Code is Optimal. Journal of Molecular Evolution, 77(4), Burg, J.C. van, Berends, J.J. & Raaij, E. van (in press). Framing and interorganizational knowledge transfer: A process study of collaborative innovation in the aircraft industry. Journal of Management Studies. Butter, F.A.G. den & Mihaylov, E.S. (2013). Veranderende vaardigheden op de Nederlandse arbeidsmarkt. Economisch Statistische Berichten, 98(4670), Capell, B., Canhilal, K., Alas, R., Sommer, L. & Ossenkop, C. (2013). Mapping values in old vs new members of the European Union: A comparative analysis of public sector cultures. Cross Cultural Management: An International Journal, 20(4), Carney, R.W. & Child, T.B. (2013). Changes to the ownership and control of East Asian corporations between 1996 and 2008: The primacy of politics. Journal of Financial Economics, 107(2), Chao, C.-W. & Heijungs, R. (2013). Development and application of dynamic hybrid multi-region inventory analysis for macro-level environmental policy analysis. A case study on climate policy in Taiwan. Environmental Science and Technology, 47(6), Chao, C.-W., Heijungs, R. & Ma, H.-W. (in press). The green economy mirage? Examining the environmental implications of low-carbon growth plans in Taiwan. Journal of Industrial Ecology. Chen, S.E., Florax, R.J.G.M. & Snyder, S.D. (2013). Obesity and Fast Food in Urban Markets: A New Approach Using Geo-referenced Micro Data. Health Economics, 22(7), Claes, P.C.M. (2013). Governance, risk en compliance: Risico in Control. Management Control & Accounting, 5, Cole, R., Correa, J., Gkatzelis, V., Mirrokni, V. & Olver, N.K. (in press). Decentralized Utilitarian Mechanisms for Scheduling Games. Games and Economic Behavior. Cucurachi, S. & Heijungs, R. (2014). Characterisation factors for life cycle impact assessment of sound emissions. Science of the Total Environment, , Davids, C.A. (2013). Ritueel slachten en dierenbescherming vanaf 1850 tot heden. Geschiedenis Magazine, 5, Detzen, D., Hoffmann, S. & Zulch, H. (2013). Bright Pharmaceuticals SE: Accounting for a Business Combination under IFRS 3. Accounting Education: An International Journal, 22(3), Detzen, D. & Hoffman, S. (2013). The regulation of asset valuation in Germany. Accounting History, 18(3), Dijkgraaf, E. & Gradus, R.H.J.M. (2013). Cost advantage cooperations larger than private waste collectors. Applied Economics Letters, 20(7), Dyakov, T.C. & Verbeek, M. (2013). Front-running of Mutual Fund Firesales. Journal of Banking and Finance, 2013(12), Ejrnaes, M. & Hochguertel, S. (2013). Is Business Failure Due to Lack of Effort? Empirical Evidence from a Large Administrative Sample. Economic Journal, 123(571), Fang, K., Heijungs, R. & Snoo, G.R. de (2014). Theoretical exploration for the combination of the ecological, energy, carbon, and water footprints. Overview of a footprint family. Ecological Indicators, 36, Font, D., Voet, E. van der, Kemp, R. & Heijungs, R. (in press). Using LCAbased decomposition analysis to study the multi-dimensional contribution of technological innovation to environmental pressures. Journal of Industrial Ecology. Galsband, V. & Nitschka, T. (in press). Foreign currency returns and systematic risks. Journal of Financial and Quantitative Analysis. Galsband, V. (2013). Good times, bad times: Inflation uncertainty and equity returns. Quantitative Finance, 2013, Gold, A.H., Ewelt-Knauer, C. & Pott, C. (2013). Verplichte roulatie van accountantskantoren: een benadering vanuit praktisch empirisch en theoretisch perspectief. Maandblad voor accountancy en bedrijfseconomie, 11. Goyal, N., Olver, N.K. & Shepherd, F.B. (2013). The VPN Conjecture is True. Journal of the Association for Computing Machinery, 60(3). Gradus, R.H.J.M., Dijkgraaf, E. & Jong, M. de (2013). Competition and educational quality: evidence from the Netherlands. Empirica, 40(4), Gradus, R.H.J.M. & Sonsbeek, J.M. van (2013). Estimating the effect of recent disability reforms in the Netherlands. Oxford Economic Papers, 65(4), Gradus, R.H.J.M. & Slootweg, E.J. (2013). Koester het verzekeringskarakter van de AOW. Sociaal Bestek, 95(6/7), Gradus, R.H.J.M. & Bovenberg, A.L. (2013). Naar een eenvoudig, dienstbaar en rechtvaardig belastingstelsel: een christendemocratische visie. Liberaal Reveil, 54(3), Gradus, R.H.J.M. (2013). Reactie op Belastend vlees en vleesbelasting. Economisch Statistische Berichten, 98(4661), Gradus, R.H.J.M. (2013). Verstatelijking schrijdt voort. Christen Democratische Verkenningen, 1, Gradus, R.H.J.M. (2013). Weg uit dichtomie markt-staat. Helling, 4, 37. Groot, S.P.T., Groot, H.L.F. de & Smit, M.J. (in press). Regional Wage Differences in the Netherlands: Micro Evidence on Agglomeration Externalities. Journal of Regional Science. Groot, T.L.C.M., Quadackers, L.M. & Wright, A. (in press). Auditors Professional Skepticism: Neutrality versus Presumptive Doubt. Contemporary Accounting Research. Gunning, J.W. (in press). Risque, chocs et développement. Revue d Economie du Développement. Hagen, F., Ceresini, P.C., Polacheck, I., Ma, H., Nieuwerburgh, F. van, Gabaldón, T., Kagan, S., Pursall, E.R., Hoogveld, H.L., Iersel, L.J.J. van, Klau, G.W., Kelk, S.M., Bartlett, K.H., Stougie, L., Voelz, K., Pryszcz, L.P., Castañeda, E., Lazera, M., Mey, W., Deforce, D., Meis, J.F., May, R.C., Klaassen, C.H.W. & Boekhout, T. (2013). Networks: expanding evolutionary thinking. PLoS ONE, 8(8), e Hauschild, M.Z., Goedkoop, M., Guinée, J., Heijungs, R., Huijbregts, M., Jolliet, O., Margni, M., Schryver, A. de, Humbert, S., Laurent, A., Sala, S. & Pant, R. (2013). Identifying best existing practice for characterization modeling in life cycle impact assessment. International Journal of Life Cycle Assessment, 18(3), Hautsch, N., Schaumburg, J. & Schienle, M. (in press). Forecasting systemic impact in financial networks. International Journal of Forecasting. Heijungs, R., Settanni, E. & Guinée, J. (2013). Toward a computational structure for life cycle sustainability analysis: unifying LCA and LCC. International Journal of Life Cycle Assessment, 18, Henriksson, P.J.G., Guinée, J.B., Heijungs, R., Koning, A. de & Green, D.A. (in press). A protocol for horizontal averaging of unit process data. Including estimates for uncertainty. International Journal of Life Cycle Assessment. Hochguertel, S. & Ohlsson, H. (2013). Rör det sig i toppen? Platsbyten i förmögenhetsrangordningen. Ekonomisk Debatt, 41(1), Hochguertel, S. & Ejrnaes, M. (2013). Zelfstandigen en sociale verzekeringen. Economisch Statistische Berichten, 98(4652), Horen, F. van & Pieters, R. (2013). Preference reversal for copycat brands: Uncertainty makes imitation feel good. Journal of Economic Psychology, 37, Hwang, I.C., Reynes, F. & Tol, R.S.J. (in press). Climate Policy Under Fat-Tailed Risk: An Application of Dice. Environmental and Resource Economics. Janssens, W., Gaag, J. van der, Wit, R. de & Tanovic, Z. (in press). Refusal bias in the estimation of HIV prevalence. Demography. Kautonen, T., Gelderen, M.W. van & Fink, M. (2013). Predicting entrepreneurial behaviour: A test of the theory of planned behaviour. Applied Economics, 45(6), Klijn, E., Reuer, J.J., Bosch, F.A.J. van den & Volberda, H.W. (in press). Performance Implications of IJV Boards: A Contingency Perspective. Journal of Management Studies. Koenigsgruber, R. & Sommeregger, B. (2013). Berichten Frauen anders? Der Einfluss von weiblichen Vorstands- und Aufsichtsratsmitgliedern auf die Finanzberichterstattung. IRZ - Zeitschrift für Internationale Rechnungslegung, February, Koenigsgruber, R. & Palan, S. (in press). Earnings Management and Participation in Accounting Standard-Setting. Central European Journal of Operations Research. Koenigsgruber, R. (2013). Expertise-Based Lobbying and Accounting Regulation. Journal of Management & Governance, 17(4), Koenigsgruber, R. & Gross, C. (2013). Politische Einflussnahme durch Bilanzpolitik. IRZ - Zeitschrift für Internationale Rechnungslegung, 6(June), Koenigsgruber, R. & Windisch, D. (2013). Unerwartete Beziehungen von Politik und Rechnungslegung. CFO aktuell Zeitschrift für Finance & Controlling, February, 1-2. Koning, P.W.C. & Heinrich, C.J. (2013). Cream Skimming, Parking, and Other Intended and Unintended Effects of High Powered, Performance Based Contracts. Journal of Policy Analysis and Management, 32(3), Koning, P.W.C. (2013). Introduction to De Economist Special Issue Retirement and Employment Opportunities for Older Workers. Economist, 161(3), Koning, P.W.C. & Raterink, M. (2013). Re-employment Rates of Older Unemployed Workers: Decomposing the Effect of Birth Cohorts and Policy Changes. Economist, 161(3), Koning, P.W.C. (2013). Activerend arbeidsmarktbeleid: een korte handleiding. TPEdigitaal, 7(2), Koning, P.W.C., Kamp, R. & Meerendonk, A. van de (2013). De prijs van kwaliteit bij aanbesteding. Economisch Statistische Berichten, 98(4653), Koning, P.W.C. & Vogels, E. (2013). Gemeentelijke samenwerking bij Werk en Inkomen: kansen en bedreigingen. Sociaal Bestek, 76(8/9), 6-9. Koning, P.W.C. (2013). Inleiding: Loondoorbetaling bij werk. TPEdigitaal, 7(3), 1-3. Leeuwen, E.S. van & Dekkers, J.E.C. (2013). Determinants of off-farm income and its local patterns. Journal of Rural Studies, 31, Levin-Koopman, J., Kuik, O.J., Tol, R.S.J. & Brouwer, R. (in press). The economic impact of water scarcity from climate change in an international river basin context. Journal of Agricultural Economics. Li, G., Braysy, O.M.P., Jiang, L., Wu, Z. & Wang, Y. (in press). Finding Time Series Discord Based on Bit Representation Clustering. Knowledge-Based Systems. Lijesen, M.G. (2013). Hotelling s webshop. Journal of Economics, 109(2), Lijesen, M.G. (2013). Solving the Endogeneity Problem in Empirical Cost Functions: An Application to US Banks. The B.E. Journal of Economic Analysis & Policy, 13(2), Minguela Rata, B. de & Leeuw, S.L.J.M. de (2013). Managing the last mile of the supply chain for spare parts. Universidade de Rondônia Working Papers in Amerindian Linguistics. Moraga-González, J.L. & Petrikaite, V. (in press). Search Costs, Demand-Side Economies and the Incentives to Merge under Bertrand Competition. 33

