EHBM Eerste hulp bij moeilijkheden DCD 1
WAT IS DCD? DCD = Developmental Coördination Disorder (vroeger dyspraxie genoemd) 2
DCD = ONTWIKKELINGSSTOORNIS is niet verworven, maar aanwezig vanaf de geboorte verandert voortdurend tijdens de ontwikkeling, er duiken leeftijdsgebonden problemen op Wat loopt er mis in de ontwikkeling? Normale ontwikkeling en werking van de hersenen: Onze hersenen vergelijken binnenkomende informatie met informatie die reeds in het geheugen opgeslagen is waardoor de nieuwe informatie betekenis krijgt. Vervolgens beslissen de hersenen of het lichaam in actie moet komen. Ze sturen dan opdrachten via de bewegingszenuwen (elektrisch signaal) naar bepaalde spieren om zich samen te trekken en dit resulteert in gedrag. Een baby heeft vooral reflexen. Naarmate de baby groeit, verminderen die reflexen en gaan de verbindingen ontwikkelen door rijping en opgedane ervaring. Bij onvoldoende rijping van de verbindingen kan een stoornis optreden, zoals DCD. Bij DCD is het vooral de terugkoppeling naar een opgedane ervaring die moeilijk loopt. Het motorisch leren (bijsturen en bijleren van een handeling) gaat moeizaam, omdat een handeling onvoldoende is opgeslagen in de hersenen. BASIS van DCD = elke handeling of vaardigheid is moeilijk te automatiseren! Alle vaardigheden die wij aanleren na de leeftijd van 2 jaar moeten geautomatiseerd worden, d.w.z. we hoeven er niet meer over na te denken. Kinderen met DCD moeten wel over alles blijven nadenken. Als ze iets leren, verwerven ze dit vaak niet volledig, waardoor het later opnieuw moet geoefend of geleerd worden (al gaat dit dan iets sneller). Mogelijke problemen bij DCD Een motorische handeling bestaat uit: - aspecten die de handeling voorbereiden - de motorische uitvoering van de handeling Op beide terreinen kunnen problemen voorkomen! problemen met plannen en uitvoeren van handelingen en activiteiten boekentas maken huiswerk maken 3
starten aan een opdracht materiaal hanteren (passer, schrijf- en tekengerei, ) problemen op vlak van orde organisatie materiaal bij hebben systematisch dezelfde zaken vergeten overzicht over alle studiemateriaal voor elk vak is moeilijk agenda correct invullen fijne en grove motoriek: ALTIJD schrijfproblemen! aankleden bij turnen en zwemmen fietsen sociale problemen: om sociaal vlot te handelen en te kunnen inspelen op situaties is ook automatisatie en een spontaan aanvoelen nodig van sociale handelingen taalproblemen: juist overbrengen van je gedachten eigen mening formuleren hoofd- en bijzaken onderscheiden, begrijpend lezen, samenvatten van tekst concentratieproblemen oriëntatieproblemen (in tijd en ruimte) Voor al deze zaken geldt: zelfs veel oefening of herhaling helpt niet om het volledig te verwerven! 4
SCHRIJVEN Hoe kunnen we hiermee omgaan? aangepast schrijfgerei pengreep (hulpstukje) typelessen, bv. Typ-10 afkortingskaart voor de agenda hulplijntjes vergroten van werkblaadjes papier met grote ruitjes (1 cm²) richtingspijl schrijfhouding visualiseren vraag het eens aan je GON-begeleidster mondelinge toetsen secundair onderwijs de leerling niet laten noteren, maar zorgen voor kopies of een ingevulde versie van cursus/werkboek 5
