Nicolaus Cusanus De leek over de geest

Vergelijkbare documenten
Descartes schreef dat er geen ander land was "où l'on puisse jouir d'une liberté si entière" (waar men een zo volledige vrijheid kan genieten)

De toekomst van Edward Schillebeeckx theologie Stephan van Erp, universitair docent systematische theologie, Radboud Universiteit Nijmegen

FILOSOFIE TUSSEN DE PALMEN II EMMANUEL LEVINAS

Martin Heidegger. Wat is metafysica? Vertaald en van een inleiding voorzien door Vincent Blok. heidegger-watis meta p1-26.indd :57:09

naar: Jed McKenna, Jed McKenna s theorie van alles, Samsara, 2014

Abdijweekend met Erik Borgman

Edith Brugmans. Weg van de enkeling

Voorwoord 7. Inleiding 9. Renaissance, humanisme, verlichting 13 Renaissance en humanisme 15 Verlichting 20

AANTEKENINGEN WAAROM WERD GOD EEN MENS?

Dialogisch verstaan tussen mensen uit verschillende culturen

x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x

Gids voor de leraar rooms-katholieke godsdienst

Spinoza s Visie. Dag 1. Wie is Spinoza en wat is ware kennis?

Vier Uomo Universalis uit de Renaissance

Denken met het hart. Christelijke filosofie in de traditie van Augustinus en Calvijn. Bas Hengstmengel. Buijten & Schipperheijn Motief Amsterdam

Onthullingen van Kennis

De Verlichting. De Verlichting

Filosofie. Op het VWO. Filosofie juist op Lyceum Oudehoven!

Leken trekken tot Gods Woord

Op reis door het rijk der Letteren en der Godgeleerdheid

11 De ontdekking van de mens en de wereld - internet oefentoets

Oud maar niet out. Denken en doen met de Oudheid vandaag _Oud maar niet out_vw.indd 1 13/03/12 10:24

Max van den Broek ALLEDAAGSE PARADOXEN ISVW UITGEVERS

Ethiek (ethos = gewoonte/zede) wil nadenken over en zich bezinnen op de levenshouding, het handelen en de gewoonte.

Doel van Bijbelstudie

Ter inleiding (tot een inleiding)

RECHT EN SAMENLEVING ANDERS BEKEKEN

Handleiding bij Wondere wetenschap

Ruben Mantels, Anne-Laure Van Bruaene, Christophe Verbruggen en Gita Deneckere Fotografie Benn Deceuninck

Wat is de mens? - Context. De opkomst van de filosofische antropologie

De Jefferson Bijbel. Thomas Jefferson

Christa Mesnaric. Aristoteles. voor. managers

Pierre Bayle Over Spinoza

PROSODIE EN VREEMDETAALVERWERVING. ACCENTDISTRIBUTIE IN HET FRANS EN HET NEDERLANDS ALS VREEMDE TAAL

Vertaling, inleiding en essay Inigo Bocken

Opgave 2 Doen wat je denkt

INLEIDING Over verwondering, contingentie en denken-als-ordenen 13

christiane berkvens - stevelinck Marc-Alain Ouaknin De joodse gids van deze tijd

Weten het niet-weten

Inhoud. 1. Protagoras Gorgias Thrasymachus, Callicles en Hippias 13

Griekse en Latijnse taal en cultuur. Je wordt een all-round classicus met een brede blik én diepgang.

Eindexamen vwo filosofie II

Inhoudsopgave. Inleiding 4. Les 1. Introductie filosofie Hebben alle vragen een antwoord? 10. Les 2. Denken Kunnen dieren denken?

Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING FFTR

Inleiding 11 Hans Alma & Adri Smaling

MIRARI Van kritiek naar dialoog.

Visie Jokri begeleiders 2.0

Ankerpunten voor morgen

CAHIER 23 DEUTERONOMIUM. onder redactie van K. SPRONK. Redactiecommissie: J. DUBBINK, J.W. DYK, P.J. VAN MIDDEN, K. SPRONK

Wat is? filosofie? Wat is. en kwaad. Hoofdstu

I N F O R M A T I E B R O C H U R E

GELOOF EN WETENSCHAP. Modellen over de relatie tussen geloof en (natuur)wetenschap in historisch perspectief.