18 Rand Journal of Economics. Olver, N.K. & Shepherd, F.B. (in press). Approximability of Robust Network Design. Mathematics of Operations Research. Pachidi, S., Weerd, I. van de & Spruit, M. (2013). Understanding users behavior with software operation data mining. Computers in Human Behavior. Pfeiffer, B. & Mulder, P. (2013). Explaining the Diffusion of Renewable Energy Technology in Developing Countries. Energy Economics, 40, Ploeg, F. van der & Venables, A.J. (2013). Absorbing a windfall of foreign exchange: Dutch disease dynamics. Journal of Development Economics, 103, Ploos van Amstel, W. (2013). De illusie van tijdswinst. Controllers Journaal, 2013(5), 3-3. Ploos van Amstel, W. (2013). Financiële constipatie. Controllers Journaal, 2013(7), 3-3. Ploos van Amstel, W. (2013). Pensioengeld voor infrastructuur. Controllers Journaal, 2013(8), 3-3. Pradhan, M.P., Brinkman, S.A., Beatty, A., Maika, A., Satriawan, E., Ree, J. de & Hasan, A. (2013). Evaluating a community-based early childhood education and development program in Indonesia: study protocol for a pragmatic cluster randomized controlled trial with supplementary matched control group. Trials, 14, 259. Pradhan, M.P., Suryadama, D., Beatty, A., Wong, M., Gaduh, A,, Alishjabana, A. & Artha, R.P. (in press). Improving educational quality through enhancing community participation : results from a randomized field experiment in Indonesia. Applied Economics. Quaas, M., Soest, D.P. van & Baumgaertner, S. (2013). Complementarity, Impatience and the Resilience of Natural-Resource-Dependent Eco- tools for sustainable futures. (Research Memorandum ). Amster nomies. Journal of Environmental Economics and Management, 66(1), Quadackers, L.M. (2013). Pluis of niet-pluis? Accountant, September, Raterink, M. & Koning, P.W.C. (2013). Werkhervatting door oudere werklozen. Economisch Statistische Berichten, 98(4654), Richter, A., Soest, D.P. van & Grasman, J. (2013). Contagious Cooperation, Temptation and Ecosystem Collapse. Journal of Environmental Economics and Management, 66(1), Scheele, D., Graaf-Zijl, M. de & Koning, P.W.C. (2013). Inleiding: Flexibiliteit en Zekerheid. TPEdigitaal, 7(4), 1-6. Schoenmaker, D. & Wagner, W. (2013). Cross-border Banking in Europe and Financial Stability. International Finance, 16(1), Schoute, M. (2013). Ontwerp, gebruik en effecten van value-based management: Recente ontwikkelingen in onderzoek. Management Control & Accounting, 17(4), Shestalova, V., Bijlsma, M. & Koning, P.W.C. (2013). The Effect of Competition on Process and Outcome Quality of Hospital Care in the Netherlands. Economist, 161(1), Silva Montalva, H.E. & Verhoef, E.T. (2013). Optimal pricing of flights and passengers at congested airports and the efficiency of atomistic charges. Journal of Public Economics, 106, Smit, M.J., Abreu, M.A. & Groot, H.L.F. de (in press). Micro-evidence on the determinants of innovation in the Netherlands: The relative importance of absorptive capacity and agglomeration externalities. Papers in Regional Science. Tack, P.J. & Sprangers, M.A.G. (2013). Besturen op afstand, maar wel in afstemming. VM verenigingsmanagement, 4, Tack, P.J., Sprangers, M.A.G. & Jonkergouw, Ch. (2013). Je zit er niet voor jezelf. VM verenigingsmanagement, 2013(2), Tack, P.J. & Sprangers, M.A.G. (2013). Twee kapiteins in de diabeteszorg. VM verenigingsmanagement, 1, Tack, P.J. & Sprangers, M.A.G. (2013). Wisseling van voorzitter of directeur. VM verenigingsmanagement, 3, Tranos, E., Gheasi, M. & Nijkamp, P. (in press). International migration: a global complex network. Environment and Planning B. Planning and Design. Tranos, E. & Nijkamp, P. (in press). The death of distance revisited: cyberplace, physical and relational proximities. Journal of Regional Science. Treur, L. & Boonstra, W.W. (in press). Competition in the Dutch mortgage market: notes on concentration, entry, funding, and margins. Journal of Competition Law and Economics. Tsur, Y. & Withagen, C.A.A.M. (in press). Preparing for catastrophic climate change. Journal of Economics. Verduijn, J.K. & Essers, C. (2013). Questioning dominant entrepreneurship assumptions. The case of female ethnic minority entrepreneurs. Entrepreneurship and Regional Development, 25(7-8), Vringer, K., Vollebergh, H., Soest, D.P. van, Heijden, E. van der & Dietz, F. (2013). Dilemma s rond duurzame consumptie. Economisch Statistische Berichten, 4653, Weijde, A.H. van der, Verhoef, E.T. & Berg, V.A.C. van den (in press). Hotelling Models with Price-Sensitive Demand and Asymmetric Transport Costs: An Application to Public Transport Scheduling. Journal of Transport Economics and Policy. Zhou, F. & Oostendorp, R.H. (in press). Measuring the True Sales of Firms with Matched Survey and Tax Office Data. Review of Economics and Statistics. BOEKEN Bossink, B.A.G. & Masurel, E. (2013). Maatschappelijk verantwoord Ondernemen. Groningen: Noordhoff Uitgevers. Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is de nieuwe manier van ondernemen. In Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen wordt op herkenbare en vernieuwende wijze ingegaan op deze fascinerende organisatieverandering. Herkenbaar, omdat de bekende duurzaamheidsinzichten en -handvatten (zoals triple P, base of the pyramid en milieuzorgsystemen) op inleidend niveau aan de orde komen. Vernieuwend omdat deze inzichten en handvatten worden behandeld door ze centraal te stellen in een bedrijfskundige en -economische benadering, waarin strategie, organisatie, innovatie en ondernemerschap centraal staan. Deze combinatie van inzichten is rijkelijk voorzien van actuele praktijkvoorbeelden. Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen laat studenten kennis maken met de basisbegrippen en inzichten van MVO en biedt hen een gedegen fundament voor hun toekomstige beroepspraktijk. Het boek heeft betrekking op het bedrijfsleven (grootbedrijf en midden- en kleinbedrijf), op not-for-profit instellingen en organisaties in de publieke sector en is geschikt voor zowel economische als technische opleidingen. OVERIGE BOEKEN Eppink, D.J., Melker, G.J. & Tack, P.J. (2013). Bouwstenen van Management en Organisatie (2e herz. dr.). Hilversum: Concept Uitgeefgroep. Groot, T.L.C.M. & Selto, F. (2013). Integrated Performance Measurement Systems. London: ICAEW Finance and Faculty. Groot, T.L.C.M. & Selto, F. (2013). Modelling financial risk and uncertainty. London: ICAEW Finance and Management Faculty. Heusinkveld, H.S. (2013). The management idea factory: Innovation and commodification in management consulting. London: Routledge. Man, A.P. de (2013). Alliances: An executive guide to designing successful strategic partnerships. Chichester: John Wiley. Tranos, E. (2013). The Geography of the Internet: Cities, Regions and the Internet Infrastructure in Europe (New Horizons in Regional Science Series). Cheltenham: Edward Elgar. Visser, H. (2013). Islamic Finance: Principles and Practice (2nd edition). Cheltenham: Edward Elgar. Vos, P.M. & Tjemkes, B.V. (2013). Samen werken - Samen winnen: Aanpak voor het organiseren van publiek-private samenwerking. Den Haag: Academic Services. WORKING PAPERS Zee, E. van der & Scholten, H.J. (2013). Application of geographical concepts and spatial technology to the Internet of Things. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. This paper discusses the application of geographical concepts and technology in relation to the Internet of Things (IoT). Geography can be considered an important binding principle in the IoT, this is because all physical objects and the data streams they create have a three-dimensional position, dimension, and orientation in space and time, and spatial relationships exist between them. Applying spatial relationships, functions, and models to the spatial characteristics of (smart) objects and events, the flows and behaviour of objects and people in smart cities can be more efficiently monitored and orchestrated. As IT and Geo-IT technology is progressing fast, system integration of spatial technology in the IoT can be realized and should be considered. OVERIGE WORKING PAPERS Adler, M.W., Ommeren, J.N. van & Rietveld, P. (2013). Road Congestion and Incident Duration. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Akgun, A.A., Leeuwen, E.S. van & Nijkamp, P. (2013). Analytical support dam: Faculty of Economics and Business Administration. Akgun, A.A., Leeuwen, E.S. van & Nijkamp, P. (2013). Sustainability science as a basis for policy evaluation. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Arribas-Bel, D., Kourtit, K. & Nijkamp, P. (2013). Socio-cultural Diversity and Urban Buzz. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Bartelsman, E.J., Dobbelaere, S. & Peters, B. (2013). Allocation of Human Capital and Innovation at the Frontier: Firm-level Evidence on Germany and the Netherlands. (TI Discussion Paper /VII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Bartelsman, E.J. (2013). ICT, Reallocation, and Productivity. (DG ECFIN Economic Papers 486). Brussels: Economic and Financial Affairs. Basturk, N., Cakmakli, C., Ceyhan, P. & Dijk, H.K. van (2013). Posterior- Predictive Evidence on US Inflation using Phillips Curve Models with Non-Filtered Time Series. (TI Discussion Paper /III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Baycan, T., Sahin, M. & Nijkamp, P. (2013). The urban growth potential of second-generation migrant entrepreneurs. A sectoral study on Amsterdam. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Berg, V.A.C. van den (2013). Coarse Tolling with Heterogeneous Preferences. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Berg, V.A.C. van den (2013). Tender Auctions with Existing Operators Bidding. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Berghuis, E. & Butter, F.A.G. den (2013). Labour Market Effects of International Fragmentation of Production; Evidence from a Survey and Case Studies in the Dutch Industry. (TI Discussion Paper /VI). Amsterdam: Tinbergen Institute. Berghuis, E. & Butter, F.A.G. den (2013). Managing Transaction Costs in International Production; Evidence on Entrepreneurship from Case Studies in The Netherlands. (TI Discussion Paper /VI). Amsterdam: Tinbergen Institute. Billio, M., Casarin, R., Ravazzolo, F. & Dijk, H.K. van (2013). Interactions between Eurozone and US Booms and Busts: A Bayesian Panel Markovswitching VAR Model. (TI Discussion Paper /III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Blasques, F., Lucas, A. & Silde, E. (2013). Stationarity and Ergodicity Re-