AGENDA Hoe kunnen we hiermee omgaan? 2 e agenda wordt door buddy of leerkracht ingevuld hulpmiddel voor de leerlingen waar ze moeten schrijven plastiek labels aanduiden met stip, markeerstift, plakbolletje, afkortingskaart elektronische agenda typen en klaar aangepaste agenda met basispictogrammen bv. agenda van Uitgeverij Die Keure Mijn eerste schooldagboek (met o.a. picto s voor een taak of een brief om af te geven. De picto s in deze agenda s verminderen/wijzigen naargelang het leerjaar (is niet hetzelfde als de pictogenda!). 6
7
BOEKENTAS Hoe kunnen we hiermee omgaan? stappenplan: best visualiseren met prentjes of pictogrammen één voor thuis Hoe pak je je boekentas in? één voor op school Wat moet er zeker in mijn boekentas? in schooltas bevestigen of op bank plakken (bv. elk vak krijgt een bepaalde kleur die overeenkomstig is met de kleur in het lesrooster en van de kaften en boeken van dat vak - kan met kaftpapier, etiketten, ) voor meer informatie richten tot GON-begeleider tip makkelijker nagaan wat je nodig hebt : in agenda ook vakken per kleur markeren organiseren van mappen of losse bladen d.m.v. verdeelmapjes met gekleurde vakjes/tabbladen (bv. een mapje voor laten tekenen, toetsen, taken, lessen, laten lezen,...) leerkracht: herhalen of op bord noteren wat ze zeker niet mogen vergeten of moeten meebrengen, eventueel apart briefje maken voor GON-leerling 8
OMGAAN MET MATERIAAL Hoe kunnen we hiermee omgaan? lat met blokje of hulpstukje erop OF gebruik van tekendriehoek i.p.v. lat gebruik materiaal dat niet gemakkelijk kan wegschuiven; dit kan je maken door het aanbrengen van een antislipstrook (materiaal van het merk Maped: zit soms een stukje antislip of rubber op en is meestal zwaarder) foutenmarge (ruimte waarbinnen de leerling fouten mag maken) groter maken bv. bij meetkunde (ev. Sticordi-maatregelen opstellen) karton onder blad leggen bij gebruik van de passer: geeft meer stevigheid en houvast omdat ze de punt van de passer beter kunnen vastzetten onderlegger of placemat met voorgetekende houding, bv. rond schrijfhouding allerlei aangepast schrijfgerei (zie tips rond schrijven) 9
AAN- EN UITKLEDEN TURNLES / ZWEMMEN Hoe kunnen we hiermee omgaan? meer tijd geven, bv. iets vroeger laten beginnen met omkleden vaste plaats en aparte plaats voor de leerling: mogelijkheid om kleren en schoenen een vaste plaats te geven, eventueel verduidelijken met picto s, kapstok en schoenlepel kunnen ook handig zijn tip voor ouders: geen te moeilijke kleren aandoen als ze weten dat het zwemmen of turnen is apart stappenplan met prenten: zie boek met pictogrammen of stappenplannen rond dagdagelijkse handelingen Van opstaan tot slapengaan kan je ook linken aan de plaats waar het kind zijn spullen kan leggen op turnpantoffels links en rechts aangeven met betekenisvolle tekening, bv. visjes die kusjes geven 10
STARTEN AAN EEN OPDRACHT Hoe kunnen we hiermee omgaan? visualiseren: oefeningen aanduiden, pagina s en nummers van oefeningen op bord schrijven, tijd visualiseren door timetimer, stappenplannen over werkwijze zorg ervoor dat leerling goed weet wanneer een opdracht stopt: hoe lang werken, wat maken,? oefeningen scheiden (lijnen ertussen) afdekblaadje elke oefening op een apart blad / sobere werkblaadjes aanduiding met paperclip in boeken waar te beginnen zorgen voor duidelijke bankorganisatie, zodat concentratie gericht kan worden op de opdracht eventueel extra individueel non-verbaal startsignaal geven bv. schouderklopje, tik op de rug beloningssysteem koppelen aan het goed afwerken van een opdracht (indien nodig) buddy: andere leerling die helpt, ondersteunt, stuurt, in gang zet, kernwoorden in opdrachten vooraf samen met de leerling markeren 11
12