12 uit de praktijk Kernproblemen Uitdagingen in de multiculturele praktijk Vraag een fysiotherapeut die werkzaam is in een achterstandswijk naar zijn ervaringen met allochtone patiënten en de kans is groot dat hij een anekdote vertelt waaruit blijkt dat de communicatie met deze patiënten wordt bemoeilijkt door een taalbarrière en het anders of niet (goed) uitleggen van de klachten. Over welke allochtone patiënten gaat dit nu precies? En doen soortgelijke problemen zich ook voor bij autochtone patiënten? Tekst: Marlies Welbie ALS HET GAAT OM het fysiotherapeutisch handelen in een multiculturele praktijk wordt veelal direct gedacht aan het omgaan met allochtone patiënten door het Centraal Bureau voor de Statistiek gedefinieerd als mensen waarvan minimaal een van beide ouders in het buitenland geboren is. Uit de zeer omvangrijke nationale en internationale medische literatuur blijkt dat dit een zeer kwetsbare patiëntengroep is die gezondheidsachterstanden heeft, een beperkte toegang tot de zorg en een ander beeld van ziekte, gezondheid en zorg in vergelijking met autochtone patiënten. Fysiotherapeuten die werkzaam zijn in een achterstandswijk ervaren dat de communicatie met allochtone patiënten veelal wordt bemoeilijkt door een taalbarrière en het anders of niet (goed) uitleggen van de klachten. Alles pijn, u helpen zijn veelgehoorde uitspraken. Culturele aspect Maar over welke allochtone patiënten gaat dit nu precies? Als wordt gesproken over allochtone patiënten gaat het in de regel niet over Britten of Duitsers die in Nederland woonachtig zijn. Op de vraag speelt in de uitdagingen die fysiotherapeuten ervaren bij de behandeling van allochtone patiënten. Het antwoord is waarschijnlijk nee. Sociaaleconomische status De laatste jaren is meer onderzoek gedaan naar de verschillen in gezondheid en zorggebruik tussen mensen met een hoge en lage sociaaleconomische status. De sociaaleconomische status van mensen wordt bepaald door hun opleidings-, inkomens- en functie-/beroepsniveau. Deze onderzoeken worden steeds vaker gecombineerd met onderzoek naar de verschillen tussen etnische groepen. Hierdoor is duidelijk geworden dat de verschillen tussen bijvoorbeeld Turkse en autochtone mensen met een vergelijkbare sociaaleconomische status veel kleiner zijn dan de verschillen tussen Turkse mensen met een hoge en een lage sociaaleconomische status. Autochtone mensen met een lage sociaaleconomische status blijken evengoed een gezondheidsachterstand en een verminderde toegang tot de zorg te hebben als allochtone mensen met een lage sociaaleconomische status. Met uitzondering van de taalbarrière worden de kernproblemen ook veelvuldig bij autochtone patiënten gezien. aan practici: Waarom bedoelt u hen eigenlijk niet? wordt meestal iets geantwoord in de trant van: Zij weten vaak beter wat ze van de fysiotherapeut kunnen verwachten, en de communicatie is minder moeilijk omdat we elkaar kunnen verstaan. Wanneer wordt gevraagd of een hoogopgeleide goed Nederlands of Engels sprekende Turkse patiënt volgens fysiotherapeuten ook tot de kwetsbare groep behoort, wordt in de regel ontkennend geantwoord. De vraag rijst of etniciteit nu wel zo n grote factor Zeven kernproblemen In 2009 publiceerden Welbie et al. in het Nederlands Tijdschrift voor Fysiotherapie de zeven kernproblemen die fysiotherapeuten ervaren bij het behandelen van allochtone patiënten:1 1. taalbarrière 2. organisatorische problemen 3. verschil in klinische realiteit 4. een laag begrips-, kennis- en vaardigheidsniveau bij patiënten
13 5. verschil in normen, waarden en omgangsvormen 6. herstelbelemmerende factoren 7. negatieve gevoelens/emoties therapeut vaardigheden. Het onderzoek dat sinds die tijd op gang is gekomen lijkt antwoord te bieden. Kijkend naar deze resultaten kwamen de onderzoekers en de ondervraagde fysiotherapeuten (en tevens het publiek dat lezingen over dit onderzoek bijwoonde) al snel tot de conclusie dat deze kernproblemen niet exclusief bij allochtone patiënten voorkomen. Met uitzondering van de taalbarrière worden de kernproblemen ook veelvuldig bij autochtone patiënten gezien. De taalbarrière is gelukkig gemakkelijk te overbruggen door middel van een voor fysiotherapeuten gratis in te schakelen professionele tolk van Tolk- en Vertaalcentrum Nederland (www.tvcn.nl). Het inschakelen van deze tolken is zeer nuttig en zorgt voor een beter woordelijk begrip tussen de fysiotherapeut en de patiënt, maar lost zeker niet