19 gions for Score Driven Dynamic Correlation Models. (TI Discussion Paper /IV/DSF59). Amsterdam: TI Discussion Paper. Bloemen, H.G., Hochguertel, S. & Zweerink, J.R. (2013). The Causal Effect of Retirement on Mortality - Evidence from Targeted Incentives to retire early. (TI Discussion Paper /V). Amsterdam: Tinbergen Institute. Bockarjova, M., Rietveld, P. & Knockaert, J.S.A. (2013). Adoption of Electric Vehicle in the Netherlands A Stated Choice Experiment. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Botev, Z., Ridder, A.A.N. & Rojas-Nandayapa, L. (2013). Semiparametric Cross Entropy for Rare-Event Simulation. (TI Discussion Paper / III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Brata, A.G., Groot, H.L.F. de & Rietveld, P. (2013). Dynamics in Aceh and North Sumatera after the Twin Disasters: An Investigation into the Relevance of the Locational Fundamental Theory. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Brink, J.R. van den, Gonzalez-Aranguena, E. & Manuel, C. (2013). Order Monotonic Solutions for Generalized Characteristic Functions. (TI Discussion Paper /II). Amsterdam: Tinbergen Institute. Browitt, P., Andreesen, F., Ploos van Amstel, W., Schroeter, I. & Gasparic, C. (2013). Sustainable Chemical Supply and Logistics Chains: The Path forward. Brussels: EPCA. Brunow, S. & Nijkamp, P. (2013). Firm Formation and Agglomeration under Monopolistic Competition. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Caragliu, A. & Nijkamp, P. (2013). From Islands to Hubs of Innovation: Connecting Innovative Regions. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Caragliu, A. & Nijkamp, P. (2013). Space and Knowledge Spillovers in European Regions. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Diaspora Economy: A Disparity Analysis among Migrant Entrepreneurs. (TI Timing Differences between Monetary and Non-Monetary Seasonal Factors Institute. Celbis, M.G., Nijkamp, P. & Poot, H.J. (2013). The Lucrative Impact of Trade-Related Infrastructure: Meta-Analytic Evidence. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Christopeit, N. & Massmann, M. (2013). A Note on an Estimation Problem in Models with Adaptive Learning. (TI Discussion Paper /III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Christopeit, N. & Massmann, M. (2013). Estimating Structural Parameters in Regression Models with Adaptive Learning. (TI Discussion Paper /III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Dobbelaere, S. & Luttens, R.I. (2013). The Economics of First-Contract Mediation. (TI Discussion Paper /VII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Elbers, C.T.M. & Gunning, J.W. (2013). Evaluation of Development Programs: Randomized Controlled Trials or Regressions? (Staff Working Paper 6587). New York: World Bank. Gal, P. & Pinter, G. (2013). Capital in the Business Cycle: Renting versus Ownership. (Bank of England Working Paper 478). London: Bank of England. Gheasi, M., Nijkamp, P. & Rietveld, P. (2013). International financial transfer by foreign labour: An analysis of remittances from informal migrants. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Guo, Y., Wang, H., Nijkamp, P. & Xu, J. (2013). Space-time changes in interdependent urban-environmental systems: A policy study on the Huai River Basin in China. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Heidergott, B.F. & Volk-Makarewicz, W.M. (2013). A Measure-Valued Differentiation Approach to Sensitivity Analysis of Quantiles. (TI Discussion Paper /III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Heijungs, R. (2013). Omstreden bestrijding. Een review van IVAMs LCAquickscan vergelijking onkruidbestrijdingsmethoden en van het gebruik van LCAs en quickscans. Bijlage bij Kamerstuk nr Den Haag: Tweede Kamer der Staten-Generaal. Hemert, P.P. van, Nijkamp, P. & Masurel, E. (2013). From innovation to commercialization through networks and agglomerations: Analysis of sources of innovation, innovation capabilities and performance of Dutch SMEs. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Hemert, P.P. van, Nijkamp, P. & Masurel, E. (2013). How do SMEs learn in a systems-of-innovation context? The role of sources of innovation and absorptive capacity on the innovation performance of Dutch SMEs. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Kantor, Y., Nijkamp, P. & Rouwendal, J. (2013). Homeownership, Unemployment and Commuting Distances. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Kantor, Y., Rietveld, P. & Ommeren, J.N. van (2013). Towards a General Theory of Mixed Zones: The Role of Congestion. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Katsoni, V., Giaoutzi, M. & Nijkamp, P. (2013). Market segmentation in tourism An operational assessment framework. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Kleijn, M.T.M. de, Manen, N. van, Kolen, J.C.A. & Scholten, H.J. (2013). User-centric SDI framework applied to historical and heritage European landscape research. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Kobus, M.B.W., Ommeren, J.N. van & Koster, H.R.A. (2013). Congestible Goods and Hoarding: A Test based on Students Use of University Computers. (TI Discussion Paper /VII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Kourtit, K., Macharis, C. & Nijkamp, P. (2013). A Multi-Actor Multi-Criteria Analysis of the Performance of Global Cities. (TI Discussion Paper / VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Kourtit, K., Nijkamp, P. & Arribas-Bel, D. (2013). The Creative Urban Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Kourtit, K., Nijkamp, P. & Suzuki, S. (2013). The Rat Race Between World Cities: In Search of Exceptional Places by Means of Super-Efficient Data Development Analysis. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Lasak, K.A. & Velasco, C. (2013). Fractional Cointegration Rank Estimation. (CREATES Working Paper series ). Aarhus, Denemarken: CREATES. Leeuwen, E.S. van, Ishikawa, Y. & Nijkamp, P. (2013). Assessment of Local Key Sectors in a Triple-Layer Spatial System. (TI Discussion Paper / VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Leeuwen, E.S. van, Nijkamp, P., Akgun, A.A. & Gheasi, M. (2013). Foresights, scenarios and sustainable development a pluriformity perspective. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Leeuwen, E.S. van, Kourtit, K. & Nijkamp, P. (2013). Residents Appreciation of Cultural Heritage in Tourist Centres - A Micro-simulation Modelling Approach to Amsterdam. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Neuts, B., Nijkamp, P. & Leeuwen, E.S. van (2013). Crowding Externalities from Tourist Use of Urban Space. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Neuts, B., Romao, J., Nijkamp, P. & Leeuwen, E.S. van (2013). Digital Destinations in the Tourist Sector: A Path Model for the Impact of e-services on Tourist Expenditures in Amsterdam. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Nijkamp, P. (2013). Migration impact assessment: A review of evidence-based findings. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Noronha Vaz, E. de, Noronha Vaz, T. de & Nijkamp, P. (2013). An Exploratory Landscape Metrics Approach to Agricultural Changes: Applications of Spatial Economic Consequences for the Algarve, Portugal. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Noronha Vaz, E. de, Painho, M. & Nijkamp, P. (2013). Linking agricultural policies with decision making: A spatial approach. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Noronha Vaz, E. de, Noronha Vaz, T. de & Nijkamp, P. (2013). The architecture of firms innovative behaviors. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Noronha Vaz, E. de, Noronha Vaz, T. de & Nijkamp, P. (2013). The Spatial- Institutional Architecture of Firms Innovative Behaviour. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Noronha Vaz, T. de, Galindo, P.V. & Nijkamp, P. (2013). Modelling R&D and Innovation Support Systems Analysis of Regional Cluster Structures in Innovation in Portugal. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Noronha Vaz, T. de, Galindo, P.V., Nijkamp, P. & Noronha Vaz, E. de (2013). The Firms behind the Regions: Analysis of Regional Innovation Performance in Portugal by External Logistic Biplots. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Peer, S., Knockaert, J.S.A., Koster, P.R. & Verhoef, E.T. (2013). Overreporting vs. Overreacting: Commuters Perceptions of Travel Times. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Pele, D.T., Mazurencu-Marinescu, M. & Nijkamp, P. (2013). Herding Behaviour, Bubbles and Log Periodic Power Laws in Illiquid Stock Markets. A Case Study on the Bucharest Stock Exchange. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Ploos van Amstel, W. (2013). Integrale visie op transport en logistiek in 2040: Welke kansen zijn er voor chemie, agrofood en High Tech? Den Haag: Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur. Ridderstaat, J.R., Oduber, M., Croes, R., Nijkamp, P. & Martens, P. (2013). Impacts of seasonal patterns of climate on recurrent fluctuations in tourism demand. Evidence from Aruba. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Ridderstaat, J.R. & Nijkamp, P. (2013). Measuring Pattern, Amplitude and of Tourism - the Case of Aruba. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Ridderstaat, J.R., Croes, R. & Nijkamp, P. (2013). Modelling Touism Development and Long-run Economic Growth in Aruba. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Ridderstaat, J.R., Croes, R. & Nijkamp, P. (2013). Tourism development, quality of life and exogenous shocks. A systemic analysis framework. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Ryszka, K.A. (2013). Resource Extraction in a Political Economy Framework. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Sahin, M., Todiras, A. & Nijkamp, P. (2013). Colourful entrepreneurship in Dutch cities: A review and analysis of business performance. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Sala, S., Ciuffo, B. & Nijkamp, P. (2013). A meta-framework for sustainability assessment. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Steenbruggen, J.G.M., Nijkamp, P., Smits, J.M. & Mohabir, G. (2013). Traffic incident and disaster management in the Netherlands: Challenges and obstacles in information sharing. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Suzuki, S. & Nijkamp, P. (2013). A Stepwise Efficiency Improvement DEA Model for Airport Management with a Fixed Runway Capacity. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Suzuki, S., Nijkamp, P. & Rietveld, P. (2013). A Target-Oriented Data Envelopment Analysis for Energy-Environment Efficiency Improvement in Japan. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Tranos, E., Steenbruggen, J.G.M. & Nijkamp, P. (2013). Mobile Phone Data and Urban Analysis: An Exploratory Space-Time Study. (TI Discussion Paper /VIII). Amsterdam: Tinbergen Institute. Tranos, E. & Nijkamp, P. (2013). Urban and regional analysis and the digital revolution: Challenges and opportunities. (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration. Vaisman, R., Botev, Z. & Ridder, A.A.N. (2013). Sequential Monte Carlo for Counting Vertex Covers in General Graphs. (TI Discussion Paper / III). Amsterdam: Tinbergen Institute. Vringer, K., Vollebergh, H., Soest, D.P. van, Heijden, E. van der & Dietz, F. (2013). Dilemma s rond duurzame consumptie: Een onderzoek naar het draagvlak voor verduurzaming van consumptie. Den Haag: Planbureau voor de Leefomgeving. Xu, F., Xiang, N., Wang, S., Nijkamp, P. & Higano, Y. (2013). Dynamic simulation of China s carbon emission reduction potential by (Research Memorandum ). Amsterdam: Faculty of Economics and Business Administration.