Spinoza s Visie. Dag 1. Wie is Spinoza en wat is ware kennis?

filosofie havo 2018-II

Voorwoord 9. Inleiding 11

Zorg om de zorg. Menselijke maat in de gezondheidszorg

DE KETTER EN DE KERKVORST. moraalfilosoof Etienne Vermeersch in gesprek met aartsbisschop André-Joseph Léonard. zondag 21 en 28 december op Canvas

Essays over bewustzijn en verandering

Rene Descartes. René Descartes, een interview door Roshano Dewnarain

Dit artikel uit Netherlands Journal of Legal Philosophy is gepubliceerd door Boom juridisch en is bestemd voor anonieme bezoeker

Zie de mens! Homo sapiens. Zorg om betekenis. Jaarcongres Reliëf 11 maart 2016

De Kerk op weg naar een gemeenschappelijke visie

Opgave 1: Vrije wil als zelfverwerkelijking

Achtergrond bij het lezen van Schiller extra info:

Is een Europese islam mogelijk?

Tijd van pruiken en revoluties

DE WETENSCHAP DER THEOSOFIE

Waarom we een derde van ons leven missen Nieuwe wegen naar het innerlijke leven. Hoe de wetenschap dromen grijpbaar maakt 24

Religie, christendom en politiek vanuit filosofisch perspectief

Geluk & wijsheid. Zevende avond

DE COMPETENTIES VAN DE PREDIKANT EN DE GEESTELIJK VERZORGER

Waarom welzijn? Over de ethiek van diergebruik en de waarde van welzijn

Toelichting bij de Korte Verhandeling van Spinoza Nummer 4

Willen sterven. Wie anders dan ik zelf zou het recht hebben om te beslissen over mijn leven? Moment voor religieuze bezinning en waardevol leven

Sint-Jan Berchmanscollege

Filosofisch Café Socrates Dienstencentrum de Roos Beekstraat 29 Weert. Trefcentrum Stramproy Fr. Strouxstraat 53 Stramproy.

Het begrip natuur in techniek, filosofie en religie. Deel I: Van voormodern naar modern denken

Filosofisch Café Socrates. Dienstencentrum de Roos Beekstraat 29 Weert. Trefcentrum Stramproy Fr. Strouxstraat 53 Stramproy.

Sint-Jan Berchmanscollege

Het brein geeft te denken

DAMON KLAS: NAAM: JAN DE LEEUW HUMANISME EN CHRISTENDOM HAVO/VWO WERKBOEK. stp hv huma wb1 22 jan 09.indd :05:22

Handreiking bij een spirituele zoektocht.

LEERSTOFAFBAKENING Wat moet ik kennen en kunnen voor mijn examen?

STUDIERICHTINGEN DERDE GRAAD

Sint-Jan Berchmanscollege

Gods zorg voor de wereld

Maarten Luther

INHOUDSOPGAVE 5 DEEL I KENNIS... 6 DEEL II WETENSCHAP... 76

Transcriptie:

Nicolaus Cusanus De leek over de geest Vertaling, inleiding, nawoord en noten Inigo Bocken

Inhoud Voorwoord Inleiding 1. Nicolaus Cusanus 2. De dialogen met de leek 3. De thema s van De leek over de geest De leek over de geest Vertaling Noten Nawoord De filosofie en de leek Vooraf 1. De onbereikbaarheid van de waarheid en de menselijke vrijheid 2. Het meten van de menselijke geest 3. Het lichamelijke karakter van het beeld 4. De menselijke geest als het levende beeld van God 5. De onsterfelijkheid van de menselijke geest Besluit Noten Kleine bibliografie