alle problemen op! Maar als taal niet het grootste obstakel is en het probleem ook niet gezocht moet worden in etnische verschillen, waardoor worden de barrières bij het verlenen van hoogwaardige zorg aan deze kwetsbare allochtone en autochtone patiëntengroepen dan veroorzaakt? Zo n tien jaar geleden is in de Engelstalige literatuur een nieuw begrip geïntroduceerd: Health Literacy, in het Nederlands vertaald als gezondheids- hebben om greep te krijgen op hun gezondheid en de weg te vinden in de zorg worden gezondheidsvaardigheden genoemd. Onderdeel hiervan is dat mensen interesse en aandacht hebben voor hun eigen gezondheid, dat ze informatie over gezondheid kunnen en willen verzamelen, lezen of horen, begrijpen en toepassen.2 Op dit moment bestaat in Nederland nog niet de mogelijkheid om de mate van gezondheidsvaardigheid van mensen te meten. Uit internationaal onderzoek blijkt echter dat een beperkte lees-, schrijf- en rekenvaardigheid (laaggeletterdheid genoemd) sterk wordt geassocieerd met beperkte gezondheidsvaardigheden. Over laaggeletterdheid is wel veel kennis in Nederland.3 Gezondheidsvaardigheden Competenties die mensen Laaggeletterdheid In Nederland zijn ongeveer anderhalf miljoen mensen laaggeletterd. Het betreft hier 13 procent van de volwassen Nederlandse bevolking. Hiervan is tweederde autochtoon en eenderde allochtoon. Relatief gezien zijn allochtone Nederlanders binnen deze groep oververtegenwoordigd.4 Laaggeletterde mensen hebben minder basiskennis over gezondheid en ziekte. Dit >>
15 Laaggeletterden hebben vaak een heel repertoire aan trucs om hun problemen te verbergen. Zelfs echtgenoten weten soms niet dat hun partner moeite heeft met lezen en schrijven! komt doordat veel informatie die andere mensen tot zich kunnen nemen via internet, folders, tijdschriften, de krant et cetera, hen niet of nauwelijks bereikt. Laaggeletterde mensen vinden het moeilijker om de zorgverlener te begrijpen en hun klacht onder woorden te brengen. Daarnaast durven deze patiënten minder vragen te stellen en dit bemoeilijkt de communicatie tussen de zorgverlener Top-10 van signalen Waaruit blijkt dat iemand moeite heeft met lezen, schrijven of rekenen? 1. Sorry, ik ben mijn bril vergeten. 2. Die formulieren/ vragenlijsten vul ik thuis wel in. 3. Ik schrijf zo onleesbaar, doet u dat maar voor me. 4. Dat briefje krijgt u straks van me. 5. Die bijsluiters zijn allemaal zo ingewikkeld. 6. Ik laat de kinderen altijd boodschappen doen. 7. Oh, ik dacht dat die afspraak morgen was. 8. Die hoofdpijn gaat maar niet over. 9. De televisie geeft toch al informatie genoeg? 10. Ik kan niet lezen, omdat ik woordblind ben. De redenen die achter deze trucs schuilgaan en overige informatie kunt u lezen op www.basisvaardigheden.nl. en de laaggeletterde patiënten. Uit de literatuur blijkt bovendien dat de therapietrouw onder deze patiënten lager is.5 Dit leidt tot minder effectieve behandelingen. Bij de allochtone patiëntengroep spelen naast de genoemde vaardigheden ook cultuurverschillen een rol met betrekking tot het niveau van gezondheidsvaardigheden.6 Fysiotherapeuten kunnen veel doen om beter aan te sluiten op het kennis- en vaardigheidsniveau van patiënten met beperkte gezondheidsvaardigheden. Een praktische toolkit hiervoor is te vinden op www.gezondheidsvaardigheden.nl van het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie (NIGZ). Het herkennen van deze doelgroep blijft lastig. Zoals eerder in dit artikel vermeld, wordt hiernaar nog onderzoek gedaan. Een eerste stap voor nu is het herkennen van laaggeletterdheid bij uw patiënten. Smoezen Veel laaggeletterden schamen zich ervoor dat ze niet goed kunnen lezen en schrijven. Ze hebben vaak een heel repertoire aan trucs om hun problemen te verbergen. Het komt regelmatig voor dat zelfs echtgenoten niet van hun partner weten dat hij/zij moeite heeft met lezen en schrijven! Gewoon vragen of iemand laaggeletterd is, werkt over het algemeen dus niet. Toch kunt u, als u weet waar u op moet letten, er wel achter komen of iemand laaggeletterd is. Voormalig laaggeletterden gaven aan dat ze diverse smoezen paraat hielden (Top-10 van signalen). De literatuurlijst staat op FysioNet, www.fysionet.nl. Marlies Welbie MSc is als fysiotherapiewetenschapper werkzaam bij het lectoraat Leefstijl en Gezondheid van de Hogeschool Utrecht en doet onderzoek naar de toegankelijkheid van fysiotherapeutische zorg voor patiënten met beperkte gezondheidsvaardigheden.