20 Belangrijke Publicaties Onderzoeksgroepen FEWEB Promoties Jaaroverzicht Strategic and Cooperative Decision Making Brink, J.R. van den, Laan, G. van der & Moes, N. (in press). A strategic implementation of the average tree solution for cycle-free graph games. Journal of Economic Theory. Alvarez-Mozos, M., Brink, J.R. van den, Laan, G. van der & Tejada, O. (2013). Share Functions for Cooperative Games with Levels Structure of Cooperation. European Journal of Operational Research, 224(1), Brink, J.R. van den, Funaki, Y. & Laan, G. van der Hagen, F., Ceresini, P.C., Polacheck, I., Ma, H., Nieuwer- (2013). Characterization of the Reverse Talmud price and utility dependence of equivalence scales: burgh, F. van, Gabaldón, T., Kagan, S., Pursall, E.R., Drees, J.M. (30 oktober 2013). The polycentricity of ex- (172 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./co bankruptcy rule by Exemption and Exclusion properties. European Journal of Operational Research, 228, Time Series Econometrics Boudt, K.M.R., Danielsson, J. & Laurent, S. (2013). Robust forecasting of dynamic conditional correlation GARCH models. International Journal of Forecasting, 29(2), Creal, D.D., Koopman, S.J. & Lucas, A. (2013). General Autoregressive Score Models with Applications. Journal of Applied Econometrics, 28(5), Koopman, S.J. & Scharth, M. (2013). The Analysis of Stochastic Volatility in the Presence of Daily Realised Measures. Journal of Financial Econometrics, 11(1), Economics Bartelsman, E.J., Haltiwanger, J. & Scarpetta, S. (2013). Cross-Country Differences in Productivity: The Role of Allocation and Selection. American Economic Review, 103(1), Hobijn, B., Elsby, M.W.L. & Sahin, A. (2013). Unemployment Dynamics in the OECD. Review of Economics and Statistics, 95(2), Koning, P.W.C. & Wiel, K. van der (2013). Ranking the schools: How school-quality information affects school choice in the Netherlands. Journal of the European Economic Association, 11(2), Farms and Firms Günther, I. & Schipper, J.Y. (2013). Pumps, Germs and Storage: the Impact of Improved Water Containers on Water Quality and Health. Health Economics, 22(7), Oostendorp, R.H. & Doan Hong, Quang (2013). Have the Returns to Education Really Increased in Vietnam? Wage versus Employment Effect. Journal of Comparative Economics, 41(3), Pradhan, M.P., Ree, J. de & Alessie, R.J.M. (2013). The evidence from Indonesia. Journal of Public Economics, 97, Spatial, Transport and Environmental Economics Duijn, M. van & Rouwendal, J. (2013). Cultural heritage and the location choice of Dutch households in a residential sorting model. Journal of Economic Geography, 13(3), Poelhekke, S. & Ploeg, F. van der (2013). Do natural resources attract non-resource FDI? Review of Economics and Statistics, 95(3), Silva Montalva, H.E. & Verhoef, E.T. (2013). Optimal pricing of flights and passengers at congested airports and the efficiency of atomistic charges. Journal of Public Economics, 106, Finance and Banking Boudt, K.M.R., Danielsson, J. & Laurent, S. (2013). Robust forecasting of dynamic conditional correlation GARCH models. International Journal of Forecasting, 29(2), Creal, D.D., Koopman, S.J. & Lucas, A. (2013). General Autoregressive Score Models with Applications. Journal of Applied Econometrics, 28(5), Menkveld, A.J. & Wang, T. (2013). How do Designated Market Makers Create Value for Small-Cap Stocks? Journal of Financial Markets, 16(3), Combinatorial and Stochastic Optimization Amini, O., Devroye, L., Griffiths, S. & Olver, N.K. (2013). On Explosions in Heavy-tailed Branching Random Walks. Annals of probability, 41(3B), Bapteste, E., Iersel, L.J.J. van, Janke, A., Kelchner, S., Kelk, S.M., McInerney, J.O., Morrison, D.A., Nakhleh, L., Steel, M., Stougie, L. & Whitfield, J. (2013). Networks: expanding evolutionary thinking. Trends in Genetics, 29, Hoogveld, H.L., Iersel, L.J.J. van, Klau, G.W., Kelk, S.M., Bartlett, K.H., Stougie, L., Voelz, K., Pryszcz, L.P., Castañeda, E., Lazera, M., Mey, W., Deforce, D., Meis, J.F., May, R.C., Klaassen, C.H.W. & Boekhout, T. (2013). Networks: expanding evolutionary thinking. PLoS ONE, 8, 8, e Accounting and Decision Making Dekker, H.C., Sakaguchi, J. & Kawai, T. (2013). Beyond the contract: managing risk in supply chain relations. Management Accounting Research, 24, Ding, R., Dekker, H.C. & Groot, T.L.C.M. (2013). Risk, partner selection and contractual control in interfirm relationships. Management Accounting Research, 24, Hammedi, W., Riel, A.C.R. van & Sasovova, Z. (2013). Improving screening decision making through Transactive Memory Systems: A field study. Journal of Product Innovation Management, 30(2), Knowledge, Information and Networks & Logistics De Giovanni, P., Cariola, A. & Passarelli, M. (2013). Recent developments on the operational performance Reactivity. Theoretical conceptualization and quantitative investigation. European Journal of Operational Research, 231(3), Ferguson, J.E., Soekijad, M., Huysman, M.H. & Vaast, E. (2013). Blogging for ICT4D: Reflecting and engaging with peers to build development discourse. Information Systems Journal, 23(4), Leonardi, P.M., Huysman, M.H. & Steinfield, C. (2013). Enterprise Social Media: Definition, History, and Prospects for the Study of Social Technologies in Organizations. Journal of Computer-Mediated Communication, 19(1). Strategic Entrepreneurship Bruns, H.C. (2013). Working Alone Together: Coordination in Collaboration across Domains of Expertise. Academy of Management Journal, 56(1), Monin, P., Noorderhaven, N.G., Vaara, E. & Kroon, D.P. (2013). Giving sense to and making sense of justice in post-merger integration. Academy of Management Journal, 56(1), Wijk, J.J. van, Stam, W., Elfring, T., Zietsma, C. & Hond, F. den (2013). Activists and incumbents structuring change: The interplay of agency, culture, and networks in field evolution. Academy of Management Journal, 56(2), Human Resources Bal, P.M., Kooij, T.A.M. & Jong, S.B. de (2013). How do developmental and accommodative HRM enhance employee engagement and commitment: the role of psychological contract and SOC-strategies. Journal of Management Studies, 50, Bal, P.M. & Veltkamp, M. (2013). How does fiction reading influence empathy? An experimental investigation on the role of emotional transportation. PLoS ONE, 8(1), e Kooij, T.A.M., Lange, A.H. de, Jansen, P.G.W. & Dikkers, J.S.E. (2013). Beyond chronological age: examining time and health as age-related mediators in relations to work motives. Work and Stress, 27, Marketing Strategy Chandrasekaran, D., Arts, J.W.C., Tellis, G.J. & Frambach, R.T. (2013). Pricing in the International Takeoff of New Products. International Journal of Research in Marketing, 30(3), Ingenbleek, P.T.M., Frambach, R.T. & Verhallen, T.M.M. (2013). Best Practices for New Product Pricing: Impact on Market Performance and Price Level under Different Conditions. Journal of Product Innovation Management, 30(3), Morren, M.H., Gelissen, J.P.T.M. & Vermunt, J.K. (2013). Exploring the response process of culturally differing survey respondents with a response style: A sequential mixed-methods study. Field Methods, 25(2), Amiryany Araghy, N. (18 april 2013). High-Technolgy: An inquiry towards the mocorfoundations of a grafting capability. VU Vrije Universiteit (162 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./coprom.: prof. dr. M.H. Huysman, prof. dr. A.P. de Man & M. Cloodt. Behrens, C.L. (09 april 2013). Product differentiation in aviation passenger markets. The impact of demand heterogeneity on competition. VU Vrije Universiteit (161 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. E.T. Verhoef, dr. A.J.H. Pels & dr. M.G. Lijesen. Bin Abdul Razack, V.H. (26 september 2013). The Malay leadership mistique. VU Vrije Universiteit (430 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./coprom.: prof. dr. S. ten Have, Prof.dr. D.J. Eppink & prof. dr. E.L.H.M. van de Loo. Derksen, B. (15 januari 2013). Impact of IT outsourcing on Business & IT alignment. VU Vrije Universiteit (448 pag.) (Amsterdam). Prom./coprom.: prof. dr. J.A. Oosterhaven & prof. dr. A.A.I. Holtgrefe. pansion strategies. Beyond performance as a main driver. VU Vrije Universiteit (200 pag.) (Amsterdam: ABRI). Prom./coprom.: prof. dr. T. Elfring & dr. ir. P.W.L. Vlaar. Duijn, M. van (22 mei 2013). Location choice, cultural heritage and house prices. VU Vrije Universiteit (166 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. P. Rietveld & prof. dr. J. Rouwendal. Edens, B. (12 november 2013). Reconciling theory and practice in environmental accounting. VU Vrije Universiteit (182 pag.) (Den Haag/Heerlen: CBS). Prom./ coprom.: prof. dr. C.A.A.M. Withagen. Glaser, L. (4 april 2013). Managing the paradox of corporate entrepreneurship. VU Vrije Universiteit (208 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./coprom.: prof. dr. T. Elfring & dr. W. Stam. Groot, S.P.T. (12 maart 2013). Agglomeration, Globalization and Regional Labor Markets. VU Vrije Universiteit (194 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./ coprom.: prof. dr. H.L.F. de Groot & prof. dr. P. Rietveld. Jansen, P.W. (12 april 2013). Empirical investigation of long-term interest rate determination. VU Vrije Universiteit (244 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./ coprom.: prof. dr. F.A.G. den Butter. Koster, H.R.A. (21 maart 2013). The Internal Structure of Cities. VU Vrije Universiteit (270 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. P. Rietveld & prof. dr. J.N. van Ommeren. Kramer, B.N. (2 december 2013). Why don t they take a card? Essays on the demand for micro health insurance. VU Vrije Universiteit (163 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. J.W. Gunning & prof. dr. C.T.M. Elbers. Land, S.F. van der (7 mei 2013). Virtual collaboration. An investigation into the influence of avatars and 3D virtual environments on team effectiveness. VU Vrije Universiteit (157 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./coprom.: prof. dr. M.H. Huysman, dr. J.F.M. Feldberg & dr. A.P. Schouten. Moes, N. (11 januari 2013). Cooperative decision making in river water allocation problems. VU Vrije Universiteit (185 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./ coprom.: prof. dr. ir. G. van der Laan & dr. J.R. van den Brink. Möhlmann, J.L. (12 maart 2013). Globalization and Productivity. VU Vrije Universiteit (200 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. H.L.F. de Groot & prof. dr. P. Rietveld. Moser, C. (10 oktober 2013). Not a piece of cake. What make online communities work? VU Vrije Universiteit prom.: prof. dr. M.H. Huysman & prof. dr. P. Groenewegen. Ozgen, C. (25 september 2013). Impacts of immigration and cultural diversity on innovation and economic growth. VU Vrije Universiteit (166 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. P. Nijkamp & prof. dr. H.J. Poot. Peer, S. (22 april 2013). The economics of trip scheduling, travel time variability and traffic information. VU Vrije Universiteit (166 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. E.T. Verhoef & prof. dr. C.C. Koopmans. Scholte, R.S. (14 oktober 2013). The interplay between early-life conditions, major events and health later in life. VU Vrije Universiteit (134 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. G.J. van den Berg & prof. dr. M. Lindeboom. Steenbruggen, J.G.M. (7 oktober 2013). Road traffic incident management and situational awareness. VU Vrije Universiteit (321 pag.) (Amsterdam: VU University). Prom./coprom.: prof. dr. P. Rietveld, prof. dr. H.J. Scholten & dr. ir. A.J. van der Vlist. Stewart, T.R. (25 februari 2013). A Bayesian audit assurance model. VU Vrije Universiteit (179 pag.). Prom./coprom.: prof. dr. T.L.C.M. Groot. Zhang, X. (11 februari 2013). Modeling Time Variation in Systemic Risk. VU Vrije Universiteit (133 pag.) (Amsterdam: Tinbergen Institute). Prom./coprom.: prof. dr. A. Lucas & prof. dr. S.J. Koopman.