Voorwoord De hier vertaalde tekst van de vijftiende-eeuwse filosoof en theoloog Nicolaus Cusanus, is de uitdrukking van een denken dat, met de woorden van Hans Blumenberg, schoorvoetend over de drempel van de moderne tijd heengaat. Wie vandaag de dag wil nadenken over de problematische situatie waarin de moderne rationaliteit zich bevindt, doet er goed aan zich te richten op haar vroegste aanvang. Talloze vragen die door critici van de moderne tijd gesteld worden, en die bijvoorbeeld betrekking hebben op tolerantie, pluralisme en menselijke vrijheid, kunnen begrepen vanuit dit historisch begin, in een heel ander licht komen te staan. Uiteraard zijn de antwoorden op deze vragen niet expliciet in deze tekst te vinden. Absolute vragen en absolute antwoorden zijn niet alleen vreemd aan Cusanus, maar staan ook in schril contrast met het moderne besef dat de uiteindelijke waarheid voor de mens onbereikbaar is en daarom ook bij ieder individu opnieuw begint, namelijk in de gestalte van een vraag waarvan het antwoord aan de verantwoordelijkheid van de individuele mens overgelaten wordt. Toch kan de lectuur van teksten zoals De leek over de geest een bijdrage leveren tot een beter begrip van de rationaliteit die de moderne cultuur bepaalt en doortrekt. De leek over de geest is een van de drie dialogen met de leek, die elk laten zien dat de waarheidsvraag geen louter theoretische aangelegenheid is van filosofen of theologen, maar een zaak van iedere concreet handelende en denkende mens. Weliswaar is de invloed van de traditie van de devotio moderna, waarin de individuele godservaring een beslissende rol speelt, in dit verband onmiskenbaar. Meer nog lijkt deze tekst evenwel een bewustzijn te articuleren dat de Europese cultuur vanaf de late Middeleeuwen bepaalt en dat ook aan de grote humanistische denkers uit de Renaissance eigen is. Het is juist het besef van de oneindige creativiteit, die zich in de verscheidenheid van het menselijke handelen toont, die in deze dialogen voorop staat. Deze grote ontdekking te verbinden met de traditionele filosofische en theologische vraagstellingen, lijkt de uitdaging waarvoor de auteur van deze dialoog met de leek zich gesteld ziet. De vertaling is gebaseerd zowel op de uitgave van de Latijnse tekst door Dietlind en Wilhelm Dupré in het derde deel van hun Nikolaus von Kues. Philosophisch-theologische Schriften, Wenen 1964-67, herdrukt 1989, als op de kritische editie uit 1983 door Renate Steiger, Nicolai de Cusa Idiota de sapientia, de mente, Hamburg 1983, verschenen als deel 5 van de in opdracht van de Heidelberger Academie van Wetenschappen uitgegeven Opera omnia. Een zeer welgemeend woord van dank komt op de eerste plaats toe aan Dietlind en prof. dr. Wilhelm Dupré voor de indringende en tegelijk hartelijke gesprekken over Cusanus. Ook voor de talrijke aanwijzingen die ik tijdens mijn verblijf aan het Thomas-Institut in Keulen van dr. H. G. Senger, prof. dr. J. Aertsen en prof. dr. A. Speer meegekregen heb, ben ik dank verschuldigd. Tenslotte moeten hier ook prof. dr. Jean-Pierre Wils en dr. Jaap Gruppelaar, beiden van het Centrum voor Ethiek van de Katholieke Universiteit Nijmegen, bedankt worden voor de vele

inspirerende gesprekken die een beslissende bijdrage geleverd hebben tot een scherper besef van de problemen die het moderne denken bepalen. Deze publicatie is mede mogelijk gemaakt dor de Niels Stensen Stichting. Inigo Bocken, Kranenburg, lente 2001

Inleiding 1. Nicolaus Cusanus Ook wanneer Nicolaus Cusanus (1401-1464) ongetwijfeld tot de meest fascinerende gestalten van de late Middeleeuwen en de beginnende Moderne Tijd behoort, is de betekenis van zijn denken voor de ontwikkeling van de geschiedenis van de Europese filosofie niet in één woord of door te wijzen op één bijdrage vast te leggen. Hoewel het gebonden was aan de categorieën en begrippen van de klassieke scholastieke filosofie, lijkt zijn denken gekenmerkt door de grote problemen die meestal met de ontwikkeling van de moderne rationaliteit verbonden worden: de vraag naar de zelfstandigheid van het menselijke perspectief, een voortdurend terugplooien van de filosofische vragen naar de voorwaarden van het kennen, een scherp inzicht in de crisis van het teleologisch georiënteerde substantie-denken en een onderkennen van de fundamentele betekenis van de functionaliteit voor het begrijpen van de samenhang tussen denken en werkelijkheid, de (minstens principiële) erkenning van een pluraliteit van religieuze symboolsystemen, een nieuwe benadering van de verhouding tussen theorie en praxis. De lectuur van Cusanus stelt de scherpe onderscheiding van premoderne en moderne rationaliteit ter discussie, zonder dat we een duidelijk antwoord met betrekking tot een mogelijke continuïteit kunnen articuleren. 1 Een zelfde probleem keert terug binnen de grenzen die het leven van de denker en historische gestalte Nicolaus Cusanus markeren. Het is niet altijd even eenvoudig een continuïteit te ontdekken tussen zijn activiteiten als een theoreticus die als weinig andere in zijn tijd de filosofische traditie beheerste, zijn baanbrekende werk als één van de allereerste rechtshistorici uit de geschiedenis, en zijn soms grillige optreden als diplomaat, politicus en kerkvorst. De meest uiteenlopende tradities lijken, al dan niet doordacht, in het denken en doen van Cusanus bij elkaar te komen, waarin sporen van Neoplatonisme, nominalisme, moderne devotie, hermetisme, Aristotelisme teruggevonden kunnen worden. Het beproefde hermeneutische principe om een denker in zijn historische en culturele context te plaatsen, lijkt in het geval van Cusanus de noodzaak met zich mee te brengen deze context zo ruim te begrijpen dat het onzeker is of het accentueren van een onoverbrugbare historische en culturele distantie hier wel een vruchtbare weg is om de verschillende, tegenstrijdige dimensies van zowel zijn theoretische als zijn praktische denken en doen op hun juiste waarde in te schatten. 1 Zie W. Goebel, Okzidentale Zeit. Die Subjektgeltung des Menschen im Praktischen nach der Entfaltungslogik unserer Geschichte, Freiburg, 1996, blz. 206 e.v.

Zeshonderd jaar na zijn geboorte in Bernkastel-Kues aan de Moezel lijkt de belangstelling voor Cusanus groter dan ze ooit geweest is. De door W. Goebel uitgewerkte gedachte dat de interpretatie van Cusanus beslissend is voor de situering, interpretatie en evaluatie van het denken van de Moderne Tijd is daaraan wellicht niet geheel en al vreemd. Of men daarbij moet spreken van een premoderne postmoderniteit is nog maar de vraag; wel zeker is dat de moderniseringsproblematiek een nieuwe dimensie krijgt wanneer het denken van Cusanus in de overwegingen betrokken wordt. Maar ook de langzame herontdekking van de eigen betekenis van de Renaissancefilosofie, die lange tijd als een speculatief onvruchtbare en eclectische periode geïnterpreteerd is, heeft ertoe bijgedragen dat het werk van Cusanus zich in een groeiende belangstelling mag verheugen. De rechtstreekse invloed die het werk van Cusanus had op Pico della Mirandola, Ficino, Leonardo da Vinci en Giordano Bruno lijkt min of meer onomstreden en het nog door Karl Jaspers geschetste beeld van de tragische grote filosoof zonder Wirkungsgeschichte 2 verliest aan kracht wanneer het denken van de Renaissance als een eigen filosofiehistorische grootheid ontwikkeld wordt. 3 Toch is de invloed van Cusanus eerder verborgen 4 gebleven en kan moeilijk gezegd worden dat zijn denken echt school gemaakt heeft. Met name de Neokantiaanse filosofen aan het einde van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw zagen in Cusanus een tot dan toe vergeten voorloper van Kant. Terecht of niet, de interesse van belangrijke filosofen als Joachim Ritter en Ernst Cassirer lag aan de basis van een herontdekking van dit denken die eigenlijk de eerste echte ontdekking was. De gestalte van Nicolaus Cusanus wordt gekenmerkt door zoveel biografische en intellectuele tegenstrijdigheden dat men haast zou gaan geloven dat de beroemde leer van het samenvallen der tegendelen, de coincidentia oppositorum, die volgens Kurt Flasch de dragende grond van zijn hele denken is, niets anders is dan een beeld dat betrekking heeft op haar eigen bedenker. 5 Nicolaus Cusanus werd geboren in 1401 in Bernkastel-Kues aan de Moezel als Nicolaus Chryftz, maar zou, althans volgens de overlevering, zijn jeugd hebben doorgebracht in Deventer bij de Broeders van het Gemene Leven. 6 Na zijn studie in filosofie en theologie in Heidelberg e 2 Karl Jaspers, Nicolaus Cusanus, München 1964. 3 Zie S. Otto, Geschichte der Philosophie in Text und Darstellung: Renaissance und frühe Neuzeit, Stuttgart 1984; F. Edward Cranz, Nicholas of Cusa and the Renaissance, Hampshire 2000. 4 Zie Stephan Meier-Oeser, Die Präsenz des Vergessenen. Zur Rezeption der Philosophie des Nikolaus Cusanus vom 15. bis zum 18. Jahrhundert, Münster 1989. 5 Zie Kurt Flasch, Nikolaus von Kues: die Idee der Koinzidenz, in Grundprobleme der grossen Philosophen, uitgegeven door J. Speck, Göttingen, 1972, blz. 221-254. 6 De discussie of Cusanus al dan niet in Deventer zou zijn grootgebracht, is nog lang niet beslecht. Weliswaar heeft Erich Meuthen gemeend sterke argumenten te hebben om de band met