Economie en Bedrijfseconomie. Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde

Economie en Bedrijfseconomie. Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde Economie en Bedrijfseconomie Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde ( FEWEB) Opbouw van studie door prof. dr. Henri de Groot (programmadirecteur)

Nadere informatie

STUDIEGIDS PREMASTERPROGRAMMA ACCOUNTING & CONTROL

STUDIEGIDS PREMASTERPROGRAMMA ACCOUNTING & CONTROL Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde STUDIEGIDS PREMASTERPROGRAMMA ACCOUNTING & CONTROL Cursusjaar 2015-2016 Versie september 2015 2015 Vrije Universiteit, Amsterdam PREMASTERPROGRAMMA

Nadere informatie

Zaken die niet meer zo zeker zijn

Zaken die niet meer zo zeker zijn Een goed gesprek over Zaken die niet meer zo zeker zijn Met u praten wij vaak over zekerheid. Dat is namelijk ons vak: het organiseren van uw zekerheid. Dat kan op vele manieren. Bijvoorbeeld door verstandig

Nadere informatie

BIJ DIE WERELD WIL IK HOREN! HANS ROMKEMA 3 MAART 2010, DEN HAAG

BIJ DIE WERELD WIL IK HOREN! HANS ROMKEMA 3 MAART 2010, DEN HAAG BIJ DIE WERELD WIL IK HOREN! HANS ROMKEMA 3 MAART 2010, DEN HAAG STUDENTEN DOEN UITSPRAKEN OVER DE ACADEMISCHE WERELD, HET VAKGEBIED EN HET BEROEPENVELD.. onderzoek niet zo saai als ik dacht werken in

Nadere informatie

Notitie. 11 juni 2010. Datum. Onderwerp De meest gestelde vragen over het principe-akkoord AOW-pensioen. 1 Gemiddelde op basis van het verleden

Notitie. 11 juni 2010. Datum. Onderwerp De meest gestelde vragen over het principe-akkoord AOW-pensioen. 1 Gemiddelde op basis van het verleden Notitie Datum 11 juni 2010 Onderwerp De meest gestelde vragen over het principe-akkoord AOW-pensioen 1. Waarover gaat dit raadgevend referendum? De FNV heeft samen met de andere vakcentrales afspraken

Nadere informatie

Visie 2020 Onze belofte aan de deelnemers. Samen bouwen aan goed pensioen

Visie 2020 Onze belofte aan de deelnemers. Samen bouwen aan goed pensioen Visie 2020 Onze belofte aan de deelnemers Samen bouwen aan goed pensioen Inleiding ABP heeft een visie ontwikkeld voor de middellange termijn, de ABP-visie op 2020. Met deze visie willen wij richting geven

Nadere informatie

Ten eerste: afschaffing van de al genoemde doorsneesystematiek en ten

Ten eerste: afschaffing van de al genoemde doorsneesystematiek en ten Dames en heren, Hartelijk dank voor de uitnodiging om hier vandaag op uw symposium te komen spreken. Als koepel van verenigingen van gepensioneerden wil de KNVG de belangen van gepensioneerden behartigen

Nadere informatie

Doel is om voor deelnemers een beeld te schetsen van hoe het pensioen in elkaar steekt en hoe hun eigen pensioen er voorstaat.

Doel is om voor deelnemers een beeld te schetsen van hoe het pensioen in elkaar steekt en hoe hun eigen pensioen er voorstaat. Majesteit, dames en heren. Hartelijk welkom! En, Majesteit, ik weet zeker dat ik hier namens alle aanwezigen spreek als ik zeg dat wij buitengewoon vereerd zijn dat U bij een deel van dit programma aanwezig

Nadere informatie

Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING

Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING Verslag ouderavond FIT(s) OP DE KRING In gesprek met elkaar. Uitwerking van de stellingen. De onderstaande stellingen hebben we deze avond besproken onder elke stelling staan een aantal opmerkingen die

Nadere informatie

Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010. Welkom

Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010. Welkom Pensioenbijeenkomst Abvakabo FNV Het pensioen van nu en de toekomst in zicht November 2010 Welkom Waar willen wij het met elkaar over hebben? Pensioen anno 2010 Stand van Zaken AOW en Pensioenakkoord 4

Nadere informatie

Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken.

Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken. ONDERWIJSVISIE OP HO OFDLIJNEN Geachte collega s, 1 Deze brochure schetst de onderwijsvisie van onze universiteit op hoofdlijnen. De doelen die horen bij die visie kunnen we alleen samen bereiken. We

Nadere informatie

Format samenvatting aanvraag. Opmerking vooraf

Format samenvatting aanvraag. Opmerking vooraf Format samenvatting aanvraag Opmerking vooraf Mocht u de voorkeur geven aan openbaarmaking van de gehele aanvraag in plaats van uitsluitend onderstaande samenvatting dan kunt u dat kenbaar maken bij het

Nadere informatie

Solidariteit: sterkmaker of splijtzwam?

Solidariteit: sterkmaker of splijtzwam? Solidariteit: sterkmaker of splijtzwam? VSAE Congres 27 februari 2013 Dick Boeijen 1 Het begrip solidariteit heeft vele gezichten Als we het containerbegrip solidariteit fileren Collectiviteit Risicodeling

Nadere informatie

Studiefinanciering? of sparen voor de studie van uw kinderen

Studiefinanciering? of sparen voor de studie van uw kinderen Studiefinanciering? of sparen voor de studie van uw kinderen De studiefinanciering gaat in september 2015 drastisch veranderen. Het zogenaamde leenstelsel wordt geïntroduceerd. Dat heeft heel veel financiële

Nadere informatie

Pensioen Nieuws. Wat komt er op ons af? #10 januari 14. Pensioenfonds

Pensioen Nieuws. Wat komt er op ons af? #10 januari 14. Pensioenfonds Pensioen Nieuws Een uitgave van Stichting Pensioenfonds AVEBE #10 januari 14 1 Wat komt er op ons af? Dekkingsgraad stabiel Alle pensioenen omhoog 2 Tijdelijke pensioenregeling 1 jaar verlengd 3 Anw-hiaatpensioenregeling

Nadere informatie

Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen

Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen Werkgevers en werknemers aan het woord Onderzoek verricht in opdracht van Nationale-Nederlanden door Motivaction. Wat vinden werkgevers en werknemers van pensioenen.

Nadere informatie

Voorlichtingsdag Bedrijfskunde. Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde

Voorlichtingsdag Bedrijfskunde. Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde Voorlichtingsdag Bedrijfskunde Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde PROGRAMMA Bedrijfskunde@VU: hoe, wat en waarom? Prof. dr. W.E.H. Dullaert, Opleidingsdirecteur bachelor bedrijfskunde

Nadere informatie

Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli

Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli De weg naar het nieuwe pensioencontract Stichting Pensioenfonds OWASE 18 juli 2013 1/10/2014 Inhoud Samenvatting Conclusies Aanbevelingen Resultaten - per vraag

Nadere informatie

WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis.

WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis. WELKE PENSIOENREGELING IS TOEKOMSTBESTENDIG? Huidige regelingen & recente ontwikkelingen Stacey René & Hans Kennis 29 oktober 2015 Agenda Welke pensioenstelsels zijn er? Wat is de houdbaarheid van het

Nadere informatie

Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli

Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli Resultaten Pensioenforum 26 juni en 3 juli De weg naar het nieuwe pensioencontract Stichting Pensioenfonds OWASE Martijn Leppink Versie 2. 10 september 2013 Inhoud Samenvatting Conclusies Aanbevelingen

Nadere informatie

360 feedback 3.1 M. Camp Opereren als lid van een team Omgaan met conflicten Omgaan met regels

360 feedback 3.1 M. Camp Opereren als lid van een team Omgaan met conflicten Omgaan met regels 360 feedback 3.1 Student: M. camp Studentnummer: 11099003 Klas: WDH31 Datum: 2-02-2014 Personen welke de formulieren hebben ingevuld: - M. Camp - Menno Lageweg - Ir. S.W.L. van Herk - D.J. Jager M. Camp

Nadere informatie

Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl

Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl Pagina 1/5 Mekelweg 4, kamer LB02.800 2628 CD Delft 015-2781430 j.vandeluitgaarden-ninaber@tudelft.nl Aan: TU Delft, College van Bestuur Van: Betreft: Prestatieafspraken TU Delft Datum: 2 januari 2011

Nadere informatie

Een nieuwe pensioenregeling

Een nieuwe pensioenregeling Een nieuwe pensioenregeling De pensioenregeling van Pensioenfonds voor de Accountancy wordt per 1 januari 2015 aangepast. Het bestuur heeft inmiddels de hoofdlijnen van de nieuwe regeling vastgesteld.

Nadere informatie

Inventarisatie enquête over het gebruik van videofragmenten bij het onderwijs van Inleiding Staats- en Bestuursrecht

Inventarisatie enquête over het gebruik van videofragmenten bij het onderwijs van Inleiding Staats- en Bestuursrecht Inventarisatie enquête over het gebruik van videofragmenten bij het onderwijs van Inleiding Staats- en Bestuursrecht Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden Afdeling ICT&O, Cleveringa Instituut,

Nadere informatie

Centraal en decentraal: always the twain shall meet.

Centraal en decentraal: always the twain shall meet. Centraal en decentraal: always the twain shall meet. Presentatie: drs. Leneke Visser, adviseur facultair alumnibeleid Universiteit Utrecht Chair: mr. Han van Manen, oud-bestuurslid Utrechts Universiteitsfonds

Nadere informatie

Jong en veelbelovend

Jong en veelbelovend Jong en veelbelovend Geen bedrijf kan zonder jong talent. Ook Facilicom niet. Maar in tijden van krimp is het moeilijk om plekken voor hen te creëren. Hoe gaan jonge talenten hiermee om? Denken ze een

Nadere informatie

Arbeidsmarkt. Bedrijfskunde. Technische bedrijfskunde

Arbeidsmarkt. Bedrijfskunde. Technische bedrijfskunde wo bedrijfskunde Goede managers komen altijd aan de bak, ook in tijden van crisis. Maar nu het herstel tegen lijkt te vallen moet je wel voorbereid zijn op verrassingen. Veel bedrijfskunde-opleidingen

Nadere informatie

Doorwerken na 65 jaar

Doorwerken na 65 jaar CvA-notitie februari 2008 Doorwerken na 65 jaar De levensverwachting en het gemiddelde aantal gezonde jaren na het bereiken van de 65-jarige leeftijd is toegenomen. Een groeiende groep ouderen heeft behoefte

Nadere informatie

RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL. Vraag 1

RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL. Vraag 1 RESULTATEN ENQUÊTE CONSULTATIE NIEUW FTK ACTUARIEEL Vraag 1 Onder het huidige FTK krijgen pensioenfondsen te maken met de zogenaamde beleggings -spagaat: aan de ene kant kan er weinig risico worden genomen

Nadere informatie

Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde

Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde Internationalisering Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde Minor algemeen Alle studenten van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) volgen in het derde Bachelorjaar

Nadere informatie

Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden. Februari 2012. Ferry Pereboom Angelique Kansouh

Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden. Februari 2012. Ferry Pereboom Angelique Kansouh Pensioennieuwsbrief AC Rijksvakbonden Ferry Pereboom Angelique Kansouh Februari 2012 De AC Rijksvakbonden zijn een initiatief van NCF, Juvox, VPW en VCPS Inhoudsopgave 0. Voorwoord......... 3 1. Lage dekkingsgraad

Nadere informatie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie Zo denken wij er over is een uitgave van ABP Corporate Communicatie. Voor meer informatie verwijzen wij u naar www.abp.nl. september 2007 ZO DENKEN WIJ ER OVER Collectief versus individueel Juridische

Nadere informatie

solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd?

solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd? Bijdrage prof. dr. Kees Goudswaard / 49 Financiering van de AOW: solidariteit van jong met oud, of ook omgekeerd? Deze vraag staat centraal in de bij drage van bijzonder hoogleraar Sociale zekerheid prof.

Nadere informatie

P O S I T I O N P A P E R

P O S I T I O N P A P E R Pensioenfederatie Prinses Margrietplantsoen 90 2595 BR Den Haag Postbus 93158 2509 AD Den Haag T +31 (0)70 76 20 220 info@pensioenfederatie.nl www.pensioenfederatie.nl P O S I T I O N P A P E R KvK Haaglanden

Nadere informatie

Vast en flexibel werk in de wetenschap: wensen & verwachtingen van werknemers. Marian van der Klein, Onderzoekersdag Instituut Gak, 7 december 2015

Vast en flexibel werk in de wetenschap: wensen & verwachtingen van werknemers. Marian van der Klein, Onderzoekersdag Instituut Gak, 7 december 2015 Vast en flexibel werk in de wetenschap: wensen & verwachtingen van werknemers Marian van der Klein, Onderzoekersdag Instituut Gak, 7 december 2015 Programma Presentatie voorlopige resultaten onderzoek

Nadere informatie

Deutsche Bank Nederland Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland

Deutsche Bank Nederland Stichting Pensioenfonds Deutsche Bank Nederland In deze nieuwsbrief Voorwoord Wat betekenen de nieuwe pensioenmaatregelen voor u? De informatie in dit document is eigendom van en mag noch in haar geheel noch gedeeltelijk van. Page 2 of 5 Voorwoord In

Nadere informatie

WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING

WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING WAT U ALS WERKNEMER WILT WETEN OVER DE ABP-PENSIOENREGELING 1- Waarom heeft het ABP een herstelplan opgesteld? ABP is, evenals vele andere pensioenfondsen, zwaar geraakt door de crisis op de financiële

Nadere informatie

Toelating en vrijstelling 2011-2012 Toelating tot een van de masteropleidingen

Toelating en vrijstelling 2011-2012 Toelating tot een van de masteropleidingen Commissie voor de examens Toelating en vrijstelling 2011-2012 Toelating tot een van de masteropleidingen Met een afgeronde volledige (CROHO 1 -geregistreerde) hbo- of wo-opleiding 2 bent u toelaatbaar

Nadere informatie

PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011

PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011 PENSIOEN 2.0 REGIOBIJEENKOMSTEN FEBRUARI EN MAART 2011 KORTE TERUGBLIK Kabinet Balkenende gevallen: sociale partners pakken kansen Het pensioen is van sociale partners samen, dus moeten wij ook samen naar

Nadere informatie

Stichting Pensioenfonds Xerox

Stichting Pensioenfonds Xerox Deelnemersbijeenkomst Stichting Pensioenfonds Xerox Verslag Huidige vergadering Volgende vergadering Datum Duur Datum Duur 26 maart 2015 17:00 19:00 Locatie Voorzitter Locatie Voorzitter Bedrijfsrestaurant

Nadere informatie

OWASE Pensioenforum 26 juni 2013. 3 juli 2013 OWASE. Welkom. bij

OWASE Pensioenforum 26 juni 2013. 3 juli 2013 OWASE. Welkom. bij Welkom OWASE Pensioenforum 26 juni 2013 OWASE 3 juli 2013 bij Pensioenfonds en solidariteit: één voor allen, allen voor één! www.owase.nl PFO20130626/20130703 2 Programma Pensioenforum De bedoeling van

Nadere informatie

Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid Werkgelegenheid Aanbod van arbeid: b Marktmechanisme Loonkosten per product

Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid Werkgelegenheid Aanbod van arbeid: b Marktmechanisme Loonkosten per product Arbeidsmarkt Vraag naar arbeid = mensen Door werkgevers: bedrijven en overheid Werkgelegenheid Hoe lager het loon, hoe groter de vraag naar arbeid Aanbod van arbeid: beroepsbevolking (iedereen tussen de

Nadere informatie

Vakcentrale. Toekomst Pensioenstelsel Zaken rond AOW en het aanvullend pensioen

Vakcentrale. Toekomst Pensioenstelsel Zaken rond AOW en het aanvullend pensioen Toekomst Pensioenstelsel Zaken rond AOW en het aanvullend pensioen 0 Tom Poes verzin eens een list! Het is moeilijk om jong te zijn, gaf hij toe. Je moet lenen aan je kinderen, en je moet de ouderen teruggeven

Nadere informatie

Wat is er aan de hand moet onze pensioenen?

Wat is er aan de hand moet onze pensioenen? Wat is er aan de hand moet onze pensioenen? Casper van Ewijk, Netspar & University of Amsterdam KNAW Symposium, 9 januari 2014, Amsterdam Agenda Wat is een pensioen? Goed pensioen is een risicovol pensioen

Nadere informatie

Pensioenaanspraken in beeld

Pensioenaanspraken in beeld Pensioenaanspraken in beeld Deel 1: aanspraken naar geslacht en burgerlijke staat Elisabeth Eenkhoorn, Annelie Hakkenes-Tuinman en Marije vandegrift bouwen minder pensioen op via een werkgever dan mannen.

Nadere informatie

Rapport Carriere Waarden I

Rapport Carriere Waarden I Rapport Carriere Waarden I Kandidaat TH de Man Datum 18 Mei 2015 Normgroep Advies 1. Inleiding Carrièrewaarden zijn persoonlijke kenmerken die maken dat u bepaald werk als motiverend ervaart. In dit rapport

Nadere informatie

Vragen en antwoorden pensioenakkoord

Vragen en antwoorden pensioenakkoord Vragen en antwoorden pensioenakkoord 1. Waarover gaat dit pensioenakkoord? Het pensioenakkoord gaat over drie onderwerpen: de AOW, de aanvullende pensioenen, en de kansen van ouderen op de arbeidsmarkt.

Nadere informatie

Verschillen tussen Economische opleidingen

Verschillen tussen Economische opleidingen Verschillen tussen Economische opleidingen Economie (en Bedrijfseconomie) Bedrijfseconomie Fiscale Economie Econometrics and Operations Research Economics Afkorting EBE BE FE EOR ECO IBA Wat is de voertaal?

Nadere informatie

Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen

Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen Een sterke tweede pijler Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen Commissie Toekomstbestendigheid Aanvullende Pensioenregelingen Prof. dr. K.P. Goudswaard (voorzitter) Prof. dr. R.M.W.J.

Nadere informatie

Module 5: docentenhandleiding. Experimenteel lesprogramma nieuwe economie

Module 5: docentenhandleiding. Experimenteel lesprogramma nieuwe economie Module 5: docentenhandleiding Experimenteel lesprogramma nieuwe economie Verantwoording 2010, Stichting leerplanontwikkeling (SLO), Enschede Het auteursrecht op de modules voor Economie berust bij SLO.

Nadere informatie

MONITOR WERK Meting maart 2014. 34993 Maart 2014 Francette Broekman

MONITOR WERK Meting maart 2014. 34993 Maart 2014 Francette Broekman MONITOR WERK Meting maart 2014 34993 Maart 2014 Francette Broekman GfK Intomart 2014 34993 Achmea Volgens Nederland Werk Maart 2014 1 Inleiding GfK Intomart 2014 34993 Achmea Volgens Nederland Werk Maart

Nadere informatie

Op koers blijven voor een goed pensioen: een update van het bestuur

Op koers blijven voor een goed pensioen: een update van het bestuur Op koers blijven voor een goed pensioen: een update van het bestuur Agenda Stand van zaken PPF APG: kerngegevens, beleggingsresultaten dekkingsgraadontwikkeling Deelnemerstevredenheidsonderzoek Effecten

Nadere informatie

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl Voorwoord De Onderwijs-

Nadere informatie

Beschikbare premieregeling: mag het iets anders zijn?

Beschikbare premieregeling: mag het iets anders zijn? De ontwikkeling van het Nederlandse pensioenstelsel is nog volop in beweging. Nog dagelijks wordt in de media gesproken over gewenste en ongewenste veranderingen, al dan niet in de vorm van nieuwe wetgeving.

Nadere informatie

Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen

Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen Veel gestelde vragen kwartaalcijfers pensioenfondsen 1. De kwartaalcijfers van de pensioenfondsen zijn negatief. Hoe komt dat? Het algemene beeld is dat het derde kwartaal, en dan in het bijzonder de maand

Nadere informatie

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl - 2 - Voorwoord

Nadere informatie

Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015. Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur

Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015. Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur Nieuwe pensioenregeling vanaf 1 januari 2015 Jan Raaijmakers Aad van der Tak Michel Stok Voorzitter Manager Pensioenfonds Extern actuarieel adviseur Agenda 1. Rol klankbordgroep 2. Waarom een nieuwe pensioenregeling?

Nadere informatie

13-10-2014 VBOB VELDHOVEN

13-10-2014 VBOB VELDHOVEN 13-10-2014 VBOB VELDHOVEN Agenda 1. Intro 2. KNVG vandaag 3. KNVG vandaag en morgen (evt iets over ons stelsel) 4. Toekomstig pensioenstelsel 5. Hoe lobbyen wij voor onze zaak intro I, me and myself Akzo,

Nadere informatie

HOE KIES IK EEN MASTER?

HOE KIES IK EEN MASTER? HOE KIES IK EEN MASTER? MASTERKEUZE-STAPPENPLAN W W W.UVA.NL / MASTERKEUZE INHOUD Het masterplan - een master kiezen doe je zo 3 Je huidige opleiding 4 Aansluiting tussen studie en werk 6 Masterkeuze

Nadere informatie

Investeren in vertrouwen. Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015

Investeren in vertrouwen. Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015 Investeren in vertrouwen Samenvatting Meerjarenbeleidsplan 2011-2015 1 Pensioenfonds Zorg en Welzijn: het pensioenfonds voor de sector zorg en welzijn Het meerjarenbeleidsplan 2011-2015 beschrijft welke

Nadere informatie

Goede zorg van groot belang. Nederlanders staan open voor private investeringen

Goede zorg van groot belang. Nederlanders staan open voor private investeringen Goede zorg van groot belang Nederlanders staan open voor private investeringen Index 1. Inleiding p. 3. Huidige en toekomstige gezondheidszorg in Nederland p. 6 3. Houding ten aanzien van private investeerders

Nadere informatie

Programma Open dag zaterdag 28 februari 2015 Program Open Day Saturday 28 February 2015

Programma Open dag zaterdag 28 februari 2015 Program Open Day Saturday 28 February 2015 Programma Open dag zaterdag 28 februari 2015 Program Open Day Saturday 28 February 2015 Tijd 09.15 09.45 Je bent op de Open dag, wat nu? Personal welcome international visitors 10.00 10.45 Je bent op de

Nadere informatie

KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015. Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland

KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015. Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland KWARTAALMONITOR OKTOBER 2015 Omzetontwikkeling van freelancers en flexwerkers in Nederland Inhoud 3 ONDERNEMERS, LAAT ZIEN DAT FLEXWERKERS WAARDEVOL ZIJN 4 OMZET FREELANCERS EN FLEXWERKERS DAALT DOOR TOENEMENDE

Nadere informatie

Introductie 2014. Engelse Taal en Cultuur. Lidwien Cluitmans - studieadviseur Maandag 18 augustus LIN6

Introductie 2014. Engelse Taal en Cultuur. Lidwien Cluitmans - studieadviseur Maandag 18 augustus LIN6 Introductie 2014 Engelse Taal en Cultuur Lidwien Cluitmans - studieadviseur Maandag 18 augustus LIN6 Intro ETC 2014 Welkom bij de Radboud Universiteit Radboud Universiteit Voorzitter van CvB: Prof. dr.

Nadere informatie

Samenvatting aanvraag

Samenvatting aanvraag Samenvatting aanvraag Algemeen Soort aanvraag (kruis aan wat van toepassing Nieuwe opleiding is): Nieuw Ad programma Nieuwe hbo master Nieuwe joint degree 1 Verplaatsing bestaande opleiding Nevenvestiging

Nadere informatie

BENELUX RESEARCH PROJECT.

BENELUX RESEARCH PROJECT. BENELUX RESEARCH PROJECT INTRODUCTIE Ben jij een enthousiaste en ambitieuze student aan de RSM, ESE of een andere faculteit *? Ben jij op zoek naar een elective of extracurriculaire activiteit, en wil

Nadere informatie

Wat is het verschil tussen deze opleiding bij de TU Delft en die bij een andere universiteit?

Wat is het verschil tussen deze opleiding bij de TU Delft en die bij een andere universiteit? Naam opleiding: Industrieel Ontwerpen Toelating Is de studie moeilijk? Een studie aan de TU Delft is pittig, zorg er daarom voor dat je er aan het begin van je studie gelijk vol voor gaat. Gas terugnemen

Nadere informatie

HRM EN ARBEIDSVERHOUDINGEN in kritieke. transitie. lezing HR salon 14 maart 2013 PROF. DR. WILLEM DE NIJS HOOGLERAAR STRATEGISCH PERSONEELSMANAGEMENT

HRM EN ARBEIDSVERHOUDINGEN in kritieke. transitie. lezing HR salon 14 maart 2013 PROF. DR. WILLEM DE NIJS HOOGLERAAR STRATEGISCH PERSONEELSMANAGEMENT HRM EN ARBEIDSVERHOUDINGEN in kritieke transitie lezing HR salon 14 maart 2013 PROF. DR. WILLEM DE NIJS HOOGLERAAR STRATEGISCH PERSONEELSMANAGEMENT RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN Ad Nagelkerke en Willem

Nadere informatie

& control. opleiding

& control. opleiding VU post- GRADUATE school of accounting & control opleiding Controlling (RC/EMFC) De VU-opleiding tot Executive Master of Finance and Control (RC) Allround Controller bedrijfseconomisch geweten en adviseur

Nadere informatie

Rapportage Drijfveren. Bea het Voorbeeld. support@meurshrm.nl. Naam: Datum: 16.06.2015. Email:

Rapportage Drijfveren. Bea het Voorbeeld. support@meurshrm.nl. Naam: Datum: 16.06.2015. Email: Rapportage Drijfveren Naam: Bea het Voorbeeld Datum: 16.06.2015 Email: support@meurshrm.nl Bea het Voorbeeld / 16.06.2015 / Drijfveren (QDI) 2 Wat motiveert jou? Wat geeft jou energie? Waardoor laat jij

Nadere informatie

Betrokkenheid van onderzoekscholen bij het ontwikkelen van onderzoeksgerichte masteropleidingen

Betrokkenheid van onderzoekscholen bij het ontwikkelen van onderzoeksgerichte masteropleidingen Een groot aantal ingevulde vragenlijsten is per 15 augustus 2003 (de deadline) geretourneerd. Een rappel leverde nog eens een aantal ingevulde vragenlijsten op. Uiteindelijk hebben 29 decanen en 22 directeuren

Nadere informatie

flits+ Het is veel in het nieuws, maar ik weet niet exact hoe mijn eigen pensioen eruit ziet Ik vind dat ik het moet lezen bpfhibin.

flits+ Het is veel in het nieuws, maar ik weet niet exact hoe mijn eigen pensioen eruit ziet Ik vind dat ik het moet lezen bpfhibin. pensioen Hoe warm loop jij voor het onderwerp pensioen? Informatie over uw pensioen Minder kans op verlaging, ook minder kans op indexatie Bpf HiBiN kiest voor online en digitaal Waar houdt het bestuur

Nadere informatie

Geneeskunde studiejaar 2014-2015. Matchingsvragenlijst MATCHING

Geneeskunde studiejaar 2014-2015. Matchingsvragenlijst MATCHING Geneeskunde studiejaar 2014-2015 Matchingsvragenlijst MATCHING Dit PDF document is een weergave van het matchingsformulier voor de opleiding geneeskunde van de Universiteit Utrecht, uitgevoerd door het

Nadere informatie

Alumnionderzoek opleiding Bedrijfseconomie Hogeschool Arnhem en Nijmegen 2009

Alumnionderzoek opleiding Bedrijfseconomie Hogeschool Arnhem en Nijmegen 2009 Alumnionderzoek opleiding Bedrijfseconomie Hogeschool Arnhem en Nijmegen 2009 Van de deelnemers aan het onderzoek heeft 80% ( 121 studenten) de voltijd gedaan en 20% (30 studenten) de deeltijdopleiding.

Nadere informatie

Pensioenuitspraak Donner mist inhoudelijk inzicht

Pensioenuitspraak Donner mist inhoudelijk inzicht Pensioenuitspraak Donner mist inhoudelijk inzicht Donner s pensioenuitspraak zonder inhoudelijk inzicht geeft een pensioeninspraak zonder uitzicht Minister Donner heeft met zijn uitspraak over pensioenen

Nadere informatie

Pensioen in natura of liever flex pensioen?

Pensioen in natura of liever flex pensioen? Pensioen in natura of liever flex pensioen? Casper van Ewijk CPB Universiteit van Amsterdam Netspar 13 mei 2011 5 punten We hebben al pensioen in natura Wat is pensioen? Pensioen en life cycle planning:

Nadere informatie

Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen. drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG. Aon Hewitt Consulting Retirement Actuarial Services

Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen. drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG. Aon Hewitt Consulting Retirement Actuarial Services Pensioen vanaf.. Impact sociaal akkoord op pensioenregelingen drs. Rajish Sagoenie, Actuaris AG Agenda Waarom Pensioenakkoord? Inhoud Pensioenakkoord Wat doen we ermee? Oplossingsrichtingen Hoe nu verder?

Nadere informatie

Om, tijdens en rond. Een gids bij het voorbereiden van een studentengesprek in het COBRA-model

Om, tijdens en rond. Een gids bij het voorbereiden van een studentengesprek in het COBRA-model Om, tijdens en rond. Een gids bij het voorbereiden van een studentengesprek in het COBRA-model Studenten en COBRA Diest Onderwijsprofessionalisering & Onderwijsondersteuning (KU Leuven) Studentenraad KU

Nadere informatie

Stages in het flexibel semester. Initiatiefvoorstel voor het implementeren van studiepunten voor stages in het flexibel semester

Stages in het flexibel semester. Initiatiefvoorstel voor het implementeren van studiepunten voor stages in het flexibel semester Initiatiefvoorstel Fractie SAM Stages in het flexibel semester Initiatiefvoorstel voor het implementeren van studiepunten voor stages in het flexibel semester Fractie SAM Aan de universiteitsraad 13 november

Nadere informatie

Pensioen Nieuws. Uw pensioenregeling verandert opnieuw. #12 februari 15 P4 P6. Pensioenfonds

Pensioen Nieuws. Uw pensioenregeling verandert opnieuw. #12 februari 15 P4 P6. Pensioenfonds Pensioen Nieuws Een uitgave van Stichting Pensioenfonds AVEBE www.pensioenfondsavebe.nl #12 februari 15 1 Uw pensioenregeling verandert opnieuw 3 Interview met Manager Martien Smid 4 Onze dekkingsgraad

Nadere informatie

Nieuws over uw pensioen

Nieuws over uw pensioen BpfTEX Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Groothandel in Textielgoederen en Aanverwante Artikelen Nieuws over uw pensioen Juni 2010 Bas de Lege, secretaris BPF Tex en Jan Edu Kelder, voorzitter

Nadere informatie

Verslag Mandema Update mei 2014

Verslag Mandema Update mei 2014 Verslag Mandema Update mei 2014 Terwijl de leden van de Eerste Kamer zich op 20 mei jl. bogen over de Wet verlaging maximumopbouw- en premiepercentages pensioen, kregen onze relaties te horen wat de consequenties

Nadere informatie

Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen

Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen 14 september 2015 VERD VERD VERD VERD GEWIJZI Vooraf VERD VERD 08 VERD Herziening IORP-richtlijn VERD G 01 02 03 04 05 VERD Toekomst pensioenstelsel Algemeen

Nadere informatie

Boost uw carrière. Zo kiest u de MBAopleiding die bij u past. Deze whitepaper is mede mogelijk gemaakt door

Boost uw carrière. Zo kiest u de MBAopleiding die bij u past. Deze whitepaper is mede mogelijk gemaakt door Boost uw carrière Zo kiest u de MBAopleiding die bij u past Deze whitepaper is mede mogelijk gemaakt door Introductie Update uw kennis De wereld om ons heen verandert in een steeds hoger tempo. Hoe goed

Nadere informatie

De woningmarkt blijft in beweging, net als onze dienstverlening

De woningmarkt blijft in beweging, net als onze dienstverlening De woningmarkt blijft in beweging, net als onze dienstverlening Onderwerpen 28 april 2016 Nieuwe Steen 3 1625 HV HOORN 0229-234 334 info@bvw.nl www.bvw.nl Ouders kunnen kinderen helpen met de koopwoning

Nadere informatie

De resultaten van de deelnemersenquête DNB & DNB Pensioenfonds. mei, 2014

De resultaten van de deelnemersenquête DNB & DNB Pensioenfonds. mei, 2014 De resultaten van de deelnemersenquête DNB & DNB Pensioenfonds mei, 2014 1 Beste DNB er Hartelijk dank voor jouw deelname aan en/of interesse in dit deelnemersonderzoek onder (ex)werknemers van DNB. Van

Nadere informatie

Samenvatting rapportage. Baan je toekomst: werken aan duurzame inzetbaarheid. Contractcatering

Samenvatting rapportage. Baan je toekomst: werken aan duurzame inzetbaarheid. Contractcatering Samenvatting rapportage Baan je toekomst: werken aan duurzame inzetbaarheid Contractcatering In samenwerking met: Rijnland Advies 1 Inleiding Even terugkijken.. De komende jaren verandert de arbeidsmarkt

Nadere informatie

De hypotheekmarkt van morgen

De hypotheekmarkt van morgen De hypotheekmarkt van morgen De klant ervaart het verschil Rik Op den Brouw, Visie van Rabobank: 3 stellingen die zorgen voor verandering Verhuiswens Oriëntatie en keuze Aankoop van De woning Sluiten van

Nadere informatie

Voorzitter, leden van het college, collega raadsleden en overige aanwezigen,

Voorzitter, leden van het college, collega raadsleden en overige aanwezigen, Voorzitter, leden van het college, collega raadsleden en overige aanwezigen, Je moet wel een rasoptimist zijn om tegenwoordig de voorpagina van de dagbladen te blijven lezen of het 8-uur journaal te kijken:

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 729 Evaluatie Wet inkomensvoorziening oudere werklozen Nr. 1 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Master in de journalistiek

Master in de journalistiek BRUSSEL t Master in de journalistiek Faculteit Sociale Wetenschappen Welkom aan de KU Leuven, de grootste en oudste universiteit van België. Je kunt hier je studietraject verderzetten en verrijken, ook

Nadere informatie

Pensioen: survival of the fittest? Martin Pikaart Voorzitter Alternatief voor Vakbond Auteur De pensioenmythe Congres actuariaat VSAE 9 mei 2012 De Piltdown man Inhoud 1.Nederland in internationaal perspectief

Nadere informatie

1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Pensioencommunicatie start bij de werkgever

Pensioencommunicatie start bij de werkgever Pensioencommunicatie start bij de werkgever Artikel Senior adviseur collectieve pensioenen J. Arts (Pon) Pensioencommunicatie start bij de werkgever Welke maatregelen kan de werkgever nemen om het pensioenbewustzijn

Nadere informatie

Wanneer wordt veranderen een succes?

Wanneer wordt veranderen een succes? Wanneer wordt veranderen een succes? Inhoud 1. Iedereen 100% tevreden?...2 2. Hoe als manager een veranderingsproces optimaal ondersteunen?... 2 Inzicht in het veranderingsproces... 3 Een externe partner

Nadere informatie

tips voor het sollicitatiegesprek

tips voor het sollicitatiegesprek tips voor het sollicitatiegesprek algemeen In elk gesprek komen vragen voor die op meer manieren te beantwoorden zijn. Hiermee probeert een selecteur duidelijkheid te krijgen over je echte motivatie, persoonlijkheid

Nadere informatie

Meer succes met je website

Meer succes met je website Meer succes met je website Hoeveel geld heb jij geïnvesteerd in je website? Misschien wel honderden of duizenden euro s in de hoop nieuwe klanten te krijgen. Toch levert je website (bijna) niets op Herkenbaar?

Nadere informatie